vrijdag, 3 februari 2012

John Jorna

John Jorna

De Toekomst van GroenLinks

In column van de week, afghanistan, arbeid, agenten, cda, coalitie, d66, de volkskrant, eu, en meer.

TEGENPARTIJ OF GEDOOGPARTIJ OF
REGERINGSPARTIJ?

GroenLinks is een partij, die altijd een sterke maatschappelijke verantwoordelijkheid ten toon spreidt. Als we iets een goed idee vinden, stemmen we voor, zelfs als het afkomstig is van een partij, waarvan we de ideeën vaak verafschuwen. Als de huidige regering onze steun vraagt, dan bekijken we of we het ermee eens zijn, onderhandelen eventueel en proberen er iets uit te slepen, dat zoveel mogelijk overeenkomt met ons programma. Zo laten we vaak een kans voorbij gaan om deze regering ten val te brengen. Zonder onze steun zou er geen meerderheid voor de plannen zijn. Het gaat soms om zeer onpopulaire maatregelen, zoals de verhoging van de pensioenleeftijd of de politietrainingsmissie in Kunduz of kostbare maatregelen om de Euro overeind te houden. Van gedoogpartner PVV hoeft de regering bij deze onderwerpen geen steun te verwachten. Spottend spreekt de PVV dan van GroenLinks en D66 als gedoogpartijen. Naar partijen als D66, Partij van de Arbeid, CDA en VVD zendt GroenLinks een signaal uit van kijk naar ons. Wij zijn bereid om regeringsverantwoordelijkheid te dragen. Men beweert, dat het ook maar weinig gescheeld heeft of er was een andere coalitie gevormd en GroenLinks had daarvan deel uit gemaakt. Allerlei hervormingen zouden dan veel gemakkelijker zijn geweest. Op lokaal niveau laat GroenLinks maar al te vaak zien bereid te zijn tot compromissen en onpopulaire maatregelen. Kiezers belonen de partij voor de getoonde daadkracht. Maar op landelijk niveau heeft GroenLinks de naam van eeuwige oppositiepartij en is daardoor minder aantrekkelijk voor kiezers. Een stem op GroenLinks haalt toch niets uit. Die houding van de kiezers moeten we zien te doorbreken.

Binnen de partij wordt die houding maar al te vaak niet in dank aanvaard. Als je de kans krijgt deze uiterst rechtse regering ten val te brengen, dan grijp je die kans toch met twee handen! Als je de pensioenpremies niet nog hoger wilt laten worden en toch de pensioenen over veertig jaar veilig wilt stellen, dan is dat voor veel jongeren een prima zaak, maar de vijftigplussers, die de jaren beginnen te voelen, zijn er minder blij mee. Jonge partijleden hebben ook veel minder moeite met versoepeling van het ontslagrecht dan de vijftigplussers. Die weten, dat  voor hen de kans op een nieuwe baan zeer klein is. Het idee van GroenLinks, dat men een baan van de gemeente krijgt tegen het minimumloon ziet er weinig aantrekkelijk uit. Wat voor een baan? Maar GroenLinks is ook een partij, waar solidariteit tussen jong en oud vanzelfsprekend is. Net als de solidariteit met ontwikkelingslanden en met economisch zwakke EU-lidstaten.

Over Kunduz staan twee opvattingen tegenover elkaar. Blijkens de moties voor het aanstaande partijcongres zien velen in de politietrainingsmissie vooral een militaire missie. Gesuggereerd wordt, dat de politieagenten vaak als militairen worden ingezet. Er is een tijd geweest, dat Afghaanse agenten als goedkopere slechter uitgeruste surrogaatsoldaten werden misbruikt. Daarvan merk ik in de huidige berichtgeving niets meer. Nathalie Righton van de Volkskrant schreef maar al te vaak zeer cynisch en spottend over de missie, maar haar verhalen worden positiever. Toch weet iedereen, dat de kans op blijvend succes vooral na het vertrek van de NAVO troepen klein is. Maar hoe groot is de kans op succes bij het streven naar een politieke oplossing? Waarom zouden de Taliban überhaupt gaan onderhandelen? Ze hebben de tijd. Na 2014 grijpen ze naar de macht. Jammer voor de vrouwen en meisjes. Het is nog maar de vraag of westerse NGO’s onder een nieuw Taliban regime nog mogen blijven werken in Afghanistan zoals nu. Als we door onderhandelingen erin zouden slagen, dat NGO’s mogen blijven werken en de politietrainingsmissie kan worden voortgezet of zelfs verbreed, dan zou onderhandelen een succes zijn Anders is het streven naar een politieke oplossing  in feite het aan hun lot over laten van de Afghanen. Het succes van vredeswerkers elders blijkt dan geen garantie voor succes in de Afghaanse werkelijkheid.

Het moge duidelijk zijn geworden, dat stemmen over Kunduzmoties veel meer is dan een beslissing nemen over wel of niet de missie steunen. In feite gaat het om de partijstrategie. Het is te hopen, dat de 1500 congresgangers beseffen, dat het om meer gaat. Het gaat weer spannend worden.

Jaargang 4, Nr. 200.

woensdag, 1 februari 2012

Het menu: X-factor

Sommige politici zijn helaas ongeschikt voor het politieke ambt. Zij die de zogenoemde X-factor missen, redden het niet op het Haagse Binnenhof. Als politici geen gevatte one-liners paraat hebben, haken de kiezers af. Zij zappen weg bij het zien en horen van voormalig minister van Justitie Ernst Hirsch Balin (CDA). Hij heeft de aardappel in de keel en ziet eruit als een notabele van voor de Tweede Wereldoorlog. Job Cohen (PvdA) is ook zo’n politiek brekebeen. Hij schudt de grappige uitspraken niet uit zijn mouw zoals Emile Roemer (SP). Hij geeft niet altijd een gelikt interview. Toch zou iedereen naar ze moeten luisteren. Balin weigert een ministerspost in het kabinet Rutte. Hij wil niet werken met de PVV die Marokkanen en Turken behandelt als tweederangsburgers. Cohen predikt geduld. Hij is voor een sterk Europa. Hij wil met Marokkanen overleggen om de problemen in hun gemeenschap op te lossen. Balin en Cohen begrijpen dat de politiek moet verbinden. Mensen zijn gelukkiger als ze elkaar respecteren. Jammer dat dit duo de noodzakelijke X-factor mist. Uiteindelijk doet de burger zichzelf namelijk te kort door de inhoud te negeren, en te kiezen voor de politici met de snedigste oneliners.

vrijdag, 27 januari 2012

Renate Richters

Renate Richters

Twitter GR

Kinderpardon!

In divers, acties, afghanistan, beleid, cda, college, cultuur, d66, de volkskrant, en meer.

kinderpardon In de raadsvergadering op 24 januari (jawel, op mijn verjaardag) diende ik namens onze fractie een actuele motie in om de regering op te roepen om een kinderpardon te geven aan kinderen die al langer dan 8 jaar in Nederland verblijven. Dit deed ik mede op verzoek van Tofik Dibi, Tweede Kamerlid van GroenLinks. Hij initieerde samen met een hoop bekende Nederlanders de petitie op www.kinderpardon.nu Meer dan 100.000 mensen hebben daar inmiddels hun handtekening op gezet!

Met het indienen van de motie geeft GroenLinks een stem aan een gevoel wat breed gedragen wordt in de samenleving, ook de Eindhovense. Wij willen dat kinderen, die mede door het landelijke beleid inmiddels al jarenlang in Nederland leven, niet gedwongen worden om ons land te verlaten en teruggestuurd worden naar landen waar ze de cultuur en de taal niet van kennen maar die bovenal ook vaak erg gevaarlijk zijn. Wij gunnen deze kinderen een toekomst in Nederland.

Deze motie kon rekenen op een zeer brede steun in Eindhoven. De motie werd mede ingediend door de volgende partijen: SP, LPF, PvdA, D66, OAE, FPS en zelfs het CDA, die zich hiermee tegen het regeringsbeleid van hun eigen minister keerde. Verder werd de motie gesteund door twee leden van de VVD fractie. De overige leden, als ook het raadslid van LE, vonden dat het geen lokale zaak was om hier iets van te vinden. GroenLinks is het daar niet mee eens, het gaat immers ook om onze inwoners!  Bovendien is ook onze landelijke overheid een democratisch orgaan wat als het goed is luistert naar signalen uit de samenleving. Een lokale gemeenteraad kan die signalen zichtbaar maken en vertalen naar de de tweede kamer!

Heb je nog niet getekend voor het kinderpardon? Doe dat dan nu op www.kinderpardon.nu

Lees hieronder de motie en mijn betoog over het kinderpardon.

TEKST ACTUELE MOTIE KINDERPARDON

clip_image002

Actuele Motie

De ondergetekende heeft de eer de volgende motie aan te bieden.

De ondergetekende, lid van de raad van de gemeente Eindhoven,

Overwegende dat:

- Er een brede maatschappelijke steun is voor een kinderpardon in de Nederlandse samenleving;

- Bijna 100.000 mensen de petitie voor het kinderpardon ondertekenden.

Van mening zijnde dat:

- Het wezensvreemd is om asielkinderen die geworteld zijn in Nederland terug te sturen naar het land van hun ouders;

- Er nu veel aandacht is, zowel politiek als in de media, voor individuele gevallen;

- Er gestreefd zou moeten worden voor een structurele oplossing voor de hele groep kinderen die het betreft (naar schatting 1.500).

Stelt de raad voor te besluiten:

Om het College te verzoeken om bij de minister voor Immigratie & Asiel aan te dringen op een kinderpardon.

Eindhoven, …..

Het lid van de raad,

Renate Richters, GroenLinks

 

BETOOG BIJ MOTIE KINDERPARDON

Actuele motie kinderpardon

“Nederlandse kinderen gedwongen om met vader naar Afghanistan terug te gaan”. Dit was te lezen op de site van de Volkskrant vandaag. Achmed Matin (16 jaar) en Diba Matin (15 jaar) hebben allebei een Nederlands paspoort. Hun moeder is in 2006 overleden. Hun vader, Abdul Momand heeft vorige week te horen gekregen dat hij Nederland moet verlaten van de immigratie- en naturalisatiedienst, ondanks dat de rechtbank tot 3x toe heeft besloten dat hij mag blijven. Abdul Momand staat voor een onmogelijke keuze. Zijn kinderen zonder ouders achterlaten kan hij niet. “Maar eigenlijk kan ik het mijn kinderen ook niet aandoen om naar Kabul te verhuizen” zegt deze vader. De kinderen spreken geen Afghaans. Vader werkt al 10 jaar als conciërge op een basisschool.

Achmed Matin en Diba Matin. De nieuwe Sahar? De nieuwe Mauro?

Weer staat de media bol van een individuele kwestie waarbij kinderen die al lang in Nederland wonen, hier zijn opgegroeid en hier geworteld zijn, worden gedwongen ons land te verlaten. Naar Irak, Afghanistan, Angola, Eritrea.

Weer ontstaat er een breed publiek debat waarbij de regering zijn poot stijf houdt, want regels zijn regels, ondanks dat veel mensen in Nederland zich massaal hebben uitgesproken dat ze het anders willen. Dit blijkt onder andere uit de brede acties die zijn gevoerd naar aanleiding van de situatie van Mauro, maar ook uit de bijna 100.000 handtekeningen die gezet zijn voor de petitie kinderpardon.nu.

We kunnen blijven discussiëren over individuele gevallen, of we kunnen het voor eens en altijd goed oplossen. GroenLinks kiest voor het laatste. Daarom zijn dienen wij vanavond samen met SP, LPF, PvdA, D66, OAE, FPS en het CDA een motie in om bij de minister voor immigratie te pleiten voor een kinderpardon. Naar schatting gaat het hier om maximaal 1.500 kinderen onder de 21 jaar. Met deze oproep geven wij steun aan de nog te behandelen initiatiefwet van PvdA en CU over gewortelde kinderen.

Deze gemeenteraad heeft zich terecht het lot van Mauro, inwoner van onze stad, aangetrokken. Dit hebben wij gemeenteraadsbreed middels een brief aan de minister kenbaar gemaakt. Wij hopen dat u, in navolging van deze brief, met ons de minister wilt oproepen om tot een structurele oplossing voor deze kinderen te komen.

Steun daarom deze actuele motie, en zet daarom je handtekening op www.kinderpardon.nu

donderdag, 26 januari 2012

Tom Louwerse

Tom Louwerse

Twitter

Lichte daling ledenaantallen politieke partijen

In boeken, cda, cijfers, d66, de dieren, dieren, groenlinks, pvda, pvdd, en meer.
De Nederlandse politieke partijen verloren vorig jaar gezamenlijk 2,1% van hun leden. Dat blijkt uit cijfers (pdf) van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP). Vooral het CDA (-7%), SP (-4,6%) en GroenLinks (-3,5%) verloren, terwijl PvdD (+5,5%), D66 (+1,8%) en SGP (+1,3%) winst boekten. De nieuwe partij 50+ heeft nu 1321 leden. 

In totaal schreven meer dan 20.000 mensen zich (op)nieuw in als partijlid, terwijl van bijna 27.000 personen het lidmaatschap werd beëindigd. De grote drie partijen verloren het meest, maar ook de kleinere partijen gezamenlijk (inclusief SP) zagen vorig jaar meer leden gaan dan komen. In de voorafgaande jaren was juist een stijging te zien in het ledenaantal van de kleintjes

 

Een daling van het ledenaantal is overigens niet uitzonderlijk in een post-verkiezingsjaar. In het jaar 2007 verloren partijen bijvoorbeeld gemiddeld 2,6% van hun leden. Als we kijken naar het verloop van de ledenaantallen is er steeds een stijging in verkiezingsjaren en daarna een daling. In het verleden was die daling sterker dan de winst in verkiezingsjaren, maar vanaf de jaren 2000 weten partijen hun ledenaantallen gemiddeld genomen zelfs iets te vergroten. Lag het aantal leden na verkiezingsjaar 1998 nog op iets meer dan 300.000, na de vorige verkiezingen waren dat er bijna 320.000. De sterke daling van het aantal partijleden in de jaren 1980 en 1990 is gestopt; in de afgelopen 15 jaar is er sprake van een stabilisering van het aantal partijleden.

Er zijn wel grote verschillen tussen partijen. Als we kijken naar de laatste tien jaar zien we vooral bij het CDA een constante afname van het aantal leden. Alleen rond de verkiezingen van 2006 bleef het ledenaantal ongeveer stabiel. De PvdA wist tot 2007 een kleine ledenwinst te boeken, maar leverde die de afgelopen jaren weer (meer dan) in. De SP steeg aanvankelijk snel, met name in 2002 en 2003, maar ook de socialisten verliezen de laatste jaren. De VVD laat de laatste drie jaar juist weer enig herstel zien. Het succes onder Rutte zal hierbij ongetwijfeld een rol spelen. 



De SGP is qua ledenaantal momenteel de vijfde partij en laat een zeer constante (kleine) stijging zien. GroenLinks is net iets kleiner; vooral in de verkiezingsjaren 2002, 2006 en 2010 deed de partij het goed. D66 klimt sinds 2008 snel uit het dal en verdubbelde daarmee het ledenaantal ten opzichte van een aantal jaren geleden. De Partij voor de Dieren laat een zeer constante stijging zien en wist zelfs in het afgelopen post-verkiezingsjaar dus een mooie ledenstijging te laten zien.

woensdag, 25 januari 2012

Renate Richters

Renate Richters

Twitter GR

Maarten Houben neemt afscheid van de gemeenteraad

maarten houben

 

Maarten Houben, fractievoorzitter van het CDA, heeft op 24 januari afscheid genomen van de  gemeenteraad van Eindhoven. Op 2 februari wordt Maarten burgemeester in buurgemeente Nuenen. Een prachtige nieuwe uitdaging, Maarten gefeliciteerd en heel veel succes!

Theo Brand

Theo Brand

Compassie verdraagt geen kille en kleine overheid

Compassie is een waardevol uitgangspunt in de politiek, niet alleen binnen het CDA. Maar vul dat begrip dan wel groen en sociaal in, met een heldere rol voor de overheid. Vrede, gerechtigheid en ‘heelheid van de schepping’ kunnen daarbij helpen als leidende waarden. Maar dat is niet voor elke (christelijke)  politicus altijd even vanzelfsprekend, helaas.

Vrede, sociale gerechtigheid en duurzaamheid kun je ook samenvatten met het begrip ‘compassie’: betrokkenheid bij alles wat leeft, met name bij wie of wat extra aandacht behoeft. De Linker Wang – de beweging voor religie en politiek verbonden met GroenLinks – heeft deze gedachte in het voorjaar van 2011 uitgewerkt daarbij geïnspireerd door theoloog Manuela Kalsky. In de zomer werd ‘politiek met compassie’ het motto van De Linker Wang om verder uit te dragen binnen GroenLinks. Kort daarna werd het begrip door theoloog Jacobine Geel gelanceerd binnen het CDA wat binnen die partij tot instemming maar ook tot discussies leidde.

Je kunt er kinderachtig over doen, maar per saldo zijn het toch positieve ontwikkelingen. Compassie kan door niemand worden geclaimd en overstijgt politieke verschillen. Het begrip betekent ‘mededogen’ en er zit ook ‘passie’ (hartstocht) in. Het kan ook verbindingen tot stand brengen tussen politieke partijen. Misschien kan ‘compassie’ als leidraad gelden voor een toenadering tussen CDA en bijvoorbeeld GroenLinks, PvdA en ChristenUnie? Maar van ‘compassie’ als gedeelde inspiratiebron moeten we in alle nuchterheid ook geen wonderen verwachten.     

Theoloog en ethicus Frits de Lange waarschuwde het CDA afgelopen zaterdag in dagblad Trouw om het begrip compassie niet rechts-conservatief in te vullen, zoals door Republikeinen gebeurt in de Verenigde Staten. Het CDA hamert vaak op de rol van de civil society – de optelsom van alle maatschappelijke verbanden die los staan van markt en staat. Dat is een goede keuze, maar de partij gebruikt dat soms ook als excuus om te pleiten voor een kleinere publieke sector met minder sociale voorzieningen. Een kille en kleine overheid dus.

Dat brengt het CDA in conservatief vaarwater dat kritiekloos staat tegenover economisch liberalisme. Compassie wordt dan liefdadigheid in plaats van publieke gerechtigheid. Begrijp me niet verkeerd: liefdadigheid en barmhartigheid zijn nodig om de gaten te dichten die de overheid laat vallen. Dat is goed want de overheid kan niet alles. Maar dat ontslaat de politiek niet van de taak om solidariteit en gelijke kansen te blijven organiseren. Daarvoor is compassie nodig in de sfeer van de burgermaatschappij maar ook vanuit politiek en overheid. Politiek met compassie dus. Dat zou zelfs het motto kunnen worden van een centrumlinks kabinet dat de rollen van de markt, de civiele samenleving én de staat in hun onderlinge samenhang weer op waarde schat.


maandag, 23 januari 2012

Jeroen van Rossum

Jeroen van Rossum

Twitter

Linkse Lente?

In het weekend dat PvdA en CDA hun congressen hielden, werd Emile Roemer wakker met een cadeautje. Voor het eerst in de geschiedenis was de SP de grootste in de peilingen. De roerganger van de SP heeft een mooie virtuele winst binnengepraat. Kiezers van PvdA en PVV zijn het erover eens. Na alle Pimmen, Rita’s en Geerten, is Emile Roemer nu dé man voor de zwevende stem. Tweeëndertig virtuele zetels mocht hij bezetten volgens peilend orakel Maurice de Hond. Volgens het onderzoek van trekt de SP onder Roemer vooral kiezers met een laag inkomen, en haalt ze weg bij Wilders’ PVV.

Volgens Emile komen zijn nieuwe kiezers van de PVV, omdat ze daar eindelijk door beginnen te krijgen dat Geert Wilders de ene na de andere belofte breekt. Job Cohen is ondertussen dolblij en helemaal niet zurig over het nieuws van Maurice de Hond. Hij ziet de stemmen van de PVV graag naar de SP verdwijnen. En wat betreft de Partij van de Arbeid zelf; die gaat het minderheidskabinet van Rutte en Verhagen in zijn sop laten gaarkoken de komende maanden. Als de PVV het af laat weten, moeten ze maar nieuwe verkiezingen uitschrijven, luidt het devies. En dan volgt er vast een heerlijk warm bad van linkse samenwerking…

Het is echter nog maar de vraag of Cohen daar zo blij moet zijn. Want hoewel Geert en Emile het stellig zullen ontkennen, zijn de PVV en de SP wel degelijk verwante partijen. De kiezers stappen niet voor niets zo makkelijk over de links-rechts-grens. Geert mag nog zo’n hekel hebben aan alles wat riekt naar links, en Emile Roemer kan zich nog zo verontwaardigd voelen door het bruuske taalgebruik van de gemiddelde PVV’er, we hebben het over twee partijen die – op het standpunt van immigratie en ontwikkelingssamenwerking na – meer met elkaar gemeen hebben dan ze voor doen komen.

De SP en PVV zijn beiden een partij voor boze, behoudende en zelfs verontwaardigde kiezers, waar we er steeds meer van lijken te hebben. Kiezers die denken ‘het Volk’ te zijn, en te weten wat ‘het Volk’ wil. Kiezers die politici te pas en te onpas voor zakkenvullers uitmaken. Kiezers die Europa het liefst morgen torpederen, zonder zich ook maar een minuutje druk te maken over de mogelijke gevolgen voor hun portemonnee. Kiezers die zich überhaupt niet graag verdiepen in ingewikkelde materie, maar aan een paar rake oneliners genoeg hebben om hun waardevolle stemrecht in het stemhokje te verzilveren. Kiezers die bovenal graag overal “nee”op zeggen…

Het lijkt mij tijd, dat niet alleen de politici van PvdA (en CDA), maar ook GroenLinks zich eens achter de oren gaan krabben. Want als dit zo door gaat, bereiken PVV en SP samen bij de volgende verkiezingen meer dan 50 zetels, of misschien zelfs het pluche. En het is leuk, al dat gepraat over een linkse lente, maar of de SP die lente gaat brengen, waar deze eurofiele partijen op zitten te wachten? Het lijkt mij niet. Met een stevige SP én PVV in de Tweede Kamer zijn we nog verder heen dan nu. Hoe conservatief wil je het hebben?

Het wordt tijd dat PvdA en GroenLinks eens wat harder roepen wat ze willen. En het wordt tijd om dat gefilosofeer over een linkse samenwerking eens te laten, en het eigen geluid over het voetlicht te brengen, desnoods in extreme jip-en-janneketaal. Ik zou PvdA en GroenLinks graag in een volgend kabinet zien. Maar een kabinet met de SP, daar zit ik nu net niet op te wachten…


zondag, 22 januari 2012

Tom Louwerse

Tom Louwerse

Twitter

Motie-inflatie?

In cda, cijfers, gegevens, pvdd, regering, sp, spreken, partijen, opdracht.

Afgelopen week publiceerde de Tweede Kamer haar jaarcijfers.Opvallend was de stijging van het aantal ingediende moties. In 2010 werden nog ‘maar’1734 moties ingediend; vorig jaar waren dat er ruim 3679, ruim een verdubbeling. Dat pastgoed in het beeld van ‘motie-inflatie’: de Kamer zou het motie-instrument zo vaak gebruiken dat het bot aan het worden is. Maar is de stijging echt zo enorm?

De cijfers over de laatste zes jaar laten inderdaad een stijging zien van het aantal ingediende moties. Onderstaande grafiekkomt uit het rapport van de Tweede Kamer. Daarbij valt op dat 2010 eigenlijkeen relatief rustig jaar was. De verdubbeling die tussen 2010 en 2011 zichtbaarwordt is dus niet representatief voor de trend van de afgelopen jaren: die waswel stijgend, maar niet zo sterk. In vijf jaar tijd steeg het aantal ingediendemoties van 1170 tot 3679, dat is zo’n 500 moties per jaar.

Moties in de Tweede Kamer
bron: Jaarcijfers Tweede Kamer


Deze stijging heeft echter ook te maken met het aantalpartijen dat in de Kamer is vertegenwoordigd en de fractiegrootte. Middelgrotefracties dienen de meeste moties in. Dat blijkt uit een regressiemodel (zie onderaan) waarinik het aantal moties dat een partij in een bepaald jaar indient verklaar aan dehand van een aantal variabelen: fractiegrootte, coalitiedeelname, jaar enpartij. De gegevens zijn afkomstig uit het rapport van de Tweede Kamer.

Onderstaande figuur geeft het aantal ingediende moties per partij perjaar weer (grijze punten) en het verwacht aantal ingediende moties volgens het model, naar gelang de fractiegrootte (jaar wordt op 2008 gehouden en de partij op de modus).De bovenste, doorgetrokken, lijn geeft het verwachte aantal ingediende motiesvoor een oppositiepartij. Hoe groter de partij, hoe meer moties, tot zo’n 28zetels: dan neemt het aantal ingediende moties weer af. Bij deregeringspartijen is een zelfde verband te zien. Als er dus relatief meermiddelgrote partijen zijn, zoals in de laatste periode, zal het aantalingediende moties toenemen. Dat verband geldt overigens ook als we de SP, inzekere zin een outlier in het modelmet veel ingediende moties, buiten beschouwing laten.

Aantal ingediende moties naar zetelaantal
Lijnen zijn gebaseerd op onderstaand regressiemodel

Het effect van regeringsdeelname is daarnaast zeer sterk: gemiddeldgenomen dient een coalitiepartij bijna 200 minder moties in dan eenoppositiepartij. Dat is niet zo verwonderlijk, gezien het feit dat een motievaak wordt geformuleerd als een opdracht aan de regering. Als het goed is, doetde regering al ongeveer wat de coalitiepartijen willen. Daarnaast zijn effectenvoor individuele partijen te zien. Deze zijn vanwege de beperkte periodewaaruit data beschikbaar is niet statistisch significant, maar aangezien we hierover de populatie spreken is dat hier minder relevant. We zien dat de VVDminder moties indient dan het CDA (die hier als baseline is genomen), enChristenUnie en PvdD duidelijk meer.

De stijging per jaar is, als we voor andere effectencontroleren, minder sterk dan we eerst vermoedden. Gemiddeld genomen zijn er, gecontroleerd voor andere effecten, sinds 2006 elk jaar zo’n 23 moties extra ingediend per partij. In totaal komtdat voor 10 partijen dus uit op zo’n 230 moties. Dat is de autonome stijgingdie we niet aan de hand van andere factoren kunnen verklaren. Dat is nog steedseen behoorlijk aantal, maar ruim de helft minder dan de eerdergenoemde 500. Degrote stijging van het aantal ingediende Kamermoties is dus voor een belangrijkdeel het gevolg van de veranderde politieke verhoudingen, in het bijzonder deversnippering van de Kamer.







Model 1


(Intercept)-61.20
(108.70)
Zetels31.05*
(8.73)
Zetels (kwadraat)-0.50*
(0.17)
Coalitiepartij-195.60*
(44.41)
Jaar (2006=0)23.39*
(7.82)
partijChristenUnie125.75
(97.75)
partijD6653.21
(96.41)
partijGroenLinks26.94
(90.70)
partijPvdA-73.00
(58.70)
partijPvdD75.27
(109.32)
partijPVV42.19
(82.80)
partijSGP-7.39
(107.93)
partijSP41.32
(82.65)
partijVerdonk-1.67
(117.00)
partijVVD-133.12
(74.03)
N64
R20.77
adj. R20.70
Resid. sd85.78


Standard errors in parentheses
* indicates significance at p < 0.05

Afhankelijke variabele: aantal ingediende moties door een partij in een jaar.
Zetelaantal en regeringsdeelname zijn in verkiezingsjaren als gewogen
gemiddelde berekend.

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Gaat de SP een Pyrrhusoverwinning tegemoet?

De SP staat ongekend hoog in de peilingen: 32 zetels. De kans is groot dat dit nog wel eens een Pyrrhusoverwinning wordt: dat ze als de grootste partij in de oppositie komt.

Historische precedenten

Het komt wel vaker voor: dat de grootste partij uit de regering wordt gehouden. zeker als de partij links is. De PvdA is maar acht keer de grootste partij van Nederland geweest (in 1952, 1956, 1971, 1972, 1977, 1982, 1994 en 1998). En in drie gevallen werd zij als grootste partij uit de regering gehouden (1971, 1977, 1982). Dat was in periodes van verregaande polarisatie, zoals we die nu ook kennen. Het zou nog wel eens kunnen gebeuren dat het kabinet-Roemer een illusie blijft zoals het tweede kabinet-Den Uyl eerder. Als de SP de grootste partij is, hoeft het dus niet zo te zijn dat ze in de regering komt: in 2006 was de SP de derde partij van Nederland met 26 zetels en bleef ze ook in de oppositie.

Het politieke landschap

Om een inschatting te maken van het verloop van de formatie hebben we een beeld nodig van het politieke landschap. Ik denk dat je het huidige politiek landschap het beste kan begrijpen aan de  hand van twee tegenstellingen: de links/rechts-tegenstelling en de pro/anti-Europa tegenstelling. De eerste betreft klassieke herverdelingsvragen (voor tegen hypotheekrenteaftrek) en vraagstukken rond immigratie en integratie. De tweede betreft vraagstukken rond Europese integratie en rond hervorming van de verzorgingsstaat (wel of niet verhogen AOW-leeftijd).

Je kan dan vier kwadranten onderscheiden (met zetelaantallen uit de recente De Hond-peiling waarin de SP de grootste is):

  • Euroskeptisch links (43 zetels): dit bestaat uit de SP met 32 zetels en drie kleinere partijen (CU, 6; PvdD 3; en 50+ 2);
  • Hervormingsgezind links (42 zetels): dit bestaat uit de PvdA (17 zetels), D66 (16 zetels) en GroenLinks (9 zetels);
  • Hervormingsgezind rechts (42 zetels): VVD met 30 zetels en het CDA met 12 zetels;
  • Euroskeptisch rechts (23 zetels): PVV met 20 zetels en de SGP met 3 zetels.

Er is dus een heldere linkse meerderheid van partijen, die tegen de bezuinigingen van dit kabinet zijn en tegen het harde anti-immigratieverhaal. Maar evenzozeer is er een meerderheid van partijen die voor een rol van Europa is bij het oplossen van de crisis is en voor hervormingen gericht op een langetermijnbalans van de begroting.

Over links

Het meest simpele kabinet dat we zouden kunnen vormen zou bestaan uit linkse partijen. De kern zou bestaan uit SP, PvdA en GL (56 zetels), aangevuld met D66 en CU. Dat zou een meerderheid van 78 zetels hebben. Je zou CU kunnen ruilen voor het nieuwe CDA, voor een iets ruimere meerderheid. Het grote probleem is dat deze coalitie sterk verdeeld zou zijn over sociaal-economische hervormingen en Europese integratie. De partij die in de laatste jaren zich heeft ontwikkeld als de grootste voorstander hiervan (D66) zou in een kabinet komen met de grootste tegenstander hiervan (SP).  De cruciale vraag is of de SP van haar Euroskeptische koers zou willen afstappen. De ChristenUnie heeft toen ze in het kabinet-Balkenende IV zat haar Euroskeptische geluid ook gematigd: maar dat was toen om als juniorpartner aan de regeringstafel te mogen zitten. Daarnaast zou het lastig zijn voor D66 om in zo’n kabinet haar relatief rechtse economisch programma te realiseren. De mededeling van Roemer dat hij best wil samen werken met de VVD is dus niet de meest interessante: hij zal geen compromissen hoeven te sluitenover de links/rechts dimensie, als de peilingen zo aanhouden. De fundamentele vraag is of de SP kan samenwerken met een pro-Europese, hervormingspartij als de D66.

Je zou je dus kunnen voorstellen dat we doorgaan met een gedoogconstructie. Een kabinet van D66/GL/PvdA gedoogd door de SP en de CU waar het gaat om haar sociaal-economische programma maar dat voor haar Europees beleid afspraken maakt met VVD en CDA. Dit is een theoretische mogelijkheid waarbij de grootste partij en winnaar van de verkiezingen een vrij marginale positie kiest. Maar misschien voor haar niet de slechtste keuze. De PVV laat zien dat juist de rol van gedoger voor een partij met extreme standpunten, gunstig kan zijn.*

Het radicale midden

Het is paradoxaal: als de economische crisis aanhoudt, zal de SP hier electoraal garen bij spinnen. Maar de realiteit van de crisis zal de SP juist uit het kabinet houden. De enige oplossing voor de crisis ligt, in elk geval in de ogen van een meerderheid, in sociaal-economische hervormingen en Europese integratie. We hebben meer Europese solidariteit nodig om de crisis te bezweren. En we moeten, zeker op de middellange termijn, door hervormingen van de sociale zekerheid, de begroting op orde krijgen.

Als de SP zich blijft verzetten tegen Europese integratie en sociaal-economische hervormingen, plaatst ze zichzelf buiten de politieke realiteit. Dan zou een kabinet van partijen die zich wel in die politieke realiteit plaatsen, de hervormingsgezinde meerderheid, een logisch alternatief kunnen zijn: VVD/PvdA/D66/CDA/GL samen goed voor 84 zetels. Natuurlijk is een onmogelijk kabinet omdat het zich open stelt voor aanvallen van de populistische rechter- en de linkerflank.

Roti met tomaat

Het wordt dus nog knap lastig om een kabinet te vormen. Misschien dat lokale oplossingen ons inspiratie kunnen geven: in Zuid-Holland, Noord-Brabant en Leiden werkt SP samen met de VVD en het CDA, aangevuld door D66 in Zuid-Holland en Leiden. Zo’n Roti-met-tomaat-variant zou rekenkundig mogelijk zijn: 88 zetels. Maar politiek zal het nog lastig worden voor de SP, D66 en de VVD om het eens te worden over economisch hervormingsprogramma. De SP kon zich in deze lokale anti-PvdA-besturen wringen omdat er relatief weinig herverdelings- en hervormingsvraagstukken zijn in het provinciale en het gemeentelijke bestuur. De partij kon zo mooi laten zien dat de ze regeringsverantwoordelijkheid aan kan en compromissen kan sluiten. De vraag is of de SP zich een even flexibele houding kan aanmeten op het landelijk niveau.

* De ironie is dat je zo’n kabinet zou moeten laten leiden door iemand uit de linkerhoek die boven de partijen staat: iemand van het statuur-Cohen laten we zeggen voordat hij lijsttrekker van de PvdA werd.

Liesbeth Tettero

Liesbeth Tettero

Hyves Linkedin Twitter GR

Mediatraining CDA

In politiek, training & coaching, cda, mediatraining, radicaal, bleker, geloof, geweldige, midden, en meer.

“Gezicht in de plooi! Nog een keer!”

“Het Radicale Midden, geweldige uitvinding!!!!”

“Mmm, het overtuigt nog niet helemaal. Maar we moeten nog zo veel partijleden opleiden, dit moet er maar mee door. Succes in uw afdeling.”

“Volgende kandidaat, moet straks naar een radio-interview.”

“Ah, mooi, dan hoeven we in ieder geval niet op pokerface te trainen. Geen trillinkjes in de stem in ieder geval aub. Zegt u mij maar na: “Het Radicale Midden, daar geloof ik helemaal in.”

“….”

“Tja, natuurlijk gaan ze vragen hoe je dit nu rijmt met het kabinetsbeleid. Zeg maar iets over compromissen en politieke realiteit. Klinkt altijd goed.”

“….”

“Dat moet je aan Wilders vragen hoor. Dat weet ik niet. Wij zeggen nu ‘verrijking’. Da’s radicaal namelijk. Wat zegt u? Compassie? *Proest* Doe niet zo soft zeg.”

“….”

“In 2040, dan gaan we onze beginselen waarmaken. Tot die tijd is het nog even wachten tot we echt radicaal mogen doen. En mochten ze lastig doen, het is wel de Vara natuurlijk. Die zijn toch niet voor ons. Daar kun je het dan toch altijd nog op gooien? Succes daar!”

“Volgende deelnemer. Verhagen? Sorry, orders van de partijtop. Daar investeren we niet meer in. Volgende!”

“Henk.”

“Henk wie? Ah, Bleker. Taai gevalletje. Leerdoel: overtuigend zeggen dat hij geen partijleider wil worden? Gaat iemand daar intrappen dan?”


Ineke Verdoner

Ineke Verdoner

Compassie of commitment?

De bel ging. Er stonden 2 meisjes voor de deur en het regende hard. Of ze me iets konden vragen? 'Ja hoor, maar kom dan even binnen staan' , nodigde ik. Ze stapten over mijn drempel; of ik ook wist van wie die kat was die om mijn huis liep te miauwen. Ongewild ontsnapte me een zucht.
' Van de buren verderop' , zei ik.
' Oohh, zijn die dan niet thuis?' vroeg de blonde.
' Jawel' , zei ik.
Met oprechte verbazing in haar blauwe ogen, alsof ik het antwoord zou moeten weten, vroeg ze me waarom de kat dan niet binnen was. Het was immers hondenweer.
Ik moest haar het antwoord schuldig blijven.
Haar vriendinnetje had haar capuchon ver over haar hoofd getrokken en ze keek nieuwsgierig mijn halletje rond.
'Geeft u de kat wel eens te eten?'. Ik verbeeldde me het vast, maar haar stem klonk wat streng en haar ogen zochten naar de attributen die bij kattenvoer hoorden.
'Nee' , zie ik ferm, ' daar begin ik niet aan, want dan blijft ze hier komen en dat wil ik niet.'
De blonde nam het verhoor nu over: ' Vindt u het dan niet zielig?'
Ik legde uit dat ik niet wist of ze miauwde om eten en ja, ik vond het wel zielig. Ik vond ik het hartstikke zielig dat dat dier altijd buiten was en kennelijk geen echt onderkomen had. Ik vond het ook vervelend voor mijzelf, want ze zat soms hele middagen voor mijn tuindeur naar binnen te kijken. Stiekem vond ik die mensen liefdeloos. Waarom nam je een dier als je het niet in huis wilde hebben!
Maar ze poepte ook vaak in mijn tuin en daar had ik dan ook weer de smoor over in. En ik zei er niets van, terwijl ik wel wist waar de kat woonde
Dit schoot allemaal door me heen, terwijl die meisjes stralende en natgeregend op mijn deurmat stonden.

Opeens dacht ik aan allerlei onderwerpen waarvoor we onze ogen en oren sluiten, terwijl we weten of vermoeden wat er aan de hand is. Mishandeling van kinderen, dreigende uitzetting van asielzoekers, mensen die worden lastig gevallen; maar ook collega's die je op hun tenen ziet lopen of een buurvrouw die het maar nauwelijks redt in haar huishouden. Om maar wat te noemen. Soms werd er door anderen wel over gepraat.  Natuurlijk waren er ook mensen die  wel handen uitstaken. Maar niet altijd. Niet door mij voor die kat, bijvoorbeeld. Maar ja, wat moest ik dan doen? Een beetje moralistisch mijn vingertje opsteken tegen mijn vriendelijke buren?

Terwijl ik dit allemaal in een nanoseconde stond te overpeinzen zei het meisje met de capuchon dat zij wel even gingen aanbellen. Welke buren waren het? Ik vertelde het ze en vroeg of ze een mandarijn mee wilden. Ze knikten en vroegen er ook 2 voor hun vriendinnetjes nog die buiten waren.
Ze bedankten me heel lief en verlieten mijn halletje op weg naar de buren-van-de-kat. Ik keek ze zo lang mogelijk na en vroeg alle goden en godinnen om hen bij te staan opdat hun missie zou slagen.

Zaterdag was het congres van het CDA, waarin Jacobine Geel voor meer compassie pleitte. De kritiek op dat begrip als leidraad was, dat compassie teveel gaat over mee-lijden. Dat zou ook mijn bezwaar zijn. Ik ben voor mee-leiden en mee-leven. En als ik kijk naar mijn 8-jarige buurmeisjes, stem ik veel liever voor commitment: doen, gaan staan, je verbinden.
Voor mij is dat de doorvertaling van compassie naar 2012. En in die tijd leven we.  

Ineke M. Verdoner


Het CDAcongres vond plaats op 21.01.2012

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

CDA mag uitgangspunten niet weer gebruiken als dekmantel.

In politiek, besluiten, cda, belangrijk, gedoogkabinet, groenlinks, handelen, imago, kabinet, en meer.
Het CDA heeft dit weekeinde zijn nieuwe uitgangspunten en toekomstvisie gepresenteerd. ‘Radicaal voor het midden’ is de bijbehorende slogan. Goed gekozen. Radicaal in de geest van terug naar de oorsprong, de wortels van het CDA. Radicaal zijn is niet nieuw. We kenden de al voor een belangrijk deel uit de Katholieke Volkspartij (KVP) voortgekomen Politieke Partij Radicalen (PPR), die later in GroenLinks is opgegaan. De PPR was radicaal omdat ze ‘ingrijpende hervormingen’ wilde.
Het CDA hoort echter in het midden thuis. De nu gepresenteerde visie is niet vernieuwend. Beetje oneerbiedig: ‘oude wijn in nieuwe zakken’. Veel uitgangspunten zijn alleen herschreven in een wat moderner taalgebruik. En ook het huidige verkiezingsprogramma bevat al veel van het gedachtegoed dat nu weer wordt geuit. Maar de visie contrasteert wel met de huidige CDA-politiek.

Het CDA moet wel radicaal veranderen. Niet zozeer wat de politieke uitgangspunten betreft, maar meer zijn dagelijkse politiek. Op dit moment is het CDA geen middenpartij. Rechts heeft de macht overgenomen binnen het CDA. Maar de deelname aan het gedoogkabinet Rutte heeft gezorgd voor een verdere teloorgang van de partij. De partij volgt op hoofdthema’s niet haar eigen uitgangspunten. Ze doet veel te veel water bij de wijn. Het CDA is niet trouw aan zichzelf. Dat rekent de kiezer het CDA aan.

Als het CDA het vertrouwen van veel kiezers wil terugwinnen, dan zal het moeten handelen conform zijn eigen doelstellingen. Hoe eerder, hoe beter. De kiezer zal het CDA niet geloven op basis van mooie standpunten in een klein boekje, maar op de politieke besluiten. Daar zit het CDA in een spagaat. Als het CDA zo doorgaat dan zal de kiezer de mooie uitgangspunten al weer snel zijn vergeten en zich hoogstens nog herinneren hoe onbetrouwbaar het CDA is ten opzichte van de eigen idealen. Het CDA zal dus moeten bewijzen dat het radicaal wil veranderen.

Als het CDA daadwerkelijk wil breken met de huidige politiek en het bijbehorende imago, dan zal dat radicaal moeten. Het is zeker niet genoeg als de huidige gezichten alleen maar een ander verhaal vertellen. Dat is een niet geloofwaardig ‘zoals de wind waait, waait mijn jasje’.
De hele politieke top moet worden vernieuwd. Iedereen die dit gedoogkabinet van harte ondersteunt en die het CDA profileert in het Kabinet en Tweede Kamer, zal moeten plaatsmaken. Alleen zo geeft het CDA een duidelijk signaal dat het menens is, dat de daad ook bij het woord wordt gevoegd. Daarbij lijkt het wijs om ook het harde, hanige imago van de huidige invloedrijke CDA'ers te veranderen in een politiek handelen met meer ‘vrouwelijke’ karaktertrekken.
Als in de toekomst de op zich aansprekende uitgangspunten weer worden gebruikt als dekmantel voor te rechts handelen, dan is dat waarschijnlijk de doodsteek voor dit CDA. Dan kan de partij zich beter opsplitsen in een sociaal-christelijke partij en een rechtse partij.

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Only Nixon could go to China: waarom dit kabinet de hypotheekrenteaftrek gaat aanpakken

In cda, economie, pvv, verdelende rechtvaardigheid, vvd, begroting, china, communistische, consensus, en meer.

In de linkerhoek is er over weinig dingen consensus, maar over een paar dingen kunnen linkse partijen het wel eens worden: de hypotheekrenteaftrek zou aangepakt moeten worden. De lijn van CDA, PVV en VVD is helder: handen af van de hypotheekrenteaftrek. Je zou dus verwachten dat dit kabinet niets aan de hypotheektrenteaftrek gaat doen en dat dit in een Paars-plus-achtige variant wel had gekund. Niets is minder waar: alleen een rechts kabinet kan en zal de hypotheekrente aanpakken.

Niet over Links

Een kabinet met linkse partijen, of het nu gaat om een Paars Plus, een Christelijk-sociale of een Roti-variant zou in het huidige gesternte niets doen aan de hypotheekrenteaftrek. De reden hiervoor is vrij simpel: rechtse kiezers willen dat er niets aan de hypotheekrenteaftrek verandert. Ze hebben vaak zelf een eigen huis met hypotheek en willen niet dat hun lasten verzwaren. De combinatie van een onderwerp dat veel mensen in hun portemonee raakt en de hoge zichtbaarheid die rechtse partijen zelf aan het onderwerp hebben gegeven door wijzigingen uit te sluiten maakt het onderwerp gevaarlijk.

In een variant met linkse partijen zouden CDA of VVD, of CDA en VVD mee regeren. De PVV lijkt me uitgesloten. Rekensom is dan vrij simpel: bij een verregaande wijziging van de hypotheekrenteaftrek zal de PVV moord en brand schreeuwen, en zo rechtse kiezers bij CDA en VVD weg trekken. De linkse partijen zullen dus niet van de rechtse partijen kunnen eisen dat ze dit doen: dat zou electorale zelfmoord zijn.

Wel over Rechts

CDA, VVD en PVV zullen dit kabinet niet laten vallen: het CDA kan niet breken met dit kabinet: dan verliest ze de helft van haar zetels. De VVD kan in dit kabinet haar volledige programma implementeren. Het is de vraag of de PVV als ze dit kabinet laten vallen over de hypotheekrenteaftrek weer in zo’n goede positie terug kunnen komen. Daarnaast, sociaal-economische onderwerpen behoren niet tot de kern van de PVV: dat zijn Islam, immigratie en integratie. En daarop krijgt de partij wel wat ze wil. Kortom: geen enkele partij heeft er een belang bij om dit kabinet te laten vallen.

En als er extra miljarden bezuinigd moet worden, dan moet er ook iets gebeuren aan de hypotheekrenteaftrek. Je ziet dat het CDA, en met name het Wetenschappelijk Instituut al langer met voorstellen rond lopen om de hypotheekrenteaftrek te beperken. Het interessante is dat dit kabinet al bezig is geweest met een hervorming van de hypotheekrenteaftrek: door aflossingsvrije hypotheken uit te sluiten van de hypotheekrenteaftrek bijvoorbeeld. Afschaffing zal het nooit heten, maar een ‘aanpassing’ kan de nodige ruimte op de begroting maken.

Only Nixon could go to China

Het idee is simpel: only Nixon could go to China. Alleen de meest conservatieve, anti-communistische president kon een toenadering maken naar communistische China. Een liberale Democraat zou zijn aangevallen als een peaceloving beatnik. Juist een rechts kabinet kan als enige de hypotheekrenteaftrek aanpakken: een kabinet met linkse partijen zou te gevoelig zijn voor aanvallen van rechtse oppositiepartijen.

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Blekers strijd

In samenleving algemeen, wat was en wat komt, bleker, cda, verhagen, bezig, electoraat, boodschap, herkenbaar, en meer.

Kan dat, zeggen dat het in de toekomst anders moet maar voorlopig doorgaan op dezelfde voet? Is dat de sleutel tot het herwinnen van vertrouwen? Het CDA meent van wel. Ik denk van niet. We gaan het huis in de toekomst blauw schilderen, maar nu zijn we bezig het rood te maken en daar gaan we nog een tijdje mee door; dat is wat het CDA haar kiezers vertelt. En bij deze verwarrende boodschap moet een leider gevonden worden. Een leider die zowel het rood maken van het huis als het blauw maken ervan kan verdedigen. Ga er maar aan staan. Dat is stevig oefenen in loze zinnen als: “We hebben offers gebracht voor het landsbelang en kiezen nu weer onze eigen weg.”  Nou ja, de zin zelf is niet zo loos, maar wel de afzender. Het CDA heeft namelijk haar electoraat niet ervan overtuigd dat ze mee is gaan regeren uit landsbelang. De indruk is te hardnekkig dat het een machtskeuze is geweest om er als partij groter en sterker uit te komen. En dat is een miscalculatie geweest, zo geven de peilingen aan. Maar geen politicus natuurlijk die peilingen serieus neemt, toch?

Personificatie van die ‘verkeerde’  keuze is Maxime Verhagen. Hij heeft er een imago mee gekregen, of versterkt, want niets ontstaat zo maar, van een niet te vertrouwen, met twee monden pratende politicus. Die naam had Lubbers trouwens ook maar hij hield dat klein door de beeldvorming ook met andere kwaliteiten te laden. Dat is Verhagen niet gelukt. Dit maakt voor Verhagen de nederlaag dubbel: de partij niet gered en zijn gedeukte imago geen nieuwe glans gegeven. En dus zoekt het CDA een leider die wel bij de verwarrende boodschap past.

Niet opmerkelijk dus dat Henk Bleker dan wordt genoemd. En dat ook niet in de laatste plaats dankzij zijn eigen inspanningen. Bleker is met Verhagen de architect van het minderheidskabinet. Tegelijk heeft hij het vrijgevochtene, het tikkeltje optimistische onverantwoordelijke, van een schilder die nu nog met rood verft en tegelijk het mooi weet te vertellen dat het toch straks allemaal blauw zal zijn. CDA-leider kan hij, denk ik, prima zijn, maar van een CDA-leider wordt door CDA’ers altijd (nog steeds? ik vrees van wel) verwacht dat hij het land gaat leiden. En of het CDA-electoraat de vraag of Bleker dat is toevertrouwd in voldoende meerderheid positief zal beantwoorden is zeer onzeker. Hij heeft daarvoor niet een echt overtuigend track-record opgebouwd als staatssecretaris. Als Bleker echt wil (en daar is weinig onzekerheid over) is het zijn strijd zich de komende maanden een duidelijker imago aan te meten. Hij heeft het in zich te zijn zoals een frivole Van Agt in zijn dagen (”ik ben een amateur in de politiek”) en met een geloofwaardig gespeelde naïviteit te reageren en te acteren. Ik drukte de associatie wat weg, maar schrijf het nu toch op, komt ook doordat ik Van Agt erbij haal: het CDA heeft eigenlijk behoefte aan een clown. Fortuyn, Verdonk, Wilders: het zijn politieke clowns die rolvast hun boodschap brengen, vaak wereldvreemd, afwijkend van Haagse mores, en daardoor ook aantrekkelijk voor hordes op drift geraakte kiezers.

De verwarrende boodschap waar het CDA zich nu mee op heeft opgezadeld moet de komende jaren verteld worden door een figuur van wie congruentie verwacht kan worden maar daarin zo herkenbaar is dat hij geloofwaardig is. Bleker kan die clowneske rol spelen en wie weet waar dit hem en zijn partij brengt.

vrijdag, 20 januari 2012

Patrick Rijke

Patrick Rijke

Linkedin Twitter GR

Drie keer links

Zaterdag 14 januari openden de drie linkse partijen gezamenlijk het jaar. GroenLinks, PvdA en SP willen alle drie ‘een ander Nederland’. We willen samen “slim, solidair en ‘groen’ investeren” in ons land om de crisis te bestrijden.
Juist onder het meest rechtse kabinet sinds Van Agt-Wiegel ligt het voor de hand om alle linkerhanden ineen te slaan. Samen staan we sterk en zo. Hoe ver moet zulke samenwerking nou gaan? Eén sterk links alternatief lijkt aanlokkelijk. En er is veel voor te zeggen. Maar is het tactisch wel handig?

Eerst maar eens wat er allemaal vóór te zeggen valt. De drie partijen die zichzelf gewoon links durven te noemen lijken elkaar in elk geval prachtig aan te vullen.
De SP spreekt de taal van de gewone mensen, niet alleen van de Nederlanders die spreekwoordelijk hard werken, maar zeker ook van de mensen die van een uitkering rond moeten komen. SP-ers klagen steen en been over alles wat er mis is en mis gaat in de samenleving en verwoorden daarmee precies hoe veel mensen erover denken. PVV-stemmers die hun hersenen gebruiken, zien dat de partij van hun eerdere keuze hen nu naait met de miljardenbezuinigingen die ze beginnen te voelen en stappen over naar de SP.
De PvdA heeft meer dan de andere twee de regenten in de gelederen die het land, de provincie of de stad kunnen besturen op grond van hun kennis en ervaring. De term ‘regent’ bedoel ik in dit verband uitdrukkelijk niet pejoratief. Oorspronkelijk zijn regenten immers de eerste bestuurders die hun positie niet bekleedden op grond van hun afkomst, maar op basis van hun verdienste. In een meritocratie zitten veel van de PvdA-bestuurders volkomen terecht op het pluche. Hun taal spreekt de kiezers wel niet meer zo aan, maar is wel de taal waarmee je de dingen gedaan krijgt.
En GroenLinks ten slotte is de ideeënpartij zonder macht die het meest op een ‘volhoudbare’ toekomst is gericht. Wij kunnen op links de nuance inbrengen, de horizon verleggen, creatieve ideeën aandragen en de multiculturele samenleving verdedigen. Wij spreken het nadenkende deel der natie aan. Als we heel erg ons best doen misschien ook nog wel de activisten en de anarchisten en de pacifisten voor zover ze zich niet allang moedeloos van de parlementaire democratie hebben afgewend.

Tussen haakjes. Op landelijk niveau is een nieuwe linkse eenheid zelfs een uitkomst voor de drie huidige politieke leiders. Roemer is de gedroomde voorman in de campagne, die de rechtse drammers en bezuinigingsbulldozers alle hoeken van de Kamer laat zien. Cohen komt ongetwijfeld veel beter tot zijn recht als minister-president dan als parlementariër. En wij zijn verlost van stuntelende stekkerdoosstukjes.

Het is echter niet moeilijk om de problemen binnen de linkse drie-eenheid te zien aankomen, zeker als het sentiment ‘anti-rechts’ zijn centripetale kracht op den duur verliest. Want als de SP bijvoorbeeld zegt wat mensen erover denken, betekent dat: ‘de hoge heren zorgen alleen maar goed voor zichzelf’ en ze bedoelen daarmee nou precies de bestuurders waar de PvdA hetzelfde patent op heeft als het CDA.
Die PvdA-bestuurders zijn in Zwolle bijvoorbeeld niet te beroerd om in een college met de VVD en het CDA (en de ChristenUnie trouwens) te schipperen om de ‘kille bezuinigingen’ (Cohen, Roemer en Sap) van het kabinet te verstouwen. Zij bezuinigen lekker op de voorzieningen die de last voor de zwakkere schouders in onze stad nog een beetje dragelijk maakten, maar willen niet eens nadenken over een kleine lastenverzwaring voor de Zwolse huizenbezitters.
GroenLinks zal overigens in een constellatie terecht komen waarin duurzaamheid vooral geweldig is omdat (of in het ergste geval: alleen maar als) het geld oplevert, kunst omdat het de economie stimuleert en multiculti omdat het werk toch door íemand gedaan zal moeten worden.

Ik zie een doorslaggevende reden om de samenwerking beslist niet te laten, maar vooral niet te ver te voeren. Die reden is van tactische aard, ik geef het toe. Want principieel zijn de onderlinge verschillen op links natuurlijk kleiner dan de kloof met rechts (ik blijf maar even via de links-rechts-lijn redeneren om dit verhaal niet te gecompliceerd te maken, al ken ik natuurlijk ook de kwadranten en de hoefijzers die de politieke werkelijkheid wel wat beter of in elk geval genuanceerder verbeelden en bijvoorbeeld laten zien dat D66 en VVD op sommige terreinen dichter bij GroenLinks staan dan de SP).

In de media-democratie waarin we ons nu eenmaal bevinden, krijgen drie partijen grosso modo drie keer zo veel aandacht als één partij. Die vuistregel gaat niet in alle opzichten op, maar bijvoorbeeld bij het grote ‘lijsttrekkersdebat’ heb je meer inbreng als er drie linkse partijleiders hun geluid mogen laten horen dan wanneer we maar met ééntje vertegenwoordigd zijn.
En zoals je christelijk-rechts, ondernemers-rechts en dom-rechts hebt, kun je maar beter ook alle toonaarden van het linker orkest laten horen. Want in de werkelijkheid waarin de kiezer leeft op het moment waarop hij in het stemhokje staat, kan een CDA-er zomaar vertrouwen krijgen in de PvdA-voorman, een PVV-er zijn hoop stellen op de SP en een VVD-er zomaar kiezen voor een duurzame variant van het liberalisme.

Drie keer links is dus gewoon meer dan één keer links.


John Swelsen

John Swelsen

Hyves Linkedin Twitter

Waar zit de ruimte in het Lenteakkoord?

GroenLinks-voorzitter Joop Ouborg heeft de collegepartijen opgeroepen om de uitgangspunten van het collegeakkoord van SP, VVD, GroenLinks en D66 nader te bediscussieren. Het gaat dan met name om de financiële afspraken. De vraag is waar liggen de mogelijkheden?

De financiële spelregels van het Lenteakkoord zijn voor een groot deel in beton gegoten doordat geld van de Rijksoverheid voor specifieke doelen is bestemd. Geld dat is gelabeld en bijvoorbeeld voor uitkeringen is bedoeld mag niet worden gebruikt om stoeptegels te leggen. Verder sluit ik uit dat het tekort op de begroting verder kan oplopen, dat zou de gemeente Arnhem ernstig in de problemen kunnen brengen. Als die elementen uit het akkoord worden gefilterd blijven er een drietal afspraken over waar de discussie zich dan op zou kunnen toespitsen.

Drie afspraken
Ten eerste de gemeentelijke belastingen, de onroerend zaak belasting en rioolheffing. In het akkoord staat dat deze niet meer dan de gemiddelde prijsstijging in Nederland mogen stijgen. Het college heeft de Arnhemse burger voorgehouden dat men wil voorkomen dat deze meer aan de gemeente gaat betalen.
Een tweede afspraak is dat wethouders hun eigen begroting op orde hebben. Hogere kosten of tegenvallende uitgaven moeten binnen de eigen begroting worden opgelost.
Tenslotte worden financiële meevallers in principe niet gebruikt voor nieuwe uitgaven maar om tegenvallers op te lossen of te reserveren voor toekomstige tegenvallers.

De laatste voorwaarde is naar mijn inschatting het minst explosief, maar helaas ook het minst voor de hand liggend. De verwachting is dat op allerlei deelterreinen de kosten zullen oplopen en er mogelijk eerder met tegenvallers dan op meevallers gerekend moet worden.
De eerste twee mogelijkheden doornemend rijst de vraag of de VVD en de strenge rekenmeester Leisink (wethouder Financiën, D66) hier veel voor voelen. Indien GroenLinks en SP echter hun sociale gezicht willen redden is het wel noodzakelijk om ergens rek te vinden in de begroting. Het bezuinigingspakket van 25 miljoen, waarvan twee miljoen ten koste van armoedebeleid, is met veel pijn en moeite tot stand gekomen.
Het zal derhalve creativiteit en durf vragen om middelen vrij te maken voor sociaal beleid. Daarbij bestaat natuurlijk ook de mogelijkheid om steun te zoeken bij de oppositie, waarbij naast PvdA, CDA en ChristenUnie ook de lokale fracties blijk hebben gegeven van een sociale inborst. Het liberale blok van VVD en D66 is in de Arnhemse gemeenteraad in de minderheid.

De tweede helft
De tweede helft van de collegeperiode gaat over een paar maanden in. Dan zijn de verkiezingen van 2014 dichterbij dan de datum van het akkoord. De ervaring leert dat dit altijd zijn weerslag heeft op coalities. Partijen willen met een positief verhaal naar de kiezer.
Het wachten is nu op de reactie van de andere partijen.

Geschreven voor ArnhemDichtbij

donderdag, 19 januari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Last.fm Twitter

Compassie

In groenlinks, politiek, weblog, afschaffen, angst, begrip, cda, columns, compassie, en meer.

In spanning wachten velen binnen, maar zeker ook buiten het CDA, op de uitkomsten van het Strategisch Beraad. Eén groep maakt zich alvast zorgen en wel over het begrip ‘compassie’ dat door Jacobine Geel (net als partijvoorzitter Ruth Peetoom een theologe) centraal gesteld zou worden. Opvallend genoeg pleitte voorzitter Ruard Ganzevoort bij het jubileum van de Linker Wang ook al voor politiek met compassie als nieuw uitgangspunt voor linkse door het geloof geïnspireerde politiek. Ik hoef er niet bij te vertellen dat hij eveneens theoloog is. Ik moet er wel bij zeggen dat ik toen enige aarzelingen had, al was het maar vanwege het feit dat Bush jr. zich in de presidentiële race van 2000 als ‘ compassionate conservative’  presenteerde. Een ideologie waarin de overheid zich zoveel mogelijk terugtrekt, maar in alle hardheid nog een klein zacht randje heeft.

De angst van het groepje CDA’ers was dat compassie te veel de nadruk zou leggen op afhankelijke en zielige mensen, terwijl het CDA onder Balkenende al die jaren toch ‘eigen verantwoordelijkheid’ had gepredikt. De redenering klonk ongeveer zo: wie het heeft over compassie, kan geen PGB meer afschaffen of Mauro terugsturen naar Angola. Best wel lastig voor de twee CDA-bewindslieden die deze twee pittige dossiers onder hun hoede hebben. Compassie was volgens deze leden prima als levenshouding, maar niet als politiek richtsnoer. Een beetje zoals anderen zeggen dat religie prima is, zolang je dat maar thuis of in de kerk doet, maar er niet het publieke domein mee betreedt.

Om twee redenen vind ik de afwijzing van compassie merkwaardig. De eerste is dat het een uitgangspunt is en geen dwingend voorschrift. In concrete situaties zal compassie toegepast moeten worden en daarin kan een ieder zijn of haar individuele keuzes maken. In die zin is compassie niet anders dan solidariteit of rentmeesterschap: wat het betekent, volgt niet uit het begrip zelf, maar blijkt uit het feitelijke handelen van degenen die zich door deze uitgangspunten laten leiden. De tweede reden heeft te maken met de letterlijke manier waarop compassie vaak lijkt te worden uitgelegd: als medelijden, waarbij de associatie met hulpeloos en zielig al snel is gelegd. Eigenlijk is het – zeg ik als (achter)(achter)(klein)zoon van theologen – mooier en beter om over mededogen te spreken. Compassie ligt dan heel dicht bij naastenliefde, solidariteit, omzien naar de ander. Daarmee wordt de relatie ook gelijkwaardig en minder in simpele tegenstellingen als de slimmerd en de sukkel, de rijke en de arme, de geslaagde en de mislukte. Mededogen is meevoelen met de ander, je in hem of haar verplaatsen, je echt verbonden voelen.

Als dat compassie is, past het volgens mij prima in het gedachtegoed van GroenLinks én van het CDA. Wat zou het mooi zijn als compassie helpt om de gure rechtse wind uit het CDA weg te blazen. Wie weet staat dan onverwacht een nieuwe lente voor de deur.

Theo Brand

Theo Brand

Compassie is mededogen met alles wat leeft

Hieronder mijn lezersbrief in dagblad Trouw van 19 januari 2012 (oorspronkelijke versie).

Compassie betekent medelijden, schrijft dagblad Trouw (18 januari) naar aanleiding van een discussie binnen het CDA over dit begrip. Maar een betere vertaling van compassie is mededogen. Mededogen met alles wat leeft, in het bijzonder met wie en wat extra aandacht behoeft. Dat is een noodzakelijke aanvulling op vrijheid en het vormt een nieuwe invulling van de waarden solidariteit en verantwoordelijkheid. Geen wonder dat De Linker Wang – de progressieve beweging voor religie en politiek verbonden met GroenLinks - het begrip al omarmde voordat het CDA erover sprak. Misschien ligt daar ook de politieke gevoeligheid? 

 Theo Brand, Zwolle

dinsdag, 17 januari 2012

Pieter Kos

Pieter Kos

Twitter

Definitief einde van D66 als partij voor goed Openbaar Vervoer?

Afgelopen week maakte de Leidse VVD fractievoorzitter Paul Laudy bekend dat hij het wel ziet zitten om de gereserveerde gelden voor Openbaar Vervoer in Leiden te gaan besteden aan het asfalt van de Ringweg Oost. Niet heel verbazingwekkend omdat de Leidse VVD al jaren is verwikkeld in een wedstrijdje asfalt-verplassen met het CDA. GroenLinks vindt [...]

zaterdag, 14 januari 2012

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Publicatie beledigingen Cor Bosman opent doofpot PVV.

In politiek, limburg, pvv, wilders, agenda, bosman, cda, coalitie, christelijke, en meer.
Voor de verkiezingen voor Provinciale Staten in Limburg schreef de kandidaat voor de PVV-Limburg Cor Bosman in een e-mailbericht aan partijgenoten over kandidaat voor de PvdA Selçuk Öztürk: “Hij is wat mij betreft niets meer en niet minder dan een stuk uitgekotst halalvlees, gemaakt van Turks varken”.
Enkele maanden later verlaat PVV – statenlid Harm Uringa de fractie van de PVV zonder de ware redenen te noemen.
Een jaar later, op vrijdag 13 januari 2012, publiceren de regionale kranten Dagblad De Limburger en Limburgs Dagblad de uitspraken van Bosman. Het bericht van Bosman en de notulen van de vergadering van de PVV-fractie hierover zijn uitgelekt, waarschijnlijk via ex-PVV-er Uringa. Bosman vindt naar aanleiding van de publicatie Uringa een “narcistische zak”.

Cor Bosman heeft met zijn schriftelijke uitspraken volledig buiten de politieke mores geplaatst en niemand zal hem ooit nog serieus nemen. Hij heeft bewezen dat hij er een dubbele moraal op nahoudt. En hier geldt de overtreffende trap van “wie wind zaait zal storm oogsten”.

De PVV-fractie onder leiding van Laurence Stassen heeft het in de doofpot gestopt in de hoop ermee weg te komen. In een reactie schreef ze vorig jaar over het bericht van Bosman dat hij een punt heeft, maar “dit soort taalgebruik kan echt niet”. Het blijft echter bij excuses van Bosman binnen de fractie.
Nu, een jaar later, is door de publicatie “de affaire te groot geworden” en is Bosman uit de fractie gezet. Maar nu nog vindt Stassen Cor Bosman een loyaal PVV-er. Ze wil wel excuus maken. Ze vindt dat ze niet de beroerdste is. Het lijken daarmee niet echt welgemeende excuses.

Volgens Thijs Coppes van de SP-fractie wisten de gedeputeerden Antoine Janssen en Theo Krebber van de PVV het en hebben hun mond gehouden. Omdat ze voordeel hebben van hun huidige positie, hielpen ze mee aan de doofpotcultuur binnen de PVV.

Ook Geert Wilders wist ervan en had zelfs beloofd in te grijpen. Dat is niet zichtbaar gebeurd. Ook Wilders heeft de doofpot gehanteerd om de schade te beperken. Maar zoals wel vaker meet Wilders met twee maten en is hij in normen en waarden veel toleranter ten opzichte van zijn PVV-ers dan anderen in de politiek en samenleving. Dat heeft hij ook bewezen binnen zijn Tweede Kamerfractie.

Het uitlekken wordt door de PVV erger gevonden dan de uitspraken. Laurence Stassen vindt het laakbaar. Harm Uringa krijgt het verwijt een verrader te zij. Het is een beproefde tactiek om de boodschapper zwart te maken en daarmee een fout te verdoezelen. Maar Harm Uringa hield de eer aan zichzelf. Hij was wellicht nog te loyaal aan de PVV omdat hij nog een half jaar heeft gewacht met uitlekken. Maar hij moet worden gewaardeerd als klokkenluider: ” Voor het slagen van het kwade hoeft niets meer te gebeuren dan dat de goeden niets doen”.

Coalitiepartners CDA en VVD vinden dat deze coalitie zo’n goed werk doet dat dit geen consequenties hoeft te hebben voor de samenwerking. Voor hun telt in toenemende mate het geloof in het niet zo Christelijke “het doel heiligt de middelen”. Maar zij moeten beseffen dat “wie met pek omgaat, wordt ermee besmet”.

We moeten met respect met elkaar omgaan. Politici moeten hierin het goede voorbeeld geven. Uit politieke motieven haat zaaien is een groot risico voor onze samenleving. En politici met een dubbele moraal of dubbele agenda zijn niet te vertrouwen. Dat geldt voor de hele PVV-top.

ZinenRede

ZinenRede (Frans Henfling)

Linkedin Twitter

Het menu: CDA leeft!

In het menu, niet op voorpagina, camiel eurlings, cda, henk bleker, jack de vries, jan kees de jager, maxime verhagen, nrc, en meer.
Na lang aarzelen heb ik besloten om toch maar lid te worden van het CDA. Zoiets schijnt goed te combineren te zijn met het abonnement op het NRC, dat ik al jarenlang bezit. Bovendien kan ik dan deelnemen aan de herbronning waar het CDA druk mee doende is. In welke partij kan je vrouwen in de billen knijpen zoals Ruud Lubbers, rollebollen met ondergeschikten zoals Jack de Vries, gewoon lekker scheiden zoals Camiel Eurlings, een heerlijk groen blaadje opsnoepen zoals Henk Bleker of de darkroom bezoeken zoals Jan Kees de Jager? Het CDA leeft, verandert en heeft een nieuwe een opvatting over de ‘hoeksteen van de samenleving’. Ik wacht met mijn lidmaatschap tot het moment waarop naar buiten komt dat Maxime Verhagen een relatie blijkt te hebben met een minderjarig jongetje. Heerlijk, Sodom en Gomorra in de polder, wie wil daar niet bij zijn! Fatsoen moet je doen, ook al heb je poep aan je schoen.

donderdag, 12 januari 2012

ZinenRede

ZinenRede (Frans Schütt)

Linkedin Twitter

Het menu: CDA herbront

In het menu, niet op voorpagina, cda, duurzaamheid, hypotheekrenteaftrek, jezus christus, maxime verhagen, socialistisch, kabinet, en meer.
Het strategisch beraad van het CDA - in paniek door de vrije val van de partij onder leiding van Maxime Verhagen - is aan het herbronnen geslagen en komt tot de conclusie dat de huidige hypotheekrenteaftrek pervers is, dat er te veel nadruk ligt op de verschillen tussen allochtoon en autochtoon en dat er meer aandacht moet zijn voor duurzaamheid. Ineens staat de partij weer ergens en wel 'radicaal in het midden'. Velen zien in het omarmen van deze inzichten een spoedig einde van het huidige kabinet, dat de hypotheekrenteaftrek tot zijn heiligenhuisje heeft verheven. Maar dan kent men het CDA niet; een ware meester in het verleiden van kiezers met uiterst humane gedachten, om vervolgens het tegenovergestelde ten uitvoer te brengen. De partij vertegenwoordigt immers een eeuwenlange traditie van schijnheiligheid. Het is in wezen simpel: een partij die het gedachtengoed van Jezus Christus serieus neemt, kan niet anders dan een socialistische partij zijn. Het christelijke kernbegrip van naastenliefde verhoudt zich nu eenmaal slecht tot het rauwe kapitalisme van deze tijd. De enige keer dat Jezus zichzelf vergat, was toen hij in toorn ontstoken al die CDA-mensen van zijn tijd met hun zilverlingen uit de tempel joeg. Dezelfde mensen die hem vervolgens gekruisigd hebben.

woensdag, 11 januari 2012

Claire Vaessen

Claire Vaessen

Twitter GR

Een nieuwe raadzaal naast het stadhuis

Deze week zijn raadsleden voor maar liefst drie ceremonies uitgenodigd: de nieuwjaarsreceptie in het stadhuis, de officiële opening van het stadhuis en de eerste raadsvergadering in de nieuwe raadzaal.

In zijn nieuwjaarstoespraak memoreerde onze burgemeester dat op 9 november 2006 de Raad “unaniem de voorkeur” uitsprak dat men weer wilde gaan vergaderen in het stadhuis. Die stelligheid zou ik niet voor mijn rekening durven nemen.

De bewuste raadsvergadering markeerde wel het enige, maar meteen ook het laatste moment waarbij de zes fracties allemaal uitspraken niet tégen terugkeer van de raad naar het stadhuis te zijn. VVD, CDA en SP met stelligheid (zo snel mogelijk terug); GroenLinks, PvdA en D66 met een slag om de arm (op voorwaarden).

Wat echter telt zijn niet in raadsvergaderingen uitgesproken voorkeuren van fracties, maar besluiten die formeel en in meerderheid genomen worden. En natuurlijk het geld dat daarbij beschikbaar gesteld wordt. Het ging toen, in 2006, bovendien alleen over terugkeer naar het stadhuis zelf; nieuwbouw was nog helemaal niet aan de orde.

Het besluit om voor de raadsvergaderingen toch niet terug te keren naar het (oude) stadhuis, maar een nieuwe raadzaal te bouwen werd pas eind 2009, begin 2010 genomen. Van unanimiteit binnen de raad was toen geen sprake. De renovatie van het stadhuis was nodig en gewenst, maar het plan om daarbij een nieuwe raadzaal te bouwen vonden we geen goed idee. GroenLinks en SP dienden vergeefs een motie in om af te zien van nieuwbouw en bijvoorbeeld theater en raadzaal te combineren. Een amendement om het budget te verlagen haalde het ook niet. Voor de 50 à 60.000 euro die de nieuwbouw jaarlijks aan kapitaallasten zou gaan kosten konden we een nuttiger bestemming bedenken ; daarom was de GroenLinksfractie vorig jaar ook niet aanwezig bij het slaan van de eerste paal voor de nieuwe raadzaal.

Nu is de raadzaal een feit en wordt morgen in gebruik genomen. De gemeenteraad keert niet terug naar het stadhuis, maar trekt in een nieuw pand dat er tegenaan is gebouwd. Het stadhuis is mooi geworden en de nieuwe raadzaal zal ongetwijfeld aan de eisen die we eraan stellen voldoen. De tijd zal leren of de sfeervolle historische omgeving bijdraagt aan een goed debat en betere besluiten. In elk geval zal de raadzaal het hart van de democratie in Culemborg worden; de plek waar volksvertegenwoordigers in openbaarheid wikken, wegen en besluiten.

Theo Brand

Theo Brand

Kiest het CDA voor een echte omslag?

Het CDA overweegt volgens de media ‘een ruk naar links’. De mogelijke koerswijziging blijkt uit gelekte plannen afkomstig uit het zogeheten Strategisch Beraad onder leiding van oud-minister Aart Jan de Geus. Veel christen-democraten zullen de koerswijziging eerder bestempelen als een terugkeer naar het politieke midden. Vooral macht en invloed maken een centrumpositie immers interessant. Maar een strategisch beraad is nog geen principieel beraad. En dat laatste is nodig is om een nieuw fundament onder de partij te leggen.

Als je door de waan van de dag stevig naar rechts bent meegezogen, dan sta je na verloop van tijd beteuterd in de hoek. Dan blijft er één richting over en dat is terugbewegen naar links. Zo verrassend is de koerswijziging daarom niet. De vraag is vooral: hoe ver durft het CDA te gaan? En komt de partij ook aan de progressieve kant van het politieke spectrum uit? Komt de koersverandering voort uit lijfsbehoud of is deze geboren uit een diepgewortelde overtuiging? En als dat laatste het geval is, wanneer volgt dan de erkenning dat de partij door fixatie op macht de afgelopen jaren op een ideologisch dwaalspoor terecht is gekomen?

Nu is de vraag wat de begrippen ‘links’ en ‘rechts’ precies inhouden nogal verschillend te beantwoorden. Dat is – helemaal voor middenpartijen als CDA en D66 – altijd een wat lastige zaak. Voor mij telt het criterium of een politieke partij culturele verdraagzaamheid, duurzame ontwikkeling en een eerlijke verdeling van welvaart, macht en inkomen bevordert of juist eerder frustreert. Zo bezien is het CDA op dit moment een conservatieve en rechts georiënteerde partij.

Politiek filosoof en emeritus hoogleraar politieke filosofie Henk Woldring stelde eerder in tijdschrift De Linker Wang: “Het politieke midden kan nooit je doelstelling zijn, het gaat om een visie op de samenleving. De christen-democratie moet uiteindelijk een gematigd progressieve politieke beweging zijn.” Woldring schreef in 1996 een doorwrochte filosofische studie over de beginselen van de christen-democratie en zat namens het CDA in de Eerste Kamer. In 2010 zegde hij diep teleurgesteld zijn partijlidmaatschap op.

Levert het CDA straks echt een politieke bijdrage om de dominante economische machten bij te sturen? Durft de partij weer politiek met een hoofdletter te bedrijven? Of blijft het CDA kiezen voor ongebreidelde marktwerking door een verdere terugtreding van de overheid, maar dan in een wat vriendelijker vorm met wat meer culturele openheid? Rechts, maar zonder scherpe kantjes in een wat lichtere variant? Of kiest het CDA voor een echte omslag?

Voor de politiek in het algemeen is het interessant of de koerswijziging van het CDA zal leiden tot de val van het Kabinet Rutte. Wat mij vooral boeit is de vraag of trouwe CDA-kiezers zullen doorzien dat de eeuwige slingerbewegingen van het CDA – of die nu van links naar rechts gaan, of juist van rechts naar links – vooral zijn ingegeven door macht en politieke strategie. En dat visiestukken als het recent verschenen ‘Mens, waar ben je?’ uiteindelijk ondergeschikt zijn aan politiek lijfsbehoud. Of ben ik nu te cynisch? Ik vermoed oprecht van niet. Toch wil ik als religieus geïnspireerde GroenLinkser het CDA het voordeel van de twijfel geven, maar wel met een nadrukkelijke kanttekening.

Natuurlijk is elke politieke partij bezig met macht en strategie. Wat dat betreft neem ik het CDA niets kwalijk. Politiek bedrijven valt of staat met macht en invloed. Maar voor het CDA lijkt politieke macht gaandeweg een doel en een principe op zichzelf te zijn geworden. Dat het CDA nu weereens wat naar links beweegt is daarom alles behalve opzienbarend.

Relevant is vooral de vraag of het CDA  niet alleen om strategische redenen naar links buigt, maar in het voetspoor van de ideeën van onder anderen Henk Woldring, ook definitief durft te kiezen voor een gematigd progressief profiel omdat de christen-democratische wortels van solidariteit, emancipatie en rentmeesterschap dat simpelweg vereisen.

Als die trend zich definitief zou doorzetten, komt het CDA in beeld als interessante en stabiele coalitiepartner voor PvdA, SP, D66, ChristenUnie en ook mijn eigen partij GroenLinks. Afhankelijk uiteraard van de vraag hoeveel Tweede Kamerzetels de partij kan inbrengen bij het realiseren van een nieuwe centrumlinkse regeringscoalitie.


dinsdag, 10 januari 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

GroenLinks: radicale systeempartij

Een willekeurige zin van een beginselprogramma van een Nederlandse politieke partij is “Vrijheid, democratie, rechtvaardigheid, duurzaamheid en solidariteit. Dat zijn de idealen van ….” Van welke partij is dit programma: D66? De VVD? Het CDA? GroenLinks?

De zin komt uit het PvdA-programma uit 2005, maar het had naadloos bij ieder ander van deze partijen gepast. Het roept de vraag op: Zijn de idealen van Nederlandse politieke partijen wel van elkaar te onderscheiden? Hebben GroenLinksers andere waarden dan PvdA’ers of VVD’ers?

Radicale anti-systeempartijen

Natuurlijk zijn er verschillen tussen de beginselprogramma’s van bepaalde politieke partijen: de Partij voor de Dieren, de ChristenUnie en de SGP, de SP en de PVV bieden ieder op hun eigen manier een fundamentele kritiek op de moderne samenleving. Dit zijn stuk voor stuk radicale anti-systeempartijen. En in hun beginselprogramma’s is dat ook goed zichtbaar:

  • De Partij voor de Dieren stelt dat onze antropocentrische samenleving het welzijn van dieren opoffert voor het welzijn van mensen. Dit is een fundamentele kritiek op onze maatschappij die in zijn geheel is gericht op verzekeren van rechten en kansen voor mensen.
  • De PVV levert een fundamentele kritiek op een heel scala van bestaande instituten: de parlementaire politiek die niet meer luistert naar de stem van de gewone Nederlander; de Europese Unie die Nederlanders het recht ontzegt om over eigen aangelegenheden te beslissen; de multiculturele samenleving die Nederland haar eigenheid ontneemt.
  • Ook de SP heeft een fundamentele kritiek en wel op het kapitalisme. Zeker haar beginselprogramma van 1999 bevat diep-socialistische cultuurkritiek: de samenleving dreigt een neo-liberale ‘brutopia’ te worden waar het kapitalisme “normloos en ongeremd” de menselijke waardigheid verkwanselt.1
  • De SGP bekritiseert de hedendaagse samenleving omdat deze van Gods pad is afgeweken. In haar houding ten opzichte van vrouwen en homo’s kan je het radicalisme van de SGP het beste zien. Terwijl homo- en vrouwenrechten door bijna iedere Nederlander onderschreven worden, wijst de SGP deze, verwijzend naar Bijbelteksten, af.
  • Het beginselprogramma van de ChristenUnie kenmerkt zich ook door een zelfde beroep op God en bevat een groot aantal verwijzingen naar Bijbelse teksten.2

De andere partijen, CDA, VVD, D66, GL en PvdA onderschrijven allemaal een sociaalliberaal programma. Als we de kritiek van de PvdD, PVV, SP en SGP analyseren, zie we ook wat dat sociaalliberale programma inhoudt: het stelt, in tegenstelling tot de PvdD, mensen centraal. Er is een brede consensus in Nederland dat de overheid primair de ontplooiing van mensen mogelijk moet maken. Het gaat, in tegenstelling tot de PVV en de SGP, uit van het constitutionele principe van gelijkberechtiging: onafhankelijk van hun geslacht of seksuele voorkeur kunnen burgers rekenen op dezelfde vrijheden. Hetzelfde geldt voor het geloof: christen, moslim of atheïst kunnen rekenen op dezelfde vrijheden. In tegenstelling tot de SP balanceert het programma markt, staat en maatschappelijk initiatief, in plaats van alle nadruk bij de staat te leggen. Het sociaalliberale programma plaatst Nederland midden in de wereld, terwijl de PvdD, PVV, de SP, CU en de SGP allemaal euroskeptisch zijn. Het Europese project is een project van de systeempartijen.

Sociaalliberale systeempartijen

Maar is er dan geen verschil tussen het gedachtegeoed van de vijf sociaalliberale partijen? Van GroenLinks tot VVD lijken deze partijen een breed sociaalliberaal programma te onderschrijven:

  • individuele vrijheid van mensen staat voorop;
  • voor deze vrijheid is wel een overheid nodig die de ontwikkelingskansen van mensen verzekert door goed onderwijs en een vangnet voor hen die het niet redden, in de vorm van de sociale zekerheid maar ook een tolerante en solidaire samenleving nodig;
  • er is een balans tussen de overheid, de vrije markt en ruimte voor maatschappelijk initiatief;
  • het huidige democratische constitutionele stelsel, balans tussen parlement en kabinet, scheiding van kerk en staat, burgerlijke en sociale rechten, wordt onderschreven;
  • Nederland staat open voor de wereld en werkt samen in Europa;
  • en de belangen van toekomstige generaties worden meegenomen in sociaal-economische afwegingen.

Fundamentele verschillen in mensbeeld zijn er niet tussen deze partijen: al deze partijen leggen een nadruk op het individu, maar wel een individu dat participeert in een samenleving, in het gezin, op de werkvloer, in verenigingen en in de democratie. Natuurlijk zijn er nuanceverschillen en verschillen in nadruk tussen politieke partijen, bijvoorbeeld: in de balans tussen overheid, markt en maatschappij hebben PvdA, VVD en het CDA ieder hun eigen voorkeur. De PvdA verdedigt de sociale zekerheid, het CDA legt de nadruk op het maatschappelijk initiatief en de VVD op de vrije markt.

Socialists are liberals who really mean it

Maar waar staat GroenLinks? Is haar programma inwisselbaar voor dat van de PvdA of D66? Misschien in woorden wel. Al deze partijen delen woorden als vrijheid, solidariteit en duurzaamheid. Maar in de uitwerking van het programma worden de verschillen wel degelijk duidelijk: dit brede sociaalliberale programma is voor GroenLinks een opdracht voor verregaande herverdeling, voor principiële rechtsstatelijkheid, voor een fundamentele vergroening en voor radicale internationalisering.

Socialists are liberals who really mean it. Vrijheid is meer dan alleen het recht om zelf te kiezen. We moeten mensen ook de middelen en de mogelijkheden geven om regie te nemen over het eigen leven. CDA, VVD, GroenLinks, D66 en de PvdA delen het idee dat mensen in de eerste plaats verantwoordelijk zijn voor hun eigen leven. Maar alleen GroenLinks verwoordt consequent dat als mensen niet in staat zijn om zelf verantwoordelijkheid te nemen, de overheid hen moet ondersteunen om verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen leven. ‘Socialisme ter wille van het individualisme’, noemde Jacques de Kadt dat.

Of neem de rechtsstatelijke houding van GroenLinks. Als we echt geloven in onze constitutionele orde, de principes en rechten die zijn vastgelegd in onze Grondwet, dan moeten we deze niet opgeven als we onder druk komen te staan van terreur. Een principe hebben betekent aan iets vast houden, juist als dat niet makkelijk is. Vrijheid van meningsuiting geldt niet alleen voor mensen waar we het mee eens zijn. Dit betekent juist ook dat een radicale imam een abjecte orthodoxe versie van de islam mag uit dragen. Het gemak waarmee de VVD en het CDA burgerrechten wegwuiven vanwege terrorismebestrijding is geen teken van een verschil in prioriteiten (burgerrechten of veiligheid), maar van het feit dat deze partijen hun eigen waarden gewoon niet begrijpen. Sterker nog, als je echt gelooft in onze constitutionele orde, dan moeten we die tanden geven door rechters de mogelijkheid te geven om wetten af te wijzen omdat ze in strijd zijn met constitutionele principes. Alleen dan neem je de Grondwet echt serieus.

Het GroenLinks-programma is natuurlijk bijzonder radicaal waar het het milieu en klimaat betreft. Maar dit is niet meer dan een consequente uitvoering van het beginsel van duurzaamheid dat alle partijen delen. En zelfs dat is nauwelijks als een beginsel op zich te zien. Duurzaamheid betekent niet meer en niet minder dat je je eigen ideaal van een maatschappij waar mensen zich kunnen ontplooien zo serieus neemt dat je wilt dat die maatschappij er ook voor onze kinderen nog zal zijn. Duurzaamheid is geen ideaal op zich, maar slechts een consequente houding ten opzichte van je idealen. Maar dat heeft wel radicale implicaties: willen we onze samenleving die welvaart, kansen en werk relatief rechtvaardig verdeelt behouden, dan moeten we onze economie fundamenteel vergroenen.

GroenLinks wordt gekenmerkt door een internationale houding: met een open blik naar de wereld kiest GroenLinks voor Europese samenwerking en voor de ontwikkeling van andere landen. Internationalisme behoort tot de vezels van het sociaalliberale programma. De Nederlandse grondwet onderschrijft het principe van een internationale rechtsorde. De gevestigde liberale, sociaaldemocratische en Christendemocratische partijfamilies stonden allemaal aan de wieg van Europese samenwerking. De internationale houding van GroenLinks is niets anders dan een consequente houding: de grote crises van dit moment, de klimaatcrisis en de economische crisis, vereisen een internationaal antwoord. We kunnen deze problemen niet in ons eentje aan. We moeten internationaal samenwerken om onze samenleving te verduurzamen en onze idealen in de praktijk te brengen. De natiestaat voldoet niet meer om dat sociaalliberale programma uit te voeren. En zelfs waar het ontwikkelingssamenwerking betreft, is de achterliggende houding niet meer en niet minder een van consequent zijn: als je gelooft dat iedere burger beschermd moet zijn tegen geweld en recht heeft op een fatsoenlijk bestaan, dan moet je erkennen dat er geen rationele grondslag is om deze principes te beperken tot de nationale staat. Als je gelooft in dat vrije individu, waarom heeft Jan uit Urk dan wel recht op individuele vrijheid, maar Jan uit Timboektoe niet?

Radicale systeempartij

Het hele GroenLinks-programma, groen, sociaal, internationaal en vrijzinnig, is niets meer en niets minder dan een consequente uitvoering van wat al die andere systeempartijen vinden. Een groot deel van de Nederlandse politiek onderschrijft een breed sociaalliberaal programma, dat oog heeft voor de toekomst en over de grenzen kijkt. GroenLinks een radicale partij, maar niet een radicale anti-systeempartij zoals PVV, PvdD, SGP en SP. GroenLinks geeft radicaal consequent uitvoering aan het breed gedeelde sociaalliberale programma: GroenLinks is een radicale systeempartij.

noten

1 Overigens is de SP in de laatste jaren sociaaldemocratischer geworden en heeft ze een groot deel van haar fundamentele kritiek laten varen, ze past daarmee beter in de sociaalliberale consensus.

2 Echter, recent probeert de CU haar gedachtegoed te verwoorden in woorden als “duurzaamheid, vrijheid en dienstbaarheid” die inwisselbaar lijken voor de waarden van de VVD, het CDA of GroenLinks. Ook deze partij sluit steeds meer aan bij de sociaaliberale consensus.

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Wet op Uitgestelde Teleurstelling

Zal 2012 het jaar worden waarin Poetin alsnog van het politieke toneel in Rusland verdwijnt en dit toneel meer werkelijkheid en minder fictie gaat kennen? En zal in 2012 in Egypte de lente wel definitief doorbreken, evenals in Libië en Tunesië? Wordt Obama herkozen? En nemen de Chinezen via Weibo definitief afscheid van de tucht en orde die ‘hun’ communistische partij hen oplegt? En is eind 2012 de eurocrisis vooral een akelige herinnering, net als het kabinet van CDA, VVD en PVV?

We zijn geneigd altijd te optimistisch te zijn. Ik tenminste. Dus als ik de vragen zou vervangen door stellige overtuigingen neem ik een zware hypotheek op mijn persoonlijke gemoedsrust. En zware hypotheken zijn ongezond. Dat hebben de afgelopen jaren me wel geleerd. Konden we de toekomstverwachting maar op huurbasis aannemen en medio 2012, als het tegenvalt of juist meevalt, verkassen naar een nieuwe verwachting. In gelul schijn je niet te kunnen wonen, maar in verwachtingen is het soms goed toeven. Daar kun je aardig gesust door worden. Tot het gordijn van Actualiteit ruw open gaat en je je verwachting ziet verdwijnen als mist opgejaagd door de zon.

Maar goed, dit alles is hypothetisch en metagnomie is niet mijn ding. Op 2012 zal ik waarschijnlijk met net zo veel wrevel en teleurstelling terugkijken als 2011. Dat weet ik bijna als een wetmatigheid omdat voor 2011 zich jaren heb neergelegd die eenzelfde soort van gevoelens en gedachten achter hebben gelaten. En toch klinkt me dat ook weer te somber. Want al telt elk jaar afzonderlijk toch weer zijn dikke zware randen: decenniumgewijs voel ik me toch positief gestemd. Dat lijkt een vreemde tegenspraak. De som van de grijze delen is een soort van wit. Dat klinkt naar de geheime toverformule waar Keuringsdienst van Waren onlangs naar zocht toen ze wilde verklaren hoe uit massa’s grijs gerecycled papier stralend wit WC-papier gefabriceerd wordt. Filteren, filteren en filteren, zei de fabriek. Een stiekem afgeluisterd telefoongesprek wees uit dat dat niet alles was. Misschien dat mijn toverformule in het geheugen ligt en de wens om hoop te hebben. Daardoor kan ik me elk jaar nooit onttrekken aan teleurstelling over wat er wel en juist niet is gebeurd, terwijl over een groter tijdsvlak beschouwd ik allerlei hoopgevende ontwikkelingen zie.

Maar wie weet (zegt die hoopvolle stem in mij) breekt 2012 de Wet op de Uitgestelde Teleurstelling en zie ik over 12 maanden mooie antwoorden op al die boeiende vragen waar ik mijn blog mee begon.

zondag, 8 januari 2012

Arno Bonte

Arno Bonte

Hyves Twitter GR

Tweederde Nederlanders voor vuurwerkverbod

In cda, bron, feestje, gemeente, gemeenten, groenlinks, landelijke politiek, minister, nederlanders, en meer.

Tweederde van de Nederlanders is voor een verbod op consumentenvuurwerk. Dat blijkt uit een peiling van onderzoeksbureau No Ties in opdracht van de GroenLinks-raadsleden Arno Bonte (Rotterdam) en David Rietveld (Den Haag). Uit het onderzoek blijkt ook dat driekwart van de Nederlanders vuurwerk ziet als bron van overlast.

Op de vraag ‘bent u voor een verbod op vuurwerk voor particulieren?’ antwoordde 64 procent bevestigend, 33 procent is het daar niet mee eens. Van de voorstanders van een vuurwerkverbod wil tweederde dat er dan wel professionele vuurwerkshows worden georganiseerd. Opvallend is dat er bij de kiezers van alle partijen een meerderheid voor een vuurwerkverbod is. GroenLinks scoort met 78 procent voorstanders het hoogst, regeringspartijen CDA en VVD scoren het laagst, maar ook daar is er met 57 procent een ruime meerderheid voor een verbod.

Bonte en Rietveld zien de uitkomsten van het onderzoek als steun in de rug voor hun lobby om bij de jaarwisseling alleen nog professionele vuurwerkshows toe te staan. In 2009 verzamelden ze 65.000 handtekeningen voor een burgerinitiatief voor een verbod op consumentenvuurwerk. ‘Mensen zijn de overlast en ongelukken meer dan zat. De overgrote meerderheid van de Nederlanders wil dat Oud en Nieuw weer een feestje wordt’.

De raadsleden dringen er bij de landelijke politiek op aan om ‘het taboe op het vuurwerkverbod’ te doorbreken. “De houdbaarheidsdatum van de Nederlandse vuurwerktraditie is verlopen. Het is hoog tijd dat die traditie wordt gemoderniseerd.” Ze hebben minister Opstelten gevraagd om gemeenten in ieder geval zelf de mogelijkheid te geven een plaatselijk verbod op het afsteken van vuurwerk in te kunnen stellen.

Uit het onderzoek blijkt volgens Bonte en Rietveld dat een verbod op consumentenvuurwerk goed te handhaven is: 93 procent van de Nederlanders geeft aan zich daaraan te zullen houden, slechts 7 procent zou toch aan vuurwerk proberen te komen en dat afsteken. Van de ondervraagden zegt 22 procent een professionele vuurwerkshow te gaan bezoeken, als die met Oud en Nieuw in hun gemeente wordt georganiseerd.


zaterdag, 31 december 2011

Claire Vaessen

Claire Vaessen

Twitter GR

Sociaal ondernemen moet worden beloond

In raad, sociaal inkopen en aanbesteden, social return, sociale werkvoorziening, actualiteit, arbeidsmarkt, beleid, beperking, cda, en meer.

Nog niet over geblogd, maar zeker het vermelden waard, is dat in november ons Initiatiefvoorstel Sociaal inkopen en aanbesteden unaniem door de gemeenteraad is aangenomen.

Er gaat enorm veel veranderen in de nieuwe Wet Werken naar Vermogen. Er is flink minder geld beschikbaar en we worden geconfronteerd met een afname van het aantal beschermde werkplekken. Dat betekent een forse aanslag op de mogelijkheden van mensen die het toch al moeilijk hebben op de arbeidsmarkt. Zij moeten, idealiter, zoveel mogelijk een ‘gewoon’ dienstverband krijgen. De huidige regering verzuimt echter om werkgevers te prikkelen om deze mensen in dienst te nemen. Daarom moet de gemeente naar oplossingen zoeken. Immers de gemeente, Culemborg is, straks nog meer dan nu, financieel verantwoordelijk voor deze groep.

De gemeente heeft zeker eigen mogelijkheden om de kansen op werk van Culemborgers in een achterstandspositie te vergroten. Zo koopt de gemeente zelf veel in en moet grote opdrachten aanbesteden. Waar het initiatiefvoorstel op neerkomt is dat de gemeente voorrang moet gaan geven aan bedrijven die zich sociaal gedragen. Concreet gaat het om bedrijven die een kans bieden aan mensen die moeilijk aan werk kunnen komen: mensen met een lichamelijke of psychische beperking, weinig opleiding of langdurig werklozen. In het inkoop- en aanbestedingsbeleid van de gemeente moet het sociale aspect daarom een van de gunningscriteria worden.

Een van de manieren om bezwaren te overkomen en dit nieuwe beleid soepel te laten verlopen zou het instellen van een Fonds Social Return kunnen zijn. Opdrachtnemers of leveranciers zijn dan verplicht een percentage van de aanneemsom in dat fonds te stoppen. Zij kunnen het gestorte geld weer terugverdienen door het bieden van arbeids-, stage- of leerwerkplekken.

De indieners, GroenLinks, PvdA en CU,  hadden snel en slagvaardig willen handelen. Al in 2012 het onderzoek naar de haalbaarheid van sociaal inkopen en aanbesteden en het fonds willen afronden. En zo mogelijk komend jaar nog het nieuwe inkoop- en aanbestedingsbeleid willen vaststellen. De coalitie dacht daar jammer genoeg anders over. Blijkbaar heeft de coalitie geen haast als het gaat om een zaak die kwetsbare mensen aangaat.

De wethouder vertelde dat hij in de regio aan het werk is om de diverse aanbestedingsregels van gemeenten gelijk te trekken. Dat lijkt een stap in de goede richting. De raad was daar nog niet eerder over geïnformeerd. De wethouder voorspelde echter ook dat het Culemborgse inkoop- en aanbestedingsbeleid hetzelfde zou blijven of slechts marginaal zou afwijken.

Wat GroenLinks betreft zou het initiatiefvoorstel juist daarom een stevige steun in de rug zijn en de onderhandelingspositie van de wethouder in de regio versterken. Immers, ook de Tielse gemeenteraad heeft een GroenLinks- initiatiefvoorstel sociaal inkopen en aanbesteden aangenomen. Gelukkig sprak de wethouder zelf ook uit dat het voorstel zijn beleid ondersteunde.

Het debat in de raad ging, jammer genoeg, niet of nauwelijks over de inhoud. VVD, CDA, d66 en SP spraken vooral over de procedures: of de wethouder voor de voeten gelopen werd; of het niet beter was af te wachten; wanneer de raad weer “in stelling” zou zijn; of het initiatiefvoorstel niet eigenlijk ‘motie’ genoemd moest worden.

Wat dat laatste betreft: nou nee. Een motie nodigt het college uit om iets te doen en is veel vrijblijvender. Een aangenomen initiatiefvoorstel dwingt het college aan het werk te gaan. In veel gemeenten is sociaal inkopen en aanbesteden al lang ingevoerd. Dat Culemborg er daadwerkelijk mee aan de slag gaat en met resultaten komt is, gezien de actualiteit, hard nodig.

zaterdag, 24 december 2011

Toine van de Ven

Toine van de Ven

Hyves Twitter GR DWARS

Raadsvergadering: geen referendum over de IJzeren Man

Vorige maand gaf de raad het college de opdracht een ondernemer te zoeken voor de exploitatie van de IJzeren Man. Nu stelde de SP voor om het resultaat van deze zoektocht aan de Vughtse bevolking voor te leggen in een referendum. Een zeer interessante gedachte, maar helaas zonder steun in de raad.

De IJzeren Man is terecht een onderwerp dat vele Vughtenaren aan het hart gaat. Wat dat betreft lijkt het dan ook een ideaal onderwerp voor een referendum. Maar bij een referendum hoort ook een goede vraag. Een vraag waarbij het ongecompliceerde antwoord helder is. En dat botst met het eerdere raadsbesluit van vorige maand. Zoals ik eerder schreef stuurde een meerderheid van de raad het college op pad met een flinke boodschappenlijst. Daarmee is het kader gegeven en de interessantste vraag al democratisch beantwoord.

Volgens het raadsbesluit en bijbehorende motie – waar PvdA-GroenLinks en de SP tegen stemden – werd besloten dat het college op pad moest om een ondernemer te vinden om de IJzeren Man te exploiteren volgens de voorwaarden van de raad. In 2009 had de raad echter al heldere voorwaarden gesteld voor exploitatie en daarmee was dit besluit overbodig. Ik heb meermaals gesteld dat het college dit besluit moet uitvoeren in plaats van proberen te verruimen. VVD, GB, D66 en CDA dachten daar helaas anders over. Het college moet op pad en terugkomen met een Service Level Agreement (SLA) met een ondernemer. Zeg maar simpelweg een uitgewerkt contract met afspraken en voorwaarden voor de exploitatie.

In het voorstel van de SP wordt dit SLA voorgelegd aan de bevolking in een referendum. Een ja of nee tegen een pakket van afspraken. Maar interessanter was geweest om de vraag voor te leggen of de IJzeren Man überhaupt door derden geëxploiteerd mag worden. Of anders of de IJzeren Man een jaarlijkse bijdrage van de gemeente mag kosten. Dat zijn vragen die ik wel aan de bevolking had willen voorleggen, maar juist daarover heeft de gemeenteraad vorige maand een besluit genomen. Een besluit dat ik niet steun, maar wat wel door een democratische meerderheid wordt gesteund.

Alle andere fracties gaven in de commissie al direct aan dat ze het SP-voorstel niet zouden steunen. CDA en VVD beriepen zich daarbij zelfs op een principieel anti-referendum standpunt – wij zijn immers gekozen als vertegenwoordigers – maar vier jaar geleden heeft de voltallige gemeenteraad, dus ook het CDA en de VVD, ingestemd met een referendumverordening. PvdA-GroenLinks wilde vooral meer informatie hebben en met elkaar bediscussiëren wat de voor- en nadelen zijn. Deze discussie was meer een gesprek tussen de SP en PvdA-GroenLinks, omdat alle andere fracties al geoordeeld hadden.

Dat er geen referendum ging komen was dus al duidelijk. Tijdens de raadsvergadering heb ik nog geprobeerd om een alternatief te toetsen om de bevolking te betrekken bij de resultaten van de zoektocht van het college: een kwalitatief onderzoek oftewel een enquête. Dat geeft ons als raad veel meer informatie over de keuzes van de bevolking. Waarom voor of tegen? Onder welke voorwaarden mag het wel? Maar ook daar bleek snel geen draagvlak voor te zijn. En daarmee was het referendum – én een andere manier van volksraadpleging – snel van de baan… Jammer, want het is een interessante gedachte, alleen hadden we dat moeten bedenken voordat de raad een raadsbesluit nam.

donderdag, 22 december 2011

Tom van den Nieuwenhuijzen

Tom van den Nieuwenhuijzen

Hyves Twitter GR

Raadslid van het jaar

In eindhoven, gemeenteraad, raadslid van het jaar, cda, fractie, dieren, prijzen, pvda.

Nee, dit jaar ben ik niet in de prijzen gevallen bij de Raadslid van het Jaar verkiezingen. Winnaar was Arnold Raaijmakers (PvdA) die volgens de jury met kop- en schouders boven de anderen uitstak en met grote voorsprong had gewonnen. Andere genomineerden in de categorie raadslid van het jaar waren Mieke Verhees (PvdA), Maarten Houben (CDA) en Bianca van Kaathoven (SP).
Wel was ik genomineerd in de categorie “Politiek talent van het jaar”. Samen met Karin Wagt (CDA) en Ferry van de Broek (VVD) behoorde ik tot de laatste drie. Karin Wagt was uiteindelijk de winnaar.
De PvdA ging er, samen met het CDA, vandoor met de prijs beste fractie.
Via deze weg nogmaals mijn hartelijke felicitaties voor de PvdA (en Arnold in het bijzonder) en het CDA (en Karin in het bijzonder). Zij hebben hiermee een mooie afsluiter van het jaar te pakken!

Gerelateerde blogs:

  1. Verkiezing raadslid van het jaar
  2. Een jaar raadslid – waar sta ik en wat heb ik bereikt?
  3. Vragen over wilde dieren in het circus

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 1040 uur (43,3 dagen). Berichtgemiddelde: 0,7 bericht per dag, 4,8 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5 6 7 8