zaterdag, 4 februari 2012

Menno Slaats

Menno Slaats

Hyves Last.fm Twitter DWARS

Time-lapse van de sneeuwval in Eindhoven

Gisteren was heel Nederland in rep en roer, het sneeuwde namelijk!

Aangezien er bijna geen sneeuw meer lag in Eindhoven was het een mooie kans op een time-lapse te maken van de sneeuwval.

Bij time-lapse-fotografie maak je bijvoorbeeld elke 5 minuten een foto en ‘plakt’ de foto’s aan elkaar zodat het een filmpje wordt. Hiermee kun je zoals met de sneeuwval een kort filmpje maken van iets wat in dit geval 3 uur geduurd heeft.

Zo heb ik de eerste foto genomen om 13:34 uur en de laatste foto om 17:29 uur.

IMG_4126 IMG_4153

Op het filmpje is duidelijk te zien dat het steeds witter wordt van de sneeuw, maar ook de bamboe die steeds meer gaat hangen door het gewicht van de sneeuw.

Een time-lapse kun je bijvoorbeeld ook maken van een zonsopgang, ondergang, bouw van een huis, noem maar op. Kortom van alles wat langere tijd in beslag neemt en je zo samen kunt pakken in een kort filmpje.

Rob Alberts

Rob Alberts

ZO!

 ZO!Een paar jaar schrijf ik zinnen in ZuidOost.Een paar dagen geleden schreef ik: Zin en onzin.Nu schrijf ik: ZO!Op een positieve manier probeer ik Amsterdam-ZuidOost onder uw aandacht te brengen. Terugkerende themas zijn Onderwijs, kinderen, wonen en natuur. Maar vandaag wordt ik gewezen op een site met alles in een. Positief, verfrissend en informatief. Ik kan het zeker rustig aan gaan doen.Mag...

maandag, 30 januari 2012

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Uitkomsten haalbaarheidsonderzoek Natuurcentrum Rivieren positief

stratemakerstorenRealisatie van een Natuurcentrum Rivieren in de Stratemakerstoren lijkt haalbaar. Dat blijkt uit een haalbaarheidsonderzoek dat onlangs is afgerond. In het Natuurcentrum Rivieren willen Staatsbosbeheer, het Natuurmuseum Nijmegen, Milieu Educatie Centrum Nijmegen en IVN Rijk van Nijmegen samen met museum De Stratemakerstoren een bezoekerscentrum realiseren dat een brug slaat tussen de stad, de rivier en de natuur. Nadat eerdere plannen voor een Natuurcentrum Rivieren ten oosten van de Waalbrug niet haalbaar bleken, is onderzocht of een samenwerking mogelijk is met Museum de Stratemakerstoren. Daarnaast zijn de ruimtelijke mogelijkheden en de financiële aspecten onderzocht.

Over samenwerking zijn alle partijen positief. Door de samenwerking kan een bezoekerscentrum ontstaan dat niet alleen informatie geeft over de rivier en de natuur maar dat ook de historische relatie tussen stad en rivier laat zien. Uit het architectonisch onderzoek kwam naar voren dat de Statemakerstoren een geschikte locatie is, maar dat het gebouw niet groot genoeg is. Dit kan worden opgelost door ook het terrein achter de Stratemakerstoren te benutten. Wanneer ook de omgeving van de Veerpoorttrappen wordt aangepakt, ontstaat bovendien een betere relatie tussen beneden- en bovenstad en een betere verbinding met Valkhofpark en Donjon.

Belangrijk in de haalbaarheidsstudie was ook de financiële haalbaarheid. De kosten voor realisatie worden geraamd op ruim 6 miljoen euro. Aan bijdragen en subsidies is op dit moment 4,5 miljoen euro beschikbaar. Voor de overige 1,5 miljoen moet gezocht worden naar aanvullende subsidies of moeten de exploitatielasten worden verhoogd. Bij een bezoekersaantal van 50.000 tot 80.000 per jaar is het mogelijk om het bezoekerscentrum kostenneutraal te exploiteren.

De komende maanden worden de schetsen en de exploitatie verder uitgewerkt. Naar verwachting zal in mei 2012 een plan ter goedkeuring aan de Raad worden voorgelegd. Als de raad akkoord is worden de plannen verder uitgewerkt en moet het bestemmingsplan worden gewijzigd. De bouw kan dan starten in het voorjaar van 2013. Oplevering kan dan in 2015 plaatsvinden.

Voor het bezoekerscentrum is het belangrijk dat het zich bevindt op de grens van stad en natuur. Daarom wordt dit jaar nog een voetgangersbrug over het Meertje aangelegd, die moet zorgen voor een goede verbinding tussen het bezoekerscentrum / stadscentrum en de Stadswaard/Ooijpolder.

zondag, 29 januari 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Gewoon groen

In de NRC stond een mooie column van Bas Heijne over natuur. Als ik goed ben geïnformeerd, heeft hij deze column ook voorgedragen op een bijeenkomst van natuurbeheerders in het bijzijn van Henk Bleker en heeft de laatste op de van hem bekende wijze daarop gereageerd. Namelijk dat hij het er helemaal mee eens was, maar intussen een beleid uitvoert dat er diametraal tegenover staat. Als GroenLinkser vind ik het lastig om toe te geven, maar ik moet constateren dat groen uit is. Er wordt op een nietsontziende manier bezuinigd op natuur, in een omvang waarbij de kortingen op cultuur en PGB verbleken. Maar de meeste Nederlanders lijkt het nogal weinig te kunnen schelen. De paar protestacties die er zijn geweest, hebben in elk geval niets uitgehaald.

Mijn partij voerde ooit de slogan: knokken voor kwetsbaar is. En als iets dezer dagen kwetsbaar is, dan is het wel de natuur. In tijden waarin alles geëconomiseerd wordt en uitgedrukt in bijdrage aan het bruto nationaal product, delft natuur snel het onderspit. Helaas heeft links en groen daar zelf ook aan bijgedragen, door natuur te framen als economische factor. Het is immers zo mooi te wonen in een stad waar de natuur op 10 minuten rijden met de auto is, het is zo aantrekkelijk voor een multinational zich te vestigen in een groene omgeving, de groene economie levert banen op. Helemaal onwaar is dat uiteraard niet, maar het gaat voorbij aan de intrinsieke waarde van groen.

We zijn helaas wel vergeten de natuur te prijzen, niet omdat het aan allerlei andere doelen bijdraagt, maar omdat het groen is. We hebben ons zo aan het discours van andere politieke partijen aangepast, dat de boodschap van biodiversiteit, van groen te midden van alle verstening, langzaamaan overwoekerd is. Durven we nog wel de consequente en misschien impopulaire keuze te maken op te komen voor diersoorten zonder hoge knuffelwaarde en voor planten die de doorsnee tuinier uit de grond zou trekken?

Ik denk dat de strategie om natuur en groen via een omweg te verdedigen en te beschermen, keihard tegen haar grenzen is aangelopen. Dat het tijd wordt om groen weer groen te maken en dat verhaal, niet technisch, niet specialistisch, niet eenkennig, overtuigend uit te dragen.  Nu nog de juiste taal daarvoor vinden en niet te vergeten de juiste mensen.

 

vrijdag, 27 januari 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Utilisten, liberalen en dieren

De basis van dierenrechten is, filosofisch gezien, precair. Traditionele politieke theorieën zijn niet goed in staat om zulke rechten te verdedigen. In het boekje Een waardig bestaan schetst Martha Nussbaum een potentiële oplossing: haar eigen op capaciteitengerichte politiek-filosofische theorie.

Dierenrechten als een filosofisch probleem

Veel mensen hebben de intuïtie dat je niet wreed mag zijn tegen dieren. Stierenvechten voelt als een barbaarse praktijk, waar we zo snel mogelijk vanaf zouden moeten. Maar wat is de politiek-filosofische basis van dierenrechten? De traditionele liberale politieke theorieën bieden geen ruimte voor dierenrechten. Deze streven naar een zo groot mogelijke individuele vrijheid voor rationele burgers. Liberale theorieën zien maar een relevante groep rechtssubjecten: rationele mensen. Liberalen willen mensen in staat stellen om zelf hun eigen ideeën van het goede leven in de praktijk te brengen. Dieren kunnen niet als vrij en rationeel vorm geven aan het eigen leven.

Utilisen lijken dieren gemakkelijk op te kunnen nemen in hun theorieën. Prominente utilisten als Singer hebben zeer veel gedaan om dierenrechten filosofisch te funderen. Utilisten hebben niet veel met rechten, maar destemeer met welzijn. Een recht is voor een utilist niet veel meer dan de erkenning dat het welzijn van een partij ‘telt’. Utilisten willen het totale geluk zo groot mogelijk maken. Dieren kunnen pijn en geluk voelen. Hun geluk en pijn kunnen dus ook mee tellen. Dat klinkt allemaal mooi, maar utilisme leidt vaak tot onintuïtieve conclusies. Ik heb hier al eerder over geschreven. De meest typische utilistische paradox is een happiness monster, een wezen dat zeer gelukkig wordt van het lijden van andere wezens. Zolang zijn geluk maar groot genoeg is, kan dat ieder lijden als irrelevant klein ter zijde worden geschoven: de Westerse consument gedraagt zich vaak als een happiness monster: als ik maar heel gelukkig wordt van het eten van hamburger, dan telt het ongeluk van het dier niet. Dat lijkt me een zeer zwakke verdediging van dierenrechten.

Capaciteitenbenadering als een oplossing

De derde traditionele stroming in de filosofie naast het op Kant geïnspireerde liberalisme en het utilisme is de deugdenethiek van Aristoteles. Aristoteles stelt matiging centraal: deugdzaamheid is vermogen om het midden te vinden. Tussen de extremen van lafheid en roekeloosheid, ligt moed. Ik heb altijd gedacht dat je in deze theorie nooit dierenrechten kan verdedigen. Matiging is een zeer zwakke politieke categorie: men kan hier nooit universele, voor iedereen geldende rechten mee rechtvaardigen. Dierenliefde is een deugd, maar de deugd van dierenliefde ligt tussen squeamishness en wreedheid. Of iemand meer dierenliefde moet tonen, hangt af van de vraag of hij van nature geneigd is naar wreedheid of juist naar squeamishness tegen dieren. Ik ben van nature squeamish: ik kan slecht lijden, bloed of pijn zien. Aristoteles zou mij zeggen: “Man up! Wurg eens een kat met je blote handen, want je helt te verder door naar zachtheid.”

Martha Nussbaum gaat echter een stap verder in haar analyse: ze stelt dat niet matiging de belangrijkste categorie voor Aristoteles is, maar ‘eudaimonia‘, wat ze vertaalt naar het Engelse functioning. Een functioning is een waardevolle menselijke activiteit of toestand. We ontplooien ons door onze functionings te realiseren. Nussbaum wil dat mensen zich kunnen ontplooien. Dit betekent volgens haar dat de overheid de voorwaarden moet scheppen voor om zich mensen in bepaalde activiteiten te ontplooien. Ze noemt deze voorwaarden capaciteiten.

Nussbaum slaat een balans tussen liberalisme en utilisme: haar theorie is liberaal omdat ze probeert de capaciteiten van mensen te vergroten, niet hun daadwerkelijke functionings. Het niet-liberale element van haar theorie is dat Nussbaum een lijst heeft vast gesteld van functionings waardevolle menselijke activiteiten of toestanden die voor ieder mens beschikbaar zouden moeten zijn: in deze lijst staan onder andere gezondheid, leven, denken, emotie, spel, betrokkenheid bij andere mensen en controle over je eigen omgeving. Haar theorie is utilistisch in de zin dat ze streeft naar een bepaalde vorm van geluk, namelijk het geluk dat we ervaren door ons te ontplooien. Echter, haar theorie is niet utilistisch omdat ze niet probeert het geluk zo groot mogelijk te maken, maar probeert om mensen in staat te stellen om zelf hun functioning te kiezen.

Nu kunnen we deze theorie van capaciteiten ook toepassen op dieren. Ook dieren zijn immers in staat om goed te functioneren: in klassieke lijstjes van dierenrechten zoals de “vijf vrijheden” komen deze elementen voor. Dieren moeten vrij moeten zijn van honger, pijn, ziekte en stress, maar bovendien moeten dieren hun natuurlijk gedrag kunnen vertonen samen met soortgenoten. We zien hier eigenlijk twee groepen claims: ten eerste moeten dieren gezond zijn en ten tweede moeten ze zich op een soort eigen manier kunnen ontplooien. In dat tweede zien we duidelijk een notie van functioning. Een konijn functioneert het best als konijn als het typisch konijnengedrag mag vertonen: graven, herkauwen, rondhupsen.

Capaciteiten kritisch tegen het licht

De capaciteitenbenadering heeft een aantal beperkingen, zeker waar het gaat om het dierenrijk. Het goed functioneren van dieren kan nog wel eens tegengesteld zijn aan elkaar. Een kat kan zich het best ontplooien door de jacht. Dat is echt soort-eigen gedrag van de kat. Op het moment dat hij een muisje vangt, is het echter snel afgelopen met het goed functioneren van het muisje.1 Nussbaum heeft hier wel een antwoord op: dieren kunnen soort eigen gedrag vertonen zonder andere dieren schade te doen. Een kat kan jagen op een led-lampje en een tijger in een dierenpark kan goed zijn katachtige jachtinstincten uitleven op een bal. Ik vraag me af of een kat die jaagt op bal evengoed functioneert als een kat die jaagt op een prooidier. Het een lijkt toch een slechte kopie van het ander.

Maar er is een groter bezwaar: volgens mij is het niet de verantwoordelijkheid van mensen om voor dieren in het wild te zorgen. Het lijkt me zeker niet de bedoeling dat we alle roofdieren uitmoorden ten bate van de prooidieren. Niet alleen omdat we niet weten wat er zal gebeuren, maar bovendien omdat dat onze verantwoordelijkheid niet is. Dit is een typisch probleem van utilisten, waar ook de capaciteitenbenadering onder lijdt. Deze theorieën maken geen onderscheid tussen wat wel de verantwoordelijkheid van de overheid is en wat niet. Het lijden van dieren dat wordt veroorzaakt door menselijk handelen is inderdaad een politiek probleem, het lijden dat in de natuur ontstaat door menselijk-niet-handelen is onderdeel van de natuur.

De benadering van Nussbaum is welkome bijdrage aan het debat over dierenwelzijn, maar is volgens mij nog steeds onvoldoende sterk om de verplichtingen van mensen tegenover dieren te rechtvaardigen.

vrijdag, 20 januari 2012

Henk Daalder

Henk Daalder

Linkedin Twitter

Initiatiefwet Mooi Nederland van PvdA, GroenLinks en D66, met Mooie Windparken

In duurzaam, guldenlijn, politiek, d66, groenlinks, landschap, mooi nederland, oba, pvda, en meer.
De progressieve partijen komen met een initiatiefwet om de Natuur te beschermen.  En ze noemen de wet “Mooi Nederland.  As maandag is er een symposium over in de Tweede Kamer.  In een Mooi Nederland gaan de komende jaren ook vele … Lees verder

dinsdag, 17 januari 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Homotherapie?

Een boeiende dag voor het nadenken over de relatie tussen homoseksualiteit en religie. De (in Amerika wonende) opperrabbijn Ralbag ondertekent een verklaring waarin staat dat homoseksualiteit een ziekte is en in Nederland laait de discussie op over de therapie die Different zou geven om christenhomo’s van hun geaardheid af te helpen. Maar terwijl de Joodse Gemeente Amsterdam onmiddellijk afstand neemt van dit standpunt van de opperrabbijn, springen christelijke organisaties in het gelid om het voor Different op te nemen.

Op twitter en in de media klinken natuurlijk onmiddellijk scherpe woorden tegen religieus fundamentalisme, want dat zou hier aan de orde zijn. Omgekeerd klagen christenen over een seculiere hetze tegen alles wat christelijk is. En er zijn verhalen van cliënten van Different die genuanceerd spreken over de behandeling. Tijd voor een beetje nuance. Is het eigenlijk wel zo erg om therapie aan te bieden voor christenhomo’s die moeite hebben met hun seksuele geaardheid?

Het is wel goed om te beginnen met de constatering dat er over homoseksualiteit nog steeds heel verschillende meningen bestaan. Dat gaat van totale acceptatie tot totale afwijzing. Ook binnen kerken zien we dat hele scala van visies. Het is ook goed om op te merken dat die visies ook geleidelijk in beweging zijn. Zelfs in (christelijke) kringen waar men homoseksualiteit als zonde ziet, heeft men wel meer dan vroeger oog voor de homoseksuele mens. En we moeten erbij bedenken dat in de seculiere wereld homo-acceptatie ook niet vanzelfsprekend is – kijk maar op het voetbalveld. De kritiek op religies vanwege hun ‘homohaat’ is dan ook wel een maatje te groot.

Theologie en psychologie

Different sluit vooral aan bij die kerken – evangelisch en orthodox-protestants – die homoseksualiteit zien als zonde. Of, in een iets ander taalveld, als strijd. Daarbij gebruikt men vaak een theologische en een psychologische redenering. De theologische gaat uit van een paar bijbelteksten waarin seks tussen mannen verboden wordt (vrouwen zijn bijna buiten beeld) en de algemene heteroseksuele teneur van de bijbel en de traditie. Er is weinig oog voor het verschil in tijd en cultuur en de teksten worden een op een vertaald naar het heden, waarbij ook teksten die gaan over seksueel wangedrag worden toegepast op respectvolle liefdesrelaties. Daar richt zich dan ook mijn theologische kritiek op: we doen noch de bijbel, noch de mens recht met deze uitleg. Sterker nog: we gebruiken de bijbel om een minderheid met religieuze middelen te marginaliseren en dat is nu precies waar de bijbel wel heel fel tegen is.

De psychologische redenering gaat ervan uit dat homoseksualiteit geen geaardheid is, maar een stoornis. Daar gebruikt men verschillende woorden voor (handicap, ziekte, scheefgroei), maar de kern is dit: het is geen gewone variatie van de natuur maar een gegroeide afwijking. De meest voorkomende redenen zijn problemen in de relatie met de ouders, seksueel misbruik, eenzaamheid, pesten en dergelijke. Soms kan die scheefgroei met therapie weer worden gecorrigeerd maar in de meeste gevallen moet je leren leven met je gevoelens.  Daarbij is het niet de bedoeling dat je ook kiest voor een ‘homoseksuele levensstijl’; die is immers op grond van de theologische redenering al verboden. Deze psychologische redenering staat volstrekt buiten de wetenschappelijke en therapeutische consensus en valt dan ook in de categorie kwakzalverij.

Wat Different doet

In die wereld opereert Different. Ze bieden begeleiding aan mensen die problemen hebben met hun seksuele gevoelens en/of geloof en die zoeken naar een manier om daarmee om te gaan. Veel cliënten hebben daar baat bij. Dat is niet zo vreemd, want ze vinden eindelijk een gesprekspartner die hun worsteling begrijpt en erkent. In die begeleiding kunnen ze hun schaamte overwinnen, zichzelf leren accepteren, en werken aan problemen uit hun levensloop (die heeft namelijk vrijwel iedereen die wat voor hulp ook zoekt). En ze kunnen in die context ook hun geloofsvragen aan de orde stellen en zichzelf (ondanks hun homoseksualiteit) als gelovige leren accepteren.

Het enige wat ze niet kunnen, is het veranderen van seksuele geaardheid. Onderzoek laat zien dat je wel kunt leren om de kracht van je homoseksuele gevoelens te laten verminderen, maar dat dat vrijwel nooit betekent dat er werkelijk heteroseksuele verlangens ontstaan. Oftewel: je kunt er wat minder homo van worden, maar geen hetero. Dat hoor ik dan ook regelmatig van ex-cliënten: ik ben van een aantal problemen afgekomen, maar niet van mijn homoseksualiteit.

Is het erg?

Is het erg dat Different dit soort therapie aanbiedt? Dat is de vraag. Natuurlijk, er zijn veel meer aparte, vreemde, bizarre en ongegronde therapieën. Zolang het niemand kwaad doet, is het leven en laten leven. En natuurlijk is het waardevol wanneer Different mensen helpt om met hun leven en gevoel om te gaan en pijnpunten uit hun leven aan te pakken. Het probleem is alleen dat de hele benadering en presentatie dat koppelt aan homoseksualiteit. En daarmee houdt Different precies het probleem in stand dat ze zouden moeten helpen oplossen.

Tekenend voor het echte probleem is dat homo’s in orthodox-christelijke kring een verhoogd risico hebben op psychische problemen, tot aan suïcidepogingen toe. Dat heeft alles te maken met de voortdurende boodschap dat je zondig, ziek, of wat dan ook bent. Wanneer ze er vroeger of later niet meer omheen kunnen dat ze homo zijn, zoeken ze (al dan niet gestuurd) hulp bij een organisatie als Different. Dat helpt inderdaad wel om de scherpste kantjes eraf te schuren, maar het blijft homoseksualiteit definiëren als probleem. Different’s hulpverlening is dan ook symptoombestrijding. En dat is uiteindelijk kwalijk. Hoe pastoraal ze het ook verpakken, het blijft indirect bijdragen aan het in stand houden van een homo-onvriendelijk klimaat om vervolgens hulp te bieden aan de slachtoffers daarvan.

Moeten we dat verbieden? Wat mij betreft niet. Maar wel op inhoud en argumenten bestrijden. En goede zorg bieden aan mensen die klem zitten tussen geloof en homoseksualiteit. Niet door als Different homoseksualiteit bij voorbaat af te wijzen en ook niet door als sommige seculiere hulpverleners geloof weg te zetten. Echte hulp betekent dat je mensen helpt om hun eigen weg te vinden.


woensdag, 11 januari 2012

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Wat moeten we met het populisme?

Wat moeten we met het populisme? De vraag verraadt een gevoel van onvrede met hoe in de politiek en samenleving het debat vaak gevoerd wordt. Meestal denkt men daarbij aan bepaalde vormen van populisme en bepaalde groepen die bij uitstek populistisch zijn. Vaak vormen en groepen die ver van ons afstaan, want populisme is ook een beetje een scheldwoord. Er zijn maar heel weinig mensen die zichzelf populistisch noemen. Het lijkt een manier om de ander weg te zetten, zodat je op zijn of haar vragen en argumenten niet in hoeft te gaan. Bovendien hoef je jezelf niet af te vragen of je eigen handelen misschien ook wel populistisch is.

De vraag verraadt ook onzekerheid. Op de een of andere manier lukt het populisten om het debat te beheersen en lijken zij niet gevoelig voor de gangbare argumenten en de regels van het spel. Populisten doen en spreken op een manier die wij zelf niet zouden durven of willen, maar die ons ook machteloos maakt. Als je niet met dezelfde wapens wilt terugslaan, heb je dan nog wel een weerwoord? En tegelijk blijft dan de vraag staan of populisme wel zo erg is, of dat we er misschien wat meer van moeten overnemen.

Ik vind niet dat we populistischer moeten worden en ik vind dat we populisten niet zoveel aandacht moeten geven. Maar om die stelling toe te lichten, is het goed om eerst goed te definiëren wat populisme is en te analyseren hoe en waarom het werkt.

Wat is populisme eigenlijk?

Er zijn veel verschillende definities en theorieën in omloop en dat maakt het moeilijk om een standaardomschrijving te vinden. De kern heeft in elk geval altijd te maken met populus – ‘het volk’. Daar kunnen een paar kenmerken van worden afgeleid. Allereerst gaat populisme om een bepaalde toon en stijl die ‘het volk’ aanspreekt. Of dat echt zo is, is minder belangrijk dan de suggestie die wordt opgeroepen. Als wij op straat ‘effe dimmen’ of ‘doe es normaal, man’ roepen, dan moet dat ook in de Tweede Kamer kunnen. Onherroepelijk brengen toon en stijl ons ook dichter bij de onderbuikgevoelens dan bij de verstandige en verstandelijke argumenten. Populisten schieten liever uit de heup dan dat ze nog eens rustig nadenken over alle facetten van een complexe wereld.

Maar dit is alleen nog maar de vorm. Populisme heeft ook een inhoud. We kunnen ons daar makkelijk op verkijken, want het gaat niet per se over een inhoudelijke politieke filosofie of om kernwaarden van waaruit men politiek bedrijft. De inhoud van het populisme gaat vooral over de visie op het volk. En dan nog specifieker over de relatie tussen het volk en de elite. Populisten wakkeren de kloof tussen volk en elite aan omdat ze hun kracht vinden in het wantrouwen ten opzichte van die elite. Bij de oerbeelden van het populisme hoort de strijd tegen de elite die voortdurend misbruik maakt van de eigen positie, elkaar baantjes en voorrechten toeschrijft en het volk onderdrukt, dom houdt en negeert. In een democratie als de onze betekent dat dat ook politici bij die elite horen. Eens in de vier jaar doen ze alsof wij burgers invloed hebben, maar de rest van de tijd doen ze waar ze zelf beter van worden.

Dit oerbeeld van de elite maakt geen enkel onderscheid. Alle politici, wetenschappers, ondernemers, kunstenaars kunnen erbij horen. Dat ze onderling grote meningsverschillen hebben, doet er niet toe. Ze zijn elite en dus fout. Dat is natuurlijk wel ingewikkeld voor populistische politici, die immers zelf ook midden in dat systeem zitten. Veel populisten zijn gepokt en gemazeld in de politieke arena en de grootste populisten zijn in hun leven soms nauwelijks buiten de politieke kaasstolp geweest. Het is voor hen dan ook de voortdurende uitdaging om zichzelf als buitenstaander te blijven presenteren.

De elite moet bestreden worden, want als die het veld geruimd heeft, kunnen we eindelijk de problemen oplossen. Dat is namelijk helemaal niet zo moeilijk. De elite maakt het expres moeilijk omdat ze op die manier het machtsevenwicht in stand kunnen houden. Maar echte oplossingen zijn veel simpeler. Met gezond boerenverstand kom je veel verder. En als iets niet is uit te leggen aan Henk en Ingrid, dan kan het dus niet goed zijn. Daarom moeten politici veel beter luisteren naar het volk. En als het volk A of B wil, dan heeft de politiek dat maar te volgen. Rechtstatelijke en bestuurlijke zorgvuldigheid doen er dan niet meer toe.

Een ander aspect van populisme is het nationalisme. Dat is niet bij elk populisme even sterk, maar het komt wel vaak voor. Het ‘volk’ is namelijk in de eerste plaats ‘ons volk’. Daarom wordt er ook veel werk gemaakt van de vraag wie er wel en niet bij hoort. Populisten verzetten zich tegen het relativeren van de eigen cultuur en het waarderen van andere culturen. De onze is immers het beste en alle anderen moeten zich aanpassen. Soms neigt dit tot vijanddenken, maar in elk geval spelen angst en bedreigingen een grote rol. Ons volk wordt bedreigd door vreemde machten en de elite is een handlanger van die vijand. We worden door hen verkwanseld en als we hen geen halt toeroepen, raken we alles kwijt wat we hadden. Bij die angst horen grote woorden: massa-immigratie, afbraak van de samenleving, cultuurbarbarisme, klimaatverandering, enzovoorts. Er hoort ook bij dat specifieke groepen worden genoemd. Dus niet een wereldwijde economische crisis, maar luie Grieken.

Hoe werkt het?

De grote kracht van het populisme is dat het zelf het volk schept dat het zegt te representeren. De suggestie van populisten is natuurlijk dat ze zeggen wat de gewone man vindt, maar het werkt precies andersom. Het volk gelooft in het verhaal van de populisten. Sterker nog: het volk gelooft dat de populistische leider naar hen luistert. De strijd tegen de elite, de nieuwe polarisatie van links en rechts – met soms wederzijdse haat, het verzet tegen de Islam, het zijn allemaal voorbeelden van een effectieve en agressieve framing door populisten die daarna is overgenomen door ‘het volk’. Tien, vijftien jaar geleden hadden we nog problemen met Antillianen, Marokkanen of Turken, nu met moslims. Is er iets veranderd?  Ja, het populistische frame is veranderd. De werkelijkheid niet. Maar het frame is zo effectief dat het volk het overneemt en vervolgens boos is op partijen die de zogenaamde waarheid niet onder ogen willen zien. Populisme definieert een probleem, creëert een vijand en het verzet daartegen, en presenteert zichzelf als de enige die dat probleem serieus neemt.

Een tweede factor in het hedendaagse populisme is de rol van de media. De strijd wordt niet gewonnen in het parlement maar in de media. Ik heb het gevoel dat we dat vaak onvoldoende beseffen. In mijn naïviteit denk ik nog wel eens dat het debat in bijvoorbeeld de Eerste of Tweede Kamer gevoerd moet worden, maar voor de populist is dat debat een middel en geen doel. Het is een middel om het volk te bereiken en zo de eigen macht uit te breiden. Dat betekent dat het zorgvuldig bespelen van de media minstens zo belangrijk is als feitelijke politieke inhoud.

Een derde factor is het leiderschap. Het verzet tegen het stroperige democratisch systeem betekent soms dat populisten kiezen voor referenda en andere vormen van directe democratie, zoals bij Rita Verdonks wiki-benadering. Een steviger oplossing is echter de charismatische leider die de weg kan wijzen. Niet wachten tot het volk bedacht heeft wat het wil, maar de leider die spreekt namens het volk, of in elk geval mensen dat gevoel geeft. Die leider moet natuurlijk niet bij de elite horen. Hij is geroepen door het volk in nood en heeft daar geen persoonlijk belang bij.

Volgens mij krijgen we beter zicht op hoe populisme werkt, als we daarbij kijken naar de rol van charisma. Dat begrip duidt vanouds op bijzondere kwaliteiten die iemand volgens anderen heeft. In religies gaat het dan bijvoorbeeld om een speciale goddelijke gave. In elk geval worden aan die persoon krachten en inzichten toegeschreven die boven het normale uitgaan en de persoon tot leider maken. Het is echter typerend dat charismatisch leiders meer hebben dan een sterke en soms ondoorgrondelijke persoonlijkheid. Charisma is niet alleen een persoonlijkheidskenmerk, het is ook een strategie. Zo hebben charismatisch leiders in veel gevallen een bijzonder persoonlijk roepingsverhaal of bijzondere omstandigheden waarin ze moeten leven. Die omstandigheden zetten het verhaal immers kracht bij.

Belangrijker nog is dat ze sterk polariserend zijn. Ze scheppen door hun gedrag en woorden groepen voor- en tegenstanders. Aan de ene kant zijn er de aanhangers die zich volledig achter de leider scharen, aan de andere kant zijn er de tegenstanders die hem te vuur en te zwaard bestrijden. Beide, voor- en tegenstanders, dragen bij aan het charisma van de leider. Een charismatisch leider kan niet zonder tegenstanders en elke keer dat hij wordt aangevallen, groeit hij van die energie. Daarom zal hij ook elke aanval uitvergroten en bejammeren om zo de tegenstelling aan te scherpen.

En ten slotte geldt voor de charismatisch leider dat hij ongrijpbaar en onnavolgbaar moet zijn. Geen volstrekt logisch programma, geen volledig consistente boodschap. Met een samenhangende politieke filosofie wordt het leiderschap immers een kwestie van debat en argumentatie. De charismatisch leider versterkt zijn positie doordat iedereen op hem als persoon is gefixeerd. Hij zegt dingen die niet kloppen met wat hij eerder zei, doet dingen die niet horen, doorbreekt de gangbare rationaliteit, zet alles op zijn kop. Niet vanwege de inhoud, maar omdat hij precies daarmee laat zien dat hij de leider is.

Wat te doen?

Met deze analyse wordt duidelijk waarom onze gangbare benaderingen niet werken. Het bestrijden van populisten versterkt hen alleen maar. Het mee-polariseren is precies de energie die het populisme voedt. Negeren is overigens niet beter; een cordon sanitaire betekent alleen maar dat wij bij de oude politiek horen en mensen niet serieus nemen. Wat wel werkt, is minder duidelijk. Ik zoek het in elk geval – op basis van mijn analyse – in het serieus nemen van echte problemen, het sterker vertellen van ons eigen verhaal en in het bieden van hoop. Ik denk niet dat we daarmee een snelle en doeltreffende strategie hebben tegen het populisme, maar wel een routekaart voor hoe we zelf functioneren midden in een populistisch klimaat. Laat ik daar kort nog wat over zeggen.

Allereerst moeten we echte problemen serieus nemen. De Islam bijvoorbeeld is geen probleem en massa-immigratie evenmin. Maar jeugdwerkloosheid bij migranten, huiselijk geweld en discriminatie van vrouwen zijn dat wel. Wij zullen veel onbevangener kritisch moeten durven zijn als het gaat om de schaduwkanten en niet uit angst voor de populisten problemen negeren. Net zo moeten we uitkijken dat we ons niet blindstaren op een populistische angstboodschap over het klimaat, maar wel concrete problemen benoemen en concrete actiemogelijkheden laten zien. Hoe concreter en dichter bij de echte situatie van burgers, des te effectiever. En dat dan niet alleen in de lokale, provinciale, nationale of Europese vergaderzalen, maar ook op straat of waar dan ook in de samenleving mensen tegen die problemen aanlopen.

Daarbij moeten we veel sterker vasthouden aan ons eigen verhaal. Te veel energie gaat verloren met het bestrijden van anderen, waardoor we voortdurend op hun speelveld zitten. Wat we kunnen leren van populisten, is dat zij blijven bij hun eigen verhaal en dat met sterk gekozen frames blijven herhalen. Laten wij ons eigen verhaal uitdragen en daar mensen warm voor maken. Ik vat voor mijzelf dat kernverhaal samen met het woord compassie, een oud woord met grote mogelijkheden voor onze politiek stijl en inhoud. Compassie begint met het besef dat we verbonden zijn met alles en iedereen. Daarom maken we ons druk om de natuur, omdat wij daar deel van uitmaken. Daarom maken we ons druk om de hele mensheid. Compassie betekent dat we ons willen laten raken door de ander. Ook de ander ver weg en ook de klagende ander die hoopt dat populisten de problemen gaan oplossen. Compassie betekent dat we verantwoordelijkheid willen dragen voor elkaar en ruimte willen maken voor het anders-zijn van die ander. Dat verhaal van compassie wil ik steeds weer vertellen en zichtbaar maken in mijn politieke keuzes en in hoe ik met anderen omga. Bij het vertellen van ons verhaal zullen we ook effectiever de media moeten inzetten. Zeker, we willen juist in de parlementaire democratie zaken bereiken, maar we zullen meer dan voorheen het spel ook in de media moeten spelen en daarbij sterke persoonlijkheden inzetten.

Ten diepste denk ik dat we moeten inzetten op een politiek van de hoop. Terwijl populisten energie halen uit angst en woede, moeten wij energie halen uit de hoop. Ik merk dat mensen smachten naar hoopvolle en richtinggevende verhalen. Over hoe waardevol het leven in een plurale samenleving is. Over hoe prettig het is om te leven in harmonie met de natuur. Enzovoorts. Geen zurige verhalen over wat er allemaal niet goed gaat (dat benoemen we concreet en pakken we aan), maar hoopvolle verhalen over hoe het gaat worden. Mensen enthousiasmeren voor een gezamenlijke toekomst.

Nee, ik denk echt niet dat daarmee het populisme verdwijnt. Dat doet het op andere manieren ook niet. Ik denk wel dat we het verlangen dat bij veel mensen leeft, kunnen aanspreken en inzetten voor een politiek die de mooie toekomst dichterbij brengt. We komen alleen maar ergens als we echt onszelf zijn en dat creatief en inspirerend laten zien.

Inleiding voor discussie op de Provinciale Ledenvergadering GroenLinks Drenthe op 11.01.2011


maandag, 9 januari 2012

Ineke Verdoner

Ineke Verdoner

Alles is van iedereen

2012 is begonnen. De dagen worden al weer wat langer, maar januari is net als andere jaren toch een vreemde maand; lang, grijs, wat saai. En ook een beetje anders dan vorige jaren. Ik maakte altijd enthousiast gebruik van de uitverkoop maar ik moet bekennen dat die lust me is vergaan. Winkel in, winkel uit in aanwezigheid van een massa andere koopjesjagers, ik word al moe bij de gedachte. Daarentegen ben ik al mijn kasten aan het op en uit ruimen. Vele dozen vol spullen die ik niet meer gebruik vinden hun weg naar de recycling, het oud papier en Lets of andere plaatsen waar gebruikte zaken welkom zijn voor een volgende ronde.
Dus het idee om juist weer meer spullen in huis te halen staat me tegen. Ik heb zelfs al een stoel uit mijn woonkamer gezet – heerlijk, meer ruimte – 3 planken in mijn overvolle boekenkast leeggehaald – heerlijk, lege planken – en een aantal pannen die mijn laden bezetten weggegeven aan iemand die op kamers ging. Heerlijk, ruimte in mijn kast!

Ik had hier ook boven kunnen zetten: less = more, want daar heb ik het ook over. Maar de zin die ik las 'alles is van iedereen' raakte me meteen. De inhoud van die zin gaat verder, heeft dynamiek, is een belofte; ze wijst naar de toekomst waar we aan begonnen zijn.
Deze week verzorg ik met mijn collega Kamilla Hensema een avond voor het Fries VrouwenNetWerk over de Occupy Movement en het Friesch Dagblad heeft vandaag, maandag, nogmaals een artikel van mij geplaatst over de mogelijke ontwikkelingen van de beweging in 2012.
Eigenlijk vind ik 'Alles is van iedereen' de perfecte beschrijving van het doel van deze beweging die in 2011 is ontstaan en zich explosief en wereldwijd heeft ontwikkeld.
Dat raakt ook aan mijn groeiende desinteresse in 'dingen en spullen'. Ik voel aan alle kanten dat ik genoeg heb. Dat ik rijk ben.
En ook al is het 'financiële crisis' en worden mensen gevoelig geraakt in hun bestaanszekerheid, ook het komende jaar, we blijven vooralsnog het op één na rijkste land van de wereld. En ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik voel dat. Ook al heb ik geen duizendjes te besteden en behoor ik zeker tot de 99%, zoals de Occupyers zichzelf noemen, we hebben genoeg en in zekere zin te veel. Te veel spullen.
Daar kunnen we moralistisch over doen, maar we kunnen er ook toe overgaan om royaal te delen. Ik kom regelmatig ergens waar bij de entree een 'samen-zijn-we-rijk-tafel' staat. Wat je over hebt leg je daar neer en een ander kan het meenemen als hij of zij er iets aan heeft. Dit wordt de nieuwe trend: weggeef'winkels' van dingen die we niet meer nodig hebben.

Maar er zijn wel andere 'dingen' die we nodig hebben.
Bestaanszekerheid, de energierekening kunnen voldoen, in je huis kunnen blijven wonen ook in slechte tijden, zinvol werk, goede gezondheid, liefde en aandacht, goed onderwijs, contact met de mensen om je heen, perspectief.
De crisis die gaande is gaat over het faillissement van de door economische belangen gestuurde samenleving. De materie, een masculien principe, heeft de overhand gekregen en veroorzaakt op alle niveaus disbalans; daardoor wordt de gezondheidszorg onbetaalbaar, kloppen hypotheken niet meer met de waarde van de huizen en hebben we teveel spullen en te weinig aandacht en zorg.
Onze immateriële waarden als zingeving en het vrouwelijke principe, zijn verwaarloosd.
Maar ....
Dankzij onze digitale snelweg ontdekte ik dat de beweging voor een gegarandeerd basisinkomen levendiger is dan ooit en een internationaal karakter heeft.
In het radioprogramma Pavlov op radio1 werd belicht dat al jaren uit onderzoek blijkt dat Nederlanders 'toegewijd' zijn. Toegewijd aan iets hogers en dat betreft een heel scala van definities; van religieus tot maatschappelijk betrokken op allerlei manieren.
Ik merk zelf dat de wijze waarop ik mijn denkbeelden verwoord zo veel meer herkend en erkend worden dan een paar jaar geleden.
Transition Towns en bewegingen voor Permacultuur blijven zich ontwikkelen en zijn georiënteerd op samenleven met de natuur, minder afhankelijk worden van geld en meer verantwoordelijkheid nemen voor goede voeding, zorg voor de aarde, elkaar en duurzaamheid.

Alles wat met economie en geld te maken heeft verkeert, in crisis. Alles wat met andere vormen van samen-leven te maken heeft is in ontwikkeling. Daarin zie ik een omslag van 'ikke-ikke' naar het nieuwe Wij. Manfred van Doorn noemt dat het ANDividualisme. Daarmee zetten we stappen op het pad van 'Alles is van Iedereen'. En dat vind ik een hoopvol perspectief.
Ik wens iedereen genoeg van veel in 2012.

Ineke Verdoner


Eigentijds idealisme – Gabriel van den Brink 
Pavlov, ntr radio

Ger Bosma

Ger Bosma

Verzwolgen door de Golven: Stedeke Gryn

In algemeen, eigen artikelen 2000-2012, etymologie, ge(r)neuzel, geschiedenis, natuur, overig, wetenschap, belangrijk, en meer.

Zoals de afgelopen week goed te merken was, is het winterseizoen in Nederland ook traditioneel het stormseizoen. In de late herfst koelt het in het noordelijk deel van het noordelijk halfrond snel af, terwijl het in in Zuid-Europa vaak nog stevig nazomert. Door de grote temperatuursverschillen ontstaan sterke straalstromen in de bovenatmosfeer, waardoor vooral in dit seizoen vaak diepe lagedrukgebieden ontstaan die met grote vaart over de Britse Eilanden en de Noordzee razen.

De meeste van de catastrofale stormen die de Lage Landen sinds de Middeleeuwen troffen en grote delen daarvan onder water zetten, vonden dan ook plaats in de periode van november tot februari. Zo ook de St. Luciavloed, een alles vernietigende stormvloed die plaatsvond in de nacht van 13 op 14 december 1287, onder meer beschreven in de annalen van het klooster van Wittewierum (Groningen). In termen van slachtoffers – zeker als percentage van de totale bevolking – is de Sint Luciavloed zelfs een van de grootste vloedrampen in de wereldgeschiedenis. In totaal kwamen in Noord-Holland, Friesland en Groningen tussen de 50.000 en 80.000 mensen om het leven, op een totale bevolking van zo’n half miljoen zielen.

De dertiende eeuw verliep qua dodelijke megastormen sowieso desastreus. De Lage Landen werden namelijk verder nog getroffen door de grote Noordzeevloed van 1212 (60.000 doden) de Sint-Marcellusvloed van 1219 (36.000 doden) en een tiental kleinere overstromingen met telkens honderden tot duizenden doden. Het toont maar eens te meer aan, dat het heroïsche gevecht van de Nederlanders met het water ook vaak roemloos werd verloren. Luctor et Submergo.

Het Nederland van een millennium geleden zag er totaal anders uit dan nu. De Noordzeekustlijn was toen nog vrijwel ononderbroken. De Waddenzee, in 2009 door de UNESCO uitgeroepen tot werelderfgoed, bestond destijds nog helemaal niet: Texel en alle andere waddeneilanden waren verbonden met het vasteland. Ook de latere Zuiderzee, na de afsluiting in 1932 omgedoopt tot IJsselmeer, was nog hoofdzakelijk een laaggelegen merencomplex annex moerasveengebied. Het werd in die tijd Aelmere – ofwel Palingmeer – genoemd, etymologisch gezien inderdaad niet echt spannend. Dit Aelmerengebied was met de Noordzee verbonden door een nauwe zeearm, die uitmondde in het gebied waar later de eilanden Vlieland en Terschelling zouden ontstaan. Ook andere grote zee-inhammen als de Lauwerszee en de Dollard bestonden zo’n 1000 jaar geleden ook nog niet in hun huidige vorm.

In de 12e en 13e eeuw veranderde het uiterlijk van de Noordelijke Lage Landen drastisch. Een belangrijk factor daarin was de stijging van de zeespiegel gedurende de warme periode van 850 -1200. Samen met het steeds verder afgraven van veengrond voor turfwinning, als brandstof voor de inwoners van de hoger gelegen stedelijke gebieden in West- en Midden-Nederland, werd het Aelmeergebied kwetsbaarder voor de invloeden van met name zware noordwesterstormen. Najaars- en winterstormen drongen in de loop der eeuwen dieper en dieper in de kwetsbare laaglanddelta door. Daarbij werden grote delen van de resterende veenlanden weggeslagen.

De Sint Julianavloed in 1164 en de Allerheiligenvloed uit 1170 luidden de periode van overstromingen en grootschalige landerosie in. In 1170 brak de Noordzee door de duinenrij tussen Texel en Huisduinen (bij Den Helder) en werd het Marsdiep, voorheen een beek, een kolkend zeegat. Bij die gebeurtenis werd ook het tussen Texel en Medemblik gelegen Creiler Woud verzwolgen door de golven. Het land tussen Texel, Medemblik en Stavoren werd overstroomd, en Texel en Wieringen werden eilanden.

Tijdens de stormvloeden van 1212, 1214 en 1219 (36.000 doden) en 1248 drong het zeewater steeds dieper Aelmere in en werd het allengs een binnenzee. De genadeklap kwam met de Sint Luciavloed van 1287. Deze waterramp scheidde Friesland definitief van West Friesland en verzwolg tal van dorpen en steden in het tussenliggende gebied, waaronder het inmiddels al lang in de vergetelheid geraakte ommuurde stadje Griend (ook Grint of Gryn), ten noordwesten van Harlingen.

Stedeke Gryn
Tegenwoordig slechts een zandplaat in de Waddenzee, was het eiland Griend in de Middeleeuwen bewoond. Niet alleen dat, er bevond zich een ommuurde nederzetting met poorten, grachten, een klooster en zelfs een hogeschool. Griend was aan het begin van de 13e eeuw dan ook een welvarend eiland, met name beroemd om zijn kaas. Met enige wijsheid achteraf kan je stellen dat het een slecht doordachte beslissing was van de Griendenaren om een tweetal kanalen te graven, om zo de bloeiende handel met het achterland verder te versterken. De Jetting werd in het begin van de 13e eeuw gegraven om de Friese steden te bedienen. Ook achter Vlieland langs werd een nieuwe vaart aangelegd, de Monnikensloot. Griend, reeds gevoelig kleiner geworden door al het eerdere natuurgeweld in de 12e en 13e eeuw, bleek uiterst kwetsbaar. De grote kladeradatsch kwam uiteindelijk in december 1287, toen het stadje vrijwel geheel in de golven verdween, op een tiental huizen na. Griend kwam er nooit meer bovenop. De ‘twaalfde stad van Friesland’ was niet meer.

Tot in de achttiende eeuw werd Griend nog wel bewoond door veehouders, die hun woonsteden op kunstmatig opgeworpen terpen hadden gebouwd. Rond 1800 was het eiland nog altijd zo’n 25 hectare groot, maar verplaatste zich met een snelheid van 7 meter per jaar naar het zuidoosten. Vaste bewoners kende Griend vanaf dat moment niet meer, maar werd nog wel gebruikt door bewoners van Terschelling als weidegebied voor schapen en voor de winning van hooi. Ook werden de eieren van meeuwen en sterns geraapt voor de consumptie. De Vereniging Natuurmonumenten, de huidige eigenaar, kocht het recht op het maaien van gras in 1916 af en richtte er een aantal bewaakte broedkolonies in.

Niets op de stille zandplaat in de Waddenzee herinnert vandaag de dag nog aan het eens zo roemruchte verleden

 

zaterdag, 7 januari 2012

Liesbeth Tettero

Liesbeth Tettero

Hyves Linkedin Twitter GR

Tropische politrics

Terug uit de tropen… 2 weken rondgereisd door Trinidad en Tobago, verrassend niet-toeristische Caraibische eilanden. Jazekers, de prachtige stranden, maar ook veel regenwoud en mangrovebossen. En heul veul vogels: kolibri’s, papegaaien, zee-arenden en nog honderden andere soorten, maten en kleuren.

En overal wegen met flinke gaten en gebouwen die bijna af zijn… met steevast de toelichting: daar gebeurt pas weer wat als er verkiezingen zijn. De gidsen en andere T&T’ers die we spraken, hadden er geen goed woord voor over. ‘More like politrics’, aldus gids Dennis. Het klinkt zo goed: er zijn enorme natuurreservaten, beschermde gebieden. Maar ja, beschermd tegen wie? Er wordt gestroopt bij het leven. Dieptepunt was een dode zeekoe, een extreem zeldzaam beest (niks te koe, de dichtstbijzijndste soort is de olifant!). Het is nog mogelijk dat het dier een natuurlijke dood is gestorven, maar die kans is niet heel groot… Mogelijk was het dier te zwaar om te verplaatsen, de gieren deden zich er al tegoed aan tot het tij het beest een zeemansgraf gaf. Mensen zijn dol op ‘wild meat’, hoewel ze vinden dat het naar kip smaakt. Wat een triestigheid…

Maar goed, los hiervan was het een fantastische vakantie. Nog een paar vakantiewijsheden: De Nederlandse Maagd is veel beter dan Bonita Avenue (aardige Irving-imitatie) en Tailer Tinker en zo is geen goede film om te kijken als je tegen je slaap vecht in het vliegtuig ;)

Terug in herfstig NL, maandag weer aan de slag en vast weer aan de blog! GELUKKIG NIEUWJAAR!


zondag, 1 januari 2012

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter

Een raaf in de achtertuin

raafEen paar dagen geleden liep ik in het bos achter ons huis. Een mooi landgoed, waar ons gehucht Exel als een Gallisch dorpje tegen aan is geplakt. Een wat schor ‘ra ra’ en een grote kraai in de top van een boom met een ruitvormige staart was herkenning genoeg. Daar zat een Raaf. Met 1.20 meter spanwijdte de grootste kraai, bekend om z’n slimme gedrag. Een instrumentengebruiker, die met stokjes voedsel uit holletjes peutert en stenen gebruikt om noten te kraken. Bijna uitgestorven in Nederland, maar na herintroductie zijn er weer een kleine honderd broedparen. De raaf is een mooi symbool van kwetsbare biodiversiteit. Nu weer onder druk door de plannen van dit kabinet.

Prachtige oase in isolement

ampsenIk woon in een prachtige wereld. Naast het landgoed Ampsen, op een steenworp van het landgoed Verwolde en de moerassige bossen van het Kranengoor. Achter Ampsen liggen de broekgronden. Vroeger waren dat elsenbroeken, moerassen en venen waar beken doorheen stroomden. Nu nog vindt je het geurige gagel in de weg, groeit hier en daar de heide in de bermen. De rest is ontgonnen, mais- en grasakker geworden. De landgoederen liggen als oases van biodiversiteit in deze groen/bruine woestenij, met hier en daar nog resten van oude houtwallen. Want dat is het toch, laten we eerlijk zijn. Rechte lijnen van eiken begeleiden de ontsluitingswegen, jaarlijks vol van eikenprocessierups. Daar tussen liggen eeuwig groene weilanden, regelmatig gescheurd voor nieuwe inplant van engels raai. Afgewisseld door maisakkers, soms een aardappelveld. In de winter groenbemest met wintertarwe. Reeen haasten zich over deze kale akkers, op zoek naar beschutting. Als een boer ploegt, dan zie je nauwelijks meer vogels in zijn sporen. Het bodemleven is verarmd door intensief grondgebruik. Zelfs de roeken, vlak bij het station, trekken steeds meer de stad in omdat er ‘s winters op het platteland niets te halen is. Mijn bijen verhongeren er in de zomer, omdat na de linde er nauwelijks iets bloeit.

Ecologische Hoofdstructuur

exelDie Raaf in het winterse bos is als een symbool van de fantastische biodiversiteit die dit gebied kan dragen. Een prachtige vogel die als opportunistische aaseter aan z’n kost moet komen. Dus veel oppervlakte en rust nodig heeft. Aan de andere kant van Lochem broedt een paar, in het Grote Veld. Ampsen is, denk ik, net te klein. Dat hoeft niet zo te zijn, maar de lijnen met Verwolde en Kranengoor zijn verbrokkeld, de verbinding met de Lochemse Berg is ver weg. Hier ligt potentieel een prachtig natuurgebied, als die lijnen getrokken worden en kwaliteit via natte natuur en houtwallen ervoor zorgt dat natuurgebieden in verbinding komen. Bij ons achter wordt die poging gedaan, door een weiland te ontgraven en een stap tussen Kranengoor en Ampsen mogelijk te maken via een mini-natuurgebiedje. Verderop loopt de, gekanaliseerde, Dortherbeek. Een ecologische verbindingszone. Boeren en buitenlui zetten zich in voor kavelruil om ook daar natuurlijke verbindingen te realiseren. Dan wordt dit gebied weer één, de oases krijgen weer hun voeding. Er is dan ruimte, ook voor de Raaf.

Bezuinigingen

binnenhofVolgende week, de 12de, ga ik naar de provincie. Daar krijgen we te horen wat er met de Ecologische Hoofdstructuur gaat gebeuren nu er drastisch bezuinigd wordt. De voortekenen zijn absoluut onheilspellend. De lijnen worden verbroken, bestemmingen verdwijnen, de oases komen geïsoleerd te liggen. Onder andere omdat agrarisch land onttrokken wordt van die Ecologische Hoofdstructuur.  Dit kabinet, met Bleker als woordvoerder, verandert de verhoudingen en zet de landbouw weer voorop. Kortzichtig, in een gebied waar met agrariërs lang gewerkt is aan grondruilen en zorgvuldig vormgegeven verbindingen. Zodat die Raaf weer terug kan komen, als symbool van biodiversiteit die misschien de ruimte ging krijgen. Nu, met het loslaten van de melkquota in de komende jaren, en de daarmee verbonden explosie van schaalvergroting en productie, worden dergelijke processen jaren terug geslagen. De verbindingen vallen dan weg, de oases staan weer in hun groene woestenij.

Alternatief lokaal

Wat goed is, van het beleid van dit kabinet, is dat we zo weinig van Den Haag te verwachten hebben. Zelfs Arnhem, onze provinciale hoofdstad, is heel ver weg. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, is het ook een beetje. Maar het betekent dat we het zelf moeten oplossen, met zeer beperkte middelen. Ons energiebeleid laat zien dat je in zo’n zoektocht onvermoede krachten tegen komt. Dat we sterker dan Den Haag of Arnhem kunnen zijn. Dat we zelf in staat moeten zijn die biodiversiteit te verbeteren en ons niet door Haagse besognes moeten laten leiden.  Dat kan, maar het vraagt, net als bij ons energiebeleid, volstrekt ‘omdenken’. Vanuit de lokale belangen zoekend naar perspectief voor onze Raaf? In een wereld van jagers en boeren, gewend te oogsten wat de natuur hun lijkt te bieden?

Ja dus. Want is het huidig natuur- en landschapsbeleid niet gebouwd op een zompig fundament van afhankelijkheden zonder overtuigend deel te zijn van onze eigen economie? Komende jaren staan, in Lochem, in het teken van duurzame gebiedsontwikkeling. Daarbij staat de economie van het platteland voorop. Bedrijven die een goed inkomen halen uit dit agrarisch landschap, met haar landgoederen, houtwallen en beken. Schaalvergroting zal onvermijdelijk zijn, maar dan ingepast in een kleinschalig landschap. Verdienen aan de natuur, via biomassa, slimme maairegimes, goed grondgebruik waardoor mestgift omlaag kan, gebruik makend van natuurlijke systemen die evenwicht in de bodem versterken wordt het adagium. Maar ook verdienen aan de biodiversiteit en prachtige natuur omdat dit ons landschap recreatief en toeristisch waardevol maakt. Want de recreant komt voor die beek, prachtige houtwallen en landgoederen.

En dat er dan een enkeling is die kippevel krijgt van dat schorre ‘ra ra’ van een eenzame Raaf, is dan mooi meegenomen.

zaterdag, 31 december 2011

ZinenRede

ZinenRede (Frans Schütt)

Linkedin Twitter

Het menu: Buurman

In het menu, niet op voorpagina, eurocrisis, moestuin, siertuin, silezië, verenigd europa, vriendschap, dieren, en meer.
Iedere ochtend wanneer ik de gordijnen openschuif zie ik hem rondlopen in zijn tuin, de Duitse buurman. Zijn hele leven - 79 jaar inmiddels - staat hij vroeg op om kippen, eenden en konijnen te voeren. Hij komt oorspronkelijk uit Silezië, is daar in 1945 als 16-jarige verdreven en via een lange zwerftocht weer met zijn familie herenigd in toenmalig Oost-Duitsland. Daar leert hij zijn vrouw kennen en samen worden ze in de jaren 60 van de vorige eeuw door West-Duitsland 'vrijgekocht'. Sinds die tijd leeft hij in ons Duitse dorpje dicht tegen de Nederlandse grens. Zijn vrouw onderhoudt met haar kromme rug de siertuin aan de voorkant en hij is verantwoordelijk voor de dieren en de moestuin. In de zomer maait hij wekelijks het gras bij zijn 97-jarige schoonmoeder, een paar straten verder. Hij leert mij veel over de natuur tijdens onze dagelijkse gesprekken. Soms gaat het over zijn vrouw. Hij vraagt zich af of hij haar nog kan geven wat ze als vrouw 'verdient'. En hij maakt zich zorgen over haar toenemende vergeetachtigheid. Een verdeeld Europa was verantwoordelijk voor zijn vele omzwervingen. Het openen van de Europese grenzen heeft geleid tot onze vriendschap. Mijn wens voor 2012 is een verenigd Europa, met of zonder eurocrisis.

Ida Sabelis

Ida Sabelis

Twitter

Terug- en vooruitblik. Winterdepressie? Lichtje aan!

Uitzicht Casa Morello Sicilië
Tja, 2011 - soms denk ik 'wat mij betreft mag het over zijn' - dat heeft vooral te maken met mijn gevoel dat ik sinds 19 juli 2011 vrijwel uitsluitend grijze lucht of binnenkamers heb gezien. Is natuurlijk niet zo - maar dat voelt zo ... Op 19 juli kwam ik thuis uit Palermo. Ja, daar heb ik vrienden. En daar lag ik op 18 juli nog een dag aan het strand; eerlijk met de bus, een tasje en een handdoek heengereden. Een rondje Mondello gelopen en toen een plekje veroverd tussen families, pubers en eenzame heren. Ik had niemand nodig, wist dat het in NL 14 graden was en vleide mijzelf in het zand om over een zo groot mogelijk oppervlak ZON naar binnen te laten schijnen. Zo voelde dat. Ik heb wel vaker voorspellende momenten.
Thuis bleek mijn moeder in de lappenmand - gebroken heup, revalidatie, thuiszorg, en mantelzorg. Ja, ook ik ben aan de beurt. Het was koel, regenachtig en grijs. Weinig vakantie - en al snel kwamen het werk, de politiek, de herfst en een seminar over licht. 
Dat bestaat: een seminar over licht en donker. Over verlichting, energieverbruik, gevolgen voor alle dieren (insecten, vogels, vissen, zoogdieren, ook mensen dus) - en hoe we daar nauwelijks bewust mee omgaan. Eerder hoorde ik op de radio (in de fiets, mijn dagelijkse portie echte lux) dat met name oudere mensen vaak slaapproblemen hebben door gebrek aan licht. In een schemerig huis dut je al snel in na het ontbijt. Zo dut je door de dag - en ben je wakker als het echt donker is. Licht helpt om een gezond ritme aan te houden. Veel mensen hebben last van te veel binnen zijn - zeker als er buiten ook minder uren licht is - en zeker als je werk via computers loopt. Je hoeft dus niet (heel) oud te zijn om door tekort aan licht sacherijnig te worden.
JvC-straat - blaadjes
Ik heb een serre thuis; dat scheelt al. Maar ik heb ook last van de winter. En ik ben een avondmens. Dat betekent dat ik vaak laat naar bed ga. Vervolgens moet ik slaapkamerdeur en gordijnen dicht doen omdat de lantaarns buiten mij pal in de ogen schijnen. En ondanks een fietstocht van een kleine 140 kilometer deze week ... lijk ik toch te weinig licht te krijgen. Ik haat dat grijs namelijk. En ik haat de binnenlucht. Kortom, ik heb dat wintergevoel. Geen zonnige ijsmeren, geen extra licht door prachtige sneeuwvelden. Neen, kaarsje aan (max. 30 lux?) - en de kat op schoot.
Het wordt tijd dat het nieuwe jaar aanbreekt. In de gemeenteraad van Heemstede knistert het van de nieuwe plannen. De kansen op debat zijn groot na een training in de herfst. En op de agenda van januari staat, onder andere, een nieuw plan voor de straatverlichting: meer met minder. 80% energie besparen kan. En dan eindelijk die idiote schijnwerpers uit de straat! Zie ook, bijvoorbeeld: http://youtu.be/MwBLmKr_rXg Hmmmmm - 2012 .... kan alleen maar lichter worden! Ahem. Het goede gewenst - en niet te veel licht om middernacht? Dat is een andere discussie.

maandag, 26 december 2011

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Kerstgedachte: graag belasting betalen.

Kerstgedachte: graag belasting betalen.

Met de kerst wil je graag een goed gevoel krijgen. Iets doen waar je voldoening van krijgt. Iets buitengewoons dat eigenlijk gewoon zou moeten zijn. Meestal speelt zich dat af in de eigen kring van familie en/of vrienden. Maar veel mensen zijn met de kerst ook vrijgeviger en hebben meer compassie met medemensen die het slecht getroffen hebben.

Dit kan ook worden uitvergroot naar de hele samenleving. We staan aan de vooravond van forse bezuinigingen. Hoe kan je onze gemeenschap dan behulpzaam zijn? Door meer belasting te betalen. Dan hoeft er minder te worden bezuinigd. Dus worden minder mensen door bezuinigingen getroffen. En veel bezuinigingen benadelen vooral mensen (soms dubbelop) die toch al minder bedeeld zijn. Denk maar aan mensen met een minimuminkomen, zorgvragers, (chronisch) zieken enzovoort.
Als de overheid meer te besteden heeft, dan betaalt deze daar over het algemeen zaken mee waar we met z’n allen voordeel van hebben. Natuurlijk heeft iedereen zijn bezwaren op onderdelen, maar er zijn nu ook veel bezwaren tegen bezuinigingen. Want we geven ook graag om cultuur en natuur, onderwijs, ontwikkelingssamenwerking, een beter milieubeleid, een beter openbaar vervoer en oplossen van files.

Het is een kwestie van hoe je tegen onze samenleving aan kijkt. Meer belasting betalen geeft een goed gemeenschapsgevoel. Zo vragen in de Verenigde Staten van Amerika enkele miljardairs om meer belasting te mogen betalen. We betalen naar draagkracht. Het minste pijn doen de inkomstenbelasting en de belasting op vermogen. Dat is toch geld dat je niet echt in de handen hebt. En natuurlijk krijgen rijkere mensen een hogere belastingaanslag. De meeste mensen hebben geprofiteerd van de welvaartstijging. We kunnen wat missen omdat we materieel veel bezitten. Het kan allemaal wat soberder. Wat langer doen met wat we hebben. We leven toch al grotendeels in een vervangingseconomie met weinig echt nieuwe producten. Nu ben ik niet naar de miljonairsbeurs geweest, dus weet ik niet wat ik allemaal mis. Maar een tandje minder zou toch geen bezwaar mogen zijn. Ik geef toe dat van minder duur consumeren weer een hele hoop mensen last krijgen want minder verkopen betekent ook minder produceren en dus minder inkomen / winst. Maar daarvoor komen andere zaken in de plaats. En de overheid blijft niet op z’n geld zitten. Die belastingcenten worden weer uitgegeven en komen dus ook weer beschikbaar voor onze economie. Eigenlijk is het rondpompen van geld. Maar dan meer voor ons allen.
We gaan dus met een goed gemoed belasting betalen. Met z’n allen die wel een paar procent kunnen missen. Voor het goede doel: onze samenleving. Met ingang van belastingjaar 2012.

Een gelukkig kerstfeest en een vrijgevig 2012 gewenst,

zondag, 25 december 2011

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Geen kernafval in Ede

In duurzaamheid, accepteren, afval, december, discussie, energie, gemeente, gemeenten, handelen, en meer.

eric leltz

In de raadsvergadering van december is een motie aangenomen waarin de gemeente Ede zich keert tegen het opslaan van kernafval in Ede. Dit ging niet zonder slag of stoot. Zo werd door de VVD het emotionele argument aangevoerd dat je dan ook mensen die afhankelijk zijn van radiofarmacie voor de bestrijding van kanker, niet meer kunt helpen. Onzin, want het gaat alleen om afval uit kerncentrales voor energieopwekking. De wethouder maakte het nog bonter door te stellen tegen de motie te zijn omdat hij het een uitvloeisel van de milieulobby vond. In de voorbijgaande weken had hij vele mails ontvangen via een website van een natuurorganisatie. Hij zag dit als spam, als lastig dus, en gebruikte dat als argument om tegen te zijn! De SGP spande echter de kroon door te stellen dat goed rentmeesterschap betekent dat je er voor zorgt dat de generaties na ons ook energie hebben en je er daarom voor moet zorgen dat er een tweede kerncentrale komt. Het mag gezien worden als de dwaling van het jaar. Alsof je met het opslaan van radioactief kernafval in de grond de generaties na ons niet opzadelt met een probleem.

Voor degenen die nog al badinerend deden over de motie omdat deze ver voor de zaken vooruit zou lopen breng ik toch even in herinnering dat de regering dit jaar 4 gebieden heeft aangewezen om kernafval op te slaan. En Ede ligt in een van die gebieden. Daarnaast loopt een discussie over het bouwen van een tweede kerncentrale. Een van de problemen waar de minister tegenaan loopt is dat hij het kernafval van die centrale niet kwijt kan. Om tegenstanders de wind uit de zeilen te nemen, is het vanuit het standpunt van de minister mooi als hij kan aangeven dat dit geen probleem is omdat hij immers voldoende plaatsen heeft waar het afval in de grond kan worden opgeborgen. Als alle gemeenten die in de aangewezen gebieden liggen een motie aannemen waar in staat dat de minister in die gemeente zijn kernafval niet kwijt kan, kan dat argument niet gebruikt worden voor een tweede kerncentrale. Dit niet willen zien is misschien naïef, dit wel willen zien getuigt in ieder geval van inzicht en pro-actief handelen.

En zij die de motie bestempelen als Nimby of zoals ik liever schrijf Nivea, "niet in voor en achtertuin", omdat we toch ergens heen moeten met het kernafval, accepteren veel te snel dat er een tweede kerncentrale moet komen. De beste manier om kernafval te voorkomen, is om geen kerncentrales te hebben. De natuur geeft ons al voldoende mogelijkheden om energie op te wekken. Met dank aan de zon, de wind en het water.



zaterdag, 24 december 2011

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Overheid heeft onafhankelijke toetsing fors ingeperkt

Overheid heeft mogelijkheden voor onafhankelijke toetsing van plannen fors ingeperkt.

Op 20 juni jl. ben ik naar de zitting geweest van de Rechtbank van Maastricht voor mijn beroep en dat van de Vereniging Milieudefensie tegen het verlenen van een bouwvergunning voor het Arcus College voor twee vestigingen in Terworm. Ik wist dat de ontvankelijkheid van zowel mij als Milieudefensie ter discussie zou worden gesteld. Op 2 september heeft de rechtbank uitspraak gedaan: beide niet ontvankelijk. De behandeling en de uitspraak hebben me toch wel extra aan het denken gezet.

De overheid heeft in de ruimtelijke ordening de laatste jaren veel veranderingen doorgevoerd, vooral in de mogelijkheden om via de rechter een onafhankelijke inhoudelijke toetsing te verlangen. De overheid bepaalt het speelveld en dat is tegenwoordig voor de burger sterk beperkt. Het is onaantrekkelijker gemaakt om te procederen en de kans op succes is verkleind.
Zo is de toetsing van de rechterlijke macht gemarginaliseerd. De rechter toetst ‘marginaal’ en dat betekent dat de rechters vooral bekijken of de procedures juist zijn gevolgd en dat een besluit niet tegen de eigen regels van de overheid indruist: “Is de overheid bevoegd om dit besluit te nemen?” Een van de argumenten die de overheid heeft gehanteerd bij deze inperking van de inhoudelijke toetsing is dat een inhoudelijk besluit dat is genomen door een democratisch orgaan ook als zodanig gerespecteerd moet worden. De rechter moet niet op de stoel van de politiek gaan zitten.
De politici hebben de taak om deze keuzes te maken. Hier is tegenin te brengen dat tegenwoordig veel besluiten niet worden genomen door het democratische orgaan zelf, maar door de bestuurders (college van burgemeester en wethouders, gedeputeerde staten of het kabinet). Bestuurders hebben onder andere met de invoering van het dualisme en door vergaande mandatering van bevoegdheden de macht gedeeltelijk naar zich toe getrokken. Gemeenteraad, provinciale staten of Tweede Kamer kunnen en moeten hun bestuurders natuurlijk controleren, maar controleren is vanwege de veelheid aan onderwerpen en ook het lagere kennis- en informatieniveau moeilijk. Zeker bij raden en staten ‘winnen’ de professionele bestuurders, gesteund door de ambtenaren, het vaak (gemakkelijk) van de amateur – volksvertegenwoordigers. En vlak ook het politieke gehalte niet uit dat de meerderheid, zijnde de coalitiepartijen, vaak gedwongen is om zijn eigen wethouders (en politieke kopstukken) niet af te vallen.

De keuze voor welk planologisch instrument wordt gebruikt, is hierbij vaak van doorslaggevend belang. Het bestemmingsplan is het meest omvattend planologisch plan met juridische waarborgen van een zorgvuldige vaststelling door de gemeenteraad en een beroepsmogelijkheid plus (onafhankelijke) toetsing door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Alleen is de rol van de provincie sinds de meest recente grote verandering van de Wet ruimtelijke ordening verkleind omdat ze geen bestemmingsplannen meer goedkeuren. Daar staat tegenover dat de provincie nu los van de gemeente een provinciaal ‘inpassingsplan’ mag maken (zie Buitenring Parkstad Limburg). En de Afdeling Bestuursrechtspraak toetst tegenwoordig marginaal. Over het algemeen worden er tegenwoordig minder project- en bestemmingsplanprocedures voor nieuwe ontwikkelingen of bouwplannen gevoerd. Maar ook vroeger werden bestemmingsplanprocedures op grote schaal omzeild door zogenaamde artikel 19 procedures.

De nieuwbouw van Arcus is een groot plan met veel ruimtelijke consequenties. De gemeente en ook Arcus erkennen dat dit bouwplan een majeur plan is. Dat is onder andere herkenbaar aan de vele belangen en ‘omgevingsvraagstukken’ die aan de orde zijn. Denk maar aan de locatiekeuze (Terworm of CBS-weg), het verkeer- en vervoerplan, parkeren (in de buurten erom heen), luchtvervuilingsproblematiek, raakvlakken met het natuurbelangen enz. Voor de twee gebouwen is een stapel papier van 20 centimeter aan teksten en tekeningen geproduceerd. Maar amper voor de gebouwen zelf. De bouwvergunning voor de gebouwen wordt in een tweede fase verleend. Tijdens de zitting ging het ook over van alles behalve de gebouwen zelf.
Je zou verwachten dat voor zo’n ingrijpend plan een stevige ruimtelijke ordeningsprocedure wordt gekozen. Het is raar maar mogelijk dat dit grote plan met al zijn consequenties procedureel via het verlenen van een bouwvergunning wordt geregeld. En dus dat al die verstrekkende belangen (de locatiekeuze, verkeer, natuur enz.) kunnen worden aangemerkt als algemeen belang van een goede ruimtelijke ordening. Met iedereen als belanghebbende, ook in de beroepfase.

Al deze belangen worden afgedaan via een procedure van een bouwvergunning waarbij vrijstelling wordt verleend van het bestemmingsplan. De Provincie Limburg heeft de mogelijkheden om deze procedure te kiezen enkele jaren geleden sterk verbreed. Vrijstelling houdt in dat het bestemmingsplan hier niet meer hoeft te worden nageleefd en dat er ook geen nieuwe bestemmingsplanprocedure hoeft te worden gevolgd als men een (bouw)plan heeft dat niet in het bestaande bestemmingsplan past. De gemeenteraad stelt weliswaar bestemmingsplannen vast, maar B&W hoeven zich daar niet aan te houden. B&W moeten dat natuurlijk wel beargumenteren. Maar in essentie hebben B&W de gemeenteraad uitgeschakeld.

Bij de procedure voor een bouwvergunning mag iedereen inspreken op het ontwerpplan. En B&W moeten ook een rapport maken hoe ze met die zienswijzen omgaan. In het geval van Arcus heeft de gemeente nog best veel aanvullend onderzoek gedaan naar aanleiding van de zienswijzen. (Onder andere een nieuw luchtkwaliteitsonderzoek).
Maar als B&W de bouwvergunning verleend hebben, zijn de mogelijkheden om in beroep te gaan bij de rechtbank ineens veel geringer. Je moet dan ook ‘belanghebbend’ zijn. Het begrip ‘belang hebbend’ wordt wel heel erg eng uitgelegd. Hiervoor geldt een soort afstandscriterium. Burgers zijn alleen ontvankelijk als ze binnen een bepaalde afstand van het nieuwe gebouw wonen. Bij grote gebouwen is dat zo om en nabij 250 – 300 meter en bij kleine gebouwen minder dan 100 meter.
Daar heeft de nieuwe Crisis- en herstelwet nog een schepje bovenop gedaan: vanuit de woonplek moet men dit gebouw ook nog kunnen zien.
De combinatie afstand en zicht leidde bij de vestiging voor de Arcus opleidingen Techniek achter de Hogeschool Zuyd ertoe dat er geen enkele burger ontvankelijk wordt verklaard. Dit bouwplan heeft daardoor helemaal geen inhoudelijke rechterlijke toetsing gekregen. Of dat de bedoeling is van de wetgever? Het komt de gemeente natuurlijk wel erg goed uit dat op deze manier het bouwplan van Arcus immuun is gemaakt voor maatschappelijke weerstand.

Deze weerstand kan ook worden geboden door rechtspersonen met doelstellingen die verband houden met ruimtelijke ordening, bijvoorbeeld de natuur- en milieuverenigingen. Vanuit de statuten worden deze verenigingen en stichtingen als belanghebbend aangemerkt als er aspecten aan de orde zijn die tot hun doelstellingen behoren. Maar in Heerlen is de kracht van de natuur- en milieubeweging de laatste jaren sterk ingeboet. Onder andere door gebrek aan menskracht is het IVN niet erin geslaagd om in beroep te gaan. De Vereniging Milieudefensie heeft wel beroep aangetekend. Pech daarbij is dat Milieudefensie (mede door mijn toedoen) een amateuristische maar cruciale vormfout heeft gemaakt bij het indienen van het beroepschrift. Het beroepschrift werd ingediend via een webapplicatie van de rechtbank in plaats van per post of fax. Via internet indienen van beroepen staat formeel alleen open voor burgers en niet voor rechtspersonen.
De rechtbank heeft deze vormfout zo zwaar geacht, dat ook Milieudefensie niet-ontvankelijk wordt verklaard. Dat is toch wel triest. Het beroepschrift was op tijd en in goede orde bij de rechtbank ontvangen getuige de ontvangstbevestiging. In deze tijd is blijkbaar de wijze van bezorgen doorslaggevend om aan inhoudelijk recht spreken toe te komen. De rechters zijn hiermee op een gemakkelijke manier van een moeilijke beslissing afgekomen? Dit was in ieder geval niet de meest moedige weg. Voor mij bewijst het ook dat deze rechters, maar wellicht ook de rechterlijke macht over het algemeen, zich hebben neergelegd bij de inperking van hun reikwijdte om beslissingen te nemen.

In vergelijking tot de vormfout van de Vereniging Milieudefensie komt de gemeente wel erg goed weg. De overheid mag zich blijkbaar wel heel veel permitteren. Ik noem behalve de toetsing van de locatiekeuze drie planologische missers.
1. Het gebouw achter de hogeschool mag worden gebouwd op een plek waar de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in 1999 het vorige bestemmingsplan Geleendal – Eyckholt (het huidige bedrijventerrein Coriopolis) heeft vernietigd. Dit gebied diende bij de natuurlijke bufferzone van Terworm te worden getrokken. Volgens artikel 30 van de Wet ruimtelijke ordening moet de gemeente het door een uitspraak van de Raad van State vernietigde bestemmingsplan repareren en dus voor die delen een nieuw bestemmingsplan opstellen. Dat heeft de gemeente nagelaten en dat kwam nu dus goed uit.
2. Op een groot deel van de huidige bouwlocatie achter de Hogeschool Zuyd is een tijdelijke parkeerplaats aangelegd. Hiervoor is artikel 17 van de Wet ruimtelijke ordening gebruikt die een voorziening voor maximaal vijf jaar toestaat. Na die vijf jaar is de parkeerplaats ook een poos gesloten geweest (maar nu weer in gebruik). De parkeerplaats had eigenlijk opgeruimd moeten worden en het gebied weer teruggegeven aan de natuur. De gemeente kon hier straffeloos de wet overtreden met als bijkomend voordeel dat het nu gebruikte onderzoek naar natuurwaarden op deze plek natuurlijk totaal niets opleverde.
3. De gemeente heeft aangegeven dat de oppervlakte natuur op de bouwplekken van Arcus zou worden gecompenseerd in het gebied Ransdalerveld. Op zich niet zo veel tegen in te brengen, ware het niet dat inmiddels duidelijk is dat dit in de praktijk naar alle waarschijnlijkheid niet zal lukken. Een loze belofte van de gemeente. Het betreffende project (een landinrichting nieuwe stijl) is enkele jaren geleden een stille dood gestorven. En de Ecologische Hoofdstructuur heeft sindsdien ook sterke inperkingen gekregen.
De Provincie Limburg heeft overigens zeer goed geholpen bij het mogelijk maken van bouwplannen in natuurgebieden. Potentiële natuur kan worden vernietigd door de planologische bescherming van de natuur en in het bijzonder de Ecologische Hoofdstructuur sterk in te perken. Dit geldt over het algemeen en in het bijzonder in Terworm. De formeel beschermde gebieden van Terworm zijn doelbewust krap getekend vanwege de andere bedoelingen van de gemeente. Er is bij de begrenzing geen rekening gehouden met de feitelijke (potentiële) natuurwaarden, zoals die in gedegen onderzoek is vastgelegd (en door de uitspraak van de Raad van State bevestigd). En de natuurontwikkeling langs de Valkenburgerweg is verplaatst, al is mij niet bekend waar naar toe.

Dit alles is dus niet getoetst door de rechtbank. En dit vindt zijn oorsprong in de keuze van de planologische procedure door de gemeente. En als ik dan politiek doorredeneer kom ik uit bij een wethouder die (al dan niet con amore) gesteund door de ambtenaren, zijn doorzettingsmacht gebruikt, onvoldoende gehinderd door de meerderheid van de gemeenteraad (coalitie). Deze beperkingen in de democratie en in de planologische besluitvorming kunnen niet meer worden rechtgezet in een beroep op onafhankelijke toetsing. Dat geldt voor het geval Arcus – Terworm, maar ook over het algemeen hapert hier regelmatig ons systeem van ruimtelijke ordening.

En deze planologische onvolkomenheid staat niet op zichzelf. De overheden beschermen zich vaker tegen kritische burgers. De Crisis- en herstelwet heeft de mogelijkheden voor beroep ingeperkt, overheden mogen niet meer onderling procederen (vooral van belang bij de Buitenring) en er mogen geen beroepsgronden of onderzoeken meer worden toegevoegd aan het beroepschrift.
Wordt natuur nog vaak gezien als een linkse hobby; een gezonde leefomgeving, verkeer en vervoer enz. gelden als algemene belangen. Maar met de inperking van criterium ‘belang hebben’ worden dus nagenoeg alle burgers uitgesloten van de rechtsgang. Daarnaast wordt het door de verhoging van de griffierechten zo onaantrekkelijk mogelijk gemaakt om je recht te halen. Dat ‘waag het niet om tegen een overheidsbeslissing in beroep te gaan’ is verder versterkt door verenigingen en stichtingen te dreigen om de subsidie in te trekken als men planologische procedures wil voeren als overleg niets oplevert (waarbij het regelmatig voorkomt dat de overheid zijn zin wil doordrijven).

Dit bestuurlijke handelen is dubieus omdat de overheid ten opzichte van zichzelf niet onafhankelijk is. Het is niet alleen ingegeven door de zorg voor een voldoende zorgvuldige belangenafweging en besluitvorming. Het immuun maken van zichzelf is een eigenbelang dat blijkbaar zwaar meetelt. Het is belangenverstrengeling dat de burger buitenspel zet. Overheden en daarbinnen de machtigere bestuurders drijven hun zin door. De rechtstaat brokkelt hiermee ontoelaatbaar af.

geschreven: 22 oktober 2011

vrijdag, 23 december 2011

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Collectieve inkoop zonnepanelen Natuur & Milieu

In duurzaamheid, asn-bank, collectief inkopen, duurzaam bouwen, duurzaam wonen, duurzame energie, energie, stichting natuur & milieu, zon zoekt dak, en meer.

Na een lange radiostilte is Zon Zoekt Dak, de collectieve inkoopactie voor zonnepanelen van stichting Natuur & Milieu, weer tot leven aan het komen. Het doel van Natuur & Milieu met het project Zon zoekt dak is een doorbraak voor particuliere zonne-energie in Nederland bewerkstelligen.Wat dat betreft lijkt het project erg op WijWillenZon van Urgenda en 123 Zonne-energie van Vereniging Eigen Huis. Nudge en Zon-IQ kiezen met Zonnekracht en buurtburgemeesters een andere aanpak, waarbij ze inzet op collectieve inkoop per wijk.

BTW verlaging voor zonnepanelen

Als eerste stap heeft Natuur & Milieu op 25 oktober bijna 18.000 handtekeningen voor verlaging van BTW voor zonnepanelen aangeboden aan de leden van de Commissie Financiën van de Tweede Kamer. De btw-verlaging van 19 naar 6% is volgens de ondertekenaars nodig omdat er momenteel geen andere stimuleringsmaatregelen zijn voor zonne-energie op daken van particulieren. Hoewel de Tweede Kamer Commissie erkende dat het noodzakelijk was om woningeigenaren te ondersteunen met het installeren van zonne-energie, vonden de leden het nu niet opportuun om hiervoor bij de minister te pleiten. Natuur & Milieu en haar partners blijven zich inzetten om een verlaging van de kosten van zonne-energie te realiseren.

De inkoopactie

Het vervolg begint nu ook vorm te krijgen. Begin volgend jaar lanceren Natuur & Milieu en de ASN Bank een collectieve inkoopactie om de aanschaf en installatie van zonnepanelen voor particulieren gemakkelijker te maken. Momenteel is Natuur & Milieu op zoek naar de beste leverancier van zonnepanelen die woningeigenaren het beste aanbod van Nederland gaat aanbieden. Het voordeel van deze collectieve inkoop is dat Natuur & Milieu alles regelt: een scherpe prijs, goede kwaliteit en de installatie van de panelen. Net als bij 123 zonne-energie van Vereniging Eigen Huis en in tegestelling tot WijWillenZon waar je zelf voor de installatie moest zorgen.

De ASN Bank wil het klimaatprobleem helpen oplossen en duurzame energie bevorderen. Daarom steunt ze Natuur & Milieu. Financieel, via haar communicatie, en door onderzoek. De ASN Bank heeft mogelijke leveranciers van de zonnepanelen en randapparatuur voor Zon zoekt Dak beoordeeld. Bijvoorbeeld op hoe zij en hun toeleveranciers omgaan met mensenrechten en milieu. Volledige zekerheid is lastig te geven. Maar de ASN Bank heeft het uiterste gedaan om zich ervan te vergewissen dat de zonnepanelen worden gemaakt met respect voor mens, natuur en klimaat.

Het aanbod van Zon zoekt dak is beperkt geldig. In januari maakt Natuur & Milieu bekend wie de winnende aanbieder is. Als je op de hoogte wilt blijven van de ontwikkelingen rond Zon zoekt dak kun je aanmelden op de website van Zon zoekt dak.

woensdag, 21 december 2011

Ruard Ganzevoort

Ruard Ganzevoort

Twitter

Mens, dier en religie

Verschenen in De Cascade 8(2), opinieblad van stichting Cosmicus

De afgelopen maanden is er veel discussie geweest over het wetsvoorstel dat een einde moet maken aan de onverdoofde rituele slacht. Uiteindelijk stemde de Tweede Kamer in met een bijna volledig verbod. Er kon alleen een uitzondering worden gemaakt als er onafhankelijk bewijs zou zijn dat onverdoofde rituele slacht geen extra dierenleed veroorzaakt. Op het moment dat ik dit schrijf, moet de Eerste Kamer nog beslissen over dit wetsvoorstel. Ik krijg dan ook als Eerste Kamerlid een grote verzameling mails, brieven, documenten, filmpjes en nog meer met de bedoeling mij de ene of de andere kant op te bewegen.

Het is een moeilijke afweging omdat het gaat over dierenwelzijn en godsdienstvrijheid. Daaronder ligt echter nog een andere vraag: hoe denken we over de verhouding tussen mens en dier? Die vraag speelt in religies een belangrijke rol, omdat het daarin gaat over wat nu het eigene is van mens-zijn. En dat eigene wordt duidelijk als we kijken naar het verschil tussen mens en dier en tussen mens en godheid. Daarom zijn er in veel religies ook allerlei regels en taboes die ervoor moeten zorgen dat de mens zich niet gaat gedragen als de dieren en zich ook niet inbeeldt dat hij goddelijk is.

Ideeën over die relatie tussen mens en dier gaan natuurlijk een heel bijzondere rol spelen als het gaat over het doden van dieren. Daarom gelden er in de Joodse godsdienst en de Islam heel precieze regels bij dat doden. In de kern van de zaak hebben die met respect voor het dier te maken. Als je dan toch een dier doodt, zorg er dan voor dat het zo snel en pijnloos mogelijk doodbloedt. Er zijn verschillen tussen de Joodse en Islamitische rituele slacht, maar deze basis van respect speelt bij allebei mee.

Het is daarom ook voor Joden en Moslims een pijnlijke ervaring dat er over hun rituele slachtmethoden gezegd wordt dat die barbaars en dieronvriendelijk zijn. Vanuit hun traditie stond juist zorg voor het dier centraal, en ook het besef dat het niet vanzelfsprekend is dat je een dier, een medeschepsel, van het leven berooft. Ze waren ervan overtuigd dat ze zorgvuldig met dieren omgaan door hen volgens hun religieuze regels te doden. En dan opeens zo’n verwijt…

Het verwijt doet des te meer pijn omdat de gewone industriële manier waarop we in Nederland met dieren omgaan ver afstaat van datzelfde respect. Jaarlijks worden er 500 miljoen dieren gekweekt en geslacht. Opgesloten, verminkt, van hot naar her gesleept en gedood. Hier zijn dieren niet in de eerste plaats levende wezens, medeschepselen, maar producten in een economisch proces. Natuurlijk zijn er volop boeren met hart voor hun dieren, maar we zijn toch ver verwijderd geraakt van de klassieke boerderij waar mens en dier samen leefden.

Drie visies

Eigenlijk zijn er vandaag de dag drie fundamenteel verschillende visies op de relatie tussen mens en dier. De eerste, die we bij sommige dierenactivisten vinden, ziet mens en dier als gelijkwaardig. Eigenlijk zijn mensen natuurlijk ook dieren, en met elkaar maken we deel uit van het totale ecosysteem. Er is eigenlijk geen reden waarom de mens zomaar over het leven van dieren zou mogen beschikken. Vaak leidt dit tot een keuze voor vegetarisch leven, of zelfs veganistisch: geen enkel dierlijk materiaal wordt gebruikt, ook geen wol of melk. Het is een nobele visie, maar natuurlijk zitten er grenzen aan. Er is nu eenmaal ook verschil tussen mensen, apen, koeien, ratten, kikkers, wespen, enzovoorts. Bijna niemand beweert dat alle dieren op dezelfde manier ons respect en bescherming verdienen en dus niet gedood mogen worden. De vraag is alleen waar we de grens trekken.

De tweede visie is er een van industriële omgang met dieren. Hier zijn dieren vooral productiemiddelen die zo efficiënt mogelijk moeten worden ingezet voor de productie van vlees, melk, eieren. Zorg voor de dieren is hier vooral ingegeven door de wens te voorkomen dat dieren ziek worden en dus meer gaan kosten. Veel consumenten gaan eigenlijk ook zo met dieren om. Ze houden enorm van hun huisdieren, die soms bijna als kinderen voor hen zijn. Maar het lapje vlees moet vooral onherkenbaar zijn, een industrieel product waaraan je niet meer kunt zien dat het een levend wezen was. Het dier is een ding.

Tussen die twee uitersten – het dier als gelijkwaardig aan de mens en het dier als ding – staat de derde visie die vindt dat de mens verantwoordelijk is voor deze wereld en dus ook voor de dieren. Bij deze visie, die we ook in veel religies herkennen, mag de mens op zich beschikken over dieren, maar moet de mens er ook voor zorgen dat dieren een goed leven hebben. Het doden van een dier moet dan ook met respect gebeuren en zoveel mogelijk leed vermijden. Maar ook hier zitten grenzen aan, want de manier waarop dieren elkaar doden, is vaak minstens zo gruwelijk, en dan laten we de natuur zijn gang gaan.

Kan het beter?

Waarschijnlijk zullen de meeste mensen het wel ongeveer met de derde visie eens zijn. We vullen het steeds net een beetje anders in, maar er lijkt consensus dat dieren geen mensen en geen dingen zijn en dat respect de basis voor de omgang moet zijn. Als dat zo is, dan is er dus ook alle reden om kritisch te zijn op alle situaties waar dat respect in het geding is. Bijvoorbeeld in de industriële veehouderij met haar megastallen en massale slacht. Maar ook in de rituele slachtpraktijk is heel veel te verbeteren. Vele eeuwen geleden koos men voor een bepaalde manier van slachten omdat dat de meest zorgvuldige en diervriendelijke manier was. Maar dat was wel ‘met de kennis van toen’. Het kan geen kwaad om vandaag de dag opnieuw na te denken over de vraag hoe we zorgvuldig met dieren omgaan als we ze doden.

Wat dat betreft, hoop ik dan ook dat de discussie over het verbieden van de onverdoofde rituele slacht Moslims en Joden aan het denken zet. Bij de huidige discussie komt de nodige polarisatie mee. Het lijkt me ook moeilijk die te vermijden, want de gevoelens gaan diep en de gevolgen zijn groot. Bij voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel gaan de hakken dan ook in het zand en dat leidt tot soms onaangename discussies. Maar als de rook is opgetrokken en een definitief besluit is genomen (welk besluit ook), staan de samenleving als geheel en de religieuze gemeenschappen in het bijzonder voor de vraag welke stappen we kunnen zetten om dierenwelzijn te bevorderen. Want kennelijk is dat het doel van de dierenbeschermers zowel als van degenen die de rituele slacht verdedigen.

Als het stof is neergedaald, kunnen de dierenbeschermers hun aandacht richten op de omgang met productiedieren en hopelijk krijgen ze daar dan ook kamermeerderheden voor (al moet ik zeggen dat ik niet heel erg hoopvol ben op dit punt). En als het stof is neergedaald, kunnen Joden en Moslims stappen gaan zetten om hun rituele slachtpraktijk te verbeteren. De teelt en aanvoer van dieren, de bejegening, de zorgvuldigheid bij het slachten, er zijn zeker punten van verbetering te vinden. En ook kan de discussie gevoerd worden of er vormen van verdoving zijn die aansluiten bij de intenties van de geloofsregels. Ook religieuze tradities blijven namelijk altijd in beweging. Het kan ook van religieuze wijsheid getuigen om oude tradities nog eens kritisch te bekijken.

De kunst zal zijn om niet te blijven steken in de polarisatie en makkelijke vijandbeelden, maar constructief te kijken hoe we dierenwelzijn kunnen verbeteren in zowel de industriële als de rituele slacht. Want over die intentie zijn we het kennelijk eens. Als dierenwelzijn doel is van dierenbeschermers en religieuze gemeenschappen, dan moet er een constructief gesprek mogelijk zijn.


Menno Slaats

Menno Slaats

Hyves Last.fm Twitter DWARS

De 'kortste' dag van het jaar

Rond 21 december is het weer de 'kortste' dag van het jaar. De zon komt op om 8:41 uur en gaat weer precies 7:50 uur later onder om 16:31 uur.

Daarmee is het 8:48 uur korter licht dan op de 'langste' dag van het jaar, 21 juni.

zonneuren

In bovenstaande grafiek is duidelijk het verschil te zien tussen de zonsopkomst in de herfst en winter en de lente en voorjaar.

Zo komt de zon pas op om 08:44 uur op 30 december, terwijl de zon op 21 juni al om 5:21 uur opkomt! Een verschil van 3:23 uur (gebruikmakend van zomer- en wintertijd).

Maar als je kijkt naar het verschil tussen zonsondergang is het verschil des te groter. De zon gaat op 15 december om 16:29 uur de zon onder, maar op 21 juni pas om 21:59 uur. Een verschil van 5:30 uur (gebruikmakend van zomer- en wintertijd)!

Even wat feitjes op een rij:

  • De 'laatste' zonsopkomst is op 30 december om 08:44 uur
  • De 'vroegste' zonsopkomst is op 21 juni om 5:21 uur
  • De 'vroegste' zonsondergang is op 15 december om 16:29 uur
  • De 'laatste' zonsondergang is op 21 juni om 21:59 uur
  • De 'kortste' dag duurt 7:50 uur
  • De 'langste' dag duurt 16:38 uur
  • Verschil tussen 'laatste' en 'vroegste' zonsopkomst is 3:23 uur
  • Verschil tussen 'vroegste' en 'laatste' zonsondergang is 5:30 uur
  • De zon staat op 21 december 15,18° boven de horizon
  • De zon staat op 21 juni 62° boven de horizon

Zoals je goed kunt merken staat de zon deze dagen erg laag, namelijk maar 15,18° boven de horizon.

IMG_3596

Terwijl de zon op 21 juni 62° boven de horizon staat.

cumulatiehoogte

De gegevens zijn trouwens voor Eindhoven, wanneer je bijvoorbeeld Den Haag neemt, komt 21 december de zon op om 8:49 uur en gaat onder om 16:33 uur. Kortom, daar duurt de kortste dag dus maar 7:44 uur.

Door de lage stand van de zon en het beperkt aantal uren licht, krijg je al snel een erg donkere dag wanneer het bewolkt is.

Maar niet getreurd, na een enigszins moeilijke 'start' worden de dagen weer snel langer!

Zo is het op 31 januari alweer een ruim uur langer licht dan op 21 december! En voor je het weet is het alweer de 'langste' dag van het jaar! Kortom, nog maar 26 weken wachten en dan is het weer 21 juni!

dinsdag, 20 december 2011

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Ieder mens maakt zijn eigen werkelijkheid

In samenleving algemeen, noord-korea, omgevingsbewustzijn, overheid, werkelijkheid, bestuur, debat, leider, lezen, en meer.

kim-jong-il-looks-31Ieder mens maakt zijn eigen werkelijkheid. Dat zit in onze natuur. Kim Jong Il (”I didn’t know Kim Jong was il!” was een goede grap die ik gisteren hoorde) kon tot in extremis zijn eigen werkelijkheid  maken. Er was niemand die hem tegensprak. Niemand die hem wees op gevolgen. Het is niet uniek dat mensen op hoge posities de werkelijkheid vervormen door gebrek aan weerwoord. Soms maken ze het er zelf naar en soms is de omgeving te bescheiden of te bewonderend om het weerwoord te geven. De vertrokken directeur van het COA en Cruyff, zijn namen die me nu zo te binnen schieten. Hun leren te veranderen is vermoedelijk tevergeefs. Hooguit hebben schade & schande een gevolg, maar die kan ook negatief zijn: bevestigen dat hun aannames klopten, zij gelijk hebben en de rest niet.

Het percipiëren van een eigen werkelijkheid lijkt met deze voorbeelden ongewenst en fout. Dat kan het worden, maar is het niet. Het is ook een vorm van zelfbescherming en daarmee een middel om zelfvertrouwen te hebben. Samenlevingen waar mensen het recht op het vormen van eigen meningen wordt misgund, munten niet uit in zelfbewuste burgers. Zie wederom Noord-Korea en vindt hierin een mogelijke verklaring voor de enorme klaagzangen en publieke treurnissen na de dood van de Grote Leider. In onze samenleving is het iedereen gegund een eigen werkelijkheid te hebben. Dat gaat gepaard met vrije meningsuiting. Maar dat wil niet zeggen dat het dus ook alleen maar goed is. Voor een gezonde beleving van de eigen werkelijkheid is debat noodzakelijk. Zonder debat ontspoort het, zoals bij Albayrak en Cruyff. Met debat worden mensen gedwongen tot dynamiek: hun werkelijkheid is geen statisch gegeven maar erodeert al naar gelang wie ze spreken, wat ze lezen en zo voort.

Er zijn beroepen die dit type van confrontaties ook bewust moeten opzoeken. Beroepen die het wel en wee van de samenleving of een bedrijf of organisatie bepalen. Privé is het hun gegund een werkelijkheid te percipiëren en daar zonder of met tegenspraak bij te blijven, zakelijk is het de eis dat ze daar juist actief mee bezig zijn. Ze moeten zichzelf steeds de vraag stellen of zoals zij het zien anderen dit ook zo zien. Met die vorm van omgevingsbewustzijn kunnen ze beter inschatten waar ze ferm of juist ontvankelijk moeten zijn, waar ze kunnen versnellen of juist vertragen. Ik ben er van overtuigd dat hoe meer overheden met een goede dosis omgevingsbewustzijn opereren, hoe meer men aansluiting vindt op de gehorizontaliseerde werkelijkheid waar de Raad voor Openbaar Bestuur  vorig jaar over adviseerde. Een mondige en assertieve samenleving, kenmerkend voor de horizontalisering, wil gezien en gehoord worden. Een overheid die met de juiste voelhoorns werkt zal vertrouwen winnen.

Noord-Koreaanse toestanden gelden inmiddels als spreekwoordelijk voor de manie en branie waarmee het land is geleid en de effecten die dat heeft gehad op de bevolking. Zeker geen wenkend perspectief. Wel een nuttig schrikbeeld. En voor Nederlanders vermoedelijk een overbodige, hoewel voor sommige politiek populisten ook bij momenten verleidelijk. Macht is onder meer jouw redeneerwijze en ideeën zo breed mogelijk te laten landen. Als jij de rechtsstaat aanvalt en en velen volgen jouw beweegreden en oordeel, dan is dat macht. En als dan het weerwoord stokt, kan die macht zo maar beklijven en electoraal vertaald worden.

Dat roept ook de vraag op hoe ‘eigen’ ieders werkelijkheid is. Of vraag…. Ik denk wel dat je kunt stellen dat er sprake is van een hoog gehalte copy & paste. Maar beter goed gejat dan slecht bedacht. En uiteindelijk gaat het om de kwaliteit van argumenten en houdbaarheid van denkbeelden.  Die worden getoetst door debat en door open te staan voor andere meningen. Daar heeft de Nederlandse samenleving een voortdurende uitdaging in en hebben onze overheden en bedrijven een permanente opdracht in.

zondag, 18 december 2011

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Afdeling Bestuursrechtspraak RvS vernietigt plan Buitenring

Hieronder het officiële persbericht over de vernietiging van de Buitenring.

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het provinciale inpassingsplan vernietigd dat de aanleg van de Buitenring Parkstad Limburg mogelijk maakt. Dit blijkt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van vandaag (7 december 2011). Tegen het plan van de provincie Limburg waren bijna 125 organisaties en particulieren in beroep gekomen, waaronder de Limburgse Milieufederatie, Natuurmonumenten en de Stichting Stop Buitenring. Tegen de uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.

Het plan maakt de aanleg van Buitenring Parkstad Limburg mogelijk. Het tracé van deze ringweg met een totale lengte van 26 kilometer loopt door de gemeenten Nuth, Heerlen, Schinnen, Brunssum, Onderbanken, Landgraaf en Kerkrade.

De Raad van State is van oordeel dat er geen 'toereikend inzicht bestaat in de gevolgen van de weg voor de beschermde natuurgebieden 'Brunssummerheide' en 'Geleenbeekdal'. De aanleg van de buitenring leidt tot meer autoverkeer ter hoogte van die natuurgebieden en dus tot een toename van de uitstoot van stikstof op de kwetsbare natuur. Het betoog van de provincie Limburg dat deze stijging voldoende wordt gecompenseerd door het schoner worden van de automotoren, heeft de Raad van State niet overtuigd. De provincie had duidelijk moeten maken hoe hoog de toename van de stikstofuitstoot is en hoe deze zich verhoudt tot de al bestaande stikstofuitstoot op de natuurgebieden, aldus de hoogste bestuursrechter. Dit inzicht is nodig omdat in de natuurbeschermingsregels is bepaald dat de provincie zich ervan moet verzekeren dat de 'natuurlijke kenmerken' van de beschermde natuurgebieden door het inpassingsplan niet worden aangetast.

Nagenoeg alle overige bezwaren die tegen het plan waren ingediend konden niet slagen, aldus de hoogste bestuursrechter.

Vanwege de samenhang van het deel van het tracé dat door de natuurgebieden loopt met het resterende tracé voor de buitenring, heeft de Raad van State besloten het gehele inpassingsplan te vernietigen. Dit hoeft niet te betekenen dat de buitenring helemaal van de baan is. De provincie Limburg kan besluiten om een nieuw plan voor de buitenring vast te stellen. Daarbij zal de provincie rekening moeten houden met het oordeel van de Raad van State in deze uitspraak.

Klik hier voor de uitspraak BU7002 van de Afdeling.

donderdag, 15 december 2011

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

Echte wetenschap berust op liefde: de filosofie van mijn opa

In geen categorie, christendom, filosofie, liefde, wetenschap, begrip, bezig, bijbel, boodschap, en meer.

19 maart 2010. Het is frappant hoezeer mijn grootvader
voorin de twintigste eeuw tot dezelfde fundamenten voor zijn levensopvatting
kwam als ik twee generaties later. Dat besefte ik pas ver na zijn dood toen ik
zijn opstellen onder ogen kreeg. Liefde, openbaring en wonderen verbond mijn
opa met een pleidooi voor eigen oordeelsvorming, het verwerpen van geloof
louter op grond van gezag, de wetenschap als toetssteen en de wens inzichten in
het dagelijkse leven te kunnen gebruiken. Voor mij leidde de antroposofie tot in
wezen dezelfde overtuigingen.

 

Mijn opa heb ik meegemaakt tot ik ongeveer zes jaar was. Hij
was een aimabele man, die graag een gulden of zelfs rijksdaalder op een wondje
legde als je daarmee thuiskwam. Hij speelde Bach en kerkgezangen op het
harmonium. Vijf en twintig jaar was hij als gemeentesecretaris een van de
bekende persoonlijkheden in Zwijndrecht, het tuindersdorp waar mijn vader
opgroeide, dat in mijn kinderjaren veranderde in een overloopgebied voor op
Rotterdam georiënteerde forensen. Ik voelde mij zeer aangetrokken tot mijn opa
zonder dat ik wist waarom. In de nalatenschap van mijn vader ontdekte ik later
zijn gedichten, gelegenheidsverzen en afleveringen van zijn column “Brief uit
Holland”, vermoedelijk uit “Nieuws van de week”, dat in Nederlands Indië (nu
Indonesië)  verscheen. Hij schreef
eveneens in het blad voor gereformeerde gemeentesecretarissen.

 

Ik trof ook twee lezingen “Over het Christendom” aan, die
hij vermoedelijk in de jaren dertig in Dordrecht gaf. De ontdekking dat mijn
opa zich in zijn leven bezig heeft gehouden met dezelfde fundamentele vragen als
ik ontroerde mij. Opgegroeid in een ongelovig milieu in Drachten werd hij in
een christelijke studentenvereniging met het christendom geconfronteerd. Na
Nietsche en Freud bestudeerd te hebben, verdiepte hij zich toen in het
christendom. Tot zijn verrassing vond hij hier antwoorden op vele vragen. In de
kern vormde hij zich zo de volgende visie.

 

Alleen door een werkelijk belangeloze toewijding aan een
onderwerp, dat wil zeggen door christelijke liefde, geeft de natuur haar
geheimen prijs. De natuurwetenschap in West-Europa is geboren toen de
menselijke geest genoeg geschoold was in de oefeningen van de Middeleeuwse
theologie. Sinds Descartes nemen wij de waarheid echter niet meer op gezag aan,
maar alleen als zij ons als zodanig blijkt. Descartes kwam op tegen de
denkmethode van de scholastische theologie, die volgens de methode van het
gezag redeneerde. De autoriteiten die deze methode volgde waren Aristoteles en
de Bijbel. Volgens mijn opa kwam Descartes’ protest tegen de gezagsmethode
juist voort uit een christelijke waarheidsdrang. Descartes ging volgens hem te
ver door het geloof aan het eigen oordeel en aan de zintuiglijke waarneming als
onverenigbaar met het geloof op gezag voor te stellen. Want, aldus mijn opa, op
de zuivere waarneming geeft de natuur haar geheimen niet prijs. Men moet zijn
object liefhebben. Ook in de internationale politiek kan vrede alleen tot stand
komen als men bereid is zijn vijanden lief te hebben. Wie liefheeft, ziet de
feiten heel anders. Begaafdheid voor een vak wil zeggen de gave om dat vak te
kunnen liefhebben. Het begrip wordt ons gegeven door  “ingevingen”. Die noemt het christendom
ingevingen van de Heilige Geest. God zendt de Heilige Geest als een bode van
inzicht. Ook via Christus komt die boodschap tot ons. Gezag en oordeel lossen
zich op in een overkoepelende openbaring. De openbaring is in wezen een
bovenwetenschappelijk wonder.

Feiko van der Veen

Feiko van der Veen

GR

Echte wetenschap berust op liefde: de filosofie van mijn opa

In geen categorie, christendom, filosofie, liefde, wetenschap, bezig, bijbel, boodschap, column, en meer.

19 maart 2010. Het is frappant hoezeer mijn grootvader
voorin de twintigste eeuw tot dezelfde fundamenten voor zijn levensopvatting
kwam als ik twee generaties later. Dat besefte ik pas ver na zijn dood toen ik
zijn opstellen onder ogen kreeg. Liefde, openbaring en wonderen verbond mijn
opa met een pleidooi voor eigen oordeelsvorming, het verwerpen van geloof
louter op grond van gezag, de wetenschap als toetssteen en de wens inzichten in
het dagelijkse leven te kunnen gebruiken. Voor mij leidde de antroposofie tot in
wezen dezelfde overtuigingen.

 

Mijn opa heb ik meegemaakt tot ik ongeveer zes jaar was. Hij
was een aimabele man, die graag een gulden of zelfs rijksdaalder op een wondje
legde als je daarmee thuiskwam. Hij speelde Bach en kerkgezangen op het
harmonium. Vijf en twintig jaar was hij als gemeentesecretaris een van de
bekende persoonlijkheden in Zwijndrecht, het tuindersdorp waar mijn vader
opgroeide, dat in mijn kinderjaren veranderde in een overloopgebied voor op
Rotterdam georiënteerde forensen. Ik voelde mij zeer aangetrokken tot mijn opa
zonder dat ik wist waarom. In de nalatenschap van mijn vader ontdekte ik later
zijn gedichten, gelegenheidsverzen en afleveringen van zijn column “Brief uit
Holland”, vermoedelijk uit “Nieuws van de week”, dat in Nederlands Indië (nu
Indonesië)  verscheen. Hij schreef
eveneens in het blad voor gereformeerde gemeentesecretarissen.

 

Ik trof ook twee lezingen “Over het Christendom” aan, die
hij vermoedelijk in de jaren dertig in Dordrecht gaf. De ontdekking dat mijn
opa zich in zijn leven bezig heeft gehouden met dezelfde fundamentele vragen als
ik ontroerde mij. Opgegroeid in een ongelovig milieu in Drachten werd hij in
een christelijke studentenvereniging met het christendom geconfronteerd. Na
Nietsche en Freud bestudeerd te hebben, verdiepte hij zich toen in het
christendom. Tot zijn verrassing vond hij hier antwoorden op vele vragen. In de
kern vormde hij zich zo de volgende visie.

 

Alleen door een werkelijk belangeloze toewijding aan een
onderwerp, dat wil zeggen door christelijke liefde, geeft de natuur haar
geheimen prijs. De natuurwetenschap in West-Europa is geboren toen de
menselijke geest genoeg geschoold was in de oefeningen van de Middeleeuwse
theologie. Sinds Descartes nemen wij de waarheid echter niet meer op gezag aan,
maar alleen als zij ons als zodanig blijkt. Descartes kwam op tegen de
denkmethode van de scholastische theologie, die volgens de methode van het
gezag redeneerde. De autoriteiten die deze methode volgde waren Aristoteles en
de Bijbel. Volgens mijn opa kwam Descartes’ protest tegen de gezagsmethode
juist voort uit een christelijke waarheidsdrang. Descartes ging volgens hem te
ver door het geloof aan het eigen oordeel en aan de zintuiglijke waarneming als
onverenigbaar met het geloof op gezag voor te stellen. Want, aldus mijn opa, op
de zuivere waarneming geeft de natuur haar geheimen niet prijs. Men moet zijn
object liefhebben. Ook in de internationale politiek kan vrede alleen tot stand
komen als men bereid is zijn vijanden lief te hebben. Wie liefheeft, ziet de
feiten heel anders. Begaafdheid voor een vak wil zeggen de gave om dat vak te
kunnen liefhebben. Het begrip wordt ons gegeven door  “ingevingen”. Die noemt het christendom
ingevingen van de Heilige Geest. God zendt de Heilige Geest als een bode van
inzicht. Ook via Christus komt die boodschap tot ons. Gezag en oordeel lossen
zich op in een overkoepelende openbaring. De openbaring is in wezen een
bovenwetenschappelijk wonder.

John Jorna

John Jorna

Verbod op onverdoofd slachten

PRIMITIEVE RELIGIES

De Eerste Kamer was zeer kritisch over het initiatief wetsontwerp met een verbod op onverdoofd slachten, ingediend door Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren. Dat men zich inspant voor meer dierenwelzijn vind ik persoonlijk prima, maar het mensenwelzijn moet daarbij niet uit het oog worden verloren. Onze Marijke Vos sprak met afschuw over wat zij gezien had in een slachthuis waar kosher geslacht werd en een ander waar halal geslacht werd. Maar over de geestelijke pijn van Joden en Moslims hoorde ik geen woord.

Nu is slachten voor mensen, die er niet aan gewend zijn inderdaad geen prettig gezicht. Het tekent alleen maar weer hoever de moderne mens met een stedelijk leefpatroon verwijderd is geraakt van de praktijk van de voedselproductie. Minder dan een eeuw geleden kwam de huisslacht nog veel voor en de plaatselijke slager (=slachter) had zijn eigen slachterij aan huis. Op elke boerderij, maar ook bij veel landarbeiders en ook bij andere arbeiders op het geïndustrialiseerde platteland werd in het varkenskot een varken gemest. Een keer per jaar kwam de slachter. Het bloed werd zorgvuldig opgevangen om er bloedworst of balkenbrij mee te maken. Voor het hele gezin was het een feestelijke dag. Een mooi stuk vlees ging naar de pastoor of de dominee en ook de bovenmeester profiteerde mee. Bij de toenmalige schamele salarissen was dat maar goed ook. Over verdoving heb ik nooit wat gehoord. De buren van een slager hoorden vaak genoeg het gekrijs van de beesten en waren er aan gewend. Het was allemaal vanzelfsprekend. Voor de vegetariër van vandaag echter een afschuwelijke praktijk.

Toch waren de mensen van toen niet wreder dan wat in de natuur gewoon is. Dieren vormen de prooi van roofdieren. Ik moet zeggen, dat ik er slecht tegen kan als een van de vele katten achter de merels aan zit. Ik vind het prachtig op een mooie zomeravond zittend in de tuin naar het gezang van een merel te luisteren. Maar kattenliefhebbers vinden het doodnormaal als hun kat de zoveelste dode merel aan hun voeten deponeert. Hoeveel dierenliefhebbers kunnen niet genieten van die prachtige natuurfilms op Animal Planet, waar een luipaard of jaguar een jonge antilope achtervolgt, doodt en verslindt? Roofdieren zijn ook zeer inspirerend voor de mens. Een merk sportauto heet niet toevallig Jaguar. De Duitsers noemden hun tanks Tiger en Leopard. Sommige mensen zijn helemaal weg van vechthonden, ontlenen er zelfs status aan.

Zo bezien is de grote aandacht voor dierenwelzijn en de keus voor vegetarisch voedsel of veganisme een breuk binnen onze cultuur. Voor steeds meer mensen wordt het dier op gelijke hoogte gesteld als de mens. Het lijkt of het dier weer als een God vereerd wordt, zoals het Gouden Kalf bij de Israëlieten in de woestijn of de kat bij de Egyptenaren. Wordt dierenliefde een nieuwe religie?

Wat mij opviel in de bijdrage van Marijke Vos bij het debat in de Eerste Kamer was, dat weliswaar aandacht werd besteed aan de Vrijheid van godsdienst, maar in het geheel geen aandacht werd besteed aan het geestelijk welzijn van onze Islamitische en Joodse medeburgers. De moderne seculiere mens lijkt niet meer in staat zich echt in te leven in religieuze gevoelens en overtuigingen. Hij kan er alleen maar in veroordelende zin over denken. Het is allemaal zo primitief en achterlijk en onvrij en het veroorzaakt zoveel ellende in de wereld als godsdienstoorlogen en terrorisme en kindermisbruik. Eigenlijk is alle ellende in de wereld aan de godsdiensten te wijten. Het is helemaal niet moeilijk mensen tot zo’n vijandbeeld te brengen.

Ik was, denk ik vijf jaar. Ik zat bij de nonnen op de kleuterschool. Het was de tijd voor Pasen en de zuster vertelde over die boze Joden, die de lieve Jezus aan het kruis hadden geslagen. Kleine Johnnie was vreselijk boos en vooral op de Joodse buren. Hij schold ze uit voor alles wat lelijk was. Ze begrepen er niets van. Mijn ouders moesten en de buren en mij heel wat uitleggen. Niet veel later begon de Tweede Wereldoorlog en ook die buren werden weggevoerd en zijn niet terug gekomen.

De regels, die voor Joden gelden verwijzen naar het slachten van de offerdieren in de tempel, het huis van Jahweh.  Een verbod treft onze Joodse buren in het hart van hun religie. Ze voelen zich niet meer erkend door ons als wij tornen aan hun diepste overtuiging en ze voelen zich bedreigd, want wat komt er straks nog meer. De geestelijke pijn is niet te verdragen.

Maar daar staat tegenover, wat doe je de dieren aan? Bloederige beelden worden getoond. Afschuwelijk! Opeens moest ik denken aan de terechte verontwaardiging als anti-abortus-activisten met bloederige beelden van de abortuspraktijk komen. Als je als voorstander van de mogelijkheid van abortus zo als een afschuwelijke wreedaard wordt neergezet, dan wordt je terecht boos. Zetten mensen met kritiek op het onverdoofd slachten hun Joodse en Islamitische medeburgers ook zo neer als wreedaards? Zou dat diezelfde pijn veroorzaken?

Misschien schort het ons aan empathisch vermogen om je in te leven in mensen met voor ons onbekende en vreemde gebruiken. Zou in gesprek gaan met elkaar en samen naar oplossingen zoeken geen betere oplossing zijn ook ten gunste van het dierenwelzijn en dan wat los komen van eigen dogma’s aan beide kanten?

Jaargang 4, Nr. 193.

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Plantdag Groeiend Verzet

In duurzaamheid, persoonlijk, duurzame economie, ecologische hoofdstructuur, ecoysteem, groeiend verzet, groene groei, natuur, natuurbeleid, en meer.

Hoewel het CPB nog niet overtuigd lijkt te zijn van het feit dat de mens op korte tegen de grenzen van het ecosysteem van de aarde aan begint te lopen (getuige het zinnetje “Belangrijker nog is dat het huidige niet-groene model van groei op de (zeer?) lange termijn niet houdbaar is” in een recente policy brief over groene groei), ben ik van mening dat natuur schaars is en dat de EHS waardevol is voor Nederland. Die mening deel ik met de Taskforce Biodiversiteit en Natuurlijke Hulpbronnen (zie dit artikel in Trouw). Onder de titel ‘Groene Groei, investeren in biodiversiteit en natuurlijke hulpbronnen’ pleit de Taskforce voor een omslag naar een economie die gebaseerd is op de draagkracht van de aarde. Daarvoor moeten we in 2020 biodiversiteitverlies tot staan gebracht zijn en in 2030 onze ecologische voetafdruk zijn gehalveerd.

Vandaar dat ik afgelopen weekend 5 bomen heb aangeschaft als groeiend verzet tegen de kaalslag van het Nederlands natuurbeleid. De laatste keer dat ik dat heb gedaan ging het om 2 bomen voor het Bulderbos van Milieudefensie. De actie Groeiend Verzet is met meer dan 20.000 bomen inmiddels een groot succes en de plantdag is aankomende zaterdag. Zelf kan ik er helaas niet bij zijn (wat dat betreft is er weinig verandert sinds het Bulderbos ;-) De actie loopt nog steeds, je boom koop je hier.

woensdag, 14 december 2011

Liesbeth Tettero

Liesbeth Tettero

Hyves Linkedin Twitter GR

Hoopvol het jaar uit

Graag wil ik het jaar hoopvol eindigen en een grote wens voor 2012 uitspreken: laten we ajb zo snel mogelijk van dit griebuskabinet af zijn. Verkiezingen graag, en snel. De tegenstand tegen de plannen groeit en scheurtjes in de coalitie worden duidelijk.

Het CDA gaat niet mee met de enorme investeringen die nodig zijn om de maximumsnelweg te verhogen. Luchtkwaliteit en veiligheid spelen geen rol voor deze partij, maar het is een stapje in de goede richting. Gemeenten laten zich effectiever horen: dit is geen goed plan voor de mensen die naast de snelwegen wonen. En dat zijn er nogal wat.

Provincies gaan niet mee met de verbleking van de natuur. Ze gaan niet akkoord met de plannen van Bleker om de verantwoordelijkheden van het Rijk over te nemen zonder de middelen die daartegenover zouden moeten staan. Op provinciaal niveau ziet men daarnaast wel dat natuur zich niet aan provinciegrenzen houdt en dat het Rijk zich dus niet zo maar kan terugtrekken.

GW heeft de capslock weer aan bij het twitteren om te laten weten dat de hypotheekrenteaftrek heilig is. Wonderlijke mix van standpunten heeft deze man toch. Tegen de elite, voor de subsidie van elitaire huizen?! Geen touw aan vast te knopen. Maar er lijkt geen ontkomen meer aan: het heiligste huisje van rechts Nederland begint te wankelen…

Ik ga kerstvakantie vieren en daarna mijn campagnekleren weer uit de kast halen. Laat maar komen, die verkiezingen. Ik wens jullie allemaal een gezond, gelukkig en succesvol 2012. En ik wens Nederland een regering die solidariteit en duurzaamheid hoog in het vaandel heeft.


dinsdag, 13 december 2011

Rien Honnef

Rien Honnef

Twitter GR

Vanuit het pluche

In algemeen, raad, bomenkap, koude wijn, nienoord, discussie, gewoon, groenlinks, kappen, en meer.

Dit zal wel een van de laatste bijdrages zijn op dit weblog dit jaar over de bomenkap op Nienoord. Of misschien überhaupt wel het laatste wat ik er over schrijf. Alles is volgens mij al gezegd en het is nu vooral aan het overleg in de klankbordgroep over fase 2. Er volgt een extra onderzoek, en dan volgt de afweging. Kappen of niet. Maar er zijn meerdere factoren die een stevige rol gaan spelen. Ik denk dat de aandacht die GroenLinks afgelopen week heeft gevraagd en gekregen in de raadsvergadering de zaak goed heeft gedaan. Of ik er tevreden mee ben? Nee, dat niet. Maar ik denk ook niet dat het ooit mogelijk zal zijn tevreden te zijn over deze zaak. Veel belangrijker vind ik het dat welke kant het nu ook opgaat dit in goed overleg gaat en een beslissing zal zijn die op juiste gronden kan worden genomen. Want dat is nu wat een beetje boven de markt blijft hangen, dat de beslissing voor fase 1 niet op juiste gronden is genomen. De behandeling in de raad afgelopen week was het best haalbare, en zo ook de beantwoording van de wethouder. Ik kon mij er in vinden en dan is het ook goed dat je het vertrouwen in de wethouder uitspreekt. We, GroenLinks, hebben ook wel eens anders gedaan, met in herinnering de moties van wantrouwen die een andere wethouder van ons aan z’n broek kreeg. Niet iedereen zal het met me eens zijn. En het is goed om daarover met hen van gedachten te wisselen. Dat gebeurde ook na afloop van de raadsvergadering. Ik ga overigens ook graag in gesprek. De discussie mag scherp zijn, maar er moet wel zicht zijn op iets. De tijdens de raadsvergadering aanwezige tegenstanders van het kappen toonden zich serieus, en zo hoort het. Lachwekkend is het orakel uit Roden. Zo lang hij schrijft over de natuur neem ik daar met respect kennis van. Maar hem verder serieus nemen… dat doe ik al geruime tijd niet meer. Eigenlijk zou niemand dat nog moeten doen. De man beweegt zich opvallend oppervlakkig en communicatief onkundig langs de zijlijn en zal daar ook altijd blijven wat mij betreft. Het woord zwammen kun je uitleggen als meervoud van de zoveel besproken zwam, maar kan ook gewoon ergens anders op slaan.

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Weer een leugen van Wilders & rechts

Het nrc schrijft: Wilders noemt morrelen aan renteaftrek onacceptabel. In plaats van op de hypotheekrenteaftrek moet volgens de PVV-leider worden gekort op ‘Europa, subsidies, de publieke omroep, milieubeleid en andere linkse hobby’s’. Verder kondigt hij aan ‘als een leeuw voor de belangen van Henk en Ingrid’ te zullen knokken.
Dit is uiteraard weer een typische Wilderiaans stukje brullen voor de bühne. Maar helaas gebaseerd op leugenachtige fantasieën. Want stel dat we de linkse hobby's zoals hij het noemt aanpakken, wat levert dat op?

Even de totale kosten op een rijtje:

  • Europa: 7,5 miljard bruto
  • Subsidies (cultuur, emancipatie & vreemdelingenkosten) 3,5 miljard
  • Ontwikkelingssamenwerking: 1,7 miljard 
  • Publieke omroep: 0,9 miljard
  • Milieubeleid: 2,5 miljard

Totaal beslaan deze linkse hobby's dan 16,1 miljard en is daarmee een stuk groter dan de rechtse hobby genaamd hypotheekrenteaftrek de overheid kost. Die wordt op ongeveer 12 miljard geraamd.

Echter, in de berekening van bovenstaande kosten heb ik de grootst mogelijke kostenposten genomen. Zo heb ik voor de uitgave aan Europa de bruto kosten genomen, netto kost Europa de Nederlandse staat zo'n 6,5 miljard. Daarmee komen de linkse hobby's op 15,1 miljard. Nog altijd meer dan de hypotheekrenteaftrek.

Bij de subsidies heb ik onder andere alle 2,7 miljard aan reserveringen genomen voor de uitgaven. De daadwerkelijke geraamde uitgaven aan cultuur zijn slechts zo'n 0,9 miljard. Dat is al weer zo'n 1,8 miljard lager ofwel 13,3 miljard aan linkse hobby's blijft er over om op te bezuinigen.

Nu zouden PVVers er tegen in kunnen brengen dat ik (nog) niet alle linkse hobby's heb meegenomen. Zo heb ik de huursubsidie van zo'n 2,6 miljard niet meegeteld. Dan komen de linkse hobby's weer op 15,9 miljard. Dit is alleen niet terecht, want vele Henk's en Ingrids wonen in een huurwoning en genieten op de een of andere wijze van een subsidie daarop. Daarnaast zijn veel subsidies nodig omdat de krappe woningmarkt zorgt voor hoge huren, zeker als deze markt vrij wordt gegeven. Daarnaast is de koopwoningmarkt relatief klein en door hypotheekrenteaftrek dusdanig duur geworden, dat het voor velen zeer moeilijk is om een woning te kopen. Daarom houdt ik deze uitgaven buiten beschouwing en blijft er 13,3 miljard over om op te bezuinigen.

Hoe zit het met deze potentie om te bezuinigen?

Om te beginnen kijken we naar de Europese kosten van 6,5 miljard. Hoe graag Wilders het ook zou willen, de meeste van bovenstaande kosten zijn niet in 1 keer te schrappen. De kosten voor Europa liggen vast in verdragen. Zoals de laatste poging van de EU om verdragen te wijzigen liet zien, zijn deze zeer moeilijk aan te passen. Daar is alleen door contractbreuk, ik vraag me af of Henk en Ingrid dat zien zitten? Daarnaast is ons isoleren van Europa een slechte zaak, 75% van onze economie is gebaseerd op export, merendeels binnen de EU. Ons daar buitenspel zetten schaadt de economie, de werkgelegenheid en daarmee de toekomst van Henk en Ingrid en hun kinderen. Slechte zaak dus, gaan we niet doen, daarmee blijft er 6,8 miljard over aan linkse hobby's om op te bezuinigen!

De Publieke Omroep zouden wellicht hun subsidie kunnen verliezen, of wellicht worden het commerciële omroepen. Maar opdoeken kan natuurlijk ook, levert massale werkeloosheid op. Daar de omroepen creatieve mensen in dienst heeft wordt de cultuursector overspoelt met werkeloze creatievelingen. Omdat Wilders ook op cultuur wilt bezuinigen, gaan er dus meer mensen vechten om de schaarse Euro van de Nederlanders die, door bezuinigingen, minder vaak naar voorstellingen of concerten gaan. Maar goed, we schrappen de totale kosten op de Publieke Omroepen en cultuur en doen net alsof er geen extra werkeloosheidsuitkeringen betaald moeten gaan worden. Daarmee realiseren we 1,8 miljard aan bezuinigen en blijft er 5 miljard aan linkse hobby's over.

Ontwikkelingssamenwerking, vreemdelingenbeleid worden als het aan Wilders ligt uiteraard direct geschrapt. Dit levert 2,5 miljard aan mogelijke bezuinigingen op (1,7 voor ontwikkelingssamenwerking en 0,8 voor vreemdelingenbeleid). Dat afschaffen van ontwikkelingshulp leidt tot meer ellende in ontwikkelingslanden en daarmee tot een groeiende wens om naar Europa te migreren wordt hierbij even vergeten. We kunnen ons dus schrap zetten voor een door PVV-beleid veroorzaakte tsunami aan migranten en illegalen. Door afschaffen van vreemdelingenbeleid (integratie cursussen etc..) leren deze migranten de taal ook steeds minder goed en integreren ze slechter. Of we tuigen een dijk van een veiligheidssysteem en grensbewaking in zodat er niemand ongezien hier binnenkomt of weggaat. Laten we hopen dat de kosten daarvoor minder zijn dan de 2,5 miljard aan bezuinigingen!

Rest ons de laatste kostenpost, milieukosten. Hierin heb ik de ruimste definitie gekozen voor milieu, omdat alleen bezuinigen op het KNMI slechts 0,05 miljard zou opleveren. Daarom ook de bewaking van luchtkwaliteit, de kwaliteit van de leefomgeving, waterkwaliteit en -bescherming, natuurgebieden en milieu-educatie meegenomen. Dat is tezamen de resterende 2,5 miljard. Geheel in de stijl van Bleker schrappen we deze kosten uiteraard radicaal, weg met de bestedingen aan natuurgebieden, de milieu-educatie en bescherming van de Nederlandse wateren. Dat Nederland hiermee een verWildert en sterker vervuild landschap krijgt is de prijs die we moeten betalen. Sommige delen komen wellicht onder water te staan, maar dat is de prijs die we betalen om ons heilige huisje in stand te houden!

Dat is de leugen van Wilders, de PVV, de VVD en het CDA! Ze spiegelen ons voor dat ze radicaal kunnen en willen bezuinigen op allerlei zaken die ofwel relatief weinig opleveren zoals de Publieke Omroepen of cultuur kosten, elk 0,9 miljard. fwel ze zijn niet zo makkelijk te schrappen, zoals de kosten van Europa, 6,5 miljard. Ofwel ze zijn schadelijk voor Nederland, zoals de milieukosten van 2,5 miljard. Ofwel ze leveren andere problemen op, zoals de kosten van ontwikkelingshulp en vreemdelingenbeleid (2,5 miljard).

In het meest positieve scenario kan men de kaasschaaf over bovenstaande kostenposten halen: misschien een miljard op Europa, een miljard op milieu en 1 op ontwikkelingssamenwerking en vreemdelingenbeleid (dan neem je het ruim op die laatste twee) en enkele honderden miljoenen op cultuur en de publieke omroep (ieder 0,25 miljard?). Dat levert een bezuiniging op van 3,5 miljard maximaal en nog altijd grote problemen op genoemde beleidsterreinen.

Welke pijn kost het als we deze 3,5 miljard op het heilige huisje verhalen?




Aantal berichten op deze pagina: 29. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 1290 uur (53,8 dagen). Berichtgemiddelde: 0,5 bericht per dag, 3,8 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5