zaterdag, 4 februari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Duurzame energie & de strategische doelen van Energiebeheer Nederland

De rol van Energiebeheer Nederland in de Nederlandse energievoorziening heb ik eerder dit jaar aangestipt in mijn post over het belang van Nederland bij de wijze waarop olie uit Canadese teerzandwinning wordt behandeld. Vandaag duik ik wat dieper in de rol van Energiebeheer Nederland aan de hand van de door hun zelf geformuleerde rol en strategische doelen.

Doel & strategische doelen Energiebeheer Nederland

De website van Energiebeheer Nederland (EBN) is heel duidelijk over de rol van EBN:

EBN is actief in het ontdekken, produceren en verhandelen van gas en olie in Nederland en is dé partner voor olie- en gasmaatschappijen. Samen met andere nationale en internationale olie- en gasmaatschappijen investeren we in de opsporing en winning hiervan en in gasopslagen in Nederland. Het initiatief voor opsporing-, ontwikkel- en productieactiviteiten ligt bij de vergunninghouders. EBN ambieert geen operatorschap in de deelnemingen, maar investeert, faciliteert en deelt kennis. Via een belang in GasTerra is EBN ook betrokken bij de verkoop van het Nederlandse aardgas. De winst die voortkomt uit deze activiteiten draagt EBN volledig af aan de Staat, onze enige aandeelhouder. Daarnaast adviseert EBN de overheid over het mijnbouwklimaat in Nederland en over nieuwe mogelijkheden voor het benutten van de ondergrond.

Bij die nieuwe mogelijkheden kijkt EBN vooral naar de opslag van CO2 (CCS in jargon). EBN neemt al langer deel in ondergrondse opslag van aardgas. EBN heeft haar visie vertaald naar drie strategische doelen:

  • het actief beheren van de deelnemingen in opsporing en winningactiviteiten;
  • het waarborgen van de continuïteit in exploratie en productie (E&P); en
  • het rendabel benutten van de ondergrond.

Duurzame energie & de strategische doelen van EBN

Vanuit duurzame energie bezien is met name het derde doel (‘het rendabel benutten van de ondergrond’) interessant (en niet zoals ik eerder betoogde windenergie, al kom ik daar zeker nog een keer op terug). Terug naar geothermie: een groeiend aantal bedrijven richt zich op het gebruik van geothermie voor de warmte- en koudevoorziening van de gebouwde omgeving. Voor diepe geothermie bestaat er een garantieregeling die (een deel van ?) de kosten vergoedt als een boring verkeerd uitpakt. Voor ondiepe geothermie is er naar mijn weten weinig tot niks geregeld op dat gebied, het risico ligt volledig bij de ondernemer.

Geothermie wordt ingezet als alternatief voor het gebruik van aardgas voor verwarming van kassen, gebouwen en soms zelfs als alternatief voor het pekelen van wegen. Een groot risico voor degene die er mee aan de slag wil is de slagingskans van de boring. Als een aquifer niet bruikbaar blijkt is de investering van de boring in een spreekwoordelijke bodemloze put gedaan. Een zelfde probleem doet zich voor bij de winning van gas en olie uit de grond. Ook daar bestaat de kans dat een proefboring geen olie of gas aantreft. Het boren naar olie en gas is zeer kapitaalintensief en wordt steeds kapitaalintensiever. De makkelijke bronnen raken op, dus wordt er dieper geboord of wordt geprobeerd andere soorten van olie en gas aan te boren (bv. schaliegas in Brabant of teerzandolie in Schoonderbeek).

Om te zorgen dat de olie- en gasindustrie ondanks de risico’s op mislukte boringen toch blijft zoeken naar olie en gas is een heel web aan fiscale voorzieningen opgezet. Daarnaast investeert de overheid via Energiebeheer Nederland tot 40% risicodragend mee in exploratie (lees proefboringen) en exploitatie van olie- en gasvelden. Deze maatregel scheelt niet alleen in de benodigde hoeveelheid kapitaal, het geeft ook meer zekerheid voor kapitaalverstrekkers die dus een lagere risicopremie (lees rente) zullen berekenen bij het verstrekken van kapitaal. De overheid krijgt daar natuurlijk ook het nodige voor terug, namelijk 40% van de winst op de investering.

Terug naar duurzame vormen van benutting van de ondergrond. Want daar doet EBN naar mijn weten niet aan mee. Ik kom in hun lijst van deelnemingen althans geen enkel geothermie project tegen. Nu wil ik best geloven dat het ontwikkelen van geothermie geld kost en de toepassing er van valt nog steeds onder de SDE+, dus volledig rendabel zal het bij de huidige gasprijs niet zijn (zoals CO2 opslag in de bodem bij de huidige CO2 prijzen ook niet rendabel is). Tegelijkertijd verwacht ik dat de toepassing van geothermie dezelfde ontwikkeling als windenergie zal doormaken, waarmee ik bedoel dat het op de korte tot middellange termijn een rendabele vorm van duurzame energie wordt. En daarmee een rendabele toepassing van de ondergrond. Bovendien een die langer gaat blijven bestaan dan het leeg en weer vol pompen van de Nederlandse aardgasvelden.

Kortom: Waarom is EBN met haar kennis van de Nederlandse ondergrond niet betrokken bij geothermie?

vrijdag, 3 februari 2012

Pepijn Boekhorst

Pepijn Boekhorst

GR

(lokale) politieke partijen en hun financien

In groen werkt, bedrijf, belangrijk, belasting, besluiten, betalen, buitenland, debat, eerste, en meer.

Vorige week is in de Tweede Kamer gesproken over een belangrijke nieuwe wet. De wet moet regelen dat politieke partijen openheid van zaken geven over hun inkomsten. Officieel heet deze wet ‘wet financiering politieke partijen’. Worden politieke partijen gesponsord door personen of bedrijven en zo ja, welke? Belangrijk om te weten, omdat kiezers zo kunnen beoordelen of de standpunten die een politieke partij uitdraagt en de besluiten die een politieke partij neemt, onafhankelijk zijn gemaakt. De wet gaat over landelijke politiek maar hoe zit dat met de politiek op provinciaal en gemeentelijk niveau?Een kamerlid of een gemeenteraadslid dienen beiden een besluit te nemen in het belang van alle bewoners en niet alleen in het belang van een individu (een rijke villabezitter die minder belasting wil betalen, bijvoorbeeld) of het belang van een bedrijf (dat liever een minder strenge milieuvergunning wil) een hele bedrijfstak (de tabaksfabrikanten bijvoorbeeld) of zelfs bedrijven uit het buitenland (olieproducerende bedrijven uit het Midden-Oosten bijvoorbeeld).

Gelukkig is een ruime meerderheid in de Tweede Kamer voorstander van een wet die regelt dat politieke partijen verantwoording afleggen over hun inkomsten. Dat werd tijd, want in Europa heeft nagenoeg elk democratisch land allang regels over de financiering van politieke partijen. Als de wet wordt aangenomen, is het voor politieke partijen die in de Eerste en Tweede kamer zijn vertegenwoordigd eindelijk goed geregeld. Jammer genoeg worden vooralsnog lokale partijen en politici niet genoemd. Toch zijn er diverse partijen die hier terecht aandacht voor vragen. Een lobbybrief van de VNG over dit onderwerp is helder: een pleidooi voor uniforme en landelijke regelgeving over de openbaarheid van financiering van lokale partijen.

Omdat een eerste verkennend onderzoek van mij tot de conclusie leidde dat landelijke wetgeving noodzakelijk is om lokaal regels te kunnen stellen, heb ik vorig jaar contact opgenomen met de fractie van GroenLinks in de Tweede Kamer over dit onderwerp. GroenLinks zal een belangrijke wijziging op het wetsvoorstel steunen, dat ingediend wordt door kamerlid Heijnen van de PvdA. Heijnen legt het duidelijk uit: “Dit wetsvoorstel is zo lek als een mandje als we lokale afdelingen van politieke partijen buiten beschouwing laten. Dat is één belangrijke overweging om de lokale politiek hierin mee te nemen. In dit wetsvoorstel wordt niet de transparantie van giften aan de lokale politiek geregeld, terwijl het risico van het kopen van invloed door een gift op lokaal niveau veel groter is. De lijntjes zijn korter. (…) Wij vinden het nog belangrijker dat dit op lokaal niveau goed geregeld wordt dan op landelijk niveau.” Je kunt het debat van 25 januari en 26 januari overigens helemaal teruglezen, vermakelijk leesvoer!

Ik ben blij met deze wijziging en ik hoop dat de dames en heren in Den Haag inzien dat openbaarheid van de financiering ook in gemeenteraden en provinciale staten hoort. Juist op het lokale niveau. Ik wacht de stemming over het wetsvoorstel met veel belangstelling af. En mocht je willen weten hoe de fractie van GroenLinks Nijmegen aan zijn inkomsten komt, neem dan gerust contact met mij op. Als penningmeester van de fractie kan ik het je zo vertellen.

zaterdag, 28 januari 2012

Arno Uijlenhoet

Arno Uijlenhoet

Twitter

Groningen over Kunduz en partij als beweging

Groningen. De stad die mij doet denken aan de Louwersloop. Ik deed ooit eens mee aan deze estafetteloop en kwam meer dood dan levend over de finish, als voorlaatste… De ontmoeting met onze GroenLinks afdeling Groningen-stad was in die zin een verademing! De betrokkenheid bij de partij en enkele inhoudelijke thema’s was er niet minder om. Het thema Kunduz leeft ook in Groningen zeer. In dat verband heb ik geprobeerd het belang van een heldere procedure en een diepgaand debat, voorafgaand aan besluitvorming door de fractie, te onderstrepen. Mijn lijn: Eerst debatteren over zaken die raken aan onze identiteit en waarden, dan pas besluiten nemen.

Om de partij als beweging te versterken wil ik de afdelingen ondersteunen met het aangaan van verbindingen met burgers, bedrijven en instellingen. In praktische zin middels ondersteunend materiaal, maar ook door het ondersteunen van kennisdeling. Succesvolle ervaringen met netwerkbijeenkomsten, acties en campagnes kunnen sneller worden gedeeld via bijvoorbeeld sociale media. Verder wil ik aan de hand van enkele centrale thema’s, zoals de Eurocrisis, de arbeidsmarkt, de zorg en maatschappelijk verantwoord ondernemen, de discussie in de partij stimuleren en acties coördineren. Zo worden we beter zichtbaar als beweging die staat voor een duurzame, rechtvaardige en innovatieve toekomst!

woensdag, 25 januari 2012

Bart Eigeman

Bart Eigeman

Twitter

Wethouder Bart Eigeman kiest een andere weg

Volgende maand draagt Bart Eigeman het wethouderschap over aan een opvolger. In de raadsvergadering van 24 januari liet hij dit weten. “Ik ben met hart en ziel verbonden aan mensen en de gemeente ’s-Hertogenbosch, maar het is nu tijd om mijzelf te leren kennen in een andere werkkring. Bovendien is het goed ruimte te maken voor een opvolger nu de regeerperiode van dit college nog niet op de helft is.” De fractie van GroenLinks maakt op korte termijn de voordracht van de opvolger van Bart bekend.

Bart weet nog niet wat hij na 28 februari gaat doen. “Tot vandaag heb ik me iedere dag opnieuw helemaal gegeven in dit werk. Elf jaarlang heb ik topsport bedreven, Ik heb even de tijd nodig daarvan los te komen voor ik me in een nieuwe uitdaging stort. Ik blijf wel aan de slag met `mensen uitdagen, inspireren en verbinden’ om het positieve uit zichzelf en hun omgeving te halen.”

Bart kijkt heel positief terug. “Ik ben dankbaar voor het vertrouwen van kiezers én het vertrouwen wat ik van de mensen kreeg die geen GroenLinks stemden. Ik heb de mensen in de stad graag vertegenwoordigd. Met velen uit de stad heb ik de afgelopen jaren mogen samenwerken.

En ik ben optimistisch gestemd: er zijn heel veel mensen die – vaak vrijwillig – zich inzetten om hun leven en dat van anderen een beetje mooier te maken. Er zijn heel veel bedrijven en instellingen die zich inspannen voor onze stad. Politiek hoeft je niet aan politici alleen over te laten. De kunst voor de politici is, de kracht in de samenleving tot bloei te laten komen. En daar blijf ik een bijdrage aan leveren, de komende jaren vanuit een ander gezichtspunt dan de politiek.”

woensdag, 18 januari 2012

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

#sopaprotest, websites gaan op zwart | ons internet bedreigt door Amerika

In sopa, pipa, censuur, bits of freedom, vs, amerika, groenlinks, bof, youtube, en meer.
{EAV:7e58871b96cf5e1f}

+GroenLinks | @ GroenLinks steunt #protesten voor een vrij internet http://t.co/FDMM06X1 #sopaprotest.
Voor wie het nog niet weet: #SOPA en #PIPA zijn twee wetten die de Chinese internet muur van censuur zal evenaren! Amerika kan dan vele websites blokkeren en zelfs opheffen uit naam van de bescherming van intellectueel eigendom.
Dit gaat ook invloed hebben voor ons in Nederland en België Vele Nederlandse en Vlaamse websites werken met .com domein namen. Het eigendom van .com ligt in de Verenigde Staten. De VS kan deze sites uit de lucht halen.
Ook sites zonder .com domeinnaam kunnen getroffen worden, de VS kan het betalingsverkeer naar 'n site platleggen of Google en andere zoekmachines verplichten sites uit de resultaten te halen.
Tot slot kunnen vele populaire sites getroffen worden: Youtube, Wikipedia, Facebook, Flickr, overal waar mensen filmpjes, muziek, foto's en/of teksten kunnen opvoeren kunnen getroffen worden als iemand in de VS vind dat hij of zij auteursrecht op de betreffende werken heeft. Plaats je 'n trailer van een leuke film, 'n opname met je mobiel van 'n concert op youtube: gaat die site plat als je favoriete artiest gaat klagen. Mooie foto van 'n zonsondergang in Bretagne? Klaagt 'n fotograaf flickr aan omdat zij ook zo'n foto heeft gemaakt.
Vind je dit vergaande achterdocht, wees dan over enkele jaren welkom in de juridische woestijn die SOPA gecreëerd heeft: saai internet, geen creativiteit meer online en de creativiteit die er is moet veel voor betaald worden aan enkele grote media bedrijven die achter SOPA zitten en de touwtjes zo weer in haven hebben gekregen.
Lees meer op de Nederlandse organisatie voor internet vrijheid, Bits of Freedom (BOF):
+bitsoffreedom @bitsoffreedom: Straks gaat o.a. Wikipedia op zwart uit protest tegen SOPA. Ook in NL gaan we het merken als die wet het haalt. Hoe? http://t.co/lI9tmVEf
Wil je weten welke populaire sites allemaal tegen deze wet zijn? Google heeft hier 'n overzicht van de anti-SOPA community:
https://www.google.com/landing/takeaction/community/

zondag, 15 januari 2012

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter Blogreacties: Krispijn Beek

Een Ander Nederland in Lochem


teaserGisteren begaf ik me tussen rode hesjes van de PvdA, de tomatentassen van de SP en de groengebuttonde GroenLinksers  in Nijmegen.Voor de nieuwjaarsbijeenkomst ‘Een Ander Nederland’. Natuurlijk een gezellige en feestelijke happening van progressief Nederland. Maar ook hoopgevend, omdat de bundeling van krachten uitzicht biedt op het vervolg op de huidige coalitie. Wat zegt deze brief van Cohen, Roemer en Sap over lokaal beleid. Bestaat er zoiets als ‘Een ander Nederland in Lochem’? Jawel!

Systeemprobleem

koninginCohen, Roemer en Sap zeggen, naar goede linkse traditie, dat de huidige crisis ons niet ‘zomaar’ overkomt, als een natuurramp die we als onvermijdelijk verschijnsel moeten accepteren. Nee, deze crisis komt vanuit falende financiële markten, zelfverrijking, korte termijnbelangen die boven de lange termijn worden gesteld. Dat is goed nieuws! Een natuurramp moet je naar beste weten opvangen. Die vergt een wendbare en alerte samenleving. Maar een crisis die geen natuurverschijnsel is… daar kan je in de kern iets aan doen. Die kan je aanpakken en voorkomen. Het systeem dat tot die  crisis leidt kan omgevormd worden. Daar gaat Een Ander Nederland ook over.

Werk

Centraal in de oproep voor Een Ander Nederland staat het scheppen van zinvolle en duurzame banen. Want via werk komen we bij de structuur die onze economie en samenleving vormt. En dat is nu juist ook wat onze lokale paarse coalitie laat zien. In een duurzame economie combineren we zinvol werk met duurzame investeringen. In Lochem spelen daarbij een aantal wezenlijke onderwerpen; energie, duurzaam bouwen, afval en recycling, groenbeleid, wegenbeheer, riolering. Ik pak er een paar elementen uit.

Duurzaam bouwen en renoveren

duboTerwijl de nieuwbouw in Lochem (net als in de rest van Nederland) stokt  biedt zich een fantastisch werkveld aan voor onze bouwers, installateurs en architecten. Het grootste deel van onze woningvoorraad is niet toekomstbestendig. Hoeveel werk en innovatiekracht zal er in die duurzame renovatie kunnen gaan. Dat levert veel winst op, financieel, milieutechnisch,  qua kennis. ‘Bouwend Lochem’ maakt zich hiervoor klaar. Ik schuif aan, als wethouder, bij een van de landelijke topteams om gezamenlijk beleid te ontwikkelen. Onze afdeling overlegt bij ‘Bouwend Lochem’ om krachten te bundelen. In de regio zetten we de klokken gelijk. Kortom… dit gaan we doen!

Afval en recycling

Met Berkel Milieu, 2Switch, het werkvoorzieningschap Delta en het buurtonderhoudsbedrijf Cambio werken we aan nauwe samenwerking, het Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte. Daarin bundelen we al onze krachten voor zowel het beheer van de gebouwde omgeving als ons uitgestrekte buitengebied. Bijzonder daarbij is dat we ook in staat zullen zijn om een goed en effectief afvalbrengpunt op te zetten. Met alle arbeidskracht gebundeld kunnen we afvalstromen beter scheiden en sorteren en alles van waarde eruit halen. In Zutphen zie je dat nu al gebeuren, met o.a. het ‘zwarte kratje’ waarin huishoudens glas, blik, plastic, papier en andere makkelijk te scheiden zaken aan de straat zetten. Delta haalt dat op en zorgt dat de afvalstromen goed terecht komen. Dat levert arbeidsplaatsen op en zorgt ook voor extra inkomsten omdat het goed gescheiden afval makkelijk in de markt te zetten is.  Dat kan voor veel meer afvalstromen gebeuren en daarmee een beter milieu en meer (duurzame) werkgelegenheid opleveren.

Onderhoud groen

groenDatzelfde Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte kan ook de enorme uitdaging voor het beheer van ons openbaar groen beter vormgeven. Behalve dat we een steviger team zullen vormen voor het noodzakelijk schoffel en renovatiewerk zijn we ook in staat een gezamenlijk dilemma rond het beheer van de bomen in het buitengebied beter aan te pakken. Door krachten en kennis te bundelen kunnen we in zetten op goed kwalitatief onderhoud van onze bomen en zijn we in staat werkelijk een bedrijfsplan te maken waarbij we het rendement van de opbrengsten aan hout en houtsnipppers beter kunnen ‘vermarkten’ en een ruim opgezette nieuwaanplant kunnen realiseren zodat we ook op de lange termijn van voldoende opbrengsten en kwaliteit kunnen genieten. Goed voor onze lokale economie, de werkgelegenheid, de biodiversiteit en het landschap!

Riolering

Ons rioolstelsel lijkt een prachtig efficiënt systeem gericht op het afvoeren van afvalstoffen. Maar is het wel zo efficiënt? Met het riool voeren we waardevolle voedingsstoffen en warmte af met een behoorlijk gebruik van energie. Jaarlijkse onderhoudslasten stijgen snel. Dat kan anders, door direct in de buurt het afvalwater te verwerken en warmte uit het riool te onttrekken. De ombouw van dit systeem zal de komende tien jaar veel werkgelegenheid kunnen leveren terwijl het ons verlies van kostbare grondstoffen beperkt. Ook hier gaan zorg voor het milieu, leefomgeving en werk samen.

Een ‘hub’ voor duurzame zzp-ers

hubTientallen, zoniet honderden, bedrijfjes hebben een plek op zolder of in een achterkamer. Zzp-ers die als energieadvies geven, technische innovaties realiseren, communicatie ondersteunen, conferenties organiseren. Veel van die bedrijven en bedrijfjes werken geïsoleerd. Ze maken weinig gebruik van elkaar onderlinge kracht. Het energieadvies zou gebruik kunnen maken  van de communicatiedeskundige, de onderzoeker of financieel deskundige om de hoek. Bij LochemEnergie merken we hoeveel kennis en arbeidskracht aanwezig is en als we die bundelen dan ontstaat een geheel nieuwe kracht. Dat kan, bijvoorbeeld in een gedeelde kantoorruimte met gedeelde faciliteiten. Gezamenlijke receptie, computernetwerk en kantine. Gezamenlijke scholing, gedeelde projecten en gebundelde communicatie. Een antwoord op eventuele leegstand in kantoren en een versterking van de innovatieve en duurzame werkgelegenheid dus.

Zo krijgt Een Ander Nederland in Lochem vorm. Daarvoor is meer nodig dan een enthousiast ‘paars’ Lochems college en ondernemende gemeenteraad. Stimulans en ruimte vanuit het Rijk om duurzaam en sociaal te innoveren is  wezenlijk. Niet voor niets pleit Lochem voor  de aanpassing van de belastingwetgeving voor energie, zodat ook een lokaal energiebedrijf als LochemEnergie kan concurreren met de (nu gesubsidieerde) grootschalige opwekking van grijze energie. Het Rijk zal de belastingwetgeving moeten vergroenen, innovatie moeten stimuleren en samen met de financiële sector moeten bijdragen aan de investeringsruimte voor dergelijke duurzame initiatieven, bijvoorbeeld door het opzetten of gericht steunen van ‘revolverende’ fondsen die investeren in duurzame energie makkelijker maken. Het Rijk zal belemmerende regelgeving moeten wegnemen en normen moeten stellen (bv op het vlak van energiezuinig en duurzaam bouwen) om een gemeenschappelijk speelveld te creëren waarin al deze initiatieven kunnen floreren. Even belangrijk is dat gemeenten en lokale gemeenschappen de verbinding zoeken, gemeenschappelijke ontwikkeltrajecten opzetten en innovatie in een open en lerende omgeving plaatsen. Zodat die duurzame toekomst op vele plekken tegelijk vorm krijgt.

Dan krijgen we het andere Nederland dat we nodig hebben.  

vrijdag, 13 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Herindustrialiseren van Europa: is er een weg terug?

In overig, duurzaamheid, economie, europa, grenzen aan de groei, politiek, recessie, banken, investeringen, en meer.
Onze Westerse welvaart is deels gebaseerd op rendement uit investeringen. Bedrijven leenden van banken en verplaatsten de arbeidsintensieve produktie naar lagelonenlanden. De loonkosten kunnen nog verder gedrukt door 14, 15 en 16 jarigen te laten werken i.p.v. volwassenen of door arbeidskrachten uit Oost-Europa in te huren. Investeringen in produktiecapaciteit leverden een eeuw lang rendement op. [...]

woensdag, 11 januari 2012

Theo Brand

Theo Brand

Kiest het CDA voor een echte omslag?

Het CDA overweegt volgens de media ‘een ruk naar links’. De mogelijke koerswijziging blijkt uit gelekte plannen afkomstig uit het zogeheten Strategisch Beraad onder leiding van oud-minister Aart Jan de Geus. Veel christen-democraten zullen de koerswijziging eerder bestempelen als een terugkeer naar het politieke midden. Vooral macht en invloed maken een centrumpositie immers interessant. Maar een strategisch beraad is nog geen principieel beraad. En dat laatste is nodig is om een nieuw fundament onder de partij te leggen.

Als je door de waan van de dag stevig naar rechts bent meegezogen, dan sta je na verloop van tijd beteuterd in de hoek. Dan blijft er één richting over en dat is terugbewegen naar links. Zo verrassend is de koerswijziging daarom niet. De vraag is vooral: hoe ver durft het CDA te gaan? En komt de partij ook aan de progressieve kant van het politieke spectrum uit? Komt de koersverandering voort uit lijfsbehoud of is deze geboren uit een diepgewortelde overtuiging? En als dat laatste het geval is, wanneer volgt dan de erkenning dat de partij door fixatie op macht de afgelopen jaren op een ideologisch dwaalspoor terecht is gekomen?

Nu is de vraag wat de begrippen ‘links’ en ‘rechts’ precies inhouden nogal verschillend te beantwoorden. Dat is – helemaal voor middenpartijen als CDA en D66 – altijd een wat lastige zaak. Voor mij telt het criterium of een politieke partij culturele verdraagzaamheid, duurzame ontwikkeling en een eerlijke verdeling van welvaart, macht en inkomen bevordert of juist eerder frustreert. Zo bezien is het CDA op dit moment een conservatieve en rechts georiënteerde partij.

Politiek filosoof en emeritus hoogleraar politieke filosofie Henk Woldring stelde eerder in tijdschrift De Linker Wang: “Het politieke midden kan nooit je doelstelling zijn, het gaat om een visie op de samenleving. De christen-democratie moet uiteindelijk een gematigd progressieve politieke beweging zijn.” Woldring schreef in 1996 een doorwrochte filosofische studie over de beginselen van de christen-democratie en zat namens het CDA in de Eerste Kamer. In 2010 zegde hij diep teleurgesteld zijn partijlidmaatschap op.

Levert het CDA straks echt een politieke bijdrage om de dominante economische machten bij te sturen? Durft de partij weer politiek met een hoofdletter te bedrijven? Of blijft het CDA kiezen voor ongebreidelde marktwerking door een verdere terugtreding van de overheid, maar dan in een wat vriendelijker vorm met wat meer culturele openheid? Rechts, maar zonder scherpe kantjes in een wat lichtere variant? Of kiest het CDA voor een echte omslag?

Voor de politiek in het algemeen is het interessant of de koerswijziging van het CDA zal leiden tot de val van het Kabinet Rutte. Wat mij vooral boeit is de vraag of trouwe CDA-kiezers zullen doorzien dat de eeuwige slingerbewegingen van het CDA – of die nu van links naar rechts gaan, of juist van rechts naar links – vooral zijn ingegeven door macht en politieke strategie. En dat visiestukken als het recent verschenen ‘Mens, waar ben je?’ uiteindelijk ondergeschikt zijn aan politiek lijfsbehoud. Of ben ik nu te cynisch? Ik vermoed oprecht van niet. Toch wil ik als religieus geïnspireerde GroenLinkser het CDA het voordeel van de twijfel geven, maar wel met een nadrukkelijke kanttekening.

Natuurlijk is elke politieke partij bezig met macht en strategie. Wat dat betreft neem ik het CDA niets kwalijk. Politiek bedrijven valt of staat met macht en invloed. Maar voor het CDA lijkt politieke macht gaandeweg een doel en een principe op zichzelf te zijn geworden. Dat het CDA nu weereens wat naar links beweegt is daarom alles behalve opzienbarend.

Relevant is vooral de vraag of het CDA  niet alleen om strategische redenen naar links buigt, maar in het voetspoor van de ideeën van onder anderen Henk Woldring, ook definitief durft te kiezen voor een gematigd progressief profiel omdat de christen-democratische wortels van solidariteit, emancipatie en rentmeesterschap dat simpelweg vereisen.

Als die trend zich definitief zou doorzetten, komt het CDA in beeld als interessante en stabiele coalitiepartner voor PvdA, SP, D66, ChristenUnie en ook mijn eigen partij GroenLinks. Afhankelijk uiteraard van de vraag hoeveel Tweede Kamerzetels de partij kan inbrengen bij het realiseren van een nieuwe centrumlinkse regeringscoalitie.


zondag, 8 januari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Mijn weblog in 2011

In blogs, persoonlijk, cijfers, statistiek, weblog, duurzame energie, energie, facebook, google, en meer.

In 2011 heb ik mijn best gedaan mijn weblog wat constanter bij te werken. Dat is zeker niet het hele jaar door gelukt. Met 134 berichten heb ik in 2011 wel gemiddeld 2 berichten per week weten te schrijven naast mijn werk en gezinsleven. Best een behoorlijk aantal, al heb ik ook een hoop berichten in concept staan die dat nooit ontgroeid zijn en in de loop van de tijd achterhaald zijn.

2011 leverde wel het hoogste aantal bezoeken op. Al is dat aantal al een paar jaar redelijk stabiel rond de 17 duizend.

Aantal bezoekers
2007 100
2008 9.476
2009 17.833
2010 17.061
2011 17.946

Top verwijzers

De impact van sociale media is in de lijst met verwijzers erg duidelijk aan het worden. Voorheen was dat lijstje eigenlijk saai, saaier, saaist met Google aan kop gevolgd door andere zoekmachines, zoals Yahoo! en Bing. Voor 2011 ziet dat lijstje er duidelijk anders uit met twitter.com, facebook.com, startgoogle.startpagina.nl en linkedin.com. Dat zijn dus 3 sociale netwerksites en de google subpagina van startpagina, en geen google.com. De 5e is een intern IP nummer (127.0.0.1), dus ik vermoed dat er vanuit een aantal bedrijven en organisaties driftig meegelezen wordt… De koppeling die ik heb tussen mijn verschillende sociale netwerkprofielen, waardoor ik blogberichten automatisch doorplaats op Twitter, Facebook en LinkedIn heeft dus effect. Hyves komt niet voor in de lijst al plaats ik mijn berichten daar ook nog steeds. Buiten mijn nichtjes zie ik daar eigenlijk nauwelijks tot geen activiteit meer plaatsvinden.

De meest gezochte termen waren symbid, (het) zonnecollectief, krispijn beek (hoe verrassend ;-) en wijwillenzon (de collectieve inkoopactie voor zonnepanelen van Urgenda).

Meest gelezen berichten

In het lijstje met meest gelezen berichten valt vooral een ouwetje op over de Seagulll buitenboordmotor. Daarnaast is er in Nederland blijkbaar erg veel belangstelling voor zonneboilers en zonnepanelen, want dat is het voornaamste onderwerp dat verder de top 5 heeft gehaald. Buiten dan We Generate, dat inmiddels is samengegaan met Qurrent. Of ben ik zo saai in onderwerpkeuze geworden dat het enkel nog over duurzame energie gaat? ;-)

  1. Seagull aan de praat  August 2004
  2. Wij willen zon!  November 2010
  3. Zonneboiler actie van Urgenda & het Zonneboilercollectief July 2011
  4. We Generate: het energiebedrijf van de toekomst February 2011
  5. De zonneboiler in gebruik May 2011

vrijdag, 6 januari 2012

Arno Uijlenhoet

Arno Uijlenhoet

Twitter

Een nieuw jaar, een nieuw begin!

Beste GroenLinksers,

Een nieuw jaar, een nieuw begin. Wat mij betreft wordt 2012 het jaar waarin wij als GroenLinks de opgaande lijn weer te pakken krijgen! Het jaar waarin wij de volgende stap zetten in onze ontwikkeling!

Op 11 februari aanstaande kiezen jullie een nieuwe partijvoorzitter. Als ondernemer en idealist sta ik voor GroenLinks als groene doorbraakpartij; een partij die mensen, bedrijven en instellingen verbindt die op alle fronten actief zijn om van Nederland een duurzaam en innovatief land te maken. Een partij die oog en oor heeft voor de materiële en immateriële noden van mensen, maar juist in deze tijden van crisis de traditionele links-rechts tegenstelling ontstijgt. Een moderne partij die open staat voor mensen en ontwikkelingen in de samenleving, ruimte biedt aan debat, op democratische wijze besluiten neemt en blijft investeren in de eigen beginselen.

Wanneer wij bereid zijn uit te gaan van onze eigen kracht, ligt een groene toekomst voor ons. Ik wil me samen met jullie voor deze toekomst inzetten! Meld je daarom uiterlijk 10 januari aanstaande aan voor het congres via http://congres.groenlinks.nl/aanmelden en geef mij tijdens het congres op 11 februari je vertrouwen!

Kijk voor meer informatie over wie ik ben en waar ik voor sta op deze site.

Wil je me steunen? Verwijs dan je eigen netwerk naar dit bericht en betuig je steun via de link ‘steun Arno!’ hiernaast op deze pagina.

Natuurlijk kun je me ook uitnodigen voor een bijeenkomst om nader kennis te maken. Email dan naar: info@uijlenhoet.eu.

Bedankt en tot ziens!

Arno Uijlenhoet

donderdag, 5 januari 2012

Jan Hoek

Jan Hoek

Linkedin GR

Voor een schone schoonmaak

In aanbesteding, actie, eerste, partijen, tegenwoordig, weer, werk.
Mijn ding is het niet echt, maar de oproep van Linda Voortman kon ik natuurlijk niet negeren. Dus vandaag heb ik meegelopen met de stakende schoonmakers. In de regen ging het van het Mercure hotel aan de Joan Muyskenweg naar het hoofdkantoor van Philips in de Breitnertoren. Philips is een van de bedrijven die steeds weer bezuinigt op de schoonmaakcontracten.

De stakende schoonmakers hebben een enorm punt. Vroeger zouden ze in dienst zijn geweest van Philips. Tegen een bescheiden loon zouden ze de kantoren en fabrieken hebben schoongemaakt. Maar ze zouden wel werknemer van Philips zijn geweest, met alle rechten die daarbij hoorden. Tegenwoordig horen ze bij de partij die na een moordende aanbesteding bij Philips het schoonmaakcontract in de wacht heeft gesleept. Dat betekent dat de schoonmakers nauwelijks een vergoeding voor reiskosten krijgen, of dat ze de eerste dagen dat ze ziek zijn, gedwongen zijn vrije dagen op te nemen.
Het betekent ook dat er van ze verwacht wordt dat ze kantoren en fabrieken in no time schoon maken. De stopwatch is de baas en of het allemaal reëel is, lijkt niet ter zake te doen. Dat is roofbouw plegen op het mensen die het zware en vuile werk doen. Het is respectloos.

Meer dan genoeg reden om mee te lopen. En goed om te constateren dat deze demonstratie niet werd overgenomen door vlaggen van politieke partijen. Alleen maar gele hesjes. Dit was een actie van schoonmakers. En zo hoort het!

Peter Smith

Peter Smith

Groene groentjes

Veel bedrijven zijn er mee bezig, zijn van goede wil.
Er zijn er ook die alleen een groen sausje over hun imago gieten. Daar is zelfs al een naam voor: Greenwashing.

Een goed voorbeeld van dat laatste is Coca-cola. Ze doen erg hun best om de groene schijn hoog te houden door veel publiciteit te generen voor hun zogenaamde groene-pet-fles.
Aan de ene kant heel mooi natuurlijk, maar het is niet zo dat een groene pet fles niet schadelijk is als deze in het plastic mortuarium ‘De Plastic Soep’ terecht komt.
Maar nog schadelijker is het dat Coca-cola initiatieven dwarsboomt die iets aan de plasticsoep en plastic vervuiling willen doen.

Dus voor mij geen voorlopig geen Coca cola meer, dat is het enige dat ik er aan kan doen. En er over schrijven natuurlijk. Dus nu drink ik Oggu-cola, nog veel gezonder ook!

Bij Coca-cola vermoed ik dus puur machtsmisbruik. Maar het kan ook door onwetendheid fout gaan.

Jumbo bijvoorbeeld komt veelvuldig in het nieuw door de geweldige actie van Jumbo-Eerbeek om statiegeld te geven op verpakkingen. Een van de beste manieren om zwerfvuil tegen te gaan.

Maar hoe moeilijk het is om op alle fronten duurzaam te zijn blijkt tijdens de opening van Jumbo-Meppel. Natuurlijk is het een feestelijke opening en ‘natuurlijk’ zijn er gele ballonen. Maar is dat wel zo natuurlijk?
Al die balonnen of de resten ervan zwierven door de buurt en omgeving nadat de feestlijkheden gestaakt waren. Liane Morsink zag dit en in plaats van te mopperen, ruimde ze de resten op en ging ermee naar de Jumbo om er met hen over te praten. Maar het blijkt dan toch moeilijk om de Jumbo ervan te overtuigen op een andere manier uiting te geven aan hun feestvreugde. De ballonnen zelf breken na verloop van tijd af (wel valt te hopen dat in de tussentijd vogels het niet voor voedsel aanzien) maar kwalijker zijn die lintjes en ventielen. En daar kan de Jumbo toch gemakkelijk een andere oplossing voor bedenken?

Liane schrijft: “In de boom op de foto hangen gele linten / slierten, welke er nu, een maand na de opening, nog steeds hangen.” Ik hoop dat er een olifantje met hele grote oren nu luistert en vliegensvlug die linten uit de bomen haalt.

zondag, 1 januari 2012

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter

Een raaf in de achtertuin

raafEen paar dagen geleden liep ik in het bos achter ons huis. Een mooi landgoed, waar ons gehucht Exel als een Gallisch dorpje tegen aan is geplakt. Een wat schor ‘ra ra’ en een grote kraai in de top van een boom met een ruitvormige staart was herkenning genoeg. Daar zat een Raaf. Met 1.20 meter spanwijdte de grootste kraai, bekend om z’n slimme gedrag. Een instrumentengebruiker, die met stokjes voedsel uit holletjes peutert en stenen gebruikt om noten te kraken. Bijna uitgestorven in Nederland, maar na herintroductie zijn er weer een kleine honderd broedparen. De raaf is een mooi symbool van kwetsbare biodiversiteit. Nu weer onder druk door de plannen van dit kabinet.

Prachtige oase in isolement

ampsenIk woon in een prachtige wereld. Naast het landgoed Ampsen, op een steenworp van het landgoed Verwolde en de moerassige bossen van het Kranengoor. Achter Ampsen liggen de broekgronden. Vroeger waren dat elsenbroeken, moerassen en venen waar beken doorheen stroomden. Nu nog vindt je het geurige gagel in de weg, groeit hier en daar de heide in de bermen. De rest is ontgonnen, mais- en grasakker geworden. De landgoederen liggen als oases van biodiversiteit in deze groen/bruine woestenij, met hier en daar nog resten van oude houtwallen. Want dat is het toch, laten we eerlijk zijn. Rechte lijnen van eiken begeleiden de ontsluitingswegen, jaarlijks vol van eikenprocessierups. Daar tussen liggen eeuwig groene weilanden, regelmatig gescheurd voor nieuwe inplant van engels raai. Afgewisseld door maisakkers, soms een aardappelveld. In de winter groenbemest met wintertarwe. Reeen haasten zich over deze kale akkers, op zoek naar beschutting. Als een boer ploegt, dan zie je nauwelijks meer vogels in zijn sporen. Het bodemleven is verarmd door intensief grondgebruik. Zelfs de roeken, vlak bij het station, trekken steeds meer de stad in omdat er ‘s winters op het platteland niets te halen is. Mijn bijen verhongeren er in de zomer, omdat na de linde er nauwelijks iets bloeit.

Ecologische Hoofdstructuur

exelDie Raaf in het winterse bos is als een symbool van de fantastische biodiversiteit die dit gebied kan dragen. Een prachtige vogel die als opportunistische aaseter aan z’n kost moet komen. Dus veel oppervlakte en rust nodig heeft. Aan de andere kant van Lochem broedt een paar, in het Grote Veld. Ampsen is, denk ik, net te klein. Dat hoeft niet zo te zijn, maar de lijnen met Verwolde en Kranengoor zijn verbrokkeld, de verbinding met de Lochemse Berg is ver weg. Hier ligt potentieel een prachtig natuurgebied, als die lijnen getrokken worden en kwaliteit via natte natuur en houtwallen ervoor zorgt dat natuurgebieden in verbinding komen. Bij ons achter wordt die poging gedaan, door een weiland te ontgraven en een stap tussen Kranengoor en Ampsen mogelijk te maken via een mini-natuurgebiedje. Verderop loopt de, gekanaliseerde, Dortherbeek. Een ecologische verbindingszone. Boeren en buitenlui zetten zich in voor kavelruil om ook daar natuurlijke verbindingen te realiseren. Dan wordt dit gebied weer één, de oases krijgen weer hun voeding. Er is dan ruimte, ook voor de Raaf.

Bezuinigingen

binnenhofVolgende week, de 12de, ga ik naar de provincie. Daar krijgen we te horen wat er met de Ecologische Hoofdstructuur gaat gebeuren nu er drastisch bezuinigd wordt. De voortekenen zijn absoluut onheilspellend. De lijnen worden verbroken, bestemmingen verdwijnen, de oases komen geïsoleerd te liggen. Onder andere omdat agrarisch land onttrokken wordt van die Ecologische Hoofdstructuur.  Dit kabinet, met Bleker als woordvoerder, verandert de verhoudingen en zet de landbouw weer voorop. Kortzichtig, in een gebied waar met agrariërs lang gewerkt is aan grondruilen en zorgvuldig vormgegeven verbindingen. Zodat die Raaf weer terug kan komen, als symbool van biodiversiteit die misschien de ruimte ging krijgen. Nu, met het loslaten van de melkquota in de komende jaren, en de daarmee verbonden explosie van schaalvergroting en productie, worden dergelijke processen jaren terug geslagen. De verbindingen vallen dan weg, de oases staan weer in hun groene woestenij.

Alternatief lokaal

Wat goed is, van het beleid van dit kabinet, is dat we zo weinig van Den Haag te verwachten hebben. Zelfs Arnhem, onze provinciale hoofdstad, is heel ver weg. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, is het ook een beetje. Maar het betekent dat we het zelf moeten oplossen, met zeer beperkte middelen. Ons energiebeleid laat zien dat je in zo’n zoektocht onvermoede krachten tegen komt. Dat we sterker dan Den Haag of Arnhem kunnen zijn. Dat we zelf in staat moeten zijn die biodiversiteit te verbeteren en ons niet door Haagse besognes moeten laten leiden.  Dat kan, maar het vraagt, net als bij ons energiebeleid, volstrekt ‘omdenken’. Vanuit de lokale belangen zoekend naar perspectief voor onze Raaf? In een wereld van jagers en boeren, gewend te oogsten wat de natuur hun lijkt te bieden?

Ja dus. Want is het huidig natuur- en landschapsbeleid niet gebouwd op een zompig fundament van afhankelijkheden zonder overtuigend deel te zijn van onze eigen economie? Komende jaren staan, in Lochem, in het teken van duurzame gebiedsontwikkeling. Daarbij staat de economie van het platteland voorop. Bedrijven die een goed inkomen halen uit dit agrarisch landschap, met haar landgoederen, houtwallen en beken. Schaalvergroting zal onvermijdelijk zijn, maar dan ingepast in een kleinschalig landschap. Verdienen aan de natuur, via biomassa, slimme maairegimes, goed grondgebruik waardoor mestgift omlaag kan, gebruik makend van natuurlijke systemen die evenwicht in de bodem versterken wordt het adagium. Maar ook verdienen aan de biodiversiteit en prachtige natuur omdat dit ons landschap recreatief en toeristisch waardevol maakt. Want de recreant komt voor die beek, prachtige houtwallen en landgoederen.

En dat er dan een enkeling is die kippevel krijgt van dat schorre ‘ra ra’ van een eenzame Raaf, is dan mooi meegenomen.

zaterdag, 31 december 2011

Claire Vaessen

Claire Vaessen

Twitter GR

Sociaal ondernemen moet worden beloond

In raad, sociaal inkopen en aanbesteden, social return, sociale werkvoorziening, actualiteit, cda, coalitie, college, d66, en meer.

Nog niet over geblogd, maar zeker het vermelden waard, is dat in november ons Initiatiefvoorstel Sociaal inkopen en aanbesteden unaniem door de gemeenteraad is aangenomen.

Er gaat enorm veel veranderen in de nieuwe Wet Werken naar Vermogen. Er is flink minder geld beschikbaar en we worden geconfronteerd met een afname van het aantal beschermde werkplekken. Dat betekent een forse aanslag op de mogelijkheden van mensen die het toch al moeilijk hebben op de arbeidsmarkt. Zij moeten, idealiter, zoveel mogelijk een ‘gewoon’ dienstverband krijgen. De huidige regering verzuimt echter om werkgevers te prikkelen om deze mensen in dienst te nemen. Daarom moet de gemeente naar oplossingen zoeken. Immers de gemeente, Culemborg is, straks nog meer dan nu, financieel verantwoordelijk voor deze groep.

De gemeente heeft zeker eigen mogelijkheden om de kansen op werk van Culemborgers in een achterstandspositie te vergroten. Zo koopt de gemeente zelf veel in en moet grote opdrachten aanbesteden. Waar het initiatiefvoorstel op neerkomt is dat de gemeente voorrang moet gaan geven aan bedrijven die zich sociaal gedragen. Concreet gaat het om bedrijven die een kans bieden aan mensen die moeilijk aan werk kunnen komen: mensen met een lichamelijke of psychische beperking, weinig opleiding of langdurig werklozen. In het inkoop- en aanbestedingsbeleid van de gemeente moet het sociale aspect daarom een van de gunningscriteria worden.

Een van de manieren om bezwaren te overkomen en dit nieuwe beleid soepel te laten verlopen zou het instellen van een Fonds Social Return kunnen zijn. Opdrachtnemers of leveranciers zijn dan verplicht een percentage van de aanneemsom in dat fonds te stoppen. Zij kunnen het gestorte geld weer terugverdienen door het bieden van arbeids-, stage- of leerwerkplekken.

De indieners, GroenLinks, PvdA en CU,  hadden snel en slagvaardig willen handelen. Al in 2012 het onderzoek naar de haalbaarheid van sociaal inkopen en aanbesteden en het fonds willen afronden. En zo mogelijk komend jaar nog het nieuwe inkoop- en aanbestedingsbeleid willen vaststellen. De coalitie dacht daar jammer genoeg anders over. Blijkbaar heeft de coalitie geen haast als het gaat om een zaak die kwetsbare mensen aangaat.

De wethouder vertelde dat hij in de regio aan het werk is om de diverse aanbestedingsregels van gemeenten gelijk te trekken. Dat lijkt een stap in de goede richting. De raad was daar nog niet eerder over geïnformeerd. De wethouder voorspelde echter ook dat het Culemborgse inkoop- en aanbestedingsbeleid hetzelfde zou blijven of slechts marginaal zou afwijken.

Wat GroenLinks betreft zou het initiatiefvoorstel juist daarom een stevige steun in de rug zijn en de onderhandelingspositie van de wethouder in de regio versterken. Immers, ook de Tielse gemeenteraad heeft een GroenLinks- initiatiefvoorstel sociaal inkopen en aanbesteden aangenomen. Gelukkig sprak de wethouder zelf ook uit dat het voorstel zijn beleid ondersteunde.

Het debat in de raad ging, jammer genoeg, niet of nauwelijks over de inhoud. VVD, CDA, d66 en SP spraken vooral over de procedures: of de wethouder voor de voeten gelopen werd; of het niet beter was af te wachten; wanneer de raad weer “in stelling” zou zijn; of het initiatiefvoorstel niet eigenlijk ‘motie’ genoemd moest worden.

Wat dat laatste betreft: nou nee. Een motie nodigt het college uit om iets te doen en is veel vrijblijvender. Een aangenomen initiatiefvoorstel dwingt het college aan het werk te gaan. In veel gemeenten is sociaal inkopen en aanbesteden al lang ingevoerd. Dat Culemborg er daadwerkelijk mee aan de slag gaat en met resultaten komt is, gezien de actualiteit, hard nodig.

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Persoonlijke terugblik 2011

In persoonlijk, 2011, activiteiten, co2, crowdfunding, duurzaam, duurzaamheid, duurzame energie, energie, en meer.

2011 is een jaar van grote veranderingen en het jaar waarin het eindelijk is gelukt om een aantal goede voornemens voor 2009 en 2010 tot uitvoering te brengen.

Werk
De grootste verandering is de overstap vanuit de overheid terug naar het bedrijfsleven. Na zes jaar vanuit het Haagse bedacht te hebben hoe je duurzamer kunt ondernemen in Nederland werd het tijd om er actief mee aan de slag te gaan. Daarvoor deed zich een mooie kans voor in de sector waar ik me de laatste jaren als columnist voor het magazine Duurzaam Gebouwd en vanuit het project duurzaam ondernemen als kans mee bemoeid had: de bouw. Afgelopen jaar ben ik gaan werken voor twee bedrijven. In de eerste plaats voor Strukton, daarnaast werk ik af en toe mee bij TreFoil Energy. Inmiddels ben ik redelijk ingewerkt en in 2012 kun je dus meer berichten verwachten over mijn werkzaamheden voor deze bedrijven en over de activiteiten van deze bedrijven. Ook zal ik zeker aandacht besteden aan het onderzoek dat TNO en Stichting Vernieuwing Bouw momenteel uitvoeren naar geslaagde duurzame innovaties in de bouw. Ik ben namelijk erg benieuwd naar de uitkomsten daarvan, aangezien de mensen van Building Brains het oorspronkelijke onderzoeksvoorstel mede op mijn verzoek hebben geschreven. Helaas kan ik 25 januari niet naar de dialoogbijeenkomst Groen is Poen over het onderzoek.

Verandering van werk betekende ook verandering van vervoermiddel. Na een paar maanden in een slurpende bak rondgereden te hebben kon ik deze gelukkig inruilen voor een leaseauto naar keuze. Elektrisch zat er helaas niet in, maar met de Lancia Ypsylon koos ik op moment can uitkiezen de nummer 3 uit de top 10 zuinige kleine benzineauto’s van de ANWB. Inmiddels is het overigens nummer 4. Het goede nieuws is dat ik de eerste 2 maanden keurig volgens normverbruik heb gereden. Vanaf 2012 is het mijn bedoeling om de CO2 uitstoot via Natuur en Milieu te compenseren met emissierechten van het Europees CO2 emissiehandelssysteem.

Prive
De verandering van werk heeft ook thuis effect gehad. In onderling overleg met Nelleke ben ik een dag meer gaan werken en zij een dag minder. Om alles tijdtechnisch rond te krijgen gaat onze dochter nu 3 dagen naar het kinderdagverblijf. Of dat zo blijft in 2012 is de vraag. Tijdelijke contracten in gemeenteland zijn schaars aan het worden en het huidige contact van mijn vriendin is niet verlengd. Dat wordt binnen een maand iets nieuws vinden of het kinderdagverblijf van onze dochter opzeggen. Met wat gepuzzel gaat 1 dag waarschijnlijk nog wel lukken, maar 3 dagen is met de nieuwe Kabinetsplannen duurder dan de hypotheek… Dat wordt dus een keten van werkloosheid in gang zetten, want we zullen vast niet de enige familie in ded buurt zijn die met werkloosheid te maken krijgt.

Ons huis bevalt nog steeds goed. We hebben afgelopen jaar behoorlijk weten te sparen, dus wie weet kan een nieuwe badkamer er eerder komen dan we oorspronkelijk hadden gepland. Het is ook nog steeds mogelijk dat we het geld in gaan zetten voor extra energiebesparende of energieopwekkende maatregelen in huis. Dat laatste hangt af van de prijzen die in de verschillende collectieve inkoopacties voor zonnepanelen bedongen worden.

Investeren
2011 was ook het jaar van investeren in een duurzame toekomst. In de eerste plaats natuurlijk door het plaatsen van een zonneboiler, die voorlopig Euro 1.100 duurder lijkt uit te vallen doordat mijn oude werkgever de SDE warmte niet meer open heeft gesteld in 2011. Onze installateur voert hierover nog een rechtzaak tegen Agentschap NL.

Buiten ons huis hebben we voor €1.000 in windenergie geinvesteeerd. We hebben onze investering in Meewind met € 500 uitgebreid (was €1.000) en zijn we voor €50 lid geworden van De Windvogel. We hebben De Windvogel ook €450 geleend. Geen grote bedragen en toch een poging om in deze economisch minder goede tijden duurzame energie in Nederland een steuntje in de rug te geven.

Op twitter werd afgelopen week terecht opgemerkt dat je ook aan duurzaamheid wereldwijd moet denken. Vanuit dat oogpunt heb ik mijn investeringen via MyC4 uitgebreid met €150. Omdat ik nog steeds geloof in de kracht van crowdfunding voor Nederlandse ondernemers heb ik ook geld geinvesteerd in Enviu Participations en AV Direct. Uiteindelijk is het niet gelukt om alle investeringen gestand te doen. Zowel de investering in Treemagotchi als WakaWaka zijn vooralsnog niet doorgegaan in 2011. Volgend jaar kun je op mijj weblog in ieder geval aandacht voor mijn investeringen verwachten.

Voor nu rest mij om alle lezers een goed, gezond en gelukkig 2012 te wensen.

vrijdag, 30 december 2011

John Swelsen

John Swelsen

Hyves Linkedin Twitter

Nieuwe kansen voor arbeidsverhoudingen

Onderstaande stukje dat ik op 5 december schreef met verheugende bericht dat de vakbeweging een begin van vernieuwing lijkt in te zetten.

Een noodzakelijke, maar toch ook dappere stap is het die de vakbondsvoorzitters van FNV afgelopen zaterdag hebben gezet. Het loslaten van oude structuren vergt moed en dat is toch wat hier is gebeurd. De Nieuwe Vakbeweging (werktitel) wordt een open vakorganisatie waar verschillende bonden en verenigingen zich bij aan kunnen sluiten.

 

De organisatiegraad van de vakbeweging in Nederland werd de laatste decennia steeds kleiner maar ook eenzijdiger. Met namen de middelbare witte man vanaf ca 45 jaar is oververtegenwoordigd. Dat bracht met zich mee dat de belangenbehartiging zich ook daar naartoe verplaatst heeft. Op zichzelf is dat vrij logisch, ware het niet dat het FNV protectionistisch bezig is geweest. Nieuwe initiatieven in vertegenwoordiging waarvan vooral Alternatief Voor Vakbond (AVV) een prominent voorbeeld is, werden in eerste instantie met argwaan tegemoet getreden. De collectieve solidariteit verdween steeds meer uit zicht.

 

Jongeren, ZZP-ers en flexwerkers werden ondanks het feit dat ze in omvang toenamen en hun problematiek groter werd meer en meer genegeerd. Bonden zoals FNV zelfstandigen, FNV ZBo, FNV mooi, FNV KIEM en FNV Jong hebben binnen de grote vakcentrale waarin de bolwerken ABVAKABO en Bondgenoten de toon zetten nauwelijks iets in te brengen.

 

Het is dus niet alleen van belang om de organisatiegraad op te krikken, maar om deze te verbreden. Dan pas ontstaat er echte solidariteit, ooit de reden voor oprichting van de vakbeweging.

 

Maar er is meer winst te behalen. De verstarde arbeidsverhoudingen in Nederland moeten worden opengebroken, en niet door het ontslagrecht te versoepelen. Dat is het traditionele werkgeverspraatje, dat jammerlijk genoeg ook door sommige progressieve politici is overgenomen.

Het verdient aanbeveling om een nieuwe visie op de veranderde arbeidsverhoudingen te ontwikkelen en niet vanuit een defensieve houding maar realistisch. Ook doet de nieuwe vakbeweging er goed aan om de werknemersvertegenwoordiging binnen organisaties steviger te ondersteunen. Vervolgens moet de politiek de medezeggenschap binnen bedrijven een stevige wettelijke basis geven. Zo kunnen de arbeidsverhoudingen meer aansluiten bij de geest van de tijd en grote individualisering combineren met versterkte solidariteit.

 

donderdag, 29 december 2011

John Jorna

John Jorna

Helpt geweld tegen het kwaad?

In column van de week, afghanistan, betalen, boodschap, buren, china, communistische, criminaliteit, eerste, en meer.

OMGAAN MET HET KWAAD IN DE WERELD

Je bent geograaf of je bent het niet! Als geograaf onderscheid je verschillende schaalniveaus. Het kleinste schaalniveau is dat van het gezin. Zou zich zelfs in een gezin kwaad voordoen? Op het eerste gezicht denk je van niet. Kinderen kunnen wel eens ondeugend zijn, maar dat valt voor mij niet onder “het kwaad”. Maar dan lees je over huiselijk geweld: mannen, die hun vrouw mishandelen of omgekeerd. Kinderen, die mishandeld worden, soms met dodelijk gevolg. Je hoort over seksueel misbruik van meisjes door vader of broer. Achter de voordeur gaat veel kwaad schuil. Leerkrachten en huisartsen wordt gevraagd daarop attent te zijn en ook buren zouden hun vermoeden kunnen melden bij een vertrouwensarts. Laten we bedrijven en instellingen deze keer maar overslaan.

We kijken naar het wijk- of dorpsniveau. Meestal is dit nog redelijk overzichtelijk en kennen veel mensen elkaar. Nu is er vaak veel weerzin tegen sociale controle, want dat wordt gemakkelijk geassocieerd met sociale dwang tot “deugdzaamheid”, als de jonge mensen tenminste nog weten, wat daaronder wordt verstaan. Maar als gezinnen weg gepest worden uit een wijk, dan zou de meerderheid van goedwillende mensen dat niet moeten pikken en zeker niet de ouders van de pesters. Die zouden ook door iedereen daarop aangesproken moeten worden. Buurtwerkers, wijkagenten, buurtverenigingen, jeugdzorg en gemeente horen goed samen te werken en daarbij vooral moeten afspreken, wie de eerst verantwoordelijke is voor de aanpak van een probleemgeval. Een interessant nieuw initiatief is Burgernet. Wie zich daarbij heeft aangesloten krijgt soms van de politie een sms of mondelinge boodschap via de telefoon om te waarschuwen, wanneer hij iemand met een nauwkeurig signalement ziet.

Toch is het bestrijden van criminaliteit en het verzekeren van de veiligheid van de burgers vooral een overheidstaak. De overheid moet de wet handhaven. Zelfs in Nederland valt dat niet mee. Bij zware criminaliteit is vooral het leveren van een wettig en overtuigend bewijs moeilijk. De politie kampt vaak met te weinig of onvoldoende deskundig personeel. Computercriminaliteit vroeg een totaal nieuw soort specialisten.

Is het in Nederland al moeilijk, hoe uitzichtloos lijkt het in een land als Somalië of Mexico of Afghanistan. In dit laatste land proberen we er iets aan te doen door agenten een eerste opleiding te geven en ook mee te werken aan de opleiding van hoger personeel en medewerkers van justitie. Maar het land kent meerdere stammen, die zich weinig aantrekken van een centraal gezag en landelijke wetten. Er is een enorme corruptie, ook bij de overheid en die blijft meestal ongestraft. Lokale krijgsheren betalen wapens en munitie met de opbrengsten van de papaverteelt. En natuurlijk zijn er de Taliban, die met geld van elders velen tot meevechten weten te bewegen. Want het is een arm land met weinig werkgelegenheid. Zo bezien is de training van die paar politieagenten een druppel op een gloeiende plaat? Of moet je misschien een andere beeldspraak gebruiken: een zaadje, waaruit een forse boom kan groeien? Wat doe je tegen het kwaad in een falende staat als Afghanistan? Wat is de zin van de aanwezigheid van de NAVO in het land? Terwijl al eerder is gebleken, dat je je hand maar beter niet in dat wespennest kunt steken. De groei naar een rechtsstaat moet van binnen uit komen en dat vraagt ontwikkeling. De Afghanen zelf moeten tot het inzicht komen, dat het anders kan. Dat vraagt ontwikkeling en het ontstaan van een middenklasse, die dat allemaal niet meer accepteert. Daar gaan wel een paar generaties overheen. Toch zie je het overal in de wereld gebeuren: China, India, Brazilië waren onderontwikkelde landen en groeien nu snel naar de top van de grote economieën in de wereld. Het kwaad in de wereld kun je niet laten verdwijnen met geweld. Het lost niets op. De oorzaak van het kwaad wordt niet weggenomen.

Toch blijft steeds weer de twijfel. Als kind maakte ik de Duitse bezetting heel bewust mee. Ik begreep heel goed, dat het Nazidom het kwaad was, dat bestreden moest worden. Ik was die Canadezen enorm dankbaar toen zij ons na bijna vijf jaar vrijheid brachten. In Oost-Europa kwam in de plaats van het Nazibewind een communistische dictatuur. Het duurde nog vijfenveertig jaar voordat die verdween. Niet door geweld van buitenaf, maar het kwam van binnenuit. In voormalig Joegoslavië moest van buitenaf met geweld worden ingegrepen om er rust te brengen en nog steeds moet de door buitenlandse troepen worden bewaakt. Wat doe je tegen mensen, die echt niet het goede willen?

Hoe lang moeten de Afghanen nog wachten op vrijheid en veiligheid en ontwikkeling en welvaart?

Jaargang 4, Nr. 195.

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Wat doet Nijmegen aan energiebeleid?

groene-hertOnlangs was ik de dagvoorzitter van een bijeenkomst voor GroenLinks-kaderleden over energie. Op die dag werden ervaringen uitgewisseld en ideeën aangedragen voor gezamenlijke plannen. Van een paar gemeenten, waar GroenLinks de duurzaamheidswethouder levert, was een verslag gemaakt. Hier volgt een weergave van het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Nijmegen. 

De gemeente Nijmegen heeft in de vorm van Het Groene Hert een symbool verbonden aan haar succesvolle energiebeleid. Het Groene Hert staat voor alle energiebesparende maatregelen, voor schone energie en voor alle andere vormen van duurzaamheid die in dit verslag worden genoemd.

Doelstellingen
De gemeente Nijmegen heeft een lange termijn doelstelling wat betreft energiebeleid: De gemeente moet energieneutraal zin in 2045. De wethouder wil dat er dan 50% wordt bespaard op energie en dat 50% van de energie duurzaam wordt opgewekt. Op dit moment vindt Jan van der Meer de korte termijn doelstellingen echter belangrijker. Dit ook om te monitoren of de gemeente op koers ligt. Tot nu toe blijken mensen inderdaad te besparen. Tot medio 2010 is er een energiebesparing van 3,84% geweest in de gemeente.

Voor de energiebesparing heeft de gemeente een doelstelling per doelgroep vastgelegd. De eerste doelgroep zijn de grote bedrijven en instellingen. 16 van dit soort spelers hebben samen het Nijmeegs Energie Convenant (NEC) getekend. Het streven was om in 3
jaar tijd 9% energie te besparen, dus 3 % per jaar. Uiteindelijk is er in totaal zelfs 10% bespaard. Opvallend is wel dat de gemeente één van de 3 deelnemers is die de 3% besparing per jaar niet heeft gehaald. De tweede doelgroep wordt gevormd door de midden- en kleine bedrijven. Hierbij moet gedacht worden aan supermarkten, zorginstellingen en corporaties. Het is wettelijk toegestaan om bij deze doelgroep in sommige gevallen energiebesparende maatregelen af te dwingen. De derde doelgroep bestaat uit de particuliere woningeigenaren. Dit is de moeilijkste groep omdat individuen nog niet zo hard lopen voor energiebesparing. De gemeente heeft voor deze groep een aantal subsidieregelingen vastgesteld. Zo is er een regeling voor groene daken, voor zonnecellen en voor bredere energiebesparende maatregelen.

Het Groene Hert
Omdat klimaatverandering nog onvoldoende in het hart (op z’n Nijmeegse: hert) zit en omdat duurzaamheid herkenbaar moet zijn voor de burgers, heeft de gemeente iets overkoepelends bedacht: Het Groene Hert. Aan alles wat er gebeurt op dit vlak wordt het beeld van het hert verbonden. Sinds februari van dit jaar is er zelfs een winkel van Het Groene Hert. In deze winkel kunnen mensen duurzame producten kopen, maar burgers kunnen er ook advies krijgen over subsidies. Tevens worden leveranciers van duurzame energie en consumenten er in contact gebracht. De winkelier krijgt voor de ontzorgende functie geld van de gemeente.

Schone energie
Naast het besparen van energie probeert de gemeente Nijmegen energie ook te verschonen. Zo komen er vijf windmolens. Dit proces  gaat echter moeizaam vanwege de ruimtelijke ordening. Ook is de gemeente bezig met een warmtenet. Dit moet het paradepaardje worden van wethouder Van der Meer. Wanneer het warmtenet goed is ingevoerd kan hiermee de helft van de duurzaamheidsdoelstelling worden bereikt. Daarnaast werkt de gemeente nog aan de Groene Hub, het stimuleren van de productie en het gebruik van biogas. Het busbedrijf dat het openbaar vervoer in Nijmegen verzorgt is een grote afnemer van biogas. Tenslotte is de gemeente hard bezig met een zonnekracht wijk.

Persoonlijke missie
Volgens de wethouder moet de gemeente een regisserende en stimulerende rol vervullen in dit alles. Alleen al door ermee bezig te zijn en door af en toe te spreken over projecten en succes wordt er een bewustzijn gecreëerd. Jan van der Meer geeft ook aan dat het belangrijk is om tijdens de coalitie-onderhandelingen geld te claimen voor energiebeleid. Als hier tijdens de coalitie-onderhandelingen niet over wordt gesproken komt er niks van. De missie van wethouder Van der Meer is het creëren van enthousiasme voor energiebeleid en duurzaamheid bij andere partijen. Op dit moment vreest hij nog dat wanneer GroenLinks wegvalt in Nijmegen het energiebeleid instort. Door het onderwerp breed uit te zetten en het onderwerp te promoten hoopt hij zijn issue veilig te stellen.

woensdag, 28 december 2011

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter

Duurzame samenleving vereist lokaal durf en tegendraadse besluiten

Een duurzame samenleving waarbij recht wordt gedaan aan zowel de ecologische, sociale als economische dimensies vraagt om concrete lokale keuzen die ontegenzeggelijk als tegendraads worden beschouwd. Er is meer ‘maakbaar’ aan je samenleving dan je denkt. Je kan kiezen, voor een sociale economie, zinvolle werkgelegenheid, een cradle to cradle samenleving, duurzame landbouw, een gezonde sociale samenhang. De suggestie dat wij als lokale bestuurders, bedrijven en burgers slechts mee stromen in een autonome nationale en mondiale ontwikkeling is ideologie van de beste soort. Dagelijks wordt het tegendeel bewezen.

tinaJaren geleden las ik een studie van SHELL met de onschuldige titel van een meidenblad: TINA; There Is No Alternative. De studie gaf in heldere termen aan dat de hoofdlijn van ontwikkeling wel vast stond: meer concentratie van kapitaal en monopolie, vergroten van de rol van technologie, toename van de macht van internationale markten. Binnen dit scenario kon je nog wel kiezen tussen twee routes: Just Do It en Da Wo. Als mondiale speler hadden de scenario makers van SHELL wel door dat het individualistische ‘westen’ een andere route zou volgen dan het collectief gestructureerde ‘oosten’. Maar in de kern was de boodschap simpel: er is geen alternatief.

Eindige ontwikkeling

schuldIs dat werkelijk zo? Is de huidige ‘groei-economie’, die van korte termijn opportunisme en afwenteling op toekomstige generaties werkelijk het enige alternatief. Zoals publicist Jos van der Schot laatst in het dagblad Trouw stelde: “de huidige economie kent twee voedingsbronnen: de geldpers van de banken en (eindige) natuurlijke grondstoffen in de aarde. De geldpers produceert vooral schuld, schuld van mensen, bedrijven en staten aan banken; het gebruik van grondstoffen gaat ten koste van de voorraad en holt ons ecologisch kapitaal uit”.

Perverse neigingen in economie en taal

tomatenVandaag las ik dat in Rotterdam bijstandgerechtigden de Poolse en Hongaarse migratie-arbeid in de kassen zullen vervangen. De werkgevers zijn nu de bepalende klanten geworden, niet meer de werkzoekenden, aldus de PvdA wethouder. Interessant hoe antwoorden gevonden worden in een eindige oplossing van een schaalvergrotend bedrijfsleven die arbeid als noodzakelijk kwaad accepteert. Een tijdelijke oplossing tot de automatische komkommer of tomatenplukker is uitgevonden of de hele sector verhuizen zal. Dat huis van werkgelegenheid voor de meest kwetsbare groep is op drijfzand gebouwd. En dan gaan we, met de Wet Werken naar Vermogen in de hand en de rode roos in de borstzak deze groep naar de meest riskante hoek van de markt jagen?

Hetzelfde zien we met grondstoffen gebeuren. De visserijsector vist met overheidssteun zijn eigen visgronden leeg. We eten letterlijk onze toekomst op. Zoals Jos van der Schot constateert, investeren we overheidsgeld in de uitputting. In de landbouw steken we overheidsgeld in uitputting van watervoorraden en erosie van vruchtbare bodem, in de energiesector geven we meer overheidsgeld uit aan vervuilende fossiele centrales dan aan schone duurzame energie en vervuilend transport kan rekenen op een fiscale balans.

Maakbaar lokaal alternatief

Dat kan dus anders. De energiesector maakt dat wel heel duidelijk. Schaf subsidies af, haal de scheve energiebelasting er uit en zon en wind winnen het van kolen, olie en kernenergie. Als overheid kan je je vervolgens concentreren op het begeleiden van processen die er toe leiden dat je lokale economie hiervan de vruchten plukt: door zelf energie op te wekken en lokale fondsen te creeeren uit de winsten versterk je structureel werkgelegenheid, bouw je aan sociale samenhang en stimuleer je innovatie. Zo maakbaar is dit!

rioolMaar ook andere thema’s laten sterke paralellen zien: Ons wonderlijke rioleringsstelsel dat schoon water vervuilt via de meest ineffciente toiletpotten om vervolgens dit mengsels over tientallen kilometers weg te pompen naar een rioolwaterzuivering bij de IJssel. De waardevolle grondstoffen en warmte raken we kwijt. Sterker zelfs, we pompen er energie in om dit materiaal ons grondgebied uit te krijgen! En daar betalen we goed geld voor. Als je dat geld nu investeert in lokale systemen die grondstoffen en energie lokaal hergebruikt. Ook dan stimuleer je structureel werkegelegheid en innovatie.

Afval is natuurlijk ook zo’n onderwerp. Slechts 10% van het huidige afval in onze grijze bakken is nog niet herbruikbaar. De rest zouden we gescheiden kunnen aanleveren. Een belangrijk deel kunnen we lokaal of regionhaal opwerken naar fracties waarmee we geld kunnen verdienen. Met de rendementen kunnen we bijdragen aan preventie. Samen met toeleveranciers en winkeliers zorgen dat er minder verpakkingsafval komt. Moet het Rijk wel mee doen, door het statiegeld niet af te schaffen.

Duurzaam renoveren in de bestaande bouw levert een structureel antwoord op. Leidt tot lagere woonlasten, lagere emissies, hogere werkgelegenheid en innovatie. Ja, probleem is het financieren van dit systeem, zoals een aannemer me laatst vertelde. We financieren onze kwetsbare banken met tientallen miljarden en zijn niet in staat het investeringskapitaal voor duurzame renovatie bij elkaar te krijgen terwijl we weten dat het rendement zeker is? Veel van de investeringen schrijf je over 40 jaar af terwijl de energielasten jaarlijks zeker met 5% zullen toenemen. Helder toch, hier is ruimte voor een zakelijke aanpak waar institutionele investeerders en bewoners/eigenaars elkaar kunnen vinden.

Sterke lokale economie

De lijst van opties kan nog veel langer. Tegenover het TINA van SHELL staat een sterk lokaal alternatief. Dat organiseer je niet van bovenaf, maar bouw je van onderop. De komende jaren is dat de uitdaging voor het lokaal bestuur, ook in Lochem. Dan hebben we het over een arbeidsintensieve, creatieve en cultuureigen bedrijvigheid die onze samenleving zonder meer kan vullen. Financieel is dat geen probleem. Want dit brakke schip van onze huidige economie verliest zoveel geld, grondstoffen en kennis aan die mondiale economie dat het dichten van deze lekken een onmiddellijk drijfvermogen geeft. Dat biedt de ruimte en kracht om werkelijk die lokale duurzame economie op te bouwen.

Een mooie uitdaging, zo voor het nieuwe jaar.

dinsdag, 27 december 2011

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Links, Rechts en Het Huis van de Vrijheid

In liberalisme, politieke ruimte, verdelende rechtvaardigheid, wetenschap, agenda, analyse, arbeid, arbeidscontracten, arbeidsmarkt, en meer.

Het Huis van de Vrijheid, het nieuwe boek van Leidse filosoof Rutger Claassen is een van de meest moedige filosofische poging die ik ken: het uitwerken van een consistent politieke filosofie gebaseerd op autonomie, aan de hand van actuele casussen. Het is daarmee een filosofisch werk dat zich relevant maakt voor de politiek van vandaag. Ik wil in de komende blogs naar dit boek kijken.

Het Is filosofisch een fascinerend boek: boek bestaat uit vier delen. In het eerste deel werkt Claassen het idee van liberalisme uit. Hij laat zien dat liberalen uiteindelijk allemaal een ideaal van autonomie delen, maar dat zij zijn verdeeld over linkse en rechtse liberalen. In de overige drie delen werkt hij onderwerpen uit vanuit liberaal perspectief die zich niet per se verhouden tot die links/rechts tegenstelling: de rol van de overheid in het beperken vrijheid vanwege schade (aan jezelf of anderen), de rol van de overheid in de economie en vraagstukken rond identiteit immigratie en integratie.

Links en Rechts als Filosofische Begrippen

Claassen stelt dat liberalen allemaal een ideaal van autonomie delen (mensen moeten zelf vorm kunnen geven aan hun eigen leven). Ze zijn echter verdeeld over een ander vraagstuk. Rechtse liberale filosofen geloven sterk in individuele verantwoordelijkheid. Mensen zijn zelf verantwoordelijk voor hun eigen succes en voor hun eigen falen. Linkse liberalen denken dat talenten ongelijk verdeeld zijn: het inkomen dat ik verdien wordt gedeeltelijk bepaald door mijn intelligentie. Dat is aangeboren. Daar ben ik verantwoordelijk voor en heb ik dus geen recht op. Maar het tegenovergestelde geldt ook: als ik misdaden pleeg, ben ik daar in rechts liberaal perspectief zelf verantwoordelijk voor en moet ik dus de straf dragen. Volgens linkse liberalen ben ik geneigd misdaden te plegen door dingen waar ik zelf niet verantwoordelijk voor ben (slechte jeugd). En dus ben ik daar niet verantwoordelijk voor. Rechts staat voor individuele verantwoordelijkheid voor goede en slechte keuzes, links staat voor collectieve verantwoordelijkheid, omdat niet alles onze eigen keuze is. De andere onderwerpen vallen volgens Claassen daarbuiten: vraagstukken van nationale identiteit, economische groei en paternalisme vallen volgens hem buiten de links/rechts tegenstelling.

Links en Rechts als Politicologische Begrippen

Dit is in politicologisch opzicht een curieuze opinie. We weten dat links en rechts niet altijd hetzelfde betekent hebben: in Nederland betekende links en rechts aan het eind van de negentiende eeuw seculier en religieus. Links was seculier en rechts was religieus. Claassen heeft wel oog voor deze tegenstelling maar noemt dit filosofieën die een autonomie-ideaal centraal stellen (mensen moeten zelf keuzes maken en de overheid moet zo neutraal mogelijk zijn) en filosofieën die een welzijnideaal centraal stellen (de overheid weet wat het goede leven is en moet dit uitdragen). Sinds de Tweede Wereldoorlog betekent links in de eerste plaats voorstander van overheidsingrijpen in de economie en rechts de overheid grijpt niet in. Dit volgt de tegenstelling die Claassen links en rechts noemt. Vanaf de jaren ’70 komt daar de discussie over economische groei bij. Rechts kiest steeds voor economische groei en links voor andere maatschappelijke waarden zoals een ecologische balans en een balans tussen werk en zorg. Na 2002 komen tegenstelling rond immigratie, integratie en identiteit prominent op de politieke agenda. Links betekent hier erkent een multiculturele realiteit en rechts streeft naar een monoculturele samenleving. Links en rechts zijn dus in voortdurende ontwikkeling. Claassen stelt een links/rechts-tegenstelling centraal die in het huidige publieke debat steeds minder prominent wordt: als we kijken naar de posities van kiezers dan is hun positie op culturele vraagstukken steeds belangrijker voor hun positie op de links/rechts-as dan hun positie op economische vraagstukken.

Het interessante is dat als we kijken naar de meningen van kiezers al deze links-rechts assen niet samen vallen: de meeste kiezers zijn voor herverdeling (‘links’) maar ook voor een sterke overheid die optreedt tegen criminaliteit (‘rechts’). Volgens de filosoof Claassen zijn kiezers hier dan niet consequent op zijn. Links en rechts zijn in zijn analyse zulke heldere begrippen, als dit niet de lijnen van competitie zijn hebben kiezers dat schijnbaar verkeerd begrepen.

Ik denk niet dat dit terecht is. Als we het perspectief een klein beetje kantelen dan wordt het volgens mij duidelijk dat je best voor overheid kan zijn die hard optreedt tegen criminaliteit en armoede. Je kan de overheid zien als het schild van de zwakkeren, tegenover de sterkeren. Als een oud omaatje bestolen wordt op straat door een potige crimineel, dan lijkt het mij duidelijk wie de zwakkere en wie de sterkere partij is. Criminelen kiezen vaak de zwaksten in de maatschappij uit: het is gemakkelijker om te stelen van een vrouw of een bejaarde dan van een man en een jongeren. Als je als centrale principe neemt: de overheid moet de zwakkeren beschermen, dan moet de overheid optreden tegen criminelen om zo de slachtoffers te beschermen. Maar laten we nu eens kijken naar de arbeidsmarkt: wie is hier de zwakke en sterke partij? In de arbeidsmarkt zijn er verhoudingsgewijs veel minder bedrijven die om arbeid vragen, dan dat er aanbieders van arbeid zijn. De enkele grote bedrijven hebben ten opzichte van velen werkzoekende een monopoliepositie. Daarnaast hebben zij een hele afdelingspersoneelszaken die arbeidscontracten opstelt en loonschalen bepaalt. Een werkzoekende heeft niet de specialistische kennis om de nuances van het arbeidscontract te begrijpen. De overheid moet als schild van de zwakkeren optreden om de werkzoekende te beschermen tegen de mogelijke uitbuiting door de werkgever. De overheid moet er dus voor zorgen dat lonen eerlijk zijn en contracten niet alleen begrijpelijk zijn maar ook gebonden aan arbeidswetgeving die er voor zorgt dat een werkzoekende zich geen zorgen hoeft te maken over uitbuiting: het is altijd min-of-meer eerlijk geregeld. En als schild van de zwakkeren kan de overheid ook meer belasting vragen van de sterkste om zo regelingen in stand te houden waar zwakkeren voordeel van hebben: een klassiek sociaal-democratisch principe is de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten.

In dit perspectief is overheidsingrijpen in de markt ten opzichte van bedrijven en in de samenleving ten opzichte van criminelen gerechtvaardigd omdat er een zwakkere partij en is een sterkere partij. De overheid moet als schild van de zwakkeren het opnemen voor de zwakkere partij. Het kan dus best consistent zijn om ‘rechts’ te staan om veiligheid en ‘links’ op sociaal-economische onderwerpen.

Links en rechts zijn flexibele begrippen die over tijd en tussen groepen sterk kunnen verschillen in betekenis. Voor filosofen zijn dit soort termen in gewikkeld. Ze proberen ze te vangen in definities, maar als wetenschapper weet ik maar al te goed dat de politieke werkelijkheid veel complexer is dan de definities van de filosoof toe laten.

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Verantwoord ketenbeheer: van risicomanagement naar waardecreatie (deel 2)

In duurzaamheid, economie, duurzaam inkopen, duurzaam ondernemen, inkopen, kpmg, risicomanagement, supply change associates, vbdo, en meer.

Vorige week ben ik ingegaan op de wijze waarop verantwoord ketenbeheer in eerste instantie ontwikkeld is als antwoord op kritiek op de manier waarop bedrijven omgingen met (vermeende) misstanden bij hun leveranciers. Volgens de auteurs van het boekje Verantwoord ketenbeheer: Van risicomanagement naar waardecreatie was dat een logische eerste stap, maar wel een defensieve. Veel bedrijven die op die manier begonnen zijn beginnen manieren te ontdekken waarop verantwoord ketenbeheer meer strategisch ingezet kan worden als een manier om van een red ocean strategy naar een blue ocean strategy te komen. Oftewel van een strategie waarbij gevochten wordt om procenten marktaandeel naar een strategie waar nieuwe markten worden verkend. Die laatste strategie is interessanter, omdat het aantal concurrenten in blauwe oceanen beperkt is. Daarbij baseren de auteurs zich op het boek Blue Ocean Strategy van W. Chan Kim en Renée Mauborgne.

Mogelijkheden om verantwoord ketenbeheer meer strategisch in te zetten

De auteurs van Verantwoord Ketenbeheer stellen dat het duurzaamheidsvraagstuk veelomvattend is, maar in essentie ook heel eenvoudig: het is een schaarsteprobleem. Het gaat om de beschikbaarheid en daarmee de waarde van grondstoffen, brandstoffen, energie, voedsel en biodiversiteit voor de wereldbevolking. Nu en straks. Bedrijven staan voor de uitdaging om te anticiperen op dit schaarstevraagstuk. Bijvoorbeeld door het opzetten van een effectief beleid voor verantwoord ketenbeheer, want om een duurzaamheidstransformatie te starten is een ketenbenadering nodig.

Door verantwoord ketenbeheer te verbinden aan bv. business development, productontwikkeling, marketing en sales kan verantwoord ketenbeheer op zowel korte als lange termijn waarde gaan opleveren voor een bedrijf. Vanuit de defensieve basis kan dan gewerkt worden aan waardecreatie, bv. door samen met leveranciers te zoeken naar mogelijke efficiencyverbeteringen, kostenreducties, nieuwe producten, nieuwe logistieke oplossingen, nieuwe materialen etc.

De auteurs zien vier terreinen voor waardecreatie

  1. Kostenreductie: toverwoord daarbij is en blijft Total Cost of Ownership. Waarbij de focus ligt op kostenbesparing over de hele gebruiksduur en kwaliteit. Walmart vraagt bijvoorbeeld al haar leveranciers om energie te besparen en de energie-efficientie van producten te verbeteren. Het idee daarachter is dat energiereductie leidt tot kostenbesparingen, die voor een deel doorgegeven worden aan Walmart. Waarmee Walmart haar positie als prijsvechter kan behouden.
  2. Innovatie: voor veel bedrijven geldt dat de impact in de keten qua duurzaamheid veel groter is dan de impact van de eigen bedrijfsvoering. Dat geldt ook voor de overheid. Door een voorkeurspositie te geven aan leveranciers die voorlopen in het verbeteren van hun duurzaamheidsprestaties wordt de toeleveringsketen structureel gestimuleerd tot innovatie.
  3. Onderscheidend vermogen: duurzaamheid kan een onderscheidend vermogen zijn. Zeker in markten waar de consument weinig verschil ervaart en de prijsdruk hoog is. Zo heeft Unilever de negatieve prijsspiraal bij thee weten te doorbreken door alleen nog te werken met gecertificeerde theeplantages. Daardoor zijn consumenten meer waarde gaan toekennen aan het product en heeft Unilever een forse omzetgroei bereikt.
  4. Ketenintegratie: om de voordelen te realiseren is vergaande samenwerking met toeleveranciers nodig. In de bouw worden verrassende resultaten behaald door toeleveranciers vanaf het begin te betrekken en mee te laten denken over de beste oplossing binnen het beschikbare budget.

Randvoorwaarden voor succesvolle implementatie

Helaas bestaat er volgens de auteurs van Verantwoord Ketenbeheer van risicomanagement naar waardecreatie geen standaardsuccesrecept voor de omslag van risicomanagement naar waardecreatie. Wel benoemen ze een aantal leidende principes die randvoorwaardelijk zijn bij het succesvol waarde creëren door duurzame inkoop:

  • Leiderschap
  • Ondernemerschap
  • Openheid
  • Samenwerking

Veranderende rol inkoop

Een strategische inzet van verantwoord ketenbeheer verandert de rol van de inkoopfunctie. Wanneer inkopers samen met leveranciers werken aan gedeelde doelen wordt de toegevoegde waarde van inkopers duidelijk. Samen met leveranciers wordt dan gewerkt aan een groter onderscheidend vermogen of zelfs aan het creëren van nieuwe markten. Een van de grote uitdagingen is om prikkels te verzinnen die leveranciers uitdagen om mee te denken om de organisatie succesvoller te maken. Op gebied van duurzaamheid kan dat betekenen dat eisen gesteld worden aan de duurzaamheid van een leverancier of product, of door duurzame producten een voorkeursbehandeling te geven. Volgens de auteurs is het echter nog beter om in gezamenlijkheid te zoeken naar (het verhogen van het) differentiërend vermogen.

zaterdag, 24 december 2011

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Zonne energie als service: Zonline

In duurzaamheid, economie, duurzaam bouwen, duurzaam wonen, greenchoice, sungevity, zonline, zonne energie, zonne energie als service, en meer.

Het grote succes van bedrijven als SunRun, Sungevity en SolarCity is niet ongemerkt aan Nederland voorbij gaan. Deze bedrijven installeren zonnepanelen op huizen, waarbij de huiseigenaar enkel betaald voor de gebruikte energie. Eerder dit jaar lanceerde Greenchoice samen met de Zonnefabriek en Stichting DOEN al de pilot Zonvast, waarbij je zonder investering 10 zonnepanelen op je dak geïnstalleerd krijgt. De energieprijs die je betaald ligt 20 jaar vast op 23 Eurocent per kWh (inclusief belasting). Na 20 jaar worden de panelen eigendom van de huiseigenaar.

Wat doet Zonline?

Het systeem dat Greenchoice voor Zonvast gebruikte levert gemiddeld 1950 kWh per jaar op. De zonne-energie die je direct zelf hebt verbruikt reken je af op het ZonVast tarief van 23 cent. De rest levert je terug aan het net en wordt van die vaste 1950 kWh afgetrokken. Dit zelfde principe wordt gehanteerd door Zonline.

Zonline maakt daarbij gebruik van luchtfotografie in combinatie met geavanceerde rekensoftware en lijkt daarmee wel wat op Comparemysolar.nl. Hierdoor is het niet meer nodig om formulieren in te vullen, dakmetingen te verrichten en afspraken te maken met installateurs. Zonline doet alles op afstand. Het resultaat volgens Zonline:  binnen drie muiskliks een kraakheldere online offerte. Hierin staat exact aangegeven wat je bespaart en wat je milieubijdrage is.

Via Zonline hoeven zonnepanelen geen duizenden euro’s meer te kosten. Zonline werkt met partners die de panelen ‘gratis’ plaatsen en installeren. Je betaalt voor de gebruikte zonnestroom. De prijs is afhankelijk van je persoonlijke situatie en ligt tussen de 23 en 28 Eurocent per kWh. Dus geen gedoe meer met hoge startinvesteringen, die zelfs bij nieuwbouw nog steeds leiden tot het schrappen van allerlei duurzame maatregelen. De Nederlander betaald blijkbaar liever jaarlijks aan het energiebedrijf, dan eenmalig geld neer te leggen voor energie-onafhankelijkheid…

Dat daar een prijskaartje aan zit moge duidelijk zijn, of dat nu is in de vorm van een hogere energierekening of in de vorm van hogere kosten voor je zonnepanelen. Greenchoice rekent namelijk met een startinvestering van Euro 7.920 voor het systeem. Dat is beduidend meer dan je betaald als je de investering zelf doet. Wat niet wegneemt dat het een goede optie kan zijn voor mensen die op dit moment de financieringsruimte niet hebben om zonnepanelen te installeren.

Wat mist bij het aanbod van Zonline en Greenchoice is de controle op de opbrengst, daar ben je als gebruiker zelf verantwoordelijk voor. Terwijl partijen als Zon IQ, Waifer en Qurrent wel online kwaliteitscontrole voor de opbrengst van je zonnepanelen willen (gaan) bieden.

Hopenlijk brengen initiatieven als Zonline, Zonvast en de verschillende collectieve inkoopacties die momenteel lopen (zoals 123 Zonne Energie, Zonnekracht, Zon zoekt dak) daar verandering in. Zo niet, dan blijft zonne energie natuurlijk nog steeds besmettelijk ;-)

vrijdag, 23 december 2011

Arno Uijlenhoet

Arno Uijlenhoet

Twitter

De beste wensen voor 2012!

Hoewel de media ons anders willen doen geloven (zie bijvoorbeeld het Volkskrant-artikel van zaterdag 17 december j.l.), biedt de links-rechts retoriek wat mij betreft geen oplossing voor de burger in deze tijden van economische en politieke crisis. Terecht stelt Hans Schnitzler (publicist en filosoof) deze week in De Volkskrant (21 december j.l.) dat het krampachtige gevecht tussen de linksmens en de rechtsmens een schijn- en achterhoede gevecht is. Het getuigt van een vergane reflex om in tijden van onzekerheid terug te grijpen op bestaande wereldbeelden.

Schnitzler ziet een spanning tussen mondiale vraagstukken en lokale belangen. Ik kan me daar een heel eind in vinden. Toch heb ik het gevoel dat ook die dichotomie gebaseerd is op een oud ‘frame’. De bekende tegenstelling tussen een kosmopolitische versus een provinciale levenshouding. Naar mijn idee gaat het meer om de spanning tussen het grootschalige, anonieme, technocratische versus het kleinschalige, menselijke en democratische in onze samenleving. Het grappige is dat mensen over de gehele wereld roepen om meer grip op hun eigen omgeving. Groene en sociale innovatie laten een uitweg uit deze spanning zien. Bewijzen daarvoor worden dagelijks geleverd op alle niveaus in de samenleving. Van de Occupy-beweging op wereldschaal tot coöperatieve samenwerkingsverbanden tussen burgers of bedrijven op lokale schaal. De meest innovatieve bedrijven en instellingen blijken platte organisaties te zijn die uitgaan van open-innovatie, duurzaamheid, vertrouwen en professionaliteit. Daar ligt dus onze toekomst. Het wordt dan ook de kunst om als groene politieke partijen in Europa en als GroenLinks in Nederland daarop aan te sluiten.

Als GroenLinks hebben wij alle waarden en capaciteiten in huis om koploper te worden, om de bestaande politieke patstelling tussen links en rechts te doorbreken. Wel zullen we dan de tijd moeten nemen, investeren in onze beginselen, uitgaan van onze eigen kracht en ons meer nog dan nu het geval is openstellen voor de mensen en ontwikkelingen om ons heen. Wanneer we daartoe bereid zijn, ligt een groene toekomst voor ons. Ik wil me voor deze ambitie inzetten als jullie partijvoorzitter! Meld je daarom uiterlijk 10 januari a.s. aan voor het congres via http://congres.groenlinks.nl/aanmelden en geef op 11 februari mij je vertrouwen!

De beste wensen voor 2012 en tot binnenkort!

Met vriendelijke groet,

Arno Uijlenhoet

donderdag, 22 december 2011

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Wetenschap en politiek gaan niet samen

 

Wetenschap en politiek gaan niet samen. Wat ze gemeen hebben is dat beide in het slop zijn geraakt bij de grote massa. Populisme is in en het antwoord blijft uit. Op een uitzondering na.

Tenslotte gaat het er in de politiek om de gemeenschap te dienen, wat betekent dat het toegepaste ethiek is.” Vaclav Havel in zijn rede ter gelegenheid van zijn eredoctoraat aan de Harvard Universiteit in 1995.

Politici met grote woorden winnen terrein, degenen die daar tegen met feiten komen, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, voeren een steeds wanhopigere strijd tegen het verlies van stemmen. Jarenlang schoten de debatclubs en –cursussen, waar je leerde elkaar met zo sterk mogelijke feiten om de oren te slaan, als paddenstoelen uit de grond. De nieuwe trend is speechen. Monoloog. Je mening geven op een vlammende manier. En de premier moet tegenwoordig bovenal ‘leiderschap’ tonen.

Ik stel het nog sterker: wetenschap en politiek helpen elkaar om zeep. Het doel van wetenschap is een heel andere dan van politiek. Wetenschap probeert zo meetbaar mogelijk aan te tonen hoe de wereld is, politiek verlangt een visie van hoe de wereld zou  moeten zijn, zo stelt de Rotterdamse cultuursocioloog Houtman. Wat dat betreft is politiek net religie en dat lijkt wereldwijd niet af te nemen. De behoefte aan zingeving is groot. Daarop reageren met feiten is kansloos. Kiezers zitten niet te wachten op feiten: ze willen de weg weten. Een idee, een mening, die staat vast. Wetenschap staat per definitie niet vast.

Ten eerste is wetenschap niet objectief. Populaire onderwerpen waarmee gescoord kan worden, worden vaker onderzocht en onderzoek moet betaald worden en ook hier geldt: wie betaalt, bepaalt. Dit zorgt ervoor dat wetenschap geen solide basis is voor een politiek debat.

Ten tweede is het voor wetenschappers een grote uitdaging elke theorie omver te werpen. Zeker in de sociale wetenschappen is controle van de peergroup enorm. Voor de kwaliteit van de wetenschap is dit uitstekend, maar de argeloze krantenlezer ziet het ene na het andere onderzoek goed onderbouwd afgeserveerd worden. En da’s nou net waar een kiezer niet op zit te wachten. Die wil vertegenwoordigd worden door iemand die weet hoe het zit en niet door iemand die met feiten komt die een dag later obsolete zijn.

Het is de behoefte die Max Weber Gesinnungsethik noemde. Hoe meer men zich een anoniem deel van de maatschappij gaat voelen, hoe groter de behoefte aan ‘gesinnung’, aan zingeving. Elk individu wil gezien worden, individualisme en persoonlijk authenticiteit zijn op het moment heel belangrijk. Tegenover de modernisering en rationalisering van deze tijd staat als tegencultuur de PVV.

Het is terug te vinden in de kunst: films gaan over persoonlijke roem, status en succes. De romantische tegencultuur van de jaren ’60 van een selecte club kunstenaars, filosofen en andere linkse hobbyisten, is doorontwikkeld tot een commercieel succesvolle cultuurindustrie. Lees meer hierover in dit artikel met veel voorbeelden. De romantische cultuurkritiek van de hippie staat nu mateloos populair tegenover de wetenschappelijk-technologische samenleving. Gevoel herkend te worden is veel belangrijker dan feiten.

Wordt politiek dan beter zonder feiten? Politiek is gebaat bij een stevige visie op de lange termijn. We zien in Europa dat vooral wordt geregeerd op basis van de wensen van de toekomstige kiezer en die kan de boel niet overzien. Juist daarom laat hij zich graag vertegenwoordigen. Weber: “politiek bedrijven is net als gaten boren in hard hout: het eist een krachtige hand en veel geduld, hartstocht en evenwichtigheid.”

En over de politicus: “Alleen hij die zeker weet dat hij er niet aan te gronde gaat wanneer de wereld – vanuit zijn standpunt bezien – te dom of te gemeen is voor wat hij haar te bieden heeft, alleen hij die ondanks dat alles kan zeggen ‘en wat dan nog?’ die heeft een roeping voor de politiek.”

Havel tot slot: “Het is bij uitstek een opdracht voor politici. De belangrijkste taak van de huidige generatie van politici is, naar ik meen, niet om zich bij het publiek door de beslissingen die ze nemen of door hun glimlach op de televisie bemind te maken. […] Hun rol is het hun verantwoordelijkheid te aanvaarden voor de kansen voor onze wereld op lange termijn en zo een voorbeeld te stellen voor de mensen die hen aan het werk zien. Het is hun verantwoordelijkheid onverschrokken vooruit te zien, zonder angst voor de afkeuring van de massa en hun werk te doordrenken met een geestelijke dimensie […]

Havel: de kunstenaar, de filosoof en linkse hobbyist. Hij wist hoe dat zat met politiek. Een grootse staatsbegrafenis komt hem meer dan toe.

 

 

dinsdag, 20 december 2011

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Ieder mens maakt zijn eigen werkelijkheid

In samenleving algemeen, noord-korea, omgevingsbewustzijn, overheid, werkelijkheid, bestuur, debat, leider, lezen, en meer.

kim-jong-il-looks-31Ieder mens maakt zijn eigen werkelijkheid. Dat zit in onze natuur. Kim Jong Il (”I didn’t know Kim Jong was il!” was een goede grap die ik gisteren hoorde) kon tot in extremis zijn eigen werkelijkheid  maken. Er was niemand die hem tegensprak. Niemand die hem wees op gevolgen. Het is niet uniek dat mensen op hoge posities de werkelijkheid vervormen door gebrek aan weerwoord. Soms maken ze het er zelf naar en soms is de omgeving te bescheiden of te bewonderend om het weerwoord te geven. De vertrokken directeur van het COA en Cruyff, zijn namen die me nu zo te binnen schieten. Hun leren te veranderen is vermoedelijk tevergeefs. Hooguit hebben schade & schande een gevolg, maar die kan ook negatief zijn: bevestigen dat hun aannames klopten, zij gelijk hebben en de rest niet.

Het percipiëren van een eigen werkelijkheid lijkt met deze voorbeelden ongewenst en fout. Dat kan het worden, maar is het niet. Het is ook een vorm van zelfbescherming en daarmee een middel om zelfvertrouwen te hebben. Samenlevingen waar mensen het recht op het vormen van eigen meningen wordt misgund, munten niet uit in zelfbewuste burgers. Zie wederom Noord-Korea en vindt hierin een mogelijke verklaring voor de enorme klaagzangen en publieke treurnissen na de dood van de Grote Leider. In onze samenleving is het iedereen gegund een eigen werkelijkheid te hebben. Dat gaat gepaard met vrije meningsuiting. Maar dat wil niet zeggen dat het dus ook alleen maar goed is. Voor een gezonde beleving van de eigen werkelijkheid is debat noodzakelijk. Zonder debat ontspoort het, zoals bij Albayrak en Cruyff. Met debat worden mensen gedwongen tot dynamiek: hun werkelijkheid is geen statisch gegeven maar erodeert al naar gelang wie ze spreken, wat ze lezen en zo voort.

Er zijn beroepen die dit type van confrontaties ook bewust moeten opzoeken. Beroepen die het wel en wee van de samenleving of een bedrijf of organisatie bepalen. Privé is het hun gegund een werkelijkheid te percipiëren en daar zonder of met tegenspraak bij te blijven, zakelijk is het de eis dat ze daar juist actief mee bezig zijn. Ze moeten zichzelf steeds de vraag stellen of zoals zij het zien anderen dit ook zo zien. Met die vorm van omgevingsbewustzijn kunnen ze beter inschatten waar ze ferm of juist ontvankelijk moeten zijn, waar ze kunnen versnellen of juist vertragen. Ik ben er van overtuigd dat hoe meer overheden met een goede dosis omgevingsbewustzijn opereren, hoe meer men aansluiting vindt op de gehorizontaliseerde werkelijkheid waar de Raad voor Openbaar Bestuur  vorig jaar over adviseerde. Een mondige en assertieve samenleving, kenmerkend voor de horizontalisering, wil gezien en gehoord worden. Een overheid die met de juiste voelhoorns werkt zal vertrouwen winnen.

Noord-Koreaanse toestanden gelden inmiddels als spreekwoordelijk voor de manie en branie waarmee het land is geleid en de effecten die dat heeft gehad op de bevolking. Zeker geen wenkend perspectief. Wel een nuttig schrikbeeld. En voor Nederlanders vermoedelijk een overbodige, hoewel voor sommige politiek populisten ook bij momenten verleidelijk. Macht is onder meer jouw redeneerwijze en ideeën zo breed mogelijk te laten landen. Als jij de rechtsstaat aanvalt en en velen volgen jouw beweegreden en oordeel, dan is dat macht. En als dan het weerwoord stokt, kan die macht zo maar beklijven en electoraal vertaald worden.

Dat roept ook de vraag op hoe ‘eigen’ ieders werkelijkheid is. Of vraag…. Ik denk wel dat je kunt stellen dat er sprake is van een hoog gehalte copy & paste. Maar beter goed gejat dan slecht bedacht. En uiteindelijk gaat het om de kwaliteit van argumenten en houdbaarheid van denkbeelden.  Die worden getoetst door debat en door open te staan voor andere meningen. Daar heeft de Nederlandse samenleving een voortdurende uitdaging in en hebben onze overheden en bedrijven een permanente opdracht in.

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Verantwoord ketenbeheer: Van risicomanagement naar waardecreatie

In duurzaamheid, economie, duurzaam inkopen, duurzaam ondernemen, inkopen, kpmg, risicomanagement, supply change associates, sustainability consortium, en meer.

Tijdens de uitreiking van de VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award kregen de aanwezigen het boekje Verantwoord ketenbeheer: Van risicomanagement naar waardecreatie mee. Een uitgave van KPMG en VBDO naar aanleiding van een Rond Tafel over verantwoord ketenbeheer die KPMG Sustainability , VBDO en Supply Change Associates eerder dit jaar organiseerden.

Definitie verantwoord ketenbeheer

Van verantwoord ketenbeheer is volgens de publicatie sprake als organisaties bij het gehele inkoopproces rekening houden met sociale en milieuaspecten. Waarbij sociale en milieuaspecten een rol krijgen naast conventionele aspecten als prijs, beschikbaarheid en kwaliteit. Bij milieuaspecten gaat het om de de impact die een product of dienst tijdens de gehele levenscyclus op de leefomgeving heeft. Bij sociale impact gaat het om de leef- en werkomstandigheden van de mensen die zijn betrokken bij de productieketen.

Verantwoord ketenbeheer kan niet los worden gezien van duurzaam ondernemen. Een bedrijf dat verantwoord wil ondernemen kan er niet omheen om ook te kijken naar de milieudruk en sociale omstandigheden in toeleverende bedrijven.

De eerste stap bij het implementeren van verantwoord ketenbeheer is het opstellen van richtlijnen en gedragscodes voor leveranciers. De invulling daarvan is afhankelijk van de duurzaamheidsthema’s die spelen in de keten. Voor internationale bedrijven zijn er ook veel gebruikte standaarden, zoals:

  • United Nations Global Compact
  • ILO International Labour Standards
  • ILO Code of Practice in Safety and Health
  • OECD Guidelines for Multinational Enterprises
  • The Rio Declaration on Environment and Development
  • United Nations Convention Against Corruption
  • ISO 14001
  • SA 8000
  • OHSAS 18001

Naast algemene richtlijnen bestaan er ook richtlijnen of standaarden die voor een specifieke sector ontwikkeld zijn. Zoals bijvoorbeeld de CO2 Prestatieladder voor de Nederlandse bouwsector.

Verantwoord ketenbeheer als risicomanagement

Verantwoord ketenbeheer is ontstaan in reactie op de kritiek die bedrijven kregen op de werkomstandigheden bij toeleveranciers. Aanvankelijk ontkenden veel bedrijven dat ze verantwoordelijkheid droegen voor de omstandigheden bij hun toeleveranciers. In reactie daarop heeft een grote groep bedrijven inmiddels een inkoopbeleid opgezet waarmee bij leveranciers het kaf van het koren kan worden gescheiden. De aanhoudende druk van stakeholders op bedrijven als Coca Cola, C&A, Nike, Apple en Facebook laat zien dat dat geen overbodige luxe is.

Organisaties die starten met verantwoord ketenbeheer zetten volgens de schrijvers relatief eenzijdig in op een beleid dat risico’s minimaliseert of mitigeert. Het gaat daarbij om risico’s op het gebied van:

  • reputatieschade: bv. door negatief nieuws over gebeurtenissen of omstandigheden in de toeleveringsketen.
  • omzetverlies: bv. door het verliezen van opdrachten/klanten waar duurzaamheid een rol speelt bij de inkoop.
  • wetgeving: bv. doordat er maatschappelijke onvrede ontstaat over de (waargenomen) voortgang. Koplopers hebben dan geen concurrentienadeel, maar voor bedrijven die niet aan de wetgeving voldoet ontstaan risico’s.
  • Stakeholderconflicten: verantwoordelijk gedrag zorgt voor een grotere legitimatie bij stakeholders. Dat kan voordelen opleveren bij bv. het aantrekken van personeel of draagvlak bij de lokale bevolking.

Hoewel een defensieve strategie zeker een eerste stap is stelt de publicatie dat het niet hoeft te leiden tot het inkopen van duurzamere producten of diensten. Je scheidt tenslotte enkel op leveranciersniveau en niet op het niveau van producten of diensten. Om daadwerkelijk duurzamere producten of diensten in te kopen is meer nodig. Belangrijker nog is dat het onderscheidend vermogen van een defensieve strategie steeds kleiner wordt. De auteurs stellen vast dat defensief verantwoord ketenbeheer steeds meer de status krijgt die ‘kwaliteit’ en ISO-certificeringen hebben. Oftewel een vanzelfsprekendheid waar bedrijven niet zonder kunnen als ze zaken willen blijven doen.

Een van de omvangrijkste initiatieven op dit gebied is het Sustainability Consortium van Wal-Mart, waar ik al eerder over schreef en waar inmiddels zo’n 100 bedrijven, instituten (waaronder WUR) en NGO’s aan meewerken. Volgens de auteurs komt het doel om producten een label te geven met alle aspecten van duurzaamheid binnen bereik. Voor Wal-Mart biedt het initiatief ook strategische mogelijkheden, waarover volgende keer meer.

vrijdag, 16 december 2011

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Impressie Uitreiking VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award

In duurzaamheid, economie, akzo nobel, dsm, duurzaam inkopen, duurzaam ondernemen, ketenbeheer, koninklijke bam groep, kpmg, en meer.

Afgelopen woensdag was ik namens Strukton aanwezig bij de uitreiking van de VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award 2011 in het kantoor van KPMG. Een avond die in het teken stond van de rol die duurzaam inkopen en ketenbeheer kunnen spelen bij het verduurzamen van organisaties. Onderstaande impressie is zeker niet compleet, maar geeft hopelijk wel een beeld van de avond.

Giuseppe van der Helm, directeur van de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO), gaf aan dat de VBDO twee belangrijke routes ziet om de productieketen te verduurzamen:

  • Via de klant
  • Via de eigenaar/aandeelhouder

Hoewel er bij de consument nog een wereld te winnen is als het gaat om duurzaam consumeren. Zeker als de klant een ander bedrijf is kun je grote duurzaamheidswinst behalen.

Duurzaamheid is volgens de VBDO belangrijk vanuit maatschappelijk oogpunt en vanuit de business case. Vooral op dat laatste aspect zijn bedrijven goed aan te spreken. Om met duurzaamheid tot een sluitende business case te komen is de keten cruciaal. Zowel voor het toevoegen van waarde als voor voor het verbeteren van de marge. Verantwoord ketenbeheer draait volgens de VBDO niet om het drukken van kosten, maar om het helpen van je ketenpartners om successen te behalen in andere omstandigheden. Unilever doet dit bv. door met belangrijke leveranciers gezamenlijke ontwikkel / innovatieovereenkomsten af te sluiten. Verantwoord ketenbeheer vraagt om visie, transparantie, ketenbeheer en lef om waarde toe te voegen en aan je visie vast te houden.

Bart Vos van de Tilburg School of Economy & Management voegde daar tijdens de paneldiscussie aan toe dat het niet alleen gaat om de verdeling van de waardecreatie tussen bedrijven, maar ook om de verdeling van waardecreatie binnen bedrijven. Hoe wordt een inkoper afgerekend? Wat telt er mee voor de projectleider? Welke businessunit ziet de gerealiseerde extra marge terug in zijn cijfers?

Lessen Unilever

Unilever heeft vorig jaar het Unilever Sustainable Living Plan gelanceerd. Doel verdubbeling van de omzet, milieuvoetafdruk halveren, meer dan 1 miljard mensen helpen in actie te komen om hun gezondheid en welzijn te verbeteren, en 100% van de landbouwgrondstoffen betrekken uit duurzame landbouw (da’s volgens Unilever wat anders dan biologische landbouw).

Voor Unilever staat vast dat duurzaamheid in de toekomst een basisvoorwaarde wordt voor zakendoen. Wanneer dat zo is zijn er nog maar twee mogelijkheden leiden of volgen. Leiden geeft (tijdelijk) competitief voordeel.

De kunst daarbij is te zoeken naar de sweet spot waar er voordeel is voor de klant en waar de oplossing goed is voor duurzaamheid. Voorbeeld: handenwassen met zeep. Om bacteriën te doden moet je je handen 30 tot 60 seconden wassen met standaardzeep. Unilever heeft een zeep ontwikkeld die hetzelfde effect bereikt in 7 seconden. Dat scheelt 23 tot 53 seconden aan water en 7 seconden is voor kinderen een haalbaardere termijn dan een minuut handen wassen. Unilever heeft ook een leverancierscode voor haar banken en financiers, dat is wennen voor de banken.

Een belangrijke keueze van Unilever om duurzamer te worden is om weg te gaan van veilingen en internationale markten, waar je niet weet wat de herkomst is. Unilever werkt actief aan kortere ketens. Voor contacten met kleine boeren wel samenwerken met lokale partijen, dus handelshuis ertussen. Met het handelshuis worden wel afspraken gemaakt over kennisondersteuning en inkooptrajecten.

Bij Unilever is duurzaam of niet geen discussie meer, omdat verdubbeling van de omzet en halvering van de ecologische footprint beide op hoog niveau vastliggen en even zwaar wegen bij de beoordeling. Voor bv. thee is Rainforest Alliance de norm, einde discussie. Wel is Unilever met Rainforest Alliance in discussie over de sociale criteria die Rainforest Alliance hanteert. Unilever vindt deze namelijk onvoldoende en wil vernieuwing van de criteria.

Uitreiking Award en speciale vermeldingen

Giuseppe van der Helm noemde vooral de vooruitgang in verduurzaming van de keten van de bouwsector opmerkelijk. Deze vooruitgang is in zijn ogen voor een belangrijk deel te danken aan het beheersen van de CO2-uitstoot. In de bouwsector is het gebruik van de CO2-prestatieladder van SKAO inmiddels heel gebruikelijk geworden. Bouwbedrijf BAM is zelfs doorgedrongen tot de top 10 van de VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award en ontving daarvoor een speciale vermelding van de jury. Ook de vooruitgang bij Wavin, een belangrijke toeleverancier voor de bouwsector, werd beloond met een speciale vermelding.

De vijf genomineerde bedrijven waren Akzo Nobel, DSM, Philips, Reed Elsevier en Unilever. De winnaar van de Award was Philips met 95% van de maximale score.

Aanpak BAM

BAM lichtte kort toe hoe zij de afgelopen jaren hadden gewerkt aan het verbeteren van hun ketenbeheer. Deze aanpak bestond uit 3 stappen (waarvan ik er maar 2 heb onthouden ;-) :

  1. keuzes maken binnen de grote hoeveelheid aan duurzaamheidsonderwerpen. BAM heeft daarbij gekozen voor: veiligheid, CO2 reductie en afvalreductie
  2. Uit de of of discussie van geld of duurzaam stappen

Daarnaast stellen inkopers in gesprekken met leveranciers en onderaannemers de vraag of de leverancier/onderaannemer ideeën heeft hoe het duurzamer kan dan in het bestek staat (en daarbij hebben ze het niet meteen over de centjes).

Paneldiscussie

Van de paneldiscussie zijn me maar een paar zaken bijgebleven. Ten eerste de nadruk die Philips legde op het belang van samen met concurrenten optrekken als het gaat om problemen die vroeg in de keten zitten. Bijvoorbeeld als de winning van grondstoffen in verband wordt gebracht met oorlogen of andere misstanden. De tweede opmerking die me bij is gebleven is het antwoord van Piet Sprengers, ASN Bank, op de vraag hoe je achterblijvers in beweging kunt krijgen. Zijn idee was om dat als criterium mee te nemen in de beoordeling van de koplopers.

De derde opmerking komt ook op naam van Piet Sprengers. Hij gaf aan dat de ASN bank investeert vanuit waarden creatie en pas dan vanuit waarde creatie. Hij gaf aan dat deze op de langere termijn heel goed in elkaars verlengde kunnen liggen. Zo heeft de ASN nauwelijks tot geen investeringen in de financiële sector, omdat de meeste banken en verzekeraars niet transparant genoeg zijn om toegelaten te worden tot het beleggingsuniversum van de ASN-bank. Dat dat de ASN bank op dit moment geen windeieren legt behoeft geen uitleg…

Na afloop van de avond kregen alle aanwezigen het boekje Verantwoord Ketenbeheer: van risicomanagement naar waardecreatie mee.

donderdag, 15 december 2011

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

Klaas van Egmond, Een vorm van beschaving

In geen categorie, duurzaamheid, integraal wereldbeeld, mensbeeld, wereldbeeld, coalitie, ecologie, economie, media, en meer.

17 december 2010

Klaas van Egmond, van 1988 tot 2008 directeur van het Milieu- en Natuurplanbureau, het belangrijkste adviesbureau van de overheid in milieuzaken, schreef Een vorm van beschaving. Daarin bespreekt hij oplossingen voor de duurzaamheidsproblematiek vanuit het perspectief van de waarden in de er achterliggende mens- en wereldbeelden. Voor wie het gevoel heeft, dat de huidige (internationale) politiek lang geen afdoende greep heeft op de milieuproblemen, is het een verademing eens wat verder te kijken dan de dagelijkse, doorgaans ontmoedigende  krantenberichten hierover. Hij zou mooi zijn als dit boek zou bijdragen aan een brede maatschappelijke coalitie voor duurzaamheid.

Door zijn invalshoek kan Van Egmond ecologische, economische,
technologische en sociaal-culturele aspecten met elkaar in verband brengen. Zo
hebben bijvoorbeeld het doorgaande verlies aan biodiversiteit en de dreigende, te
grote klimaatopwarming als gemeenschappelijke oorzaak, dat bedrijven en
consumenten de milieukosten ervan niet hoeven te betalen. De economie eet als
het ware de ecologie op. De kosten verschuiven naar toekomstige generaties.

Economische groei moet vanuit de waarden van een wereldbeeld
gerechtvaardigd te kunnen worden. Groei kan alleen zinvol zijn als deze
bijdraagt aan een menswaardig leven. Als we dit voorbeeld bezien vanuit de
wereldbeelden, komen we tot de volgende conclusie. Een eenzijdig egoïstisch,
materialistisch wereldbeeld is een grote bedreiging voor het milieu.
Bevrediging van basisbehoeften als voedsel, kleding en onderdak dient een
menswaardig bestaan, maar als luxebehoeften, zoals elk jaar op vakantie met het
vliegtuig (“wat lekker voor je, joh!”), het milieu onevenredig belasten, zijn
zij vanuit dat wereldbeeld niet te rechtvaardigen. Daarmee wordt de
eenzijdigheid van dit wereldbeeld duidelijk. En wordt inzichtelijk, dat meer
wereldbeelden noodzakelijk zijn om te beoordelen wanneer economische groei
gerechtvaardigd is.

De vier toekomstscenarios’s die tegenwoordig vaak gebruikt
worden bij onderzoek voor overheidsbeleid, zie bijvoorbeeld de Structuurvisie
Noord Holland, voegt de schrijver samen tot een overkoepelend, integraal
wereldbeeld, dat zo alle mogelijke wereldbeelden omvat. Vanuit geen van de vier
wereldbeelden kan duurzaamheid afdoende tot stand gebracht worden. Van Egmond
pleit dan ook voor politieke samenwerking over partijgrenzen heen vanuit middelpuntzoekende krachten. Eenzijdige
wereldvisies, die geen respect tonen voor mogelijke andere visies, kunnen alleen
maar contraproductief, middelpuntvliedend
werken.

Het integrale wereldbeeld geeft mij een invalshoek om veel
maatschappelijke problemen mee te beoordelen. Zo ben ik het met de schrijver eens,
dat bijvoorbeeld speculatie met aandelen of grond niet te rechtvaardigen is. Zij
dienen geen maatschappelijk, menswaardig doel. De grote hoeveelheid reclames
die de media dagelijks over ons uitstorten, zijn ook niet te verdedigen vanuit
menselijke waarden. Zij zetten aan tot het verheerlijken van consumptie, in een
tijd waarin de onduurzame consequentie van overconsumptie is dat andere wereldbewoners niet eens voldoende te eten hebben. De draagkracht van de aarde raakt uitgeput. Ik hoop dat Van Egmonds pleidooi vele bepleiters van duurzaamheid tot elkaar
zal brengen.

http://wetenschappelijkbureau.groenlinks.nl/files/Paternalisme%20van%20de%20maatschappelijke%20samenhang%20-%20lezing%20Klaas%20van%20Egmond%20-%207%20oktober%202010_0.pdf

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

Klaas van Egmond, Een vorm van beschaving

In geen categorie, duurzaamheid, integraal wereldbeeld, mensbeeld, wereldbeeld, beschaving, betalen, coalitie, december, en meer.

17 december 2010

Klaas van Egmond, van 1988 tot 2008 directeur van het Milieu- en Natuurplanbureau, het belangrijkste adviesbureau van de overheid in milieuzaken, schreef Een vorm van beschaving. Daarin bespreekt hij oplossingen voor de duurzaamheidsproblematiek vanuit het perspectief van de waarden in de er achterliggende mens- en wereldbeelden. Voor wie het gevoel heeft, dat de huidige (internationale) politiek lang geen afdoende greep heeft op de milieuproblemen, is het een verademing eens wat verder te kijken dan de dagelijkse, doorgaans ontmoedigende  krantenberichten hierover. Hij zou mooi zijn als dit boek zou bijdragen aan een brede maatschappelijke coalitie voor duurzaamheid.

Door zijn invalshoek kan Van Egmond ecologische, economische,
technologische en sociaal-culturele aspecten met elkaar in verband brengen. Zo
hebben bijvoorbeeld het doorgaande verlies aan biodiversiteit en de dreigende, te
grote klimaatopwarming als gemeenschappelijke oorzaak, dat bedrijven en
consumenten de milieukosten ervan niet hoeven te betalen. De economie eet als
het ware de ecologie op. De kosten verschuiven naar toekomstige generaties.

Economische groei moet vanuit de waarden van een wereldbeeld
gerechtvaardigd te kunnen worden. Groei kan alleen zinvol zijn als deze
bijdraagt aan een menswaardig leven. Als we dit voorbeeld bezien vanuit de
wereldbeelden, komen we tot de volgende conclusie. Een eenzijdig egoïstisch,
materialistisch wereldbeeld is een grote bedreiging voor het milieu.
Bevrediging van basisbehoeften als voedsel, kleding en onderdak dient een
menswaardig bestaan, maar als luxebehoeften, zoals elk jaar op vakantie met het
vliegtuig (“wat lekker voor je, joh!”), het milieu onevenredig belasten, zijn
zij vanuit dat wereldbeeld niet te rechtvaardigen. Daarmee wordt de
eenzijdigheid van dit wereldbeeld duidelijk. En wordt inzichtelijk, dat meer
wereldbeelden noodzakelijk zijn om te beoordelen wanneer economische groei
gerechtvaardigd is.

De vier toekomstscenarios’s die tegenwoordig vaak gebruikt
worden bij onderzoek voor overheidsbeleid, zie bijvoorbeeld de Structuurvisie
Noord Holland, voegt de schrijver samen tot een overkoepelend, integraal
wereldbeeld, dat zo alle mogelijke wereldbeelden omvat. Vanuit geen van de vier
wereldbeelden kan duurzaamheid afdoende tot stand gebracht worden. Van Egmond
pleit dan ook voor politieke samenwerking over partijgrenzen heen vanuit middelpuntzoekende krachten. Eenzijdige
wereldvisies, die geen respect tonen voor mogelijke andere visies, kunnen alleen
maar contraproductief, middelpuntvliedend
werken.

Het integrale wereldbeeld geeft mij een invalshoek om veel
maatschappelijke problemen mee te beoordelen. Zo ben ik het met de schrijver eens,
dat bijvoorbeeld speculatie met aandelen of grond niet te rechtvaardigen is. Zij
dienen geen maatschappelijk, menswaardig doel. De grote hoeveelheid reclames
die de media dagelijks over ons uitstorten, zijn ook niet te verdedigen vanuit
menselijke waarden. Zij zetten aan tot het verheerlijken van consumptie, in een
tijd waarin de onduurzame consequentie van overconsumptie is dat andere wereldbewoners niet eens voldoende te eten hebben. De draagkracht van de aarde raakt uitgeput. Ik hoop dat Van Egmonds pleidooi vele bepleiters van duurzaamheid tot elkaar
zal brengen.

http://wetenschappelijkbureau.groenlinks.nl/files/Paternalisme%20van%20de%20maatschappelijke%20samenhang%20-%20lezing%20Klaas%20van%20Egmond%20-%207%20oktober%202010_0.pdf

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

Gezondheidsrisico zendmasten vermijdbaar met integraal wereldbeeld?

In geen categorie, gsm, straling, umts, zendmasten, blog, burgers, college, evenwicht, en meer.

Oorspronkelijk geplaatst 19-12-2010

Op een flat in de Alkmaarse Emmastraat werden binnen een week na aankondiging daarvan nieuwe antennes geplaatst voor mobiele telefonie en draadloos internet. De oudere bewoners voelen zich erdoor overvallen en maken zich ongerust over de gezondheidseffecten van de straling. Ik deel hun ongerustheid en heb het Alkmaarse college gevraagd of zij dat ook doet. Het meest absurde van zendmasten is de overbodige patstelling waarin voor- en tegenstanders zich bevinden. Masten met een veel minder hoog stralingsniveau zouden volstaan om het mobiele netwerk te laten functioneren. Waarom gebeurt dat niet?

 

Mijn vorige blog schreef ik over het integrale wereldbeeld van Klaas van Egmond. Om bijvoorbeeld milieuproblemen op te lossen, zouden maatschappelijke groeperingen met verschillende wereldbeelden respectvol naar elkaar kunnen luisteren en zo tot een breed gedragen oplossingspakket kunnen komen. Op het terrein van de zendmasten lijkt dat goed mogelijk. Het Kennisplatform Veilig Mobiel Netwerk heeft de verschillende visies en belangen afgewogen. De stralingsintensiteit gaat nu tot 10.000 micowatt per vierkante meter, terwijl 100 genoeg zou zijn. Daarmee zouden de klachten, zoals hoofdpijn, migraine, concentrtatieproblemen of een opgejaagd, onprettig gevoel niet meer optreden. Het Kennisplatform roept al vanaf mei 2007 tevergeefs de betrokken (belangen)groeperingen op te reageren. De Gezondheidsraad, de in Monet verenigde aanbieders van mobiele netwerken en het Antennebureau van de landelijke overheid hebben nog niets gezegd. De GGD’s  als enige wel.

Hoe zit dat? De Gezondheidsraad stelt zich op het standpunt dat er eerst eenduidig wetenschappelijk onderzoek moet zijn, dat bewijst dat de straling ongezond is. De vele onderzoeken die dat tot onderwerp hebben maar niet 100% kunnen bewijzen ten spijt. Monet is bang voor schadeclaims als zij erkent dat er gezondheidseffecten kunnen zijn. En het Ministerie van Economische Zaken is niet onafhankelijk omdat zij miljarden heeft verdiend door de aanbieders van mobiele telefonie stralingslicenties te verkopen. Allemaal factoren waardoor de pragmatische oplossing, waarbij voor alle belangen en visies respect is, niet tot stand komt.

Is ons politiek-maatschappelijk bestel wel ingericht op het overbruggen van belangentegenstellingen? Is de macht van burgers wel voldoende in evenwicht met die van bedrijven? Zo te zien moet er eerst structureel wel het een en ander veranderen voordat
machtsposities in evenwicht zijn, zodat gezamenlijk zoeken naar oplossingen wederzijds voordeel oplevert. Met name het recht van bedrijven om kosteloos het milieu te mogen belasten geeft hen een onevenredig voordeel. Ook zou de overheid om als onafhankelijke instantie boven de partijen geloofwaardig te zijn zichzelf geen economische rechten moeten toekennen. Economische rechten zouden in onze juridische structuur evenveel gewicht moeten krijgen als sociale en culturele rechten. Binnen het integrale wereldbeeld zijn de economische, sociale en culturele aspecten gelijkwaardig. Om het integrale wereldbeeld vaste grond onder de voeten te geven is een verandering van de huidige
maatschappelijke structuur nodig.

 

 

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 1248 uur (52 dagen). Berichtgemiddelde: 0,6 bericht per dag, 4 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4