dinsdag, 8 mei 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Duitse deserteurs "niet meer verkeerd"

In auto, duitsland, joachim gauck, de, kerk.

Op 5 mei hield de Duitse president Joachim Gauck in de Grote Kerk van Breda de traditionele 5 mei-lezing. Eén passage vond ik opvallend: "Ik behoor tot een generatie Duitsers die meestal pas op pijnlijke wijze heeft geleerd dat het oude gezegde "right or wrong - my country" niet meer kan gelden. We hebben geleerd dat er onderscheid moet worden gemaakt tussen een vaderland en een onrechtvaardig regime, dat verzetstrijders geen hoogverraad plegen of landverraders zijn, dat emigratie geen lafheid en desertie niet verkeerd hoeft te zijn".

Lees verder op Denk ik aan Duitsland...

Erik de Graaf

maandag, 7 mei 2012

Christian Jongeneel

Christian Jongeneel

Hyves Linkedin Twitter Youtube

De Europese economie, hoe nu verder?

In sargasso, duitsland, economie, europese, griekenland, links, de, frankrijk.
1836

De markten reageerden vanochtend meteen in mineur op de verkiezingen van gisteren: de euro verloor ten opzichte van de dollar en de beurzen openden fors lager, om daarna weer op te krabbelen. Griekenland wacht voorlopig politieke chaos en Frankrijk zal een linksere koers varen, maar wat gaat Duitsland doen?

Die vraag zal allicht komende zondag beantwoord worden, als de deelstaatverkiezingen in Noordrijn-Westfalen gehouden. Bij de verkiezingen in Sleeswijk Holstein gisteren ging de overwinning naar links. Met een FDP die naar links lonkt, moet Angela Merkel zich zorgen gaan maken om haar thuisfront, met landelijke verkiezingen in september in het vooruitzicht. Toegeven aan druk van Europese partners zal haar positie niet versterken, dus er zal naarstig gezocht worden naar manieren om de noodzakelijke versoepeling van het Europese begrotingsbeleid te bewerkstelligen zonder dat Duitsland de rekening betaalt.

(...)
Lees verder in De Europese economie, hoe nu verder? (nog 204 woorden)

zaterdag, 5 mei 2012

“Gegen Vergessen – für Demokratie”

In overpeinzingen, auke de leeuw, dodenherdenking, duitsland, herdenken, joachim gauck, verzoenen, waffen-ss, 4 mei, en meer.
De afgelopen dagen is er veel ophef geweest rondom de Dodenherdenking van 4 mei. Beschouwingen in grijstinten en geluiden van verzoening nemen toe, temeer daar het Duitsland van nu in geen enkel opzicht meer te vergelijken valt met het Duitsland van 1933 – 1945 en de verstandhouding tussen Nederland en Duitsland meer dan uitstekend is. Betekent verzoening dat we geen expliciete aandacht meer moeten besteden aan wat de Duitsers van toen en de medeplichtige Nederlanders de Joden, zigeuners en homo’s van toen hebben aangedaan? De Duitse president Gauck geeft het antwoord op deze vraag.

Eindelijk samen herdenken

In gouda, vrijheid, 4 mei, dodenherdenking, duitsland, herdenken, de, gebeurtenis.

De dodenherdenking op 4 mei blijft een gevoelig onderwerp. Terecht, bij iets dat zo’n belangrijke en ingrijpende gebeurtenis als de Tweede Wereldoorlog en de slachtoffers daarvan herdenkt. Er zijn nog velen die dit zelf hebben meegemaakt, en nog meer die er indirect de gevolgen van hebben ondergaan. Die nagedachtenis moet centraal blijven staan.

Maar dat betekent niet dat je al te krampachtig moet doen. Daarom ben ik ook blij dat gisteravond een delegatie uit zusterstad Solingen in Gouda was om de twee minuten stilte met ons mee te maken. Het had van mij ook gerust 10 jaar eerder al gekund, maar blijkbaar was nu pas de tijd rijp voor dit moment.

Het Duitsland van nu valt niet te vergelijken met 70 jaar geleden. Het verleden van toen drukt nog wel zwaar op het geweten van een hoop Duitsers. Als we samen stil kunnen staan bij de slachtoffers, in de wetenschap dat de huidige generatie Duitsers evenzeer stil zal staan bij de slachtoffers van het nazi-regime, met de wil om zoiets nooit meer mee te hoeven maken, dan helpt dat zowel ons als de Duitsers bij het herdenken.

Dat vanuit het 4 en 5 mei Comittee steun was hiervoor maakt me ook weer trots op onze stad. Wat mij betreft staan we voortaan jaarlijks samen stil bij de Dodenherdenking en vieren we samen de vrijheid. In ieder geval de komende 67 jaar.

Herman Folkerts

Herman Folkerts

Twitter

Aleen maar slachtoffers.

In 4 mei, buren, dodenherdenking, dood, duitsland, gemeente, herdenken, herdenking, hitler, en meer.
We herdenken jaarlijks op 4 mei onze doden opdat we niet vergeten. Vrijheid is een kostbaar bezit. Dat we ons daarvan niet iedere dag bewust zijn komt omdat vrijheid zo van zelfsprekend lijkt. De jaarlijkse dodenherdenking op 4 mei maakt ons bewust van het feit dat onze hedendaagse vrijheid bevochten is en dat er mensen zijn geweest die voor deze vrijheid hun leven hebben gelaten. Net zoals er nu nog steeds mensen zijn die tegen de verdrukking in vechten voor hun vrijheid. Syrie is daar het meest recente voorbeeld van. Dat is onrecht, omdat in vrijheid mogen leven een recht is dat ons allen toekomt.

In Vorden ging de dodenherdenking gisteren mis omdat het organisatiecomite met gemeentelijke toestemming ook 10 gesneuvelde Duitse soldaten in de herdenking wilde betrekken. De graven van deze soldaten liggen in de directe omgeving van de plek waar de herdenking ieder jaar plaats vindt. Met dit initiatief wilde het comite 67 jaar na de oorlog een gebaar van verzoening maken omdat in het hedendaagse maatschappelijke verkeer de vriendschapsbanden met de Duitse buren inmiddels volledig herstelt zijn.

Federatief Joods Nederland stapte naar de rechter om met een kort geding de herdenking in de gekozen vorm tegen te houden. De federatie is van mening dat het mede herdenken van de Duitse soldaten beledigend en grievend is voor de nabestaanden van Joodse oorlogslachtoffers die juist onder de Duitse tirannie zo vreselijk veel hebben geleden. Met die pijn moet rekening worden gehouden. De rechtbank in Zutphen kon daar in mee gaan en verbood het de bestuurlijke vertegenwoordigers van de gemeente Bronckhorst, waar Vorden onder valt, om langs de laatste rustplaatsen van de Duitse soldaten te lopen. In het geval van de herdenking in Vorden vind ik dat jammer.
Jammer, omdat het hier gaat om Duitse soldaten van de Wehrmacht die gedwongen waren om als dienstplichtigen mee te doen aan de waanzin van hun fuhrer. Of ze het nu wel of niet eens waren met de ideologie van Hitler Duitsland, ook zij werden de oorlog ingestuurd en zijn naar mijn oordeel dus eveneens oorlogslachtoffer.

Het zou anders zijn geweest als de desbetreffende soldaten SS-ers waren geweest, omdat in dat geval deze bewust hebben gekozen voor het verfoeilijke regiem van Hitler en de zijnen. Daar is echter in de situatie van Vorden geen sprake van. De Duitse soldaten die daar ter grave liggen zijn ook hun vrijheid ontnomen. Ook zij hebben de oorlog met hun dood moeten bekopen. Zij hebben echter de pech om vanuit ons perspectief in het verkeerde uniform te zijn gestorven. Het zou een groot gebaar zijn geweest als er begrip was getoond voor ieders slachtofferrol in deze gevoelige kwestie. Het comite en de gemeente hebben hierin lef getoond, immers een oorlog kent goed beschouwd, alleen maar slachtoffers.

maandag, 30 april 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Illegaal huiskamerconcert in Oost-Berlijn

In ddr, berlijn, april, bezoek, dagelijks leven, duitsland, holocaust, de, eerste.
Mijn mooiste eerste mei stamt uit 1982 en begon eigenlijk al op 30 april. Op bezoek in Oost-Berlijn troonde mijn inmiddels overleden Oostduitse vriend Achim mij mee naar een illegaal huiskamerconcert van de zangeres Bettina Wegner. Ergens in de arbeiderswijk Prenzlauer Berg. In een overvolle, rokerige huiskamer, drie-hoog-achter, zong de Oostduitse Joan Baez haar in de DDR verboden repertoire over oorlog en vrede, over de Holocaust en ook over het dagelijks leven in een dictatuur. Prachtige liederen, die nog mooier klonken door de bijzondere entourage...

Lees verder op Denk ik aan Duitsland...

Erik de Graaf

zondag, 22 april 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Pragmatisme versus idealisme

In d66, groenlinks, politiek, ppr, psp, pvda, sp, abortus, amsterdam, en meer.

Ideeënpartijen op zoek naar macht. Is dat een paradox? Zijn idealisme en pragmatisme onverenigbaar? Is dat altijd schipperen tussen twee uitersten? Dit is een permanent debat in GroenLinks. In de provincie Utrecht bijvoorbeeld, GroenLinks zit in het college met ChristenUnie, D66, VVD en CDA. Kan zij vanuit dit college haar linkse programma realiseren? Of moet ze teveel compromissen maken juist op groene onderwerpen als mega-stallen, natuur en verkeer?

Idealen, ambten en stemmen

We kunnen de doelen van politieke partijen bekijken vanuit het perspectief van de Noorse politicoloog Strøm. Hij maakt een onderscheid tussen idealen (policy), ambten (office) en stemmen (votes). Grofweg kan een partij ernaar streven haar programma in de praktijk te brengen. Zulk idealisme maakt het lastig om compromissen te sluiten. Ze kan een baantjesmachine worden. Om minister te worden zul je wat in moeten leveren aan de andere partijen. Partijen kunnen zich ook richten op het vergaren van zoveel mogelijk stemmen. Dit kan vervallen tot het napraten van de kiezer en electoraal opportunisme.

Deze drie doelen hangen samen: een partij heeft bepaalde idealen. Die vertaalt ze naar beloften aan de kiezer. Vanwege die beloften zal een kiezer op de partij stemmen. Alleen als je genoeg stemmen hebt verzameld kan je mee doen met de formatie van een kabinet. En in de regering kan je je idealen in de praktijk brengen.

Getuigenispolitiek

Idealistische politiek zit GroenLinks in de genen. De PSP, een van de vier oprichters van GroenLinks bedreef links-socialistische getuigenispolitiek. Zij wilde geen compromissen sluiten. Zelfs het kabinet Den Uyl, het linkste kabinet uit de Nederlandse geschiedenis was voor de PSP een soort burgemeester in oorlogstijd, die compromissen moest sluiten met de kapitalisten in het parlement, op het beursplein en in Washington. Met deze houding plaatste de PSP zich in de woorden van PPR-politicus De Gaay-Fortman, radicaal buiten spel.

We kennen deze politieke stijl nog steeds: bijvoorbeeld in de PvdD. Die partij hoopt door haar verhaal van duurzaamheid en compassie uit te dragen in de Tweede Kamer de bestaande partijen herinneren aan de goede voornemens in haar verkiezingsprogramma’s. Zelf wil de PvdD geen verantwoordelijkheid dragen. Maar misschien is het meest klassieke voorbeeld van een getuigenispartij nog wel de SGP, dat is voor 2010. In de ruim negentig jaar dat de SGP in de Tweede Kamer zit heeft ze weinig anders gedaan het getuigen van haar orthodox-Gereformeerde verhaal in een langszaam seculariserend land. Maar zelfs deze partij wil nu wel compromissen sluiten met Rutte: steunen wij jullie bezuinigingen, doen jullie niets aan homo-rechten, vrouwenrechten en het zelfgekozen levenseinde.

Populisme

Populisme wordt vaak gelijkgesteld aan het nastreven van zoveel mogelijk steun van de kiezers. En hier zit ook wel een kern van waarheid in. Voor de populisten heeft het volk altijd gelijk. En dat betekent dat Wilders zijn radicaal-rechtse economische programma liet varen toen bleek dat het volk wilde dat de verzorgingsstaat behouden werd. Wilders werd in een nacht van een marktliberale hervormer de kampioen van de verzorgingsstaat. Ook de SP heeft een zekere flexibiliteit getoond, als knieval voor de kiezer: ze schrapte het voorstel om de monarchie af te schaffen uit haar programma, omdat de kiezer van het koningshuis houdt.

Verantwoordelijkheid nemen

De belangrijkste politieke ambten zijn in Nederland te vinden in het kabinet. Partijen nemen daar deel aan de macht. Ze nemen verantwoordelijkheid. Hiervoor moet je in Nederland, consensusland, coalities sluiten met andere partijen: uitruilen, compromissen vinden. Om aan de macht te komen moet een partij dus soms haar stokpaardjes laten varen. De ChristenUnie komt voort uit de orthodox-Christelijke traditie in Nederland. Dit was een partij die zich altijd verzette tegen abortus, euthanasie en het homohuwelijk. Het Paarse kabinet had dit allemaal in wetten had vastgelegd. In 2003 merkte de ChristenUnie dat het met zo’n programma lastig was om aan de macht te komen. Onder haar eigen kiezers waren deze thema’s uitermate belangrijk. In 2006 verlegde de partij de nadruk van abortus en euthanasie naar jeugd en gezin. Dit sloot veel beter aan bij de programma’s van de centrumpartijen.  In 2007 werd Rouvoet vice-premier.

Conflicten tussen doelen

Deze drie doelen staan soms met elkaar op gespannen voet: in de regering is het niet altijd mogelijk om je programma te realiseren. Neem GroenLinks Leiden. Sinds 1986 had GroenLinks zonder onderbreking in het Leidse college gezeten. Ze had heel wat bereikt, maar ook heel wat moeten slikken met name van de VVD, zoals de bebouwing van de laatste groene polder van Leiden. De aanleg van de zoveelste parkeergarage was de druppel die de emmer deed overlopen. Uiteindelijk besloot GroenLinks dat zij beter in de oppositie kon zitten.

Progressief-linkse politici geloven volgens mij in hun hart allemaal in de multiculturele samenleving, Europese samenwerking en ontwikkelingshulp. Alleen sinds Fortuyn is het lastig omdat uit te dragen. In 2000 stond GroenLinks nog op 15 zetels in de peilingen. Toen kwam Fortuyn op. Vanuit het hart ging GroenLinks vol tegen dit anti-immigratiegeluid in. GroenLinks hield tien zetels over in 2002 en ging -electoraal gezien- een lastig decennium in. De PvdA maakte ook een harde smak in 2002. Onder Bos koos de PvdA voor een populistischere lijn. Harder op integratie, Euroskeptischer. Het signaal van de kiezer was begrepen.

Regeren kan ook gevaarlijk zijn voor steun onder de kiezers. Iedere keer dat D66 regeerde heeft ze een electorale crisis doorgemaakt van existentiële grootte. In 1974 hield D66 twee eigen zetels over in alle provinciale staten van Nederland. Ze had drie bewindspersonen in het kabinet Den Uyl. In 1982 hield D66 6 zetels over nadat ze minder dan twee jaar had geregeerd in het twee kabinet Van Agt. In 1994 had 24 zetels. Na vier jaar Paars was dat 14. Na nog vier jaar Paars was dat 7. D66 zette door: ze regeerde ook in het tweede kabinet-Balkenende: drie zetels bleven over in 2006. Sindsdien zeggen ze bij D66: ‘Regeren is halveren.’

Hand in hand

Maar idealen en ambten kunnen ook samengaan. De SDAP was de principiële vooroorlogse voorganger van de PvdA. Op lokaal niveau leerde ze dat ze heel wat kon bereiken. Drees in Den Haag en Wibaut in Amsterdam. Ze maakte de leefomstandigheden van veel mensen beter door sloppewijken opruimen en grote werkgelegenheidsprojecten te beginnen. In die lijn van wethouderssocialisme staat ook Andrée van Es. Als jonge vrouw zat zij in de Tweede Kamer voor de PSP. Ze kreeg welgeteld één motie aangenomen.  Als wethouder van Amsterdam kan ze dagelijks het verschil maken voor Islamitische meisjes en voor illegalen. Het blijft niet alleen bij mooie woorden. In Amsterdam maakt GroenLinks het waar.

En verantwoordelijkheid dragen hoeft niet electoraal desastreus te zijn. De Duitse Groenen wonnen onder Joschka Fischer verkiezingen. Deze minister van Buitenlandse Zaken maakte van de kleine nichepartij een brede partij door te laten zien dat ze verantwoordelijkheid aan konden. In Nederland kennen we het fenomeen premiersbonus: het beste voorbeeld komt uit 1977. Na de val van het vechtkabinet Den Uyl won de PvdA tien zetels met de leus: ‘kies de minister-president.’ De VVD doet het nu zo goed in de peilingen omdat ze met Mark Rutte een herkenbaar boegbeeld hebben. Een politicus die ook in lastige tijden verantwoordelijkheid wil nemen voor de boekhouding.

Idealistische politiek hoeft ook niet in de marges van politiek te blijven. De Renaissance van de Duitse Groenen die we nu zien, komt omdat kiezers de Duitse groenen herkennen als de milieupartij van Duitsland. Haar anti-kernenergieactivisme was na Fukushima een aantrekkelijke eigenschap. De Duitse groenen zijn consistent in hun groene oriëntatie, of het nu electoraal goed ligt of niet: in 1990 vielen de Groenen uit het parlement met de leus iedereen praat over hereniging, wij praten over dat weer.

Maar ook dichterbij zijn er voorbeelden van electoraal succesvolle idealistische politici. Ik denk dan bijvoorbeeld van Paul Smeulders in Brabant. Het verhaal over een diervriendelijke landbouw zit hem diep. Hij voerde in Brabant fel campagne tegen de mega-stallen voor de gezonde landbouw. Hij won -tegen de electorale wind van GroenLinks in- een extra zetel in de staten.

Compromissen sluiten een coalitieland

Natuurlijk moet een regeringspartij compromissen sluiten in een coalitieland. Alleen dan kan je je eigen idealen ook echt realiseren. Je moet goed kiezen op welke onderwerpen je je rug recht houdt en op welke onderwerpen je buigt. Je moet de onderwerpen die voor je eigen kiezers en leden belangrijk zijn niet zo maar opgeven. Als je als groene partij ervoor kiest om de laatste groene polder te bouwen, een de bouw van kolencentrale tolereert, megastallen laat aanleggen, bij milieuschandalen blijft zitten, dan moet je niet verbaasd op kijken als er bij de verkiezingen minder kiezers komen opdagen en ook je vrijwilligers thuis blijven.

woensdag, 18 april 2012

Saskia van der Werff

Saskia van der Werff

Twitter

De energieke ziel; Socratisch Café 072 april 2012

In energie, ziel, socratisch gesprek, lichaam, maart, bezig, duitsland, gesprek, gezin, en meer.
Waar zou een gesprek over de ziel over kunnen gaan? Een orgaan in het lichaam is het niet, maar toch verbinden we de ziel met ons lichaam. Een gesprek over de ziel gaat over iets wat ons raakt, wat ons niet onberoerd laat. We kunnen hieruit opmaken dat de ziel ons in velerlei opzicht bezig houdt. Er zijn vele uitspraken gedaan over de ziel. Een kleine bloemlezing: 
De morele mens houd van zijn ziel, de gewone van zijn bezit / Confucius, Chinees filosoof 
Denken, is de ziel die met zichzelf praat. / Plato, Grieks filosoof
Het gelaat weerspiegelt de ziel, de ogen verraden haar / Marcus Tullius Cicero
Tranen zijn het smeltende ijs van de ziel. / Hermann Hesse, In Duitsland geboren Zwitsers schrijver/dichter
Als je niet elke dag met een stok in je ziel roert, vriest hij dicht / Rutger Kopland, Nederlands dichter
Dit zijn heftige uitspraken. De ziel, zo onbepaald en zo indringend. Ook dichters laten zich inspireren door de ziel. Bernlef heeft er een prachtig gedicht aan gewijd: 
De ziel is in diepste wezen zielig.[…]
Op de monitor van de intensive carezien wij haar ten slotte wegvluchten in een punt. 
Wat achterblijft: het zielloos lichaamen de zekerheid dat iets verdwenen isdat niet bestaan kon maar er toch was. 
Bernlef (pseudoniem van Hendrik Jan Marsman), Nederlands schrijverBron: Kanttekeningen
 We starten het gesprek met de vraag ‘Wat is het te leven met hart en ziel’. Dit is geen eenvoudige vraag, omdat het een metafoor bevat. De filosoof Nelson, die de Socratische methode praktisch heeft gemaakt, had hier bezwaren tegen. Hij stelde hoge eisen aan te gebruiken begrippen. Een beeld is niet vastomlijnd en laat het denken teveel speelruimte. Een metafoor is een vergelijking en die gaat volgens hem altijd mank. Hier valt wel wat voor te zeggen maar ook op aan te merken. Immers, juist met een Socratisch gesprek trachten we helderheid te krijgen over hoe we in ons handelen overtuigingen tot leven brengen. En een uitspraak is ook een handeling, een talige handeling. Wellicht dat juist het begrip ‘ziel’ niet eenvoudig met woorden te vangen is omdat het een immaterieel begrip en misschien wel een metafoor op zich. Toch bleek gedurende het gesprek dat opnemen van beeldspraak in de vraag wat ging wringen.
      Op de vraag ‘Wat is het te leven met hart en ziel’ kwamen indringende en prachtige levensverhalen naar voren. Het beleven van muziek kwam in verschillende voorbeelden terug. Het zeilen op zee; het professionele leven; de innige en intieme omgang met het eerste kleinkind, maar ook het begeleiden van mensen in hun stervensproces. De ziel vindt zijn/haar weg in alle levensfasen van de mens en op allerlei gedenkwaardige momenten. We vervolgden het onderzoek met het volgende verhaal: 
‘Ik begeleid vluchtelingen met gezinshereniging, zoals ook deze man. Zijn dossier was weinig hoopgevend. Het zou erom spannen of hij zijn gezin naar Nederland zou kunnen halen. Er zat ook veel tegen. Door de slechte postbezorging liepen we het risico dat onze aanvraag niet op tijd zou worden ontvangen. Toen ik sprak met een medewerker van de IND, kreeg ik het bericht dat we uitstel kregen. Pas op dat moment wist ik dat het wel zou gaan lukken; ik juichte, en de zon ging schijnen.’
In deze fase van het onderzoek kwamen twee interessante aspecten naar voren. Niet voor iedereen was dit een voorbeeld van leven met hart en ziel. Wat knelde hier? Wat weerhield deelnemers zich deze situatie eigen te kunnen maken? Het bleek dat het begrip ‘sociaal’ voor de één verband hield met ‘het leven met hart en ziel’. Dit ging niet voor iedereen op. Om de verhouding van ziel met sociaal te kunnen onderzoek was een nieuw onderzoek nodig over ‘sociaal zijn’. Een zijpad van het onderzoek opende zich. We markeerden dit zijpad met een bewegwijzering voor een komend onderzoek. Het tweede aspect had te maken met het metaforische karakter van de uitspraak ‘met hart en ziel’.  Waren hart en ziel wel te onderscheiden? Wat voor de één afgescheiden begrippen zijn was voor de ander niet los te zien. Dit vertaalde zich naar het moment, waarin zich de meeste hitte bevond. Wanneer was er nu het meest of echt sprake van leven met hart en ziel? En wat betekende de keuze van het moment voor het vervolgonderzoek? We kwamen tot de ontdekking dat dit voor de deelnemers zeer van belang was. Een prachtige observatie.
      We sloten het gesprek af. De ziel had zich getoond, als verbonden met het lichaam én met energie. Zijpaden ontdekt en met rust gelaten; de waarde van het hittepunt herkend; inzichten gedeeld én prikkelende vragen. Socrates keek letterlijk en figuurlijk over onze schouders mee. Zijn methode bracht de volgende overtuigingen over leven met hart en ziel naar voren:
·        Vanuit je kern kunnen reageren met enthousiasme en overtuiging, zonder belast te worden door je ego
·         Met overtuiging!
·         Leven zonder hart en ziel is vegeteren
·         Intensief, bewust en betrokken zijn, met alles worden aangeraakt
·         Met al  je inzet en interesse
·         Leven vanuit je diepste verlangen
·         Bewust en ontvankelijk
·         Het besef dat ik in deze situatie kan bijdragen aan het vergroten van iemands levensgeluk
·         Vanuit positieve intentie en optimisme samen met anderen vertrouwen op een goede afloop en dankbaar en blij dat je er energie kan instoppen en geven en dat het energie geeft
·         Zonder twijfel, lichtvoetig, huppelend, energievol, blij en krachtig
·         Beweeglijk levendig als vanzelf

Lees ook Farieda’s blog over de ziel. Kijk hiervoor mijn impressie van het Socratische Café 072 van maart.

donderdag, 12 april 2012

Günter Grass

In opinie, ahmedinejad, frankfurter allgemeine, günter grass, holocaust, iran, israel, khomeini, oorlog, en meer.
Zijn meesterwerk ‘Die Blechtrommel’ is in 1979 verfilmd. In 1999 won hij de nobelprijs voor de literatuur. Hij was tientallen jaren participerend aanhanger van de Sociaal Democratische Partij (SDP) van Duitsland en is in de jaren 80 van de vorige eeuw actief geweest in de vredesbeweging. Onlangs zorgde Günter Grass voor internationale opschudding met zijn more »

maandag, 9 april 2012

Frank Hemmes

Frank Hemmes

Atoombommen en Antisemitisme

Terwijl er hier in Nederland schijnbaar enige ophef is ontstaan over liefdesuitingen van een innig paar bij een van ‘s lands best bekeken praatprogramma’s, hebben onze Oosterburen een rel van een geheel andere orde. In Duitsland kwam Nobelprijswinnaar Günther Grass de afgelopen dagen onder vuur te liggen naar aanleiding van een gedicht over de gespannen [...]

zondag, 8 april 2012

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Sporen in het landschap van de Grebbelinie - de geschiedenis in je achtertuin!

In tweede wereldoorlog, nederlanders, hollandse waterlinie, leusden, loopgraven, tankversperring, geschiedenis, woudenberg, scherpenzeel, en meer.
 Op 23 maart maakten m'n batsie +Pauline ten Veen en ik een fietstochtje langs de Grebbelinie tussen Amersfoort en Woudenberg. 
Loopgraaf bij Leusden
foto © 2012 Erik van Luxzenburg
Het is fascinerend om te zien hoeveel geschiedenis er nog leeft in het Nederlands landschap. En dat bijna letterlijk voor je deur. We fietsen vanaf ons huis het natuurgebied de Schammer in en daar begint de Grebbelinie.
Tankversperring bij loopgraaf bij Woudenberg 
foto © 2012 Erik van Luxzenburg
De Grebbelinie moest een verdedigingsmuur zijn, onderdeel van de Hollandsche Waterlinie die de Duitsers buiten moest houden. 
Schuilplek in loopgraaf bij Woudenberg
foto © 2012 Erik van Luxzenburg  
  We weten hoe het afliep, na 4 dagen gaven we ons over.
 Uitzicht door schietgat in loopgraaf bij Woudenberg - 1
foto © 2012 Erik van Luxzenburg  
Maar als je ziet met wat voor loopgraven we die strijd ook hadden willen winnen en als je in het +Wikipedia artikel leest dat die in 1745 is ontworpen en weliswaar tot in de 19e eeuw werd onderhouden maar men in 1926 de linie eigenlijk had opgeheven, dan snap je het wel
Schietgat in loopgraaf bij Woudenberg - 2
foto © 2012 Erik van Luxzenburg
  Het is bijna knap dat we het 4 dagen volhielden!
 Loopgraaf bij Woudenberg - 1
foto © 2012 Erik van Luxzenburg

Loopgraaf bij Woudenberg - 2
foto © 2012 Erik van Luxzenburg


Boerderij met informatie over Grebbelinie bij Woudenberg
  foto © 2012 Erik van Luxzenburg  


 Bunker tussen Leusden en Woudenberg 
foto © 2012 Erik van Luxzenburg  
En passant kwamen we tussen Woudenberg en Scherpenzeel nog op de Oostelijke Stationsstraat restanten tegen van de oude Rijnspoorlijn van Amsterdam via Amersfoort naar Duitsland.  
Oud spoorwegmaterieel bij  Station Woudenberg-Scherpenzeel 
foto © 2012 Erik van Luxzenburg
Na de oorlog werd deze opgeheven.
Station Woudenberg-Scherpenzeel
foto © 2012 Erik van Luxzenburg
In Amersfoort en Leusden heet het restant het "Pon-lijntje" omdat de treinen met Volkswagens naar Pon in Leusden erover rijden. Wel apart om een station te zien zonder spoor in de buurt!
Wachtershuisje bij Station Woudenberg-Scherpenzeel 
foto © 2012 Erik van Luxzenburg  

donderdag, 5 april 2012

Selçuk Akinci

Selçuk Akinci

Twitter Youtube GR

Welkom, president Gauck

In opinie en commentaar, politiek, wo2, actie, algemeen, communistische, de, duitsland, eerste, en meer.

De Vluckt, van Hein Koreman

Duitse hoogwaardigheidsbekleders zijn nog altijd niet welkom op de nationale herdenking op de dam. Helaas, want wat is er nu mooier dan dat Duitsers en Nederlanders samen de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en daarna herdenken. Gelukkig is dit jaar wel de Duitse president Gauck wel welkom om de bevrijdingslezing te geven tijdens de officiële plechtigheid op bevrijdingsdag, die dit jaar in Breda plaats vindt. Maar, wederom, helaas is daar nu ook weer ophef over.

Arthur Graaff, hoofdredacteur van de oorlogssite nieuwswo2.tk, is vandaag een actie begonnen tegen de komst van bondspresident Gauck. Zijn stelling: zolang de in 1952 uit de Bredase koepel ontsnapte oorlogsmisdadiger Klaas Carel Faber nog altijd op vrije voeten leeft in Duitsland, is de Duitse bondspresident niet welkom in Breda.

Laat ik voorop stellen dat ik van mening ben dat, hoge leeftijd of niet, de ex ss-er Faber die 22 moorden op zijn naam heeft staan, zijn straf dient uit te zitten. Dat kan in Nederland, waar hij tot levenslang was veroordeeld maar in 1952 uit de Bredase koepel wist te ontsnappen, maar dat kan wat mij betreft ook in Duitsland. Eerdere verzoeken van Nederland hebben tot nog toe echter niet tot uitlevering van de van oorsprong Nederlandse Duitser geleid.

Graaff vind het dan logisch om Gauck als persona non grata te verklaren in Breda. Daar gaat hij echter te ver. Dat Faber nooit is uitgeleverd, is immers in eerste instantie een juridische kwestie. Een verzoek van Nederland uit 1953 werd afgewezen door de rechtbank in Düsseldorf. In 1957 werd Faber opnieuw vrijgesproken. En, hoe walgelijk het verleden van Faber ook is en hoeveel vraagtekens de uitspraken uit die tijd ook oproepen, een algemeen geldend rechtsprincipe is nu eenmaal dat men niet makkelijk twee maal voor hetzelfde feit berecht kan worden.

Daarnaast wringt er nog een ander democratisch principe. De Nederlandse politiek kan via allerlei drukmiddelen, zoals het terugtrekken van de uitnodiging aan Gauck, de Duitse politiek proberen onder druk te zetten om alsnog een uitlevering te forceren. Nog los van de vraag of dat de meest effectieve methode is om dat doel te bereiken, verhoudt het middel van de politieke druk tot uitlevering zich maar moeizaam met de scheiding tussen de politiek-bestuurlijke (wetgevende en uitvoerende) machten enerzijds en de rechterlijke macht anderzijds. Een uitvoerend minister kan opdracht geven aan het openbaar ministerie om iemand vervolgd of uitgeleverd te krijgen, maar het is een onafhankelijke rechtbank die dit uiteindelijk beoordeelt op grond van de in de casus geldende wetgeving. De wetgevende macht kan andere wetten doorvoeren, maar die zijn in een fatsoenlijke rechtstaat niet zomaar met terugwerkende kracht toepasbaar.

De eis van Graaff aan de Bredase politici om kenbaar te maken dat Gauck op bevrijdingsdag niet welkom is om daarmee de uitlevering van Faber te forceren, staat welbeschouwd dus haaks op de principes van de democratische rechtstaat die we tijdens bevrijdingsdag nu juist vieren. En is het centrale thema van de bevrijding met daaropvolgende opbouw van een democratische rechtstaat in Nederland, maar ook in Duitsland, niet juist dat deze principes ten enenmale prevaleren boven gevoelens van vergelding? Of, anders gezegd, dat het recht alleen dan recht kan zijn wanneer op iedereen dezelfde rechtsregels van toepassing worden verklaard, oorlogsmisdadiger of niet?

Helemaal pijnlijk is het daarbovenop nog eens dat het nu bij uitstek de persoon van Joachim Gauck is die door Graaf als persona non grata wordt gezien. Gauck heeft tijdens zijn leven in het totalitaire Oost-Duitsland altijd stelling genomen tegen het communisme en voor mensenrechten. Als politicus maakte hij zich sterk voor het berechten van de verantwoordelijkheden van de vele misdaden onder het communistische regime. Dat nu juist een tegenstander van totalitaire ideeën, of ze nu voortkomen uit het nationaalsocialisme of het communisme, zal juist hij voelen hoe pijnlijk het is dat sommige handlangers van dergelijke regimes nog altijd vrij rondlopen. De Graaff stelt weliswaar dat het niet Gauck als persoon is, die wat hem betreft onwelkom is, maar ‘slechts’ in de functie van bondspresident, maar die stelling houdt weinig stand gezien de naam die Graaff voor zijn actie gekozen heeft: „Glauck niet, Faber wel”.

De raderen van een democratische rechtstaat draaien stroef. En in de kwestie Faber hebben rechtbanken in het verleden wellicht de verkeerde uitspraken gedaan. Desondanks moeten we vertrouwen hebben in de principes en de werking van de democratische machine. Deze principes opzij zetten om het uitleveren van oorlogsmisdadigers te versoepelen, zou een onverteerbare buiging in de richting zijn van een regime waar we met de bevrijding hoopten voor altijd van af te zijn.


maandag, 2 april 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Gas en elektriciteitsverbruik maart 2012

In energieverbruik, 2012, elektriciteitsverbruik, essen, gasverbruik, heatpipes, huis, maart, shk, en meer.

Het is april, tijd dus om de meterstanden op te nemen. Maart begon koud, maar de laatste week kende zeker warme dagen. Dus de zonneboiler heeft al weer een aantal dagen dik boven de 70 graden gezeten. Ruim warm genoeg voor wasmachine, vaatwasser, bad en douche.

Effect in de buurt

Overigens begint de verlaging van onze energierekening zich langzaam rond te praten bij de buren. Om te zien wat de mogelijkheden zijn ben ik vorige maand samen met 3 buurtgenoten naar de SHK in Essen geweest. Een beurs met voornamelijk heel veel sanitair, warmte en wateroplossingen. Waarbij zeker voldoende inspiratie is opgedaan voor vervolgstappen. Al vergen die nog wel wat extra sparen.

Opvallend vond ik het grote aantal systemen voor hergebruik van regenwater, terugwinning van warmte en de andere manier waarop innovatieve kleine bedrijven het verwarmingssyteem inrichten. Van de bedrijven die grijswatersystemen ontwikkelen begreep ik dat dat interessant is, omdat in veel gebieden in Duitsland de waterzuiveringskosten gebaseerd zijn op het gebruik van leidingwater. Gebruik van regenwater voor het toilet of de wasmachine bespaart dus dubbel. Zowel op de kosten van water als op de zuiveringslasten. De prijzen die ze noemde per kubieke meter water maken ze voor Nederlandse huishoudens nauwelijks interessant, omdat je hier waterzuiveringslasten betaald per aantal bewoners en niet naar watergebruik. Daarmee valt een fors deel van de besparing weg.

Voor terugwinning van warmte waren veel verschillende systemen te zien. Variërend van losse systemen voor terugwinning uit douchewater of terugwinning van warmte uit de lucht die de mechanische afzuiging afvoert, tot systemen die in staat zijn de warmte uit meerdere bronnen op te slaan in een centraal boilervat. Deze warmte is vervolgens bruikbaar voor verwarming van tapwater of huis. Een aantal kleinere bedrijven zette het boilervat zelfs centraal in de warmwatervoorziening van het huis (ook voor hoge temperatuur verwarming), waarbij de cv-ketel als ondersteuning dient om het boilervat gedeeltelijk of geheel op temperatuur te brengen. De radiatoren worden vervolgens gevoed water dat verwarmd door een warmtewisselaar in het boilervat. Met als bijkomend voordeel dat de cv-ketel efficiënter gaat branden en minder snel slijt.

Helaas had ik dat niet goed uitgezocht toen wij onze zonneboiler vorig jaar lieten installeren. Ik verwacht echter dat in de buurt meerdere buren binnen nu en een jaar zelf een zonneboiler op het dak gaan zetten.

Gas- en elektriciteitsverbruik maart

Terug nu naar maart. Afgaande op het aantal gewogen graaddagen was 2012 warmer dan vorig jaar. Toch ligt ons gasverbruik 8 kubieke meter hoger. In mijn herinnering was maart 2011 wellicht kouder, maar wel zonniger. Al kan ik me daar in vergissen. In ieder geval is duidelijk dat we meer gestookt hebben. Ook het elektriciteitsverbruik ligt bijna 20% hoger dan vorig jaar in maart.

Maand Graaddagen Verbruik na correctie Verbruik / graaddag Elektra Water
Maart 2011 361 68 0,19 240 12
Maart 2012 300 76 0,25 282 9

In de grafiek hiernaast zie je dat voor ons het stookseizoen weer over is. Ons gasverbruik zit met name in de koude, donkere maanden, aangezien de zonneboiler dan minder warm water oplevert. In de grafiek hiernaast kun je echter ook goed zien dat de zonneboiler ons gasverbruik in mei tot en met oktober tot minder dan 10 kubieke meter aardgas per maand reduceert.

Ons elektriciteitsverbruik door het jaar heen rond de 250 kWh per maand ligt. In de donkere maanden loopt dat iets op.

Verbruik gas, water en licht op jaarbasis

In de tabel hieronder kun je de daling van ons gas, water en elektriciteitsverbruik op jaarbasis zien. De getoonde verbruiken zijn het verbruik in de 12 maanden tot en met de genoemde maand. Januari 2012 laat dus het verbruik van februari 2011 tot en met januari 2012 zien.  Ons gasverbruik per gewogen graaddag stabiliseert zich rond de 0,26  kubieke meter per graaddag. Het elektriciteitsverbruik is opgelopen tot 3.117 kWh per jaar. Het waterverbruik is nog 3 kubieke meter gedaald tot 104.

Maand Gas Gas / graaddag elektriciteit Water
januari 2011 1631 0,52 5432 167
februari 2011 1485 0,49 5128 165
maart 2011 1338 0,44 4802 162
april 2011 1228 0,41 4470 161
mei 2011 1114 0,38 4140 155
juni 2011 1086 0,37 3787 149
juli 2011 1085 0,37 3457 143
augustus 2011 1069 0,36 3164 137
september 2011 1017 0,35 2819 130
oktober 2011 919 0,32 2540 123
november 2011 762 0,27 2691 121
december 2011 676 0,26 2897 117
januari 2012 648 0,26 3067 112
februari 2012 675 0,25 3075 107
maart 2012 682 0,26 3117 104

Besparing op de gasrekening

Door verschillende aanpassingen aan ons huis hebben we het gasverbruik de afgelopen anderhalf jaar teruggebracht van 0,6 m3 aardgas per gewogen graaddag naar 0,26 m3 aardgas per gewogen graaddag. Dat heeft ons inmiddels een besparing van ruim 1.200 m3 aardgas opgeleverd (gecorrigeerd voor gewogen graaddagen), wat een besparing op de energierekening oplevert van een kleine Euro 700.

 

dinsdag, 27 maart 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

PIIGS-landen worden zwaarder getroffen door dure olie

In doem, aardgas, economie, energie, euro, europa, fossiele brandstoffen, olie, olieprijs, en meer.
Is het toeval dat Ierland, Italië, Griekenland, Portugal en Spanje in financiële problemen zijn gekomen? Of is er een economische factor, die deze landen harder treft dan Nederland, Duitsland en Frankrijk? Ik denk dat de problemen van de PIIGS-landen mede veroorzaakt worden door de gestegen prijs van fossiele brandstoffen. In onderstaande grafiek zie je dat [...]

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

PIIGS-landen worden zwaarder getroffen door dure olie

In doem, aardgas, economie, energie, euro, europa, fossiele brandstoffen, olie, olieprijs, en meer.
Is het toeval dat Ierland, Italië, Griekenland, Portugal en Spanje in financiële problemen zijn gekomen? Of is er een economische factor, die deze landen harder treft dan Nederland, Duitsland en Frankrijk? Ik denk dat de problemen van de PIIGS-landen mede veroorzaakt worden door de gestegen prijs van fossiele brandstoffen. In onderstaande grafiek zie je dat [...]

maandag, 26 maart 2012

Evelien van Roemburg

Evelien van Roemburg

Hyves Linkedin Twitter GR DWARS

vluchteling, wees welkom

In internationale politiek, verenigde naties, vluchtelingen, gerd leers, leers, quota, resettlement, unhcr, afghanistan, en meer.

Nederland nodigt jaarlijks 500 vluchtelingen uit die vastzitten in vluchtelingenkampen over de hele wereld om zich definitief in ons land te hervestigen. Minister Gerd Leers is van plan om daarbij voortaan aanvullende eisen te stellen: hij wil een selectie maken op basis van de achtergrond en ‘integratie-potentie’ van deze vluchtelingen. Dit plan heeft de terechte kritiek gekregen van diverse partijen in de Tweede Kamer en van vluchtelingenorganisaties. Leers verdedigt zich door te stellen dat het Nederlandse hervestigingsbeleid solidariteit betuigt aan de ontwikkelingslanden die grote aantallen vluchtelingen opvangen. Die stelling is echter een gotspe, niet alleen door het voornemen om enkel de succesvolle vluchtelingen uit de kampen te halen, maar ook door het geringe aantal vluchtelingen dat door Nederland wordt uitgenodigd.

Hervestiging, of ‘resettlement’, stuit al decennia op bezwaren bij de ontvangende landen. Ook net na de Tweede Wereldoorlog ging de hervestiging van ontheemden zeer moeizaam. Voor zo’n 1 miljoen vluchtelingen uit met name Oost-Europese landen en de Soviet Unie was een terugkeer naar het land van herkomst geen optie. Zij verbleven in grote vluchtelingenkampen in Duitsland, Italië en Oostenrijk, waar zij niet konden (of wilden) blijven. Voor hen probeerden de Verenigde Naties een plek te vinden in West-Europa, Zuid-Amerika, de Verenigde Staten en Australië. Deze landen selecteerden vooral de vluchtelingen die in de mijnen en in de fabrieken konden werken – doorgaans de jongeren en de gezonden. De ouderen, de zieken en de kinderen kwijnden weg in kampen waar niet genoeg voedsel, medische hulp of onderdak was.

Veel is er niet veranderd aan die situatie, behalve dat er tegenwoordig niet 1 maar 15 miljoen vluchtelingen zijn. Het overgrote deel van de vluchtelingen wordt in buurlanden opgevangen waar zij jarenlang in kampen verblijven, wachtend tot zij terug kunnen keren naar hun land van herkomst. Sommige conflicten duren echter decennia: denk aan de burgeroorlog in Somalië of de jarenlange strijd in Afghanistan. Buurlanden zijn doorgaans zelf niet welvarend of politiek stabiel genoeg om voor deze vluchtelingen te zorgen; bovendien leiden vluchtelingenkamen aan de grens vaak tot destabilisatie van de regio. Het gaat ook niet om kleine aantallen: Jordanië huisvest bijna 2,5 miljoen vluchtelingen, Pakistan ruim 2 miljoen, Syrië 1,5 miljoen, Kenia ruim 400.000 en Tsjaad bijna 350.000. Duitsland is het enige niet-buurland in de top tien met bijna 600.000 vluchtelingen binnen haar landsgrenzen.

UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, probeert met alle macht een oplossing te zoeken voor de uitzichtloze situatie waarin deze vluchtelingen zich bevinden. Als zij niet terug naar het land van herkomst kunnen en ook lokaal niet kunnen integreren, dan is enkel hervestiging in een derde land mogelijk. Die resettlement komt echter nauwelijks van de grond: in 2010 konden bijna 100.000 vluchtelingen zich definitief hervestigen in een ‘Westers’ land. Daarvan ging 90 procent naar de Verenigde Staten, Canada en Australië. In vergelijking met deze landen is het aantal van 500 vluchtelingen dat Nederland wil opnemen beschamend laag, maar grote landen als Frankrijk (400) en Duitsland (450) zitten in 2010 zelfs nog onder de Nederlandse ‘gastvrijheid’.

Nederland doet het dus zo slecht nog niet in vergelijking met andere Europese landen, maar onze inzet verbleekt bij de jarenlange opvang die door Afrikaanse en Aziatische landen aan vluchtelingen wordt geboden. In dat licht is het ook niet te aanvaarden dat Nederland haar selectiebeleid voor dat kleine groepje vluchtelingen aanscherpt en alleen nog ‘kansrijk te integreren’ vluchtelingen wil uitnodigen. Westerse landen zouden een representatieve doorsnede van de vluchtelingenpopulatie moeten opnemen, en niet alleen diegene die goed kunnen werken en gezond zijn. Juist de meest kwetsbare vluchtelingen, zoals alleenstaande moeders met kleine kinderen, minderjarigen, gehandicapten en zieken, hebben ernstig behoefte aan ondersteuning, stabiliteit en speciale zorg; iets dat zij doorgaans niet zullen vinden in de troosteloze vluchtelingenkampen in het bloedhete Oost-Kenia of het onherbergzame noorden van Pakistan.

Het is niet reëel om te veronderstellen dat vluchtelingen eerlijk verdeeld zullen worden over de landen in de wereld: buurlanden van conflicthaarden zullen ongetwijfeld de zwaarste lasten blijven dragen. Westerse landen kunnen die last echter gedeeltelijk overnemen door een ruimhartig vluchtelingenbeleid te hanteren dat gebaseerd is op humane gronden, niet op economische. Er ligt hier een kans voor Leers om samen met de Europese Unie afspraken te maken over de verlichting van de wereldwijde vluchtelingenproblematiek. Het uitgangspunt moet dan zijn dat we het lot proberen te verbeteren van de meest kwetsbare vluchtelingen. Zo’n hervestigingsbeleid betuigt pas echt solidariteit aan de ontwikkelingslanden die het gros van de vluchtelingen opvangen.

 


Evelien van Roemburg

Evelien van Roemburg

Hyves Linkedin Twitter GR DWARS

vluchteling, wees welkom

In internationale politiek, verenigde naties, vluchtelingen, gerd leers, leers, quota, resettlement, unhcr, afghanistan, en meer.

Nederland nodigt jaarlijks 500 vluchtelingen uit die vastzitten in vluchtelingenkampen over de hele wereld om zich definitief in ons land te hervestigen. Minister Gerd Leers is van plan om daarbij voortaan aanvullende eisen te stellen: hij wil een selectie maken op basis van de achtergrond en ‘integratie-potentie’ van deze vluchtelingen. Dit plan heeft de terechte kritiek gekregen van diverse partijen in de Tweede Kamer en van vluchtelingenorganisaties. Leers verdedigt zich door te stellen dat het Nederlandse hervestigingsbeleid solidariteit betuigt aan de ontwikkelingslanden die grote aantallen vluchtelingen opvangen. Die stelling is echter een gotspe, niet alleen door het voornemen om enkel de succesvolle vluchtelingen uit de kampen te halen, maar ook door het geringe aantal vluchtelingen dat door Nederland wordt uitgenodigd.

Hervestiging, of ‘resettlement’, stuit al decennia op bezwaren bij de ontvangende landen. Ook net na de Tweede Wereldoorlog ging de hervestiging van ontheemden zeer moeizaam. Voor zo’n 1 miljoen vluchtelingen uit met name Oost-Europese landen en de Soviet Unie was een terugkeer naar het land van herkomst geen optie. Zij verbleven in grote vluchtelingenkampen in Duitsland, Italië en Oostenrijk, waar zij niet konden (of wilden) blijven. Voor hen probeerden de Verenigde Naties een plek te vinden in West-Europa, Zuid-Amerika, de Verenigde Staten en Australië. Deze landen selecteerden vooral de vluchtelingen die in de mijnen en in de fabrieken konden werken – doorgaans de jongeren en de gezonden. De ouderen, de zieken en de kinderen kwijnden weg in kampen waar niet genoeg voedsel, medische hulp of onderdak was.

Veel is er niet veranderd aan die situatie, behalve dat er tegenwoordig niet 1 maar 15 miljoen vluchtelingen zijn. Het overgrote deel van de vluchtelingen wordt in buurlanden opgevangen waar zij jarenlang in kampen verblijven, wachtend tot zij terug kunnen keren naar hun land van herkomst. Sommige conflicten duren echter decennia: denk aan de burgeroorlog in Somalië of de jarenlange strijd in Afghanistan. Buurlanden zijn doorgaans zelf niet welvarend of politiek stabiel genoeg om voor deze vluchtelingen te zorgen; bovendien leiden vluchtelingenkamen aan de grens vaak tot destabilisatie van de regio. Het gaat ook niet om kleine aantallen: Jordanië huisvest bijna 2,5 miljoen vluchtelingen, Pakistan ruim 2 miljoen, Syrië 1,5 miljoen, Kenia ruim 400.000 en Tsjaad bijna 350.000. Duitsland is het enige niet-buurland in de top tien met bijna 600.000 vluchtelingen binnen haar landsgrenzen.

UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, probeert met alle macht een oplossing te zoeken voor de uitzichtloze situatie waarin deze vluchtelingen zich bevinden. Als zij niet terug naar het land van herkomst kunnen en ook lokaal niet kunnen integreren, dan is enkel hervestiging in een derde land mogelijk. Die resettlement komt echter nauwelijks van de grond: in 2010 konden bijna 100.000 vluchtelingen zich definitief hervestigen in een ‘Westers’ land. Daarvan ging 90 procent naar de Verenigde Staten, Canada en Australië. In vergelijking met deze landen is het aantal van 500 vluchtelingen dat Nederland wil opnemen beschamend laag, maar grote landen als Frankrijk (400) en Duitsland (450) zitten in 2010 zelfs nog onder de Nederlandse ‘gastvrijheid’.

Nederland doet het dus zo slecht nog niet in vergelijking met andere Europese landen, maar onze inzet verbleekt bij de jarenlange opvang die door Afrikaanse en Aziatische landen aan vluchtelingen wordt geboden. In dat licht is het ook niet te aanvaarden dat Nederland haar selectiebeleid voor dat kleine groepje vluchtelingen aanscherpt en alleen nog ‘kansrijk te integreren’ vluchtelingen wil uitnodigen. Westerse landen zouden een representatieve doorsnede van de vluchtelingenpopulatie moeten opnemen, en niet alleen diegene die goed kunnen werken en gezond zijn. Juist de meest kwetsbare vluchtelingen, zoals alleenstaande moeders met kleine kinderen, minderjarigen, gehandicapten en zieken, hebben ernstig behoefte aan ondersteuning, stabiliteit en speciale zorg; iets dat zij doorgaans niet zullen vinden in de troosteloze vluchtelingenkampen in het bloedhete Oost-Kenia of het onherbergzame noorden van Pakistan.

Het is niet reëel om te veronderstellen dat vluchtelingen eerlijk verdeeld zullen worden over de landen in de wereld: buurlanden van conflicthaarden zullen ongetwijfeld de zwaarste lasten blijven dragen. Westerse landen kunnen die last echter gedeeltelijk overnemen door een ruimhartig vluchtelingenbeleid te hanteren dat gebaseerd is op humane gronden, niet op economische. Er ligt hier een kans voor Leers om samen met de Europese Unie afspraken te maken over de verlichting van de wereldwijde vluchtelingenproblematiek. Het uitgangspunt moet dan zijn dat we het lot proberen te verbeteren van de meest kwetsbare vluchtelingen. Zo’n hervestigingsbeleid betuigt pas echt solidariteit aan de ontwikkelingslanden die het gros van de vluchtelingen opvangen.

 


vrijdag, 23 maart 2012

John Jorna

John Jorna

Grensoverschrijdende samenwerking

In column van de week, amsterdam, boeken, cultuur, de, duitsland, eerste, eu, europese, en meer.

GRENZEN BLIJVEN GRENZEN

Zo’n veertig jaar geleden zagen we de Europese integratie vooral als het wegvallen van grenzen tussen de nationale staten. Die grenzen zouden even onopvallend worden als de grenzen tussen onze provincies of onze gemeenten. Daar zie je soms een bord met welkom in de provincie Utrecht of de gemeente Houten. Soms verandert het wegdek als je een gemeentegrens passeert of krijgt de weg een andere naam. Zo wordt het Bunnikse Oostromsdijkje in Houten het Oostrumsdijkje. De grens tussen de provincies Utrecht en Noord-Holland is bij Hollandse Rading (Rading betekent grens) kaarsrecht, maar je moet echt op de grenspalen letten om de grens ook echt te zien.

Maar de grens tussen Nederland en Duitsland is ondanks het wegvallen van de grenscontrole toch duidelijk waarneembaar. Iets andere verkeersborden, andere plaatsnaamborden, andere wegwijzers, maar ook andere huizen met een andere baksteen, kleinere ramen, dikkere muren en vaak wat andere daken. Bij de autosnelwegen zijn de verschillen minder, maar toch aanwezig.

Anderhalve eeuw geleden waren de grenzen van weinig betekenis. Het waren staatkundige grenzen met aan weerszijden een ander politiek-juridisch systeem en een ander staatkundig gezag. Er was nog weinig internationale handel en nauwelijks toerisme, dus weinig grensoverschrijdend verkeer en ook weinig grensoverschrijdende spoorlijnen, verharde straatwegen of kanalen. Aan beide zijden werd hetzelfde dialect gesproken. Men bezocht elkaars kermissen en schuttersfeesten en bijgevolg werd er ook over de grens getrouwd en zocht men aan beide zijden naar werk.

Dat veranderde met de Industriële Revolutie. Massafabricage betekende behoefte aan veel grondstoffen en steenkool voor de stoomaandrijving van de machines en behoefte aan een grotere afzetmarkt. De internationale handel nam sterk toe. Alles vroeg een politiek antwoord met wetgeving op economisch gebied. Scholing van de beroepsbevolking werd steeds meer nodig. Er kwam volksonderwijs en in Nederland werd ABN en in Duitsland Hoogduits onderwezen. Grenzen werden economisch van betekenis en werden taalgrenzen. De omvang van de overheid nam en neemt toe, want er moet steeds meer geregeld en gecontroleerd worden. Aan beide zijden van de grens ontstond een geheel verschillende ambtelijke cultuur met eigen regelgeving. Dat gaat nog steeds door. Zeer veel terreinen van wetgeving blijven voorbehouden aan de nationale staten en daar waar Europese richtlijnen worden omgezet in nationale wet- en regelgeving heeft ieder land toch weer een andere bestuursstijl en een ander wetgevingssysteem. Europese integratie heeft er niet toe geleid, dat de verschillen verdwijnen.

In de grensgebieden van de EU bestaan zogenaamde Euregio ’s. Ze krijgen een beperkt budget van de EU om de samenwerking te faciliteren, maar grensoverschrijdende projecten kunnen er niet uit betaald worden. Bij een bijeenkomst van de Europawerkgroep in Nijmegen hoorden we van Florian Gödderz hoe moeilijk samenwerking kan zijn. Een gezamenlijke bijeenkomst van ouderen is moeilijk doordat er in Duitsland geen ouderenbonden met plaatselijke afdelingen zijn. Discriminatiebeleid is in Duitsland over allerlei instanties verdeeld, bij de Kreis of zelfs bij de Bond. Een praktisch voorbeeld is de poging om de vroeger zeer belangrijke spoorlijn Amsterdam-Amersfoort-Rhenen-Kesteren-Nijmegen-Kleef tussen Nijmegen en Kleef te reactiveren. Dat zou als tram of als tramtrein of als kleine trein kunnen. Studenten reizend naar station Nijmegen Heyendaal zouden ervan kunnen profiteren. Of er vanuit Groesbeek, Kranenburg en Kleef veel vraag naar is, werd niet zo duidelijk, maar er zijn rapporten over. De kosten zijn niet erg hoog in vergelijking met andere infrastructurele projecten, dertig miljoen. Het zou een manier zijn om meer grensoverschrijdende interactie te krijgen. Eigenlijk had ik daarover veel meer willen horen.

Er is wel een opvallend verschijnsel. Veel Nederlanders gaan in Duitsland wonen, waar de huizenprijzen veel lager zijn. In Kranenburg zijn het er zoveel, dat het onderwijs op de Volksschule tweetalig is geworden. Maar als de kinderen naar het Nederlandse secundair onderwijs willen, krijgen zij de boeken niet gratis. Dat wordt dus een dure liefhebberij. De Nederlanders in Kranenburg doen al veel mee met het dorpsleven. Ze zijn lid van sportclubs en een Nederlandse vrouw is lid van de gemeenteraad.

Samenwerken met de Grünen blijkt hier moeilijk, maar in Twente vinden actiegroepen aan weerszijden van de grens elkaar wel. In Kurort Bentheim zullen ze net zo goed last hebben van een opwaardering van vliegveld Twente. Daar hebben ze ook last van een militair oefenterrein, waar men piloten traint in het afwerpen van bommen. Over en weer bezoekt men elkaars demonstraties.

Een Luchthaven Twente zou veel werkgelegenheid opleveren. Het bedrijfsleven stimuleert het sterk. Oad zou er vakantievluchten kunnen laten vertrekken. Maar op geringe afstand zijn er concurrerende luchthavens. Er zouden zich bedrijven kunnen vestigen, die de laatste montage doen aan elektronica, maar probeer maar eens te concurreren met Schiphol, dat veel meer intercontinentale verbindingen heeft. Ik herinner mij ons zomerkamp in 1949 in Lonneker. De eerste dag zeiden sommige jongens, dat ze het wel leuk vonden, dat er steeds Meteor straaljagers over kwamen. De rest van de week vervloekten ze het lawaai. Zo zouden de vele toeristen ook uit Twente weg kunnen blijven en dat zou een groot verlies aan werkgelegenheid opleveren. Doordrammen van de luchthavenplannen zou Twente wel eens veel geld kunnen kosten en weinig opbrengst opleveren.

Mijn conclusie voor deze avond was, dat grensoverschrijdende samenwerking soms leuke dingen oplevert, maar dat er nog zoveel hinderpalen zijn. Op allerlei niveaus moet daaraan gewerkt worden.

Jaargang 5, Nr. 207.

woensdag, 21 maart 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Babyklappe

In in het nieuws, baby, babyluik, duitsland, in het nieuws, politiek, kind, voorzitter, cda, en meer.

Bron: www.kleinezeitung.at

Zo maar een klein artikel in de krant, ergens op een binnenpagina. Het woord was compleet nieuw voor me. Babyklappe. Er was ophef over bij onze Oosterburen. In 2000 werd in een ziekenhuis in Hamburg het eerste klepje geopend. Het blijkt een soort omgekeerde McDrive te zijn. Een plek waar je je baby kunt achter laten als je echt geen idee meer hebt. In het ziekenhuis gaat er dan een zoemer ergens zodat het personeel weet dat er een baby is achtergelaten.

De achterliggende gedachte is simpel. Liever zo, dan op een vuilnisbank, in een mand bij de kerk of op een willekeurige plek. En hoe raar ik het idee ook vind, ik denk dat de gedachte klopt. Het nodigt nog steeds niet echt uit, een argument wat tegenstanders ongetwijfeld willen gebruiken. 38 kinderen in de eerste tien jaar. Nog niet eens een keer per kwartaal. Veertien van deze kinderen zijn alsnog opgehaald door de vertwijfelde moeders. De andere 24 konden gered worden en als wees ter adoptie worden aangeboden.

In Duitsland zijn rond de 80 van deze babyluiken tegenwoordig. Maar ook in Oostenrijk zijn er flink wat. In vele andere landen heb je vergelijkbare initiatieven. Zelfs in Amsterdam waren er plannen in 2003 om een babyluik te openen. De huidige voorzitter van de Graafschap, mevrouw Clemence Ross stak er een stokje voor. CDA-politici hebben blijkbaar liever dat je een kind op een willekeurige plek achterlaat.

Het woord babyluik levert bijna 6000 hits op in Google. Ik heb blijkbaar niet goed opgelet het afgelopen decennium. Mijn mening is dus laat. Maar ik denk dat, ook al is niet bewezen dat het levens redt, er zeker een redelijke kans is dat het zo is. Alleen al daarom is het geen slecht idee. Maar goed, met de huidige conservatieve regering van ons land, zie ik op korte termijn weinig ruimte voor progressieve ideeën.

Lees ook:
Wikipedia (Duits)
Terre des Hommes legt uit
Babyklappe.info (infosite)
Bastardette blogt ook hierover
Telegraaf ziet het nut wel
360mag.nl vertelt dat ze in Zwitserland meer luiken willen


maandag, 12 maart 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Wat is er overgebleven van de CPN in GroenLinks?

In arbeid, cpn, democratie, economie, groenlinks, ppr, psp, socialisme, vrouwen, en meer.

GroenLinks is gevormd als een fusie van vier partijen: de links-socialistische dissidentenpartij Pacifistisch-Socialistische Partij, de progressief-Christelijke groene partij Politieke Partij Radikalen, de Communistische Partij Nederland en de Evangelische Volkspartij. Die eerste twee partijen zijn duidelijk te herkennen in het huidige GroenLinks: GroenLinks heeft de partijcultuur van de PSP geërfd (‘discussiepartij‘) en de standpunten van de PPR (‘groen, solidair, libertair‘). De Evangelische Volkspartij sloot zich pas relatief laat bij de fusie aan, maar is nog steeds helder herkenbaar door de Linker Wang. Rest de vraag: wat kunnen we herkennen van de CPN in GroenLinks?

Leninisme, Moskou en anti-fascisme
De Communistische Partij Nederland is gevormd in 1909, acht jaar vóór de Russische revolutie, als Sociaal-Democratische Partij. Binnen de grote sociaal-democratische beweging Sociaal-Democratische Arbeiderspartij was er felle discussie tussen reformisten, die zich wilden richten op een parlementaire strategie en revolutionairen, die geloofden dat het parlementaire werk de onvermijdelijke arbeidersrevolutie slechts zou vertragen. De revolutionairen splitsten zich af. In 1918 veranderde de partij haar naam in Communistische Partij Holland, sloot zich aan bij de door Moskou geleide Communistische Internationale en onderschreef ze een leninistische maatschappijvisie.

Gedurende de jaren ’30 ontwikkelde de CPH (sinds 1937 Communistische Partij Nederland, CPN) een anti-fascistisch profiel. Tijdens de bezetting namen veel communisten deel aan het verzet: ze organiseerden de Februaristaking. De illegale communistische krant De Waarheid, was een van de voornaamste gezichten van het verzet.
Na de oorlog werd de CPN beloond met 10% van de stemmen. De CPN was een partij van de arbeidersklasse die sterk stond in de arme landbouwgebieden in het Noorden en de volkswijken in Westelijke steden. Uiteraard onderschreef de CPN een marxistische maatschappijanalyse waarbij de bourgeosie, de bezittende klasse, de arbeidersklasse, het proletariaat, onderdrukte. De maatschappij was misschien de jure democratisch, maar de economische ongelijkheid hield de facto de arbeidersklasse geknecht. In de dagelijkse politiek richtte de partij zich op de verbetering van de materiële positie van de arbeidersklasse onder de paradoxale leus “hogere lonen, lagere prijzen” en op de versterking van de vakbond. De partij streed voor de onafhankelijkheid van Indonesië, verketterde de rol van Amerika in de internationale politiek (denk aan kernbewapening en blokvorming) en vergoeilijkte de rol van Moskou (haar bewapening en blokvorming waren een reactie tegen de imperialistische politiek van het Westen). Vanwege haar verzetsverleden was de partij fel anti-fascistisch en verzette ze zich tegen anti-semitisme. Ook was de partij hierom fel anti-Duits. De partij maakte zich grote zorgen over ‘West-Duits revanchisme’, dat Duitsland haar gelijk na de oorlog nog wel zou komen halen. De CPN was democratisch centralistisch georganiseerd: de beslissingen werden genomen aan de top, met name door partijleider Paul de Groot. Vervolgens werd de rest van de partij aan deze beslissingen gebonden. Toen de Koude Oorlog langzaam opwarmde eind jaren ’40 kwam de CPN in een steeds geïsoleerdere positie te staan: in politiek opzicht maar ook electoraal nam de steun voor de communisten gestaag af.

Marxisme, feminisme en anti-Amerikanisme
Eind jaren ’60, de periode van de universiteitsbezettingen, nam de populariteit van de CPN toe. Een deel van de studenten sloot zich aan bij de CPN, omdat dit de partij was van de arbeidersklasse. De partij koos de kant van de studenten in de discussies over democratisering. De CPN verzette zich daarnaast consequent tegen het Amerikaans buitenlands beleid: kernbewapening, Vietnam, en de steun voor Apartheid.

Met deze studenten kreeg de CPN een energieke nieuwe generatie in haar midden. Marius Ernsting is zo’n figuur: hij was een voorman van de anarchistische Kabouterbeweging geweest maar werd daarna Kamerlid voor de CPN. De studenten die zelf streden voor radicale democratisering, sloten zich aan bij een partij die intern niet democratisch was. In jaren ’80 werd de partij intern gedemocratiseerd: Paul de Groot, de grote man van de CPN tot de jaren ’70, verloor al in 1978 zijn erevoorzitterschap.

Het profiel van de CPN draaide: maatschappelijke democratisering maar ook emancipatie kwamen hoger op de agenda te staan. De partij voegde feminisme toe aan haar uitgangspunten, naast marxisme. De rigide marxistische maatschappijanalyse werd gemakkelijk naar man-vrouw-, allochtoon-autochtoon- en homo-hetero-verhoudingen vertaald: mannen, hetero’s en autochtonen onderdrukte vrouwen, homo’s en allochtonen, zoals de bourgeoisie het proletariaat onderdrukte. In de egalitaire samenleving die de CPN nastreefde moesten ook deze machtsongelijkheden vereffend worden. Zoals de strijd voor de positie van arbeiders een strijd van een groep was, zag de CPN de strijd van homo’s, vrouwen en migranten in termen van groepen, niet individuen. De partij koos in 1981 voor drie heldere speerpunten: een sterke overheid die het opnam voor de arbeidersklasse, verzet tegen kernbewapening en maatschappelijke democratisering, inclusief gelijkberechtiging van vrouwen, homo’s en migranten. De CPN was deels veranderd, maar bleef ook haar communistische wortels trouw: nog in 1989 waren er CPN-vertegenwoordigers bij de viering van 40 jaar DDR in Berlijn.

De generatie jonge studenten bleek een Trojaans Paard: deze stonden ver af van de leefwereld van de arbeidersklasse. Terwijl volkswijken in rap tempo verkleurden, pleitte de CPN voor de rechten van migranten, homo’s en vrouwen. De Socialistische Partij voelde dit beter aan en verzette zich juist tegen feminisme en arbeidsmigratie. Electoraal ging de CPN erop achteruit. In reactie koos ze voor versterkte samenwerking met linkse intellectuele partijen als PSP en PPR in raden en staten, en in het Europees Parlement. Hierachter zat een electorale logica maar ook een inhoudelijke: nu de CPN van een Stalinistische partij een linkse emancipatiepartij was geworden, waren de verschillen met de PSP en de PPR verdwenen. In 1986 verloor de CPN al haar zetels in de Tweede Kamer en drie jaar later ging ze op in GroenLinks.

Linkse emancipatiepartij
Wat is er over van de CPN in het huidige GroenLinks, een links-liberale intellectuelenpartij? Zeker in de eerste jaren waren er veel CPN’ers op prominente plekken: in 1994 waren de partijvoorzitter (Harrewijn) en de lijsttrekkers bij de Tweede Kamer- (Brouwer) en de Europees Parlementsverkiezingen (Van Dijk) oud-communisten. Veel prominente migrantenpolitici (Singh Varma en Pormes) kwamen voort uit de CPN. Tot 2010 hadden er twee Eerste Kamerleden een CPN-achtergrond (Laurier en Van der Lans). Maar de plek waar de CPN het best vertegenwoordigd is geweest is onder partijbestuurders: van de negen partijvoorzitters van GroenLinks komen er vier voortuit de CPN. Het CPN-electoraat had de CPN al verloren, maar dat heeft GroenLinks ook niet terugveroverd. De SP en de PVV doen het nu sterk in traditionele CPN-wijken.

Programmatisch gezien lijkt er weinig over van de CPN in het huidige GroenLinks: het hervormingsgezind-sociale economische verhaal van GroenLinks staat veraf van het programma van de CPN. Je zou nog kunnen zeggen dat GroenLinks met haar nadruk op de positie van vrouwen op de arbeidsmarkt en haar pleidooi voor een gelijkere positie van outsiders de doelen van de CPN nastreeft, maar de middelen die ze in discussie heeft gekozen (een harde aanval op de vakbeweging en de gevestigde rechten) past niet bij de CPN. Maar ook op internationaal terrein lijken de twee partijen nauwelijks op elkaar: GroenLinks wil dat de internationale gemeenschap optreedt om mensenrechten te beschermen, terwijl de CPN het optreden van het NAVO-blok veroordeelde, omdat dit altijd het eigenbelang van het Westen zou dienen. Alleen op cultureel vlak vertonen de CPN en GroenLinks een sterke gelijkenis: beide partijen zetten zich in voor emancipatie van vrouwen, homo’s en migranten. Maar zelfs hier is het onderscheid tussen de CPN en GroenLinks groot: de CPN legde de nadruk op groepssolidariteit, anti-discriminatie en sociaal-economische achterstelling en GroenLinks heeft veel meer oog is voor individuele vrijheid, vrijheid van godsdienst en de onderdrukking binnen groepen.

Christian Jongeneel

Christian Jongeneel

Hyves Linkedin Twitter Youtube

Duitsland worstelt met bezuinigingen

In sargasso, bezuinigingen, de, duitsland, euro, europa, grieken, italië, nederland, en meer.
1810

Terwijl de Nederlandse coalitiepartijen om tafel zitten om te onderhandelen over nieuwe bezuinigingen, lijkt het zelfs Duitsland niet te lukken de broekriem aan te halen. De afgesproken bezuinigingen van vorig jaar werden bij lange na niet gehaald en ook voor dit jaar ziet het er niet goed uit, aldus Der Spiegel.

Verwacht de komende dagen dus enig leedvermaak in het zuiden van Europa. De bezuinigingen die in Nederland en Duitsland nodig zijn, zijn immers peanuts vergeleken bij wat beide landen aan de anderen voorschrijven. Als een paar miljard euro sommige rijke cijferfetisjisten al aan het twijfelen brengen, mogen ze dan nog van de verarmde Grieken verwachten dat die zich drie slagen in de rondte bezuinigen?

Als de noordelijke landen inderdaad aanhikken tegen bezuinigingen, maakt dat de weg vrij naar een relaxter beleid, dat meer de balans zoekt tussen bezuinigingen en economische stimuli. Dat is de koers die Italië onder Mario Monti vaart. The Economist hijst hem alvast op het schild. Kijk niet raar op als Europa, nu het wat rustiger is in de eurocrisis, stilletjes een andere koers gaat varen. (sg)

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Partij van de Toekomst kijkt terug naar haar verleden

In cpn, evp, groenen, groenlinks, ppr, psp, akkoord, beslissing, boek, en meer.

GroenLinks is bij uitstek de partij voor de toekomst, maar soms moet je terugkijken om weer vooruit te kunnen. Tijdens de eerste bijeenkomst van de collegereeks over het gedachtegoed van GroenLinks keken vier partijleden die betrokken waren bij de oprichting van GroenLinks terug naar het verleden. Wat kan GroenLinks leren van haar oprichters?

Communisten & Feministen

Herman Meijer was uitgenodigd om iets te vertellen over de Communistische Partij Nederland (CPN). Hij maakte duidelijk dat de partij eind jaren ’70 afscheid nam van haar Stalinistische verleden. Binnen de CPN was het Stalinisme vertegenwoordigd door Paul de Groot: ‘De Groot was erevoorzitter van de CPN, nadat hij jarenlang ‘gewoon’ voorzitter was geweest. Hij was een klassieke Stalinist. Zowel in zijn interne partijoptreden als in zijn paranoïde inslag.’ Na het aftreden van De Groot veranderde de CPN. Meijer schreef mee aan het partijprogramma van de CPN: ‘Het was een radicale oproep tot volstrekte democratisering van de hele Nederlandse maatschappij, tot op het diepste niveau, ook in economisch opzicht. Marxisme en feminisme werden als gelijkwaardige inspiratiebronnen gezien. De CPN was de meest feministische partij van Nederland.’

Volgens Meijer kan GroenLinks van de CPN leren om een gezond en goed geformuleerd anti-kapitalisme te koesteren: ‘We moeten een diepgravender, analytischer en intelligenter verhaal hebben over de bankencrisis, wat dat te maken heeft met de liberalisering van de geldmarkt en zo verder. Dat is ver voorbij het banale anti-kapitalisme: “Jullie zijn rijk en wij niet en dat is niet eerlijk.” Dat is ook wel zo, maar we kunnen daar een eind voorbij.’

Meijer ziet wel wat in linkse samenwerking: ‘Voor de verkiezingen moeten linkse partijen op een aantal punten kunnen overeenstemmen: wat we nu nodig hebben is een regering die pro-Europees is, een ruimhartig immigratiebeleid voert en die zorgt voor een grotere inkomensgelijkheid, tegen bonussen en al die shit. Ik zou het programma zo kunnen schrijven.’

Pacifisme, socialisme en milieu

Meijer was tot 1974 lid geweest van de Pacifistisch-Socialistische Partij (PSP), een andere oprichter van GroenLinks: ‘Wat mij tegenviel in de PSP, was dat de partij een buitengewoon moeizaam bestaan had. In Delft [waar Meijer woonde - SO] had de partij maar een paar leden en die waren altijd aan het tobben. Het was niet zo’n gelukkig clubje.’ Alexander de Roo, de vertegenwoordiger van het PSP-smaldeel, beaamt dat de PSP slecht was georganiseerd: ‘Ik ben in 1974 lid geworden van de PSP in Delft. Ik heb een maand nodig gehad om lid te worden. Die club was behoorlijk onvindbaar. Ik ben lid geworden vanwege de kernenergie. Er was een grote demonstratie in Kalkar tegen de opwekkingscentrale en Bram van der Lek, PSP-Kamerlid riep: “De technici moeten hun werk overdoen.” Dat sprak mij aan.’

De Pacifistisch-Socialistische Partij stond bekend vanwege haar pacifisme. De Roo nuanceert dat beeld: ‘Het pacifisme van de partij was nooit absoluut. In de jaren ’70 was er een felle discussie: wat doen we met geweld van bevrijdingsbewegingen? Dat accepteerden we. Het pacifisme van de PSP was veel meer een politiek pacifisme. We verzetten ons tegen de NAVO, dat was een identiteitspunt bij de PSP. GroenLinks worstelt nu nog steeds met militaire interventies. Zodra geweld ter sprake komt hebben we het daar moeilijk mee. Die aandacht voor wat er gebeurt in landen om ons heen, dat was heel kenmerkend voor de PSP.’

De Roo, die als samenwerker te boek stond in de PSP is ook voorstander van progressieve samenwerking: ‘In Duitsland heb je rood-groene samenwerking. Dat is daar een begrip. De meest natuurlijke partner voor GroenLinks is de PvdA. Samsom heeft zelfs ooit geprobeerd om kandidaat voor GroenLinks te worden. We moeten een akkoord sluiten met de PvdA en dan kijken of de SP en D66 aan willen sluiten.’

Groen en libertair

Wim de Boer sprak namens de Politieke Partij Radikalen (PPR): ‘Bij de PPR stonden, onder andere, het serieus nemen van het milieu en de duurzame economie in al haar facetten centraal.’ De partij nam het ook op voor een eerlijkere verdeling van werk en inkomen. Bovendien kenmerkte de partij zich door een libertaire en niet-dogmatische manier van handelen. ‘Dat was de PPR en ik heb glimlachend in de trein vastgesteld dat dat voor mij nog geen spat veranderd is, voor die waarden sta ik nog steeds.’

De Boer was betrokken bij de vorming van GroenLinks. Als lid van de ‘bende van drie’ had hij de onderhandelingen op een cruciaal moment vlot getrokken. Zonder toestemming onderhandelden drie oud-partijbestuurders van de PPR toch met de CPN en de PSP, terwijl het PPR-bestuur zich had teruggetrokken uit de onderhandelingen. Zelf had hij zich in de onderhandelingen één doel gesteld: ‘Wat ik eruit zal slepen is de naam ‘GroenLinks’. Die naam had nog heel wat voeten in de aarde. Zonder ‘groen’ kreeg je met de PPR geen akkoord. GroenLinks dekt precies de lading. Voor mij zijn groen en links onlosmakelijke aan elkaar verbonden: zonder progressieve politiek krijg je geen goed milieubeleid en zonder milieubeleid krijg je geen duurzame samenleving.’

Je zou kunnen stellen dat qua politiek programma GroenLinks nu het meest op de PPR lijkt, maar De Boer nuanceert dat beeld: ‘Ik ben niet de man van de politieke programma’s. Ik heb ze geschreven, ik heb ze vastgesteld, ik heb er urenlang over zitten vergaderen. De praktijk is dat als een programma is aangenomen het dan verdwijnt in een la en je er er nooit meer naar kijkt. Wat ik belangrijk vind is dat de waarden van de PPR diepgeworteld zijn binnen GroenLinks. Ze krijgen wel een nieuwe vorm. Op grond van nieuwe inzichten kan ik tot een andere beslissing komen. Ik vind het belangrijk dat iedere GroenLinkser glashelder heeft voor welke waarden wij staan. Als hij dat weet dan komen die politieke keuzes vanzelf tot stand.’ De Roo: ‘Qua programma lijkt GroenLinks het meest op de PPR en toch is het een heel andere partij geworden. De partij heeft een veel bredere uitstraling. De partij is meer dan de som der delen. Er ligt nu meer nadruk op het groene, daarmee heeft de partij iets nieuws aangesproken.’

Christelijk dus progressief

Cor Ofman was de laatste voorzitter van de Evangelische Volkspartij (EVP) en de eerste EVP’er op de eerste lijst van GroenLinks (plaats #11). ‘De EVP was een klein clubje. De EVP is ontstaan uit CDA’ers die een andere koers wilden. We hoopten de dissidenten uit het CDA, een stuk of tien Kamerleden, mee te krijgen.’ Maar die bleven in het CDA, ze zeiden: ‘als 90 procent van de achterban toch conservatief blijft dan kan je er moeilijk uitstappen.’ De EVP had drie kernpunten: ‘vrede, gerechtigheid en heelheid van de schepping. Ook binnen die kerken speelden die trits heel sterk een rol. De partij was tegen de plaatsing van kruisraketten. Ze stond voor een economie van het genoeg en het recht van de arme en de vreemdeling. We hadden een eigen interpretatie van Bijbelse normen en waarden: christelijk dus progressief.’

De Boer vraagt Ofman: ‘Ik heb nooit begrepen wat jullie verhinderde om jullie doelstellingen in de PPR te realiseren. Was dat alleen omdat het woord ‘bijbel’ niet gebruikt werd? De PPR is oorspronkelijk voortgekomen uit Christen-Radicalen.’ Ofman: ‘Het christelijke was tamelijk verwaterd in de PPR. De PPR was libertairder, de EVP was minder individualistisch. Ook GroenLinks is liberaal. Ik zou ook wel wat meer uitstraling willen zien richting een kerkelijke achterban. Als ik op zondag mijn verhaal houdt, denk ik vaak, waarom komen die mensen nou niet bij GroenLinks terecht, terwijl ze al afscheid hebben genomen van het CDA? Ze zijn op zoek naar een partij met een sociaal gezicht, maar die ook oog heeft voor spiritualiteit.’

vrijdag, 9 maart 2012

Hans Groen

Hans Groen

Twitter

Chippen paarden in Duitsland niet verplicht

In chippen paarden, maatschappij, chippen, duitsland, gezondheid, nederland, de, onderzoek.
Het zat er al aan te komen.  De kans dat het chippen van paarden in Duitsland als enige identificatie wordt gehanteerd, zoals in Nederland, is nagenoeg verkeken. De verschillende onderzoeken die de gevaren van chippen onderstrepen, hebben de commissie agricultuur over de streep getrokken. Het recente onderzoek in Duitsland naar de effecten van chippen en [...]

donderdag, 8 maart 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Frederik de Grote, Fredericus Rex

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, media, 300ste geboortejaar, film, fredericus rex, frederik de grote, goebbels, propaganda, pruisen, en meer.

Merlijn Schoonenboom schrijft vandaag 8 maart in de Volkskrant over de viering van het 300ste geboortejaar van Frederik de Grote.

“Dit jaar wordt met een enorm programma en al even grote media-aandacht de 300ste geboortedag van de Pruisische koning Frederik de Grote gevierd. De stad Potsdam staat hierin centraal.”
“Je mag het anno 2012 gewoon weer zeggen. In de media wordt Frederik zelfs zonder problemen vergeleken met huidige politici, die oude ‘Pruisische deugden’ zouden missen. Historicus Kuke vindt de situatie in Potsdam daarom prima passen bij de algehele omgang met Pruisen: die is niet óf hemelhoog juichend of afwijzend. De fase van de historische distantie is aangebroken: ‘De wederopbouw van het slot is de verzoening met de eigen geschiedenis. De Pruisische geschiedenis heeft twee kanten: een goede en een slechte, de Verlichting en het absolutisme. Pas als je het verleden écht ziet, zoals bij het slot, dan kan je erover nadenken en je eigen mening vormen.’ “

“Over de rol van Pruisen en Frederik wordt sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog gediscussieerd. Frederik was de koning die Pruisen in de 18de eeuw tot Europese grootmacht uitbouwde; onder Pruisen ontstond in 1871 de Duitse eenwording. Maar omdat Duitsland zich sindsdien in twee wereldoorlogen stortte en Hitler zich graag op Frederik beriep, is de herinnering decennia lang beladen geweest zeker in Potsdam zelf.”

De beladen herinnering begint met de “Fredericus Rex” films.

 Frederik de Grote, Fredericus RexVeel politici en aristocraten uit de late 19e en de vroege 20ste eeuw probeerde Frederik  na te volgen, en stiliseerden hem tot een voorloper van het protestantse Duitsland. Een voorbeeld van deze verering zijn de Fredericus Rex films van 1920. Frederik was een van de eerste beroemdheden wiens biografie voor het medium film werd verwerkt, dat toen opkwam.

Fredericus Rex-films worden in de strikte zin vier historische films over de persoon van de Pruisische koning  genoemd die  in Duitsland tussen 1920 en 1923 werden geproduceerd. In bredere zin wordt de term gebruikt voor alle films over Frederik II in Duitsland in de periode tot 1942 .

De door de UFA breed opgezet geënsceneerde, dubbele film “Fredericus Rex” (1921/1922, 1923) vertelde in losse afleveringen en zonder historische nauwkeurigheid het leven van de Pruisische koning Frederik II, en was puur een propagandafilm voor de restauratie van de monarchie. De film laat zien hoe de onderwerping van de opstandige tiener Frederik aan de wil van zijn strikte vader leidt tot verfijning van het karakter van de toekomstige heerser, die zijn absolute macht uiteindelijk ten behoeve van het volk gebruikt en door succesvolle oorlogen het kleine Pruisen tot grote mogendheid verheft.

Op het moment dat de film werd uitgebracht – vier jaar na de nederlaag in de Eerste Wereldoorlog en de ondergang van de monarchie – was de politieke boodschap het idee dat een nieuwe absolute heerser niet alleen een bolwerk zou vormen tegen het opkomend socialisme, maar dat hij ook het land dat zich in vele opzichten vernederd voelde tot een nieuwe grootte zou leiden.   Het populaire motief van vader-zoon conflict dat door alle Fridericus Rex films als een rode draad loopt werd tegelijkertijd gebruikt om de scepsis van het publiek op te vangen (in de revolutionaire naoorlogse tijd lang geloofde niet iedereen in de noodzaak van autoritair gedrag) en het publiek ervan te overtuigen dat rebellie en anarchie alleen met autoriteit kunnen worden tegengegaan. Als compensatie voor het verlies van zelfbeschikking lokte de identificatie met de glorieuze Übervater Frederick. Daarnaast moest de film patriottische gevoelens aanwakkeren en  de overtuiging wekken dat agressieve machtspolitiek in het geval van Duitsland altijd gerechtvaardigd is als een defensieve houding tegenover een overweldigende vijandige samenzwering.

Hoewel de film in de liberale en linkse pers heftige protesten uitlokte, was de film commercieel zeer succesvol, en inspireerde een hele reeks van imitaties, die werden geproduceerd door verschillende filmmaatschappijen tot in het begin van de jaren ’30. Het patroon van de eerste films werd altijd min of meer getrouw gekopieerd, en in bijna alle films speelde Otto Gebühr Frederik.

otto gebuehr fredericus rex Frederik de Grote, Fredericus Rex

Omdat de Fredericus Rex films anticiperen op de ideologische argumenten van de nazi’s, worden zij in de filmhistorische literatuur zo nu en dan als “pre-fascistisch” geclassificeerd.

De verheerlijking Frederik bereikte dan ook de hoogtepunt in de tijd van van het nazisme onder auspiciën van de Minister van Propaganda Joseph Goebbels. Daarbij speelden vooral de zes films waarin Otto Gebühr de koning van Pruisen speelde een belangrijke rol.  De nazi-propaganda noemde Frederik niet alleen als een “eerste nationaalsocialist”, Frederik en zijn volgelingen werden ook de belichaming van de Duitse discipline, standvastigheid en trouw aan het vaderland. De nazi’s rechtvaardigden bijvoorbeeld  in de laatste maanden van de oorlog de dienstplicht van de Hitlerjugend in de Volkssturm met het argument dat Frederik ook 15-jaar oude kinderen van aristocraten dienstplichtig had gemaakt.

maandag, 5 maart 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Kritiek op eresaluut voor Christian Wulff

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, politiek, afscheid, bondspresident, christian wulff, duitsland, eresaluut, fluitconcert, grote taptoe, en meer.

Den Zapfenstreich streichen!

De Duitse minister van Defensie de Maizière noemt het een “gebruikelijke staatspraktijk”. Maar de SPD en de Vereniging van belastingbetalers hebben zich uitgesproken tegen een pompeuze afscheid van ex-president Wulff en eisen “nederigheid”. Zelfs oud-kanselier Schmidt mengt zich in het debat.

Wat kan Christian Wulff na zijn vervroegde uittreding uit het ambt van bondspresident eisen? Na een debat over de zogenaamde “Ehrensold” (Rustgeld) van 200.000 euro per jaar, en andere begunstigingen die de gewezen overheidsdienaar toekomen, raakt nu ook Wulffs afscheid onder vuur.

de duitse bondspresident christian wulffa Kritiek op eresaluut voor Christian Wulff

Heeft Christian Wulff recht op een Grote Taptoe?

Wulff zal op donderdag formeel afscheid nemen met een Grote Taptoe van de Bundeswehr- maar het protest hiertegen groeit bij de SPD en de Vereniging van Belastingbetalers.

De Grote Taptoe, een kunstvorm van de oorspronkelijke taptoe, is een feestelijke ceremonie met diverse krijgsmachtdelen, gebed en muziek. Het is de hoogste militaire ceremonie van de Bundeswehr.

grosser zapfenstreich Kritiek op eresaluut voor Christian Wulff

 

Video: http://www.youtube.com/watch?v=6dWEbBbv6P8

De SPD begrotingsdeskundige Carsten Schneider ziet geen reden voor een Grote Taptoe voor Wulff. De voormalige bondspresident zou door zijn omgang met de waarheid het hoogste ambt in de staat hebben beschadigd.

“Hij moet zich nu oefenen in nederigheid”, zei Schneider.

Ook voormalig bondskanselier Helmut Schmidt (SPD) heeft Wulff ervan beschuldigd “ernstige schade” te hebben toegebracht aan het ambt van het staatshoofd. “Hij heeft de hele politieke klasse beschadigd”, zei Schmidt in de Bild-Zeitung.

Zie Kritik an Zapfenstreich für Wulff

De vier nog levende oud-presidenten Walter Scheel (FDP), Richard von Weizsäcker (CDU) en Roman Herzog (CDU) en Horst Köhler (CDU) hebben laten weten donderdag niet naar de afscheidsceremonie van Christian Wulff te komen.

Sowieso ligt de Grote Taptoe zelf onder vuur, niet alleen voor Christian Wulff.

Niet alle Duitse bondspresidenten hebben voor een Grote Taptoe gekozen bij hun afscheid. Gustav Heinemann bijvoorbeeld verkoos een bootstocht op de Rijn boven een militair-religieus ritueel.

Er is al lang veel kritiek op de Grote Taptoe als een niet meer bij de tijd passend en pre-democratisch ritueel. Die Grünen wilden de Grote Taptoe – of ten minste de religieuze elementen erin – laten verbieden, maar de petitie werd niet aangenomen.

Inmiddels wordt de afschaffing van zowel de Grote Taptoe alsook van het ambt van bondspresident bediscussieerd:

Es stellt sich die grundsätzliche Frage: Brauchen wir überhaupt noch einen Bundespräsidenten? Wofür?“, vraagt FDP-politicus Jürgen Koppelin.

————————————————–

————————————————–

 

Update muziekprogramma “Großer Zapfenstreich” voor Christian Wulff:

 

Wulff mocht vier wensen doen voor muziekstukken, en wil graag dat gespeeld wordt:

 

  1. Over the Rainbow” (Wizzard of Oz)

Somewhere over the rainbow
Way up high,
There’s a land that I heard of
Once in a lullaby.

Somewhere over the rainbow
Skies are blue,
And the dreams that you dare to dream
Really do come true.

Someday I’ll wish upon a star
And wake up where the clouds are far
Behind me.
Where troubles melt like lemon drops
Away above the chimney tops
That’s where you’ll find me.

Somewhere over the rainbow
Bluebirds fly.
Birds fly over the rainbow.
Why then, oh why can’t I?

If happy little bluebirds fly
Beyond the rainbow
Why, oh why can’t I?

2. Alexandermarsch

3.Het kerklied “Da berühren sich Himmel und Erde

„Da berühren sich Himmel und Erde, dass Friede werde unter uns,
da berühren sich Himmel und Erde, dass Friede werde unter uns

Wo Menschen sich vergessen, die Wege verlassen und neu beginnen
ganz neu
da berühren sich Himmel und Erde, dass Friede werde unter uns,
da berühren sich Himmel und Erde, dass Friede werde unter uns“

4. Ode an die Freude Beethoven/Schiller

(officieel volkslied van de Europese Unie)

„O Freunde, nicht diese Töne!
Sondern laßt uns angenehmere anstimmen
Und freudenvollere!1

Freude, schöner Götterfunken,
Tochter aus Elysium,
Wir betreten feuertrunken,
Himmliche, dein Heiligtum!
Deine Zauber binden wieder,
Was die Mode streng geteilt;
Alle Menschen werden Brüder,2
Wo dein sanfter Flügel weilt.

Wem der große Wurf gelungen,
Eines Freundes Freund zu sein,
Wer ein holdes Weib errungen,
Mische seinen Jubel ein!
Ja, wer auch nur eine Seele
Sein nennt auf dem Erdenrund!
Und wer’s nie gekonnt, der stehle
Weinend sich aus diesem Bund.

Freude trinken alle Wesen
An den Brüsten der Natur:
Alle Guten, alle Bösen
Folgen ihrer Rosenspur.
Küsse gab sie uns, und Reben,
Einen Freund, geprüft im Tod;
Wollust ward dem Wurm gegeben,
Und der Cherub steht vor Gott!

Froh, wie seine Sonnen fliegen
Durch des Himmels prächt’gen Plan,
Laufet, Brüder, eure Bahn,
Freudig, wie ein Held zum Siegen.

Seid umschlungen, Millionen,
Diesen Kuß der ganzen Welt!
Brüder! Über’m Sternenzelt
Muß ein lieber Vater wohnen.
Ihr stürzt nieder, Millionen?
Ahnest du den Schöpfer, Welt?
Such’ ihn über’m Sternenzelt!
Über Sternen muß er wohnen.”

1De eerste drie regels werden toegevoegd door van Beethoven in 1823 en ontbraken in de beide versies van Schiller. 2Deze en de voorgaande regel werden gedicht door Schiller in 1803.
In de oorspronkelijke versie uit 1785 waren deze twee regels als volgt:
Was der Mode Schwert geteilt; Bettler werden Fürstenbrüder


Update : Duitse ex-president Wulff uitgefloten bij afscheid


zaterdag, 3 maart 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Hypotheekrenteaftrek probleem voor de Nederlandse economie

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, politiek, duitsland, economie, hypotheekrenteaftrek, nederland, recessie, blogs, geld, en meer.

In de Volkskrant van vandaag 3 maart vergelijkt Xander van Uffelen de Nederlandse en de Duitse economie:

Waarom Nederland in de malaise zit en Duitsland niet”:

“De sombere Nederlandse consument is de belangrijkste oorzaak van het grote verschil. Bij de Duitsers zit de stemming er goed in, stijgen de huizenprijzen, maakt niemand zich zorgen over zijn pensioen en hebben de overheidsbezuinigingen de koopkracht nauwelijks geraakt.”

“Het stemmingsverschil tussen Nederland en Duitsland komt goed tot uiting op de huizenmarkt. Door het crisisgevoel, dat ook in Duitsland heus wel gevoeld wordt, steken de oosterburen overtollig spaargeld in stenen. Huizen vinden ze een veilige belegging; geen huizenkoper die hoeft na te denken of afschaffing dreigt van de hypotheekrenteaftrek. Zolang de huizenprijzen in de lift zitten, is verkoop van de oude woning zelden een probleem. Nederlanders houden ook geld over, maar stallen dat op een spaarrekening. Vermogenden die huizen kopen zijn er nauwelijks meer.”

Helaas wijdt Xander van Uffelen niet uit over het hier achter liggende probleem van de hypotheekrenteaftrek, een belastingconstructie die in Duitsland niet bestaat. Ik heb op een van mijn Duitse blogs hierover geschreven:

Wirtschaftsprobleme in den Niederlanden

maandag, 27 februari 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Studie Duits verdwijnt uit Leiden

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, leiden, duits, frans, opleiding, studie, talenstudies opheffen, ton naaijkens, universiteit leiden, en meer.

 “De Universiteit Leiden is van plan de studies Frans, Duits en Italiaans op te heffen als zelfstandige opleidingen. Het is de bedoeling dat ze opgaan in een ‘brede’ bachelor Taal, cultuur en mediastudies. Dat bevestigt een woordvoerder van de universiteit. Het formele besluit is nog niet gevallen, zegt ze.” (NRC 27-2-2012)

Terwijl de studenten Frans gaan demonstreren, en hoogleraar Smith in de NRC woedend van een “sterfhuis” spreekt voor de opleiding Frans, is hoogleraar Duits Anthonya Visser voorzichtig optimistisch: “Ik vind het niet per se een probleem dat er dan geen zelfstandige opleiding Duits meer is. Het gaat me om de inhoud. Dat het goed mogelijk blijft om binnen die brede bachelor Duitse taal en cultuur te kunnen blijven bestuderen.’ Visser zegt dat de inhoudelijke discussie erover nog gevoerd moet worden.” (Mare-online).

Maar is de kwaliteit van een studie niet ook afhankelijk van de tijd die men aan een bepaald vak besteedt?

“De succesvolle praktijk om talenstudenten vanaf dag één in de taal zelf te doceren maakten de Nederlandse universitaire talenstudies tot de beste ter wereld. Bij een algemene opleiding is deze praktijk niet langer vol te houden en verworden deze opleidingen tot middelmatige talenstudies die niet uitstijgen boven het niveau van een cursus Frans aan een volksuniversiteit.” (Rens Bod, NRC 3-2-2012)

“Aan de universiteiten worden in rap tempo de ambachtelijke studies afgeschaft. Portugees. Duits. Frans. Arabisch. In plaats daarvan komt geleuter over media. Bullshit is in onze cultuur niet alleen een burgerrecht. Het is een doel in het leven.” (Marjolein Februari, NRC 12-2-2012)

“Tal van Europese talen, waaronder Frans, Duits, Italiaans en Portugees, zullen als de plannen doorgaan niet of nauwelijks meer op bachelorniveau aan Nederlandse universiteiten kunnen worden gestudeerd, behalve met enig geluk als onderdeel van algemene opleidingen ‘taal, cultuur en media’ (alsof die laatste categorie niet al onder taal en cultuur valt). Een snufje Duits, een vleugje Portugees, een wolkje Russisch wellicht, net genoeg om de besluiteloze jonge mens te laten ontdekken wat hij nu eigenlijk écht wil studeren.” (Martin de Haan, NRC 20-3-2012)

Micha Wertheim satire zie hier

Ik ben in 2001 bij Duits afgestudeerd.

Toen was het nog een heerlijke tijd bij Letteren: 4-5 jaar ambachtelijke studie, reflectie, verdieping, kritisch zelfstandig denken.

Ik had er ontzettend veel aan.

Zie ook: Wij willen Bildung!

Maria Trepp

P.S. Overigens heet het al lang geen “studie” meer, mijn kop klopt dus niet. Het heet al lang “opleiding Duits”. Studie is al lang de bedoeling niet meer.

——————————————————————————————————

De Utrechtse hoogleraar Duits Ton Naaijkens in de NRC van 20 maart:

“Juist op een moment waarop de Nederlands-Duitse Handelskamer rapporteert dat 87 procent van de Nederlandse bedrijven die afhankelijk zijn van export naar Duitsland inziet dat gebrekkige talenkennis rechtstreeks tot omzetverlies leidt, besluiten veel Nederlandse universiteiten talenstudies weg te stoppen in sterfhuisconstructies.

Toch is de twijfel of er straks nog wel mensen zijn die uit de moderne talen kunnen vertalen (NRC Handelsblad, 15 maart), ongegrond. Ook al wil de Universiteit Utrecht de opleiding Portugees opheffen – de opleidingen Duits, Engels, Frans, Italiaans, Keltisch en Spaans blijven bestaan en worden allemaal geleid door één of meer hoogleraren.”

donderdag, 16 februari 2012

John Jorna

John Jorna

Het meldpunt van de PVV

In column van de week, banen, blok, criminaliteit, cultuur, de, duitsland, europa, gezin, en meer.

TOLERANTIE IN OOST- EN MIDDEN-EUROPA EN IN NEDERLAND

Is gebrek aan tolerantie een ziekte, die in steeds sterkere mate door heel Europa waart? De site van de PVV wordt door velen als zodanig gezien. En dat terwijl Nederland in Europa jarenlang bekend heeft gestaan als een zeer tolerant land. Laten we eens kijken of Nederland inderdaad minder tolerant is geworden. Daarbij kijken we niet alleen naar de houding tegenover migranten, maar ook naar andere minderheden. Maar we beginnen met de immigranten.

In de Atlas of European Values vinden we een kaart met per land het percentage mensen, dat vindt, dat er in hun land tegenwoordig te veel immigranten zijn. Een groot blok van Midden-Europese staten toont een laag percentage van minder dan 25%, die dat vindt. Dat is niet zo verwonderlijk, want die landen zijn door geringe welvaart en te weinig werk onaantrekkelijk voor immigranten. Toch heeft Polen veel immigranten uit het aangrenzende Wit-Rusland en de Oekraïne en ook uit vroegere Sovjet staten. Deze vullen de plekken op van de Polen, die in West-Europa aan de slag zijn gegaan. Nederland behoort tot een grote groep Noord- en West-?Europese staten met een percentage van 40 tot 54%. Spanje, Italië, Oostenrijk en Griekenland scoren nog hoger met 55 tot 69%. De mensen vrezen daarbij vooral toenemende criminaliteit en druk op de welvaart en wat minder ondermijning van de cultuur en je vreemdeling in eigen land voelen. In Nederland vindt minder dan de helft, dat immigranten banen inpikken. Of dat dan ook zo is, dat is nog maar de vraag. Maar het komt voor, dat Nederlandse vrachtvervoerders Oost-Europese chauffeurs tegen een lager loon in dienst nemen en Nederlandse chauffeurs hun baan kwijt raken. De boosheid zou zich dus meer op deze ondernemers moeten richten, die zich niet aan de cao houden. Polen kent relatief meer werklozen dan Nederland en toch zijn mensen uit minder welvarende landen daar meer welkom dan in Nederland. In Groot-Brittannië en Hongarije zijn mensen uit arme landen het minst welkom.

In de Scandinavische landen, Nederland, Zwitserland en Spanje is de tolerantie ten aanzien van homoseksualiteit het hoogst. Overal is de tolerantie toegenomen, maar niet in de Midden-Europese staten als Polen, Bulgarije en Roemenië en de Baltische staten.

In Polen is een groot gezin de favoriete buur, in Nederland een Jood en in beide landen zijn drugsverslaafden het minst gewild als buur. Nederland en Polen zijn even tolerant wat betreft een crimineel als buur en iemand van een ander ras als buur. In Polen willen ze liever geen rechtse nationalist als buur. Niet zo verwonderlijk want de Tweede Wereldoorlog met het rechts nationalistische buurland heeft zes miljoen Polen het leven gekost. In Nederland, Duitsland en Oostenrijk hebben we minder moeite met een rechtse nationalist als buur.Tenslotte hebben ze in Duitsland, Polen, Oostenrijk, Tsjechië, Slowakije en in Italië wat meer moeite met een Moslim als buur. Een interessante kaart toont de mate waarin mensen vinden, dat je anderen kunt vertrouwen. In Nederland, Zwitserland en de Scandinavische landen ligt het percentage boven de 45% en dat is sinds 1990 niet veranderd. In de Oost-Europese landen ligt het lager, soms onder de 25% en in Polen tussen de 25 en 34%.

Zo zie je, dat er in elk land wel wat is en dat je in Polen wellicht een meldpunt wangedrag van Nederlanders zou kunnen vestigen. We blijven maar met het vingertje wijzen. Veel beter zou zijn, dat we elkaar in Europa veel beter leren kennen, met elkaar corresponderen en bij elkaar op bezoek gaan. Zo kun je heel wat misverstanden voorkomen en misstanden helpen oplossen. Maar ja, problemen oplossen is niet bepaald de sterkste kant van de schreeuwers in onze samenleving.

Jaargang 4, Nr. 202.

dinsdag, 14 februari 2012

Mirik Smit

Mirik Smit

Linkedin Twitter

Schuld, boete en lege glazen

In begrotingstekort, duitsland, ecb, eurocrisis, griekenland, handelstekort, de, feit, adres.

Het is gebruikelijk om de Eurocrisis te presenteren als een schuld en boeteverhaal waarin Groot-Duitsland, de landen met een handelsoverschot, als de conservatieve calvinisten worden gezien en Groot-Griekenland, de landen met een handelstekort, als het uitgavenzieke Zuid en Oost-Europees gespuis. Bij de veroordelingen aan het adres van Groot-Griekenland wordt voorbijgegaan aan het feit dat Groot-Duitsland de Groot-Griekse begrotingstekorten juist nodig heeft voor haar eigen lage begrotingstekorten!

lees verder

maandag, 13 februari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Denk ik aan Duitsland...: Ohren freimachen

In de, duitsland, foto.
Denk ik aan Duitsland...: Ohren freimachen: “Ohren freimachen”, snauwde de Oost-Duitse grensbeambte. Mijn haar was de laatste weken weer over mijn oren gegroeid, waardoor de foto in m...

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 2176 uur (90,6 dagen). Berichtgemiddelde: 0,3 bericht per dag, 2,3 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3