woensdag, 25 januari 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

SOPA en PIPA

Als ik katten had, zou ik ze SOPA en PIPA noemen. Klinkt lief toch? Maar er is heel veel protest de afgelopen weken tegen dit stel. SOPA, Stop Online Piracy Act, en PIPA, Protect IP Act, twee Amerikaanse wetten in aanbouw, roepen een hoop weerstand op. Zonder vrij internet staan het delen en vergroten van kennis op het spel.

Wat is er aan de hand?

Wie iets origineels bedenkt heeft daarover auteursrecht. Op internet is het inbreuk maken op auteursrecht heel erg makkelijk. Even een stuk kopiëren van een ander op je eigen site, muziek, spelletjes en films verspreiden die niet van jou zijn: het is een fluitje van een cent. De maker, die zijn brood verdient met het maken van muziek, games en films, krijgt geen cent voor al het werk dat hij er in heeft gestoken. Diefstal. Pure diefstal. De auteurswet beschermt dat. Maar die is lastig te handhaven.

Als een auteursrechthebbende merkt dat zijn werk wordt verspreid op internet zonder zijn toestemming, vraagt hij, eventueel via de provider, aan de publicist het werk te verwijderen. In Amerika bestaat daarvoor de DMCA, Digital Millenium Copyright Act. Een filmmaker vraagt bijvoorbeeld aan YouTube een filmpje dat er onrechtmatig is geplaatst, te verwijderen. Het filmpje moet dan verwijderd worden tenzij de plaatser bezwaar maakt. Als dat zo is, mag de rechter het uitzoeken.

SOPA is geen fijn katje…

SOPA gaat veel grover te werk. Bij een klacht van een gedupeerde moet de internet service provider de account van iemand die inbreuk maakt op het auteursrecht blokkeren. Ook sites die verwijzen naar auteursrechtschendende sites worden verplicht tot actie. Google toont bijvoorbeeld na een zoekopdracht een site die de auteursrechten schendt. Google is verplicht zelf deze site uit de lucht te houden of te halen. Doen ze dat niet, kan heel google geblokkeerd  worden. Je kan je voorstellen dat het voor zo’n zoekmachine vrijwel onmogelijk is te garanderen dat ze alleen verwijzen naar sites die de auteursrechten respecteren. Door SOPA is dan niets meer te vinden, ook niet alle vele legale sites!

Neelie Kroes, Eurocommissaris ‘digitale agenda’ vindt dit te ver gaan. Haar speech op 24 januari 2012:

Of course, many are also concerned about issues of illegal content. And I agree with them that we need to push people away from piracy towards legal content. Sites that knowingly enable massive copyright infringements and make large sums of money at the expense of creators need to be stopped. As regards legislation to combat piracy, I have said on a number of occasions that we should not put in place disproportionate and highly intrusive measures with the potential to disrupt legitimate online activities.

…. en PIPA ook niet.

Zowel SOPA als PIPA willen we niet. Beide maken het te makkelijk hele sites te stoppen die goed internetgebruik faciliteren. SOPA heeft internationale werking, PIPA niet. Voor PIPA is meer toezicht door de rechter, SOPA leidt makkelijker tot afsluiting. ‘Positief’ aan SOPA is dat daar de aangeklaagde wel beschermd is tegen torenhoge proceskosten als een site onterecht uit de lucht is gehaald. Daarvoor moet de aanklager dan opdraaien.  PIPA biedt die bescherming niet.

SOPA is voorgesteld door het huis van afgevaardigden. De leden internetten veel en de vraag is of zij werkelijk zover zullen gaan. PIPA is voorgesteld door de senaat. Die maakt een iets grotere kans, zo is de inschatting.

Is er dan geen alternatief?

Jawel. Het begint met de internetgebruiker. Die is degene die de rechten van de maker niet respecteert door werk zonder toestemming te verspreiden.

In de VS kan, op grond van de DMCA, een gedupeerde door middel van een take downnotice  een publicist verzoeken  een artikel dat onrechtmatig is geplaatst van het net te halen. Aan een take downnotice wordt in de praktijk altijd gehoor gegeven. Weigeren houdt namelijk groot financieel risico in op het moment dat een aanbieder aansprakelijk wordt gesteld. Het versturen van een take downnotice gebeurt regelmatig op oneigenlijke grond: de concurrent wil iemand dwarszitten en ziet hierin een manier om publicatie van iets nieuws te voorkomen.  

Europa heeft zich geconformeerd aan het internationale verdrag op dit gebied: ACTA. Het principe is gelijk aan DMCA maar na 3 keer wordt de internetserviceprovider verplicht de overtreder toegang tot internet af te nemen. Tussenkomst van een rechter is hiervoor niet nodig. In hoeverre deze regelgeving op dit moment in de praktijk geëffectueerd wordt, is mij niet bekend.*

In het boek Het einde van de privacy van Adjiedj Bakas dat op 29 januari verschijnt, wordt ervan uitgegaan dat de internetgebruiker in de toekomst zelf kan bepalen met wie hij zijn gegevens in de cloud deelt, dat er een betaalde variant komt voor wie meer veiligheid zoekt en dat er een flinke groei zal plaatsvinden in de internetveiligheidsbranche. Het ministerie van defensie heeft dan in die beveiliging een belangrijke taak gekregen. We zullen zien….

Conclusie

Inbreuk maken op auteursrecht is diefstal en dat moet zoveel mogelijk voorkomen worden. Daar moeten zeker internationale afspraken over komen. Maar deze twee voorgestelde wetten maken vrij internet haast onmogelijk. Dat kan, net zo min als diefstal, de bedoeling niet zijn.

Met dank aan Annemarie Hut voor het bronnenonderzoek.

 Inmiddels weet ik dat ACTA nog niet geratificeerd is en het nog een hele tijd kan duren voor het werking heeft. Zie hier.

 

zaterdag, 21 januari 2012

Christian Jongeneel

Christian Jongeneel

Hyves Linkedin Twitter Youtube

Wie gaat aan de haal met Kodak?

In sargasso, technologie, google, apple, bedrijf, strijd.
1801

Spectaculaire vuurpijl rond Megaupload vandaag, maar het begin van een minstens zo interessante strijd met potentieel veel grote impact op cyberspace stond gisteren in de krant: Kodak gaat ten onder. Het bedrijf probeerde al een half jaar een deel van zijn waardevolle patenten te verkopen, maar potentiële kopers dachten dat ze minder kwijt zouden zijn als Kodak helemaal geen geld meer had.

De uitverkoop van in totaal 11.000 patenten kan nu beginnen, vergelijkbaar met de veiling van de Nortel patenten vorig jaar. Het bankroete telecombedrijf had er 6000. Apple en Microsoft waren er zo op gebrand Google buiten de deur te houden dat ze 4,5 miljard dollar overhadden voor Nortels portfolio. Google sloeg binnen een maand terug door voor 12,5 miljard Motorola Mobile over te nemen, vooral vanwege de patenten.

(...)
Lees verder in Wie gaat aan de haal met Kodak? (nog 180 woorden)

woensdag, 18 januari 2012

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

#sopaprotest, websites gaan op zwart | ons internet bedreigt door Amerika

In sopa, pipa, censuur, bits of freedom, vs, amerika, groenlinks, bof, youtube, en meer.
{EAV:7e58871b96cf5e1f}

+GroenLinks | @ GroenLinks steunt #protesten voor een vrij internet http://t.co/FDMM06X1 #sopaprotest.
Voor wie het nog niet weet: #SOPA en #PIPA zijn twee wetten die de Chinese internet muur van censuur zal evenaren! Amerika kan dan vele websites blokkeren en zelfs opheffen uit naam van de bescherming van intellectueel eigendom.
Dit gaat ook invloed hebben voor ons in Nederland en België Vele Nederlandse en Vlaamse websites werken met .com domein namen. Het eigendom van .com ligt in de Verenigde Staten. De VS kan deze sites uit de lucht halen.
Ook sites zonder .com domeinnaam kunnen getroffen worden, de VS kan het betalingsverkeer naar 'n site platleggen of Google en andere zoekmachines verplichten sites uit de resultaten te halen.
Tot slot kunnen vele populaire sites getroffen worden: Youtube, Wikipedia, Facebook, Flickr, overal waar mensen filmpjes, muziek, foto's en/of teksten kunnen opvoeren kunnen getroffen worden als iemand in de VS vind dat hij of zij auteursrecht op de betreffende werken heeft. Plaats je 'n trailer van een leuke film, 'n opname met je mobiel van 'n concert op youtube: gaat die site plat als je favoriete artiest gaat klagen. Mooie foto van 'n zonsondergang in Bretagne? Klaagt 'n fotograaf flickr aan omdat zij ook zo'n foto heeft gemaakt.
Vind je dit vergaande achterdocht, wees dan over enkele jaren welkom in de juridische woestijn die SOPA gecreëerd heeft: saai internet, geen creativiteit meer online en de creativiteit die er is moet veel voor betaald worden aan enkele grote media bedrijven die achter SOPA zitten en de touwtjes zo weer in haven hebben gekregen.
Lees meer op de Nederlandse organisatie voor internet vrijheid, Bits of Freedom (BOF):
+bitsoffreedom @bitsoffreedom: Straks gaat o.a. Wikipedia op zwart uit protest tegen SOPA. Ook in NL gaan we het merken als die wet het haalt. Hoe? http://t.co/lI9tmVEf
Wil je weten welke populaire sites allemaal tegen deze wet zijn? Google heeft hier 'n overzicht van de anti-SOPA community:
https://www.google.com/landing/takeaction/community/

dinsdag, 17 januari 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Suzanne Vermeer schrijft niet meer

In boekennieuws, in memoriam, paul goeken, suzanne vermeer, vakantiethriller, blog, boeken, concept, eerste, en meer.
Suzanne Vermeer

Bron: Noord Hollands Dagblad

Van de honderden boekrecensies die ik ondertussen geschreven heb, worden de meeste een keer of helemaal niet gelezen. Van sommige recensies weet ik dat dat niet zo is. Google vertelt mij namelijk de zoektermen die mensen hebben gebruikt voor ze per ongeluk op dit blog verschenen. En dat is nogal eens de naam van de schrijfster Suzanne Vermeer. Januari 2010 schreef ik een recensie over All-Inclusive. De afgelopen twee jaar blijkt het een van de populairste pagina’s op mijn blog. Naast tientallen bezoekers elke maand, heb ik ondertussen al negen reacties gekregen, waarvan maar 1 positief. Mensen nemen de moeite om een boek af te kraken op een blog van een andere lezer. Hoe slecht moet je dan schrijven?

Afgelopen zomer werd bekend dat Suzanne Vermeer geen boeken meer zal schrijven. Het bleek een pseudoniem te zijn van Paul Goeken. Zelf schreef Goeken meerdere thrillers. Toen een nieuw boek ‘een andere weg’ bleek, besloot de uitgever dat hij een pseudoniem nodig had.

Toen ik dat las, kwam de irritatie nog verder naar boven. Buiten het feit dat ik het een flutboek vond (gelukkig niet zelf gekocht), erg slecht geschreven, verbaasd over het feit dat het een bestseller was (17.000 exemplaren blijkbaar), vond de uitgever blijkbaar dat de enige manier om het boek te verkopen was om van de schrijver een dame te maken. Een nepbiografie werd opgesteld, een marketingstrategie bedacht en Goeken bleek ineens bestsellers te schrijven.

Twee dingen storen mij. Ten eerste de minachting voor de lezer die hieruit spreekt, alsof de uitgever bedacht dat hij wel wist wat ik als lezer wil lezen. Dat het niet gaat om het boek, maar om het imago van de schrijver. Ten tweede dat het nog werkte ook. Vermeer produceerde twee ‘vakantiethrillers’ per jaar en het werden stuk voor stuk goed verkopende titels. Het doorsnee lezerspubliek interesseerde het blijkbaar niet dat het slechte boeken waren, het geloofde in een concept.

Over de doden niets dan goeds, zegt men. Ik ken de schrijver Goeken niet. Ik kende de mens ook niet. Ik kan en zal over hem dan ook niets negatiefs over schrijven. Maar dat het marketingconcept Suzanne Vermeer niet meer bestaat, daar treur ik niet om.


vrijdag, 13 januari 2012

Inti Suarez

Inti Suarez

Hyves Linkedin Twitter Youtube

only for male feminists, #4

In agenda, facebook, google, google plus, internet, twitter, information, ios, sms.
The day draws to an end, and I wait for my son to round up his aikido lesson. It is a cold room, with a half way open door through which I can see the kids careening in their white kimonos. Some updating of my inbox, in the mostly weak neighbor's wifi and some sms exchange with a good friend to plan an incoming dinner date. At the end she asks: "and has Chantal confirmed the date? D'you remember?" Referring, I guess, to the many times that Chantal or her husband have made appointments, to later discover that the actual agenda of one or another partner did not actually allowed the appointment to go on. And not only with them. How many times have I cooked dinner for a non coming guest? how many times has Chantal arrived home asking about guests coming... in a week? We live in complicated times, and our agendas can tell you so right away. The art of interfamily agenda management definitively belongs in the curriculum of any running-the-house-male-feminist, as myself.

Being capable of doing some programming of my own, more than once I have wondered if my breakthrough to fame and money would not be the making of an app where agendas of a family could be perfected synchronized across internet, in desktops, laptops and mobiles, in real time and without a click. But well, I am not so keen into diving in the iOS SDK now. Instead, we keep on relying in a combination of a shared google calendar, plus 3g networks carrying proposals and confirmations of potential dates. Not being perfect, our system does yield a level of stochasticity in our appointments that could be considered as an added value to the adventures that every petit bourgeois family should have. Always ready for the "don't you remember? The Sanders are arriving in five minutes". Friends that are then doomed to experience my own version of linguini ali oli, or the aubergine thai curry, being those the two dishes that I can deliver in five minutes flat. It is actually fun to live knowing that now and then you have to cook in hyperspeed. Maybe I should write an app that not only perfectly synchronize every other agenda, but also includes some level of community networking, so more agendas can be included into our own, as randomization factors.

That would be, if you want, the perfect consequence of our hyper connected present, where I am aware not only of the whereabouts of my family in Buenos Aires (via phone) but also of my family in Caracas (via email) and my friends in Hawai (via facebook). And of more friends in numerous other locations, but let's not mention those quite right now. Neither to mention the whole bunch of acquaintances, friends and colleagues closer by. People that actually determines what I do with my free time. Or how I feel about it. Have you not feel blue because some unseen-in-twenty-years friend with whom you keep contact in facebook have been dumped today by the girlfriend that you never got to know? I have. No way that I will cook something nice that day. No way that my family will escape the -mostly boring and for then uninteresting- tale of the good old days when I meet him, of his goings and comings, and all what happened in the meantime. On the other side of the spectrum, we also have had these wonderful days where we heard that Joe finally got a girlfriend, or a new job, or finally found a house to buy! Good old Joe, how wonderful! And it doesn't really matter that we have not seen Joe in a decade or more, since we have keep him present in our virtual memory. And we are all happy and mushy due to good old Joe and his new girlfriend/job/house.

In my twitter feed the comments on google plus and its extended social search are beginning to trickle. Not very positive. Which is quite interesting. Because here am I, figuring out my own way in an universe of socially connected information, and I -and many more like me- actively reject the idea of google helping us to order the chaos. After all that's what they did with the internet. Would we not like that they do the same with our social ties?

Looks actually that we don't. Maybe our social ties, even when empowered by internet and the rest, is the last refuge for us to control our surroundings. Maybe it is so that even when I cringe at the chaos of my friends and their plans, I do not want nothing nor nobody to order it.

After all, we parents at home have to retain something to bring order into, no?

dinsdag, 10 januari 2012

Ledencolumn PAL GroenLinks

Ledencolumn PAL GroenLinks

Hyves Twitter

Omroep Censurius

Op 5 januari verscheen er een artikel op Liwwadders.nl over de lokale Omroep Mercurius. Dit stuk is geschreven door een 'commentator' zoals de plaatselijke nieuwssite de bron noemt. Ik had het stuk niet gelezen, maar gelukkig werd ik er naar verwezen door een ‘prominente VVD’er’. ‘Hij’ zei: “je moet eens lezen wat Liwwadders allemaal geschreven heeft over het zinkende schip Mercurius, zoals ze zichzelf noemt”. Kort na de publicatie is het artikel geheimzinnig van de site verdwenen, maar Google...

zondag, 8 januari 2012

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Mijn weblog in 2011

In 2011 heb ik mijn best gedaan mijn weblog wat constanter bij te werken. Dat is zeker niet het hele jaar door gelukt. Met 134 berichten heb ik in 2011 wel gemiddeld 2 berichten per week weten te schrijven naast mijn werk en gezinsleven. Best een behoorlijk aantal, al heb ik ook een hoop berichten in concept staan die dat nooit ontgroeid zijn en in de loop van de tijd achterhaald zijn.

2011 leverde wel het hoogste aantal bezoeken op. Al is dat aantal al een paar jaar redelijk stabiel rond de 17 duizend.

Aantal bezoekers
2007 100
2008 9.476
2009 17.833
2010 17.061
2011 17.946

Top verwijzers

De impact van sociale media is in de lijst met verwijzers erg duidelijk aan het worden. Voorheen was dat lijstje eigenlijk saai, saaier, saaist met Google aan kop gevolgd door andere zoekmachines, zoals Yahoo! en Bing. Voor 2011 ziet dat lijstje er duidelijk anders uit met twitter.com, facebook.com, startgoogle.startpagina.nl en linkedin.com. Dat zijn dus 3 sociale netwerksites en de google subpagina van startpagina, en geen google.com. De 5e is een intern IP nummer (127.0.0.1), dus ik vermoed dat er vanuit een aantal bedrijven en organisaties driftig meegelezen wordt… De koppeling die ik heb tussen mijn verschillende sociale netwerkprofielen, waardoor ik blogberichten automatisch doorplaats op Twitter, Facebook en LinkedIn heeft dus effect. Hyves komt niet voor in de lijst al plaats ik mijn berichten daar ook nog steeds. Buiten mijn nichtjes zie ik daar eigenlijk nauwelijks tot geen activiteit meer plaatsvinden.

De meest gezochte termen waren symbid, (het) zonnecollectief, krispijn beek (hoe verrassend ;-) en wijwillenzon (de collectieve inkoopactie voor zonnepanelen van Urgenda).

Meest gelezen berichten

In het lijstje met meest gelezen berichten valt vooral een ouwetje op over de Seagulll buitenboordmotor. Daarnaast is er in Nederland blijkbaar erg veel belangstelling voor zonneboilers en zonnepanelen, want dat is het voornaamste onderwerp dat verder de top 5 heeft gehaald. Buiten dan We Generate, dat inmiddels is samengegaan met Qurrent. Of ben ik zo saai in onderwerpkeuze geworden dat het enkel nog over duurzame energie gaat? ;-)

  1. Seagull aan de praat  August 2004
  2. Wij willen zon!  November 2010
  3. Zonneboiler actie van Urgenda & het Zonneboilercollectief July 2011
  4. We Generate: het energiebedrijf van de toekomst February 2011
  5. De zonneboiler in gebruik May 2011

maandag, 2 januari 2012

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Mail analyse van 2011

In google+, email, facebook, twitter, analyse, google plus, gmail, sociaal netwerk, communicatie, en meer.
Zo aan het begin van het nieuwe jaar of het einde van het afgelopen jaar (toen heb ik de analyse gestart, ze was nu pas klaar), is het mooi om eens te zien hoe je communicatie verloopt. Voor veel sociale netwerken (zoals Google+ / Google Plus, Twitter, Facebook) bestaan er allerlei tools, maar voor het meest gebruikte communicatie middel van de moderne mens zijn er maar weinig mogelijkheden.

Toch is het mooi om te weten wanneer iemand mailt, met wie, waarover etc.... Daarom bij deze mijn inzichten:



Het is bijvoorbeeld goed om te weten dat als je snel antwoord wilt, je het beste op donderdagavond kan mailen. Op vrijdagen beantwoord ik de meeste emails. Als je dus op zaterdag mailt, heb je kans dat je bijna een hele week moet wachten op antwoord. Voor mijzelf was dit ook een bijzonder inzicht, ik dacht namelijk dat ik veel op zondagen verwerk!



Enfin, het is vooral een leuk feiten onderzoek voor de cijfer en data fetisjist, maar doe er je voordeel mee!

zaterdag, 17 december 2011

Walter van Peijpe

Walter van Peijpe

Hyves Last.fm Twitter Youtube

Schoolvoorbeelden van monumenten in Leiden

Voormalige MSG aan de Dieperpoellaan

Leiden is trots op haar monumenten en er komen er steeds meer bij. Dat is mooi, het Leids cultureel erfgoed is één van de belangrijkste kwaliteiten van de stad. Gelukkig staan er inmiddels ook veel gebouwen uit de 20e eeuw op de lijst van gemeentelijke monumenten. Maar gebouwen uit de wederopbouw periode worden nog te weinig op waarde geschat. Een aangenomen motie van GroenLinks probeert hier wat aan te doen. Het belangrijkst is echter dat de gemeente Leiden zich beseft dat ook naoorlogse gebouwen, mooi of lelijk, onderdeel kunnen uitmaken van de Leidse cultuurhistorie.

Dinsdag 13 december meldde wethouder Jan-Jaap de Haan (Cultuur) trots dat drie bestaande Leidse schoolgebouwen de status hebben gekregen van beschermd gemeentelijk monument: Het Bonaventura College aan de Mariënpoelstraat, het Visser ’t Hooft aan de Kagerstraat en het ROC ID College aan de Groenhazengracht. “Met hun bijzondere baksteenarchitectuur, allerlei decoratieve details en zelfs een oude kapel zijn de kersverse gemeentelijke monumenten een waardevolle toevoeging aan de mooie lijst van al bestaande Leidse monumenten. Verleden en toekomst zijn in deze Leidse schoolgebouwen verenigd.” zegt Jan-Jaap de Haan in het persbericht.

Bonaventura College, Mariënpoelstraat

Dat deze drie scholen de monumentenstatus hebben gekregen is te danken aan het zeer volledige rapport: De school “Een sieraad der gemeente” De geschiedenis van de scholenbouw in Leiden Deel 1: 1800 – 1940. Het rapport is geschreven voor de Unit Monumenten en Archeologie Leiden, door Yteke Spoelstra, een architectuurhistorica die onder andere gespecialiseerd is in scholenbouw.

Net als stations, musea, ziekenhuizen, overheidsgebouwen en andere [semi]openbare grote publieke gebouwen kennen scholen vaak een bijzondere architectuur. Schoolgebouwen zijn cultuurhistorisch van groot belang omdat in de architectuur meestal naast de typische architectonische kenmerken ook de onderwijsopvattingen uit die tijd goed afleesbaar zijn.

ROC ID College aan de Groenhazengracht

Daarom vormen scholen een belangrijk onderdeel van ons cultuurhistorisch erfgoed. Vroeger dacht men daar helaas anders over. Aan het einde van het rapport is een lijst opgenomen van alle gebouwde scholen uit de periode 1800 – 1940. Helaas is een groot deel daarvan gesloopt. Veel van de scholen die er nog wel staan zijn inmiddels aangewezen als rijks- of gemeentelijk monument. Daar komen er dus nu drie bij en dat is mooi.

Maar er is ook reden tot zorg. Dezelfde auteur, Yteke Spoelstra, schreef nog een rapport: De school “Een sieraad der gemeente” De geschiedenis van de scholenbouw in Leiden Deel 2: 1945-1965. Ook dit is weer een zeer volledig overzicht, nu van alle gebouwde Leidse scholen uit de wederopbouw periode. Ook deze scholen geven een goed beeld van de architectuur en de onderwijsopvattingen uit die tijd. Veel van ons hebben in deze schoolgebouwen les gehad. Er is zelfs een grote kans dat onze kinderen er nu nog op school zitten. Ook in dit tweede rapport staat aan het eind een overzicht van alle scholen. Een aantal is inmiddels gesloopt maar heel veel scholen staan er nog steeds. Alleen is nu opvallend is dat geen van deze scholen een monumentenstatus heeft. En dit is reden tot zorg. Het lijkt erop dat de gemeente de cultuurhistorische waarde van een aantal scholen uit de wederopbouw nog niet inziet en de gebouwen makkelijk laat slopen wanneer nieuwe ontwikkelingen op de locatie gewenst zijn.

Vlakbij het nieuwe monument het Visser ’t Hooft aan de Kagerstraat staan twee naoorlogse scholen op de nominatie om gesloopt te worden. De voormalige Middelbare Meisjes School Sint Agnes van de Rooms-katholieke Zusters der Liefde aan de Eijmerspoelstraat en de voormalige Mathesis Scientiarum Genitrix (MSG) aan de Dieperpoellaan. Deze twee scholen moeten wijken voor de herontwikkeling van de locatie Dieperhout. Er is duidelijk nooit een poging gedaan om deze twee scholen te behouden of te hergebruiken. Dat is vreemd want in het scholen-rapport wordt het volgende gezegd over het Agnes: “Dit fraaie exemplaar uit 1965/1966 is ontworpen door het Leidse architectenbureau Van Oerle, Schrama en Bos. De ruime groenstrook voor de school aan de Kagerstraat maakt dat het een beeldbepalend gebouw in de buurt is…“ en over de MTS: “De school, die in 1964 ontworpen is door het bekende architectenbureau Jan Lucas en Henk Niemeyer is in 1966 in gebruik genomen. Minister Diepenhorst opende het gebouw dat vier miljoen gulden heeft gekost….. Het gebouw is gaaf zowel in hoofdvorm als in detail en is exemplarisch voor schoolgebouwen voor het technische onderwijs uit de jaren zestig”.

Agnes College, Eijmerspoelstraat, Schrama en Bos, 1965

Het is tragisch dat ondanks bovenstaande kwalificaties de gemeente, tegen het advies van de Leidse monumentenselectiecommissie in, besloten heeft de twee scholen niet aan te wijzen als gemeentelijk monument maar ze te slopen. Blijkbaar gaat het monumentenbewustzijn van de gemeente nog niet veel verder dan tot de Tweede Wereldoorlog. Dit is volkomen onterecht. Ook naoorlogse gebouwen maken onderdeel uit van het Leidse cultuurhistorische erfgoed en verdienen soms een monumentenstatus.

Gelukkig is in september een motie van GroenLinks in de gemeenteraad aangenomen die het college verzoekt om bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in de stad waarbij sloop van bestaande gebouwen aan de orde is, altijd de Monumentenselectiecommissie te consulteren over de waarde van eventueel aanwezig cultureel erfgoed. Ook verzoekt de motie het college altijd een onderzoek te doen naar de mogelijkheden van hergebruik van een gebouw wanneer dit gebouw door de monumentenselectiecommissie is voorgedragen voor voorlopige aanwijzing als beschermd gemeentelijk monument.

Mathesis Scientiarum Genitrix, Dieperpoellaan, Lucas en Niemeyer, 1966

Helaas zal de motie de twee scholen op de Dieperhout-locatie niet van de slopershamer redden. Daarvoor zijn de plannen al te ver gevorderd. Maar er is nog hoop. Gezien de huidige crisis op de woningmarkt is het niet heel waarschijnlijk dat met name voor de MSG-locatie snel een ontwikkelaar gevonden zal worden. Misschien komt hergebruik dan weer in beeld en worden het Agnes en de MSG alsnog als gemeentelijk monument vermeld  op de lijst van scholen, in het nog te schrijven scholen-rapport Deel 3,


donderdag, 15 december 2011

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

De maatschappij als kunstwerk

In geen categorie, deugd, dohmen, joep dohmen, levenskunst, maatschappij als kunstwerkl, moreel peil, spinoza, steiner, en meer.

31 juli 2010. Over levenskunst wordt
veel geschreven. Mijn google zoekmachine geeft op dit trefwoord 81.900
resultaten. Als ik “maatschappij als kunstwerk” in typ, krijg ik slechts 9
resultaten. Houdt de vraag hoe we de samenleving beter kunnen maken niemand meer
bezig? Hebben wij inmiddels collectief de overtuiging dat macht, gemakzucht en
hebzucht het uiteindelijk altijd winnen van het streven de maatschappij te
verbeteren? In discussies over mobiliteitsbeleid hoor je bijvoorbeeld vaak
zeggen, dat wat we ook proberen er toch telkens meer auto’s bij zullen komen.
Ik vind dat een onverteerbaar idee. Waarom zouden “lagere” driften zoals het
streven naar gemak, genot, eer, geld en roem het altijd moeten winnen van het
streven om het leven meer in overeenstemming met onze idealen in te
richten?

 

De vraag naar het leven als
kunstwerk is gerelateerd aan het vermogen van de mens om zichzelf en daarmee
zijn leven te verbeteren, in de Griekse filosofie heet dat een “deugdzaam” mens
te worden. Een verdergaande vraag daarachter is of de mens vrij is dan wel kan
zijn. Daarvoor moet dan eerst het begrip vrijheid gedefinieerd worden. Spinoza,
Steiner en Dohmen geven daar elk een iets ander antwoord op.*) Maar zij allen
geloven dat de mens in staat is door aan zichzelf te werken op een hoger moreel
peil te komen. Zij zien daarbij een hoger persoonlijk moreel peil samengaan met
socialer en maatschappelijk verantwoorder gedrag. Ook ik ben overtuigd van die
mogelijkheid. In het verlengde daarvan ben ik er ook van overtuigd, dat ook de
samenleving verbeterd kan worden, mits wij bereid zijn daar de nodige moeite
voor te doen. De vraag is niet of de samenleving verbeterd kan worden. De vraag
is of wij bereid zijn daar ons voor in te zetten en er zo nodig offers voor te
brengen.

 

Alle drie genoemde auteurs
bevestigen, dat die morele verbetering ook zaken als onze zielenrust, gevoel
van zinvolheid en geluk vergroot. Met ander woorden de inspanning die gedaan
moet worden om gemak, genot, eer geld en roem te offeren aan een sociaal en
ethisch verantwoorde persoonlijke inzet is ook een investering die de persoon
zelf ten goede komt. De volgende kwestie is dan of men bereid is deze
inspanningen te doen. Het is duidelijk dat in onze tijd het pessimisme daarover
verregaand overheerst. Maar elke maatschappelijk verantwoorde daad weegt mee
aan de positieve zijde van de balans. Als iedereen elektriciteit uit
alternatieve energiebronnen gebruikt, is het broeikaseffect snel opgelost.
Kortom de maatschappij kan mooier, beter en meer waardevol gemaakt worden. Als wij
bereid zijn daaraan onze eigen bijdrage te leveren.

 

*)Joep Dohmen, Het leven als kunstwerk; A. Patijn, A. v. Rijsdam, B. Teerds, Benedictus de Spinoza, Rudolf Steiner: een
vergelijkend onderzoek
, op: http://weblog-at.blogspot.com

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

De maatschappij als kunstwerk

In geen categorie, deugd, dohmen, joep dohmen, levenskunst, maatschappij als kunstwerkl, moreel peil, spinoza, steiner, en meer.

31 juli 2010. Over levenskunst wordt
veel geschreven. Mijn google zoekmachine geeft op dit trefwoord 81.900
resultaten. Als ik “maatschappij als kunstwerk” in typ, krijg ik slechts 9
resultaten. Houdt de vraag hoe we de samenleving beter kunnen maken niemand meer
bezig? Hebben wij inmiddels collectief de overtuiging dat macht, gemakzucht en
hebzucht het uiteindelijk altijd winnen van het streven de maatschappij te
verbeteren? In discussies over mobiliteitsbeleid hoor je bijvoorbeeld vaak
zeggen, dat wat we ook proberen er toch telkens meer auto’s bij zullen komen.
Ik vind dat een onverteerbaar idee. Waarom zouden “lagere” driften zoals het
streven naar gemak, genot, eer, geld en roem het altijd moeten winnen van het
streven om het leven meer in overeenstemming met onze idealen in te
richten?

 

De vraag naar het leven als
kunstwerk is gerelateerd aan het vermogen van de mens om zichzelf en daarmee
zijn leven te verbeteren, in de Griekse filosofie heet dat een “deugdzaam” mens
te worden. Een verdergaande vraag daarachter is of de mens vrij is dan wel kan
zijn. Daarvoor moet dan eerst het begrip vrijheid gedefinieerd worden. Spinoza,
Steiner en Dohmen geven daar elk een iets ander antwoord op.*) Maar zij allen
geloven dat de mens in staat is door aan zichzelf te werken op een hoger moreel
peil te komen. Zij zien daarbij een hoger persoonlijk moreel peil samengaan met
socialer en maatschappelijk verantwoorder gedrag. Ook ik ben overtuigd van die
mogelijkheid. In het verlengde daarvan ben ik er ook van overtuigd, dat ook de
samenleving verbeterd kan worden, mits wij bereid zijn daar de nodige moeite
voor te doen. De vraag is niet of de samenleving verbeterd kan worden. De vraag
is of wij bereid zijn daar ons voor in te zetten en er zo nodig offers voor te
brengen.

 

Alle drie genoemde auteurs
bevestigen, dat die morele verbetering ook zaken als onze zielenrust, gevoel
van zinvolheid en geluk vergroot. Met ander woorden de inspanning die gedaan
moet worden om gemak, genot, eer geld en roem te offeren aan een sociaal en
ethisch verantwoorde persoonlijke inzet is ook een investering die de persoon
zelf ten goede komt. De volgende kwestie is dan of men bereid is deze
inspanningen te doen. Het is duidelijk dat in onze tijd het pessimisme daarover
verregaand overheerst. Maar elke maatschappelijk verantwoorde daad weegt mee
aan de positieve zijde van de balans. Als iedereen elektriciteit uit
alternatieve energiebronnen gebruikt, is het broeikaseffect snel opgelost.
Kortom de maatschappij kan mooier, beter en meer waardevol gemaakt worden. Als wij
bereid zijn daaraan onze eigen bijdrage te leveren.

 

*)Joep Dohmen, Het leven als kunstwerk; A. Patijn, A. v. Rijsdam, B. Teerds, Benedictus de Spinoza, Rudolf Steiner: een
vergelijkend onderzoek
, op: http://weblog-at.blogspot.com

dinsdag, 29 november 2011

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Serieus voorstel voor €20 miljoen - Spel concept bij Google Translate

In euro, pond, concept, translate, bank of scotland, spel, abn amro, idee, indiaans, en meer.
Vandaag ontving ik een zeer serieuze en vriendelijke mail van ene heer Mage, medewerker van de Bank of Scotland, een voormalig gerenommeerd instituut dat de internationale tak van onze nationale trots, de ABN AMRO bank, heeft overgenomen. Nu zit ik toch in diepe dubio, lees de mail, wat zou jij doen?
Verzoek om een hulp.
Geachte heer,
Gelieve Ik heb uw antwoord, ik ben Patrick Mage (de heer), manager en
hoofd van de informatica-afdeling hier in onze bank, Bank of Scotland.
Ik heb alleen geschreven om uw begrip en hulp te zoeken. Ik wens een
overplaatsing die een enorm bedrag van € 20.000.000,00 te maken.
(Twintig miljoen pond sterling).
Ik ben voor om deze transfer te maken naar een aangewezen bankrekening
van uw keuze. Dus, voor uw geduld en steun, ik stel voor een
aanbieding van 40% van het totale bedrag dat de jouwe kunnen zijn,
nadat de overdracht is met succes afgerond.
Vriendelijk antwoord mij met vermelding van uw interesse, en ik zal u
te voorzien van de details en de noodzakelijke procedure met die om de
overdracht. Gelieve ik ben in afwachting van uw reactie via deze mijn
e-mailadres pattrickkmage@latinmail.com
bedankt,
Patrick Mage (de heer)
Wat mij met name opvalt is dat het gebruik van Google Translate niet tot goede resulaten leidt. De beste man had natuurlijk een zeer mooie mail geschreven in een of andere obscure Afrikaanse of Latijns Amerikaans-Indiaanse taal en deze door Google Translate gegooid. Nu worden die talen zo slecht vertaald dat er dit soort emails uit komen.

Wat mij nou in dubio plaatst is het volgende: hoe zou ik een leuk, informatief spel kunnen ontwikkelen op basis van dit soort emails en Google translate? Het idee is dat je op basis van bovenstaande tekst raadt uit welke taal het komt.

Uitdaging zit 'm in het feit dat:

  • Men een mail als deze daadwerkelijk door Google translate kan gooien, op te lossen door dit soort teksten als png op de spelsite aan te bieden?
  • Het eigenlijk geen leuk idee is, wie gaat er zo'n spel spelen, op enkele taalpuristen na?
  • Welk verdienmodel valt er omheen te bedenken? Want die € 20.000.000,00 (20 miljoen pond sterling *met Euro teken*) wil ik wel verdienen
Oorspronkelijk wilde ik deze blog gebruiken om jullie lezers te waarschuwen tegen dit soort emails. Maar ik ga er eigenlijk vanuit dat iedereen nu wel weet dat dit soort aanbiedingen de grootste, eigenlijk groots groteske, nepperij is die men kan indenken? Als je dat niet weet, kom eens onder die rots vandaan (waar zijn die in deze lage landen?), trouwens, waarom lees je van alles wat je kon lezen deze blog?

Zo, genoeg gezegd en vooral gevraagd! Het vriendelijk verzoek en de uitnodiging om ook te reageren. Zou ik echt leuk vinden

vrijdag, 25 november 2011

Mirella van Leeuwen

Mirella van Leeuwen

Blogtrommel

In google, google plus, links, website.
Mijn blog  'Schaarsteprincipe en Google Plus' zit in de Blogtrommel van Sharp Ben. Een blogtrommel is een verzameling weblogs over hetzelfde onderwerp, in dit geval Google Plus. Lees hier ook de...

[[ This is a content summary only. Visit my website for full links, other content, and more! ]]

zondag, 20 november 2011

Johanna Welfing

Johanna Welfing

Hyves Twitter PS

Terug in het oude nieuwe Provinciehuis!

In grienlinks, problemen, stad, station, eerste, gewoon, google, hoop, kort, en meer.
Wat onwennig stap ik uit de bus bij het zuiderplein. Een halte te ver, want ik had er bij de Blokhuispoort al uit gemoeten. Op de valreep check ik nog net uit. Oef, gelukkig, op het nippertje voorkom ik dat het een erg duur busritje wordt. Het is allemaal nog even wennen. De eerste keer vergaderen in het nieuwe provinciehuis. Nou ja, eigenlijk het oude provinciehuis. Uit automatisme was ik al onder weg na het station, toen ik me realiseerde dat ik op de Tweebaksmarkt moet zijn. Ik loop binnendoor naar de Tweebaksmarkt. Het valt me op dat het erg druk is in de stad, maar dat de Tweebaksmarkt zelf een verlaten, rustig straatje is. Ik ben van de generatie die nog niet eerder in het oude provinciehuis vergaderd heeft het is voor mij dan ook één groot doolhof. Ik loop de ingang door, waarna ik opgevangen wordt door een grote onvriendelijke draaideur. Dat de draaideur onvriendelijk is blijkt wel uit het feit dat hij stil blijft staan wanneer ik er midden in sta. Gelukkig ben ik niet er claustrofaubisch aangelegd en wacht ik rustig tot de beveiliging de deur weer laat draaien. In de hal bel ik Gerrit. Want eh... waar zit onze fractiekamer. Al snel komt Gerrit, althans een collega van Gerrit. Gerrit staat achter een draaideur, want zijn pasje werkt nog niet. Ik loop in de richting van de draaideur. Grrr. Alweer een draaideur. Op de draaideur staat een briefje. U hebt 1 minuut om door beide draaideuren te komen. Met het vorige draaideur moment nog in mijn gedachten geeft dit mij erg veel hoop. Een minuut tijd twee deuren. Beide deuren verlopen zonder problemen en een halve minuut laten zit ik dan in onze fractiekamer. Een grote kamer, met grote ramen, waar niet gegeten mag worden ;-) Na een kort overleg vertrekken we weer op naar Oosterwolde. Naar de hoorzitting over de inpassing van de N381. Samen met Gerrit. In de bus nemen we samen het inpassingplan door. O.a de flora en fauna die bedreigd wordt in die regio of reeds is uitgestorven. Wist u dat de Bataafse Stroommossel al jaren niet meer gezien is in Nederland?Waarschijnlijk niet. Ik wist het niet. Sterker nog, ik kende de hele Bataafse Stroommossel niet. Dankzij google en het inpassingsplan ben ik nu heel wat info rijker. Mocht men de Bataafse Stroommossel wel vinden dan gaat de aanleg gewoon door. Dus het heeft geen zin om de mossel te gaan zoeken en uit te zetten. Het was een enerverende hoorzitting. Het was goed om naar de insprekers te luisteren. Het is zeker niet aan dovemans oren gericht. Inpassing en gebieds ontwikkeling staan bij ons hoog in het vaandel. Zeker bij een weg, die bij ons op deze manier niet had gehoeven. Wij maken ons zorgen over de geluidshinder die over de wettelijke normen gaan bij 17 adressen aan de route en waar geen passende maatregelen worden getroffen. Zeker omdat hier eerder andere toezeggingen zijn gedaan. Afspraken moeten worden nagekomen. Punt uit. Natuur wat kapot gemaakt wordt moet worden hersteld. En het gebied moet een dikke plus krijgen zoals ze beloofd is. Voor meer actueel nieuws gaat u naar http://www.grienlinks.nl/ Hier vindt u onder andere de Nieuwsrubriek: Waar was GrienLinks deze week.

dinsdag, 11 oktober 2011

Evelien van Roemburg

Evelien van Roemburg

Hyves Linkedin Twitter GR DWARS

mecenas

In kunst / cultuur, bijlmerparktheater, concertgebouworkest, cort van der linden, helaas, libertijn, mecenaat, melkweg, nationaal ballet, en meer.

— column uitgesproken op het politiek café van de VVD (de Libertijn) op 10 oktober over het mecenaat — 

Vanmiddag google-de ik het begrip ‘mecenas’ eventjes. De online Van Dale zei dat dit iemand is die kunstenaars geldelijk steunt. Wikipedia was wat explicieter: ‘een mecenas is een doorgaans welgesteld persoon die als beschermheer of –vrouwe van kunstenaars optreedt door ze van financiële middelen te voorzien, zodat ze zich zorgeloos kunnen wijden aan scheppend werk’.

Ik dacht eventjes: wat lief eigenlijk van zo’n welgesteld persoon, dat hij zijn goeie geld wil besteden aan de kunst en cultuur van het land. Wat kan daar nou mis mee zijn?

Het mecenaat is door velen, die zich vooral ter rechterzijde van het politieke spectrum bevinden, als hét antwoord op de kunst- en cultuurbezuinigingen van het huidige kabinet geformuleerd. Zo verscheen van de hand van Diederik Boomsma, duo-raadslid voor het CDA in Amsterdam en een prominente jonge conservatieve denker, een veelbesproken opiniestuk dat stelde dat we het subsidie-infuus maar moesten afbouwen, en de kunsten terug moeten werpen op markt en mecenas.

Dat klinkt natuurlijk fantastisch. Laat het aan de liefhebber zelf over om te bepalen waar zijn geld naar toegaat, in plaats van dat we een beetje socialistisch belastingen bij elkaar harken om dat vervolgens te gaan herverdelen aan tromboneclubjes waar niemand op zit te wachten en pindakaasvloeren die door niemand worden begrepen.

Logisch! Of niet?

Eind september was Marja Ruigrok (raadslid in Amsterdam voor de VVD) op een bijeenkomst waar meer informatie werd verschaft over de verkoop van aandelen van het Concertgebouw. Een paar dagen later vertelde ze me dat zij in haar jurk en hoge hakken een uitzondering vormde omdat de bijeenkomst vooral werd bijgewoond door oude en witte mannen. Ook twitterde ze: ‘Jammer dat er nu weinig 30-ers en 40-ers worden aangesproken’.

Ik moest dan ook even lachen toen ik het citaat van de heer Rienstra (directeur van de VandenEnde Foundation) op de VVD site las: ‘de overheid heeft cultuur elitair gemaakt’. Want als er iets elitair is, dan is het wel de rijke bovenlaag van de bevolking laten bepalen welke kunst en cultuur in Nederland mag overleven.

Als er iets elitair is, dan is het wel het mecenaat.

In oktober vorig jaar kopte de Volkskrant nog: ‘Cultuursector kan klappen opvangen met donateurs’! Particuliere gevers zouden bereid zijn om financiële steun te geven aan kunstinstellingen. De vraag is alleen: wie zijn die particuliere gevers? Zijn dat de bakkers, de studenten, de secretaresses en de verpleegkundigen? Of zit het echt grote geld bij de rijke witte oude mannen die Marja tegenkwam?

De mecenas als vervanger voor overheidssubsidies zal een kunstsector opleveren waar ik me als jonge vrouw niet thuis zal voelen. Evenmin zullen Henk, Ingrid en Achmed zich aangesproken voelen door de geliefde clubjes van de mecenas. Als de witte oude mannen van Marja het mogen bepalen, dan overleven het Concertgebouworkest, de Opera en het Nationaal Ballet ongetwijfeld. Maar de Melkweg, het Productiehuis MC en het Bijlmerparktheater – waar het publiek doorgaans wit noch oud is – zullen hun deuren moeten sluiten.

Natuurlijk is het goed als het makkelijker wordt voor liefhebbers om geld te schenken aan hun favoriete instelling. Natuurlijk is het goed als instellingen meer kennis in huis hebben om geld uit de markt te halen. Maar het mecenaat is absoluut geen panacee voor de komende bezuinigingen.

In 1917 werd onder de liberale premier Cort van der Linden het censuskiesrecht afgeschaft. Als we echt vinden dat de mecenaten het voor het zeggen moeten hebben, laten we dan gewoon het censuskiesrecht weer invoeren. Tot die tijd is het de taak van de overheid – ook onder leiding van de huidige liberale premier – om kunstinstellingen draaiende te houden.


donderdag, 6 oktober 2011

Léon Dekkers

Léon Dekkers

Hyves Twitter

Steve Jobs 1955 -2011

In apple, ios, ipad, iphone, nieuws, isad, rip, steve jobs, lucky, en meer.

 

 

Steve Jobs' gezin laat ons via Apple weten:

Steve died peacefully today surrounded by his family.

In his public life, Steve was known as a visionary; in his private life, he cherished his family. We are thankful to the many people who have shared their wishes and prayers during the last year of Steve's illness; a website will be provided for those who wish to offer tributes and memories.

We are grateful for the support and kindness of those who share our feelings for Steve. We know many of you will mourn with us, and we ask that you respect our privacy during our time of grief.

Tim Cook

Apple has lost a visionary and creative genius, and the world has lost an amazing human being. Those of us who have been fortunate enough to know and work with Steve have lost a dear friend and an inspiring mentor. Steve leaves behind a company that only he could have built, and his spirit will forever be the foundation of Apple.

We are planning a celebration of Steve's extraordinary life for Apple employees that will take place soon. If you would like to share your thoughts, memories and condolences in the interim, you can simply email rememberingsteve@apple.com.

No words can adequately express our sadness at Steve's death or our gratitude for the opportunity to work with him. We will honor his memory by dedicating ourselves to continuing the work he loved so much.

Our thoughts and prayers are with his wife Laurene and his children during this difficult time.

Barack Obama

Michelle and I are saddened to learn of the passing of Steve Jobs. Steve was among the greatest of American innovators – brave enough to think differently, bold enough to believe he could change the world, and talented enough to do it.

By building one of the planet's most successful companies from his garage, he exemplified the spirit of American ingenuity. By making computers personal and putting the internet in our pockets, he made the information revolution not only accessible, but intuitive and fun. And by turning his talents to storytelling, he has brought joy to millions of children and grownups alike. Steve was fond of saying that he lived every day like it was his last. Because he did, he transformed our lives, redefined entire industries, and achieved one of the rarest feats in human history: he changed the way each of us sees the world.

The world has lost a visionary. And there may be no greater tribute to Steve's success than the fact that much of the world learned of his passing on a device he invented. Michelle and I send our thoughts and prayers to Steve's wife Laurene, his family, and all those who loved him.

Bill Gates

I'm truly saddened to learn of Steve Jobs' death. Melinda and I extend our sincere condolences to his family and friends, and to everyone Steve has touched through his work.

Steve and I first met nearly 30 years ago, and have been colleagues, competitors and friends over the course of more than half our lives.

The world rarely sees someone who has had the profound impact Steve has had, the effects of which will be felt for many generations to come.

For those of us lucky enough to get to work with him, it's been an insanely great honor. I will miss Steve immensely.

Warren Buffett

He was one of the most remarkable business managers and innovators in american business history.

Mark Zuckerberg

Steve, thank you for being a mentor and a friend. Thanks for showing that what you build can change the world. I will miss you.

Bob Iger (Disney)

Steve Jobs was a great friend as well as a trusted advisor. His legacy will extend far beyond the products he created or the businesses he built. It will be the millions of people he inspired, the lives he changed, and the culture he defined. Steve was such an "original," with a thoroughly creative, imaginative mind that defined an era. Despite all he accomplished, it feels like he was just getting started. With his passing the world has lost a rare original, Disney has lost a member of our family, and I have lost a great friend. Our thoughts and prayers are with his wife Laurene and his children during this difficult time.

Eric Schmidt

Steve Jobs is the most successful CEO in the U.S. of the last 25 years. He uniquely combined an artists touch and an engineers vision to build an extraordinary company… one of the greatest American leaders in history.

Michael Dell

Today the world lost a visionary leader, the technology industry lost an iconic legend and I lost a friend and fellow founder. The legacy of Steve Jobs will be remembered for generations to come. My thoughts and prayers go out to his family and to the Apple team.

Larry Page (Google)

I am very, very sad to hear the news about Steve. He was a great man with incredible achievements and amazing brilliance. He always seemed to be able to say in very few words what you actually should have been thinking before you thought it. His focus on the user experience above all else has always been an inspiration to me. He was very kind to reach out to me as I became CEO of Google and spend time offering his advice and knowledge even though he was not at all well. My thoughts and Google's are with his family and the whole Apple family

Sergey Brin (Google)

From the earliest days of Google, whenever Larry and I sought inspiration for vision and leadership, we needed to look no farther than Cupertino. Steve, your passion for excellence is felt by anyone who has ever touched an Apple product (including the macbook I am writing this on right now). And I have witnessed it in person the few times we have met.

On behalf of all of us at Google and more broadly in technology, you will be missed very much. My condolences to family, friends, and colleagues at Apple.

Randall Stephenson (AT&T)

We are saddened by the passing of Steve Jobs. Steve was an iconic inventor, visionary, and entrepreneur, and we had the privilege to know him as partner and friend. All of us at AT&T offer our thoughts and prayers to Steve's wife, family, and his Apple family.

Rupert Murdoch (News Corp)

Today, we lost one of the most influential thinkers, creators and entrepreneurs of all time. Steve Jobs was simply the greatest CEO of his generation. While I am deeply saddened by his passing, I'm reminded of the stunning impact he had in revolutionizing the way people consume media and entertainment. My heart goes out to his family and to everyone who had the opportunity to work beside him in bringing his many visions to life.

George Lucas

The magic of Steve was that while others simply accepted the status quo, he saw the true potential in everything he touched and never compromised on that vision. He leaves behind an incredible family and a legacy that will continue to speak to people for years to come.

 

Overgenomen van www.macfreak.nl

Share

woensdag, 5 oktober 2011

Koen Martens

Koen Martens

Linkedin Last.fm

PostgreSQL conference Europe in Amsterdam

In english, europe, science 'n stuff, activities, google, amsterdam, training, website.

PostgreSQL Conference Europe 2011 starts 2 weeks from today in the beautiful city of Amsterdam in the Netherlands. This is the fourth annual conference hosted by PostgreSQL Europe, following on from extremely successful events in Prato (Italy), Paris and Stuttgart, and is aimed at developers, DBAs, technologists and decision makers either using, or considering using the world’s most advanced Open Source database.

This year we have four days on the schedule, with a kick-off day of training sessions hosted by respected PostgreSQL developers such as Greg Smith, Bruce Momjian, Magnus Hagander, Guillaume Lelarge and more. Topics will cover performance tuning, application development, database administration, replication & high availability and geospatial. The training sessions are available on their own, or as part of a regular conference attendance at additional – but very reasonable – cost.

We had a record number of talk proposals submitted this year but we’ve resisted the urge to host even more sessions in parallel – in fact we’ve reduced the number of parallel sessions to three as we all know how frustrating it can be when more than one that you want to see are at the same time. Instead we’ve extended the conference by a day to accomodate over 40 different sessions, which has the added bonus of allowing an additional night of social activities – always a great way to discuss the latest technologies, trends and ideas with other Postgres users over a beer or two.

We’ve got a great range of topics for this year, covering new features in PostgreSQL 9.1 and beyond, developing applications, running Postgres in the cloud, hacking PostgreSQL internals, tools and add-on products and managing large databases, presented by a wide cross-section of users and developers, including a number of this year’s Google Summer of Code students who will talk about their work. You can view the complete schedule on the conference website: http://www.postgresql.eu/events/schedule/pgconfeu2011/

Our opening keynote this year will be presented by Ram Mohan, EVP and CTO of Afilias who manage the .info, .org and .mobi top level domains using Postgres. Ram will be discussing the business decisions and strategy around their use of PostgreSQL. Our closing keynote will be presented by Ed Boyajian, President and CEO of EnterpriseDB who will discuss PostgreSQL’s role in the post-Oracle era.

So, if you haven’t done so already, head on over to the website at http://2011.pgconf.eu/registration/ to register as an attendee to avoid missing out on what promises to be an outstanding conference in an fantastic location. See you in Amsterdam!

vrijdag, 22 juli 2011

Mirella van Leeuwen

Mirella van Leeuwen

Schaarsteprincipe en Google Plus.

In psychologie, cognitieve dissonantie, google plus, google, schaarsteprincipe, links, media, mensen, social media, en meer.
Al dagen probeer ik een Google Plus account te krijgen. Het nieuwe social media project van google. Ik weet niet of er nog mensen zijn die niet weten wat het is, maar tik maar eens #googleplus in, in...

[[ This is a content summary only. Visit my website for full links, other content, and more! ]]

zaterdag, 2 juli 2011

Jeroen

Jeroen

Proefvaart

In zeilen, kano, peddel, waterman 13, google, verkeer, link.

Hier en daar moeten nog wat lakfoutjes worden bijgewerkt, maar vanochtend de proefvaart gemaakt. Rondje door het dorp. Mooie karpers zien zwemmen en je kunt door het riet op de meeste plaatsen het verkeer niet eens zien. Vanmiddag nog wat verder weg?

vrijdag, 24 juni 2011

Sander Lochtenberg

Sander Lochtenberg

Twitter

Reactie op Machiavelli in de klas door Faye

In gewoon, google, hoop, organisatie, studenten, vriendschap.

Hallo Sander,

Zoals beloofd, zou ik u op de hoogte brengen.

Ik heb haar gesproken en heel veel onzekerheden zijn ook uitgesproken. We hebben samen een melding gemaakt mij haar co-ordinator. Deze ken mij ook erg goed en ziet in dat er niets verkeerds aan de hand is wat niet toegestaan is.

De band is vriendschappelijk en de band tussen mij en de betreffende docent is gewoon een stukje hechter dan van andere studenten met deze docent. Omdat deze docent een rol vervult als studenbegeleidster en daarmee dus simpelweg ‘alleen’ een buddy is voor studenten, kan het gewoon, dus dat is er fijn.

Nu heb ik vernomen dat er een hoop gaat veranderen binnen de organisatie, dus ze zal alleen nog maar een aantal bepaalde klassen begeleiden, de mijne valt hier (gelukkig) niet onder, waardoor de vriendschap gewoon kan blijven.

Ik ontdekte net dat deze berichten te vinden zijn via Google en andere zoekmachines dus ik vroeg me af of (des noods alleen mijn naam gewijzigd) ze verwijderd kunnen worden. Ik zag dat ik dat niet kan.

Vriendelijk bedankt voor uw advies en mening!

Groet,

Faye.

Selçuk Akinci

Selçuk Akinci

Twitter Youtube GR

De Brief

In dagelijks leven, internet, brieven, de wereld, gevonden, google, kant, lezen, mensen, en meer.

Breda, 19 juni 2011

‘Waarom sturen mensen eigenlijk nooit meer een brief?’, vroeg hij zich af. Via twitter. Ik vond het eigenlijk wel een intrigerende vraag. Want een brief is in essentie natuurlijk een gruwelijk mooi medium.

Rationeel gezien kon ik de antwoorden allemaal wel verzinnen. Brieven zijn traag. Ze doen er een dag over om aan te komen, nog eens een halve dag om gevonden en gelezen te worden en God weet hoe lang voor je er een antwoord op krijgt. We zijn te ongeduldig geworden voor brieven. Tegenwoordig moet alles meteen,. Directe bevrediging, dat willen mensen.

Ik ben dol op internet. Geen spontaan opgekomen vraag waarop Google en Wikipedia via een smartphone niet du moment een antwoord op kunnen leveren. De verwondering over vraagstelling heeft plaats gemaakt voor verwondering over de technologische capaciteit hierop direct een antwoord te produceren.

Wat we gaande op onze reis langs steeds verdergaande digitalisering een beetje zijn krijtgeraakt is ons geduld. Niet alleen het geduld om te wachten op een reactie. Nee, vooral ons geduld om een mooie brief op te stellen. Om na te denken over elke zin die je opschrijft. Om nog eens na te lezen, voordat je op enter drukt. De enter-toets is de postzegel van weleer.

Ergens heb ik nog een doos liggen met brieven. Brieven die ik ontving. Ik vraag me af of de afzender al mijn brievenb ook nog ergens heeft liggen. Penvrienden, mensen aan de andere kant van het land of de wereld, waarmee je brieven uitwisselt. Ik vraag me af of ze nog bestaan, mensen die elkaar om de pak ‘m beet drie weken een brief sturen. Ik vraag me af of ze nog aangevuld worden met vers materiaal, die schoenendozen met brieven.

Ik deed er opgeteld misschien wel vier uur over, maar ik heb het gedaan. Voor het eerst sinds jaren heb ik weer een echte brief gestuurd. Handgeschreven. Met vulpen. Het is een lesje nederigheid. Een les in geduld. Al dagen kijk ik elke ochtend op de mat om te kijken of er al een antwoord binnen is. De spanning is welhaast ondraaglijk.

vrijdag, 27 mei 2011

Femke Halsema

Femke Halsema

Hyves Twitter TK

Leonardolezing: Politiek in de jaren nul

In speeches, gedachte, geert wilders, geloof, geschiedenis, gevaar, gevonden, geweld, gewoon, en meer.

Website van de Leonardo-leerstoelLeonardolezing, uitgesproken 26 mei 2011 op de Universiteit van Tilburg

Dames en heren,

Goedemiddag,

De politiek verlaten veroorzaakt een forse breuk in je bestaan. Eén die je ook nauwelijks kan voorvoelen, zolang je er deel van uitmaakt. Dat geldt òòk als er geen sprake is van een overhaaste aftocht na de val van een kabinet, een incident of een misstap en je jezelf plotseling en in shock terugvindt achter de geraniums.
Ik had mijn vertrek grondig voorbereid en ook wel tussen de bedrijven door nagedacht over de periode erna. Maar veel verder dan uitslapen, boeken lezen, met mijn kinderen spelen en vrienden zien, kwam ik niet. De allesoverheersende gedachte was ‘vrij zijn’ van dwang, druk en het heilige moeten. Maar wat je je onvoldoende realiseert, is dat ‘vrij zijn’ een geestesgesteldheid is die je als politicus juist grondig afleert.

Politici zijn onvrij, èn laten zich onvrij maken, en dat heeft een aantal redenen.
Er is de drukte die veel beroepen op hoog niveau kenmerkt: de agenda wordt door iemand anders gevuld, werkdagen van 12 uur zijn bepaald geen uitzondering en vanaf het opstaan tot het slapengaan jaagt de adrenaline door je bloed.
Ik merkte bijvoorbeeld – en heel simpel – dat ik de krant opnieuw moest leren lezen. Het obsessieve, gespannen scannen van het binnenlandse nieuws op je eigen naam, die van je collega’s en je tegenstanders, het in no-time willen inschatten van de politieke gevaren en risico’s die de krant herbergt, verworden geleidelijk tot een gewoonte. PVV-kamerlid Fleur Agema vertelde ooit bij Pauw & Witteman dat zij elke zaterdag om 6 uur opstond om bij het benzinestation de Telegraaf te kopen. Zodoende wist zij zeker dat zij als eerste van alle Kamerleden mondelinge vragen kon indienen over willekeurig welk incident. Hoe absurd misschien ook het voorbeeld, de onrust en drift waarvan Agema getuigt is geen enkele politicus vreemd.
En zo zijn er meer ingesleten gewoonten: tv-kijken betekent zappen; gesprekken voer je kort en dikwijls instrumenteel, met het oog op het te boeken resultaat; zoals de boeken die je leest vooral ‘nuttig’ moeten zijn voor je politieke handelen. Multitasken is verheven tot een hogere kunst van gelijktijdig telefoneren, internetten, medewerkers instrueren, een debat voorbereiden enzovoort.

Wat het politieke bestaan, als tweede, in hoge mate onvrij maakt is de permanente publieke druk, en de noodzaak èn wil om zichtbaar te zijn. Warren Beaty merkte ooit op over zijn toenmalige minnares Madonna dat zij niet bestond als de camera’s niet draaiden: ‘Why would you say something if it’s off-camera? What point is there existing?’
Politici, zeker de toonaangevende, worden regelmatig en, niet onterecht, bespot omdat ze opduiken in de meest wonderlijke talkshows, RTL-boulevard presenteren en hun oordeel geven over elke denkbare, triviale gebeurtenis. Maar – behalve vanzelfsprekend ijdelheid – hebben zij daarvoor ook goede redenen. Blijvende bekendheid & populariteit zijn namelijk harde voorwaarden voor verkiezingswinst, het kunnen realiseren van je opvattingen en idealen, en de eventuele deelname aan de macht.
Bijvoorbeeld. Toen ik eind 2002, krap 2 maanden voor de verkiezingen, aantrad als nieuwe lijsttrekker, was het grootste probleem mijn geringe naamsbekendheid. Minder dan 30% van de bevolking wist van mijn bestaan. Om ook maar enige rol van betekenis te kunnen spelen tijdens de verkiezingen moest dat razendsnel omhoog naar minimaal 80% en dat betekende een slopende gang langs koffieprogramma’s en vrouwenbladen.
Maar ook jaren daarna, toen ik over bekendheid weinig te klagen had, bleef de noodzaak om zichtbaar te zijn even groot. De meeste kiezers bepalen hun voorkeur namelijk maar deels op politieke opvattingen. Minstens zo belangrijk is hun intuïtieve voorkeur voor de waarden die een politicus vertegenwoordigt, zijn betrouwbaarheid & zijn aardigheid. Opvattingen, levensstijl, humor of de ontroering waarvan een politicus blijk geeft, moeten met elkaar in overeenstemming, en consequent zijn. Zo betekenden in mijn geval de bekende journaalbeelden waarin ik hevig debatteerde met bijv. Rita Verdonk of Geert Wilders ook een gebrekkig electoraal imago van bijterigheid (dan zeg ik het mild).
Het beeld van een politicus dat kiezers opbouwen bestaat uit korte fragmenten, waarbij juist de negatieve het beste beklijven. Reparatie van een onplezierig of onhandig imago kost tijd – televisietijd – en wint aan kracht door herhaling. Voor mij gold in ieder geval dat ik zeker 2 jaar talkshows als ‘Barend & Van Dorp bij elkaar gelachen had, voordat het kwartje viel bij veel kiezers dat ik niet alleen fel kon debatteren, maar misschien ook gewoon een aardige vrouw was aan wie je je kostbare stem kon toevertrouwen.

De druk èn de wil om geregisseerd en beheerst maar ook onophoudelijk zichtbaar te zijn, is niet alleen tijdrovend, maar het beperkt ook je uitingsvrijheid als politicus.
Elke politicus kan getuigen van een slip of the tongue die tot vervelens toe op televisie en op internet zijn herhaald. Balkenende denkt wellicht met weinig plezier terug aan zijn uitspraak tegen mij over de VOC-mentaliteit: ‘Laten we blij zijn met elkaar. Nederland kan het weer! (..) Toch?’ Maar het beëindigde niet voortijdig zijn carrière, wat wel gebeurde met VVD-kamerlid Arend Jan Boekestijn die vooral naam maakte met onhandige opmerkingen, zogenaamde ‘Boekestijntjes’.

De belangrijkste reden waardoor politici onvrij zijn is de tirannie van de tijd en de maatschappelijke omgeving. Daarmee bedoel ik het volgende. Het is voor politici bijna onmogelijk om een bezonken en beredeneerd oordeel te vellen over het politieke bestel waarin zij hun werk doen. Of de maatschappelijke cultuur te analyseren en te bekritiseren waarvan zij tegelijkertijd de drager zijn, waar zij uit voortkomen en hun populariteit aan ontlenen. Politici worden geacht mee te varen op de stroom van maatschappelijke en culturele sentimenten, de tijdsgeest aan te voelen en deze te vertolken. Doen zij dat niet of bekritiseren zij juist de tijdsgeest, dan riskeren zij kiezers, populariteit en uiteindelijk hun positie. Kortom, dan dreigen zij ineffectief te worden.
Maar vrijwel alle politici die ik de afgelopen jaren heb leren kennen, worstelen er ook mee dat ‘de waan van de dag’, zo dikwijls de koers van een debat en de richting van een besluit dicteert. Met de ‘waan’ bedoel ik niet het laatste incidentje uit de Telegraaf dat bij de wekelijkse mondelinge vragen de boventoon voert – hoewel dat ook ergerlijk is. Ik bedoel dat de woorden en onderwerpen die politici kiezen aan maatschappelijke en politieke modes onderhevig zijn en dat die modes dwingend zijn. Simpel gezegd. Geen zichzelf respecterende politicus wil op dit moment thee drinkend en al ‘multiculturaliserend’ in een moskee betrapt worden, ook al zouden daar goede redenen voor zijn. Thee drinken staat voor slapte. Zoals ook geen politicus nu met groot enthousiasme lagere straffen verdedigt, hogere belastingen, gescheiden zwemmen, de vrije verkoop van Mein Kampf enzovoort. Er is een grote omloopsnelheid in de populariteit van politieke onderwerpen. Tegen de dominantie van een kulonderwerp kun je je verzetten, je kan media in hun eenzijdige belangstelling tot de orde willen roepen, maar dan strand je meestal als roepende in de woestijn. Het is bijna onvermijdelijk om je te voegen naar de onderwerpen die gelden als het meest urgent, het meest ernstig – en daarbinnen de variatie te zoeken. Dat is niet uit lafheid of opportunisme maar uit noodzakelijk en gezond lijfsbehoud.

Mocht u na deze inleiding denken dat ik somber ben over de kwaliteit en kracht van politici: nee, geenszins. Wat ik zo-even opsomde zijn de disciplinerende, onvrij makende mechanismen van moderne politiek, mechanismen die – zo zal ik verderop betogen – alleen maar sterker en dwingender worden, en waaraan politici zich slechts met moeite en risico’s kunnen onttrekken.

Maar vandaag verdedig ik ook de stelling dat cultuurkritiek en het opnieuw beoordelen van het politieke bestel en handelen hard nodig zijn. Dat het meedeinen op het tij van maatschappelijke en culturele verandering – niet volstaat. Dat kon misschien in eerdere perioden in onze naoorlogse geschiedenis – waar bijvoorbeeld een oud-politicus zoals Marcel van Dam hoog over opgeeft – nog wel. Maar toen volstond ook om, tegenover de dreiging van de Russen een bataljon tanks aan onze oostgrens te plaatsen. Nu is de maatschappelijke deining te groot en is te onbestemd waar en hoe de golven op de kust slaan.

_____________

Sinds begin februari hebben mijn studenten en ik onderzoek gedaan naar wat ik in de opdracht van de Leonardo-masterclass heb beschreven als ‘De politieke betekenis van de jaren nul’ (de eerste 10 jaar van deze eeuw).

Maar laat me ze eerst even aan u voorstellen: Juliette Barendse, Linde Gasseling, Sabine Geers, Suzanne Keurntjes, Loes Mahieu, Madelene Munnik, Vera Nijveld, Michael Suurendonk, Pauline Verstraten en Eefje Wielders.

Zij hebben de afgelopen maanden literatuurstudie verricht en gesprekken gevoerd – variërend van Mark Rutte tot Hans Laroes, van Herman Tjeenk Willink tot Paul Scheffer. Zij hebben een middag meegelopen bij de redactie van Nieuwsuur, aangezeten bij de fractievergadering van een niet nader te noemen politieke partij en de Haagse sociëteit Nieuwspoort verkend. Zij hebben – aan de hand van eigen stellingen – een debat georganiseerd met studenten van de Tilburgse ROC. En uiteindelijk hebben zij twee keer, in groepjes van drie, een essay geschreven.

Wat ik hier vertel is ook gebaseerd op hun analyses, conclusies en aanbevelingen, wat niet wegneemt dat anekdotes en – zeker – de drastischer opvattingen en conclusies wel degelijk voor mijn eigen rekening komen.

De afgelopen jaren (bijvoorbeeld ook in mijn afscheidsbundel ‘Zoeken naar vrijheid’) heb ik vaak opgemerkt het gevoel te hebben getuige te zijn van een historische politieke tijd. Aantredend als Kamerlid in de tweede Paarse periode in 1998, kenmerkten de politiek en samenleving zich door een grote bezadigdheid. Politiek betekende wat schaven en lasten verlichten en nog eind 2001, toen Pim Fortuyn al heel populair was, bleek uit onderzoek dat de Nederlandse bevolking zeldzaam tevreden was. Er leken – eigenlijk tot de aanslag op de Twin Towers in september 2001 – weinig maatschappelijke en politieke voorbodes voor het tumult dat volgde.

De gedachte getuige te zijn van een historische politieke tijd ontleende ik aan het boek van Ido de Haan over de Nederlandse constitutie: ‘Het beginsel van leven en wasdom’ Hij betoogt daarin dat Nederland tussen 1848 en 1920 in het teken stond van constitutionele politiek. Volgens De Haan draaide het toen niet zozeer om een faire uitvoering van de politieke regels, als wel om het vaststellen van de regels zelf. In die periode werd bijvoorbeeld de staatssoevereiniteit vastgesteld, de scheiding tussen kerk en staat, het vrouwenkiesrecht en de vrijheid van onderwijs. Na 1920 brak een lange periode aan van zgn. ‘normale politiek’. Onze constitutie stond als een huis en werd door politici van alle gezindten als begrenzing geaccepteerd. Zelfs in de jaren zestig en zeventig, jaren van grote maatschappelijke onrust, concentreerde het politieke en maatschappelijke debat zich vooral op de herverdeling van welvaart en rechtvaardigheid, binnen de normatieve grenzen van de grondwet.
Volgens De Haan is pas aan het einde van Paars, versneld door de aanslag op de Twin Towers, de lange periode van ‘normale politiek’ ten einde gekomen en zijn wij opnieuw aangeland in een periode van constitutionele politiek. Of zoals de Haan het somber opsomt: ‘We hebben te maken met een partijenstelsel dat niet langer de verdeeldheid in de samenleving weerspiegelt, een parlement dat zijn centrale plaats daarin verliest en een staat die vastdraait in zijn ambities van herverdeling en rechtvaardigheid. De staat en de samenleving zullen zich opnieuw moeten grondvesten.’ (Tot dusver Ido de Haan)

Terugkijkend op de afgelopen 13 jaar, zijn onmiskenbaar de grootste en hevigste debatten ‘constitutioneel’ geweest. Beginnend wellicht met het venijnige conflict dat volgde op de uitspraken van Pim Fortuyn over artikel 1 van de grondwet: het discriminatieverbod, als sta-in-de-weg van de vrije meningsuiting. Wat volgden waren talloze debatten over de reikwijdte van de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van onderwijs.
Zo kon het gebeuren dat het parlement debatten voerde over de noodzaak en de plicht elkaar de hand te schudden, omdat dit niet langer werd beschouwd als een vriendelijke gewoonte – en het afwijken ervan als een rariteit -maar als een nationale testcase voor onze tolerantie, vrouwvriendelijkheid en ons gelijkheidsdenken. En in dit geval legde het recht van vrije expressie – in de opvatting van de dienstdoende minister Verdonk – het genadeloos af tegen het discriminatieverbod (dat zij op andere momenten met hartstocht relativeerde).
Nieuw was ook het bediscussiëren van de betekenis van godsdienst, en in het bijzonder de Islam, in het parlement zelf. De dominante uitleg van de scheiding tussen kerk en staat was voordien dat politici geen oordelen vellen over geloof. Ook de verhouding in de Trias Politica wijzigde zich, sinds politici zich actief bemoeien met lopende rechtszaken en de benoeming van rechters niet langer beschouwen als een hamerstuk maar tot inzet maken van partijpolitieke strijd (zoals de nieuwe Raadsheer Ybo Buruma overkwam). En hetzelfde kan gezegd worden over de positie van het staatshoofd, die vorige zomer hardhandig buitenspel is gezet bij de vorming van een minderheidskabinet.

Ik denk dat mijn studenten en ik er niet over van mening verschillen dat we inderdaad een periode van maatschappelijke en politieke turbulentie doormaken.
Wel hebben wij samen het idee begraven dat er sprake is van een harde omslag in de politieke geschiedenis die zich concentreert in 1 decennium en is veroorzaakt door de aanslag op de Twin Towers en de politieke moorden op Pim Fortuyn en Theo van Gogh. Maatschappelijke en culturele verwarring lijkt eerder het gevolg van geleidelijker, maar evenzeer ingrijpende veranderingen. Veranderingen waarvan de politieke moorden in Nederland en 9/11 in de Verenigde Staten wel machtige symbolen zijn.

Samen, de studenten en ik, hebben we er drie grote en geleidelijke veranderingen uitgelicht die naar onze opvatting met name de afgelopen 10 jaar groot effect hebben gehad op de politieke verhoudingen en het politieke handelen. Deze veranderingen, als ook de effecten op de politiek, hebben de studenten onderzocht en in hun essays beschreven.

1.
De eerste grote verandering is globalisering en de definitieve vestiging van een risicomaatschappij. Deze is de afgelopen decennia in tientallen studieboeken beschreven en de vaststelling dat Nederland onderdeel is geworden van een internationale, globale en kwetsbare risicomaatschappij is bepaald niet nieuw.
Nieuw is wel de hardhandigheid waarmee globalisering de afgelopen jaren onze huiskamers en het parlement is binnengewalst. Als student leerde ik aan het einde van de jaren tachtig al over de ‘risicomaatschappij’ die het gevolg was van globalisering, waarbij de kernramp in Tsjernobyl het meest tot de verbeelding sprekende voorbeeld was. Maar afgezien van een enkele dioxinekoe, leek het met de aanwezigheid van onbeheersbare, wereldwijde risico’s wel mee te vallen.
Die illusie van relatieve veiligheid zijn wij inmiddels wel kwijt.
Inmiddels hebben we hardhandig de gevolgen ondervonden van een aantal
wereldwijde, financiële en economische crises.
Ik kan me goed herinneren dat over de Algemene Beschouwingen van 2008 de dreiging hing van een aanstormende financiële crisis. Maar zelfs toen vlak daarna de Amerikaanse Bank Lehman Brothers omviel, was van groot alarm in de Haagse politiek en in de samenleving nog geen sprake. Het beperkte zich tot een droge notie van risico’s waarop de Nederlandse regering, mocht er iets gebeuren, ‘adequaat’ – in het betere Haagse jargon – zou reageren. Dat is overigens ook gebeurd.
Maar ik kan niet verhullen dat het dreigende omvallen van Nederlandse banken en de duizelingwekkende bedragen die de Nederlandse regering vervolgens beschikbaar moest stellen, ook voor mij een schokkende eye-opener van internationale kwetsbaarheid waren. De razendsnel oplopende staatsschuld, de toenemende werkloosheid in Nederland door onverantwoord gedrag van bankiers en hypothecairs in de Verenigde Staten, was en bleef een nauwelijks te bevatten samenloop van gebeurtenissen en omstandigheden.
En kwetsbaarheid voor internationale risico’s heeft zich niet beperkt tot de financiële markt en de economie. De afgelopen jaren zijn we geconfronteerd met de
razendsnelle verspreiding van ook voor mensen gevaarlijke dierziekten en heeft de wereldwijde klimaatverandering bijvoorbeeld moeten leiden tot een kostbaar plan voor dijkverhoging en dijkbewaking. De aanslag op de Twin Towers en daarop volgend die in Madrid en Londen hebben de zekerheid te leven in een relatief geweldsloze en veilige samenleving voor veel mensen ondermijnd. Internationaal conflict en geweld houden zich ook in onze achtertuin op, worden hier geboren en groot gebracht: zoveel werd vooral bij de moord op Theo van Gogh duidelijk.

Om een beter zicht te krijgen op het effect van internationale crises en risico’s op de Nederlandse politiek hebben de studenten onderzocht hoe in Nederland is omgegaan met de Mexicaanse griep. Dit griepvirus, eerst de varkensgriep genoemd, kreeg vanaf het voorjaar van 2009 delen van de wereld in de greep, zeker toen bleek dat door besmetting niet alleen dieren maar ook mensen dood konden gaan. Inmiddels staat de teller wereldwijd op bijna 19.000 slachtoffers. In Nederland heeft de regering, onder verantwoordelijkheid van minister Klink, snel en ingrijpend gereageerd. Er waren folders en internetsites, risicogroepen kregen het advies zich preventief te vaccineren en er zijn 34 miljoen griepvaccins aangeschaft. Uiteindelijk heeft de Mexicaanse griep in Nederland nooit werkelijk huisgehouden.

Terugkijkend op de politieke besluitvorming valt vooral de grote en oncontroleerbare rol op die deskundigen spelen. Minister en parlement ontbeerden de specialistische kennis die inschatting van de gezondheidsrisico’s vergde en moesten zich in het geheel verlaten op de Gezondheidsraad, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de World Health Organisation (WHO). Het waren ook de deskundigen die de minister en vervolgens de kamer voor een keuze plaatsten. Men kon 1. ‘afwachtend beleid’ voeren maar dit had een ‘risico voor de nationale gezondheid’ of men kon 2. ‘preventief beleid’ voeren, dat een financieel risico droeg.
Zo geformuleerd hoeft het weinig verbazing te wekken dat Nederland – als één van heel weinige landen – overging tot de peperdure aanschaf van een astronomisch aantal griepvaccins. De keuze was dan ook eigenlijk geen keuze maar een fait accompli omdat geen verantwoordelijk politicus uiteindelijk geld boven de gezondheid van de bevolking zal plaatsen.
Achteraf is er discussie ontstaan over de onbevooroordeeldheid van de deskundigen, de mogelijke rol van de farmaceutische industrie, en het oordeelsvermogen van politici. Dat vind ik terecht.

Meer in het algemeen kun je stellen dat globalisering en internationale crises politici in heel grote mate afhankelijk maken van deskundigen, wier achtergronden, motieven en belangen – anders dan die van politici – dikwijls slecht controleerbaar zijn. Waarvan op het moment dat zij dwingende adviezen geven ook nauwelijks bekend is dat zij zelf over de juiste en noodzakelijk informatie beschikken. De President van de Nederlandse Bank, de heer Wellink, heeft bijvoorbeeld achteraf aangegeven dat ook de Nederlandse Bank en hij zelf onvoldoende op de hoogte waren van de financiële producten waarin banken handelden en de risico’s die deze in zich hadden. Toch voer de regering volledig op de Nederlandse Bank.

2.
Globalisering is niet de enige grote, geleidelijke verandering die de politiek beheerst. Even ingrijpend is – om het eens in chique wetenschappelijke termen te zeggen – het gewijzigde paradigma van multiculturalisme.
Kort gezegd, is multiculturalisme in Nederland lang het bewijs geweest van vrijheid. In ons vrije, democratische land zou ruimte zijn voor andersdenkenden, andere tradities en gebruiken. Door de kracht van onze rechtsstaat, door onze tolerante inborst, ons democratisch bestel en de maatschappelijke mogelijkheden voor sociale stijging, zouden wij ook de komst van grote groepen vreemdelingen gemakkelijk kunnen opvangen. En belangrijker nog, binnen de grenzen van de rechtsstaat werd heb alle ruimte gegeven om hun eigen gang te gaan.
Inmiddels wordt multiculturalisme niet meer beschouwd als een bewijs van vrijheid, maar als een regelrechte bedreiging van onze vrijheid. Tolerantie is niet langer een deugd die geprezen wordt maar synoniem geworden met ‘plooien, schikken en afkopen’ van eigenlijk onoverkomelijke verschillen, tegenstellingen en botsingen.

Het verdwijnen van het geloof in multiculturalisme is een gevolg van de hardnekkigheid van integratieproblemen en het dreigende ontstaan van een allochtone onderklasse (met overmatige criminaliteit en overlast onder allochtone jongeren). Het is ook een gevolg van de angst voor gewelddadig, Islamitisch fundamentalisme dat door de aanslagen is gevoed en ertoe leidt dat in Nederland levende en werkende moslims inmiddels achterdochtig worden beschouwd als wolven in schaapskleren.
Maar beide problemen – de hardnekkige integratieachterstanden en de zorg om gewelddadig Islamitisch fundamentalisme – zijn ook een dankbare voedingsbodem gebleken voor snel populair wordende populisten. Dat multiculturalisme inmiddels een scheldwoord is geworden, is in belangrijke mate hun verdienste. Dit zeg ik wel met enige ironie.

De studenten hebben de afgelopen maanden als casus studie gemaakt van de incidenten die er de afgelopen jaren zijn geweest rond Imams die weigerden de hand te schudden van, in de eerste plaats Minister Verdonk. Vooral de eerste keer dat een Imam, zichtbaar en publiek weigerde de minister de hand te schudden groeide snel uit tot een nationale rel. De minister vond dat er onvoldoende respect was voor het instituut ‘minister’ en voor haar als vrouw en liet weten dat handen schudden een Nederlandse plicht was.

Op basis van hun onderzoek naar het veranderde oordeel over multiculturalisme en de incidenten rond handen schudden merken de studenten op dat politici en het politieke debat zich los lijken te hebben gezongen van de rechtstatelijke kaders waarbinnen zij opereren. Bij de beoordeling van het gedrag van individuele en groepen burgers stellen zij zich minder de vraag ‘is dit onwettig’ maar veeleer de vraag ‘is dit onprettig’. Afwijkend gedrag wordt in toenemende mate als on-Nederlands en onprettig bestempeld en veroordeeld.
Veel burgers, veel media ook, zijn gecharmeerd van de daadkracht en flinkheid die spreekt uit deze stevige oordelen: met name populistische politieke stromingen die van het veroordelen van onprettig, on-Nederlands gedrag hun handelsmerk hebben gemaakt, hebben dan ook een grote electorale vlucht gemaakt
Tegenover de symbolische kracht van harde normatieve oordelen over soms kleine incidenten staat echter een grote politieke en beleidsmatige onmacht. Politici zijn namelijk wel degelijk gehouden en gebonden aan de grenzen van de democratische rechtsstaat, waar deze rechtstreeks voortvloeien uit de mensenrechtenverdragen. Ongeacht retoriek en vertoon van flinkheid kent het integratiebeleid de afgelopen 10 jaar nauwelijks verandering maar een grote stroperige continuïteit en traagheid. De problemen rond integratie, sociale achterstand en criminaliteit zijn de afgelopen jaren niet werkelijk verminderd.
Het zichtbare verschil tussen zeggen en doen in het debat over de multiculturele samenleving levert – zo voeg ik daar aan toe – politici en het politieke bestel inmiddels een serieus geloofwaardigheidsprobleem op.

3.
Als je de gevolgen van de grote maatschappelijke veranderingen rond globalisering en multiculturalisme bij elkaar optelt, dan kun je vaststellen dat politici zich in een lastig parket bevinden, of – wellicht beter – in een lastig parket hebben gemanoeuvreerd.
De grootste maatschappelijke problemen kennen dikwijls een internationale oorsprong, oplossing of vermindering ervan onttrekt zich daardoor vaker aan het handelingsvermogen van gewone Nederlandse politici. Daarbij zijn zij in toenemende mate afhankelijk van specialistische deskundigen, waarbij zij de belangen en de juistheid van deskundige meningen niet altijd even goed overzien. De verleiding van een vlucht in symbolische daadkracht, in flinkheid bij incidenten is levensgroot en deze route wordt dan ook regelmatig genomen.
Het parket wordt nog lastiger als de derde grote verandering van de afgelopen jaren in ogenschouw wordt genomen: de fragmentatie en verveelvoudiging van media en de groeiende invloed van nieuwe media, van internet, weblogs en twitter.

De opvallendste vaststelling van de studenten in het onderzoek dat zij hebben gedaan naar de invloed van de mediacratie op het politieke handelen is dat wordt onderschat dat media zelf in toenemende mate ten prooi zijn aan grote commerciële en economische belangen.
Tijdens een debat gisteravond bij DWDD tussen een vertegenwoordiger van ‘dode- bomen’ media en webloggers – waar de studenten en ik toevallig aanwezig waren -
werd die dwang van commercie nog eens zichtbaar.
De meest gelezen onderwerpen op weblogs en de digitale pagina’s van kranten variëren van ‘condooms met tandjes’ tot de borsten en billen van Kim Kardashian. Serieuze onderzoeksjournalistiek, analyses van ingewikkelde economische problemen leggen het in de lezersaandacht altijd af tegen relletjes met overspel, zich misdragende BN’ers, moord en doodslag. En waar de lezersaandacht minder is, verdwijnt ook de belangstelling van adverteerders, uitgevers en mediabedrijven. Hoofdredacteuren en journalisten staan onder grote druk om lezers – en daarmee adverteerders – waar voor hun geld te geven.

Voor politiek nieuws betekent dit dat ruzies en conflicten, swingende, harde uitspraken over bijvoorbeeld Islamitisch stemvee of Grieks wangedrag, veel makkelijker hun weg vinden in de media dan – ik noem maar wat – de achtergronden van de financiële crisis.

Ik begon deze lezing met de vaststelling dat politici onvrij zijn. Een politicus die langer meewil verhoudt zich tot de tijdsgeest en tot de onderwerpen die zijn kiezers en de media het meeste lijken bezig te houden.
Nu weet ik dat u stiekem denkt: ‘ja hoor eens, een moedige politicus kiest natuurlijk altijd zijn eigen weg, ongeacht de risico’s’. Natuurlijk, dat is ook zo. En er zijn talloze voorbeelden van moderne, moedige politici die dagelijks impopulaire onderwerpen agenderen en verdedigen. Politici die werk maken van onderwerpen als Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen, de noodzaak van nieuwe duurzame energiepolitiek, wereldwijde voedselzekerheid enzovoort, ondanks dat hen dit zo goed als onzichtbaar maakt in de media en daarmee voor kiezers. Zoals ook de moderne politiek talloze voorbeelden kent van politici die dwars tegen de voorspellingen in van peilingen – waar ik overigens ook nog een betoog zou kunnen opbouwen – electoraal risicovolle beslissingen nemen omdat zij een grote innerlijke noodzaak voelen. Mijn opvolger gaf bijvoorbeeld meteen na aantreden een visitekaartje af.

Ik verzet mij hevig tegen de gemakkelijke gedachte dat de kwaliteit van politici de afgelopen decennia minder is geworden of dat de politiek oppervlakkiger en vluchtiger is. Deze nostalgische gedachte die nog wel eens door oude politieke mastodonten wordt geuit, miskent eenvoudig dat de maatschappelijke en politieke omgeving waarin politici hun werk doen met name het afgelopen decennium ingewikkelder en risicovoller is geworden.

Dit neemt niet weg dat er alle reden is om de staat van de politiek en het handelen van politici opnieuw goed en hardhandig te doordenken.
Als ik terugkeer naar Ido de Haan en zijn analyse van ‘constitutionele politiek’ dan denk ik dat je inderdaad kan vaststellen dat, als een gevolg van globalisering, de grote problemen in de multiculturele samenleving en komst van een mediacratie, samenleving en politiek zich opnieuw – moeten – grondvesten.

Politici, gekozen vertegenwoordigers van het volk, zullen daarin onvermijdelijk leiding moeten nemen. Zij dragen wel degelijk de verantwoordelijkheid om oplossingen aan te reiken voor grote maatschappelijke problemen. Of het nu gaat om het verminderen van de werkloosheid die voortkomt uit de internationale economische crisis, het op orde brengen van de staatshuishouding, het verminderen van de sociale en integratieproblemen, het beter beheersbaar en controleerbaar maken van het bureaucratische pandemonium (zoals Volkskrantcolumnist Bert Wagendorp deze week zo mooi opmerkte) of het aanpakken van klimaat- en energieproblemen

In het tweede deel van de masterclass heb ik de studenten gevraagd om – met achterlating van al hun theoretische kennis – eens na te denken over de noodzakelijke veranderingen in het politieke bestel en het handelen van politici.

Ik geef u eerst twee heel alledaagse observaties van de studenten door, waar ik even om moest lachen maar die ook onmiskenbaar veelzeggend zijn.
Na gesprekken met politici en een bezoek aan het parlement, verzuchtten de studenten om beurten dat zij het in het parlement interessanter en ook gezelliger vonden dan zij dachten en dat politici aardiger, welwillender en ook redelijker waren dan hun beeld van hen was.
En vorige week meldde een student dat zij, bezig met de opmaak van het slotessay, eindeloos op Google had gezocht naar foto’s van samenwerkende, vriendelijk met elkaar pratende politici en dat zij die niet had kunnen vinden.

Moderne politici zijn dagelijks verwikkeld in een harde overlevingsstrijd, een strijd om media- en publieke aandacht, in een strijd om het behagen en binden van hun kiezers. Politici zijn met handen en voeten gebonden aan kiezersverwachtingen, populariteitsvereisten en politieke mores. Het maakt hen onvrij om met wat meer afstand de grote problemen van deze tijd te aanschouwen. Het kan hen ook in een isolement brengen van eigendunk en zelfgenoegzaamheid, zo lang het ze goed gaat.

Maar niet alleen zijn de internationale problemen en risico’s, en de afhankelijkheid van derden bij het begrijpen en beheersen ervan, te groot; de vlucht in symbolische daadkracht, symbolische debatten over vooral de multiculturele samenleving die – ondanks daadkrachtige en soms oorlogszuchtige taal – niet leiden tot verbetering van het dagelijkse leven van mensen, ondermijnen de geloofwaardigheid en uiteindelijke effectiviteit van politici. En dit gevaar van politieke machteloosheid en ineffectiviteit op de lange termijn bedreigt alle politici, ook de populisten die zich vooral verheugen over de electorale winst op de korte termijn.

Politieke samenwerking over partijpolitieke grenzen heen, kent een grote noodzaak. Het vermeerdert de gedeelde kennis, het vergemakkelijkt het sluiten van de noodzakelijke compromissen en van het samen regeren.
De studenten hebben bedacht dat het goed zou zijn om kiezers bij de verkiezingen niet meer enkel op de eerste partij van hun voorkeur te laten stemmen maar ook een tweede en een derde voorkeursstem te laten uitbrengen: een zogenaamd ‘songfestivalsysteem’. Het dwingt politici zich beter rekenschap te geven van de politieke ‘umwelt’ waarin ze opereren en al in campagnetijd actief naar coalities te zoeken en deze te verdedigen, waarmee zij na de verkiezingen zouden willen regeren. Afgelopen zomer leidde de vergaande polarisatie tussen politici tot een gefragmenteerde verkiezingsuitslag en een bijna onbestuurbaar land. De ervaringen van de formatie en de idiotie van de totstandkoming van het huidige minderheidskabinet, zouden zich niet moeten herhalen.
Een zelfde milde dwang tot samenwerking zou uit kunnen gaan van het bij de gewone verkiezingen mogen uitbrengen van een adviserende stem op een voorkeurscoalitie. Ook dan geldt dat politici minder uitgedaagd worden om het conflict te zoeken met de electorale concurrenten (zoals Mark Rutte tijdens de laatste verkiezingen deed met Jan Peter Balkenende) maar al tijdens de campagne publiek samenwerking te zoeken met de latere en meest gewenste regeringspartner.
Daarbij lijkt het ons goed als de partijdiscipline en de onderlinge partijtegenstellingen verminderen. Een voorstel van de studenten is om Kamerleden in het parlement niet meer gegroepeerd naar partij te laten plaatsnemen maar bijvoorbeeld op alfabetische volgorde waardoor zij vaker samen optrekken en samenwerken.
Zelf voeg ik daar nog een suggestie naar Italiaans voorbeeld aan toe. Daar kiezen de leden van de verschillende oppositiepartijen samen één oppositieleider. Ook dat leidt onvermijdelijk tot betere samenwerking: de leiders zullen minder geneigd zijn elkaar vliegen af te vangen of elkaar te herhalen. Daarbij verandert het de verhouding tussen de grote en de kleinere oppositiepartijen. Denkt u zich eens in: het zal lang niet altijd vanzelfsprekend zijn dat de leider van de grootste oppositiepartij ook de oppositieleider wordt, bij de andere, kleinere partijen zijn wellicht beter gekwalificeerde kandidaten.
Veel politici maken zich zorgen over de zogenaamde kloof tussen politiek en burgers. Zij gaan eens in de zoveel tijd ostentatief (met een camera op hun nek) in koffiehuizen zitten, de deuren langs om te flyeren en beleggen bijeenkomsten waar burgers hun gal kunnen spuien. Al deze, dikwijls symbolische ontmoetingen betekenen niet werkelijk dat er met burgers wordt samengewerkt. Burgers bezitten veel kennis over, en dagelijkse ervaring met maatschappelijke en bureaucratische problemen, vaker dan nu gebeurt kunnen zij politici helpen oplossingen te formuleren. Met de komst van internet kan de kennis van burgers beter toegankelijk worden gemaakt, gebundeld en geselecteerd (zie bijvoorbeeld de ontwikkeling met ‘crowdsourcing’, waar in NL ook Maurice de Hond zich mee bezighoudt).
Een aantal jaren geleden heeft Rita Verdonk een ‘Ritawiki’ geïntroduceerd: burgers werden uitgenodigd om op haar site mee te schrijven aan haar verkiezingsprogramma. Het initiatief ging al snel kapot aan ‘reaguurders’ die site kaapten. Dat neemt niet weg dat het een goed idee was. Een idee van de studenten is om, verbonden aan de site van de Tweede Kamer, een ‘politieke wiki’ te starten waarop burgers oplossingen voor dringende en grote maatschappelijke problemen kunnen aanreiken. Vergelijkbaar met ‘wikipedia’ moet ook het debat over de inbreng van verschillende burgers zichtbaar kunnen zijn en moet zichtbaar kunnen zijn wie deelnemen aan een debat. Om te verhinderen dat de site gekaapt wordt, zou het een idee kunnen zijn dat burgers zich inschrijven met hun ‘digid’ die dan wel bekend is bij de Tweede Kamer maar niet zichtbaar is. Wel moet nagegaan worden of dit privacyproblemen geeft.

Onderlinge, harde competitie en concurrentie tussen politici en tussen parlementariërs en regering is slecht voor de openbaarheid. Angst voor misstappen en voor publieke vernedering leidt ertoe dat politici terugdeinzen voor het geven van inzicht in hun beweegredenen en in de wijze waarop zij tot een besluit zijn gekomen, met wie zij hebben gesproken en welke rol bijvoorbeeld lobbyisten hebben gespeeld. Het voorstel van Minister Donner om de Wet Openbaarheid Bestuur (WOB) verder in te perken en journalisten die de gangen van een minister willen nagaan, verder op achterstand te zetten, is een teken aan de wand.
Het is een misvatting dat een ‘cultuur van heimelijkheid’ de kwetsbaarheid van politici zou verminderen; het vergroot juist de achterdocht en de behoefte om politici hard af te rekenen als blijkt dat zij oneigenlijk informatie achterhouden.
Openbaarheid van informatie is een teken van politieke kracht, het versterkt de samenwerking met burgers en vergroot daarmee uiteindelijk ook de legitimiteit van beslissingen.
Het zou goed zijn als de Wet Openbaarheid Bestuur juist wordt verruimd en het aantal ‘uitzonderingsgronden’ voor het ter beschikking stellen van informatie aan journalisten en anderen, wordt verminderd
Naar mate beslissingen ingewikkelder worden (zoals bijvoorbeeld bij de Mexicaanse griep) zou het ook goed zijn als politici vaker laten zien ‘hoe’ zij tot een beslissing zijn gekomen, en niet enkel burgers ermee confronteren ‘dat’ zij een beslissing hebben genomen. Samen met de studenten pleit ik ervoor om vergelijkbaar met de Rekenkamer (die de doelmatigheid en rechtmatigheid van overheidsbestedingen onderzoekt) een onafhankelijke Besluitvormingskamer in te stellen die nagaat hoe een grote politieke beslissing tot stand is gekomen, op welke feiten en onderzoek deze is gebaseerd, welke derden daarbij een grote rol hebben gespeeld en wat hun belangen en motieven zijn.

Ervan uitgaand dat er sprake is van constitutionele politiek waarbij politiek en samenleving zich opnieuw grondvesten, zou het logisch zijn dat onze constitutie daarin ook een grote rol speelt. En dan bedoelen wij niet enkel in de schreeuwerige verdediging van een enkel grondrecht, zoals de vrijheid van meningsuiting of de vrijheid van godsdienst. Het kenmerk, maar ook de schoonheid, van onze constitutie is de gelijkwaardige botsing van grondrechten, van burgerlijke waarden, die erdoor op een vreedzame manier mogelijk wordt gemaakt. De grondwet constitueert daarmee ook heel letterlijk onze samenleving.
Betere kennis en een meer actieve verdediging van onze grondwet door politici, helpt wellicht ook burgers om met wat meer distantie, wat meer abstractie, politiek en maatschappelijk conflict en meningsverschil te beoordelen. Dit vereist echter wel dat de grondwet wordt vereenvoudigd en wordt verduidelijkt. Onze grondrechten zijn te cryptisch beschreven omdat ze tegelijkertijd ruimte laten voor uitzonderingsbepalingen door de overheid vast te stellen. Wij zijn voorstander van een nieuwe, moderne grondwet die eenvoudig en aantrekkelijk is en die daarmee ook een goed instrument in het onderwijs en in het politieke debat kan zijn.
Daarnaast is het hoog tijd om constitutionele toetsing in te voeren (diegenen die mijn werk van de afgelopen jaren kennen weten dat dit niet de eerste keer is dat ik hiervoor pleit). Niet alleen geeft het burgers een grotere mate van rechtsbescherming tegenover overheidsmacht, het brengt de grondwet ook tot leven omdat deze niet langer ‘een gesloten deur’ is voor burgers, zoals Thorbecke het ruim anderhalve eeuw geleden al omschreef.
Als samenleving en politiek een nieuw grondvest zoeken voor gezamenlijk handelen dan hopen wij dat die wordt gevonden in het zachtaardige, rechtstatelijke patriottisme dat onze constitutie biedt

Gisteravond kreeg ik bij DWDD de vraag, waarom komt u er nou mee, nu u aan de kant staat.
Aan de kant staan is ook reinigend en noodzakelijk om de politiek – waarvan ik houd – met wat meer distantie, wat minder politieke belangen, wat minder koortsachtig te kunnen gadeslaan en te beoordelen.

Ik dank de Universiteit van Tilburg, en in het bijzonder Hans van Driel en zijn staf voor de gelegenheid die zij mij hebben geboden. Ik dank vooral de Leonardostudenten voor het waardevolle onderzoek dat zij de afgelopen maanden hebben verricht en de vele levendige gesprekken en discussies die wij samen hebben gevoerd.

Dank u wel.

 

NB: Mevrouw Yvon de Witte meldt via twitter dat zij het idee voor een ‘songfestivalsysteem’ eerder op Facebook heeft voorgesteld en heeft vastgelegd bij de belastingdienst. Zij hecht aan vermelding daarvan: bij deze.

'Mevrouw Yvon de Witte meldt via twitter dat zij het idee voor een 'songfestivalsysteem' eerder op Facebook heeft voorgesteld en heeft vastgelegd bij de belastingdienst. Zij hecht aan vermelding daarvan: bij deze.

woensdag, 18 mei 2011

Koen Martens

Koen Martens

Linkedin Last.fm

How I got seduced by the dark side and failed to resist (and a sparkle of hope?)

In english, science 'n stuff, addiction, agenda, blog, default, email, google, hardware, en meer.

I am not the biggest fan of google. Never was.  I loathe their hunger for information, any information, about individuals. I loathe the fact that they provide a single point of entry to a wealth of mineable information to the us government. I loathe how they have become a synonym for the internet. I was a strong opponent of anything google, and laughed at my friends when they got a google account to personalize their search results. Yet, by now I have become fully integrated in the google network. I have joined the borg. And I am even kinda happy about it.

Just try one for free

It started like so many addictions. You try one of their samplings. In my case, it started with google docs. I don’t remember what my first google doc was. I was participating in some project or the other and someone offered to share a document with me (and the rest of the team). Relucantly, I created a google account (with some feigned name and custom email address to keep up the pretence of anonymity) and went into the document. All went well, we shared information, changed the document collaboratively and that was it.

Yet, after a while, someone on another project wanted to share a document. So I created a new account, went in, and did the rest. Well, after a while I had 20 google accounts for as many documents. It became a nuisance, I had to log out and log in again to get to another document. So I crossed a line. I merged all the documents into one account.

Later, I bought my android phone (the HTC Dream aka G1) directly from the pusher. I created another google account to activate it, thinking I would miss out if I would use the phone without. I know that if you don’t use any of googles services, it is fine not to use a google account on your phone (after some hackery). But I was curious, ok??

So all went fine. I had my google docs account. I had my android phone account. I tried to take care and not leave any traces that would link the two together. I would never log in to google from my desktop with the android account and vice versa.

Meanwhile, I was running some web-based groupware suite to keep track of my appointments. This had some disadvantages though: it was clunky to use on my phone. Also, it was a nuisance to have yet another tool to maintain, keep track of security updates and what have you. I mean, an agenda should increase producitivty, right, not get in the way of productivity.

So I made a next big step, I decided I wanted to try google calendar. It came integrated on my phone by default and had a usable interface on the web so I could use it on my desktop as well. So after a few tentative test-runs I switched and decommisioned the groupware suite.

From there, it all went down-hill for me.  I started using google latitude to share my location on my blog during my trip through the US, used google voice to make cheap international calls from the us back home, started using google tasks to keep track of my todo items, initiated new google docs myself and even had a short period where I (unwillingly) experimented with google wave.

Antagonizing realization

But all this time I had stayed far from the one google service that symbolizes, for me at least, the summum of giving up any privacy one has: google contacts. I would not, never, share my contacts with google! But then  I wanted to upgrade my phone to cyanogen mod. Well, I actually had to flash the device because I broke the dalvik cache and it would not execute any app anymore. I had somehow deleted all the permission definitions. I could not even install new apps anymore. With no sensible way to backup my contacts, I started to contemplate the uncontemplateable: google contacts! Because of course, google apps still had all the permissions they needed.

So I broke. Synced my contacts, flashed the device and restored them again. And discovered how convenient google contacts actually is. I am now even looking into integrating google contacts into mutt.

And there you have it. That is the story of how I turned from a decent google opponent into a fully integrated cell of the great google information collection agency. I use google services to organize my life. And I like it.

Healing

Now, some people, when they hear I am addicted to google services, sigh “Oh you fool, I can do without just fine!”. Yeah well, that’s nice for them. But those are either the people that are impossible to work with because they always forget what they promised to do by when and need constant reminders to get even the silliest little thing done. Or they are the people with nice unconvoluted lives who generally are not that full of initiative or commitment.

For the rest of us, the people who operate on the same high level of energy as myself, tools like described above are essential to keep track of the many things going without keeping it all in your head and going insane. Some use apple’s crap but most are also on google.

I would love to kick this habit!

But their applications are so damn easy to use. They do what I want, without getting in the way. They are not overly complex. They don’t require me to maintain a server, keep track of security issues with the zillion of dependencies and keep an eye on the hardware. I can access them from wherever I want, on whatever device I want. I get reminders on the desktop and on the phone, so that whatever I’m doing I’m not going to miss an appointment.

Now, I can see a few ways out here. The first would be to reverse-engineeer some of their protocols. This should not be too hard, as it all works browser-based. It just takes time.

Another thing I could imagine to prevent google from looking at your contacts and tasks would be to write custom applications to access those but store everything encrypted. Looking at google tasks for example, I could simply write a desktop application and an android application that both use the same encryption algorithm and key to store each individual task encrypted. I could build an android contacts store to store my contacts encrypted, or on another server. It just takes time.

And oh, I could try and implement the google calendar backend protocol in a relatively simple daemon that would not require lots of dependencies and thus would be easy to maintain. Then redirect calendar traffic from my phone to my own backend server, and use sunbird as a frontend. It just takes time.

And there you have it. Google’s services are there. There is no open alternative for any of those services that is as easy to use, as integrated as googles services, cross-platform and without the hassle of maintaining dozens of packages.

Who knows. Now that I am aware of my problematic addiction, I might work up the energy to start a project to provide a more open alternative with privacy and encryption as the driving design forces, instead of data-mining and dollar signs. A suite where you have a choice to host it yourself, or on community-operated servers. Or perhaps even a non-profit that you pay a little amount towards keeping the software and hardware running for you.

I could see this kick off. Now all I need is a little time (or money so I don’t have to worry about making a living while making this work).

Addendum

By the way, in case you are wondering: I’m not entirely stupid. I do make my own backups of everything I stuff in their cloud.

zaterdag, 14 mei 2011

Frank Pels

Frank Pels

Hyves

Gaaf: de google-earth drive simulator

In google, google+, mooi.
Nieuw van Google: de google-earth drive simulator. Vertrekpunt en bestemming inkloppen en je rijdt door een (semi) 3D omgeving virtueel naar de bestemming. Vooral erg mooi als er ook 3D gebouwen langs de route staan.

dinsdag, 3 mei 2011

Koen Martens

Koen Martens

Linkedin Last.fm

Privacy, ITSec, overheid, hackers en koffie

In dutch, nationaal, science 'n stuff, aanbesteding, arbeid, burgers, eerste, geheim, google, en meer.

Naar aanleiding van een discussie met een hacker die de zoveelste simpele beveiligingsfout in een overheidswebsite had ontdekt (jawel, een SQL-injectie) verwonderde ik me er over dat er geen enkele controle is op systemen die grootschalig persoonsgegevens verwerken of opslaan. Dat is eigenlijk raar, en geeft aan dat het besef van risico’s op het gebied van ICT bijzonder laag is bij de overheid. Ik was dan ook blij verrast een uitnodiging voor een ‘open koffie’ in mijn mailbox te vinden voor maandag 9 mei a.s. waarin dit onderwerp aan bod komt, georganiseerd door ambtenaar 2.0. Ik ben daarbij, om te pleiten voor een verplichte controle door een onafhankelijke partij die verstand heeft van beveiliging wanneer een systeem wordt opgeleverd, en deze partij al bij het opstellen van de eisen ind de aanbesteding te betrekken.

Het is niet de eerste keer, en zeker niet de laatste, dat een overheidssite slecht in elkaar blijkt te zitten. Vorig jaar al kondigde een andere bevriende hacker de ‘mogbug’ (‘month of government bugs’) aan. Hij/zij had in maar liefst 30 verschillende overheidssites lekken gevonden die toegang gaven tot persoonsgegevens of mogelijk gebruikt konden worden om bezoekers te misleiden en hun gegevens prijs te geven. Het gaat dan om elementaire fouten zoals SQL-injectie of cross-site scripting (XSS). Dit zijn fouten die een beginnend programmeur nog mag maken, maar bij een professioneel ICT-bedrijf simpelweg niet mogen voorkomen. En al helemaal niet bij een bedrijf dat door de overheid wordt betaald om systemen te ontwikkelen.

Dat deze fouten toch keer op keer de kop op steken heeft een aantal redenen. Om te beginnen is er bij de gemiddelde ‘brood-programmeur’ weinig besef van beveiliging. Er wordt gekeken naar de functionele eisen aan het systeem, en wanneer het geschreven programma daar aan voldoet is het ‘af”. De functionele eisen worden oogkleppen, de programmeurs bezien hun noeste arbeid slechts in het licht van normaal gebruik. Voer het systeem onverwachte input, en er gebeuren ineens vreemde dingen.

Er zijn enkele basis-principes die een programmeur kan aanhouden om dit soort voor de hand liggende maar verstrekkende fouten te voorkomen. De principes zijn geen goed bewaard geheim, wie een simpele google query doet naar “how to build secure web applications” is al een heel eind. Het hoeft niet meer dan een half uur te kosten om programmeurs bewust te maken van de meest voor de hand liggende risico’s. Wie dan ook nog eens een paar uurtjes steekt in het lezen van bijvoorbeeld de vrij beschikbare OWASP development guide zal niet snel meer met open ogen in de oude valkuilen lopen.

Kortom, met een kleine hoeveelheid basis-kennis en een dosis gezond verstand kunnen de keer op keer weer gemaakte beginnersfouten worden voorkomen. Echter, er is meer nodig. Veiligheid is niet iets dat achteraf aan een systeem kan worden toegevoegd. Voor een veilig systeem is het nodig reeds in de beginfase al na te denken over mogelijke aanvallen op het systeem. ‘Security by design’ moet het uitgangsprincipe zijn. Wanneer het systeem ontworpen wordt, moeten de architecten en ontwikkelaars al nadenken over de risico’s en hoe deze zo klein mogelijk te maken.

Een goed ontwerp maken dat ook rekening houdt met alle mogelijke aanvallen die het systeem kunnen breken kost natuurlijk wel wat meer tijd dan wanneer men uitsluitend let op de functionele eisen. Een gebrek aan inzicht in beveiliging leidt er toe dat overheidsinstellingen dit niet voldoende meenemen in aanbestedingen van grote software-projecten. Hierdoor zal, bij gelijke aandacht voor de functionele eisen, de partij die wel ‘security by design’ toepast duurder uitpakken dan de partij die dit onder het tapijt schuift.

Tot slot is het belangrijk dat een opgeleverd systeem door een derde, onafhankelijke partij wordt getoetst. Het is eigenlijk niet zo heel ongewoon. Wanneer de overheid een pand laat bouwen, wordt na oplevering een bouwkundige inspectie uitgevoerd. Een opgeleverd ICT-systeem wordt echter klakkeloos in bedrijf genomen. De partij die het systeem heeft ontwikkeld mag het ook installeren en uitrollen. Er is geen inspecteur, die kijkt of het systeem veilig is gebouwd. Er is niemand die kijkt of niet weer de gebruikelijke fouten zijn gemaakt.

Gelukkig beschikt Nederland over een gezonde en bloeiende hacker-community, mensen met een idealistische drijfveer. Mensen zoals in mijn inleiding al genoemd. Zij kijken ongevraagd met een kritische blik naar alle systemen die de overheid uitrolt. Zij vinden de voor de hand liggende, en minder voor de hand liggende fouten. En rapporteren het resultaat van hun onderzoek onbetaald aan de overheid. Jammer genoeg is dat vaak aan dovemansoren gericht, en worden de bezwaren onder het tapijt of in de doofpot geveegd. “We willen niet de indruk geven dat we onzorgvuldig met gegevens van burgers omgaan”, “er is al zoveel geld uitgegeven, we kunnen dit nu niet meer terugdraaien”, en andere excuses om het eigen falen te verbloemen zijn niet van de lucht. In uitzonderlijke gevallen kreeg de goedbedoelende klokkenluider zelfs te maken met juridische intimidatie om toch vooral stil te houden dat er iets fundamenteel niet deugt.

Ik denk dat de privacy van burgers gebaat is bij het structureel toepassen van controle door ter zake kundige beveiligingsexperts. Huur hiervoor een gerenommeerd ICT beveiligingsbedrijf in, of beter nog zorg voor een eigen overheidsdienst met mensen die snappen waar het over gaat. Zorg dat elk systeem eerst aan een uitgebreide controle wordt onderworpen, waardoor de elementaire vergissingen nog voor ingebruikname worden gesignaleerd. Betrek deze controleurs al vroeg bij het bedenken, uitwerken, implementeren en uitrollen van systemen zodat zij ook mee kunnen denken over de aanbesteding en al tijdens het uitvoeringstraject aan de bel kunnen trekken.

Het frappante is, er bestaan al een aantal organen die deze rol zouden kunnen (of moeten) vervullen. Enerzijds is er GOVCERT. Deze overheidsorganisatie heeft als missie ‘het voorkomen en afhandelen van ICT-veiligheidsincidenten’. In de praktijk blijkt dit een papieren tijger. Het team wordt niet tijdig bij grote aanbestedingen betrokken. Maar ook wanneer ze worden geconfronteerd met lekken in bestaande systemen, staan ze met de handen op de rug gebonden. Ze hebben geen macht, maar kunnen slechts advies geven.

Hetzelfde geld eigenlijk voor het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP). Zij is ingesteld om toe te zien op de naleving van de wet bescherming persoonsgegevens. Hoewel ze advies kunnen geven, is het niet verplicht bij de implementatie van een systeem om ook de veiligheid hiervan te laten toetsen door het CBP (dit even los van de vraag of het CBP uberhaupt over de technische know-how beschikt om hier een deskundig oordeel over te kunnen vormen).

Dus zowel de officiele instanties zoals GOVCERT en het CBP alsmede de hacker-community lopen voortdurend achter de feiten aan. Pas als het eigenlijk al te laat is, krijgen zij de kans om lekken in de software te onderzoeken en te signaleren.

Ik pleit er daarom voor dat beveiliging van systemen een principieel uitgangspunt wordt bij de start van een nieuw groot overheidsproject. GOVCERT moet hierin een belangrijke rol krijgen. Dit betekent ook dat zij vooraanstaande experts op het vakgebied meer moeten betrekken, of wellicht zelfs in dienst moeten nemen. Ook moeten de bevoegdheden worden uitgebreid. Van vrijblijvend advies moet een fiat van GOVCERT een vereiste worden bij aanbestedingsprojecten en uitrol van nieuwe systemen.

En blijft de overheid falen? Dan is het aan ons, hackers van Nederland, om ons nog meer dan voorheen in te zetten om het falen aan de kaak te stellen. WOB de ontwikkeltrajecten, stel lijsten op van software-huizen die keer op keer onveilige systemen hebben afgeleverd, spreek top-ambtenaren publiekelijk aan op hun verantwoordelijkheid voor onze privacy, leg de zaken uit aan politici, benader de pers en blijf de overheid hacken. Wij zijn het technologisch geweten van de samenleving.

 

maandag, 2 mei 2011

Alice Karen

Alice Karen

Blogbericht over bloggen

In diaries, philosophies, |2011, twitter, blogs, huis, persoonlijk, politiek, blog, en meer.

Een kijkje achter de virtuele schermen

Bestaat er zoiets als een ‘blogetiquette’, een set van regels waaraan je je als blogger dient te houden?
Nee, mijn blog is sowieso niet conformistisch. Natuurlijk zal ik geen mensen bij name beledigen of dood en verderf schreeuwen, maar dat geldt sowieso voor gedrag in het algemeen en niet alleen voor het schrijven op een blog in het bijzonder. Verder zie ik absoluut geen limitaties in wat voor een content ik hier op plaats. Mijn schrijfstijl zelf lijkt me sowieso niet te aanstootgevend te zijn.

Kan je het als blogger echt over alles hebben?
Ik ben niet van de taboes, ben open wat dat betreft. Wel zijn sommige zaken meer privé dan andere, en dat blijkt uit het feit dat ik hier sommige berichten wachtwoordbeveiligd heb gemaakt. Deze onderwerpen zijn het waard om uitgewerkt te worden, maar zo persoonlijk dat ik ze niet voor het hele wereld wijde web beschikbaar stel. In plaats daarvan kan het wachtwoord op verzoek worden opgevraagd en dan beslis ik of diegene het krijgt. Het is maar een select groepje dat kan inloggen bij deze beveiligde berichten.

Publiceer je wel eens een ouder postje opnieuw, of is dat not done?
Als een blogpostje opnieuw gepubliceerd wordt alleen maar vanwege een ziekelijke neiging tot zo veel mogelijk volgers, vind ik het een beetje achterlijk, eerlijk gezegd. Bloggers moeten dat zelf weten, maar ikzelf publiceer niet gauw een oud postje opnieuw. Ik val niet graag in de herhaling, maar ontwikkel graag verder. Een andere manier is om de datum van een al bestaande post te wijzigen, maar de vraag is dan natuurlijk wel hoe actueel dat bericht of het onderwerp dan nog is. En of er niet nog iets nieuws over gezegd kan worden, want dat kan ik wel waarderen.

Wat maakt je blog boeiend, of omgekeerd waaraan herken je een saaie blog?
Saaie blogs kennen te weinig variatie en doen ook niet echt iets unieks, maar soms wel aan een overdosis aan promotie. Ik sta eigenlijk helemaal niet stil bij de vraag of mijn blog boeiend is voor anderen. Voor mij is hij boeiend genoeg omdat ik er mijn gang kan gaan en het voor mij een persoonlijke geschiedenis vormt ook, al die berichten bij elkaar, als een soort peiler van mijn persoonlijke groei, waarin mijn referentiekader dynamisch is gebleken met de tijd, en waarop berichten zijn geplaatst die niet getekend zijn door een perceptie van een later tijdstip, tenzij het flashbacks betreft, hoewel ik niet zeer vatbaar ben voor vertekening. Mijn blog is verder als een verzamelplek voor inzichten, als een manier om writing skills op peil te houden. Dagboeken, korte verhalen, poëzie, essays. Realiteit, dromen en fictie, maar ook research. Lange verhalen zijn er ook, maar dan in de maak, en op aanvraag zijn daarvan fragmenten te lezen.

Is je schrijfstijl belangrijk om lezers aan je blog te binden?
In mijn schrijfstijl zullen sommige mensen zich vast kunnen vinden, maar anderen ook niet, denk ik. Het is soms vrij specifiek. Dat is mijn manier van schrijven. Hier geldt dat ik niet actief bezig ben met de kwestie: wat moet ik doen om mijn blog vooral voor een zo breed mogelijk publiek toegankelijk en boeiend te maken, mede door de schrijfstijl te versimpelen of uitsluitend populaire onderwerpen te kiezen. Ik schrijf datgene wat in me opkomt. En dat gebeurt in vlagen en impulsief, kan soms rauw zijn en scherpe randjes hebben, maar ik ben een voorstander van het specifieke, dat ik verkies boven een zeer brede toegankelijkheid, die het mijn inziens alleen maar oppervlakkiger zal maken. Dat past niet bij mij.

Hoe houd je de discussie op gang zonder te provoceren?
Ik ben scherp, kritisch, rauw, maar weet ook mijn grenzen van hoe ver ik wil gaan. Ik ben geen beroepscynicus en zal dat ook niet worden. Discussies moeten niveau hebben, en doordat mijn blog niet de meest laagdrempelige is, gebeurt dat vanzelf wel.

Vraag je toestemming aan de eigenaar wanneer je diens blog wil toevoegen aan je blogroll?
De linksectie. Dat ligt eraan hoe kwetsbaar iemand zich op zijn of haar blog opstelt. Acht ik iemand kwetsbaar, dan zal ik dat zeker vragen. Wil iemand vooral veel lezers, dan vraag ik dat niet, maar dan betwijfel ik ook weer of het iets toevoegt aan mijn blog, om de link naar betreffende blog in mijn blogroll te plaatsen.

Hoe stimuleer je lezers om te reageren?
Het valt wel mee hoe veel reacties ik krijg. Wel krijg ik van een select groepje trouwe lezers frequent reacties. Dat kan ik erg waarderen. Ook hier geldt dat het me niet zozeer om de veelheid aan reacties te doen is, maar eerder om inhoudelijkheid, of mate van aanmoediging door dat selecte groepje mensen. Dat motiveert ook weer.

Is commentaar van lezers welkom op je blog of juist niet, wat is voor jou een reden om een lezerscommentaar niet te publiceren?
Commentaar, kritische kanttekeningen. Natuurlijk, zo lang het maar niet doelbewust een poging is om mij te beledigen. Ik weet heel goed welke stappen in dan zal ondernemen. Weigeren is een optie. Bij ernstig misbruik lijkt me dat niet voldoende, zeker niet bij oude bekenden. Maar kritische kanttekeningen die verder geen persoonlijke aanval vormen, zal ik gewoon toestaan.

Reageer je op elke commentaar van elke lezer? Wat was de leukste reactie die je ooit kreeg op een stukje?
Zeker, mede als blijk van waardering. De meeste reacties zijn ook erg leuk, ik noem geen specifieke reacties. Het is helemaal zo dat veel bloggers maar wat langs elkaar heen bloggen, in de zin van dat ik niets terug hoor op een reactie van mij op andermans blog, in de zin van een tegenreactie daar of een reactie terug op mijn blog. Daar kom ik dan niet meer terug. Die mensen moeten maar bij anderen zijn om aan hun trekken te komen van bezoekersaantallen, als ze daar zo verslaafd aan zijn.

Wat zijn de manieren om je blog te promoten zonder het van de daken te schreeuwen of al te opdringerig over te komen?
Ik vind het eerlijk gezegd een beetje wanhopig of sneu overkomen wanneer bloggers een instelling hebben als het van de daken schreeuwen en opdringerig overal aanwezig trachten te zijn. Sommige bloggers willen, om vooral altijd in de schijnwerpers te staan, per se elke dag een bericht schrijven. Dat vind ik allicht de grootste dooddoener aan een blog. Soms is er gewoon even geen nieuws, of geen ander boeiend onderwerp om op een inspirerende wijze over te schrijven. Dan laat ik het gewoon. Zo komt het voor dat ik twee weken nagenoeg niets plaats, en dan weer zes berichten binnen een week. Dan moest er blijkbaar veel opgeschreven worden. Huis-tuin-en-keuken-bloggers zijn er meer dan genoeg, en spreken meestal wel meer mensen aan door uitsluitend concrete gebeurtenissen en zaken te beschrijven waarin meer mensen zich herkennen, liefst elke dag. Ik doe het juist met alle plezier net even wat anders. Ik maak ook geen deel uit van een hecht groepje bloggers dat elkaar steevast volgt en terug volgt. Misschien is dat ietwat eigenzinnige, onaangepaste een eigenschap die het maakt dat mijn blog veel mensen enerzijds totaal niet boeit en anderzijds een select groepje trouwe lezers trekt. Ik ben nou eenmaal geen hielenlikker van de eeuwige meerderheid. Daar ligt voor anderen misschien een uitdaging in, maar voor mij allerminst. Sommige dagen vormen uitzonderingen waarbij de statistieken ineens pieken vertonen. Maar ik ben niet verslaafd aan de statistieken van mijn blog. Die pieken bestaan dan grotendeels uit browsers die geen blijvertjes zijn, die mijn blog toevallig vinden op een bepaalde zoekterm in google, en er dan doorheen bladeren.
Concrete promotiemiddelen gebruik ik vrij weinig. Mijn blog staat op de feed van Planeetgroenlinks aangesloten, maar ik weet niet of ik dat wel wil blijven doen, hoewel het concept daarvan okee is. Er wordt zo langs elkaar heen geblogd. Dat wil ik mijn blog niet aandoen. En ik heb het lang niet altijd over politiek, alleen soms over algehele trends die ik waarneem. Ik ben het helemaal niet altijd met die partij eens, maar het is wel de enige partij die zo een blog heeft die eigenlijk is opgebouwd uit feeds van vele blogs die erop zijn aangesloten. Dat vind ik slim bedacht. Ik ben van geen enkele politieke partij lid. Ik baseer mezelf veelal op common sense, zou nooit een foto van mijn hoofd met daaronder een partijlogo als avatar gebruiken. Dat gaat mij veel te ver, en het impliceert een doorgedraaide volgzaamheid, dunkt me. Verder, alle respect voor de mensen die uitdragen waarvoor ze oprecht staan. Ik geef het eerlijk toe als ik niet oprecht ergens achter sta, of niet meer sta. Ik waan mij weer partijloos, maar heb absoluut mijn standpunten, en zal telkens kijken welke partij het beste bij me aansluit wanneer er weer verkiezingen zijn, en ook zeker stemmen. Maar wat ik beslist niet kan, is iets uitdragen, promoten, waar ik het van binnen eigenlijk niet mee eens ben, evenals over zaken waar ik dan weer niet alles van weet continu een ongezouten mening te spuien. Zeker niet op mijn blog. In dit geval ben ik ervan overtuigd dat ik genoeg referenties heb.
Ik heb mijn Twitter-account opgeheven, dat ik eerder vrijwel uitsluitende gebruikte om automatisch shortlinks naar blogartikelen te genereren wanneer ik weer iets nieuws had geschreven. Ik vond het vreemd klinken toen het een hype werd, wat kan je nou met zo een netwerksite, waar smartphonende politici en andere ogenschijnlijk heel belangrijke figuren zich naar de lazarus twitteren? Wonen ze al hun debatten dan nog wel bij, of zitten ze gewoon te tweeten omdat hun baan zo onwaarschijnlijk saai lijkt? Enfin, ik heb mij dat natuurlijk afgevraagd, en besloot toch om een account aan te maken en te testen wat dat nou precies is, Twitter. Anders vind ik niet dat ik het recht heb om er mijn mening overheen te laten gaan. Ik heb het account aangemaakt, er mijn blogfeed op aangesloten zodat er elke keer een shortlink zichtbaar werd zodra ik een blogbericht plaatste. Wederom promotie. Deze verzopen echter een beetje in de tweets van velen die circa elke tien minuten een tweet laten – vergelijk met de scheet, voor beiden geldt dat iets minder frequent prettiger is. En ik heb uiteraard enkele sociale experimenten uitgevoerd met behulp van mijn Twitter-account. Dat kon ik niet laten. Gewoon om te kijken welke belangrijke politieke bollebozen me terug zouden followen, en om te kijken wat er gebeurt als ik iets zeg met daar achteraan de tag #PVV. Maar nu heb ik gezien wat er gebeurde, en gelachen om de uitkomst van mijn zeer subtiel uitgevoerde experimenten, en daarmee verder ook besloten dat behalve dit lolletje Twitter geen enkele toegevoegde waarde heeft voor mij en mijn blog.
Eigenlijk zijn de enige zinnige actieve promoties die ik nu nog maak het af en toe handmatig plaatsen van een link naar een van mijn blogposts op Facebook, als ik denk dat er daar een zinnige discussie uit kan voortkomen, en het regelmatig deelnemen aan een Blogkermis. Dat is een nieuw concept waarbij een initiator via die website een bepaald thema aandraagt, waar vervolgens verschillende andere bloggers op kunnen reageren door een link te sturen naar een daaraan gerelateerd blogbericht. Die worden vervolgens in een verzamelbericht op het blog van de initiatiefnemer geplaatst, die het tot een geheel maakt.
Ik kan publiceren en toch zelf een beetje anoniem blijven, juist door sommige zaken universeler te maken. Misschien hebben anderen daar ook wat aan, ik weet het niet. Al met al vind ik het fijner dat dit door een select groepje nadenkende mensen wordt gelezen en niet door een boel oppervlakkige – huis, tuin en keuken en dat is dan de hele leefwereld – figuren. Dit blog heeft überhaupt niet als doel om oppervlakkig te zijn. Mede daarom promoot ik het nauwelijks nog – het is zonder dat sterk genoeg. Overigens zie ik in dat de mate van promotie ook afhangt van het doel dat iemand voor ogen heeft met het blog. Hierin moet men zich echter niet verliezen, dan komt het wanhopig over.

Sta je open voor gastbloggers op je blog en hoe pak je dat aan?
Mijn blog is een onderdeel van mijn persoon geworden. Een soort territorium. Een ander zou beter een eigen blog kunnen beginnen. Een gastblogger zou bovendien behoorlijk wat content moeten aanleveren om niet te verzuipen in mijn blogberichten. De kleur, de uniciteit van dit blog wil ik graag waarborgen, en ook aanmoedigen bij anderen. Mocht ik in een groepje willen bloggen, dan zou ik een ander blog starten. Maar mijn blog zou hiervoor nooit opgeheven worden, dit is mijn online plekje.


Gearchiveerd onder:Diaries

woensdag, 2 maart 2011

Mark Berck

Mark Berck

Twitter

Datalek Ministerie van Justitie: Vragenlijst internetconsultatie

In informatiebeveiliging, interesses, meldingen, politiek, alu-hoedjes, delen, email, enquete, gebruiker, en meer.
En ja hoor, de overheid laat weer eens merken hoe goed ze met internet zijn. Ooit lang geleden heb ik gereageerd op een internetconsultatie. En nu werd ik samen met een twintigtal anderen uitgenodigd voor een korte enquête. Maar wat is nu het geval, en hoe weet ik dat er ongeveer een twintig andere deelnemers ook gevraagd zijn voor de vragenlijst? Continue reading


woensdag, 16 februari 2011

Klaas Woltinge

Klaas Woltinge

Hyves Twitter Youtube

Het is al laat

In blog, google, groenlinks, twitter, manier.
Dit is een test blog,
op een of andere manier blijft mijn planeet GroenLinks account inactief en blijf ik in de wachtstand staan.

Al mijn google accounts en planeet GroenLinks vriendschappen verbroken,
opnieuw 1 aangemaakt d.m.v. Twitter en wederom hetzelfde probleem..

Help!!!!

Tips zijn welkom ;-)

donderdag, 13 mei 2010

Socrates Schouten

Socrates Schouten

Linkedin DWARS

Meanderen

In nederlands, wetenschap, google, water, opvallende, weer, helaas, leuke.

Enkele keren al heb ik uitgebreid zitten ‘rondscrollen’ door de satellietbeelden van de Amazone. Eerst uit nieuwsgierigheid, nadat WorldWind, de ‘NASA-variant van Google Earth’ in 2004 was uitgekomen. Later omdat er schitterende foto’s vanuit een vliegtuigje vrijkwamen van een indianenstam die nog nooit met de westerse ‘beschaving’ contact had gehad, en andersom. Weer later, omdat ik een presentatie moest geven over de dynamiek van ontbossing en daar o.a. in de Amazone helaas prachtige voorbeelden van zijn te vinden.

Klik voor groot

Elke keer waren, voor zover het niet de zichtbare ontbossing betrof, de rivieren de meest in het oog springende elementen. En vooral die gekke lusjes en kriebels die ze vaak vergezellen. De uitleg is eenvoudig: natuurlijke rivieren zijn altijd al bochtig, waarbij de stroomsnelheid van het water in de buitenbocht sneller en sterker is. Daar treedt erosie van de oever op, terwijl er aan de binnenbocht juist sediment wordt afgezet. Zo krijgt de meander de neiging een steeds extremere lusvorm te krijgen, totdat de lus doorbreekt langs de hoofdas van de rivier en het lusje zelf een ‘dood’ hoefijzermeer wordt.

Zo krijg je de leuke en opvallende patronen die bij de rivier in het plaatje erg goed zichtbaar zijn. Met het meandermechanisme ernaast afgebeeld.


dinsdag, 9 maart 2010

Bèr Kessels

Bèr Kessels

Last.fm Twitter

Googlen in ruil voor je gegevens is helemaal niet nodig.

In google, nrc*next, privacy, artikel, nrc.

Iris van der Spoel schrijft in NRC.next een artikel over waarom we niet zo moeten zeuren over Googles vermeende privacy schendingen.

Ze sluit af met een les voor "ons": «Wij internetgebruikers moeten eerst eens goed nadenken over wat we precies verstaan onder privégegevens, voordat we ons aangetast voelen in onze privacy»

meer lezen

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 16586 uur (691,1 dagen). Berichtgemiddelde: 0 bericht per dag, 0,3 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2