vrijdag, 20 januari 2012

Patrick Rijke

Patrick Rijke

Linkedin Twitter GR

Drie keer links

In landelijke politiek, groenlinks, links, linkse samenwerking, pvda, sp, bezuinigen, campagne, cda, en meer.

Zaterdag 14 januari openden de drie linkse partijen gezamenlijk het jaar. GroenLinks, PvdA en SP willen alle drie ‘een ander Nederland’. We willen samen “slim, solidair en ‘groen’ investeren” in ons land om de crisis te bestrijden.
Juist onder het meest rechtse kabinet sinds Van Agt-Wiegel ligt het voor de hand om alle linkerhanden ineen te slaan. Samen staan we sterk en zo. Hoe ver moet zulke samenwerking nou gaan? Eén sterk links alternatief lijkt aanlokkelijk. En er is veel voor te zeggen. Maar is het tactisch wel handig?

Eerst maar eens wat er allemaal vóór te zeggen valt. De drie partijen die zichzelf gewoon links durven te noemen lijken elkaar in elk geval prachtig aan te vullen.
De SP spreekt de taal van de gewone mensen, niet alleen van de Nederlanders die spreekwoordelijk hard werken, maar zeker ook van de mensen die van een uitkering rond moeten komen. SP-ers klagen steen en been over alles wat er mis is en mis gaat in de samenleving en verwoorden daarmee precies hoe veel mensen erover denken. PVV-stemmers die hun hersenen gebruiken, zien dat de partij van hun eerdere keuze hen nu naait met de miljardenbezuinigingen die ze beginnen te voelen en stappen over naar de SP.
De PvdA heeft meer dan de andere twee de regenten in de gelederen die het land, de provincie of de stad kunnen besturen op grond van hun kennis en ervaring. De term ‘regent’ bedoel ik in dit verband uitdrukkelijk niet pejoratief. Oorspronkelijk zijn regenten immers de eerste bestuurders die hun positie niet bekleedden op grond van hun afkomst, maar op basis van hun verdienste. In een meritocratie zitten veel van de PvdA-bestuurders volkomen terecht op het pluche. Hun taal spreekt de kiezers wel niet meer zo aan, maar is wel de taal waarmee je de dingen gedaan krijgt.
En GroenLinks ten slotte is de ideeënpartij zonder macht die het meest op een ‘volhoudbare’ toekomst is gericht. Wij kunnen op links de nuance inbrengen, de horizon verleggen, creatieve ideeën aandragen en de multiculturele samenleving verdedigen. Wij spreken het nadenkende deel der natie aan. Als we heel erg ons best doen misschien ook nog wel de activisten en de anarchisten en de pacifisten voor zover ze zich niet allang moedeloos van de parlementaire democratie hebben afgewend.

Tussen haakjes. Op landelijk niveau is een nieuwe linkse eenheid zelfs een uitkomst voor de drie huidige politieke leiders. Roemer is de gedroomde voorman in de campagne, die de rechtse drammers en bezuinigingsbulldozers alle hoeken van de Kamer laat zien. Cohen komt ongetwijfeld veel beter tot zijn recht als minister-president dan als parlementariër. En wij zijn verlost van stuntelende stekkerdoosstukjes.

Het is echter niet moeilijk om de problemen binnen de linkse drie-eenheid te zien aankomen, zeker als het sentiment ‘anti-rechts’ zijn centripetale kracht op den duur verliest. Want als de SP bijvoorbeeld zegt wat mensen erover denken, betekent dat: ‘de hoge heren zorgen alleen maar goed voor zichzelf’ en ze bedoelen daarmee nou precies de bestuurders waar de PvdA hetzelfde patent op heeft als het CDA.
Die PvdA-bestuurders zijn in Zwolle bijvoorbeeld niet te beroerd om in een college met de VVD en het CDA (en de ChristenUnie trouwens) te schipperen om de ‘kille bezuinigingen’ (Cohen, Roemer en Sap) van het kabinet te verstouwen. Zij bezuinigen lekker op de voorzieningen die de last voor de zwakkere schouders in onze stad nog een beetje dragelijk maakten, maar willen niet eens nadenken over een kleine lastenverzwaring voor de Zwolse huizenbezitters.
GroenLinks zal overigens in een constellatie terecht komen waarin duurzaamheid vooral geweldig is omdat (of in het ergste geval: alleen maar als) het geld oplevert, kunst omdat het de economie stimuleert en multiculti omdat het werk toch door íemand gedaan zal moeten worden.

Ik zie een doorslaggevende reden om de samenwerking beslist niet te laten, maar vooral niet te ver te voeren. Die reden is van tactische aard, ik geef het toe. Want principieel zijn de onderlinge verschillen op links natuurlijk kleiner dan de kloof met rechts (ik blijf maar even via de links-rechts-lijn redeneren om dit verhaal niet te gecompliceerd te maken, al ken ik natuurlijk ook de kwadranten en de hoefijzers die de politieke werkelijkheid wel wat beter of in elk geval genuanceerder verbeelden en bijvoorbeeld laten zien dat D66 en VVD op sommige terreinen dichter bij GroenLinks staan dan de SP).

In de media-democratie waarin we ons nu eenmaal bevinden, krijgen drie partijen grosso modo drie keer zo veel aandacht als één partij. Die vuistregel gaat niet in alle opzichten op, maar bijvoorbeeld bij het grote ‘lijsttrekkersdebat’ heb je meer inbreng als er drie linkse partijleiders hun geluid mogen laten horen dan wanneer we maar met ééntje vertegenwoordigd zijn.
En zoals je christelijk-rechts, ondernemers-rechts en dom-rechts hebt, kun je maar beter ook alle toonaarden van het linker orkest laten horen. Want in de werkelijkheid waarin de kiezer leeft op het moment waarop hij in het stemhokje staat, kan een CDA-er zomaar vertrouwen krijgen in de PvdA-voorman, een PVV-er zijn hoop stellen op de SP en een VVD-er zomaar kiezen voor een duurzame variant van het liberalisme.

Drie keer links is dus gewoon meer dan één keer links.


donderdag, 19 januari 2012

Menno Slaats

Menno Slaats

Hyves Last.fm Twitter DWARS

Op pad met Arno Uijlenhoet, kandidaat-voorzitter GroenLinks

Op 11 februari zal er tijdens het congres van GroenLinks een nieuwe voorzitter gekozen worden.  De leden kunnen kiezen uit twee kandidaten. Namelijk Arno Uijlenhoet en Heleen Weening.

Na een periode van ongeveer 6 jaar gaat Henk Nijhof de leiding overdragen aan een van de twee kandidaten.

Door mijn ervaring als lid van het permanent promotieteam van GroenLinks landelijk en de campagne van GroenLinks Brabant tijdens de Provinciale Statenverkiezingen ben ik door Arno Uijlenhoet gevraagd om mee te helpen in zijn 'campagneteam'.

De websites van beide kandidaten had ik al bekeken en ik ben dan ook blij dat ik de kandidaat die mijn voorkeur heeft kan helpen met zijn campagne.

Waarom Arno mijn voorkeur geniet, omdat hij geen keuze maakt tussen D'66 of de SP, maar gebruik wil maken van alle progressieve krachten. Hij lijkt ook steviger op te kunnen treden bij zaken zoals Kunduz, waarbij de fractie de leden 'vergat' te informeren en te peilen.  Maar ook meer wil inzetten op de kracht van de partij zelf, waarbij andere partijen afhankelijk worden van ons, in plaats van dat GroenLinks afhankelijk wordt van andere partijen.

Zo wil hij alsnog een bijeenkomst beleggen voordat er een besluit genomen gaat worden over een eventuele uitbreiding van de civiele politiemissie in Kunduz. Want de leden zijn de besluitvorming over Kunduz nog steeds niet te boven.

Maar Arno wil ook meer de groene kant van GroenLinks weer meer naar voren brengen, iets wat redelijk op de achtergrond is geraakt door de sociale kant van GroenLinks.

IMG_3842

De start van de campagne was min of meer bij het driekoningen gala van DWARS in Utrecht. In de U-bar op de Oudegracht, werden Arno en Heleen aan de tand gevoeld door Jojanneke Vanderveen, voorzitter DWARS. Helaas bleek de geluidsinstallatie niet van goede kwaliteit te zijn en moesten de kandidaten op de bar gaan zitten om de microfoon te kunnen gebruiken. Na het algemene gedeelte kregen de kandidaten ook de kans om de DWARS leden persoonlijk aan te spreken. De DWARS leden maakten hier veelvuldig gebruik van en diverse vragen en stellingen kwamen voorbij.

IMG_3846

Na de 'start' van de campagne werden ook de nieuwjaarsborrels van diverse lokale GroenLinks afdelingen bezocht. Zo zijn we ook op bezoek geweest bij de nieuwjaarsborrel van GroenLinks Tilburg.

Na een korte speech van de wethouder en fractievoorzitter, konden de aanwezige GroenLinks leden de voorzitterskandidaten persoonlijk benaderen.

IMG_3897 IMG_3895

Maar ook tijdens algemene ledenvergaderingen kregen de voorzitterskandidaten de kans om zich te presenteren aan de GroenLinks leden.

Zo hebben we een alv bezocht in Leeuwarden waar natuurlijk ook de vraag kwam, hoe in de toekomst om te gaan met Kunduz. Iets wat bij elke afdeling ter sprake komt, een punt waar de GroenLinks leden nog steeds mee bezig zijn.

Maar ook de keuze, primair inzetten op regeren, of uitgaan van onze eigen idealen en dan mogelijk regeren als het uitkomt.

_MG_3948 

Het is leuk om te zien dat er telkens zoveel mensen komen opdagen, ondanks dat de verwachtingen van de afdelingen zelf, stukken lager zijn.

_MG_3979

De leukste bijeenkomst tot nu toe, vind ik de bijeenkomst in Leiden. Daar was voorafgaand aan het programma een nieuwe ledenbijeenkomst en aansluitend een interactief gedeelte met de kandidaat-voorzitters.

Ze kregen eerst de kans om zich voor te stellen, waarna er stellingen kwamen. De aanwezige leden konden dan kiezen uit voor of tegen.

"Een partij van en door leden met lange termijn visie" of een "partij voor en door kiezers met korte termijn visie, inspelen op de waan van de dag". Het merendeel gaf aan voorstander te zijn van de eerste stelling, ongeveer 5 personen gaf toch aan meer te zien in een kiezerspartij, aangezien die toch je winst leveren in de Tweede Kamer.

_MG_4040

_MG_4033_MG_4030

Maar ook stellingen zoals "Jolande Sap moet opstappen" kwamen voorbij. Hier bleken voorstanders voor te zijn, met als redenen dat ze gefaald zou hebben tijdens de besluitvorming van Kunduz en het 'gedoe' rondom Mariko Peters.

Telkens stonden Arno en Heleen aan dezelfde kant van de zaal bij de stellingen. Toen de stelling kwam "Groen of Links" gaf dat een verschil qua standpunten van de kandidaten. Waar Arno meteen Groen koos, koos Heleen voor het midden, aangezien ze Groen en Links bij elkaar vond horen en dus niet kon kiezen.

Het was een erg leuke bijeenkomst, waarbij alle leden betrokken werden en zo interactief hun mening kunnen geven.

De campagne gaat nog op volle toeren verder naar Eindhoven, Groningen, Utrecht, Rotterdam en als hoogtepunt natuurlijk 11 februari tijdens het congres in Utrecht!

Alle foto's van de bijeenkomsten kun je vinden op: Picasaweb

Wordt vervolgd!

dinsdag, 17 januari 2012

Arno Uijlenhoet

Arno Uijlenhoet

Twitter

Friesland en Leiden maken er werk van!

Na een bliksembezoek aan een bijeenkomst met raadsleden over de decentralisatie van zorgtaken, ging afgelopen weekend de campagne verder richting Leeuwarden en Leiden. In Leeuwarden waren Heleen en ik uitgenodigd voor de ALV van de afdeling Friesland. Onder deskundige leiding van Isabelle Diks, wethouder in Leeuwarden, konden we uitgebreid ons verhaal doen. Het was een geanimeerde bijeenkomst met een prachtig uitzicht over het Friese land!

In Leiden werden we getrakteerd op een Lagerhuisdebat onder leiding van bestuursvoorzitter Martine Leewis en ondersteund door bestuurslid Manu Busschots. Als je moet kiezen tussen Groen en Links, waar sta je dan? Ik koos na ampel beraad toch voor Groen. Omdat ik Groen vertaal in termen van duurzaamheid. En duurzaamheid is voor mij recht doen aan milieu, mens en maatschappij!

zaterdag, 14 januari 2012

Johanna Welfing

Johanna Welfing

Hyves Twitter PS

Een nieuwe voorzitter: Twee goede kandidaten, één functie, een lastige keuze.

Foto gemaakt door Menno Slaats Verbinden, solidariteit, luisteren naar de leden, meer dialoog vooraf, een betere vertaalslag door de Kamerfractie, groene innovatie, een partij die met beide benen in de samenleving staat. Zomaar een paar termen die vanmiddag voorbij kwamen tijdens de discussie tussen de twee voorzitterskandidaten van het landelijk bestuur. Prachtige zinnen, volgens mij willen we dat allemaal. Woorden die ik eerder heb gehoord bij eerdere verkiezingen. De vraag is hoe ga je dit doen als voorzitter? Want woorden zijn nog geen daden. Op de ALV werd dan gelukkig ook door de mooie woorden heen geprikt. De keuze voor de GroenLinks leden wordt er m.i. niet makkelijker op. Een kleine beschouwing van de kandidaten zoals ik ze heb geobserveerd. De twee kandidaten: Heleen Weening & Arno Uilenhoet Opmerking vooraf: Ik ben er van overtuigd dat beide kandidaten uitermate geschikt zijn voor de functie van het voorzitterschap. Ik voel de passie, beide hebben unieke kwaliteiten. Bij beide kandidaten heb ik een goed gevoel. Heleen Weening – ‘Het Solidaire Groene Land’ Antwoordt vanuit het hart, maar toch op een zakelijke prettige manier. Heeft het voornemen om als voorzitter echt een voorzitter voor de leden te zijn die via de organen binnen de partij, zoals bijvoorbeeld de partijraad, werkgroepen etc te werken met de Kamerfracties. Belangrijk punt voor Heleen is besluitvorming vooraf binnen de partij op basis van programma. Zij zet in op een permanent programmacommissie. Heleen wil belangrijke thema’s op de kaart zetten waarover leden in de afdelingen kunnen discussiëren en waarvan de (stand)punten vervolgens door de vertegenwoordigde partijraadsleden meegenomen kunnen worden naar de partijraad. Een initiatief wat ik van harte ondersteun. Heleen vindt dat GroenLinks zich evenredig in uitingen naar buiten moet laten zien voor groene en solidaire thema’s. Partijnaam hoeft niet aangepast te worden. Het partijprogramma is goed, en we zijn geen partij in worsteling. Arno Uijlenhoe t – ‘Het groene goud’ Een goede welbespraakte spreker, fijn om naar te luisteren. Heeft een duidelijke visie waar GroenLinks op in moet zetten. Groene duurzame innovatie. “Het groene goud” Wil meer dialoog binnen de partij en weet ook duidelijk hoe hij dat neer wil gaan zetten. Via de partijraad, via het landelijke bureau, maar ook door werkgroepen niet in Utrecht maar op locaties in het land te laten vergaderen. Goed initiatief. Arno vindt dat de slag naar het duurzame bedrijfsveld meer gemaakt moet worden en zal daar ook op inzetten. Arno geeft aan dat besluitvorming en discussie met leden over belangrijke en gevoelige onderwerpen beter kan en vooraf moet plaatsvinden. Arno vindt dat GroenLinks best meer de nadruk mag leggen op duurzaamheidthema’s, oftewel het “groene goud”. De koers die ingezet is goed, we zijn geen partij die worstelt, we hebben een goed programma. Partijnaam hoeft niet worden aangepast. Twee beschrijvingen, twee capabele mensen voor één functie. Wie kies je dan? Nou ja , ik kies niemand, ik heb me te laat aangemeld voor het congres, dus heb geen stemrecht. Wat als ik wel stemrecht had op wie zou ik dan stemmen? Twijfel alom . wat mij bij Heleen erg aansprak is de directe vertaalslag naar wat er bij mensen speelt. Arno komt bij mij meer zakelijker over, een onmisbare eigenschap voor een voorzitter die mij erg aanspreekt, direct en kundig. Meerdere voorzitters zijn Heleen en Arno voorgegaan binnen de partij. Ze spraken mooie woorden in hun campagne in de weg er naar toe, maar verloren zich ‘grotendeels’ in de Haagse werkelijkheid. Ik heb mezelf de vragen gesteld, bij welke kandidaat ben ik het bangst dat zij/hij zich laat verleiden door de Haagse werkelijkheid en bij welke kandidaat denk ik dat het meeste Haagse menselijkheid gerealiseerd wordt. Wellicht wat kromme maatstaven, nu niet te toetsen en puur een gevoelskwestie. Op basis van deze vragen komt er voor mij een kandidaat uit waar ik op zou stemmen als ik de kans had. Ik zou kiezen voor het iets minder zakelijke, maar voor mijn gevoel iemand die dichter bij het maatschappelijke middenveld staat. Mijn fictieve stem gaat dus niet naar het “groene goud” , maar naar "het solidaire groene land".

donderdag, 12 januari 2012

Rien Honnef

Rien Honnef

Twitter GR

Beste ANWB

In algemeen, anwb, prijsverhoging, wegenwacht, auto, campagne, euro, nederland, persoonlijk, en meer.

Beste ANWB, Al vele jaren ben ik lid van uw organisatie. Al sinds 1981 om precies te zijn. Inmiddels dus ruim 30 jaar. Met enige trots moet ik er bij bekennen. En al die jaren ben ik ook in het bezit van een auto. Slechts een korte periode beschikten mijn vrouw en ik over twee auto’s. En het was altijd zo, en zeker in de beginjaren, dat het lidmaatschap van de ANWB weliswaar een persoonlijk lidmaatschap was, maar je profiteerde er beide van. Mijn echtgenote dus ook wanneer ze met de auto onderweg ging. De ANWB kaart is dan ook altijd standaard in de auto aanwezig. Een paar jaar geleden begon echter de discussie; mocht dat wel, met z’n tweeën gebruik maken van 1 kaart? Eigenlijk niet, aldus uw organisatie. Maar, zo leerde mij telefonisch desgevraagd, een ANWB/Wegenwachtmedewerker zou er niet echt moeilijk over doen. En dat deed men ook niet twee of drie jaar geleden toen mijn echtgenote met pech bij een pompstation langs de snelweg stond. Ze werd prompt geholpen. En ik verwachtte ook niet anders. Op ‘mijn’ ANWB kaart stond ook keurig netjes alleen R. Honnef. Nou, daar kun je, m of v, alle kanten mee op. Dit jaar niet meer. Sinds 2012 prijkt er keurig netjes Dhr. R. Honnef op de kaart. En daarnaast is er ineens een reclamecampagne van de ANWB voor het ‘partnerlidmaatschap’ voor nog geen 3 euro per jaar maand (32 per jaar om precies te zijn). Nu is het lidmaatschap van de ANWB + Wegenwacht Nederland 67 euro per jaar. En met de 32 euro per jaar er bij een verhoging van bijna 50%, wanneer je gehuwd bent en beide personen gebruik maken van dezelfde auto. U geeft in de campagne wel netjes aan dat het handig is voor als de partner zelf ook een auto heeft, maar toch, ik ben wel benieuwd naar de uitwerking van én de toevoeging Dhr. op mijn kaart én het nieuwe prijsplan wat u heeft bedacht voor de partner. Het heeft toch alle schijn in zich dat u eerdaags mijn echtgenote binnenkort niet meer laat ‘meeliften’ op wat mijn kaart heet te zijn.

woensdag, 11 januari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Voortgang investeringen via Symbid

In duurzaamheid, persoonlijk, av direct, crowdfunding, enviu, enviu participation, investeringen, p2p investeringen, symbid, en meer.

Vorig jaar plaatste ik al een update op mijn eerste bericht over crowdfunding platform Symbid. Via Symbid heb ik vorig jaar geinvesteerd in Enviu Participations en AV Direct. Inmiddels is duidbreelijk dat Enviu de benodigde 100.000 Euro heeft opgehaald via crowdfunding. Een mooi moment voor een kleine evaluatie van mijn 2 investeringen via Symbid tot nu toe.

Crowdfunding = Campagnevoeren

Als iets me duidelijk is geworden is het wel dat ondernemers die hun bedrijf via crowdfunding willen financieren actief campagne moeten voeren om het geld binnen te halen. Sinds ik in augustus geld heb geinvesteerd in Enviu Participations ben ik bijna 2 keer per maand benadert met de vraag of ik m’n investering wilde uitbreiden of mensen uit mijn eigen netwerk wilde wijzen op de investeringsmogelijkheid. Ook uit gesprekken met Stef van Dongen en andere mensen van Enviu werd duidelijk dat er intern allerlei kleine en grotere competities werden opgezet om het aanbrengen van investeerders aan te moedigen. Ook via sociale media (twitter, linkedin, facebook) werden regelmatig oproepen gedaan door de mensen van Enviu om te investeren in Enviu Participations.

Dat is een heel andere aanpak dan AV Direct, mijn tweede investering. Sinds mijn investering begin augustus heb ik weinig meer vernomen over de voortgang van de plannen. Het aantal investeringen en de omvang ervan is ook nauwelijks tot niet toegenomen sinds augustus 2011.

De derde investering die ik op het oog heb is WakaWaka Solar led light, ook zij zijn zeer actief op sociale media. Het benodigde startkapitaal komt dan ook in zicht. Ik lever daar graag een bijdrage aan, helaas zit mijn geld vast voorlopig nog vast en zolang dat zo is wil ik eigenlijk geen nieuw kapitaal bijstorten op Symbid.

Tip voor Symbid

Helaas lukt het niet om het geld dat ik heb geinvesteerd in AV Direct terug te trekken. Aan de ene kant begrijpelijk, want als je op ieder moment je investering terug kunt trekken is het heel lastig om je ondernemingsplan te financieren. Aan de andere kant staat mijn investering van 200 Euro in AV Direct sinds augustus stil, waardoor ik er geen andere ondernemers mee kan helpen. Terwijl ik met partjes van 20 Euro 10 ondernemers een stapje verder had kunnen helpen. Om te bevorderen dat ondernemers actief nieuwe investeerders (blijven) werven zou Symbid de mogelijkheid kunnen introduceren om het geld te onttrekken als een ondernemer meer dan een maand geen nieuwe investeerders weet aan te trekken. Op die manier dwing je ondernemers om actief op zoek te blijven naar nieuwe investeerders en biedt je investeerders mogelijkheden om naar actievere of nieuwere investeringsmogelijkheden over te stappen.

Helaas lukte het me zonder hulp niet om het geld dat ik in AV Direct heb geinvesteerd te desinvesteren. Vrij vlot na het verschijnen van dit bericht heeft Korstiaan Zandvliet van Symbid gereageerd en uitgelegd hoe je desinvesteert. Dit doe je als volgt:

  1. Login op jouw Symbid dashboard
  2. Klik op Portfolio (dus niet op Investments)
  3. Hier zie je al jouw investeringen staan
  4. Klik vervolgens op Desinvest achter de betreffende propositie
  5. Kies vervolgens hoeveel stukken je wilt desinvesteren
  6. Het geld staat nu weer op je balance, klaar om in een nieuwe propositie te investeren

 

Inmiddels heb ik dat ook succesvol gedaan en heb ik het vrijkomende bedrag geinvesteerd in Waka Waka en The 1200.

Tip voor investeerders

Voor investeerders die overwegen om een bedrijf via crowdfunding te ondersteunen lijkt het verstandig om goed te kijken naar de marketingstrategie van de ondernemer. Hoe actief is hij of zij op sociale media? Hoe actief wordt er gereageerd op nieuwe investeerders? Wanneer een ondernemer heel inactief is kun je overwegen om zelf actief te gaan werven voor de ondernemer (maar dan moet je wel heel erg geloven in het business plan van de ondernemer…). Anders is het verstandig om goed te kijken hoeveel tijd de ondernemer heeft om zijn plan te financieren. Mijn investering van 200 Euro in AV Direct staat sinds augustus stil, waardoor ik er geen andere ondernemers mee kan helpen. Terwijl ik met partjes van 20 Euro 10 ondernemers een stapje verder had kunnen helpen. Gelukkig blijkt het wel makkelijker dan ik dacht om van een investering afscheid te nemen, zolang deze nog niet volledig ‘vol’ zit.

dinsdag, 3 januari 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Wat is goed politiek drama?

In denenmarken, fictie, politiek, verenigd koninkrijk, verenigde staten van amerika, vergelijkende politiek, abortus, amerika, analyse, en meer.

Goed politiek drama slaat een ongemakkelijke balans slaan tussen drie dingen: politiek realisme, een intrigerend plot en meeslepend politiek idealisme. De schets van hoe politiek werkt, moet kloppen, anders gaat het wringen. We zetten de televisie uit als het niet klopt. Maar wil een politiek drama ons meenemen, dan moet er iets gebeuren, we moeten mee genomen worden in een verhaal. Politiek biedt daar mooie mogelijkheid voor: grote belangen, slimme strategen en intrige op het hoogste niveau. Ten slotte wordt een politiek drama alleen echt interessant als we ons met de karakters kunnen identificeren: als zij zich vol idealisme inzetten voor een betere wereld. Ik wil vanuit dit perspectief naar een aantal verschillende politieke drama’s kijken.

Ideal(istisch)e Politici

The West Wing (1999-2006, wiki, een van de vele prachtige scenes) is de touch stone van political drama. Het volgt President Bartlet, de ideale president: een man met de charme van Clinton, de intelligentie van Keynes en de compassie van Carter. Het team om hem heen, zijn woordvoerders, chief of staff, en speechwriters, doen hun best om van dit Presidentschap een succes te maken. De politieke realiteit is weerbarstig, de Democratische President staat tegenover een Republikeins Congres. Ze weten politieke successen te boeken, maar moeten nationaal en internationaal tegenslagen weerstaan. Alle politici hebben het hart op de juiste plek, maar moeten soms vuile handen maken om meerderheden voor hun wetten te vinden en om de wereld veilig te houden. De serie is geprezen om het realistisch beeld dat het geeft van het Amerikaanse politieke stelsel. De serie komt het meest op gang in de laatste seizoenen als de focus wordt verlegd naar de race om het presidentschap tussen een oude, maar onafhankelijk denkende Republikein en een jonge Democratische kandidaat met een etnische afkomst. Vier jaar voor de verkiezing van Obama weet de serie een boel correcte voorspellingen te doen: zelfs de voorspelling dat de Democratische kandidaat uiteindelijk een tegenstrever zou kiezer voor de post van Secretary of State.

Ik denk dat de grote kracht van The West Wing ligt in de combinatie van twee dingen: een realistisch beeld hoe politiek in Amerika eigenlijk werkt, een aanstekelijk politiek idealisme van de hoofdpersonen die geloven dat ze het land de goede kant op kunnen krijgen. Maar het geniale schrijf- en camerawerk maakt het af: door de snelle dialogen en voortdurend bewegend opgenomen scenes wordt je meegezogen in een dynamische politieke wereld die je wel moet volgen. Het enige minpunt is het overall plot: in de eerste seizoenen zijn er veel “political problem of the week”-afleveringen, het grote plot komt pas met de onthulling dat de President ziek is, maar dit niet heeft vertelt. De makers probeerden een Lewinsky-achtige affaire in hun verhaal te verweven: een President die liegt en daarover verantwoording moet afleggen, en zo zijn presidentschap zwaar beschadigt, maar daar zit een stuk minder intrige achter dan je zou verwachten. In de latere seizoenen de race om The White House, niet zo zeer spannend maar wel enthousiasmerend.

"I may be your archnemesis, but I'll come over for Thanksgiving"

Commander-in-Chief (2005-2006, wiki, eerste scene) probeert het succes van The West Wing te kopieren: een onafhankelijke vice-president van de Verenigde Staten wordt president als de Republikeinse president doodgaat. Ze vindt een vijandig Congres tegenover zich en woelt zich door familieproblemen. Ik heb al eerder geschreven dat deze serie een slechte kopie is.

Seks en Politiek

De Lewinsky-affaire is een grote inspiratie voor filmmakers, veel zoeken de relatie op tussen seks en politiek: de nieuwe film The Ides of March (2011, wiki, trailer) van George Clooney verslaat de primary-verkiezing van een linkse Amerikaanse presidentskandidaat door de ogen van een van zijn jonge, ambitieuze, idealistische aides: die stuit op een politieke schandaal. De kandidaat heeft een kind verwekt bij een campagnemedewerker. De aide helpt de medewerker bij een abortus, maar de druk wordt haar te veel: ze pleegt zelfmoord. De aide gebruikt die informatie uiteindelijk om zelf zijn positie in de campagne zeker te stellen. De film lijkt sterk op Primary Colors (1998, wiki, trailer). De plotten vallen min-of-meer samen: een seksueel schandaal, een aide die het geheim houdt. En zo verliest een jonge politicus zijn naiviteit. De herhaling van deze verhalen is ook niet raar, want President Clinton werd door zulke seksuele schandalen achter volgt. Het fundamentele verschillen tussen de twee verhalen is dat in The Ides of March iedereen alles voor zijn eigenbelang inzet, in Primary Colors komt de politieke volwassenwording heel hard aan, maar verandert de naieve jongeling niet in een slag in een berekende Machiavelli. Dat geeft duidelijk een plus aan Primary Colours voor realisme en idealisme.

"I'll be president in four years, sir"

The American President (1995, wiki, trailer) geeft een veel romantischer beeld van de verhouding tussen macht en liefde. The American President gaat over de opbloeiende relatie tussen de Democratische Amerikaanse President, een wedunaar, en een milieulobbyiste. Hun liefde komt onder politieke druk te staan als het wordt gebruikt door de Republikeinen die het als een test zien van de moraliteit van de president. Uiteraard: in deze romantische komedie overwint de liefde alles. De waarheid over macht en liefde zal wel ergens tussen de cynische thriller Ides of March en de zoetsappige romantische komedie The American President in liggen. Het meest interessante aan deze flim is dat hij vier jaar voor The West Wing is gemaakt en dat een aantal acteurs op opvallende plaatsen opduiken: President Bartlet is nu Chief of Staff.

The Contender (2000, wiki, trailer) focust op ook een seksschandaal, dat weer wordt gebruikt als de toetssteen van de moraliteit van een Democratische politicus: nu van de eerste vrouwelijke kandidaat-vice-president van de Verenigde Staten. De kandidaat wordt door de Republikeinen ervan beticht tijdens haar studietijd seks te hebben gehad om lid te worden van een studentenvereniging. De kandidaat zwijgt. Dit brengt haar kandidatuur in groot gevaar. We komen erachter dat ze het niet heeft gedaan, maar dat ze vindt dat politiek hier niet over mag gaan. Een klassieke clash tussen het idealisme van een Democratische kandidaat en het cynisme van het Republikeinse establishment. Maar geeft een realistisch beeld van hoe schandalen worden gebruikt om kandidaten te breken.

Post-Lewinsky cinema kunnen we het wel noemen. Maar ook andere recente gebeurtenissen hebben ook hun weerslag gehad: de legendarische presidentschappen van Nixon en Kennedy zijn ook verfilmd.

Historisch Realisme

The Kennedys (2011, wiki, trailer) reconstrueert de Amerikaanse politieke machine: de Kennedys. Vader Joe Kennedy heeft maar een ambitie: zelf President van de Verenigde Staten worden. Als dat niet lukt, concentreert zijn ambitie zich op zijn oudste zoon. Als die omkomt in de Tweede Wereldoorlog, dan richt hij zich op zijn een-na-oudste zoon: John F. Kennedy. Kennedy heeft dezelfde krachten en zwakten als zijn vader: een politiek genie, maar in de relatie met vrouwen uitermate onbetrouwbaar. Alle middelen, inclusief keiharde verkiezingsmanipulatie, worden ingezet om verkozen te worden: zelfs de maffia steunt hen. JFK schopt het tot president. We volgen het presidentschap van Kennedy: statesmanship in de Cuban Missle Crisis (ook mooi verslagen in Thirteen Days (2000, wiki, trailer)). De communicatie tussen de wereldleiders gaat in punten en komma’s van officiele verklaringen. En uiteraard het politiek idealisme in de strijd tegen segregatie. We weten dat het presidentschap van Kennedy bloedig eindigt. Zijn broer Bobby neemt de fakel over en betaalt dat ook met zijn leven.

Over het realisme van zulk politiek drama wordt vaak gezeverd: maar dat gaat over kleine details. Het algemene beeld van politiek dat er geschetst wordt klopt. De Kennedys werden gedreven door hun ambitie om seksuele en politieke veroveringen te boeken en om Amerika iets eerlijker te maken. Daarvoor waren alle middelen geaccepteerd. De nationale politieke realiteit blijkt weerbarstig, maar de internationale politieke realiteit is nog weerbarstiger. We delen de politieke ambities van de Kennedys in de strijd tegen segregatie, maar de alle middelen zijn geaccepteerd-mentaliteit gaat soms te ver.

Een alle middelen zijn geaccepteerd-mentaliteit staat ook centraal in All the President’s Men (1976, wiki, trailer) dit volgt de journalisten die het Watergate schandaal ontdekten. Het is misschien niet zozeer een politiek drama als een journalistieke thriller. Ze stuiten via een simpele inbraak in een hotelcomplex op een samenzwering rond de Republikeinse Amerikaanse president Nixon om met het  Democratische hoofdkwartier af te luisteren. Om hun macht te behouden zijn politici tot alles in staat. De journalisten zijn echter oprecht op zoek naar de waarheid … en een goed politiek verhaal. In Frost/Nixon (2008, wiki, trailer) legt Nixon verantwoording af bij de journalist Frost. De interviews

"I'll be prime-minister of Britain one day, I promise"

hebben echt plaats gevonden, maar de verfiliming geeft de context realistisch weer: een sluw politiek genie die een tweede rangs-journalist wil gebruiken om zijn onschuld te bewijzen, en een jonge journalist die zich graag wil bewijzen door een zo groot mogelijke scoop te halen.

Het grote nadeel van zulke films is dat we het einde al weten: je weet dat in de laatste scene van The Kennedys RFK wordt doodgeschoten, je weet dat de wereld niet is vergaan tijdens de Cuban Missiles Crisis en je weet dat, hoe hij het ook probeert te ontkennen, Nixon een crook is.

Maar ook de recente geschiedenis inspireert: Too Big to Fail (2011, wiki, trailer) verslaat een episode uit de Amerikaanse bankencrisis, namelijk hoe in een heel korte tijd de grote banken van Amerika gered moeten worden (het is zo een interessant zusje van de financiele thriller Margin Call (2011, wiki, trailer) over de nacht dat een bank instort). Too Big to Fail geeft een mooi inzicht in hoe de besluitvorming loopt: met niet-meewerkende bankiers, eigenwijze senatoren en grote belangen.

Brits Cynisme

Welke is echte echt en welke een kopie?

De Amerikaanse politiek staat uiteindelijk veraf van wat wij in Europa gewend zijn: een parlementair stelsel met een premier en onafhankelijke professionele bureaucratie. Politici hebben niet het vermogen om de wereld te veranderen, noch de intelligentie daarvoor. Politiek is wat er gebeurt op televisie, terwijl ambtenaren de dienst uit maken. Dat is in elk geval de indruk die we krijgen van de Britse serie Yes, Minister/Yes, Prime Minister (1980-1984, wiki, een klassieke scene). Dit is een klassieke Britse sitcom uit de jaren ’80: een catchphrase, hoge grapdichtheid en niet meer dan drie karakters: de politicus die denkt hij iemand is, maar dat niet is, de sluwe topambtenaar en de aangever, de persoonlijke secretaris van de minister. Maar daar achter zit een cynisch-realistisch beeld van de politiek. Een minister weet in een periode van vier jaar niets te bereiken, de echte macht ligt bij de honderden ambtenaren die er jaren zitten, en in het bijzonder de topambtenaren. Het was de favoriete serie van de toenmalige premier Margaret Thatcher zelf, die een even cynisch beeld had van de overheid.

De VPRO heeft, overigens, recentelijk geprobeerd de serie te kopieren, zonder succes (Sorry Minister, 2009, wiki, een overduidelijk gekopieerde scene).

Yes, I'm Evil

Nog cynischer dan Yes (Prime) Minister is de serie House of Cards (1990, wiki, klassieke scene), To Play the King (1993, wiki, nog zo’n klassieke scene) en The Final Cut (1995, wiki, een laatste klassieke scene). Ik schreef hier al eerder over. Het volgt de fictieve politieke carriere van Francis Urquhart (F.U.) een machiavellistische politicus. Urquhart wil alles doen om zijn macht te vergroten. In House of Cards elimineert hij een-voor-een zijn mogelijke concurrenten als conservatieve partijleider door seksschandalen te creeeren en reputaties van mensen te vernietigen. Het kost uiteindelijk het leven van zijn politieke assistent. Urquhart begint een relatie met een jonge journaliste die geintrigeerd is door het charisma van de macht. Ze komt achter zijn plannen. Urqhart vermoordt ook haar. In To Play the King is Urquhart premier geworden aan gaat hij de strijd om de macht aan met de idealistische koning, die zich verzet tegen het rechtse beleid van de regering. Urqhart dwingt hem uiteindelijk af te treden voor zijn nog zeer jonge zoon. In The Final Cut probeert Urquhart zijn pensioen zeker te stellen door in de laatste dagen van zijn premierschap een oliedeal te regelen waar hij zelf voordeel van heeft. Als dit dreigt uit te komen, laat zijn vrouw, die in de hele serie een soort Lady Macbeth is geweest, hem vermoorden om zijn reputatie te bewaren. Dit niveau van intrige gaat veel verder dan echte politiek, of zelfs de Amerikaanse politieke thrillers. Waar in het begin de kijker, net als de jonge journaliste geintrigeerd is door de machtpoliticus Urquhart, eindigt hij als een karikatuur. Deze triologie is een interessante studie van absolute macht, maar staat wel ver van de politieke realiteit.

"I told you I'd prime-minister one day."

Blair werd voor 2003 gezien als een politicus van een ander slag dan de cynische conservatieven. Een man die als geen ander kan communiceren, mensen enthousiast kan maken voor een progressief verhaal. In het drieluik The Deal (2003, wiki, laatste scene), The Queen (2006, wiki, trailer) en The Special Relationship (2010, wiki, trailer) zien we hoe Tony Blair, een jonge ambitieuze hervormer, begint aan een politieke carriere onder mentorschap van de norse Gordon Brown, die door Blair wordt gezien als de natuurlijke partijleider. Hij groeit uiteindelijk boven Brown uit. Blair kan premier worden. De relatie verzuurt: in de politieke realiteit is The Deal nodig tussen de twee. Eerst acht jaar Blair, dan de kans voor Brown. The Queen begint met het aantreden van Blair, die zich tegenover de Britse Koningin moet verhouden. Het opent met een prachtige scene waarin de Koningin een jonge Blair, die net de verkiezingen heeft gewonnen, terecht wijst over het protocol: Blair mag de Koningin niet vragen hem te benoemen als premier. De Koningin moet hem vragen premier te worden. De dood van Prinses Diana is een schakelpunt: Blair weet het publieke sentiment na de dood van Diana veel beter in te schatten dan de koele afstandelijke Koningin. Blair moet de Koningin overtuigen menselijkheid te tonen. The Special Relationship focust op de relatie tussen Blair en Bill Clinton. Clinton nodigt de Blair, als leider van de oppositie uit in het Witte Huis. Hij ziet in Blair een mooie mogelijkheid om een gelijkgezinde centre-left progressive politicus aan de macht te helpen. Clinton geeft Blair advies als hij eenmaal premier is geworden. De twee leiders komen in conflict over Kosovo. Blair wil veel harder ingrijpen dan Clinton. Dat wil hij uit politiek idealisme: de wereld moet vrij worden gemaakt van dictatuur. Hij forceert Clinton, die ondertussen door seksschandalen politiek is verzwakt, om in te grijpen. Twee jaar later is een verzuurde Clinton president af en zoekt Blair een nieuwe relatie met Bush. De politieke kernboodschap van de drie films is dat politiek niet over grote idealen of grote schandalen, maar over persoonlijke relaties gaat. Blair groeit iedere keer als leerling boven zijn meester uit, wat de relaties onder druk zet.

"Another actor to play Blair, how dare you."

Een aanzienlijk cynischer beeld van het premierschap van Blair spreekt uit uit de Amerikaanse film the Ghost Writer (2010, wiki, trailer). De film gaat over een ghost writer die de memoires moet schrijven van een voormalige Britse premier. De premier, een duidelijke kopie van Blair, was heel populair in eigen land en bij de Amerikaanse regering. Zijn reputatie is echter onder druk gekomen vanwege zijn steun aan de War against Terror. De schrijver komt erachter dat de premier letterlijk door de Amerikanen aan de macht geholpen is: in zijn studietijd is hij gekoppeld aan een vrouw die hem stimuleerde om premier te worden en daar het Amerikaanse belang te dienen. Een vermakelijke speculatie, maar geen diepzinnige politieke analyse. Een soort Manchurian Prime Minister eigenlijk (cf. Manchurian Candidate 1962, 2004, wiki, wiki, trailer, trailer)

Van Eigen Bodem

Twee Bernhards

In Nederland hebben we het ook geprobeerd: politiek drama van onze eigen bodem. Den Uyl en de Affaire Lockheed (2010, wiki, trailer) volgt de Nederlandse premier Den Uyl die probeert een schandaal rond de Kroon te voorkomen. Het conflict tussen de linkse idealen van Den Uyl en de politieke realiteit worden mooi weergegeven door Den Uyl zowel te volgen in zijn eigen familie, waar zijn eigen zoon Den Uyl veroordeelt voor het creeeren van een doofpot en op het Paleis, waar hij keihard met de politieke realiteit wordt geconfronteerd. De affaire en Den Uyl spelen een bijrol in Bernhard, Schavuit van Oranje (2010, wiki, trailer). Dit legt vrij realistisch het politieke leven van Bernhard langs het politieke leven Maxima. Bernhard, geniaal gespeeld door Daan Schuurmans, vindt zichzelf eigenlijk te groot voor Nederland: tijdens de Tweede Wereldoorlog werkt hij mee met staatslieden, in het na-oorlogse Nederland wordt zijn positie steeds marginaler. Maar de sluwe vos weet, zo speculeert de serie op basis van het script van Thomas Ross, een laatste zet te maken: hij haalt Maxima naar Nederland om de zwakke kroonprins bij te staan, zoals ook hij ooit naar Nederland is gehaald om de zwakke kroonprinses bij te staan.

Dat is wel een hele subtiele verwijzing.

Een stuk zwakker is Vox Populi (2008, wiki, trailer). Het volgt de politiek leider van RoodGroen (ja, dat is een heel subtiele verwijzing), Jos Fransen, die in een midlife crisis is beland. Via de nieuwe vriend van zijn dochter komt hij in contact met “gewone burgers”. Hij merkt dat hij het goed doet in de peilingen als hij de taal van deze gewone burgers uitslaat op televisie. Maar daarmee breekt hij wel met zijn eigen politieke programma. De peilingen en zijn affaire met een stagaire slaan hem naar de bol. En uiteindelijk besluit hij te migreren. De film is weinig realistisch: het gaat uit van populistisch idee dat er een kloof tussen burger en bestuur is en dat kiezers naar iedere politicus neigen die daarover heen stapt. Wat de film precies wil zeggen over politiek is mij onduidelijk: het lijkt me eerder een film over een man in een midlife crisis die toevallig politicus is. Het enige interessante is het hoge aantal cameo’s van ‘echte’ politici, journalisten en opiniemakers.

De Burcht

Een Nederlandse The West Wing is er dus niet. Het meest dichtbij komt Borgen (vanaf 2010, wiki, bijbehorende website). Borgen volgt de Deense politica Birgitte Nyborg, die onverwacht premier wordt. We volgen de complexe relaties tussen politici, de media en voorlichters en de reprecussies van politieke carrieres op het thuisfront. Nyborg, de leider van de sociaal-liberale partij Moderate wordt onverwacht premier, als de leider van de grote sociaal-democratische partij en de leider van de grote liberale partij verwikkeld raken in een moddergevecht over politieke schandalen op de laatste dagen van de verkiezingen. Nyborg vormt een minderheidskabinet van groenen, sociaal-democraten en sociaal-liberalen dat soms steun moet vinden bij de uiterste linkse Solidarisk Samling en soms bij de centrum-rechtse Ny Nojre. Binnen de coalitie staan de weinig sympathieke sociaal-democraten, die zich als de natuurlijke machtspartij zien, klaar om Nyborg een dolk in de rug te steken. Het partijenstelsel is overduidelijk gebaseerd op het Deense, maar doet sterk denken aan het Nederlandse stelsel: van rechtse xenofobe populisten tot regenteske sociaal-democraten, het is wel heel herkenbaar. De serie wordt soms gezien als politiek naief omdat Nyborg nogal amateuristisch is en er vaak alleen voor lijkt te staan, maar Nederlandse politici zijn allemaal amateurs. Tegelijkertijd volgt het plot de jonge journaliste Fonsmark, wiens carriere een plotseling sprong maakt. Zij probeert haar onafhankelijke journalistieke positie te beschermen tegen de druk van de politieke macht en niet altijd welwillende collega’s. Ze worden verbonden door Kasper Juul, de sluwe spindokter van de premier: een echte machtspoliticus die prachtige speeches kan schrijven en die een relatie had met Fonsmark.

De serie is gemaakt door de makers van The Killing, een politiethriller. En dat is het enige nadeel: er is een grote neiging om lijken naar beneden te gooien als een soort Deus Ex Machina. De serie opent met de politiek assistent van de liberale premier die sterft in de kamer van Fonsmark (met wie hij een relatie heeft) en voor zijn baas belastend bewijs achterlaat voor Juul om te vinden. En zo zitten er wel meer weinig realistische thriller-achtige twists en turns in.

Veel realistischer is de weergave van de relatie tussen seks en macht. De premier en haar man groeien uit elkaar: hij moet zijn carriere opgeven voor haar. Zij heeft het veel te druk om intiem te zijn met hem. Het huwelijk valt uitelkaar: niets geen spannende one-night-stands maar een opdrogend huwelijk.

We zien een prachtig en herkenbaar beeld van politiek achter de schermen in een parlementair stelsel. Hierin probeert de premier trouw te blijven aan haar sociaal-liberale idealen, terwijl de media en haar coalitiepartners dat proberen te dwarsbomen. Een prachtige serie dus, het enige probleem is dat de schrijvers denken dat ze bovenop alle politiek ook nog een extra dramatisch plot nodig hebben, dat niet bijdraagt aan het politieke verhaal.

In Conclusion

De meest realistische films zijn de historische drama’s. Het minst realistisch zijn volgens mij Vox Populi en The Manchurian Candidate. Het meest idealistisch zijn The Contender en The West Wing. Een hele serie films en series zijn uitermate cynisch. Het spannendst is The Contender, samen met Primary Colors, Ides of March en House of Cards. Daarin kan je echt niet voorspellen hoe het plot zich ontwikkeld. Commander in Chief, Yes, Prime Minister/Sorry, Minister en Vox Populi zijn aanzienlijk voorspelbaarder. Dat geeft een tie aan de top (The Contender/The West Wing) en een duidelijke verliezer: Vox Populi.

donderdag, 1 december 2011

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Mythes over Framing

In framing, groenlinks, politiek, algemeen, amerika, begrijpen, belasting, beleid, boodschap, en meer.

“Sinds de PVV in de Kamer is, is framing een hype in Den Haag” aldus Tofik Dibi in de laatste Helling. Maar wat is framing precies en gebruiken politieke partijen dit instrument wel slim? Hans de Bruijn analyseert in het boek Framing. Over de macht van taal in de politiek hoe Nederlandse politieke partijen hun argumenten framen. Het boek rekent af met een aantal hardnekkige mythes over framing.

De Bruijn ziet een frame als een inhoudelijke politieke boodschap. Het gebruik van deze boodschap leidt tot een bepaalde interpretatie van de werkelijkheid. Kortom, een frame is een manier om de werkelijkheid te construeren en daarmee het debat te sturen. Een typisch staaltje framing is het gebruik van de term death tax door de Amerikaanse Republikeinen; door de belasting op erfenissen weer te geven als een belasting op sterven worden voorstanders van deze belasting in het defensief gedrongen.

Er heersen in een aantal hardnekkige mythes over framing: rechts zou beter in framing zijn dan links; je zou eenduidige frames moeten gebruiken; en je zou nooit in het frame van de ander mogen stappen. Zijn deze mythes waar?

Links is rationeel, rechts is emotioneel

“Door framing wek je met een bepaald woord een gevoel en een sfeer op zonder dat het overeen komt met de werkelijkheid.” aldus Tofik Dibi in De Helling. Framing zou een vorm van factfree politics zijn die alleen maar onderbuikgevoelens aanspreekt. En zoals Femke Halsema eerder stelde”het aanspreken van de overbuik [is] bij links traditioneel een probleem.” Links zit vol goede ideeën maar wint de verkiezingen niet omdat mensen bang worden gemaakt door framende PVV-spindokters. Het traditionele beeld is dus: rationele linkse politiek komt slechter aan dan de emotionele rechtse politiek.

Een goed frame heeft een aantal onderdelen, maar de twee belangrijkste zijn dat mensen het er niet mee oneens kunnen zijn en dat het een bepaalde maatschappelijke onderstroom raakt. Als je succesvol wil communiceren in de politiek moet je een waarheid raken en aansluiten bij de waarden van mensen. Dingen zeggen waarvan iedereen weet dat ze niet waar zijn, werkt niet. Framing is niet een foefje uit een trukendoos: een goed frame is opgebouwd vanuit je eigen waarden – waarden die resoneren bij kiezers.

Het is een mythe om te denken dat links in het algemeen slechter kan framen dan rechts. De SP heeft in het verleden heel succesvol campagne gevoerd op basis van framing. De boodschap ‘de zorg is geen markt’ is een links frame dat werkt. Niemand kan het ermee oneens zijn: de zorg kan toch nooit een markt zijn. Het sluit aan bij een maatschappelijke weerstand tegen marktwerking en waarden als zorgzaamheid en medemenselijkheid.

Maar ook GroenLinks kan goed framen: De Bruijn verwijst bijvoorbeeld naar een ijzersterke speech van Femke Halsema in Paradiso nu ruim anderhalfjaar geleden. Halsema schetst een tweesprong: we kunnen als rechts kiezen voor samenleving met rauwe economische tegenstellingen en harde culturele verschillen of voor een sociale, tolerante en groene samenleving, die zich richt op het welzijn van het individu. Dit is ook een frame. Het construeert een valse tegenstelling en duwt daarmee de tegenstander in het defensief: natuurlijk kiezen we allemaal voor de tolerante en groene samenleving en niet voor de tegenstellingen. Het sluit aan bij een gevoel dat we als samenleving de verkeerde kant op gaat.

Links en rechts framen allebei er is niets fundamenteel anders aan de boodschap van links die het haar onmogelijk maakt om succesvol te framen.

Keep it Simple Stupid

Consistentie zou de kern is van een goed frame zijn. Want als je consistent je eigen boodschap herhaalt dan blijft het hangen. Een frame is simpel en wordt versterkt door herhaling. In een frame zijn dingen zwart of wit, goed of fout, mooi of slecht.

Maar volgens de Bruijn kan ambiguiteit in je boodschap juist bindend werken. Hij illustreert dit met Obama’s speech A More Perfect Union. Deze speech gaat over de relatie tussen blank en zwart in Amerika. Obama stelt dat er een tegenstelling in Amerika is tussen blank en zwart. Zwarten zijn vanwege hun ras nog steeds achtergesteld. Deze tegenstelling kent geen winnaars: ook veel blanken hebben niet het gevoel dat ze vooruitkomen. Obama wil deze tegenstelling doorbreken. Hij kan dat als geen ander omdat Obama, de zoon is van een witte moeder en een zwarte vader. Obama doet dit niet alleen voor blank en zwart, maar ook voor Christen en seculier, en voor Westerling en Moslim in andere speeches. Obama’s ambigue profiel (blank en zwart, met Christelijke, Islamistische en seculiere wortels) zorgt ervoor dat hij als geen ander groepen kan verenigen met een verzoenend frame.

De Bruijn stelt dat GroenLinks als geen andere partij in Nederland een verzoenend en daarmee verenigend frame kan gebruiken. GroenLinks is een links-liberale partij. GroenLinks verenigt het gebrek aan overheidsbemoeienis van liberalisme, en de overheidsbemoeienis dat links kenmerkt. Het ambigue links-liberale frame is niet een probleem, omdat kiezers het niet begrijpen, maar kan juist verschillende groepen aanspreken. GroenLinks kan zo liberale en linkse kiezer allebei bedienen. GroenLinks kan overtuigend de tegenstelling tussen links en rechts overbruggen.

We moeten de kiezer niet onderschatten: het hoeft niet allemaal simpel. Een complex frame kan tegenstellingen overbruggen. Sommige politieke partijen kunnen zo inderdaad beide groepen binden: links en rechts, zwart en wit. Er valt hier wel iets op af te dingen: De Bruijn vergeet dat een partij die links en rechts probeert te verenigen, door links gezien kan worden als rechts en door rechts gezien kan worden als links. Een verbindend frame kan een winnend frame zijn, maar het kan ook gezien worden als vlees noch vis.

Stap nooit in het frame van een ander

Tofik Dibi bekent in De Helling dat hij zichzelf regelmatig betrapt op termen als importbruid, een typische PVV-term: “dat moet je dus nooit doen, want dan neem je het frame van een ander over”. Het doel van een frame is om je tegenstander in het defensief te dringen. Als je in het frame van een ander stapt, stap je dus in een situatie waarvan het doel is dat je ze verliest. GroenLinks diende een anti-anti-islamiseringsmotie in: het doel van het overheidsbeleid is niet om islamisering te bestrijden. Als GroenLinks de term islamisering gebruikt in de context van het wel of niet bestrijden ervan, dan erkent de partij dat islamisering een probleem is. Maar als ze vervolgens stelt dat dit probleem niet bestreden hoeft te worden, dan heeft de partij het debat bijvoorbaat al verloren.

En toch, De Bruijn stelt dat je soms gebruik kan maken van een frame van een ander. Je kan voor hernieuwbare energie en energie-efficiëntie pleiten door te verwijzen naar afhankelijkheid van Nederland van landen als Saoedi-Arabië. Energy independence noemen we dat. Je zegt: als je zoals Wilders vindt dat Islamistische dictaturen een probleem zijn moet je investeren in groene energie. Ik ben hier skeptisch over: je onderschrijft het probleem van de PVV. Je erkent dat islamistische dictaturen een probleem zijn. Moslims zijn eng en gevaarlijk daar moeten we niets mee te maken hebben. Je versterkt dus het meester-frame van de PVV. En daarnaast: de PVV gaat echt niet zeggen: “GroenLinks jullie hebben helemaal gelijk we, gaan jullie moties steunen voor subsidiemolens en subsidiepanelen”. De PVV zal zeggen: inderdaad Saoedische olie is eng. We moeten investeren in kernenergie dat aangedreven wordt door veilige Canadese uranium.

Wat De Bruijn wel correct stelt is dat je effectief met het frame van een ander kan omgaan door reframing: probeer het frame van een ander op zijn kop te zetten. Als D66 het CDA verwijt dat ze bevoogdend zijn omdat ze soft drugs willen verbieden, dan moet het CDA daartegenover stellen dat D66 onverschillig is ten opzichte van drugsverslaafden. Je gaat mee met het frame van een ander, daardoor raakt het uit balans en duw je het weg. Verbale aikido noemt De Bruijn dat. Politiek gaat in de kern niet om partijen die het met elkaar oneens zijn over beleid (ik ben voor softdrugs, jij bent tegen). Het gaat om partijen die heel andere visies hebben en daar heel andere frames aan koppelen (Wij van D66 stellen u in staat om zelf keuzes te maken; wij van het CDA zorgen voor u). Politici praten langs elkaar heen, omdat ze het over andere onderwerpen willen hebben, of over hetzelfde onderwerp maar vanuit een ander perspectief.

donderdag, 24 november 2011

Marcel Kruijer

Marcel Kruijer

Hyves Last.fm Twitter GR

Aftrap nieuwe Millenniumgemeente campagne

Vandaag ben ik aanwezig bij de aftrap van de nieuwe campagne van de Millenniumgemeente in Eindhoven. Met nog 4 jaar te gaan wordt een nieuwe weg ingeslagen. In de ochtend zijn er een aantal presentaties door oa een paar burgemeesters en door Boom Chicago. In de middag, na de lunch, zijn er een aantal try-outs waarvan een over het organiseren van festivals. Deze try-out mag ik samen geven met Cindy Pielstroom van Globalicious.

Deze dag, met de blik op de toekomst, wordt een zeer interessante dag met veel mogelijkheden.

zondag, 20 november 2011

Harrie Kampf

Harrie Kampf

GR

A-cartoons: 20-11-11 Vertrouwen in de euro.

In campagne, euro, kerk, vertrouwen, werk.
Cartoons:nieuws-feiten met een knip-oog,weekend t/m vrijdag. thema's 13/11 t/m 18/11: weekend: Vertrouwen in de euro. maandag: Brits slaapgebrek. dinsdag: Gezag in de klas. woensdag: Oneerlijk succes op het werk. donderdag: Unhate campagne. vrijdag: Kerk weinig vertrouwd.

zaterdag, 12 november 2011

Henk Daalder

Henk Daalder

Linkedin Twitter

Cooperatie Zuidenwind zoekt 500 Duurzame Limburgers

In duurzaam, invloed, cooperatie, participatie, windpark, zuidenwind, campagne, eerste, foto, en meer.
Dit zijn 3 van de bestuursleden van Coöperatie Zuidenwind in Limburg. Ze poseren voor een foto in de eerste promotie campagne van de coöperatie. De coöperatie is  deze zomer opgericht. Ze willen zelf meewerken om meer duurzame energie  op te … Lees verder

zondag, 2 oktober 2011

Ashley North

Ashley North

Hyves DWARS

Heldenschets: Ineke van Gent

In groenlinks, heldenschetsen, ineke van gent, sociaal, wet flexibel werken, dwars, groningen, held, huwelijk, en meer.

Terwijl in Leiden de 3 Oktober-feesten in volle gang zijn, is het zo aan het einde van het weekend weer tijd voor een nieuwe ‘Heldenschets‘. Vanwege de feeststemming heb ik gekozen voor een politica die, naar verluidt, zelf ook niet vies is van een feestje. Daarnaast is deze held extra interessant voor alle DWARS-lezers, omdat ze volgende weekend spreekt op het congres van de GroenLinkse jongeren in Groningen.

Groningen is nog altijd de woonplaats van de held van deze week. Hier begon zij haar politieke carrière als gemeenteraadslid. Eerst namens de PSP en toen deze fuseerde met PPR, CPN en EVP voor GroenLinks. Nadat ze lokaal haar diensten had bewezen, streed de geboren Arnhemse in 1993 om het lijstrekkerschap namens GroenLinks voor de Tweede Kamerverkiezingen van ’94. Daarin moest ze het duo Ina Brouwer-Mohamed Rabbae als haar meerdere erkennen. Niettemin drong ze in 1998 alsnog toe tot de Tweede Kamer. En daar maakt ze faam als hardwerkend, sociaal en eigenzinnig parlementslid. Tegenwoordig is ze zelfs vice-fractievoorzitter namens GroenLinks. Moeder aller progressief-socialisten, de held van deze week is: Ineke van Gent.

De eerste keer dat ik las over Ineke van Gent was in de persoonlijke memoires van Paul Rosenmöller over zijn werk voor GroenLinks, genaamd ‘Een mooie hondenbaan’. De oud-fractievoorzitter typeerde haar als een hard werkend Kamerlid, die sterke banden had met de afdelingen en exponent was van de linkervleugel binnen de partij. Zeker dat laatste trok mij. Nadat GroenLinks de afgelopen jaren steeds meer de liberale koers heeft ingeslagen als stroeve bijwagen van D66, torent Ineke van Gent nog altijd boven veel van haar fractiegenoten uit dankzij haar karakteristieke, socialistische geluid. Een geluid dat door haar progressieve opvattingen ontdaan is van dogma’s. Maar ook een geluid dat GroenLinks nu nog recht geeft op de tweede helft van haar naam: Links.

Nadat ze in 1976 haar Havo had afgerond, verhuisde Ineke van Gent naar Groningen om daar te studeren aan de Sociale Academie. Ondertussen werkte ze als verkoopster bij de HEMA, was ze kinderoppas en voegde ze de baan kantinemedewerkster toe aan haar cv. Misschien dat ze aan dat laatste haar persiflage in de afleveringen van ‘Buro Den Haag’ als kantinejuffrouw te danken heeft (zie hieronder). Naast haar bijbaantjes werd Ineke van Gent tijdens haar studententijd actief voor de PSJG, de jongerengroepen van de Pacifistisch Socialistische Partij.

Het duurde niet lang of Van Gent stoomde bij de moederpartij, de PSP, door tot de beleidsbepalers. Als gemeenteraadslid en later fractievoorzitter in Groningen ontwikkelde ze zich tot een bedreven politica. Alhoewel het landelijk lijsttrekkerschap namens GroenLinks haar in 1993 nog niet gegund was, werkte Van Gent met haar lidmaatschap van de Partijraad en haar functie als districtshoofd van de FNV in de noordelijke provincies aan haar status binnen GroenLinks. In 1998 kwam ze, tijdens de grote stijging naar 11 zetels, dan ook alsnog namens deze partij in de Tweede Kamer. Samen met wijlen Ab Harrewijn werd Ineke verantwoordelijk voor de portefeuille Sociale Zaken. Een onderwerp waarop zij zich, mede dankzij haar (werk)verleden, nog altijd uitstekend manifesteert. Zo heeft ze onlangs nog de initiatiefwet Flexibel Werken ingediend.

Typerend voor Ineke van Gent is dat ze zich niet altijd binnen de grenzen van haar portefeuille houdt. Alhoewel ze loyaal aan de partij is, verloochent zij haar eigen idealen niet. “Dwars en principieel dat ik ben, zie ik ook altijd het nut en de noodzaak van zoeken naar oplossingen voor ingewikkelde kwesties.”, aldus zijzelf op www.tweedekamer.nl. Daarmee omschrijft ze zichzelf perfect. Samen met haar fractiegenoten en de overige Kamerleden werkt Van Gent hard om Nederland vooruitgang te bieden. Bepaalde principes blijft ze echter trouw en daarop zwicht ze dan ook niet onder bijvoorbeeld fractiedruk.

Zo baarde Ineke van Gent opzien door begin dit jaar als enig Kamerlid namens GroenLinks tegen de politietrainingsmissie naar Kunduz te stemmen. Ze dichtte de operatie weinig kans van slagen toe en was bang dat de missie, bijvoorbeeld door de zending van F-16′s, in plaats van een civiel een militair karakter zou hebben. In dat laatste heeft de Groningse gelijk gekregen. Waar haar partij over dit punt nu in een spagaat ligt, lijkt haar standpunt steeds meer te celebreren als terecht.

Kunduz was niet het eerste topic waar de Groningse afwijkend stemde van de fractie. Zo stemde ze tegen het huwelijk van kroonprins Willem-Alexander met Máxima en was Farah Karimi het enige GroenLinks-Kamerlid dat met haar meestemde voor een bombardementstop op in Kosovo tijdens de Balkanoorlog. Ander eigenzinnig gedrag van Ineke van Gent is dat ze over het algemeen niet aanwezig is bij de Troonrede tijdens Prinsjesdag, vanwege haar republikeinse gedachtegoed. Dit jaar was ze dat wel en viel ze meteen op door presentator Paul de Leeuw als haar gast mee te nemen.

Ineke van Gent. Dankzij haar idealistische standvastigheid is ze één van de meest gewaardeerde prominenten op de linkervleugel van GroenLinks. Haar werklust en goede initiatiefvoorstellen maken haar een echte meerwaarde voor de partij. Niet voor niets ondernamen partijleden de actie ‘Ien in de top 10′ om Van Gent voor de laatste verkiezingen weer te verzekeren van een Kamerzetel. Van plek 13 steeg ze naar 5 op de kieslijst van GroenLinks. Als bewaker van het linkse gedachtegoed een politica waar GroenLinks blij en trots op mag zijn. Ineke van Gent: een held!

Als toegift de al hierboven genoemde persiflage van Buro Renkema op Ineke van Gent als de kantinejuffrouw. Daaronder Van Gent in actie voor een betaalbare kinderopvang.

 Links                                                                                                                                  Ineke van Gent bij de Madiwodovrijdag-show van Paul de Leeuw over o.a.                Kunduz


zaterdag, 24 september 2011

GroenLinks Noordoost-Overijssel

GroenLinks Noordoost-Overijssel

Uitnodiging themabijeenkomst

In bestuur, bijeenkomst, campagne, gemeente, groenlinks, millenniumdoelen, nederland, scholen, stichting, en meer.

Dinsdag 27 september a.s. Organiseert GroenLinks Noordoost Overijssel aansluitend aan de Algemene Leden Vergadering een themabijeenkomst met als thema “Fairtrade Gemeente.

De Nederlandse campagne “Fairtrade gemeente” is een initiatief van stichting Max Havelaar, COS Nederland, ICCO en de Landelijke Vereniging van Wereldwinkels. De campagne richt zich op verdere uitbreiding van fair trade (eerlijke handel): want eerlijke handel is cruciaal om de realisatie van de millenniumdoelen dichterbij te brengen!
De titel “Fairtrade Gemeente” is een eervolle titel die de gemeente kan behalen als er aan een zestal campagnecriteria wordt voldaan en de titel geeft aan dat de gemeente bijzonder veel aandacht besteedt aan eerlijke handel. Bedrijven in de gemeente, de horeca, supermarkten, scholen, kledingwinkels, sportkantines, de gemeente zelf. Men werkt samen met één doel: het stimuleren van eerlijke handel.
Om 20.00 uur zal Ad van den Assem, voorzitter van GroenLinks Noordoost Overijssel, de aanwezigen welkom heten en een korte inleiding over het thema houden. Hierna zal Franka Viets, directeur COS Overijssel, een presentatie over de campagne “Fairtrade Gemeente” verzorgen. De heer Gerard Tholen en mevrouw Jo Kampman, beide van de Wereldwinkel Hardenberg, zullen iets vertellen over fair trade.
Na een pauze van 15 minuten zal wethouder René de Vent namens de gemeente Hardenberg het standpunt van de gemeente over het thema verwoorden en zal er gelegenheid zijn voor het stellen van vragen aan de sprekers.
De bijeenkomst eindigt rond 22.00 uur.

GroenLinks Noordoost-Overijssel

GroenLinks Noordoost-Overijssel

Hardenberg Fair Trade gemeente?

In bestuur, armoede, bijeenkomst, campagne, de wereld, gemeente, groenlinks, millenniumdoelen, nederland, en meer.

“Ik zou graag zien dat gemeente Hardenberg een Fair Trade gemeente wordt”, zegt Marco Laarman, raadslid van GroenLinks van gemeente Hardenberg. Fair Trade of makkelijker gezegd : Eerlijke handel is hard nodig om de internationale millenniumdoelen te halen. In het jaar 2000 hebben regeringsleiders van 189 landen namelijk internationale afspraken gemaakt om vóór 2015 armoede, ziekte en honger wereldwijd ver terug te dringen. Als gemeente kun je daaraan je steentje bijdragen. 

De titel “Fairtrade Gemeente” is een eervolle titel die de gemeente kan behalen als er aan een zestal criteria wordt voldaan en de gemeente bijzonder veel aandacht besteedt aan eerlijke handel (zie www.fairtradegemeenten.nl). Ook bedrijven in de gemeente, de horeca, supermarkten, scholen, kledingwinkels, sportkantines, de gemeente zelf, iedereen kan meedoen. Men werkt samen met één doel: het stimuleren van eerlijke handel.
Niet alleen de gemeente maar ook inwoners van de gemeente kunnen meehelpen aan het bereiken van de milleniumdoelen, zodat armoede, ziekte en honger in de wereld minder voorkomt. Hoe dat kan, dat wordt duidelijk in de door GroenLinks georganiseerde bijeenkomst over Fair Trade die op dinsdag 27 september wordt gehouden uur in de Wijkboerderij Baalder, Beekberg 45 te Hardenberg. De bijeenkomst begint om 20.00 uur en duurt tot 22.00 uur. Iedereen is van harte welkom.
Tijdens de bijeenkomst, die zal worden begeleid door Ad van den Assem, voorzitter van GroenLinks Noordoost Overijssel, zal Franka Viets, directeur COS Overijssel, een presentatie over de campagne “Fair Trade Gemeente” verzorgen. De heer Gerard Tholen en mevrouw Jo Kampman, beide van de Wereldwinkel Hardenberg, zullen vertellen wat de wereldwinkel betekent voor fair trade. Wethouder René de Vent zal namens de gemeente Hardenberg het standpunt van de gemeente over het thema verwoorden en zal er gelegenheid zijn voor het stellen van vragen aan de sprekers.
De bijeenkomst wordt door GroenLinks georganiseerd in het kader van de Nederlandse campagne “Fairtrade gemeente” , een initiatief van stichting Max Havelaar, COS Nederland, ICCO en de Landelijke Vereniging van Wereldwinkels. De campagne richt zich op verdere uitbreiding van fair trade (eerlijke handel): want eerlijke handel is cruciaal om de realisatie van de millenniumdoelen dichterbij te brengen!

vrijdag, 27 mei 2011

Femke Halsema

Femke Halsema

Hyves Twitter TK

Leonardolezing: Politiek in de jaren nul

In speeches, rechtvaardigheid, regels, regeren, regering, rekening, risico, rita verdonk, roc, en meer.

Website van de Leonardo-leerstoelLeonardolezing, uitgesproken 26 mei 2011 op de Universiteit van Tilburg

Dames en heren,

Goedemiddag,

De politiek verlaten veroorzaakt een forse breuk in je bestaan. Eén die je ook nauwelijks kan voorvoelen, zolang je er deel van uitmaakt. Dat geldt òòk als er geen sprake is van een overhaaste aftocht na de val van een kabinet, een incident of een misstap en je jezelf plotseling en in shock terugvindt achter de geraniums.
Ik had mijn vertrek grondig voorbereid en ook wel tussen de bedrijven door nagedacht over de periode erna. Maar veel verder dan uitslapen, boeken lezen, met mijn kinderen spelen en vrienden zien, kwam ik niet. De allesoverheersende gedachte was ‘vrij zijn’ van dwang, druk en het heilige moeten. Maar wat je je onvoldoende realiseert, is dat ‘vrij zijn’ een geestesgesteldheid is die je als politicus juist grondig afleert.

Politici zijn onvrij, èn laten zich onvrij maken, en dat heeft een aantal redenen.
Er is de drukte die veel beroepen op hoog niveau kenmerkt: de agenda wordt door iemand anders gevuld, werkdagen van 12 uur zijn bepaald geen uitzondering en vanaf het opstaan tot het slapengaan jaagt de adrenaline door je bloed.
Ik merkte bijvoorbeeld – en heel simpel – dat ik de krant opnieuw moest leren lezen. Het obsessieve, gespannen scannen van het binnenlandse nieuws op je eigen naam, die van je collega’s en je tegenstanders, het in no-time willen inschatten van de politieke gevaren en risico’s die de krant herbergt, verworden geleidelijk tot een gewoonte. PVV-kamerlid Fleur Agema vertelde ooit bij Pauw & Witteman dat zij elke zaterdag om 6 uur opstond om bij het benzinestation de Telegraaf te kopen. Zodoende wist zij zeker dat zij als eerste van alle Kamerleden mondelinge vragen kon indienen over willekeurig welk incident. Hoe absurd misschien ook het voorbeeld, de onrust en drift waarvan Agema getuigt is geen enkele politicus vreemd.
En zo zijn er meer ingesleten gewoonten: tv-kijken betekent zappen; gesprekken voer je kort en dikwijls instrumenteel, met het oog op het te boeken resultaat; zoals de boeken die je leest vooral ‘nuttig’ moeten zijn voor je politieke handelen. Multitasken is verheven tot een hogere kunst van gelijktijdig telefoneren, internetten, medewerkers instrueren, een debat voorbereiden enzovoort.

Wat het politieke bestaan, als tweede, in hoge mate onvrij maakt is de permanente publieke druk, en de noodzaak èn wil om zichtbaar te zijn. Warren Beaty merkte ooit op over zijn toenmalige minnares Madonna dat zij niet bestond als de camera’s niet draaiden: ‘Why would you say something if it’s off-camera? What point is there existing?’
Politici, zeker de toonaangevende, worden regelmatig en, niet onterecht, bespot omdat ze opduiken in de meest wonderlijke talkshows, RTL-boulevard presenteren en hun oordeel geven over elke denkbare, triviale gebeurtenis. Maar – behalve vanzelfsprekend ijdelheid – hebben zij daarvoor ook goede redenen. Blijvende bekendheid & populariteit zijn namelijk harde voorwaarden voor verkiezingswinst, het kunnen realiseren van je opvattingen en idealen, en de eventuele deelname aan de macht.
Bijvoorbeeld. Toen ik eind 2002, krap 2 maanden voor de verkiezingen, aantrad als nieuwe lijsttrekker, was het grootste probleem mijn geringe naamsbekendheid. Minder dan 30% van de bevolking wist van mijn bestaan. Om ook maar enige rol van betekenis te kunnen spelen tijdens de verkiezingen moest dat razendsnel omhoog naar minimaal 80% en dat betekende een slopende gang langs koffieprogramma’s en vrouwenbladen.
Maar ook jaren daarna, toen ik over bekendheid weinig te klagen had, bleef de noodzaak om zichtbaar te zijn even groot. De meeste kiezers bepalen hun voorkeur namelijk maar deels op politieke opvattingen. Minstens zo belangrijk is hun intuïtieve voorkeur voor de waarden die een politicus vertegenwoordigt, zijn betrouwbaarheid & zijn aardigheid. Opvattingen, levensstijl, humor of de ontroering waarvan een politicus blijk geeft, moeten met elkaar in overeenstemming, en consequent zijn. Zo betekenden in mijn geval de bekende journaalbeelden waarin ik hevig debatteerde met bijv. Rita Verdonk of Geert Wilders ook een gebrekkig electoraal imago van bijterigheid (dan zeg ik het mild).
Het beeld van een politicus dat kiezers opbouwen bestaat uit korte fragmenten, waarbij juist de negatieve het beste beklijven. Reparatie van een onplezierig of onhandig imago kost tijd – televisietijd – en wint aan kracht door herhaling. Voor mij gold in ieder geval dat ik zeker 2 jaar talkshows als ‘Barend & Van Dorp bij elkaar gelachen had, voordat het kwartje viel bij veel kiezers dat ik niet alleen fel kon debatteren, maar misschien ook gewoon een aardige vrouw was aan wie je je kostbare stem kon toevertrouwen.

De druk èn de wil om geregisseerd en beheerst maar ook onophoudelijk zichtbaar te zijn, is niet alleen tijdrovend, maar het beperkt ook je uitingsvrijheid als politicus.
Elke politicus kan getuigen van een slip of the tongue die tot vervelens toe op televisie en op internet zijn herhaald. Balkenende denkt wellicht met weinig plezier terug aan zijn uitspraak tegen mij over de VOC-mentaliteit: ‘Laten we blij zijn met elkaar. Nederland kan het weer! (..) Toch?’ Maar het beëindigde niet voortijdig zijn carrière, wat wel gebeurde met VVD-kamerlid Arend Jan Boekestijn die vooral naam maakte met onhandige opmerkingen, zogenaamde ‘Boekestijntjes’.

De belangrijkste reden waardoor politici onvrij zijn is de tirannie van de tijd en de maatschappelijke omgeving. Daarmee bedoel ik het volgende. Het is voor politici bijna onmogelijk om een bezonken en beredeneerd oordeel te vellen over het politieke bestel waarin zij hun werk doen. Of de maatschappelijke cultuur te analyseren en te bekritiseren waarvan zij tegelijkertijd de drager zijn, waar zij uit voortkomen en hun populariteit aan ontlenen. Politici worden geacht mee te varen op de stroom van maatschappelijke en culturele sentimenten, de tijdsgeest aan te voelen en deze te vertolken. Doen zij dat niet of bekritiseren zij juist de tijdsgeest, dan riskeren zij kiezers, populariteit en uiteindelijk hun positie. Kortom, dan dreigen zij ineffectief te worden.
Maar vrijwel alle politici die ik de afgelopen jaren heb leren kennen, worstelen er ook mee dat ‘de waan van de dag’, zo dikwijls de koers van een debat en de richting van een besluit dicteert. Met de ‘waan’ bedoel ik niet het laatste incidentje uit de Telegraaf dat bij de wekelijkse mondelinge vragen de boventoon voert – hoewel dat ook ergerlijk is. Ik bedoel dat de woorden en onderwerpen die politici kiezen aan maatschappelijke en politieke modes onderhevig zijn en dat die modes dwingend zijn. Simpel gezegd. Geen zichzelf respecterende politicus wil op dit moment thee drinkend en al ‘multiculturaliserend’ in een moskee betrapt worden, ook al zouden daar goede redenen voor zijn. Thee drinken staat voor slapte. Zoals ook geen politicus nu met groot enthousiasme lagere straffen verdedigt, hogere belastingen, gescheiden zwemmen, de vrije verkoop van Mein Kampf enzovoort. Er is een grote omloopsnelheid in de populariteit van politieke onderwerpen. Tegen de dominantie van een kulonderwerp kun je je verzetten, je kan media in hun eenzijdige belangstelling tot de orde willen roepen, maar dan strand je meestal als roepende in de woestijn. Het is bijna onvermijdelijk om je te voegen naar de onderwerpen die gelden als het meest urgent, het meest ernstig – en daarbinnen de variatie te zoeken. Dat is niet uit lafheid of opportunisme maar uit noodzakelijk en gezond lijfsbehoud.

Mocht u na deze inleiding denken dat ik somber ben over de kwaliteit en kracht van politici: nee, geenszins. Wat ik zo-even opsomde zijn de disciplinerende, onvrij makende mechanismen van moderne politiek, mechanismen die – zo zal ik verderop betogen – alleen maar sterker en dwingender worden, en waaraan politici zich slechts met moeite en risico’s kunnen onttrekken.

Maar vandaag verdedig ik ook de stelling dat cultuurkritiek en het opnieuw beoordelen van het politieke bestel en handelen hard nodig zijn. Dat het meedeinen op het tij van maatschappelijke en culturele verandering – niet volstaat. Dat kon misschien in eerdere perioden in onze naoorlogse geschiedenis – waar bijvoorbeeld een oud-politicus zoals Marcel van Dam hoog over opgeeft – nog wel. Maar toen volstond ook om, tegenover de dreiging van de Russen een bataljon tanks aan onze oostgrens te plaatsen. Nu is de maatschappelijke deining te groot en is te onbestemd waar en hoe de golven op de kust slaan.

_____________

Sinds begin februari hebben mijn studenten en ik onderzoek gedaan naar wat ik in de opdracht van de Leonardo-masterclass heb beschreven als ‘De politieke betekenis van de jaren nul’ (de eerste 10 jaar van deze eeuw).

Maar laat me ze eerst even aan u voorstellen: Juliette Barendse, Linde Gasseling, Sabine Geers, Suzanne Keurntjes, Loes Mahieu, Madelene Munnik, Vera Nijveld, Michael Suurendonk, Pauline Verstraten en Eefje Wielders.

Zij hebben de afgelopen maanden literatuurstudie verricht en gesprekken gevoerd – variërend van Mark Rutte tot Hans Laroes, van Herman Tjeenk Willink tot Paul Scheffer. Zij hebben een middag meegelopen bij de redactie van Nieuwsuur, aangezeten bij de fractievergadering van een niet nader te noemen politieke partij en de Haagse sociëteit Nieuwspoort verkend. Zij hebben – aan de hand van eigen stellingen – een debat georganiseerd met studenten van de Tilburgse ROC. En uiteindelijk hebben zij twee keer, in groepjes van drie, een essay geschreven.

Wat ik hier vertel is ook gebaseerd op hun analyses, conclusies en aanbevelingen, wat niet wegneemt dat anekdotes en – zeker – de drastischer opvattingen en conclusies wel degelijk voor mijn eigen rekening komen.

De afgelopen jaren (bijvoorbeeld ook in mijn afscheidsbundel ‘Zoeken naar vrijheid’) heb ik vaak opgemerkt het gevoel te hebben getuige te zijn van een historische politieke tijd. Aantredend als Kamerlid in de tweede Paarse periode in 1998, kenmerkten de politiek en samenleving zich door een grote bezadigdheid. Politiek betekende wat schaven en lasten verlichten en nog eind 2001, toen Pim Fortuyn al heel populair was, bleek uit onderzoek dat de Nederlandse bevolking zeldzaam tevreden was. Er leken – eigenlijk tot de aanslag op de Twin Towers in september 2001 – weinig maatschappelijke en politieke voorbodes voor het tumult dat volgde.

De gedachte getuige te zijn van een historische politieke tijd ontleende ik aan het boek van Ido de Haan over de Nederlandse constitutie: ‘Het beginsel van leven en wasdom’ Hij betoogt daarin dat Nederland tussen 1848 en 1920 in het teken stond van constitutionele politiek. Volgens De Haan draaide het toen niet zozeer om een faire uitvoering van de politieke regels, als wel om het vaststellen van de regels zelf. In die periode werd bijvoorbeeld de staatssoevereiniteit vastgesteld, de scheiding tussen kerk en staat, het vrouwenkiesrecht en de vrijheid van onderwijs. Na 1920 brak een lange periode aan van zgn. ‘normale politiek’. Onze constitutie stond als een huis en werd door politici van alle gezindten als begrenzing geaccepteerd. Zelfs in de jaren zestig en zeventig, jaren van grote maatschappelijke onrust, concentreerde het politieke en maatschappelijke debat zich vooral op de herverdeling van welvaart en rechtvaardigheid, binnen de normatieve grenzen van de grondwet.
Volgens De Haan is pas aan het einde van Paars, versneld door de aanslag op de Twin Towers, de lange periode van ‘normale politiek’ ten einde gekomen en zijn wij opnieuw aangeland in een periode van constitutionele politiek. Of zoals de Haan het somber opsomt: ‘We hebben te maken met een partijenstelsel dat niet langer de verdeeldheid in de samenleving weerspiegelt, een parlement dat zijn centrale plaats daarin verliest en een staat die vastdraait in zijn ambities van herverdeling en rechtvaardigheid. De staat en de samenleving zullen zich opnieuw moeten grondvesten.’ (Tot dusver Ido de Haan)

Terugkijkend op de afgelopen 13 jaar, zijn onmiskenbaar de grootste en hevigste debatten ‘constitutioneel’ geweest. Beginnend wellicht met het venijnige conflict dat volgde op de uitspraken van Pim Fortuyn over artikel 1 van de grondwet: het discriminatieverbod, als sta-in-de-weg van de vrije meningsuiting. Wat volgden waren talloze debatten over de reikwijdte van de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van onderwijs.
Zo kon het gebeuren dat het parlement debatten voerde over de noodzaak en de plicht elkaar de hand te schudden, omdat dit niet langer werd beschouwd als een vriendelijke gewoonte – en het afwijken ervan als een rariteit -maar als een nationale testcase voor onze tolerantie, vrouwvriendelijkheid en ons gelijkheidsdenken. En in dit geval legde het recht van vrije expressie – in de opvatting van de dienstdoende minister Verdonk – het genadeloos af tegen het discriminatieverbod (dat zij op andere momenten met hartstocht relativeerde).
Nieuw was ook het bediscussiëren van de betekenis van godsdienst, en in het bijzonder de Islam, in het parlement zelf. De dominante uitleg van de scheiding tussen kerk en staat was voordien dat politici geen oordelen vellen over geloof. Ook de verhouding in de Trias Politica wijzigde zich, sinds politici zich actief bemoeien met lopende rechtszaken en de benoeming van rechters niet langer beschouwen als een hamerstuk maar tot inzet maken van partijpolitieke strijd (zoals de nieuwe Raadsheer Ybo Buruma overkwam). En hetzelfde kan gezegd worden over de positie van het staatshoofd, die vorige zomer hardhandig buitenspel is gezet bij de vorming van een minderheidskabinet.

Ik denk dat mijn studenten en ik er niet over van mening verschillen dat we inderdaad een periode van maatschappelijke en politieke turbulentie doormaken.
Wel hebben wij samen het idee begraven dat er sprake is van een harde omslag in de politieke geschiedenis die zich concentreert in 1 decennium en is veroorzaakt door de aanslag op de Twin Towers en de politieke moorden op Pim Fortuyn en Theo van Gogh. Maatschappelijke en culturele verwarring lijkt eerder het gevolg van geleidelijker, maar evenzeer ingrijpende veranderingen. Veranderingen waarvan de politieke moorden in Nederland en 9/11 in de Verenigde Staten wel machtige symbolen zijn.

Samen, de studenten en ik, hebben we er drie grote en geleidelijke veranderingen uitgelicht die naar onze opvatting met name de afgelopen 10 jaar groot effect hebben gehad op de politieke verhoudingen en het politieke handelen. Deze veranderingen, als ook de effecten op de politiek, hebben de studenten onderzocht en in hun essays beschreven.

1.
De eerste grote verandering is globalisering en de definitieve vestiging van een risicomaatschappij. Deze is de afgelopen decennia in tientallen studieboeken beschreven en de vaststelling dat Nederland onderdeel is geworden van een internationale, globale en kwetsbare risicomaatschappij is bepaald niet nieuw.
Nieuw is wel de hardhandigheid waarmee globalisering de afgelopen jaren onze huiskamers en het parlement is binnengewalst. Als student leerde ik aan het einde van de jaren tachtig al over de ‘risicomaatschappij’ die het gevolg was van globalisering, waarbij de kernramp in Tsjernobyl het meest tot de verbeelding sprekende voorbeeld was. Maar afgezien van een enkele dioxinekoe, leek het met de aanwezigheid van onbeheersbare, wereldwijde risico’s wel mee te vallen.
Die illusie van relatieve veiligheid zijn wij inmiddels wel kwijt.
Inmiddels hebben we hardhandig de gevolgen ondervonden van een aantal
wereldwijde, financiële en economische crises.
Ik kan me goed herinneren dat over de Algemene Beschouwingen van 2008 de dreiging hing van een aanstormende financiële crisis. Maar zelfs toen vlak daarna de Amerikaanse Bank Lehman Brothers omviel, was van groot alarm in de Haagse politiek en in de samenleving nog geen sprake. Het beperkte zich tot een droge notie van risico’s waarop de Nederlandse regering, mocht er iets gebeuren, ‘adequaat’ – in het betere Haagse jargon – zou reageren. Dat is overigens ook gebeurd.
Maar ik kan niet verhullen dat het dreigende omvallen van Nederlandse banken en de duizelingwekkende bedragen die de Nederlandse regering vervolgens beschikbaar moest stellen, ook voor mij een schokkende eye-opener van internationale kwetsbaarheid waren. De razendsnel oplopende staatsschuld, de toenemende werkloosheid in Nederland door onverantwoord gedrag van bankiers en hypothecairs in de Verenigde Staten, was en bleef een nauwelijks te bevatten samenloop van gebeurtenissen en omstandigheden.
En kwetsbaarheid voor internationale risico’s heeft zich niet beperkt tot de financiële markt en de economie. De afgelopen jaren zijn we geconfronteerd met de
razendsnelle verspreiding van ook voor mensen gevaarlijke dierziekten en heeft de wereldwijde klimaatverandering bijvoorbeeld moeten leiden tot een kostbaar plan voor dijkverhoging en dijkbewaking. De aanslag op de Twin Towers en daarop volgend die in Madrid en Londen hebben de zekerheid te leven in een relatief geweldsloze en veilige samenleving voor veel mensen ondermijnd. Internationaal conflict en geweld houden zich ook in onze achtertuin op, worden hier geboren en groot gebracht: zoveel werd vooral bij de moord op Theo van Gogh duidelijk.

Om een beter zicht te krijgen op het effect van internationale crises en risico’s op de Nederlandse politiek hebben de studenten onderzocht hoe in Nederland is omgegaan met de Mexicaanse griep. Dit griepvirus, eerst de varkensgriep genoemd, kreeg vanaf het voorjaar van 2009 delen van de wereld in de greep, zeker toen bleek dat door besmetting niet alleen dieren maar ook mensen dood konden gaan. Inmiddels staat de teller wereldwijd op bijna 19.000 slachtoffers. In Nederland heeft de regering, onder verantwoordelijkheid van minister Klink, snel en ingrijpend gereageerd. Er waren folders en internetsites, risicogroepen kregen het advies zich preventief te vaccineren en er zijn 34 miljoen griepvaccins aangeschaft. Uiteindelijk heeft de Mexicaanse griep in Nederland nooit werkelijk huisgehouden.

Terugkijkend op de politieke besluitvorming valt vooral de grote en oncontroleerbare rol op die deskundigen spelen. Minister en parlement ontbeerden de specialistische kennis die inschatting van de gezondheidsrisico’s vergde en moesten zich in het geheel verlaten op de Gezondheidsraad, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de World Health Organisation (WHO). Het waren ook de deskundigen die de minister en vervolgens de kamer voor een keuze plaatsten. Men kon 1. ‘afwachtend beleid’ voeren maar dit had een ‘risico voor de nationale gezondheid’ of men kon 2. ‘preventief beleid’ voeren, dat een financieel risico droeg.
Zo geformuleerd hoeft het weinig verbazing te wekken dat Nederland – als één van heel weinige landen – overging tot de peperdure aanschaf van een astronomisch aantal griepvaccins. De keuze was dan ook eigenlijk geen keuze maar een fait accompli omdat geen verantwoordelijk politicus uiteindelijk geld boven de gezondheid van de bevolking zal plaatsen.
Achteraf is er discussie ontstaan over de onbevooroordeeldheid van de deskundigen, de mogelijke rol van de farmaceutische industrie, en het oordeelsvermogen van politici. Dat vind ik terecht.

Meer in het algemeen kun je stellen dat globalisering en internationale crises politici in heel grote mate afhankelijk maken van deskundigen, wier achtergronden, motieven en belangen – anders dan die van politici – dikwijls slecht controleerbaar zijn. Waarvan op het moment dat zij dwingende adviezen geven ook nauwelijks bekend is dat zij zelf over de juiste en noodzakelijk informatie beschikken. De President van de Nederlandse Bank, de heer Wellink, heeft bijvoorbeeld achteraf aangegeven dat ook de Nederlandse Bank en hij zelf onvoldoende op de hoogte waren van de financiële producten waarin banken handelden en de risico’s die deze in zich hadden. Toch voer de regering volledig op de Nederlandse Bank.

2.
Globalisering is niet de enige grote, geleidelijke verandering die de politiek beheerst. Even ingrijpend is – om het eens in chique wetenschappelijke termen te zeggen – het gewijzigde paradigma van multiculturalisme.
Kort gezegd, is multiculturalisme in Nederland lang het bewijs geweest van vrijheid. In ons vrije, democratische land zou ruimte zijn voor andersdenkenden, andere tradities en gebruiken. Door de kracht van onze rechtsstaat, door onze tolerante inborst, ons democratisch bestel en de maatschappelijke mogelijkheden voor sociale stijging, zouden wij ook de komst van grote groepen vreemdelingen gemakkelijk kunnen opvangen. En belangrijker nog, binnen de grenzen van de rechtsstaat werd heb alle ruimte gegeven om hun eigen gang te gaan.
Inmiddels wordt multiculturalisme niet meer beschouwd als een bewijs van vrijheid, maar als een regelrechte bedreiging van onze vrijheid. Tolerantie is niet langer een deugd die geprezen wordt maar synoniem geworden met ‘plooien, schikken en afkopen’ van eigenlijk onoverkomelijke verschillen, tegenstellingen en botsingen.

Het verdwijnen van het geloof in multiculturalisme is een gevolg van de hardnekkigheid van integratieproblemen en het dreigende ontstaan van een allochtone onderklasse (met overmatige criminaliteit en overlast onder allochtone jongeren). Het is ook een gevolg van de angst voor gewelddadig, Islamitisch fundamentalisme dat door de aanslagen is gevoed en ertoe leidt dat in Nederland levende en werkende moslims inmiddels achterdochtig worden beschouwd als wolven in schaapskleren.
Maar beide problemen – de hardnekkige integratieachterstanden en de zorg om gewelddadig Islamitisch fundamentalisme – zijn ook een dankbare voedingsbodem gebleken voor snel populair wordende populisten. Dat multiculturalisme inmiddels een scheldwoord is geworden, is in belangrijke mate hun verdienste. Dit zeg ik wel met enige ironie.

De studenten hebben de afgelopen maanden als casus studie gemaakt van de incidenten die er de afgelopen jaren zijn geweest rond Imams die weigerden de hand te schudden van, in de eerste plaats Minister Verdonk. Vooral de eerste keer dat een Imam, zichtbaar en publiek weigerde de minister de hand te schudden groeide snel uit tot een nationale rel. De minister vond dat er onvoldoende respect was voor het instituut ‘minister’ en voor haar als vrouw en liet weten dat handen schudden een Nederlandse plicht was.

Op basis van hun onderzoek naar het veranderde oordeel over multiculturalisme en de incidenten rond handen schudden merken de studenten op dat politici en het politieke debat zich los lijken te hebben gezongen van de rechtstatelijke kaders waarbinnen zij opereren. Bij de beoordeling van het gedrag van individuele en groepen burgers stellen zij zich minder de vraag ‘is dit onwettig’ maar veeleer de vraag ‘is dit onprettig’. Afwijkend gedrag wordt in toenemende mate als on-Nederlands en onprettig bestempeld en veroordeeld.
Veel burgers, veel media ook, zijn gecharmeerd van de daadkracht en flinkheid die spreekt uit deze stevige oordelen: met name populistische politieke stromingen die van het veroordelen van onprettig, on-Nederlands gedrag hun handelsmerk hebben gemaakt, hebben dan ook een grote electorale vlucht gemaakt
Tegenover de symbolische kracht van harde normatieve oordelen over soms kleine incidenten staat echter een grote politieke en beleidsmatige onmacht. Politici zijn namelijk wel degelijk gehouden en gebonden aan de grenzen van de democratische rechtsstaat, waar deze rechtstreeks voortvloeien uit de mensenrechtenverdragen. Ongeacht retoriek en vertoon van flinkheid kent het integratiebeleid de afgelopen 10 jaar nauwelijks verandering maar een grote stroperige continuïteit en traagheid. De problemen rond integratie, sociale achterstand en criminaliteit zijn de afgelopen jaren niet werkelijk verminderd.
Het zichtbare verschil tussen zeggen en doen in het debat over de multiculturele samenleving levert – zo voeg ik daar aan toe – politici en het politieke bestel inmiddels een serieus geloofwaardigheidsprobleem op.

3.
Als je de gevolgen van de grote maatschappelijke veranderingen rond globalisering en multiculturalisme bij elkaar optelt, dan kun je vaststellen dat politici zich in een lastig parket bevinden, of – wellicht beter – in een lastig parket hebben gemanoeuvreerd.
De grootste maatschappelijke problemen kennen dikwijls een internationale oorsprong, oplossing of vermindering ervan onttrekt zich daardoor vaker aan het handelingsvermogen van gewone Nederlandse politici. Daarbij zijn zij in toenemende mate afhankelijk van specialistische deskundigen, waarbij zij de belangen en de juistheid van deskundige meningen niet altijd even goed overzien. De verleiding van een vlucht in symbolische daadkracht, in flinkheid bij incidenten is levensgroot en deze route wordt dan ook regelmatig genomen.
Het parket wordt nog lastiger als de derde grote verandering van de afgelopen jaren in ogenschouw wordt genomen: de fragmentatie en verveelvoudiging van media en de groeiende invloed van nieuwe media, van internet, weblogs en twitter.

De opvallendste vaststelling van de studenten in het onderzoek dat zij hebben gedaan naar de invloed van de mediacratie op het politieke handelen is dat wordt onderschat dat media zelf in toenemende mate ten prooi zijn aan grote commerciële en economische belangen.
Tijdens een debat gisteravond bij DWDD tussen een vertegenwoordiger van ‘dode- bomen’ media en webloggers – waar de studenten en ik toevallig aanwezig waren -
werd die dwang van commercie nog eens zichtbaar.
De meest gelezen onderwerpen op weblogs en de digitale pagina’s van kranten variëren van ‘condooms met tandjes’ tot de borsten en billen van Kim Kardashian. Serieuze onderzoeksjournalistiek, analyses van ingewikkelde economische problemen leggen het in de lezersaandacht altijd af tegen relletjes met overspel, zich misdragende BN’ers, moord en doodslag. En waar de lezersaandacht minder is, verdwijnt ook de belangstelling van adverteerders, uitgevers en mediabedrijven. Hoofdredacteuren en journalisten staan onder grote druk om lezers – en daarmee adverteerders – waar voor hun geld te geven.

Voor politiek nieuws betekent dit dat ruzies en conflicten, swingende, harde uitspraken over bijvoorbeeld Islamitisch stemvee of Grieks wangedrag, veel makkelijker hun weg vinden in de media dan – ik noem maar wat – de achtergronden van de financiële crisis.

Ik begon deze lezing met de vaststelling dat politici onvrij zijn. Een politicus die langer meewil verhoudt zich tot de tijdsgeest en tot de onderwerpen die zijn kiezers en de media het meeste lijken bezig te houden.
Nu weet ik dat u stiekem denkt: ‘ja hoor eens, een moedige politicus kiest natuurlijk altijd zijn eigen weg, ongeacht de risico’s’. Natuurlijk, dat is ook zo. En er zijn talloze voorbeelden van moderne, moedige politici die dagelijks impopulaire onderwerpen agenderen en verdedigen. Politici die werk maken van onderwerpen als Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen, de noodzaak van nieuwe duurzame energiepolitiek, wereldwijde voedselzekerheid enzovoort, ondanks dat hen dit zo goed als onzichtbaar maakt in de media en daarmee voor kiezers. Zoals ook de moderne politiek talloze voorbeelden kent van politici die dwars tegen de voorspellingen in van peilingen – waar ik overigens ook nog een betoog zou kunnen opbouwen – electoraal risicovolle beslissingen nemen omdat zij een grote innerlijke noodzaak voelen. Mijn opvolger gaf bijvoorbeeld meteen na aantreden een visitekaartje af.

Ik verzet mij hevig tegen de gemakkelijke gedachte dat de kwaliteit van politici de afgelopen decennia minder is geworden of dat de politiek oppervlakkiger en vluchtiger is. Deze nostalgische gedachte die nog wel eens door oude politieke mastodonten wordt geuit, miskent eenvoudig dat de maatschappelijke en politieke omgeving waarin politici hun werk doen met name het afgelopen decennium ingewikkelder en risicovoller is geworden.

Dit neemt niet weg dat er alle reden is om de staat van de politiek en het handelen van politici opnieuw goed en hardhandig te doordenken.
Als ik terugkeer naar Ido de Haan en zijn analyse van ‘constitutionele politiek’ dan denk ik dat je inderdaad kan vaststellen dat, als een gevolg van globalisering, de grote problemen in de multiculturele samenleving en komst van een mediacratie, samenleving en politiek zich opnieuw – moeten – grondvesten.

Politici, gekozen vertegenwoordigers van het volk, zullen daarin onvermijdelijk leiding moeten nemen. Zij dragen wel degelijk de verantwoordelijkheid om oplossingen aan te reiken voor grote maatschappelijke problemen. Of het nu gaat om het verminderen van de werkloosheid die voortkomt uit de internationale economische crisis, het op orde brengen van de staatshuishouding, het verminderen van de sociale en integratieproblemen, het beter beheersbaar en controleerbaar maken van het bureaucratische pandemonium (zoals Volkskrantcolumnist Bert Wagendorp deze week zo mooi opmerkte) of het aanpakken van klimaat- en energieproblemen

In het tweede deel van de masterclass heb ik de studenten gevraagd om – met achterlating van al hun theoretische kennis – eens na te denken over de noodzakelijke veranderingen in het politieke bestel en het handelen van politici.

Ik geef u eerst twee heel alledaagse observaties van de studenten door, waar ik even om moest lachen maar die ook onmiskenbaar veelzeggend zijn.
Na gesprekken met politici en een bezoek aan het parlement, verzuchtten de studenten om beurten dat zij het in het parlement interessanter en ook gezelliger vonden dan zij dachten en dat politici aardiger, welwillender en ook redelijker waren dan hun beeld van hen was.
En vorige week meldde een student dat zij, bezig met de opmaak van het slotessay, eindeloos op Google had gezocht naar foto’s van samenwerkende, vriendelijk met elkaar pratende politici en dat zij die niet had kunnen vinden.

Moderne politici zijn dagelijks verwikkeld in een harde overlevingsstrijd, een strijd om media- en publieke aandacht, in een strijd om het behagen en binden van hun kiezers. Politici zijn met handen en voeten gebonden aan kiezersverwachtingen, populariteitsvereisten en politieke mores. Het maakt hen onvrij om met wat meer afstand de grote problemen van deze tijd te aanschouwen. Het kan hen ook in een isolement brengen van eigendunk en zelfgenoegzaamheid, zo lang het ze goed gaat.

Maar niet alleen zijn de internationale problemen en risico’s, en de afhankelijkheid van derden bij het begrijpen en beheersen ervan, te groot; de vlucht in symbolische daadkracht, symbolische debatten over vooral de multiculturele samenleving die – ondanks daadkrachtige en soms oorlogszuchtige taal – niet leiden tot verbetering van het dagelijkse leven van mensen, ondermijnen de geloofwaardigheid en uiteindelijke effectiviteit van politici. En dit gevaar van politieke machteloosheid en ineffectiviteit op de lange termijn bedreigt alle politici, ook de populisten die zich vooral verheugen over de electorale winst op de korte termijn.

Politieke samenwerking over partijpolitieke grenzen heen, kent een grote noodzaak. Het vermeerdert de gedeelde kennis, het vergemakkelijkt het sluiten van de noodzakelijke compromissen en van het samen regeren.
De studenten hebben bedacht dat het goed zou zijn om kiezers bij de verkiezingen niet meer enkel op de eerste partij van hun voorkeur te laten stemmen maar ook een tweede en een derde voorkeursstem te laten uitbrengen: een zogenaamd ‘songfestivalsysteem’. Het dwingt politici zich beter rekenschap te geven van de politieke ‘umwelt’ waarin ze opereren en al in campagnetijd actief naar coalities te zoeken en deze te verdedigen, waarmee zij na de verkiezingen zouden willen regeren. Afgelopen zomer leidde de vergaande polarisatie tussen politici tot een gefragmenteerde verkiezingsuitslag en een bijna onbestuurbaar land. De ervaringen van de formatie en de idiotie van de totstandkoming van het huidige minderheidskabinet, zouden zich niet moeten herhalen.
Een zelfde milde dwang tot samenwerking zou uit kunnen gaan van het bij de gewone verkiezingen mogen uitbrengen van een adviserende stem op een voorkeurscoalitie. Ook dan geldt dat politici minder uitgedaagd worden om het conflict te zoeken met de electorale concurrenten (zoals Mark Rutte tijdens de laatste verkiezingen deed met Jan Peter Balkenende) maar al tijdens de campagne publiek samenwerking te zoeken met de latere en meest gewenste regeringspartner.
Daarbij lijkt het ons goed als de partijdiscipline en de onderlinge partijtegenstellingen verminderen. Een voorstel van de studenten is om Kamerleden in het parlement niet meer gegroepeerd naar partij te laten plaatsnemen maar bijvoorbeeld op alfabetische volgorde waardoor zij vaker samen optrekken en samenwerken.
Zelf voeg ik daar nog een suggestie naar Italiaans voorbeeld aan toe. Daar kiezen de leden van de verschillende oppositiepartijen samen één oppositieleider. Ook dat leidt onvermijdelijk tot betere samenwerking: de leiders zullen minder geneigd zijn elkaar vliegen af te vangen of elkaar te herhalen. Daarbij verandert het de verhouding tussen de grote en de kleinere oppositiepartijen. Denkt u zich eens in: het zal lang niet altijd vanzelfsprekend zijn dat de leider van de grootste oppositiepartij ook de oppositieleider wordt, bij de andere, kleinere partijen zijn wellicht beter gekwalificeerde kandidaten.
Veel politici maken zich zorgen over de zogenaamde kloof tussen politiek en burgers. Zij gaan eens in de zoveel tijd ostentatief (met een camera op hun nek) in koffiehuizen zitten, de deuren langs om te flyeren en beleggen bijeenkomsten waar burgers hun gal kunnen spuien. Al deze, dikwijls symbolische ontmoetingen betekenen niet werkelijk dat er met burgers wordt samengewerkt. Burgers bezitten veel kennis over, en dagelijkse ervaring met maatschappelijke en bureaucratische problemen, vaker dan nu gebeurt kunnen zij politici helpen oplossingen te formuleren. Met de komst van internet kan de kennis van burgers beter toegankelijk worden gemaakt, gebundeld en geselecteerd (zie bijvoorbeeld de ontwikkeling met ‘crowdsourcing’, waar in NL ook Maurice de Hond zich mee bezighoudt).
Een aantal jaren geleden heeft Rita Verdonk een ‘Ritawiki’ geïntroduceerd: burgers werden uitgenodigd om op haar site mee te schrijven aan haar verkiezingsprogramma. Het initiatief ging al snel kapot aan ‘reaguurders’ die site kaapten. Dat neemt niet weg dat het een goed idee was. Een idee van de studenten is om, verbonden aan de site van de Tweede Kamer, een ‘politieke wiki’ te starten waarop burgers oplossingen voor dringende en grote maatschappelijke problemen kunnen aanreiken. Vergelijkbaar met ‘wikipedia’ moet ook het debat over de inbreng van verschillende burgers zichtbaar kunnen zijn en moet zichtbaar kunnen zijn wie deelnemen aan een debat. Om te verhinderen dat de site gekaapt wordt, zou het een idee kunnen zijn dat burgers zich inschrijven met hun ‘digid’ die dan wel bekend is bij de Tweede Kamer maar niet zichtbaar is. Wel moet nagegaan worden of dit privacyproblemen geeft.

Onderlinge, harde competitie en concurrentie tussen politici en tussen parlementariërs en regering is slecht voor de openbaarheid. Angst voor misstappen en voor publieke vernedering leidt ertoe dat politici terugdeinzen voor het geven van inzicht in hun beweegredenen en in de wijze waarop zij tot een besluit zijn gekomen, met wie zij hebben gesproken en welke rol bijvoorbeeld lobbyisten hebben gespeeld. Het voorstel van Minister Donner om de Wet Openbaarheid Bestuur (WOB) verder in te perken en journalisten die de gangen van een minister willen nagaan, verder op achterstand te zetten, is een teken aan de wand.
Het is een misvatting dat een ‘cultuur van heimelijkheid’ de kwetsbaarheid van politici zou verminderen; het vergroot juist de achterdocht en de behoefte om politici hard af te rekenen als blijkt dat zij oneigenlijk informatie achterhouden.
Openbaarheid van informatie is een teken van politieke kracht, het versterkt de samenwerking met burgers en vergroot daarmee uiteindelijk ook de legitimiteit van beslissingen.
Het zou goed zijn als de Wet Openbaarheid Bestuur juist wordt verruimd en het aantal ‘uitzonderingsgronden’ voor het ter beschikking stellen van informatie aan journalisten en anderen, wordt verminderd
Naar mate beslissingen ingewikkelder worden (zoals bijvoorbeeld bij de Mexicaanse griep) zou het ook goed zijn als politici vaker laten zien ‘hoe’ zij tot een beslissing zijn gekomen, en niet enkel burgers ermee confronteren ‘dat’ zij een beslissing hebben genomen. Samen met de studenten pleit ik ervoor om vergelijkbaar met de Rekenkamer (die de doelmatigheid en rechtmatigheid van overheidsbestedingen onderzoekt) een onafhankelijke Besluitvormingskamer in te stellen die nagaat hoe een grote politieke beslissing tot stand is gekomen, op welke feiten en onderzoek deze is gebaseerd, welke derden daarbij een grote rol hebben gespeeld en wat hun belangen en motieven zijn.

Ervan uitgaand dat er sprake is van constitutionele politiek waarbij politiek en samenleving zich opnieuw grondvesten, zou het logisch zijn dat onze constitutie daarin ook een grote rol speelt. En dan bedoelen wij niet enkel in de schreeuwerige verdediging van een enkel grondrecht, zoals de vrijheid van meningsuiting of de vrijheid van godsdienst. Het kenmerk, maar ook de schoonheid, van onze constitutie is de gelijkwaardige botsing van grondrechten, van burgerlijke waarden, die erdoor op een vreedzame manier mogelijk wordt gemaakt. De grondwet constitueert daarmee ook heel letterlijk onze samenleving.
Betere kennis en een meer actieve verdediging van onze grondwet door politici, helpt wellicht ook burgers om met wat meer distantie, wat meer abstractie, politiek en maatschappelijk conflict en meningsverschil te beoordelen. Dit vereist echter wel dat de grondwet wordt vereenvoudigd en wordt verduidelijkt. Onze grondrechten zijn te cryptisch beschreven omdat ze tegelijkertijd ruimte laten voor uitzonderingsbepalingen door de overheid vast te stellen. Wij zijn voorstander van een nieuwe, moderne grondwet die eenvoudig en aantrekkelijk is en die daarmee ook een goed instrument in het onderwijs en in het politieke debat kan zijn.
Daarnaast is het hoog tijd om constitutionele toetsing in te voeren (diegenen die mijn werk van de afgelopen jaren kennen weten dat dit niet de eerste keer is dat ik hiervoor pleit). Niet alleen geeft het burgers een grotere mate van rechtsbescherming tegenover overheidsmacht, het brengt de grondwet ook tot leven omdat deze niet langer ‘een gesloten deur’ is voor burgers, zoals Thorbecke het ruim anderhalve eeuw geleden al omschreef.
Als samenleving en politiek een nieuw grondvest zoeken voor gezamenlijk handelen dan hopen wij dat die wordt gevonden in het zachtaardige, rechtstatelijke patriottisme dat onze constitutie biedt

Gisteravond kreeg ik bij DWDD de vraag, waarom komt u er nou mee, nu u aan de kant staat.
Aan de kant staan is ook reinigend en noodzakelijk om de politiek – waarvan ik houd – met wat meer distantie, wat minder politieke belangen, wat minder koortsachtig te kunnen gadeslaan en te beoordelen.

Ik dank de Universiteit van Tilburg, en in het bijzonder Hans van Driel en zijn staf voor de gelegenheid die zij mij hebben geboden. Ik dank vooral de Leonardostudenten voor het waardevolle onderzoek dat zij de afgelopen maanden hebben verricht en de vele levendige gesprekken en discussies die wij samen hebben gevoerd.

Dank u wel.

 

NB: Mevrouw Yvon de Witte meldt via twitter dat zij het idee voor een ‘songfestivalsysteem’ eerder op Facebook heeft voorgesteld en heeft vastgelegd bij de belastingdienst. Zij hecht aan vermelding daarvan: bij deze.

'Mevrouw Yvon de Witte meldt via twitter dat zij het idee voor een 'songfestivalsysteem' eerder op Facebook heeft voorgesteld en heeft vastgelegd bij de belastingdienst. Zij hecht aan vermelding daarvan: bij deze.

donderdag, 26 mei 2011

Jasper Fastl

Jasper Fastl

Linkedin PS DWARS

En hij is terug, na 2,5 maand pauze, om te waken over Utrecht

In jasper logt juist, politiek, provincie, asfalt, campagne, cda, d66, duurzaam, fractie, en meer.

Alsof je in een achtbaan zit die politiek heet. Een klein half jaar terug waren we bezig met de voorbereidingen voor de campagne. Vijf zetels gingen we halen, een zesde zetel lag in het verschiet. En toen kwam Kunduz en was alles anders. We moesten ineens keihard werken om onze stemmen te behouden en de kans op winst leek zo goed als verkeken. Het was afwachten in hoeverre de landelijke politiek leidend was voor onze provinciale uitslag. Immers, er spelen toch genoeg thema’s in onze provincie die een goede uitslag voor GroenLinks hadden gerechtvaardigd. En was het niet juist GroenLinks die 4 jaar terug juist vanwege die provinciale thema’s het grootste deel van haar kiezers trok. In tegenstelling tot alle andere landelijk opererende partijen. Het heeft niet mogen baten, niet genoeg in ieder geval voor een vijfde zetel. Al zaten we er dichter bij dan ooit. Toch ben ik niet al te veel teleurgesteld. Immers, met 168 stemmen minder had de PvdD haar zetel niet in kunnen nemen. En laat ik Willem zijn zetel nu eens van harte gunnen.

Met de uitslag van 2 maart werd al snel duidelijk dat GroenLinks voor het eerst in het college kon komen in de provincie Utrecht. De VVD was als grote winnaar aan zet en de PvdA had zich als tweede partij al voor de verkiezingen buiten spel gezet. De campagnetijd heeft daar geen verandering in weten te brengen. Daarmee werden CDA en D66 logische partners en een vierde partij was noodzakelijk voor een meerderheid. En waarom zouden wij dat niet kunnen zijn? Aan kennis en kunde binnen onze partij geen gebrek, onze visie op een sterk en gefocust middenbestuur sluit voor een groot deel aan bij die van de andere drie partijen en de flirt van de VVD landelijk met GroenLinks toonde in ieder geval dat er geen onoverkomelijke bezwaren lagen. Dus, zo geschiedde. GroenLinks zit in het college. Onze lijsttrekker Mariëtte werd Gedeputeerde en er kwam een plek vrij in de fractie die ik mag vervullen.

2,5 maand heb ik op de reservebank mogen plaatsnemen. Natuurlijk, mijn input was onveranderd aanwezig. Toch voelt het anders, van de zijlijn aanwijzingen geven en hopen dat de vier vertegenwoordigers het goed doen. En dat hebben ze. Zoals RTV-Utrecht het verwoordde, gezien de aanvallen van zowel de SP als de PVV op het collegeakkoord heeft GroenLinks het misschien helemaal niet zo slecht gedaan. Natuurlijk, we investeren veel te veel in asfalt. Maar ja, als de VVD zelfs nog een zetel wint en wij gelijk blijven, dan kun je hard roepen, binnen halen zul je dan niets. Dubbel jammer dus voor ons dat landelijke thema’s zo hebben gedomineerd bij de provinciale verkiezingen. Maar met veel onderwerpen kan ik goed uit de voeten. Bedrijventerreinen zullen duurzaam worden geherstructureerd, leegstaande kantoren zullen vaker worden hergebruikt, bijvoorbeeld als studentenwoning of atelier. Van het rijk mogen we sturender zijn op economisch gebied: de culturele sector, groene recreatie, technologie en biologische landbouw zullen er hopelijk wel bij varen. Dit najaar nog gaan we werken aan een brede visie op beter OV in onze provincie en drie nieuwe ecoducten zijn zeker gesteld.

Maar, hoe zit het eigenlijk met onze nieuwe collega’s? Vijf PVV’ers! Niet iets om over te juichen. Maar gezegd moet worden dat ze, in tegenstelling tot hun Almeerse broeders, erg constructief meedenken met hoe we in deze krappe financiële tijden ons geld beter kunnen benutten. En als je je niet al te veel stoort aan hun wat zurige berichten op twitter, dan is er best mee te werken. En hoe is het met het CDA? De permanente machtsfactor heeft een dreun te verwerken (gehad). En dat is ook best te merken in de Staten. Ze zijn duidelijk op zoek naar een goede invulling van hun bescheidener rol. Iets wat D66, met een zetel minder, juist iets meer zou mogen doen. Ze zijn nu wel erg overtuigd geraakt van zichzelf ;-) PvdA en SP zitten als linkse broeders nu tegenover ons in de oppositie. Vooral de SP speelt dat, zoals alleen zij dat kunnen, soms hard. Het is hun recht, en hun plicht, om ons met veel nieuwe gezichten in de fractie, scherp te houden. En als links en groen geweten binnen de fractie zal ik altijd open staan voor oprechte inhoudelijke kritiek.


donderdag, 14 april 2011

Tom Louwerse

Tom Louwerse

Twitter

Halfjaar kabinet-Rutte: terug bij af?

In kabinet, peilingen, rutte, pooling the polls, campagne, cda, cijfers, d66, december, en meer.
In oktober 2010 tradt het meest rechtse kabinet in jaren aan: een regering met ministers van VVD en CDA, in het parlement mede gesteund door de PVV. In een aantal opzichten ging het dit kabinet voor de wind. De goedgemutste jonge premier Mark Rutte zorgde voor een verfrissend geluid vanaf de regeringszetels tijdens de belangrijke parlementaire debatten. Het kabinet kwam met maatregelen waarbij rechts Nederland onder leiding van VVD-kamerlid Aptroot de vingers aflikte: 130 op de snelweg (sommige dan), een (aangekondigde) hervorming van de politie en er mag weer gerookt worden in kleine cafés zonder personeel. Na het aftreden van het kabinet steeg dan ook de steun voor de drie coalitiepartijen in de peilingen, van iets meer dan 50% naar zo'n 53% (ongeveer 80 zetels). Maar na de affaire-Lucassen c.s., de missie in Kunduz en in de aanloop naar de Statenverkiezingen verloren deze drie partijen steeds meer terrein: nu scoren de partijen volgens de beste inschatting* minder goed dan bij de laatste verkiezingen.

De zwarte geeft de schatting van het stemmenpercentage voor VVD, PVV en CDA gezamenlijk op elke dag. Het grijze gebied geeft een 95% credibility interval (foutmarge). De gekleurde ronde bolletjes geven de uitslag van de verschillende peilingen aan: een rode P voor Peil.nl, een blauwe B voor Politieke Barometer en een groene N voor TNS NIPO.

VVD
De VVD doet het als enige coalitiepartij nog goed. De partij verloor sterk tijdens de onderhandelingen voor Paars-Plus (niet echt een favoriet bij de VVD-kiezers), maar steeg daarna gestaag door naar een hoogtepunt van 23,5% (+- 36 zetels). Met name tijdens de campagne leek de VVD het lastig te hebben, maar de laatste weken wint de partij weer terrein.



PvdA
De grootste oppositiepartij PvdA staat nog steeds op verlies ten opzichte van de Kamerverkiezingen, maar lijkt het diepste dal te hebben gehad. Sinds december is de partij bezig met een herstel, wat stevig doorzette rondom de besluitvorming inzake Kunduz. Ook de verkiezingscampagne verliep redelijk gunstig voor de PvdA, hoewel er een korte afvlakking lijkt te zijn in de laatste 2 weken voorafgaande aan die verkiezingen.


PVV
Bij de afgelopen Kamerverkiezingen werd de steun voor de PVV stevig onderschat in de peilingen (met zo'n 3%). Daar lijkt nu niet zozeer sprake van te zijn (analyse niet getoond), maar het is lastig om dat precies vast te stellen. Wat wel duidelijk is dat Wilders de goede scores van zijn partij in de zomer niet heeft weten vast te houden. Sinds de affaire-Lucassen is er sprake van een stevige afname van de steun. Na een kortstondig herstel in de eerste maanden van dit jaar, lijkt Wilders' steun opnieuw af te nemen. Hij scoort volgens de schatting nu rondom de score van 9 juni 2010.

CDA 
De steun voor het CDA blijft kwakkelen. De partij verloor sterk tijdens de onderhandelingen over de regering (zeker rondom het gedoe met de 'drie dissidenten'). Daarna was er sprake van een gedeeltelijk herstel, maar dit wil niet echt doorzetten. De afgelopen maanden is er een duidelijke golfbeweging te zien in de steun voor het CDA. Momenteel scoort de partij iets onder de 11% (+- 17 zetels).



Andere partijen

De SP lijkt garen te spinnen bij het kabinet. De partij bleef aanvankelijk hangen op het niveau van de laatste verkiezingen, maar staat daar de laatste maanden steeds ruim een procent boven. Ook D66 doet het goed en wint als de peilingen bewaarheid zouden worden nu ongeveer 1,5%punt ten opzichte van de vorige verkiezingen. GroenLinks deed het aanvankelijk goed, maar verloor duidelijk rondom de kwestie Kunduz. Er lijkt nu een licht herstel op te treden. De steun voor ChristenUnie en SGP is vrij stabiel (SGP is lastig te schatten met deze methode omdat Peil.NL en TNS-NIPO geen percentages, maar alleen zetels presenteren). De PvdD laat een golfbeweging zien rondom de huidige twee zetels.


*De genoemde cijfers zijn gebaseerd op een 'pooling the polls' model, waarbij peilingen van Peil.NL (Maurice de Hond), Synovate (Politieke Barometer) en TNS-NIPO worden gecombineerd tot een (dagelijkse) schatting van de politieke steun voor de politieke partijen. Meer uitleg staat op de site van Simon Jackman, voor wie niet bang wordt van termen als 'random walk model', 'prior' en 'Markov Chain Monte Carlo estimation'. Kortgezegd: als je de gegevens van drie peilingen combineert, weet je meer dan van een enkele peiling. Je kunt ook aangeven hoe 'zeker' de gepeilde percentages zijn (een 95% interval staat grijs geplot in de figuur).












dinsdag, 15 maart 2011

Paul Smeulders

Paul Smeulders

Hyves Twitter Youtube PS

Geïnstalleerd als Statenlid!

In politiek, toekomst, 50 jaar, beslissingen, besluiten, bezuinigen, campagne, den bosch, duurzame energie, en meer.

Donderdag 10 maart was een bijzondere dag voor de familie Smeulders. Samen met mijn broer Stijn werd ik geïnstalleerd als Statenlid in de Provinciale Staten van Noord-Brabant. Dat twee broers tegelijk worden benoemd, is tamelijk uniek. De jonge leeftijd van Stijn en mij maakt het tot een unicum. Onze bijzondere installatie trok de interesse van verschillende media. Omroep Brabant, Brabant 10, Hart van Nederland en mijn vrienden van PowNews waren naar het provinciehuis gekomen om een item op te nemen. Menno Slaats maakte mooie foto's tijdens de installatie.

Stijn stond 6e op de kandidatenlijst van de PvdA bij de Provinciale Statenverkiezingen van 2 maart jl. De PvdA verloor 1 van haar 8  Statenzetels en wordt de komende periode vertegenwoordigd door 7 Statenleden. Genoeg voor Stijn om tot Statenlid te worden benoemd. Ik was met mijn 23 jaar de jongste lijsttrekker ooit bij Statenverkiezingen. GroenLinks won 1 zetel en komt uit op 3 Statenzetels. Met +1,8% boekt GroenLinks in Brabant de grootste winst van alle provincies. Het effect van een opvallende campagne is ook in andere statistieken terug te zien. Van de 10 gemeenten waar GroenLinks de grootste vooruitgang boekte, liggen er maar liefst 9 in Brabant.

Afgelopen zaterdag ben ik tijdens een heidag van GroenLinks Brabant gekozen als fractievoorzitter. Daarmee ben ik ook de jongste fractievoorzitter ooit in Provinciale Staten. De komende jaren ga ik bewijzen dat er geen minimumleeftijd vereist is om Brabanders adequaat te vertegenwoordigen.

Ik krijg vaak de vraag wat een 23-jarige motiveert zitting te nemen in Provinciale Staten? Het antwoord op die vraag is simpel. Provinciale Staten besluiten over onderwerpen die me aan het hart liggen. De belangrijkste bevoegdheden van de provincie liggen op het gebied van economie, verkeer en vervoer en vooral ruimtelijke ordening. De provincie bepaalt waar huizen komen, waar bedrijventerreinen mogen worden ontwikkeld, waar natuur de ruimte krijgt. De beslissingen die nu in Den Bosch genomen worden, bepalen hoe Brabant er over pakweg 30 jaar uitziet. Het gaat dus echt om de toekomst van Brabant.

De provincie Noord-Brabant moet de komende jaren enorm bezuinigen. Dat betekent dat er belangrijke keuzes gemaakt moeten worden. GroenLinks kiest voor meer werkgelegenheid, door in te spelen op maatschappelijke uitdagingen als de omschakeling naar duurzame energie. Voor het opknappen van bedrijfsterreinen, zodat groene gebieden onbebouwd kunnen blijven. Voor biologische landbouw, wat goed is voor de leefbaarheid en volksgezondheid. En voor goed openbaar vervoer. Zodat het over 50 jaar in Brabant ook nog lekker wonen, werken en ontspannen is in onze mooie provincie!

Ik heb in ieder geval heel veel zin om de komende jaren samen met Patricia Brunklaus en Theo Bouwman GroenLinks te vertegenwoordigen in het Brabantse provinciehuis. Jullie gaan veel van ons horen!

zondag, 13 maart 2011

Diederik ten Cate

Diederik ten Cate

Twitter DWARS

De Nederlandse Besluitvorming over de Goldstone-Resoluties

In politicologie, actie, agenda, algemeen, analyse, campagne, cda, christenunie, d66, en meer.

Na de aanval van Israël op de Gaza-strook in 2009 stelde de VN een fact finding mission in, onder leiding van de Zuid-Afrikaanse rechter Richard Goldstone, om boven tafel te halen wat er tijdens operation cast lead gebeurd was. Naar aanleiding van het rapport werd in het najaar van 2009 door de VN Mensenrechtenraad en vervolgens door de Algemene Vergadering VN een resolutie aangenomen die de belangrijkste conclusies van Goldstone overnam: eigen onderzoek door Israël en de Palestijnse naar de geconstateerde misdaden en mocht dat niet afdoende gebeuren doorverwijzing van de zaak naar het Internationaal Strafhof. Nederland stemde zowel in de Human Rights Council als in the General Assembly tegen de resolutie over het rapport van Goldstone. Hoe kan het dat een land dat nota bene in haar grondwet heeft staan dat het de internationale rechtsorde bevordert, zich hiertegen verzette? Een analyse van de Nederlandse besluitvorming omtrent de Goldstone-resoluties.

Het rapport Goldstone

Discussie over de commissie Goldstone begon al op het moment dat zij op 12 januari 2009 werd ingesteld door de VN-mensenrechtenraad. De resolutie die tot oprichting van de Fact Finding Missie leidde gaf enkel mandaat om mensenrechtenschendingen en schendingen van internationaal humanitair recht door Israël te onderzoeken en om die reden onthield Nederland zich bij deze resolutie van stem. Omdat de Nederlandse regering echter veel vertrouwen had in de persoon Goldstone, en deze aangaf het mandaat zelf breder te trekken en ook de Palestijnse misstappen te onderzoeken, oefende Nederland, tevergeefs, toch druk uit op de Israëlische regering om met de commissie Goldstone samen te werken.

De conclusies van de commissie Goldstone waren niet mals. Zowel Palestijnse groeperingen als Israël werden beschuldigd van oorlogsmisdaden en mogelijke misdaden tegen de menselijkheid. Maar voor Israël kwamen de beschuldigingen het hardst aan. Het land zou volgens de commissie met de Gaza-oorlog niet enkel Hamas willen uitschakelen, maar er was sprake van een bewuste strategie om disproportioneel geweld in te zetten gericht op de burgerbevolking van Gaza.

De commissie beveelt aan dat de VN Veiligheidsraad Israël en Hamas opdraagt om binnen een termijn van zes maanden eigen juridische onderzoeken in te stellen naar de beschuldigingen. Mochten de beschuldigingen niet door Israel en Hamas serieus onderzocht en vervolgd worden, dan beveelt de commissie aan dat de Veiligheidsraad deze zaak doorverwijst naar het Internationaal Strafhof (ICC).

Kamerbrief over Goldstone-Rapport

In de Kamerbrief die ministers Verhagen (Buitenlandse Zaken) en Koenders (Ontwikkelingssamenwerking) naar de Kamer stuurden ter voorbereiding op de VN Mensenrechtenraad waar het rapport besproken zou worden, werd enkel genoemd dat Nederland een groot belang [hecht] aan een correcte en evenwichtige behandeling van [dit] rapport door de Raad. Toen de kamer hier niet genoegen mee nam en vroeg om een inhoudelijk oordeel van de regering en een debat voorafgaand aan de VN Mensenrechtenraad liet minister Verhagen weten dat men extra tijd nodig had om het lijvige rapport grondig te bestuderen en bovendien wilde hij in de wandelgangen van de VN-vergaderingen in New York eerst indrukken opdoen bij regeringsleiders en ministers van andere regeringen.

De werkelijke reden van de vertraging lag echter in een conflict tussen minister Koenders en minister Verhagen over het rapport. Meteen na publicatie noemde Verhagen het ‘buitengewoon jammer’ dat voornamelijk Israël het in het rapport moet ontgelden. Dat leidde tot grote woede bij zijn collega-minister Koenders (ontwikkelingssamenwerking) die zich veel sceptischer opstelde en bovendien gepikeerd was over het gebrek aan overleg. Uit één van de wikileaks cables blijkt de ruzie zo hoog te zijn opgelopen dat Balkenende was genoodzaakt te bemiddelen.

Na dreigingen van Kamerleden om de Nederlandse delegatie in de Verenigde Naties bij gebrek aan overleg maar een spreekverbod op te leggen, of minister Verhagen vervroegd terug te halen uit New York kwam er op vrijdag 25 september eindelijk een brief, zodat de Tweede-Kamer op 29 september, de dag voor de Nederlandse inbreng in de Mensenrechtenraad, nog met de minister kon spreken over de inbreng van Nederland met betrekking tot het Goldstone rapport.

In de brief geeft de regering geen oordeel over de geconstateerde overtredingen, omdat over de gedragingen van betrokkenen meer een rechtelijk dan een politiek oordeel wenselijk is en de regering de vele bevindingen ‘nog kan bevestigen, nog kan weerleggen.’ Wel krijgt het rapport een veeg uit de pan: de minister vindt de beschuldigingen van een opzettelijke campagne, ‘zonder bewijs daarvoor,’ buitengewoon zorgelijk ‘vanwege de suggestiviteit.’

Wel onderschrijft de regering de stelling dat het van belang is dat beide partijen grondig onderzoek doen naar de beschuldigingen en ‘passende consequenties’ nemen. Daarbij haast de minister te vermelden dat Israël reeds een groot aantal van zulke strafrechtelijke onderzoeken uitvoert terwijl het bestuur van Gaza geen onafhankelijke en transparante juridische sector.

Daarnaast maakt de regering in de brief alvast een procedurele argumentatie die van invloed zal blijken voor de verdere opstelling van Nederland. Het rapport dient niet gepolitiseerd te worden en daarom enkel in de Mensenrechtenraad besproken te worden en niet in andere gremia van de VN, zoals het Goldstone rapport voorstelt. Dat zou volgens de minister pogingen het vredesproces op te starten ernstig frustreren. Dit oordeel wordt volgens de brief gedeeld door de andere EU-lidstaten en de VS. Toch kan niet worden uitgesloten dat de Mensenrechtenraad besluit tot doorverwijzing. In dat geval zal de regering met andere EU-lidstaten ‘bezien hoe daar op te reageren.’

Het Kamerdebat

In het Algemeen Overleg en de Plenaire afronding daarvan was er in de Tweede-Kamer eensgezindheid over de noodzaak dat de geconstateerde schendingen door de partijen zelf onderzocht moesten worden, al bestond er bij sommige partijen grote scepsis of dit ook door Hamas zou gebeuren. Wel was er grote verdeeldheid over de toon richting het rapport, Israël en de manier waarop eventuele schendingen van oorlogsrecht verder onderzocht moesten worden.

De linkse partijen SP, PvdA, GroenLinks en D66 waren allen van mening dat het rapport evenwichtig was, de overtredingen door Israël schokkend en zij wezen allen op de noodzaak dat het internationaal recht zijn loop krijgt, door uitdrukkelijk de optie van het internationaal strafhof open te houden.

Een rechtse Kamermeerderheid van CDA, VVD, ChristenUnie en PVV vond het rapport eenzijdig, meende dat Israël op basis van dit rapport niets aan te rekenen viel en gaf aan dat Israël al zelf strafrechtelijk onderzoek deed en dat, als er al een follow-up moest komen, dit vooral in de VN Mensenrechtenraad moest terug komen.

Minister Verhagen schaarde zich, duidelijker dan in zijn brief, bij de tweede groep. Hij stelde dat het rapport-Goldstone omdat Israël daar niet aan mee had willen werken noodzakelijkerwijs op onvolledige informatie was gebaseerd. Verhagen koos duidelijk de kant van Israël toe hij zij: “Hamas is een aggresor. Die veroordelen wij, maar Israël zullen wij bij die reactie uiteraard aanspreken op haar verplichtingen zich aan het humanitair oorlogsrecht te houden.” Daar voegde hij aan toe dat hij de bewering van Goldstone dat Israel een opzettelijke strategie volgde van aanvallen tegen burgerdoelen en collectieve straffen niet kon onderschrijven.

Ook was Verhagen het met rechts eens dat de strafrechtelijke onderzoeken die al in Israël liepen voldoende voorbeelden waren voor onderzoek van deze beschuldigingen. Het argument van onder meer Van Dam van coalitiepartij PvdA, dat juist bij een bewuste strategie van een land vervolging van individuele zaken onvoldoende was, legde hij hiermee naast zich neer. De suggestie van VVD-Kamerlid Nicolaï dat Israel op zijn minst een equivalent van een parlementaire enquête zou moeten instellen, antwoordde de minister dat Israel dit zou kunnen doen om bredere beschuldigingen te kunnen weerleggen.

Tot slot herhaalde Verhagen zijn belangrijke dat de discussie over dit rapport gaat over de mogelijke schendingen van het humanitair oorlogsrecht en de mensenrechten, en daarom in de Mensenrechtenraad thuis hoort. Het lijkt erop alsof de linkse partijen zich onvoldoende realiseerden wat het belang van deze stelling was. Door te breken met de aanbeveling van Goldstone om de Veiligheidsraad de voortgang van de Israëlische en Palestijnse onderzoeken te laten monitoren brak hij gelijktijdig met de aanbeveling om de zaak door te verwijzen naar het Internationaal Strafhof indien de Veiligheidsraad zou constateren dat één van beide partijen het onderzoek niet serieus zou oppakken.

Na het debat werden drie moties aangenomen. Eén motie Nicolaï cs. die het kabinet opriep te bevorderen dat beide partijen nader onderzoek doen naar zowel individuele strafrechtelijke zaken als naar strategische aspecten en daarover rapporteren aan de Mensenrechtenraad. Eén motie Van Dam die toevoegt dat indien één van de partijen hierin in gebreke blijft de mensenrechten vervolgstappen neemt en één motie Van Dam-Peters waarin het kabinet wordt gevraagd om druk uit te oefenen op Israël om de blokkade van Gaza op te heffen. De eerdere suggestie van Van Dam om dit te doen door een uitspraak van het Internationaal hof van Jusitie te bewerkstelligen wordt in deze motie niet expliciet genoemd.

Stemming VN-Mensenrechtenraad

Op de dag van het kamerdebat begon de discussie in de VN Mensenrechtenraad over het rapport Goldstone. De discussie mondde uit in een resolutie, voorgesteld door Pakistan, waarin het niet meewerken van Israël aan het rapport werd veroordeeld en de aanbevelingen van het rapport werden overgenomen met de oproep aan alle VN-lichamen om op de implementatie van de aanbevelingen te bevorderen. Daarnaast beval de Mensenrechtenraad de Algemene Vergadering van de VN aan het rapport op haar agenda te plaatsen.

Minister Verhagen gaf later in een brief naar de Kamer aan dat de resolutie voor de EU – en zeker voor Nederland – onacceptabel was vanwege haar eenzijdige aandacht voor het Israëlische optreden tijdens de operatie Cast Lead, de onvoorwaardelijke ondersteuning van alle aanbevelingen van de Golstone-commissie en het voorstel de bespreking van het rapport voor te leggen aan andere VN-organen. Maar even zag het er naar uit dat er helemaal niet over de resolutie gestemd hoefde te worden.

Na zware druk van de Verenigde Staten trok de Palestijnse Autoriteit haar steun voor de resolutie in. Hoewel zij geen formele stem heeft in de VN was dit voor de islamitische landen in de Mensenrechtenraad aanleiding om de resolutie door te schuiven naar de volgende vergadering van de Mensenrechtenraad in maart 2010. In de tussentijd kon gewerkt worden aan het vergaren van meer steun onder westerse landen.

De actie van de Palestijnse Autoriteit leidde tot grote protesten in Palestina en de rest van de islamitische wereld tegen President van de Palestijnse Autoriteit Mahmoud Abbas (Scharp, 2009). Als gevolg hiervan werdt de resolutie na een draai op 15 oktober alsnog in stemming gebracht in een speciale zitting van de Mensenrechtenraad. De resolutie was amper gewijzigd.

Resolutie S-12/1 werdt aangenomen met 25 stemmen voor, 6 stemmen tegen en 11 onthoudingen. Nederland stemde, evenals de VS en 4 andere Europese landen tegen de resolutie. Het beeld dat Verhagen naar de Kamer toe had geschetst, als zouden alle EU-landen op één lijn zitten klopte evenwel niet. België onthield zich van stem, en Groot-Brittannië en Frankrijk namen in het geheel niet deel aan de stemming. In antwoord op Kamervragen van Van Dam gaf Verhagen als redenen voor de Nederlandse tegenstem de onevenwichtigheid van de resolutie, het feit dat alle aanbevelingen over werden genomen en als belangrijkste het doorsturen naar andere VN-organen. Ook hier ontbrak een gedegen argumentatie waarom Nederland zich hier zo fel tegen verzette.

Stemming in Algemene Vergadering VN

Na de doorverwijzing van de Mensenrechtenraad naar de Algemene Vergadering van de VN werd het daar op 4 en 5 november besproken en werd resolutie 64/10 opgesteld. Deze resolutie was aanzienlijk evenwichtiger dan de resolutie in de mensenrechtenraad. De resolutie endorses het verslag van de speciale zitting van de Mensenrechtenraad, stuurt het rapport door naar de VN-veiligheidsraad en roept zowel Israel als de Palestijnse zijde om binnen drie maanden eigen onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de beschuldigingen van schendingen van mensenrechten en international humanitair recht.

Deze resolutie werd aangenomen met 114 stemmen voor, 18 tegen en 44 onthoudingen. Onder de voor stemmers bevonden zich 4 EU-lidstaten: Cyprus, Ierland, Portugal en Slovenië. Onder de 18 tegenstemmers bevonden zich 6 EU-leden, waaronder Nederland. De overige EU-leden onthielden zich van stemming. Ook Israël en de VS stemde tegen de resolutie. Na afloop van de stemming gaf de Nederlandse Permanente Vertegenwoordiger bij de VN, Herman Schaper, een stemverklaring af. Schaper gaf aan dat hij niet nu voor een resolutie kon stemmen die een andere resolutie endorses waar hij drie weken geleden tegen gestemd had. Nederland had moeite met het aanvaarden van de aanbevelingen Goldstone-rapport zonder restricties. Bovendien ging Schaper verder was Nederland van mening dat het Goldstone-rapport door de Mensenrechtenraad was geïnitieerd en dus ook door de Mensenrechtenraad alleen moest worden behandeld. Tot slot sprak Schaper steun uit voor delen van de resolutie die opriepen tot eigen onderzoek, maar hij sprak ook het algemeen gevoel uit dat de resolutie niet bevorderlijk was voor het Israëlisch-Palestijnse vredesproces

In een kamerbrief van 6 november onderschreef minister Verhagen deze lijn en gaf aan dat Nederland in de Algemene Vergadering actief een EU-consensus na heeft gestreefd en tot vlak voor de stemming er mogelijkheden leken te zijn om gezamenlijk met de EU te onthouden. Toen vlak voor stemming de Palestijnen (onder druk van de meer extreme landen in de Arabische groep) eerder gedane concessies weer introkken en terugkeerden naar het oorspronkelijke tekstvoorstel, waarin het Goldstone-rapport en alle daarin vervatte aanbevelingen onderschreven (endorse), was het voor verschillende lidstaten (waaronder Nederland) niet meer mogelijk om te kunnen onthouden, aldus de brief. Daarnaast waren andere pijnpunten voor Nederland de doorverwijzing naar de Veiligheidsraad en de eenzijdige weergave van het Gaza-conflict.

In het algemeen overleg dat de kamercommissie buitenlandse zaken op 12 november voerde was met name de opstelling van coalitiepartner PvdA opvallend. Van Dam erkende dat de resolutie in de Mensenrechtenraad niet evenwichtig was en daarom naar zijn inschatting een onthouding rechtvaardigde, maar hij stelde dat de resolutie in de Algemene Vergadering eigenlijk precies dat weergaf wat de Kamer wilde: een resolutie, waarin beide partijen op gelijke wijze werden beoordeeld en opgeroepen eigen onderzoek te doen. Een stem tegen de resolutie was volgens hem niet uit te leggen. Maar, gesteund door ChristenUnie, SGP, PVV, VVD en het CDA legde Verhagen nogmaals uit dat het rapport Goldstone en de discussie die daaruit voortvloeit eenzijdige kritiek op Israel met zich mee brengt en dat is volgens hem niet bevordelijk voor het vredesproces.

Opvallend is verder dat Verhagen in het AO heel duidelijk stelt dat als de gehele EU zich had onthouden van stemming hij dat ook gedaan zou hebben en dan gewoon dezelfde stemverklaring had kunnen. “Een aantal landen was niet bereid om tot onthouding over te gaan. Die zeiden: wij willen hoe dan ook voorstemmen. Ik heb toen gezegd: als dat gebeurt, ga ik tegenstemmen. Dan ga ik me niet meer onthouden van stemmen, dan is het gewoon klaar. Als het blijkbaar zo is dat individuele lidstaten hun eigen opvatting laten horen, dan geef ik de mijne ook.”

In het AO blijkt het probleem van Verhagen met name te liggen bij het feit dat in de AV-resolutie en onevenwichtige MRR-resolutie wordt endorsed. Een concreet voorstel om dat te veranderen in neemt kennis van werd door de indieners geblokkeerd. Volgens Van Dam is het gebruikelijk in de AV om als je het met slechts één woordje niet eens bent niet meteen tegen te stemmen, maar je te onthouden. Nu beland Nederland volgens Van Dam in een kamp van landen die het internationaal recht geen warm hard toedragen. Verhagen reageert door te stellen dat hij, in tegenstelling tot de PvdA, wel degelijk tot het kamp van de VS behoort.

Conclusie

Al met al gebruikt Nederland 2 hoofdargumenten om haar nee-stem te rechtvaardigen. Het rapport en de resoluties waren onevenwichtig en de zaak zou niet buiten de VN-Mensenrechtenraad behandeld mogen worden.

Zowel het Goldstone rapport zelf, als de twee resoluties zijn door Verhagen onevenwichtig genoemd, waarbij Israël als boosdoener wordt afgeschilderd. Maar juist omdat alle informatie politiek gekleurd en onevenwichtig was, is er een onafhankelijke fact finding mission gestart. Dat Verhagen deze afdoet als eenzijdig is daarom op zijn minst opmerkelijk. Ook de resolutie in de Algemene Vergadering spreekt expliciet zowel Israël als ”the Palestianian side” aan. En zelfs in de resolutie in de mensenrechtenraad staan geen zaken waar Nederland echt bezwaren tegen zou kunnen hebben: Israël wordt veroordeeld voor het niet mee willen werken aan de fact finding mission en er worden zorgen uitgesproken over het niet implementeren van eerdere uitspraken van de VN-Mensenrechtenraad, maar dat zijn geen stellingen die Nederland onmogelijk zou kunnen onderschrijven.

De tweede argumentatielijn van Verhagen is nog onduidelijker. Het VN-systeem werkt zo dat de Mensenrechtenraad zaken door kan verwijzen naar de Algemene Vergadering en dat deze vervolgens zaken weer op de agenda van de Veiligheidsraad kan plaatsen. Het argument ‘het is in de Mensenrechtenraad gestart dus moet ook daar worden afgerond’ lijkt daarom ook niet bijzonder sterk.

Als de EU één lijn had getrokken had Nederland zich aan een onthouding geconformeerd zei Verhagen. Zowel PvdA-minister Koenders als PvdA-Kamerlid Van Dam hebben met de CDA-minister overhoop gelegen over de Nederlandse inzet op het Goldstone-dossier. Terug kijkend lijkt het erop dat Verhagen echter zijn zin heeft kunnen doorzetten en dat met name de Israël-liefde van de Minister van Buitenlandse Zaken de Nederlandse nee-stem betreffende de Goldstone-resoluties kan verklaren.


Margreet de Boer

Margreet de Boer

Hyves Linkedin Twitter

in afwachting van

In groenlinks, eerste kamer, campagne, eerste, fractie, idee, provinciale staten, raad, verkiezingen, en meer.
De verkiezingen voor de Provinciale Staten zijn inmiddels ruim een week geleden, en alle hectiek eromheen begint wat te zakken. Dat het niet alleen om provinciale verkiezingen ging, maar ook om die voor de Eerste Kamer gold voor mij wel heel in het bijzonder: als nummer 5 op de Eerste Kamer lijst had (en heb) ik verreweg de spannendste plek. Bij de uitslagenavond in Den Haag werd er flink met me meegeleefd. Gelukkig zag het er daar eigenlijk steeds goed uit: GroenLinks leek stabiel op 5 zetels in de Eerste Kamer uit te komen. Zo stabiel dat ik ook als toekomstig Eerste Kamerlid op het podium mocht komen. Vlak voordat we weer vertrokken naar Amsterdam sloeg de stemming echter plotseling om: vier zetels. De terugweg vond derhalve in een wat terneergeslagen stemming plaats; hoewel ik al wel iets had van 'we zien het wel'. Toen ik ging slapen was het nog steeds vier zetels; toen ik de volgende ochtend wakker werd waren het er weer vijf. Wel de laatste restzetel, wat het met al het gespeculeer over strategische stemmen en bijzondere allianties naar mijn idee toch nog onzeker maakte, hoewel de verschillende berichten en analyses nooit expliciet vermeldden dat een en ander ten koste zou gaan van een GroenLinks zetel.
Optimistisch als ik ben ben ik er toch maar steeds van uit gegaan dat het goed zou komen. De fractie in Amsterdam-West getrakteerd op taart, dat soort werk. Maar eigenlijk heb ik er pas sinds dinsdag echt vertrouwen in: met een extra Statenzetel in Gelderland hebben we niet meer de laatste restzetel maar de derde, en volgens wat rekenaars waar ik wel vertrouwen in heb kan er niets misgaan wanneer alle GroenLinks Statenleden netjes op GroenLinks stemmen. Nu is dat vorige keer fout gegaan, waarmee de kans dat dat nu weer gebeurt aanzienlijk minder is geworden (een gewaarschuwd mens en zo).
Ik heb er nu dus alle vertrouwen in dat ik echt Eerste Kamerlid ga worden in juni.
En met dit vertrouwen kwam ook de rust om weer echt tijd te steken in andere dingen dan de campagne en de verkiezingen: werk, raad, gezin.
En het afkicken van wel zeer overmatig getwitter en geblog in mijn en de campagne.
Zekerheid is er natuurlijk nog niet.
Ik blijf in afwachting van de definitieve uitslag.

woensdag, 9 maart 2011

Willem de Gelder

Willem de Gelder

De salonfähigkeit van de Partij voor de Dieren

Op 23 mei stemmen alle gekozen leden van de Provinciale Staten voor de Eerste Kamer. De Partij voor de Dieren heeft genoeg provinciale zetels gehaald voor een zetel in de Eerste Kamer, maar houdt nog stemmen over. Deze reststemmen kan zij schenken aan een andere partij. Omdat één zetel het verschil kan maken tussen het wel of niet behalen van een meerderheid voor de samenwerking tussen kabinet-Rutte en de SGP, kan dit cruciaal zijn. Aan welke partij zal de partij haar reststemmen gunnen?

GroenLinks lijkt de meest voor de hand liggende keuze. Net als de Partij voor de Dieren heeft deze partij duurzaamheid hoog op haar agenda staan en worden de partijen vaak gezien als ‘zusterpartijen’. Tijdens de recente campagne voor de Provinciale Statenverkiezingen viel dit ook op door de gezamenlijke strijd die de partijen voerde tegen megastallen, wat in sommige provincies een van de belangrijkere verkiezingsthema’s was. Daarnaast hadden de partijen bij de vorige Eerste Kamerverkiezingen, in 2007, een lijstverbinding, om te profiteren van elkaars reststemmen.

Desalniettemin was vanochtend te lezen dat de Statenleden van de Partij voor de Dieren op 23 mei sowieso niet op GroenLinks zullen gaan stemmen. Niko Koffeman, het enige Eerste Kamerlid dat de PvdD op dit moment heeft, zei dit vanochtend in de Volkskrant (1). “Daar doen ze hun best om ons overbodig te verklaren”, sprak de senator over haar (voormalige) zusterpartij. Als opties noemt Koffeman D66 of de SP.

Het feit dat de Partij voor de Dieren de SP verkiest boven GroenLinks, is te begrijpen. De SP hangt tussen 7 en 8 zetels in, en een stem van de PvdD kan de achtste zetel van de SP veilig stellen, terwijl GroenLinks meer stemmen dan nodig heeft voor een extra zetel. De reden om GroenLinks uit te sluiten, het feit dat deze partij haar best zou doen de PvdD overbodig te maken, vind ik echter zeer opmerkelijk.

In mei 2010 was ik aanwezig bij een lezing van Marianne Thieme, de grote dame achter de Partij voor de Dieren. Hoewel deze lezing zeer interessant was, zal ik er verder niet over uitweiden, maar wil ik inzoomen op een vraag die gesteld werd. Het was een paar weken voor de Tweede Kamerverkiezingen en een aanwezige vroeg zich af hoeveel zetels Thieme zou willen behalen in die verkiezing. Het antwoord luidde dat de Partij voor de Dieren vier zetels een ideaal aantal zou vinden. Men hoefde er niet meer, omdat men geen machtspartij was, maar een ‘getuigenispartij’. Ze stelde zichzelf niet ten doel om in de regering te komen, maar om haar belangrijkste issues (dierenwelzijn en duurzaamheid) op de politieke agenda te krijgen, en andere partijen te inspireren om zich hier ook mee bezig te houden.

De uitspraak van dhr. Koffeman is in het licht van dit getuigenis van zijn partijgenoot mevrouw Thieme erg opmerkelijk. De PvdD stelt zichzelf ten doel andere partijen te inspireren over haar issues na te denken, maar besluit vervolgens een partij die dit ook daadwerkelijk doet uit te sluiten als mogelijke partner, omdat ze hun best doen om “ons overbodig te verklaren”.

Overbodig zijn, is dit niet juist het ultieme doel van de Partij voor de Dieren? Als men haar doel heeft bereikt? Dierenwelzijn en duurzaamheid hoog op de agenda’s en in verkiezingsprogramma’s? Blijkbaar niet: de partij die het hardst haar best doet om dit te bereiken, maakt geen kans op de reststemmen. Zou de partij zichzelf nog steeds een ‘getuigenispartij’ noemen, of zouden de mooie zetels in de Eerste- en Tweede Kamer zelfs deze partij salonfähig hebben gemaakt?

(1) http://www.volkskrant.nl/vk/nl/5066/VK-dossier-Statenverkiezingen/article/detail/1857317/2011/03/09/Kans-op-meerderheid-coalitie-in-Eerste-Kamer-lijkt-nihil.dhtml


zondag, 6 maart 2011

Klaas Woltinge

Klaas Woltinge

Hyves Twitter Youtube

Een kijkje in de Agenda van Klaas Woltinge

In agenda, belangrijk, bezig, bezuinigen, campagne, critici, cv, delen, durven, en meer.
Periodiek krijg ik naar mijn hoofd moetwillig of onbewust teksten in woord en spraak naar mijn hoofd geslingerd dat WAJONGERS werkloos thuis zitten en in fora’s gaat het zelfs een stapje verder.. Dan heeft men het over domme profiteurs die op onze belastingcenten loopt te profiteren. Dit jaar ziet het er naar uit dat er fors bezuinigd zal gaan worden op de WAJONG en WSW indicaties, daarnaast ook op onderwijs waar ik het al helemaal niet mee eens ben.

Bezwaren: Niemand heeft er voor gekozen om WAJONGER te worden of in duidelijker Nederlands verwoord arbeidsgehandicapt te zijn! Zelf ben ik een WAJONGER waarvoor het geld niet is om deze bij te scholen of aan het werk te helpen. Daarnaast moet er natuurlijk ook werk zijn wat een arbeidsgehandicapte aan zou kunnen. Dat bereik je volgens mij niet door te bezuinigen op de basis, zoals het er naar uit ziet zal er nog forser bezuinigd worden op een voorbeeld situatie als mijzelf. Dat is eigelijk toch heel dom denken en niet na durven denken over de Toekomst? Bezuinigen op scholing of trajecten waarmee je aan het werk zou kunnen komen houd concreet in dat je de WAJONG uitkering nooit meer uit komt.
Door het weg halen van een goede basis bezuinig je inderdaad een beetje op korte termijn, schuif je de gevolgen daarvan door naar de toekomst.

Vrede: ik heb er intussen vrede mee dat ik een zogenaamde werkloze ben, termen als nutteloos, profiteur en luilak bestrijd in iedere toon! Doe nog steeds mijn best d.m.v. MLM systemen een kleine aanvulling bij te verdienen wat zeker geen vast en betrouwbaar extra inkomen oplevert aan mijn adres, wel zet ik mij politiek en vrijwillig steeds harder in om mee te praten over wat anders en beter zou kunnen.

Bezigheden:
Netwerk GroenLinks Chronisch Zieken en Gehandicapten zet ik mij niet voor de sier voor in, het zelfde geld voor het CNV(J) WAJONG werkt en RozeLinks. Om eerlijk te wezen dreig ik nu ook iets te willen gaan doen met GroenLinks Kleurrijk.
Doe ik nog niet, daarmee zou ik wel heel veel hooi op mijn vork nemen en qua reis kosten zou het ook vrij duur worden die veelal wel achteraf te declareren zijn.
Buiten het politieke en vakbond’s werk om maak ik mijzelf ook graag nuttig, werk bij stichting de Zonnebloem Hoogeveen om ouderen 9x per jaar een leuke dag te bieden, vergaderingen die er achteraf bij horen vinden ook ongeveer 9x per jaar plaats en met een beetje geluk kan en mag ik ook mee doen aan huis bezoeken aan de oudere die misschien vereenzaamd. Voor mezelf staat het leuk op mijn CV, maar het geeft ook zeker aan dat ik maatschappelijk betrokken ben. Dit vergeten veel mensen te vaak helaas!

Reden voor mij om jullie even mee te laten gluren in mijn agenda van gemaakte afspraken buiten Hoogeveen of extra afspraken.

11 Maart ga ik vanuit het CNV(J) een nieuwe (toekomstige) werkgever ambassadeur bezoeken, dien wel met een gelikt verhaal aan te komen natuurlijk waarom dat zo belangrijk is!

12 Maart een vergadering met RozeLinks te Utrecht over hoe zetten wijzelf ons goed op de kaart en diverse overige punten die ter tafel komen of ik nu intern hou.

13 Maart: Verjaardag Klaas, mijn verjaardag van 1 Maart j.l. sloeg ik maar even over, had het te druk met campagne voeren voor GroenLinks, netwerk borrels en diverse verbouwingen die in mijn woning plaats vonden en plaats zullen gaan vinden.

17 Maart: Lezing Haagse school stage lopen of LAP, het moment voor mij om interesse te tonen en ook flink te gaan netwerken vanuit mijn eigen en GroenLinks gedachtegang!

24 Maart: Meet&Greet middag in Amsterdam! (die kans laat ik zeker niet lopen!)

CNV Jongeren en FNV Jong zijn vorig jaar het project “CAO Wajong-proof” gestart om ervoor te zorgen dat werkgevers en vakbonden meer en betere afspraken maken over Wajongers. Zelf heb ik namelijk ook belang bij deze afspraken, ze vergroten namelijk mijn kans op werk en het behoud hiervan! Jaarlijks worden er honderden CAO’s afgesloten. Om WAJONGERS aan het werk te helpen, is het niet alleen van belang dat het aantal WAJONG-afspraken stijgt. Ook het soort afspraken, de kwaliteit én haalbaarheid van deze afspraken zijn belangrijk.

Er is onderzoek gedaan bij verschillende CAO-onderhandelaars. De uitkomst zijn praktische adviezen & tips voor CAO onderhandelaars om nog betere én haalbare WAJONG afspraken te maken! Zelf wil ik ook wel een onderhandelaar ontmoeten, Ben nieuwsgierig naar wat een CAO-onderhandelaar in de sector waar ik werk of wil werken kan betekenen? wil daarnaast graag mijn stem uitbrengen op de beste CAO-WAJONG afspraak, mijn netwerk uitbreiden vind ik ook zeer belangrijk. Vanuit het netwerk GroenLinks Chronisch Zieken en Gehandicapten zijn mijn kerntaken seksualiteit en diversiteit en de WAJONG regeling. Op het gebied van de WAJONG regeling kan het nooit geen kwaad om een actueel contact personen lijstje te hebben waarbij je terecht kunt met je eigen en GroenLinks visie om ideeën te delen of informatie op te vragen indien nodig.

Durven critici die te snel hen vooroordelen klaar hebben over WAJONGERS nu ook over hen stellingen na te denken, durft politiek Nederland het aan om over mijn opsomming van punten na te denken???

o.a. GroenLinks houd zich hier wel mee bezig, nu het kabinet nog en de eerste kamer leden!

donderdag, 3 maart 2011

Paul Smeulders

Paul Smeulders

Hyves Twitter Youtube PS

Trots en tevreden: 3 Statenzetels!

Na maanden keihard campagnevoeren was het gisteren zover. Brabant ging naar de stembus om 55 nieuwe Provinciale Statenleden te kiezen. ’s Nachts bleek dat al onze inspanningen zijn beloond. We gaan van 2 van 3 Statenzetels! Mede door de hoge opkomst verdubbelt ons stemmenaantal zelfs bijna! Gisteren stemden 56.113 Brabanders op GroenLinks (5,9%), tegenover 31.611 stemmen in 2007 (4,1%). De exitpoll van de UvT leert ons dat een groot percentage van de Brabanders die voor GroenLinks koos, vier jaar geleden niet naar de stembus ging. Ik ben er trots op dat het ons met een vernieuwende campagne is gelukt om ‘nieuwe kiezers’ te mobiliseren.

De exitpoll van de UvT deelde ons eerst zelfs 4 zetels toe, maar dat bleek iets te positief. Niettemin zijn 3 zetels een prachtig resultaat, zeker wanneer je de landelijke prestaties bekijkt. Als GroenLinks Brabant boeken we met +1,8% de grootste winst van alle provincies! Onze goede prestatie is ook in andere statistieken terug te zien. Van de 10 gemeenten waar GroenLinks de grootste winst boekt, liggen er maar liefst 9 in Brabant! Oké, Terschelling doet het met +4,16% het beste (waarom eigenlijk?), maar wordt gevolgd door Laarbeek (+3,59%), Boxtel (+2,95%), Eersel (+2,90%), Son en Breugel (+2,71%), Vught (+2,58%), Goirle (+2,56%), Den Bosch (+2,56%), Geertruidenberg (+2,55%) en Haaren (+2,52%). Voor mij is dit hét bewijs dat een goede campagne wel degelijk effect heeft!

In de zomer van 2010 begon ik in mijn eentje aan de campagnevoorbereidingen. In de eerste versie van het campagneplan stond: "Wat voorop staat is dat we de beste campagne van Brabant gaan voeren: een campagne waar iedereen van onder de indruk is!" De dag na de verkiezingen mogen we vol trots vaststellen dat dit gelukt is!

Om in aanloop naar 2 maart veel Brabanders (met name jongeren) te bereiken, had GroenLinks Brabant een primeur: de eerste 3D-campagne in de geschiedenis. Door een 3D-bril met een rood en een groen glaasje is het mogelijk diepte zien in de flyers, posters en zelfs het verkiezingsfilmpje. Hierin bouwen de kandidaten een decor met Brabantse elementen. Varkens hebben de ruimte, bussen zorgen voor goed openbaar vervoer en zonnepanelen leveren duurzame energie. Brabanders konden tijdens de tour van een speciale GroenLinks-caravan langs Brabantse gemeenten in hetzelfde decor een 3D-foto van zichzelf laten maken. We zetten sowieso stevig in op Social Media. Via VraaghetPaul.nl is het mogelijk om mij rechtstreeks vragen te stellen, die ik dan direct beantwoord. En we lanceerden als eerste lokale of provinciale politieke partij een eigen iPhone en Android App. Niet alleen de kiezers waarderen onze inspanningen. GroenLinksBrabant.nl werd bekroond als Beste Provinciale Partijwebsite en onze campagne wordt door Jack de Vries en Kay van de Linde geroemd!

In het behalen van dit resultaat was ik het uithangbord van een geolied campagneteam. Het was mogelijk om zo’n vernieuwende campagne te voeren, doordat ons campagneteam bestaat uit enthousiaste en uiterst professionele vakmensen. Uiteraard komen er nog momenten waarop ik iedereen uitgebreid ga bedanken voor zijn/ haar inzet tijdens de campagne, maar laat ik nu alvast zeggen dat ik heb genoten van jullie drive, kennis en betrokkenheid! De grootste dank ben ik verschuldigd aan onze campagnecoördinator Truuske Smits. Door haar aanwezigheid liep onze campagne gesmeerd en heb ik me geen moment druk hoeven te maken. Een ongekende luxe in een hectische tijd als een verkiezingscampagne!

Ik bewonder de vastberadenheid van al onze  campagnevrijwilligers, die er vaak in de kou op uit trokken om posters te plakken en om te flyeren. Het is hartverwarmend om ontzettend veel positieve reacties van Brabantse GroenLinks afdelingen te ontvangen over onze campagne. Het is nu aan ons om deze banden de komende 4 jaar warm te houden en te versterken.

Tot slot wil ik iedereen ontzettend bedanken voor de mooie reacties op onze verkiezingsuitslag! Uit het hele land stromen al de hele dag de gelukwensen en complimenten binnen. Nu ik alle feiten op een rij heb gezet, kan ik die reacties steeds beter plaatsen. GroenLinks gaat in heel Nederland van 6,1% van de stemmen in 2007, naar 6,3% nu. Zonder de geweldige uitslag in Brabant was GroenLinks waarschijnlijk op verlies uitgekomen. Het wordt echter nog mooier. Mede door onze zetelwinst (en hopelijk ook die in Limburg), maakt GroenLinks nog goede kans op een 5e zetel in de Eerste Kamer (momenteel hebben we 4 senatoren). Het vereiste daarvoor? Dat een D66 Statenlid op GroenLinks stemt! Dat mag toch geen probleem zijn? Als je als D66’er kunt kiezen tussen een extra Eerste Kamerzetel voor de PVV of eentje voor GroenLinks, dan weet je het toch wel? Bovendien pakt D66 door een aantal lijstverbindingen met GroenLinks (waaronder in Brabant) enkele restzetels in Provinciale Staten. Voor wat hoort wat!

Samen met Patricia Brunklaus en Theo Bouwman ga ik in ieder geval 4 jaar knallen in Provinciale Staten. Dat zijn we verplicht aan 56.113 Brabanders!

GroenLinks bedankt de kiezers!

In provinciaal, verkiezingen, campagne, debat, gemeente, groenlinks, inzet, kandidatenlijst, openbaar vervoer, en meer.

Tijdens de verkiezingen van woensdag j.l. is GroenLinks zowel in de afdeling Noordoost-Overijssel als over de hele provincie gezien in stemmental gestegen. Het lijkt er op dat forse inzet van de kaderleden en de Staten-kandidaten zijn nut heeft gehad.

In de gemeente Hardenberg, waar GroenLinks met twee zetels is vertegenwoordigd, is GroenLinks gestegen van 4,3 % naar 7,2 % van de stemmen. bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2010 was dat percentage slechts 3,3 %. Kees Slingerland, fractievoorzitter te Hardenberg daarover: ‘hartstikke mooi dat onze positieve en constructieve inbreng toch op deze wijze wordt gewaardeerd door de kiezers.’ In de gemeente Ommen, wat ook tot de afdeling Noordoost Overijssel behoort, maar waar GroenLinks niet in de raad is vertegenwoordigd is het beeld gelijk. Daar waren in 2007 honderdtwintig (1 %) stemmen voor GroenLinks, maar nu meer dan het dubbele, namelijk 274 (3,1 %).

Kopstukken
In de afgelopen campagneperiode is de complete Top-drie van de kandidatenlijst in de gemeente Hardenberg geweest, hetgeen mogelijk één van de oorzaken is van het positieve beeld. Edy Prick, nummer drie van de kandidatenlijst en afkomstig uit Kampen, was aanwezig bij het ophangen van het naambordje ‘Henk Blekerweg’ in het Reestdal. Robert Jansen, uit Deventer en deelnemer aan het debat wat in het LOC is gehouden, die nu in de Staten komt. En ‘last but not least’ Daphne Dertien uit Enschede, lijsttrekker en inmiddels goed bekend met Hardenberg, waar ze nog meedeed met de vloeiveldenexcursie in de Krim en het daarop volgende debat in de Koppel. Zij zal waarschijnlijk fractievoorzitter van GroenLinks in de Staten worden en Mimi van Olphen neemt na twee periodes in de Staten nu dan afscheid.

Fruit en flyers
Een mogelijke tweede oorzaak van het succes van GroenLinks moet worden gezocht in het ‘straatwerk’. De afgelopen tijd zijn de Groenlinks-kaderleden niet alleen druk geweest met het flyeren in de brievenbussen, maar zij hebben daar ook ‘fruitwerk’ aan verbonden. Zo zijn er tijdens de Valentijnsdag niet alleen flyers uitgedeeld, maar de bus- en treinpassagiers kregen ook een appel. Tijdens de laatste 100 uur van de campagne zijn er aan de reizigers met het Openbaar Vervoer ongeveer 10 kilo mandarijnen uitgedeeld. Sonja Rasenberg, raadslid te Hardenberg meldt tenslotte dat ‘GroenLinks tijdens een campagne nog nooit zoveel brievenbussen heeft gevuld met campagnemateriaal als tijdens deze campagne’.

 

Johanna Welfing

Johanna Welfing

Hyves Twitter PS

Winst voor GrienLinks, aantal zetels blijft gelijk

In groenlinks, grienlinks, openbaar vervoer, provinciale staten, campagne, friesland, gemeente, gemeenten, geweldige, en meer.
GrienLinks heeft bij de verkiezingen voor de provinciale staten in alle gemeenten in Friesland gewonnen. De winst schommelde tussen de 1 en 2,5%> Provinciaal klom GrienLinks met 1,5%. Jammer genoeg vertaalde deze procentuele winst zich niet in zetelwinst. Irona Groeneveld en Retze van der Honing zullen de komende vier jaar opnieuw plaats nemen in de statenbankjes. Helaas viel onze geweldige nummer drie Johanna Welfing net buiten de boot. Maar Johanna blijft actief in de commissie en zal het dossier openbaar vervoer blijven doen. Kiezers en leden, allemaal Bedankt! Alle kiezers en leden willen we hartelijk danken voor de steun aan onze partij. Voora het campagne team was onovertreffelijk. Alle afdelingen van GrienLinks hebben hun onmisbare steentje bijgedragen. En we hebben het niet voor niets gedaan. In elke gemeente hebben we meer stemmen gehaald. De komende vier jaar zal dankzij jullie het geluid van GrienLinks opnieuw stevig klinken in de Statenzaal. Maar ook daarbuiten zullen we van ons laten horen. Bedankt allemaal!

woensdag, 2 maart 2011

Paul Smeulders

Paul Smeulders

Hyves Twitter Youtube PS

Verkiezingsdag!

In politiek, samenleving, social media, statenverkiezingen, stembureau, tilburg, toekomst, trots, werken, en meer.

2 maart 2011. Het is zover. Om 8.00 uur heb ik samen met de andere Helmondse lijsttrekkers Ruud van Heugten (CDA) en Annegien Wijnands (PvdA) mijn stem uitgebracht. Door samen te gaan benadrukken we het belang van de Statenverkiezingen voor Brabant. Doordat er de nodige Brabantse media op het stembureau aanwezig was, konden we van de gelegenheid gebruik maken om Brabanders op te roepen om vooral ook te gaan stemmen. Uiteraard hoop ik van harte dat veel Brabanders voor GroenLinks kiezen!

GroenLinks staat voor een ontspannen samenleving. Natuur krijgt van ons de ruimte, zodat iedereen er fijn kan recreëren en een balans kan vinden met de dagelijkse drukte. Ontspannen Brabant betekent voor GroenLinks ook lekker en gezond eten. We kiezen voor biologische landbouw en producten uit de streek. In plaats van megastallen die slecht zijn voor de dieren, slecht voor onze volksgezondheid en slecht voor de leefbaarheid in onze dorpen. We investeren in beter openbaar vervoer en we stimuleren ondernemerschap. Als het aan ons ligt komt er veel werkgelegenheid in Brabant, doordat we inspelen op maatschappelijke uitdagingen als duurzame energie en innovatie. Samen zorgen we ervoor dat we ook in de toekomst – niemand uitgezonderd - ontspannen kunnen werken, eten en recreëren in ons mooie Brabant.

De afgelopen weken heeft GroenLinks Brabant keihard campagne gevoerd. Op straat met onze 3D Tour, maar natuurlijk ook op internet. Het is dan ook een prachtige beloning dat we gisteren tijdens ons zeer geslaagde Social Media Event in Tilburg de trofee voor Beste Provinciale Partijwebsite kregen uitgereikt. Bovendien noemt de vakjury van de BKB Campagne Award 2011 (bestaande uit campagne experts met verschillende partijpolitieke achtergronden: Jack de Vries, Jan Driessen, Hans Anker, Kay van de Linde en Erik van Bruggen) onze verkiezingscampagne opmerkelijk geavanceerd, waar diverse landelijke campagnestaven nog wat van kunnen leren. Het spreekt voor zich dat ik na zo’n geweldige campagne ongelofelijk trots ben op ons fantastische campagneteam. Wat een energie komt er vanuit die club! Samen hebben we campagnemethoden ontwikkeld die nog nooit eerder vertoond zijn. Zeker niet op provinciaal niveau!

Nu hopen dat al onze inzet voor een ontspannen Brabant resulteert in een mooie uitslag. Vanavond tijdens de uitslagenavond op het provinciehuis weten we het. Ben je er nog niet uit over wat je moet stemmen? Vraag het Paul! Of stuur me gewoon een mail, krabbel of Tweet

Vincent Koerse

Vincent Koerse

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Blog: Campagnefilmpjes in de media

In campagne, filmpjes, media, vincent logt, waterland logt, provincie, video, telefoon, mobiele telefoon.
In de aanloop naar deze verkiezingsdag, ben ik gewapend met mijn mobiele telefoon de provincie door getrokken, verslag leggend van de gebeurtenissen en shots makend voor mijn self-made hand-held video bonanza! Verschillende media is dit niet ontgaan.

lees verder

dinsdag, 1 maart 2011

Vincent Koerse

Vincent Koerse

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Blog: Bereid om tegen de wind in te fietsen

In bakfiets, broek in waterland, campagne, edam, ilpendam, midden-beemster, monnickendam, oosthuizen, vincent logt, en meer.
In deze campagne ben ik menigmaal op onze GroenLinks campagnebakfiets gestapt om de markten in de omgeving te bezoeken. Een fiets die niet gebouwd is om kilometers op te maken in het landelijk gebied, maar om in Amsterdam op straat het Parool te verkopen. Een ding is zeker, het is niet onopgemerkt gebleven!

lees verder

maandag, 28 februari 2011

Astrid Kuiper

Astrid Kuiper

Hyves Twitter

GroenLinks in Amsterdam op de scooter

In campagne, gewoon, leuk, politiek, sap, stad, stemmen, toekomst, boze, en meer.


Het was de regen die op ieder GroenLinkser neer viel, maar er bleef gewoon campagne gevoerd worden.
Een karavaan trok door de stad met Jolande Sap en Maarten van Poelgeest voor op. Altijd leuk campagne zoveel goede reacties, en soms een boze bewoner die de gehele politiek maar niet vind “zakken vullers” Ja daar lukt het dan ook niet vaak een gewoon gesprek te voeren
Nog een paar dagen te gaan voor het echte stemmen. U gaat toch ook!!!!


Kies voor de toekomst kies GroenLinks

www.astridkuiper.nl

Vincent Koerse

Vincent Koerse

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Blog: Verkiezingsdebatten

In vincent logt, waterland logt, campagne, eerste, debatten.
In deze campagne viel mij de eer te beurt om deel te mogen nemen aan mijn eerste verkiezingsdebatten. Wat volgt is een korte beschrijving van mijn belevenissen in deze debatten.

lees verder

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 8127 uur (338,6 dagen). Berichtgemiddelde: 0,1 bericht per dag, 0,6 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3