maandag, 21 mei 2012

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Marijnissen serveert GroenLinks af: kortzichtige verkiezingsretoriek en eigen kwetsbaarheid verbergen.

In politiek, sp, groenlinks, andere partijen, belangrijk, catshuis, cda, coalitie, discussie, en meer.

Marijnissen serveert GroenLinks af: kortzichtige verkiezingsretoriek en eigen kwetsbaarheid verbergen.

Op zondagmiddag 20 mei vond er in de Nieuwe Nor in Heerlen een bijeenkomst plaats over samenwerken door de linkse partijen. Volgens de regionale kranten Limburgs Dagblad en Dagblad De Limburger van maandag 21 mei draaide de discussie uit op een afstraffing van GroenLinks. Dat vraagt om een reactie.

Het blijkt een discussie te zijn geweest tussen vertegenwoordigers van slechts 2 partijen, SP (Jan Marijnissen) en PvdA (Frans Timmermans). Het is om te beginnen raar dat GroenLinks niet was uitgenodigd. GroenLinks is momenteel wel beeldbepalend als het om samenwerken gaat. Nu kon er geen tegenwicht worden geboden en werd de partij volgens de krant door Marijnissen volledig afgemaakt. Door geen verdediging te kunnen voeren worden halve waarheden blijkbaar hele waarheden.

Als ik de krant mag geloven, dan is men niet toegekomen aan het hoofddiscussiepunt van de middag: hoe kan links wél samenwerken? Of waarom lukt dat rechts wel en links niet? Maar aan die vraag is men blijkbaar niet toegekomen. Het loopt geheel anders.
Het blijkt weer een klassiek voorbeeld dat kritiek leveren op anderen veel gemakkelijker is dan oplossingen aandragen. Het kan in verkiezingstijd best tactisch aanvaardbaar zijn om de verschillen te benadrukken en je eigen partij te profileren, ook al gaat dat ten koste van de ander. Maar je gaat wel als SP (want Jan Marijnissen spreekt uitdrukkelijk namens de SP) erg ver als je GroenLinks bij voorbaat uitsluit voor de samenwerking en coalitievorming na de verkiezingen.
Natuurlijk kunnen SP en PvdA samen wel een meerderheid van 76 zetels winnen. Maar stel dat je meer partijen nodig hebt? Dan is samenwerking geboden. Het is niet netjes en verstandig van Marijnissen om een partij te schofferen en uit te sluiten die je wellicht wel nodig hebt voor een meerderheid. Of mag de PvdA van de SP weer met het CDA en/of VVD?

Er is natuurlijk maar één SP. En al die andere partijen hebben ten minste ten dele andere doelen. Om een coalitie te vormen moet je compromissen sluiten. Dat is moeilijk vanuit je uitgangspunten én het is moeilijk uit te leggen aan de kiezers. Compromissen sluiten is veel risicovoller dan langs de zijlijn staan. Compromissen zijn snel onderhevig aan kritiek omdat ze voor de één te ver gaan en voor de ander niet ver genoeg. De criticaster zal stellen dat het glas half leeg is en de voorstander dat het glas half vol is. Tegenstanders hebben het over het Kunduz-akkoord en de anderen over het Lente-akkoord. Beeldvorming is belangrijk in verkiezingstijd.

Vanwaar de woede van de SP op GroenLinks? Niet alleen vanwege de inhoud. Ook omdat het bedreigend is? Ook omdat SP en PvdA een beetje jaloers zijn op GroenLinks? Omdat die partij wel bewijst dat je wat bereiken kan met samenwerking? Omdat je daarmee ook succesjes kan binnenhalen? Want niemand kan ontkennen dat het verschil tussen het Catshuis-akkoord tussen VVD, CDA & PVV en het Lente-akkoord groot is. En SP en PvdA willen niet aanvaarden dat er een zittend kabinet is van VVD en CDA en dat die partijen samen opereren. De politieke realiteit is dat die partijen zich nu niet uit elkaar laten spelen en dat er dus geen mogelijkheid was voor een grote linkse samenwerking met nog meer beleidsombuigingen. Na de verkiezingen wellicht wel?

Echter, de kritiek op GroenLinks is niet mals. Het is niet goed of het deugt niet. Volledig tegen afzetten. Maar is dat geen afleidingsmanoeuvre? De centrale vraag die de SP zich moet stellen is of ze wel wil samenwerken na de verkiezingen? De starheid loslaten. En daarmee ook compromisbereid zijn. Wel jezelf willen vernieuwen? Vuile handen maken of traditioneel (gemakkelijk) oppositie voeren en blijven roepen dat het nog beter kan?
Wil je een behoorlijk deel van je programma bereiken, dan is samenwerking geboden. En dan is ook een andere tactiek nodig. Meer zoeken naar overeenkomsten, naar wat deze partijen kan binden. Plus een andere onderlinge sfeer en benadering binnen ‘links’.

zaterdag, 19 mei 2012

Gerben Kappert

Gerben Kappert

Linkedin

Goorse vragen (deel 27)

In fotooo, goorse vragen, fotooo, goor, spelling, tattoo, de, foto, kort, en meer.

Een eigen website: Goorse Ink, maar een andere naam op de gevel. In het Engels is het volgens mij ‘ink’, in het Nederlands ‘inkt’. Maar waar komt die apostrof in de naam op de gevel dan vandaan?

Toch zou ik gaan twijfelen, mocht ik een tatoeage willen, spelling is dan toch vrij relevant. Nog niet zo lang geleden de Feyenoorder Clasie wiens tattoo een spelfout bleek te hebben. Toch is bovenstaande foto al achterhaald. Sinds kort kun je dit zien als je er langs komt. Wisten ze dat ‘Goorse vragen’ hen had uitgekozen voor aflevering 27?

Goorse vragen. Vragen die in mij opkomen bij foto’s die ik her en der in mijn woonplaats neem. Antwoorden en reacties zijn welkom. Ik weet het zelf vaak ook niet.


woensdag, 16 mei 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

De diepte in? Tsss…

In kort.

NRC-next is lekker bezig vandaag. Op de voorkant een grote plaat, zoals het NRC betaamt, van een van onderen naakte dame met de benen zo wijd als alleen op tekening mogelijk is. Een getekende dokter belicht met een zaklamp dat deel dat de meeste dames toch eigenlijk liever niet zomaar voor de voorpagina zouden tonen. Het is rood en huge, met daarboven wat grappig kroeshaar. Het gaat om het grote. En eigenlijk nog niet eens om de buitenkant. Het gaat om de G-spot. Een Bredase arts verdient sinds een poosje geld met het vergroten ervan.

Een voorpagina en twee binnenpagina’s zijn aan het onderwerp gewijd. ‘De diepte in’ heet deze rubriek. Conclusie na het lezen van de vier kolommen tekst: we weten niet zeker of de plek bij elke vrouw bestaat en of het zin heeft die plek te stimuleren en wel dat vergroten puur geldklopperij is. Zou die plek onderdeel van een mannenlijf zijn, dan was alles er al lang over bekend. Gynaecologie loopt nou eenmaal, bij mannelijk gebrek aan belangstelling in vrouwenonderwerpen, achter bij andere mensenlijfwetenschappen. Behalve dus als het gaat om geld verdienen.

Onderhand tureluurs geworden van wetenschappelijke onderzoeken, hij bestaat wel, hij bestaat niet, wel, niet, geef ik het op. Er is een minder valide maar individueel 100% treffende wijze om te onderzoeken of die plek enig effect kan sorteren of niet ;-) Dan zijn we definitief van al het gezeur en geldklopperij af.

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Vernieuwen

In samenleving algemeen, dibi, frankrijk, griekenland, politiek, vernieuwen, analyse, blok, catshuis, en meer.

p1020459Het is een aantrekkelijk begrip: vernieuwen. En tegelijk een lastig begrip om in praktijk te brengen. Want vernieuwen heeft pas zin als er publiek voor is. Of het nu om mode, vakanties, communicatie of politiek gaat. Een beetje op je zolderkamer nieuw zitten te wezen geeft individueel misschien voldoening maar het valt als een steen dood in het zand. En vernieuwen heeft ook echt pas betekenis als het publiek je resultaat als nieuw ervaart.

Nu is dat bij mode of vakanties niet zo een probleem. Een andere stijl of een nog niet aangeboden activiteit gelden makkelijk als nieuw. In communicatie zal de aandacht vooral uitgaan naar het middel, zie de opmars van sociale media. Dat wordt in ieder geval vaak als nieuw beleefd. Politici hebben het met het begrip erg moeilijk. Ze weten dat de kiezer dol is op de term. Vernieuwing met een realistisch plan en doel vermijdt te hoge verwachtingen en stappen richting ongewisse avonturen. Tegelijk doet het afbreuk aan de kracht van vernieuwing. Die bestaat er nu juist vaak uit dat je niet weet wat er losgemaakt wordt en hoe de afloop er uit zal zien. Het ligt aan de ervaren urgentie van de omstandigheden hoe kiezers kiezen.

De Grieken kozen voor een vernieuwing met een ongewisse afloop. Vooralsnog is het ontaard het in een situatie die vooral koersloos lijkt. En koersloos is per definitie kansloos. Nieuwe verkiezingen gaan eigenlijk over de vraag of men echte vernieuwing aan wil of toch terug kruipt naar de al bekende recepten en partijen. Een stem op de oude partijen is een stem op het receptuur dat vooral door Brussel en IMF is uitgewerkt. Een stem op nieuwe partijen, waarvan Syriza de tweede partij werd, is in ieder geval een afwijzing van de inmiddels bekende en verwenste receptuur. Syriza lijkt erop te gokken straks de grootste te worden en Brussel daarmee voor het blok te zetten. Net zo min als Luther anti-Rooms was, is Syriza anti-Europees. Ook al maken veel media die fout in hun berichten. Alexis Tsipras, de leider van de partij, wil alleen anders behandeld worden. Als de Europese regeringen straks alsnog de knieën buigen en hem tegemoet komen is de vernieuwing voor Syriza al geslaagd. Maar er zijn meer landen die ongemakkelijk in hun Europese zetel zitten. En waarom wel voor de Grieken buigen en voor anderen niet?

Buigen de Europese knieën niet dan lijkt Alexis Tsipras niet een plan B te hebben. Zeker als zijn partij twee verkiezingen zo kort na elkaar wint, pleegt hij grof verraad aan zijn kiezers als hij alsnog zou toegeven aan Brussel en IMF. Het zou de facto het einde van zijn partij zijn en zijn politieke loopbaan. Syriza zal dan dus de stap in het diepe moeten zetten en de eurozone verlaten. Dat is werkelijke vernieuwing, maar ook de meest ongewisse.

Tofik Dibi heeft met minder wanhopige omstandigheden te maken en koos een overzichtelijke variant van vernieuwing. Hij trekt aan een tak en schudt niet aan de boom. En binnen enkele weken weet hij de afloop. De vraag is of hij het ook zo heeft bedoeld. Had hij zijn kandidatuur ondersteund met het benoemen van enkele inhoudelijke verschillen, dan had hij de eerste schrik bij GroenLinksers nog kunnen overwinnen. GroenLinksers zijn wel machiavellistischer gaan denken over het verwerven van invloed, maar nog steeds erg ontvankelijk voor principes en koersdebatten. Daar had hij zijn vernieuwing op kunnen ankeren, maar heeft dat niet gedaan. Nu resteert enkel een vorm-verhaal en daar kom je binnen GroenLinks niet ver mee. De frustratie dat GroenLinks landelijk nooit de drempel van 10 zetels echt ruim weet te overschrijden wordt breed gedeeld, maar ook aansprekende leiders als Rosenmöller en Halsema (in haar laatste jaren), die inhoud en vorm goed wisten te combineren, is het niet gelukt. De roep tot vernieuwing van Dibi lijkt daarom vooral gebaseerd op een eigen onderbuikgevoel, en steunt niet op een analyse of sterke inhoudelijke overtuiging. Zijn vernieuwing is paradoxaal genoeg te weinig vernieuwend.

Hollande, de nieuw gekozen president van Frankrijk, staat ook voor vernieuwing. De vrije variant van Tripras had hem de nieuwe positie niet gebracht. Daar verschilt de situatie in Frankrijk te veel voor van die in Griekenland. En anders dan Dibi heeft Hollande ingehaakt op een ontwikkeling die al gaande was: het maken van een groeipact. Zijn vernieuwing is een rek- en strekoefening binnen kaders die er al zijn. Of hij de grenzen voldoende weet op te rekken, zodat de Fransen dit ook als vernieuwing beleven, is het ongewisse in zijn vernieuwing. Maar goed, daar heeft hij, als hij in juni een meerderheid in het parlement verwerft, ook nog enkele jaren de tijd voor.

Op 12 september zal ook blijken of en welke vernieuwing er in Nederland is gewenst. Want dat de politici vernieuwing beloven staat vast. De vernieuwing die de PVV beloofde twee jaar geleden is gestrand in het Catshuis. Komt er een vervolg met meer ongewisse gevolgen of kiezen Nederlanders voor andere vernieuwing? Bepalend zal zijn hoe kiezers het tijdsgewricht ervaren: als een uitzichtloze beklemming of een periode die kansen biedt tot vernieuwing.

dinsdag, 8 mei 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Power to the Pieper

In kort.

Plantaardig en diersympathiek eten, het liefst uit de straat, ja zelfs groente van je vensterbank voldoet om hip te zijn. Helaas, slechts hip in kleine kring. We spreken van biologisch en gewoon. Biologisch vindt men duur. Volgens mij is dat de gewone prijs voor gewoon eten. Vreemd eigenlijk, een huisdier in een klein hokje vinden we zielig, een kiloknalkip en een plofvarken niet. Met het minste vermoeden van giftige stoffen in de lucht schreeuwen we moord en brand terwijl we de pesticiden op het eten gulzig naar binnen schuiven. Goedkoper, dus noemen we dit het gewone.

Maar de oplossing is daar! Power to the Pieper heet de actie van een biologische boer uit de Noordoostpolder. Hij is het zat dat zijn producten de supermarkt niet bereiken – importeren uit het buitenland is goedkoper – en dat hij idioot weinig betaald krijgt voor zijn biospulletjes. Ecologisch schijt aan de supermarkt en zelf handelen moet hij gedacht hebben en startte een internetshop. Voor €0,50 per kilo koop je bioaardappeltjes en dito wortelen en uien. Daar kan geen supermarkt tegenop! Een beetje supermarkteigenaar moet zich toch zachtjes zorgen gaan maken. Stel voor dat in deze markteconomie de consument het spel echt mee gaat spelen….

maandag, 7 mei 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

De tweede wereldoorlog

In kort.

Door onze oudste dochter Regina Stam

In de oorlog stierven mensen, ze leden op het veld.

En als het aan hun lag, werd er naar wapens gebeld.

Maar de Duitsers hadden geen medelijden,

de Joden moesten vluchten, ze wilden niet meelijden.

 

Hitler had de macht in handen,

Nederland werd geholpen door andere landen.

En op een keer waren de Duitsers het zat!

Ze gooiden hun wapens neer en zeiden: dat is dat.

 

Hitler had zelfmoord gepleegd,

en anders had hij ook niet lang meer geleefd.

 

John Jorna

John Jorna

Ook relibeten zingen luidkeels Ave, Ave, Ave Maria

In column van de week, belangrijk, beperking, bezoek, de, divers, dwars, eerste, europa, en meer.

EEN KLEINE VOLKSVERHUIZING NAAR LOURDES

Met 18 bussen naar Tourcoing en vandaar met twee TGV’s dwars door Frankrijk plus twee vliegtuigen en meerdere Lance-bussen voor bedlegerige patiënten, totaal 1500 mensen uit de provincies Utrecht, Overijssel, Gelderland benoorden de Waal en een stuk van Flevoland naar Lourdes; het is op zich al een bijzondere prestatie. Ik was erbij en het is een fijne ervaring geworden.

Kort voor mijn vertrek sprak ik met iemand van de actiegroep tegen het Rijsbruggerwegtracé. Ik moest daar in Lourdes maar een kaarsje opsteken, dat de weg niet zou doorgaan. Maar er waren ook Houtenaren in onze groep en als die nu eens een kaars zouden opsteken, dat de weg wel zou doorgaan, dan kwam Maria wel voor een dilemma te staan. De pastor voor onze groep weet op alle vragen een antwoord. Maria zorgt, dat de beste oplossing wordt gevonden. Dus Bunnik, er is nog hoop.

Zo’n grapje tussen door tekent de gezellige sfeer in de groep van de Paus Johannes XXIII parochie. Dat voelden zelfs de jongeren in de leeftijd van 14 tot 21 jaar, die samen optrokken met mensen tot dik in de tachtig. Twee van hen hadden een eigen website opgezet, waarop ze dagelijks verslag deden van hun belevenissen en foto’s plaatsten. Kijk maar eens op  www.lourdesreis.webnode.nl . Ze duwden ook ijverig de rolstoelen of deelden de lunchpakketten uit in de trein. Sommigen waren misdienaar en stonden dus vooraan bij de vieringen. Er waren aparte programma’s voor de jongeren. Wat mij trof was hun grote nieuwsgierigheid naar kerkelijke gebruiken en geloofszaken. Tijdens zo’n gesprek vroeg een meisje: “Hier zie je overal beelden van Maria en andere heiligen. Waarom zie je nu nooit een beeld van God?” Wij kwamen tot een antwoord en ze toonde zich tevreden. Wat zou u zeggen?

Gebeuren er wonderen in Lourdes? Worden mensen er genezen? Een beperkt aantal gevallen is als wonder erkend omdat na zorgvuldig onderzoek er geen aannemelijke wetenschappelijk verantwoorde verklaring kon worden gevonden, althans bij de toenmalige stand van de wetenschap. Voor mij is dat niet zo belangrijk. Als mensen na een bezoek aan Lourdes zich beter voelen of beter met hun ziekte of beperking kunnen omgaan, wie zou ik dan zijn als ik zou beweren, dat ze het zich allemaal maar verbeelden?

Ik voerde gesprekjes met mensen uit onze groep, want ik wilde weten hoe het staat met de Mariadevotie onder deze betrokken katholieken om er een artikel over te kunnen schrijven. Het beeld bleek heel divers. Een ouder echtpaar vertelde, dat ze nu voor de vierde keer in Lourdes waren. De eerste keer in 1962 hadden ze in de jaren ervoor tot drie keer een kindje kort na de geboorte verloren. Een jaar na Lourdes werd een gezonde dochter geboren en daarna nog vier kinderen en inmiddels hebben ze tien kleinkinderen. Kun je je voorstellen, dat ze dankbaar zijn voor dit geluk?

Bernadette sprak tijdens de verschijningen met Maria en toen zij vroeg, wie zij was, antwoordde zij: "Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis.” Bernadette had daar nooit over gehoord en het was voor de pastoor reden om te geloven, dat Maria er werkelijk aan Bernadette verscheen. Onder de deelnemers uit onze groep waren er maar weinigen, die weten wat het betekent, Onbevlekt ontvangen. Veel relibeten onder journalisten maken elke keer dezelfde fout, dat zij denken, dat het betekent, dat Maria maagd bleef, toen zij zwanger werd. Fout! De Katholieke Kerk gelooft, dat Maria nooit bevlekt is geweest met de erfzonde vanaf het moment, dat zij bij haar moeder Anna verwekt werd. Anders zou zij niet waardig zijn geweest moeder van Gods Zoon te worden. Het is niet erg als je het niet weet, want bij katholieken gaat het veel meer om het beleven dan om de leer. Ook relibeten kunnen luidkeels het refrein van het Lourdeslied meezingen, Ave, Ave, Ave Maria (2x).

Als dat lied door duizenden uit heel Europa wordt gezongen tijdens de internationale viering of de lichtprocessie, dan zie je dat daar een grote verbondenheid bestaat. Ik ging er weer meer in Europa geloven. Dus gaan we Europadag vieren op woensdag, 9 mei en ik steek de blauwe vlag met de twaalf gouden sterren uit. Wist u, dat sommigen die vlag niet lusten omdat ze er een Mariasymbool in zien?

Jaargang 5, Nr. 213.

zaterdag, 5 mei 2012

Herman Folkerts

Herman Folkerts

Twitter

Aleen maar slachtoffers.

We herdenken jaarlijks op 4 mei onze doden opdat we niet vergeten. Vrijheid is een kostbaar bezit. Dat we ons daarvan niet iedere dag bewust zijn komt omdat vrijheid zo van zelfsprekend lijkt. De jaarlijkse dodenherdenking op 4 mei maakt ons bewust van het feit dat onze hedendaagse vrijheid bevochten is en dat er mensen zijn geweest die voor deze vrijheid hun leven hebben gelaten. Net zoals er nu nog steeds mensen zijn die tegen de verdrukking in vechten voor hun vrijheid. Syrie is daar het meest recente voorbeeld van. Dat is onrecht, omdat in vrijheid mogen leven een recht is dat ons allen toekomt.

In Vorden ging de dodenherdenking gisteren mis omdat het organisatiecomite met gemeentelijke toestemming ook 10 gesneuvelde Duitse soldaten in de herdenking wilde betrekken. De graven van deze soldaten liggen in de directe omgeving van de plek waar de herdenking ieder jaar plaats vindt. Met dit initiatief wilde het comite 67 jaar na de oorlog een gebaar van verzoening maken omdat in het hedendaagse maatschappelijke verkeer de vriendschapsbanden met de Duitse buren inmiddels volledig herstelt zijn.

Federatief Joods Nederland stapte naar de rechter om met een kort geding de herdenking in de gekozen vorm tegen te houden. De federatie is van mening dat het mede herdenken van de Duitse soldaten beledigend en grievend is voor de nabestaanden van Joodse oorlogslachtoffers die juist onder de Duitse tirannie zo vreselijk veel hebben geleden. Met die pijn moet rekening worden gehouden. De rechtbank in Zutphen kon daar in mee gaan en verbood het de bestuurlijke vertegenwoordigers van de gemeente Bronckhorst, waar Vorden onder valt, om langs de laatste rustplaatsen van de Duitse soldaten te lopen. In het geval van de herdenking in Vorden vind ik dat jammer.
Jammer, omdat het hier gaat om Duitse soldaten van de Wehrmacht die gedwongen waren om als dienstplichtigen mee te doen aan de waanzin van hun fuhrer. Of ze het nu wel of niet eens waren met de ideologie van Hitler Duitsland, ook zij werden de oorlog ingestuurd en zijn naar mijn oordeel dus eveneens oorlogslachtoffer.

Het zou anders zijn geweest als de desbetreffende soldaten SS-ers waren geweest, omdat in dat geval deze bewust hebben gekozen voor het verfoeilijke regiem van Hitler en de zijnen. Daar is echter in de situatie van Vorden geen sprake van. De Duitse soldaten die daar ter grave liggen zijn ook hun vrijheid ontnomen. Ook zij hebben de oorlog met hun dood moeten bekopen. Zij hebben echter de pech om vanuit ons perspectief in het verkeerde uniform te zijn gestorven. Het zou een groot gebaar zijn geweest als er begrip was getoond voor ieders slachtofferrol in deze gevoelige kwestie. Het comite en de gemeente hebben hierin lef getoond, immers een oorlog kent goed beschouwd, alleen maar slachtoffers.

zondag, 29 april 2012

Klaas Woltinge

Klaas Woltinge

Hyves Twitter Youtube

Vervolg 18 April

In actie, activiteiten, bezig, bus, cda, cnv, computers, debat, den haag, en meer.
Vervolg actie tegen de wet werken naar vermogen 16 April

Vanuit de Realisten lieten wij ons opsluiten in een kooi op het Plein in Den Haag, vanuit mijzelf gezien had ik bijna 3 doelen met het deelnemen aan deze actie.

1. op zo’n meest mogelijk positieve manier uitleggen waarom de nieuwe wet werken naar vermogen niet zou werken en waarom niet, dus ook waar de verbeter punten zouden moeten komen te liggen.

2. Er was media aanwezig en we hoopten tussen de regels door dat de Realisten ook een beetje in beeld kwam, toekomstig werkgevers zouden die naam misschien kunnen tegen komen in de krant of op tv en de radio en zouden daardoor nieuwsgierig kunnen worden en uitzoeken wie wij zijn.

3. Politiek is een grote hobby van mij waar ik mij graag in meng, hoe goed ben ik in staat om gelijk gestemde een GroenLinks stem advies te geven en belangrijker nog, hoe goed ben ik in staat ons/mijn standpunt te verdedigen met goede argumenten en andere zienswijzen naar voren te halen.

Op volgorde had ik voor de actie even gesproken met Linda Voortman, op het laatste moment had zij nog een mailing van mij ontvangen en wilde graag onze actie ondersteunen. Zelf lichte ik mondeling nog even exact toe wat de bedoeling was en hoopte uiteraard dat Jesse Klaver er ook bij zou kunnen zijn aangezien hij na de actie een debat over de wet werken naar vermogen zou gaan krijgen.

Ronald Plassterk, wij kenden elkaar al een beetje omdat wij elkaar al even gesproken hadden bij de ledenvergadering van het Homo Emancipatie Netwerk PvdA waar ik te gast was op 24 Maart jl., dat gesprek ging heel eenvoudig omdat wij elkaar eigenlijk alleen maar konden aanvullen en verviel al snel in een gesprek leuk bezig etc;

Vanaf het moment dat wij werkelijk opgesloten zaten in de kooi stroomde mondjesmaat het aantal toeschouwers toe, waaronder veel scholieren. Binnen de was het de bedoeling dat wij een beetje sipjes keken, gezien de tempratuur was dat niet zo moeilijk aangezien het niet echt warm was en jezelf warm lopen kun je niet in zo’n koude kooi. In onze kooi zat ook een mede actievoerder die wel op een hele ‘irritante’ manier bezig was, hij waarschuwde telkens dat wij zielig moesten kijken, vooral niet mochten lachen en vervolgens kwam hij aan met een steen goede grap waarvan velen inclusief mij zelf toch in de lach schoten.

Het serieuze moment begon, SBS6 arriveerde samen met enkele andere journalisten waaronder iemand van de Spits die door de spijlen van de kooi enkelen van ons een aantal vragen stelde, ook kwamen er meerdere kamerleden en zover ik gezien had was van iedere partij wel minimaal 1 persoon aanwezig.

Het was even proberen, de kamerleden wisten met de betonschaar en een aantal overige Hulp Gereedschapstukken ons te bevrijden en wij konden de kooi verlaten.
Buiten de kooi zorgde ik er voor dat ik snel even buiten beeld stond van aanwezige camera’s en fotograven en trok mijn CNV shirt even omhoog zodat ik de Realisten microfoon uit mijn jaszak kon trekken.

Vanaf het moment dat ik klaar was om in gesprek te gaan, nog snel even rond keek om te weten wie waar stond (was voornemend om juist met mensen van de VVD, PVV en het CDA te spreken), bleek ik recht voor Leon de Jong (PVV) te staan.

We groetten elkaar, Leon deed een handreiking en we stelden elkaar netjes voor in het kort, hij gaf aan dat hij Leon de Jong was en wat zijn functie was binnen de PVV, ikzelf vertelde alleen maar dat ik Klaas Woltinge was, uit Hoogeveen kom plus in het kort wat mijn bezwaren zijn tegen de nieuwe wet werken naar vermogen.

Bij het begin van het gesprek beleefde ik alles een beetje als woordenspel, liet Leon de Jong dus ook lekker in helder Nederlands aan mij uitleggen hoe de nieuwe wet werken naar vermogen exact in elkaar zit (beetje gemeen van mijzelf).

Nadat dat deel van het gesprek een beetje afgerond was vroeg Leon de Jong aan mij wie ik echt was, wilde persoonlijk meer van mij weten. In vogelvlucht ratelde ik mijn bouwjaar op (1 Maart 1978), iets over mijn ziektebeeld waarvan ik tussen mijn 15e en 18e veel last van had maar daar wel helemaal bovenop gekomen was!

Om het kracht bij te zetten vertelde ik aan hem hoe ik in 1998 op eigen initiatief naar mijn arbeidsdeskundige van het UWV was gestapt om te vertellen dat ik ondanks een paar fysieke beperkingen wel gewoon zou kunnen werken.

Ik liet aan Leon de Jong weten dat ik aan een informatica opleiding begonnen was omdat ik veel verstand van computers had destijds, nu nog steeds overigens. Hij hoorde mijn hele traject van de 3 jarige MBI 3 opleiding waarvan een aantal dingen gewoon op niveau 4 beoordeeld werden.

Dat was 2 jaar lang hard studeren, 1 jaar lang stage lopen binnen de zorg, Leon de Jong kreeg dus tot in detail mee hoe ik aan het werk gekomen was binnen een totaal andere hoek dan dat waarvoor ik geleerd had, mijn ‘verouderde’ diploma wel op zak heb en hoe ik mijn best loop te doen om vanaf 2006 weer aan het werk te komen.

Om dit kracht bij te zetten ratelde ik al mijn vrijwilligers activiteiten op binnen GroenLinks, het CNV(j) en de Zonnebloem zodat hij inzichtelijk kreeg wat mijn kwaliteiten waren en zijn.

Om on toppic te blijven gaf ik ook bij Leon de Jong aan hoe ik in 2007 bij het UWV probeerde een studie te bemachtigen, deze afgewezen werd omdat ik in 1998 al een keer naar school was gegaan etc;

Inhoudelijk kregen wij vanaf dat moment naar mijn idee gezien echt een goed gesprek over de gereedschappen die er nodig zijn om een Wajonger aan het werk te kunnen helpen, waar toekomstig werkgevers bang voor zijn bij het in dienst nemen van een Wajonger.




1. gereedschappen bestaan er wel binnen de oude regeling, maar je moet eerst wel in dienst zijn bij een werkgever, afgaand op mijn eigen situatie.
2. werkgevers knallen op mijn adres maar tegen 2 problemen waarvan mijn studie er 1 is maar veel belangrijker om te benoemen is hen onzekerheid, mijn ziektebeeld is progressief en daarover kan ik ook niet liegen (kan morgen een tumor in mijn kop krijgen bewijze van, maar ben gewoon van plan om 80+ te worden), werkgevers houden van een vast personeels bestand en daarom wordt ikzelf periodiek afgewezen.

Nogmaals liet ik aan Leon de Jong weten dat diverse werkgevers wel weten wat Wajongeren zouden willen en kunnen, (deels) op de hoogte zijn van de oude regelingen maar dat het daar ook bij op houd.

Voor de Wajonger zelf zou de lat veel te hoog kunnen liggen naar werk wegens bovengenoemde pijn punt, op vrijwillige basis behaal ik zelf soms 40 uurige werkweken en mijn inzet als welwillende is niet interessant voor een werkgever!

Bij Leon de Jong had ik ook letterlijk aangegeven waarover diverse werkgevers over vielen, het vaste personeels bestand etc; in het gesprek met Leon de Jong grapte ik er nog over, ja het zou mis met mijzelf kunnen gaan maar een gezond iemand zou morgen ook tegen een bus aan kunnen lopen!

Die opmerking mijnerzijds kwam misschien wat hard aan, Leon de Jong kreeg na ons gesprek wel duidelijker in kaart waar de problematiek lag omtrent het in dienst kunnen en willen nemen van een Wajonger.

Als reactie koppelde Leon de Jong ook aan mij terug dat hij zeker iets zou moeten gaan doen met de informatie die ik aan hem vertelde, ter afsluiting gaf ik bij Leon de Jong aan wat er bij mij allemaal mis was gegaan en de methodes waarop ik nog steeds een betaalde baan probeer te vinden.

Leon de Jong leek geschrokken te zijn, politieke praatjes en marketing skills ken ik zo onderhand uit mijn hoofd als vervent MLM’er. Nogmaals gaf Leon de Jong aan dat hij goed moest nadenken over ‘mijn’ verhaal en aan zijn gezicht af te lezen meende hij het nog serieus ook!

Zelf liet ik wederom merken wat er mis wat er in mijn ‘persoonlijke’ situatie allemaal ‘fout’ gegaan was en is en vermelde daar duidelijk bij in vragende vorm:”Zie jij dat straks niet weer gaan gebeuren?”,”in mijn situatie ontbreken de juiste gereedschappen om aan de bak te komen”,”met de nieuwe wet werken naar vermogen ga je het zelfde resultaat behalen bij een ander die wel wil en zou kunnen!”

Leon de Jong gaf tussendoor een compliment aan mij hoe ik bezig was, stelde ook de vraag aan mij omdat ik al 34 ben en onder de oude Wajong regeling val:”zou jij niet onder de nieuwe wet werken naar vermogen willen gaan vallen?”

Daarop had ik aan hem geen directe ja of nee beantwoord, vroeg wel om garanties voor de toekomstig werkgever en voor mijzelf (stel dat ik toch veel sneller ziek wordt).

Het gesprek had een open einde, maar Leon de Jong was bereid om dingen ook eens van een andere kant te bekijken.

Nadien had ik gesproken met o.a. Linda Voortman, Jesse Klaver (goed gesprek overging) en Fatma Koser Kaya die eigenlijk dezelfde zienswijze als mijzelf hadden.

Balen dat ik niet met iemand van het CDA en met name van de VVD gesproken had ;-)

donderdag, 26 april 2012

Hans Kuipers

Hans Kuipers

Hyves Twitter GR

Toespraak Eerste Kamer: Elke zorg op goede afstand!

In groenlinks-drenthe, werkbezoek, zorg, eerste kamer, verloskunde, burgemeester, burgers, de, digitaal, en meer.

Vandaag vond het werkbezoek plaats van de Noordelijke Staten aan de Eerste Kamer. Rond het thema “bereikbaarheid van zorg” hield ik de volgende inleiding in de plenaire zaal:

Inleiding “fusies zorginstellingen (in dunbevolkte gebieden)”
Bereikbaarheid van de zorg in relatie tot fusies: Elke zorg op goede afstand!

Belangrijk bij zorg zijn de zogenaamde 4 B’s: Beschikbaarheid, Bereikbaarheid, Betaalbaarheid & Betrouwbaarheid.

Ik wil daar vandaag het thema “Bereikbaarheid” even uitlichten, omdat gebleken is dat daar problemen ontstaan in dunbevolkte gebieden. Ik zal eerst een korte inleiding geven over de bevolkingssamenstelling in Drenthe, en vervolgens een oplossingsrichting presenteren waar we gezamenlijk, als provinciale en Rijksoverheid aan moeten denken om bereikbaarheid van zorg te garanderen voor onze burgers. Ten slotte zal ik de sluiting van de afdeling acute verloskunde in Meppel kort weergeven als casus waar een aantal lessen uit te trekken is.

ArbXQKqCEAA2EqP.jpg large 300x225 Toespraak Eerste Kamer: Elke zorg op goede afstand!Bevolkingssamenstelling
De kwaliteit van zorg in brede zin, bereikbaar voor iedereen, is onlosmakelijk verbonden met het thema leefbaarheid in Drenthe. Krimpregio’s zijn vaak ook vergrijzende regio’s. Ouderen willen graag thuis blijven wonen en jongeren trekken van het landelijk gebied naar de steden. Het aantal 65-plussers zal in Drenthe tot 2040 met 62.500 sterk toenemen, een toename van 72%. Hun aandeel in de totale bevolking zal stijgen van 18 naar 31%.
De relatief sterke vergrijzing in combinatie met de ontgroening zetten extra druk op de beschikbaarheid en bereikbaarheid van zorgvoorzieningen en daarmee de leefbaarheid in dunbevolkte regio’s. Dit is waarom Drenthe dit thema vandaag naar voren heeft geschoven.

Spreiding
Maak een landelijk plan van zorgvoorzieningen. Als je afwacht sluit er hier een ambulancepost, daar een verloskundigenpost en heb je straks een gatenkaas van zorgvoorzieningen. Balans tussen concentratie en bereikbaarheid. Concentratie van zorg kan leiden tot kwaliteitsverbetering, maar het maximaal oprekken van de bereikbaarheidsnormen kan geen wenselijke situatie opleveren. Er dient dus een goede leidraad te zijn waarmee een herstructurering wordt opgezet.

“Zorgwinkelcentrum” als oplossing
Mobiliteit van burgers neemt al jaren toe en dat zal nog wel even doorgaan. Daarmee zijn zorgvragers ook steeds meer bereid om zorg van verder weg te halen.

De Sociaal-Economische Raad heeft eerder geadviseerd om op toegankelijkheid te letten en waar mogelijk te combineren. Te denken is dan aan huisartsenposten plus: waar gespecialiseerde huisartsen zitten met gespecialiseerde verpleegkundigen, “superverpleegkundigen”, en eventueel een paar ziekenhuisbedden. Allerlei technische apparatuur tot zijn beschikking zoals röntgenapparatuur, een onderzoeks- en behandelkamer maar ook een snelle internetverbinding met specialistische professionals op afstand voor consultatie en feedback. Dergelijke posten kunnen taken overnemen van ziekenhuizen. Denk bijvoorbeeld aan hartcontroles. Zorgbelang Drenthe noemt dit een “zorgwinkelcentrum”.

Vijf typen zorgvragen
Zij onderscheiden vijf typen zorgvragen. Elk type vraag heeft zijn eigen behoefteniveau en de schaal waarop dit het best kan worden ingericht verschilt ook per type. Dit biedt mogelijkheden om én efficiënter te werken en tóch de zorg zo nabij te organiseren als de zorgvrager dat verlangt.

1. Algemene informatieve (zorg)vragen
Informatieve vragen over algemene zorgonderwerpen (bv. wat is de ziekte van Alzheimer? hoe is het stelsel van de gezondheidszorg ingericht? waar kan ik terecht met vragen over de thuiszorg?). Telefonisch of via internet bij zorgwinkelcentrum. Kwaliteit van de informatie en de organisatie van de beschikbaarheid zijn aandachtspunten.

2. Preventieve zorgvragen
Vragen over dingen die men ‘kunnen’ overkomen (wat te doen bij een dreigende griepepidemie, mogelijke gevolgen van straling na een ramp met een kerncentrale e.d.) hoe zij moeten leven in een bepaalde fase van hun leven waarvoor zij preventieve maatregelen willen nemen. Hiervoor kunnen zij ook telefonisch of digitaal terecht en dan zo nodig worden doorgeleid naar de basiszorgarts of allerlei andere specialistische centra.

3. Enkelvoudige zorgvragen
Het gaat hierbij om enkelvoudige zorgproblemen die een individuele afhandeling vereisen, dichtbij in het zorgwinkelcentrum. Het kan ook gaan om vragen over aandoeningen die diepgaander diagnose, mogelijk meer onderzoek en behandeling vereisen. Hiervoor kan men het beste fysiek of interactief terecht bij een van de basiszorgartsen die in het primaire zorgwinkelcentrum hun praktijk hebben.

4. Acute zorgvragen
Acute ‘zorgvragen’ die geen uitstel dulden. In Nederland is het bij wet zo geregeld dat wanneer 112 gebeld wordt er altijd binnen vijftien minuten een ambulance ter plaatse moet zijn die acute hulp kan verlenen. De norm van vijftien minuten aanrijdtijd voor spoedzorg impliceert dat er over een provincie als Drenthe een heel netwerk van ambulancezorg is uitgelegd dat centraal via de regionale meldkamer wordt aangestuurd. Uitgaande van de wens om ook een dekkend netwerk te hebben voor de basiszorg is wenselijk dat de spoedzorg geïntegreerd wordt met de gewenste zorgwinkelcentra.

5. Complexe en chronische zorgvragen
Dat betekent concreet dat de ziekte of aandoening langer gaat duren en niet meer overgaat. Dat kan op iedere leeftijd voorkomen maar gezien de menselijke levensloop hebben ouderen per definitie meer chronische zorgvragen. Behandeling kan bestaan uit standaardbezoeken, leefstijladviezen en zelfmanagement. Vaak ook een psychische en sociale kant. Deze zorgvragen vereisen antwoorden die het domein van de fysieke zorg overstijgen en meestal te maken hebben met het totale welzijn van de patiënt.

Het idee dat iedere soort zorg op een juist niveau dient te worden verzorgd klinkt vrij logisch. Toch moet met het inrichten hiervan zorgvuldig worden omgegaan. De bevolking heeft – terecht of onterecht – al snel het idee dat de zorg in de regio er op achteruit gaat. Een voorbeeld van hoe het niet moet, is de sluiting van de acute verloskunde in Meppel.

photo 300x224 Toespraak Eerste Kamer: Elke zorg op goede afstand!Verloskunde
Het Diaconessenhuis Meppel is een middelgroot streekziekenhuis (~330 bedden), waar nagenoeg alle specialismen vertegenwoordigd zijn. Regiofunctie: Meppel, Staphorst, Steenwijkerland, Westerveld, De Wolden en Zwartewaterland.

Na een fusie tussen de maatschappen gynaecologie in Meppel en Zwolle, volgde het plan om de afdeling acute verloskunde in Meppel te sluiten. Er zouden te weinig gynaecologen zijn om 24-uursdiensten mogelijk te kunnen maken, en te weinig bevallingen om het aantrekken van extra gynaecologen te rechtvaardigen.

Onduidelijk waren op dat moment de consequenties voor algemene spoedeisende hulp en de 24-uurszorg door kinderartsen. Ook vreesde men voor langere aanrijtijden en meer thuisbevallingen en “bermbaby’s”, vanwege de dan langere rijtijden. Dit leidde tot grote maatschappelijke onrust.

Maximale norm voor verloskunde is 45 minuten, en CdK Tichelaar noemde Drenthe in een open brief aan premier Rutte al schertsend een “45-minuten-provincie”.

Er was op dat moment reeds overleg gaande om tot een gezamenlijke regiovisie op de zorg te komen, die dient als advies aan de minister. Een kader om te komen tot realisatie van goede, bereikbare, zorg. De eenzijdige aankondiging van het sluiten van de afdeling verloskunde doorkruisde dat proces.

Regie
De grote vraag rond bereikbaarheid van zorg blijft de regierol. Wie moet op welke manier een rol spelen om die bereikbaarheid ook daadwerkelijk tot stand te brengen en/of te behouden?

Grotere zorgwinkelcentra zijn een wenkend perspectief, een stip op de horizon. Maar hoe garandeer je bereikbaarheid van de zorg, ook voor mensen die minder mobiel en minder zelfredzaam zijn?

Den Haag. Bindende normen.
De systeemverantwoordelijkheid voor de zorg ligt bij het Rijk, maar gemeenten en provincies hebben er vanuit het oogpunt van leefbaarheid belang bij dat de zorgvoorzieningen in de regio optimaal ingericht zijn. Beschikbaarheid van ziekenhuiszorg staat onder druk.

Regiovisie
Gisteren vond een overleg plaats in de Havixhorst, geïnitieerd door Commissaris der Koningin Tichelaar en Burgemeester Westmaas met alle betrokken partijen rond de afdeling verloskunde in Meppel, een overleg dat in de volksmond al snel het “Ooievaarsberaad” gedoopt werd. Regionaal overleg met ketenpartners én bevolking. Nu datum 1 juli toch weer ingetrokken. Over veertien dagen overleg met alle partners. Feitelijk is iedereen het er wel over eens dat dit overleg gevoerd had moeten worden aan het begín van het traject, en niet nadat men voor een voldongen feit was geplaatst.

Lokaal maatwerk
Zou “moeten” bij fusies zorginstellingen in dunbevolkte gebieden. Blij dat iedereen dat nu inziet. Laat Meppel en Drenthe een voorbeeld zijn en in gelijksoortige gevallen in de rest van Nederland iedereen gelijk om tafel gaan. De vraag is: hoe regelen we dit?

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Lichtfles

In kort.

Bedoelt u luchtfles bij google-afbeeldingen? Lichtflits? suggereert wikipedia. Nee, lichtfles. Zo’n simpel idee, zo’n schot in de roos en toch onbekend bij googleplaatjes en wikipedia. Gelukkig is Afrika van deze media niet geheel afhankelijk. MIT ontwikkelde zeer hoogstaande techniek om zonder stroom woningen, straten, scholen enzovoort van licht te voorzien.

In een gat in het golfplaten dak wordt een petfles gevuld met water en een beetje bleekwater opgehangen. Water breekt licht. In de nacht geeft de zon via de maan licht. Het water doet het werk, de bleek is ter conservering van het water. That’s all. De lichtopbrengst is een equivalent van 60 watt. Geen kaarsen meer nodig bij het huiswerk, meer licht in de klaslokalen op een veilige manier. Geweldig toch? Zo simpel kan het zijn.

Gelezen in One World van deze maand. Aanrader voor een maandelijkse wereldwijde blik.

woensdag, 25 april 2012

Lennart Huizing

Lennart Huizing

Twitter Flickr

De economie stimuleren én 3% begrotingstekort halen.

In begrotingstekort, economie, rutte i, staatsschuld.

De reden dat Wilders de regering heeft opgeblazen, is dat hij niet wil voldoen aan het Brusselse dictaat. Gelijk heeft hij. De roep om bezuinigingen is slecht voor onze economie. Natuurlijk hadden we de staatsschuld niet zo hoog op mogen laten lopen. Natuurlijk hadden we de crisis in moeten gaan met een begrotingsoverschot, zodat we de economie hadden kunnen stimuleren door de begroting te laten stijgen tot 3%. Maar daar wilden VVD, PvdA én CDA niet aan. Zij dragen samen schuld aan de huidige situatie. De huidige regeringspartijen nog het meest, want zij waren het die het in Europa onmogelijk maakten om uitzonderingen toe te staan op de 3%. En nu zitten we met de gebakken peren.

lees verder

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Women in business

In kort.

Mijn echtgenoot stuurde mij een artikel over ‘women in business’ dat hij zonder omhaal beoordeelt als ‘goed’. Ik ben benieuwd.

Vermoedelijk gaat het over ‘overleven’ in een mannenwereld. Dat is meestal het punt. Vrouwen nemen soms mannelijke trekken over om zich staande te houden. Of het gaat over gemengde teams. Die werken het beste, meestal. Recent Duits onderzoek laat zien dat gemengde bankdirecties waarin vrouwen aan de leiding staan, meer risico nemen dan mannenbanken. En die conclusie druist toch eigenlijk tegen alle theorieën in.

Goed, het artikel. Dames, blijf dame en laat het bedrijf profiteren van damesinzichten. Behoud het goede en vervang het slechte. Dat geldt niet alleen voor producten maar ook voor mensen en niet alleen voor dames maar ook voor heren. Mensgerichtheid in een bedrijf zou vooral een verdienste van dames zijn. Mannen zitten er wel op te wachten maar komen daar niet voor uit. Datzelfde geldt voor emotionele intelligentie: voor wat empathie en medeleven moet je toch eerder bij vrouwen dan bij mannen aankloppen. Zo ook voor verantwoordelijkheidsgevoel.

Hm..niet heel vernieuwend of indrukwekkend. Maar het klopt wel dus herhalen we het nog maar een keer. Dames, gewoon doen waar je goed in bent en wat je prettig vindt, dan komt alles goed. Net als bij mannen, dus. Alhoewel, die missen zo te lezen toch een aantal Zeer Noodzakelijke Kwaliteiten.

maandag, 23 april 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Sint Joris dag, dag van de rozen en boeken in Catalonië

In fotografie, literatuur, mythologie & volkenkunde, barcelona, boeken, cervantes, rozen, shakespeare, wereldboekendag.

Mijn dochter mailt uit Barcelona waar zij als antropoloog een spannende onderzoeksbaan heeft (Communal resource management bij de Maya’s in Mexico) over Diada de Sant Jordi, Sint Joris dag in Catalonië, de nationale feestdag, en ook het feest van het boek en het gedrukte woord.

Wikipedia: “Traditioneel geeft men er aan vrienden en familie op die dag een boek, een roos en een korenaar. Het is voor uitgevers dan ook een belangrijke dag en veel debuten verschijnen in die periode. Op Sint-Jorisdag 2007 verscheen zo een volledige nieuwe editie van de Gran Diccionari de l’Enciclopèdia Catalana”

Mijn dochter zegt het ietsje anders (zie ook de Engelse wikipedia) , namelijk dat de mannen de vrouwen een roos geven (zij krijgt dus rozen van haar Catalaanse vriend) en de vrouwen de mannen een boek.

“…  a rose for love and a book forever”

Rozen zijn met deze dag  geassocieerd sinds de middeleeuwen, maar het geven van boeken is een meer recente traditie uit 1923, toen een boekhandelaar begon de feestdag te promoten als een manier om de bijna gelijktijdige dood van Miguel Cervantes  en  William Shakespeare  op 23 april 1616 te herdenken.

 Sint Joris dag, dag van de rozen en boeken in Catalonië

(Zie ook: Cervantes, de dood, toneel en Don Quichot)

 Barcelona  is de hoofdstad van uitgeverijen van de Catalaanse  en de Spaanse taal;  en de combinatie van liefde en geletterdheid werd snel overgenomen.

In de drukste straat van Barcelona,  La Rambla , en in heel Catalonië worden duizenden stalletjes met rozen en geïmproviseerde boekenstalletjes opgezet voor de gelegenheid. Tegen het einde van de dag zullen zo’n vier miljoen rozen en 800.000 boeken zijn verkocht. De meeste vrouwen zullen een roos in de hand dragen, en de helft van de totale jaarlijkse boekenverkoop in Catalonië  vindt bij deze gelegenheid plaats.

De Sardana , de nationale dans van Catalonië, wordt uitgevoerd gedurende de dag in de Plaça Sant Jaume  in Barcelona. Veel boekhandels en cafes geven lezingen, inclusief 24-uurs marathon lezingen van Cervantes ‘” Don Quichot “. Straatartiesten en muzikanten op de openbare pleinen dragen bij aan de sfeer.

Catalonië heeft haar traditie van het boek en de roos naar de rest van de wereld geëxporteerd. In 1995 heeft de  UNESCO  23 april als  World Book & Copyright Day  (wereldboekendag) uitgeroepen.

Dit jaar kan ik nog niet in Barcelona zijn op 23 april… maar ik ga er binnen kort naar toe en zal ervan berichten.

 

 Sint Joris dag, dag van de rozen en boeken in Catalonië

 

Zie ook : Shakespeare’s Midzomernachtsdroom: de vrouw in de maan

Shakespeare Naar het u bevalt/ As you like it

zondag, 22 april 2012

Ineke Verdoner

Ineke Verdoner

De kou en NLL.

In uncategorized, licht, mannen, april, nederland, nederlanders, bloemen, bomen, buitenhof, en meer.
Het was een warme maartmaand. De tulpen en de narcissen kleurden de tuinen en plantsoenen. Langs de Harlingerstraatweg in Leeuwarden stonden zoals in elk voorjaar 'ontplofte' bomen; tengere, donkerbruine stammen met dunne takken die moeiteloos wolken van roze bloesem de lucht in gooien. In de tuinen staan de oude Magnolia's, koninklijk getooid met haar kroon van witte bloemen verleiden ze menig
passerend automobilist alsof ze de Sirenen zijn.

De belofte van de lente hing in de lucht.

Maar zoals vaker hakte april er flink in.
Het voorjaar bevroor; de nacht-vorst was terug en de groei van de dikke knoppen aan allerlei bomen stokte. De tulpen stonden te bibberen in mijn tuin en de fruittelers zien met lede ogen hun verwachtte oogst vroegtijdig gekoeld.
Verkoudheden doen kwistig de ronde en ik wissel met allerlei mensen uit dat we het te koud vinden. Graag meer zon, graag meer warmte, graag.....en toen viel het kabinet.
Net als het voorjaar geknakt in hun aanloop naar mee bloei.
Volgens de ene partij had de andere partij ons, 16 miljoen Nederlanders, in de kou laten staan! Maar ik vond het al véél te koud, dus.....

Tijd voor een nieuwe lente!
Opnieuw, overnieuw, vernieuwd, hoe dan ook maak er een Nederlandse Lente van, #NLL! Onze Arabische zusters en broeders gingen ons voor. Natuurlijk is het daar nog geen zomer. Net zo min als de zaken die de Occupy-bewegingen overal ter wereld aan de orde gesteld hebben, al veranderd zijn. Maar er zijn pleinen bezet, Leaks aan het licht gekomen en structuren veranderd; die bewegingen zijn gemaakt en kunnen niet meer teruggedraaid worden.
Ook al is Nederland een westers land met de daarbij behorende ontwikkelde fysieke en sociale infrastructuur, er zijn veel onderwerpen die vragen, roepen, smeken om andere aanpak, anders denken, anders doen.

Is het nog nodig om ze te noemen? Een eerste greep dan:
*   Onderwijs, jongeren, ouderen, gezondheidszorg:
  • er staan zoveel mensen te trappelen om met logische, liefdevolle en veel minder geldverslindende oplossingen te experimenteren, zonder de uitstotende werking van de regeringsmaatregelen;
    *   Aandacht voor de grote groep zzp'ers en jonge of nieuwe ondernemers die anders denken, innovatie in hun genen hebben, kleinschaligheid kunnen bevorderen en echt andere mogelijkheden zien dan meer-van-het-zelfde maar nog veel te weinig herkend worden, erkenning krijgen, met name door de 'grote jongens' en de overheden.
    *   Over de thema's als vergroening van de economie, duurzaamheid, vervoersstromen, de (kantoor)bouw versus de leegstand, de voedselproductie is op kleine schaal voortgang geboekt. Maar in de grotere context moet veel meer gebeuren, dan alleen koketteren met een containerbegrip.
    *   En dat alles met alles samenhangt, dat we een ge-heel zijn en daar naar moeten handelen..................................
    *   en dan heb ik het nog niet over de ondervertegenwoordiging van vrouwen op alle functies in de wereld; zo zie ik nu de zoveelste tafel bij Buitenhof-tv die volledig door mannen wordt bevolkt. Dat fenomeen kan je op allerlei manieren duiden, maar ik zie als belangrijkste reden van het gebrek aan diversiteit onder de huidige leiders, de nog immer masculine, hiërarchische, fragmentariserende organisatiemodellen die overal in onze samenlevingen de praktijk uitmaken.

Kortom, een Nieuwe Nederlandse Lente graag!

Heren en Dames, u, ik, wij allemaal, laten we de straat op gaan om koffie te drinken met de buren, te mûskopjen met de dorpsbelangen of wijkcomité's, kort maar indringend te overleggen met je politieke partij of maatschappelijke organisatie, in conclaaf met de managementsteam of OR van je werk. Oefen, maak voorbeelden, vind rolmodellen, zoek andere richtingen.
Contact graag, laten we elkaar ont-moeten en uitwisselen, zodat het voorjaar warmte en bloei kan ontwikkelen en een opstap kan zijn naar die mooie zomer van 2012.
Want, Yesss, We Can!!


Ineke M. Verdoner

Over Sirenen
Column Stine Jensen in Buitenhof
Jordi Sovall: hoe samenwerken ook kan







 

Toine van de Ven

Toine van de Ven

Hyves Twitter GR DWARS

Eigen kracht en zelfredzaamheid

In vughtse politiek, armoedebeleid, bezuinigingen, vught, aow, begroting, beleid, boodschap, coalitie, en meer.

Op woensdag 21 maart organiseerde PvdA-GroenLinks een info- en discussieavond over stapelingseffecten. Bij de behandeling van de begroting in november 2011 had de fractie al gepleit voor een sociaal reparatiefonds, maar dat werd toen te vroeg gevonden. Zijn stapelingseffecten nu al wel merkbaar in Vught?

“Crisis: kan iedereen nog meedoen in Vught?” was de centrale vraag. Want de bezuinigingen in crisistijd komen voor een groot deel terecht op de schouders van de zwaksten in onze samenleving. De huishoudtoets in de WWB, hogere zorgkosten, hogere kosten voor kinderopvang, minder huurtoeslag, minder zorgtoeslag, meer eigen bijdrages etc. Ook in Vught wordt bijna 80 procent van de bezuinigingen op de programma’s behaald door te korten op armoede, WMO/zorg en welzijn. Het resultaat van de crisis en de bezuinigingen van het rijk en lokaal is een stapeling van nadelige effecten voor de mensen die al moeilijk kunnen rondkomen. En ondertussen pleit de regering voor “werk, werk, werk” als de oplossing om uit de armoede te komen.

Om de avond in te leiden waren er twee sprekers: René Bouwman (Stichting Leergeld) en voormalig wethouder van Tilburg Jan Hammingh. Beide sprekers spraken over de kracht van mensen in armoede. Niks zielig, doorzetten en oplossen. Bouwman presenteerde onder andere de resultaten van het armoedeonderzoek van het Vughtse armoede overleg. Hierin wordt uitgesproken van ‘pamperen’ naar ‘empowerment’ te gaan. Mensen helpen om een stevig fundament te vinden in de balans tussen privé, sociaal en maatschappij. Hammingh sprak over het doorbreken van allerlei loketten en het eenvoudig houden. Na 100 koffiegesprekken met mensen in een armoedesituatie in het najaar 2011 was hij ervan overtuigd dat het overgrote deel van deze mensen daar weer uit zou komen. Positief dus!

Maar Hammingh gaf ook aan dat ‘werk, werk, werk’ slechts voor een beperkt aantal mensen de oplossing is (ervan uitgaande dat er werk voor deze mensen te vinden is). Want 40% van de mensen in armoede zit in de AOW en bijna 10% is arbeidsongeschikt. Daarnaast werkt 20% als werknemer en bijna 10% als zelfstandige! Slechts 20-25% is dus gebaat bij ‘werk, werk, werk’. Hammingh hamerde ook op blijven inzetten op preventie.

Deze boodschap was bij de discussie na de pauze echter snel vergeten. Een sociaal vangnet werd voor de aanwezige VVD-raadsleden al snel een luxe hangmat. En ook wethouder Seuren bleef bij de vaste mantra van de coalitie dat iedereen ‘eigen kracht’ heeft. De inbreng van mensen die in armoede hebben geleefd én van maatschappelijke organisaties dat zeker niet iedereen kan terugvallen op een sociaal netwerk, werd ongeloofwaardig geacht. Maar de ‘eigen kracht’ dat iedereen echt zelf wel iets kan, moet ook zeker niet worden aangezien voor zelfredzaamheid. Het onderzoek van het armoedeoverleg geeft aan dat mensen minimaal op twee ‘benen’ moeten kunnen staan in de balans tussen privé, sociaal en maatschappij. Helaas verkeerd niet iedereen in die situatie.

Het is dus te kort door de bocht om te stellen dat iedereen het wel zelf kan. Juist nu volgens prognoses de armoede toeneemt, dient de gemeente een sterk beleid te voeren gericht op preventie én het ondersteunen van mensen die alsnog in armoede terecht komen. Daarom moet Vught de stapelingseffecten voor haar bevolking in beeld brengen om te bepalen of er alsnog sociale reparaties nodig zijn.

vrijdag, 20 april 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Guerilla gardener

In kort.

Guerilla worden komend weekend? Inclusief bommen? Doen!

Boomspiegels vol groente en vruchten in plaats van hondenstront. Je groenvoer zo gratis van straat plukken. Je eigen groente verbouwen terwijl je driehoogachter woont. Buiten wandelen en hier en daar een tomaatje eten? Leuk hè? Waar? All over the World, kijk maar. En hier dan? Keep dreaming, of steek je handen uit de mouwen. 21 En 22 april is uitgeroepen tot Guerilla Gardeners weekend!

Een guerilla gardener dondert niet het rozenperk van de buren vol graszaad. Een guerilla gardener zoekt stukken stoep, bijvoorbeeld rond boomstammen, onbestemde perkjes of een aardig stukje stoep dat vanwege de ligging nooit wordt gebruikt als bedoeld. Leegstaande bloembakken of braakliggende grond is ook geschikt. Op zo’n stuk zaait de guerilla gardener zaad van bloemen of groente. Kleine struiken kunnen natuurlijk ook. Hele bomen met vruchten treffen ook doel maar dat moet wel passen natuurlijk.

Ga los, het fenomeen bestaat al 30 jaar maar wordt eindelijk steeds bekender. De omgeving knapt op en we eten over een paar maanden gewoon van de straat.

woensdag, 18 april 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Langstudeer-deeltijders: de toezeggingen van Zijlstra

In eerste kamer, onderwijs, politiek, de, debat, discussie, eerste, gewoon, kant, en meer.

Gisteren hadden we in de Eerste Kamer een mondeling overleg met Halbe Zijlstra over de langstudeerboete voor deeltijdstudenten. Toen de langstudeerwet vorig jaar – tot mijn spijt – werd aangenomen, heb ik een motie ingediend die de regering vroeg om disproportionele gevolgen voor deeltijdstudenten te voorkomen. De motie werd kamerbreed gesteund en we waren dan ook erg benieuwd hoe de staatssecretaris dat ging regelen.

Inmiddels zijn de plannen duidelijk. Zijlstra wil het hele deeltijdonderwijs op de schop nemen. Het moet flexibeler en meer aansluiten bij de mogelijkheden en behoeften van studenten. Dat wil hij bereiken door een vouchersysteem. Een interessante denkrichting, maar helaas wil hij die vouchers alleen gaan bieden voor bepaalde maatschappelijk relevante opleidingen (zorg, onderwijs, techniek bijvoorbeeld). Dat is dom (want de overheid kan dat helemaal niet plannen) en oneerlijk tegenover studenten met andere studiewensen. En zo zitten er nog heel veel haken en ogen aan.

Dit debat zal eerst volop in de Tweede Kamer gevoerd worden, maar het werpt zijn schaduw vooruit. Als het namelijk die kant opgaat, krijgen deeltijdstudenten sowieso niet meer met de langstudeerboete te maken. Maar daarmee is er nog geen oplossing voor de komende jaren en voor de huidige deeltijdstudenten. Over hun positie ging ons overleg met Zijlstra.

Profileringsfonds

De oplossing waar hij mee gekomen is, houdt in dat deeltijdstudenten vanaf nu ook een beroep mogen doen op het profileringsfonds om zo een compensatie te krijgen voor de langstudeerboete. Tot nu toe was het profileringsfonds alleen voor voltijdstudenten. Bovendien kon men tot nu toe alleen een bijdrage vragen voor persoonlijke omstandigheden. Daar wordt nu aan toegevoegd dat ook vertraging door de vormgeving van de opleiding een grond kan zijn.

In lijn met de discussie vorig jaar en met mijn motie ben ik blij dat de staatssecretaris in beweging is gekomen, maar had ik nog wel wat bezwaren tegen deze oplossing. Zo blijft er een verschil tussen voltijdstudenten die een uitloopjaar hebben voordat ze een boete krijgen en deeltijdstudenten voor wie dat jaar vaak al nodig is voor het studieprogramma zelf. Die hebben dus nog steeds geen uitloop. Dat is een geval van rechtsongelijkheid en dat is in formele zin niet echt weggenomen.

Daarnaast is het de vraag of studenten nu recht hebben op compensatie als ze door de studieprogrammering officieel langstudeerders zijn, of dat het een gunst is van de instelling om die compensatie te geven. Hier gaat het om de rechtszekerheid. Op dit punt zegde Zijlstra toe de instellingen duidelijk te maken dat deze studenten gewoon de compensatie moesten krijgen. Als bijvoorbeeld je Bachelor-opleiding 5 jaar duurt, dan krijg je gewoon compensatie voor de langstudeerboete.

De staatssecretaris vond eigenlijk dat de opleidingen dan maar moesten worden ingekort of gecomprimeerd, maar de Kamer heeft hem duidelijk gemaakt dat dat de verkeerde weg is. Daarmee zijn diploma-inflatie en kwaliteitsverlies bijna gegarandeerd. Er zijn beroepsverdiepende deeltijdstudies (vooral in het HBO) die korter kunnen zijn als mensen al werkervaring en zo hebben. Maar wie bijvoorbeeld in deeltijd rechten gaat doen, die zal vaak gewoon de hele opleiding moeten doen en dan zijn vrijstellingen veel minder mogelijk.

Het hele probleem is ontstaan omdat de regering continu stelt dat het aantal studiejaren van voltijd- en deeltijdstudies gelijk moet zijn omdat de wet geen onderscheid maakt. Wat in de wet echter vooral geregeld wordt, is het aantal studiepunten. Dat moet gelijk zijn en dat heeft alles met diplomagelijkheid en kwaliteit te maken. Het verschil in lengte (in jaren) was tot voor kort geen probleem, maar omdat nu de bekostiging anders geregeld is en de langstudeermaatregel is ingevoerd, gaat het wringen. Daar lag het probleem van de staatssecretaris en zolang hij in jaren denkt en niet in studiepunten blijft dat een probleem. Zijn toekomstplannen gaan wat dat betreft wel de goede kant op omdat ze de hele deeltijdopleiding flexibiliseren.

Blijft de vraag of het nu goed geregeld is voor deeltijdstudenten. Zijn de ‘disproportionele gevolgen’ zoals mijn motie het noemde nu voorkomen? Niet volledig. In formele zin is er rechtsongelijkheid omdat zij geen uitloopjaar hebben en dus eerder een langstudeerboete krijgen opgelegd. Feitelijk wordt dat echter gecompenseerd via het profileringsfonds wanneer het een gevolg is van  hun studieprogramma. En ook als ze door persoonlijke omstandigheden vertraging oplopen, kunnen ze een beroep doen op het profileringsfonds. Ik ben dus niet helemaal tevreden, maar in elk geval hebben deeltijdstudenten door het ingrijpen van de Eerste Kamer veel meer kans gekregen om de langstudeerboete te ontlopen en gewoon hun studie af te maken.


Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Langstudeer-deeltijders: de toezeggingen van Zijlstra

In eerste kamer, onderwijs, politiek, debat, discussie, gewoon, kort, motie, de, en meer.

Gisteren hadden we in de Eerste Kamer een mondeling overleg met Halbe Zijlstra over de langstudeerboete voor deeltijdstudenten. Toen de langstudeerwet vorig jaar – tot mijn spijt – werd aangenomen, heb ik een motie ingediend die de regering vroeg om disproportionele gevolgen voor deeltijdstudenten te voorkomen. De motie werd kamerbreed gesteund en we waren dan ook erg benieuwd hoe de staatssecretaris dat ging regelen.

Inmiddels zijn de plannen duidelijk. Zijlstra wil het hele deeltijdonderwijs op de schop nemen. Het moet flexibeler en meer aansluiten bij de mogelijkheden en behoeften van studenten. Dat wil hij bereiken door een vouchersysteem. Een interessante denkrichting, maar helaas wil hij die vouchers alleen gaan bieden voor bepaalde maatschappelijk relevante opleidingen (zorg, onderwijs, techniek bijvoorbeeld). Dat is dom (want de overheid kan dat helemaal niet plannen) en oneerlijk tegenover studenten met andere studiewensen. En zo zitten er nog heel veel haken en ogen aan.

Dit debat zal eerst volop in de Tweede Kamer gevoerd worden, maar het werpt zijn schaduw vooruit. Als het namelijk die kant opgaat, krijgen deeltijdstudenten sowieso niet meer met de langstudeerboete te maken. Maar daarmee is er nog geen oplossing voor de komende jaren en voor de huidige deeltijdstudenten. Over hun positie ging ons overleg met Zijlstra.

Profileringsfonds

De oplossing waar hij mee gekomen is, houdt in dat deeltijdstudenten vanaf nu ook een beroep mogen doen op het profileringsfonds om zo een compensatie te krijgen voor de langstudeerboete. Tot nu toe was het profileringsfonds alleen voor voltijdstudenten. Bovendien kon men tot nu toe alleen een bijdrage vragen voor persoonlijke omstandigheden. Daar wordt nu aan toegevoegd dat ook vertraging door de vormgeving van de opleiding een grond kan zijn.

In lijn met de discussie vorig jaar en met mijn motie ben ik blij dat de staatssecretaris in beweging is gekomen, maar had ik nog wel wat bezwaren tegen deze oplossing. Zo blijft er een verschil tussen voltijdstudenten die een uitloopjaar hebben voordat ze een boete krijgen en deeltijdstudenten voor wie dat jaar vaak al nodig is voor het studieprogramma zelf. Die hebben dus nog steeds geen uitloop. Dat is een geval van rechtsongelijkheid en dat is in formele zin niet echt weggenomen.

Daarnaast is het de vraag of studenten nu recht hebben op compensatie als ze door de studieprogrammering officieel langstudeerders zijn, of dat het een gunst is van de instelling om die compensatie te geven. Hier gaat het om de rechtszekerheid. Op dit punt zegde Zijlstra toe de instellingen duidelijk te maken dat deze studenten gewoon de compensatie moesten krijgen. Als bijvoorbeeld je Bachelor-opleiding 5 jaar duurt, dan krijg je gewoon compensatie voor de langstudeerboete.

De staatssecretaris vond eigenlijk dat de opleidingen dan maar moesten worden ingekort of gecomprimeerd, maar de Kamer heeft hem duidelijk gemaakt dat dat de verkeerde weg is. Daarmee zijn diploma-inflatie en kwaliteitsverlies bijna gegarandeerd. Er zijn beroepsverdiepende deeltijdstudies (vooral in het HBO) die korter kunnen zijn als mensen al werkervaring en zo hebben. Maar wie bijvoorbeeld in deeltijd rechten gaat doen, die zal vaak gewoon de hele opleiding moeten doen en dan zijn vrijstellingen veel minder mogelijk.

Het hele probleem is ontstaan omdat de regering continu stelt dat het aantal studiejaren van voltijd- en deeltijdstudies gelijk moet zijn omdat de wet geen onderscheid maakt. Wat in de wet echter vooral geregeld wordt, is het aantal studiepunten. Dat moet gelijk zijn en dat heeft alles met diplomagelijkheid en kwaliteit te maken. Het verschil in lengte (in jaren) was tot voor kort geen probleem, maar omdat nu de bekostiging anders geregeld is en de langstudeermaatregel is ingevoerd, gaat het wringen. Daar lag het probleem van de staatssecretaris en zolang hij in jaren denkt en niet in studiepunten blijft dat een probleem. Zijn toekomstplannen gaan wat dat betreft wel de goede kant op omdat ze de hele deeltijdopleiding flexibiliseren.

Blijft de vraag of het nu goed geregeld is voor deeltijdstudenten. Zijn de ‘disproportionele gevolgen’ zoals mijn motie het noemde nu voorkomen? Niet volledig. In formele zin is er rechtsongelijkheid omdat zij geen uitloopjaar hebben en dus eerder een langstudeerboete krijgen opgelegd. Feitelijk wordt dat echter gecompenseerd via het profileringsfonds wanneer het een gevolg is van  hun studieprogramma. En ook als ze door persoonlijke omstandigheden vertraging oplopen, kunnen ze een beroep doen op het profileringsfonds. Ik ben dus niet helemaal tevreden, maar in elk geval hebben deeltijdstudenten door het ingrijpen van de Eerste Kamer veel meer kans gekregen om de langstudeerboete te ontlopen en gewoon hun studie af te maken.


maandag, 16 april 2012

Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Kandidatuur Voorzitter DWARS Leiden

In politiek, dwars, dwars leiden, groenlinks, leiden, pjo, reinier, voorzitter, communicatie, en meer.

Lieve DWARSers,

Zoals jullie misschien weten, vindt op 2 mei de ALV van DWARS Leiden plaats. Onze voorzitter, Prescillia, treedt dan af. Deze mail stuur ik jullie om mijzelf te kandideren voor de post van voorzitter van onze mooie afdeling.

Laat mij mezelf even kort introduceren. Op dit moment ben ik bezig met mijn scriptie voor de studie Nederlandse Politiek aan de Universiteit Leiden: sinds maart 2011 ben ik lid van DWARS en op 2 november 2011 ben ik verkozen tot penningmeester van dit bestuur. Samen hebben we onder andere het succesvolle DWARS Congres naar Leiden gehaald. Ik heb heel erg genoten van deze periode in het Leidse bestuur, maar in dit halve jaar heb ik ook heel veel geleerd, en nog steeds raak ik meer en meer geïnspireerd en gemotiveerd.

Gemotiveerd om jongeren te betrekken bij de politiek. Politiek is zo ontzettend leuk en zo ontzettend belangrijk; vooral voor jongeren. Alleen wordt de interesse van jongeren voor de politiek nog niet (genoeg) benut en lukt het jongeren nog niet genoeg om invloed uit te oefenen op de (plaatselijke) politiek. Als voorzitter wil ik mij daarom vooral inzetten om meer jongeren bij DWARS Leiden te betrekken, en om samen met GroenLinks Leiden te proberen om een jongerenraad uit de grond te stampen. Natuurlijk hoop ik ook veel meer mooie en interessante activiteiten en debatten te organiseren. Het contact met het landelijke bestuur van DWARS zal, hoop ik, nog beter worden dan het nu al is. Natuurlijk zal DWARS Leiden zich – als ik voorzitter word – nog steeds inzetten voor een groener, socialer en progressiever Leiden en Nederland.

Ik houd van discussies en nadenken, voornamelijk over politiek. Hier schrijf ik ook graag over, mijn weblogs zijn ook te lezen op site van onze afdeling. Alleen, net zoals ieder mens, ben ik niet perfect. De persoon die het meest kritisch over me is, ben ik zelf. Alleen als ik kijk naar de groei die ik in het afgelopen half jaar heb doorgemaakt, in bijna alle opzichten, ben ik er heilig van overtuigd dat het voorzitterschap van deze afdeling een logische stap is, om deze groei door te zetten. De fouten die ik maak zijn te overwinnen en mijn motivatie om mijn slechte eigenschappen te overwinnen is enorm.

In het beste bestuur vullen de bestuursleden elkaar moeiteloos aan. Om dit te kunnen doen, staat een goede communicatie bij mij dan ook voorop. Samen met de andere bestuursleden hoop ik een ijzersterk team te vormen en nog leukere en interessantere activiteiten dan we nu al hebben gedaan neer te zetten.

Met jullie steun hoop ik deze prachtige afdeling nog actiever te maken en de samenwerking met GroenLinks Leiden, DWARS Landelijk en andere PJO’s te verbeteren. Samen kunnen we jongeren een stem geven. Samen met jullie, leden van DWARS Leiden, hoop ik deze afdeling tot een bron van inspiratie en debatten (in positieve zin) te maken. Samen, als bestuur, kunnen we dit waarmaken en kunnen de bestuursleden elkaar compenseren. Hiervoor heb ik wel jullie stem nodig.

Daarom hoop ik van harte dat jullie op 2 mei aanwezig zijn bij de ALV en mij zullen kiezen als jullie nieuwe voorzitter.

Ik kan het, wij kunnen het.

Tot 2 mei!
Liefs,

Reinier van der Hulst


Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Kandidatuur Voorzitter DWARS Leiden

In politiek, dwars, dwars leiden, groenlinks, leiden, pjo, reinier, voorzitter, activiteiten, en meer.

Lieve DWARSers,

Zoals jullie misschien weten, vindt op 2 mei de ALV van DWARS Leiden plaats. Onze voorzitter, Prescillia, treedt dan af. Deze mail stuur ik jullie om mijzelf te kandideren voor de post van voorzitter van onze mooie afdeling.

Laat mij mezelf even kort introduceren. Op dit moment ben ik bezig met mijn scriptie voor de studie Nederlandse Politiek aan de Universiteit Leiden: sinds maart 2011 ben ik lid van DWARS en op 2 november 2011 ben ik verkozen tot penningmeester van dit bestuur. Samen hebben we onder andere het succesvolle DWARS Congres naar Leiden gehaald. Ik heb heel erg genoten van deze periode in het Leidse bestuur, maar in dit halve jaar heb ik ook heel veel geleerd, en nog steeds raak ik meer en meer geïnspireerd en gemotiveerd.

Gemotiveerd om jongeren te betrekken bij de politiek. Politiek is zo ontzettend leuk en zo ontzettend belangrijk; vooral voor jongeren. Alleen wordt de interesse van jongeren voor de politiek nog niet (genoeg) benut en lukt het jongeren nog niet genoeg om invloed uit te oefenen op de (plaatselijke) politiek. Als voorzitter wil ik mij daarom vooral inzetten om meer jongeren bij DWARS Leiden te betrekken, en om samen met GroenLinks Leiden te proberen om een jongerenraad uit de grond te stampen. Natuurlijk hoop ik ook veel meer mooie en interessante activiteiten en debatten te organiseren. Het contact met het landelijke bestuur van DWARS zal, hoop ik, nog beter worden dan het nu al is. Natuurlijk zal DWARS Leiden zich – als ik voorzitter word – nog steeds inzetten voor een groener, socialer en progressiever Leiden en Nederland.

Ik houd van discussies en nadenken, voornamelijk over politiek. Hier schrijf ik ook graag over, mijn weblogs zijn ook te lezen op site van onze afdeling. Alleen, net zoals ieder mens, ben ik niet perfect. De persoon die het meest kritisch over me is, ben ik zelf. Alleen als ik kijk naar de groei die ik in het afgelopen half jaar heb doorgemaakt, in bijna alle opzichten, ben ik er heilig van overtuigd dat het voorzitterschap van deze afdeling een logische stap is, om deze groei door te zetten. De fouten die ik maak zijn te overwinnen en mijn motivatie om mijn slechte eigenschappen te overwinnen is enorm.

In het beste bestuur vullen de bestuursleden elkaar moeiteloos aan. Om dit te kunnen doen, staat een goede communicatie bij mij dan ook voorop. Samen met de andere bestuursleden hoop ik een ijzersterk team te vormen en nog leukere en interessantere activiteiten dan we nu al hebben gedaan neer te zetten.

Met jullie steun hoop ik deze prachtige afdeling nog actiever te maken en de samenwerking met GroenLinks Leiden, DWARS Landelijk en andere PJO’s te verbeteren. Samen kunnen we jongeren een stem geven. Samen met jullie, leden van DWARS Leiden, hoop ik deze afdeling tot een bron van inspiratie en debatten (in positieve zin) te maken. Samen, als bestuur, kunnen we dit waarmaken en kunnen de bestuursleden elkaar compenseren. Hiervoor heb ik wel jullie stem nodig.

Daarom hoop ik van harte dat jullie op 2 mei aanwezig zijn bij de ALV en mij zullen kiezen als jullie nieuwe voorzitter.

Ik kan het, wij kunnen het.

Tot 2 mei!
Liefs,

Reinier van der Hulst


donderdag, 12 april 2012

Christian Jongeneel

Christian Jongeneel

Hyves Linkedin Twitter Youtube

Er zijn te weinig politici

In sargasso, de volkskrant, gesprek, ambtenaren, kabinet, kabinet rutte, kort, boek, de, en meer.
1826

Voormalig topambtenaar Roel Bekker (veertig dienstjaren, vele premiers en ministers gediend) heeft een boek geschreven, waarover de Volkskrant hem vandaag interviewt (helaas alleen kort online). Naast een aantal onthullingen (minister Bomhoff liet een topambtenaar verwijderen om farmaceutische belangen veilig te stellen) bevat het gesprek ook een opmerkelijk pleidooi: er zijn te weinig politici.

Nederland hoort volgens Bekker tot de tien best bestuurde landen ter wereld. De meeste daarvan hebben echter veel meer politici. Het kabinet Rutte kent twaalf ministers en acht staatssecretarissen, minder dan ooit (ter vergelijking: Denemarken 23 ministers, Zweden ook 23, Luxemburg 15). De hoeveelheid werk is echter niet afgenomen. Er zijn twee gevolgen: werk blijft liggen of het wordt doorgeschoven naar ambtenaren (die niet per se gelukkig zijn met politieke taken).

(...)
Lees verder in Er zijn te weinig politici (nog 258 woorden)

zaterdag, 7 april 2012

Theo Brand

Theo Brand

Pasen: Leven van verwondering

In religie, spiritualiteit, verwondering, bijbel, compassie, jezus, dood, geloof, inzicht, en meer.

“Geloof jij in wonderen?” Op deze vraag kunnen mensen heel verschillende antwoorden geven. “Nee, alles is toeval”, zegt de ene persoon. “Nee, alles wordt door God bepaald”, zegt de ander. Beide antwoorden vind ik onbevredigend en ontoereikend. Het leven laat zich niet persen in een logisch systeem. En geloven is voor mij wat anders dan het onmogelijke voor mogelijk moeten houden. Misschien staat Pasen voor de gebeurtenis die elke platgetreden waarheid op zijn kop zet. Behalve het spirituele inzicht dat liefde en compassie sterker zijn dan de dood. 

Kerken en christenen moeten er voor waken om allerlei geloofsantwoorden te formuleren. Dat worden al gauw leerstellige platitudes over Jezus, God en de Bijbel. Het gaat naar mijn smaak helemaal niet om het voor ‘waar’ moeten aannemen van een gebeurtenis daar en toen. Nee, de vraag is: wat doet zo’n verhaal met je? Wat is authentiek en wat raakt een snaar bij jezelf en bij de ander?

Het leven stelt ieder mens voor raadsels. Niet alleen verwondering speelt een rol, ook tegenslag en verbijstering kunnen een mens aangrijpen. Bij wonderen denken mensen al gauw aan mirakels. Ook met Pasen. Sommige mensen willen hun geloof graag bevestigd zien door indrukwekkende mirakels die ze vervolgens aan God toeschrijven. Maar liggen echte wonderen niet verscholen in het kleine? Zoals Johannes in zijn evangelie schrijft over de vrouw die kort na de dood van Jezus met de tuinman praat. Maar wie was nu toch die tuinman? En de evangelist Lucas schrijft over mannen die kort na de dood van Jezus samen met een vreemdeling op pad gaan (de Emmaüsgangers). Maar als hij verdwenen is, groeit de vraag: wie was toch die vreemdeling? 

In gewone en alledaagse gebeurtenissen ontmoeten ook wij vaak diegene voor wie liefde en compassie sterker zijn dan de dood. Wie zie je dan? Op welk spoor zit je dan? 

Hoe komt het dat iemand toch weer zin en smaak in het leven krijgt, na depressief te zijn geweest? Of er toch het beste van wil blijven maken na het fatale bericht te krijgen ernstig ziek te zijn en niet meer te kunnen genezen? En hoe ontstaat vriendschap? En al die kleine toevalligheden, met andere mensen, op je eigen weg.

Hoe kan ik leren leven van verwondering? Misschien door eerst te beseffen dat een wonder geen buitenissig succesverhaal is. Het lijkt me bijvoorbeeld een groot wonder dat een mens die veel tegenslag moet incasseren, zich er toch doorheen slaat. Of dat iemands liefde uiteindelijk toch sterker is dan zijn of haar dood.

Zo kan Pasen voor mij voelbaar worden. Niet als dogma of als mirakel, maar als levenskracht. Omdat iets van binnen - ondanks bijvoorbeeld onzekerheid of angst - zegt: ‘Het kan wél…’.


vrijdag, 6 april 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Hé Aamir,

In kort.

“Beste Aamir, we moeten even praten. Je doet het hartstikke goed en je moet nu op stage net als de rest van de klas. Dan kom je straks goed beslagen ten ijs. Alleen, jij mag niet. Ik schaam mij dat ik het zeggen moet, maar de minister noemt jou een tweederangsburger. Voor mij is het ook nieuw, maar kennelijk bestaat zoiets. Je bent hier tijdelijk. Ik geloof dat dat het is. Ik vermoed dat je dan alleen onder het strafrecht valt hier.

Je mag wel naar school, zodat je de rest van je leven voor jezelf en misschien in de toekomst jouw gezin kan zorgen. Hier of daar. Voor zover ik heb gezien ben je erg goed in je werk. Menig werkgever zou je graag hebben. Menig mens hier niet. Ze zijn bang voor je. Pik je hun baan in? Hun huis? Nee toch, want je gaat weg als je school klaar is. Ik weet het niet Aamir, maar hier stopt de opleiding voor jou.

Een stagebedrijf krijgt €8.000 boete als we het toch doen. Je hebt vast voldoende hebt meegekregen om daar wat op te bouwen. Ik hoop het. Blijf toch juf hè? Ik heb dit werk niet voor niets gekozen.

Sorry? Die man? Die heet Kamp. Maar hij sprak daar als minister hoor, niet als mens.”

 

donderdag, 5 april 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Onderwijskwaliteit

In politiek, onderwijs, beleid, de wereld, discussie, diversiteit, gedachte, groei, grondwet, en meer.

‘Het onderwijs is een voorwerp van de aanhoudende zorg der regering.’ Die woorden uit de Grondwet zijn de afgelopen tijd meer dan waar geworden: het onderwijs leidt bij de regering tot ernstig hoofdkrabben. En dan vooral waar het gaat over de kwaliteit van het onderwijs. De ‘deugdelijkheid’, zoals de Grondwet zegt. Hoe staat het daarmee op de Hogescholen die onwaardige diploma’s afgeven, universiteiten met genadezesjes, teruglopende slagingspercentages in het middelbaar onderwijs, en tekortschietende opbrengsten in het primair onderwijs?

De minister van onderwijs hanteert als motto ‘de basis op orde, de lat omhoog’. Een hogere kwaliteit van het onderwijs is noodzakelijk en dat moet met heldere resultaten kunnen worden aangetoond. Het basisonderwijs krijgt een landelijke eindtoets. De kernvakken taal en rekenen staan centraal. En in bijvoorbeeld het hoger onderwijs betekent het dat studenten zoveel mogelijk het voorgeprogrammeerde pakket moeten volgen en binnen de vastgestelde termijn moeten zijn afgestudeerd.

Maar wat is eigenlijk kwaliteit? Marketingmensen zeggen dan zoiets als ‘voldoen aan de verwachtingen van de klant’. Voor het onderwijs zou het dan gaan om de verwachtingen die leven bij ouders, leerlingen en samenleving. Met name bij het beroepsonderwijs speelt deze gedachte vaak een rol: bedrijven en instellingen willen dat het onderwijs maximaal aansluit bij hun behoeften.

Het woord ‘kwaliteit’ heeft echter ook een andere, veel oudere betekenis: de wezenlijke eigenschappen van een zaak of persoon. Afhankelijk van hoe sterk die eigenschappen aanwezig zijn, is er dan een hoge of lage kwaliteit. Zo onderscheiden ‘kwaliteitskranten’ zich door hun kerneigenschap van journalistieke onafhankelijkheid en diepgravende analyses. En bij een kwaliteitsrestaurant is het culinaire niveau hoger dan bij een snackbar, terwijl ze beide ‘voldoen aan de verwachtingen van de klant’.

Onderwijskwaliteit zou veel meer moeten uitgaan van deze betekenis van kwaliteit. Niet per se de verwachtingen van de klant, maar vooral recht doen aan de wezenlijke eigenschappen van het onderwijs. Maar precies op dat punt schiet het huidige beleid te kort omdat er eigenlijk geen visie is op die wezenlijke eigenschappen. Natuurlijk zijn taal en rekenen een onmisbare basis, maar waar doen we het eigenlijk voor? Daar horen we de minister eigenlijk niet over.

Misschien kan ik haar een handje helpen. De wezenlijke eigenschap van onderwijs is volgens mij dat het een leerruimte schept waarbinnen mensen (en vooral jongeren) zich zo ontwikkelen dat ze zelfstandig en authentiek in de samenleving kunnen participeren. Dus geen leerfabriek met gestandaardiseerde processen waarin productie wordt gemaakt, maar ruimte voor groei en vorming. Onderwijskwaliteit begint met de pedagogische opdracht om aan te sluiten bij de eigenheid van de leerling (kind of volwassene) en vormen aan te bieden die uitdagen tot ontwikkeling. In die ontwikkeling gaat het om een stimuleren van authenticiteit en vrijheid en dus van kritisch en creatief nadenken. Talentontwikkeling hoort daarbij: leerlingen moeten zich ook in hun unieke talenten kunnen ontwikkelen, ook als die op een ander vlak liggen dan de verwachtingen van de samenleving, het bedrijfsleven of de ouders.

Voor het zelfstandig participeren in de samenleving is het natuurlijk ook nodig dat mensen vaardigheden ontwikkelen. Dat is de ambachtelijke kant van het onderwijs. Of het nu gaat om timmerlieden, verzorgenden of wetenschappers, in elk beroep vinden we vaardigheden, inzichten en beroepshoudingen die duidelijk maken wat een goede beroepsbeoefenaar onderscheidt van een slechte. Het is een taak van het onderwijs om leerlingen in die ambachtelijkheid te vormen. Dat begint met basisvaardigheden als taal en rekenen, maar het gaat natuurlijk om veel meer.

En voor het zelfstandig participeren is ten slotte nodig dat mensen leren om te gaan met de huidige samenleving. Die is ingewikkeld en veelkleurig en daarom moet het onderwijs ertoe bijdragen dat mensen daarin kunnen leven. Dat betekent aandacht voor burgerschap en diversiteit en vorming die erop gericht is dat mensen verantwoordelijkheid nemen voor zichzelf, elkaar, de wereld.

Als dat de wezenlijke eigenschappen zijn van onderwijs, dan moet de discussie over onderwijskwaliteit dus ook veel breder en dieper worden gevoerd. Want onderwijsbeleid is uiteindelijk geen technische kwestie, maar gaat over visie.

Column in Christelijk Weekblad 24.03.2012


Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Onderwijskwaliteit

In politiek, onderwijs, basisonderwijs, beleid, de, de wereld, discussie, diversiteit, gedachte, en meer.

‘Het onderwijs is een voorwerp van de aanhoudende zorg der regering.’ Die woorden uit de Grondwet zijn de afgelopen tijd meer dan waar geworden: het onderwijs leidt bij de regering tot ernstig hoofdkrabben. En dan vooral waar het gaat over de kwaliteit van het onderwijs. De ‘deugdelijkheid’, zoals de Grondwet zegt. Hoe staat het daarmee op de Hogescholen die onwaardige diploma’s afgeven, universiteiten met genadezesjes, teruglopende slagingspercentages in het middelbaar onderwijs, en tekortschietende opbrengsten in het primair onderwijs?

De minister van onderwijs hanteert als motto ‘de basis op orde, de lat omhoog’. Een hogere kwaliteit van het onderwijs is noodzakelijk en dat moet met heldere resultaten kunnen worden aangetoond. Het basisonderwijs krijgt een landelijke eindtoets. De kernvakken taal en rekenen staan centraal. En in bijvoorbeeld het hoger onderwijs betekent het dat studenten zoveel mogelijk het voorgeprogrammeerde pakket moeten volgen en binnen de vastgestelde termijn moeten zijn afgestudeerd.

Maar wat is eigenlijk kwaliteit? Marketingmensen zeggen dan zoiets als ‘voldoen aan de verwachtingen van de klant’. Voor het onderwijs zou het dan gaan om de verwachtingen die leven bij ouders, leerlingen en samenleving. Met name bij het beroepsonderwijs speelt deze gedachte vaak een rol: bedrijven en instellingen willen dat het onderwijs maximaal aansluit bij hun behoeften.

Het woord ‘kwaliteit’ heeft echter ook een andere, veel oudere betekenis: de wezenlijke eigenschappen van een zaak of persoon. Afhankelijk van hoe sterk die eigenschappen aanwezig zijn, is er dan een hoge of lage kwaliteit. Zo onderscheiden ‘kwaliteitskranten’ zich door hun kerneigenschap van journalistieke onafhankelijkheid en diepgravende analyses. En bij een kwaliteitsrestaurant is het culinaire niveau hoger dan bij een snackbar, terwijl ze beide ‘voldoen aan de verwachtingen van de klant’.

Onderwijskwaliteit zou veel meer moeten uitgaan van deze betekenis van kwaliteit. Niet per se de verwachtingen van de klant, maar vooral recht doen aan de wezenlijke eigenschappen van het onderwijs. Maar precies op dat punt schiet het huidige beleid te kort omdat er eigenlijk geen visie is op die wezenlijke eigenschappen. Natuurlijk zijn taal en rekenen een onmisbare basis, maar waar doen we het eigenlijk voor? Daar horen we de minister eigenlijk niet over.

Misschien kan ik haar een handje helpen. De wezenlijke eigenschap van onderwijs is volgens mij dat het een leerruimte schept waarbinnen mensen (en vooral jongeren) zich zo ontwikkelen dat ze zelfstandig en authentiek in de samenleving kunnen participeren. Dus geen leerfabriek met gestandaardiseerde processen waarin productie wordt gemaakt, maar ruimte voor groei en vorming. Onderwijskwaliteit begint met de pedagogische opdracht om aan te sluiten bij de eigenheid van de leerling (kind of volwassene) en vormen aan te bieden die uitdagen tot ontwikkeling. In die ontwikkeling gaat het om een stimuleren van authenticiteit en vrijheid en dus van kritisch en creatief nadenken. Talentontwikkeling hoort daarbij: leerlingen moeten zich ook in hun unieke talenten kunnen ontwikkelen, ook als die op een ander vlak liggen dan de verwachtingen van de samenleving, het bedrijfsleven of de ouders.

Voor het zelfstandig participeren in de samenleving is het natuurlijk ook nodig dat mensen vaardigheden ontwikkelen. Dat is de ambachtelijke kant van het onderwijs. Of het nu gaat om timmerlieden, verzorgenden of wetenschappers, in elk beroep vinden we vaardigheden, inzichten en beroepshoudingen die duidelijk maken wat een goede beroepsbeoefenaar onderscheidt van een slechte. Het is een taak van het onderwijs om leerlingen in die ambachtelijkheid te vormen. Dat begint met basisvaardigheden als taal en rekenen, maar het gaat natuurlijk om veel meer.

En voor het zelfstandig participeren is ten slotte nodig dat mensen leren om te gaan met de huidige samenleving. Die is ingewikkeld en veelkleurig en daarom moet het onderwijs ertoe bijdragen dat mensen daarin kunnen leven. Dat betekent aandacht voor burgerschap en diversiteit en vorming die erop gericht is dat mensen verantwoordelijkheid nemen voor zichzelf, elkaar, de wereld.

Als dat de wezenlijke eigenschappen zijn van onderwijs, dan moet de discussie over onderwijskwaliteit dus ook veel breder en dieper worden gevoerd. Want onderwijsbeleid is uiteindelijk geen technische kwestie, maar gaat over visie.

Column in Christelijk Weekblad 24.03.2012


woensdag, 4 april 2012

Jolanda de Vreede

Jolanda de Vreede

Twitter

Robotjournalistiek

In kort, bezig, boek, gegevens, geregistreerd, informatie, leuk, media, de, en meer.

Als er data zijn, is er een verhaal van te maken. De klacht is tegenwoordig vaak dat journalisten geen tijd hebben of nemen voor goed feitenonderzoek. Maar welke journalist is in staat in hele korte tijd heel veel gegevens op te zoeken en na te trekken, in no time twitter af te speuren, ja geheel, om de teneur rond een onderwerp te peilen en daar een fatsoenlijke duiding aan te geven in een goedgeschreven artikel? O ja, het moet ook a la minute, snel en goedkoop. Waar vallen we dan op terug? Natuurlijk: robotjournalistiek. Werkelijk, het bestaat.

Tot op zekere hoogte heeft deze niet te stuiten ontwikkeling voordelen. Op basis van gedrag in de sociale media wordt onze belangstelling gepeild. Passend bij die belangstelling krijg ik nieuwsberichten voorgeschoteld, geheel op mijn niveau. Helemaal geschreven door een robot. Dat is leuk als ik te boek staat als slimmerik met brede belangstelling, ik krijg dan veel en op hoog niveau. De informatie die ik krijg is accuraat en objectief. Dat is voor beursberichten bijvoorbeeld helemaal niet verkeerd. Een journalist kan zich met werkelijk onderzoek, interpretatie en verdieping, bezig gaan houden.

Maar onderwerpen die niet geregistreerd staan als mijn interessegebied, krijg ik niet eens te zien. Over (eigen) grenzen heen kijken, wordt een grote uitdaging.

dinsdag, 3 april 2012

Ria Damhof

Ria Damhof

GR

Mooi wielerevenement

In wielerkoers, ewt12, dames.
Vanaf morgen fietst de wereldtop door Groningen. De meerdaagse wielertoer begint op woensdag in Appingedam met een individuele tijdrit. Donderdag wordt een etappe gereden in de omgeving van Bad Nieuweschans. Vrijdag is de etappeplaats Midwolda. Op zaterdag worden er twee etappes verreden. In de ochtend een kort rondje Winsum en in de middag de ploegentijdrit van Veendam naar Pekela. Zondag wordt

Aantal berichten op deze pagina: 28. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 1177 uur (49 dagen). Berichtgemiddelde: 0,6 bericht per dag, 4 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5 6 7