zaterdag, 4 februari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Duurzame energie & de strategische doelen van Energiebeheer Nederland

De rol van Energiebeheer Nederland in de Nederlandse energievoorziening heb ik eerder dit jaar aangestipt in mijn post over het belang van Nederland bij de wijze waarop olie uit Canadese teerzandwinning wordt behandeld. Vandaag duik ik wat dieper in de rol van Energiebeheer Nederland aan de hand van de door hun zelf geformuleerde rol en strategische doelen.

Doel & strategische doelen Energiebeheer Nederland

De website van Energiebeheer Nederland (EBN) is heel duidelijk over de rol van EBN:

EBN is actief in het ontdekken, produceren en verhandelen van gas en olie in Nederland en is dé partner voor olie- en gasmaatschappijen. Samen met andere nationale en internationale olie- en gasmaatschappijen investeren we in de opsporing en winning hiervan en in gasopslagen in Nederland. Het initiatief voor opsporing-, ontwikkel- en productieactiviteiten ligt bij de vergunninghouders. EBN ambieert geen operatorschap in de deelnemingen, maar investeert, faciliteert en deelt kennis. Via een belang in GasTerra is EBN ook betrokken bij de verkoop van het Nederlandse aardgas. De winst die voortkomt uit deze activiteiten draagt EBN volledig af aan de Staat, onze enige aandeelhouder. Daarnaast adviseert EBN de overheid over het mijnbouwklimaat in Nederland en over nieuwe mogelijkheden voor het benutten van de ondergrond.

Bij die nieuwe mogelijkheden kijkt EBN vooral naar de opslag van CO2 (CCS in jargon). EBN neemt al langer deel in ondergrondse opslag van aardgas. EBN heeft haar visie vertaald naar drie strategische doelen:

  • het actief beheren van de deelnemingen in opsporing en winningactiviteiten;
  • het waarborgen van de continuïteit in exploratie en productie (E&P); en
  • het rendabel benutten van de ondergrond.

Duurzame energie & de strategische doelen van EBN

Vanuit duurzame energie bezien is met name het derde doel (‘het rendabel benutten van de ondergrond’) interessant (en niet zoals ik eerder betoogde windenergie, al kom ik daar zeker nog een keer op terug). Terug naar geothermie: een groeiend aantal bedrijven richt zich op het gebruik van geothermie voor de warmte- en koudevoorziening van de gebouwde omgeving. Voor diepe geothermie bestaat er een garantieregeling die (een deel van ?) de kosten vergoedt als een boring verkeerd uitpakt. Voor ondiepe geothermie is er naar mijn weten weinig tot niks geregeld op dat gebied, het risico ligt volledig bij de ondernemer.

Geothermie wordt ingezet als alternatief voor het gebruik van aardgas voor verwarming van kassen, gebouwen en soms zelfs als alternatief voor het pekelen van wegen. Een groot risico voor degene die er mee aan de slag wil is de slagingskans van de boring. Als een aquifer niet bruikbaar blijkt is de investering van de boring in een spreekwoordelijke bodemloze put gedaan. Een zelfde probleem doet zich voor bij de winning van gas en olie uit de grond. Ook daar bestaat de kans dat een proefboring geen olie of gas aantreft. Het boren naar olie en gas is zeer kapitaalintensief en wordt steeds kapitaalintensiever. De makkelijke bronnen raken op, dus wordt er dieper geboord of wordt geprobeerd andere soorten van olie en gas aan te boren (bv. schaliegas in Brabant of teerzandolie in Schoonderbeek).

Om te zorgen dat de olie- en gasindustrie ondanks de risico’s op mislukte boringen toch blijft zoeken naar olie en gas is een heel web aan fiscale voorzieningen opgezet. Daarnaast investeert de overheid via Energiebeheer Nederland tot 40% risicodragend mee in exploratie (lees proefboringen) en exploitatie van olie- en gasvelden. Deze maatregel scheelt niet alleen in de benodigde hoeveelheid kapitaal, het geeft ook meer zekerheid voor kapitaalverstrekkers die dus een lagere risicopremie (lees rente) zullen berekenen bij het verstrekken van kapitaal. De overheid krijgt daar natuurlijk ook het nodige voor terug, namelijk 40% van de winst op de investering.

Terug naar duurzame vormen van benutting van de ondergrond. Want daar doet EBN naar mijn weten niet aan mee. Ik kom in hun lijst van deelnemingen althans geen enkel geothermie project tegen. Nu wil ik best geloven dat het ontwikkelen van geothermie geld kost en de toepassing er van valt nog steeds onder de SDE+, dus volledig rendabel zal het bij de huidige gasprijs niet zijn (zoals CO2 opslag in de bodem bij de huidige CO2 prijzen ook niet rendabel is). Tegelijkertijd verwacht ik dat de toepassing van geothermie dezelfde ontwikkeling als windenergie zal doormaken, waarmee ik bedoel dat het op de korte tot middellange termijn een rendabele vorm van duurzame energie wordt. En daarmee een rendabele toepassing van de ondergrond. Bovendien een die langer gaat blijven bestaan dan het leeg en weer vol pompen van de Nederlandse aardgasvelden.

Kortom: Waarom is EBN met haar kennis van de Nederlandse ondergrond niet betrokken bij geothermie?

vrijdag, 3 februari 2012

Paul Vermast

Paul Vermast

Hyves Linkedin Twitter Youtube Flickr GR

Duurzaam VVD

Zo kan het ook Drontense VVD-collega's!

De liberale ‘vrinden’ van de VVD laten zich de afgelopen weken in Dronten weer van hun sterkste kant zien. Op de agenda staan een aantal van die onderwerpen die kennelijk voor de Drontense VVD’ers een beetje moeilijk te verteren lijken. Van die ‘linkse hobby’s’ als windmolenbeleid en duurzaamheid.

Bij het windmolenbeleid ging woordvoerder Anke d’Hooghe-Molenkamp er vol in. Windmolens zijn lelijk, duur, draaien op subsidie en er mogen er vooral geen bijkomen. Want wie weet blijkt over tien jaar wel dat de opwarming van de aarde allemaal best wel meeviel en dan stonden al die windmolens zinloos in het landschap te roesten. Als je niet zeker wist dat je er in de toekomst geen last van zou hebben moest je het toch vooral maar niet doen! Mijn vraag hoe ze dit dan zag als het gaat om haar favoriete energie opwekking via kerncentrales en kernafval was een beetje moeilijk. Maar gelukkig werd ze gered door burgemeester De Jonge die het afhamerde omdat kernenergie niet op de agenda stond.

Hoewel we bij de vergadering een tribune vol (agrarisch) ondernemers hadden die erg voor meer windmolens waren, en maar liefst twee van de VVD raadsleden niet mee konden besluiten omdat ze belanghebbend zijn bij windmolens, was en bleef de VVD tegen die verschrikkelijke windmolens. Want eigenlijk is het allemaal maar (linkse?) onzin!

Dat we op milieugebied van de VVD fractie verder niets hoeven te verwachten bleek ook gisteravond wel weer. Het duurzaamheid beleid werd in een speciale informatieavond door wethouder Van Amerongen (VVD) aan de gemeenteraad gepresenteerd zodat helder was welke ambities er zijn als we het beleid later deze maand gaan behandelen. Tijdens de presentatie werd zo vaak benadrukt dat alles wat de gemeente wil binnen de bestaande budgetten past dat de VVD-geur wel haast doordringend te noemen was. Maar dat was niet vanwege de hoge opkomst van VVD raadsleden. Waar wel beide VVD-wethouders van de partijwaren om het beleid toe te lichten en te verdedigen was de VVD-fractie in geen velden of wegen te bekennen. Ze zullen het wel niet zo interessant vinden. Want ‘dat vervelende en lastige milieubeleid is alleen maar dure onzin, dus daar moet je verder geen tijd in steken’ zal wel de gedachte zijn. Je zal je als wethouder duurzaamheid maar gesteund weten door zo’n raadsfractie van de eigen politieke kleur, ik zou bijna medelijden krijgen.

Maar natuurlijk begrijp ik het allemaal verkeerd, zo zal de VVD betogen. Ze schaffen het duurzaamheidsbeleid niet af en zullen het niet blokkeren, net zoals bij sociale zaken. Dat maakt –in de logica van de Drontense fractie- de VVD een hartstikke sociale en groene partij. Sja, en wat zou je daar nu tegenin kunnen brengen? *ironieteken*

Arno Uijlenhoet

Arno Uijlenhoet

Twitter

Rotterdam: hoe zien jullie je rol als partijvoorzitter?

In De Machinist, een trefpunt van creatief Rotterdam, stelden niet alleen Heleen en ik ons aan de GroenLinks afdeling Rotterdam voor, maar ook de kandidaten bestuurslid publiciteit en campagnes, Nienke Homan en Matthijs Nieuwenhuis. Het was een gesprek waarbij de leden wilden weten hoe wij als kandidaten aankijken tegen GroenLinks Rotterdam, maar bovenal tegen onze rollen als voorzitter en campagnebestuurslid.

In Rotterdam is GroenLinks relatief klein in vergelijking met andere grote steden, zoals Amsterdam, Nijmegen en Groningen. Het gevoel bestaat dat er daardoor niet zo naar Rotterdam gekeken wordt. Wat mij betreft ten onrechte. Juist de leefbaarheidsdiscussie die in Rotterdam sterk is, maar ook de positie van de haven in onze economie, zijn belangrijke aanknopingspunten voor GroenLinks om verschil te laten zien. Leefbaarheid is een thema dat de kern raakt van ons verhaal. Het gaat over het verbinden van mensen met verschillende achtergronden, met het versterken van sociale samenhang in wijken en buurten door gebruik te maken van de kracht van mensen. Door rood en groen aan elkaar te verbinden, bijvoorbeeld door het samen met wijkbewoners vergroenen van schoolpleinen en schoonhouden van speelplaatsen. De haven draait voor een belangrijk deel op de fossiele economie. Hier wordt het de kunst om als GroenLinks met de belangrijke spelers in de haven te kijken hoe toch duurzaamheidsslagen te maken zijn. Door afvalstromen te sluiten, meer hernieuwbare energie in te zetten e.d. Ga het gesprek aan.

Als voorzitter wil ik er voor zorgen dat GroenLinks als partij, als vereniging, als beweging beter in positie komt. Dat betekent
in de eerste plaats dat de eventuele onduidelijkheid die er bestaat over de strategische koers van de partij wordt weggenomen. Ik wil vasthouden aan onze hervormingsgezinde koers om zo onze economie te verduurzamen en onze sociale zekerheid rechtvaardig te houden en tegelijkertijd toekomstbestendig te maken. De partijraad zie ik als belangrijkste klankbord om onze koers te toetsen aan veranderend omstandigheden en aan beelden en overtuigingen die leven binnen onze partij. Met de fractie en in het strategisch beraad wil ik onze koers bevestigen. Bij thema’s die raken aan onze koers, onze waarden of identiteit moet er ruimte zijn voor debat en overleg binnen onze vereniging. De fractie heeft de verantwoordelijkheid om tijdig deze thema’s aan te kaarten binnen de partij. In zijn algemeenheid zal ik waar nodig het debat over cruciale thema’s stimuleren en faciliteren. Debat en overleg vind ik uitingen van kracht.

zondag, 29 januari 2012

Alice Karen

Alice Karen

Miss Oh So Important Japan en de almachtige Kukai

null

Tot nu toe heb ik me vaak eenzaam gevoeld. Ik vind weinig aansluiting, maar doe wel mijn best. Ik heb geprobeerd me bij de buddy group te voegen van de Canadese, die ook wel weet dat ik me soms eenzaam voel, maar ik heb daar niks meer over gehoord. Ik ga op vrije dagen nog niet naar buiten voor een wandeling want het is stervenskoud. Ik duik vaak diep weg in een boek, waarmee ik mij goed vermaak, maar wat de eenzaamheid slechts afdekt en niet wegneemt. Op sommige dagen gaat het beter maar ik mis de knuffels die ik van tijd tot tijd nodig heb. Er is nog geen geestverwant met wie ik echt close kan zijn hier, tot nu toe. Ik merk dat ik dat toch belangrijk vind.

Gisteren leek mijn dag weer verpest te worden, weer door dat Japanse meisje dat het vorig weekend presteerde, en wel op de zaterdag, me om negen uur te wekken en me met halfdichte oogjes en een slaperig hoofd naar de keuken te nemen, blootsvoets op de toen nog heel erg smerige vloer.

Ze heette me nogmaals van harte welkom in mijn nieuwe behuizing. Ze nam een vervelende houding aan en er kwam een zeurderige woordenstroom op gang. Ze is ervan overtuigd dat ik, alleen al omdat ik een ‘newbie’ ben, niets te zeggen heb hier, omdat ik helemaal geen benul zou hebben van het hoe en wat. Daarvoor zou ik vooral mijn mond moeten houden en nu naar haar moeten luisteren. Want het was voor haar allemaal zo makkelijk voordat ik hier kwam ten opzichte van nu ik hier ben, bijvoorbeeld voor wat betreft de vriezer. Deze onaangename woordenstroom was op dat moment al helemaal niet welkom bij mij, ik voelde me al enigszins neerslachtig, maar zodanig dat ik er nog wel mee kon dealen. Ik ben slechts moeilijk aan het doen.

Eigenlijk wilde ze de jongen met wie ik de badkamer deel spreken. Ze was zo rond het middaguur op zijn deur aan het kloppen maar hij was er toen niet. Dus vervolgens ging ik naar buiten (maar de volgende keer heb ik geen zin om de deur voor haar open te doen). Ik heb geen enkel moment gedacht dat ze naar me luisterde of naar me zou luisteren, terwijl ik rustig en vastberaden sprak en op die manier mijn grenzen aangaf, en haar liet weten dat ze te ver ging. Ik vroeg mij af waarom ze haar irrationele frustraties op mij moest afreageren.

En dat terwijl we woensdag een meeting hadden. Daar was zij gewoon bij. De jongen met wie ik de badkamer deel was de enige die er niet bij kon zijn. Toen besloten wij onder meer om met zijn allen de vriezer schoon te maken. Dat begon ermee dat we eerst alles eruit haalden wat van ons was. Vervolgens werd de ruimte opnieuw verdeeld en iedereen had daar inspraak in. Omdat mijn buurman er niet was, stopten we alles waar we niet zeker van waren in zijn vakje.

Een dag na de meeting vroeg mijn buurman het samen te vatten en ik vertelde hem wat we hadden besproken. Ik vertelde hem dat in zijn vakje nog steeds zijn spullen zaten, plus alle spullen waarvan we niet wisten van wie deze waren – mogelijk achtergelaten door de bewoner die voor mij in mijn kamer zat.

Nu was het blijkbaar gebeurd dat het Japanse meisje aan het eind of net na de meeting wat van haar spullen in zijn vak heeft gestopt, ondanks de afspraken, en zonder er een tasje omheen te doen om het bij elkaar te houden of zonder er haar kamernummer op te zetten. Ik wist hier niets vanaf, want zij heeft hier helemaal niet over gecommuniceerd. Dus mijn buurman zou de boel in zijn vakje uitzoeken en al het anonieme was bij mij in het vakje welkom. Dus hij vond de dingen die zij er bij had gestopt ook anoniem, want ook naar hem was niet gecommuniceerd, en stopte die in mijn vakje. Ik heb er in de tussentijd niets van gebruikt omdat ik daarmee nog even wilde wachten om zeker te weten dat het echt van niemand meer was. Maar volgens het Japanse meisje wist iedereen dat zij dit had gedaan. Dat kan men immers voelen aan het veranderlijke karma dat hier in de lucht hangt, ik zal het nog even navragen in de grote tempel van de almachtige Kukai. Ik benadrukte nog maar eens dat ik dacht dat we dat nou opnieuw hadden verdeeld, schoongemaakt, geordend, uitgezocht, maar ze luisterde helemaal niet.

Ik vertelde dat ze geen enkel recht had dit op mij af te reageren en dat ze maar een briefje op de deur van mijn buurman moest achterlaten, om oplossingsgericht te denken, of om even met het Noors-Chinese meisje te praten dat hier al ruim vijf jaar woont en die een beetje de leiding gaf. En nog eens benadrukte ik dat deze rant onnodig en onwelkom was. Maar ze luisterde niet en tierde dat ik haar niet zo moest behandelen. Immers, ze haat waarschijnlijk het oplossen, anders kan ze niemand meer van iets beschuldigen, misschien kan alleen de almachtige Kukai oordelen en oplossen. Ze greep de scampis en de spinazie uit mijn vakje en legde ze ergens onderin in een hoekje van de vriezer, gewoon los, zonder sluitinkje, zonder zakje er omheen, zonder nummertje erop. Want dat doe ik immers alleen, en omdat ik dat doe is het onzin – want we voelden voorheen aan de karma van wie alles was, maar jij hebt alles kapotgemaakt, dus vervallen we maar in non-communicatie. Ik vroeg me af waarom ze me zo behandelde, terwijl ze zelfs nog naar een pakje de dag ervoor door mij gekochte worstjes graaide – waar ik haar actief van moest tegenhouden. Gelukkig stond daar mijn kamernummer op.

Nadat ze zich enkel nog een giftige blik toewierp besloot ze dat ik lucht was die dus te negeren was en draaide ze zich om, zonder nog iets te zeggen, en ging verder met koken, terwijl ze zelf waarschijnlijk ook aan het koken was, ervan overtuigd dat er met mij slechts verstoring voor haar gekomen was. Ik had ook niet meer de behoefte ook maar enig woord aan haar vuil te maken, of er nog energie in te steken, dus keerde ik terug naar mijn kamer.

Ik vroeg mij af waarom ze zichzelf alleen maar verwart, en natuurlijk waarom ze het niet op de meeting ter sprake bracht, al die problemen die ze had alleen al met mijn aanwezigheid. Maar nee, daar zat ze erbij als een silent little cutiepie. Terwijl ik alles zo moeilijk schijn te maken.

Bij deze kroon ik haar tot Miss Oh So Important Japan.

En later, als ik weer geheel zelfstandig woon, zal ik nog harder lachen om hoe belachelijk dit onnodige gesteggel is, wanneer er eerder gewoon duidelijke afspraken zijn gemaakt. Op zulke momenten verlang ik naar mijn container waar ik mijn eigen badkamer en keukentje had, en dus niet van dat uitermate achterlijke gesteggel om niets.

Later, toen ik aan het koken was, kwam ik de Canadese tegen, en ik luchtte mijn hart nadat ik in de tussenliggende tijd alleen teneergeslagen was geweest en niet wist bij wie ik het hier überhaupt kon zoeken. Maar ze leek me niet zo goed te begrijpen, waarna ik er geen woorden meer aan besteedde en me met mijn maaltijd zoals altijd terugtrok in mijn kamer.

Ik wist het einde van de dag toch nog te redden door enkele leuke discussies aan te gaan in de groepen op Facebook waar ik lid van ben. Die hadden overigens niets te maken met dit voorval, maar ik kreeg er toch wel weer wat positieve energie van. Kukai moet dat vast goed gevonden hebben.


Gearchiveerd onder:Diaries, Reisverhaal

zaterdag, 28 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

De onbewezen voorraden schaliegas

In de Verenigde Staten maakt de winning van schaliegas een spectaculaire groei door. De totale produktie van aardgas in de VS is sinds 2006 weer aan het stijgen, dankzij de exploitatie van schaliegas. In de media verschijnen rooskleurige berichten over de voorraden schaliegas, die er nog in de Amerikaanse bodem zitten. De Wall Street Journal [...]

donderdag, 26 januari 2012

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Torenval in Warffum

In warffum, reis door mijn boekenkast, energie, actie, afval, auto, bibliotheek, fictie, gas, en meer.

Eerder deze week schreef ik over de bezetting van een boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, de NAM, op 25 januari 1977. De sensationele actie, die veel publiciteit kreeg, wordt beschreven in een hoofdstuk van de roman Torenval van Jan Folkerts. Vijfendertig jaar geleden was Folkerts de journalist van de Nieuwe Revu, die als een van de vijf actievoerders een dag in de 34 meter hoge boortoren zat. Gisteren was hij opnieuw in Warffum om in de bibliotheek uit zijn debuutroman voor te lezen.

Atoomtegenstanders vermoedden in 1977 dat de NAM vanuit een proefboorlocatie in Warffum onderzoek deed naar opslagmogelijkheden voor radioactief afval in de zoutkoepels onder Pieterburen, een kilometer of acht westwaarts. Vijf actievoerders klommen met proviand voor een dagenlang verblijf in de 34 meter hoge boortoren, tot stomme verbazing van de NAM-werknemers en de plaatselijke autoriteiten. In het Provinciehuis in Groningen werd een crisiscentrum opgericht onder leiding van Commissaris van de Koningin Toxopeus. “Voor vijf mensen met vreedzame bedoelingen in een boortoren tuigen ze de boel wel heel erg op”, schamperden de actievoerders in de roman.

Afgelopen zondag schreef ik al dat het mij niet altijd duidelijk was waar de roman op waargebeurde feiten berustte en waar de fictie begon. Een volgens de roman gebeurd ongeluk met grote gevolgen kon niet in overeenstemming met de werkelijkheid zijn, want dan lag dat nog veel verser in de collectieve Warffumer herinnering.

Wie zou ik kunnen vragen om de regionale versie te horen? Ik besloot oud-burgemeester Ayolt Kloosterboer van Warffum te bellen. De inmiddels 96 jaar oud-bestuurder herinnerde zich de actie nog als de dag van gisteren. Zo vaak was er tenslotte niet zoiets aan de hand in het 2500 inwoners tellende dorp. Hij vertelde me over de risico’s, die de actievoerders hadden gelopen. Ze wisten bijvoorbeeld niet dat de NAM elk moment op twee kilometer oer het aardoppervlak het gas kon bereiken, vertelde Kloosterboer. "Als het boorgat dan niet op tijd zou worden toegedekt bestond er een gevaar op een zogenaamde blow out, waarbij gas aan het aardoppervlak komt”, aldus Kloosterboer. Dat was de reden dat het crisisteam de actie zo snel mogelijk wilde beëindigen. Of de arbeiders van de NAM zich van dat gevaar bewust waren valt te betwijfelen als je op oude filmpjes ziet hoe ze naast het boorgat staan te roken.

In Groningen werd enkele uren na het begin van de actie besloten om de bezetters met een brandspuit uit de boortoren te jagen. Kloosterboer weigerde dat bevel op te volgen. Hij wist dat dat met de kou en de snijdende wind op een smalle, 34 meter hoge toren te gevaarlijk was. Ter plekke werd op zijn initiatief een hoogwerker in elkaar gelast, waarmee de bezetters in de loop van de avond naar beneden werden gehaald. Toen Kloosterboer ’s avonds bij het crisiscentrum in Groningen verscheen begroette Commissaris van de Koning Toxopeus hem met de woorden “daar is de man die mijn bevel niet heeft opgevolgd”. Kloosterboer antwoordde dat het wél goed was afgelopen, waarop Toxopeus hem feliciteerde en zei dat hij het goed had gedaan.

De boortorenbezetters werden de volgende ochtend vrijgelaten. Dezelfde dag bereikte de NAM het gas onder Warffum. Volgens Kloosterboer had het slecht kunnen aflopen als dat tijdens de bezetting was gebeurd. De actievoerders waren zich daarvan niet bewust. In de roman komt het niet aan de orde.

Erik de Graaf

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Portugal, het nieuwe Griekenland, gebruikt steeds minder olie

In doem, economie, energie, euro, europa, fossiele brandstoffen, levensstandaard, olie, recessie, en meer.
Griekenland is hard aan het onderhandelen om 70% van de staatsschuld kwijtgescholden te krijgen. Dat is nogal wat 70%. Stel je voor dat je 70% van je hypotheek kwijtgescholden wordt, of 70% van je studieschuld. Portugal zit inmiddels in dezelfde problemen als Griekenland. De rente op Portugese 10-jaars obligaties is opgelopen tot boven de 12%, [...]

woensdag, 25 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

De afvaleconomie

Als 13-jarige haalde ik elke vrijdagmiddag oud papier op in de wijk, waar ik woonde. Op vrijdagavond bracht de hopman de ingezamelde oude kranten naar de lompenboer en zo werd het zomerkamp onze scouting-groep in Engeland betaalbaar. Niet lang daarna verschenen de eerste glasbakken in het straatbeeld. Door de stijgende energiekosten werd het voor de [...]

dinsdag, 24 januari 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Toezicht op onderwijskwaliteit

(Inbreng van GroenLinks in het plenaire debat in de Eerste Kamer op 24.01.2012)

Goed onderwijs is essentieel voor onze samenleving. Voor de economie, voor de internationale concurrentieslag, voor het vermogen om antwoorden te vinden op nieuwe vragen, voor diversiteit en emancipatie, voor het welslagen van een plurale samenleving, voor creativiteit en innovatie, voor het waarderen van kunst en natuurschoon, voor gezondheid en lichamelijke ontwikkeling, voor verantwoordelijkheid in de omgang met anderen, andersdenkenden en alles wat leeft, voor wijsheid en het bewaren van waardevolle tradities, voor een kritische houding ten opzichte van die tradities, voor het leven en voor het samenleven.

En daarom is het ook zo belangrijk dat we borgen wat goed onderwijs is. Dat we zorgen dat docenten en scholen in de positie gebracht zijn om dat waar te maken en dat ook externe ogen georganiseerd zijn om kritisch mee te kijken en bij te sturen waar dat nodig is. En daarom hebben we het vandaag over de rol van de inspectie. De fractie van GroenLinks is het met de minister eens dat die rol kan worden bijgesteld, maar heeft vragen bij de criteria wat dan goed onderwijs is.

De belangrijkste verschuiving in het wetsvoorstel is dat het toezicht nu getrapt wordt georganiseerd: een quickscan om te bepalen of er sprake is van kwaliteitsrisico’s en als dat het geval is een grondiger onderzoek dat aansluit bij de formuleringen in de huidige wet. Daarmee wordt de standaardcontrole wat lichter en gaat de inspectie meer uit van het zelfkritisch vermogen van scholen en professionals. Dit sturen op vertrouwen en verminderen van controle spreekt mijn fractie op zichzelf genomen aan. Maar dan moeten er wel concrete handvatten zijn voor het bevorderen van dat zelfkritisch vermogen, en dat leidt tot een aantal vragen.

De eerste vraag die wij aan de regering willen stellen, is hoe het bevorderen van dat zelfkritisch vermogen van scholen en professionals is gewaarborgd. Natuurlijk ligt de verantwoordelijkheid daarvoor bij henzelf, daar zijn het professionele organisaties voor. Maar de waarde van het toezicht is nu juist dat we daar ook waarborgen voor inbouwen. Het weghalen van dit stukje toezicht betekent nog niet dat het zelftoezicht automatisch ontstaat. Welke stimulansen zijn daarvoor ingebouwd? Wordt er bijvoorbeeld ruimte gecreëerd waarin docententeams aan intervisie en zelfsturing doen? En welke aanvullende stappen zet de minister om te zorgen dat scholen en docenten/leerkrachten ook echt zelf en met elkaar de kwaliteit borgen buiten de minimale indicatoren van de standaardcontrole?

De tweede vraag die bij ons leeft, betreft die minimale indicatoren die ook nog eens enkel worden beoordeeld op basis van openbare verantwoordingsinformatie van de instelling. Het jaarlijkse basistoezicht wordt beperkt tot leerresultaten, voortgang van de ontwikkeling van leerlingen en het personeelsbeleid, maar dat laatste alleen als er een medewerker geklaagd heeft. De rest van de kwaliteitsindicatoren komt alleen in beeld bij het nader onderzoek. Dan gaat het bijvoorbeeld over leerstofaanbod, pedagogisch klimaat, leerlingenzorg, examenkwaliteit. Wat bedoelt de minister bij die minimumindicatoren precies met “voortgang van de ontwikkeling van leerlingen”? Is dat hetzelfde als leerresultaten of gaat het ook om vormingsaspecten? Die vraag is voor ons van belang omdat er automatisch een sturende werking uitgaat van de gekozen indicatoren. Als het jaarlijkse toezicht alleen kijkt naar cognitieve kennisoverdracht, dan gaan scholen daar hun energie in steken. Hoe smaller de basis voor het toezicht, des te eenzijdiger is het effect van dat toezicht.

Daarmee kom ik aan onze derde vraag. Het wetsvoorstel heeft het bij de taken van de inspectie steeds over beoordelen en bevorderen. Dat spreekt ons aan. Maar dan valt het wel op dat het beoordelen grondig is uitgewerkt, terwijl aan het bevorderen slechts lippendienst wordt bewezen. De waarde van het toezicht ligt toch ook in het stimuleren en ondersteunen van een kwaliteitscyclus, of anders gezegd, van een formatieve toetsing en niet enkel een summatieve. Op welke wijze krijgt dit bevorderen gestalte bij de nieuwe werkwijze van de inspectie? Moeten we niet constateren dat dit wetsvoorstel feitelijk het bevorderen schrapt en het toezicht reduceert tot beoordelen? De minister schrijft in de memorie van antwoord van 28 november zelfs expliciet dat een adviesrol van de inspectie strijdt met de beoordelingsrol. Dat bevreemdt ons, en we betreuren het dat hiermee een eenvoudig en gewaardeerd adviesinstrument gewoon wordt geschrapt.

Voorzitter, wij stemmen zoals gezegd in met de intentie achter het voorstel om meer te sturen op vertrouwen in de professional en de instelling. Maar juist dan is het van belang om dat ook te ondersteunen door de prikkels de goede kant op te zetten. Minder op afrekenen en meer op stimuleren. Niet eenzijdig op alleen cognitieve leerresultaten maar op een breed kwaliteitsbegrip inclusief vormingsaspecten. En op deze punten willen we graag meer toelichting en precisering van de regering.

Wat betreft de risicogerichte werkwijze van de inspectie hebben we ook een vraag over de stelselverantwoordelijkheid. Het recente SCP-rapport Overheid en Onderwijsbeleid zegt hierover: “De focus op individuele (zeer) zwakke scholen gaat wel ten koste van de aandacht voor ontwikkelingen in de onderwijskwaliteit in het algemeen en voor belangrijke school- en sectoroverstijgende ontwikkelingen.” (403) Dat laatste hoort nog steeds wel bij de taken van de inspectie, maar krijgt in de uitwerking nauwelijks aandacht. Hoe waarborgt de minister dat deze bredere blik op ontwikkelingen in het veld blijft functioneren? Zou de inspectie niet juist een grotere rol moeten spelen in het identificeren van de structurele problemen en tekorten in het onderwijs? En zo nee, hoe wordt dan deze informatie structureel geborgd?

In datzelfde rapport van het SCP wordt overigens geconcludeerd dat de drie publieke belangen in het onderwijs per definitie met elkaar schuren. Toegankelijkheid, kwaliteit en doelmatigheid kunnen niet tegelijkertijd worden gerealiseerd. “De sterke focus op doelmatigheid (1990-1998) leidde tot een geringere toegankelijkheid van het hoger onderwijs. De sterke nadruk op toegankelijkheid die daarop volgde (1998-2007) leidde tot een daling van het niveau (diploma-inflatie). Als reactie op die laatste ontwikkeling ligt het accent sinds 2007 met name op verbetering van de kwaliteit van het onderwijs.” (p. 406) Nu zijn wij een groot voorstander van kwaliteit, maar welke lessen trekt de minister uit deze conclusie van het SCP? Praten we hier over een paar jaar over de afgenomen toegankelijkheid en doelmatigheid? Of neigt het huidige kabinetsbeleid eigenlijk alweer meer naar de doelmatigheid en is het vooral de toegankelijkheid die onder druk zal komen te staan?

Ik betrek bij die toegankelijkheid nog een klein element uit dit wetsvoorstel waarop ook ouderverenigingen gewezen hebben. De vrijwillige ouderbijdrage wordt redactioneel wat anders in de wet gezet dan voorheen. Daarmee vervalt echter de vereiste reductie- en kwijtscheldingsregeling. Voor minvermogende ouders is dat een probleem. Zij hebben geen wettelijke grond meer om een beroep te kunnen doen op zo’n regeling en daardoor lopen hun kinderen het risico dat ze bij een deel van de schoolactiviteiten buitengesloten worden. Dat hoort echter ook bij toegankelijkheid van het onderwijs en is belangrijk om een tweedeling in de samenleving te voorkomen. Welke stappen kan en wil de minister zetten om dit op te lossen zodat kinderen uit deze gezinnen, die het in de huidige crisis toch al zeer moeilijk hebben, in elk geval op school maximaal kunnen participeren?

Voorzitter, ik rond af. Goed onderwijs verdient vertrouwen in de professionals en goed toezicht. We zijn blij met het vertrouwen dat uit dit wetsvoorstel blijkt, maar we hebben wel zorgen over de intensiteit van het toezicht en de breedte van het kwaliteitsbegrip en we hopen dat de minister die zorgen bij ons kan wegnemen.


maandag, 23 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Treinen op schaliegas

In overig, aardgas, duurzaamheid, elektriciteit, energie, fossiele brandstoffen, fracking, hydraulic fracturing, nederland, en meer.
Opwekken van elektriciteit uit aardgas is niet erg efficiënt. De efficientië van gasturbines is veel lager dan van kolencentrales. In Nederland wordt 60% van de elektriciteit opgewekt door deze inefficiënte gasturbines. Je kan ook kunnen zeggen dat 60% van de elektrische treinen op aardgas rijdt. Nederland heeft nog ca. 1400 miljard kuub aardgas in de [...]

zondag, 22 januari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Impressie nieuwjaarsreceptie GroenLinks Schiedam

Vanmiddag ben ik bij de nieuwjaarsreceptie van GroenLinks Schiedam geweest. De afgelopen jaren ben ik zeer beperkt actief geweest, omdat ik een actieve rol binnen GroenLinks en een functie als beleidsmedewerker duurzaam ondernemen wat onhandig vond combineren. Nu ik ambtenaar af ben was een van mijn goede voornemens voor 2012 om weer ‘ns wat actiever te worden binnen GroenLinks. De uitnodiging kwam wat dat betreft op een mooi moment.

Armoede anno 2012

Buiten een gezellige informele start van 2012 was de bijeenkomst ook bedoeld om terug te blikken op 2011 en om met elkaar van gedachte te wisselen over het thema armoede in 2012. Wie het nieuws gevolgd heeft over Schiedam zal het niet verbazen dat de soap opera die de vorige burgemeester op heeft gevoerd daarin helaas een grote rol innam. Mede doordat het vertrek van de burgemeester gevolgd is door het vertrek van alle wethouders. Inmiddels zit er een nieuw college van B&W.

Tijd dus om vooruit te kijken. Al werd ik daar niet op alle punten even vrolijk van. De armoede neemt tenslotte toe, hoewel armoede volgens Rutte natuurlijk niet bestaat in Nederland. In Nederland hebben we ook geen honger, enkel trek. Tegelijkertijd denken de rekenmeesters van CBS en SCP in het Armoedesignalement 2011 toch wat anders over armoede in Nederland:

In 2010 herstelde de economie zich enigszins van de zware recessie. Dit vertaalde zich echter niet in een lagere kans op armoede. 529 duizend huishoudens (met daarin bijna 1,1 miljoen personen) verkeerden dat jaar onder de lage-inkomensgrens. Dat is 7,7 procent van het totaal, net zoveel als in 2009.

Volgens het niet-veel-maar-toereikend criterium groeide de arme groep van 6,1 naar 6,5 procent. In 2009 waren dit 960 duizend personen (in 447 duizend huishoudens), in 2010 was het opgelopen tot 1 miljoen personen (in 462 duizend huishoudens).

Vluchtelingenwerk Schiedam wees er op dat nieuwe regelingen  maken dat asielzoekers die een verblijfsvergunning krijgen meteen met een schuld van dik tienduizend Euro beginnen. Veroorzaakt door de verplichte inburgering en inrichtingskosten van het huis/flatje. Voor beide dienen ze zelf te betalen, al mogen ze wel rentedragend lenen. Niet echt een lekkere nieuwe start denk ik dan. De verantwoordelijke wethouder reageerde meteen dat er bekeken wordt wat de gemeente hieraan kan doen.

Blijer werd ik van de oproep om vooral gezamenlijk op te trekken onder het motto

‘Het gaat nu om de mensen, niet om de politieke sticker.’

Ook projecten waar een aantal aanwezigen over vertelde spraken tot de verbeelding. Zoals een project voor kleinschalige stadslandbouw op balkons. Waarbij het hoofddoel niet zozeer de opbrengst aan groenten en kruiden is, als wel het versterken van de onderlingen contacten en het op gang brengen van de dialoog over hoe je rond komt van een klein budget. Daarnaast wordt er gewerkt aan een project waarbij vrijwilligers getraind worden om mensen te helpen bij het budgetteren. Zo waren er nog een aantal aardige voorbeelden.

Mijn eigen inbreng was beperkt tot een oproep om ook te kijken naar de wijze waarop de totale woonlasten van mensen zich de komende jaren gaan ontwikkelen. Dus inclusief de energierekening. Schiedam is namelijk een mooie, maar ook een oude stad. Waarin mensen met een laag inkomen nogal eens in de minder goede huizen wonen en het is zonde als het geld dat je uitgeeft aan armoedebeleid rechtstreeks in de portemonnee van het energiebedrijf verdwijnt. Een mooi voorbeeld van hoe het  kan vind ik zelf de wijze waarop Thijs de la Court in Lochem tegen de trend in regeert. Zie bijvoorbeeld zijn ideeën over een ander Nederland in Lochem. Waarbij werk, woningverbetering en een beter milieu hand in hand gaan.

 

Erik de Graaf

Erik de Graaf

GR

Occupy in Warffum 1977



Occupy in Warffum. Deze week is het 35 jaar geleden dat ten noorden van Warffum een boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, de NAM, door actievoerders werd bezet. Op 25 januari 1977 beklommen vijf actievoerders, waaronder een journalist en een fotograaf van de Nieuwe Revu, het bouwwerk, op de grond ondersteund door enkele tientallen actievoerders.

In de jaren zeventig overwoog het kabinet-Den Uyl (1974-1977) serieus om radioactief afval op te slaan in zoutkoepels in Noord-Nederland. Behalve de Drentse plaatsen Anloo, Schoonloo en Gasselte waren ook de Groningse dorpen Onstwedde en Pieterburen in beeld. De bevolking in Noord-Nederland was fel tegen. Gemeenteraden en Provinciale Staten keerden zich tegen de kabinetsplannen. De anti-atoombeweging floreerde.

Atoomtegenstanders uit Pieterburen vermoedden dat de NAM vanuit een proefboorlocatie in Warffum stiekem onderzoek deed naar de opslagmogelijkheden voor radioactief afval in de zoutkoepels onder Pieterburen, een kilometer of acht westwaarts. De vijf actievoerders klommen met proviand voor een dagenlang verblijf in de 34 meter hoge boortoren, tot stomme verbazing van de NAM-werknemers en de plaatselijke autoriteiten. Na een bezetting van tien uur in regen en windkracht 9 stapten ze in een hoogwerker van de Mobiele Eenheid. Actie ten einde.

Eind 2011 verscheen de roman Torenval van Jan Folkerts. Folkerts was de journalist, die in 1977 de boortoren bezette. De huidige gemeentesecretaris van het Friese Littenseradiel beschrijft in zijn debuutroman zijn werkzaamheden voor de linkse familieweekblad Nieuwe Revu, dat in die jaren veel aandacht schonk aan de anti-atoombeweging en niet terugdeinsde voor “participerende journalistiek”.

Torenval biedt een mooi beeld van de activistische sfeer van de tweede helft van de jaren zeventig. De roman leest als een sleutelroman, waarin voor de “gemiddelde milieuactivist uit Warffum en omgeving”(pff, wie is dat?) wel een paar hoofdpersonen “ontsleuteld” kunnen worden. Wat dan opvalt is de continuïteit. Niet alleen deelt de anti-atoomonderzoeker Marc van Dam nog steeds zijn enorme kennis over energievraagstukken met de milieubeweging, maar dan onder eigen naan. Ook Pieterburen voert in feite nog dezelfde actie. Nu tegen de Franse energiegigant EDF, die de zoutkoepels onder het dorp voor gasopslag wil misbruiken.

Frappant is dat ook de huidige Pieterbuurster actievoerders vrezen dat EDF met een dubbele agenda werkt en in werkelijkheid radioactief afval onder het dorp wil opslaan. Pieterburen Tegengas als erfgenaam van de Atoom Alarmgroep Pieterburen.

Niet overal in Torenval is duidelijk waar de factie eindigt en de fictie begint. Op donderdag 25 januari komt Jan Folkerts in de bibliotheek in Warffum om de 35e verjaardag van Occupy Warffum met een lezing te vieren.

Erik de Graaf

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Verslaafd blijven aan aardolie en energie of afkicken?

We zijn verslaafd aan aardolie. We gebruiken het spul voor plastics en kunststof, voor voedselproduktie en voor transport, voor warmte en elektriciteit. We kunnen geen dag zonder aardolie en de geconcentreerde, goedkope energie, die erin zit. We zijn zo afhankelijk geworden van aardolie, dat we er steeds meer geld en energie voor over hebben. Sinds [...]

zaterdag, 21 januari 2012

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Uniek ecologisch bouwproject in Waalsprong Nijmegen

plant-je-vlag1De publieke belangstelling voor een te bouwen ecologische woonwijk in de Waalsprong blijkt overweldigend. Werd door de initiatiefnemers aanvankelijk gerekend op 150 aspirant-bewoners, nu hebben zich al meer dan 300 bewoners aangemeld, zowel voor ecologische huurwoningen in de sociale sector als koopwoningen. Een persbericht van de initiatiefnemers.

Samenwerkende partners
Dit unieke project is gestart door twee burgerinitiatiefgroepen: de Initiatiefgroep Ecologisch Wonen Arnhem Nijmegen (IEWAN) en Meergeneratie Wonen Nijmegen (MWN). Voor IEWAN ligt het accent op duurzaamheid en ecologisch wonen & werken, terwijl MWN zich meer richt op gemeenschapsvorming en met meer generaties samenwonen en samenwerken.
Beide bewonersinitiatieven werken enthousiast samen met woningcorporatie Talis, Gemeente Nijmegen en Grondexploitatiemaatschappij Waalsprong (GEM) om het ecologisch bouwproject in 2012-2013 te realiseren.

Realisatie plan
Er zijn al belangrijke stappen gezet. De keuze is gevallen op een grondgebied gelegen aan de overzijde van de Waal: de Vossenpels, bij Lent. Er wordt voorzien in laag- en hoogbouw. Ook is de werving en het instroomproces van toekomstige bewoners al in een vergevorderd stadium.
Beide bewonersinitiatieven sluiten aan op de langetermijnvisie van de gemeente Nijmegen om in 2032 klimaatneutraal te zijn. In haar beleidsplan stimuleert de gemeente haar inwoners over te stappen op duurzame energie en te gaan wonen en werken in energiezuinige gebouwen en huizen.

Ecologische aanpak
Alle woningen in het ecologisch project de Vossenpels worden duurzaam gebouwd. Zoveel mogelijk worden ‘restproducten’ als bouwmateriaal gebruikt, met name strobalen. Deze strobouw is in hoge mate energiezuinig en klimaatneutraal. Ook de waterhuishouding van het project wordt min of meer zelfvoorzienend. Door een zogenaamd helofytenfilter wordt eigen ‘afvalwater’ gezuiverd voor hergebruik. Het is bijzonder dat de toekomstige bewoners zelf actief meewerken bij de bouw en het onderhoud van het project.

Gemeenschappelijke voorzieningen
Onder het motto ‘Individueel wonen is uit’, worden in het plan verschillende voorzieningen gemeenschappelijk zoals gereedschap, wasmachines, auto’s. Ook voorziet de Vossenpels in biologische land- en tuinbouw en een eigen voedselcoöperatie met een biologische winkel. Daarnaast komen er gemeenschappelijke werkruimten zoals een fietswerkplaats, atelierruimten, een openbare stilteruimte en een theehuis. Verder zijn er ideeën voor het realiseren van moestuinen en kinderopvang.

Gevarieerde woon- en werkvormen
Er worden woningen gebouwd voor één- en tweepersoonshuishoudens, gezinnen en woongroepen. De leeftijdsopbouw van de bewoners is zeer gevarieerd. Op de begane grond worden werk- en atelierruimten ingericht zodat bewoners ook ter plekke in hun woonwijk werkzaam kunnen zijn. Ecologie houdt niet op bij de eigen voordeur en de individuele beleving. Ecologie zegt ook iets over de omgang met de leefomgeving als geheel. Daarom dragen de nieuwe bewoners zelf zorg voor de mens- en milieuvriendelijke samenhang in hun nieuwe wijk. Niet alleen wonen, maar ook werken. De bewoners organiseren allerlei activiteiten om de eigen woonwijk leefbaar en levendig te houden. Van het geven van schilder- en muziekcursussen, het opzetten van een buurtcircus, tot het organiseren van kleinschalige concerten, wat niet alleen voor het project zelf maar voor de hele omgeving stimulerend is.

De Vossenpels wordt alles behalve een slaapwijk.

Meer informatie:

www.strowijknijmegen.nl

www.meergeneratiewonen.nu

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Het belang van teerzandolie voor Nederland

In duurzaamheid, economie, bp, canada, co2, damian carrington, ebn, engeland, eu, en meer.

Vorige week berichtte Damian Carrington in The Guardian dat de Nederlandse overheid zich net als Engeland sterk maakt voor een compromis om te voorkomen dat Canadese teerzandolie als zeer milieuonvriendelijk te boek komt te staan. Daarmee verplaatst de strijd om de winning van de Canadese teerzanden zich naar Nederland. In eerste instantie leek het me een onlogische zet om je in te zetten voor de importmogelijkheden van Canadese olie. Totdat ik bedacht dat de Nederlandse staat via Energiebeheer Nederland voor 40% participeert in de winning van olie door NAM (onderdeel van Shell & Exxon) in Schoonebeek (zie lijst met deelnemingen op EBN site). De olie in Schoonebeek is ” zo taai en dik dat het lijkt op pannenkoekenstroop

Strijd om teerzand in Canada & de VS

In Canada is de strijd al een paar jaar in volle gang en heeft de minister onlangs een open brief gestuurd, waarin hij stelt dat tegenstanders van de winning van teerzand tegenstanders van Canada zijn. In de VS  wordt al een tijd een zware strijd geleverd om de vergunning voor de Keystone XL pijpleiding te blokkeren. Begin deze week heeft Obama de vergunning voor Keystone XL voorlopig afgewezen, maar wel de mogelijkheid open gelaten om een nieuwe vergunning aan te vragen. Obama is van mening dat het Amerikaanse parlement hem onvoldoende tijd gunt om de milieu- en sociale effecten van de pijpleiding te onderzoeken.

Californië werkt daarnaast aan wetgeving die de invoer van teerzandolie stukken lastiger maakt, door eisen te stellen aan de CO2 emissie van brandstof over de hele winningsketen (van well to wheel). Een rekenmethodiek die ook wel bekend staat als levenscyclus analyse en volstrekt gebruikelijk is in andere branches. Zo niet in de energiehoek, want de oliemaatschappijen voeren een stevige juridische strijd tegen het voorstel.

Teerzandolie in de EU & Nederland

In Europa werkt de Europese Commissie aan een herziening van The Fuel Quality Directive, dit is een soortgelijk voorstel als waar Californië aan werkt. Engeland (volgens sommige een lichtend voorbeeld op milieugebied) probeert al langer om dit voorstel van tafel te krijgen. Nederland heeft zich daar volgens Damian Carrington inmiddels bijgevoegd met een eigen voorstel. Damian Carrington wijst er op dat BP en Shell beide fors hebben geïnvesteerd in de Canadese teerzandolie. Wat hij over het hoofd ziet is dat de Nederlandse overheid via Energiebeheer Nederland ook (fors?) geïnvesteerd heeft in de winning van teerzandolie in ons eigen kikkerlandje. De hoeveelheid energie die nodig is om de Nederlandse teerzanden te ontginnen is misschien minder groot dan voor de Canadese teerzanden, maar ik vermoed dat het nog altijd meer is dan benodigd is voor conventionele oliewinning.

Als het voorstel van de Europese Commissie ongewijzigd wordt aangenomen kan het dan ook wel eens een stuk lastiger worden om de verwachte 100 miljoen vaten olie te verkopen. Wat weer gevolgen heeft voor de ‘aardgasbaten’ die EBN afdraagt aan de Nederlandse staat. In 2010 was de afdracht van EBN aan de Nederlandse staat volgens de jaarrekening goed voor ruim 5,3 miljard Euro. Al komt het grootste deel daarvan ongetwijfeld van aardgas.

PS Waarom investeert de Nederlandse overheid eigenlijk via EBN risicodragend in de zoektocht naar en de winning van fossiele brandstoffen, terwijl hernieuwbare bronnen hooguit exploitatiesubsidie krijgen?

dinsdag, 17 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Olie uit de Noordzee wordt schaars

In de jaren 70 en 80 werd er aardolie ontdekt in de Noordzee. Dat was een meevaller in de tijd dat de olieprijzen sterk stegen en we stopten met steenkoolwinning. Maar de aardolie uit de Noordzee was een eenmalige meevaller. Het grootste deel is inmiddels opgepompt en opgestookt. De olieproduktie in het Britse deel piekte [...]

maandag, 16 januari 2012

Harrie Kampf

Harrie Kampf

GR

A-cartoons: 15-01-12 Gezegende voertuigen.

In energie, overgewicht.
Cartoons:nieuws-feiten met een knip-oog,weekend t/m vrijdag. thema's 08/01 t/m 13/01: weekend: Ongelukkig met lijf. maandag: Gevaarlijk vrolijk. dinsdag: Gezegende voertuigen. woensdag: Niet goed waarnemen lichaamsgewicht. donderdag: Energie zuinige senioren. vrijdag: Massamedia helpen tegen overgewicht.

zondag, 15 januari 2012

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter Blogreacties: Krispijn Beek

Een Ander Nederland in Lochem


teaserGisteren begaf ik me tussen rode hesjes van de PvdA, de tomatentassen van de SP en de groengebuttonde GroenLinksers  in Nijmegen.Voor de nieuwjaarsbijeenkomst ‘Een Ander Nederland’. Natuurlijk een gezellige en feestelijke happening van progressief Nederland. Maar ook hoopgevend, omdat de bundeling van krachten uitzicht biedt op het vervolg op de huidige coalitie. Wat zegt deze brief van Cohen, Roemer en Sap over lokaal beleid. Bestaat er zoiets als ‘Een ander Nederland in Lochem’? Jawel!

Systeemprobleem

koninginCohen, Roemer en Sap zeggen, naar goede linkse traditie, dat de huidige crisis ons niet ‘zomaar’ overkomt, als een natuurramp die we als onvermijdelijk verschijnsel moeten accepteren. Nee, deze crisis komt vanuit falende financiële markten, zelfverrijking, korte termijnbelangen die boven de lange termijn worden gesteld. Dat is goed nieuws! Een natuurramp moet je naar beste weten opvangen. Die vergt een wendbare en alerte samenleving. Maar een crisis die geen natuurverschijnsel is… daar kan je in de kern iets aan doen. Die kan je aanpakken en voorkomen. Het systeem dat tot die  crisis leidt kan omgevormd worden. Daar gaat Een Ander Nederland ook over.

Werk

Centraal in de oproep voor Een Ander Nederland staat het scheppen van zinvolle en duurzame banen. Want via werk komen we bij de structuur die onze economie en samenleving vormt. En dat is nu juist ook wat onze lokale paarse coalitie laat zien. In een duurzame economie combineren we zinvol werk met duurzame investeringen. In Lochem spelen daarbij een aantal wezenlijke onderwerpen; energie, duurzaam bouwen, afval en recycling, groenbeleid, wegenbeheer, riolering. Ik pak er een paar elementen uit.

Duurzaam bouwen en renoveren

duboTerwijl de nieuwbouw in Lochem (net als in de rest van Nederland) stokt  biedt zich een fantastisch werkveld aan voor onze bouwers, installateurs en architecten. Het grootste deel van onze woningvoorraad is niet toekomstbestendig. Hoeveel werk en innovatiekracht zal er in die duurzame renovatie kunnen gaan. Dat levert veel winst op, financieel, milieutechnisch,  qua kennis. ‘Bouwend Lochem’ maakt zich hiervoor klaar. Ik schuif aan, als wethouder, bij een van de landelijke topteams om gezamenlijk beleid te ontwikkelen. Onze afdeling overlegt bij ‘Bouwend Lochem’ om krachten te bundelen. In de regio zetten we de klokken gelijk. Kortom… dit gaan we doen!

Afval en recycling

Met Berkel Milieu, 2Switch, het werkvoorzieningschap Delta en het buurtonderhoudsbedrijf Cambio werken we aan nauwe samenwerking, het Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte. Daarin bundelen we al onze krachten voor zowel het beheer van de gebouwde omgeving als ons uitgestrekte buitengebied. Bijzonder daarbij is dat we ook in staat zullen zijn om een goed en effectief afvalbrengpunt op te zetten. Met alle arbeidskracht gebundeld kunnen we afvalstromen beter scheiden en sorteren en alles van waarde eruit halen. In Zutphen zie je dat nu al gebeuren, met o.a. het ‘zwarte kratje’ waarin huishoudens glas, blik, plastic, papier en andere makkelijk te scheiden zaken aan de straat zetten. Delta haalt dat op en zorgt dat de afvalstromen goed terecht komen. Dat levert arbeidsplaatsen op en zorgt ook voor extra inkomsten omdat het goed gescheiden afval makkelijk in de markt te zetten is.  Dat kan voor veel meer afvalstromen gebeuren en daarmee een beter milieu en meer (duurzame) werkgelegenheid opleveren.

Onderhoud groen

groenDatzelfde Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte kan ook de enorme uitdaging voor het beheer van ons openbaar groen beter vormgeven. Behalve dat we een steviger team zullen vormen voor het noodzakelijk schoffel en renovatiewerk zijn we ook in staat een gezamenlijk dilemma rond het beheer van de bomen in het buitengebied beter aan te pakken. Door krachten en kennis te bundelen kunnen we in zetten op goed kwalitatief onderhoud van onze bomen en zijn we in staat werkelijk een bedrijfsplan te maken waarbij we het rendement van de opbrengsten aan hout en houtsnipppers beter kunnen ‘vermarkten’ en een ruim opgezette nieuwaanplant kunnen realiseren zodat we ook op de lange termijn van voldoende opbrengsten en kwaliteit kunnen genieten. Goed voor onze lokale economie, de werkgelegenheid, de biodiversiteit en het landschap!

Riolering

Ons rioolstelsel lijkt een prachtig efficiënt systeem gericht op het afvoeren van afvalstoffen. Maar is het wel zo efficiënt? Met het riool voeren we waardevolle voedingsstoffen en warmte af met een behoorlijk gebruik van energie. Jaarlijkse onderhoudslasten stijgen snel. Dat kan anders, door direct in de buurt het afvalwater te verwerken en warmte uit het riool te onttrekken. De ombouw van dit systeem zal de komende tien jaar veel werkgelegenheid kunnen leveren terwijl het ons verlies van kostbare grondstoffen beperkt. Ook hier gaan zorg voor het milieu, leefomgeving en werk samen.

Een ‘hub’ voor duurzame zzp-ers

hubTientallen, zoniet honderden, bedrijfjes hebben een plek op zolder of in een achterkamer. Zzp-ers die als energieadvies geven, technische innovaties realiseren, communicatie ondersteunen, conferenties organiseren. Veel van die bedrijven en bedrijfjes werken geïsoleerd. Ze maken weinig gebruik van elkaar onderlinge kracht. Het energieadvies zou gebruik kunnen maken  van de communicatiedeskundige, de onderzoeker of financieel deskundige om de hoek. Bij LochemEnergie merken we hoeveel kennis en arbeidskracht aanwezig is en als we die bundelen dan ontstaat een geheel nieuwe kracht. Dat kan, bijvoorbeeld in een gedeelde kantoorruimte met gedeelde faciliteiten. Gezamenlijke receptie, computernetwerk en kantine. Gezamenlijke scholing, gedeelde projecten en gebundelde communicatie. Een antwoord op eventuele leegstand in kantoren en een versterking van de innovatieve en duurzame werkgelegenheid dus.

Zo krijgt Een Ander Nederland in Lochem vorm. Daarvoor is meer nodig dan een enthousiast ‘paars’ Lochems college en ondernemende gemeenteraad. Stimulans en ruimte vanuit het Rijk om duurzaam en sociaal te innoveren is  wezenlijk. Niet voor niets pleit Lochem voor  de aanpassing van de belastingwetgeving voor energie, zodat ook een lokaal energiebedrijf als LochemEnergie kan concurreren met de (nu gesubsidieerde) grootschalige opwekking van grijze energie. Het Rijk zal de belastingwetgeving moeten vergroenen, innovatie moeten stimuleren en samen met de financiële sector moeten bijdragen aan de investeringsruimte voor dergelijke duurzame initiatieven, bijvoorbeeld door het opzetten of gericht steunen van ‘revolverende’ fondsen die investeren in duurzame energie makkelijker maken. Het Rijk zal belemmerende regelgeving moeten wegnemen en normen moeten stellen (bv op het vlak van energiezuinig en duurzaam bouwen) om een gemeenschappelijk speelveld te creëren waarin al deze initiatieven kunnen floreren. Even belangrijk is dat gemeenten en lokale gemeenschappen de verbinding zoeken, gemeenschappelijke ontwikkeltrajecten opzetten en innovatie in een open en lerende omgeving plaatsen. Zodat die duurzame toekomst op vele plekken tegelijk vorm krijgt.

Dan krijgen we het andere Nederland dat we nodig hebben.  

woensdag, 11 januari 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Wat moeten we met het populisme?

Wat moeten we met het populisme? De vraag verraadt een gevoel van onvrede met hoe in de politiek en samenleving het debat vaak gevoerd wordt. Meestal denkt men daarbij aan bepaalde vormen van populisme en bepaalde groepen die bij uitstek populistisch zijn. Vaak vormen en groepen die ver van ons afstaan, want populisme is ook een beetje een scheldwoord. Er zijn maar heel weinig mensen die zichzelf populistisch noemen. Het lijkt een manier om de ander weg te zetten, zodat je op zijn of haar vragen en argumenten niet in hoeft te gaan. Bovendien hoef je jezelf niet af te vragen of je eigen handelen misschien ook wel populistisch is.

De vraag verraadt ook onzekerheid. Op de een of andere manier lukt het populisten om het debat te beheersen en lijken zij niet gevoelig voor de gangbare argumenten en de regels van het spel. Populisten doen en spreken op een manier die wij zelf niet zouden durven of willen, maar die ons ook machteloos maakt. Als je niet met dezelfde wapens wilt terugslaan, heb je dan nog wel een weerwoord? En tegelijk blijft dan de vraag staan of populisme wel zo erg is, of dat we er misschien wat meer van moeten overnemen.

Ik vind niet dat we populistischer moeten worden en ik vind dat we populisten niet zoveel aandacht moeten geven. Maar om die stelling toe te lichten, is het goed om eerst goed te definiëren wat populisme is en te analyseren hoe en waarom het werkt.

Wat is populisme eigenlijk?

Er zijn veel verschillende definities en theorieën in omloop en dat maakt het moeilijk om een standaardomschrijving te vinden. De kern heeft in elk geval altijd te maken met populus – ‘het volk’. Daar kunnen een paar kenmerken van worden afgeleid. Allereerst gaat populisme om een bepaalde toon en stijl die ‘het volk’ aanspreekt. Of dat echt zo is, is minder belangrijk dan de suggestie die wordt opgeroepen. Als wij op straat ‘effe dimmen’ of ‘doe es normaal, man’ roepen, dan moet dat ook in de Tweede Kamer kunnen. Onherroepelijk brengen toon en stijl ons ook dichter bij de onderbuikgevoelens dan bij de verstandige en verstandelijke argumenten. Populisten schieten liever uit de heup dan dat ze nog eens rustig nadenken over alle facetten van een complexe wereld.

Maar dit is alleen nog maar de vorm. Populisme heeft ook een inhoud. We kunnen ons daar makkelijk op verkijken, want het gaat niet per se over een inhoudelijke politieke filosofie of om kernwaarden van waaruit men politiek bedrijft. De inhoud van het populisme gaat vooral over de visie op het volk. En dan nog specifieker over de relatie tussen het volk en de elite. Populisten wakkeren de kloof tussen volk en elite aan omdat ze hun kracht vinden in het wantrouwen ten opzichte van die elite. Bij de oerbeelden van het populisme hoort de strijd tegen de elite die voortdurend misbruik maakt van de eigen positie, elkaar baantjes en voorrechten toeschrijft en het volk onderdrukt, dom houdt en negeert. In een democratie als de onze betekent dat dat ook politici bij die elite horen. Eens in de vier jaar doen ze alsof wij burgers invloed hebben, maar de rest van de tijd doen ze waar ze zelf beter van worden.

Dit oerbeeld van de elite maakt geen enkel onderscheid. Alle politici, wetenschappers, ondernemers, kunstenaars kunnen erbij horen. Dat ze onderling grote meningsverschillen hebben, doet er niet toe. Ze zijn elite en dus fout. Dat is natuurlijk wel ingewikkeld voor populistische politici, die immers zelf ook midden in dat systeem zitten. Veel populisten zijn gepokt en gemazeld in de politieke arena en de grootste populisten zijn in hun leven soms nauwelijks buiten de politieke kaasstolp geweest. Het is voor hen dan ook de voortdurende uitdaging om zichzelf als buitenstaander te blijven presenteren.

De elite moet bestreden worden, want als die het veld geruimd heeft, kunnen we eindelijk de problemen oplossen. Dat is namelijk helemaal niet zo moeilijk. De elite maakt het expres moeilijk omdat ze op die manier het machtsevenwicht in stand kunnen houden. Maar echte oplossingen zijn veel simpeler. Met gezond boerenverstand kom je veel verder. En als iets niet is uit te leggen aan Henk en Ingrid, dan kan het dus niet goed zijn. Daarom moeten politici veel beter luisteren naar het volk. En als het volk A of B wil, dan heeft de politiek dat maar te volgen. Rechtstatelijke en bestuurlijke zorgvuldigheid doen er dan niet meer toe.

Een ander aspect van populisme is het nationalisme. Dat is niet bij elk populisme even sterk, maar het komt wel vaak voor. Het ‘volk’ is namelijk in de eerste plaats ‘ons volk’. Daarom wordt er ook veel werk gemaakt van de vraag wie er wel en niet bij hoort. Populisten verzetten zich tegen het relativeren van de eigen cultuur en het waarderen van andere culturen. De onze is immers het beste en alle anderen moeten zich aanpassen. Soms neigt dit tot vijanddenken, maar in elk geval spelen angst en bedreigingen een grote rol. Ons volk wordt bedreigd door vreemde machten en de elite is een handlanger van die vijand. We worden door hen verkwanseld en als we hen geen halt toeroepen, raken we alles kwijt wat we hadden. Bij die angst horen grote woorden: massa-immigratie, afbraak van de samenleving, cultuurbarbarisme, klimaatverandering, enzovoorts. Er hoort ook bij dat specifieke groepen worden genoemd. Dus niet een wereldwijde economische crisis, maar luie Grieken.

Hoe werkt het?

De grote kracht van het populisme is dat het zelf het volk schept dat het zegt te representeren. De suggestie van populisten is natuurlijk dat ze zeggen wat de gewone man vindt, maar het werkt precies andersom. Het volk gelooft in het verhaal van de populisten. Sterker nog: het volk gelooft dat de populistische leider naar hen luistert. De strijd tegen de elite, de nieuwe polarisatie van links en rechts – met soms wederzijdse haat, het verzet tegen de Islam, het zijn allemaal voorbeelden van een effectieve en agressieve framing door populisten die daarna is overgenomen door ‘het volk’. Tien, vijftien jaar geleden hadden we nog problemen met Antillianen, Marokkanen of Turken, nu met moslims. Is er iets veranderd?  Ja, het populistische frame is veranderd. De werkelijkheid niet. Maar het frame is zo effectief dat het volk het overneemt en vervolgens boos is op partijen die de zogenaamde waarheid niet onder ogen willen zien. Populisme definieert een probleem, creëert een vijand en het verzet daartegen, en presenteert zichzelf als de enige die dat probleem serieus neemt.

Een tweede factor in het hedendaagse populisme is de rol van de media. De strijd wordt niet gewonnen in het parlement maar in de media. Ik heb het gevoel dat we dat vaak onvoldoende beseffen. In mijn naïviteit denk ik nog wel eens dat het debat in bijvoorbeeld de Eerste of Tweede Kamer gevoerd moet worden, maar voor de populist is dat debat een middel en geen doel. Het is een middel om het volk te bereiken en zo de eigen macht uit te breiden. Dat betekent dat het zorgvuldig bespelen van de media minstens zo belangrijk is als feitelijke politieke inhoud.

Een derde factor is het leiderschap. Het verzet tegen het stroperige democratisch systeem betekent soms dat populisten kiezen voor referenda en andere vormen van directe democratie, zoals bij Rita Verdonks wiki-benadering. Een steviger oplossing is echter de charismatische leider die de weg kan wijzen. Niet wachten tot het volk bedacht heeft wat het wil, maar de leider die spreekt namens het volk, of in elk geval mensen dat gevoel geeft. Die leider moet natuurlijk niet bij de elite horen. Hij is geroepen door het volk in nood en heeft daar geen persoonlijk belang bij.

Volgens mij krijgen we beter zicht op hoe populisme werkt, als we daarbij kijken naar de rol van charisma. Dat begrip duidt vanouds op bijzondere kwaliteiten die iemand volgens anderen heeft. In religies gaat het dan bijvoorbeeld om een speciale goddelijke gave. In elk geval worden aan die persoon krachten en inzichten toegeschreven die boven het normale uitgaan en de persoon tot leider maken. Het is echter typerend dat charismatisch leiders meer hebben dan een sterke en soms ondoorgrondelijke persoonlijkheid. Charisma is niet alleen een persoonlijkheidskenmerk, het is ook een strategie. Zo hebben charismatisch leiders in veel gevallen een bijzonder persoonlijk roepingsverhaal of bijzondere omstandigheden waarin ze moeten leven. Die omstandigheden zetten het verhaal immers kracht bij.

Belangrijker nog is dat ze sterk polariserend zijn. Ze scheppen door hun gedrag en woorden groepen voor- en tegenstanders. Aan de ene kant zijn er de aanhangers die zich volledig achter de leider scharen, aan de andere kant zijn er de tegenstanders die hem te vuur en te zwaard bestrijden. Beide, voor- en tegenstanders, dragen bij aan het charisma van de leider. Een charismatisch leider kan niet zonder tegenstanders en elke keer dat hij wordt aangevallen, groeit hij van die energie. Daarom zal hij ook elke aanval uitvergroten en bejammeren om zo de tegenstelling aan te scherpen.

En ten slotte geldt voor de charismatisch leider dat hij ongrijpbaar en onnavolgbaar moet zijn. Geen volstrekt logisch programma, geen volledig consistente boodschap. Met een samenhangende politieke filosofie wordt het leiderschap immers een kwestie van debat en argumentatie. De charismatisch leider versterkt zijn positie doordat iedereen op hem als persoon is gefixeerd. Hij zegt dingen die niet kloppen met wat hij eerder zei, doet dingen die niet horen, doorbreekt de gangbare rationaliteit, zet alles op zijn kop. Niet vanwege de inhoud, maar omdat hij precies daarmee laat zien dat hij de leider is.

Wat te doen?

Met deze analyse wordt duidelijk waarom onze gangbare benaderingen niet werken. Het bestrijden van populisten versterkt hen alleen maar. Het mee-polariseren is precies de energie die het populisme voedt. Negeren is overigens niet beter; een cordon sanitaire betekent alleen maar dat wij bij de oude politiek horen en mensen niet serieus nemen. Wat wel werkt, is minder duidelijk. Ik zoek het in elk geval – op basis van mijn analyse – in het serieus nemen van echte problemen, het sterker vertellen van ons eigen verhaal en in het bieden van hoop. Ik denk niet dat we daarmee een snelle en doeltreffende strategie hebben tegen het populisme, maar wel een routekaart voor hoe we zelf functioneren midden in een populistisch klimaat. Laat ik daar kort nog wat over zeggen.

Allereerst moeten we echte problemen serieus nemen. De Islam bijvoorbeeld is geen probleem en massa-immigratie evenmin. Maar jeugdwerkloosheid bij migranten, huiselijk geweld en discriminatie van vrouwen zijn dat wel. Wij zullen veel onbevangener kritisch moeten durven zijn als het gaat om de schaduwkanten en niet uit angst voor de populisten problemen negeren. Net zo moeten we uitkijken dat we ons niet blindstaren op een populistische angstboodschap over het klimaat, maar wel concrete problemen benoemen en concrete actiemogelijkheden laten zien. Hoe concreter en dichter bij de echte situatie van burgers, des te effectiever. En dat dan niet alleen in de lokale, provinciale, nationale of Europese vergaderzalen, maar ook op straat of waar dan ook in de samenleving mensen tegen die problemen aanlopen.

Daarbij moeten we veel sterker vasthouden aan ons eigen verhaal. Te veel energie gaat verloren met het bestrijden van anderen, waardoor we voortdurend op hun speelveld zitten. Wat we kunnen leren van populisten, is dat zij blijven bij hun eigen verhaal en dat met sterk gekozen frames blijven herhalen. Laten wij ons eigen verhaal uitdragen en daar mensen warm voor maken. Ik vat voor mijzelf dat kernverhaal samen met het woord compassie, een oud woord met grote mogelijkheden voor onze politiek stijl en inhoud. Compassie begint met het besef dat we verbonden zijn met alles en iedereen. Daarom maken we ons druk om de natuur, omdat wij daar deel van uitmaken. Daarom maken we ons druk om de hele mensheid. Compassie betekent dat we ons willen laten raken door de ander. Ook de ander ver weg en ook de klagende ander die hoopt dat populisten de problemen gaan oplossen. Compassie betekent dat we verantwoordelijkheid willen dragen voor elkaar en ruimte willen maken voor het anders-zijn van die ander. Dat verhaal van compassie wil ik steeds weer vertellen en zichtbaar maken in mijn politieke keuzes en in hoe ik met anderen omga. Bij het vertellen van ons verhaal zullen we ook effectiever de media moeten inzetten. Zeker, we willen juist in de parlementaire democratie zaken bereiken, maar we zullen meer dan voorheen het spel ook in de media moeten spelen en daarbij sterke persoonlijkheden inzetten.

Ten diepste denk ik dat we moeten inzetten op een politiek van de hoop. Terwijl populisten energie halen uit angst en woede, moeten wij energie halen uit de hoop. Ik merk dat mensen smachten naar hoopvolle en richtinggevende verhalen. Over hoe waardevol het leven in een plurale samenleving is. Over hoe prettig het is om te leven in harmonie met de natuur. Enzovoorts. Geen zurige verhalen over wat er allemaal niet goed gaat (dat benoemen we concreet en pakken we aan), maar hoopvolle verhalen over hoe het gaat worden. Mensen enthousiasmeren voor een gezamenlijke toekomst.

Nee, ik denk echt niet dat daarmee het populisme verdwijnt. Dat doet het op andere manieren ook niet. Ik denk wel dat we het verlangen dat bij veel mensen leeft, kunnen aanspreken en inzetten voor een politiek die de mooie toekomst dichterbij brengt. We komen alleen maar ergens als we echt onszelf zijn en dat creatief en inspirerend laten zien.

Inleiding voor discussie op de Provinciale Ledenvergadering GroenLinks Drenthe op 11.01.2011


Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Zoeken naar aardolie wordt steeds duurder

Uit een onderzoek van investeringsbank Dalman Rose & Co. blijkt dat de wereld komend jaar 9% meer zal uitgeven aan de speurtocht naar nieuwe olie en gasvelden. De totale uitgaven zullen in 2012 oplopen tot $595 miljard. Dat bedrag is nodig om in de diepzee en het poolgebied naar olie en gas te zoeken. En [...]

maandag, 9 januari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Strukton: Energiebesparen met een Energy Service Company (ESCo)

In Amerika Engeland en Duitsland zijn Energy Service Companies (ESCo’s) al een vast verschijnsel, maar in Nederland (nog) niet. Dat de formule ook in Nederland succesvol kan worden toegepast laten de gemeente Rotterdam en mijn werkgever Strukton. Zij hadden vorig jaar de primeur om een energie service bedrijf (ESCo op z’n goed Nederlands ;-) op te richten voor het onderhoud en beheer van negen Rotterdamse zwembaden. Strukton heeft samen met haar partner Hellebrekers een tienjarig onderhoud- en energieprestatiecontract afgesloten. Dit contract past goed bij de ambities die de gemeente Rotterdam heeft geformuleerd in de Samenwerkingsovereenkomst Duurzaam Vastgoed.

Kern ESCo contract

De kern van het contract tussen de gemeente Rotterdam en Strukton is dat de ESCo Strukton het energieverbruik van de zwembaden sterk zal terugdringen en het onderhoud en beheer geheel van de gemeente Rotterdam overneemt. In totaal levert dit een gegarandeerde besparing op van 4,5 miljoen euro. Concreet gaat het om:

  • 43% minder gas
  • 24% minder elektriciteit
  • 9% minder water
  • Betere waterkwaliteit
  • Beter binnenklimaat
  • Betere luchtkwaliteit

Toegepaste technieken

Om de afgesproken besparingen te realiseren, investeert de ESCo onder andere in warmtepompen, aanwezigheidsdetectie en ECO-verlichting. Al deze investeringen leiden tot een reductie van de CO2-uitstoot van 2.000 ton per jaar. Dit staat gelijk aan de uitstoot van 500 woningen. Daarnaast investeert de ESCo in meer comfort voor de zwembadbezoeker. Dankzij de installatie van een UVC-reactor hoeft bijvoorbeeld minder chloor in het zwemwater te worden gebruikt.

Strukton & ESCo’s

Binnen Strukton zijn we van mening dat een ESCo breder inzetbaar is dan enkel voor zwembaden. De ESCo formule is goed toepasbaar voor het ontwerpen en realiseren van revitalisatie van vastgoed. Het vastgoed wordt hierdoor moderner, energiezuiniger, comfortabeler en daarmee aantrekkelijker voor huurders. De waarde van het vastgoed neemt toe en de exploitatieduur kan worden verlengd. Een ESCo combineert revitalisatie met meerjarig onderhoud, beheer en energiemanagement. Indien gewenst wordt ook de financiering georganiseerd.

Hoe werkt het?

Uniek aan een ESCo is dat de opdrachtgever geen (financieel) risico draagt. De ESCo geeft, voor een of meer gebouwen, in een prestatiecontract garanties af op de kosten en kwaliteit van de revitalisatie, de energiebesparing, de kosten voor onderhoud en beheer en de comfortverbetering. De ESCo investeert in (energiebesparende) maatregelen om de overeengekomen prestaties te realiseren. Daarna verdient de ESCo de investeringen terug uit het rendement dat de maatregelen opleveren. Zo wordt de ESCo sterk geprikkeld om meerjarig te voorzien in een duurzame huisvesting met een optimale kwaliteit en tegen minimale kosten.

In onderstaande filmpje wordt op hoofdlijnen uitgelegd hoe de ESCo in z’n werk gaat:

Het Nieuwe Werken

Een revitalisatie kan goed worden gecombineerd met de implementatie van Het Nieuwe Werken. De implementatie van Het Nieuwe Werken beinvloedt de haalbaarheid van een revitalisatie doorgaans positief. Implementatie van Het Nieuwe Werken kan een sterke stimulans zijn voor de huurder(s) van het vastgoed om het gebruik voor langere tijd te continueren.

Meer informatie

Meer informatie over de ESCo formule van Strukton (inclusief contactpersonen) vind je in de factsheet ESCo(pdf). Of vul ondestaand contactformulier in dan nemen mijn collega’s Michel Heijnekamp en Jeroen Mieris contact met je op.

[contact-form-7]

Disclaimer: als consultant maatschappelijk verantwoord ondernemen hou ik mij binnen Strukton onder andere bezig met het promoten van duurzame oplossingen.

zondag, 8 januari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Mijn weblog in 2011

In blogs, persoonlijk, cijfers, statistiek, weblog, actie, concept, duurzame energie, energie, en meer.

In 2011 heb ik mijn best gedaan mijn weblog wat constanter bij te werken. Dat is zeker niet het hele jaar door gelukt. Met 134 berichten heb ik in 2011 wel gemiddeld 2 berichten per week weten te schrijven naast mijn werk en gezinsleven. Best een behoorlijk aantal, al heb ik ook een hoop berichten in concept staan die dat nooit ontgroeid zijn en in de loop van de tijd achterhaald zijn.

2011 leverde wel het hoogste aantal bezoeken op. Al is dat aantal al een paar jaar redelijk stabiel rond de 17 duizend.

Aantal bezoekers
2007 100
2008 9.476
2009 17.833
2010 17.061
2011 17.946

Top verwijzers

De impact van sociale media is in de lijst met verwijzers erg duidelijk aan het worden. Voorheen was dat lijstje eigenlijk saai, saaier, saaist met Google aan kop gevolgd door andere zoekmachines, zoals Yahoo! en Bing. Voor 2011 ziet dat lijstje er duidelijk anders uit met twitter.com, facebook.com, startgoogle.startpagina.nl en linkedin.com. Dat zijn dus 3 sociale netwerksites en de google subpagina van startpagina, en geen google.com. De 5e is een intern IP nummer (127.0.0.1), dus ik vermoed dat er vanuit een aantal bedrijven en organisaties driftig meegelezen wordt… De koppeling die ik heb tussen mijn verschillende sociale netwerkprofielen, waardoor ik blogberichten automatisch doorplaats op Twitter, Facebook en LinkedIn heeft dus effect. Hyves komt niet voor in de lijst al plaats ik mijn berichten daar ook nog steeds. Buiten mijn nichtjes zie ik daar eigenlijk nauwelijks tot geen activiteit meer plaatsvinden.

De meest gezochte termen waren symbid, (het) zonnecollectief, krispijn beek (hoe verrassend ;-) en wijwillenzon (de collectieve inkoopactie voor zonnepanelen van Urgenda).

Meest gelezen berichten

In het lijstje met meest gelezen berichten valt vooral een ouwetje op over de Seagulll buitenboordmotor. Daarnaast is er in Nederland blijkbaar erg veel belangstelling voor zonneboilers en zonnepanelen, want dat is het voornaamste onderwerp dat verder de top 5 heeft gehaald. Buiten dan We Generate, dat inmiddels is samengegaan met Qurrent. Of ben ik zo saai in onderwerpkeuze geworden dat het enkel nog over duurzame energie gaat? ;-)

  1. Seagull aan de praat  August 2004
  2. Wij willen zon!  November 2010
  3. Zonneboiler actie van Urgenda & het Zonneboilercollectief July 2011
  4. We Generate: het energiebedrijf van de toekomst February 2011
  5. De zonneboiler in gebruik May 2011

woensdag, 4 januari 2012

Hans Verbeek

Hans Verbeek

Hyves Twitter

Er blijft netto steeds minder energie over

Ik heb al vaker gewezen op het feit dat de winning van aardolie, aardgas en steenkool steeds meer energie vergt. Het rendement van de winning van fossiele brandstoffen (Energy Return on Energy Invested ofwel EROEI) wordt steeds lager. Voor de Tweede Wereldoorlog was een rendement van 100:1 heel normaal. Investeren van één vat aardolie leverde [...]

dinsdag, 3 januari 2012

Ufuk Kahya

Ufuk Kahya

Twitter GR

Reactie op “Onduurzaam, met een duurzaam randje” door Hans Verbeek

In aardolie, afrika, energie, gezondheid, hoop, kinderen, 2011, 2012, china.

Ik ben zo’n zelfde wereldburger als jij, maar ik kan wel aan vliegen ontkomen. Net zoals die miljarden inwoners van Afrika, Zuid-Amerika, China en India voor wie een vliegreis niet is weggelegd.
Ik gun je die vliegreis best en hoop dat je aan je kinderen kunt uitleggen dat de meeste aardolie is opgestookt tussen 1970 en 2011.

Die elektrische bussen vervuilen de lucht niet, maar ze gebruiken meer energie dan de ouderwetse bussen, door die zware accu’s. Eigenlijk zijn die bussen een stap achteruit.
Geeft niet hoor.
Een goede gezondheid en veel wijsheid toegewenst in 2012.

zondag, 1 januari 2012

Het menu: Sprookje voor 2012

In het menu, niet op voorpagina, banken, femke halsema, ontwikkelingsgeld, rijkdom, algemeen, arbeid, belasting, en meer.
Ooit zal er een land zijn waar alle mensen vreedzaam en gezond kunnen leven. Een land waar rijkdom eerlijker is verdeeld. De hoogste salarissen zijn er aan een acceptabel maximum gebonden, de laagste aan een realistisch minimum en eenieder verricht arbeid naar vermogen. Het verzorgen en opvoeden van kleine kinderen door de ouders wordt beschouwd als een der belangrijkste taken in de samenleving en navenant gehonoreerd. De banken stellen zich weer dienstbaar op door betrouwbaar geld te bewaren en uit te lenen. Beurzen en hedgefundsen bestaan niet meer. Het betalen van belasting ziet de mens als bijdragen aan een collectieve spaarpot voor zaken die het algemeen belang dienen: onderwijs, zorg, veiligheid, natuurbehoud, openbaar vervoer, (duurzame) energie, communicatie. De mensen zijn er vrij om te zeggen wat ze willen en binnen de grenzen van de wet te doen wat ze willen. Verschillende huidskleuren en verschillende gewoontes vormen een verrijking van de cultuur. Geloof speelt als politieke stroming geen rol meer. Ontwikkelingsgeld wordt gebruikt om jonge allochtonen in dat land een goede opleiding te geven, zodat ze hun land van oorsprong met een behoorlijk beginkapitaal kunnen helpen opbouwen. De minister-president van dat land is slim, mooi, ze heeft het hart op de goede plek en ze heet Femke; het land zelf heet Europa.

zaterdag, 31 december 2011

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Persoonlijke terugblik 2011

In persoonlijk, 2011, activiteiten, co2, crowdfunding, duurzaam, duurzaamheid, duurzame energie, energie, en meer.

2011 is een jaar van grote veranderingen en het jaar waarin het eindelijk is gelukt om een aantal goede voornemens voor 2009 en 2010 tot uitvoering te brengen.

Werk
De grootste verandering is de overstap vanuit de overheid terug naar het bedrijfsleven. Na zes jaar vanuit het Haagse bedacht te hebben hoe je duurzamer kunt ondernemen in Nederland werd het tijd om er actief mee aan de slag te gaan. Daarvoor deed zich een mooie kans voor in de sector waar ik me de laatste jaren als columnist voor het magazine Duurzaam Gebouwd en vanuit het project duurzaam ondernemen als kans mee bemoeid had: de bouw. Afgelopen jaar ben ik gaan werken voor twee bedrijven. In de eerste plaats voor Strukton, daarnaast werk ik af en toe mee bij TreFoil Energy. Inmiddels ben ik redelijk ingewerkt en in 2012 kun je dus meer berichten verwachten over mijn werkzaamheden voor deze bedrijven en over de activiteiten van deze bedrijven. Ook zal ik zeker aandacht besteden aan het onderzoek dat TNO en Stichting Vernieuwing Bouw momenteel uitvoeren naar geslaagde duurzame innovaties in de bouw. Ik ben namelijk erg benieuwd naar de uitkomsten daarvan, aangezien de mensen van Building Brains het oorspronkelijke onderzoeksvoorstel mede op mijn verzoek hebben geschreven. Helaas kan ik 25 januari niet naar de dialoogbijeenkomst Groen is Poen over het onderzoek.

Verandering van werk betekende ook verandering van vervoermiddel. Na een paar maanden in een slurpende bak rondgereden te hebben kon ik deze gelukkig inruilen voor een leaseauto naar keuze. Elektrisch zat er helaas niet in, maar met de Lancia Ypsylon koos ik op moment can uitkiezen de nummer 3 uit de top 10 zuinige kleine benzineauto’s van de ANWB. Inmiddels is het overigens nummer 4. Het goede nieuws is dat ik de eerste 2 maanden keurig volgens normverbruik heb gereden. Vanaf 2012 is het mijn bedoeling om de CO2 uitstoot via Natuur en Milieu te compenseren met emissierechten van het Europees CO2 emissiehandelssysteem.

Prive
De verandering van werk heeft ook thuis effect gehad. In onderling overleg met Nelleke ben ik een dag meer gaan werken en zij een dag minder. Om alles tijdtechnisch rond te krijgen gaat onze dochter nu 3 dagen naar het kinderdagverblijf. Of dat zo blijft in 2012 is de vraag. Tijdelijke contracten in gemeenteland zijn schaars aan het worden en het huidige contact van mijn vriendin is niet verlengd. Dat wordt binnen een maand iets nieuws vinden of het kinderdagverblijf van onze dochter opzeggen. Met wat gepuzzel gaat 1 dag waarschijnlijk nog wel lukken, maar 3 dagen is met de nieuwe Kabinetsplannen duurder dan de hypotheek… Dat wordt dus een keten van werkloosheid in gang zetten, want we zullen vast niet de enige familie in ded buurt zijn die met werkloosheid te maken krijgt.

Ons huis bevalt nog steeds goed. We hebben afgelopen jaar behoorlijk weten te sparen, dus wie weet kan een nieuwe badkamer er eerder komen dan we oorspronkelijk hadden gepland. Het is ook nog steeds mogelijk dat we het geld in gaan zetten voor extra energiebesparende of energieopwekkende maatregelen in huis. Dat laatste hangt af van de prijzen die in de verschillende collectieve inkoopacties voor zonnepanelen bedongen worden.

Investeren
2011 was ook het jaar van investeren in een duurzame toekomst. In de eerste plaats natuurlijk door het plaatsen van een zonneboiler, die voorlopig Euro 1.100 duurder lijkt uit te vallen doordat mijn oude werkgever de SDE warmte niet meer open heeft gesteld in 2011. Onze installateur voert hierover nog een rechtzaak tegen Agentschap NL.

Buiten ons huis hebben we voor €1.000 in windenergie geinvesteeerd. We hebben onze investering in Meewind met € 500 uitgebreid (was €1.000) en zijn we voor €50 lid geworden van De Windvogel. We hebben De Windvogel ook €450 geleend. Geen grote bedragen en toch een poging om in deze economisch minder goede tijden duurzame energie in Nederland een steuntje in de rug te geven.

Op twitter werd afgelopen week terecht opgemerkt dat je ook aan duurzaamheid wereldwijd moet denken. Vanuit dat oogpunt heb ik mijn investeringen via MyC4 uitgebreid met €150. Omdat ik nog steeds geloof in de kracht van crowdfunding voor Nederlandse ondernemers heb ik ook geld geinvesteerd in Enviu Participations en AV Direct. Uiteindelijk is het niet gelukt om alle investeringen gestand te doen. Zowel de investering in Treemagotchi als WakaWaka zijn vooralsnog niet doorgegaan in 2011. Volgend jaar kun je op mijj weblog in ieder geval aandacht voor mijn investeringen verwachten.

Voor nu rest mij om alle lezers een goed, gezond en gelukkig 2012 te wensen.

Ida Sabelis

Ida Sabelis

Twitter

Terug- en vooruitblik. Winterdepressie? Lichtje aan!

Uitzicht Casa Morello Sicilië
Tja, 2011 - soms denk ik 'wat mij betreft mag het over zijn' - dat heeft vooral te maken met mijn gevoel dat ik sinds 19 juli 2011 vrijwel uitsluitend grijze lucht of binnenkamers heb gezien. Is natuurlijk niet zo - maar dat voelt zo ... Op 19 juli kwam ik thuis uit Palermo. Ja, daar heb ik vrienden. En daar lag ik op 18 juli nog een dag aan het strand; eerlijk met de bus, een tasje en een handdoek heengereden. Een rondje Mondello gelopen en toen een plekje veroverd tussen families, pubers en eenzame heren. Ik had niemand nodig, wist dat het in NL 14 graden was en vleide mijzelf in het zand om over een zo groot mogelijk oppervlak ZON naar binnen te laten schijnen. Zo voelde dat. Ik heb wel vaker voorspellende momenten.
Thuis bleek mijn moeder in de lappenmand - gebroken heup, revalidatie, thuiszorg, en mantelzorg. Ja, ook ik ben aan de beurt. Het was koel, regenachtig en grijs. Weinig vakantie - en al snel kwamen het werk, de politiek, de herfst en een seminar over licht. 
Dat bestaat: een seminar over licht en donker. Over verlichting, energieverbruik, gevolgen voor alle dieren (insecten, vogels, vissen, zoogdieren, ook mensen dus) - en hoe we daar nauwelijks bewust mee omgaan. Eerder hoorde ik op de radio (in de fiets, mijn dagelijkse portie echte lux) dat met name oudere mensen vaak slaapproblemen hebben door gebrek aan licht. In een schemerig huis dut je al snel in na het ontbijt. Zo dut je door de dag - en ben je wakker als het echt donker is. Licht helpt om een gezond ritme aan te houden. Veel mensen hebben last van te veel binnen zijn - zeker als er buiten ook minder uren licht is - en zeker als je werk via computers loopt. Je hoeft dus niet (heel) oud te zijn om door tekort aan licht sacherijnig te worden.
JvC-straat - blaadjes
Ik heb een serre thuis; dat scheelt al. Maar ik heb ook last van de winter. En ik ben een avondmens. Dat betekent dat ik vaak laat naar bed ga. Vervolgens moet ik slaapkamerdeur en gordijnen dicht doen omdat de lantaarns buiten mij pal in de ogen schijnen. En ondanks een fietstocht van een kleine 140 kilometer deze week ... lijk ik toch te weinig licht te krijgen. Ik haat dat grijs namelijk. En ik haat de binnenlucht. Kortom, ik heb dat wintergevoel. Geen zonnige ijsmeren, geen extra licht door prachtige sneeuwvelden. Neen, kaarsje aan (max. 30 lux?) - en de kat op schoot.
Het wordt tijd dat het nieuwe jaar aanbreekt. In de gemeenteraad van Heemstede knistert het van de nieuwe plannen. De kansen op debat zijn groot na een training in de herfst. En op de agenda van januari staat, onder andere, een nieuw plan voor de straatverlichting: meer met minder. 80% energie besparen kan. En dan eindelijk die idiote schijnwerpers uit de straat! Zie ook, bijvoorbeeld: http://youtu.be/MwBLmKr_rXg Hmmmmm - 2012 .... kan alleen maar lichter worden! Ahem. Het goede gewenst - en niet te veel licht om middernacht? Dat is een andere discussie.

donderdag, 29 december 2011

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Wat doet Nijmegen aan energiebeleid?

groene-hertOnlangs was ik de dagvoorzitter van een bijeenkomst voor GroenLinks-kaderleden over energie. Op die dag werden ervaringen uitgewisseld en ideeën aangedragen voor gezamenlijke plannen. Van een paar gemeenten, waar GroenLinks de duurzaamheidswethouder levert, was een verslag gemaakt. Hier volgt een weergave van het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Nijmegen. 

De gemeente Nijmegen heeft in de vorm van Het Groene Hert een symbool verbonden aan haar succesvolle energiebeleid. Het Groene Hert staat voor alle energiebesparende maatregelen, voor schone energie en voor alle andere vormen van duurzaamheid die in dit verslag worden genoemd.

Doelstellingen
De gemeente Nijmegen heeft een lange termijn doelstelling wat betreft energiebeleid: De gemeente moet energieneutraal zin in 2045. De wethouder wil dat er dan 50% wordt bespaard op energie en dat 50% van de energie duurzaam wordt opgewekt. Op dit moment vindt Jan van der Meer de korte termijn doelstellingen echter belangrijker. Dit ook om te monitoren of de gemeente op koers ligt. Tot nu toe blijken mensen inderdaad te besparen. Tot medio 2010 is er een energiebesparing van 3,84% geweest in de gemeente.

Voor de energiebesparing heeft de gemeente een doelstelling per doelgroep vastgelegd. De eerste doelgroep zijn de grote bedrijven en instellingen. 16 van dit soort spelers hebben samen het Nijmeegs Energie Convenant (NEC) getekend. Het streven was om in 3
jaar tijd 9% energie te besparen, dus 3 % per jaar. Uiteindelijk is er in totaal zelfs 10% bespaard. Opvallend is wel dat de gemeente één van de 3 deelnemers is die de 3% besparing per jaar niet heeft gehaald. De tweede doelgroep wordt gevormd door de midden- en kleine bedrijven. Hierbij moet gedacht worden aan supermarkten, zorginstellingen en corporaties. Het is wettelijk toegestaan om bij deze doelgroep in sommige gevallen energiebesparende maatregelen af te dwingen. De derde doelgroep bestaat uit de particuliere woningeigenaren. Dit is de moeilijkste groep omdat individuen nog niet zo hard lopen voor energiebesparing. De gemeente heeft voor deze groep een aantal subsidieregelingen vastgesteld. Zo is er een regeling voor groene daken, voor zonnecellen en voor bredere energiebesparende maatregelen.

Het Groene Hert
Omdat klimaatverandering nog onvoldoende in het hart (op z’n Nijmeegse: hert) zit en omdat duurzaamheid herkenbaar moet zijn voor de burgers, heeft de gemeente iets overkoepelends bedacht: Het Groene Hert. Aan alles wat er gebeurt op dit vlak wordt het beeld van het hert verbonden. Sinds februari van dit jaar is er zelfs een winkel van Het Groene Hert. In deze winkel kunnen mensen duurzame producten kopen, maar burgers kunnen er ook advies krijgen over subsidies. Tevens worden leveranciers van duurzame energie en consumenten er in contact gebracht. De winkelier krijgt voor de ontzorgende functie geld van de gemeente.

Schone energie
Naast het besparen van energie probeert de gemeente Nijmegen energie ook te verschonen. Zo komen er vijf windmolens. Dit proces  gaat echter moeizaam vanwege de ruimtelijke ordening. Ook is de gemeente bezig met een warmtenet. Dit moet het paradepaardje worden van wethouder Van der Meer. Wanneer het warmtenet goed is ingevoerd kan hiermee de helft van de duurzaamheidsdoelstelling worden bereikt. Daarnaast werkt de gemeente nog aan de Groene Hub, het stimuleren van de productie en het gebruik van biogas. Het busbedrijf dat het openbaar vervoer in Nijmegen verzorgt is een grote afnemer van biogas. Tenslotte is de gemeente hard bezig met een zonnekracht wijk.

Persoonlijke missie
Volgens de wethouder moet de gemeente een regisserende en stimulerende rol vervullen in dit alles. Alleen al door ermee bezig te zijn en door af en toe te spreken over projecten en succes wordt er een bewustzijn gecreëerd. Jan van der Meer geeft ook aan dat het belangrijk is om tijdens de coalitie-onderhandelingen geld te claimen voor energiebeleid. Als hier tijdens de coalitie-onderhandelingen niet over wordt gesproken komt er niks van. De missie van wethouder Van der Meer is het creëren van enthousiasme voor energiebeleid en duurzaamheid bij andere partijen. Op dit moment vreest hij nog dat wanneer GroenLinks wegvalt in Nijmegen het energiebeleid instort. Door het onderwerp breed uit te zetten en het onderwerp te promoten hoopt hij zijn issue veilig te stellen.

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Meerkosten van overschakeling op duurzame energie 400 pond per persoon per jaar

In duurzaamheid, economie, biobrandstoffen, ccs, david mackay, decentrale energie, duurzame energie, elektriciteit, energie, en meer.

De kosten voor overschakeling naar een duurzaam energiesysteem kost het Verenigd Koninkrijk 5.000 pond per inwoner per jaar. Dat blijkt uit berekeningen van Professor David MacKay, auteur van Sustainable energy, without the hot air. Dat is een kleine 400 pond meer dan doorgaan op de huidige weg met fossiele energie, maar goedkoper dan het scenario met meer CO2 afvang en opslag (CCS) en hogere inzet van biomassa. Het laatste scenario met meer kernenergie komt als duurste uit de bus in het Verenigd Koninkrijk.

Dat laatste mag geen verrassing zijn voor wie het rapport van City Bank of de rapporten over de negatieve leercurve van kernenergie gelezen heeft (dat betekent dat nieuwe centrales duurder zijn dan oudere, alsof je nieuwe pc dezelfde prestatie levert tegen een hogere prijs dan de huidige). Ook de ontwikkelingen bij Delta zeggen voldoende over de commerciële haalbaarheid van kernenergie. Zoals Jonathan Porritt al zei in zijn afscheidsinterview kernenergie komt niet van de grond zonder staatssteun.

Het scenario dat inzet op biomassa en CCS kent twee uitdagingen. Ten eerste de beschikbaarheid van voldoende duurzaam geproduceerde biomassa voor energieopwekking (die daarmee dus niet voor andere doeleinden beschikbaar is). Ten tweede is het nodig om CCS succesvol op commerciële schaal toe te gaan passen. Wat bij de huidige CO2 prijzen op z’n zachtst gezegd een uitdaging is.

In bovenstaande berekeningen zijn de externe kosten van fossiele energie buiten beschouwing gelaten. Volgens verschillende rapporten zijn die aanzienlijk, al hangt het natuurlijk af van de invulling van duurzame energie of dat voordelen oplevert. Zo zal de luchtkwaliteit niet noemenswaardig verbeteren als je kolen en gas vervangt door biomassa. Volgens de Stern Review zijn de kosten van klimaatverandering per Brit 6.500 pond per jaar. Met een meerprijs van 400 pond per Brit voor duurzame energie lijkt dat me een uitermate rendabele investering… Met als bijkomend voordeel dat het opwekken van decentrale energie en het realiseren van energiebesparing vrij lastig te importeren is, waardoor het lokale werkgelegenheid oplevert.

Nederland

Ervan uitgaande dat het Verenigd Koninkrijk en Nederland redelijk vergelijkbaar zijn (met dien verstande dat het VK nog meer laaghangend fruit heeft dan Nederland) biedt bovenstaande berekening een mooi startpunt voor Nederland. In Nederland is daarvoor het Energietransitiemodel ontwikkeld. Daarmee kun je ook verschillende scenario’s doorrekenen, zoals bijvoorbeeld het scenario dat ontwikkeld is door Nederland krijgt nieuwe energie van het Duurzaamheidsoverleg Politieke Partijen. Toch zou ik er de voorkeur aan geven om het model van MacKay om te planten naar Nederland. Al was het maar omdat MacKay ook werkt aan de toevoeging van zaken als kostenvergelijkingen tussen scenario’s en het effect op luchtkwaliteit. Daarnaast vind ik de toelichting bij de scenario’s van de 2050 Pathway Calculator begrijpelijker en gedetailleerder.

Aantal berichten op deze pagina: 29. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 905 uur (37,7 dagen). Berichtgemiddelde: 0,8 bericht per dag, 5,4 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5 6