vrijdag, 11 mei 2012

Lennart Huizing

Lennart Huizing

Twitter Flickr

Waarom de Pirate Bay-blokkade schadelijk is

In auteursrechten, brein, downloaden, file sharing, film, nederlandse film, piracy, pirate bay, the pirate bay, en meer.

Gisteren kwam ik in een uitgebreide Twitter-discussie terecht met @martinkoolhoven. Hij is een Nederlandse filmmaker, onder meer van Suzy Q, het Schnitzelparadijs en Oorlogswinter. Ik reageerde op zijn opmerkingen over de blokkade van The Pirate Bay door UPC en KPN, opgelegd door de rechter. Hij vond de blokkade niet meer dan normaal, gezien de eerdere veroordeling van the Pirate Bay. Hij maakte zich bovendien geen zorgen over mogelijke effecten op de vrijheid van meningsuiting en zag geen benadeelden, bleek uit ons gesprek. Ik ben het fundamenteel met Martin oneens op dit punt. Aangezien Twitter weinig ruimte biedt om je argumenten goed over het voetlicht te brengen, lijkt het mij geen gek idee om alles hier iets beter uit te werken.

lees verder

maandag, 7 mei 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Armistaud Maupin – Further tales of the city

In boekbesprekingen 2012, boeken, lezen, boekrecensie, boeken 2012, gay, san francisco, armistead maupin, architect, en meer.

Armistead Maupin - Further tales of the cityArmistaud Maupin – Further tales of the city

Twee boeken van hem vond ik ooit in Saalbach, toen ik daar werkte. Anderhalf decennium geleden dus. De eerste las ik een paar jaar geleden. Ik was niet echt onder de indruk. De tweede had ik bij me op vakantie, afgelopen februari. Ik begon nog optimistisch. Waar ik dat optimisme vandaan haalde, geen idee. De eerste bladzijde kostte me moeite, de tweede werd het erger.

Op de derde bladzijde begon het tweede hoofdstuk. “Green-collar Gays, in Michael’s lexicon, included everyone who dealt with beautiful things in a manly, outdoorsy fashion: nurserymen, gardeners, forest rangers and some landscape architect. Florists, of cours, didn’t qualify.” Ik had het gehad. Ik heb het hoofdstuk nog uitgelezen, tot en met bladzijde dertien dus, maar ik trok het niet meer.

Dit is Gay-literature met de nadruk op de hoofdletter G. En met literatuur heeft het eigenlijk weinig te maken. Er zal vast een doelgroep voor zijn, zeker in San Francisco. Misschien daarbuiten ook wel, maar het ligt er allemaal zo dik bovenop, het is zo weinig subtiel, het stoot de buitenstaander volgens mij af. Mij in ieder geval wel.

Voor het eerst sinds heel veel jaren heb ik dus een boek niet uitgelezen. En niet uitgelezen is eigenlijk een understatement, want verder dan een handjevol bladzijden ben ik niet gekomen.

Citaat: “Ned held his own quite well. Blessed with a sexual aura that bordered on mysticism, he proceeded to win the heart of every man, woman and animal that crossed his path. It was not so much his beauty that captivated them but his innate and almost geldelijke gift for attentiveness. He listened to them in a town where no one ever listened at all.” (p.12)

Nummer: 12-010
Titel: Further tales of the city
Auteur: Armistead Maupin
Taal: Engels (US)
Jaar: 1982
# Pagina’s: 271, waarvan gelezen 13 (1332)
Categorie: Gay
ISBN: 0-552-99106-6

Meer:
Tales from the city
Official website
Wikipedia (Maupin)
Wikipedia (further tales)
Google books
IMDB (televisieserie)


dinsdag, 1 mei 2012

Margreet de Boer

Margreet de Boer

Hyves Linkedin Twitter

Misbruik in de jeugdzorg: niets nieuws, maar.....

In slachtoffers, jeugdzorg, misbruik, seksueel misbruik, rechtsbijstand, cijfers, de, de volkskrant, de zaak, en meer.

Na het misbruik binnen de katholieke kerk nu in de Volkskrant volop aandacht voor seksueel misbruik van kinderen binnen de jeugdzorg. Met schokkende cijfers (van de jongeren zelf rapporteert bijna 20% misbruik), en een schokkend verhaal.
De cijfers zijn nieuw, maar het verhaal is helaas maar al te bekend. Ik hoorde het twintig jaar geleden toen ik advocaat was van cliënten en van collega-advocaten. Ik lees het in uitspraken van rechters die ik momenteel onderzoek.
Het is het verhaal van kwetsbare, geïsoleerde kinderen, die worden ingepalmd met aandacht en warmte, wat langzaam overgaat in aanrakingen, die steeds meer seksueel van aard worden, totdat op een gegeven moment allen het seksueel misbruik overblijft. Een geraffineerde strategie, want het kind herinnert zich wel de warmte en aandacht, en blijft -vaak tegen beter weten in- hopen dat deze weer terug komt.
Kinderen in de jeugdzorg zijn bovendien extra kwetsbaar, omdat ze afhankelijk zijn van instanties: de staf van de instelling waar ze wonen; de gezinsvoogd; de raad voor de kinderbescherming. En de contacten van de pleger met deze instanties is vaak vele malen beter dan die van het kind. Iets wat de pleger doorgaans ook heel goed duidelijk maakt. De drempel om misbruik te melden is daarmee immens hoog. Dat de meeste instellingen inmiddels protocollen hebben die voorschrijven dat meldingen serieus genomen moeten worden en dat er altijd aangifte van moet worden gedaan bij de politie doen daar weinig aan af, zolang jeugdigen niet zien dat deze protocollen ook werken, dat slachtoffers worden beschermd en plegers worden gestraft.
Wat dat betreft is de veroordeling van Keith Bakker een goed signaal.
Maar het is bij lange na niet genoeg. Willen slachtoffers seksueel misbruik gaan melden, dan moeten ze dat kunnen doen zonder risico daar zelf nadelige gevolgen van te ondervinden. Zelfs zonder angst voor dat risico. En dat zal niet meevallen.
Wat daar naar mijn idee in ieder geval voor nodig is is een onafhankelijk meldpunt (dus niet alleen binnen de eigen instelling), waar de jongere direct een goede rechtshulpverlener krijgt toegewezen die de (juridische) mogelijkheden en risico's met de jongere (en indien de jongere dat wenst diens ouders) bespreekt, en die samen met de jongere de nodige stappen kan zetten. Die rumoer kan maken wanneer de zaak in de doofpot dreigt te belanden of er gedreigd wordt met overplaatsing. Die kan staan op naleving van de protocollen, en ook weet waar de instellingen op aangesproken kunnen worden.
Een onafhankelijk meldpunt met snelle juridische bijstand zal de drempels om te melden niet wegnemen, maar naar mijn overtuiging wel een stukje lager kunnen maken.
Zodat de verhalen naar buiten blijven komen, plegers en lakse instellingen aangepakt worden en jongeren zien dat melden zin heeft.
De commissie Samson – die een groot onderzoek doet naar seksueel misbruik binnen de jeugdzorg – komt in oktober met haar rapport, waarin naar verwachting vele aanbevelingen. Moeten we daar op wachten?
Het nieuws van vandaag brengt niets nieuws, maar brengt wel momentum. Laten we dat aangrijpen om werk te maken van een betere positie van slachtoffers in de jeugdzorg, en in ieder geval zorgen dat alle melders snel juridische bijstand krijgen.

PS: de commissie Samson heeft een -tijdelijk - meldpunt waar jongeren sesueel misbruik binnen de jeugdzorg kunnen melden. Meldingen worden gebruikt voor het onderzoek door de commissie; maar slachtoffers kunnen ook advies krijgen.

PS2: Natuurlijk moet er ook binnen de Jeugdzorg veel gebeuren. Preventie, bespreekbaar maken, cultuurverandering.

maandag, 30 april 2012

Peter Smith

Peter Smith

Help!!!

In afval, de wereld van zwerfvuil, dwvz, plastic soep, actie, amsterdam, de, hulp, idee, en meer.

Wow, wat is ie groot! En dit is nog maar de helft.

Marieke, mijn dochter ziet er een klimrek in. De eerste helft van het geraamte is af.

Zoals wel vaker, krijg je pas tijdens het bouwen een idee van hoe het moet worden. Ik ben de globe nu aan het volhangen met flesjes, zakjes en ander plastic verpakkingsmateriaal. Materiaal heb ik genoeg want ik fiets al meer dan jaar door Amsterdam. Na het ophangen van allerlei flesjes heb ik een tevreden gevoel, het gaat er uitzien zoals ik gedacht had. Na het ophangen van de eerste zakjes… heb ik een minder tevreden gevoel. A: het ziet er niet echt mooi uit, B: ik voorzie dat dit los gaat waaien en dat het plastic alsnog de kans krijgt ingrediënt van de Plastic Soep te worden.

Ik wil het nu dus toch zoveel mogelijk met flesjes doen en ander stevig plastic materiaal.



















Maar daarbij heb ik hulp nodig:

Wil jij groene en blauwe flesjes zoeken? Dan bevestig ik ze op de Wereldbol.
Of organiseer een actie met een school, bedrijf of sportclub?
En als je ander plastic tegenkomt, ruim dat dan ook even op. Nu je toch bezig bent ;)

Denk nu niet: “Ach, dat ene flesje dat ik tegenkom heeft geen zin om op te rapen en op te sturen.” Echt, DAT IS HET ALLERBELANGRIJKSTE!!!! Ik wil graag dat je door hebt dat dat ene flesje wel oppakken alle verschil gaat maken! Dat is nu precies mijn missie ;)) Mensen laten inzien dat ze met hun bijdrage een Wereld van Verschil kunnen maken ipv een Wereld van Zwerfvuil.

Des te meer je vindt en opruimt, des te beter (voor het milieu en komende generaties).

Je mag ze opsturen, maar nog leuker is als je ze komt brengen. Dan kan je zelf ook een paar flesjes vastmaken, als je dat leuk vindt natuurlijk.
En als je met een klas verzamelt en je komt het langs brengen, dan vertel ik over de gevolgen van zwerfvuil.

Bezoeken:
Neveritaweg 15, (NDSM-loods)
Amsterdam-Noord.

Opsturen:
Zamenhofstraat 150-7
1022 AG Amsterdam.

Ik hoop je te zien.
Veel dank alvast,

Opgeruimde groet,
Peter.

zondag, 29 april 2012

Klaas Woltinge

Klaas Woltinge

Hyves Twitter Youtube

Vervolg 18 April

In actie, activiteiten, bus, cda, cnv, de, debat, den haag, emancipatie, en meer.
Vervolg actie tegen de wet werken naar vermogen 16 April

Vanuit de Realisten lieten wij ons opsluiten in een kooi op het Plein in Den Haag, vanuit mijzelf gezien had ik bijna 3 doelen met het deelnemen aan deze actie.

1. op zo’n meest mogelijk positieve manier uitleggen waarom de nieuwe wet werken naar vermogen niet zou werken en waarom niet, dus ook waar de verbeter punten zouden moeten komen te liggen.

2. Er was media aanwezig en we hoopten tussen de regels door dat de Realisten ook een beetje in beeld kwam, toekomstig werkgevers zouden die naam misschien kunnen tegen komen in de krant of op tv en de radio en zouden daardoor nieuwsgierig kunnen worden en uitzoeken wie wij zijn.

3. Politiek is een grote hobby van mij waar ik mij graag in meng, hoe goed ben ik in staat om gelijk gestemde een GroenLinks stem advies te geven en belangrijker nog, hoe goed ben ik in staat ons/mijn standpunt te verdedigen met goede argumenten en andere zienswijzen naar voren te halen.

Op volgorde had ik voor de actie even gesproken met Linda Voortman, op het laatste moment had zij nog een mailing van mij ontvangen en wilde graag onze actie ondersteunen. Zelf lichte ik mondeling nog even exact toe wat de bedoeling was en hoopte uiteraard dat Jesse Klaver er ook bij zou kunnen zijn aangezien hij na de actie een debat over de wet werken naar vermogen zou gaan krijgen.

Ronald Plassterk, wij kenden elkaar al een beetje omdat wij elkaar al even gesproken hadden bij de ledenvergadering van het Homo Emancipatie Netwerk PvdA waar ik te gast was op 24 Maart jl., dat gesprek ging heel eenvoudig omdat wij elkaar eigenlijk alleen maar konden aanvullen en verviel al snel in een gesprek leuk bezig etc;

Vanaf het moment dat wij werkelijk opgesloten zaten in de kooi stroomde mondjesmaat het aantal toeschouwers toe, waaronder veel scholieren. Binnen de was het de bedoeling dat wij een beetje sipjes keken, gezien de tempratuur was dat niet zo moeilijk aangezien het niet echt warm was en jezelf warm lopen kun je niet in zo’n koude kooi. In onze kooi zat ook een mede actievoerder die wel op een hele ‘irritante’ manier bezig was, hij waarschuwde telkens dat wij zielig moesten kijken, vooral niet mochten lachen en vervolgens kwam hij aan met een steen goede grap waarvan velen inclusief mij zelf toch in de lach schoten.

Het serieuze moment begon, SBS6 arriveerde samen met enkele andere journalisten waaronder iemand van de Spits die door de spijlen van de kooi enkelen van ons een aantal vragen stelde, ook kwamen er meerdere kamerleden en zover ik gezien had was van iedere partij wel minimaal 1 persoon aanwezig.

Het was even proberen, de kamerleden wisten met de betonschaar en een aantal overige Hulp Gereedschapstukken ons te bevrijden en wij konden de kooi verlaten.
Buiten de kooi zorgde ik er voor dat ik snel even buiten beeld stond van aanwezige camera’s en fotograven en trok mijn CNV shirt even omhoog zodat ik de Realisten microfoon uit mijn jaszak kon trekken.

Vanaf het moment dat ik klaar was om in gesprek te gaan, nog snel even rond keek om te weten wie waar stond (was voornemend om juist met mensen van de VVD, PVV en het CDA te spreken), bleek ik recht voor Leon de Jong (PVV) te staan.

We groetten elkaar, Leon deed een handreiking en we stelden elkaar netjes voor in het kort, hij gaf aan dat hij Leon de Jong was en wat zijn functie was binnen de PVV, ikzelf vertelde alleen maar dat ik Klaas Woltinge was, uit Hoogeveen kom plus in het kort wat mijn bezwaren zijn tegen de nieuwe wet werken naar vermogen.

Bij het begin van het gesprek beleefde ik alles een beetje als woordenspel, liet Leon de Jong dus ook lekker in helder Nederlands aan mij uitleggen hoe de nieuwe wet werken naar vermogen exact in elkaar zit (beetje gemeen van mijzelf).

Nadat dat deel van het gesprek een beetje afgerond was vroeg Leon de Jong aan mij wie ik echt was, wilde persoonlijk meer van mij weten. In vogelvlucht ratelde ik mijn bouwjaar op (1 Maart 1978), iets over mijn ziektebeeld waarvan ik tussen mijn 15e en 18e veel last van had maar daar wel helemaal bovenop gekomen was!

Om het kracht bij te zetten vertelde ik aan hem hoe ik in 1998 op eigen initiatief naar mijn arbeidsdeskundige van het UWV was gestapt om te vertellen dat ik ondanks een paar fysieke beperkingen wel gewoon zou kunnen werken.

Ik liet aan Leon de Jong weten dat ik aan een informatica opleiding begonnen was omdat ik veel verstand van computers had destijds, nu nog steeds overigens. Hij hoorde mijn hele traject van de 3 jarige MBI 3 opleiding waarvan een aantal dingen gewoon op niveau 4 beoordeeld werden.

Dat was 2 jaar lang hard studeren, 1 jaar lang stage lopen binnen de zorg, Leon de Jong kreeg dus tot in detail mee hoe ik aan het werk gekomen was binnen een totaal andere hoek dan dat waarvoor ik geleerd had, mijn ‘verouderde’ diploma wel op zak heb en hoe ik mijn best loop te doen om vanaf 2006 weer aan het werk te komen.

Om dit kracht bij te zetten ratelde ik al mijn vrijwilligers activiteiten op binnen GroenLinks, het CNV(j) en de Zonnebloem zodat hij inzichtelijk kreeg wat mijn kwaliteiten waren en zijn.

Om on toppic te blijven gaf ik ook bij Leon de Jong aan hoe ik in 2007 bij het UWV probeerde een studie te bemachtigen, deze afgewezen werd omdat ik in 1998 al een keer naar school was gegaan etc;

Inhoudelijk kregen wij vanaf dat moment naar mijn idee gezien echt een goed gesprek over de gereedschappen die er nodig zijn om een Wajonger aan het werk te kunnen helpen, waar toekomstig werkgevers bang voor zijn bij het in dienst nemen van een Wajonger.




1. gereedschappen bestaan er wel binnen de oude regeling, maar je moet eerst wel in dienst zijn bij een werkgever, afgaand op mijn eigen situatie.
2. werkgevers knallen op mijn adres maar tegen 2 problemen waarvan mijn studie er 1 is maar veel belangrijker om te benoemen is hen onzekerheid, mijn ziektebeeld is progressief en daarover kan ik ook niet liegen (kan morgen een tumor in mijn kop krijgen bewijze van, maar ben gewoon van plan om 80+ te worden), werkgevers houden van een vast personeels bestand en daarom wordt ikzelf periodiek afgewezen.

Nogmaals liet ik aan Leon de Jong weten dat diverse werkgevers wel weten wat Wajongeren zouden willen en kunnen, (deels) op de hoogte zijn van de oude regelingen maar dat het daar ook bij op houd.

Voor de Wajonger zelf zou de lat veel te hoog kunnen liggen naar werk wegens bovengenoemde pijn punt, op vrijwillige basis behaal ik zelf soms 40 uurige werkweken en mijn inzet als welwillende is niet interessant voor een werkgever!

Bij Leon de Jong had ik ook letterlijk aangegeven waarover diverse werkgevers over vielen, het vaste personeels bestand etc; in het gesprek met Leon de Jong grapte ik er nog over, ja het zou mis met mijzelf kunnen gaan maar een gezond iemand zou morgen ook tegen een bus aan kunnen lopen!

Die opmerking mijnerzijds kwam misschien wat hard aan, Leon de Jong kreeg na ons gesprek wel duidelijker in kaart waar de problematiek lag omtrent het in dienst kunnen en willen nemen van een Wajonger.

Als reactie koppelde Leon de Jong ook aan mij terug dat hij zeker iets zou moeten gaan doen met de informatie die ik aan hem vertelde, ter afsluiting gaf ik bij Leon de Jong aan wat er bij mij allemaal mis was gegaan en de methodes waarop ik nog steeds een betaalde baan probeer te vinden.

Leon de Jong leek geschrokken te zijn, politieke praatjes en marketing skills ken ik zo onderhand uit mijn hoofd als vervent MLM’er. Nogmaals gaf Leon de Jong aan dat hij goed moest nadenken over ‘mijn’ verhaal en aan zijn gezicht af te lezen meende hij het nog serieus ook!

Zelf liet ik wederom merken wat er mis wat er in mijn ‘persoonlijke’ situatie allemaal ‘fout’ gegaan was en is en vermelde daar duidelijk bij in vragende vorm:”Zie jij dat straks niet weer gaan gebeuren?”,”in mijn situatie ontbreken de juiste gereedschappen om aan de bak te komen”,”met de nieuwe wet werken naar vermogen ga je het zelfde resultaat behalen bij een ander die wel wil en zou kunnen!”

Leon de Jong gaf tussendoor een compliment aan mij hoe ik bezig was, stelde ook de vraag aan mij omdat ik al 34 ben en onder de oude Wajong regeling val:”zou jij niet onder de nieuwe wet werken naar vermogen willen gaan vallen?”

Daarop had ik aan hem geen directe ja of nee beantwoord, vroeg wel om garanties voor de toekomstig werkgever en voor mijzelf (stel dat ik toch veel sneller ziek wordt).

Het gesprek had een open einde, maar Leon de Jong was bereid om dingen ook eens van een andere kant te bekijken.

Nadien had ik gesproken met o.a. Linda Voortman, Jesse Klaver (goed gesprek overging) en Fatma Koser Kaya die eigenlijk dezelfde zienswijze als mijzelf hadden.

Balen dat ik niet met iemand van het CDA en met name van de VVD gesproken had ;-)

zaterdag, 28 april 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

We zijn los!

In groenlinks, politiek, weblog, agenda, akkoord, bezuinigingen, boeken, de, facebook, en meer.

Als de zure reacties van een lange stoet PvdA’ers op het akkoord van de moedige vijf iets laat zien, is het wel dat zij nog erg moeten wennen aan een GroenLinks dat eigenwijze eigen keuzes maakt. Sommigen lijken GroenLinks nog steeds te zien als de ten onrechte verzelfstandigde groene of linkse vleugel van de PvdA. Het idee dat die zelf plannen zouden kunnen maken, coalities kunnen sluiten en resultaten boeken, dringt na al die jaren nog steeds moeizaam door. Het is als een vader die ontdekt dat zijn dochter volwassen is geworden en zelf wel bepaalt met wie zij wil zoenen…

Als er één partij is die aan de linkse samenwerking heeft getrokken, dan is het GroenLinks. Maar wij hebben ook steeds moeten constateren dat als het er echt op aan kwam, de PvdA ons in de steek liet. Niet zo verwonderlijk dus een andere koers te wagen. De steeds klemmendere omhelzing van PvdA en SP maakte het bovendien ook niet makkelijk tot échte hervormingen te komen. Om nog maar te zwijgen van de houding van ‘het zal een PvdA-akkoord zijn, of het zal niet zijn’  die voor onderhandelingen van geven en nemen niet echt bevorderlijk is.

In ons omringende landen hebben groene partijen al lang gekozen voor een eigen, zelfstandige koers, met een progressieve en optimistische agenda. Soms met, soms zonder de sociaal-democraten. In eigen land zijn er in heel wat gemeenten en provincies goede ervaringen opgedaan met coalities waar de PvdA eens een keer niet in zat. Zelf denk ik nog altijd met veel plezier terug aan de Noord-Hollandse combinatie VVD-CDA-GL-D66 waar ik tussen 2003 en 2007 deel van uit mocht maken.

Eindelijk lijken we het motto ‘ideeënpartij op zoek naar macht’ serieus te nemen. Natuurlijk moet je dan ook forse tegenvallers slikken en er blijven bezuinigingen staan die voor GroenLinks bepaald niet fijn zijn. Maar de PvdA snapt toch ook dat je nooit alles kunt binnenhalen en alles wat ongewenst is kunt terugdraaien – remember Balkenende-IV. De moed die mijn partij de afgelopen week heeft getoond en de positieve reacties die daarop volgden, maken mij trots GroenLinkser te zijn. Ik hoop van harte dat we dit in de komende campagne kunnen laten zien en na september dit in regeringsdaden kunnen gaan omzetten. Want wij zijn er klaar voor. Nu de PvdA nog.

donderdag, 26 april 2012

Hans Kuipers

Hans Kuipers

Hyves Twitter GR

Toespraak Eerste Kamer: Elke zorg op goede afstand!

In groenlinks-drenthe, werkbezoek, zorg, eerste kamer, verloskunde, burgemeester, burgers, de, feit, en meer.

Vandaag vond het werkbezoek plaats van de Noordelijke Staten aan de Eerste Kamer. Rond het thema “bereikbaarheid van zorg” hield ik de volgende inleiding in de plenaire zaal:

Inleiding “fusies zorginstellingen (in dunbevolkte gebieden)”
Bereikbaarheid van de zorg in relatie tot fusies: Elke zorg op goede afstand!

Belangrijk bij zorg zijn de zogenaamde 4 B’s: Beschikbaarheid, Bereikbaarheid, Betaalbaarheid & Betrouwbaarheid.

Ik wil daar vandaag het thema “Bereikbaarheid” even uitlichten, omdat gebleken is dat daar problemen ontstaan in dunbevolkte gebieden. Ik zal eerst een korte inleiding geven over de bevolkingssamenstelling in Drenthe, en vervolgens een oplossingsrichting presenteren waar we gezamenlijk, als provinciale en Rijksoverheid aan moeten denken om bereikbaarheid van zorg te garanderen voor onze burgers. Ten slotte zal ik de sluiting van de afdeling acute verloskunde in Meppel kort weergeven als casus waar een aantal lessen uit te trekken is.

ArbXQKqCEAA2EqP.jpg large 300x225 Toespraak Eerste Kamer: Elke zorg op goede afstand!Bevolkingssamenstelling
De kwaliteit van zorg in brede zin, bereikbaar voor iedereen, is onlosmakelijk verbonden met het thema leefbaarheid in Drenthe. Krimpregio’s zijn vaak ook vergrijzende regio’s. Ouderen willen graag thuis blijven wonen en jongeren trekken van het landelijk gebied naar de steden. Het aantal 65-plussers zal in Drenthe tot 2040 met 62.500 sterk toenemen, een toename van 72%. Hun aandeel in de totale bevolking zal stijgen van 18 naar 31%.
De relatief sterke vergrijzing in combinatie met de ontgroening zetten extra druk op de beschikbaarheid en bereikbaarheid van zorgvoorzieningen en daarmee de leefbaarheid in dunbevolkte regio’s. Dit is waarom Drenthe dit thema vandaag naar voren heeft geschoven.

Spreiding
Maak een landelijk plan van zorgvoorzieningen. Als je afwacht sluit er hier een ambulancepost, daar een verloskundigenpost en heb je straks een gatenkaas van zorgvoorzieningen. Balans tussen concentratie en bereikbaarheid. Concentratie van zorg kan leiden tot kwaliteitsverbetering, maar het maximaal oprekken van de bereikbaarheidsnormen kan geen wenselijke situatie opleveren. Er dient dus een goede leidraad te zijn waarmee een herstructurering wordt opgezet.

“Zorgwinkelcentrum” als oplossing
Mobiliteit van burgers neemt al jaren toe en dat zal nog wel even doorgaan. Daarmee zijn zorgvragers ook steeds meer bereid om zorg van verder weg te halen.

De Sociaal-Economische Raad heeft eerder geadviseerd om op toegankelijkheid te letten en waar mogelijk te combineren. Te denken is dan aan huisartsenposten plus: waar gespecialiseerde huisartsen zitten met gespecialiseerde verpleegkundigen, “superverpleegkundigen”, en eventueel een paar ziekenhuisbedden. Allerlei technische apparatuur tot zijn beschikking zoals röntgenapparatuur, een onderzoeks- en behandelkamer maar ook een snelle internetverbinding met specialistische professionals op afstand voor consultatie en feedback. Dergelijke posten kunnen taken overnemen van ziekenhuizen. Denk bijvoorbeeld aan hartcontroles. Zorgbelang Drenthe noemt dit een “zorgwinkelcentrum”.

Vijf typen zorgvragen
Zij onderscheiden vijf typen zorgvragen. Elk type vraag heeft zijn eigen behoefteniveau en de schaal waarop dit het best kan worden ingericht verschilt ook per type. Dit biedt mogelijkheden om én efficiënter te werken en tóch de zorg zo nabij te organiseren als de zorgvrager dat verlangt.

1. Algemene informatieve (zorg)vragen
Informatieve vragen over algemene zorgonderwerpen (bv. wat is de ziekte van Alzheimer? hoe is het stelsel van de gezondheidszorg ingericht? waar kan ik terecht met vragen over de thuiszorg?). Telefonisch of via internet bij zorgwinkelcentrum. Kwaliteit van de informatie en de organisatie van de beschikbaarheid zijn aandachtspunten.

2. Preventieve zorgvragen
Vragen over dingen die men ‘kunnen’ overkomen (wat te doen bij een dreigende griepepidemie, mogelijke gevolgen van straling na een ramp met een kerncentrale e.d.) hoe zij moeten leven in een bepaalde fase van hun leven waarvoor zij preventieve maatregelen willen nemen. Hiervoor kunnen zij ook telefonisch of digitaal terecht en dan zo nodig worden doorgeleid naar de basiszorgarts of allerlei andere specialistische centra.

3. Enkelvoudige zorgvragen
Het gaat hierbij om enkelvoudige zorgproblemen die een individuele afhandeling vereisen, dichtbij in het zorgwinkelcentrum. Het kan ook gaan om vragen over aandoeningen die diepgaander diagnose, mogelijk meer onderzoek en behandeling vereisen. Hiervoor kan men het beste fysiek of interactief terecht bij een van de basiszorgartsen die in het primaire zorgwinkelcentrum hun praktijk hebben.

4. Acute zorgvragen
Acute ‘zorgvragen’ die geen uitstel dulden. In Nederland is het bij wet zo geregeld dat wanneer 112 gebeld wordt er altijd binnen vijftien minuten een ambulance ter plaatse moet zijn die acute hulp kan verlenen. De norm van vijftien minuten aanrijdtijd voor spoedzorg impliceert dat er over een provincie als Drenthe een heel netwerk van ambulancezorg is uitgelegd dat centraal via de regionale meldkamer wordt aangestuurd. Uitgaande van de wens om ook een dekkend netwerk te hebben voor de basiszorg is wenselijk dat de spoedzorg geïntegreerd wordt met de gewenste zorgwinkelcentra.

5. Complexe en chronische zorgvragen
Dat betekent concreet dat de ziekte of aandoening langer gaat duren en niet meer overgaat. Dat kan op iedere leeftijd voorkomen maar gezien de menselijke levensloop hebben ouderen per definitie meer chronische zorgvragen. Behandeling kan bestaan uit standaardbezoeken, leefstijladviezen en zelfmanagement. Vaak ook een psychische en sociale kant. Deze zorgvragen vereisen antwoorden die het domein van de fysieke zorg overstijgen en meestal te maken hebben met het totale welzijn van de patiënt.

Het idee dat iedere soort zorg op een juist niveau dient te worden verzorgd klinkt vrij logisch. Toch moet met het inrichten hiervan zorgvuldig worden omgegaan. De bevolking heeft – terecht of onterecht – al snel het idee dat de zorg in de regio er op achteruit gaat. Een voorbeeld van hoe het niet moet, is de sluiting van de acute verloskunde in Meppel.

photo 300x224 Toespraak Eerste Kamer: Elke zorg op goede afstand!Verloskunde
Het Diaconessenhuis Meppel is een middelgroot streekziekenhuis (~330 bedden), waar nagenoeg alle specialismen vertegenwoordigd zijn. Regiofunctie: Meppel, Staphorst, Steenwijkerland, Westerveld, De Wolden en Zwartewaterland.

Na een fusie tussen de maatschappen gynaecologie in Meppel en Zwolle, volgde het plan om de afdeling acute verloskunde in Meppel te sluiten. Er zouden te weinig gynaecologen zijn om 24-uursdiensten mogelijk te kunnen maken, en te weinig bevallingen om het aantrekken van extra gynaecologen te rechtvaardigen.

Onduidelijk waren op dat moment de consequenties voor algemene spoedeisende hulp en de 24-uurszorg door kinderartsen. Ook vreesde men voor langere aanrijtijden en meer thuisbevallingen en “bermbaby’s”, vanwege de dan langere rijtijden. Dit leidde tot grote maatschappelijke onrust.

Maximale norm voor verloskunde is 45 minuten, en CdK Tichelaar noemde Drenthe in een open brief aan premier Rutte al schertsend een “45-minuten-provincie”.

Er was op dat moment reeds overleg gaande om tot een gezamenlijke regiovisie op de zorg te komen, die dient als advies aan de minister. Een kader om te komen tot realisatie van goede, bereikbare, zorg. De eenzijdige aankondiging van het sluiten van de afdeling verloskunde doorkruisde dat proces.

Regie
De grote vraag rond bereikbaarheid van zorg blijft de regierol. Wie moet op welke manier een rol spelen om die bereikbaarheid ook daadwerkelijk tot stand te brengen en/of te behouden?

Grotere zorgwinkelcentra zijn een wenkend perspectief, een stip op de horizon. Maar hoe garandeer je bereikbaarheid van de zorg, ook voor mensen die minder mobiel en minder zelfredzaam zijn?

Den Haag. Bindende normen.
De systeemverantwoordelijkheid voor de zorg ligt bij het Rijk, maar gemeenten en provincies hebben er vanuit het oogpunt van leefbaarheid belang bij dat de zorgvoorzieningen in de regio optimaal ingericht zijn. Beschikbaarheid van ziekenhuiszorg staat onder druk.

Regiovisie
Gisteren vond een overleg plaats in de Havixhorst, geïnitieerd door Commissaris der Koningin Tichelaar en Burgemeester Westmaas met alle betrokken partijen rond de afdeling verloskunde in Meppel, een overleg dat in de volksmond al snel het “Ooievaarsberaad” gedoopt werd. Regionaal overleg met ketenpartners én bevolking. Nu datum 1 juli toch weer ingetrokken. Over veertien dagen overleg met alle partners. Feitelijk is iedereen het er wel over eens dat dit overleg gevoerd had moeten worden aan het begín van het traject, en niet nadat men voor een voldongen feit was geplaatst.

Lokaal maatwerk
Zou “moeten” bij fusies zorginstellingen in dunbevolkte gebieden. Blij dat iedereen dat nu inziet. Laat Meppel en Drenthe een voorbeeld zijn en in gelijksoortige gevallen in de rest van Nederland iedereen gelijk om tafel gaan. De vraag is: hoe regelen we dit?

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Bloggen voor TEDxBinnenhof

In blogs, blog, innovatie, persoonijk, tedxbinnenhof, de, hulp, idee, innovation, en meer.

Op 25 juni organiseert de rijksoverheid TEDxBinnenhof. De organisatie noemt het een Catwalk voor innovatie, waar inspirerende en grensverleggende ideeën uit Nederland voor het aanpakken van mondiale problemen worden gepresenteerd. De Catwalk for Innovation wordt gelivestreamed op verschillende locaties in Nederland en op deelnemende Nederlandse ambassades.

Ik heb geen idee welke ideeën zich mogen presenteren. De komende maanden mag ik wel bloggen over innovatie. Uiteraard ga ik daarbij ideeën behandelen die volgens mij een plekje op de catwalk verdienen. Te beginnen bij de bouwsector, waar ik in werkzaam ben. De komende weken kun je echter nog bijdragen verwachten over elektrische auto’s en duurzame innovaties.

Ideeën, opmerkingen en commentaar zijn welkom. Mijn bijdrage van deze week is tot stand gekomen met hulp van Ivo Stroeken en Max Herold. Ik plaats de bijdrages die ik schrijf voor TEDxBinnenhof met een vertraging van twee weken ook hier op mijn eigen weblog.

De eerste twee berichten staan inmiddels online en kan je hier vinden:

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Lichtfles

In kort, aanrader, afrika, de, google, huiswerk, idee, licht, gelukkig, en meer.

Bedoelt u luchtfles bij google-afbeeldingen? Lichtflits? suggereert wikipedia. Nee, lichtfles. Zo’n simpel idee, zo’n schot in de roos en toch onbekend bij googleplaatjes en wikipedia. Gelukkig is Afrika van deze media niet geheel afhankelijk. MIT ontwikkelde zeer hoogstaande techniek om zonder stroom woningen, straten, scholen enzovoort van licht te voorzien.

In een gat in het golfplaten dak wordt een petfles gevuld met water en een beetje bleekwater opgehangen. Water breekt licht. In de nacht geeft de zon via de maan licht. Het water doet het werk, de bleek is ter conservering van het water. That’s all. De lichtopbrengst is een equivalent van 60 watt. Geen kaarsen meer nodig bij het huiswerk, meer licht in de klaslokalen op een veilige manier. Geweldig toch? Zo simpel kan het zijn.

Gelezen in One World van deze maand. Aanrader voor een maandelijkse wereldwijde blik.

woensdag, 25 april 2012

louisdemast

louisdemast

Twitter Youtube

Invoelingsvermogen

In uncategorized, actie, ambtenaar, april, beperking, bestemmingsplan, binnenstad, café, de, en meer.

“Louis pas op! Je klapt bijna naar achteren.” Met mijn linkerhand grijp ik snel de deurpost van het café en met mijn linkerhand probeer ik de rolstoel in bedwang te houden. Een piepklein drempeltje staat tussen mij en de gewenste vrijdagmiddagborrel in. In een rolstoel is het haast onmogelijk om café Camelot aan de Grote Markt binnen te komen.

Mijn benen doen het prima, hoor. Het is mijn eigen idee geweest om vrijwillig in een rolstoel te zitten, om zelf te ervaren hoe (on)toegankelijk de horeca in Nijmegen is. Drie raadsleden van GroenLinks heb ik ook zo gek gekregen. Na een vergadering op het stadhuis wilde ik met twee vrienden een biertje drinken in de stad. We liepen / reden een halfuur door de binnenstad totdat we een café hadden gevonden, waar ze met hun rolstoel naar binnen konden. “En wat als je nu naar de toilet moet”, vroeg ik geïntrigeerd. “Dan heb ik pech gehad. Snel naar huis en altijd van te voren een sanitaire stop maken.” Ik keek richting het steile trappengat dat naar de WC leidt. Mijn verhouding biertje drinken versus sanitaire stop is 1 op 1. Ik had er nooit bij stilgestaan dat het leven zo ongemakkelijk kan zijn als je gehandicapt bent.

Diezelfde avond en vier bier later is het plan ontstaan om hier een actie van te maken. “En dan zetten we die raadsleden in een rolstoel, kunnen ze zelf ervaren waar je dan tegenaan rijdt.” Na enig onderzoek bleek ook nog dat de aanpassing om een café toegankelijker te maken door de gemeente met 75% wordt gesubsidieerd. Veel meer argumenten hadden we niet meer nodig.

Maar toch, ik had niet verwacht dat het zó lastig kon zijn. De verslaggever van de Gelderlander is ook peentjes aan het zweten vanuit haar rolstoel. We kieperen bijna van trappen en na een lichte daling van de straat kegel ik zowat 4 winkelende mensen om. De meer ervaren rolstoelers lachen in hun vuistje, de rollen zijn omgedraaid – nu helpen ze ons met tips en aanwijzingen. De naborrel is een plaatje: 8 rolstoelen om een tafel. De gemeenteraadsleden vonden het ook maar knap lastig. We hebben veel geleerd, wat we anders niet hadden geweten. Als je wilt pissen, word je doorverwezen naar de V&D en de HEMA. En des avonds of in het weekend dan?

Jezelf verplaatsen in een ander – dit keer letterlijk – is de manier om de positie van mensen te verbeteren. Dat zeg ik ook als hulpverlener. Dat kan ook al door jezelf voor te stellen hoe de wereld er voor je uit zal zien als je in de schoenen staat van de medemens. Het gaat gemakkelijk als het raakt aan iets wat je herkent, of hebt meegemaakt.

Deze week was ik op huisbezoek bij een client van me. Schat van een vrouw uit een volkswijk. Heeft net haar kleinkind verloren, het ging mis bij de bevalling. Ze laat me de foto’s zien en vertelt hoe de eerste dagen zijn gegaan, hoe het gezin het verschrikkelijke verlies heeft proberen te dragen door rituelen en woorden te vinden. Als ik de emoties van de foto’s zie afspatten, moet ik flink slikken.

Anderhalf jaar geleden verloor ik mijn broertje. Ik vertel wat me heeft geholpen om de eerste dagen door te komen en het gemis een plaats te geven. Tussendoor verwerk ik wat theoretische inzichten over rouwverwerking, maar altijd toegespitst op het hier en nu. Ze knikt. We zwijgen. En ik weet, woorden zijn niet meer nodig, we voelen het verdriet. Een traan loopt over haar wang – en de mijne.

Gebrék aan invoelingsvermogen leidt tot grote problemen en verontwaardiging. Je niet gezien, gehoord voelen kan enorm frustrerend zijn. De ambtenaar bij het loket die tussen 9 en 5 zich strikt houdt aan de procedure, maar niet stilstaat bij de gevolgen die dat voor jou heeft. Of het nu gaat om een dakkapel, wasmachine of bestemmingsplan.

Komende periode ga ik allerlei werkbezoek afleggen. Een dagje meelopen met de wijkagent, zelfstandige ondernemers en een neurochirurg. En loketamtenaar? Zien en ervaren wat ze dagelijks meemaken, zodat we samen kunnen bedenken wat goed gaat en wat beter kan.

Die ervaringen maken me een rijker mens – en politicus.  Ik heb er zin in!

 

 

 

 

In rolstoel naar café

De Brug Nijmegen

  • 04 apr 2012
NIJMEGEN – Raadsleden van GroenLinks gaan vrijdag 6 april in een rolstoel verschillende Nijmeegse cafés bezoeken

Samen met de Werkgroep Integratie Gehandicapten (WIG) en andere ervaringsdeskundigen, willen zij aandacht vragen voor een letterlijk laagdrempelige en toegankelijke horeca. Initiatiefnemer Louis de Mast: “In de praktijk blijkt het voor mensen met een fysieke beperking, vaak niet gemakkelijk te zijn om een café te bezoeken. We gaan graag met horecaondernemers in gesprek over mogelijkheden om ook mensen met een beperking de kans te geven een biertje of kop koffie te drinken.”
De raadsleden gaan zelf ervaren hoe (on)gemakkelijk het is om met een rolstoel een café binnen te komen. Ter plekke gaan ze met de horecaondernemers in gesprek om oplossingen te zoeken en drempels weg te nemen. Zo bieden zij informatie over financiële steun van de gemeente Nijmegen. Ondernemers krijgen 75% van de investering vergoed wanneer zij hun gebouw meer toegankelijk maken. Het Expertisecentrum Toegankelijkheid van de WIG kan helpen bij het aanvragen van deze subsidie. Raadslid Ilknur Aksakal: “Uit onderzoek blijkt dat de horeca 12% van haar inkomsten laat liggen door onvoldoende te investeren in toegankelijkheid. Juist in deze economisch moeilijke tijd is dat een extra argument om nu in actie te komen!”


dinsdag, 24 april 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Het gedoogkabinet is niet meer

Bron: www.xiara.be

Ik zou er iets over moeten zeggen. Ik heb tenslotte vaak een mening hier. Vaak denk ik dat ik het beter weet. Maar ik weet het even niet meer.

Natuurlijk ben ik blij dat deze regering is gevallen. Dat de invloed van de gedoger, al is het maar tijdelijk, is teruggedrongen. Dat we van het meest rechtse kabinet sinds mensenheugenis af zijn.  Maar wat nu?

Verkiezingen eind juni of begin september? Of toch in de zomer? Rutte en de Jager snel een begroting in elkaar laten flansen of met de hele kamer proberen iets te schrijven? Demissionair kabinet of demissionair met uitzonderingen? Zo snel mogelijk onder de drie procent of mogen we er iets boven zitten? Belangrijke besluiten voor ons uit schuiven of toch snel knopen doorhakken? Ik weet het echt niet.

Vele keuzes zijn simpel. Niet bezuinigen op onderwijs en zorg, wel op defensie. De lage inkomens ontzien, de hoge inkomens kunnen nog veel missen. Ontwikkelingssamenwerking (dat is iets anders dan ontwikkelingshulp) hoeft niet te bezuinigen, cultuur ook niet. Multinationals die hier belastingvoordeel genieten profiteren ten koste van de ‘normale man’, moeten zwaar belast worden. Mislukt project JSF meteen stopzetten. Niet meer investeren in asfalt, maar wel in beter openbaar vervoer. Marktwerking in zorg, ov, nutsbedrijven en onderwijs is uit den boze. Bonussen zijn geen prikkel om beter te presteren, maar zorgen voor meer hebzucht. Morgen nog beginnen met terugtrekken uit Kunduz.

Mijn beeld is wel duidelijk. Maar hoe het voor elkaar te krijgen, geen idee. De vragen blijven onbeantwoord. De tijd zal uitwijzen wat er moet gebeuren..


woensdag, 18 april 2012

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Een joods monument

In ede oost, college, de, fractie, gebouwen, gemeenschap, gemeente, idee, joden.

eric leltz

In juni 2010 ontvingen zowel de Edese fracties als het college van B&W een brief van een comité met het verzoek om een monument te plaatsen ter nagedachtenis van de omgekomen Joodse inwoners van Ede in de periode 1940-1945. Ik heb er op 10 juni 2010 over geschreven. Er bleek toen niet veel draagvlak voor een dergelijk monument. Nu echter, bijna 2 jaar later, is er een monument opgericht tegenover het Mausoleum. Ik schreef er destijds het volgende over.

Binnen mijn fractie heeft Karel Jan Visser onderzoek gedaan naar de joodse gemeenschap in Ede. In de oorlog zijn 29 Joodse inwoners van de gemeente Ede gedeporteerd en omgekomen, het merendeel in Auschwitz en Sobibor. Van deze inwoners is er een in Ede geboren, mevrouw Adeline Marie Hartog. Zij is op 25 februari 1945 in KZ Flossenburg overleden.

Ede heeft veel te danken aan zeker een van haar joodse inwoners. De heer Hartog, overigens geen familie van de eerder genoemde mevrouw Hartog, heeft in Ede de kunstzijdefabriek ENKA, opgericht. Hij heeft tevens de Reehorst aangekocht en daar een culturele bestemming aan gegeven. Ook heeft hij een groot aantal woningen voor zijn werknemers laten bouwen. De heer Hartog was een sociaal bewogen man.

Gezien bovenstaande lijkt het mijn fractie een goed idee om in Ede een monument ter nagedachtenis van de joodse slachtoffers in de tweede wereldoorlog te plaatsen. De aard en de locatie van het monument kan dan worden gekoppeld aan het terrein waar de voormalige ENKA fabriek heeft gestaan. Dit gebied wordt momenteel heringericht voor woningbouw en enkele markante gebouwen blijven na restauratie staan. Zo ook het poortgebouw recht tegenover de spoorlijn. Daar had de ENKA een emplacement voor het overladen van goederen. Of er vanuit station Ede-Wageningen transporten van Joden hebben plaatsgevonden is niet zeker maar het spoor staat wel symbool voor de Holocaust. Daar moet toch een mogelijkheid zijn om een monument te plaatsen. 



dinsdag, 17 april 2012

Rogier Elshout

Rogier Elshout

Hyves Twitter

Aan wat voor raar onderzoek van Opstelten/Teeven heb ik nu mee gedaan?

In uncategorized, beleid, de, idee, bezig, burger, de telegraaf, dom, grappig, en meer.
"dag meneer. wil u meewerken aan een onderzoek van het inisterie van Veiligheid en Justitie?" In het begin is het grappig, zon dom meisje die geen idee heeft wat voor vargenz e van haar scherm voorleest. maar bij vraag 10 lag ik in een deuk. Wat een bizar onderzoek. "kunt u, op een schaal van 1-10, zeggen wat u van coffeeshops vindt." WTF? wat is dat voor vraag? Al in jaar 1 van mijn studie had ik nooit een voldoende gekregen voor een onderzoeksopzet met zon vraag. Maar dan wordt het eng. Elke dag spuwen Opstelten en Teeven een partij persberichten naar De Telegraaf met kloeke taal. Heb ik nou meegedaan aan een suggestief onderzoekje dat hen weer de held van veiligheid moet maken, met meer onzin beleid gebaseerd op onzin onderzoek? heb ik er nu aan meegwerkt dat de te tevreden roker (geen onruststoker) verder wordt gecriminaliseerd, en de politie daar mee bezig blijft ipv het vangen van echte boeven? Als betrokken burger toch maart een vraagje gesteld aan Ivo. benieuwd naar het antwoord.... Continue reading

dinsdag, 10 april 2012

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Uit het dagboek van een hardloper

In samenleving algemeen, sociaal verkeer, amsterdam, de, hakken, idee, kant, delen, dom, en meer.

Gisteren liep ik de halve marathon als onderdeel van de Utrechtse marathon. Toen ik ’s middags naar de Jaarbeurs fietste, waar de start was, passeerde ik lopers die al om tien uur ’s ochtends gestart waren voor de marathon. Natgeregend waren ze, moegemaakt door de wind en de afstand, vermoedelijk met pijn in de benen die elke meter met minstens de helft langer leek te maken. Ik fietste ik ze nog fris en vol enthousiasme over het vooruitzicht van een mooie loop voorbij. Ik ging in ieder geval geen 42 km doen, doch slechts de helft!

Bij de Jaarbeurs was het een bonte bedoening van felgekleurde truitjes en dito schoenen, door menigeen bedekt met een transparante plastic cape. Er waren er ook die het stelden met een vuilniszak. Ik nam eerst aan dat ze met deze omhulsels ook gingen rennen, wat me bijzonder onhandig leek, maar noteerde later menig omhulsel afgedankt op de grond juist voor de startstreep. Hun nut was vooral de te overbruggen periode tot de start. Dat deed het gros binnen bij de Jaarbeurs. En toen ik met de masa nar buiten schuifelde, de wind en de regen me opwachtte dacht ik el een moment ‘je bent ook wel gek dat je nu gat rennen.’

Wat volgde was het wachten. Niet te lang gelukkig, mar genoeg om enigszins af te koelen. We wachtten op het schot, aanhoorden het alombekende ‘nu-gaat-het-beginnen-melodietje’ dat ik van de Singelloop kende, en ik zag de massa rij voor rij in de versnelling gaan. Losgelaten voor een exact afgemeten afstand waar je tegelijkertijd geen flauw idee bij hebt hoe ver dat gevoelsmatig is.

Kwiek zette ik het tempo er in. Wauw, wat ging het lekker. De fout om te snel te starten is snel gemaakt, en ik maakte hem denk ik, maar bij het volle bewustzijn: ik zou wel zien hoe het ging.  Om mij heen werd nog opgewekt gekletst, commentaar gegeven en gereageerd op supporters langs de kant. Het moment dat luchthartigheid ingewisseld werd voor verbetenheid lag nog kilometers ver voor ons. De voortekenen waren er wel al bij het lange stuk langs het windrijke Amsterdam Rijnkanaal. Af en toe trokken er koude rillingen over mijn rug, mar bij windluwe stukken leek het ook of er een warm strijkijzer overheen werd gehaald.

Na een stukkie Langerak begon ik me op de Groenedijk wat vermoeid te voelen. Dat was wel een beetje vroeg. Ik begon de route in parten op te delen. Altijd een beproefd middel om de eindstreep te halen: als je bij locatie 1 bent, is locatie 2 opeens ook veel haalbaarder, en zo voort. Vanaf Oog n Al werd er weer langs het water gerend, dit keer van het Merwedekanaal. Hier was geen adem meer voor gebabbel, elke slok zuurstof moest op de meest efficiënte wijze benut worden. Mijn aandacht voor de omgeving nam in rap tempo af. Ik zag kuiten, hakken van schoenen, asfalt en klinkers. Versnellen was niet meer mogelijk. Het gedans door en langs de massa om de langzamere lopers omzichtig te passeren, het was luxe spielerei uit de beginfase. Vaart houden was mijn missie.

Voorbij Ledig Erf riep iemand op een bemoedigende toon dat het nog 4 km was. Vier kilometer, mijn hemel. De passage onder de Dom moest een hoogtepunt zijn, maar ik registreerde slechts een languitgelegde zwarte mat en berekende enkele  spots die mij nog scheiden van de finish. Dat was het hoogtepunt. In de latste kilometer herkende ik mezelf in de verloren marathonlopers die ik al fietsend uren eerder had gezien. Het kan verkeren. Na een uur en drie kwartier hobbelde ik de finish over.

Zo waar en zo mooi kan hardlopen zijn.

zondag, 8 april 2012

Klaas Woltinge

Klaas Woltinge

Hyves Twitter Youtube

Dubbele spagaat

In bezuinigen, bnp, cda, de, de wereld, duurzaamheid, economie, europa, gedoogpartner, en meer.
Blijven mee regeren kan leuk, interessant en belangrijk zijn.
Als gekozen kabinet kom je ook het meest geloofwaardig over wanneer je je termijn helemaal uit zit.

Als regering is het onderling ook geven en nemen, na mijn idee gaat het CDA hier wel erg ver in. Even ter herinnering, waar stond het CDA ook alweer voor?

De samenleving heeft ook verantwoordelijkheden buiten Nederland. Daarom letten we op deze dingen:

We vechten tegen ongelijkheid en armoede in de wereld, bijvoorbeeld door ontwikkelingslanden te helpen;
We proberen ervoor te zorgen dat alle landen een eerlijke en democratische regering hebben;
We willen dat landen mensenrechten naleven.

0,7%BNP

Een duurzame samenleving

De welvaart groeit op een duurzame manier. Hierdoor kunnen ook de generaties die na ons komen in een schone wereld leven. Deze duurzame groei houdt in dat we goed nadenken over waar we ons geld aan besteden. Zo blijft de economie gezond. En het betekent dat we ruimte geven aan nieuwe bedrijven en aan ideeën voor duurzaamheid.

Piet de Jong dreigt het CDA te verlaten, zelf geef ik hem groot gelijk!

Waar haalt het CDA het lef vandaan om zo maar 1 Miljard te gaan bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking, dient het CDA dat te slikken omdat de PVV en de VVD daarop graag zouden willen bezuinigen?

Zelf heb ik geen Politiek en Economie gestudeerd, maar een ieder kan toch na gaan dat wanneer wij op 0,6% BNP gaan zitten de afspraken die binnen Europa gemaakt zijn overtreden.

Europa slikt dat misschien, ons kleine landje licht op een geschikte locatie voor de in en export. Wanneer men binnen Nederland zo door gaat worden wij wel een stuk minder serieus genomen binnen Europa (exact wat de PVV zou wensen).

Zonder uit te halen naar de PVV, zou de VVD toch door moeten hebben wanneer je ergens geld in steekt dat je er weer geld voor terug zal gaan ontvangen!

Nu hebben wij schulden dus bezuinigen zomaar links en rechts wat (aldus de VVD), kom op en denk ff na! Wanneer wij als Nederlanders tegen de zogenaamde allochtoon zijn helpen wij hen toch in hen land aan het werk?

Wij profiteren daar ook nog van, wat wil je nog meer (sarcastisch uitgedrukt)?

Wanneer wij 1 miljard gaan bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking, beperken wij onze handel met.. Daarnaast is de kans groot dat Nederland meer vluchtelingen krijgt die men liever weg zou sturen aldus de PVV!

Het zinloze geroep toeter zou fors op bezuinigd kunnen worden, jammer dat weinigen op dat idee komen! Zal ik mijn eigen medische boekje even open gooien omtrent PGB, mijn aangepaste bed, Wajong uitkering en de rest van het gezeik wat ik maar even over sla om to the point te blijven!

Misschien mis ik iets, naar mijn idee is Rutte best een Linkse VVD’r, weet echter niet wat hij met zijn gedoogpartner Greetje Wilders aanmoet en lult daarom maar onzin!

Het CDA staat voor een dubbele keuze, nu de stekker eruit trekken zou de beste optie zijn (naar mijn idee), dat geeft politiek Nederland een slechte naam, maar daar komen wij wel overheen.

We kunnen ook afwachten, wat met name het CDA juist doet!
Gezellig vriendjes blijven met de VVD en daarbij de PVV als gedoog partner ook niet vergeten!

Zelf heb ik misschien een hoop te leren, ik heb liever dat het huidige kabinet nu per direct oprot i.p.v. over een half jaar of later pas wat zeer slecht zou zijn voor onze Nederlandse economie!

Omtrent Leers, die gast spreekt naar mijn idee een beetje met gespleten tong, wat melde hij ook al weer over ‘Mauro’ en wat had hij nadien te melden over ‘Mauro’?

Aldus Leers zijn eigen zeggen had Mauro een beetje gejokt, hij mag zijn studie af maken en daarna het land uit!
Word Leers daarop aangesproken weet hij in ene van niets, “zo heb ik het niet bedoeld etc;”

Ben geen CDA’er, maar iemand met die klets praatjes zou je toch linia recta naar huis sturen?
Dat gebeurd helaas niet omdat men komende kabinetsperiode wel vriendjes zou moeten blijven.

Op persoonlijke titel verlang ik dat er NU nieuwe verkiezingen gaan komen, het pappen en nat houden hangt mijzelf de strot uit om in wilders zijn termen te spreken!

Wanneer wij nu direct moeten gaan stemmen bestaat de kans dat er meer op de PVV zal worden gestemd wegens onvrede (die kans schat ik klein in), we kunnen ook een half jaartje wachten, misschien iets langer..

Op dat moment dient er zeker naar de stembus gerent te worden, daarom pleit ik er ook voor dat er nu nieuwe verkiezingen gaan komen!

donderdag, 5 april 2012

Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Gastblog: Ik Geloof Niet Dat Dit de Bedoeling Kan Zijn!

In gastblog, adhd, autisme, gezondheidszorg, helpen, maatschappij, nederland, politie, auto, en meer.

De eerste gastblog op deze site komt van Tjitske Gratama. Zij vindt dat de samenleving ondertussen is veranderd in een overleving. Wil jij ook een gastblog op deze site? Stuur een berichtje of neem contact met me op.

Ik ben dan wel een opstandig figuur en schop graag tegen de gevestigde orde, maar een aantal jaar geleden was ik een “gewoon” meisje dat geloofde dat overheidsinstanties en andere mensen met “macht” toch wel verstand zouden hebben van wat ze doen. Ik dacht dat de politie de boel veiliger maakte, dat de geestelijke gezondheidszorg mensen beter en gelukkiger maakte, dat dokters zieke mensen hielpen, dat mensen elkaar hielpen en de NS mensen van A naar B bracht… je snapt mijn punt.

Nu ik “volwassen” ben, op mezelf woon en mijn ouders me niet meer dag en nacht beschermen, kom ik er elke dag weer achter dat je kennelijk altijd op jezelf bent aangewezen en mensen je alleen komen helpen als je heel hard schreeuwt: ” GRATIS!”

Ja, jullie lezen het goed, jullie doen ALLEMAAL je werk niet. Ik heb geen idee wat jullie wel doen, maar jullie doen het verkeerd!

Waar was iedereen toen iemand mijn tas probeerde leeg te roven op het station? Niet dat er bij mij iets te halen viel, maar ik stond in mijn eentje tegen een groep zakkenrollers te schreeuwen dat ze van mij en mijn spullen af moesten blijven. Volwassen mannen en vrouwen liepen gewoon door alsof er niks gebeurde en alsof ik niet bestond. Maar wacht maar tot hun tasje gejat wordt, dan klagen ze steen en been over de veiligheid en normen en waarden. Normaal gesproken zou ik gemeld hebben dat er zakkenrollers actief waren, maar nu hoopte ik dat iemand die mij straal voorbij liep, zelf bestolen zou worden.

En wat deed de politie toen ik met twee vrienden probeerde een toerist, die ziek en zwaar onder invloed op straat lag, te helpen? Toen ik vroeg of ze hem niet konden helpen zeiden ze: ” Maar wij zijn geen taxi.” En toen opperden ze dat WIJ hem maar even naar zijn hotel moesten brengen, drie kilometer verderop. Daarop zei ik natuurlijk: “Maar wij zijn geen politie!”

Nadat we hem daadwerkelijk optilden en de eerste stappen naar zijn hotel zetten, begon hij (ja, wat verwacht je anders…) zijn complete maaginhoud anti-peristaltisch naar buiten te werken. Op dat moment (dus een uur later nadat de politie ter plaatse was) besloot de politie dat ze ons dit niet aan konden doen en werd er een auto opgeroepen.

Maar dat was nog niet alles… het groepje toeschouwers dat zich om ons heen had verzameld, bleek uit mensen te bestaan die met de toerist op een feestje waren. Mijn vrienden en ik hadden geen enkele band met deze toerist, en deze idioten die met hem hebben lopen zuipen en blowen, hebben die arme jongen op straat aan zijn lot overgelaten! En pas toen ik me ermee ging bemoeien, kwamen deze lafaards maar eens naar buiten om er bij te staan en NIKS te doen. De politie is je beste vriend en van je vrienden moet je het maar hebben….

En dan nog een ander onderwerp. Zedendelicten! Menig mens kan bevestigen dat het ontzettend moeilijk (misschien wel onmogelijk) is om aangifte te doen van een zedendelict. Verkrachtingen, loverboys, mensenhandel, misbruik en kinderporno; het zit allemaal in de taboesfeer en mensen die de moed bijeen rapen om aangifte te doen worden vrijwel altijd tegengewerkt of ontmoedigd. En dan komt er een meisje dat aandacht nodig heeft en een boek schrijft over haar ow zo zielige verhaaltje, en iedereen slikt het als zoete koek (of moet ik “kaas” zeggen). De politie liep bij haar te bedelen om een aangifte zonder te checken of alles wat ze schreef waar was.

Een andere optie is natuurlijk een BN’er publiekelijk beschuldigen van verkrachting. Dan wordt die man opgepakt zonder dat er ook nog maar iemand met bewijs is gekomen. En iedereen smult ervan! De kranten, het nieuws en die kutshow met Albert Verlinde… Iedereen bijt zich erin vast zonder dat er ook maar echte bewijzen zijn. En dat gebeurt allemaal terwijl er allemaal mensen rondlopen die een echt verhaal hebben maar niet worden geloofd.

En nu is de geestelijke gezondheidszorg aan de beurt. Als je hulp wilt, mag je eerst een half jaar op een wachtlijst. En dan als je mazzel hebt gaan ze op zoek naar een “labeltje”. Zonder “labeltje” krijg je namelijk ook geen “rugzakje” en dat betekent dat je het op school ook maar mag uitzoeken. Maar “labeltjes” waar je geen medicijnen voor hebt zijn niet interessant en daar zullen ze dan ook niet snel naar zoeken. Daarom heeft iedereen ADHD of autisme en bestaan gewoon “drukke” of “maffe” kinderen niet meer.

Daarnaast is nu een goede vriendin van mij gedwongen opgenomen omdat ze “psychotisch” zou zijn. Persoonlijk heb ik van haar nooit gemerkt dat ze een gevaar voor zichzelf of haar omgeving zou kunnen zijn, maar kennelijk vonden ze haar gek genoeg om op te sluiten. Nu zag ik vandaag een vrouw die overduidelijk “gestoord” was en die druk bezig was met het verstoren van de openbare orde. De politie sprak de vrouw aan, en zonder ook maar iets te doen gingen ze gewoon weer verder met het lopen van hun rondje. Nu is het natuurlijk niet alleen die ene vrouw die het station soms onveilig maakt, maar er is een hele groep met dronken en psychotische mensen die ’s nachts en overdag het station onveilig maakt. Dan vraag ik me natuurlijk af: Waarom zijn die mensen nog op vrije voeten terwijl er een leuk, lief en intelligent meisje nu achter slot en grendel zit?

Er wordt kennelijk overal met twee maten gemeten en niemand voelt zich verantwoordelijk voor deze enorme puinhoop. De fout ligt bij iedereen. De wetgevende macht; de uitvoerende macht; de controlerende macht! Iedere macht faalt, iedereen faalt. Niemand schijnt iets te doen wanneer het mis gaat en daardoor kan al het tuig gewoon zijn gang gaan. En waar komt de regering mee? Meer blauw op straat werkt niet als die hetzelfde doen als nu. Zwaardere straffen werken ook niet als niemand gestraft wordt. Een meldpunt voor overlast van Oost-Europeanen helpt ook geen ene moer, want dan zitten we nog steeds met al die overlast veroorzakende Nederlanders…

Als iedereen zich nou eens bezig zou houden met zijn taak in de samenleving en deze goed zou uitvoeren, zou het eindelijk weer eens een samenleving in plaats van een overleving worden. Een samenleving die is veranderd in een overleving: ik geloof niet dat dit de bedoeling kan zijn.


Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Gastblog: Ik Geloof Niet Dat Dit de Bedoeling Kan Zijn!

In gastblog, adhd, autisme, gezondheidszorg, helpen, maatschappij, nederland, politie, auto, en meer.

De eerste gastblog op deze site komt van Tjitske Gratama. Zij vindt dat de samenleving ondertussen is veranderd in een overleving. Wil jij ook een gastblog op deze site? Stuur een berichtje of neem contact met me op.

Ik ben dan wel een opstandig figuur en schop graag tegen de gevestigde orde, maar een aantal jaar geleden was ik een “gewoon” meisje dat geloofde dat overheidsinstanties en andere mensen met “macht” toch wel verstand zouden hebben van wat ze doen. Ik dacht dat de politie de boel veiliger maakte, dat de geestelijke gezondheidszorg mensen beter en gelukkiger maakte, dat dokters zieke mensen hielpen, dat mensen elkaar hielpen en de NS mensen van A naar B bracht… je snapt mijn punt.

Nu ik “volwassen” ben, op mezelf woon en mijn ouders me niet meer dag en nacht beschermen, kom ik er elke dag weer achter dat je kennelijk altijd op jezelf bent aangewezen en mensen je alleen komen helpen als je heel hard schreeuwt: ” GRATIS!”

Ja, jullie lezen het goed, jullie doen ALLEMAAL je werk niet. Ik heb geen idee wat jullie wel doen, maar jullie doen het verkeerd!

Waar was iedereen toen iemand mijn tas probeerde leeg te roven op het station? Niet dat er bij mij iets te halen viel, maar ik stond in mijn eentje tegen een groep zakkenrollers te schreeuwen dat ze van mij en mijn spullen af moesten blijven. Volwassen mannen en vrouwen liepen gewoon door alsof er niks gebeurde en alsof ik niet bestond. Maar wacht maar tot hun tasje gejat wordt, dan klagen ze steen en been over de veiligheid en normen en waarden. Normaal gesproken zou ik gemeld hebben dat er zakkenrollers actief waren, maar nu hoopte ik dat iemand die mij straal voorbij liep, zelf bestolen zou worden.

En wat deed de politie toen ik met twee vrienden probeerde een toerist, die ziek en zwaar onder invloed op straat lag, te helpen? Toen ik vroeg of ze hem niet konden helpen zeiden ze: ” Maar wij zijn geen taxi.” En toen opperden ze dat WIJ hem maar even naar zijn hotel moesten brengen, drie kilometer verderop. Daarop zei ik natuurlijk: “Maar wij zijn geen politie!”

Nadat we hem daadwerkelijk optilden en de eerste stappen naar zijn hotel zetten, begon hij (ja, wat verwacht je anders…) zijn complete maaginhoud anti-peristaltisch naar buiten te werken. Op dat moment (dus een uur later nadat de politie ter plaatse was) besloot de politie dat ze ons dit niet aan konden doen en werd er een auto opgeroepen.

Maar dat was nog niet alles… het groepje toeschouwers dat zich om ons heen had verzameld, bleek uit mensen te bestaan die met de toerist op een feestje waren. Mijn vrienden en ik hadden geen enkele band met deze toerist, en deze idioten die met hem hebben lopen zuipen en blowen, hebben die arme jongen op straat aan zijn lot overgelaten! En pas toen ik me ermee ging bemoeien, kwamen deze lafaards maar eens naar buiten om er bij te staan en NIKS te doen. De politie is je beste vriend en van je vrienden moet je het maar hebben….

En dan nog een ander onderwerp. Zedendelicten! Menig mens kan bevestigen dat het ontzettend moeilijk (misschien wel onmogelijk) is om aangifte te doen van een zedendelict. Verkrachtingen, loverboys, mensenhandel, misbruik en kinderporno; het zit allemaal in de taboesfeer en mensen die de moed bijeen rapen om aangifte te doen worden vrijwel altijd tegengewerkt of ontmoedigd. En dan komt er een meisje dat aandacht nodig heeft en een boek schrijft over haar ow zo zielige verhaaltje, en iedereen slikt het als zoete koek (of moet ik “kaas” zeggen). De politie liep bij haar te bedelen om een aangifte zonder te checken of alles wat ze schreef waar was.

Een andere optie is natuurlijk een BN’er publiekelijk beschuldigen van verkrachting. Dan wordt die man opgepakt zonder dat er ook nog maar iemand met bewijs is gekomen. En iedereen smult ervan! De kranten, het nieuws en die kutshow met Albert Verlinde… Iedereen bijt zich erin vast zonder dat er ook maar echte bewijzen zijn. En dat gebeurt allemaal terwijl er allemaal mensen rondlopen die een echt verhaal hebben maar niet worden geloofd.

En nu is de geestelijke gezondheidszorg aan de beurt. Als je hulp wilt, mag je eerst een half jaar op een wachtlijst. En dan als je mazzel hebt gaan ze op zoek naar een “labeltje”. Zonder “labeltje” krijg je namelijk ook geen “rugzakje” en dat betekent dat je het op school ook maar mag uitzoeken. Maar “labeltjes” waar je geen medicijnen voor hebt zijn niet interessant en daar zullen ze dan ook niet snel naar zoeken. Daarom heeft iedereen ADHD of autisme en bestaan gewoon “drukke” of “maffe” kinderen niet meer.

Daarnaast is nu een goede vriendin van mij gedwongen opgenomen omdat ze “psychotisch” zou zijn. Persoonlijk heb ik van haar nooit gemerkt dat ze een gevaar voor zichzelf of haar omgeving zou kunnen zijn, maar kennelijk vonden ze haar gek genoeg om op te sluiten. Nu zag ik vandaag een vrouw die overduidelijk “gestoord” was en die druk bezig was met het verstoren van de openbare orde. De politie sprak de vrouw aan, en zonder ook maar iets te doen gingen ze gewoon weer verder met het lopen van hun rondje. Nu is het natuurlijk niet alleen die ene vrouw die het station soms onveilig maakt, maar er is een hele groep met dronken en psychotische mensen die ’s nachts en overdag het station onveilig maakt. Dan vraag ik me natuurlijk af: Waarom zijn die mensen nog op vrije voeten terwijl er een leuk, lief en intelligent meisje nu achter slot en grendel zit?

Er wordt kennelijk overal met twee maten gemeten en niemand voelt zich verantwoordelijk voor deze enorme puinhoop. De fout ligt bij iedereen. De wetgevende macht; de uitvoerende macht; de controlerende macht! Iedere macht faalt, iedereen faalt. Niemand schijnt iets te doen wanneer het mis gaat en daardoor kan al het tuig gewoon zijn gang gaan. En waar komt de regering mee? Meer blauw op straat werkt niet als die hetzelfde doen als nu. Zwaardere straffen werken ook niet als niemand gestraft wordt. Een meldpunt voor overlast van Oost-Europeanen helpt ook geen ene moer, want dan zitten we nog steeds met al die overlast veroorzakende Nederlanders…

Als iedereen zich nou eens bezig zou houden met zijn taak in de samenleving en deze goed zou uitvoeren, zou het eindelijk weer eens een samenleving in plaats van een overleving worden. Een samenleving die is veranderd in een overleving: ik geloof niet dat dit de bedoeling kan zijn.


woensdag, 4 april 2012

Jeroen van Rossum

Jeroen van Rossum

Twitter

Pretstudies

In politiek, arbeidsmarkt, beperking, communicatie, eventmanagement, hbo, hogescholen, kunstopleidingen, marja van bijsterveldt, en meer.

Minister van Onderwijs Marja van Bijsterveldt heeft het plan opgevat om het aantal pretstudies op de MBO’s van Nederland stevig terug te dringen. Ze wil een licentiesysteem invoeren, afgestemd op de behoefte van het bedrijfsleven, om zo kansarme doch populaire studies als Artiest en Dierenverzorging een minder prominente plek in het Nederlandse onderwijs te geven. De MBO’s hebben al te kennen gegeven niets in de plannen van de minister te zien, ongetwijfeld beredeneerd vanuit hun portemonnee.

Toch is dit een prijzenswaardig plan, dat helaas niet ver genoeg gaat. Want dit probleem beperkt zich niet tot de MBO’s, maar is een wijdverspreid probleem in het hele onderwijsspectrum. Sinds de MBO’s in 1996 de vrijheid kregen om zelf hun opleidingsaanbod vorm te geven, maken de pretstudies een onevenredig groot deel uit van het aanbod. En ook op de vele HBO’s die Nederland rijk is, is de verhouding tussen de behoefte van de arbeidsmarkt en het aanbod van de scholen volledig scheefgegroeid.

Zo  zie ik in mijn werk dagelijks starters met een HBO-diploma dat waardeloos voelt, omdat de arbeidsmarkt niet op ze berekend is. En dan gaat het om volledig geaccepteerde ‘normale’ studies als Communicatie of Eventmanagement. Hogescholen lokken de studenten binnen met prachtige beloftes over banen die er niet zijn. Hele drommen enthousiaste starters willen  de organisatie van Vrienden van Amstel Live of Pinkpop wel op zich nemen, maar helaas organiseren we dat niet elke week. En hoewel interne en externe communicatie een belangrijke rol inneemt in menig bedrijf, hoeft de arbeidsmarkt niet jaarlijks overspoeld te worden door een tsunami aan communicatiestarters. Om over de belachelijke hoeveelheid aspirant sportmanagers, kunstenaars, interieurontwerpers, gamedesigners en piloten nog maar te zwijgen.

Dit alles zou nog niet eens zo’n probleem zijn, als deze studenten eerlijk werden voorgelicht over de gevolgen van hun studiekeuze. Maar te vaak blijkt het aan het eind van de studie dat de gebrekkige perspectieven als een verrassing de kop opsteken. En hoewel dat bij de student wellicht op een gebrek aan realiteitszin duidt; de hogeschool die ze in eerste instantie verleidde, wist wel degelijk dat er gebakken lucht werd verkocht. Wat dat betreft snap ik de weerstand binnen het onderwijs wel, deze maatregel gaat ze bakken met geld kosten.

Wanneer de MBO’s en hogescholen – en misschien zelfs universiteiten – echt het beste voor zouden hebben met hun dierbare studenten, hadden ze dit plan zelf bedacht. Het hele idee van al die studies is ten slotte toch de studenten klaar te stomen voor hun verdere loopbaan? Hun werkende leven? De praktijk wijst uit dat daar nu genoeg mis gaat, getuige alle gefrustreerde starters met een prachtig, maar irrelevant diploma. Wat dat betreft kunnen er legio grappen gemaakt worden over het gebrek aan opleiding van onze onderwijsminister, praktische realiteitszin heeft ze blijkbaar wel.

Deze column is ook verschenen op www.volkskrant.nl.


dinsdag, 27 maart 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

De verboden wetenschapsmonologen/ er ontbreekt: Nasr Abu Zayd

In moslims/islam, religie, moraal, humanisme& atheïsme, nasr abu zayd, verboden wetenschapsmonologen, afghanistan, algemeen, arbeid, artikelen, beschaving, en meer.

De Verboden Wetenschapsmonologen (muzikaal theater) vertellen de aangrijpende verhalen van academici die in hun eigen land vervolgd werden en in Nederland een veilige werkplek vonden.

De monologen zijn gebaseerd op echte verhalen van gevluchte wetenschappers.

Ik keek benieuwd naar de namen van de wetenschappers die figureren in de voorstelling, en miste een belangrijke naam:

De Egyptenaar, liberale moslim en balling Nasr Abu Zayd, oud-Cleveringahooglerar aan de Universiteit Leiden, overleden in 2010.

nasr De verboden wetenschapsmonologen/ er ontbreekt: Nasr Abu Zayd

Hij was sinds 1995 balling in Nederland nadat hij in Egypte tot geloofsafvallige werd bestempeld. Hij beschouwde de Koran als een zowel religieus alsook mythisch en literair werk.

Wikipedia: “Abu Zayd gold als groot kenner van de islamitische stromingen in de islamitische wetenschappen en stelde zich tot doel een te ontwikkelen die moslims in staat stelt hun eigen tradities te verbinden met de moderne wereld van
vrijheid, gelijkheid, mensenrechten en democratie. Op basis van kritisch onderzoek van de Koran en de hadiethliteratuur kwam Abu Zayd onder meer tot de conclusie dat de juridische positie van de vrouw gelijk dient te zijn aan die van de man.”

Uit mijn eerdere blogs over hem: 

 

Nasr Abu Zayd kritisch op de Arabische Wereld én op het Westen (November 2009)

 

Nasr Abu Zayd over wie ik eerder veel heb geschreven levert in de NRC harde kritiek op de Arabische wereld én op het Westen.

Typisch Nasr om tegen beide partijen tegelijk aan te schoppen.

Nasr houdt altijd een interessante balans tussen pessimisme en optimisme; of tussen realisme en idealisme.

Uit het interview:

“Verandering [in Egypte en in de Arabische wereld] , zegt Abu Zayd, is noch in het belang van de staat, noch in het belang van de Moslimbroederschap. ,,Noch, ben ik bang, van het Westen.”

Waarom niet?

,,Omdat het Westen enorme economische belangen bij de regimes heeft. Het doet er niet toe wat die regimes doen met vrouwen of vrijheid of democratie, zolang die belangen maar worden beschermd.”

Verandering is alleen mogelijk als het gebied wordt overgelaten aan zijn eigen dynamiek. ,,De voortdurende buitenlandse interventies” – Abu Zayd doelt op het kolonialisme, en nu de oorlogen in Afghanistan en Irak en het Israëlisch-Palestijnse conflict – ,,staan een gezonde ontwikkeling in de weg. Godsdienst is de enige toevlucht voor de mensen om zich te beschermen.”

[...]

,,Als geleerde, als dromer moet ik ook optimistisch zijn. Hoe kan een wetenschapper die zijn droom over de toekomst verliest zijn werk voortzetten? Je moet geloven in de mogelijkheid van mensen om hun leven te veranderen, in welke maatschappij ze ook leven.”

 ———————————————————————————

 

Hoe rechts stelselmatig de liberale islam onderuit haalt

Juist omdat ik weet dat rechts alles op alles zet om de liberale islam tegen te werken, bijvoorbeeld ook in zijn meest democratische gedaante zoals Nasr Abu Zayd,  ben ik uiterst wantrouwig tegenover rechts dat nu een enorm grote grote bek trekt.

Terwijl de Leidse professoren Bolkestein en Ellian een voortrekkersrol spelen in de strijd tegen Ramadan, hebben de Leidse neocon-professoren Cliteur en Ellian een voortrekkersrol vervuld in de buitengewoon aanstootgevende strijd tegen hun Leidse collega Nasr Abu Zayd.

In twee uitgebreide artikelen in Civis mundi[1] heeft Paul Cliteur  de moeite genomen de Leidse oud-Cleveringa-hoogleraar en inmiddels WRR-auteur, de liberale moslim Nasr Abu Zayd, als moslim en als wetenschapper onderuit te halen. Cliteur schrijft over Abu Zayd, die in Egypte door de moslimfundamentalisten werd vervolgd:

“Het is natuurlijk wrang wanneer iemand die in zijn eigen land zoveel problemen heeft ondervonden met moslim-fundamentalisme in zijn nieuwe gastland te horen krijgt dat de fundamentalisten in zekere zin gelijk hadden. Toch moet ik dat doen.” (Civis mundi 41, p. 221)

Cliteur weigert Abu Zayd als gelovige moslim te beschouwen. Voor Cliteur is Abu Zayd een afvallige en een atheïst- en het maakt voor hem niet uit wat Abu Zayd zelf hierover zegt. (p.222). Ook kunnen “wij” volgens Cliteur Abu Zayd niet serieus nemen als wetenschapper (p. 225) . Cliteur baseert overigens zijn kritiek op één autobiografisch boek; hij haalt de wetenschappelijke publicaties van Abu Zayd niet aan.

In het tweede artikel When in Rome… herhaalt Cliteur zijn vijandige argumentatie tegen Abu Zayd. Maar deze keer heeft hij ook een Goede Moslim aan te bieden, die hij als kontrast tegenover de Slechte Moslim Abu Zayd kan stellen: Afshin Ellian. Wat Cliteur bij Ellian zo bevalt, dat is het feit dat hij bij Ellian een kritiek “op de islam an sich” aantreft- “niet alleen op de verschillende interpretaties van de islam […] ”. “Dat [de kritiek op de islam an sich] betekent kennelijk dat de zaak niet helemaal hopeloos is .” ( p. 21)   De Goede Moslim Ellian is de volledig geseculariseerde moslim die bovendien slecht spreekt over de islam. Ellian over de islam: “De islam is een structurele wantoestand die al ruim veertienhonderd jaar alle aspecten van opvoeding, cultuur, economie, politiek en omgangsvormen overheerst. [....] Het lijkt op de pest: waar de islam ook komt overheerst armoede, gebrekkige ontwikkeling, analfabetisme, onderdrukking, corruptie, frustratie en vooral geweld.”[2]

Oud-marxist Ellian vervalt hier in een typische denktrant van oud-marxisten: in plaats van de economie als allesbepalende factor, wordt nu de religie als allesbepalende factor gezien. De Parijse hoogleraar arabistiek Mohammed Arkoun: “De overvloedige politieke literatuur vervalt in dezelfde fouten [als het marxisme] als zij van de verdinglijkte, verstarde, tijdloze en gebanaliseerde islam de belangrijkste en onoverkomelijke bron maakt voor alle ideologische afwijkingen, geweld, intolerantie en mislukking in al die samenlevingen waar deze ‘religie’wordt aangehangen.”[3]

Paul Cliteurs kritiek op Nasr Abu Zayd is opmerkelijk, zowel inhoudelijk alsook formeel. Om te beginnen met formele aspecten: Cliteur heeft nooit contact of dialoog gezocht met Abu Zayd. Hij spreekt niet met hem, hij schrijft over zijn Leidse collega. Een subject wordt tot object gemaakt. Mohammed Arkoun, de Parijse hoogleraar Arabisch zegt: “De islam is geen uitdaging van het andere, geen bron van reflectie, geen gesprekspartner, geen samenwerkingspartner voor de Europeaan, het blijft deze derde persoon, het object waarover men spreekt, dat men onder de microscoop legt, reïficeert, opblaast of banaliseert tot er en ideologisch monster overblijft […] “[4]

Arkoun heeft het hier niet eens over een mens, hij heeft het over de islam, die hij graag als gesprekspartner behandeld zou willen zien. Maar Abu Zayd is eens mens en een wetenschapper die van Cliteur tot belachelijk en verachtelijk object wordt gemaakt. Cliteur baseert zijn kritiek op één boek van Abu Zayd. Hij noemt Abu Zayd een balling, maar vertelt er niet bij, dat Abu Zayd professor is in Leiden, en zelfs Cleveringa-hoogleraar was. Het verzwijgen van deze relevante context-informatie heeft een beledigend karakter, te meer omdat Cliteur Abu Zayd de wetenschappelijke competentie meent te kunnen ontzeggen. Het is bijna komisch te noemen, dat Cliteur zich achter de veroordeling van de fundamentalisten stelt, en deze inzake Abu Zayd gelijk geeft. Daarmee geeft Cliteur zichelf als fundamentalist – verlichtingsfundamentalist- te kennen. Mohammed Arkouns opmerking over fundamentalistische intellectuelen treft ook Cliteur: “[…] elke verwijzing naar de leer van de geschapen koran [wordt] krachtig verworpen door de huidige bewakers van de ‘orthodoxie’.  Heel wat intellectuelen zijn medeverantwoordelijk voor deze verwerping omdat ze geen theoretisch belang zien in de modernisering van het islamitische denken en de heropening van het zeer rijke theologische en antropologische debat.”[5]

 


[1] God houdt niet van vrijzinnigheid , In: Civis mundi; vol. 41 (2002), afl. 4, en When in Rome, do as the Romans do In: Civis mundi; vol. 42 (2003), afl. 1.

[2] Wie is die vrolijke ketter? In: Brieven van een Pers, p. 227.

[3] Bolkestein en Arkoun: Islam en de democratie, 1994, p. 14.

[4] Bolkestein en Arkoun: Islam en de democratie, 1994, p. 13.

[5] Bolkestein en Arkoun: Islam en de democratie, 1994, p. 38.

 

———————————————————————————————————————

Paul Scheffer en Hans Jansen over Nasr Abu Zayd

 

Vandaag schrijft Hans Jansen weer over Nasr Abu Zayd ( zie ook mijn vorige Jansen/Abu Zayd blog). Hij haalt Paul Scheffer aan, die in Het land van aankomst schrijft over Nasr Abu Zayd.

Hans Jansen:  ”Scheffer heeft gemerkt dat deze man [Abu Zayd] zijn weldoeners en asielverleners in zijn geschriften regelmatig als ‘de vijand’ aanduidt. Niet de moslimactivisten die hem wegens vermeende afvalligheid van de islam naar het leven staan zijn voor Abu-Zayd de vijand, maar degenen die hem toevlucht verschaffen.”

Scheffer geeft in Het land van aankomst geen paginanummers voor de door hem gebruikte citaten, maar ik heb een passage gevonden in het boek “Vernieuwing in het islamitisch denken”, die vermoedelijk bedoelt is. Ik citeer hier de hele passage, zoadat iedereen zich ervan kan overtuigen of dit de bewijs is dat Abu Zayd “de niet-moslims als de vijand [blijft] beschouwen” zoals Jansen schrijft.

Mij, niet-moslim, beschouwt Abu Zayd in ieder geval niet als vijand.

Ik zal in een  vervolg-blog ingaan op de door Abu Zayd voorgestelde vernieuwing van het islamitisch denken.

Als met citaten wordt gesmeten, en bovendien niet eens wordt vermeld waar deze citaten vandaan komen, lijkt het me belangrijk even eerst te beginnen de tekst goed te lezen die bedoeld wordt:

Abu Zayd: “De culturele uitdaging waarmee onze islamitische gemeen­schap zeven eeuwen geleden geconfronteerd werd heeft de wij­ze bepaald waarop de geleerden schreven en compileerden; zij verzamelden alles wat in engere of ruimere zin met de Tekst ver­band hield onder de noemer van koranwetenschappen. De uit­daging waarmee wij vandaag geconfronteerd worden, vereist dat wij een andere weg inslaan. Vandaag is ons probleem niet meer dat wij ons erfgoed voor de ondergang of onze cultuur voor versplintering moeten behoeden. Al is dat een probleem dat altijd voor alle gemeenschappen belangrijk is, toch zijn we van mening dat het op dit moment, waarop het bestaan zelf be­dreigd wordt, niet het allerbelangrijkste probleem is. Niemand kan de ogen sluiten voor het verbond van de externe vijand, be­lichaamd in het wereldimperialisme en het Israëlische zionis­me, met de reactionaire krachten die in het binnenland de heer­schappij voeren. En zo zijn wij vandaag in de situatie terechtge­komen dat wij zelf ons eigen voortbestaan moeten verdedigen, nu de vijand er vrijwel in geslaagd is door onze gelederen heen te breken om voor eens en voor altijd te proberen ons van ons ware bewustzijn te beroven en het door middel van zijn culture­le instellingen en media te vervangen door een vals bewustzijn dat moet bewerkstelligen dat wij ons uiteindelijk bij zijn bedoe­lingen met ons neerleggen en ons volledig onderwerpen. De schriftgeleerden in het verleden hebben de uitdaging aangeno­men waarmee zij geconfronteerd werden en zij zijn er tot op ze­kere hoogte in geslaagd het erfgoed voor teloorgang te behoe­den. Het erfgoed dat zij hebben bewaard had niettemin een re­actionair karakter, zoals we eerder hebben aangeduid. [p.59]

Wat zouden wij nu als wetenschappers moeten doen om de uitdaging van tegenwoordig aan te kunnen? Op deze vraag zijn ongetwijfeld verschillende antwoorden mogelijk, omdat weten­schappers verschillende visies hebben op de werkelijkheid waarin wij leven, met al haar invloeden en conflicten. Zij heb­ben immers ook verschillende, uit hun eigen opvattingen en prioriteiten voortvloeiende, visies op de problemen, de dilem­ma’s en de structurering van onze werkelijkheid. Sommigen bij­voorbeeld denken dat onze ware redding te vinden is in de te­rugkeer naar de islam onder toepassing van zijn voorschriften en door de islam ons gehele economische, sociale en politieke leven tot in de kleinste details van het individuele en maat­schappelijke bestaan te laten beheersen. [...] Tegenover het tegenwoordige religieuze discours staat de stroming van de vernieuwing. Dat is een stroming die vindt dat wij van de ouden niet alles klakkeloos kunnen overnemen. De ouden leefden immers in hun tijd, waarin zij hun mening vormden, de basis legden voor allerlei wetenschappen, een be­schaving stichtten, een filosofie samenstelden en een denkwijze vormgaven. De som van dit alles is het erfgoed dat zij ons nage­laten hebben. Het is een erfgoed dat nog steeds deel uitmaakt van ons bewustzijn en dat bewust of onbewust invloed op ons gedrag heeft. Wij kunnen dit erfgoed niet buiten beschouwing laten, maar wij kunnen het evenmin aanvaarden zoals het is; wij moeten het opnieuw vormgeven, afstand nemen van wat niet meer bij onze tijd past, de positieve kanten ervan bevestigen en het opnieuw vormgeven in een taal die bij onze tijd past. Deze vernieuwing is onontkoombaar als we onze huidige crisis te bo­ven willen komen. Zij verbindt namelijk onze oorsprong met het heden en het nieuwe met het overgeërfde [...]  “

“Zijn weldoneres en asielverleners” valt Abu Zayd hier niet aan, zoals Jansen beweert.
Hij verzet zich tegen imperialisme en zionisme, net als vele Westerse intellectuelen.

———————————————————————————————————————

Verlichting in het Islamitisch denken: Nasr Abu Zayd

 

Nasr Abu Zayd heeft veel geschreven over verlichting en Islam. Zijn meest recente tekst Reformation of Islamic thought (2006)  is op internet te vinden, net als zijn Leidse oratie als Cleveringa-hoogleraar The Qur’an : God and man in communication. Verder is in de laatste jaren nog verschenen Rethinking the Qu’ran (2004) . Eind augustus schreef Abu Zayd een artikel in de Volkskrant “De gematigde islam bestaat niet alleen, maar wint ook aan invloed”.

Abu Zayd gaat vrij ver in zijn kritiek op de islam, veel verder dan andere liberale moslims:
“Er zijn bijvoorbeeld li­berale islamistische intellectuelen, die een vorm van civil society en dus ook van de­mocratie bepleiten, binnen de context van een politieke islam. Waar zij vooral voor terugschuwen is de scheiding van staat en religie, dus een seculiere maatschappij, omdat het Arabische begrip almaniah (secularisme), lange tijd met atheïsme is geas­socieerd. Mijns inziens is secularisme in de zin van de scheiding tussen kerk en staat noodzakelijk voor de opbouw van een civil society, en moet dus ook het meer libera­le islamisme worden bekritiseerd. [Dit slaat bijvoorbeeld ook als kritiek op Tariq Ramadan, M.T]“

Abu Zayd keert zich tegen een orthodoxe interpretatie van de islam, en probeert aan te tonen dat de islam ook andere denkers dan orthodoxe heeft gekend:
“De koran is Gods woord. Alle moslims hebben dit door de eeuwen heen onder­schreven. De discussie ging over de kwestie of de koran eeuwig was, of tijdelijk en geschapen. Dit leidde tot hevige debatten en zelfs tot de vervolging van de aanhan­gers van één van beide posities. De orthodoxe notie van een eeuwige koran leidt er automatisch toe dat de letterlijke betekenis van de tekst de enige ware is. Deze na­druk op de onfeilbaarheid van de heilige tekst is de logische conclusie uit het idee dat de tekst de precieze, woordelijke uitdrukking is van de absolute goddelijke wer­kelijkheid. En terwijl dit idee binnen het christendom als een extremistische doctri­ne werd gezien, omdat de theologie daar gebaseerd was op vier verschillende evange­liën, is het in de islamitische theologie altijd de meest gangbare leer geweest [...] . Deze intellectuele strijd tussen islamitische theologen over de precie­ze aard van de koran werd uiteindelijk beslecht in het voordeel van de orthodoxen tegenover de heterodoxen.”

Zelf is Abu Zayd een “heterodoxe” islamitische denker.
“Andere [niet-orthodoxe] scholen in de geschiedenis van het islamitische denken, die een meer rationele interpretatie van de islam voorstonden, zijn steeds meer terzijde geschoven. De orthodoxe theologie is de algemene politieke ideologie geworden van de meeste moslimstaten, enkel en alleen omdat ze gehoorzaamheid als een religieuze plicht ziet en politieke leiders graag wor­den gezien als de representanten van Gods gezag op aarde. “

De koraninterpretatie die Abu Zayd afwijst omschrijft hij als volgt:
“Aangezien verzet tegen intellectueel absolutisme een belangrijke bedreiging vormt voor politieke dictaturen, probeert men in de islamitische wereld nog altijd om de waarde van vrijheid te ondermijnen door religie als haar tegenstander voor te stellen. Daarom worden begrippen als gedachtenvrijheid, secularisme en Verlichting tot ‘sa­tanische’ begrippen bestempeld. Omdat deze begrippen bovendien allemaal pro­ducten van de westerse cultuur en Europese beschaving zijn, wordt gesuggereerd dat ze de essentiële kenmerken van de islamitische cultuur en beschaving tegenspreken. Daarom moeten ze worden afgewezen, opdat de moslims hun eigen identiteit niet verliezen, en niet alleen voor altijd gedomineerd zullen worden door hun historische vijanden, maar ook cultureel aan hen vastgeklonken zullen zijn. Om de gewone moslims ervan te overtuigen dat er geen enkele uitweg is behalve het vasthouden aan de zuivere islamitische identiteit, wordt de koran gebruikt en uitgelegd als de enige bron van Licht en daarmee ook als de enige bron van Verlichting.”

Dit wijst Abu Zayd af.

Verder legt Abu Zayd uit dat de islam zowel een historische als ook een universele dimensie heeft, die hij als volgt omschrijft:
“De is­lam heeft, net als elke andere godsdienst, meer dan één dimensie. De eerste is de his­torische dimensie, die haar specifieke leer over geloof, ethiek en vroomheid ontleent aan de context van de zevende eeuw. De tweede dimensie is universeler en vertegen­woordigt meer algemeen-menselijke, in zekere zin: verlichte, waarden, die tijd en plaats overstijgen. Deze twee dimensies van de islam zijn telkens onderwerp van dis­cussie geweest.

De historische dimensie wordt door met name rechtsgeleerden als de meest wezenlijke beschouwd, omdat zij met de realiteit, met het handelen van indi­viduen in de maatschappij te maken hebben, en ze er aldus toekwamen de meest wezenlijke doelstellingen van de islam uit de rechtspraktijk af te leiden. Via hun in­ductieve methode leidden zij de volgens hen vijf meest wezenlijke doelstellingen van de islam af: bescherming van het leven, van het nageslacht, van eigendom, van de geestelijke gezondheid, en van de godsdienst. Het is niet moeilijk in te zien dat deze vijf doelstellingen hoofdzakelijk afgeleid zijn uit het islamitisch strafrecht. De eerste is afgeleid uit de straf op moord, omdat vergelding volgens de koran in feite de bescherming van het leven beoogt (koran n, 178-179). De tweede doelstelling is afgeleid uit de straf op overspel. De derde doel­stelling houdt niets anders in dan de straf op diefstal: het afhakken van de handen van de dief. De vierde doelstelling heeft te maken met het verbod op alcohol. In de koran wordt weliswaar geen straf voor alcoholgebruik genoemd maar dit is later ­na de dood van de profeet – wel strafbaar gesteld. De bescherming van de gods­dienst is een principe dat afgeleid lijkt uit de doodstraf op godsdienstige afvalligheid, die later aan de traditie is toegevoegd. Deze straf werd uitgevonden door de rechtsgeleerden: in de koran wordt geen wereldlijke straf genoemd voor hen die de islam de rug toekeren nadat zij zich er eerst toe hadden bekeerd. De doodstraf werd ingevoerd om hoofdzakelijk politieke redenen, toen de bescherming van politiek ge­zag werd gelijkgesteld aan die van de islam.

Een andere lezing van de islamitische heilige teksten zou andere, meer universele doelstellingen van de islam opleveren. Ten eerste zou men dan zeggen dat de leer van de ene transcendente God tegenover het polytheïsme en tegenover de verering van  idolen, als voortbrengselen van de mensen zelf, bedoeld was om de mensen te be­vrijden van het heidendom en om de weg te openen naar rationaliteit. Het tweede doel zou volgens deze lezing het ontstaan van een gemeenschap van gelovigen zijn die niet langer op stamverbanden was gebaseerd. Het derde zou de vestiging zijn van rationeel menselijk gedrag in plaats [...] onwetendheid [...] . Onwetendheid in die zin, dat iemand zo onderdanig is tegenover de gedragscode die door de stam is opgelegd, dat hij niet kan handelen naar menselijk rationeel be­grip. De islam introduceerde dus rationeel gedrag om [onwetendheid] te vervangen. Ten vierde zou men vanuit deze interpretatie zeggen dat het erom gaat dat sociale recht­vaardigheid in de gemeenschap der gelovigen totstandkomt, wat in de historische context van de vroege islam door het geven van aalmoezen werd bewerkstelligd. Het vijfde doel zou volgens deze optiek het ontwikkelen van menselijk rationeel denken zijn, van reflectie in plaats van het blindelings navolgen van tradities uit het verle­den.

Abu Zayd is een voorstander van het kritisch denken:
“1. kritische kennis behoort de traditie niet klakkeloos na te volgen, omdat dit een onkritische omgang met de doctrines van een school en zijn tradities is die als onge­wenst wordt beschouwd. Deze kritiek op het traditionalisme was natuurlijk gericht tegen de orthodoxe school binnen de theologie, die de letterlijke interpretatie van de hele koran verdedigde. De adepten van deze school meenden zelfs dat al Gods ei­genschappen, alle eschatologische beelden, zelfs het idee dat God door mensenogen gezien zal worden, deel uitmaken van de letterlijk bestaande werkelijkheid. 2. traditionalisme en de letterlijke interpretatie van de heilige teksten die daaruit volgt is geen religieuze plicht; het is zelfs de verzaking van die plicht. God heeft het juist tot een mensenplicht gemaakt om ware kennis te verwerven, en dat is onmoge­lijk als men een traditie onkritisch navolgt. Elke vorm van traditionalisme impli­ceert dat er fouten worden gemaakt, omdat er slechts twee mogelijkheden zijn: of men volgt alle tradities na, ongeacht hoe contradictoir die zijn, of men kiest voor een bepaalde traditie en verwerpt daarmee een andere. Echter, als men een keuze maakt kan men er nooit zeker van zijn dat het de goede was, omdat daar geen enkel criterium voor is. Zelfs God vraagt niet om blinde navolging van zijn boodschap, hij bewijst die via de rede en via wonderen.
3. ten derde moet het idee van consensus of van de waarheid van de toevallige mening van de meerderheid verworpen worden, omdat die niet van zichzelf waar hoeft te zijn. Mohammeds volgelingen waren bijvoorbeeld in de minderheid toen de islam net ontstond en toch is hun overtuiging de ware. Noch het gezag van de meerderheid, noch dat van een of ander traditionalisme kan de redelijkheid van conformering aan een traditie garanderen . “
(citaten uit:  Abu Zayd, Verlichting in het Islamitisch denken, in Krisis, Tijdschrift voor Filosofie, 74, 1999)

Abu Zayd baseert zich sterk op de rationalistische Islamitische filososoof Ibn Rushd (Averroes), op de Westerse hermeneutische traditie en op de Duitse filosoof Habermas. Ik wil nog even opmerken dat dit, bij alle respect voor Abu Zayd, niet samenvalt met mijn eigen positie, die ik als veel minder rationalistisch zou willen omschrijven.
Maar dat maakt niet uit, Nasr Abu Zayd is voor mij een zeer interessante dialoogpartner.

Nasr Abu Zayd heeft zich uitgebreid bezig gehouden met de hermeneutiek; moderne tekstinterpretatie dus.

In zijn boek Het heilig vuur,Over de strijd tussen jodendom, christendom en islam schrijft Peter Sloterdijk indringend over de noodzaak tot vernieuwing in de monotheïstische religies. For Sloterdijk is de hermeneutiek een belangrijk middel om de religie te verzachten en “meerwaardig denken” aan te moedigen. [Meerwaardig denken is het tegenovergestelde van zwart/wit denken of dogmatisch denken] .

Sloterdijk:

“De vormen van hermeneutiek, zoals die in de omgang met de heilige geschriften ontwikkeld worden, kunnen eveneens gelden als leerschool voor meerwaardig denken. Dit komt vooral door de omstandigheid dat de beroepsmatige schriftuitleggers zich met een gevaarlijk alternatief geconfronteerd zien. Het handwerk van het interpreteren vraagt uit zichzelf alom derde wegen, want zo­dra het goed en wel begonnen is, komt het voor de onaanvaardbare keuze te staan om de goddelijke boodschap ofwel te goed, ofwel te slecht te begrijpen. Beide opties zouden noodlottige consequenties met zich meebrengen. Zou de uitlegger het heilige boek zo goed begrijpen als alleen de schrijver dat zou kunnen, dan zou hij de in­druk wekken God op de schouder te willen kloppen en verklaren het geheel met hem eens te zijn -een pretentie die de hoeders van heilige tradities niet bepaald appreciëren. Zou hij het daarentegen in strijd met de consensus begrijpen, of sterker nog het boek vol­strekt duister of onzinnig vinden, dan zou er wel eens demonische verstoktheid in het spel kunnen zijn. In beide gevallen voldoet de uitlegger niet aan de norm en stelt hij zich bloot aan de reactie van de orthodoxie, die zoals bekend nooit kleinzerig was wanneer het erop aankwam ketters te laten zien wat de grenzen zijn. De religi­euze hermeneutiek is dan ook a priori op het tussengebied tussen twee vormen van godslastering aangewezen en moet zich daar in evenwicht zien te houden. In geen andere situatie is er een beter motief om voor een derde mogelijkheid te kiezen. Als je niet zo­danig met de bedoelingen van de schrijver mag versmelten dat je de indruk wekt hem beter te begrijpen dan hij zichzelf bij het dic­teren van de tekst begreep, maar ook zijn boodschap niet zo mag miskennen alsof hij een vreemde was die ons niets te zeggen heeft, dan is het uitwijken naar een middenpositie voorspelbaar. Het tus­senrijk van de uitlegging is de vertrouwde omgeving voor het zoe­ken naar een juist begrip van de heilige tekens; principiële onvol­maaktheid biedt voor zulk begrip alle kans. Ik hoef niet omstandig uit te leggen dat deze arbeid in de schemering van een altijd slechts gedeeltelijk onthulde betekenis bij uitstek geschikt is om het extre­misme te breken “( p 112/113)

 

Maria Trepp

 

 

maandag, 26 maart 2012

Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

De Eerste Kamer: van Koningsbescherming tot Kwaliteitsgarantie

In politiek, 1815, 1848, democratie, den haag, eerste kamer, grondwet, hero brinkman, politiek, en meer.

            Ondanks de huidige politieke situatie, met een kabinet wat nu drie gedoogpartijen (PVV, SGP en Groep Hero Brinkman) heeft in de Tweede Kamer, wordt een ander orgaan vaak vergeten. De steun aan het kabinet Rutte I is ook hier echter verre van stabiel, omdat de SGP ook in dit orgaan de tweede gedoogpartner is. Ik heb het hier over de Eerste Kamer. Wat is dit orgaan precies? Wat zijn de functies en plichten waaraan de Eerste Kamer moet voldoen? Hoe democratisch is de Eerste Kamer eigenlijk?
            De Eerste Kamer is opgericht in 1815, om als schild van koning Willem I te dienen. De leden waren vertrouwelingen van de koning, benoeming als senator was voor het leven. De belangrijkste functie was om de koning te beschermen tegen wetsvoorstellen vanuit de (indirect gekozen) Tweede Kamer. De Eerste Kamer telt vandaag de dag 75 leden, van twaalf verschillende politieke partijen. Iedere partij die in de Tweede Kamer is vertegenwoordigd, heeft ook minstens één zetel in de Eerste Kamer.
            De Eerste Kamer had in 1815 dus de bedoeling om de koning te beschermen tegen de voor hem meer negatieve wetsvoorstellen. Door de invoering van de grondwet in 1848 veranderde de rol van dit orgaan ingrijpend. Waar de Eerste Kamer vanaf 1815 nog vooral de eerste kamer wat betreft de controle van wetgeving was, daar is het eigenlijk veranderd in een ‘tweede kamer’, omdat de Eerste Kamer nu vooral wordt gezien als een ‘chambre de réflection’. Nu is het de taak van de Eerste Kamer om de wetgeving die de Tweede Kamer heeft doorstaan te controleren op kwaliteit en om na te gaan of een ingediende wet wel in het raamwerk van nationale en internationale verdragen past. Ook financiële, overige juridische en andere effecten op de lange termijn behoren tot het raamwerk waar de Eerste Kamer wetten aan moet toetsen.
            De Eerste Kamer heeft echter nog meer bevoegdheden, maar ook bepaalde ingrijpende beperkingen. Waar de Tweede Kamer de tekst van een ingediende wet kan wijzigen, is dit voor de Eerste Kamer onmogelijk om te doen. Ook het uit de functie zetten van ministers of staatssecretarissen is iets wat alleen de Tweede Kamer kan. De mogelijkheden van de Eerste Kamer worden niet allemaal gebruikt; zelfs verre van allemaal. Zo kunnen senatoren schriftelijke vragen stellen aan leden van het kabinet, deze beleidsbepalers kunnen zelfs geïnterpelleerd worden. Dit wordt echter veel minder gedaan door senatoren dan door volksvertegenwoordigers. Er is zelfs nog nooit een parlementaire enquête geweest die door de Eerste Kamer is aangevraagd, terwijl het wel kan.
            Het verschil in het verschil in activiteit ligt in drie factoren: ten eerste komt de Eerste Kamer maar één keer per week bijeen, iedere dinsdag. Dit in tegenstelling tot leden van de Tweede Kamerleden, die vrijwel non-stop met hun functie bezig zijn en dan ook nog een aantal fractiemedewerkers hebben. De tweede reden is dat de Eerste Kamer zich onafhankelijker opstelt dan de Tweede Kamer. De Tweede Kamer houdt zich meer bezig met de waan van de dag, terwijl de Eerste Kamer meer naar de lange termijn kijkt. De fracties van de coalitiepartijen houden zich bewust op de vlakte, aangezien ze anders hun eigen bewindsvoerders in zwaar weer kunnen brengen. Zo blijft al minstens de helft van de senaat op de vlakte. De derde reden is al aangegeven in de vorige alinea: waar leden van de Tweede Kamer volksvertegenwoordigers zijn, zijn de leden van de Eerste Kamer senatoren. Tweede Kamerleden worden direct gekozen door het Nederlandse volk, terwijl de senatoren hun plek bemachtigen via de verkiezingen voor de Provinciale Staten. De Eerste Kamerleden zijn dus indirect verkozen. Hoe democratisch is de Eerste Kamer dan? Naar mijn mening niet, en misschien is dit ook. Verkozen leden van de Eerste Kamer zullen misschien meer volgens de waan van de dag beleid gaan voeren, Daar komt nog bij dat de meeste senatoren (senator komt trouwens van senex, wat letterlijk in het Latijn ‘oude man’ betekent) één of meerdere titels achter hun naam hebben. Sterker nog, waar de meeste Tweede Kamerleden hooguit doctorandus zijn, daar is het gemiddelde Eerste Kamerlid doctor. Professoren zijn geen uitzonderingen in de Eerste Kamer. Door de Eerste Kamer te democratiseren door middel van directe verkiezingen, komt deze kennis in gevaar. Hierdoor zullen ‘gewone’ mensen denken dat zij ook in de Eerste Kamer kunnen functioneren, terwijl het proces van de Eerste Kamer dus ingewikkelder is dan het lijkt. Verdere democratisering van de Eerste Kamer, ook al klinkt het als een interessant idee, lijkt mij dus absoluut geen goed idee, net zoals het afschaffen van de senaat.
            Met dit stuk hoop ik een redelijk overzicht gegeven te hebben over het hoe, wat en waarom van de Eerste Kamer. Als slot heb ik geprobeerd te betogen waarom de Eerste Kamer niet gedemocratiseerd hoort te worden: de senatoren zijn wijze mannen en vrouwen die hun vak verstaan; door middel van democratisering komen de functies van de Eerste Kamer mogelijk onder druk te staan. Dat zou eeuwig zonde zijn, omdat de Eerste Kamer vooral staat voor continuïteit.


Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

De Eerste Kamer: van Koningsbescherming tot Kwaliteitsgarantie

In politiek, eerste kamer, tweede kamer, politiek, democratie, den haag, 1815, 1848, grondwet, en meer.

            Ondanks de huidige politieke situatie, met een kabinet wat nu drie gedoogpartijen (PVV, SGP en Groep Hero Brinkman) heeft in de Tweede Kamer, wordt een ander orgaan vaak vergeten. De steun aan het kabinet Rutte I is ook hier echter verre van stabiel, omdat de SGP ook in dit orgaan de tweede gedoogpartner is. Ik heb het hier over de Eerste Kamer. Wat is dit orgaan precies? Wat zijn de functies en plichten waaraan de Eerste Kamer moet voldoen? Hoe democratisch is de Eerste Kamer eigenlijk?
            De Eerste Kamer is opgericht in 1815, om als schild van koning Willem I te dienen. De leden waren vertrouwelingen van de koning, benoeming als senator was voor het leven. De belangrijkste functie was om de koning te beschermen tegen wetsvoorstellen vanuit de (indirect gekozen) Tweede Kamer. De Eerste Kamer telt vandaag de dag 75 leden, van twaalf verschillende politieke partijen. Iedere partij die in de Tweede Kamer is vertegenwoordigd, heeft ook minstens één zetel in de Eerste Kamer.
            De Eerste Kamer had in 1815 dus de bedoeling om de koning te beschermen tegen de voor hem meer negatieve wetsvoorstellen. Door de invoering van de grondwet in 1848 veranderde de rol van dit orgaan ingrijpend. Waar de Eerste Kamer vanaf 1815 nog vooral de eerste kamer wat betreft de controle van wetgeving was, daar is het eigenlijk veranderd in een ‘tweede kamer’, omdat de Eerste Kamer nu vooral wordt gezien als een ‘chambre de réflection’. Nu is het de taak van de Eerste Kamer om de wetgeving die de Tweede Kamer heeft doorstaan te controleren op kwaliteit en om na te gaan of een ingediende wet wel in het raamwerk van nationale en internationale verdragen past. Ook financiële, overige juridische en andere effecten op de lange termijn behoren tot het raamwerk waar de Eerste Kamer wetten aan moet toetsen.
            De Eerste Kamer heeft echter nog meer bevoegdheden, maar ook bepaalde ingrijpende beperkingen. Waar de Tweede Kamer de tekst van een ingediende wet kan wijzigen, is dit voor de Eerste Kamer onmogelijk om te doen. Ook het uit de functie zetten van ministers of staatssecretarissen is iets wat alleen de Tweede Kamer kan. De mogelijkheden van de Eerste Kamer worden niet allemaal gebruikt; zelfs verre van allemaal. Zo kunnen senatoren schriftelijke vragen stellen aan leden van het kabinet, deze beleidsbepalers kunnen zelfs geïnterpelleerd worden. Dit wordt echter veel minder gedaan door senatoren dan door volksvertegenwoordigers. Er is zelfs nog nooit een parlementaire enquête geweest die door de Eerste Kamer is aangevraagd, terwijl het wel kan.
            Het verschil in het verschil in activiteit ligt in drie factoren: ten eerste komt de Eerste Kamer maar één keer per week bijeen, iedere dinsdag. Dit in tegenstelling tot leden van de Tweede Kamerleden, die vrijwel non-stop met hun functie bezig zijn en dan ook nog een aantal fractiemedewerkers hebben. De tweede reden is dat de Eerste Kamer zich onafhankelijker opstelt dan de Tweede Kamer. De Tweede Kamer houdt zich meer bezig met de waan van de dag, terwijl de Eerste Kamer meer naar de lange termijn kijkt. De fracties van de coalitiepartijen houden zich bewust op de vlakte, aangezien ze anders hun eigen bewindsvoerders in zwaar weer kunnen brengen. Zo blijft al minstens de helft van de senaat op de vlakte. De derde reden is al aangegeven in de vorige alinea: waar leden van de Tweede Kamer volksvertegenwoordigers zijn, zijn de leden van de Eerste Kamer senatoren. Tweede Kamerleden worden direct gekozen door het Nederlandse volk, terwijl de senatoren hun plek bemachtigen via de verkiezingen voor de Provinciale Staten. De Eerste Kamerleden zijn dus indirect verkozen. Hoe democratisch is de Eerste Kamer dan? Naar mijn mening niet, en misschien is dit ook. Verkozen leden van de Eerste Kamer zullen misschien meer volgens de waan van de dag beleid gaan voeren, Daar komt nog bij dat de meeste senatoren (senator komt trouwens van senex, wat letterlijk in het Latijn ‘oude man’ betekent) één of meerdere titels achter hun naam hebben. Sterker nog, waar de meeste Tweede Kamerleden hooguit doctorandus zijn, daar is het gemiddelde Eerste Kamerlid doctor. Professoren zijn geen uitzonderingen in de Eerste Kamer. Door de Eerste Kamer te democratiseren door middel van directe verkiezingen, komt deze kennis in gevaar. Hierdoor zullen ‘gewone’ mensen denken dat zij ook in de Eerste Kamer kunnen functioneren, terwijl het proces van de Eerste Kamer dus ingewikkelder is dan het lijkt. Verdere democratisering van de Eerste Kamer, ook al klinkt het als een interessant idee, lijkt mij dus absoluut geen goed idee, net zoals het afschaffen van de senaat.
            Met dit stuk hoop ik een redelijk overzicht gegeven te hebben over het hoe, wat en waarom van de Eerste Kamer. Als slot heb ik geprobeerd te betogen waarom de Eerste Kamer niet gedemocratiseerd hoort te worden: de senatoren zijn wijze mannen en vrouwen die hun vak verstaan; door middel van democratisering komen de functies van de Eerste Kamer mogelijk onder druk te staan. Dat zou eeuwig zonde zijn, omdat de Eerste Kamer vooral staat voor continuïteit.


vrijdag, 23 maart 2012

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

‘Een eiland vol zonnepanelen bij Lent’

In klimaat & energie, de, idee, milieu.

zonnepanelen1De Nijmeegse wethouder van Milieu, Jan van der Meer, droomt van een eiland met zonnepanelen in een van de plassen die nu ten noorden van Lent worden gegraven. Een bericht uit De Gelderlander.

Hij denkt aan een eiland dat meedraait met de stand van de zon voor het behalen van een zo groot mogelijk rendement.

Volgens Van der Meer speelt ook het water van de plassen hierbij een rol, koeling van de panelen is van belang voor een hoge energieopbrengst. De wethouder laat het idee van een ‘zonne-eiland’ binnenkort onderzoeken.

Daarnaast gaat hij ook op zoek naar nieuwe locaties voor de plaatsing van windmolens. Hij zet daarbij in op plekken langs de A73. Bij de A15 heeft Nijmegen al ruimte geclaimd voor vijf windmolens.

woensdag, 21 maart 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Babyklappe

In in het nieuws, baby, babyluik, duitsland, in het nieuws, politiek, kind, voorzitter, cda, en meer.

Bron: www.kleinezeitung.at

Zo maar een klein artikel in de krant, ergens op een binnenpagina. Het woord was compleet nieuw voor me. Babyklappe. Er was ophef over bij onze Oosterburen. In 2000 werd in een ziekenhuis in Hamburg het eerste klepje geopend. Het blijkt een soort omgekeerde McDrive te zijn. Een plek waar je je baby kunt achter laten als je echt geen idee meer hebt. In het ziekenhuis gaat er dan een zoemer ergens zodat het personeel weet dat er een baby is achtergelaten.

De achterliggende gedachte is simpel. Liever zo, dan op een vuilnisbank, in een mand bij de kerk of op een willekeurige plek. En hoe raar ik het idee ook vind, ik denk dat de gedachte klopt. Het nodigt nog steeds niet echt uit, een argument wat tegenstanders ongetwijfeld willen gebruiken. 38 kinderen in de eerste tien jaar. Nog niet eens een keer per kwartaal. Veertien van deze kinderen zijn alsnog opgehaald door de vertwijfelde moeders. De andere 24 konden gered worden en als wees ter adoptie worden aangeboden.

In Duitsland zijn rond de 80 van deze babyluiken tegenwoordig. Maar ook in Oostenrijk zijn er flink wat. In vele andere landen heb je vergelijkbare initiatieven. Zelfs in Amsterdam waren er plannen in 2003 om een babyluik te openen. De huidige voorzitter van de Graafschap, mevrouw Clemence Ross stak er een stokje voor. CDA-politici hebben blijkbaar liever dat je een kind op een willekeurige plek achterlaat.

Het woord babyluik levert bijna 6000 hits op in Google. Ik heb blijkbaar niet goed opgelet het afgelopen decennium. Mijn mening is dus laat. Maar ik denk dat, ook al is niet bewezen dat het levens redt, er zeker een redelijke kans is dat het zo is. Alleen al daarom is het geen slecht idee. Maar goed, met de huidige conservatieve regering van ons land, zie ik op korte termijn weinig ruimte voor progressieve ideeën.

Lees ook:
Wikipedia (Duits)
Terre des Hommes legt uit
Babyklappe.info (infosite)
Bastardette blogt ook hierover
Telegraaf ziet het nut wel
360mag.nl vertelt dat ze in Zwitserland meer luiken willen


zondag, 18 maart 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

725 and counting

In arbeid, cpn, democratie, dierenrechten, evp, fictie, groenen, groenlinks, homo, en meer.

725 blogs heb ik geschreven in de laatste vijf jaar. Dat is wel heel veel. Wat is de centrale boodschap? Wat zijn de beste stukjes? Ik schrijf over vier (aan elkaar gerelateerde) onderwerpen: GroenLinks, Nederlandse politiek, politieke filosofie en politieke fictie. In mijn ogen heb ik daar wel een consistente lijn in: vanwege mijn eigenzinnige links-liberale politieke filosofie voel ik me verbonden met de progressief-linkse partij GroenLinks die een bijzondere plek in het politieke landschap heeft. De vijf artikelen met een (*) worden bijzonder aangeraden.

1. GroenLinks
GroenLinks is gevormd als een fusie van de links-socialistische dissidentenpartij PSP, de proto-groene PPR, de communistische emancipatiepartij CPN en de progressief-Christelijke EVP. GroenLinks lijkt ideologisch sterk op de PPR, maar heeft veel oud-PSP’ers in zijn gelederen, heeft een vergelijkbare ontwikkeling doorgemaakt als de Deense PSP en heeft een vergelijkbare partijcultuur als de PSP. Van de CPN is weinig zichtbaar. De naam GroenLinks was een compromis tussen de PPR-leden die een vernieuwende groene beweging wilden vormen en de PSP-leden die machtsblok links van de PvdA wilde vormen. Het groene profiel van GroenLinks was deels een strategische zet (* – luister ook naar dit debat op radio 1). Het progressieve profiel dat GroenLinks zich in de laatste jaren heeft aangemeten staat in spanning en in lijn met de vrijzinnig-Christelijke en links-socialistische traditie waar GroenLinks uit voorkomt. Het progressieve profiel van GroenLinks is deels gekomen door een veranderende politieke realiteit, maar is ook aangemeten om GroenLinks een geloofwaardige coalitiepartner te maken. De opvallendste draai: GroenLinks was de grootste tegenstander van Paars maar nu de partij van Paars+.

De discussies binnen GroenLinks gaan vaak over samenwerking met andere linkse partijen, terwijl andere partijen niet noodzakelijkerwijs met GroenLinks willen. GroenLinks is een van de weinige groene partijen in Europa die nog niet heeft geregeerd. En hoewel, GroenLinks nog nooit aan de macht geweest is, zijn de schandalen van de laatste jaren, schandalen van de macht. GroenLinks moet niet gaan regeren met CDA, VVD en D66 of toch wel?

GroenLinks wordt soms verweten een moraliserende elitepartij te zijn, dat lijkt me niet het geval: GroenLinks is een radicale systeempartij (*). Ik heb het GroenLinks-prisma ontwikkeld om na te denken over de positionering van GroenLinks op verschillende onderwerpen: democratie, kunst, sport en veiligheid. GroenLinks moet haar Kamerleden balanceren tussen groene Europarlementariers, tolerante Senatoren en linkse Tweede Kamerleden.

GroenLinks moet zich niet richten op het electorale midden. GroenLinks is uitgesproken sociaal, tolerant en groen, maar op ieder van die onderwerpen niet de meest uitgesproken partij. GroenLinks moet zich als groene partij profileren en niet als tolerante partij. GroenLinks moet meer oog hebben voor de dagelijkse problemen van gewone mensen.

In de politiek worden, de cruciale beslissingen genomen door de mensen achter de schermen en daar lijkt politiek verdacht veel op het echte leven.

2. Politiek
Het Nederlandse politieke landschap is aan verandering onderhevig: wat ooit links was, is nu rechts en vice versa. Maar die analyse is misschien iets te simplistisch: er ontstaat een nieuwe tegenstelling over economische en Europese onderwerpen tussen progressief en populistisch, terwijl de links/rechts tegenstelling steeds meer gaat over culturele onderwerpen (naast economische en ecologische) (*). En juist progressieven moeten kiezen tussen links en rechts. Dat populisme is niet nieuw: zowel de sociaal-democraten als Christen-democraten hebben hun wortels als populistische bewegingen.

John Locke

3. Politieke filosofie
Centraal in mijn politieke filosofie staat het socratische idee van aporeia. De erkenning dat we fundamentele kennis missen. Ik noem mijn filosofie daarom ook wel epistemisch liberalisme: omdat we het niet eens zijn wat het goede leven is, moeten we kiezen voor een neutrale overheid (*); omdat er inkomen is dat niemand verdiend heeft, moeten we kiezen voor verdelende rechtvaardigheid (*); en omdat we het niet eens zijn over wat rechtvaardig is, moeten we kiezen voor een democratische overheid. Dat idee van aporeia moet ik wel iets nuanceren als ik geloof in mijn eigen ethische normen.

John S. Mill

Op culturele thema’s ben ik uitermate liberaal: juist omdat godsdienst meer is dan een mening, hecht ik aan godsdienstvrijheid en daarom ben ik bijvoorbeeld voor het verbod op ritueel slachten, maar juist tegen een verbod op het rijden door rouwstoeten. Als liberaal ben ik skeptisch over een idee als de ‘ontspannen samenleving‘, omdat dit utilisitsch en niet liberaal isPaternalistisch optreden van de overheid is alleen maar gerechtvaardigd om individuele vrijheid te vergroten. Zo zijn herkenbare homoseksuele rolmodellen goed voor homo-emancipatie. We moeten oppassen voor diegenen die ons met kleine stootjes de juist kant op willen sturen, want wie bepaalt waar heen we gestuurd worden? Ook op sociaal-economische onderwerpen, moet neutraliteit uit het uitgangspunt zijn.

Karl Popper

Ik beschouw mijzelf als heel links, maar ik ben daarom tegen het minimumloon, tegen het aanpakken van topinkomens en tegen kunstsubsidie (daarover heb ik niet altijd even subtiel geschreven). Ik ben voor privatisering van de publieke omroep, van het onderwijs (dat moet overigens gericht worden op individuele ontplooing) en van de zorg. Al die (links-)liberale verhalen ten spijt, betekent dat niet dat ik me niet ook verbonden voel met het socialisme. Want uiteindelijk zijn socialisten consequente liberalen.

 

John Rawls

Ook milieubeleid is uiteindelijk liberaal gerechtvaardigd, dat geldt zeker voor dierenrechten. Overheidsingrijpen is voor milieubescherming wel noodzakelijk, daarbij zou ik kernenergie niet uitsluiten.

Ik heb de laatste tijd ook geschreven over veiligheid: ik vind straffen vanwege vergelding barbaars en zie meer in herstelrecht en in grotere openbaarheid van het strafproces. Als liberaal ben ik een groot voorstander van liberale democratie en dus tegen radicale democratie (en dat zou GroenLinks ook moeten zijn).

Phillippe van Parijs

Het is filosofisch toch het leukste om een verhaal van iemand anders uit te pellen en de interne contradicties weer te geven: neem Dick Pels over het basisinkomen of Rutger Claassen over de consumptiemaatschappij. FIlosofisch gezien heb ik niets met Nietzsche, die wel hecht aan vrijheid, maar niet aan gelijkheid en met mensen die vinden dat je alles correct moet spellen.

4. Politieke fictie
Ik vind politieke fictie fascinerend. Ik onderscheid hierbij drie genres: science fiction, wat een mogelijkheid geeft tot social science fiction het uitwerken van politieke utopieen. Mooi gedaan in Star Trek: Deep Space Nine. Politiek drama, wat de mogelijkheid geeft om politiek achter de schermen te laten zien. The West Wing kwam wel heel dicht bij de werkelijkheid. En alternative history: een kleine stap had de geschiedenis van GroenLinks een heel andere kant op kunnen sturen.

En als we het dan toch over fictie hebben, minder politiek, maar niet minder geniaal, Wes Anderson: “When one man, for whatever reason, has an opportunity to lead an extraordinary life, he has no right to keep it to himself

vrijdag, 16 maart 2012

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Consolation International

In samenleving algemeen, lijden, medeleven, mee-lijden, actie, acties, afghanistan, afrika, bloemen, en meer.

We naderen Pasen en al ben ik niet gelovig, het is een geschikt moment om stil te staan bij het Lijden. Het is part of life en als zodanig niet een punt van dagelijkse, diepgaande aandacht. Een mens kan er gek van worden. Overzien we het actuele toneel met een jaar bloederige opstand in Syrië, een afgrijselijk busongeluk, een losgeslagen moordende militair in Afghanistan, dan is er veel stof tot reflectie. Alsof er toch een hogere macht is die het er om doet.

Lijden is het ondergaan van smart en ellende, aldus wikipedia. Je hebt het lijden van direct betrokkenen en het lijden van hen die op afstand meevoelen. In aantal is dit exponentieel, in mate van pijn is het een flauw surrogaat. We voelen de smart bij de zoveelste moordpartij door het regime van Assad, we voelen niet de echte pijn die de getroffen Syriërs ondergaan. Ons lijden is daarmee niet gediskwalificeerd. Gedeeld lijden verzacht…wordt gezegd. En beter met je gezicht naar wat er mis is staan, dan met je rug.

Soms leidt het mee-lijden tot acties. In Libië kwam de internationale gemeenschap in actie. Bij het busongeluk is er sprake van een actieve expressie van medegevoel. Al is een dag van rouw voor ons weer te lastig om in mee te gaan. Bij zo een moordende militair staan we geheel machteloos. De afstand tussen het lijden van de getroffen Afghaanse families en ons mee-lijden is onoverbrugbaar.

Ik zei al: we kunnen niet iedere dag uitgebreid met het Lijden op de wereld bezig zijn. We slaan het wel ergens op, want is er een ramp waar de afstand met de slachtoffers makkelijk en veilig is te overbruggen dan kunnen we gul zijn in onze steun. Tenzij de ramp, zoals bij de hongersnood in de Hoorn van Afrika vorig jaar, een onoplosbaar Lijden lijkt te vertegenwoordigen. Dan verliezen we de moed of de zin. Of is ons repertoire van medeleven opeens te beperkt.

Ik hanteer nu steeds de meervoudsvorm omdat het naar mijn idee om iets redelijks ongrijpbaars gaat. Hoe gingen we om met de 9/11 aanslag? En de grote terroristische aanslagen daarna in Madrid en Londen? We volgden met grote betrokkenheid de berichtgeving. Dit oogt wat karig, maar, om andere redenen dan bij de moordende militair, was ook hier het tonen van mee-lijden een onmogelijke opgave: een hulpactie, een zend-een-bloem/ of kaart-actie…het leek weinig zin te hebben. En als je het als individu zou willen: hoe regel je dat?

Ik kan me best voorstellen dat we vaker van ons willen laten horen als we geconfronteerd worden met Lijden. Niet per se met geld, wat ook niet altijd mogelijk is. Maar met een kaartje, een email, bloemen desnoods. Als een arm over de schouder, een klop op de rug. En wat zou het gemakkelijk zijn als er een organisatie was à la Amnesty die die faciliteiten biedt. Een Consolation International, die bij situaties met Lijden er voor zorgt dat je de getroffenen linksom of rechtsom een hart onder de riem kan steken. Omdat we wel willen, maar niet altijd kunnen. Het zal de hongerigen misschien niet veel zeggen, maar getroffenen van aanslagen, ongelukken en ander onheil kunnen er troost uit halen. En wie wil dat nu niet, in smartvolle en ellendige situaties troosten of getroost worden?

woensdag, 14 maart 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Nederland en de Israëlische kolonisten

In politiek, satire, antisemitisme, eu, israel, kolonisten, cijfers, de, europese, en meer.

Twee bij elkaar genomen verwarrende krantenberichten vandaag (14-3-2012) over de relatie tussen Nederland en de Israëlische kolonisten.

Ten eerste:

De NRC meldt “Nederland wekt opnieuw ergernis EU over Israël

De Nederlandse regering sluit zich als enige niet aan bij de kritiek van EU-landen op geweld van Israëlische kolonisten. Deze ongebruikelijke positie heeft tot grote ergernis geleid bij diverse Europese landen. Het is bijzonder dat minister Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken) zich zo expliciet tegen de Europese aanpak keert, maar het past in een patroon. Rosenthal stelt zich in Europees verband steeds nadrukkelijker op als bondgenoot van Israël. Niet eerder leidde die opstelling tot een geïsoleerde Nederlandse positie.

In een geheim rapport van de Europese diplomatieke vertegenwoordigingen in Jeruzalem en Ramallah, signaleren diplomaten een „alarmerende” toename van het geweld door kolonisten. Ze schrijven onder meer dat de Israëlische nederzettingen illegaal zijn volgens internationaal recht en dat die een twee-statenoplossing „onmogelijk” maken: een Palestijnse staat naast Israël. Cijfers van de Verenigde Naties laten volgens het rapport zien dat het aantal aanvallen door kolonisten tegen Palestijnen in 2011 verdrievoudigd is tot 411.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken liet via de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging in Ramallah weten dat het primaat voor deze kwestie niet aldaar mag liggen en dat Nederland derhalve een „algemeen voorbehoud op de gehele tekst” maakt. Onderaan het Europese rapport staat dit ook vermeld: „NL places a general reserve on the document.” Dat is ongebruikelijk. In tegenstelling tot zijn EU-collega’s trekt minister Rosenthal de kwestie direct naar zich toe.”

“Diplomaten wijzen erop dat alle [21] Europese vertegenwoordigingen in Jeruzalem en Ramallah de kritiek op Israël onderschrijven. Een Europese diplomaat: ‘Wat we waarnemen is de hardste Nederlandse houding ooit, een houding die in wezen overeenkomt met de hardste opstelling binnen Israël.’ “

 

Ten tweede:

De site van de NRC meldt vandaag ook:

De VPRO haalt het online spel ‘De Kolonisten van de Westelijke Jordaanoever’ uit de online archieven

In het ‘spel’ moest de bezoeker als kolonist proberen het aantal nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever uit te breiden. Je kon punten scoren met de ‘Anne Frank-kaart’ of de ‘Ahmadinejad-kaart’ spelen om te voorkomen dat er terrein verloren ging. De speler kon daarvoor zijn “Joodse gierigheid” en “typische handelsgeest” inzetten.

kolonisten antisemitisch spel Nederland en de Israëlische kolonisten

 

Verschillende organisaties noemden het spel “antisemitisch”, zo meldde The Jerusalem Post vandaag. Ook het CiJo, de jongerenorganisatie van het het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI), vond het spel misplaatst. Voorzitter Joël Serphos in NRC Handelsblad:

“Er wordt gebruik gemaakt van hele traditionele antisemitische opvattingen. Ze hadden net zo goed op Stormfront kunnen staan [...] De VPRO zegt dat het om satirische kritiek op het nederzettingenbeleid gaat, maar daar klopt niets van.”

 

Ik heb mij niet in de kwestie van het spel verdiept, maar het lijkt me geen goed idee dit soort makkelijk mis te verstaan spelletjes op internet te zetten, ook al is de bedoeling satirisch.

Beide “kolonisten”-berichten laten extreme houdingen zien, de een niet veel beter dan de ander.

De bovenstaande  tekst staat ook op mijn Duitse blog

Maria Trepp

Theo Brand

Theo Brand

Links wint aan kracht door evenwichtige visie op religie

In politiek, religie, spiritualiteit, tolerantie, burgerschap, civil society, individualisering, pvda, solidariteit, en meer.

Gelovigen zijn dom, rechts en conservatief. Mensen die juist niet (meer) in gevaarlijke fantasieën geloven, zijn slim, links en liberaal. Het is een beeld dat steeds dominanter wordt in Nederland. De jonge kandidaat PvdA-leider Martijn van Dam is er een exponent van. Maar religie heeft ook een positieve kant. Als linkse partijen dat laatste vergeten, maakt dat hen steeds marginaler. Of positiever gesteld: links wint aan kracht door een evenwichtige visie op religie te ontwikkelen met ruimte voor zowel  fundamentele kritiek als (strategische) samenwerking.

Afgelopen zaterdag benadrukte premier Mark Rutte tijdens een bezoek aan SGP-jongeren dat ook hij een gelovige is. En dat de joods-christelijke traditie een stevig fundament zou zijn tegenover alles wat vreemd is. Het is dus waar: godsdienst werkt behoudend. En ook onderdrukkend. Want je zult maar als homo in een SGP-milieu geboren worden. Waarschijnlijk word je dan naar hulpverleners gestuurd die je in een heteroseksueel keurslijf willen duwen. Religiekritiek hoort – ook daarom –  thuis bij linkse politiek.

Maar de geschiedenis leert dat religie ook een vernieuwende, opbouwende en bevrijdende kracht kan hebben. Kijk naar de vredesbeweging met organisaties als IKV, Pax Christi en Kerk en Vrede die voor een groot deel zijn ontstaan vanuit de kerken. De anti-armoedebeweging (‘De Arme Kant van Nederland’) wordt gedragen door veel mensen vanuit kerkelijke kringen. Gelukkig samen met mensen van bijvoorbeeld Humanitas. Want er zijn Goddank ook veel niet-religieuze mensen die zich inzetten voor mensen in de knel.

Dat geldt ook voor de begeleiding en/of opvang van uitgeprocedeerde vluchtelingen, met de diaconie van de Protestantse Kerk in Amsterdam als lichtend voorbeeld. En ook stichting INLIA. In Nederland zijn verder organisaties actief die – gesteund door de overheid en naast de reclassering – ex-gedetineerden begeleiden om terug te keren in de maatschappij. Vaak zijn deze organisaties christelijk geïnspireerd met ook SGP-ers als drijvende krachten. Particulier initiatief werkt vaak beter dan een bureaucratisch apparaat om sociale doelstellingen te bereiken. En veel particuliere initiatieven worden opgezet door bevlogen –  vaak  levensbeschouwelijk geïnspireerde – mensen.

Het idee van een ‘Big Society’ van de Britse conservatieven moet door links daarom niet zomaar worden afgeschoten. Als alle maatschappelijke initiatieven maar wél worden ondersteund door een assertieve overheid die sociale vrijheid, publieke gerechtigheid en solidariteit blijft organiseren. Een overheid die private rijkdom begrenst en publieke armoede tegengaat. Dus naast een ‘Big Society’ is er beslist ook een ‘Smart & Responsible State’ nodig. Want de staat kan niet alles zelf, maar ook de samenleving niet. Dat laatste wordt vaak vergeten door conservatieven, christen-democraten maar ook door liberalen.

Het gaat om een krachtige wisselwerking tussen de civiele samenleving en de staat zodat de vrije markteconomie niet de lachende derde wordt. Uiteindelijk is de civiele samenleving – die bestaat uit levensbeschouwelijk (al dan niet religieus) geïnspireerde mensen – de bezielende basis van elke maatschappelijke vernieuwing. In die zin kan er zelfs een verband worden gelegd tussen drie grote hedendaagse maatschappelijke processen: individualisering, secularisatie en verrechtsing.

Wat mensen, beweegt, bezielt en drijft is daarom zeer belangrijk als sociaal-maatschappelijk en spiritueel kapitaal. Ook religieuze inspiratie speelt daarin een rol. Niet uitsluitend religieus, ja dat is waar. Maar toch. Job Cohen – de staatsman die het helaas niet verder schopte dan oppositieleider – zag dat haarscherp met zijn ideeën over een ‘omgekeerde doorbraak’. Want natuurlijk zijn er moslimmannen die hun vrouw slaan, gereformeerde ouderlingen die seksueel misbruik plegen, vrouwen die een boerka moeten dragen en fundamentalistische christenen die de islam demoniseren. Dat verdient kritiek en correctie van links. Tuurlijk. Maar het zou zo jammer zijn als de vele religieus geïnspireerde mensen – voor wie God geen dwingend opperwezen is maar eerder een spirituele krachtbron; en die juist open staan voor mensen met een andere levensbeschouwelijke achtergrond –  zich massaal zouden afkeren van linkse politieke partijen.

Naast een principiële overweging om religie als fenomeen zowel kritisch als ook positief te benaderen, is er daarom ook een strategische overweging: linkse partijen jagen het (min of meer vrijzinnige) religieus geïnspireerde deel van hun achterban richting CDA, ChristenUnie of VVD waarvan de partijleiders immers (ja, ja)  ‘ook gelovigen’ zijn. Zo kom je dus nooit aan een linkse meerderheid.

Niet dat elke linkse lijsttrekker zichzelf voortaan als gelovig en vroom mens moet presenteren. Dat is natuurlijk onzin. Maar kies tenminste voor een evenwichtige benadering waarbij mensen niet beoordeeld of gelabeld worden op basis van hun levensbeschouwing maar op basis van hun daden en keuzes. En omarm de civiele samenleving van veelkleurig en veelzijdig geïnspireerde burgers. Zo komt linkse politiek op termijn sterker en krachtiger op de kaart te staan. Pas dan kunnen we – I have a dream – SGP-vriend Rutte naar huis sturen. Zoals dominee Martin Luther King ooit zei: There will be a day…


maandag, 12 maart 2012

Lennart Huizing

Lennart Huizing

Twitter Flickr

Stemmen via internet. Slecht slecht slecht slecht!

In internet, stemmen, technologie, verkiezingen, congres, eten, groenlinks, idee, gelukkig, en meer.

Zou wel lekker makkelijk zijn. Stemmen via internet. Gewoon, vanaf kantoor even je stemformulier invulen, op 'stem' klikken en klaar is Kees. Maar ik wil toch even roet in het eten gooien, met als aanleiding het filmpje op Slashdot.org over internetstemmen met Prof. Halderman. Via internet kun je een boel, maar verkiezingen horen hier niet thuis. Het is onmogelijk om online een verkiezing te organiseren die geheim, betrouwbaar en vrij is. Niet aan beginnen dus. Toch zijn verschillende partijen met het idee aan het spelen. Het GroenLinks congres verwierp gelukkig een ledenreferendum via internet vorige maand.

lees verder

zondag, 11 maart 2012

Ineke Verdoner

Ineke Verdoner

It's a men's world (nog heel even..)

In uncategorized, anja meulenbelt, arabische lente, binnenstad, boek, de, de wereld, europa, exposities, en meer.
Jaren achtereen was ik betrokken bij de viering van de Internationale Vrouwendag op 8 maart. Ik heb er prachtige herinneringen aan: het samen creëren van een boeiende avond, in het begin zonder een cent, later met gemeentelijke subsidie, altijd in de Leeuwarder binnenstad in Zalen Schaaf, altijd een volle zaal en altijd met interessante gasten als Anja Meulenbelt en Adelheid Rosen en swingen nà. Het geheugen is absoluut onbetrouwbaar, maar gelukkig ondersteunen foto's wat ik beleefde: ik stond een keer als Der Blauwe Engel op het toneel, en eerder zongen we de zelfgeschreven liedjes van de LP 'Valium 10', geheel in eigen beheer geproduceerd op het label 'Famke'.
De laatste jaren is er een week lang activiteiten; voorstellingen, exposities, lezingen door de hele provincie en dat wordt door een coördinator ondersteund. Ook 8 maart is geïnstitutionaliseerd. Het levert wel mooie dingen op. Maar.....

Tot mijn verrassing meldde zelfs het weerbericht dit jaar dat het Internationale Vrouwendag was op 8 maart; het was lente-achtig. Maar ook de andere radio- en tv programma's sloofden zich uit om het specifieke van 8 maart onder de aandacht te brengen.

Zou het kunnen dat er echt iets aan het veranderen is?
Natuurlijk hebben we hier, in dit rijkste land van de wereld, helemaal niets te klagen.
Maar dat betekent niet dat het allemaal in orde is. Om één voorbeeld te noemen
dat geheel in de lijn van deze tijd ligt: vrouwen verdienen nog altijd minder dan mannen, voor hetzelfde werk. Waar ik me echt zorgen over maak is dat er nog zo'n groot percentage vrouwen niet economisch zelfstandig is. Dat is ook in Nederland zo, laat staan in andere landen, waar de traditionele man-vrouw verhoudingen nog veel sterker zijn.


Maar/en binnen de omwentelingen van de Arabische Lente spelen jonge vrouwen een niet meer weg te denken rol. Meiden doen het heel erg goed binnen de technische sector en er lijken binnenkort meer vrouwelijke dan mannelijke chirurgen te zijn.
Petra Stienen is een veel gevraagde deskundige bij de mannen Pauw en Witteman en de druk om veel vaker veel meer vrouwen in de media aan het woord te laten groeit met de dag.
Marga Miltenburg vierde deze Vrouwendag de derde verjaardag van haar sprekersbureau voor vrouwelijke deskundigen 'ZijSpreekt'. Sinds 8 maart ben ook ik daar te boeken! Het bestaan van dit bureau is hèt tegenargument op de nog immer gebezigde zin: “wij (mannen) willen wel, maar we kunnen ze (vrouwen) niet vinden”. Dergelijke initiatieven zijn ook gaande voor meer vrouwelijke bestuurders en commissarissen.

Desalniettemin vind ik het ook gênant dat het nog moet. En misschien ligt de volgende stap echt bij de mannen. Ik stelde al eens voor dat mannen een vraag om nog een commissariaat te vervullen zouden doorschuiven naar een adequate vrouw en dan doet hij 2 dagen de kinderen of vrijwilligerswerk. Misschien zijn die belachelijke maatregelen waardoor de kinderopvang veel te duur wordt, dan een kans. Een andere verdeling van het werk binnen- en buitenshuis, tussen vrouwen en mannen, is al een oude eis en levert - naar mijn idee - een substantiële bijdrage aan een andere wereld.
Dolf Jansen vindt die andere wereld dusdanig actueel dat hij er een voorstelling over heeft gemaakt. Hij vertelde erover in het programma van Kunststof tv. Misschien was het ook ter gelegenheid van de Vrouwenweek dat Jacqueline Hassink foto's liet zien die ze maakte van vergadertafels van de veertig grootste multinationals van Europa, 'The Table of Power'.
Aan geen enkele van die tafels hadden vrouwen een plek.

Johan Doesburg, ook gast aan de Kunststof-tafel, regiseerde het toneelstuk 'de Prooi' naar het boek van Jeroen Smit over de ondergang van ABN-Amro, een onthutsend verhaal over de gevolgen van losgeslagen macht in een typisch mannen-bolwerk.

Zoals vaker als ik zit te schrijven ontstaat er in mijn hoofd een vertaling van het thema naar een liedje:
...It's a men's world.
But it would me nothing
Nothing
If the women weren't there.....

Tsja. Daar doe ik het dus niet meer voor.
Het is 2012, alles is in beweging. Ook de vrouwen en mannen die ik tegenkom. En die bolwerken, die instituten, vallen om, de één na de ander. Dus nog even geduld, zeg ik dan maar tegen mezelf. Want dat zegt Zarcquona, de Afgaanse vrouw die na een hondenleven de touwtjes van haar leven in handen heeft genomen, ook.
Dus zet ik een andere zender op:
...sisters are doing it for them selves
standing on their own two feet
and ringing on their own bells
this is a song to celebrate
the concious liberation of the female state....

En dan nu nog even overal gelijke rechten, invloed, betaling enzo. OK?
See you next year!


Ineke Verdoner 
  
'Sisters' door Aretha Franklin en Annie Lennox   (met beeld)
ZijSpreekt, het Sprekersbureau van MM
Meryl Streep vertelt over Zarcquona uit Afganistan
Kunststof van zondag 11 maart

zaterdag, 10 maart 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

De PVV en de jaren dertig

In duitsland, duitse taal, cultuur & geschiedenis, politiek, bart jan spruyt, carl schmitt, jaren dertig, pvv, sybe schaap, amerika, beslissing, en meer.

sybe schaap De PVV en de jaren dertigEerste Kamerlid Sybe Schaap heeft een boek geschreven over de rol van rancune in samenleving en politiek. Hij schrijft dat de PVV een formule hanteert ,,die veel lijkt op die uit de jaren dertig van de vorige eeuw. Er worden vijandbeelden gecreëerd, beelden die duidelijk moeten maken hoezeer het eigen bestaan wordt bedreigd. De vijand loert niet alleen van buiten, maar heeft ook complotterende handlangers in het eigen domein.”

Wilders noemt deze vergelijking ziekelijk.

Maar waarom eigenlijk? Waarom zou men de jaren dertig niet mogen noemen in verband met de PVV?

PVV-kopstukken en sympathisanten beroepen zich uitdrukkelijk op een nazi en op denkbeelden uit de nazi-geschiedenis.

Bart Jan Spruyt, die Wilders in het zadel heeft geholpen en die het eerste PVV programma samen met Wilders heeft geschreven en ook PVV-kaderleden heeft getraind, is een grote en uitdrukkelijke fan van de nazi Carl Schmitt, die hij uitgebreid als zijn politiek voorbeeld bespreekt.

Spruyt maakte in zijn publicaties, o.a. in het boek De toekomst van de stad (2004) de Schmittiaanse filosofie van een absoluut onderscheid van vriend en vijand tot de zijne.  Het is hier wel even van belang te weten dat Carl Schmitt een antisemiet en nationaal-socialist was en met “de vijand” “de jood” bedoelde, zoals Raphael Gross overtuigend aantoont.[1]

Wie Schmitts hier aangehaalde teksten leest die zal toch erg moeten struikelen over de woorden van Bart Jan Spruyt:

“Lange tijd gold hij [Schmitt] als Schreibtischtäter die de ideeën had aangeleverd die tot de grote incarnatie van het kwaad hadden geleid. Sinds enige tijd is het besef doorgedrongen dat Schmitt te lang ook als zondebok heeft gefungeerd, en dat zijn werk wetenschappelijk gezien op z’n minst bespreekbaar, zo niet hoogst origineel en briljant is….”

Vervolgens gaat Spruyt door de belangrijkste gedachten van Schmitt weer te geven en op de huidige Nederlandse situatie te betrekken, met “de islam” als de nieuwe vijand. Hij maakt daarbij gebruik van een anti-islamitisch citaat van Schmitt, die schreef: “Ook in de duizendjarige strijd tussen christendom en islam is nooit een christen op de gedachte gekomen dat men uit liefde voor de Saracenen of de Turken Europa, in plaats het te verdedigen, aan de islam zou moeten uitleveren.” (Spruyt, De toekomst van de stad, p. 56 f.)

Ook zijn artikel Conservatieve identiteit neemt Spruyt de moeite voor een uitvoerige Schmitt–apologie. Waarom? Wat kan toch de reden zijn, iemand die zich zo enorm gecompromitteerd heeft in bescherming te nemen en diens gedachtegoed te citeren en goed te praten? Zelfs al zou Carl Schmitt niet een zo uitgesproken nazi en antisemiet geweest zijn als hij was, dan nog is zijn onverzoenlijke theorie van De Vijand als duidelijk fascistisch te herkennen. Het is niet vol te houden dat Schmitt weliswaar een vreselijke nazi en antisemiet was, maar dat zijn theorie van de vijand een zo ontzettend briljant voorbeeld voor ons is!

Jan Greven: “Schmitts aantrekkingskracht is dat hij denkt in heldere tegenstellingen: goed/kwaad; mooi/lelijk. Met in de politiek de meest absolute tegenstelling. Die tussen vriend en vijand. Tegenover de vijand past slechts onverzoenlijkheid. Je hoeft hem persoonlijk niet te haten om hem toch te liquideren. […] Schmitts tegenstellingen zijn helder, maar hij voert je op paden waar je niet hoort te zijn. “ (Trouw, 29-3-2005)

Dick Pels over Schmitt:

“Schmitts definitie [van de vijand] legitimeert […] een autoritaire, zo niet totalitaire opvatting van de politieke werkelijkheid, waarin geen enkele ambiguïteit wordt getolereerd en geen ruimte bestaat voor andersoortige onderscheidingen.”[2] Volgens Pels valt bij Schmitt politiek op apocalyptische wijze samen met de oorlog.

Rob Hartmans: “Tijdens de republiek van Weimar werd Schmitt beschouwd als vertegenwoordiger van de zogenaamde konservative Revolution, een amalgaam van ultranationalistische denkers, partijtjes en groeperingen die zich verzetten tegen de burgerlijke maatschappij en de parlementaire democratie. Schmitt zag niets in een romantisch conservatisme, dat verlangde naar een samenleving die een organische, door oeroude instituties en tradities gevormde eenheid was. Een dergelijke samenleving had nooit bestaan, en alle traditionele instituties waren door de wereldoorlog en de revolutie weggevaagd. Evenmin wilde hij iets weten van het normatieve staatsrecht dat werd uitgedragen door neokantiaanse juristen. In tegenstelling tot de Oostenrijkse staatsrechtsgeleerde Hans Kelsen, die als jood in zijn ogen toch al verdacht was, ontkende Schmitt dat er een bepaalde norm ten grondslag lag aan de rechtsorde. Hoe het recht eruitziet is een kwestie van een op macht gebaseerde beslissing. Schmitt citeerde in dit verband graag Hobbes: «Gezag, niet de waarheid, maakt de wetten.» In dit «decisionisme» stond de uitzonderingstoestand centraal. Normen waren volgens Schmitt alleen van toepassing op normale omstandigheden. Waar het op aan kwam, was de vraag wie in uitzonderlijke omstandigheden de beslissingen kon nemen. Vandaar ook zijn opvatting dat degene die de noodtoestand kan afkondigen, beschikt over de soevereiniteit.

Ook na Schmitts dood [...]  leven zijn denkbeelden voort in allerlei bewegingen in Europa en Amerika die tot Nieuw Rechts worden gerekend.

In hun strijd tegen de liberale, pluriforme democratie kunnen zowel extreem-links als extreem-rechts een heel arsenaal aan wapens vinden in de geschriften van Carl Schmitt, die de Verlichting haatte als de pest en die droomde van een autoritaire, homogene staat, waarin geen ruimte is voor verwarrende experimenten die de stabiliteit kunnen ondermijnen.”[3]

Carl Schmitt oefent een grote aantrekkingskracht uit op veel hedendaagse intellectuelen. Rob Hartmans:

“Schmitts werk munt uit door scherpe formuleringen en glasheldere begrippen. Sommigen noemen hem een Begriffsmagier, een goochelaar met definities. […] Met zijn fraaie begrippen, glasheldere analyses en adembenemende abstracties mag Schmitt als politiek theoreticus en rechtsgeleerde dan zeer belangrijk zijn geweest, in de praktijk sloeg hij de plank op een zeer pijnlijke wijze mis. Want als iets opvalt in het werk van Schmitt, dan is het dat het altijd om grootse begrippen en abstracties gaat: staat, natie, uitzonderingstoestand, Großraum, vriend-vijand, de politiek etcetera.”[4]

Maar de kritiek op Carl Schmitt moet zich niet allen richten tegen diens antiliberale opvattingen. Schmitt was een actieve nazi en antisemiet.

De Leidse hoogleraar mensenrechten Thomas Mertens over de “kroonjurist van de nazi’s” Carl Schmitt:

“Schmitt gaf onder de titel ‘Der Führer schützt das Recht’ zijn juridische fiat aan Hitlers moordpartijen bij zogenaamde Röhm-putsch van 1934. Deze van staatswege georganiseerde moorden troffen niet alleen de top van de S.A. maar ook diverse andere tegenstanders van het regime zoals Schmitts vorige patroon Von Schleicher; Schmitt was een van de voormannen van de door de nazi’s  het leven geroepen ‘Akademie für Deutsches Recht’. “[5]

“[…; in 1936 riep ] [Schmitt]  op tot een zuivering van de bibliotheken van joodse invloeden; hij deed zijn best Hitlers ‘Grossraumgedachte’ te legitimeren […] Schmitts denken maakt duidelijk dat de Westerse cultuur niet bestaat en dat intellectuelen als Schmitt medeverantwoordelijk zijn voor wat er op deze aarde vreselijk fout kan gaan.”[6]

 

Schmitt was een van de belangrijke denkers van de Duitse “conservatieve revolutie”. Het is moeilijk een harde lijn te trekken tussen de denkers van de conservatieve revolutie en de nazi’s. Een gemeenschappelijke noemer is het anti-liberalisme en het gelijk zetten van joods=liberaal=decadent. Een andere gemeenschappelijke noemer is het nationalisme, dat in ieder geval bij Schmitt kan worden vastgesteld. “Bei Schmitt war die Nation […] eine nicht mehr überbietbare Größe […] ein existentielles Phänomen, das durch Freund-Feind-Bestimmung und damit in letzter Instanz durch den kollektiven Kampf eines Volkes auf Leben und Tod definiert war.“[7] Carl Schmitts nationalisme was racistisch, al was hij daarin niet zo extreem als andere nazi’s.[8]

Zeker zijn er verschillen tussen de “echte” nazi’s en de conservatief revolutionairen. Bijvoorbeeld wilden de conservatieven een sterke staat. Hitler was anarchistisch, de staat was ondergeschikt aan zijn impulsen, en dit element past niet bij het conservatisme. Ook de holocaust als zodanig is geen idee of initiatief van de conservatieven geweest.

 

Meer over Schmitt hier of zoek op tag “Carl Schmitt” hier op mijn blog.

s

[1] Raphael Gross, Carl Schmitt und die Juden, Suhrkamp, 2005.

[2] Een zwak voor Nederland, p. 228.

[3] Een gevaarlijke geest, De Groene Amsterdammer, 7-2-2004.

[4] De grote woorden van Carl Schmitt, In : Varwel dan, p. 129, ook De Groene, 1-5-1996.

[5] Fiat aan Hitlers moordpartijen, Filosofie Magazine 02-2002.

[6] NRC 23-11-2001, boeken.

[7] Stefan Breuer, Anatomie der konservativen Revolution, p. 184.

[8] Anatomie der konservativen Revolution, p.191.

 

 



 

 

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 1530 uur (63,7 dagen). Berichtgemiddelde: 0,5 bericht per dag, 3,3 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5 6 7 8