vrijdag, 20 april 2012

Marcel Kruijer

Marcel Kruijer

Hyves Last.fm Twitter GR

Stroming eten en drinken ontvangt Waddengoud-certificaat uit handen van Marcel Kruijer

Stroming eten & drinken brengt de Wadden naar Heerhugowaard

Texels lamsvlees en Texels rundvlees. Het zijn streekproducten die Stroming eten & drinken in Heerhugowaard op de kaart heeft staan. En met het Waddengoud keurmerk, want gasten moeten wel de garantie hebben dat het echt van Texel afkomstig is en op duurzame wijze is gehouden. Op vrijdag 27 april krijgen eigenaren Kirsten Zoetelief en Wout Schröder uit handen van Marcel Kruijer, voorzitter ‘For a fair World’, officieel het Waddengoud-certificaat uitgereikt. Stroming staat voor ‘puur & h’eerlijk’ en werkt naast de Waddengoud producten veel met biologische producten en streekproducten.

Stroming Eten & Drinken is nog geen jaar oud, maar wil het duidelijk anders doen dan anderen. Zoveel mogelijk producten uit de eigen streek en biologisch. “We willen aan onze gasten de best mogelijke kwaliteit producten serveren. Dan kan alleen met producten die weinig transportkilometers maken, waar weinig tot geen bestrijdingsmiddelen bij zijn gebruikt en die door producenten met liefde zijn gemaakt. En dat kan met Waddengoud gecertificeerde en biologische producten. ‘Puur en h’eerlijk’ daar komt het op neer “, aldus Christel de Jongh van Stroming eten & drinken. Vrijdag 27 april voert het restaurant de nieuwe menukaart officieel in. Hiervoor krijgt het restaurant die dag voor Texels lamsvlees en Texels rundvlees het Waddengoud-certificaat uitgereikt.

Texels lamsvlees en Texels rundvlees van boerderij Hoogvliet

De streekproducten Texels lamsvlees en Texels rundvlees zijn afkomstig van Texel en de dieren zijn op diervriendelijke wijze gehouden. Voor Texels lamsvlees moeten de lammeren op Texel geboren en getogen zijn en moet de moeder of vader een zuivere Texelaar zijn. Dit Texelse schapenras staat wereldwijd bekend om zijn topkwaliteit vlees. Daarnaast moeten de lammeren minimaal 100 dagen in de wei hebben gelopen voordat ze worden geslacht. De Texelse runderen hebben tenminste 210 dagen per jaar buiten gelopen, dat is gelijk aan de hoogst haalbare score van drie sterren bij het Beter Leven Keurmerk van de Dierenbescherming.

Het lamsvlees en rundvlees is afkomstig van Boerderij Hoogvliet van de familie Hin uit de Waal op Texel. “Wij proberen onze dieren op een zo natuurlijke manier te houden en laten ze slachten op Texel. Korte lijnen dus, weinig stress voor de dieren. Hierdoor krijg je een kwalitatief goed product. We vinden het mooi om te zien dat een restaurant als Stroming ook met de beste zorg onze producten tot op het bord van hun gasten brengt”, vertellen Kees en Trinet Hin van boerderij Hoogvliet.

Waddengoud

Ook Stichting Waddengroep, eigenaar van keurmerk Waddengoud, is blij met de tendens dat streekproducten steeds vaker in de horeca verschijnen. “Met onze stichting staan we voor duurzame economische ontwikkeling van de regio rond het Werelderfgoed Waddenzee. We verbinden daarom graag bedrijven uit de regio via ondermeer échte en duurzame streekproducten uit dit gebied. Daarom zijn wij enorm blij dat horeca Waddengoud gecertificeerde producten oppikt”, aldus Benno Bakker van Stichting Waddengroep.

woensdag, 18 april 2012

Wilbert Willems

Wilbert Willems

Voor het eerst in 50 jaar broedende ooievaars in het Markdal

In wonen, wijken en vervoer, boerderij, de, bezig, gegevens.

(Foto's: Iris van der Vlerk)

Er nestelen ooievaars in het Markdal bovenop de boerderij van Staatsbosbeheer bij Bieberg. Het is volgens de gegevens van Harry van Vugt van de West Brabantse Vogelwerkgroep 50 jaar geleden dat er ooievaars gebroed hebben in het Markdal (dat geldt zelfs voor heel West Brabant). Nu is dat paartje druk bezig met nestelen, nadat ze al enkele maanden zich geregeld in het Markdal lieten zien. Het is een jong mannetje van nog geen 4 jaar,  zoals bleek uit de code die op zijn ring om zijn poot te zien is.
 
De nestelende ooievaars trekken veel bekijks van wan

ooievaars op hun nest

lees verder

donderdag, 22 december 2011

Christian Jongeneel

Christian Jongeneel

Hyves Linkedin Twitter Youtube

Dictator, profeet en technocraat

In recensie, crisis, dictator, euro, gedachte, griekenland, italië, macht, portemonnee, en meer.
1794

Het lijken mooie tijden voor technocraten momenteel. Waar het financiële stelsel kraakt, moeten zij de boel als oliemannetjes weer aan de gang helpen. Parlementen weten het niet meer en wenden zich tot kundige lieden, die normaalgesproken afstand bewaren tot de politieke smeer.

In het oude Rome deed men dat ook. Wanneer de situatie hopeloos leek, maakte de senaat de weg vrij voor een dictator, die tijdelijk een algehele volmacht kreeg om orde op zaken te stellen. Types als Lucius Quinctius Cincinnatus verjoegen dan de vijandige legers en keerden na gedane zaken terug naar hun boerderij. De senaat mocht dan weer op de winkel passen. De term ‘dictator’ is een beetje besmet geraakt sinds Julius Caesar zijn tijdelijke macht weigerde in te leveren, maar de gedachte is dezelfde gebleven: in opperste nood leg je je lot in handen van iemand die je vertrouwt om zijn competenties, en volg je ongezien zijn commando’s.

De technocraten die in Italië en Griekenland de euro moeten redden, zijn helemaal geen ingenieurs, maar bankiers, zij het van een ander type dat de crisis veroorzaakt heeft. Maar ‘bankier’ of ‘econoom’ klinkt niet vertrouwenwekkend genoeg om je portemonnee door te laten redden. ‘Technocraat’ heeft die lading kennelijk wel. Dat is curieus. Ik zie twee verklaringsgronden.

(...)
Lees verder in Dictator, profeet en technocraat (nog 442 woorden)

woensdag, 21 december 2011

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Mens, dier en religie

In religie en politiek, rituele slacht, boerderij, brieven, consensus, de dieren, dieren, dierenwelzijn, discussie, en meer.

Verschenen in De Cascade 8(2), opinieblad van stichting Cosmicus

De afgelopen maanden is er veel discussie geweest over het wetsvoorstel dat een einde moet maken aan de onverdoofde rituele slacht. Uiteindelijk stemde de Tweede Kamer in met een bijna volledig verbod. Er kon alleen een uitzondering worden gemaakt als er onafhankelijk bewijs zou zijn dat onverdoofde rituele slacht geen extra dierenleed veroorzaakt. Op het moment dat ik dit schrijf, moet de Eerste Kamer nog beslissen over dit wetsvoorstel. Ik krijg dan ook als Eerste Kamerlid een grote verzameling mails, brieven, documenten, filmpjes en nog meer met de bedoeling mij de ene of de andere kant op te bewegen.

Het is een moeilijke afweging omdat het gaat over dierenwelzijn en godsdienstvrijheid. Daaronder ligt echter nog een andere vraag: hoe denken we over de verhouding tussen mens en dier? Die vraag speelt in religies een belangrijke rol, omdat het daarin gaat over wat nu het eigene is van mens-zijn. En dat eigene wordt duidelijk als we kijken naar het verschil tussen mens en dier en tussen mens en godheid. Daarom zijn er in veel religies ook allerlei regels en taboes die ervoor moeten zorgen dat de mens zich niet gaat gedragen als de dieren en zich ook niet inbeeldt dat hij goddelijk is.

Ideeën over die relatie tussen mens en dier gaan natuurlijk een heel bijzondere rol spelen als het gaat over het doden van dieren. Daarom gelden er in de Joodse godsdienst en de Islam heel precieze regels bij dat doden. In de kern van de zaak hebben die met respect voor het dier te maken. Als je dan toch een dier doodt, zorg er dan voor dat het zo snel en pijnloos mogelijk doodbloedt. Er zijn verschillen tussen de Joodse en Islamitische rituele slacht, maar deze basis van respect speelt bij allebei mee.

Het is daarom ook voor Joden en Moslims een pijnlijke ervaring dat er over hun rituele slachtmethoden gezegd wordt dat die barbaars en dieronvriendelijk zijn. Vanuit hun traditie stond juist zorg voor het dier centraal, en ook het besef dat het niet vanzelfsprekend is dat je een dier, een medeschepsel, van het leven berooft. Ze waren ervan overtuigd dat ze zorgvuldig met dieren omgaan door hen volgens hun religieuze regels te doden. En dan opeens zo’n verwijt…

Het verwijt doet des te meer pijn omdat de gewone industriële manier waarop we in Nederland met dieren omgaan ver afstaat van datzelfde respect. Jaarlijks worden er 500 miljoen dieren gekweekt en geslacht. Opgesloten, verminkt, van hot naar her gesleept en gedood. Hier zijn dieren niet in de eerste plaats levende wezens, medeschepselen, maar producten in een economisch proces. Natuurlijk zijn er volop boeren met hart voor hun dieren, maar we zijn toch ver verwijderd geraakt van de klassieke boerderij waar mens en dier samen leefden.

Drie visies

Eigenlijk zijn er vandaag de dag drie fundamenteel verschillende visies op de relatie tussen mens en dier. De eerste, die we bij sommige dierenactivisten vinden, ziet mens en dier als gelijkwaardig. Eigenlijk zijn mensen natuurlijk ook dieren, en met elkaar maken we deel uit van het totale ecosysteem. Er is eigenlijk geen reden waarom de mens zomaar over het leven van dieren zou mogen beschikken. Vaak leidt dit tot een keuze voor vegetarisch leven, of zelfs veganistisch: geen enkel dierlijk materiaal wordt gebruikt, ook geen wol of melk. Het is een nobele visie, maar natuurlijk zitten er grenzen aan. Er is nu eenmaal ook verschil tussen mensen, apen, koeien, ratten, kikkers, wespen, enzovoorts. Bijna niemand beweert dat alle dieren op dezelfde manier ons respect en bescherming verdienen en dus niet gedood mogen worden. De vraag is alleen waar we de grens trekken.

De tweede visie is er een van industriële omgang met dieren. Hier zijn dieren vooral productiemiddelen die zo efficiënt mogelijk moeten worden ingezet voor de productie van vlees, melk, eieren. Zorg voor de dieren is hier vooral ingegeven door de wens te voorkomen dat dieren ziek worden en dus meer gaan kosten. Veel consumenten gaan eigenlijk ook zo met dieren om. Ze houden enorm van hun huisdieren, die soms bijna als kinderen voor hen zijn. Maar het lapje vlees moet vooral onherkenbaar zijn, een industrieel product waaraan je niet meer kunt zien dat het een levend wezen was. Het dier is een ding.

Tussen die twee uitersten – het dier als gelijkwaardig aan de mens en het dier als ding – staat de derde visie die vindt dat de mens verantwoordelijk is voor deze wereld en dus ook voor de dieren. Bij deze visie, die we ook in veel religies herkennen, mag de mens op zich beschikken over dieren, maar moet de mens er ook voor zorgen dat dieren een goed leven hebben. Het doden van een dier moet dan ook met respect gebeuren en zoveel mogelijk leed vermijden. Maar ook hier zitten grenzen aan, want de manier waarop dieren elkaar doden, is vaak minstens zo gruwelijk, en dan laten we de natuur zijn gang gaan.

Kan het beter?

Waarschijnlijk zullen de meeste mensen het wel ongeveer met de derde visie eens zijn. We vullen het steeds net een beetje anders in, maar er lijkt consensus dat dieren geen mensen en geen dingen zijn en dat respect de basis voor de omgang moet zijn. Als dat zo is, dan is er dus ook alle reden om kritisch te zijn op alle situaties waar dat respect in het geding is. Bijvoorbeeld in de industriële veehouderij met haar megastallen en massale slacht. Maar ook in de rituele slachtpraktijk is heel veel te verbeteren. Vele eeuwen geleden koos men voor een bepaalde manier van slachten omdat dat de meest zorgvuldige en diervriendelijke manier was. Maar dat was wel ‘met de kennis van toen’. Het kan geen kwaad om vandaag de dag opnieuw na te denken over de vraag hoe we zorgvuldig met dieren omgaan als we ze doden.

Wat dat betreft, hoop ik dan ook dat de discussie over het verbieden van de onverdoofde rituele slacht Moslims en Joden aan het denken zet. Bij de huidige discussie komt de nodige polarisatie mee. Het lijkt me ook moeilijk die te vermijden, want de gevoelens gaan diep en de gevolgen zijn groot. Bij voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel gaan de hakken dan ook in het zand en dat leidt tot soms onaangename discussies. Maar als de rook is opgetrokken en een definitief besluit is genomen (welk besluit ook), staan de samenleving als geheel en de religieuze gemeenschappen in het bijzonder voor de vraag welke stappen we kunnen zetten om dierenwelzijn te bevorderen. Want kennelijk is dat het doel van de dierenbeschermers zowel als van degenen die de rituele slacht verdedigen.

Als het stof is neergedaald, kunnen de dierenbeschermers hun aandacht richten op de omgang met productiedieren en hopelijk krijgen ze daar dan ook kamermeerderheden voor (al moet ik zeggen dat ik niet heel erg hoopvol ben op dit punt). En als het stof is neergedaald, kunnen Joden en Moslims stappen gaan zetten om hun rituele slachtpraktijk te verbeteren. De teelt en aanvoer van dieren, de bejegening, de zorgvuldigheid bij het slachten, er zijn zeker punten van verbetering te vinden. En ook kan de discussie gevoerd worden of er vormen van verdoving zijn die aansluiten bij de intenties van de geloofsregels. Ook religieuze tradities blijven namelijk altijd in beweging. Het kan ook van religieuze wijsheid getuigen om oude tradities nog eens kritisch te bekijken.

De kunst zal zijn om niet te blijven steken in de polarisatie en makkelijke vijandbeelden, maar constructief te kijken hoe we dierenwelzijn kunnen verbeteren in zowel de industriële als de rituele slacht. Want over die intentie zijn we het kennelijk eens. Als dierenwelzijn doel is van dierenbeschermers en religieuze gemeenschappen, dan moet er een constructief gesprek mogelijk zijn.


donderdag, 15 december 2011

John Jorna

John Jorna

Verbod op onverdoofd slachten

In column van de week, abortus, boerderij, cultuur, de dieren, debat, dieren, dierenwelzijn, eerste, en meer.

PRIMITIEVE RELIGIES

De Eerste Kamer was zeer kritisch over het initiatief wetsontwerp met een verbod op onverdoofd slachten, ingediend door Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren. Dat men zich inspant voor meer dierenwelzijn vind ik persoonlijk prima, maar het mensenwelzijn moet daarbij niet uit het oog worden verloren. Onze Marijke Vos sprak met afschuw over wat zij gezien had in een slachthuis waar kosher geslacht werd en een ander waar halal geslacht werd. Maar over de geestelijke pijn van Joden en Moslims hoorde ik geen woord.

Nu is slachten voor mensen, die er niet aan gewend zijn inderdaad geen prettig gezicht. Het tekent alleen maar weer hoever de moderne mens met een stedelijk leefpatroon verwijderd is geraakt van de praktijk van de voedselproductie. Minder dan een eeuw geleden kwam de huisslacht nog veel voor en de plaatselijke slager (=slachter) had zijn eigen slachterij aan huis. Op elke boerderij, maar ook bij veel landarbeiders en ook bij andere arbeiders op het geïndustrialiseerde platteland werd in het varkenskot een varken gemest. Een keer per jaar kwam de slachter. Het bloed werd zorgvuldig opgevangen om er bloedworst of balkenbrij mee te maken. Voor het hele gezin was het een feestelijke dag. Een mooi stuk vlees ging naar de pastoor of de dominee en ook de bovenmeester profiteerde mee. Bij de toenmalige schamele salarissen was dat maar goed ook. Over verdoving heb ik nooit wat gehoord. De buren van een slager hoorden vaak genoeg het gekrijs van de beesten en waren er aan gewend. Het was allemaal vanzelfsprekend. Voor de vegetariër van vandaag echter een afschuwelijke praktijk.

Toch waren de mensen van toen niet wreder dan wat in de natuur gewoon is. Dieren vormen de prooi van roofdieren. Ik moet zeggen, dat ik er slecht tegen kan als een van de vele katten achter de merels aan zit. Ik vind het prachtig op een mooie zomeravond zittend in de tuin naar het gezang van een merel te luisteren. Maar kattenliefhebbers vinden het doodnormaal als hun kat de zoveelste dode merel aan hun voeten deponeert. Hoeveel dierenliefhebbers kunnen niet genieten van die prachtige natuurfilms op Animal Planet, waar een luipaard of jaguar een jonge antilope achtervolgt, doodt en verslindt? Roofdieren zijn ook zeer inspirerend voor de mens. Een merk sportauto heet niet toevallig Jaguar. De Duitsers noemden hun tanks Tiger en Leopard. Sommige mensen zijn helemaal weg van vechthonden, ontlenen er zelfs status aan.

Zo bezien is de grote aandacht voor dierenwelzijn en de keus voor vegetarisch voedsel of veganisme een breuk binnen onze cultuur. Voor steeds meer mensen wordt het dier op gelijke hoogte gesteld als de mens. Het lijkt of het dier weer als een God vereerd wordt, zoals het Gouden Kalf bij de Israëlieten in de woestijn of de kat bij de Egyptenaren. Wordt dierenliefde een nieuwe religie?

Wat mij opviel in de bijdrage van Marijke Vos bij het debat in de Eerste Kamer was, dat weliswaar aandacht werd besteed aan de Vrijheid van godsdienst, maar in het geheel geen aandacht werd besteed aan het geestelijk welzijn van onze Islamitische en Joodse medeburgers. De moderne seculiere mens lijkt niet meer in staat zich echt in te leven in religieuze gevoelens en overtuigingen. Hij kan er alleen maar in veroordelende zin over denken. Het is allemaal zo primitief en achterlijk en onvrij en het veroorzaakt zoveel ellende in de wereld als godsdienstoorlogen en terrorisme en kindermisbruik. Eigenlijk is alle ellende in de wereld aan de godsdiensten te wijten. Het is helemaal niet moeilijk mensen tot zo’n vijandbeeld te brengen.

Ik was, denk ik vijf jaar. Ik zat bij de nonnen op de kleuterschool. Het was de tijd voor Pasen en de zuster vertelde over die boze Joden, die de lieve Jezus aan het kruis hadden geslagen. Kleine Johnnie was vreselijk boos en vooral op de Joodse buren. Hij schold ze uit voor alles wat lelijk was. Ze begrepen er niets van. Mijn ouders moesten en de buren en mij heel wat uitleggen. Niet veel later begon de Tweede Wereldoorlog en ook die buren werden weggevoerd en zijn niet terug gekomen.

De regels, die voor Joden gelden verwijzen naar het slachten van de offerdieren in de tempel, het huis van Jahweh.  Een verbod treft onze Joodse buren in het hart van hun religie. Ze voelen zich niet meer erkend door ons als wij tornen aan hun diepste overtuiging en ze voelen zich bedreigd, want wat komt er straks nog meer. De geestelijke pijn is niet te verdragen.

Maar daar staat tegenover, wat doe je de dieren aan? Bloederige beelden worden getoond. Afschuwelijk! Opeens moest ik denken aan de terechte verontwaardiging als anti-abortus-activisten met bloederige beelden van de abortuspraktijk komen. Als je als voorstander van de mogelijkheid van abortus zo als een afschuwelijke wreedaard wordt neergezet, dan wordt je terecht boos. Zetten mensen met kritiek op het onverdoofd slachten hun Joodse en Islamitische medeburgers ook zo neer als wreedaards? Zou dat diezelfde pijn veroorzaken?

Misschien schort het ons aan empathisch vermogen om je in te leven in mensen met voor ons onbekende en vreemde gebruiken. Zou in gesprek gaan met elkaar en samen naar oplossingen zoeken geen betere oplossing zijn ook ten gunste van het dierenwelzijn en dan wat los komen van eigen dogma’s aan beide kanten?

Jaargang 4, Nr. 193.

dinsdag, 4 oktober 2011

John Jorna

John Jorna

De Acht Zaligheden

In column van de week, a2, bedrijventerreinen, boeren, eindhoven, elektrische, fiets, geschiedenis, herfst, en meer.

GRENZELOOS FIETSEN AAN DE ZUIDGRENS

Net die ene mooie week in de herfst zijn wij op vakantie in eigen land. Je moet maar geluk hebben. Gezien de drukte op wegen en fietspaden waren we niet de enige, die per fiets het grensgebied van de Acht Zaligheden verkenden. Zuidwestelijk van Eindhoven liggen een aantal grotere en kleinere dorpen, die eindigen op ‘sel’ . Ze worden de acht seligkeiten/zaligheden genoemd.  Ik reed door Reusel, Hulsel, Netersel, Eersel, Duizel, Knegsel en Steensel. Dat zijn er zeven. Waar was nummer acht? Was dat Woensel? De deskundigen geven er wisselende antwoorden op.

Voor het eerst reden we met elektrische ondersteuning. Dat gaat geweldig, maar je moet wel zorgen voor een goede accu, want anders kom je niet ver. Op mijn leenfiets haalde ik afwisselend in de stand eco en de stand normaal net 55KM, zodat ik de laatste drie KM zonder ondersteuning thuis moest zien te komen. Met de accu van de fiets, die in bestelling is, kom ik dan drie keer zo ver. We waren ook niet de enige met elektrische fietsen. Het bezit is explosief gegroeid. Wel gezellig om op een rustpunt ervaringen uit te wisselen. Twee keer kwamen we een bordje oplaadpunt tegen. Die komen er ook steeds meer.

Het is een typisch Brabants gebied, tamelijk vlak en langzaam aflopend in Noordelijke richting. Dat zie je aan de beekjes en aan de stuwen erin, waar het water toch steeds ruim een halve meter naar beneden valt. Hier en daar zijn meestal beboste stuifduinen, met wat meer reliëf. Het landschap is erg afwisselend met grotere en kleinere bossen, veel grasland en maisakkers. Soms zie je een duidelijk rationele verkaveling. Dan zit je in een jong heideontginningsgebied met kaarsrechte wegen. Bij de dorpen is het kleinschaliger en minder regelmatig. Er zijn natuurlijk boerderijen. Je ziet er de geschiedenis. Oudere boerderijen hebben nogal eens alleen nog een woonbestemming en zien er keurig onderhouden uit. Daar wonen geen boeren meer. Nieuwe boerderijen staan vooral in het open gebied. Vaak is het een gewoon woonhuis met een kleine stal en daarbij reusachtige schuren voor kippen, varkens of melkvee. Zo wordt de schaalvergroting in de landbouw van de afgelopen vijftig jaar goed zichtbaar. Het is er een echt veehouderijgebied. Afgelopen zondag, fietsend tussen Duizel en Hoogeloon zagen we bijvoorbeeld een koeienkijkdag. Het was een knap druk. Op deze arme zandgronden is veeteelt de meest geschikte vorm van bodemgebruik. Je hebt op deze stuifgevoelige gronden organische mest nodig. Tsja, maak dat Mevrouw Thieme maar eens wijs.

Bij de meeste dorpen zijn flinke bedrijventerreinen. Je zit hier erg gunstig  met een autosnelweg, die Antwerpen met het Ruhrgebied verbindt en verder Eindhoven en de A2 in de buurt, een vooral technisch goed geschoolde bevolking en een prettig woon- en leefklimaat. Het gebied mikt samen met het aangrenzende België op het toerisme met een grensoverschrijdend knooppuntennetwerk en uitstekende fietspaden. Je moet wel even in de gaten krijgen, hoe het systeem werkt. Altijd de bordjes volgen, ook al maak je dan omwegen. Die omwegen gaan juist over de leukste en rustigste weggetjes door het mooiste landschap.

Het thema van de laatste Open Monumentendag was het tweede gebruik van gebouwen. We zagen een bijzonder voorbeeld. Een boerderij werd verbouwd tot “Afscheidshoeve”, een slimme zet op een forse groeimarkt, gezien de toenemende vergrijzing. Maar als je dan even verder langs een vers bermmonument met veel bloemen rijdt en dan een bordje grafheuvel passeert, dan zet je dat wel even aan het denken. Om met de naam van een Haagse uitvaartonderneming te besluiten: “Hodi Mihi, Cras Tibi”, heden ik, morgen gij. Tsja, als je een dagje ouder wordt…..!

Vierde Jaargang, Nr. 181.

maandag, 25 juli 2011

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Megastallen voor varkens? Liever niet.

Een maandje of wat geleden heeft staatssecretaris Henk Bleker opgeroepen tot een nationaal debat over megastallen. De media hebben er over bericht, maar voordat ik eraan toe kwam om deel te nemen aan dit ‘debat’, was de inzendtijd al verstreken. Nu heb ik ook niet zoveel toe te voegen. Maar vier zaken wil ik wel kwijt, ook al hebben die niet specifiek betrekking op megastallen, maar meer op de nu al te grote productie.

De plannen van onze provincie en deze landbouwsector zijn vooral gericht op schaalvergroting en groei. Meer varkens en kippen. Ze hebben het over 30 % meer de komende jaren. En ze zitten nu al hoofdzakelijk op een kluitje, met alle risico’s van overproductie (de ‘varkenscyclus’) en dierziekten. Daarbij zorgt de (preventieve) bestrijding door overmatig gebruik van geneesmiddelen al te vaak voor immune bacteriën die ook de gezondheid van mensen bedreigen.

‘We’ willen allemaal graag goedkoop vlees op tafel, maar al die beesten moeten ook eten. De productie van vlees kost een veelvoud aan voedingswaarde van plantaardig voedsel. En veel van het veevoer wordt uit ontwikkelingslanden geïmporteerd. Daar is daarvoor goede landbouwgrond in gebruik en wordt tropisch regenwoud ‘ontgonnen’. We weten allemaal dat er op de wereld veel honger wordt geleden. De toename van vleesproductie zal de honger in de wereld doen toenemen. Dus verminderen zou het devies moeten zijn.

De megastallen zouden niet ten koste gaan van het dierenwelzijn. De Nederlandse varkens en kippen hebben het toch al veel beter dan de meeste soortgenoten op de wereld. Maar kippen die te kort op elkaar leven, gaan elkaar pikken. Het verbod op het knippen van hun snavels is daarom onlangs weer met 10 jaar uitgesteld. En varkens zijn intelligente beesten. Ze weten misschien niet wat ze missen, maar of een speelbal nu zo’n grote verbetering is? Vergelijk het eens met die blije koeien die echt dansen en springen als ze in de lente weer voor de eerste keer in de wei mogen. Echt dierenwelzijn voor varkens zit er niet in als ze niet ook eens mogen wroeten en luieren in de modder.

Regelmatig worden er grote branden gemeld in varkens- en pluimveestallen. Er scharrelen dan rond de boerderij wel wat kippen en varken rond, maar de meeste, en dat zijn er vaak tienduizenden, overleven zo’n brand niet. Ik moet er niet aan denken wat zich bij brand voor schrijnende taferelen in zo’n stal afspelen. De voorschriften voor het voorkomen van brand worden om bedrijfseconomische redenen minimaal gehouden. En bij méér verdiepingen is het nog moeilijker voor het vee om de nooduitgang te vinden.

Volgens mij is verdere schaalvergroting alleen goed te praten vanwege eng economische redenen (winstmaximalisatie). Maar zijn er teveel (maatschappelijke) argumenten tegen de megastallen.

zaterdag, 25 juni 2011

Sloten in Strijen zijn koe-safe…

In fractie strijen, akkoord, bezig, boerderij, boos, cda, crisis, de, discussie, en meer.

koe in sloot

In slaapstadje Strijen worden géén ouwe koeien meer uit de sloot gehaald. Er zijn sowieso al weinig koeien meer. Voordat mijn ex-buurman zijn boerderij verkocht liep er nog wel eens een los geslagen stier in mijn backyard rond. Of een kleine kudde koeien door het graan. De MKZ crisis maakte er een eind aan. De veestapel die er nu nog is, staat op stal. Want bewegen kost energie, dus veevoer. Volgens mijn groene goeroe Leen Bouman is het Oudeland van Strijen ‘verpaard’. Als ik om me heen kijk, zie er al snel een kleine honderd. Mooie beesten, dat wel. Voor ouwe koeien moeten we bij de politici zijn. Van de collegepartijen mogen we die niet meer uit de sloot halen. Het ging om nieuwe huizen voor jongeren. De Raad van Strijen had ze besteld. Maar de woningcoöperatie maakte er slinks woningen voor andere doelgroepen van. Dat gaf wat commotie. De jongens en meisjes van de PvdA waren (terecht) zeer teleurgesteld. Daarom kwam de linkse fractie met een motie om binnen twee jaar die nieuwe woningen alsnog te bouwen. Ze vroeg dus om iets wat al veel eerder afgesproken was, maar door de als een projectontwikkelaar handelende  woningcoöperatie HW Wonen was getorpedeerd. Het CDA smaldeel wilde ons doen geloven dat een andere aanpak die bestond uit het beschikbaar stellen van oude goedkope huisjes, die toch afgebroken gaan worden, wel eens een betere oplossing kon zijn. We moesten blij zijn met HW Wonen. Want er zijn twee soorten woningcoöperaties: de goede die sociaal verantwoord bezig zijn en de minder goede die zich gedragen als commerciële investeerders. U begrijpt dat hij HW Wonen inschaalde bij de eerste soort. Dat vond de oppositie dus niet, die neigde naar de tweede omschrijving. Toen waren de poppen in tweede termijn aan het dansen. We mochten geen ouwe koeien uit de sloot halen. Een andere man had géén zin om de discussie over te doen. Feitelijk gezien was er helemaal géén sprake van een open discussie. Ik heb bezwaar gemaakt over het niveau van de argumenten die gebruikt werden. Ik geloof dat ik zelfs boos overkwam. Het is toch absurd dat nieuwe woningen voor jongeren die al gebouwd hadden moeten zijn nu opnieuw bevochten moeten worden. Slot van het liedje was dat de motie werd aangehouden. De wethouder heeft nu een principe akkoord bereikt met HW Wonen dat er binnen twee jaar alsnog nieuwe woningen voor jongeren gebouwd gaan worden in de Oranje wijk. Daarom hulde voor Wilco van Tilborg voor dit resultaat. Als de handtekening van de directie van HW Wonen er onder komt te staan ben ik geneigd om HW Wonen te kwalificeren als sociaal verantwoord. De A categorie dus. Is een ouwe koe nog ergens goed voor geweest.

zondag, 20 februari 2011

Laura Bromet

Laura Bromet

Goed boeren met GroenLinks

Steeds meer boeren in Noord-Holland vinden dat GroenLinks hun een echte toekomst kan bieden. Bij een aantal boeren staat daarom een verkiezingsbord in de wei, onder meer bij ons in Waterland. Titia van Leeuwen, lijsttrekker van GroenLinks voor de Provinciale Staten, heeft het eerste bord onthuld aan de N247 tussen Monnickendam en Broek in Waterland.

lees verder

zondag, 13 februari 2011

Paul Smeulders

Paul Smeulders

Hyves Twitter Youtube PS

Megaborden voor gezonde landbouw

In politiek, agenda, dieren, dierenwelzijn, groenlinks, hart, landbouw, megastallen, mensen, en meer.

Brabant staat voor mij synoniem aan lekker en gezond eten. Daarbij horen producten uit de streek en biologische landbouw. Die doet recht aan de natuurlijke behoeften van dieren, in plaats van de megastallen die niet alleen slecht zijn voor het dierenwelzijn, maar ook voor de leefbaarheid in onze dorpen en voor onze volksgezondheid. Megastallen vergroten het risico dat dierziekten zoals de Q-koorts op mensen overslaan. Alle boerderijdieren moeten buiten kunnen scharrelen, wroeten en grazen. GroenLinks wil dus minder varkens en geiten in kleinere stallen.

Ik vind het geweldig dat Johan Martens (plek 4) en Sonja Borsboom (plek 10) op onze lijst staan. Johan is op dit moment fractievoorzitter van GroenLinks in de Staten, maar bovenal biologische boer. En Sonja is in heel Brabant bekend als voorvrouw van het burgerinitiatief Megastallen Nee. Dankzij dit burgerinitiatief staat de intensieve veehouderij prominent op de politieke agenda, een geweldige verdienste!

In aanloop naar de Statenverkiezingen, maar ook daarna, gaan we flink de boer op om de megastallen een halt toe te roepen. We trekken letterlijk en figuurlijk het buitengebied in! En GroenLinks stopt pas met actievoeren, wanneer alle plannen van tafel zijn om Brabant te verpesten met van die idiote megastallen!

Om aandacht voor ons standpunt te vragen, plaatst GroenLinks, verspreid over Brabant, grote borden. Deze megaborden roepen de voorbijgangers op om op 2 maart te kiezen voor gezonde landbouw. Vanochtend (zondag 13 februari) onthulden Tweede Kamerlid Niels van den Berge samen met Johan Martens en Sonja Borsboom in Sint Hubert het eerste megabord tegen megastallen.

Ook ontving Kees van Zelderen, biologische boer te Westerbeek, een ‘groen lintje’ voor zijn verdiensten voor de biologische landbouwKees heeft een biologische boerderij in Westerbeek, in het hart van de Peel. Hij is ook voorzitter van de Bio-vak, een biologische beurs voor consumenten en producenten die jaarlijks vele tienduizenden bezoekers trekt.

maandag, 6 december 2010

Ida Sabelis

Ida Sabelis

Twitter

Prachtig buiten

In weer, fietsen, inspraak, afspraak, auto, boerderij, groenlinks, kunst, politiek, en meer.
Ja, het is en was prachtig buiten. Natuurlijk zijn sommigen van ons beter bedeeld voor wat betreft het uit de voeten kunnen bij gladheid en sneeuw. Zo merk ik dit jaar dat het dus echt iets uitmaakt of je vaker sport. Wonderlijk genoeg (behalve voor fysiotherapeuten en sportleraren) helpt sporten voor je gevoel van zekerheid in glibberige situaties. Zo heb ik gewoon veel gefietst de afgelopen dagen. Ja, kunst - met een driewieler. Ik moet toegeven dat het leuker slippen is met een ligfiets dan met een auto. Hoewel, bij meer dan vier centimeter sneeuw, of modder, wil ook een Velomobiel niet echt meer vooruit. Zo bleven we zaterdagochtend in Noord-Holland steken. Later wel weer op weg met een wat zwaardere auto. Maar 's avonds ging het weer op (slechts) twee wielen, naar Haarlem vanuit Heemstede. Prima te doen, gewoon doortrappen! En toen merkte ik dat sporten helpt bij het gevoel voor evenwicht. In geen jaren zo door de sneeuw getijgerd. Heerlijk. Met rode wangen en superfris weer thuis.
Maar hedenmorgen... Na Sint gisterenmiddag op de boerderij ... Al om half zeven buiten. Alles spek- en spekglad. Niets tegen bestand en nog weinig uitzicht ook, want er hangt mist. Huisgenoot durft de auto niet in om me naar het station te brengen. Ik geef haar nog gelijk ook. Fiets stond al klaar buiten, bedekt met gestolde druppels water. En uitgerekend vanmorgen is de afspraak van een kleine delegatie uit de raad met dhr. Kruijer, onze onvolprezen volger van mogelijke onrechtmatigheden in het gemeentelijk politiek bedrijf. Moet GroenLinks toch verstek laten gaan, uitgerekend door natuuroverlast. Hm. Grrrr.

donderdag, 22 juli 2010

Ida Sabelis

Ida Sabelis

Twitter

Te Gast

In vriendschap, binnenweg, gasten, regeren, auto, boerderij, boos, feest, gezin, en meer.
Zoals waarschijnlijk meer mensen in deze tijd van het jaar: ik heb gasten in huis. Hoe zoiets  bij ons gaat? Wel, op enig moment in het voorjaar gaat de telefoon. Een nichtje uit een ver land meldt zich en vraagt "wanneer zijn jullie weg, deze zomer?" (dit en het volgende is in vertaling, natuurlijk). Ik antwoord dat we "van dan tot dan wel een oppas voor de poezen kunnen gebruiken". En zij vertelt over een vriendin met zo'n leuk gezin - en dat die toch echt een zomervakantie aan zee verdiend hebben, enzovoorts. Ik vertrouw dat nichtje zeer. En weet dus dat zij, die immers al als baby een zomer bij ons doorbracht, heel goed weet welke gasten bij ons passen. Er kan veel, wij zijn erg makkelijk, wij vinden het heerlijk als het huis bewoond is in de zomer en vooral ook weer schoon en heel achtergelaten wordt. Dit alles nog afgezien van de verzorging van poezen, post en prullaria.
Maar ja, wij zijn ook zó gemakkelijk dat het kan voorkomen dat wij helemaal niet weg zijn - en de gasten  wel komen... In dat geval verbinden wij ons extra met de gasten. Dat moet wel, want anders sta je voor de familie weer voor aap. Het is ook fantastisch om mensen te gast te hebben die lekker en graag koken. En die het leuk vinden om ons in onze alledaagsheid te leren kennen. Er gaat werkelijk niets boven gasten die zich weten te gedragen. Wat zeg ik? In huis hebben wij eigenlijk altijd gasten die potentiële vrienden zijn! Onze  Chinese huisgenoot (eigenlijk ook een gast, maar dan voor langer) bedacht dat er nog wel wat gasten bij konden. Een vriendin van hem was onderweg van China naar Mexico; ze hadden elkaar al zo lang niet gezien; en nou kon zij een stopje in Nederland organiseren - en we wonen al zo dicht bij Schiphol!. Zo gebeurde het dat wij afgelopen nacht in onze eenvoudige eengezinswoning met wel negen mensen sliepen. En dan waren de benedenkamers ('en suite') nog niet eens bezet!
Vanmorgen trok ik de kleine keukentafel uit tot enorme lengte en dekte al om half acht voor een enorm ontbijt. Een feest was dat - met mooie bordjes, glazen, bestek. Kortom, alles wat bij ons niet tot een normale ochtend hoort. Het leek al wel de dag van morgen, mijn verjaardag! De ene groep gasten haastte zich om tien over acht het dorp in voor verse broodjes. Ik zette water op (hoe ouderwets) voor het koken van verse eieren van de boerderij. De andere groep gasten had naadloos aangevoeld dat het nu hun tijd was om de badkamer te betrekken. En zo troffen wij elkaar alle elf schoon, fris en fruitig aan een welgevulde ontbijttafel.
Drie uur later liep ik alleen over de Binnenweg. En zeven uur later fietste ik diezelfde weg nog eens in tegengestelde richting. Toen schoot het mij te binnen: de nieuwe inrichting van De Binnenweg is zo gekozen om automobilisten zich "te gast" te laten voelen. In de ochtend sprong ik opzij omdat een Duitse auto (niet van mijn gasten) vanaf de Julianalaan tot de Zandvaartkade de vriendelijke uitnodiging tot eenrichtingrijden niet begrepen had. Een paar uur later slalomde ik om auto's heen die zich als gast permitteerden om maar te gaan staan waar ze wilden. Het maakte mij boos, geïrriteerd en driftig.
De moraal van dit verhaal? Gasten die zich als gasten gedragen zijn een aanwinst voor elk huis - en ook voor zichzelf, want ze hebben een heerlijke vakantie met uitzicht op echte vriendschap. Gasten die zich helemaal thuis gaan voelen, zijn niet op hun plaats, want ze nemen de ruimte van hun gastdames en -heren weg. 
Niets spreekt vanzelf in deze wereld. Zeker niet in het verkeer. En toch gaat er niets boven  echte gasten.

Jammer dat tot nu toe GroenLinks ook 'te gast' was in het regeren. Maar misschien groeit er nog iets moois uit die prille vriendschap.


woensdag, 26 mei 2010

Ida Sabelis

Ida Sabelis

Twitter

De zomer is er weer

In fietspad, bomen, verantwoordelijkheid, amsterdam, auto, bbq, boerderij, fietsers, foto, en meer.
Dit was het weekend waar we heel lang op hadden gewacht. Eindelijk warmte, eindelijk zon en dus: erop uit! Luilak vieren we niet voor niets! En met al dat moois komen ook de verkeersstromen op gang. Ik slingerde mijzelf in de overdekte ligfiets en zeilde, alsof het niets was, via het nieuwe huis van de zoon in Amsterdam naar de boerderij in Noord-Holland. De deze winter, met dank aan het werken voor de gemeente, getrainde spieren konden het gemakkelijk aan. 70 kilometer op het eerste middagje; ik had daar andere jaren niet over hoeven piekeren! Maar deze week klopt alles: nieuwe fiets is in de maak (bij www.velomobiel.nl) en de conditie is nu al prima. Op zondag toch nog de auto in; op weg - tegen de files op de N201 en de A9 in - naar Friesland voor de zestigjarige verjaardag van een neef. We speelden de drie gratiën uit Haarlem: mijn oude moeder, ik (oude) dochter en het toch alweer volwassen kleinkind. Een stralende dag - en 's avonds de tweede BBQ van het weekend. Zo'n extra maan-zondag is dan ook niet weg. Wij sloten haar af met een onverwachte maaltijd met mijn oudste vriendin Simone. Het komt nog voor: plotselinge invallen die het leven erg gezellig maken! De verse spinazie van eigen grond ging er goed in.  En mede daarom was mijn humeur op dinsdag zo goed. Vroeg de trein in naar een bijeenkomst van een begeleidingsgroep voor nieuw onderzoek. Zo heerlijke brainstormen met gelijkgerichte collega's. Bijtanken noem je dat. En het maakt dat je neuriënd de trein terug in stapt. Op het fietsje via een zonovergoten Binnenweg. 
         Wat ligt dat nieuwe plein er mooi en ruim bij. Het nieuwe terras staat er al. Fietsers vinden al hun weg via de stippellijn van de fietsersstrook. Zóoooo gezellig - een echte ontmoetingsplek. Ik kon het niet laten - met zo'n mobiele telefoon heb je altijd een camera bij de hand. Even de ruime verandering vastgelegd op de foto. Wat zúllen we hier zwieren en zwaaien! 


:-(, zoals we dan in Twittertaal zeggen...  

Aantal berichten op deze pagina: 13. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 17117 uur (713,2 dagen). Berichtgemiddelde: 0 bericht per dag, 0,1 per week.

Pagina: 1