woensdag, 1 februari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Bismarck spreekt


Bismarck heeft gesproken en we hebben hem nu eindelijk in het echt kunnen horen. Vorig jaar werden enkele 122 jaar oude geluidsopnamen uit het laboratorium van de Amerikaanse uitvinder Thomas Edison ontcijferd. Groot nieuws want eindelijk kon worden bewezen dat de rijkskanselier Otto von Bismarck geen piepstemmetje had, zoals vaak werd verondersteld.

In 1878 vroeg de Edison een patent aan op zijn fonograaf, waarmee hij geluid kon opnemen en weer kon afspelen. Edison gebruikte daarvoor zogenaamde wasrollen, een mengsel van paraffine en bijenwas. In 1957 werden enkele oude wasrollen uit Edisons erfenis gevonden, maar het duurde tot vorig jaar dat eindelijk het verhaal achter de geluidsopnamen duidelijk werd.

In 1889 en 1890 reisde Theo Wangemann, een Duitse medewerker van Edison, naar Europa om de fonograaf te demonstreren en om de hoge kringen van het belang ervan te overtuigen. Wangemann reisde naar de Parijse wereldtentoonstelling en vervolgens naar Berlijn. In september 1889 demonstreerden Wangemann en de inmiddels ook naar Duitsland gevaren Edison de fonograaf aan het hof van keizer Wilhelm II in Potsdam. De keizer was enthousiast, maar weigerde in het apparaat te spreken. De zevenjarige kroonprins mocht wel wat zeggen.

Lees verder op mijn nieuwe blog en beluister de stem van Bismarck: Denk ik aan Duitsland...

Erik de Graaf

dinsdag, 31 januari 2012

Léon Dekkers

Léon Dekkers

Hyves Twitter

Crisis!? Wat nou crisis!

In crisis, lisboa, lissabon, portugal, werk, elektrische fiets, ipad, iphone, minimum loon, en meer.

 

Nederland in crisis

 

Het meest gebruikte woord van de afgelopen jaren is ongetwijfeld: crisis.

We horen ook niet anders dan dat we in de ergste crises ever leven.

Ik moet zeggen dat is ook zo. Het is vreselijk, in Nederland dan.

Immers alles is duurder sinds de euro. Zo is het echt vreselijk duur geworden om een nieuwe fiets te kopen. Vroeger koste dat bijna niets een fiets. Zo’n ding had een ketting en hooguit 3 versnellingen. Nee, dat is wel anders nu. Fietsen doen Nederlanders steeds minder zelf.  De vraag naar elektrische fietsen is haast niet meer bij te houden. Kost wat meer maar scheelt weer een hoop inspanning. Klagen doe je dan als er bij de supermarkt geen plek meer is aan het laadpunt. 

Bellen is ook al zoveel duurder. Jaren geleden kreeg je bij je GSM abbo een Nokia toestel, gratis. Het ding kon bellen en SMS-en en soms had je een spelletje. Dat is ook al veeeel  duurderder geworden. Minder dan een iPhone of Samsung Galaxy kan echt niet. Uiteraard ook wel gewoon een nieuw model dat andere is zó 2010!

Maar zo’n scherm is wel wat klein als je ‘s avonds op de bank hangt voor je full HD flatscreen. Gelukkig is daar dan de iPad. Echt gewoon onmisbaar!

 

Dagelijkse boodschappen dan? Dat is echt duur in Nederland, toch?! Ook al stierenpoep, boodschappen zijn in Nederland zowat zo duur als 10 jaar geleden. Toch zijn er niet veel mensen die evenveel verdienen als 10 jaar geleden.

 

Zuid-Europa moet niet zeuren! Gewoon werken en niet zeuren! Best vreemd is dan weer wel dat Nederlanders zo’n beetje het minste werken van heel Europa. 

 

 

Portugal

 

Een stukje perspectief dan maar. Hoe de rest van het zonnige Zuiden er precies voorstaat weet ik ook niet. Ik kan wel waarnemen hoe het hier in Portugal gaat.

 

Om te beginnen is er natuurlijk salaris. Minimum loon is 550 euro, pensioen bedraagt gemiddeld zo rond de 400 euro. Dat is dan als je het krijgt want steeds vaker meldt het journaal dat er mensen zijn die een maand geen salaris ontvangen omdat het er gewoon niet is.

Nou zegt het inkomen niet zo veel als het prijsniveau onduidelijk is. Veel wordt gedacht: ach ze verdienen minder maar alles is er ook goedkoper. Dat lijkt ook zeker zo als je hier op vakantie komt. De hotels zijn relatief goedkoop en de prijzen in de horeca zijn voor Nederlandse begrippen gewoon lachwekkend. Maar….

Supermarkten zijn duurder en dankzij de de IVA (BTW) verhogingen nog duurder. De wegenbelasting is veel lager, maar wij betalen hier ook nog tol en de benzine en diesel zijn haast gelijk in prijs. In Portugal betalen we meer voor elektriciteit dan we deden in Nederland. Gasleidingen liggen haast nergens en dus hebben we dure gasflessen.

Huizen zijn even duur als in Nederland en de hypotheken zijn gebaseerd op Europese rentes. Etc, etc..

Een simpele rekensom leert dan dat een maand overleven meer geld kost dan dat er verdiend wordt.

 

Hier in ons dorp is de crisis goed voelbaar. Overdag zie je mensen hangen bij het bushok naast het voetbalveld, werkloos. De huizen zijn in steeds slechtere staat. De verf bladdert af en sommige daken zijn met grote zekerheid niet meer waterdicht. De mensen praten ook niet over veel anders meer. 

De mensen die wel werken verdienen in veel gevallen minder dan een jaar geleden. De salarissen zijn gereduceerd en de uren opgehoogd. Omdat de vergrijzing ook toeslaat op het platteland van Portugal hebben veel mensen een pensioen. Ook die zijn naar beneden bijgesteld, maandelijks zo’n 8% minder en geen vakantie- en kerstgeld. 

Dat betekent dat onze oude buurvrouw maandelijks haar pensioentje gaat ophalen in de stad. Diezelfde dag gaat ze van dat geld haar rekeningen betalen van water, stroom, telefoon, etc.. Nog de dag is het geld dan dus gewoon op. Nog maar 30 dagen te gaan…

Diefstal neemt toe. Er wordt ingebroken in huizen maar ook in de supermarkt. Daar werden deze week alle gasflessen gestolen. Hierdoor zitten er nu mensen zonder gas. Veel ouderen hebben namelijk geen auto of ander vervoer en komen het dorp nooit uit.

In de supermarkt hoorde ik het verhaal van iemand waar ‘s nachts 30 kippen en kalkoenen zijn gestolen.

 

De meeste mensen zijn nu druk bezig met het verbouwen van het eigen voedsel. Moestuinen worden dagelijks bijgehouden en verschijnen zelfs op braakliggende terreinen en langs de snelweg. Helaas is het een extreem droge winter en is er een ernstig water tekort aan het ontstaan…

 

 

Share

maandag, 30 januari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Denk ik aan Duitsland...


Denk ich an Deutschland in der Nacht,
Dann bin ich um den Schlaf gebracht.


Het zijn ongetwijfeld Heinrich Heines beroemdste dichtregels, die hij in 1843 in Parijs schreef. Duitsland hield hem uit zijn slaap, maar in het gedicht Nachtgedanken niet zozeer vanwege het politieke klimaat en het antisemitisme, dat hij al in 1831 ontvlucht was. Al twaalf jaar had hij zijn oude moeder niet gezien en in zijn lange afwezigheid waren al vele geliefden gestorven.

Nog in hetzelfde jaar 1843 voerde de Heimweh Heine van Parijs naar zijn moeder in Hamburg. Zijn reis legde hij vast in Deutschland. Ein Wintermärchen, waarin de liefde voor de Heimat veelvuldig tegenover de afkeer staat. Prachtig beschrijft Heinrich Heine hoe de Pruisische douane vergeefs in zijn bagage zoekt naar verboden boeken, maar dat hij al zijn illegale gedachtengoed in zijn hoofd zit. “Mijn hoofd is een tsjilpend vogelnest van in beslag te nemen boeken”.

Lees meer over Heinrich Heines reis naar Hamburg en over de geur van Duitslands toekomst op mijn nieuwe blog Denk ik aan Duitsland...

Erik de Graaf

zondag, 29 januari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Last.fm Twitter

Gewoon groen

In de NRC stond een mooie column van Bas Heijne over natuur. Als ik goed ben geïnformeerd, heeft hij deze column ook voorgedragen op een bijeenkomst van natuurbeheerders in het bijzijn van Henk Bleker en heeft de laatste op de van hem bekende wijze daarop gereageerd. Namelijk dat hij het er helemaal mee eens was, maar intussen een beleid uitvoert dat er diametraal tegenover staat. Als GroenLinkser vind ik het lastig om toe te geven, maar ik moet constateren dat groen uit is. Er wordt op een nietsontziende manier bezuinigd op natuur, in een omvang waarbij de kortingen op cultuur en PGB verbleken. Maar de meeste Nederlanders lijkt het nogal weinig te kunnen schelen. De paar protestacties die er zijn geweest, hebben in elk geval niets uitgehaald.

Mijn partij voerde ooit de slogan: knokken voor kwetsbaar is. En als iets dezer dagen kwetsbaar is, dan is het wel de natuur. In tijden waarin alles geëconomiseerd wordt en uitgedrukt in bijdrage aan het bruto nationaal product, delft natuur snel het onderspit. Helaas heeft links en groen daar zelf ook aan bijgedragen, door natuur te framen als economische factor. Het is immers zo mooi te wonen in een stad waar de natuur op 10 minuten rijden met de auto is, het is zo aantrekkelijk voor een multinational zich te vestigen in een groene omgeving, de groene economie levert banen op. Helemaal onwaar is dat uiteraard niet, maar het gaat voorbij aan de intrinsieke waarde van groen.

We zijn helaas wel vergeten de natuur te prijzen, niet omdat het aan allerlei andere doelen bijdraagt, maar omdat het groen is. We hebben ons zo aan het discours van andere politieke partijen aangepast, dat de boodschap van biodiversiteit, van groen te midden van alle verstening, langzaamaan overwoekerd is. Durven we nog wel de consequente en misschien impopulaire keuze te maken op te komen voor diersoorten zonder hoge knuffelwaarde en voor planten die de doorsnee tuinier uit de grond zou trekken?

Ik denk dat de strategie om natuur en groen via een omweg te verdedigen en te beschermen, keihard tegen haar grenzen is aangelopen. Dat het tijd wordt om groen weer groen te maken en dat verhaal, niet technisch, niet specialistisch, niet eenkennig, overtuigend uit te dragen.  Nu nog de juiste taal daarvoor vinden en niet te vergeten de juiste mensen.

 

zaterdag, 28 januari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

De "ontaarde" danseres


Hoog op haar sokkel staat een naakte danseres van 65 centimeter in een zaal van het Nieuwe Museum in Berlijn. De ogen terneergeslagen, alsof ze nog moet wennen aan het felle licht. De danseres is van messing, maar als ze van vlees en bloed was zou ze ons veel te vertellen hebben.

In 1926 werd ze gemaakt door de beeldhouwster Marg Moll, die in 1884 als Margarethe Häffner in de toen Duitse Elzas werd geboren. Aan het begin van de twintigste eeuw leerde ze schilder Oskar Moll kennen, met wie ze tot na de Tweede Wereldoorlog in Berlijn, Parijs, Wroclaw (het indertijd nog Duitse Breslau) en Düsseldorf woonde. Als beeldhouwster ontwikkelde Marg Moll zich van het realisme tot de abstracte kunst. De kubistische danseres werd in de jaren twintig verkocht aan een museum in Breslau, dat het eerst tentoonstelde en vervolgens in depot bewaarde.

In 1937 en 1938 werd de danseres met 650 andere door de nazi’s in beslag genomen kunstwerken vertoond op de tentoonstelling van Entartete Kunst. Alle tentoongestelde kunstwerken beledigden volgens opperpropagandanazi Goebbels “het Duitse gevoel”. In München trok de tentoonstelling twee miljoen bezoekers, veel meer dan een gelijktijdige expositie van door de nazi’s gepropageerde kunst. Na München was de ontaarde kunst in Berlijn, Wenen en tal van andere Duitse steden te zien. Na afloop van de tournee werden veel kunstwerken aan buitenlandse musea verkocht, in kelders opgeslagen of, als zich geen kopers voordeden, vernietigd.


De danseres van Marg Moll werd opgeslagen in een kelder in het centrum van Berlijn. Een keer werd het beeld daar uitgehaald voor een bijrol in de propagandafilm Venus vor Gericht (1941), die tegen de Entartete Kunst was gericht. In de bommenregens op het centrum van Berlijn aan het einde van de Tweede Wereldoorlog verdween de kelder onder metersdik puin.

De danseres was verdwenen en werd vergeten. Totdat in 2010 bij archeologisch onderzoek bij de bouw van een nieuwe metrolijn bij de Alexanderplatz elf beelden uit een ingestorte kelder werden opgegraven, waaronder Molls danseres. Sinds november 2010 staat ze met tien andere geredde slachtoffers in het 64 jaar na de bombardering heropende Neue Museum.

Erik de Graaf

donderdag, 26 januari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Torenval in Warffum

In warffum, reis door mijn boekenkast, energie, maatschappij, afval, bibliotheek, fictie, koningin, lezen, en meer.

Eerder deze week schreef ik over de bezetting van een boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, de NAM, op 25 januari 1977. De sensationele actie, die veel publiciteit kreeg, wordt beschreven in een hoofdstuk van de roman Torenval van Jan Folkerts. Vijfendertig jaar geleden was Folkerts de journalist van de Nieuwe Revu, die als een van de vijf actievoerders een dag in de 34 meter hoge boortoren zat. Gisteren was hij opnieuw in Warffum om in de bibliotheek uit zijn debuutroman voor te lezen.

Atoomtegenstanders vermoedden in 1977 dat de NAM vanuit een proefboorlocatie in Warffum onderzoek deed naar opslagmogelijkheden voor radioactief afval in de zoutkoepels onder Pieterburen, een kilometer of acht westwaarts. Vijf actievoerders klommen met proviand voor een dagenlang verblijf in de 34 meter hoge boortoren, tot stomme verbazing van de NAM-werknemers en de plaatselijke autoriteiten. In het Provinciehuis in Groningen werd een crisiscentrum opgericht onder leiding van Commissaris van de Koningin Toxopeus. “Voor vijf mensen met vreedzame bedoelingen in een boortoren tuigen ze de boel wel heel erg op”, schamperden de actievoerders in de roman.

Afgelopen zondag schreef ik al dat het mij niet altijd duidelijk was waar de roman op waargebeurde feiten berustte en waar de fictie begon. Een volgens de roman gebeurd ongeluk met grote gevolgen kon niet in overeenstemming met de werkelijkheid zijn, want dan lag dat nog veel verser in de collectieve Warffumer herinnering.

Wie zou ik kunnen vragen om de regionale versie te horen? Ik besloot oud-burgemeester Ayolt Kloosterboer van Warffum te bellen. De inmiddels 96 jaar oud-bestuurder herinnerde zich de actie nog als de dag van gisteren. Zo vaak was er tenslotte niet zoiets aan de hand in het 2500 inwoners tellende dorp. Hij vertelde me over de risico’s, die de actievoerders hadden gelopen. Ze wisten bijvoorbeeld niet dat de NAM elk moment op twee kilometer oer het aardoppervlak het gas kon bereiken, vertelde Kloosterboer. "Als het boorgat dan niet op tijd zou worden toegedekt bestond er een gevaar op een zogenaamde blow out, waarbij gas aan het aardoppervlak komt”, aldus Kloosterboer. Dat was de reden dat het crisisteam de actie zo snel mogelijk wilde beëindigen. Of de arbeiders van de NAM zich van dat gevaar bewust waren valt te betwijfelen als je op oude filmpjes ziet hoe ze naast het boorgat staan te roken.

In Groningen werd enkele uren na het begin van de actie besloten om de bezetters met een brandspuit uit de boortoren te jagen. Kloosterboer weigerde dat bevel op te volgen. Hij wist dat dat met de kou en de snijdende wind op een smalle, 34 meter hoge toren te gevaarlijk was. Ter plekke werd op zijn initiatief een hoogwerker in elkaar gelast, waarmee de bezetters in de loop van de avond naar beneden werden gehaald. Toen Kloosterboer ’s avonds bij het crisiscentrum in Groningen verscheen begroette Commissaris van de Koning Toxopeus hem met de woorden “daar is de man die mijn bevel niet heeft opgevolgd”. Kloosterboer antwoordde dat het wél goed was afgelopen, waarop Toxopeus hem feliciteerde en zei dat hij het goed had gedaan.

De boortorenbezetters werden de volgende ochtend vrijgelaten. Dezelfde dag bereikte de NAM het gas onder Warffum. Volgens Kloosterboer had het slecht kunnen aflopen als dat tijdens de bezetting was gebeurd. De actievoerders waren zich daarvan niet bewust. In de roman komt het niet aan de orde.

Erik de Graaf

vrijdag, 20 januari 2012

John Jorna

John Jorna

Station Driebergen-Zeist in de toekomst

NOG WAT PUNTJES OP DE I NODIG

De verbinding tussen Zeist en Driebergen, de Driebergseweg – Hoofdstraat, is een weg met hindernissen. Er zit een dubbele op- en afrit van de A12 in en een overweg bij station Driebergen-Zeist. De kruising met de A12 wordt nu verruimd in het kader van de verbreding van de A12. Het Bunnikse Bedrijf BAM heeft er een mooie klus aan nu er nog maar weinig woningen en gebouwen kunnen worden gebouwd. Die verbreding hakt er letterlijk goed slecht in, want er zijn heel wat bomen gesneuveld. Elke keer als ik er dan weer langs fiets, denk ik: “Hoe lang blijft die benzine nog betaalbaar voor de gemiddelde automobilist?” De vraag neemt enorm toe en het aanbod stijgt te weinig. Het winnen van de aardolie wordt steeds kostbaarder. Komt er een moment, dat die A12 er grotendeels ongebruikt bij ligt?

Daarom is het maar goed, dat er tegelijk gewerkt wordt aan verbetering van het spoor. Bij station Driebergen-Zeist komen straks vier sporen en gaat de Driebergseweg onder het spoor door. De vier sporen maken het mogelijk, dat intercity’s hier een stoptrein passeren en zo kunnen er straks meer treinen rijden tussen Utrecht en Arnhem en tussen Utrecht en Veenendaal en Rhenen. Die snelsporen komen aan de buitenkant te liggen en middenin komt een breed eilandperron waar aan weerszijde treinen kunnen stoppen. Onder de sporen en het perron komen de fietsenstalling en het stationsgebouw en een doorgang voor fietsers en voetgangers. Via een trap en een lift kan men op het perron komen. Tijdens een informatieavond merkte iemand op, dat als er iets flink fout gaat op een van de sporen ter hoogte van de trap er geen andere vluchtweg is voor de mensen op het eilandperron dan over de sporen. Mijn conclusie was, dat er nooduitgangen moeten komen aan de oost- en de westkant van het eilandperron. Aan de oostkant zou een (beweegbare) trap kunnen komen naar het fietspad aan de oostkant van de Driebergseweg. Dat fietspad ligt hoger dan de weg voor de auto’s. Meer westelijk zou de vluchtweg via een tunnel naar de parkeergarage kunnen lopen.

Die parkeergarage voor 800 auto’s is nog niet definitief op de plek gesitueerd. De kantoren aan de huidige Stationsweg moeten er voor wijken. Er is veel leegstand bij kantoren. Een nieuwe locatie vinden lijkt geen probleem, maar het moet ook financieel rondkomen. Uit de woorden van de gedeputeerde maakte ik op, dat hij rond dit station meer activiteiten wil. Het huidige P+R terrein zou daar ruimte aan bieden, maar ik vrees, dat er ook verlekkerd wordt gekeken naar tuincentrum en kwekerij Abbing. Voor sommige mensen zijn kantoren veel mooier dan een kwekerij met bloemen en planten.

Het is wel zeer wenselijk, dat er meer parkeermogelijkheden komen. Ik verwacht ook, dat er meer treinforensen zullen komen als het auto rijden te kostbaar wordt. Het is mij niet duidelijk geworden of het perron vanuit de parkeergarage rechtstreeks bereikbaar is. Het lijkt mij zeer wenselijk. Of een lift dan ook nog rendabel is zou men moeten nagaan. De Heuvelrug kent veel instellingen voor ouderen en mensen met een beperking. Camera’s zullen in de parkeergarage en de tunnel naar het perron voor veiligheid moeten zorgen.

Voor fietsers is de situatie vergeleken bij het vorige ontwerp verbeterd. De route Odijk – Zeist wordt dagelijks gebruikt door tientallen scholieren en mensen, die met de trein naar hun werk gaan. Hij maakt ook deel uit van de landelijke fietsroute LF4. Vergeleken bij het vorige ontwerp is de route veel veiliger geworden voor fietsers. Als zij vanuit Odijk rechtsaf moeten over een “Nieuwe Stationsweg” moeten ze alleen verkeer van rechts voorrang verlenen. Deze T-kruising zou wat veiliger kunnen worden door een plateau. Tot het kruispunt bij de Breullaan is er geen kruising meer met doorgaand autoverkeer. Wel moeten ze omlaag onder het spoor door en weer omhoog. Onder de sporen en het perron is ook de fietsenstalling. Dus moet er voor de toegang voldoende ruimte zijn zodat de doorgang op het fietspad niet wordt versperd. Ik merkte ook, dat ik redelijk comfortabel naar het fietspad door het landgoed Willinkhof kan fietsen. Maar men hoopt, dat alles klaar zal zijn in 2020 en dan zou ik 85 jaar jong zijn. Of ik dan nog kan fietsen? Ik hoop het mee te maken!

Jaargang 4, Nr. 198.

donderdag, 19 januari 2012

Saskia van der Werff

Saskia van der Werff

Twitter

Uitgedaagde sukkel! #WOT 3

In filosofie, humor, uitdagen, wot, #wot, de wereld, fictie, gedachte, kunst, en meer.
Mijn hond Valentino beheerst de kunst van het uitdagen tot in de puntjes van zijn pootjes. Met zo’n schattig scheef koppie kijken, zijn frisbee naast me op de grond leggen,  zijn neus voorzichtig tegen mijn been duwen, luidruchtig gelukkig zijn als mijn auto richting bos afslaat….. En ik ben zo’n sukkel die daar op ingaat. Eigenlijk tegen beter in, want de wetten van de Mechelse herder staan als een rode vlag in mijn geheugen gegrift. Maar wat doe ik als ik geconfronteerd wordt met regel 10 “Als ik iets aan stukken scheur, zijn alle stukjes van mij’? Ik kan mijn lachen niet inhouden. Met mijn lachen daag ik Valentino nog meer uit en vele stukjes plastic vliegen om mijn hoofd. Beiden breed lachend! Waarom toch laat ik me door een hond uitdagen?
      Deze vraag prikkelt mij op zoek te gaan naar de kracht van het uitdagen.  Wat doet Valentino toch zo goed? Waarom val ik als een sukkel voor zijn geblaf, gepiep, gekwispel, gestaar? Omdat hij mij in mijn hart raakt, en mijn hart laat zich makkelijk verleiden. Maar wil dit dan zeggen dat als iemand mij niet in mijn hart raakt, een uitdager geen voet aan de grond krijgt? Er zijn meerdere manieren om iemand uit te dagen naast verleiding. Humor kan dat ook. Ik weet niet precies waar humor mij raakt, maar de lach bevrijdt en prikkelt tegelijkertijd. Een klein grapje ter illustratie:

“Een multinationale onderneming zoekt per advertentie een secretaresse. Een mechelse herder solliciteert, komt door de typetekst en krijgt een gesprek. ‘Spreekt u ook een of andere buitenlandse taal?’ vraagt de personeelschef. ‘Miauw’ antwoordt de hond.” (uit Plato en zijn kornuiten van Cathcart&Klein)
      Wat dit grapje voor mij zo interessant maakt is de eenvoudige vermenging van werkelijkheid en fictie. Iedereen weet dat honden niet kunnen typen, noch miauwen, en zeker geen personeelsadvertenties kunnen lezen. Toch daagt een grapje uit. Het kan het begin zijn van een ‘Wat als…..’. gedachte-experiment. Dit grapje is voor mij interessant omdat het veel overeenkomsten vertoont met de filosofie. Zowel het grapje als filosofie zijn erop gericht ons in verwarring te brengen. Wat voor de moppentapper de clou is, is voor de filosoof inzicht. En daarom houd ik zo van filosofie: het daagt mijn geest uit paden te bewandelen waar ik niet eerder ben geweest. Mag ik je uitdagen: wandel met mij mee in de wereld van de sukkels!
 

Mijn hond Valentino leeft regel 10 na
* #WOT Write On Thursday. Dat is waar #WOT voor staat. Een initiatief van Karin Ramaker. Iedere donderdag presenteert zij een woord waarmee vele bloggers aan de slag gaan. Deze week het woord "Uitdagen".

woensdag, 18 januari 2012

Evelien van Roemburg

Evelien van Roemburg

Hyves Linkedin Twitter GR DWARS

is het al 2013?

In algemeen, 2012, 2013?, central park, echr, kerst, new york city, oudejaarsavond, publiceren, en meer.

Jezus, het is bijna 22 januari en dan heb ik een maand niet geblogd. Nu is het bijhouden van dit weblog niet mijn raison d’être, maar ik kan niet ontkennen dat een licht knagend schuldgevoel zich van mij meester begint te maken.

vlakbij het WTC

Ik heb uiteraard niet een maand ondergedoken gezeten. Zo was er de laatste gemeenteraadsvergadering die 18 dagdelen ofzo duurde; er was kerst die zowel in Limburg als in Bussum gevierd werd; er waren twee hoofdstukken van mijn proefschrift die vóór 1 januari ingeleverd moesten worden (gelukt!); er was een vakantie in New York waar ik met M een auto huurde, in Central Park rondliep, mijn oude universiteit bezocht, oudejaarsavond in Brooklyn vierde en belachelijk veel films heb gekeken; er waren een paar initiatiefvoorstellen met D66 en VVD die wel ok waren; en nu is er een noot die geschreven moet worden over een uitspraak van het Europees Hof van de Rechten van de Mens - mijn eerste publicatie, hoezee!

Ondertussen kabbelt het gemeenteraadswerk een beetje voort. Ik heb nog wat initiatiefvoorstellen in de pijpleiding zitten, maar ik twijfel over het indienen: ze gaan niet echt over de grote dingen des levens. Een beetje cultuureducatie hier, een beetje sporten daar, iets leuks met ouderen en dieren: het zet niet echt zoden aan de dijk, het zet Amsterdam niet op z’n kop, het verandert de status quo niet. Wat is dan het nut van indienen? Zeker nu er op ambtenaren wordt bezuinigd moeten wij gemeenteraadsleden misschien ook eens leren diezelfde ambtenaren niet urenlang bezig te houden met nutteloze schriftelijke vragen of particuliere hobbies – of die nu van linker- of rechterzijde komen.

Ik zoek dus nog even door naar het antwoord op de grote vraag. Ik ga ‘m dit jaar heus wel vinden, maar tot die tijd wens ik u een goed uiteinde van de maand januari en een heel gezellige en gezonde februari.


donderdag, 12 januari 2012

Rien Honnef

Rien Honnef

Twitter GR

Beste ANWB

In algemeen, anwb, prijsverhoging, wegenwacht, auto, campagne, euro, nederland, persoonlijk, en meer.

Beste ANWB, Al vele jaren ben ik lid van uw organisatie. Al sinds 1981 om precies te zijn. Inmiddels dus ruim 30 jaar. Met enige trots moet ik er bij bekennen. En al die jaren ben ik ook in het bezit van een auto. Slechts een korte periode beschikten mijn vrouw en ik over twee auto’s. En het was altijd zo, en zeker in de beginjaren, dat het lidmaatschap van de ANWB weliswaar een persoonlijk lidmaatschap was, maar je profiteerde er beide van. Mijn echtgenote dus ook wanneer ze met de auto onderweg ging. De ANWB kaart is dan ook altijd standaard in de auto aanwezig. Een paar jaar geleden begon echter de discussie; mocht dat wel, met z’n tweeën gebruik maken van 1 kaart? Eigenlijk niet, aldus uw organisatie. Maar, zo leerde mij telefonisch desgevraagd, een ANWB/Wegenwachtmedewerker zou er niet echt moeilijk over doen. En dat deed men ook niet twee of drie jaar geleden toen mijn echtgenote met pech bij een pompstation langs de snelweg stond. Ze werd prompt geholpen. En ik verwachtte ook niet anders. Op ‘mijn’ ANWB kaart stond ook keurig netjes alleen R. Honnef. Nou, daar kun je, m of v, alle kanten mee op. Dit jaar niet meer. Sinds 2012 prijkt er keurig netjes Dhr. R. Honnef op de kaart. En daarnaast is er ineens een reclamecampagne van de ANWB voor het ‘partnerlidmaatschap’ voor nog geen 3 euro per jaar maand (32 per jaar om precies te zijn). Nu is het lidmaatschap van de ANWB + Wegenwacht Nederland 67 euro per jaar. En met de 32 euro per jaar er bij een verhoging van bijna 50%, wanneer je gehuwd bent en beide personen gebruik maken van dezelfde auto. U geeft in de campagne wel netjes aan dat het handig is voor als de partner zelf ook een auto heeft, maar toch, ik ben wel benieuwd naar de uitwerking van én de toevoeging Dhr. op mijn kaart én het nieuwe prijsplan wat u heeft bedacht voor de partner. Het heeft toch alle schijn in zich dat u eerdaags mijn echtgenote binnenkort niet meer laat ‘meeliften’ op wat mijn kaart heet te zijn.

woensdag, 11 januari 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Jarig

In suus schrijft, drie jaar, jarig, suus, auto, eten, hoop, leuk, oma, en meer.

Bron: groetenuitrijnmond.nl

Eerst was Sinterklaas er. Toen was het kerstmis. Papa was jarig en daarna heel veel knal boem. En dan bent ik jarig. Morgen vroeg was het nog 4 nachtjes slapen. Toen drie nachtjes slapen en dan morgen vroeg bent ik jarig.

Als je jarig bent, dan krijg je allemaal cadeautjes. Dat is leuk. En dan komt iedereen taartje eten. En dan komen al mijn vriendjes en vriendinnetjes spelen. Ik vind jarig heel leuk.

Ik word al drie, dan ben je heel groot. Soms zegt papa of mama of oma nog ‘kleine meid’ tegen mij. Maar ik ben toch geen baby? Ik bent al heeeel groot. Ik zit ook al in de peutergroep op de crèche, niet meer op de gele groep. Ik doe ook netjes plasje en poepje op de weecee. Kan ik al zelf. Dan ben je toch groot? Ik hoeft niet meer luier. Alleen als ik naar bed ga, dan wil ik nog wel een luier. En tellen kan ik ook. Niet als Woezel, die zegt nog een, twee, vijf. Dat is niet goed. Een, twee, drie toch?

Op de crèche mocht ik ook trakteren. Cakejes en bellenblaas had ik meegenomen, samen met papa, in de auto. En toen deden alle kindjes zingen voor mij. Alleen was ik toen een beetje ziek. Gelukkig had papa mij toen opgehaald en kon ik lekker bij papa op de bank liggen. En mama kwam ook nog naast mij liggen in mijn bedje. Ik heb al een groot bed, ik ben zelf ook al groot. Bijna drie!

Linde is ook al drie. En papa was morgen vroeg ook jarig, papa is ook drie. Gijs niet, Gijs is vier. En ik word drie. Ik hoop dat ik heel veel cadeautjes krijgt.


dinsdag, 10 januari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Heinrich Zille


Tegen een blinde muur aan de Marheineckeplatz in het (toen nog) West-Berlijnse Kreuzberg zag ik ooit een reusachtige tekening van het Berlijnse volksleven in de jaren twintig. Onder de kleurige afbeelding stond de naam van de oorspronkelijke kunstenaar: "Heinrich Zille: 10.1.1858 - 9.8.1929". De Berlijnse volkstekenaar en fotograaf was toen net vijftig jaar dood.

Vandaag is het precies 154 jaar geleden dat graficus, lithograaf, schilder, tekenaar en fotograaf werd geboren. Hij groeide in armoede op, werkte jarenlang in een foto-atelier, maar kwam pas goed aan zijn eigen werk toe toen hij rond zijn vijftigste werkloos werd. "Ga liever de straat op. Kijk om je heen en teken", had zijn leermeester hem gezegd. Zijn sociaal-kritische weergave van het Berlijnse leven van het late keizerrijk en de Republiek van Weimar sloeg in als een bom.


"Moeder, als ik wil kan ik bloed in de sneeuw spugen", zegt een meisje op een van Zilles tekeningen trots tegen haar moeder. Of: “moeder, zet de twee bloempotten eens buiten. Ons Liesje zit zo graag in het groene”. De heersende klasse vond Zilles werk maar niks. "Die kerel ontneemt ons alle levensvreugde", becommentarieerde een officier uit het keizerrijk een Zille-tentoonstelling.

In het Nicolaïviertel in het centrum van Berlijn staat sinds zijn honderdvijftigste verjaardag, vandaag vier jaar geleden, een standbeeld van Heinrich Zille. Om de hoek is een Zille Museum. Alles in het oudste deel van de tegenwoordige wereldstad ademt Zille en zijn Berliner Milljöh. Sinds ik in 1979 de muurschildering op de Marheineckeplatz zag sta ik altijd even stil bij Heinrichs verjaardag. Al die tijd al is hij op de dag af een eeuw ouder dan ik. Proost!

Erik de Graaf

donderdag, 5 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Amerikanen rijden steeds minder

In met een gouden randje, auto's, economie, grenzen aan de groei, olie, olieprijs, peakoil, verkeer, vs, en meer.
Amerikanen rijden steeds minder in hun auto. En steeds minder jonge Amerikanen hebben een rijbewijs, volgens een onderzoek van het tijdschrift Traffic Injury Prevention. In 1983 had 46% van de 16 jarigen in de VS een rijbewijs. In 2008 was dat nog maar 31%. Van de 18-jarigen had 80% in 1983 een rijbewijs. Dat percentage [...]

dinsdag, 3 januari 2012

Ufuk Kahya

Ufuk Kahya

Twitter GR

“Onduurzaam, met een duurzaam randje”

Vliegen is onduurzaam. Toch ontkom je er als wereldburger niet aan. Op Trees for Travel kun je kijken hoeveel CO2 je uitstoot door een vlucht (en deze eventueel compenseren). Om een idee te geven, voor een retourtje London moet een boom in de tropen 66,5 jaar groeien. Voor een trip heen en terug naar de VS is dat ongeveer 660,5 jaren. Do the math…

Laatst moest ik ‘noodgedwongen’ (jammer dat je op de fiets niet overal kunt komen helaas) kiezen voor luchtvervoer. Tot mijn verrassing kreeg ik een e-ticket verzonden naar mijn telefoon. Daarin stonden alle belangrijke gegevens zoals vertrektijden en gatenummers vermeld. Daarnaast was er ook een digitale barcode. Hierdoor hoefde ik niets uit te printen. Bij het inchecken en douane, hoefde ik alleen mijn paspoort te laten zien en mijn telefoon (met op het scherm de barcode) door een scanner te halen. Ik kon meteen doorlopen. Als je nadenkt is dit alles erg 21. eeuw eigenlijk en niet meer slechts scenes uit een film.

Per jaar alleen al op Schiphol passeren er 45 miljoen reizigers. Dan is deze digitale instapkaart op je telefoon ten opzichte van de papieren voorganger toch nog een duurzaam randje van een onduurzaam gebeuren. De vraag die bij me opkomt, is hoe we in deze steeds meer globaliserende wereld onze (toenemende) mobiliteit kunnen verduurzamen? De auto-industrie is volop bezig met het ontwikkelen van hybride technieken, waarbij zelfs grote merken als BMW, Mercedes en Audi aan mee doen. Laatst was er in het nieuws te lezen dat er ook grote luchtvaartmaatschappijen bezig zijn met het terugdringen van de CO2 uitstoot, veroorzaakt door vliegverkeer. Ik zal daar eens in gaan duiken, misschien wel interessant voor mijn volgende post.

In het kader van het verbeteren van de luchtkwaliteit rijden er door het centrum van mijn stad ‘s-Hertogenbosch nu alleen nog maar electrische bussen. De zogenaamde ‘220 Xpress’. Een aangename vergroening van de binnenstad, die hopelijk snel wordt uitgebreid naar alle wijken van de gemeente.

Nu ik deze blog aan het schrijven ben, moet ik denken aan een presentatie die ik hield op de middelbare school over de ‘magneetzweeftrein’. Het was toen een blik naar te toekomst. Nu een uitgesteld verlangen…

***

zondag, 25 december 2011

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Het Eeuwige Tekort van het Huis van de Vrijheid

Het Huis van de Vrijheid, het nieuwe boek van Leidse filosoof Rutger Claassen is een van de meest moedige filosofische poging die ik ken: het uitwerken van een consistent politieke filosofie gebaseerd op autonomie, aan de hand van actuele casussen. Het is daarmee een filosofisch werk dat zich relevant maakt voor de politiek van vandaag. Ik wil in de komende blogs naar dit boek kijken.

In 2005 schreef Rutger een ander opvallend filosofisch werk: Het Eeuwige Tekort, waarin het begrip ‘schaarste’ centraal stond. Is Het Eeuwige Tekort consistent met de politieke visie die Claassen uitwerkt in Het Huis van de Vrijheid?

De Oude Claassen: Het Huis van de Vrijheid

Het Huis van de Vrijheid is in de kern een liberaal boek. Claassen noemt zich in dit boek liberaal, alhoewel hij opmerkt dat dat in het Nederland maatschappelijk debat meer verwarring oproept dan oplost. Liberalisme betekent voor Claassen het streven naar een zo groot mogelijke autonomie voor mensen dat betekent dat mensen zo vrij mogelijk moeten zijn om zelf te beslissen over hun eigen leven, maar dat Claassen erkent dat vrij zijn ook gepaard is met het hebben van bepaalde vermogens: baby’s zijn niet autonoom, want die zijn niet instaat om doelen voor zich te stellen of de gevolgen van hun handelen in te schatten. Autonomie-als-ideaal omvat zowel de vrijheid zelf te kiezen als de plicht van de gemeenschap om zorg te dragen dat iedereen de vermogens heeft om te kiezen. Overheidsingrijpen is in principe alleen gelegitimeerd als die autonomie vergroot.

In het boek onderzoekt Claassen in allerlei maatschappelijke casussen hoe dit autonomie-ideaal in elkaar steekt. Zo bespreekt hij ook de topinkomens in het bedrijfsleven. Claassen stelt voor dat topinkomens positionele goederen zijn: de waarde van een topinkomen zit niet zo zeer in het bedrag, maar destemeer in of het meer of minder is dan het inkomen van de buurman. Zo ontstaat er een wedloop tussen topmanagers die allemaal meer willen verdienen dan de andere manager: om zo een duurdere auto en een duurder huis te kopen. Dit zijn consumptiemiddelen die ook weer met name waarde hebben in wedijver.

Volgens oude Claassen mag de overheid niet ingrijpen: er is geen sprake van schade aan autonomie. Mensen kiezen er zelf voor om mee te doen in de ratrace. We doen elkaar geen schade aan door een duurdere auto dan de ander te kopen. Als de ander zich daardoor gekleineerd voelt en ook een duurdere auto wil kopen is dat zijn eigen verantwoordelijkheid. Zolang er geen aanwijsbare schade voor autonomie door wedijver tussen topmanagers komt is er voor Claassen geen reden om in te grijpen. Sociale grenzen aan de groei zijn geen geldige reden voor Claassen om in te grijpen. De overheid is neutraal ten opzichte van de inkomensstijgingen van individuen.

Claassen merkt op dat als iemand oog heeft voor een oneerlijke verdeling van talenten dat hij dan misschien topmanagers wil belasten voor hun grote talenten waar hun grote inkomens mee verdient zijn.* Ook als bonussen de verkeerde prikkels geven dan moet de overheid ingrijpen: als ze risicovol ondernemen boven economische duurzaamheid stellen. Hier gebeurt volgens Claassen nog te weinig aan in de markt. Bij de overheid slaat men volgens hem door: door de balkenendenorm biedt de overheid te lage lonen aan topmanagers en we weten allemaal if you pay peanuts you get monkeys. De oude Claassen is in de analyse van topinkomens een klassieke liberaal: de overheid moet autonomie beschermen en niet meer doen.

De Jonge Claassen: Het Eeuwige Tekort

Het Eeuwige Tekort is juist kritisch over liberale filosofieën. Het boek gaat over de vraag hoe we met schaarsten om moeten gaan. Liberale filosofen erkennen dat er schaarste aan natuurlijke hulpbronnen is. Voor liberale filosofen is schaarste echter een natuurlijke toestand en ligt de verantwoordelijkheid voor dat er schaarste bestaat niet bij de mens. Dit noodzaakt ons om de maatschappij te organiseren op basis van principes van rechtvaardigheid. Het belangrijkste liberale verdelingsprincipe is de markt. In de markt ontstaat volgens economen door concurrentie om schaarse middelen de meest efficiënte verdeling. Deze concurrentie is volgens liberalen een positieve kracht: de motor voor economische en technologisce ontwikkeling. Iedereen heeft daar uiteindelijk voordeel van. Afgunst en jaloezie zijn voor liberalen daarmee uiteindelijk positieve krachten. Liberalen stellen de voldoening van behoefte centraal. De aard van de behoeften maakt hen weinig uit. Claassen noemt dit een “kritiekloze verheerlijking van behoeftebevrediging”.

Jonge Claassen staat in Het Eeuwnig Tekort veel kritischer tegenover schaarste dan de liberalen. Hij stelt zichzelf voor als een pluralist. Hij is kritisch over de centrale rol die concurrentie inneemt op alle plekken in de hedendaagse maatschappij: in de wetenschap, de politiek en de televisie. Concurrentie over schaarse grondstoffen leidt in zijn ogen alleen maar tot uitputting van het sociale, psychische en natuurlijke kapitaal: stress, sociale verharding en vervuiling. In plaats daarvan zou niet alles door de lens van competitie gezien moeten worden: een pluraliteit van maatschappelijke sferen met eigen verdelingsmechanismen (niet alleen de markt) zou in stand gehouden moeten worden. Het is een doorn in het oog van de jonge Claassen dat het huidige sociaaleconomische stelsel dat arbeid en consumptie centraal stelt andere waardevolle menselijke activiteiten (“tijdrovende, affectieve relaties” in de liefdeloze filosofentaal, wat wij tijd voor geliefden, gezin en vrienden zouden noemen) naar de zijkant schuift. We zouden maatschappelijke sferen moeten creëren waarin schaarste en afgunst geen centrale rol spelen. De logica van de economie maakt van mensen sociale autisten die zich monomaan richten op de maximalisatie van de winst, en daarvoor alle morele en maatschappelijke normen die ze kunnen overtreden, zullen overtreden. Dit is uiteindelijk een gevaar voor de economie zelf. Claassen wil de cultuur van de schaarste overwinnen door te breken met het dominante winst- en groeidenken. Dit is de jonge, linkse cultuurcriticus Claassen: kritisch over de cultuur van de schaarste die alles economiseert en geen ruimte laat voor andere waardevolle menselijke activiteiten.

Jong en Oud

De jonge en de oude Claassen lijken diametraal tegenovergesteld. De jonge Claassen kiest voor een keiharde kritiek op de cultuur van de schaarste waarvan het lof door liberalen wordt bezongen. Liberalisme is niets meer dan de kritiekloze verheerlijking van behoeftebevrediging die door afgunst in stand wordt gehouden en ons geestelijk uitput. De oude Claassen, zelf een liberaal, vindt dat een keuze voor mensen zelf: als jij het je aantrekt dat je buurman een grote Porsche heeft, en daarom nog harder wil werken en meer wil gaan verdienen dan ben je daar zelf verantwoordelijk voor. Dat is geen schade van autonomie. Dus de overheid hoeft niet in te grijpen.

De obsessie met economische groei is voor de jonge Claassen een doorn in het oog en voor de oude Claassen individuele keuze, waar de overheid neutraal tegenover moet staan. Interessant vind ik ook dat waar de jonge Claassen pleitte voor schaarstevrije sferen, de oudere Claassen waarschuwt voor het doorslaan van de overheid richting matiging van topinkomens. Dat zou niet goed zijn voor het type managers dat we binnen halen bij de overheid, want schijnbaar is loon alles wat zou moeten tellen bij public service.

Toch ligt het beeld wat genuanceerder: de jonge en de oude Claassen hebben beide oog voor de maatschappelijke gevolgen van de nadruk op economische groei. Als er maatschappelijke schade ontstaat door de nadruk op schaarste en concurrentie dan moet de overheid ingrijpen. Als monomane autisten de wet gaan overschrijden is er een probleem, ook als de bonusstructuur de managers vervreemdt van de werkvloer.

Cultuurfilosofie versus Politieke Filosofie

Uiteindelijk ligt er echter een fundamenteel filosofisch onderscheid tussen de twee Claassens: filosofisch putten de jonge en de oude Claassen uit andere tradities. De jonge Claassen oriënteert zich op continentale cultuurkritische denkers als Arendt, de oude Claassen is veel Anglosaksischer en analytischer, en zijn filosofen als Sen zijn grote voorbeeld. Voor de oude Claassen is er een fundamenteel onderscheid tussen wat moreel onwenselijk is en politiek onrechtvaardig: Claassen vindt dat de overheid geen oordeel moet hebben of meer willen verdienen omdat je buurman een grotere auto heeft goed of slecht is. Dat moeten mensen zelf uitzoeken. Dat betekent niet dat de oude Claassen zelf geen mening heeft over auto’s en afgunst, maar hij vindt dat individuele meningen geen rol hebben in de politiek. De overheid moet zo neutraal mogelijk zijn ten opzichte van ideeën van het goede leven. Wat de oude Claassen vindt als politiek filosoof en wat de oude Claassen vindt als moreel filosoof hoeven niet hetzelfde te zijn. De jongere cultuurkritische Claassen zal het hier niet mee eens zijn. Het voornaamste argument aan de hand van deze critici is dat we als overheid wel neutraal kunnen proberen te zijn ten opzichte van ideeën van het goede leven maar dat er door het sociaaleconomische stelsel er een ideaal (dat van competitie) dwingend aan ons op gelegd wordt. Het marktdenken wordt steeds dominanter in de vorming van onze karakters en de marktlogica wordt langzaam aan alle sociale sferen opgelegd. Dit komt het meest sprekend tot uiting in het voorstel van de oude Claassen om de topinkomens bij de overheid niet te veel uit te pas te laten lopen met de markt. We kunnen ons alleen tegen deze erosie van onze cultuur verzetten door ons collectief te organiseren. Het morele laissez-faire van Claassen houdt een cultuur van stress en uitputting in stand die we alleen kunnen doorbreken door overheidsingrijpen.

* Ik vind dit om twee redenen een tamelijk schokkende omschrijving: als iemand gevoelig is voor argumenten dat als talenten oneerlijk verdeeld zijn, er dan een ongelijke verdeling van middelen kan ontstaan, dan kan hij de topinkomens nog wel eens willen belasten. Iedereen zou gevoelig moeten zijn voor een oneerlijke verdeling van talent. Dat is geen kwestie van smaak.

Ten tweede, is Claassen schijnbaar onder de indruk dat de inkomens van topmanagers in verhouding staat met de door hen geleverde arbeid. Maar als ik weer cijfers uit de Verenigde Staten hoor, massa-ontslagen, economische malaise en wel een stijging van de topinkomens, dan vraag ik me serieus af of topinkomens wel in verhouding staat geleverde arbeid. Is de arbeidsmarkt aan de top wel een perfect functionerende markt? Topinkomens worden niet bepaalt in een markt waar er heel veel aanbieders zijn en heel veel vragers en mensen anoniem opereren. Het grootste bezwaar is dat er geen sprake is van een anomiteit, maar dat topinkomens worden goedgekeurd in een old boys-netwerk, waar iedereen elkaar kent. Je kan je serieus afvragen of daar sprake is van gezonde marktwerking.

zaterdag, 24 december 2011

René van Engelen

René van Engelen

Youtube

Kerstgroet en nieuwjaarswens


Voor iedereen, namens GroenLinks Papendrecht:
Goede, warme en liefdevolle kerstdagen gewenst en een gelukkig, vreedzaam en duurzaam 2012.

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Havel en de vrijheid


Meter voor meter schuifelden duizenden Tsjechen in de afgelopen dagen door de Praagse Burcht om afscheid te nemen van Vaclav Havel, de schrijver, dissident en president die hen in 1989 vrijheid bracht. Ineens herinnerde ik me dat ik al eens zo’n stoet rouwende Tsjechen op diezelfde plek had zien voortschuifelen.

Woestdruk was het in september 1979 in de Praagse Burcht, omdat lange rijen treurende mensen afscheid wilden nemen van hun oud-president Ludvik Svoboda (1895-1979). Tien jaar later bracht Havel vrijheid, maar Svoboda wás de vrijheid in hoogsteigen persoon. Nou ja, svoboda is het Tsjechische woord voor vrijheid. Zoals zmrzlina ijs betekent.

Ironisch is het dat je met de naam van de vrijheid de president van een communistische dictatuur kon worden. In de Praagse Lente van 1968 was Ludvik Svoboda als president van Tsjechoslowakije na Alexander Dubcek één van de gevierde helden van de opstand van 1968. Na het neerslaan van de Lente bleef hij president van het land met als gevolg dat hij al twee jaar later door het Tsjechoslowaakse volk werd beschouwd één van de meest gehate representanten van de communistische onderdrukking.

In 1975 werd Svoboda afgezet. Zwaar dement of, zoals in mijn familie wordt gezegd, "zo kinds als een kommetje". Vier jaar later overleed hij terwijl ik een paar dagen door een regenachtig Praag dwaalde. Wie er in die lange rijen afscheid van Svoboda namen is niet duidelijk. Vooral partijgenoten, neem ik aan. Havel zal er niet bij geweest zijn. In 1979 werd hij veroordeeld tot vierenhalf jaar gevangenis, omdat hij als mede-oprichter van Charta 77 de staatsmacht had uitgedaagd.

Ik stond er wel bij en keek ernaar. In de Ausgewählte Schriften van Marx en Engels, die ik indertijd voor 49 kronen in de Duitse boekwinkel in Praag kocht, vond ik vanavond een krantenfoto uit de Rude Pravo van de lange rijen voor Svoboda.

Erik de Graaf

maandag, 19 december 2011

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Europa: steeds minder nieuwe auto’s nodig

In met een gouden randje, auto's, economie, grenzen aan de groei, nederland, politiek, recessie, europa, geregistreerd, en meer.
De verkoop van nieuwe auto’s in Europa daalt. In oktober 2011 werden er in de eurozone 819.000 nieuwe auto’s geregistreerd. Dat is 1,2% minder dan in oktober 2010. In 1999 werden er elke maand nog ca. 1 miljoen auto’s verkocht in de eurozone. Over de afgelopen 12 jaar is de verkoop van (nieuwe) auto’s met [...]

zondag, 11 december 2011

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Knoop in de loop


Ringo Starr presenteerde deze week zijn veelkleurige “knotted gun. Een pistool met een knoop in de loop als symbool tegen geweld. Aanleiding voor Ringo was de 31e verjaardag van de moord op zijn mede-beatle John Lennon op 8 december. Ringo eist zwaardere straffen tegen wapenbezit. Terecht.

Ringo was nooit de meest creatieve beatle. Ook dit keer was hij niet echt origineel. Sinds 1988 staat een grote “knotted gun” voor het gebouw van de Verenigde Naties in New York. No Violence heet dat beeld van de Zweedse kunstenaar Carl Fredrik Reuterswärd, die overigens net als Ringo geïnspireerd was door de moord van Michael Chapman op Lennon.

Reuterwärds boodschap tegen het geweld heeft zich sindsdien over zestien Europese en Amerikaanse steden verspreid. Naast het origineel in New York zijn twee andere originelen in Luxemburg en in het Zweedse Malmö te zien. Daarnaast bestaan er dertien replica’s. In het Olympisch Museum in het Zwitserse Lausanne, bijvoorbeeld. Of in een park in het Zweedse Boras, waar in 2003 Anna Lindh, de minister van Buitenlandse Zaken, werd vermoord. Een mooi symbool tegen een brute moordaanslag.

Begin dit jaar ben ik vergeefs op zoek geweest naar de Berlijnse replica, die volgens mijn informatie ergens in de tuin van het Kanzleramt moest staan. Ook een toeristengids met een groep Japanners kon me niet verder helpen. Uit een foto begreep ik later dat ik aan de verkeerde kant van de Spree had gezocht. De Duitse versie is in 2005 door de kunstenaar aan Duitsland geschonken. De toenmalige kanselier Schröder zei bij de onthulling dat het beeld geen misverstanden toeliet. Hij noemde het een monument voor de vrede. Intussen kijkt Angela Merkel vanuit haar werkkamer tegen het beeld aan. Ik ben benieuwd wat zij ervan vindt. In ieder geval is ze nog nooit in het park bij haar kantoor gesignaleerd, las ik pas. Behalve dan op weg naar de helikopterlandingsplaats in de tuin.

Erik de Graaf

vrijdag, 9 december 2011

Toine van de Ven

Toine van de Ven

Hyves Twitter GR DWARS

Centrumplan Vught krijgt verder vorm

In commissie ruimte, vughtse politiek, centrumplan, vught, autoluw, college, draagvlak, gemeente, huren, en meer.

Deze week stond in het teken van het Vughtse centrumplan. Terwijl de ijsbaan voor het laatst wordt opgebouwd op de locatie waar vanaf januari gebouwd gaat worden, werd Vught verrast met de aankondiging van de komst van een Jumbo in het centrum. Maar ook met onduidelijkheid over gevolgen voor parkeren, aanzicht en effecten voor de ondernemers.

Woensdagavond organiseerde Gemeentebelangen een informatieavond over het centrumplan. Dat was op zich al verwarrend, want aan de politieke partij GB werden vragen gesteld over wat de gemeente Vught ergens van vond. Interim-fractievoorzitter Guus van Woesik had dan ook moeite om verschillende vragen te beantwoorden, maar bleef zijn best doen om namens de gemeente te antwoorden. Het was duidelijker geweest als hij had gezegd “Wat de gemeente hiervan vind moet u het college vragen, maar Gemeentebelangen vind … etc”.

Desondanks gaf de avond wel inzicht in de knelpunten. Zo werd de triomfantelijk als een groot succes aangekondigde komst van supermarkt Jumbo naar Vught in het nieuwe winkelcentrum als een zware domper ervaren door verschillende sprekers uit de zaal. De belofte was toch juist om te kiezen voor vele kleine ondernemingen en niet voor een grote? De bedoeling was toch om als aanzicht van het centrum diversiteit en verspringen aan te brengen en niet een lange gele wand? Tja, daar kon niemand antwoord op geven. Tot wethouder Pennings (tevens GB) gisteravond in de commissie Ruimte aangaf dat dit onjuiste informatie was geweest en dat de Jumbo maximaal 1500 m2 mag zijn. Maar wellicht had hij dat beter al woensdagavond tijdens de bijeenkomst van zijn eigen partij kunnen rechtzetten. Ook beweerde de wethouder tijdens de commissie dat het college ervoor zou zorgen dat het buitenaanzicht niet de supermarkt zou laten zien, maar verschillende kleine winkels. Of het college dat mag betwijfel ik, voorheen is gemeld dat de eigenaar van het gebouw zelf mag bepalen wie op welke plek een winkel mag huren en niet het college.

Positief aan de discussie is dat er steeds breder draagvlak onder de politieke partijen lijkt te zijn voor een autoluw centrum. PvdA-GroenLinks pleit daar al heel lang voor, zeker als het centrum aantrekkelijk gemaakt moet worden voor terrassen en slenterend winkelpubliek. Dat is ook een belangrijke reden om te kiezen voor een ondergrondse garage, om zo auto’s aan de rand te laten parkeren en niet in het centrum. Van Woesik gaf aan dat ook GB hier nu voor is en brak zelfs een lans voor een vorm van betaald parkeren om verkeer te reguleren. Nog zo’n punt wat voor PvdA-GroenLinks altijd bespreekbaar was, maar waar GB zich altijd tegen heeft gekeerd. Beide punten vielen echter slecht bij een deel van het publiek. Met name ondernemers zijn bang dat er te weinig parkeerplaatsen zijn en dat mensen met de auto niet dicht genoeg bij de winkels kunnen komen. Zelf vind ik het waardevoller om auto’s te weren en juist goede fietsvoorzieningen te creëren om het centrum als verblijfsgebied aantrekkelijker te maken.

Interessant was afgelopen woensdag wel de presentatie over de huidige Marktveldpassage. Eerder was gemeld dat het niet rendabel was om dit gebied te ontwikkelen, simpelweg omdat de investeringen te hoog zouden zijn. Daarnaast is het gebied in handen van verschillende eigenaren. Dat er aan de westzijde van de Raadhuisstraat nu eindelijk wel een nieuw winkelcentrum wordt ontwikkeld, dwingt de partijen waarschijnlijk tot het ontwikkelen van Oost. En dat is een goede ontwikkeling. Maar ook een die terecht ondernemers voor vragen stelt zoals hoe moet ik die bouwperiode van circa twee keer twee jaar overbruggen? Daar zou het college samen met de ontwikkelaars met een passend antwoord voor moeten komen.

Léon Dekkers

Léon Dekkers

Hyves Twitter

En toen was er licht!

In huis, huisdieren, portugal, bica, carport, ginja, licht, lucky, schuur, en meer.

 

Gezinsuitbreiding

Plots hadden we groot nieuws. En zoals dat hoort met dit soort berichten wacht je eerst tot dat je het zeker weet om dan vol van mysterie een eerste aankondiging te doen.

Die aankondiging noem je dan gezinsuitbreiding. In gedachten zie ik dan de ontvangers al denken: “ zouden ze dan toch…??” En het antwoord daarop is, ja! Eén poes is ons echt te weinig al denkt Tippie daar zelf anders over.

 

We zijn dus naar het asiel gereden hebben daar na lang twijfelen gekozen voor de twee zusjes Bica (kleine espresso) en Ginja (kersenlikeur met zure kers). Deze twee vielen ons toch echt het meest op in karakter en dat is waar het omgaat.

Inmiddels zijn de dames “geholpen” en volledig op hun gemak in ons huis en op ons landgoed. Ook met Lucky gaat het prima. Lucky heeft het verlies van haar vriendinnetje Milou volledig gecompenseerd met deze twee poezen. Ze spelen samen en ze slapen zelfs samen in de mand van Lucky. Tot dat de katten het te druk vinden en dan moet Lucky haar eigen mand verlaten voor meer ruimte…en dat doet ze dan ook nog!

Tippie vindt de uitbreiding zoals verwacht vreselijk. Ze blaast en gromt en vindt het eigenlijk vooral erg dat de twee zusjes bestaan en ademhalen. Ach…

 

 

En toen was er licht

 

Deze zomer hebben we de carport voorzien van een dak. Ondanks dat de zuilen en de balken er al waren was er geen dak. Dat is een enorme verbetering. Nu staat de auto uit de zon en de regen en hebben we ook een plek om droog of in de schaduw te werken.

Wat er ook ontbrak in de carport en de schuur was: stroom. Alles was voorbereid maar er waren alleen geen kabels gelegd. Appeltje, eitje dus. Dacht ik….

 

Waar te beginnen met zoiets. Simpel, een geul graven voor de kabel. Alleen bestaat onze grond uit klei en stenen. In de zomer is de klei overigens niet makkelijk te onderscheiden van de stenen. Na wat aanrommelen met de schop besloten we toch maar heel snel een pikhouweel te gaan kopen. Dat gaat dus inderdaad beter. Maar het zijn heel wat meters.

 

Samen met Jacques is het uiteindelijk gelukt om de geul te graven, de kabel te trekken, gelijk maar de beregeningsbuizen te leggen en alles weer af dekken. Maar dan heb je nog niets! Sterker, dan begint het werk pas. De kabels moeten worden aangesloten, naar binnen getrokken, lampen gehangen, stopcontacten aangelegd, etc..

Volgens uit Portuguese traditie bleek dat alles weer net wat minder makkelijk was dan we in eerste instantie dachten. Zo bleken de buizen onder de fundering door toch niet uit te komen bij de aansluitingen. Maar… zo’n 200 meter kabel, 3 weken werk, honderden euro’s, hulp van de elektricien en nog vele anderen zaken later hebben we nu licht en stroom bij de schuur!!

 

Share

maandag, 5 december 2011

Claire Vaessen

Claire Vaessen

Twitter GR

Madeira

De eerste paar dagen viel me een opmerkelijke stilte op: behalve meeuwen en duiven geen andere vogels te zien of te horen. In het bos en meer afgelegen gebieden bleek het toch minder dramatisch te zijn: een madeiragoudhaantje en vinken gespot en ook kanaries die op het Portugese eiland in het wild voorkomen. Kanarie in oliepalm

Van de bananenoogst, die vooral bestemd is voor de export, moet het eiland 10% zelf zien op te eten. Maar omdat toerisme de motor is van de Madeirese economie – dagelijks doen reusachtige cruiseschepen Madeira aan – is daar iets op verzonnen: espada, de lokale, volop verkrijgbare vis, wordt bereid met gebakken banaan en geserveerd als ‘nationaal gerecht. In elk restaurant staat deze schotel op het menu en wordt door toeristen met smaak verorberd. In werkelijkheid is er geen autochtone Madeirees die thuis de combinatie vis en banaan op zijn bord schept.

De kranten geven een beeld van waar Madeirezen zich druk om maken. Dat verschilt niet zoveel van onze zorgen: sociale en financiële problemen, “een meisje” van 28 dat zichzelf in coma gezopen heeft en door de politie naar het ziekenhuis is gebracht, salarisplafonds, bezuinigingen op o.a. gezondheidszorg, de kerstbonus en het vakantiegeld. Er is 15% werkloosheid en 5000 gezinnen (van de kwart miljoen inwoners) maakten het afgelopen jaar gebruik van de voedselbank. “De crisis doet de waarde van solidariteit toenemen”, kopt een krant en in de hoofdstad Funchal hangen oproepen voor een algemene staking. Ondernemers in de toeristensector zijn bezorgd omdat de kerstversieringen in de stad, en dus de overheidsuitgaven daarvoor, wat bescheidener moeten. En er is kritiek op de kosten van het Madeirese parlement dat per inwoner 83 euro kost (tegenover het Portugese parlement: slechts 9 euro per inwoner). Daar wordt vanaf nu alvast € 14.000 aan maandelijkse parkeergelden op bespaard door de parlementariërs te verplichten hun auto in een parkeergarage te zetten, met als consequentie dat ze iets verder moeten lopen.

zondag, 4 december 2011

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Noordpolderzijl na het hoge water


Noordpolderzijl is de kleinste open zeehaven van Nederland. Net boven Usquert, een kwartiertje fietsen vanuit Warffum. Het ontstond tweehonderd jaar geleden door de bouw van een spuisluis na de inpoldering van de Noordpolder. Het is een unieke plek aan het Wad, met uitzicht op de onbewoonde eilanden Rottumerplaat en Rottumeroog. Op iets grotere afstand zie je bij helder weer het Duitse toeristeneiland Borkum liggen. Wie Noordpolderzijl eenmaal kent gaat er van tijd tot tijd even de kop boven de dijk steken.



En elke keer is het uitzicht dan weer anders. Bij zon, regen, wind of mist, bij eb of bij vloed, in lente, zomer, herfst of winter. Week in en week uit. Altijd weer even verrassend. Vanmiddag zag ik het lege haventje onder grauwe bewolking na het extreem hoge water van vorige week met de overstroomde kwelders. Het is een week verschil. Het zoeken van de verschillen is geen moeite.

Erik de Graaf

PS: voor meer foto's van Noordpolderzijl na het hoge water klikt u hier!

zaterdag, 3 december 2011

René van Engelen

René van Engelen

Youtube

Fokkerdiscussie

In fokker groenlinks papendrecht, auto, crisis, duurzaam, economie, gemeente, groenlinks, informatie, nederland, en meer.



Tja. We kunnen in Papendrecht de ontwikkeling van een prachtig, duurzaam materiaal binnenhalen, ontwikkelt door Fokker in samenwerking met de universiteit van Delft. Nederland als duurzame kenniseconomie. Kun je niet tegen zijn als GroenLinks, toch?! Zeker niet als de plannen voor het nieuwe hoofdkantoor en twee hallen in Papendrecht ook nog eens duurzaam zijn. Daarnaast is er een positief multipliereffect voor de regio. Werkgelegenheid, stimulering onderwijs, groei kenniseconomie, stimulans voor duurzame economie, enzovoort. Ook hier moet je als GroenLinks wel 'JA' op zeggen. Volmondig.
Maar ja, dan komt de JSF om de hoek kijken. Al eerder hebben we gezegd dat de grond in polder Nieuwland niet beschikbaar moet komen voor de productie van een deel van de JSF. Als enige Papendrechtse partij hebben we principieel tegengestemd. We vinden dat je een tijd van economische crisis niet dit soort grote bedragen gaat investeren in oorlogstuig. Daarnaast hebben we grote problemen met het medewerking verlenen aan een vernietigingswapen. Zie de stukken van Jan Anne Bos en (recent) Cees Florusse in het Papendrechts Nieuwsblad.
Nu ligt er iets voor wat niet direct met de JSF te maken heeft, maar wel met de ontwikkeling van het mooie, duurzame materiaal. Een lastige spagaat. Financieel en qua risico's voor de gemeente zie ik geen grote problemen (ik heb mij daar goed in verdiept). Woensdagavond hebben we fractievergadering.
Voor meer informatie over het materiaal 'Glare', kijk op http://tudelft.nl/actueel/dossiers/archief/glare/

vrijdag, 2 december 2011

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Dit kabinet doet aan schone autootjes pesten

In klimaat & energie, mobiliteit, auto, beleid, cda, de jager, gemeenten, groen, investeringen, en meer.

elektrische_autoWie een schone auto rijdt, zou minder parkeergeld moeten betalen. Maar dat wil de staatssecretaris niet. Terwijl steden juist graag groene politiek voeren. Lees het opiniestuk dat Tweede Kamerlid Liesbeth van Tongeren schreef samen met wethouder Jan van der Meer in Nijmegen, wethouder Frits Lintmeijer in Utrecht en stadsdeelwethouder Dirk de Jager in Amsterdam-West.

Niet minder dan drie kabinetten bogen zich erover: een simpele regeling die het gemeenten mogelijk maakt om schone auto’s minder parkeergeld te vragen. Deze week zette staatssecretaris Atsma (Infrastructuur) het wetsvoorstel bij het grof vuil. Daarmee zet hij een dikke streep door een belangrijk adagium van dit kabinet: decentraal wat kan, centraal wat moet. Alhoewel de lucht in Nederland gemiddeld gesproken langzamerhand ietsjes minder ongezond is geworden, blijven er met name in de steden veel knelpunten over.

De Vereniging Nederlandse Gemeenten trok pas weer aan de bel: als de lucht niet schoner wordt en we de afgesproken normen niet halen, blijven niet alleen de gezondheidsrisico’s te hoog, maar ontstaan er, net als tien jaar geleden, wettelijke problemen met nieuwbouw. Het beleid van het kabinet om de lucht te klaren is weinig behulpzaam. Door de snelwegen te verbreden, neemt ook de druk op wegen in de stad verder toe. Mensen moeten tenslotte via die brede wegen het stedelijk gebied in. De kaalslag in het openbaar vervoer helpt ook niet om mensen te verleiden over te stappen op duurzamer vervoer. Bovendien wordt het fiscaal beleid om schone auto’s te stimuleren uitgekleed. De verhoging van de maximum snelheid tenslotte leidt tot extra uitstoot.

Een staatssecretaris die zelf weinig doet, zou op zijn minst decentrale overheden die hun verantwoordelijkheid willen nemen de kans moeten geven dat te doen. Dat zou ook passen in de verregaande decentralisatiepolitiek van dit kabinet. Het is dan ook knap inconsequent om gemeenten het recht te ontzeggen om mensen die investeren in superschone (en doorgaans dure) auto’s een voordeeltje te bieden bij het parkeren. Een nieuw fenomeen in Nederland: schoon autootje pesten.

Atsma zegt zich bovendien zorgen te maken over mensen met een krappe beurs. Die zouden nadeel kunnen ondervinden van gedifferentieerde parkeertarieven. Dat valt te bezien. Het bieden van voordeel aan de een, betekent niet per se nadeel voor een ander. Het argument is ook hypocriet: op tal van andere beleidsterreinen interesseert de inkomenspositie van laagbetaalden dit kabinet geen zier.

Er komt nog iets bij. Door een wetsvoorstel dat al sinds 2007 in het vat zit letterlijk op een achternamiddag van tafel te vegen, toont de rijksoverheid opnieuw haar onbetrouwbaarheid richting ondernemers. Groene pioniers, ondernemers die innovatieve producten willen slijten zoals elektrische auto’s of auto’s op biogas, worden gek van de wispelturigheid van de overheid. Het fiscaal regime verandert om de haverklap en aangekondigde wetten die schone auto’s een steuntje in de rug geven, verdwijnen plots van tafel. Daar bouw je geen businesscases mee op.

We hadden meer verwacht van staatssecretaris Joop Atsma. In het verleden maakte juist hij zich sterk voor bijvoorbeeld investeringen in snelfietsroutes. Maar deze CDA-bewindsman heeft zich inmiddels gevoegd naar de anti-duurzaamheidssentimenten van dit kabinet. Louter uit rancune tegen alles wat groen is weigert hij nu ook steden de kans te geven moderne groene politiek te bedrijven. Daarmee vervreemdt het CDA zich niet alleen van stedelijke kiezers, maar ook van groene ondernemers.

dinsdag, 29 november 2011

Johanna Welfing

Johanna Welfing

Hyves Twitter PS

GroenLinks wil volledig groen Thialf

Heerenveen, 28 november 2011 GroenLinks wil dat het nieuwe Thialf 100% energieneutraal wordt. De partij wil een perfect ijsstadion in Heerenveen, met topijs en geen milieubelasting. GroenLinks-Tweede Kamerlid Jesse Klaver heeft vandaag een motie ingediend voor een plan om alleen overheidsgeld te besteden aan het stadion, als het volledig energieneutraal gebouwd wordt. Jesse Klaver: “Schaatsen hoort bij Nederland en een topschaatshal in Friesland is een goede investering. Ik hoop op een Kamermeerderheid achter me om die hal volledig energieneutraal te maken ” Deskundigen zien mogelijkheden om van een moderne ijshal een fabriek van energie te maken. Alleen al op het dak van een gemoderniseerd Thialf kan zo 6.000 m2 zonnepanelen geïnstalleerd worden. Met zonnepanelen op een extra hal voor recreanten en een steviger dak voor de huidige hal kan dat oplopen tot wel 30.000 m2. Daar kan veel energie mee opgewekt worden. GroenLinks stelt hiermee een scherpe politieke voorwaarde aan het besteden van overheidsgeld voor een moderne ijshal in Nederland. De plek van zo’n hal moet volgens GroenLinks het huidige Thialf zijn. Retze van der Honing: “GrienLinks wil realistisch zijn. Totale nieuwbouw is te duur en ook niet echt praktisch. We moeten niet vergeten dat schaatsliefhebbers nu makkelijk uit het hele land per trein, bus of auto bij Thialf kunnen komen. Verbouw en moderniseer het huidige stadion. Voor de realisatie van dit plan zijn Nederlandse experts vast bereid om hun kennis ter beschikking te stellen. Ik zal er ook bij Gedeputeerde Staten op aan dringen dat plannen voor een moderne ijshal alleen geld krijgen van Fryslân als zo’n hal veel zuiniger word dan Thialf en ook zelf energie gaat opwekken.” Thialf heeft Heerenveen definitief op de kaart gezet als topsportstad. Het behoud van zo’n topsportlocatie in Heerenveen is belangrijk voor de stad en de provincie Fryslân. Daarom ook is verbetering en verduurzaming van belang. Het huidige ijsstadion moet jaarlijks energie kopen. Dat is een enorme kostenpost. Door zelf energie op te wekken wordt in één klap een besparing van 1,2 mln euro in de exploitatie van de hal gerealiseerd. Stemming in de Tweede Kamer over de motie van Klaver is op 6 december aanstaande. __________________________________________________________________ Dat er nu knopen moeten worden doorgehakt is duidelijk. Onze ambities zijn en waren duidelijk. Thialf vernieuwen op de plaats waar het nu zit. Maar politiek mag nu nu niet langer treuzelen. Er zijn veel onderzoeken gedaan, er is al veel geïnvesteerd en de kennis en de know how is er. Aan de slag, met investeringen van het rijk, de provincie en private investeerders . Alleen zo houden we Thialf in Heerenveen, blijft het een topsportlocatie met A status en wordt het als plus ook nog eens een hele duurzame onderneming. Dat er niet te lang gewacht kan worden blijkt wel uit onderstaande nieuwsbericht. http://www.nu.nl/sport/2680419/nieuw-thialf-hoeft-niet-in-friesland-.html We dreigen de slag mis te lopen. Dus nu knopen doorhakken. Nu met ambitie aan de slag.

woensdag, 9 november 2011

Rob Alberts

Rob Alberts

Poep en pis

In , amsterdam, auto, brievenbus, durven, mensen, wonen, buurman, maandag, en meer.
 Poep en pis.Tijdens mijn zaterdagboodschappen wordt ik soms aangesproken door een verre buurman. Samen wonen we in de K-buurt van Amsterdam-ZuidOost. De laatste keer kreeg ik te horen dat de brievenbus gevuld is met poet en pis. Vrienden van een straat verderop vertellen dat ze niet in de metro durven te reizen. En daarom vooral hun auto gebruiken. Afgelopen maandag moest ik aan deze mensen den...

dinsdag, 8 november 2011

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Vrijzinnig Paternalisme onder de loep

In groenlinks, liberalisme, paternalisme, politiek, politieke filosofie, agenda, belangrijk, betalen, bundel, en meer.

In hun bundel Vrijzinnig Paternalisme pleiten vijftien denkers voor een herontdekking van het paternalisme door progressief-linkse partijen als GroenLinks. Door het paternalisme vrijzinnig in te vullen kunnen individuele vrijheid en onze collectieve belangen met elkaar verenigd worden. De redacteuren Pels en Van Dijk stellen zo wijziging voor op de liberale koers van Femke Halsema. Het boek mist echter een heldere gedeelde notie van Vrijzinnig Paternalisme. Pels en Van Dijk definieren zelf drie vormen van vrijzinnig paternalisme maar een groot deel van de bijdrages hanteren niet een van deze drie definities van vrijzinnig paternalisme.

Ik definieer in navolging van Claassen paternalisme als het gebruik van overheidsingrijpen die erop gericht zijn om mensen te dwingen iets te doen omdat het in hun eigen belang is. Mensen moeten gestimuleerd worden om de juist keuze maken voor zichzelf. In het klassieke paternalisme behandelt de overheid haar burgers als een ouder zijn kinderen behandelt: hij dwingt ze voor hun eigen bestwil hun boontjes op te eten. De ouder weet het beter. In een strict liberaal perspectief zijn er twee gronden om op te treden: in de eerste plaats als mensen niet autonoom zijn. Kinderen zijn een kernvoorbeeld van niet-autonome wezens. Paternalisme is dan volgens liberalen als Claassen gerechtvaardigd. De tweede reden om als overheid in te grijpen is om de vrijheid van anderen te beschermen: dan is er geen sprake van paternalisme, maar van overheidsingrijpen ten bate van een derde partij. Als je vader voorkomt dat je je broertje stompt is dat geen paternalisme: hij doet het niet ten bate van jou, maar ten bate van je broertje.

Vrijzinnig paternalisme varieert op dit thema. De auteurs stellen drie manieren voor waarop het paternalisme vrijzinnig kan worden ingevuld.

  1. nudges. In navolging van het concept van libertarian paternalism van Sunstein en Thaler pleiten de auteurs ervoor mensen door nudges te stimuleren om de juiste keuze te maken. Een nudge is een aanpassing van de manier waarop keuzes gepresenteerd worden. In tegenstelling tot klassiek paternalisme is er geen sprake van dwang. Sunstein en Thaler gaan ervanuit dat mensen niet rationeel beslissen. Marktwerking is geen instrument dat past bij Sunstein en Thaler.
  2. Je kan de overheid vervangen door de democratische gemeenschap. Hun paternalisme is vrijzinnig omdat wat “de juiste keuze” is, open is voor democratische deliberatie. In hun bijdrage pleiten Swierstra en Tonkens ervoor om mensen te binden aan normen die door democratische deliberatie zijn vastgesteld.
  3. Je kan “omdat het in hun eigen belang is” ook vervangen door “wat noodzakelijk is om autonoom in een open samenleving te functioneren” Mensen worden niet als autonome wezens geboren, maar moeten worden opgevoed om zelf-sturend te zijn. Kinderen moeten opgevoed tot burgers. Ik heb dit paternalisme omwille van het liberalisme genoemd.

De simpele vraag die ik hier wil beantwoorden is of de overige tien bijdragen behoren tot een van deze drie varianten van vrijzinnig paternalisme. Is er sprake van overheidsingrijpen dat erop gericht is mensen te dwingen dan wel te nudgen om in hun eigen belangte handelen, waarbij dat eigen belang al dan niet democratisch is gedefinieerd dan wel noodzakelijk is voor autonomie.  Ik zal hier kort de bijdragen doornemen. Hiermee doe ik altijd de complexiteit van de bijdrage tekort, maar de grote lijn is vaak genoeg voor deze toets.

Hoe vrijzinnig paternalistisch zijn de bijdragen?

De eerste bijdrage is van Ganzevoort. Hij schrijft over de vrijheid van godsdienst en in het bijzonder die gevallen waarin we de vrijheid van godsdienst willen beperken ten bate van minderheden binnen religieuze minderheden. Bijvoorbeeld: mogen gereformeerde scholen homoseksuelen weigeren als docent? Het kan hier dus in geen geval gaan om vrijzinnig paternalisme. Het gaat hier om overheidsingrijpen ten bate van een derde groep: de vrijheid van gereformeerde scholen wordt beperkt, niet in hun eigen belang maar in het belang van homoseksuelen in gereformeerde kring.

De tweede bijdrage betreft prostitutie. Hierin pleiten Pels en Lacroix voor de recriminalisering van pooierij. Het moet verboden worden voor derden om seksuele diensten van anderen aan te bieden voor geld. Pels en Lacroix willen zelfstandige prostituees toestaan maar prostituees als werknemer niet. Zij zien te veel misbruik, dwang en mensenhandel in de vrije prostitutiesector. Wederom gaat het hier om overheidsingrijpen ten bate van een derde groep, in dit geval vrouwen; zij worden beschermd tegen pooiers.

De derde bijdrage van de hand van Van Dijk betreft het bestrijden van overgewicht. Zij pleit er onder anderen voor om mensen beter te informeren over wat ze eten, en om gezond voedsel goedkoper te maken ten opzichte van ongezond voedsel. Dit doet ze om obesitas te bestrijden. Deze ingrepen kan je verdedigen op paternalistische gronden. Maar het prijsmechanisme is een instrument dat Thaler en Sunstein juist niet onder libertair paternalisme vatten, het prijsmechanisme gaat uit van mensen als rationele actoren. Je kan, zoals ik eerder heb gedaan, het prijsmechanisme juist ook verdedigen zonder terug te vallen in paternalisme. Zoals Van Dijk zelf laat zien in haar hoofdstuk hebben mensen met overgewicht meer zorgkosten. Die worden nu deels gecollectiviseerd door ons verzekeringsstelsel, je kan deze kosten ook privatiseren door ze in de prijs te verrekenen.

Meijers en Smithuijsen pleiten voor het verheffingsideaal in de kunsten, Wiersma pleit voor het verheffingsideaal in de publieke omroep. We betalen allemaal voor deze culturele sectoren. De auteurs vinden dat deze sectoren verantwoord moeten programmeren: kunst kan bijdragen aan een zelf- en maatschappijkritische houding, de publieke omroep de plek moet zijn waar het publieke debat wordt gevoerd. Zeker, het pleidooi van Meijers en Smithuijsen sluit goed aan bij de notie van paternalisme om wille van het liberalisme: kunst is bevrijdend. Echter het is in de kern niet paternalistisch: niemand wordt gedwongen om naar het museum te gaan of naar de publieke omroep te kijken. Mensen hebben die mogelijkheid maar niet de verplichting. In strikte zin is het niet paternalistisch. We moeten we er wel aan bijdragen via de belastingen, of we er nu gebruik van maken of niet. Dat is misschien onrechtvaardig, maar niet paternalistisch.

Eikelenboom wil van ouders meer betrekken bij de ontwikkeling van hun kinderen: hen versterken bij het opvoeden van kinderen. En dat is natuurlijk een typisch geval van een situatie waarbij een derde betrokken is. Ouders moeten betere ouders gemaakt worden voor hun kind. Dat is dus geen paternalisme, want er is een derde partij bij betrokken.

Van der Lans, die al bijna twee decennia pleit voor een linkse heruitvinding van paternalisme, heeft een rijke bijdrage. Ik wil op een voorstel van hem bijzonder inzoomen: de eigen krachtconferenties. Dit is een nieuwe invulling van het maatschappelijk werk dat de focus verlegt van professionals naar burgers. Als er sprake is van een opvoedingsprobleem (losgeslagen kinderen, murw geslagen ouderen) dan moet normaal het maatschappelijk werk ingrijpen. Van der Lans pleit voor eigen krachtconferenties: de omgeving van het kind zelf, onder leiding van een speciaal getrainde leek (geen professional) gaat samen opzoek naar een oplossing. Het gaat hier weer om kinderen, dus in die zin is er geen sprake van paternalisme dat een probleem is voor liberalen. Er zijn duidelijk vrijzinnige aspecten: de eigen krachtconferenties gaan in de kern om mensen zelfredzaam maken (‘samenredzaam’ in de woorden van Pieter Hilhorst) en daarnaast staat sociale deliberatie over wat wel en niet acceptabel gedrag is centraal. Echter een belangrijk aspect van paternalisme mist: door de nadruk te leggen op de sociale omgeving van een kind, is er geen sprake van overheidsdwang. En dus in de strikte zin van wat hierboven is geponeerd geen paternalisme. Maar dat is misschien wel wat retorisch.

Over het stuk van Roosma en Pels heb ik een uitgebreider stuk geschreven: dat zicht kort laat samen vatten als ”het voorstel van Roosma en Pels om een basisinkomen in te voeren is geen nudge (want een financiele maatregel die uit gaat van economische rationaliteit), het gaat niet uit van een ideaal van het goede leven (sterker nog het is een manier om mensen zelf in staat te stellen om te kiezen hoe ze hun leven willen vorm geven) en mensen leren er niet beter van hoe ze moeten omgaan met vrijheid.”

Eickhout en Thomas pleiten in hun bijdrage voor klimaatpaternalisme. Mensen moeten gedwongen worden om hun huis te isoleren. Goed voor hun eigen bankrekening, maar bovenal is het goed voor toekomstige generaties. De reden dat we klimaatpolitiek bedrijven is toch vooral omdat we verantwoordelijkheid willen nemen voor toekomstige generaties. En daarmee is het voorstel in de kern niet paternalistisch: de bijdrage aan de bankrekening van burgers is leuk maar de overheid grijp in omdat ze derden wil beschermen.

Ten slotte de bijdrage van Verbeek. Hij richt zich op de mogelijkheid om techniek in te zetten om mensen te stimuleren zich aan de regels te houden. Een automatische snelheidsbegrenzer in een auto bijvoorbeeld die mensen dwingt om zich aan de maximumsnelheid te houden. Vader Staat delegeert zijn paternalistische taken naar technische middelen. Het gaat hier vaak om paternalistisch ingrijpen en vaak om vrijzinnig paternalisme omdat er ook nudge-achtige middelen tussen zitten, zoals een auto die vervelend piept als je rijdt maar niet bent ingeriemd.

 Conclusie

Zijn alle bijdragen in de bundel vrijzinnig paternalisme vrijzinnig paternalistisch? Nee, ze voldoen lang niet allemaal aan de kenmerken hiervan.

  • Verbeek’s voorstel om mensen met techniek te stimuleren aan verkeersregels te voldoet is een echte nudge. En Van Dijk’s pleidooi om de prijs gezond en ongezond eten met elkaar in balans te brengen zijn vrijzinnig paternalistisch omdat het keuze laat bestaan maar de juiste keuze stimuleert (zij het niet met een nudge).
  • In het geval van Van der Lans en Eikelenboom gaat het paternalisme in het onderwijs en de opvoedingsondersteuning. Van der Lans die de nadruk legt op samenredzame gemeenschappen geeft hier een vrijzinnige draai aan. Maar zeker in het geval van Eikelenboom gaat het om het welzijn van het kind waar ouders beter voor moeten zorgen.
  • Wiersma, Meijers en Smithuijsen komen dichtbij het ideaal van paternalisme omwille van het liberalisme: de publieke omroep en de kunsten dragen bij aan die dingen die we nodig hebben om een goed burger te zijn. Echter hier wordt niemand gedwongen of ook maar genudged. De mogelijkheid wordt geboden. Wat de bundel opvallend genoeg mist is een bijdrage over de gevolgen van vrijzinnig paternalisme voor onderwijs. Het onderwijs is de manier om (jonge) mensen een bepaald beschavings aan te leren. De bundel van S&D, het blad van het wetenschappelijk bureau van de PvdA, over verheffing ging hier juist uitgebreid op in.
  • In veel gevallen is er wel sprake van dwang maar niet van paternalisme omdat er een derde groep is: Eickhout en Thomas laten ons isoleren vanwege toekomstige generaties,  Pels en Lacroix willen pooierij verbieden om prostituees te bevrijden van seksuele slavernij. Ganzevoort wil religieuze gemeenschappen stimuleren om oog te hebben voor hun minderheden.

Vrijzinnig paternalisme laat zich niet vatten in een definitie, maar heeft drie varianten. Een groot deel van de bijdrages in het boek past niet in een van deze drie varianten. Het is een diverse bundel, vol rijke bijdragen, maar het mist een heldere overkoepelende agenda.

zondag, 30 oktober 2011

Patrick Rijke

Patrick Rijke

Linkedin Twitter GR

Waarom ik nog bij GroenLinks zit

‘Zo dus jij zit nog wel steeds bij GroenLinks’ – ironisch grijnzend schoof een voormalig partijlid en trouw bezoeker van de ledenvergaderingen aan, toen ik deze zomer tijdens een van de activiteiten bij ons in de wijk aan de bar van ‘sociaal-culturele vereniging’ Eureka aan het Assendorperplein een biertje zat te hijsen. Hij was een van de mensen voor wie de naïeve opstelling van de Kamerfractie rond de ‘politietraining’ in Kunduz de druppel was geweest die terechtkwam op een emmer vol onvrede over de vrijzinnige koers van de landelijke partij. Het kostte onze afdeling maar liefst drie oud-fractievoorzitters en een aantal andere leden, van wie sommigen net als mijn bargenoot van die middag al wel eens eerder hadden aangegeven bij landelijke verkiezingen socialistisch te stemmen.
‘Ja, ouwe overloper,’ riposteerde ik, ‘ik ben nog steeds lid, actief in de raadszaal en elders in de stad.’ We waren het snel eens over de klunzige Kunduz-aanpak en de verstrengeling van Mariko Peters (nee niet van belangen, maar wel van wat anders, meenden we als mannen met bier aan de bar). En zo bleef de ontmoeting toch nog gezellig. ‘Ik schrijf wel eens in een column waarom ik desondanks bij GroenLinks blijf’, zo hield ik me een vervelende woordenwisseling van het lijf. Ik had gewoon zin in een vrije middag.
Hier is die dan.

Direct
Toen ik een klein decennium geleden besloot politiek actief te worden heb ik heel bewust gekozen voor de lokale politiek. Ik wil mijn steentje bijdragen aan het verbeteren van mijn directe leefomgeving en die van onze en alle kinderen. Hier in de stad is demokratie nog lekker ‘direct’.
Ik fiets naar de andere kant van de stad om met een bewoner ter plekke te bekijken wat de problemen zijn bij hem om de hoek bij het kruispunt van een hoofdfietsroute in de wijk met een auto-ontsluitingsweg en bel met de ambtelijk projectleider om de complicaties die ik heb ontdekt door te spreken. Ik ga op de Grote Markt in discussie met iemand van de stichting Levende Stadsgeschiedenis over het gebruik van eigentijdse architectuur in onze oude binnenstad, die sinds de Middeleeuwen in een eeuwenlange opeenvolging van bouwstijlen zijn huidige karakter kreeg. Ik speel met mijn kinderen in het stadspark en snak naar de komst van een horecapaviljoen met een terrasje aan de parkvijver, maar ik ken en snap heel goed de bezwaren van omwonenden als de gemeente aanstuurt op een soort partycentrum.

Hier loop je tijdens een wijkplatform de mensen die zich net als jij druk maken over het reilen en zeilen in hun woonomgeving tegen het lijf. Hier word je in de raadszaal rechtstreeks aangesproken door leden van een actiecomité die net als wij het buitengebied rond de bestaande stad groen willen houden. Hier zie je de gevolgen van de beslissingen die je neemt met eigen ogen: er wordt een fietsstraat aangelegd waar je je jaar na jaar sterk voor hebt gemaakt, er worden ondanks niet-in-mijn-voor-en-achtertuin-bezwaren toch woningen gebouwd op een jarenlang leeg gebleven veldje, zodat het beleid van ‘inbreiding’ in de bestaande stad realiteit wordt, en een prachtig stukje ‘binnentuin’ in het zuidelijke stadsdeel blijft na jaren strijd groen en wordt toegankelijk gemaakt voor het publiek.

Daarom ben ik nog steeds actief in de lokale politiek.

Onze fractie werkt systematisch aan een duurzaam, groen, sociaal én ‘kleurrijk’ Zwolle en daarin onderscheiden we ons van alle andere partijen in de stad.
Geen enkele partij is tégen Zwollenaren met een kleurtje, roze driehoek of afwijkende leefstijl, maar GroenLinks Zwolle strijdt ronduit vóór behoud van de multiculturele samenleving en pleit niet voor integratie maar voor ‘samen-leven’. En bij ‘samen’ horen voor ons vanzelfsprekend ook mensen met een fysieke beperking of mensen die om welke reden dan ook zichzelf tijdelijk, langdurig of levenslang niet kunnen redden.
Sommige partijen – hier in de stad ook linkse partijen – zien in cultuur een makkelijke bezuinigingsprooi, maar GroenLinks wijst op de intrinsieke waarde ervan en op de meerwaarde van cultuur in de breedste zin van het woord voor een levendige, aantrekkelijke en (ook economisch) bloeiende stad. Ook cultuur zorgt voor een ‘kleurrijke’ stad.
Sociaal vindt elke partij zichzelf. Maar bij GroenLinks strekt solidariteit zich ook in één adem uit over de rest van de wereld.
Alleen GroenLinks springt steeds op de bres voor biodiversiteit, een schone lucht en het kleine en het grote ‘groen’ in en om de stad, of het nu gaat om mussenhagen, bermen die beter door schapen dan door machines kunnen worden gemaaid of complete uitloopgebieden in de stadsrand waar de stadsbewoners schone lucht en rust opsnuiven.
En – last but not least – voor GroenLinks is duurzaamheid geen marketing-imago waar geld mee te verdienen valt, maar gaat het er echt om dat onze planeet het volhoudt (zonder planet geen people, laat staan profit, zeg ik altijd maar, als ‘de drie P’s’ weer eens in evenwicht moeten zijn volgens de beleidsmakers).

Daarom zit ik nog steeds bij GroenLinks.

Ennuh… als je dit nou leest, hè, moet je dan eigenlijk ook niet toegeven: eigenlijk was het fout om jullie in de steek te laten!


Aantal berichten op deze pagina: 29. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 2283 uur (95,1 dagen). Berichtgemiddelde: 0,3 bericht per dag, 2,1 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5 6