
Tot nu toe heb ik me vaak eenzaam gevoeld. Ik vind weinig aansluiting, maar doe wel mijn best. Ik heb geprobeerd me bij de buddy group te voegen van de Canadese, die ook wel weet dat ik me soms eenzaam voel, maar ik heb daar niks meer over gehoord. Ik ga op vrije dagen nog niet naar buiten voor een wandeling want het is stervenskoud. Ik duik vaak diep weg in een boek, waarmee ik mij goed vermaak, maar wat de eenzaamheid slechts afdekt en niet wegneemt. Op sommige dagen gaat het beter maar ik mis de knuffels die ik van tijd tot tijd nodig heb. Er is nog geen geestverwant met wie ik echt close kan zijn hier, tot nu toe. Ik merk dat ik dat toch belangrijk vind.
Gisteren leek mijn dag weer verpest te worden, weer door dat Japanse meisje dat het vorig weekend presteerde, en wel op de zaterdag, me om negen uur te wekken en me met halfdichte oogjes en een slaperig hoofd naar de keuken te nemen, blootsvoets op de toen nog heel erg smerige vloer.
Ze heette me nogmaals van harte welkom in mijn nieuwe behuizing. Ze nam een vervelende houding aan en er kwam een zeurderige woordenstroom op gang. Ze is ervan overtuigd dat ik, alleen al omdat ik een ‘newbie’ ben, niets te zeggen heb hier, omdat ik helemaal geen benul zou hebben van het hoe en wat. Daarvoor zou ik vooral mijn mond moeten houden en nu naar haar moeten luisteren. Want het was voor haar allemaal zo makkelijk voordat ik hier kwam ten opzichte van nu ik hier ben, bijvoorbeeld voor wat betreft de vriezer. Deze onaangename woordenstroom was op dat moment al helemaal niet welkom bij mij, ik voelde me al enigszins neerslachtig, maar zodanig dat ik er nog wel mee kon dealen. Ik ben slechts moeilijk aan het doen.
Eigenlijk wilde ze de jongen met wie ik de badkamer deel spreken. Ze was zo rond het middaguur op zijn deur aan het kloppen maar hij was er toen niet. Dus vervolgens ging ik naar buiten (maar de volgende keer heb ik geen zin om de deur voor haar open te doen). Ik heb geen enkel moment gedacht dat ze naar me luisterde of naar me zou luisteren, terwijl ik rustig en vastberaden sprak en op die manier mijn grenzen aangaf, en haar liet weten dat ze te ver ging. Ik vroeg mij af waarom ze haar irrationele frustraties op mij moest afreageren.
En dat terwijl we woensdag een meeting hadden. Daar was zij gewoon bij. De jongen met wie ik de badkamer deel was de enige die er niet bij kon zijn. Toen besloten wij onder meer om met zijn allen de vriezer schoon te maken. Dat begon ermee dat we eerst alles eruit haalden wat van ons was. Vervolgens werd de ruimte opnieuw verdeeld en iedereen had daar inspraak in. Omdat mijn buurman er niet was, stopten we alles waar we niet zeker van waren in zijn vakje.
Een dag na de meeting vroeg mijn buurman het samen te vatten en ik vertelde hem wat we hadden besproken. Ik vertelde hem dat in zijn vakje nog steeds zijn spullen zaten, plus alle spullen waarvan we niet wisten van wie deze waren – mogelijk achtergelaten door de bewoner die voor mij in mijn kamer zat.
Nu was het blijkbaar gebeurd dat het Japanse meisje aan het eind of net na de meeting wat van haar spullen in zijn vak heeft gestopt, ondanks de afspraken, en zonder er een tasje omheen te doen om het bij elkaar te houden of zonder er haar kamernummer op te zetten. Ik wist hier niets vanaf, want zij heeft hier helemaal niet over gecommuniceerd. Dus mijn buurman zou de boel in zijn vakje uitzoeken en al het anonieme was bij mij in het vakje welkom. Dus hij vond de dingen die zij er bij had gestopt ook anoniem, want ook naar hem was niet gecommuniceerd, en stopte die in mijn vakje. Ik heb er in de tussentijd niets van gebruikt omdat ik daarmee nog even wilde wachten om zeker te weten dat het echt van niemand meer was. Maar volgens het Japanse meisje wist iedereen dat zij dit had gedaan. Dat kan men immers voelen aan het veranderlijke karma dat hier in de lucht hangt, ik zal het nog even navragen in de grote tempel van de almachtige Kukai. Ik benadrukte nog maar eens dat ik dacht dat we dat nou opnieuw hadden verdeeld, schoongemaakt, geordend, uitgezocht, maar ze luisterde helemaal niet.
Ik vertelde dat ze geen enkel recht had dit op mij af te reageren en dat ze maar een briefje op de deur van mijn buurman moest achterlaten, om oplossingsgericht te denken, of om even met het Noors-Chinese meisje te praten dat hier al ruim vijf jaar woont en die een beetje de leiding gaf. En nog eens benadrukte ik dat deze rant onnodig en onwelkom was. Maar ze luisterde niet en tierde dat ik haar niet zo moest behandelen. Immers, ze haat waarschijnlijk het oplossen, anders kan ze niemand meer van iets beschuldigen, misschien kan alleen de almachtige Kukai oordelen en oplossen. Ze greep de scampis en de spinazie uit mijn vakje en legde ze ergens onderin in een hoekje van de vriezer, gewoon los, zonder sluitinkje, zonder zakje er omheen, zonder nummertje erop. Want dat doe ik immers alleen, en omdat ik dat doe is het onzin – want we voelden voorheen aan de karma van wie alles was, maar jij hebt alles kapotgemaakt, dus vervallen we maar in non-communicatie. Ik vroeg me af waarom ze me zo behandelde, terwijl ze zelfs nog naar een pakje de dag ervoor door mij gekochte worstjes graaide – waar ik haar actief van moest tegenhouden. Gelukkig stond daar mijn kamernummer op.
Nadat ze zich enkel nog een giftige blik toewierp besloot ze dat ik lucht was die dus te negeren was en draaide ze zich om, zonder nog iets te zeggen, en ging verder met koken, terwijl ze zelf waarschijnlijk ook aan het koken was, ervan overtuigd dat er met mij slechts verstoring voor haar gekomen was. Ik had ook niet meer de behoefte ook maar enig woord aan haar vuil te maken, of er nog energie in te steken, dus keerde ik terug naar mijn kamer.
Ik vroeg mij af waarom ze zichzelf alleen maar verwart, en natuurlijk waarom ze het niet op de meeting ter sprake bracht, al die problemen die ze had alleen al met mijn aanwezigheid. Maar nee, daar zat ze erbij als een silent little cutiepie. Terwijl ik alles zo moeilijk schijn te maken.
Bij deze kroon ik haar tot Miss Oh So Important Japan.
En later, als ik weer geheel zelfstandig woon, zal ik nog harder lachen om hoe belachelijk dit onnodige gesteggel is, wanneer er eerder gewoon duidelijke afspraken zijn gemaakt. Op zulke momenten verlang ik naar mijn container waar ik mijn eigen badkamer en keukentje had, en dus niet van dat uitermate achterlijke gesteggel om niets.
Later, toen ik aan het koken was, kwam ik de Canadese tegen, en ik luchtte mijn hart nadat ik in de tussenliggende tijd alleen teneergeslagen was geweest en niet wist bij wie ik het hier überhaupt kon zoeken. Maar ze leek me niet zo goed te begrijpen, waarna ik er geen woorden meer aan besteedde en me met mijn maaltijd zoals altijd terugtrok in mijn kamer.
Ik wist het einde van de dag toch nog te redden door enkele leuke discussies aan te gaan in de groepen op Facebook waar ik lid van ben. Die hadden overigens niets te maken met dit voorval, maar ik kreeg er toch wel weer wat positieve energie van. Kukai moet dat vast goed gevonden hebben.
Gearchiveerd onder:
Diaries,
Reisverhaal