zondag, 29 april 2012

Ashley North

Ashley North

Hyves DWARS

Heldenschets: Jolande Sap

In begroting, bezuinigingen, campagne 2012, groenlinks, heldenschetsen, jolande sap, zin in de toekomst, begroting, bezuiniging, en meer.

Het is inmiddels een half jaar geleden sinds de laatste Heldenschets op deze site. Ineke van Gent, Jan Pronk, Andrée van Es, Jan Schaefer en Hans van Mierlo passeerden op het toneel van de heroïek al eerder de revue. Met de ontwikkelingen van de voorbije week is er een nieuw links-progressief politicus definitief toegetreden tot het heldendom.

In 1963 zag zij het eerste levenslicht in het Limburgse Venlo. Na daar het gymnasium te hebben afgerond, vertrok ze begin jaren ’80 naar de Katholieke Universiteit Tilburg om economie te studeren. Toen ze in september 2008 namens GroenLinks in de Tweede Kamer kwam, bleek deze studie goed van pas te komen. Al snel bleek ze een voortreffelijk woordvoerder Financiën te zijn voor de GroenLinks-fractie. Sindsdien kwam haar politieke carrière, ondanks de nodige hobbels, in een stroomversnelling terecht. Politiek talent van het jaar 2009 en de opvolger van Femke Halsema in 2010 als leider van GroenLinks: in twee jaar tijd ontwikkelde zij zich tot het gezicht van haar partij. Maar het kan nog beter. Deze week overtrof ze alle verwachtingen door de spil te zijn achter het Lenteakkoord, dat vanuit de Tweede Kamer de Rijksbegroting voor 2013 heeft opgesteld. We kunnen er niet omheen, de held van deze week is: Jolande Sap.

Alhoewel Jolande Sap pas de laatste jaren in de groene en rode spotlights staat, is ze al bijna twintig jaar actief voor GroenLinks. Nadat ze in 1993 lid was geworden van de toen tamelijk nieuwe partij, nam ze direct zitting in de werkgroep die de doorrekening verzorgde van het GroenLinks verkiezingsprogramma 1995-1998. Met haar achtergrond als econome niet geheel verwonderlijk. Ook binnen haar vakgebied waren er makkelijk GroenLinkse kenmerken aan Sap te ontdekken. Zo publiceerde ze in 1998 het boek Out of the Margin – Feminist Perspectives on Economics. Een feministische econome; zo iemand kon GroenLinks goed gebruiken.

Niet voor niets werd Jolande Sap dan ook in 2006 uitgenodigd mee te schrijven aan het verkiezingsprogramma van GroenLinks. Daarnaast gunde het partijcongres haar een mooie plaats op de kieslijst. Sap kreeg plek 8 toebedeeld, een verkiesbare plek gezien de toenmalige zetelverdeling in de Tweede Kamer. GroenLinks bezat namelijk precies 8 zetels. Onder invloed van de linkse titanenstrijd tussen de SP en de PvdA zakte GroenLinks echter naar 7 zetels, waardoor Sap net buiten de boot viel.

In 2008 was het dan toch zover. Op 2 september werd Jolande geïnstalleerd als de tijdelijk vervanger van Mariko Peters. Een dag later nam de politieke loopbaan van de econome opnieuw een wending. Wijnand Duyvendak, de groene woordvoerder van de fractie, kondigde zijn onmiddellijke vertrek uit de Kamer aan door toedoen van de rel om zijn nieuwe boek. Na één dag werd Sap daardoor definitief lid van de Tweede Kamer. En sindsdien ging het hard. Amper twee jaar later, in december 2010, werd Jolande door de GroenLinks-fractie unaniem verkozen tot de nieuwe fractievoorzitter, als opvolger van Femke Halsema.

Sap kreeg het niet makkelijk in haar eerste maanden als partijleider van GroenLinks. Begin 2011 leidde ze haar fractie naar het steunen van de politietrainingsmissie in het Afghaanse Kunduz. Waar het Kabinet-Rutte hierdoor een Kamermeerderheid achter zich kreeg, vormde zich achter Jolande Sap een sterk verdeelde partij. Veel GroenLinksers waren het hardgrondig oneens met de steun voor de missie, wat de inwijding bleek van het roerige jaar 2011. Bovenop de rumoer omtrent Kunduz kwamen namelijk de affaire-Peters en het stekkerdoosincident. GroenLinks zakte steeds verder we in de peilingen, tot de nog tot onlangs bedenkelijke vijf zetels.

Deze week, een paar dagen na het klappen van de Catshuisonderhandelingen, greep Jolande Sap echter haar ultieme kans.  Waar de VVD, het CDA en de PVV zeven weken de tijd nodig hadden om tot een mislukt begrotingsoverleg te komen, wist Sap binnen twee dagen de Kamerfracties van de ChristenUnie, D66, CDA en VVD te begeleiden naar een stabiele begroting voor 2013. Een broodnodige begroting in tijden van diepe economische crisis. En een sociale en groene begroting: de bezuinigingen op het passend onderwijs, ontwikkelingssamenwerking en het PGB werden teruggedraaid, terwijl er eindelijk is begonnen met de te lang uitgestelde hervormingen op onder meer de woningmarkt. De hypotheekrenteaftrek lijkt nu toch echt zijn langste tijd te hebben gehad. Met de verhoging van de belastingen op milieuvervuilende activiteiten en het afschaffen van subsidies aan grootverbruikers van fossiele grondstoffen daarbij opgeteld, heeft GroenLinks de leiding genomen over het bereiken van een voor haarzelf en het land uitstekende Rijksbegroting.

Jolande Sap. Op het juiste moment heeft ze weten te pieken. Ze heeft laten zien dat GroenLinks een uitstekende partij is om verantwoordelijkheid te dragen, die tegelijkertijd haar sociale en groene idealen verwezenlijkt. Daarmee heeft ze zich definitief bewezen als de onbetwiste partijleider van GroenLinks voor dit moment. Een partijleider die GroenLinks naar een mooie verkiezingsuitslag zal leiden op 12 september. Jolande Sap: een held!

Als toegift, een visueel profiel van Jolande Sap! ;)


maandag, 23 april 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Wat ik zou zeggen in het geschrapte debat over cultuurbeleid

In eerste kamer, politiek, belangrijk, beleid, bezig, bezuinigingen, cijfers, communicatie, creativiteit, en meer.

(door de val van het kabinet gaat op 24.04 het debat over cultuurbeleid niet door in de Eerste Kamer. Dit was mijn inbreng voor dat debat:)

Voorzitter, het lijkt niet zo heel erg nuttig om vandaag met elkaar te spreken over de principiële kanten van het cultuurbeleid. Niet alleen lijken er belangrijker onderwerpen te bestaan, maar het handelingsperspectief van deze staatssecretaris is het afgelopen weekeinde een heel stuk korter geworden. Heeft het dan zin om in deze Kamer te debatteren over fundamentele visies? Waar moet het heen met kunst en cultuur in ons land en komen we daar wel met het nu ingezette beleid en de draconische bezuinigingen? Wezenlijke vragen, maar met een vleugellamme staatssecretaris schiet dat niet op.

Als we er dan toch over spreken, dan moet het maar in het licht van de toekomst. Waar gaan we naartoe ná het tijdperk Zijlstra? Wat staat er als stip op de horizon en wat moeten we vandaag doen of nalaten om te voorkomen dat we heel ergens anders uitkomen? Welke bijsturing kan niet wachten op een nieuw kabinet? Natuurlijk raakt dat aan de bezuinigingen, maar tegelijk is die financiële discussie enkel het sluitstuk. Het begint ergens anders.

De eerste wezenlijke vraag bij cultuurbeleid betreft het doel. Waar is cultuur eigenlijk goed voor en wat is er nodig om dat te stimuleren? In de beleidsnota Meer dan kwaliteit lezen we dan: “Cultuur staat zowel voor binding, identiteit en traditie als voor dynamiek, creativiteit en vernieuwing.” En verder gaat het in de nota dan de hele tijd over hoe dat georganiseerd moet worden. Het gaat dan ook binnen de kortste keren over het economische rendement. En zo wordt over cultuureducatie gezegd: “De spontaniteit en verbeelding die cultuur losmaakt, zijn in onze tijd niet alleen gevraagd, maar vaak ook vereist: ’A firm needs more than an efficient manufacturing process, cost-control and a good technological base to remain competitive’.” Dat is natuurlijk zo, maar wie heeft er in hemelsnaam bedacht dat we een bedrijfskundige redenering nodig hebben om cultuureducatie te verantwoorden?

Het valt dan ook op dat de hele beleidsnota draait om ‘meer dan kwaliteit’, maar dat die kwaliteit zelf nergens ter sprake komt of beschreven wordt. Die wordt kennelijk als vanzelfsprekend beschouwd en vervolgens draait het hele beleid om andere zaken: meer publiek aantrekken, meer eigen geld verdienen, participatie en educatie, erfgoedbeheer, en regionale spreiding. Ik wil er wel bij zeggen dat ik die doelen allemaal niet verkeerd vind, maar de onderliggende vraag naar kwaliteit wordt angstvallig vermeden.

Misschien heeft dat ermee te maken dat de staatssecretaris vanuit zijn eigen opleiding kwaliteit vooral benadert in marketingtermen. Kwaliteit is dan voldoen aan de verwachtingen van de klant. Er is echter ook een andere definitie, die veel meer het hart raakt: kwaliteit is de mate waarin de intrinsieke eigenschappen van een goed tot uitdrukking worden gebracht. Bij de intrinsieke eigenschappen van kunst horen in elk geval zaken als schoonheidsbeleving, het vermogen om mensen in beweging te brengen, te ontroeren, te verrassen, aan het denken te zetten, enzovoorts. Hoe meer dit gebeurt, des te gelaagder en geslaagder de kunst. En als we het over het bredere veld van cultuur hebben, dan horen bij de intrinsieke eigenschappen in elk geval het construeren, communiceren en innoveren van traditie en identiteit. Of het nu gaat om hoge cultuur, volkscultuur of populaire cultuur, kwaliteit heeft direct te maken met dergelijke intrinsieke eigenschappen en ik vraag de staatssecretaris waarom hij daar geen woord aan wijdt. Zonder een dergelijk principieel ankerpunt is het namelijk onmogelijk vast te stellen of de andere doelen die hij met zijn beleid nastreeft, sporen met deze kwaliteit.

Hier ligt dus ook een belangrijke vraag bij de samenhang van de beleidsdoelen. Wat doet de staatssecretaris als kwaliteit, het bereiken van het publiek, regionale spreiding, internationaal bereik en het aantrekken van externe financiering niet samenvallen? Hoe weegt hij dan de verschillende aspecten? Gaat dan de regionale spreiding voor kwaliteit of andersom? Ik zou hier graag nader toelichting over horen. Ik vind het namelijk van groot belang dat zo veel mogelijk mensen toegang hebben tot kunst en cultuur, maar ook dat er ruimte is voor het kleine en bijzondere.

Het grote risico van de benadering van de staatssecretaris is een instrumentalisering van kunst en cultuur. Zo krijgt de creatieve industrie een speciale plaats omdat het bijdraagt aan de economische topsectoren, is cultuureducatie goed om kinderen voor te bereiden op het bedrijfsleven en de internationale wereld, en is culturele internationalisering behulpzaam bij de buitenlandse betrekkingen en “het Nederlands economisch belang, door verbanden tussen cultuur, handel en economie te benadrukken.” En zo gaat het door. De beleidsnota begint met een paragraaf over markt en overheid, Cultuur in beeld rekent ons precies voor wat het kost en opbrengt, enzovoorts. Tamelijk obligaat staat het er dan in een tussenzin: “Vanzelfsprekend laat de waarde van cultuur zich niet alleen in cijfers uitdrukken.” Maar dat is te weinig. Als cultuur nuttig moet zijn voor iets anders, dan ondermijnt dat rechtstreeks de eigen ruimte die kunst en cultuur moeten hebben. Dat bedenk ik niet alleen; ook de Telderstichting schrijft in haar recente advies: “Leg in de legitimering van cultuursubsidies niet te veel nadruk op de instrumentele waarde van cultuur, maar rechtvaardig de rol van de overheid vanuit de intrinsieke waarde van kunst en cultuur.” Ik vraag de staatssecretaris hoe hij denkt over dit advies van zijn partijgenoten. En als hij toch bezig is, ben ik ook benieuwd naar zijn visie op de inbreng van zijn partijgenoot De Liefde in het debat aan de overzijde die suggereerde dat van de zeven leden van cultuursubsidiecommissies drie zich zouden moeten buigen over artistieke kwaliteit en de andere vier over communicatie, marketing, ondernemerschap en financiën. Is de staatssecretaris het met mij eens dat daarmee cultuur ondergeschikt wordt gemaakt aan commercie.

Voorzitter, ik kom daarmee aan een tweede punt. De beleidsnota Meer dan kwaliteit zet in met de vraag naar de verhouding tussen markt en overheid. We hebben het dan over de verantwoordelijkheidstoedeling in het stelsel. Wie is verantwoordelijk voor welk deel? Geconstateerd wordt dat een belangrijk deel van de 18 miljard omzet in de cultuursector op de vrije markt wordt gerealiseerd. Ongeveer een zesde daarvan is afhankelijk van overheidssubsidies. Het lijkt dan alsof het terugbrengen van die overheidssubsidie op het totaal niet zoveel uitmaakt, maar dat is natuurlijk niet zo. Klopt mijn beeld, zo vraag ik de staatssecretaris, dat bij het marktdeel van de cultuursector ook allerlei commercieel sterke onderdelen zitten? Klopt het dat bij de gemeenten vooral ook breedtecultuur en de bijbehorende huisvestingskosten een groot beslag leggen? En klopt het dat de Rijksoverheid juist verantwoordelijk is voor specifieke onderdelen die de markt en de lagere overheden niet dekken? Kortom: zou de staatssecretaris eens wat inhoudelijker zichtbaar kunnen maken wat de markt wel en niet gefinancierd en georganiseerd krijgt en hoe de verschillende overheden hun verantwoordelijkheid oppakken? Dan wordt namelijk ook zichtbaar hoe groot de werkelijke effecten van de bezuinigingen en andere maatregelen zijn.

De regering lijkt van mening dat haar eigen verantwoordelijkheid nog wel wat kleiner kan. Zij subsidieert nu ongeveer 5,5 % van de cultuursector, maar daar kan nog een heel procentpunt af. De sponsors, fondsen en mecenassen staan immers in de rij om het over te nemen. Maar helaas, zo simpel ligt het niet. Er is inderdaad op dit punt veel in ontwikkeling, maar de staatssecretaris rekent zich voorlopig alleen maar rijk. De Amerikaanse situatie die hij als voorbeeld lijkt te hebben, staat in veel opzichten ver af van de onze en dat verandert niet zomaar als hij de geldkraan dichtdraait. Het is opvallend dat het grote voorbeeld van het cultuurmecenaat, de VandenEnde Foundation, nogal kritisch is op dit Amerikaanse voorbeeld, bijvoorbeeld bij het jaarverslag 2010. De continuïteit van de cultuurfinanciering staat sterk onder druk van teruglopende giften; de grote financiers neigen ertoe de elitaire kunst te stimuleren terwijl juist de emancipatoire kunst van niches, avantgarde en minderheidsgroepen snel in het gedrang komt, en de nadruk op projectfinanciering leidt tot kortetermijndenken en niet tot opbouw van de sector. Ik concludeer dat het beleid van de staatssecretaris precies onder deze kritiek valt: teruglopende financiering, nadruk op elitaire topcultuur en projectfinanciering. Hoe ziet de staatssecretaris dit? Denkt hij echt dat – midden in een economische crisis – de gaten die hij slaat, worden opgevuld door mecenaat en sponsoring? En heeft hij daar meer argumenten voor dan zijn neoliberale marktnaïviteit?

Ten slotte nog een principieel punt. De beleidsnota stelt als uitgangspunt: “Culturele instellingen moeten minder afhankelijk worden van de overheid en daardoor flexibeler en krachtiger worden. Daarom bezuinigt het kabinet op cultuur.” Dat is natuurlijk een gotspe. Dit – zo goed als voorbije – kabinet bezuinigt op cultuur uit economische motieven en populistische rancune. Maar dan nog. Dergelijke zinnen verraden een gevaarlijke visie op de overheid. Ze suggereren dat de overheid een noodzakelijk kwaad is en dat subsidie alleen maar verlamt. Is niet, zo vraag ik de staatssecretaris, de overheid de belichaming van het collectief van de samenleving? En zijn niet subsidies een belangrijke manier om publieke goederen en collectieve waarden te ondersteunen? Is het daarom niet essentieel om het levend houden van cultuur en traditie ook op collectief niveau te borgen? Ik roep de staatssecretaris op om niet langer mee te werken aan het ondermijnen van de overheid die namens ons allen zorg draagt voor het in stand houden van een samenleving waarin kunst en cultuur gedijen en ons allen ten goede komen.

Voorzitter, ik sluit af. Volgens Plato zijn er drie kernwaarden die een rol zouden moeten spelen in onze afwegingen: het ware, het goede en het schone. Dit kabinet lijkt een vierde te hebben toegevoegd: het goedkope. Ik vrees dat dat ons allen duur komt te staan.


Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Wat ik zou zeggen in het geschrapte debat over cultuurbeleid

In eerste kamer, politiek, belangrijk, beleid, bezig, bezuinigingen, cijfers, communicatie, creativiteit, en meer.

(door de val van het kabinet gaat op 24.04 het debat over cultuurbeleid niet door in de Eerste Kamer. Dit was mijn inbreng voor dat debat:)

Voorzitter, het lijkt niet zo heel erg nuttig om vandaag met elkaar te spreken over de principiële kanten van het cultuurbeleid. Niet alleen lijken er belangrijker onderwerpen te bestaan, maar het handelingsperspectief van deze staatssecretaris is het afgelopen weekeinde een heel stuk korter geworden. Heeft het dan zin om in deze Kamer te debatteren over fundamentele visies? Waar moet het heen met kunst en cultuur in ons land en komen we daar wel met het nu ingezette beleid en de draconische bezuinigingen? Wezenlijke vragen, maar met een vleugellamme staatssecretaris schiet dat niet op.

Als we er dan toch over spreken, dan moet het maar in het licht van de toekomst. Waar gaan we naartoe ná het tijdperk Zijlstra? Wat staat er als stip op de horizon en wat moeten we vandaag doen of nalaten om te voorkomen dat we heel ergens anders uitkomen? Welke bijsturing kan niet wachten op een nieuw kabinet? Natuurlijk raakt dat aan de bezuinigingen, maar tegelijk is die financiële discussie enkel het sluitstuk. Het begint ergens anders.

De eerste wezenlijke vraag bij cultuurbeleid betreft het doel. Waar is cultuur eigenlijk goed voor en wat is er nodig om dat te stimuleren? In de beleidsnota Meer dan kwaliteit lezen we dan: “Cultuur staat zowel voor binding, identiteit en traditie als voor dynamiek, creativiteit en vernieuwing.” En verder gaat het in de nota dan de hele tijd over hoe dat georganiseerd moet worden. Het gaat dan ook binnen de kortste keren over het economische rendement. En zo wordt over cultuureducatie gezegd: “De spontaniteit en verbeelding die cultuur losmaakt, zijn in onze tijd niet alleen gevraagd, maar vaak ook vereist: ’A firm needs more than an efficient manufacturing process, cost-control and a good technological base to remain competitive’.” Dat is natuurlijk zo, maar wie heeft er in hemelsnaam bedacht dat we een bedrijfskundige redenering nodig hebben om cultuureducatie te verantwoorden?

Het valt dan ook op dat de hele beleidsnota draait om ‘meer dan kwaliteit’, maar dat die kwaliteit zelf nergens ter sprake komt of beschreven wordt. Die wordt kennelijk als vanzelfsprekend beschouwd en vervolgens draait het hele beleid om andere zaken: meer publiek aantrekken, meer eigen geld verdienen, participatie en educatie, erfgoedbeheer, en regionale spreiding. Ik wil er wel bij zeggen dat ik die doelen allemaal niet verkeerd vind, maar de onderliggende vraag naar kwaliteit wordt angstvallig vermeden.

Misschien heeft dat ermee te maken dat de staatssecretaris vanuit zijn eigen opleiding kwaliteit vooral benadert in marketingtermen. Kwaliteit is dan voldoen aan de verwachtingen van de klant. Er is echter ook een andere definitie, die veel meer het hart raakt: kwaliteit is de mate waarin de intrinsieke eigenschappen van een goed tot uitdrukking worden gebracht. Bij de intrinsieke eigenschappen van kunst horen in elk geval zaken als schoonheidsbeleving, het vermogen om mensen in beweging te brengen, te ontroeren, te verrassen, aan het denken te zetten, enzovoorts. Hoe meer dit gebeurt, des te gelaagder en geslaagder de kunst. En als we het over het bredere veld van cultuur hebben, dan horen bij de intrinsieke eigenschappen in elk geval het construeren, communiceren en innoveren van traditie en identiteit. Of het nu gaat om hoge cultuur, volkscultuur of populaire cultuur, kwaliteit heeft direct te maken met dergelijke intrinsieke eigenschappen en ik vraag de staatssecretaris waarom hij daar geen woord aan wijdt. Zonder een dergelijk principieel ankerpunt is het namelijk onmogelijk vast te stellen of de andere doelen die hij met zijn beleid nastreeft, sporen met deze kwaliteit.

Hier ligt dus ook een belangrijke vraag bij de samenhang van de beleidsdoelen. Wat doet de staatssecretaris als kwaliteit, het bereiken van het publiek, regionale spreiding, internationaal bereik en het aantrekken van externe financiering niet samenvallen? Hoe weegt hij dan de verschillende aspecten? Gaat dan de regionale spreiding voor kwaliteit of andersom? Ik zou hier graag nader toelichting over horen. Ik vind het namelijk van groot belang dat zo veel mogelijk mensen toegang hebben tot kunst en cultuur, maar ook dat er ruimte is voor het kleine en bijzondere.

Het grote risico van de benadering van de staatssecretaris is een instrumentalisering van kunst en cultuur. Zo krijgt de creatieve industrie een speciale plaats omdat het bijdraagt aan de economische topsectoren, is cultuureducatie goed om kinderen voor te bereiden op het bedrijfsleven en de internationale wereld, en is culturele internationalisering behulpzaam bij de buitenlandse betrekkingen en “het Nederlands economisch belang, door verbanden tussen cultuur, handel en economie te benadrukken.” En zo gaat het door. De beleidsnota begint met een paragraaf over markt en overheid, Cultuur in beeld rekent ons precies voor wat het kost en opbrengt, enzovoorts. Tamelijk obligaat staat het er dan in een tussenzin: “Vanzelfsprekend laat de waarde van cultuur zich niet alleen in cijfers uitdrukken.” Maar dat is te weinig. Als cultuur nuttig moet zijn voor iets anders, dan ondermijnt dat rechtstreeks de eigen ruimte die kunst en cultuur moeten hebben. Dat bedenk ik niet alleen; ook de Telderstichting schrijft in haar recente advies: “Leg in de legitimering van cultuursubsidies niet te veel nadruk op de instrumentele waarde van cultuur, maar rechtvaardig de rol van de overheid vanuit de intrinsieke waarde van kunst en cultuur.” Ik vraag de staatssecretaris hoe hij denkt over dit advies van zijn partijgenoten. En als hij toch bezig is, ben ik ook benieuwd naar zijn visie op de inbreng van zijn partijgenoot De Liefde in het debat aan de overzijde die suggereerde dat van de zeven leden van cultuursubsidiecommissies drie zich zouden moeten buigen over artistieke kwaliteit en de andere vier over communicatie, marketing, ondernemerschap en financiën. Is de staatssecretaris het met mij eens dat daarmee cultuur ondergeschikt wordt gemaakt aan commercie.

Voorzitter, ik kom daarmee aan een tweede punt. De beleidsnota Meer dan kwaliteit zet in met de vraag naar de verhouding tussen markt en overheid. We hebben het dan over de verantwoordelijkheidstoedeling in het stelsel. Wie is verantwoordelijk voor welk deel? Geconstateerd wordt dat een belangrijk deel van de 18 miljard omzet in de cultuursector op de vrije markt wordt gerealiseerd. Ongeveer een zesde daarvan is afhankelijk van overheidssubsidies. Het lijkt dan alsof het terugbrengen van die overheidssubsidie op het totaal niet zoveel uitmaakt, maar dat is natuurlijk niet zo. Klopt mijn beeld, zo vraag ik de staatssecretaris, dat bij het marktdeel van de cultuursector ook allerlei commercieel sterke onderdelen zitten? Klopt het dat bij de gemeenten vooral ook breedtecultuur en de bijbehorende huisvestingskosten een groot beslag leggen? En klopt het dat de Rijksoverheid juist verantwoordelijk is voor specifieke onderdelen die de markt en de lagere overheden niet dekken? Kortom: zou de staatssecretaris eens wat inhoudelijker zichtbaar kunnen maken wat de markt wel en niet gefinancierd en georganiseerd krijgt en hoe de verschillende overheden hun verantwoordelijkheid oppakken? Dan wordt namelijk ook zichtbaar hoe groot de werkelijke effecten van de bezuinigingen en andere maatregelen zijn.

De regering lijkt van mening dat haar eigen verantwoordelijkheid nog wel wat kleiner kan. Zij subsidieert nu ongeveer 5,5 % van de cultuursector, maar daar kan nog een heel procentpunt af. De sponsors, fondsen en mecenassen staan immers in de rij om het over te nemen. Maar helaas, zo simpel ligt het niet. Er is inderdaad op dit punt veel in ontwikkeling, maar de staatssecretaris rekent zich voorlopig alleen maar rijk. De Amerikaanse situatie die hij als voorbeeld lijkt te hebben, staat in veel opzichten ver af van de onze en dat verandert niet zomaar als hij de geldkraan dichtdraait. Het is opvallend dat het grote voorbeeld van het cultuurmecenaat, de VandenEnde Foundation, nogal kritisch is op dit Amerikaanse voorbeeld, bijvoorbeeld bij het jaarverslag 2010. De continuïteit van de cultuurfinanciering staat sterk onder druk van teruglopende giften; de grote financiers neigen ertoe de elitaire kunst te stimuleren terwijl juist de emancipatoire kunst van niches, avantgarde en minderheidsgroepen snel in het gedrang komt, en de nadruk op projectfinanciering leidt tot kortetermijndenken en niet tot opbouw van de sector. Ik concludeer dat het beleid van de staatssecretaris precies onder deze kritiek valt: teruglopende financiering, nadruk op elitaire topcultuur en projectfinanciering. Hoe ziet de staatssecretaris dit? Denkt hij echt dat – midden in een economische crisis – de gaten die hij slaat, worden opgevuld door mecenaat en sponsoring? En heeft hij daar meer argumenten voor dan zijn neoliberale marktnaïviteit?

Ten slotte nog een principieel punt. De beleidsnota stelt als uitgangspunt: “Culturele instellingen moeten minder afhankelijk worden van de overheid en daardoor flexibeler en krachtiger worden. Daarom bezuinigt het kabinet op cultuur.” Dat is natuurlijk een gotspe. Dit – zo goed als voorbije – kabinet bezuinigt op cultuur uit economische motieven en populistische rancune. Maar dan nog. Dergelijke zinnen verraden een gevaarlijke visie op de overheid. Ze suggereren dat de overheid een noodzakelijk kwaad is en dat subsidie alleen maar verlamt. Is niet, zo vraag ik de staatssecretaris, de overheid de belichaming van het collectief van de samenleving? En zijn niet subsidies een belangrijke manier om publieke goederen en collectieve waarden te ondersteunen? Is het daarom niet essentieel om het levend houden van cultuur en traditie ook op collectief niveau te borgen? Ik roep de staatssecretaris op om niet langer mee te werken aan het ondermijnen van de overheid die namens ons allen zorg draagt voor het in stand houden van een samenleving waarin kunst en cultuur gedijen en ons allen ten goede komen.

Voorzitter, ik sluit af. Volgens Plato zijn er drie kernwaarden die een rol zouden moeten spelen in onze afwegingen: het ware, het goede en het schone. Dit kabinet lijkt een vierde te hebben toegevoegd: het goedkope. Ik vrees dat dat ons allen duur komt te staan.


woensdag, 15 februari 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Politiek, journalistiek en feiten

In de maatschappij dat zijn wij!, media, algemeen, belangrijk, betalen, de, de punt, debat, delen, en meer.

 

 

Rob Wijnberg: “Het nieuws voedt ons elke dag met het exceptionele, absurde en groteske –net zo lang tot ze het doodnormale lijken. Niet de regels maar de uitzonderingen bepalen het publieke debat”.

NRC-next heeft sinds vorige maand een geheel nieuwe opzet. Hoofdredacteur Rob Wijnberg legde op 19 januari zelf uit waarom zijn krant voortaan voor feitenonderzoek gaat. Dragen meer feiten bij aan het politieke debat, vraag ik mij af.

Het leuke is dat hij daarbij socioloog Dick Houtman aanhaalt die spreekt over factfree politics. Volgens Houtman kan een politicus niet anders. Volgens Wijnberg handelt de politicus factfree omdat vooral de indruk die hij neerzet, telt. Politici profileren zich met oneliners en Kamervragen. Niet met veel dossierkennis.

Factfree politicus

Ik erger mij groen en geel aan de slechte kwaliteit van het werk van veel journalisten. In vraaggesprekken blijft de interviewer steken in niet-inhoudelijke vragen als ‘of de coalitiepartner geen scheuren in de gelederen vertoont’, of ‘de premier niet eens wat moet zeggen van een website van de gedoogpartner’, ‘wat de premier ervan vindt dat de leider van een oppositiepartij wellicht de volgende premier wordt’ en ‘of de minister van Financiën aan het volk kan uitleggen dat de lening aan Griekenland misschien niet wordt terugbetaald’. Is er geen inhoud? Waar wil Nederland in de wereld staan over 30 jaar, hoe komen we daar, wat is tegen die tijd het haalbare welvaartsniveau voor ons, hoe verdelen we die welvaart en hoe beschermen we wat we hebben? Om maar wat te noemen.

Goed, ik zou zeggen dat een beetje volksvertegenwoordiger zelf elke kans grijpt om zijn beleid inhoudelijk uit te leggen, maar een visie blijkt lastig. Houtman geeft aan dat een politicus visie moet hebben, kennis toepast in nieuwe situaties, en vandaar uit gaat handelen. Feiten, wetenschappelijk vastgesteld, gelden tot het tegendeel bewezen is, een visie is blijvend. We kunnen het de politicus niet kwalijk nemen op visie te werken en niet op feiten. En daar zit wel een risico in. Aan de journalisten de taak te achterhalen of de politicus ons gebakken lucht verkoopt of werkelijk een serieuze weg heeft gekozen. Een journalist moet achterhalen of de plannen gebaseerd zijn op reële verwachtingen. Kennis helpt daarbij.

Mensen willen, zo krijg ik de indruk, niet per se de grote lijnen horen. De punt aan de horizon zien. Willen niet horen hoe belangrijk Europa is voor Nederland, hoe groot de rest van de wereld is waarvan wij de speelbal zullen zijn. We willen nu horen dat we nu minder euro’s hoeven te betalen aan wat dan ook. Factfree dus eigenlijk.

Aangenaam eenvoudig

Dan komen we op het tweede punt dat gemaakt wordt. Wijnberg: “Journalistiek wordt zo meer op commercieel succes afgerekend dan op maatschappelijke relevantie”. We willen lezen hoe we willen zijn en hoe we het willen hebben. We willen het nieuws in het algemeen ook niet te ingewikkeld maar in hapklare brokken die in één keer naar binnen kunnen. Op een verjaardag verschaffen statements als ‘nu de euro afschaffen’ of ‘Griekenland eruit’ toch al snel meer begrip en bijval dan ingewikkelde beschouwingen over de geopolitieke situatie in het nabije en verre Oosten ten opzichte van Europa.

Dit komt overeen met wat mediasocioloog Henri Beunders stelt. TV zou een venster op de wereld worden. We zouden informatie kunnen delen. Maar behalve de sport, blijkt het allemaal fictie. De meest populaire programma’s, ook die uit het verleden, laten onszelf zien hoe we het zouden willen. Niet hoe het is. TV is een feelgoodinstrument. Dat geldt ook voor andere media. Factfree.

Kritischer publiek

Dus: het grote publiek wil geen ingewikkelde feiten, de visionaire politicus heeft ze per definitie niet –want de toekomst is nog geen feit -, de krant wil ze wel. En terecht. Journalistiek is een grote controleur van de politiek. Agendasetting is nog steeds belangrijk. De kiezer wil het gevoel hebben te bepalen welke kant we op gaan met dit land. Dat stelt hogere eisen aan lezers en aan journalisten dan de eenvoudige berichten.

 “Niet de regels maar de uitzonderingen bepalen het publieke debat”. Ja, helaas. Feiten verhogen de kwaliteit van elk debat. Geldt dit ook voor het politieke debat? Voor de korte termijnoplossingen wel. Voor de lange termijn is daar visie voor nodig. En dat vraagt om doortastende journalisten als gesprekspartner.

dinsdag, 14 februari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Strukton over ESCo en geïntegreerde samenwerking bij verduurzaming van vastgoed

In duurzaamheid, economie, werk, de groene zaak, duurzaam bouwen, energiebesparing, esco, geïntegreerde samenwerking, groen = poen, en meer.

Eerder schreef ik al over de ESCo formule van Strukton, waar mijn collega’s tijdens de dialoogsessie Groen = Poen meer over verteld hebben. Wie dat gemist heeft en toch meer wil weten kan mijn collega’s de komende weken onder andere horen spreken bij de volgende bijeenkomsten:

  • 16 februari 2012: Symposium Groen Vastgoed, goed Verhuurd? van het Platform Duurzaam Gebouwd.
    Het onderwerp van de sessie waar Strukton spreekt is Meerwaarde van geïntegreerde samenwerking bij verduurzaming van vastgoed.
    Gegarandeerde energiebesparing, optimaal onderhoud en meer comfort. Een duurzamer gebouwconcept levert veel voordelen op. Voor totaaloplossingen is cruciaal hierbij dat verschillende disciplines zoals architecten, bouwers, installateurs, facilitair managers en vastgoedfinanciers in een vroeg stadium te mobiliseren om de verduurzaming van huisvesting te doordenken. In deze presentatie delen we onze ervaringen gebaseerd op drie praktijkvoorbeelden: de ESCo voor negen gemeentelijke zwembaden in Rotterdam en de dbfmo-projecten renovatie ministerie van Financiën en de nieuwe huisvesting voor DUO en de Belastingdienst in Groningen. Hoe heeft de geïntegreerde aanpak in deze projecten geleid tot duurzame oplossingen?
  • 16 februari 2012 Jaarcongres De Groene Zaak
    Duurzame Innovaties door Strukton en Emissierechten.nl
    STRUKTON
    Het inzetten van een zogeheten Energy Service Company (ESCo) blijkt te resulteren in een vergaand energiereductie van een gebouw, alsmede structureel lagereservice- en onderhoudskosten. Strukton ziet een ESCo dan ook als dé groene formule voor het verduurzamen van gebouwen. Een verrijkende sessie voor partners die willen weten hoe zij de verduurzaming van hun vastgoed effectief budgetneutraal kunnen versnellen!
    EMISSIERECHTEN.NL
    De emissiemarkt is volop in ontwikkeling. Emissierechten.nl praat partners bij over de laatste stand van zaken en over nieuwe projecten die vooruitlopen op de regelgeving. En last but not least over de mogelijkheden om duurzame business cases in sectoren als vastgoed, bouw en mobiliteit sneller rendabeler te maken op basis van verhandelbare emissierechten!

Meer informatie

Meer informatie over de ESCo formule van Strukton (inclusief contactpersonen) vind je in de factsheet ESCo (pdf). Of vul ondestaand contactformulier in dan nemen mijn collega’s Michel Heijnekamp en Jeroen Mieris contact met je op.

[contact-form-7]

Disclaimer: als consultant maatschappelijk verantwoord ondernemen hou ik mij binnen Strukton onder andere bezig met het promoten van duurzame oplossingen van Strukton.

donderdag, 26 januari 2012

Jenny de Jeu

Jenny de Jeu

Hyves Linkedin

Home sweet home

In uncategorized, hand, huis, isolatie, lief, liefde, belangrijk, de, financiën, en meer.

Momenteel heb ik geen bewoonbaar eigen huis. Ik ben te gast in het huis van ex. Heb de huur opgezegd van mijn huurhuis. Om zo geld uit te sparen voor klussen aan het schip wat ik met m’n lief gekocht heb, waar we eerdaags op gaan wonen. Het duurt nog een hele tijd voordat ons schip bewoonbaar gaat zijn. We hebben alles eruit gesloopt om een goede basis te kunnen realiseren. Er is daar nu helemaal niks, geen sanitair, geen verwarming en zelfs geen isolatie, dus het is ijskoud in het metalen scheepsruim.

Heel fijn natuurlijk dat we tijdelijk in het huis van ex mogen. (ex is in de tropische zon aan het werken aan zijn breinbrekerboek). Dochterlief is hier thuis, heeft haar kamer en vriendinnen bij de hand. Maar mijn huis is het niet meer. Ik leef tussen andermans spullen in andermans sfeer. Een deel van mijn spullen staat bij mijn schoonmoeder op zolder. En heel veel zaken heb ik weggedaan.  Ook heb ik wat zaken opgeslagen in de meubelmakerswerkplaats van m’n lief. Eerdaags moeten we hier weer weg en gaan we naar de volgende tijdelijke oplossing totdat ons droomschip bewoonbaar is geklust.

Ik had gedacht dat dit alles wel zo efficiënt was qua financiën. En dat ik dat allemaal wel zou trekken. Ik ontdek nu wel een hoop nieuwe dingen aan mezelf! Ik vind het namelijk heel lastig dat ik geen eigen plekje voor mezelf heb. Een plekje wat helemaal is zoals ik dat fijn vind. Het maakt dat ik moeilijk op kan laden. Niet lekker in mijn vel zit. En dat soort dingen meer.

Dit doet het dus met mij dat ik tijdelijk geen eigen plek heb. Ik realiseer me dat ik niks te klagen heb in een warm huis met elke dag een gezonde maaltijd. En heel veel liefde om me heen.  En bovendien uitzicht op gaan wonen op ons droomschip. Ik besef des te meer hoe belangrijk het is een fijn thuis te hebben.  Helemaal jouw eigen veilige fijne plekje. En sta weer eens goed stil bij alle mensen die dat om wat voor reden niet hebben. En die meestal ook geen uitzicht hebben op een toekomstig fijn thuis.

Image


vrijdag, 20 januari 2012

John Swelsen

John Swelsen

Hyves Linkedin Twitter Youtube

Waar zit de ruimte in het Lenteakkoord?

GroenLinks-voorzitter Joop Ouborg heeft de collegepartijen opgeroepen om de uitgangspunten van het collegeakkoord van SP, VVD, GroenLinks en D66 nader te bediscussieren. Het gaat dan met name om de financiële afspraken. De vraag is waar liggen de mogelijkheden?

De financiële spelregels van het Lenteakkoord zijn voor een groot deel in beton gegoten doordat geld van de Rijksoverheid voor specifieke doelen is bestemd. Geld dat is gelabeld en bijvoorbeeld voor uitkeringen is bedoeld mag niet worden gebruikt om stoeptegels te leggen. Verder sluit ik uit dat het tekort op de begroting verder kan oplopen, dat zou de gemeente Arnhem ernstig in de problemen kunnen brengen. Als die elementen uit het akkoord worden gefilterd blijven er een drietal afspraken over waar de discussie zich dan op zou kunnen toespitsen.

Drie afspraken
Ten eerste de gemeentelijke belastingen, de onroerend zaak belasting en rioolheffing. In het akkoord staat dat deze niet meer dan de gemiddelde prijsstijging in Nederland mogen stijgen. Het college heeft de Arnhemse burger voorgehouden dat men wil voorkomen dat deze meer aan de gemeente gaat betalen.
Een tweede afspraak is dat wethouders hun eigen begroting op orde hebben. Hogere kosten of tegenvallende uitgaven moeten binnen de eigen begroting worden opgelost.
Tenslotte worden financiële meevallers in principe niet gebruikt voor nieuwe uitgaven maar om tegenvallers op te lossen of te reserveren voor toekomstige tegenvallers.

De laatste voorwaarde is naar mijn inschatting het minst explosief, maar helaas ook het minst voor de hand liggend. De verwachting is dat op allerlei deelterreinen de kosten zullen oplopen en er mogelijk eerder met tegenvallers dan op meevallers gerekend moet worden.
De eerste twee mogelijkheden doornemend rijst de vraag of de VVD en de strenge rekenmeester Leisink (wethouder Financiën, D66) hier veel voor voelen. Indien GroenLinks en SP echter hun sociale gezicht willen redden is het wel noodzakelijk om ergens rek te vinden in de begroting. Het bezuinigingspakket van 25 miljoen, waarvan twee miljoen ten koste van armoedebeleid, is met veel pijn en moeite tot stand gekomen.
Het zal derhalve creativiteit en durf vragen om middelen vrij te maken voor sociaal beleid. Daarbij bestaat natuurlijk ook de mogelijkheid om steun te zoeken bij de oppositie, waarbij naast PvdA, CDA en ChristenUnie ook de lokale fracties blijk hebben gegeven van een sociale inborst. Het liberale blok van VVD en D66 is in de Arnhemse gemeenteraad in de minderheid.

De tweede helft
De tweede helft van de collegeperiode gaat over een paar maanden in. Dan zijn de verkiezingen van 2014 dichterbij dan de datum van het akkoord. De ervaring leert dat dit altijd zijn weerslag heeft op coalities. Partijen willen met een positief verhaal naar de kiezer.
Het wachten is nu op de reactie van de andere partijen.

Geschreven voor ArnhemDichtbij

Waar zit de ruimte in het Lenteakkoord? is a post from John Swelsen.

woensdag, 18 januari 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Hitlers ‘Mein Kampf’ Britse en Duitse uitgave

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, geschiedenis, oba, antisemitisme, britse uitgever, hitler, mein kampf, duitsland, god, en meer.

hitler mein kampf Hitlers Mein Kampf Britse en Duitse uitgave

De Nederlandse oorlogsnieuwswebsite nieuws-wo2.tk heeft gisteren grote stukken uit Mein Kampf gepubliceerd. Als ‘flankerende steunoperatie’ aan de Britse uitgever Peter McGee, die in de clinch ligt met de Duitse overheid. Het Beiers ministerie van Financiën gaat vervolging instellen.

Volgens HP/De Tijd is Mein Kampf  “het zwarte gat van de uitgeefwereld. Niet alleen is het duivels antisemitisch, maar ook niet leesbaar en is in sommige landen ook nog verboden”.


Ik wil hier iets bijdragen over inhoud, vorm en achtergrond van Hitlers “Mein Kampf”.

Het verbod op “Mein Kampf” is in hoge mate symbolisch, aangezien het boek overal te verkrijgen is, en ook op internet in .pdf -vorm wordt aangeboden. Dat het verbod symbolisch is, maakt het verbod in mijn ogen niet automatisch verkeerd.

Wat historisch belangrijk is, dat is het feit dat Hitler zijn politieke en maatschappelijke ideeën nauwkeurig heeft beschreven in “Mein Kampf”, maar in de dagelijkse politiek jarenlang veel minder radicaal is geweest, zodat bij veel mensen in het binnen- en buitenland de indruk ontstond, dat het allemaal wel mee zou vallen.

Uiteindelijk hebben de nazi’s alles in de praktijk gebracht wat in “Mein Kampf” stond.

“Mein Kampf”wordt ideologisch gedomineerd door rasbiologie, antisemitisme, sociaal-darwinisme en cultuurpessimisme.

 

* Hitler voert alle complexe maatschappelijke en politieke gebeurtenissen terug op universele, eendimensionale racistische natuurwetten.

,,[Die Menschen gehen] mit wenigen Ausnahmen wie blind an einem der hervorstechendsten Grundsätze [der Natur] vorbei: der inneren Abgeschlossenheit der Arten sämtli­cher Lebewesen dieser Erde. Schon die oberflächliche Betrachtung zeigt als nahezu ehernes Grundgesetz all der unzähligen Ausdruck­formen des Lebenswillens der Natur ihre in sich begrenzte Form der Fortpflanzung und Vermehrung. Jedes Tier paart sich nur mit einem Genossen der gleichen Art. Meise geht zu Meise, Fink zu Fink, … der Wolf zur Wölfin usw.” (1936, 311).
“Jede Kreuzung zweier nicht ganz gleich hoher Wesen gibt als Produkt ein Mittelding zwischen der Höhe der beiden Eltern. Das heißt also: das Junge wird wohl höher stehen als die rassisch niedrigere Hälfte des Elternpaares, allein nicht so hoch wie die höhere. Folglich wird es im Kampf gegen diese höhere später unterliegen. Solche Paarung widerspricht aber dem Willen der Natur zur Höherzüchtung des Lebens überhaupt. Die Voraussetzung hierzu liegt nicht im Verbinden von Höher- und Minderwertigem, sondern im restlosen Sieg des ersteren” (1936, 312).

* Volgens Hitler wordt een sterkere ras verzwakt door het mengen met een zwakkere.

“Daher entsteht auch der Kampf untereinander weniger infolge innerer Abneigung … als vielmehr aus Hunger und Liebe. In beiden Fällen sieht die Natur ruhig, ja be­friedigt zu. Der Kampf um das tägliche Brot läßt das Schwache und Kränkliche … unterliegen .. , Immer aber ist der Kampf ein Mittel zur Förderung der Art und mithin eine Ursache zur Höherentwick­lung derselben” (1936, 312f.).

* Hitler probeert de onmogelijkheid van de democratie af te leiden uit het principe van de overwinning van de sterke.

,,[Die Natur unterwirft] den schwächeren Teil so schwe­ren Lebensbedingungen, daß schon [dadurch] die Zahl beschränkt wird, den Überrest aber [läßt sie] … nicht wahllos zur Vermehrung zu, sondern [trifft] hier eine neue, rücksichtslose Auswahl nach Kraft und Gesundheit … ” (1936, 313).

* „Natuur” is voor Hitler religie, niet zakelijke natuurwetenschap.

,,[Die Natur unterwirft] den schwächeren Teil so schwe­ren Lebensbedingungen, daß schon [dadurch] die Zahl beschränkt wird, den Überrest aber [läßt sie] … nicht wahllos zur Vermehrung zu, sondern [trifft] hier eine neue, rücksichtslose Auswahl nach Kraft und Gesundheit … ” (1936, 313).

“Das Ergebnis jeder Rassenkreuzung ist also … immer folgendes: a) Niedersenkung des Niveaus der höheren Rasse, b) körperlicher und geistiger Rückgang und damit der Beginn eines, wenn auch langsam, so doch sicher fortschreitenden Siechtums. Eine solche Entwicklung herbeiführen heißt … nichts anderes. als Sünde treiben wider den Willen des ewigen Schöpfers. Als Sünde aber wird diese Tat auch gelohnt. Indem der Mensch versucht, sich gegen die eiserne Logik der Natur aufzubäumen, gerät er in Kampf mit den Grundsätzen, denen auch er selber sein Dasein als Mensch allein verdankt. So muß sein Handeln gegen die Natur zu seinem ei­genen Untergang führen” (1936, 314).

* De rassenwetten zijn in feite bij Hitler de natuurlijke god, wie tegen deze god ingaat, wordt bestraft.

Het biologistische racisme maakt de taken van de staat simpel en overzichtelijk. De staat moet alleen toezien dat het gedrag van de burgers past bij de vermeende natuurwetten.

“Syphilitikern, Tuberkulo­sen, erblich Belasteten, Krüppeln und Kretins” ist die “Zeugungsfä­higkeit zu entziehen” (1936,445).

Wel heeft de staat een belangrijke taak bij de opvoeding van de jeugd tot krijgers, dus een opvoeding niet alleen maar, maar vooral in lichamelijke ontwikkeling.

Hitler werkt met de Platoonse tegenoverstelling Geest versus Lichaam, maar keert deze om: het lichaam domineert de geest. Vandaar ook Hitlers boosaardig anti-intellectualisme.

Het nationaal-socialisme heeft, zoals al vaak is aangetoond, ook socialistische trekken. Deze zijn het gevolg van dat Hitler een rassenkamp onder gelijken wilde, hij wilde dat de voorwaarden voor iedereen gelijk zouden zijn, en dat zodoende dan de “rassen- besten” herkend konden worden.

* Zeer uitvoerig in Mein Kampf is de apocalyptische kritiek aan maatschappelijk verval, waaronder voor hem zo goed als alle verschijnselen van de Moderne vallen.

” … [Mit] Schrecken sehen wir die krankhaften Auswüchse irrsinniger und verkommener Menschen, die wir unter dem Sammelbegriff des Kubismus und Dadaismus seit der Jahrhundertwende kennenlernten … ” (1936, 283).

* Het ziektemetafoor is bij Hitler van doorslaggevende betekenis: de samenleving is doodziek, vanwege algemene maatschappelijke ontwikkelingen zoals Moderne, vrouwenemancipatie, maar ook vanwege vele individueel zwakke, intellectuele en zieke mensen.

* En in de jood manifesteert zich voor Hitler alles ziekmakende: ras, intellectualiteit, geld, moderniteit .

* De hele geschiedenis is voor Hitler een gevecht van Goed tegen Kwaad, en hij zet het goede gelijk met de Ariër, en het Kwaad gelijk met de Jood.
Hitler is dualistisch religieus- manicheïstisch is in zijn denken en woordkeus:
„Er [der Arier] ist der Prometheus der Menschheit, aus dessen lichter Stirn der göttliche Funke des Genies zu allen Zeiten hervorsprang, immer von neuem jenes Feuer entzün­dend, das als Erkenntnis die Nacht der schweigenden Geheimnisse aufhellte und den Menschen so zum Beherrscher der anderen Wesen dieser Erde emporsteigen ließ” (1936, 317).


Literatuur: Friedrich Pohlmann, Politische Herrschaftssysteme der Neuzeit
Claudia Koonz, The nazi conscience (2003)


Vandaag besloot het Duitse kabinet dat er een register komt over neonazi’s.

Zie ook hier Over neonazi’s in Duitsland en de recentelijke kritiek op de Verfassungsschutz

en over het misplaatste woord Döner-Morde voor de moorden op negen allochtone middenstanders door drie Duitse neonazi’s 

In het Duits (Spiegel) : Bundesweite Datensammlung für Rechtsextreme




Maria Trepp www.passagenproject.com

 

Update 10 maart 2012 : Britse uitgever mag niet delen Mein Kampf uitbrengen in Duitsland

 

Update 24 april 2012:

Duitse Historici willen ‘Mein Kampf’ demystificeren

Projectleider over wetenschappelijke uitgave Hitlers boek

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Hitlers ‘Mein Kampf’ Britse en Duitse uitgave

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, geschiedenis, oba, antisemitisme, britse uitgever, hitler, mein kampf, leiden, natuurwetenschap, en meer.

hitler mein kampf Hitlers Mein Kampf Britse en Duitse uitgave

De Nederlandse oorlogsnieuwswebsite nieuws-wo2.tk heeft gisteren grote stukken uit Mein Kampf gepubliceerd. Als ‘flankerende steunoperatie’ aan de Britse uitgever Peter McGee, die in de clinch ligt met de Duitse overheid. Het Beiers ministerie van Financiën gaat vervolging instellen.

Volgens HP/De Tijd is Mein Kampf  “het zwarte gat van de uitgeefwereld. Niet alleen is het duivels antisemitisch, maar ook niet leesbaar en is in sommige landen ook nog verboden”.


Ik wil hier iets bijdragen over inhoud, vorm en achtergrond van Hitlers “Mein Kampf”.

Het verbod op “Mein Kampf” is in hoge mate symbolisch, aangezien het boek overal te verkrijgen is, en ook op internet in .pdf -vorm wordt aangeboden. Dat het verbod symbolisch is, maakt het verbod in mijn ogen niet automatisch verkeerd.

Wat historisch belangrijk is, dat is het feit dat Hitler zijn politieke en maatschappelijke ideeën nauwkeurig heeft beschreven in “Mein Kampf”, maar in de dagelijkse politiek jarenlang veel minder radicaal is geweest, zodat bij veel mensen in het binnen- en buitenland de indruk ontstond, dat het allemaal wel mee zou vallen.

Uiteindelijk hebben de nazi’s alles in de praktijk gebracht wat in “Mein Kampf” stond.

“Mein Kampf”wordt ideologisch gedomineerd door rasbiologie, antisemitisme, sociaal-darwinisme en cultuurpessimisme.

 

* Hitler voert alle complexe maatschappelijke en politieke gebeurtenissen terug op universele, eendimensionale racistische natuurwetten.

,,[Die Menschen gehen] mit wenigen Ausnahmen wie blind an einem der hervorstechendsten Grundsätze [der Natur] vorbei: der inneren Abgeschlossenheit der Arten sämtli­cher Lebewesen dieser Erde. Schon die oberflächliche Betrachtung zeigt als nahezu ehernes Grundgesetz all der unzähligen Ausdruck­formen des Lebenswillens der Natur ihre in sich begrenzte Form der Fortpflanzung und Vermehrung. Jedes Tier paart sich nur mit einem Genossen der gleichen Art. Meise geht zu Meise, Fink zu Fink, … der Wolf zur Wölfin usw.” (1936, 311).
“Jede Kreuzung zweier nicht ganz gleich hoher Wesen gibt als Produkt ein Mittelding zwischen der Höhe der beiden Eltern. Das heißt also: das Junge wird wohl höher stehen als die rassisch niedrigere Hälfte des Elternpaares, allein nicht so hoch wie die höhere. Folglich wird es im Kampf gegen diese höhere später unterliegen. Solche Paarung widerspricht aber dem Willen der Natur zur Höherzüchtung des Lebens überhaupt. Die Voraussetzung hierzu liegt nicht im Verbinden von Höher- und Minderwertigem, sondern im restlosen Sieg des ersteren” (1936, 312).

* Volgens Hitler wordt een sterkere ras verzwakt door het mengen met een zwakkere.

“Daher entsteht auch der Kampf untereinander weniger infolge innerer Abneigung … als vielmehr aus Hunger und Liebe. In beiden Fällen sieht die Natur ruhig, ja be­friedigt zu. Der Kampf um das tägliche Brot läßt das Schwache und Kränkliche … unterliegen .. , Immer aber ist der Kampf ein Mittel zur Förderung der Art und mithin eine Ursache zur Höherentwick­lung derselben” (1936, 312f.).

* Hitler probeert de onmogelijkheid van de democratie af te leiden uit het principe van de overwinning van de sterke.

,,[Die Natur unterwirft] den schwächeren Teil so schwe­ren Lebensbedingungen, daß schon [dadurch] die Zahl beschränkt wird, den Überrest aber [läßt sie] … nicht wahllos zur Vermehrung zu, sondern [trifft] hier eine neue, rücksichtslose Auswahl nach Kraft und Gesundheit … ” (1936, 313).

* „Natuur” is voor Hitler religie, niet zakelijke natuurwetenschap.

,,[Die Natur unterwirft] den schwächeren Teil so schwe­ren Lebensbedingungen, daß schon [dadurch] die Zahl beschränkt wird, den Überrest aber [läßt sie] … nicht wahllos zur Vermehrung zu, sondern [trifft] hier eine neue, rücksichtslose Auswahl nach Kraft und Gesundheit … ” (1936, 313).

“Das Ergebnis jeder Rassenkreuzung ist also … immer folgendes: a) Niedersenkung des Niveaus der höheren Rasse, b) körperlicher und geistiger Rückgang und damit der Beginn eines, wenn auch langsam, so doch sicher fortschreitenden Siechtums. Eine solche Entwicklung herbeiführen heißt … nichts anderes. als Sünde treiben wider den Willen des ewigen Schöpfers. Als Sünde aber wird diese Tat auch gelohnt. Indem der Mensch versucht, sich gegen die eiserne Logik der Natur aufzubäumen, gerät er in Kampf mit den Grundsätzen, denen auch er selber sein Dasein als Mensch allein verdankt. So muß sein Handeln gegen die Natur zu seinem ei­genen Untergang führen” (1936, 314).

* De rassenwetten zijn in feite bij Hitler de natuurlijke god, wie tegen deze god ingaat, wordt bestraft.

Het biologistische racisme maakt de taken van de staat simpel en overzichtelijk. De staat moet alleen toezien dat het gedrag van de burgers past bij de vermeende natuurwetten.

“Syphilitikern, Tuberkulo­sen, erblich Belasteten, Krüppeln und Kretins” ist die “Zeugungsfä­higkeit zu entziehen” (1936,445).

Wel heeft de staat een belangrijke taak bij de opvoeding van de jeugd tot krijgers, dus een opvoeding niet alleen maar, maar vooral in lichamelijke ontwikkeling.

Hitler werkt met de Platoonse tegenoverstelling Geest versus Lichaam, maar keert deze om: het lichaam domineert de geest. Vandaar ook Hitlers boosaardig anti-intellectualisme.

Het nationaal-socialisme heeft, zoals al vaak is aangetoond, ook socialistische trekken. Deze zijn het gevolg van dat Hitler een rassenkamp onder gelijken wilde, hij wilde dat de voorwaarden voor iedereen gelijk zouden zijn, en dat zodoende dan de “rassen- besten” herkend konden worden.

* Zeer uitvoerig in Mein Kampf is de apocalyptische kritiek aan maatschappelijk verval, waaronder voor hem zo goed als alle verschijnselen van de Moderne vallen.

” … [Mit] Schrecken sehen wir die krankhaften Auswüchse irrsinniger und verkommener Menschen, die wir unter dem Sammelbegriff des Kubismus und Dadaismus seit der Jahrhundertwende kennenlernten … ” (1936, 283).

* Het ziektemetafoor is bij Hitler van doorslaggevende betekenis: de samenleving is doodziek, vanwege algemene maatschappelijke ontwikkelingen zoals Moderne, vrouwenemancipatie, maar ook vanwege vele individueel zwakke, intellectuele en zieke mensen.

* En in de jood manifesteert zich voor Hitler alles ziekmakende: ras, intellectualiteit, geld, moderniteit .

* De hele geschiedenis is voor Hitler een gevecht van Goed tegen Kwaad, en hij zet het goede gelijk met de Ariër, en het Kwaad gelijk met de Jood.
Hitler is dualistisch religieus- manicheïstisch is in zijn denken en woordkeus:
„Er [der Arier] ist der Prometheus der Menschheit, aus dessen lichter Stirn der göttliche Funke des Genies zu allen Zeiten hervorsprang, immer von neuem jenes Feuer entzün­dend, das als Erkenntnis die Nacht der schweigenden Geheimnisse aufhellte und den Menschen so zum Beherrscher der anderen Wesen dieser Erde emporsteigen ließ” (1936, 317).


Literatuur: Friedrich Pohlmann, Politische Herrschaftssysteme der Neuzeit
Claudia Koonz, The nazi conscience (2003)


Vandaag besloot het Duitse kabinet dat er een register komt over neonazi’s.

Zie ook hier Over neonazi’s in Duitsland en de recentelijke kritiek op de Verfassungsschutz

en over het misplaatste woord Döner-Morde voor de moorden op negen allochtone middenstanders door drie Duitse neonazi’s 

In het Duits (Spiegel) : Bundesweite Datensammlung für Rechtsextreme




Maria Trepp www.passagenproject.com

 

Update 10 maart 2012 : Britse uitgever mag niet delen Mein Kampf uitbrengen in Duitsland

 

Update 24 april 2012:

Duitse Historici willen ‘Mein Kampf’ demystificeren

Projectleider over wetenschappelijke uitgave Hitlers boek

zondag, 15 januari 2012

Alice Karen

Alice Karen

Afkoelen

In schrijfsels, 2012, eten, werk, blog, leiden, wandelen, amsterdam, onderzoek, en meer.

Heb je wel eens het gevoel gehad dat de grond je te heet onder de voeten werd? Ik wel.

December was hectisch. Ik werkte tachtig uur per week aan mijn project en dan ook nog in de winkel voor de financiën. Ik zorgde dat alles in orde was voor mijn vertrek naar Oslo. Ik had geen tijd meer voor ontspanning, haalde toch zeker een nacht per week door vanwege de hoeveelheid werk. De deadlines. Die stonden vast. En ik haalde mijn deadlines. Drie presentaties, een in Londen, een in Amsterdam, een in Leiden. Een eindversie van de scriptie over het onderzoek waaraan ik tien maanden heb gewerkt. Geen tijd voor veel dingen die mijn leeftijdgenoten doen. Geen tijd om een boek te lezen. Zelfs geen tijd om mijn blog bij te werken.

Ik voelde hoe de Nederlandse bodem mijn voeten schroeide. Ik probeerde de brand te blussen zonder brandslang in de buurt. Ik probeerde de vloer de dweilen met de kraan open. Daar bovenop kwamen nog enkele valse beschuldigingen. Sommige mensen zijn mijn slachtoffer, schijnbaar. Ik schijn de boel te belazeren. Ik trok het niet meer. Het vuur wakkerde aan. Ik moest afkoelen.

Naar het Noorden. Sneeuw en ijs. Mijn eigen therapie. Een afstudeerproject. Bossen vlak bij mijn woning. Afstand nemen. Herstel van wonden. Rustdagen nemen. Weinig om continu afgeleid te raken. Ontstressen. Onderzoeken, lezen, schrijven of wandelen. Onbetaalbaar eten om allemaal zelf te betalen. Het negatieve geschiedenis laten worden. Negatief-geassocieerden loslaten. Sterker worden. Uitsluitend contact onderhouden met mensen die onvoorwaardelijk om mij geven. Toekomstplannen maken. Focus.

Ik heb het voor elkaar. Het is mij gelukt naar Noorwegen te gaan. Dat heb ik zelf geregeld. Zonder me tegen te laten houden door onzinnig gedoe. Daar ben ik trots op.

IJzige Noorse bodem, breng mij rust, stilte, vrede, voorspoed.

Oslo 5 januari t/m 31 juli 2012.


Gearchiveerd onder:Schrijfsels

vrijdag, 23 december 2011

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Collectieve inkoop zonnepanelen Natuur & Milieu

In duurzaamheid, asn-bank, collectief inkopen, duurzaam bouwen, duurzaam wonen, duurzame energie, energie, stichting natuur & milieu, zon zoekt dak, en meer.

Na een lange radiostilte is Zon Zoekt Dak, de collectieve inkoopactie voor zonnepanelen van stichting Natuur & Milieu, weer tot leven aan het komen. Het doel van Natuur & Milieu met het project Zon zoekt dak is een doorbraak voor particuliere zonne-energie in Nederland bewerkstelligen.Wat dat betreft lijkt het project erg op WijWillenZon van Urgenda en 123 Zonne-energie van Vereniging Eigen Huis. Nudge en Zon-IQ kiezen met Zonnekracht en buurtburgemeesters een andere aanpak, waarbij ze inzet op collectieve inkoop per wijk.

BTW verlaging voor zonnepanelen

Als eerste stap heeft Natuur & Milieu op 25 oktober bijna 18.000 handtekeningen voor verlaging van BTW voor zonnepanelen aangeboden aan de leden van de Commissie Financiën van de Tweede Kamer. De btw-verlaging van 19 naar 6% is volgens de ondertekenaars nodig omdat er momenteel geen andere stimuleringsmaatregelen zijn voor zonne-energie op daken van particulieren. Hoewel de Tweede Kamer Commissie erkende dat het noodzakelijk was om woningeigenaren te ondersteunen met het installeren van zonne-energie, vonden de leden het nu niet opportuun om hiervoor bij de minister te pleiten. Natuur & Milieu en haar partners blijven zich inzetten om een verlaging van de kosten van zonne-energie te realiseren.

De inkoopactie

Het vervolg begint nu ook vorm te krijgen. Begin volgend jaar lanceren Natuur & Milieu en de ASN Bank een collectieve inkoopactie om de aanschaf en installatie van zonnepanelen voor particulieren gemakkelijker te maken. Momenteel is Natuur & Milieu op zoek naar de beste leverancier van zonnepanelen die woningeigenaren het beste aanbod van Nederland gaat aanbieden. Het voordeel van deze collectieve inkoop is dat Natuur & Milieu alles regelt: een scherpe prijs, goede kwaliteit en de installatie van de panelen. Net als bij 123 zonne-energie van Vereniging Eigen Huis en in tegestelling tot WijWillenZon waar je zelf voor de installatie moest zorgen.

De ASN Bank wil het klimaatprobleem helpen oplossen en duurzame energie bevorderen. Daarom steunt ze Natuur & Milieu. Financieel, via haar communicatie, en door onderzoek. De ASN Bank heeft mogelijke leveranciers van de zonnepanelen en randapparatuur voor Zon zoekt Dak beoordeeld. Bijvoorbeeld op hoe zij en hun toeleveranciers omgaan met mensenrechten en milieu. Volledige zekerheid is lastig te geven. Maar de ASN Bank heeft het uiterste gedaan om zich ervan te vergewissen dat de zonnepanelen worden gemaakt met respect voor mens, natuur en klimaat.

Het aanbod van Zon zoekt dak is beperkt geldig. In januari maakt Natuur & Milieu bekend wie de winnende aanbieder is. Als je op de hoogte wilt blijven van de ontwikkelingen rond Zon zoekt dak kun je aanmelden op de website van Zon zoekt dak.

vrijdag, 9 december 2011

Hans Kuipers

Hans Kuipers

Hyves Twitter GR

Brief aan Bleker

In groenlinks-drenthe, natuur, bleker, natuur, natuurakkoord, omgevingsbeleid, akkoord, economie, financiën, en meer.

Open brief

De Staatssecretaris van het Ministerie
van Economie, Landbouw en Innovatie
de heer dr. H. Bleker
Postbus 20101
2500 EC Den Haag

Assen, 7 december 2011

Geachte heer Bleker,

Met betrekking tot het deelakkoord Natuur brengen wij graag het volgende onder uw aandacht.

Provinciale Staten van de 12 provincies dienen uiterlijk op 24 december 2011 te besluiten of zij het deelakkoord al dan niet aanvaarden. Wij hebben kennis genomen van de tekst van het deelakkoord en constateren dat een belangrijk deel van de afspraken in algemene, vage en multi – interpretabele  bewoordingen is geformuleerd. Uit de tekst van het deelakkoord is, zelfs na langdurige exercities ‘close reading’, niet zonder meer op te maken waartoe provincies zich verplichten, welke risico’s zij nemen en wat de betekenis van het akkoord is voor de provinciale financiën en natuuropgaven.

Het IPO heeft weliswaar een zogeheten memorie van toelichting geproduceerd, maar aan de tekst van deze memorie van toelichting wenst u zich niet te committeren. Naar wij hebben begrepen is deze memorie van toelichting aan u aangeboden, maar heeft u geen uitspraak willen doen over de juistheid van de interpretatie van de afspraken. De memorie van toelichting geeft daardoor geen (finaal) uitsluitsel over de betekenis van de teksten van het deelakkoord. De algemene, vage en voor meerder uitleg vatbare formuleringen in het deelakkoord hinderen ons in het uitvoeren van de besluitvormende rol die Provinciale Staten hebben te vervullen in het beoordelen van de inhoud en aanvaardbaarheid van het deelakkoord. Wij hebben als volksvertegenwoordigers ons te verantwoorden en moeten minst genomen begrijpen en kunnen uitleggen waar wij wel c.q. niet mee instemmen.

Uw weigering medewerking te verlenen aan het tot stand brengen van een memorie van toelichting die zowel van rijkszijde als van IPO-zijde kan worden onderschreven hindert ons in onze afweging.

Het is voor ons niet aanvaardbaar om goedkeuring te verlenen aan een overeenkomst waarvan de exacte betekenis van de formuleringen, de artikelen, de bedoelingen van partijen, de verplichtingen en de risicoverdeling niet helder is. Het IPO heeft de moeite genomen om licht in de duisternis te brengen. Wij verzoeken u die inspanning op waarde te schatten en uitsluitsel te geven over de vraag of de door het IPO opgestelde memorie van toelichting wel of geen juiste weergave is van de rechten en plichten van de provincies en het rijk en de risicoverdeling tussen rijk en provincies. Wij verzoeken u stellig en ondubbelzinnig te verklaren dat de memorie van toelichting van het IPO een juiste weergave is van de inhoud, aard, betekenis en de interpretatie van de afspraken die zijn gemaakt in het deelakkoord natuur. Indien u van oordeel bent dat de memorie van toelichting geen juiste weergave vormt van de inhoud, aard, betekenis en de interpretatie van de afspraken vormt, dan vernemen wij graag gemotiveerd en gedetailleerd op welke onderdelen de memorie van toelichting een onjuiste weergave en duiding van de afspraken is , alsmede hoe deze onderdelen naar uw oordeel wel dienen te worden begrepen en te worden verstaan.

Zoals gesteld kunnen wij op basis van een deelakkoord zonder nadere verduidelijking in de vorm van een door rijk en IPO onderschreven en geaccepteerde memorie van toelichting,  geen weloverwogen besluit nemen over de mate van (on)aanvaardbaarheid van het deelakkoord natuur.  Voorts verzoeken wij u ruim vóór 24 december 2011 adequaat op deze brief te reageren, opdat wij in staat zijn een weloverwogen oordeel over het deelakkoord Natuur te geven. Indien u onverhoopt niet op deze brief reageert, dan wel de onduidelijkheid over de juistheid van de memorie van toelichting van het IPO laat voortbestaan, zal dat voor ons aanleiding  vormen om  geen besluit te nemen over het deelakkoord natuur. Wij hopen dat het zover niet zal komen en zien uw reactie met belangstelling vóór 24 december aanstaande tegemoet.

Hoogachtend,

Philip Oosterlaak, fractievoorzitter SP
Marianne van der Tol , fractievoorzitter D’66
Gabriëlle van Dinteren, fractievoorzitter GroenLinks
Provinciale Staten van Drenthe

dinsdag, 22 november 2011

Alice Karen

Alice Karen

Karen

In schrijfsels, toekomst, vrijheid, water, onderzoek, nederland, boeken, buitenland, de, en meer.

Vandaag werd ik toevallig twee keer aangeschreven als Karen. Dit was opvallend. Karen is mijn tweede naam.

Karen gaat voor zeven maanden naar Oslo in januari, en daar in vrijheid werken aan een onderzoeksproject, onder eigen beheer van haar financiën, en onder eigen beheer van vrije tijd aldaar. Karen leeft en wordt niet geleefd. Ze heeft de borg over de kamer die ze aangeboden heeft gekregen al betaald, geheel zelf, nadat ze zelfstandig heeft gesolliciteerd naar woonruimte. Over niet al te lange tijd zal ze het enkeltje boeken.

Karen is trots en verliest haar trots niet. Ze is er trots op dat ze het gebeuren in Oslo doorzet. Het is fijn om iets op haar C.V. te kunnen zetten over dat ze een wetenschappelijk onderzoek in het buitenland heeft uitgevoerd in haar studietijd. Het zal een leuke en interessante ervaring worden die ze niet laat bederven door tegenslag.

Karen heeft al het sombere en al haar tegenslag bij Alice in Nederland achtergelaten en begraven wanneer ze naar Oslo vertrekt. Ze wil niet overladen worden met verdriet, een ballast die haar bootje tot zinken zou kunnen brengen. Ze heeft al het water weggepompt in de oceaan, een koude, noordelijke oceaan waarvan ze de organismen zal gaan bestuderen. Karen is vaak vrolijk en haar gemoedstoestand is in rust.

Karen struikelt wel eens, maar staat altijd, altijd weer op. Daar is ze trots op. Door naar Oslo te gaan bevestigt ze dat ze hiertoe in staat is en zelfstandig haar toekomst kan bepalen, een toekomst die het dichtst bij haar echte wil ligt. Ze wil haar wetenschappelijke achtergrond verrijken, maar ziet het vertrek ook als een retraite, om afstand te nemen en orde op zaken te stellen.

Sterker dan ooit zal Karen vanuit Noorwegen naar Nederland terugkeren en zich verenigen met Alice. Ze zal haar warm omhelzen en verzekeren van een goede, glansrijke en liefdevolle toekomst.

Karen laat zich niet stoppen en niet breken. Ze kiest voor zichzelf. Karen houdt van de mensen die haar dit gunnen en geeft om hen. Gedurende haar verblijf in Oslo zal zij met die mensen in contact blijven, omdat zij ze gaat missen. Van de anderen zal ze afstand nemen.

Maar Karen blijft Alice, en Alice blijft Karen. Alice Karen.


Gearchiveerd onder:Schrijfsels

maandag, 14 november 2011

Robert Giesberts

Robert Giesberts

China: nieuwe uitdaging

In wijken, china, euro, schuldencrisis, sensitiviteit, informatie, kennis, invloed, ministerie van, en meer.

China en EU moeten elkaar vinden om de schuldencrisis te overkomen. Dat is de drijfveer vanuit de Europese perceptie. De Chinese drijfveer is niet duidelijk. Hierover wordt her en der wat geprojecteerd, van handelsbelangen tot mondiale status, maar de Chinese leiders houden de kaarten voor de borst. Is dat ook de wijze waarop het spel gaat?

Er is veel onbekendheid en onwennigheid tussen de beide grootmachten. Op handelsgebied mag er al veel kennis zijn vergaard over zakendoen, op politiek gebied is die kennis er nauwelijks. Wellicht kan de start van de kennisontwikkeling gedateerd worden op begin zeventiger jaren, toen Nixon en Kissinger naar China vlogen om er Mao te ontmoeten. Sindsdien is de politieke cultuur in China vermoedelijk veranderd, maar veel pijlers zullen nog gewoon staan. Weet Sarkozy daar voldoende van af, als hij dineert met president Wu om te praten over Chinees geld voor armlastig Europa? Gezien de resultaten tot dusver lijkt het erop van niet. Ook de ECB is inmiddels frequent bezoeker van het Chinese ministerie van Financiën. Zonder resultaat, tot dusver. Voor zover wij als publiek geïnformeerd worden. Die informatie is op zichzelf al weer geld waard gezien de grilligheid van de financiële markten. Elk verkeerd woord of positief gegeven heeft grote invloed.

Een spoedcursus Chinese politiek voor de EU- en ECB-leiders, inclusief de cultureel bepaalde omgangsvormen, lijkt me daarom van groot belang. Dat moet tussen alle ‘red de euro’-activiteiten door kunnen. De eurocrisis dwingt de EU-landen zo niet alleen tot meer politieke unievorming, maar ook tot een drastische heroriëntatie op de wereldpolitiek. Waarin inlevend en fijngevoelig omgaan met de Chinese politiek een essentiële vereiste is. En Europa haar vaak eenzijdige benadering (wat kun je voor ons betekenen) opzij moet zetten.

Ik ben benieuwd of de EU-leiders deze draai gaan maken en of ze een nieuwe benadering van China tot bloei weten te brengen. Dan zou na het beroemde historische keerpunt van Nixon, er veertig jaar later een EU-equivalent naast worden gezet. Wie gaat het doen? Sarkozy, Merkel of toch Van Rompuy? Wie is het meest chinees?

zaterdag, 12 november 2011

Ulbe Spaans

Ulbe Spaans

Twitter

Hautain en vanuit een ivoren toren.

In politiek, uncategorized, draagvlak, oppositie, politiek, westland, begroting, verkiezingen, cda, en meer.

Toen vrijdagochtend rond 1.30u, na bijna 12 uur vergaderen, de begroting door Westland Verstandig, CDA en GBW werden vastgesteld was dit de formele afsluiting van een kille rekenexercitie.
De cijfertjes klopten.
Bovengenoemde collegepartijen schaarden zich; zoals gebruikelijk, achter hun college.

Wie had anders verwacht?

Natuurlijk was er aan de kant van de collegepartijen enig gepruttel in de vorm van enkele ingediende moties. Deze moties werden eerst “kritisch” door het college tegen het licht gehouden maar; na een schorsing waarin uiterst “duaal”de plooien worden gladgestreken, blijken het ineens “zeer sympathieke” moties te zijn.
Wethouder Bogaard ( Westland Verstandig) maakt het in dat opzicht doorzichtig bont door in zijn eerste termijn nog te eisen dat Zwembad de Waterman voor een “marktconforme” huurprijs privé mocht gaan, maar na een schorsing werd dit toch het symbolische bedrag van één euro zoals het CDA in haar motie eiste.

Zoals verwacht was er dus weinig bezwaar tegen deze ingediende coalitiemoties.
Dat is al jaren zo want op deze wijze verschaffen de collegepartijen zich het nodige advertentievoer. In de lokale media kunnen zij dan in zelfbetaalde advertenties de Westlandse samenleving laten lezen “wat ze allemaal bereikt hebben” en wekken ze de onterechte indruk zich kritisch op te stellen tegenover het college. 

Hoe anders gaat het met de moties van de oppositie.
Ook deze worden steevast kritisch tegen het licht gehouden en dan vooruitgeschoven of  afgeraden.
Op de inhoud en de  afwegingen wordt nauwelijks serieus, maar altijd wel “even snel voor de bühne”, ingegaan.
Het is immers van de oppositie en dus op voorhand onmogelijk.
Soms; in een royale bui, worden er wat kruimeltjes weggestrooid ,“als een groots gebaar van welwillendheid”.
Ook dit keer was dit het geval.

De kracht van een college kan men afmeten aan de wijze waarop men met de oppositie omgaat.
De oppositie was eensgezind.
Het overgrote deel van hun moties (21) werden gezamenlijk ingediend.
Een groot deel van de Westlandse samenleving wordt dus door deze partijen gerepresenteerd.
Door hautain ieder oppositievoorstel te negeren negeert dit college ook een deel van de Westlandse samenleving.
Mohammed el Mokaddem als woordvoerder voor Progressief Westland gaf dit in zijn algemene beschouwing treffend aan:
“Dit College geeft de Raad geen enkele ruimte en dat is al enkele jaren het geval, dit is een zeer zorgwekkende situatie.”

Dit college staat met de rug naar de Westlandse samenleving.
Verenigingen en andere instellingen mogen pas meepraten en meedenken over bv. het intrekken van hun jarenlang ontvangen subsidies al het besluit al genomen is.
Meepraten waarover?
Over de kruimeltjes die Wethouder Bogaard vanuit zijn frictiepotje als een vervroegde Sinterklaas mag rondstrooien?Aan wie trouwens? Volgens welke criteria?

Of  Wethouder Weverling (GBW) die trots komt melden dat de infantiele “Groene onzin Mannetjes “ tot het verleden behoren. Glimmend geeft hij aan dat het een succes was.
Het bekt lekker maar is puur voor de bühne en de media.
Hij weet heel goed dat iedereen deze onzincampagne belachelijk vond en poetst het nog even op zodat het beëindigen ervan een reden krijgt.
Waar het natuurlijk wel om gaat is dat Wethouder Weverling 100.000 euro aan “internationalisering” en 4000.000 euro voor “gebiedsmarketing” per jaar gaat uitgeven.Nimmer is aangetoond dat dit tot enig resultaat leidt gaf Jan Prins een jaar geleden al aan. Het wachten is dus op nieuwe stickers,andere campagnes, andere gekleurde mannetjes.
Ik hoop dat deze Wethouder zich bij iedere China-reis realiseert dat zijn vliegtuigstoel betaald wordt van het geld waarmee we bv. verenigingen en vakleerkrachten hadden kunnen steunen.
Is het profijtbeginsel, waar dit college de mond vol van heeft, dan niet op dit soort posten van toepassing?

Door het college werd donderdag aangegeven dat er maar liefst 15.000 reacties waren op de ‘Inspired byWestland” verkiezing. Maar kort daarvoor had Wethouder de Goeij (CDA) zo’n 12.000 handtekeningen van bezorgde ouders mogen ontvangen.Ouders die hun verontwaardiging kenbaar maakten over de voorgenomen maatregelen ten aanzien van het vakonderwijs gymnastiek.
Met het vaststellen van deze begroting wierp ze deze stapel in de vuilnisbak.
Voor welk getal wil je enthousiast zijn?

De collegebegroting is dus door de collegepartijen vastgesteld.
Alleen Westland Verstandig ,GBW en het CDA steunden deze begroting.

Alle oppositiepartijen stemden tegen.
Progressief Westland stemde tegen vanwege de totaal onwenselijke maatschappelijke effecten die deze begroting veroorzaakt.
Samen met CU/SGP,VVD,LPF en LEO 2.0 dienden we een tegenbegroting in.
(D66 was helaas vanwege trieste privéomstandigheden afwezig)

Dit deden we pas toen na urenlang vergaderen bleek dat dit college keer op keer hautain en vanuit een ivoren coalitietoren alle oppositievoorstellen regentesk van tafel veegde.
Uiteraard was het van te voren al duidelijk dat dit voorstel het niet zou gaan halen.
Maar het signaal is duidelijk. Het kan anders.

Het college heeft de cijfertjes op orde.
Hun begroting is er door. Hun doel is bereikt.
De wethouder financiën kan tevreden zijn.
Boekhoudkundig klopt het allemaal.

Maar er is ook een keerzijde.
De verhouding met de oppositie is totaal verstoord.
Het cement van de samenleving  te diep uitgekrabt.

Ik wens dit college veel maatschappelijk draagvlak tot de verkiezingen van 2014.

Ulbe

                                                                                


donderdag, 10 november 2011

René van Engelen

René van Engelen

Youtube

Drijfzand begroting

In begroting groenlinks papendrecht drijfzand, begroting, bezuinigingen, de, delen, financiën, idee, oppositie, helaas, en meer.
Tja. Dat is toch wel uniek. Als complete oppositie in Papendrecht tegen de begroting stemmen. Het is een zwaar middel. De kritiek die we als drie oppositiepartijen (PvdA, SGP en GroenLinks) delen op deze begroting is tweeledig:
* Er wordt niet vanuit een visie bezuinigd. Waar wil je naar toe met Papendrecht? Wat wil je als gemeente?
* Aardig wat bezuinigingen zijn boterzacht, 'drijfzand bezuinigingen'. Het zijn geen getallen die je hard kunt maken.
We hebben al in 2010 en begin 2011 deze fundamentele kritiek laten horen. Er is helaas niet geluisterd. Ik heb het idee dat de wethouder van financiën (VVD'er Richard Korteland) ons nu wel begrijpt. Dat geeft zeker hoop voor volgend jaar. We moeten het toch samen rooien.

dinsdag, 4 oktober 2011

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Aanpassing plannen en financiën geeft Waalsprong stevig fundament

In waalsprong, belangrijk, bouw, burgemeester, college, crisis, financiën, gemeente, gemeenteraad, en meer.

waalsprongDe bouw van het nieuwe Nijmeegse stadsdeel Waalsprong ontkomt niet aan de gevolgen van de internationale economische situatie en de stagnatie op de Nederlandse woningmarkt. Om de financiën op orde te houden en om voor 30.000 bewoners een aantrekkelijk woongebied te kunnen realiseren, grijpen de aandeelhouders van de grondexploitatiemaatschappij (GEM) Waalsprong nu in. De belangrijkste ingrepen zijn een aanpassing van het plan voor de Citadel, verlaging van grondprijzen en een herverdeling van de financiële risico’s tussen de aandeelhouders. Het college van B&W wil als grootste aandeelhouder in de GEM instemmen met de maatregelen. De gemeenteraad kan daarover deze maand nog wensen en bedenkingen uitspreken.

De voortdurende internationale crisis op de financiële markten heeft in Nederland al enige jaren een stagnatie op de woningmarkt tot gevolg. Dat is ook merkbaar bij de ontwikkeling van het nieuwe stadsdeel Waalsprong in Nijmegen. Om de financiële gevolgen hiervan in beeld te brengen heeft de gemeente aan een extern bureau een ’second opinion’ gevraagd, zowel over de grondexploitatie en de risicoverdeling binnen de GEM Waalsprong als over de grondexploitatie die de gemeente zelf voert. De gemeente is met 50% de grootste aandeelhouder in de GEM en werkt daarin samen met marktpartijen en woningcorporaties.

In de second opinion is vastgesteld dat de financiële opzet voor de Waalsprong solide en transparant is. Wel worden de grondprijzen als stevig aangeduid. De prognoses over het tempo van de afzet van woningen zijn volgens het bureau optimistisch. De leidende conclusie is dat het in de huidige marktomstandigheden noodzakelijk is om een deel van de plannen en afspraken tussen de aandeelhouders aan te passen.

Het college van B&W is recent met de andere aandeelhouders in de GEM een pakket aan maatregelen overeen gekomen. Een nieuwe planuitwerking van de Citadel als centrum van de Waalsprong is daarvan de belangrijkste. Vanwege de veranderde vraag op de woningmarkt komen er minder appartementen en meer woningen met een tuin. Ook zal het parkeren voor een groter deel op straat en minder in parkeergarages plaatsvinden. De beschikbare ruimte voor winkels blijft gelijk. Omdat de bouw van de Citadel in fases wordt opgeknipt, is er nu kans om de winkels sneller te realiseren. Deze aanpassingen leveren ongeveer 20 miljoen op. Voor B&W is het tegelijkertijd van belang om de samenhang tussen de plannen voor de Citadel, de Hoge Bongerd en Veur-Lent te optimaliseren. Deze bouwplannen vormen straks het stedelijke profiel van de noordelijke Waaloever. Het college wil over deze grote gebiedsontwikkeling de komende tijd ook het gesprek aangaan met de stad.

Andere maatregelen die voor de Waalsprong zijn voorgesteld, zijn onder andere een lager afzettempo van woningen voor de komende 5 jaar (tot 400 kavels per jaar), een lagere grondprijs voor winkels in de Citadel, een korting op de grondprijs voor woningkavels en een herverdeling van de financieringsrisico’s tussen de aandeelhouders.

Met deze maatregelen verwachten B&W om samen met de partners in de GEM weer een stevig fundament te hebben voor de verdere ontwikkeling van de Waalsprong.
Ondertussen is de bouw van woningen in de nieuwe wijk Laauwik dit jaar goed op gang gekomen. In 2011 zijn er 550 bouwrijpe kavels overgedragen en voor 2012 is de verwachting dat er in de Waalsprong tussen de vier- en vijfhonderd woningen afgezet worden. In de komende 15 jaar worden nog zo’n 8000 woningen gebouwd.

Nijmegen verkeert in de bijzondere situatie dat de bevolking de komende decennia blijft groeien. Er blijft een grote behoefte aan woningen, die voor een belangrijk deel in de Waalsprong kan worden opgevangen. Als onderdeel van het realiseren van een nieuw stadsdeel op de Nijmeegse noordoever, ligt de bouw van nieuwe infrastructuur op schema. Zo wordt er hard gewerkt aan de nieuwe stadsbrug De Oversteek, de realisatie van het definitieve NS-station in Lent en de ombouw van de toegangswegen. Ook is gestart met de realisatie van de drie grote natuur- en recreatieplassen in de Landschapszone. Naar aanleiding van de second opinion op de gemeentelijke grondexploitatie worden de grondprijzen voor de geplande woningkavels in dit plassengebied verlaagd. Dit om de bouwproductie te stimuleren. Ook is vanwege de economische situatie besloten de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen in de Waalsprong over een langere tijd te spreiden. De voorbereidingen voor het graven van een nevengeul van de Waal en de aanleg van een stadseiland zijn in volle gang als onderdeel van het rijksproject ‘Ruimte voor de Rivier’.

Zodra de raad zich, uiterlijk 3 november, over de maatregelen heeft uitgesproken, nemen burgemeester en wethouders een besluit. Daarna vindt besluitvorming over de aangepaste grondexploitatie plaats in de Algemene Aandeelhoudersvergadering van de GEM.

zondag, 25 september 2011

Renate Richters

Renate Richters

Twitter GR

Aanbieding begroting

In divers, bedrijfsleven, begroting, belangrijk, bezuiniging, bezuinigingen, burgers, college, economie, en meer.

Op 23 september, de traditionele vierde vrijdag van de maand, werd in Eindhoven de begroting weer aan de gemeenteraad aangeboden. In deze begroting moeten de voorgestelde bezuinigingsmaatregelen geeffectueerd worden, ofwel, in deze begroting moeten we kunnen zien hoe alle discussies die we in het voorjaar hebben gevoerd in de begroting terecht zijn gekomen en of ze haalbaar blijken te zijn.

Lees hieronder het persbericht van de gemeente.

 

In onzekere tijden houdt het college vast aan de ingezette weg

Het college van B&W heeft vrijdag 23 september de programmabegroting 2012-2015 aan de raad aangeboden. Wethouder van Financiën Staf Depla: “We staan voor een grote uitdaging. Het vergt een grote inspanning om met minder geld te kunnen blijven investeren in een economisch en sociaal sterke stad. Dit terwijl de behoefte aan zorg toeneemt en het takenpakket van de gemeentelijke overheid groeit. Dat vraagt om creativiteit van iedereen, zowel overheid, bedrijfsleven als burgers. Maar deze stad heeft al eerder bewezen veerkracht te hebben. “

Vorig jaar is er een ombuigingenpakket van 56 miljoen euro aangekondigd. In 2011 is al een eerste structurele bezuiniging van 19 miljoen voorzien. In 2012 komt daar een bedrag van 13 miljoen bij. De daarop volgende jaren bezuinigt de gemeente respectievelijk 9, 8 en 7 miljoen euro.

Resteert nog een bezuinigingsopdracht van 10 tot 15 miljoen euro als gevolg van minder uitkering uit het Participatiefonds.

Gezien de grote onzekerheden en risico’s kiest Eindhoven voor een behoedzaam begrotingsbeleid. waar ook in 2012 intensiveringen en bezuinigingen samen gaan.

Keuzes

De internationale situatie en de rijksbezuinigingen hebben direct gevolgen voor veel bedrijven in de regio en inwoners in de stad. Het Rijk draagt taken over op het gebied van jeugd, zorg en werk. Dit biedt kansen voor de gemeente om inwoners te helpen met het vinden van werk en gepaste zorg. Helaas gaat deze decentralisatie van taken samen met minder geld en een stapeling van hogere kosten en minder zorg voor kwetsbare gezinnen.

De verhouding tussen overheid en samenleving verandert. De gemeente Eindhoven kan een groot deel van haar opgave alleen realiseren als ze meer dan nu gebruik maakt van de kennis, kracht en kunde van de inwoners, instellingen en bedrijven. Eindhoven heeft hierin een lange traditie op economisch gebied. Op sociaal gebied kan dat nog beter. Dan kunnen meer mensen hun eigen leven vormgeven en kunnen de mensen die het echt nodig de zorg krijgen die ze nodig hebben.

Eindhoven is de tweede economie van ons land. Dat moeten we verder uitbouwen voor toekomstige generaties. Daarom wordt de visie Brainport 2020, waaronder HOV2, bouw VMBO’s en het Expatcenter, samen met andere partners met kracht gerealiseerd. Een onmisbaar onderdeel van een economisch sterke stad is het overbruggen van sociaal- economische en sociaal-culturele verschillen. Daarom blijft wijkvernieuwing belangrijk en blijft Eindhoven geld steken in zorg en armoedebestrijding.

Besluitvorming

In oktober wordt de begroting 2012 in de verschillende raadscommissie besproken. Op 8 november stelt de gemeenteraad de begroting – al dan niet aangepast – vast.

maandag, 29 augustus 2011

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Het doek is gevallen

eric leltz

Het doek is toch gevallen. Directeur Spiegelenberg van Permar is vandaag opgestapt. In een persbericht worden door het bestuur als redenen aangedragen de bezuinigingen van het Rijk en de invoering van de wet “werken naar vermogen”. Precies dezelfde redenen die werden genoemd om begin dit jaar het onverwachte vertrek van Spiegelenberg als lijsttrekker van de PvdA voor de Provinciale Staten verkiezingen te verklaren. Maar toen om juist te kiezen voor Permar. Achteraf bleek zijn vertrek als lijsttrekker een wat minder vrijwillig karakter te hebben en was een discriminerende uitspraak over Turken en Marokkanen in besloten kring gedaan, de ware reden om terug te treden.

De timing van het  vertrek vandaag is opmerkelijk omdat in hetzelfde bericht waar het bestuur het vertrek van Spiegelenberg aankondigt en de waardering voor zijn werk in de afgelopen 7 jaar uitspreekt, ook staat dat de halfjaar cijfers van Permar tegenvallen en de resultaten van het verdiepende onderzoek van de Transitium groep naar de interne cultuur, de financiën en de toekomst van Permar, bekend zijn (zie http://www.ericleltz.nl/blog/juni/2011/0.html ). Dat roept op zijn minst toch weer vragen op. Voor zowel de goed als de slecht verstaander is 1+1 dan al snel 2.



maandag, 15 augustus 2011

Jeroen van Rossum

Jeroen van Rossum

Twitter

Fatsoenlijke mensen

In politiek, anders breivik, balkenende, blanksma, braakhuis, cda, christenunie, coalitie, cohen, en meer.

De oppositie lijkt Mark Rutte toch een beetje zat te worden. Hoewel een ieder het er nog steeds over eens zal zijn dat hij over beduidend meer flair en soepelheid beschikt dan zijn voorganger, begint die charmante nonchalance wat aan kracht in te boeten. Misschien is de zomer van de enorme eurocrisis en het drama in Noorwegen ook niet de uitgelezen tijd om de gul glimlachende premier uit te hangen. ‘Om ons heen woedt een brand, maar we zien alleen een premier die zich vermaakt op festival Dance Valley’, aldus Bruno Braakhuis van GroenLinks. Dat Mark Rutte zich een miljard of vijftig vergist had bij het presenteren van de crisismaatregelen, heeft zijn populariteit vast ook niet geholpen…

D66 en PvdA verwijten Rutte vooral zijn ónzichtbaarheid. Zij verwachten Rutte en minister van Financiën Jan Kees de Jager deze week bij een debat te zien, gesteund door PVV, GroenLinks, ChristenUnie en SP. In dit debat zal niet alleen de crisis met al zijn consequenties en oplossingen voorbij komen, maar zal wellicht ook het leiderschap van Mark Rutte ter discussie gesteld worden. Want waarom heeft hij in de afgelopen weken niet gereageerd in de media? Had hij, als premier, het volk niet gerust moeten stellen, of op zijn minst uitleg moeten geven over de gevolgen van het hele verhaal? En had hij zich niet moeten mengen in het debat rond Anders Breivik? En hoe zit dat met die uitgestoken hand, die maar niet echt wil komen?

Dat Mark Rutte als premier aangevallen wordt, is natuurlijk prima. Elke premier wordt door de oppositie aangepakt. Zeker als die oppositie het gevoel heeft enkel geraadpleegd te worden als het de premier uitkomt. Een verschil in dit geval is wel, dat ook gedoogpartij PVV weinig vrolijk wordt van Mark Rutte, zodra het de Europese schuldencrisis betreft. Zijn de pro-Europese D66, GroenLinks en PvdA nog te porren voor steun aan de Grieken vanuit hun fatsoen, Geert Wilders toetert er vrolijk op los. “Geen cent naar dat corrupte land, we zien het nooit meer terug!” Het Limburgse accent en de verbeten, venijnige toon  moet u er zelf maar even bij denken.

Al met al staat Rutte dus een lastig debat te wachten. Hoewel de oppositie tot nu toe weinig van de grond krijgt, omdat Geert Wilders ondanks zijn giftige uitspraken een motie van wantrouwen niet zal steunen, begint de toon langzaam wat grimmiger te worden. De oppositiepartijen kunnen een keer ‘de telefoon niet opnemen’, zoals Alexander Pechtold van D66 het al verwoordde in een recent debat over de eurocrisis. En Mark Rutte kan niet eeuwig blijven weglachen dat zijn verhouding met de gedogende PVV af en toe wel erg wonderlijk is. Zijn excuus dat de minderheidsconstructie nu eenmaal betekent dat Geert Wilders alles maar kan roepen, zonder af te geven op het kabinet, begint een beetje te vervelen. Wat dat betreft zou het mij niet verbazen als de Noorse schutter nog even langs komt in het debat.

Het blijft wel de vraag hoe serieus de fatsoenlijke mensen van de oppositie zijn met hun dreigement. Misschien kunnen ze nog wat leren van de PVV. Want zolang het bij woorden blijft, en de oppositie vanuit landsbelang het kabinet aan een meerderheid blijft helpen wanneer de PVV afhaakt, zit dit kabinet er nog wel even. Geert Wilders heeft zijn positie immers ook niet gekregen door zich zo fatsoenlijk op te stellen…


donderdag, 30 juni 2011

Laura Bromet

Laura Bromet

Bijdrage Jaarstukken 2010 en IBU 2011

Tijdens de afgelopen raadsvergadering vond de behandeling van de Jaarrekening 2010 en de eerste Integrale Begroting Update 2011 plaats. hier volgt de bijdrage van GroenLinks aan het debat.

lees verder

dinsdag, 28 juni 2011

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Motie van treurnis

eric leltz

Afgelopen donderdag is in de raadsvergadering een motie van treurnis ingediend tegen wethouder Hullegie. Met deze motie geeft de gemeenteraad aan dat zij de gebrekkige informatievoorziening over de penibele situatie bij Permar betreurt.
Een motie van treurnis komt niet zo vaak voor in de Edese politiek. De motie haalde het uiteindelijk niet maar opvallend was wel dat de wethouder weinig steun kreeg in de raad, ook van de fracties die niet hebben ingestemd. Zij gaven in hun toelichting aan niet tevreden te zijn maar een motie van treurnis nog een brug te ver te vinden. Is dit zeker voor Edese begrippen al opvallend omdat het college meestal de rijen gesloten houdt, nog opvallender was dat in de wandelgangen er helemaal geen steun was voor de wethouder en men haar liet vallen.

Het zou mij niet verbazen als er deze zomer een stevig coaching traject voor de wethouder in petto ligt. Als dan in het najaar geen zichtbare verbetering is opgetreden, wordt ingegrepen. Het college staat al onder spanning door de kille relatie tussen PvdA en VVD over verschil van inzicht over sociale woningbouw en het belang van een woonvisie bij het grondbeleid. Dat kan nog redelijk onder de pet worden gehouden maar dit kan zij er dan niet bij hebben. Het college doet er verstandig aan om snel orde op zaken te stellen bij Permar omdat dit anders als een molensteen om haar nek blijft hangen. Er wordt nu ook een verdiepend onderzoek uitgevoerd naar de interne cultuur, de financiën en de toekomst van Permar. Dit ondermeer naar aanleiding van de anonieme brief eerder dit jaar.

Dit onderzoek wordt uitgevoerd door de Transitium Groep. Hier is oud CDA wethouder van Soest als partner aan verbonden. De commissaris van het dagelijks bestuur van Permar, van den Brandt, is overigens ook voorzitter van de plaatselijke CDA afdeling en de directeur van Permar, Spiegelenberg,  was PvdA wethouder toen van Soest ook wethouder was. Dit "old boys netwerk" zou wethouder Hullegie wel eens kunnen gaan opbreken omdat de bevindingen uit het onderzoek mogelijk niet als objectief worden gezien.     



zaterdag, 25 juni 2011

Ruud Pet

Ruud Pet

Linkedin Twitter GR

Rigiditeit versus draagvlak

In almere, alternatieven, begroting, belangrijk, bezuinigingen, coalitie, college, cultuur, d66, en meer.
Afgelopen week stelde de gemeenteraad de voorjaarsnota vast. In deze nota blikt het college vooruit naar de begroting 2012 en naar de financiën over meerdere jaren. Een belangrijk document maar nog niet de echte begroting, er is nog een half jaar om zaken verder uit te werken. Toch ziet het college en zien de collegepartijen het als het 'keurslijf' waarbinnen geacteerd moet worden. Een belangrijk kader is daarbij dat in alle portefeuilles ofwel beleidsgebieden 10 % moet worden bezuinigd. Niet wordt de vraag gesteld of er beleidsgebieden zijn die wellicht minder aan kunnen of waar je meer de prioriteit zou willen leggen. De reden van deze keuze is dat het college-akkoord zo'n wankel compromis is dat geschuif in de begroting tot ongewenste discussies leidt binnen de coalitie. Woorden van VVD leidster Joziassen en wethouder Visser. De coalitie is smal in Almere en vertegenwoordigt net aan de helft van de Almeerse kiezers. Door haar handelwijze is het gesprek met de andere 45 % van de raad, en de kiezers, geblokkeerd. Je kan het niet hebben of je, bijvoorbeeld, cultuur een sterker accent wil geven dan bijvoorbeeld ruimtelijke ontwikkeling, groei van de stad of verkeer en vervoer. Die discussie is afgehandeld binnen de coalitie en wordt in de gemeenteraad vermeden. Met als gevolg dat de gehele bezuinigingsoperatie een 'ding' is geworden van PvdA, VVD, D66 en CDA/CU. De rest staat er bij te kijken en ziet bijvoorbeeld al haar alternatieven verworpen, veelal omdat de dekking op een ander beleidsterrein wordt gezocht. Maar ook als het in hetzelfde beleidsterrein werd gezocht, verwierp de coalitie alle alternatieven, dankzij de blijkbaar moeizame onderhandelingen binnen de coalitiepartijen. Het vervelende gevolg hiervan is dat de nu toegepaste bezuinigingen niet breed worden gedragen. Onhandig en soms zelfs tamelijk rigide. De oppositie kan de komende jaren in de slaapstand! De stad trouwens ook om straks te ontwaken in een stad waar bijvoorbeeld de cultuur is verdwenen.

vrijdag, 17 juni 2011

Ruud Pet

Ruud Pet

Linkedin Twitter GR

Onkruidbestrijding

In adhd, bezuinigen, burgers, college, de, feit, financiën, geld, gemeente, en meer.
Het college wil de mogelijkheid bieden aan de groen-onderhoudbedrijven om chemische middelen in te zetten bij de onkruidbestrijding. Alleen op de zogenaamde harde ondergrond (wegen, fietspaden, voetpaden). De methode die men daarbij gebruikt, geeft volgens het college de garantie dat de milieubelasting minimaal is. Uiteindelijk wil men hiermee ruim vier ton bezuinigen. Gezien de financiën binnen de gemeente natuurlijk een aanlokkelijke variant. De fabrikant van het middel glyfosaat, het middel dat gebruikt mag gaan worden, verklaart daarbij dat dit chemische middel goed afbreekbaar is. Maar er zitten een paar adders onder het gras: de fabrikant is reeds meerdere malen via rechtzaken gedwongen haar beweringen over afbreekbaarheid terug te nemen. Uit internationaal onderzoek blijkt dat glyfosaten uiteindelijk op mens en dier een negatieve invloed hebben. Kanker, ADHD zijn o.a. risico's die gepaard gaan met dit middel. Waterleiding bedrijven geven miljoenen per jaar uit om de residuen weer uit te filteren. Ook als je het alleen gebruikt op een harde ondergrond komt het uiteindelijk in het grondwater terecht. Bij regen verdwijnt het daarnaast in het oppervlakte water. Uit het feit dat er niet in de buurt van de putten in de straten gespoten mag worden, blijkt dat dit middel minder onschuldig is dan de fabrikant en het college ons doet willen geloven. Je vraagt je af wat belangrijker is voor het college: het geld of de gezondheid van haar burgers.

maandag, 14 maart 2011

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Flinterdunne beloftes

In ede oost, cultuur, financiën, gemeente, het nieuwe landgoed, huis, jongeren, keuzes, kunst, en meer.

eric leltz

Onlangs presenteerde het college van Ede haar plannen met het kazerneterrein. Het terrein wordt verdeeld in 4 stukken: een deel met duurdere woningen, een deel voor zorgvoorzieningen, een deel voor kunst en cultuur en een deel voor commerciële functies.

Opmerkelijk is dat met de bouw van duurdere woningen de afspraak om bij bouwprojecten 30% sociale woningen te bouwen in de prullenbak wordt gegooid. Met dit besluit loopt het college niet alleen vooruit op de nog te maken woonvisie, ze opereert ook in strijd met haar eigen beleid neergelegd in het convenant. Hierin staat dat “in afwachting op de woonvisie het ingezette beleid op het gebied van bouwen en wonen wordt voortgezet”. Ook de afzonderlijke collegepartijen hebben nog wel iets uit te leggen afgaande op hun verkiezingsprogramma’s:

 

CDA

  • Er moeten meer goedkope woningen worden gebouwd
  • De gemeente zet zich in voor sociale woningbouw
  • Gemeente gaat eenzijdige bevolkingsamenstelling in de wijken tegen

 

Gemeentebelangen

 

  • Goedkope woningbouw voor starters

 

SGP

 

  • 33% goedkope woningen bij nieuwbouw projecten

 

VVD

 

  • Extra mogelijkheden bieden voor jongeren en starters

 

En klap op de vuurpijl PvdA die omomwonden stelt dat

 

  • koopwoningen gewoon weg te duur zijn en daarom 35% van de woningen in Ede-oost voor sociale woningbouw is.

 

De beloften blijken allemaal flinterdun en op te lossen onder financiële druk. Het lijkt er op dat de financiën overheersen bij het loslaten van de 30% sociale woningen. Maar het is wel een papieren werkelijkheid. Op papier zijn de boeken dan wellicht sluitend of is het verlies te overzien, maar in werkelijkheid moet je de woningen nog wel verkopen. En dat zal nog een hele opgave zijn. Niet alleen concurreert het kazerneterrein met andere bouwprojecten buiten de gemeente Ede, maar ook is er binnen de gemeente genoeg concurrentie in bijvoorbeeld Veldhuizen A, Kernhem, Het Nieuwe Landgoed, Otterlo en in Wekerom. En als je de woningen niet verkoopt ben je nog verder van huis. Elders worden juist bouwprojecten stilgelegd om dat de dure woningen niet te verkopen zijn.

En waar de potentiële kopers vandaan moeten komen? Het college gokt op mensen buiten de regio. Als dat al zo is zie ik graag een actief beleid om die mensen te interesseren. Alleen hopen dat de regio Foodvalley werkgelegenheid creëert en mensen massaal naar Ede doet trekken is veel te vaag.

 

Wat ontbreekt is een woonvisie. Met een dergelijke visie in de hand, waaruit de reële woonbehoefte blijkt, kunnen onderbouwde keuzes worden gemaakt. GroenLinks/PE pleit voor het handhaven van de 30% sociale woningen met normale grondprijzen totdat het woningbehoefte onderzoek en de woonvisie anders uitwijzen.

     



dinsdag, 8 maart 2011

Annemiek de Crom

Annemiek de Crom

Wethouder, hoe word je dat?

In politiek, coaching en counselling, stad, gemeenteraad, onderhandelingen, bestuur, burgemeester, college, de, en meer.
Een wethouder vormt met collega-wethouders en de burgemeester het dagelijks bestuur van de stad, het college van B&W. Een wethouder wordt door de gemeenteraad gekozen. Afhankelijk van het aantal inwoners van de gemeente is dit een parttime of fulltime baan. Wat gaat daaraan vooraf?

Na de gemeenteraadsverkiezingen starten de onderhandelingen. In eerste instantie vinden er gesprekken plaats om te bekijken welke partijen met elkaar gaan 'regeren'. Daarna volgen er gesprekken over de samenwerkingsafspraken. De uitkomst daarvan is het collegeprogramma. Daarin staat wat de partijen de komende vier jaar willen bereiken.



De laatste fase van het onderhandelingsproces bestaat uit het verdelen van de aandachtsgebieden over de verschillende partijen. Denk aan sport, zorg en welzijn of financiën. Zodra deze verdeling klaar is, vertelt elke partij welke kandidaat zij voorstellen voor het wethouderschap.

Alle partijen hebben hier van te voren natuurlijk over nagedacht en er binnen de partij afspraken over gemaakt. Formeel dragen echter de leden van de desbetreffende gemeenteraadsfractie de wethouder voor.

De laatste stap is de verantwoording van de gesprekken, het coalitieakkoord en de benoeming van de wethouders in de gemeenteraad. De fractievoorzitter van de partij die de onderhandelingen heeft geleid (meestal de grootste partij) licht het proces en de uitkomsten toe.

Daarna is er gelegenheid voor debat. Leden van de gemeenteraad kunnen aan alle onderhandelingspartners vragen stellen en aan de kandidaat-wethouders. Uiteindelijk vindt er een stemming plaats over het coalitieakkoord en de te benoemen wethouders en kan het echte werk beginnen.

maandag, 7 februari 2011

Diederik ten Cate

Diederik ten Cate

Twitter DWARS

Jolande Sap: Meer brains, minder branie

In politiek, financiën, gehad, groenlinks, kabinet, kennis, kunduz, media, mening, en meer.

Het is niet makkelijk om één van de bekendste, populairste en meest mediagenieke politici op te volgen. Maar Jolande Sap heeft zich binnen no-time opgewerkt van een voor vele onbekende fractievoorzitter tot een door vriend en vijand gerespecteerd partijleider met een eigen profiel: meer brains, minder branie. Een blog over de stijl van misschien wel de intelligentste politicus van het binnenhof.


Meer brains, minder branie. Jolande zegt het niet alleen, maar heeft het in haar eerste weken ook meteen laten zien. Het is bij uitstek een politica die voor de inhoud gaat. Beeldvorming is een middel, het resultaat telt. Jolande straalt het heilige geloof uit dat ze ervan overtuigd is dat kiezers, leden, misschien zelfs tegenstanders te overtuigen zijn met een goed onderbouwt verhaal.

In haar tweede NRC-column vertelde Jolande over haar ontnuchterende ervaring met ‘fact free politics’ toen ze bij het belastingplan 2009, net nieuw in de Tweede-Kamer, er achter kwam dat haar collega’s helemaal niet geïnteresseerd bleken in haar idealen en analyses, maar enkel in het behouden van de balans tussen de ouderenbelasting van Bos en de doorwerkbonus van Balkenende.

Maar in plaats van teleurgesteld te raken in het Haagse wereldje, heeft Jolande de strijd aangebonden met de politiek van de branie en de waan van de dag. Ze volgde zonder enige moeite Kees Vendrik (‘de beste minister van financiën die Nederland nooit gehad heeft’) als financieel woordvoerder op. Haar kennis en expertise die ze etaleerde in de parlementaire onderzoekscommissie De Wit leverde haar het predicaat politiek talent van het jaar op.

Als enig fractielid werd Jolande lid van de programmacommissie in 2010. In die hoedanigheid heb ik als voorzitter van DWARS met haar gesproken over het GroenLinks-AOW plan, ontworpen door, jawel, Jolande zelf. Wij stonden behoorlijk kritisch tegenover het plan waarin je pas na 45 jaar participatie recht had op een volledige AOW-uitkering, maar Jolande nam ruim de tijd om ons te overtuigen. Niet alleen omdat ze de steun van DWARS op het congres wel kon gebruiken, maar vooral omdat Jolande echt in het plan geloofde en ons om die reden in haar argumentatie mee wilde nemen. Toen iemand opperde dat het plan het wellicht slecht zou doen in de beeldvorming zei ze zonder een moment te twijfelen: niet als we het goed uitleggen. DWARS heeft ze weten te overtuigen, de kiezer nog niet; nadat het GroenLinks-plan in de media flink onder vuur had gelegen schaarde Femke Halsema zich in de campagne achter het compromis dat sociale partners hadden gesloten.

Diezelfde focus op de inhoud zie je terug bij de missie naar Kunduz. Bij de discussiebijeenkomsten vlak na de publicatie van de artikel 100-brief stelde Jolande zich buitengewoon open op. Dat compliment werd haar ook expliciet gemaakt door een oude rot uit Drenthe, gevolgd door de opmerking: dat is in het verleden wel eens anders geweest. Jolande kwam niet met een vooringenomen mening een verhaal verdedigen, maar kwam luisteren. Maar zoals ze op het congres zei: “luisteren betekent niet dat je precies doet wat iemand anders wil.” Jolande laat zich overtuigen door argumenten, niet door het feit dat mensen het met haar oneens zijn.

Die inhoudelijke, open houding was sterker dan ooit herkenbaar in het AO en het Kamerdebat over de missie. Jolande legde open op tafel dat ze vooraf met Rutte gesproken had en verteld hem had waar een missie volgens haar aan moest voldoen. Timmermans (PvdA), Brinkman (PVV) en Van Bommel (SP) reageerde boos, hoe kan het nou zijn dat een politicus uit de oppositie samenwerkt met de premier? Jolande beantwoordde een vraag van Van Bommel daarover met de uitspraak: “Misschien heeft dit te maken met een verschil in traditie tussen onze partijen: Wij zijn bij GroenLinks geneigd om moties te formuleren waarvan we willen dat ze ook worden uitgevoerd.” Met andere woorden: u voert politiek voor de bühne, ik voer politiek voor de inhoud.

Zelden was besluitvorming zo transparant als rondom de missie naar Kunduz. Een kabinet wint advies in bij partijen en legt een voorstel voor. Een partij wikt en weegt daarover en komt tot de slotsom dat het voorstel niet voldoet aan haar voorwaarden en legt uit hoe het voorstel aangepast dient te worden. Het kabinet gaat akkoord en wijzigt het voorstel. Zo bepaalt de Kamer wat er gebeurt en niet de regering. Zo heeft Jolande de piketpaaltjes van de missie geslagen en niet Rutte. Zo werkt dualisme. Het kamerdebat over Kunduz was een uitstekend voorbeeld van open politiek, van eerlijke politiek, van moedige politiek.

Brains in plaats van branie, maar niet in plaats van moed. Moed, omdat Jolande ervoor koos de missie inhoudelijk te verbeteren, in plaats van voor het veilige ‘nee’ te gaan. De GroenLinks-fractie was meerdere malen in staat om op een zorgvuldigere manier netjes af te haken. Jolande koos er echt voor om door te zetten en liep daarmee zelfs het risico om haar gloednieuwe partijleiderschap te verliezen: kritische leden dreigden met een motie van wantrouwen. Voor veel politici zou dat een reden zijn geweest om af te haken: de missie kwam te snel na haar aantreden, was niet belangrijk genoeg om zelf politiek voor te sneuvelen, was te onpopulair bij de kiezers. Niet voor Jolande. Naar verluidt zou ze zelf daarover hebben gezegd: “Wat kan mij m’n positie nou schelen, ik geloof hierin.” Dat is gaan voor de inhoud, dat is politieke moed.

Brains in plaats van branie. De eerste resultaten zijn er: Jolande heeft eigenhandig het kabinetsplan omgevormd en haar partij in het gareel weten te houden. Dat levert haar in de Haagse kaasstolp ongetwijfeld respect op, maar ik denk dat het electorale succes op de middellange termijn zal volgen. Is er niet een grote groep kiezers die ook verder wil kijken dan de waan van de dag? Is er niet echt die groep kiezers, die inderdaad kiest op basis van inhoudelijke argumenten? Is er niet een groep die, net als Jolande, wil luisteren in plaats van schreeuwen? Open, eerlijke, inhoudelijke politiek: ik ben overtuigd, Jolande is here to stay.


vrijdag, 10 december 2010

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Niet alleen kijken door de financiële bril

In cultuur, milieu, groenlinks, cda, crisis, ecologisch, financiële crisis, financiën, gedoe, en meer.

 eric leltz

Deze week kwamen de tweede kamer fracties van het CDA en GroenLinks met een wetsvoorstel om werknemers zeggenschap te geven over hun werktijden. Een goed initiatief en belangrijk in het licht van het “nieuwe werken”. Deze wet moet dan ook in een breder kader worden gezien. Het is dan een stap op weg naar een andere manier waarop wij het werk inrichten. Hierbij zijn flexibele werktijden en thuiswerken normaal.

 

De voordelen hiervan zijn legio:

  • Het is goed voor de arbeidsproductiviteit,
  • Het is goed voor het milieu,
  • Het pakt de files aan,
  • Het is uitstekend voor de combinatie van werk en zorgtaken,
  • Het is gunstig voor de arbeidsparticipatie

Maar tussen droom en daad ligt zoals zo vaak een hoop gedoe. En dat is hier de cultuur binnen organisaties. Omdat daar vaak managers aan het roer staan die sturen op wantrouwen willen ze hun werknemers controleren. En ja, dat gaat in hun ogen beter als je elkaar ziet. Dus moeten de werknemers keurig van 9 tot 5 op kantoor zijn. Maar managers moeten leren om los te laten. Loslaten van de schijnzekerheid dat je centraal alles het beste kunt regelen en controleren. Ze moeten de stap maken:

  • van formeel leiderschap naar informeel leiderschap,
  • van rationeel leiderschap met die rare smart doelen, naar intuïtief leiderschap,
  • van voorschrijven naar afspreken.

Dan maak je de stap van winstmaximalisatie naar winstoptimalisatie. Optimalisatie omdat het dan niet alleen gaat om zoveel mogelijk winst maar omdat het ook gaat om waarden als klanttevredenheid, medewerkertevredenheid, innovatie perspectief en ecologisch perspectief. En hier mag dus best een deel van de winst naar toe gaan. Ook als je de op korte termijn succes jagende aandeelhouders in je nek voelt hijgen. En dan heb je precies die angel weggehaald, alleen sturen op de financiën, waardoor de financiële crisis is ontstaan.

      



donderdag, 4 november 2010

Laura Bromet

Laura Bromet

Bijdrage begroting 2011

Tijdens de afgelopen raadsvergadering vond de behandeling van de begroting 2011 plaats. hier volgt de bijdrage van GroenLinks.

lees verder

zaterdag, 23 oktober 2010

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Onzekerheid

In bezuinigen, begroting, bezuinigingen, financiën, gemeente, het nieuwe landgoed, keuzes, mensen, raad, en meer.

\eric leltz

Als je de bezuinigingsvoorstellen van het college van B&W zoals beschreven in de meerjaren begroting bestudeerd, zie je dat de pijn niet eerlijk wordt verdeeld. Die pijn wordt daar gelegd waar een beetje minder al snel heel erg wordt gevoeld. Bijvoorbeeld door het afschaffen van regelingen voor minima of door te bezuinigen op de kinderboerderij. Hierdoor worden heel veel mensen getroffen en het levert verhoudingsgewijs heel weinig op.

Over het proces van bezuinigen is GroenLinks/PE ook niet te spreken. Iedere inwoner heeft eind augustus kunnen inspreken en de raad is begin september om haar visie gevraagd. Dan is er voldoende informatie om met een goed voorstel te komen. Dat voorstel had nu voor moeten liggen om in de Raad van november te worden besproken. Dan hadden we allemaal geweten waar we aan toe zijn. Door dit voorstel niet voor te leggen, worden de inwoners te lang in onzekerheid gehouden. Het college geeft hier een draai aan door te stellen dat we nog tijd hebben “omdat de bezuinigingen toch pas in 2012 ingaan”. Dat is waar, maar daarmee negeer je wel wat er onder de inwoners, verenigingen en bedrijven leeft. Zij verwachten juist duidelijkheid. Speel dan ook in op die verwachting. Dat hoort ook bij besturen. En natuurlijk is het niet gemakkelijk om in deze tijd een besluit te nemen over de financiën, en natuurlijk gaat dat ergens pijn doen. Maar dat is nog geen reden om een besluit voor je uit te schuiven. Als je een besluit kunt uitleggen, dan kun je deze ook nemen.

Een discussie over wat voor gemeente we willen zijn had de besluitvorming kunnen vergemakkelijken. Wil je bijvoorbeeld een toeristische gemeente zijn dan ga je dus niet bezuinigen op fietspaden of op de schaapskudde. En blijf je van de toeristenbelasting af. En als je jezelf als economisch centrum wil profileren dan leg je bijvoorbeeld de nadruk op gunstige vestigingsvoorwaarden. Deze fundamentele discussie is echter nooit gevoerd en dat breekt nu op. Hierdoor groeit de onzekerheid in de edese samenleving. Deze onzekerheid wordt nog aangewakkerd door de recente blunders van dit college bij het aanbesteden van Het Nieuwe Landgoed, van de bouw aan de Halte maar ook bij de parkeergarage bij Cinemec. Keer op keer pakken de gemaakte keuzes verkeerd uit en trekt dit college aan het kortste eind. Dat geeft weinig vertrouwen in de slagkracht van dit bestuur. Hierdoor groeit de onzekerheid in de edese samenleving en met deze onzekerheid groeit de ontevredenheid.

   



Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 13767 uur (573,6 dagen). Berichtgemiddelde: 0,1 bericht per dag, 0,4 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2