Harmen Binnema

Harmen Binnema is fractievoorzitter, lid Provinciale Staten, kandidaat Eerste Kamer en komt uit Amsterdam (Noord-Holland)


zondag, 5 februari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Kiezen van kandidaten hoort thuis op congres

In groenlinks, politiek, weblog.

Nog een laatste slok water, ongedurig heen en weer lopen, de oneliners een laatste keer oefenen. Het podium op, na lange bange minuten in de coulissen. Half verblind door het licht de zaal inkijken en je verhaal houden, met de tijd die onverbiddelijk naar 0:00 terugtikt. Daarna de spanning van de stemuitslagen die op het grote scherm verschijnen. Het zijn de wandelgangen, de flyers, de speeches en de stemkastjes die ik niet graag zou willen missen.

Het is geen onlogisch voorstel van het partijbestuur om alle leden via een referendum te betrekken bij het vaststellen van de kandidatenlijst. Andere (liberale) partijen doen het al en het past bovendien in een tijd waarin wordt geroepen om meer directe invloed van burgers. Het geeft een veel grotere groep dan de 700 of 800 leden die op een congres komen, de mogelijkheid de koers van de partij mede te bepalen.

Het voorstel versterkt daarnaast de rol van de kandidatencommissie. In plaats van een indeling van geschikte kandidaten in blokken, zal de commissie (weer) een voordracht per plek maken. Dit sluit aan bij het toegenomen belang van rekrutering en selectie. Een partij die kiezers wil overtuigen én mee wil regeren, heeft goede en geloofwaardige kandidaten nodig. Niet voor niets wordt ook bij GroenLinks flink gescout en getraind; daarbij past een stevige rol voor de kandidatencommissie.

Het probleem is echter dat het voorstel twee doelen nastreeft, die lastig met elkaar te zijn verenigen. Aan de ene kant professionalisering door meer op de expertise en inzichten van de kandidatencommissie te steunen, aan de andere kant democratisering door de lijst door veel meer mensen te laten samenstellen. Het grote risico is vervolgens dat de lijst die via een referendum tot stand komt, alsnog flink van het advies van de commissie afwijkt, meer dan op een congres. Zeker omdat het niet mogelijk is in het referendum met één druk op de knop de voordracht integraal over te nemen.

Tijdens het congres wordt per plek gestemd en ontvouwt de kandidatenlijst zich geleidelijk. Wie vindt dat er intussen wel genoeg vrouwen, Amsterdammers of voormalige DWARS’ers op staan, kan dat bij volgende stemmingen compenseren. Bij een referendum, met alle stemmen in één keer, is het resultaat heel wat onvoorspelbaarder en ontbreekt de mogelijkheid halfweg bij te sturen.

Ik vind dat (partij)democratie best een beetje tijd en energie mag kosten. En hoe veel moeite is het eigenlijk om een middag naar een congreszaal te komen en een keer of dertig op een stemkastje te drukken? Bovendien is het congres laagdrempelig: niet alleen geselecteerde afgevaardigden zijn welkom, maar alle leden mogen komen.

Tot slot: de twee minuten waarin een kandidaat zich op een congres presenteert, zeggen niet alles over haar of zijn kwaliteiten. Ze komen echter wel het dichtst bij datgene wat daarna ook van een volksvertegenwoordiger wordt verwacht: spreken in het openbaar, verbinding maken, jezelf en je ideeën verkopen en anderen overtuigen. Een gelikte website maken is niet zo moeilijk en menigeen kan gevat uit de hoek komen op twitter of facebook. Maar daar op dat podium moet het écht gebeuren. Waar kandidaten hebben gestraald, maar ook zijn gestraald. Een traditie om in ere te houden.

Dit opiniestuk staat ook in het GroenLinks Magazine van februari 

Reacties op Kiezen van kandidaten hoort thuis op congres

Door: Henk Daalder Duurzame Brabanders op 6 februari 2012, 00:27

Wat is er mis met echte democratie?
Geef alle leden de gelegenheid te stemmen.
Een goed GroenLinks congres telt 1500 deelnemers van de 25.000 leden, en opkomst van 6%.
Het voorstel is juist om de via internet stemmende leden elke positie op de lijst bewust te laten kiezen.
Daarbij nemen ze het risico dat maar weinig leden dat doen, want het klinkt omslachtig, maar wel pure democratie, toch.
Wat jij voorstelt, Harmen, is een gemaks variant, die het voorstel van de kandidatencommissie wel erg gemakkelijk er door krijgt. Dat is een vorm van manipulatie, die onrecht doet aan de inhoudelijkheid van veel GroenLinks leden.

Juist omdat het een omslachtige procedure is om elke kandidaat naar je eigen favoriete positie te slepen, en omdat de partij toch vindt dat dat meer stemmen oplevert dan die zeer beperkte opkomst van een congres, is het de moeite waard deze procedure te kiezen.
Omdat daarmee allee GroenLinks leden zelf kunnen kiezen of ze het bewust zelf kiezen, of om het voorstel van de kandidaten commssie te volgen.

Waar ben je bang voor?

Het is natuurlijk onzinnig om te verwachten dat alle 25.000 leden naar een congres komen om te stemmen, terwijl ze dat ook kunnen doen via internet.
De drempel is gemiddeld 20 tot 30 EUR trein kosten.
Dat is 625.000 die naar de NS gaat, terwijl de leden dat ook als contributie aan de partij kunnen geven.
Bovendien is het erg omslachtig om naar een zaal te komen om te alleen stemmen, dat is een procedure uit de tijd van de postkoets.

Ik vind de aanpak elegant, zowel professioneel en tegelijk democratisch.
Alle leden worden vertrouwd, thuis te stemmen, voorzien van een professioneel advies van de kandidaten commissie, en hebben alle vrijheid de kwaliteiten van de kandidaten die zij als GroenLinks lid, op een democratische manier te laten meewegen.

Dat is veel democratischer dan de kunstmatige beperking van een congres, waarbij maar 2 tot 6% van de leden kunnen stemmen.

Door: Harmen Binnema op 7 februari 2012, 00:26

Voor mij is democratie meer dan de macht van het getal. Een procedure is niet per definitie democratischer als er meer mensen aan meedoen. Ik heb vertrouwen in een zorgvuldige procedure, waarin een goede toegeruste kandidatencommissie iedereen die in de Kamer wil uitgebreid spreekt en test. Dat advies – zoals ook het voorstel van het partijbestuur beoogt – moet zwaar wegen. Ik denk dat zo’n advies beter tot z’n recht komt op een congres, om de redenen die ik heb genoemd.

Dat is geen wantrouwen naar de GroenLinks-leden en het is ook zeker geen variant waarin de commissie de voordracht er gemakkelijk doorheen krijgt, dat laat de ervaring van de afgelopen congressen wel zien. Het laat alle ruimte voor een democratisch en open debat over de lijst, voorafgaand aan het congres en op het congres zelf.

Door: Harmen Binnema op 7 februari 2012, 00:29

Overigens, als iemand weinig te besteden heeft, mogen de reiskosten hem of haar natuurlijk niet weerhouden om naar het congres te komen. Voorzover ik weet zijn er ook mogelijkheden voor tegemoetkoming in die kosten. En anders kan misschien het geld dat naar een roadshow van de kandidaten zou zijn gegaan, daaraan worden besteed…

zondag, 29 januari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Gewoon groen

In groenlinks, politiek, weblog.

In de NRC stond een mooie column van Bas Heijne over natuur. Als ik goed ben geïnformeerd, heeft hij deze column ook voorgedragen op een bijeenkomst van natuurbeheerders in het bijzijn van Henk Bleker en heeft de laatste op de van hem bekende wijze daarop gereageerd. Namelijk dat hij het er helemaal mee eens was, maar intussen een beleid uitvoert dat er diametraal tegenover staat. Als GroenLinkser vind ik het lastig om toe te geven, maar ik moet constateren dat groen uit is. Er wordt op een nietsontziende manier bezuinigd op natuur, in een omvang waarbij de kortingen op cultuur en PGB verbleken. Maar de meeste Nederlanders lijkt het nogal weinig te kunnen schelen. De paar protestacties die er zijn geweest, hebben in elk geval niets uitgehaald.

Mijn partij voerde ooit de slogan: knokken voor kwetsbaar is. En als iets dezer dagen kwetsbaar is, dan is het wel de natuur. In tijden waarin alles geëconomiseerd wordt en uitgedrukt in bijdrage aan het bruto nationaal product, delft natuur snel het onderspit. Helaas heeft links en groen daar zelf ook aan bijgedragen, door natuur te framen als economische factor. Het is immers zo mooi te wonen in een stad waar de natuur op 10 minuten rijden met de auto is, het is zo aantrekkelijk voor een multinational zich te vestigen in een groene omgeving, de groene economie levert banen op. Helemaal onwaar is dat uiteraard niet, maar het gaat voorbij aan de intrinsieke waarde van groen.

We zijn helaas wel vergeten de natuur te prijzen, niet omdat het aan allerlei andere doelen bijdraagt, maar omdat het groen is. We hebben ons zo aan het discours van andere politieke partijen aangepast, dat de boodschap van biodiversiteit, van groen te midden van alle verstening, langzaamaan overwoekerd is. Durven we nog wel de consequente en misschien impopulaire keuze te maken op te komen voor diersoorten zonder hoge knuffelwaarde en voor planten die de doorsnee tuinier uit de grond zou trekken?

Ik denk dat de strategie om natuur en groen via een omweg te verdedigen en te beschermen, keihard tegen haar grenzen is aangelopen. Dat het tijd wordt om groen weer groen te maken en dat verhaal, niet technisch, niet specialistisch, niet eenkennig, overtuigend uit te dragen.  Nu nog de juiste taal daarvoor vinden en niet te vergeten de juiste mensen.

 

Reacties op Gewoon groen

Door: Henk Daalder Duurzame Brabanders op 6 februari 2012, 00:43

Natuur en windmolens gaan heel goed samen. Daarom hoort in een betere natuurwet of professioneel natuurbeheer, het ontwerpen van regionale windparken, die met hun trace ook natuur aandoen, als dat zo uit komt en de natuur niet onevenredig benadelen.

GroenLinks heeft te veel mensen die de invloed van natuurclubs te veel doordrukken, dat hindert de partij bij de praktische politiek.
Laat die natuur lobby bij Greenpeace, Natuur en Milieu en Milieudefensie. Neem afscheid van een deel van de fractie en partijbureau bemensing met een achtergrond in die clubs, en schakel over op een realistischer politiek. Daar wordt de wereld een stuk beter van en GroenLinks invloedrijker.
We hebben dan als partij de ruimte om verstandiger afwegingen te maken dan de voorkeur van de natuurclubs klakkeloos overnemen, zoals nu vaak bij GroenLinks gebeurt.
Dat overnemen kan dan nog steeds, maar na een transparanter afweging binnen de partij.

De initiatiefwet mooi Nederland wordt beter als daarin ook het ontwerpen van mooie windparken wordt opgenomen.
Niet alleen omdat windparken en natuur vaak goed samengaan, maar ook omdat het hele landschap daar mooier van wordt.
Actie tegen de rijksoverheid die juist lelijke windparken helpt ontstaan, is nodig, voor een mooi Nederland. Ook de natuur heeft daar baat bij. En de kans dat de initiatiefwet mooi Nederland er door komt, neemt toe want hij wordt relevanter voor een groter deel van de samenleving

Door: Harmen Binnema op 7 februari 2012, 00:30

Als ik mij niet vergis, staat juist ook die ontwikkeling van windparken genoemd in de initiatiefwet. Ik ben het helemaal met je eens dat er veel goede manieren zijn om windmolens in te passen in natuur en landschap en daar zelfs een versterking aan te geven.

donderdag, 19 januari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Compassie

In groenlinks, politiek, weblog.

In spanning wachten velen binnen, maar zeker ook buiten het CDA, op de uitkomsten van het Strategisch Beraad. Eén groep maakt zich alvast zorgen en wel over het begrip ‘compassie’ dat door Jacobine Geel (net als partijvoorzitter Ruth Peetoom een theologe) centraal gesteld zou worden. Opvallend genoeg pleitte voorzitter Ruard Ganzevoort bij het jubileum van de Linker Wang ook al voor politiek met compassie als nieuw uitgangspunt voor linkse door het geloof geïnspireerde politiek. Ik hoef er niet bij te vertellen dat hij eveneens theoloog is. Ik moet er wel bij zeggen dat ik toen enige aarzelingen had, al was het maar vanwege het feit dat Bush jr. zich in de presidentiële race van 2000 als ‘ compassionate conservative’  presenteerde. Een ideologie waarin de overheid zich zoveel mogelijk terugtrekt, maar in alle hardheid nog een klein zacht randje heeft.

De angst van het groepje CDA’ers was dat compassie te veel de nadruk zou leggen op afhankelijke en zielige mensen, terwijl het CDA onder Balkenende al die jaren toch ‘eigen verantwoordelijkheid’ had gepredikt. De redenering klonk ongeveer zo: wie het heeft over compassie, kan geen PGB meer afschaffen of Mauro terugsturen naar Angola. Best wel lastig voor de twee CDA-bewindslieden die deze twee pittige dossiers onder hun hoede hebben. Compassie was volgens deze leden prima als levenshouding, maar niet als politiek richtsnoer. Een beetje zoals anderen zeggen dat religie prima is, zolang je dat maar thuis of in de kerk doet, maar er niet het publieke domein mee betreedt.

Om twee redenen vind ik de afwijzing van compassie merkwaardig. De eerste is dat het een uitgangspunt is en geen dwingend voorschrift. In concrete situaties zal compassie toegepast moeten worden en daarin kan een ieder zijn of haar individuele keuzes maken. In die zin is compassie niet anders dan solidariteit of rentmeesterschap: wat het betekent, volgt niet uit het begrip zelf, maar blijkt uit het feitelijke handelen van degenen die zich door deze uitgangspunten laten leiden. De tweede reden heeft te maken met de letterlijke manier waarop compassie vaak lijkt te worden uitgelegd: als medelijden, waarbij de associatie met hulpeloos en zielig al snel is gelegd. Eigenlijk is het – zeg ik als (achter)(achter)(klein)zoon van theologen – mooier en beter om over mededogen te spreken. Compassie ligt dan heel dicht bij naastenliefde, solidariteit, omzien naar de ander. Daarmee wordt de relatie ook gelijkwaardig en minder in simpele tegenstellingen als de slimmerd en de sukkel, de rijke en de arme, de geslaagde en de mislukte. Mededogen is meevoelen met de ander, je in hem of haar verplaatsen, je echt verbonden voelen.

Als dat compassie is, past het volgens mij prima in het gedachtegoed van GroenLinks én van het CDA. Wat zou het mooi zijn als compassie helpt om de gure rechtse wind uit het CDA weg te blazen. Wie weet staat dan onverwacht een nieuwe lente voor de deur.

zondag, 15 januari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Tot uw dienst

In persoonlijk, weblog.

Het was onmogelijk ongezien weg te lopen en ik begreep dat het hoe dan ook een rare indruk zou maken. Misschien dacht de dominee dat het aan de inhoud van zijn preek zou liggen. Maar ik moest van de zenuwen zo nodig, dat ik zeker wist dat ik niet lang meer kon blijven zitten en mijn blaas het niet de rest van de dienst zou uithouden. Oftewel: van mijn bank vooraan in de kerk zo gewoon mogelijk naar achter lopen, waar de wc’s zich bevonden. Inderdaad keek menig kerkganger vreemd op en ik voelde in mijn rug ook een verbaasde blik vanaf de preekstoel. Opgelucht kwam ik een paar minuten later weer voorzichtig naar voren.

Het was ook wel een beetje ambitieus, om als twaalfjarige – na krap een jaar orgelles – al kerkdiensten te willen begeleiden. Rustig aan beginnen in de middag, als er sowieso minder mensen in de kerk zitten. Het liefst wat bekende liederen met niet al te veel kruizen of mollen en afwisselend met en zonder pedaal. De zaterdag ervoor hard geoefend, vooral ook op de stukken voor en na de dienst en tijdens de collecte. Mijn zelfvertrouwen was groot en het ging, op wat slordigheidsfoutjes, eigenlijk prima. Maar op het moment van bezinning, voor een organist de langste pauze, voelde ik de spanning in hoog tempo naar hoofd en buik gaan.

Inmiddels ben ik twintig jaar verder en komen zenuwen eigenlijk niet meer voor. Af en toe is het zelfs oppassen om niet te veel op de automatische piloot te spelen, als het repertoire wel erg bekend is. Hoewel twintig eigenlijk geen jubileumgetal is, vond ik het toch leuk dat in de dienst vanochtend in De Ark bij deze mijlpaal stil werd gestaan. Met extra muzikale aankleding van orgel en piano, mede in samenwerking met Annika op diverse fluiten. Met aardige woorden en complimenten van dominee en kerkgangers na afloop.

Er zijn zondagen dat ik eigenlijk liever in bed zou willen blijven liggen en er zijn liederen waarvan ik hoop dat ik ze nooit meer hoef te spelen. Maar er is ook elke keer weer iets dat raakt, dat inspireert, dat het de moeite waard maakt om te blijven spelen. Dus ik ga graag nog even door: op naar de volgende twintig jaar?!

zondag, 18 december 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Dichterbij mezelf IV: Martinus Nijhoff

In persoonlijk, weblog, zomaar een mening.

De schoonheid van de liefde, van het landschap, van de stilte en van de muziek. Maar ook het besef van de tijdelijkheid van zulk geluk. Prachtig samengevat in “Fuguette” van Martinus Nijhoff (uit de bundel Vormen):

Claudien, jij speelt piano, en ik zit
In de warande, en luister naar het zingen
Uit het innige hart der stille dingen,
En luister naar de stem der nacht die bidt -

Nu is mijn hart heel stil geworden: dit
Is het stil einde van het grote dringen.
De regens die tussen ons beiden hingen,
Claudien, zijn over en de nacht is wit.

Zachtheid, zachtheid is het woord van muziek:
Het is of je op een groene heuvel toeft,
Een fabel leest, of ziet een mozaïek -

En ‘t hart, ontvangend wat het hart behoeft,
Niet meer van pijn verbijsterd, niet meer ziek,
Vergeet – een glimlach lang – wat het bedroeft.

woensdag, 14 december 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Mevrouw of meneer de voorzitter

In groenlinks, politiek, weblog.

Volgend jaar februari mogen we haar kiezen. Of hem. De nieuwe partijvoorzitter. Na bijna zes jaar Nijhof is het tijd voor een ander. Ik herinner mij de komst van de man met de wilde grijze haren (of hadden ze toen nog een andere kleur?) en dito snor nog goed. Kort daarvoor was mijn meest memorabele partijraad ooit, waar Sam Pormes wat halfslachtig eerherstel kreeg en Herman Meijer het veld moest ruimen. In deze woelige tijden zocht GroenLinks een interim-voorzitter die rust kon brengen en die werd in het oosten gevonden. De tijdelijke man bleek het wel naar zijn zin te hebben, stelde zich een jaar later opnieuw beschikbaar en werd met ruime meerderheid gekozen. Het partijleven kwam tot bloei, er werd veel gediscussieerd, de organisatie ging op de schop, maar op de cruciale momenten miste GroenLinks toch de boot. De doorbraak naar 15 zetels kwam niet en regeringsdeelname bleef uit.

Nu staat een nieuwe generatie te trappelen: Heleen Weening is 35 jaar, Arno Uijlenhoet 42. Alhoewel, trappelen… bij de presentatie die zij maandag hielden vond ik hun ideeën nogal voorspelbaar, een beetje old school. Wie is er nou tegen debat in de partij, het vergroten van de interne democratie, het betrekken van leden en het werken aan een (al dan niet linkse) progressieve samenwerking? Het vraagt heel wat speurwerk om inhoudelijke verschillen tussen de twee kandidaten te vinden. En over hoe ze dit alles willen bereiken, blijven Heleen en Arno nogal vaag.

Je zou natuurlijk kunnen zeggen dat het voor een functie als partijvoorzitter ook niet nodig is om al te uitgesproken opvattingen te hebben. Of dat er al genoeg te kiezen valt op basis van geslacht, leeftijd, (beroeps)achtergrond, (partij)ervaring en stijl. Maar ik hoop toch dat deze kandidaten in de komende tijd ook iets meer laten zien van wat ze vinden van de huidige koers van GroenLinks, welke inhoudelijke debatten ze willen gaan aanjagen. Iets van een analyse van hoe het komt dat we nog steeds niet meeregeren en waarom het zo matig gaat in de peilingen lijkt mij ook welkom.

Oh ja en een beetje vaker twitteren…

vrijdag, 2 december 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Leve de vrijwilligers

In weblog, zomaar een mening, groenlinks.

Het was even wennen om mezelf op een provinciale bijeenkomst niet als Statenlid GroenLinks voor te stellen, maar als penningmeester IVN Amsterdam. Op slot Beeckestijn in Velsen kwamen vanochtend zo’n 120 natuurvrijwilligers en provinciale ambtenaren bij elkaar om elkaar beter te leren kennen en na te denken over manieren om samen te werken.

Geen dag te laat, omdat het kabinet in de persoon van Henk Bleker, grof bezuinigt op de natuur en het verzet daartegen maar moeizaam op gang komt. Nou was dat niet de insteek van de bijeenkomst, maar kortingen tot 60% hebben natuurlijk (let op de woordspeling) wel een enorme impact. Waar professionele krachten wegvallen en subsidies voor aankoop en beheer flink minder worden, neemt het belang van al die duizenden vrijwilligers toe.

Af en toe moest ik me wel inhouden en niet in de verdediging te schieten over de rol van de provincie. Gelukkig hebben we daar bovendien prima ambtenaren voor. Maar sommige vrijwilligers lijken wel iets te veel te verwachten van de provincie. Er is nu eenmaal beduidend minder geld en daarnaast is het ondoenlijk om de enorme hoeveelheid van (werk)groepen, stichtingen en organisaties allemaal aandacht te geven en – al dan niet financieel – te ondersteunen.

De belangrijkste les voor mij vandaag was dat dat in heel veel gevallen ook niet nodig is. Met bewondering zag ik hoeveel moois er al lokaal gebeurt door mensen met passie en overtuiging, zonder dat daar altijd subsidie vanuit de overheid voor nodig is. Wat vooral moet gebeuren is dat die goede voorbeelden uitgewisseld worden, men van elkaar leert en losse initiatieven met elkaar worden verbonden. Voor IVN en andere koepelorganisaties in de provincie ligt daar nog een schone taak. Wie weet kan ik daar zelf ook nog een rol in spelen. Want natuur is best belangrijk!

dinsdag, 29 november 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Leve het stadsparlement?

In groenlinks, politiek, weblog.

Terwijl Donner onder invloed van het adagium “hoe minder bestuurders, hoe beter” bezig was de botte bijl in de stadsdelen te zetten, broedde GroenLinks Amsterdam op een alternatief. Vandaag kwam het initiatiefvoorstel voor een stadsparlement naar buiten, gemaakt in samenwerking tussen raadsfractie en stadsdeelwethouders.

Het is te prijzen dat GroenLinks op deze manier niet lijdzaam afwacht, maar de tegenaanval inzet. Er is veel voor te zeggen om een vorm van lokale democratie in de stadsdelen te handhaven en op die manier bestuur in de buurt voort te zetten. Het aantal politici wordt, net zoals het kabinet wil, flink teruggebracht.  Het voorstel voorkomt ook een gemeenteraad na 2014 die, nog meer dan nu al het geval is, alleen maar uit leden van binnen de ring bestaat.

Ik voorzie alleen wel een probleem als gevolg van de samenstelling en de manier van kiezen van de leden van de districtsraden en het stadsparlement. Omdat hetzelfde mensen zijn die in hun eigen district én op het stadsniveau besluiten nemen en controleren, is het conflict van loyaliteit en belangen in het systeem ingebakken. Dit hangt ook samen met de onmogelijkheid om tot een vaste afbakening van taken en bevoegdheden te komen.

Een tweede onduidelijkheid zit in de overgang naar de Metropoolregio Amsterdam. In het voorstel wordt gesteld dat met het stadsparlement de omschakeling naar zo’n model te maken is. Wanneer dat idee serieus wordt genomen, moet er een gekozen vertegenwoordiging in plaats van de Stadsregio komen, waarin ook de gemeenten om Amsterdam heen opgaan. Betekent dat vervolgens het einde van het stadsparlement? Houdt dat in dat de districtsraden dan alsnog op hetzelfde niveau komen als de gemeenteraden van bijvoorbeeld Amstelveen of Purmerend?

Kortom, een mooie voorzet voor een discussie die hoognodig gevoerd moet worden. Maar dan moet nog wel meer nagedacht worden over de verhouding tussen districtsraden en stadsparlement. Bovendien, zeg ik dan maar als provinciaal, wordt het ook tijd dat GroenLinks Amsterdam over de stadsgrenzen kijkt en in overleg treedt met de gemeenten in de omgeving.

Reacties op Leve het stadsparlement?

Door: Paulus de Wilt op 4 december 2011, 23:46

Oké, twee bezwaren dus, althans discussiepunten.
Allereerst de dubbele loyaliteit van de in de districten gekozen volksvertegenwoordigers – interessant dat je het als nadeel opvoert, want volgens ons was dat nou juist een groot voordeel van het systeem. Immers op dit moment is er sprake van een tegenstelling tussen de gemeenteraadsleden en de stadsdelen. Aangezien de gemeenteraad het uiteindelijk voor het zeggen heeft, zie je in de loop van de bestaansgeschiedenis van de deelraden een steeds sterker wordende neiging bij de centrale stad om bevoegdheden naar zich toe te trekken. Het is voor stadsdelen vaak lastig om de gemeenteraad duidelijk te maken dat ze ergens eigenlijk niet over gaan. Zo zie je dat de gemeenteraad soms eist van B&W om zaken te controleren of te rapporteren. Het antwoord zou dan moeten zijn: daar gaan wij niet over, vraag het aan het stadsdeel. Begrijpelijkerwijs komt het daar vaak niet van en het gevolg is dat stadsdeelbesturen steeds vaker een dubbele verantwoordingsplicht krijgen: zowel naar de eigen deelraad als naar B&W. Een mooi voorbeeld was laatst de discussie over Afvalservice West. De stadsdelen waren daar onderling prima uitgekomen en ook de deelraden waren tevreden. Begint plotseling de raadscommissie zich ermee te bemoeien en vraagt een soort verantwoording aan Asscher. Deze was zo goed niet of die ging uitvoerig op onderzoek uit. Zonder nou uitgebreid op dit voorbeeld in te gaan (er valt nog veel meer over te zeggen), maar dit is allemaal niet handig. Ik hoop/verwacht dat in de nieuwe constructie eerder gezegd zal worden: vraag even aan uw collega om daar in het stadsdeel naar te vragen. Dat zijn dan immers écht collega’s die ook in dezelfde raad zitten. Kortom door een soort districtenstelsel ontstaat er begrip tussen het centraal stedelijke niveau en dat van het stadsdeel/district en daarmee een betere belangenafweging.
Wat betreft je tweede punt hebben we kennelijk iets niet goed verwoordt. Onze stelling is dat het stadsparlement kan uitgroeien tot een parlement door aansluiting van omliggende gemeenten. Stel bijvoorbeeld dat Zaanstad wil aansluiten, dan kunnen ze ook 9 of 11 raadsleden in het stadsparlement kiezen die dus gelijk de eigen districtsraad zijn. En ja, dat houdt dus in dat die raden alsnog op hetzelfde niveau komen als de districtsraden. Daar is toch niets verkeerds mee? Ze leveren een paar eigen bevoegdheden in, in ruil voor directe zeggenschap over de hele metropool. Lijkt me een goeie deal!

Door: Rolf op 5 december 2011, 09:32

De opstellers deze’s zijn toch degenen die afscheid gaan nemen? Gaan die dan nog even de toekomst uitstippelen? Wie heeft hen dit gevraagd?

Ik ga ervan uit dat dit voorstel, natuurlijk, door niemand serieus wordt genomen. Op basis van inhoud en vorm. Een vorm waarvan ik dacht dat’ie bijna was verdwenen.

Schrikwekkend, dit voorstel.

Rolf.

Door: Harmen Binnema op 5 december 2011, 16:16

Ha Paulus,

Dank voor je uitgebreide reactie. Misschien wijd ik er deze week nog wel een nieuw blogje aan, maar hier ga ik alvast op wat ik maar de ‘dubbelmandaten’ noem: vertegenwoordigers die zowel lid van de districtsraad zijn als van het stadsparlement. Op alle andere niveaus (bijv. gemeente en provincie of nationaal en Europees) heeft GroenLinks, naar mijn smaak geheel terecht, deze dubbeling ongewenst verklaard. Ik voorzie eerlijk gezegd precies dezelfde lastige afwegingen die ik bij mijn collega’s in de Staten zag die tevens gemeenteraadslid, wethouder of burgemeester waren. Soms dan gedwongen om op twee niveaus volkomen tegengesteld stemgedrag te vertonen. In de praktijk is het namelijk onmogelijk om taken en bevoegdheden zo te scheiden dat waar de één over gaat, de ander geheel laat. Ik vrees dus dat deze dubbeling echt meer nadelen dan voordelen biedt. Een vergelijkbaar probleem zie je overigens ook in de – ondemocratische – Regioraad: vertegenwoordig ik nu mijn gemeente (district) of partij?

Een ander praktisch aspect waarvoor m.i. ook nog te weinig aandacht is in het voorstel: de wijze van kiezen. Het gaat van zeven districtsraden die worden gekozen en waaruit vervolgens het stadsparlement wordt samengesteld. Ik kan daardoor als kiezer in West (althans zo lees ik het) alleen maar stemmen op kandidaten uit het district West. Maar misschien vind ik een kandidaat uit district Oost of Noord veel beter en geschikter – maar die voorkeursstem is dan niet mogelijk? En blijft het stemmen op een willekeurig stembureau nog wel mogelijk?

Harmen

Door: Paulus de Wilt op 6 december 2011, 00:02

Er is wel een groot verschil met de situaties waar je het mee vergelijkt – en ik krijg uit jouw tekst de indruk dat je het misschien verkeerd begrepen hebt. Herstel, wij hebben het dan natuurlijk verkeerd opgeschreven. De hele districtsraad is in ons voorstel gelijktijdig lid van de gemeenteraad. Dat betekent dus dat een raadslid geen vertegenwoordiger is van andere partijen. Bij dat rare getrapte systeem van de Regioraad is dat wel zo. Ook de vergelijking met mensen die mandaten stapelen tussen gemeenteraden en provincie en/of kamer gaat niet op, daar is iemand immers – neem ik aan – de enige uit de betreffende raad.
Je heb wel gelijk dat de keuzevrijheid van de kiezer wellicht wat kleiner is. Een beetje een vergelijkbaar probleem als bij Europese verkiezingen. Ik heb ook weleens op een andere lijst dan een Nederlandse willen stemmen; helaas kan dat dan niet. Overigens lijkt het me niet zo onoverkomelijk; per slot van rekening zullen in de meeste districten dezelfde partijen meedoen.

Door: Harmen Binnema op 6 december 2011, 10:45

Ha Paulus,

Wees gerust, met mijn leesvaardigheid zit het wel goed :-) Even een voorbeeld: in jouw eigen Nieuw West komt een districtsraad van 11 personen, GroenLinks scoort ongeveer even goed als bij de verkiezingen in 2010 en komt uit rond de 10%. Daarmee krijgen we 1 zetel in de districtsraad Nieuw West en komt er 1 GroenLinks vertegenwoordiger uit Nieuw West in het stadsparlement. Ik zie niet zo’n groot verschil met de ene persoon uit de raad van Alkmaar die tevens in de provinciale fractie zit…

Een ander probleem van dubbelmandaten is de tijd die je (naast gezin, vrienden, werk, hobby’s) aan politiek kunt besteden. Uiteraard kan je ervoor kiezen minder te vergaderen, maar voorlopig lijkt het meer te gaan worden (district + stad). Lijkt mij een hele klus voor de mensen die naast hun rol in het stadsparlement, ook in de districtsraad de bestuurders moeten controleren. Dat doe je in het district Nieuw West dan met 8 mensen i.p.v. 29 (toegegeven, het huidige aantal is wel erg hoog). Er wordt – terecht – ook nog verwacht dat je je rol als volksvertegenwoordiger serieus neemt en zowel op stadsniveau als in je eigen district zichtbaar bent…

Harmen

zondag, 20 november 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Dichterbij mezelf III: Rutger Kopland

In persoonlijk, weblog, zomaar een mening.

In een reeks die gaat over gedichten die mij raken, is het onvermijdelijk dat ik vroeg of laat bij Rutger Kopland uit kom. Ik denk dat er weinig andere dichters zijn die met hun woorden mij zo dicht op en onder de huid zitten. Tegelijk is het werk van Kopland ook in tekst en compositie uitdagend en ontdek ik herlezend telkens weer nieuwe kronkels en inzichten. Tijdens mijn politieke werk heb ik altijd veel gehad aan ‘ Oneindig veel problemen’:

Want alle gebeurtenissen zijn uitzonderingen op
al die regels volgens welke ze niet gebeuren.

Het is dus beter het woord probleem niet te gebruiken
want de problemen die er zijn en die er niet zijn
zijn dezelfde.

Van zijn vroegere werk spreekt Alles op de fiets, waaruit ‘Jonge sla’ waarschijnlijk het bekendste is geworden, mij het meeste aan. De mooiste bundel uit Koplands  grote oeuvre is wat mij betreft Tot het ons loslaat, waarin ook het bovenstaande gedicht staat en daarnaast kunststukjes als ’Een tuin in de avond’, ‘In de morgen’ en ‘Enkele andere overwegingen’.

Het gedicht dat ik heb uitgekozen komt uit de bundel Een lege plek om te blijven.  Ik kreeg het ooit voor mijn verjaardag gedrukt op een kussensloop;  ja, zo eenvoudig kan de aanleiding zijn. Sindsdien is het iets als een lijflied geworden. Het titelloze gedicht vat in vier eenvoudige regels samen wat ik hoop te zijn, voor een ander, voor mezelf:

XIV

Ga nu maar liggen, liefste, in de tuin,
de lege plekken in het hoge gras, ik heb
altijd gewild dat ik dat was, een lege
plek voor iemand, om te blijven.

Het is levensfilosofie en levenshouding in één. Het maakt mij blij in mooie tijden, het troost in moeilijke tijden. Het is fraai geschreven en fraai gecomponeerd. Het is, kortom, een gedicht waarvan ik hoop dat het nog lang bij me wil blijven.

donderdag, 17 november 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Het overdragen van stemmen

In groenlinks, politiek, weblog.

In de politicologie woedt al jaren een flinke discussie over wat nu het beste kiesstelsel is. De centrale vraag is wat het belangrijkste doel is van verkiezingen: zorgen voor een stabiele meerderheid (regeerbaarheid) of een zo precies mogelijke afspiegeling van de voorkeuren van de stemmers (representatie). De meeste Europese landen hebben gekozen voor het laatste met kiesstelsels die zijn gebaseerd op een idee van evenredige vertegenwoordiging in plaats van het ‘first-past-the-post’ dat een deel van de Angelsaksische wereld kenmerkt. Een tussenvariant, die meer naar evenredige vertegenwoordiging neigt, is alternative vote of single transferable vote (hierna: STV). Dit systeem wordt bijvoorbeeld in Australië en Ierland gebruikt. In Engeland hebben de Lib-Dems ook alternative vote gepropageerd, maar dit werd door de bevolking in een referendum afgewezen.

In het voorstel voor een nieuwe manier om de GroenLinks kandidatenlijst vast te stellen, via een ledenraadpleging, wordt ook gepleit voor STV als methode voor de stemming en het tellen van de stemmen. Daarmee wordt meer gekozen voor representatie (alle geledingen en stromingen vertegenwoordigd) dan voor regeerbaarheid (in dit geval vertaald als een sterke samenhangende ploeg). Al eerder werd dit systeem gebruikt bij de lijsttrekkersverkiezing voor het Europees Parlement. In dat geval ging het om één plek (want het idee van duo-lijsttrekkers hebben we na een wat mindere ervaring laten varen) en dan is de procedure vrij eenvoudig. Er waren vijf kandidaten en iedere stemmer zet die vijf op volgorde van voorkeur, wat leidt tot rijtjes als BJANT JTNBA ATBNJ enzovoort. De stemmen worden geteld en er wordt gekeken hoe vaak elke kandidaat bovenaan het lijstje staat. Als in de eerste ronde niemand door meer dan 50% op plek één is gezet, valt de kandidaat met het minste aantal 1e voorkeuren af. Op alle lijstjes waar deze kandidaat bovenaan stond, wordt vervolgens gekeken wie daarop de 2e voorkeur had en deze stemmen worden toegevoegd aan de andere vier kandidaten. Wordt ook hiermee nog niet de horde van 50% genomen, dan worden de lijstjes van degene bekeken die dan de minste 1e voorkeuren heeft. Dit gaat door tot er een lijsttrekker is gekozen.

Bij STV gaat het om verkiezingen van meerdere kandidaten in een aantal districten, zoals tijdens parlementsverkiezingen. Neem bijvoorbeeld een district waar 5 zetels te verdelen zijn en 80.000 stemmen zijn uitgebracht. Dat betekent dat een kandidaat 16.000 stemmen moet halen om gekozen te worden. Als er 12 mensen in dit district meedoen, zal het niet zo snel voorkomen dat iemand dat aantal eerste voorkeuren meteen haalt. Ook dan valt per telronde de kandidaat af met de minste 1e voorkeuren en worden die stemmen verdeeld over de andere kandidaten, totdat er vijf kandidaten zijn die over de kiesdrempel zijn gekomen. Let wel: het aantal benodigde stemmen is gebaseerd op de verhouding tussen het aantal geldige stemmen en het aantal zetels per district: het is dus niet nodig om 50% te halen. Bovendien levert deze methode weliswaar een volgorde op van kandidaten – nl. de één heeft minder rondes nodig dan de ander om aan de 16.000 te komen – maar uiteindelijk zijn zij alle vijf parlementariër.

In het voorstel voor het referendum gaat het echter wel om het halen van 50% en moet er bovendien een volgorde uitkomen. Als ik de toepassing van STV goed begrijp is het eigenlijk een aaneenschakeling van alternative votes (stemmen per plek).  Ik stel mij het volgende scenario voor: 40% van de stemmers zet Jolande Sap op één, 25% Tofik Dibi, 20% Liesbeth van Tongeren, 10% Jesse Klaver en 5% Mariko Peters.  De tweede voorkeuren van Mariko en daarna Jesse worden verdeeld over de andere kandidaten, wat Jolande precies over de drempel helpt. Voor de tweede plek doen ook de ‘biljetten’ waarop Jolande bovenaan stond weer mee, maar dan wordt gekeken naar de tweede voorkeur, terwijl bij de andere kandidaten naar de eerste voorkeur wordt gekeken (totdat die kandidaten een plek op de lijst hebben gekregen).

De suggestie die wordt gewekt is dat dit de stemming op een congres het dichtst benaderd. Gegeven de methodes bij een grootschalige raadpleging is dat ongetwijfeld waar. De uiteindelijke lijstvolgorde zal misschien ook niet spectaculair afwijken van wat 600 leden in een zaal bij elkaar kunnen bedenken. Maar het cruciale verschil is uiteraard wel dat de reactie op de uitslag van de stemming over de vorige plek bij een congres wel en bij een internetraadpleging niet kan meewegen. Immers, de gehele voorkeursvolgorde is al vooraf gegeven en die kan niet tijdens de rit worden gewijzigd, maar wordt in een reeks van telrondes keurig afgewerkt. Je kiest voor Tofik op twee en Liesbeth op drie, in de veronderstelling dat daarvoor Jolande op één is gekozen. Je zet één van de groene kandidaten wat lager, in de veronderstelling dat die andere al een veilige plek hoog op de lijst heeft. Je wilt nu wel eens iemand van buiten de Randstad, in de veronderstelling dat er al wel voldoende Amsterdammers bij de eerste zes staan.

Eén van de bezwaren tegen STV is dat voor stemmers moeilijk te doorgronden is wat de effecten van hun voorkeursvolgorde zullen zijn. Eén van de bezwaren tegen de concrete toepassing in deze procedure is dat het andere beoogde doel, namelijk een evenwichtige lijst die recht doet aan het advies van de kandidatencommissie, wel eens verder uit zicht zou kunnen raken.Ik laat hier nog even buiten beschouwing dat wanneer je de mogelijkheid hebt minder voorkeuren aan te geven dan het aantal plaatsen, omdat je iemand per se niet op de lijst wilt hebben, de  lijst niet geheel gevuld zal gaan worden. De ironie wil dat een systeem met blokken (te beschouwen als multi-member districts zoals in Ierland) beter geschikt is in combinatie met STV dan een volledige lijst van 20 of 25 kandidaten. Maar dat zal wel vloeken in de kerk zijn…

zaterdag, 12 november 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Wij willen kunnen kiezen

In groenlinks, politiek, weblog, bestuur, betrokkenheid, columns, congres, discussie, eerste, en meer.

Mijn eerste GroenLinks congres was in januari 1998 in Zwolle. Je kunt het je nu nauwelijks meer voorstellen, maar dat was een congres verdeeld over twee dagen waarin het verkiezingsprogramma werd vastgesteld. Een maand later volgde nog een congres – volgens mij ook twee dagen – voor de kandidatenlijst. Inmiddels heb ik heel wat congressen meegemaakt, de laatste keer met name achter en op het podium, als kandidaat voor de Eerste Kamer. Veruit de leukste zijn de congressen waarop kandidaten gekozen moeten worden. De presentatie van de kandidaten, de spanning bij de stemmingen, met de ontlading aan het eind. Alleen al om die reden vind ik het voorstel van ons partijbestuur om de lijst niet meer door het congres te laten vaststellen, maar via een ledenreferendum, onverstandig en onwenselijk.

Het is natuurlijk niet alleen maar omdat ik die congressen zo leuk vind en ik ben ook niet tegen vernieuwing van de procedure. Maar het bezwaar tegen dit voorstel is dat het twee verschillende problemen wil oplossen, die niet in één nieuwe procedure te vangen zijn. De oorzaken van beide problemen verschillen namelijk nogal. Laat ik dat verder toelichten.

Ten eerste was er onvrede over het blokkensysteem en wilden veel leden weer terug naar een advies met lijstvolgorde. De kandidatencommissie geeft dan per plek aan welke persoon volgens haar daarvoor geschikt is. Op zo’n manier voorkom je (in theorie!) dat de volgorde door het congres te veel door elkaar wordt gehusseld. Althans, je hebt een extra instrument in handen om dat een beetje te dempen. Het bestuur kiest inderdaad voor het in ere herstellen van de lijstvolgorde en dat lijkt mij prima. Ook ik heb, na mijn aanvankelijke enthousiasme over de blokken, de anti-blokkenmotie gesteund.

Ten tweede was er (blijkbaar) onvrede over de betrokkenheid van leden – dat wil zeggen de overgrote meerderheid die niet op een congres komt – bij de vaststelling van de kandidatenlijst. Er wordt verwezen naar het advies van een commissie-Bogers, een advies dat drie jaar lang een zorgvuldig gekoesterd geheim is geweest, waarin een ledenreferendum wordt bepleit. Nou loop ik toch al een tijdje mee en ik heb ook heel wat discussies over de verkiezingsprocedure in de partijraad meegemaakt en mij was deze onvrede toch een beetje ontgaan, maar vooruit.. Ik ben er op zich voorstander om veel meer leden te betrekken bij het kiezen van de kandidaten en een referendum kan dan een prima middel zijn.

Maar wat de bedenkers van het voorstel zich niet lijken te realiseren, is dat zo’n referendum het eerste probleem alleen maar vergroot. Waar met dank aan de zichtbare uitslagen per plek op het congres, nog tijdens de rit nog correcties kunnen worden aangebracht, kan dat in de alles-in-één anonieme stemming van het referendum niet. Kortom, de kans dat de uiteindelijke lijst die door de leden wordt gepresenteerd, afwijkt van de voordracht van de kandidatencommissie, wordt er alleen maar groter van. En de mogelijkheid om in het referendum met één druk op de knop de integrale voordracht van de commissie over te nemen, wordt in het voorstel expliciet afgewezen.

Zoals gezegd, zo’n referendum vind ik geen gek idee, maar als je tegelijk ook het advies van de kandidatencommissie zwaar wilt laten wegen, betekent dit volgens mij dat de uiteindelijke lijst toch op het congres vastgesteld moet worden. Oftewel, een vaststelling in twee ronden: eerst wordt de conceptlijst op basis van het referendum bekend. Dan kunnen kandidaten laten weten of zij blij zijn met de plek, hoger willen, zich terugtrekken. En de kandidatencommissie kan beoordelen in hoeverre de conceptlijst overeenkomt met haar advies. De laatste stap is dat het congres de lijst definitief vaststelt, waarbij een stevige meerderheid nodig is om kandidaten alsnog te laten stijgen. Het bouwt een extra check in op de evenwichtigheid van de lijst, die mij uit het oogpunt van zorgvuldigheid en het goed functioneren van de toekomstige fractie meer dan welkom lijkt.

De modieuze keuze voor single transferable vote is een discussie op zich waard. Interessant genoeg is het een systeem dat zich goed leent voor aparte lijstrekkersferenda en een indeling in blokken, twee onderdelen die nu juist worden afgeschaft… Daar kom ik volgende week op terug.

woensdag, 2 november 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Klagen mag

In algemeen, klaagmuur, klagen, reacties, weblog.nl, weblog.

Beste Weblogger,

Wij begrijpen de situatie en snappen dat er emoties zijn. Het is ook absoluut toegestaan deze te uiten en bij ons te klagen. Wij hebben gemerkt dat dit op veel verschillende locaties al gebeurt. Vanaf nu kan dit in de reacties onder dit bericht. Wij vragen je wel enkele regels te respecteren om de discussie beheersbaar en constructief te houden.

  1. Plaats geen persoonlijke aanvallen. Spreek Weblog.nl als geheel aan.
  2. Plaats geen scheldpartijen. Wij snappen dat het misschien oplucht, maar niemand is erbij gebaat.
  3. Dit bericht niet gebruiken om je eigen weblog te promoten.
  4. Het aannemen van de identiteit/naam van andere gebruikers/personen mag niet.

De inhoud van de reacties die buiten deze regels vallen zullen worden verwijderd. Bij verwijdering vervangen wij de inhoud voor een melding van de verwijdering.

Plaats je reacties hier


Reacties op Klagen mag

Door: betsie op 12 december 2011, 10:15

Waarom wordt er geen spamfilter geïnstalleerd ???
Waarom moeten we €18,00 betalen voor een situatie die bij WordPress standaard is ???

WAAROM IS ER NIEMAND MEER VAN WEBLOG/SANOMA DIE HIER NOG KIJKT, LAAT STAAN ANTWOORD GEEFT ???

Door: mrooijer op 15 december 2011, 01:58

Omdat het een incompetent bij elkaar geraapt stelletje is, dat zich, Michiel Buitelaar, COO Digital voorop, zo diept loopt te schamen dat ze nog steeds niet naar hun klanten luisteren.

Door: descherpschutter op 16 december 2011, 20:10

inmiddels heb ik mijn weblog overhevelt onder hoede van blogspot.
het wordpress systeem bevalt me totaal niet en het is veel moeilijker dan het oude typepad systeem.
de belangrijkste reden dat ik helaas weer overstap is omdat ik daar meer kan en mijn site weer een heel eind in kan delen zoals die vroeger bij typepad ooit was… en dus eenvoudiger te bedienen is in het dashboard.
dat kan hier tot nu toe nog steeds niet.
de migratie is een grote flop geworden…
ik ben blij dat mijn berichten allemaal terug zijn gekomen, maar ook die moest ik (velen) repareren omdat er sommige leestekens niet gepakt waren en dat waren hele rare tekens geworden.
ik hoop dat voor de andere bloggers die nog steeds wachten op afbeeldingen enz. dat dit goed komt.

Door: Margo Uitwijkpost op 30 december 2011, 12:27

Ik zie dat de mogelijkheid tot exporteren wordt geblokkeerd door weblog. De enige mogelijkheid elders een weblog te beginnen en alle oude content mee te verhuizen wordt hiermee onmogelijk gemaakt. Waar halen jullie de moed vandaan om na alle ellende die jullie hebben veroorzaakt ook nog eens de export, dus ontsnapingsmogelijkheid, onmogelijk te maken??? Iedereen heeft het recht te ontsnappen, jullie zouden juist alle medewerking moeten verlenen!! Ik raad jullie aan de mogelijkheid tot export heel snel weer te activeren. Jullie beroven mensen van hun blogvrijheid, nu beroven jullie ze ook nog eens van de vrijheid te vertrekken! Wat zijn dit voor Sovjetpraktijken??

Door: Ruurd op 30 december 2011, 13:52

Zie: http://helpdesk.web-log.nl/entries/20757841-hoe-kan-ik-mijn-weblog-exporteren, ze zullen wel niet anders kunnen.
Gewoon geduld hebben…

Door: hoehetgaat op 30 december 2011, 14:34

Complete flauwekul!! We zien nooit meer iets terug van die weblogs….dat heb ik al lang opgegeven. Gewoon zo snel mogelijk weg hier. Zie dat ze al wel sinds 1 oktober nieuwe medewerkers hebben. Ach, zondebok moet gevonden worden in de lagere regionen, nietwaar? En ondertussen uitgebreid reclame maken in alle vaktijdschriften over de geweldige uitbreiding van hun digitale afdeling! Hoop echt dat webwereld, adformatie en dergelijke ook eens op deze sites kijken.
Misschien kunnen wij zelf een artikel nieuws.nl van Sanoma plaatsen?

Door: Margo Uitwijkpost op 30 december 2011, 20:08

Gewoon geduld hebben? Laat me niet lachen! Mensen willen bloggen en zijn gedupeerd. De weblogs zouden in hooguit 48 uur worden omgezet naar WordPress. We rekenen niet meer in uren of dagen, zelfs niet in weken, maar in maanden! Vind je het niet een beetje belachelijk om dan nu nog over geduld hebben te spreken? En wie zegt dat iedereen z’n weblog compleet en in goede orde weer OOIT terugkrijgt?!? Dit is gewoon misleiding en arrogantie. Wie verstandig is heeft het allang opgegeven en is fijn elders gaan bloggen. Maar die wil wel zijn weblog compleet hebben en nu wordt er ook nog even de mogelijkheid daartoe geblokkeerd. Zonder veel tekst of uitleg, want ach die webloggers dat zijn maar melkkoeien waar we aan kunnen verdienen. Gelukkig gaat dat straks mooi niet meer op. Dit hele gebeuren roept maar één predicaat op: schofterig.

Door: fransamsterdam op 9 januari 2012, 04:44

Edit-verwijderd ongepast.

Door: fransamsterdam op 9 januari 2012, 04:49

Edit-verwijderd ongepast.

Door: My Homepage op 26 januari 2012, 06:40

… [Trackback]…

[...] Informations on that Topic: weblog.nl/2011/11/02/klagen-mag/ [...]…

zondag, 30 oktober 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

De managers en de professionals

In persoonlijk, weblog, zomaar een mening, bedrijf, bestuurscrisis, cijfers, columns, de telegraaf, facebook, en meer.

Gelukkig werd er dit weekend weer eens gewonnen in de competitie. Ook nog met ruime cijfers, tegen een ploeg waarmee we het anders altijd moeilijk hebben. Het leidde de aandacht, al was het maar voor even, af van de bestuurscrisis die schijnt te woeden in en om de Arena. Met dank aan de Telegraaf (spreekbuis van Cruijff) en Parool/AD (voor het broodnodige tegengeluid) weten we hoe gezellig het eraan toe gaat in de Raad van Commissarissen. Duidelijk is in elk geval dat er nog steeds geen nieuwe technisch directeur is en dat Cruijff nog meer vertrouwelingen in de Ajax-organisatie probeert binnen te krijgen. De kern van het probleem is volgens Cruijff “dat we verschillend denken. Zij zien Ajax als een beursgenoteerd bedrijf. Ik zie Ajax als een voetbalclub.”

Het conflict tussen Cruijff en co. en de anderen is een tegenstelling die in de bestuurskunde en organisatiewetenschap klassiek is geworden: managers tegenover professionals. Het is een tegenstelling die we ook in het onderwijs, in de zorg, in het openbaar vervoer en in veel andere sectoren tegenkomen. Sommigen zijn ervan overtuigd dat je niet goed in staat bent een ziekenhuis te leiden als je niet zelf ook operaties hebt gedaan, of dat je geen goede directeur van een middelbare school kunt zijn als je niet zelf ook voor de klas hebt gestaan. Vandaar de wens van Cruijff om overal in de organisatie ‘voetbalmensen’ in managementposities aan te stellen: je kunt alleen Ajax leiding geven, als je zelf ook hebt gevoetbald. En dan het liefst op een hoger niveau dan Beenhakker, Adriaanse of Van Gaal. Managers die niet die achtergrond hebben, zouden niet snappen hoe een voetbalclub geleid moet worden en zouden ook niet snappen hoe je binnen een club professionals (trainers) tot hun recht kunt laten komen.

Maar de tegenstelling tussen bedrijf en voetbalclub is misleidend: Ajax is natuurlijk allebei. Een stervoetballer is niet meteen een goede trainer en zeker niet meteen een goede manager. Wie op cruciale functies zit in een grote organisatie met veel personeel en een miljoenenbegroting, heeft er weinig aan dat hij in een ver of minder ver verleden zo’n mooie voorzet in huis had. Een deel van Ajax is een bedrijf en moet ook als een bedrijf worden geleid. Juist managers die niet beladen zijn met te veel voetbalachtergrond kunnen de professionals op de Toekomst en in de Arena de ruimte geven om hun kwaliteiten in te zetten. Te veel voetbalkapiteins op een schip leidt alleen maar tot gedoe over de koers, voordat de boot überhaupt kan gaan varen.

In de praktijk blijkt de tegenstelling tussen managers en professionals helemaal geen tegenstelling te zijn. Eerder zijn beide groepen complementair, als ze elkaar tenminste de ruimte geven dat te doen waar elk van beiden goed in is. Ik zou hopen voor mijn cluppie dat Cruijff ooit nog eens tot dat inzicht mag komen. Dan kunnen zowel Steven ten Have als Frank de Boer hun werk doen en staan we volgend jaar weer op het Museumplein. Of op zo’n troosteloze parkeerplaats, maar het gaat om het idee…

 

Reacties op De managers en de professionals

Door: Rob Alberts op 30 oktober 2011, 19:02

In het Onderwijs verbaas ik mij altijd over het ontbreken van manager kwaliteiten. Goed zijn in klassenmanagement tijdens het lesgeven maakt nog niet dat je leiding kunt geven aan een docententeam of een schoolbedrijf kunt leiden.
Van voetbal heb ik verder heel weinig verstand.
Wel zie ik voortdurend om mij heen dat er in de zogenaamde zachte sector weinig goede managers zijn. Het slechte imago van de bestuurders in de zachte sector wijt ik vooral aan de bonuscultuur.

De prestaties van het Nederlands elftal hebben in ieder geval nog geen invloed op de resultaten van onze topteams …….

Sportieve groet

zondag, 23 oktober 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Dichterbij mezelf II: Huub Oosterhuis

In persoonlijk, weblog, zomaar een mening, columns, donker, dood, facebook, geloof, hart, en meer.

Soms krijg ik wel eens de vraag hoe dat nou zit met dat geloof van mij. Elke keer vind ik dat weer lastig te beantwoorden. Omdat ik het zelf ook niet zo precies weet. Op zoek naar een label noem ik mezelf dan progressief christen, maar wat die begrippen afzonderlijk en in combinatie betekenen, is al lastig genoeg om te duiden. Het is meer dan ‘ik denk wel dat er iets is’ maar het is ook zeker niet ‘van kaft tot kaft’.

Misschien is het wel geloven in een God die niet bestaat, maar dan nog is het niet voor niets geweest. Geloof is voor mij vooral ook proberen iets wat je niet kunt begrijpen, toch onder woorden te brengen. In de mooiste vorm dan ook nog in combinatie met muziek.  In die zoektocht ben ik regelmatig weer geïnspireerd door de teksten van Huub Oosterhuis, waarbij de prachtige muziek van Oomen, Huijbers en Löwenthal niet is weg te denken.

Nooit meer zonder

Op mijn levenslange reizen
twijfel donker achtervolgt mij
liefde blind holt voor mij uit
zing ik steeds op andere wijzen
over wie ik niet kan spreken
zing ik ooit mijn hart te breken
ooit mijn hart voor jouw te breken.

Opgereisd pas halverwege
met een keel kapot gezongen
met een hart voor wie gebroken
kruip ik onder dorenstruiken
druk mijn ogen in de aarde
smeek dat nu het eind zal komen
smeek de dood dat hij zal komen.

Spoorloos trok voorbij de twijfel
waar ik lag – de liefde keerde
zag mij bracht mij drank en spijze
deed mij opstaan uit de dood

nog een leven zal ik reizen
nooit meer zonder reisgenoot.

zaterdag, 15 oktober 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

De achterban

In groenlinks, politiek, weblog, zomaar een mening, amsterdam, columns, de jager, discussie, achterban, en meer.

Het warrig en inconsequent redenerende PvdA-raadslid Latif Hasnaoui was natuurlijk geen partij voor Tofik Dibi, deze week bij Pauw en Witteman. Dibi verweerde zich terecht tegen het verwijt dat politici met een moslim-achtergrond zich meer direct voor hun achterban zouden moeten inzetten. Je bent immers gekozen om zo goed mogelijk het verkiezingsprogramma uit te voeren van de partij die je vertegenwoordigt. Een verhaal dat Dibi met overtuiging bracht, zonder te ontkennen dat hij als moslim in de Tweede Kamer wel een speciale verantwoordelijkheid voelt. Heel herkenbaar, omdat het ook de manier is waarop ik mij altijd als Statenlid voor GroenLinks heb ingezet, bijvoorbeeld als ik de vraag kreeg wat ik ging doen voor jongeren of voor Amsterdam.

Maar ergens is het een iets te mooi antwoord. Want iedere politicus neemt het meer op voor bepaalde groepen, heeft meer affiniteit met de ene groep dan met de andere. Wie je bent, waar je vandaan komt en met wie je praat, heeft invloed op je politieke handelen. Al was het maar omdat een verkiezingsprogramma maar een beperkt aantal antwoorden geeft op een beperkt aantal vragen. Er komt zoveel voorbij waarin je je niet kunt verlaten op het programma, maar een eigen afweging moet maken. Handelen ‘volgens het GroenLinks programma’ is dan ook heel relatief: het is het resultaat van wat je gezamenlijk (als afdeling, als fractie) beschouwt als een GroenLinks standpunt. De discussie rondom Kunduz is daarvan een duidelijke illustratie.

Gezien vanuit het perspectief van de kiezer is het ook logisch dat een politicus actiever is voor sommige achterbannen. Het is niet zonder reden dat iemand GroenLinks stemt en een ander PVV. Daar horen ideeën, belangen en wensen bij. Een politicus moet antwoord hebben op de vraag ‘What have you done for me lately?’ Politieke keuzes hebben consequenties, soms pijnlijke. Voor echte mensen in echte situaties. Ook GroenLinks maakt zulke keuzes: eerder de bijstandsmoeder dan de miljonair, eerder de busreiziger dan de automobilist, eerder de vogelaar dan de jager. En dat is niet gek, want het past bij een politieke opvatting waarin je opkomt voor mensen die kwetsbaar zijn, die solidariteit verdienen. Dat komt de een ten goede en gaat ten koste van de ander.

Het is heel iets anders dan cliëntelisme, waarin er bijna een 1-op-1 relatie ontstaat tussen kiezer en gekozene en de laatste in ruil voor een stem iets moet bieden. Bovendien heeft dat iets dwingend in zich: we zijn toch allebei Groninger/christen/milieuactivist, dus… Het is juist een gezamenlijke verantwoordelijkheid om voor die particuliere belangen op te komen. En dat gaat vaak het best wanneer dat komt van degene van wie je het niet had verwacht.

Reacties op De achterban

Door: Helma Ton op 15 oktober 2011, 15:11

Die laatste zin…. kan die de eerste de opmaat zijn voor een vervolg….?

zaterdag, 8 oktober 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Een hoop drukte om bestuurlijke drukte

In politiek, weblog, groenlinks, tweede kamer, twitter, utrecht, werk, ambtenaren, bestuur, en meer.

Op twitter zag ik al de naam Flutholland voorbij komen als naam voor de provincie die zou ontstaan uit de fusie van Flevoland, Utrecht en Noord-Holland. In de Tweede Kamer is het enthousiasme voor deze opschaling niet erg groot, mag de voorzichtige conclusie zijn. Tegelijk lijkt het kabinet door te zetten, waarbij ik me dan afvraag op welke gelegenheidsgedogers Rutte en Donner dit keer hun zinnen hebben gezet. Het is niet ondenkbaar dat GroenLinks en D66 – zie ook hun verkiezingsprogramma’s – voor dit idee te porren zijn, maar daarmee is er nog geen Kamermeerderheid.

Intussen begint de discussie over het middenbestuur, de rol van provincies of landsdelen en de wenselijkheid van opschaling, alle trekken te vertonen van datgene wat zogenaamd bestreden zou moeten worden: bestuurlijke drukte. Het is al bijna 10 jaar geleden dat de commissie-Geelhoed het fraaie rapport Op schaal gewogen presenteerde, waarin onder andere werd gepleit voor ‘een herschikking van de provinciegrenzen op de noordvleugel van de Randstad’. Dat is bestuurlijke taal voor het samenvoegen van de drie provincies zoals het kabinet nu ook voorstelt. Overigens werd daar terecht aan toegevoegd dat dit ook consequenties moest hebben voor de samenwerking van andere provincies, evenals  de waarschuwing dat culturele en sociale grenzen niet altijd met provinciegrenzen samenvallen.

In 2005 riep de ‘Holland Acht’, gevormd door de vier burgemeester van de grote steden en de vier Commissarissen van de Koningin in de Randstad, op tot bestuurlijke herschikking en slagvaardiger bestuur. De reactie van het toenmalige kabinet was het instellen van de commissie-Kok, die begin 2007 adviseerde om één Randstadbestuur in te stellen. Met als belangrijke kanttekening dat het nieuwe bestuur niet op de stoel van de gemeenten moest gaan zitten en er ook geen extra taken vanuit het Rijk bij zou gaan krijgen, maar de bestaande provinciale taken moest gaan bundelen.

Naast deze rapporten zijn tientallen andere rapporten, visies, documenten, opinies en vragen verschenen, die allemaal iets over de bestuurlijke drukte in de Randstad te melden hadden en mogelijke oplossingen daarvoor aandroegen. Het heeft volksvertegenwoordigers, bestuurders, ambtenaren en zeker ook consultants al heel wat jaren flink aan het werk gehouden. Aan plekken om je druk te maken over bestuurlijke drukte was en is geen gebrek. Maar wat het heeft opgeleverd?

Ik pleit er zeker niet voor dat provincies in de huidige vorm en het huidige aantal moeten blijven bestaan. Er zijn inderdaad problemen in de Randstad die provinciegrenzen overstijgen. En na al die politiek-bestuurlijke bezigheidstherapie kan het misschien geen kwaad eens een knoop door te hakken. Maar het zou zo jammer zijn als dat gaat op basis van het visiearme en matig onderbouwde voorstel van dit kabinet. Daar worden Noord-Holland, Utrecht en Flevoland niet beter van.

woensdag, 5 oktober 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Dichterbij mezelf I: Judith Herzberg

In persoonlijk, weblog, zomaar een mening, analyse, blog, bundel, columns, delen, eerste, en meer.

In de afgelopen jaren is op dit blog regelmatig een gedicht voorbij gekomen. Omdat er een passende gelegenheid was die vroeg om een poëtisch antwoord vroeg. Omdat ik iets wilde delen van dichters en dichtregels die mij raakten en raken. De komende tijd wil ik het iets structureler gaan aanpakken. Voor de trouwe lezers zal het misschien herinneringen oproepen aan mijn serie political songs.

Als eerste is vandaag Judith Herzberg aan de beurt, een dichteres die ik de eerste (en enige) keer live zag in 1997. In de 6e klas van het VWO nam onze leraar Nederlands Karel van Steenwijk een aantal enthousiaste leerlingen mee naar de Nacht van de Poëzie in Vredenburg.  Daar wilde ik uiteraard bij zijn en het werd een zeer bijzondere ervaring. Het is sowieso speciaal om urenlang geconcentreerd te luisteren naar een bonte stoet dichters die voordraagt uit eigen werk. De show werd gestolen door Louis Lehmann, toen al 77 jaar en na lange tijd weer op het podium, die verraste met een minirap en aan wie ik het prachtige woord bebabbelbaar te danken heb:

Tafeltje tiktak, klokje bom!
Dingen in de keuken vallen om.
Koekepan pingpong, kopje krak!
Uit door de voordeur, binnen door het dak.

Maak het maar, maak het maar,
maak het maar bebabbelbaar.

Toch maakte Judith Herzberg op mij de meeste indruk en haar voordracht nodigde mij uit tot het kopen van mijn eerste poëziebundel Wat zij wilde schilderen. Het gedicht dat zij las tot grote hilariteit van de ruim 2000 aanwezigen (en ook van zichzelf), Het wachten op de halte, is wat te lang om hier op te nemen (maar ga het lezen!). Bovendien heb ik gekozen voor een ander gedicht uit Herzbergs mooie oeuvre, afkomstig uit dezelfde bundel, getiteld Opzet . In dit korte gedicht zit een mooie combinatie van ratio en gevoel, van vanzelfsprekendheid en nieuwsgierigheid, van kwetsbaarheid en analyse. Misschien wel zo herkenbaar omdat ik zelf ook steeds zoek naar die balans en die zo lastig blijkt te vinden. Met als kern van het gedicht de prachtige zin ‘Kijk dan hoe/ik mijn hand leg’.

OPZET

Wil je dat ik uitleg?
Dit en dat en nog iets
dat je toch al weet
nog eens zeg?

Ja want hoe weet ik
of wat ik denk
klopt met hoe het ìs,
echt?

Kijk dan hoe
ik mijn hand leg.

Ik heb die hand
al eens meer -

Nee dat was -

maandag, 26 september 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Het kartel

In politiek, weblog, werk, cda, pvv, vvd, leek, blok, kabinet, en meer.

De voorbije algemene politieke beschouwingen waren in meerdere opzichten teleurstellend. Allereerst natuurlijk omdat in het gekrakeel, gescheld en gedoe de pijnlijke inhoud van het kabinetsbeleid onzichtbaar bleef. Maar het was ook teleurstellend voor de oppositiepartijen omdat zij zo goed als niets voor elkaar gekregen en een – op een slippertje na – soeverein optredende premier Rutte de Miljoenennota ongeschonden door de Kamer loodste. Dat kwam vooral ook doordat PVV, VVD en CDA een krachtig blok vormden bij het stemmen over de moties (zoals de analyse van Tom Louwerse laat zien). Eigenlijk leek alleen de SGP iets voor elkaar te krijgen met de toezegging van Rutte om minder te korten bij grote gezinnen.

Tegelijk stond het debat in het teken van de vraag wie nu eigenlijk de grote gedoger is. Wie nuchter naar het stemgedrag kijkt en de, ondanks alle retoriek, grote volgzaamheid van de PVV tegenover deze coalitie, kan niet anders dan constateren dat die titel toch echt aan de PVV toebehoort. Maar de discussie over het gedogen legde wel een interessante wending in de Nederlandse politiek bloot, die het gevolg is van deze minderheidsconstructie. Een wending die zichtbaar was in de steun van oppositiepartijen in wisselende samenstelling voor de Kunduzmissie, de hulp aan Griekenland en het pensioenakkoord. De crux zit er wat mij betreft dat het onderscheid met dank aan de bijzondere constructie de grens tussen oppositie en coalitie vervaagt en dat de term ‘gedogen’ slechts beperkt het nieuwe politieke speelveld karakteriseert.

Ruim vijftien jaar geleden schreven de politicologen Richard Katz en Peter Mair (helaas onlangs veel te vroeg gestorven) over de opkomst van de cartel party. Hun nog steeds actuele betoog bevat twee cruciale elementen. Het eerste is dat partijen, traditioneel gezien als de verbindende schakel tussen de burgers en de staat, in de loop van de tijd steeds meer onderdeel van de staat zijn geworden. De wens om te regeren en te profiteren van de voordelen die dit biedt, is hier in belangrijke mate verantwoordelijk voor. Maar het  heeft ook te maken met het feit dat het leeuwendeel van de inkomsten van partijen komt uit subsidiëring door de staat en steeds minder uit de bijdragen van leden. Het tweede element slaat op het kartel van partijen, dat inhoudt dat vrijwel elke partij (op een enkele extremistische uitzondering na) een potentiële regeringspartner is. Een partij kan tijdelijk tot de oppositie worden veroordeeld, maar maakt de keer daarna weer kans om mee te doen. Zoals Katz en Mair het formuleren:

… the fear of being thrown out of the office by the voters was also seen as the major incentive for politicians to be responsive to the citizenry. In the cartel model, on the other hand, none of the major parties is ever definitively ‘out’. As a result, there is an increased sense in which electoral democracy may be seen as a means by which the rulers control the ruled, rather than the other way around.

Wie het geheel aan politieke partijen, misschien met uitzondering van de SP die vooralsnog weigert deals te sluiten met het kabinet, beschouwt als een kartel, snapt ook beter waarom op specifieke onderwerpen afspraken tussen oppositie en kabinet worden gemaakt. De extra dimensie die het minderheidskabinet toevoegt is dat niet alleen van verkiezing tot verkiezing andere machtsblokken binnen het kartel ontstaan, maar ook tijdens de regeerperiode. Tegelijk kunnen de niet-regeringspartijen binnen het kartel hun onderwerpen uitzoeken om stevig van leer te trekken tegen het kabinet, wel in de wetenschap dat dat precies de punten zijn waarop PVV, VVD en CDA elkaar des te steviger vasthouden.

zondag, 18 september 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Liegebeest

In politiek, weblog, zomaar een mening, lezen, portemonnee, strijd, website, weer, werken, en meer.

Mijn dagelijkse boodschappen doe ik bijna altijd bij Albert Heijn. De reclames met die o zo spontane supermarktmanager begin ik inmiddels wel zat te raken en ik word nerveus van hamsterweken. Maar het is een supermarkt aangenaaam dichtbij, prettig ruim opgezet en met een groot aanbod. Vooral de grote keuze aan biologische producten (in de reeks Puur & Eerlijk) bevalt mij goed. Het komt regelmatig voor dat ik aan de kassa verschijn met een vrijwel geheel biologisch gevuld boodschappenmandje.

Bij het biologisch vlees (kip!) doet dat af en toe een beetje pijn in de portemonnee, maar dat heb ik er graag voor over.  Ik was dan ook verbaasd te lezen dat juist Albert Heijn door Wakker Dier is genomineerd als één van de negen liegebeesten vanwege misleidende verpakkingen. Dat kon toch zeker niet over Puur & Eerlijk gaan?

Op de website trof ik de reden voor de nominatie aan: er is vlees uit de bio-industrie dat op de verpakking een groen takje heeft. Daarmee zou een verkeerde suggestie worden gewekt en een link met P&E. Ik heb het vanavond op locatie nog even uitgebreid gecheckt, maar ik zie echt niet hoe die verwarring kan ontstaan. En is een groen takje misleidend? Erg vergezocht allemaal.

Maar het is meer dan een beetje merkwaardig Albert Heijn hier op een lijstje van liegebeesten aan te treffen, het lijkt me ook contraproductief. Zou het niet logischer zijn juist een supermarkt die actief is met biologisch vlees (inclusief aanbiedingen) te stimuleren daarmee door te gaan?

Liegebeesten is natuurlijk een leuke woordvondst, maar het zet meteen ook wel weer een negatieve toon. Helaas kiest Wakker Dier vaker vooral voor ‘blaming and shaming’.  Maar ik vrees dat dit in de praktijk wel eens contraproductief kan werken. De supermarkt zal niet onder de indruk zijn en de consument wordt er niet veel wijzer van. Toch zonde, want de strijd tegen de bio-industrie en voor dierenwelzijn blijft heel hard nodig.

Reacties op Liegebeest

Door: nienke op 19 september 2011, 10:07

Zooooooo herkenbaar en helemaal mee eens!

Door: Harald op 20 september 2011, 15:09

Niet mee eens. Door naming en shaming van C1000 heeft Wakker Dier bereikt dat deze supermarkt nu soms ook biologisch vlees in de aanbieding heeft in plaats van alleen maar kiloknallers uit de vee-industrie.

maandag, 12 september 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

De gematigde moslim

In weblog, zomaar een mening, angst, columns, de wereld, democratie, discussie, facebook, familie, en meer.

De term fatwa is wat mij betreft ongelukkig gekozen, maar aan publiciteit juist daarom geen gebrek voor het initiatief van Tofik Dibi. Het is een oproep aan gematigde moslims om hun geloof niet langer te laten gijzelen door de radicale en extremistische krachten:

Wij redelijke moslims uit alle hoeken van de wereld willen één van ons meest waardevolle bezittingen ons weer eigen maken. Dat is het meest waardige eerbetoon dat wij kunnen geven aan alle slachtoffers van extremisten en ook aan hen die op dit moment vechten voor vrijheid en democratie in de Arabische wereld. Door vrij van angst onze eigen godsdienst, gedachten en geweten terug te eisen.

De ondersteuners van deze laatste fatwa willen laten zien dat zij gelovigen met ‘een eigen hart, een eigen ziel, een eigen geest en een eigen geweten’ zijn. Dit in contrast met de dogma’s die strenggelovigen in eigen kring aanhangen én met de eenzijdige manier waarop criticasters de islam portretteren.

De frustratie dat het beeld van de islam bij velen wordt bepaald door een een kleine groep fanatici, kan ik mij levendig voorstellen. Als christen moet ik er ook niet aan denken dat anderen bij mijn geloof vooral zouden denken aan activisten die abortusklinieken aanvallen, ouders die hun kinderen weigeren in te enten of predikers die homo’s de hel in wensen. Het kunnen inderdaad een paar doorgeslagen types zijn die het verpesten voor al die andere goedwillende gelovigen. Maar ik geloof niet dat de oplossing dan is om je eigen veilige hoekje met gelijkgezinden te claimen en vervolgens te doen alsof je je geloof daarmee hebt kunnen terug eisen.

Er zit een merkwaardige spanning in de manier waarop in de petitie van Dibi en collega’s tegen geloof wordt aangekeken. Aan de ene kant heeft het een duidelijke collectieve boodschap: wij gematigden nemen gezamenlijk het roer weer over en bevrijden het geloof uit dogma’s, fatwa’s en verzetten ons tegen extremisme. Maar het eindigt met een uitgesproken individualistische toonzetting, waarin het eigen denken en het eigen geweten voorop staat. Wat blijft er in die interpretatie over van het gezamenlijk beleven van het geloof, in het samen opstellen en navolgen van leefregels? Want wie het geloof terugeist van de radicalen, moet daar tegenover wel een eigen verhaal hebben: welke ideeën en opvattingen binden de ‘redelijke moslims uit alle hoeken van de wereld’? Er moet iets zijn wat uitstijgt boven de individuele beleving van dat geloof.

Daar zit het moeizame van geloven, daar wringt, schuurt en bijt het. Want net zo min als ik kan ontkennen dat gekke activisten en dwaze predikers een beroep doen op dezelfde God in wie ik geloof, kunnen de ‘redelijke moslims’ om de pijnlijke constatering heen dat de kapers van 11 september dat deden met een beroep op Allah. Er zitten grenzen aan de mate waarin we onze eigen God en onze eigen godsdienst naar onze smaak kunnen modelleren. We zullen in onderlinge confrontatie en discussie de vraag moeten beantwoorden hoe het toch kan dat we terwijl we het allemaal over God of Allah hebben, daar in ons denken en handelen zo verschillend invulling aan geven.

Die discussie is moeilijk, omdat het betekent dat je niet als ‘redelijke’ christen of moslim kunt zeggen: zij hebben het niet begrepen en onze manier van geloven is de enige die klopt. Dat is dezelfde morele of ideologische superioriteit die – terecht – juist de fanatici en de criticasters wordt verweten. Zoals het zwarte schaap dat ondanks alles familie van je blijft, zullen we moeten accepteren dat anderen die op zo’n fundamenteel andere – en vaak in jouw ogen verwerpelijke – manier geloven van dezelfde gemeenschap deel uitmaken.

maandag, 5 september 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Oud papier

In weblog, zomaar een mening, app, columns, eerste, facebook, fiets, keuken, kranten, en meer.

Voor een deel ligt het zonder meer aan mezelf. Mijn methode van oud papier verzamelen en wegbrengen is wat omslachtig. Eerst maak ik een stapel in de woonkamer van enveloppen, kranten, tijdschriften en ander uitgelezen of ongelezen papier. Daarna gaat een en ander in een plastic zak die een tijdje ofwel in de keuken ofwel voor de deur in het trappenhuis mag staan. Als ik genoeg moed heb verzamel, neem ik twee of drie tassen vier trappen mee naar beneden om ze een plek te geven in de berging, zodanig dat mijn fiets er nog net naast past.

Maar wanneer ik dan eindelijk toe ben aan de afrondende fase en met flink wat papier over straat loop te zeulen, is de frustratie wel erg groot als ik weer moet constateren dat de papierbak overvol is. Mijn eerste neiging is om rechtsomkeert te maken en de zakken terug te leggen waar ik ze vandaan had. Meestal breng ik echter de discipline op nog wat extra meters te maken naar de volgende papierbak. Het komt een enkele keer voor dat ook daar niks meer bij kan en ik voor optie drie moet gaan. Inmiddels neem ik het zekere voor het onzekere en loop ik alvast onbepakt even langs de papierbak om te kijken hoe hij ervoor staat.

Ongetwijfeld ben ik niet de enige met een dergelijke frusterende ervaring. Ergens ben ik natuurlijk blij dat mijn buurtgenoten zo enthousiast papier scheiden en wegbrengen, maar zouden zij dat niet wat gelijkmatiger over alle bakken kunnen verdelen? Het eenvoudigst zou uiteraard zijn wanneer het stadsdeel populaire papierbakken van een collega zou voorzien, of vervangen door een groter exemplaar. Een keer vaker ophalen vind ik ook goed.

Tot het zover is, zou een app waarmee je op je telefoon kunt zien welke bakken vol zijn of dreigen te raken, erg welkom zijn! Dan weet ik bij code-rood tenminste welke kant ik niet op hoef te lopen. Scheelt heel wat onnodige meters.

Reacties op Oud papier

Door: Rob Alberts op 10 september 2011, 00:38

Jouw blog lezend komen nostalgische gedachten naar boven. Langer geleden kwamen de voetbalclubs eerst aankondigen en daarna ophalen. En iets dichterbij het inzamelen door de kinderboerderijen met een aanvullende stadsdeelsubsidie.
Maar een sensor zodat volle papiercontainers automatisch geleegd worden lijkt mij een mooie oplossing.
Het niet direct afstand kunnen doen van oud papier herken ik wel.
Vriendelijke groet

Door: Harmen op 12 september 2011, 14:47

Dat was in mijn dorp ook nog zo: de kerk en de voetbal voor al uw oud papier!

Door: Onno op 12 september 2011, 21:19

Ach Harmen, een beetje beweging kan nooit kwaad, toch? ;-)

Door: HallDORTHY26 op 14 september 2011, 21:36

The credit loans are essential for people, which are willing to start their own career. In fact, it is not really hard to receive a small business loan.

maandag, 29 augustus 2011

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Heeft aanbesteden nog wel zin?

In weblog, zomaar een mening, columns, facebook, openbaar vervoer, procedure, regio, utrecht, vanaf, en meer.
Vandaag werd bekend dat na een slepende juridische procedure Qbuzz het openbaar vervoer in de regio Utrecht vanaf volgend jaar december overneemt van Connexxion. Ik heb me niet verdiept in de veranderingen of verbeteringen die Qbuzz wil gaan doorvoer

Aantal berichten op deze pagina: 22. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 3946 uur (164,4 dagen). Berichtgemiddelde: 0,1 bericht per dag, 0,9 per week.