donderdag, 10 mei 2012

Pepijn Zwanenberg

Pepijn Zwanenberg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Flickr GR

Groeneweg

In auto, bestemmingsplan, cda, cu, de, gemeenteraad, groen, groenlinks, midden.
GroenLinks heeft vandaag in de gemeenteraad tegen het bestemmingsplan Groeneweg Midden gestemd. Het bestemmingsplan moest worden aangepast om op deze plek 139 woningen, een jongerencentrum en 6000 m2 commerciële ruimte te realiseren. GroenLinks is voor het plan om hier (starters)woningen en een jongerencentrum te bouwen maar de schaalvergroting van commerciële ruimte van 1800 m2 nu naar 6000 m2 heeft grote gevolgen voor de verkeerssituatie in het gebied door de bevoorrading met vrachtwagens en extra autoverkeer die op de winkels afkomen. Daarnaast betekent dit ook nog dat vrijwel de gehele openbare ruimte straks gereserveerd moet worden voor auto parkeerplaatsen, 157 om precies te zijn. Dat moet je niet willen, vindt GroenLinks.

Dat vindt ook het overgrote deel van de omwonenden, zo bleek al uit de zienswijzes die binnenkwamen en dat bleek óók uit de wijkraadpleging van wijkraad west over winkels in de wijk.

Ook CDA, VVD en CU hadden grote bedenkingen bij het plan om hier een winkelcentrum van deze schaal te realiseren. Toch stemden zij vóór het plan met als reden dat er anders teveel vertraging zou optreden. GroenLinks is niet pro vertraging maar neemt liever de tijd om tot een goed, gedragen plan te komen dan iets goed te keuren wat wringt en schuurt. Het huidige plan is het verkeerde plan op de verkeerde plaats in de verkeerde tijd. De Groeneweg verdient een beter plan, een plan wat eer doet aan zijn naam; een groen plan.

Omdat naast GroenLinks alleen SP en Groep Kuijper tegen stemden is het bestemmingsplan toch aangenomen.

dinsdag, 10 april 2012

Peter Smith

Peter Smith

Warning-Waarschuwing-Pas Op!

Op steeds meer verpakkingen komen waarschuwingen te staan. Meestal betreft dit de inhoud: “Roken kan longkanker veroorzaken” of “Niet voor oraal gebruik”.
Gisteren tijdens het hardlopen kwam ik dit tegen:

De eigenaar moet gedacht hebben: “Laat ik het maar ver weg gooien, dan kan mijn kind er niet in stikken”.
Nee, stikken zal je kind niet, misschien wel een eend of zwaan. Maar… de kans dat je kind het gaat eten heb je wel enorm vergroot!

Misschien moet er op alle plastic verpakkingen een waarschuwing komen: “Plastic in het milieu vergiftigd de voedselketen”.

Beter nog is dat al het plastic weer ingezameld wordt, dus teken de petitie om statiegeld te behouden op EchteHeld.nl.

En als je plastic op straat tegenkomt, ruim het even op, moeite van niks en geweldig resultaat!

donderdag, 5 april 2012

Walter van Peijpe

Walter van Peijpe

Hyves Last.fm Twitter Youtube

Een goed gebouw is niet goed genoeg

In collages, foto's, architectuur, leiden, roc, thomas rau, akkoord, college, de, en meer.

Het ontwerp en de werkelijkheid

In 2011 is de nieuwbouw van het ROC/Da Vinci College aan de Lammenschans opgeleverd. Inmiddels is het, door Thomas Rau ontworpen gebouw in gebruik genomen. Vanavond wordt in de gemeenteraad de projectovereenkomst met het ROC definitief afgerond door het beschikbaar stellen van een laatste krediet van € 1.670.000.=. Dit zijn meerkosten voor de gemeente, die voornamelijk het gevolg zijn van het niet doorgaan van de RGL en van het voornemen van het college om onder de Garenmarkt een parkeergarage te bouwen.

De gemeenteraad kan weinig anders doen dan akkoord gaan met dit aanvullend krediet. Iedereen is het er over eens dat dit de laatste keer is dat een bouwproject op een dergelijke manier wordt uitgevoerd. Het heeft de gemeente te veel geld gekost.

Maar ja, “dan heb je ook wat”, zou je zeggen. En inderdaad, het ROC/Da Vinci College is spraakmakende nieuwbouw van hoge kwaliteit en een architectonische aanwinst voor Leiden. Maar alleen een goed gebouw  is niet goed genoeg. Een goed gebouw staat in een omgeving van even hoge kwaliteit. Het is de openbare ruimte, die bepaalt of een goed gebouw ook daadwerkelijk een onderdeel gaat uitmaken van de stad.

En helaas, het nieuwe ROC/Da Vinci College doet dat niet. De Ford-garage aan de Lammenschansweg sluit de openbare ruimte af van de stad en de helft van het voorplein wordt in beslag genomen door een permanente fietsenstalling. De inrichting van de openbare ruimte die resteert is van inferieure kwaliteit.

Dit is de tragische conclusie die getrokken moet worden bij het afsluiten van dit project. Het is jammer om te moeten constateren, maar behalve nieuwe huisvesting voor twee scholen en een goed gebouw levert het ROC/Da Vinci College vooralsnog geen enkele bijdrage aan verbetering van de stedelijke kwaliteit van het gebied.

Het keukenkastje van de beheerder van de P-garage onder het ROC.


woensdag, 28 maart 2012

Peter Smith

Peter Smith

Wie waren erbij, bij het schoonmaken van het IJ?

Op 24 maart kwamen 71 mensen naar de IJ-kantine. Het was geweldig weer, mooi weer om op het terras van de IJ-kantine plaats te nemen en heerlijk te genieten van het uitzicht en de eerste zonnestralen te verwelkomen. Deze mensen gingen niet zitten, ze kwamen voor de schoonmaak actie “Wees erbij, maak schoon dat IJ!”.

In drie uur tijd zijn er 104 grote vuilniszakken gevuld met allerlei vuil: schoenen, paraplu’s, aanstekers, emmers, dekzeilen, een faxmachine maar vooral heel veel plastic! Plastic dat anders de kans had gekregen zich te voegen bij de Plastic Soep in de oceanen. De soep die we onze kinderen voorzetten; vissen en vogels zien het aan voor voedsel en zo komen alle giftige stofjes in en aan het plastic (pesticiden, die ook steeds meer in de oceanen voorkomen, plakken als het ware aan het plastic vast) in de voedselketen.

Hieronder een impressie van de dag. Gefilmd door Ward ten Voorde

.

Mijn bedank-toespraak waarin ik vertel over de “Keep it Clean day” waarop Nederland in één dag wardt schoon gemaakt naar voorbeeld van de actie van “Let’s do it” in 2008 in Estland (zie hier het filmpje daarover).

En hier een foto van Anne Haffmans en mij van de berg afval die drie uur eerder nog langs het IJ lag:

Heel veel dank aan iedereen die meegewerkt heeft, en ook aan de sponsoren:
De IJ-kantine en stadsdeel Amsterdam-Noord die de borrel met hapjes na afloop mogelijk maakten. Amsterdam Noord die ons ook voorzag van grijpstokken, zakhouders en handschoenen. En WorkCycles die ons de bakfietsen uitleende.

Opgeruimde groet,
Anne Haffmans en Peter Smith

dinsdag, 20 maart 2012

Walter van Peijpe

Walter van Peijpe

Hyves Last.fm Twitter Youtube

De Leidse universiteit is een ‘plek’.

In foto's, leiden, binnenstad, de, erfgoed, gebouwen, geschiedenis, openbare ruimte.

“De Leidse universiteit is een ‘plek’, een wonderlijk amalgaam van geschiedenissen en gebouwen, van oude gebruiken en nieuwe stijlen, van grote namen en kleine plaquettes. Dit is het theater, waarin de Leidse universiteit haar troupe monstert, haar rol speelt en haar repertoire voortdurend vernieuwt”.

Willem Otterspeer, hoogleraar universitaire geschiedenis, Universiteit Leiden

Uit: ‘Vier eeuwen geschiedenis in steen. Universitaire gebouwen in Leiden’

Foto: Herman Kleibrink, 1964. Beeldbank Regionaal Archief Leiden

 

“Het historische karakter van de binnenstad is een belangrijke ontwikkelkracht van Leiden, naast de traditie van onderwijs en wetenschappelijke ontdekkingen. Het erfgoed dat ons dat heeft opgeleverd, laten we graag zien. Nieuwe initiatieven geven we daarom graag een plek in deze historische omgeving. De inrichting van de openbare ruimte laten we aansluiten bij deze historische kwaliteit. En historische panden geven we hedendaagse bestemmingen. Zo blijven inspanningen en rijkdommen uit het verleden bijdragen aan een aantrekkelijke stad voor vandaag en morgen”.

Uit: Ontwikkelingsvisie 2030 “Leiden, Stad van Ontdekkingen”


zondag, 26 februari 2012

Bart Eigeman

Bart Eigeman

Twitter

Vernieuwen vanaf gisteren

In verklaringen, toespraken en interviews, hulp, idee, jeugd, jeugdzorg, jongeren, kabinet, kind, kinderen, en meer.

Bart, geïnterviewd voor het blad Ergotherapie Magazine, door Arne van Os van den Abeelen

Bart Eigeman, GroenLinks-wethouder Talentontwikkeling in ‘s-Hertogenbosch, is een belangrijke trekker geweest voor de ontwikkeling van de CJG’s, het Centrum Jeugd en Gezondheid dat sinds 2011 in elke gemeente actief is. Dat gemeenten verantwoordelijk worden voor jeugdzorg, juicht hij zeer toe. “Dat is een geweldige kans om de wereld van de jeugdzorg anders in te richten.” Deze maand stopt Eigeman, na elf jaar, met zijn werk als wethouder. Zijn ambities omtrent jeugdzorg zijn er niet minder om. Hoe zou die zorg eruit moeten zien?


“Het woord ‘talentontwikkeling’ gebruik ik al heel lang. Toen mijn laatste periode inging, wilde ik dat dat woord ook expliciet gebruikt zou worden voor mijn portefeuille, en niet ‘Jeugd en onderwijs en aansluiting op de arbeidsmarkt’. Het staat ook op mijn kaartje, en het grappige is dat het mensen ook echt opvalt. Wie je bent en wat je doet, moet je ook aan de buitenwereld laten zien en dat zit voor mij in dat woord talentontwikkeling. Je moet niet probleemgeoriënteerd met jeugd en onderwijs bezig zijn, maar de positieve invalshoek kiezen.

Mijn betrokkenheid bij de jeugd is natuurlijk in eerste instantie lokaal geweest; daar lag mijn hoofdtaak. Daarnaast ben ik voor de VNG op verschillende niveaus een schakelaar geweest. De Transitie Jeugdzorg biedt een geweldige kans om de wereld van de jeugdzorg anders in te richten. Daar pleit ik al ruim tien jaar voor.
Dat heeft twee kanten, die uitdrukkelijk met elkaar te maken hebben. Enerzijds ligt de nadruk vaak op kinderen en gezinnen die steun het hardst nodig hebben, maar daar het langst op moeten wachten. Dat kan niet waar zijn, dat willen we niet meer. Anderzijds moeten we de uitdaging om een appèl te doen op de talenten van kinderen, ouders en professionals beter organiseren. Namelijk: niet vanuit de insteek van problemen. Dan heb je het over zaken als de speelomgeving rondom huizen, veilige fietsroutes naar scholen, tijd voor een leerkracht om een keer een huisbezoek te brengen zonder dat sprake is van problemen.

We kennen allemaal de ver uit de hand gelopen noodsituaties, waar weliswaar 27 hulpverleners bij betrokken waren, maar adequate hulp blijkbaar achterwege is gebleven. Dat neem je nooit helemaal weg. Als overheid kun je veel, maar niet alles. Maar uit een inmiddels enorme stapel onderzoeken blijkt steeds weer hetzelfde: we hebben het hulpaanbod enorm verknipt aangeboden. Dat zit ‘m ook in zaken als de financieringssystematiek en de verantwoordelijkheidstoedeling. Wat we moeten doen is terug naar de eenvoud. Mensen kennen en handelen op grond van wat je hoort en ziet. Als er steun nodig is, dan het liefst één kind of één gezin en één plan. Het grootste gedeelte van de jeugd, ouders en scholen heeft geen steun nodig om problemen op te lossen. Daar is hooguit uitdaging nodig om talent opgediept te krijgen.
De kinderen met wie het echt niet goed gaat, is twee, drie procent. Landelijk en in Den Bosch. Daar wordt dan over gezegd: ‘Ja, da’s héél ingewikkeld… want jaaah…’
En dan denk ik: nee! Dat is niet ingewikkeld. In Den Bosch gaat het dan dus om 250 tot 500 kinderen. Dat zijn er nog een heleboel, maar we kunnen hen bij wijze van spreken bij naam kennen.

Proeftuin
Het wijzigen van het systeem is een meerjarig traject. Maar ik wil niet dat we wachten tot 2014 of 2015; ik wil dat we nu die kinderen helpen. We moeten vernieuwen vanaf gisteren. Een van mijn motto’s is: waar je naartoe wilt, daar ga je van uit. Wij hebben nu, samen met de provincie en het voortgezet onderwijs, een proeftuin waarbij we doen alsof dat stelsel al gewijzigd is. Vaak is het zo dat er gezien wordt dat er iets is met een kind, maar nog niet helemaal duidelijk is wat. Het kan dan nog maanden duren voordat daar iets uitkomt. Wij hebben gezegd: er moet binnen enkele dagen steun zijn. In samenspraak met de ouders. Dat moet het onderwijs echt leren; dat zit vaak nog erg in zijn eigen wereld. Maar een kind is méér dan alleen een leerling binnen de school. Soms liggen de problemen ook thuis. Uit onze experimenten blijkt dat het mogelijk is binnen enkele dagen steun te regelen. Dat kan bijvoorbeeld een jeugdpsychiater zijn, of in een extreem geval, uithuisplaatsing. Dat was bij een van de zeventig gevallen die we op deze manier hebben aangepakt.
De juiste steun op de juiste tijd en plek blijkt dus te kunnen. Dat dat eerder niet altijd het geval was, komt niet zozeer door een gebrek aan goede bedoelingen. Professionals handelen vaak naar hun eigen protocol en financieringssystematiek. Ze zitten vaak op het spoor van ‘ik doe mijn werk goed’. Maar interessanter is de vraag of ze het goede werk doen.

Veel organisaties hebben hun eigen certificeringen. Professionalisering is heel mooi, maar het echte certificaat zou je naar mijn mening moeten krijgen als je binnen een paar dagen levert wat dat kind helpt. En als dat niet op het vlak van jouw deskundigheid ligt, moet je het niet loslaten, maar zorgen dat je vindt wat wel nodig is. Dus als je een ergotherapeut bent en een kind onder handen hebt en denkt: deze blauwe plekken komen echt niet door tegen een deur aanlopen… je daar ook iets doet. Als je alleen door de bril van je eigen deskundigheid kijkt, zie je wel iets, maar je moet het ook aandurven om te kijken naar de context waarbinnen er iets aan de hand is.

De zorgcoördinator, de intern begeleider, de schoolmaatschappelijk werker en de leerkracht worden met van alles en nog wat over de kling gejaagd en hebben nauwelijks tijd om dat contact met een kind, gezin of andere professional tot stand te brengen. Dat begrijp ik. Er ligt veel op hun schouders.
Wat wij daarom sinds een aantal jaar in Den Bosch doen is zeggen: school is, naast thuis, de ‘centrale vindplek’. Als leerkrachten iets constateren, is de lijn voor wat er nodig is, kort. Dat hoeft allemaal niet in de school aanwezig te zijn. Het is een misverstand dat jeugdzorgers allemaal in de eerste lijn moet gaan zitten. Daar ben ik niet voor. Want dan constateren we nog veel meer problemen, of gaan ze hun eigen werk creëren. Ze moeten komen als het nodig is. Voor sommige scholen is het verstandig om bijvoorbeeld een orthopedagoog dichtbij te hebben, maar voor de meeste scholen geldt dat niet. We moeten vooral het preventieve versterken, want de beste vorm om uitval in het onderwijs te voorkomen is uitdagend onderwijs. Het idee over preventie is vaak: problemen in een vroeg stadium signaleren. Ik vind dat er iets aan vooraf gaat. Want hoe beter het onderwijs – om dat voorbeeld even aan te houden – is toegesneden op talenten van kinderen, hoe minder er een schil van zorg omheen nodig zal zijn.

Er is nogal eens de neiging om mensen te ‘behandelen’, op basis van een tekort. Dan krijg je een pil en word je gezond, of je krijgt een therapie en word je beter. Dat kan allemaal en blijft best nodig, maar ik zou liever zien dat de beperkingen van mensen niet als eindpunt of probleem worden gezien, maar als vertrekpunt. Oftewel: wil je het leven overnemen van mensen, of wil je zorgen dat ze zo veel mogelijk gebruik kunnen maken van hun eigen mogelijkheden?
Dan kom je bijvoorbeeld uit bij de licht verstandelijk gehandicapten, de LVG’er, in vaktermen. Aan een aantal van die jongeren zitten we met z’n allen flink te trekken, want we vinden dat die een startkwalificatie moeten halen, naar school moeten… Maar als jij een LVG’er met een IQ van 70 wil brengen tot een startkwalificatie, ben je heel erg fout bezig. Want dat gaat niet lukken. Het praktijkonderwijs, waar kinderen met een dergelijk IQ naartoe kunnen, heeft iets heel moois gedaan, namelijk kijken of deze leerlingen hun rijbewijs zouden kunnen halen. Dat is razend interessant. Voorheen dacht men dat dat nooit zou lukken. Want deze kinderen kunnen niet goed lezen en schrijven en de borden niet zien. Dat blijkt niet waar; je moet ze een beetje helpen in hun aanpak. En dat is niet alleen trainen, ook uitgaan van: hoe werkt dat systeem in hun hoofden? Hoe ga je om met onverwachte situaties? Dat is vaak een van de grote problemen. Maar de mogelijkheden zijn veel groter dan aanvankelijk werd gedacht.

Onmacht
De Bende van Bart is een club van voornamelijk wethouders, die samen nadenken over jeugdzorg en de ontwikkeling van het CJG. Daar zijn wij een belangrijke schakel in. Ik wilde dat de creativiteit die er bij de lokale overheid zit, gebruikt wordt, én de onmacht. De succesverhalen delen en zeggen: goh, wat ben jij lekker bezig. Maar ook: ik weet het verdomme niet meer. Want dat kan ik hier niet zeggen. Als ik bij de gemeenteraad zit, mag ik niet zeggen: ik ben goed bezig. Want dan ben ik een arrogante wethouder en word ik kapotgeschreven door de krant. Bij de Bende delen we gewoon in wie we zijn. We vertellen elkaar hoe we dingen aanpakken, en waar we tegenaan lopen. Bedenken hoe we bijvoorbeeld Loesje-posters kunnen maken en hoe we met de minister in gesprek gaan; het kan van alles zijn. Het is een inspirerend motortje van lokale kracht.

Onmacht kan er ook zijn bij ouders. Over het algemeen vind ik dat ze onvoldoende worden betrokken bij zaken rondom hun kind. Je ziet dat bij veel professionals het idee leeft dat deskundigheid betekent dat zij vertellen hoe het moet. Terwijl ze ook een beroep op die ouders kunnen doen, van ‘Goh, ik zie dit, herkennen jullie dat? Hoe gaan jullie daar thuis mee om?’ Wij problematiseren vaak de mensen waar iets mee is, maar het is ook wel eens nodig de professionele inzet te problematiseren… De institutionalisering van professionals is grenzeloos. Daar heb ik me op verkeken. Ik heb tien jaar lang in van alles en nog wat geïnvesteerd, en ik kom nu tot de ontdekking dat dat gewoon gestapeld is. Dus dat er zeven losse professionals rond een persoon lopen, en ze dat van elkaar niet weten… De vraag is hoe je dat aanstuurt. Het moet niet zijn: ik ben de baas en jij moet doen wat ik zeg. Daar geloof ik niet zo in. Je moet proberen gezaghebbend voorwaarden te creëren waardoor het beter werkt. En niet alleen probleemgeoriënteerd. Want dat is de valkuil.
De CJG’s zouden daarin een regiefunctie moeten hebben. Het CJG is voor mij eigenlijk niks anders dan de poule van professionals die rondom kinderen en gezinnen werkzaam zijn. Dus het is niet een hok waar je naartoe kan, en zeggen: ik heb een afspraak om vijf over negen. Nee. Dat zijn multidisciplinaire teams op wijkniveau, die soms heel veel met elkaar hebben en soms heel weinig. Maar die elkaar, als het nodig is, wel weten te vinden.

De eerste lijn, de logopedisten, de ergotherapeuten… die staat natuurlijk onder druk. Met de huidige bezuinigingen worden veel zaken al snel als ‘luxe’ gezien. Onzin natuurlijk. De deskundigheid is misschien gericht op een deelprobleem, maar kan uitstekend bijdragen aan het functioneren van het geheel.”

======================================================================================================

Bart Eigeman is sinds 2001 wethouder voor de gemeente ’s-Hertogenbosch. Vanaf zijn derde periode (sinds april 2010) is hij wethouder Talentontwikkeling en Duurzaamheid. Zijn portefeuille bestaat uit Jeugd en onderwijs en aansluiting op de arbeidsmarkt, Milieu, Openbare ruimte, Water en Groen, en Coördinatie schone en veilige wijken.

Eigeman heeft ook zitting in de VNG, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. De VNG is de belangenbehartiger van alle gemeenten in Nederland bij de provinciale overheden, de Tweede Kamer en het kabinet. Eigeman was hier eerder voorzitter van de commissie Onderwijs, Zorg en Welzijn. Onder meer vanuit deze positie was hij landelijk betrokken bij de ontwikkeling om in elke gemeente een Centrum Jeugd en Gezondheid (CJG) te realiseren. Daarnaast heeft hij ‘De Bende van Bart’ opgericht; een netwerk van bestuurders die zich inzetten voor de ontwikkeling van de CJG’s.

De VNG-commissie Onderwijs, Zorg en Welzijn is inmiddels gesplitst en Eigeman is nu vice-voorzitter van de commissie Onderwijs, Sport en Cultuur en vice-voorzitter van de subcommissie Decentralisatie Jeugdzorg. Deze laatste commissie houdt zich vooral bezig met de ‘Transitie Jeugdzorg’: de ambitie om de jeugdzorg te integreren tot één stelsel voor hulp aan jeugdigen en gezinnen. De verantwoordelijkheid van de Jeugdzorg gaat van de provincies over naar de gemeenten, en zij krijgen er per 2015 de regie over.
Eind deze maand (februari 2012) stopt Eigeman als wethouder. Op zijn website zegt hij nog niet te weten wat hij hierna zal gaan doen. “Tot vandaag heb ik me iedere dag opnieuw helemaal gegeven in dit werk. Elf jaar lang heb ik topsport bedreven. Ik heb even de tijd nodig daarvan los te komen voor ik me in een nieuwe uitdaging stort. Ik blijf wel aan de slag met ‘mensen uitdagen, inspireren en verbinden’ om het positieve uit zichzelf en hun omgeving te halen.”

woensdag, 22 februari 2012

Peter Smith

Peter Smith

Plastic Soep voor Dummies

In dit filmpje wordt prachtig en helder uitgelegd hoe Plastic Soep ontstaat en wat de gevolgen zijn.
Ook zie je nog even Jan Andries van Franeker van het Imares instituut, met hem onder andere ben ik tijdens de Plastic Soup driedaagse door Nederland gecrost om aandacht voor de Plastic Soup te vragen.
(Georganiseerd door de Plastic Soup Foundation)

dinsdag, 7 februari 2012

Peter Smith

Peter Smith

De lente verwelkomen #DLV2012

Vorig jaar deden er 1400 mensen aan mee.
Nu (20 maart, 13:21 staat de teller op Facebook 2275, twitter 341, scholen 1240 = 3856) doen er 3856 mensen tenminste mee. Hoeveel er mee doen omdat ze de artikelen in Trouw en Telegraaf gelezen hebben of de reportages op Radio 1 en Radio 2 weet ik niet.

Doe je dit jaar ook weer mee? het kan vandaag nog (maar mag natuurlijk ook het hele jaar door, graag zelfs) Nodig ook je buurman/vrouw en vriend(in) uit!

20 maart komt dit jaar de lente, heerlijk! Laten we haar verwelkomen!
Hoe?
Waar je je ook maar bevindt; ruim op 20 maart één stuk zwerfvuil op. Op die manier maak je met een klein gebaar kenbaar dat je de wereld niet als een prullenbak ziet.
En als elke Nederlander één stuk opruimt… zijn we in één dag 16,7 miljoen stuks zwerfafval armer. Ik denk dat je dat verschil wel zult zien en dan kunnen we met opgeruimd gevoel heerlijk van de Lente gaan genieten.
Laten we de wereld liefhebben, zij heeft ons ook lief!
Doe mee en/of verspreid dit bericht! (hashtag #DLV2012)

Wist je trouwens dat zwerfafval een van de grootste bijdragen levert aan de Plastic Soep? De soep die onze kinderen gaan eten! Opruimen van die soep kan niet, het enige dat we kunnen doen is de groei ervan te stoppen en daar kan je aan mee helpen door, als je een stuk zwerfvuil tegenkomt, over je schroom om het op te rapen te stappen in plaats van over het stukje zwerfvuil.

Je kan ook via facebook vrienden uitnodigen om mee te doen: http://www.facebook.com/events/DeLenteVerwelkomen

TIP
Ik ga van 2 april t/m begin juni een “Wereld van Zwerfafval” bouwen. Je bent van harte welkom om tijdens de bouw langs te komen met een groen of blauw petflesje. doe in dit flesje een wens voor de wereld (of je zelf) en je mag het aan de wereldbol bevestigen. Meer informatie:
De Wereld van Zwerfvuil.

Opgeruimde groet,
Peter.

vrijdag, 3 februari 2012

Paul van Grieken

Paul van Grieken

Twitter

Veilig maar gulzig

In amsterdam zuid, politiek, bezuinigen, veiligheid, ambtenaren, amsterdam, bezuinigingen, cijfers, compassie, en meer.
Onveiligheidsgevoelens? Bij deze gulzige kaaiman die ik in Bolivia tegenkwam niet…

Stadsdeel Zuid is het veiligste stadsdeel van Amsterdam. En toch is het budget voor veiligheid de afgelopen jaren meer dan verdubbeld. Dat komt omdat het met veiligheid goed scoren is: toon je compassie met slachtoffers en kondig maatregelen af – liefst stevige, zoals cameratoezicht of blowverbod. Maar compassie tonen – wat goed is – hoeft geen miljoenen te kosten. En maatregelen die nimmer hun effectiviteit bewezen hebben, zoals cameratoezicht, zouden niet zoveel geld mogen opslurpen.

Het budget voor veiligheid steeg tussen 2010 en 2012 van 2,2 miljoen euro naar bijna 4,8 miljoen euro (zie grafiek 1). Slechts een heel beperkt deel van deze toename is bedoeld om rijksbezuinigingen op te vangen. In 2012 gaat ruim 200.000 euro naar cameratoezicht. Nog eens 100.000 euro gaat naar “uitbreiding capaciteit” voor de “aanpak van veiligheid” of te wel: meer ambtenaren. Twee dure maatregelen waarvan in hoge mate moet worden betwijfeld of het bijdraagt aan veiligheid.

Grafiek 1. Budget voor veiligheid in stadsdeel Zuid

Is méér veiligheid eigenlijk wel nodig? Hoewel je natuurlijk nooit kan zeggen dat het veilig genoeg is, of dat er niets meer te doen valt, moet je je wel afvragen of méér geld er aan besteden wel zo nuttig is. Het Sociaal Cultureel Planbureau stelde onlangs in zijn rapport Waar voor ons belastinggeld? dat méér geld, niet per se méér resultaat betekent. “Bij de meeste voorzieningen stijgt de hoeveelheid ingezet personeel veel sneller dan de productie,” lezen we in de samenvatting van dit rapport. Dit zou ook wel eens kunnen gelden voor die 100.000 euro ‘uitbreiding capaciteit’ die het stadsdeelbestuur zo nodig vindt.

Bovendien is de vraag hoe groot het veiligheidsprobleem is in stadsdeel Zuid. Van onveiligheidsgevoelens heeft stadsdeel Zuid in vergelijking met andere stadsdelen al jaren het minste last (zie grafiek 2).

Grafiek 2. Aandeel mensen dat zich wel eens onveilig voelt in de eigen woonbuurt (bron: basismeetset Amsterdam, O&S)

Als we kijken naar de zogenaamde veiligheidsindexen is er al jaren een positieve trend: het wordt veiliger, zowel objectief als subjectief (zie grafiek 3). De index is een – eerlijk gezegd nogal kunstmatig – getal dat de ontwikkeling binnen Amsterdam moet aangeven, waarbij ’100′ de waarde voor heel Amsterdam in 2003 is. Hoe lager het getal, hoe ‘veiliger’. Objectieve veiligheid gaat over geregistreerd slachtofferschap; subjectieve veiligheid gaat over gevoel, bijvoorbeeld van angst om slachtoffer te worden van misdrijven en criminaliteit. Landelijk is al jaren de trend dat het ‘objectief’ gezien veiliger wordt, maar dat onveiligheidsgevoelens toenemen. Over deze paradox kan je meer lezen in een interessant artikel van Sander Flight. Maar in stadsdeel Zuid gaat het dus zelfs met de beleving van (on)veiligheid de goede kant op.

Grafiek 3. Objectieve en subjectieve veiligheidsindex in stadsdeel Zuid (bron: basismeetset Amsterdam, O&S)

Meer geld voor veiligheid vind ik dus geen goed idee:

  1. Er is geen noodzaak voor, want het gaat al lang de goede kant op met veiligheid: met de bestaande, ‘oude’ budgetten kan de veiligheid al worden verbeterd, zo tonen de cijfers aan.
  2. Meer geld betekent lang niet altijd meer resultaat, zo wist het SCP onlangs te stellen.
  3. Er wordt fors bezuinigd op andere belangrijke zaken, zoals welzijn en het onderhoud van openbare ruimte. Het ongedaan maken van deze bezuinigingen verdient meer prioriteit dan de investeringen in openbare orde en veiligheid  – en dat zou misschien wel eens beter kunnen zijn voor de veiligheid op lange termijn.

Het lijkt er op dat het stadsdeelbestuur vooral goede sier wil maken met ‘maatregelen voor’, ‘een aanpak van’ en ‘inzetten op’ veiligheid, maar zonder dat concreet duidelijk wordt gemaakt wat daarmee moet worden bereikt. Die goede sier kost wel miljoenen extra. In tijden van bezuinigingen mag het stadsdeelbestuur wel wat minder gulzig zijn.

 

 

zondag, 29 januari 2012

Margreet de Boer

Margreet de Boer

Hyves Linkedin Twitter

Boerkaverbod: heeel belangrijk

In emancipatie, boerkaverbod, slachtoffers, belangrijk, burgers, communicatie, de, dragen, islam, en meer.
Afgelopen week maakte het kabinet bekend dat het -ondanks forse kritiek van de Raad van State- het wetsvoorstel met het boerkaverbod gaat indienen bij de Tweede Kamer. Onze nieuwe minister Spies heeft volgens mijn krant gezegd dat het heel belangrijk is.
Maar belangrijk waarvoor?

Voor onze veiligheid kan het niet wezen, want in vliegtuigen en op het vliegveld zijn boerka's wel toegestaan (je zou de economische belangen van Schiphol eens mogen schaden), en dat zijn de meest terorisme-gevoelige plaatsen die ik ken.

Om op te komen voor onderdrukte vrouwen dan? Een loffelijk streven, maar ik vind het nogal een vreemde gedachtenkronkel om dat te doen door het slachtoffer van vrouwenonderdrukking te gaan bestraffen. Ik geef jou een boete omdat jij je laat onderdrukken. Huh? Dat is net zoiets als het straffen van een vrouw omdat ze verkracht is. Iets wat ze overigens in sommige landen doen.
Slachtoffers bescherm je niet door ze te straffen, maar door ze rechten te geven, en door daders te straffen. Ik zou er nog in kunnen komen wanneer je het iemand dwingen tot het dragen van gezichtsbedekkende kleding strafbaar zou willen stellen.
Bij dit alles moet je je overigens wel afvragen of we het hier wel over slachtoffers hebben? Welke vrouwen dragen in Nederland een boerka (bijna geen) of niqaab (niet meer dan een paar honderd), en waarom doen ze dat? Sommigen zullen het wellicht doen omdat ze moeten van manlijke familieleden, maar naar ik heb begrepen kiest het merendeel er zelf voor, en bestaat een belangrijk deel van de niqaabdragers uit tot de islam bekeerde Westerse vrouwen.
Het stellen van kledingvoorschriften aan vrouwen om ze te beschermen. Dat is ook het argument dat wordt gebruikt in landen waar bedekkende kleding voor vrouwen verplicht is. En ook daar worden de vrouwen gestraft als ze zich niet aan de regels houden, en niet de mannen die door wellust overmand raken. Daar is het een idiote gedachtenkronkel om met kledingvoorschriften vrouwen te beschermen; hier is het dat ook.

Maar waarom is het boerkaverbod dan belangrijk? Omdat we in een open samenleving leven, waarin communicatie heel belangrijk is. Aldus mevrouw Spies.
Ik vind dit, nog afgezien van de discutabele vooronderstelling dat vrouwen in boerka's niet communiceren, een nogal eng argument. Betekent dit dat er een plicht tot communiceren is in de openbare ruimte? Dat ik straks niet alleen door bouwvakkers wordt nageroepen dat ik niet zo chagrijnig moet kijken, maar dat ik er misschien een boete voor kan krijgen omdat dat open communicatie in de weg staat? En wat te denken aan al die mensen die zich volstrekt incommunicabel door de openbare ruimte bewegen omdat hun oren volledig in beslag genomen worden door het geluid uit hun oortjes of koptelefoons? En als je het dan over aantallen Nederlandsers hebt: daar heb je pas echt een probleem te pakken.

Kortom, ik kan geen enkele reden bedenken waarom het boerkaverbod heeeel belangrijk is. Behalve dan om de gedoogpartner tevreden en daarmee de regering in het zadel te houden. En dat is natuurlijk een heel valide argument voor wetgeving waarmee de vrijheid van burgers wordt ingeperkt. Heel belangrijk.

zondag, 15 januari 2012

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter Blogreacties: Krispijn Beek

Een Ander Nederland in Lochem

In groen, innovatie, innoveren, kantoren, kennis, kracht, leegstand, afval, milieu, en meer.


teaserGisteren begaf ik me tussen rode hesjes van de PvdA, de tomatentassen van de SP en de groengebuttonde GroenLinksers  in Nijmegen.Voor de nieuwjaarsbijeenkomst ‘Een Ander Nederland’. Natuurlijk een gezellige en feestelijke happening van progressief Nederland. Maar ook hoopgevend, omdat de bundeling van krachten uitzicht biedt op het vervolg op de huidige coalitie. Wat zegt deze brief van Cohen, Roemer en Sap over lokaal beleid. Bestaat er zoiets als ‘Een ander Nederland in Lochem’? Jawel!

Systeemprobleem


Cohen, Roemer en Sap zeggen, naar goede linkse traditie, dat de huidige crisis ons niet ‘zomaar’ overkomt, als een natuurramp die we als onvermijdelijk verschijnsel moeten accepteren. Nee, deze crisis komt vanuit falende financiële markten, zelfverrijking, korte termijnbelangen die boven de lange termijn worden gesteld. Dat is goed nieuws! Een natuurramp moet je naar beste weten opvangen. Die vergt een wendbare en alerte samenleving. Maar een crisis die geen natuurverschijnsel is… daar kan je in de kern iets aan doen. Die kan je aanpakken en voorkomen. Het systeem dat tot die  crisis leidt kan omgevormd worden. Daar gaat Een Ander Nederland ook over.

Werk

Centraal in de oproep voor Een Ander Nederland staat het scheppen van zinvolle en duurzame banen. Want via werk komen we bij de structuur die onze economie en samenleving vormt. En dat is nu juist ook wat onze lokale paarse coalitie laat zien. In een duurzame economie combineren we zinvol werk met duurzame investeringen. In Lochem spelen daarbij een aantal wezenlijke onderwerpen; energie, duurzaam bouwen, afval en recycling, groenbeleid, wegenbeheer, riolering. Ik pak er een paar elementen uit.

Duurzaam bouwen en renoveren


Terwijl de nieuwbouw in Lochem (net als in de rest van Nederland) stokt  biedt zich een fantastisch werkveld aan voor onze bouwers, installateurs en architecten. Het grootste deel van onze woningvoorraad is niet toekomstbestendig. Hoeveel werk en innovatiekracht zal er in die duurzame renovatie kunnen gaan. Dat levert veel winst op, financieel, milieutechnisch,  qua kennis. ‘Bouwend Lochem’ maakt zich hiervoor klaar. Ik schuif aan, als wethouder, bij een van de landelijke topteams om gezamenlijk beleid te ontwikkelen. Onze afdeling overlegt bij ‘Bouwend Lochem’ om krachten te bundelen. In de regio zetten we de klokken gelijk. Kortom… dit gaan we doen!

Afval en recycling

Met Berkel Milieu, 2Switch, het werkvoorzieningschap Delta en het buurtonderhoudsbedrijf Cambio werken we aan nauwe samenwerking, het Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte. Daarin bundelen we al onze krachten voor zowel het beheer van de gebouwde omgeving als ons uitgestrekte buitengebied. Bijzonder daarbij is dat we ook in staat zullen zijn om een goed en effectief afvalbrengpunt op te zetten. Met alle arbeidskracht gebundeld kunnen we afvalstromen beter scheiden en sorteren en alles van waarde eruit halen. In Zutphen zie je dat nu al gebeuren, met o.a. het ‘zwarte kratje’ waarin huishoudens glas, blik, plastic, papier en andere makkelijk te scheiden zaken aan de straat zetten. Delta haalt dat op en zorgt dat de afvalstromen goed terecht komen. Dat levert arbeidsplaatsen op en zorgt ook voor extra inkomsten omdat het goed gescheiden afval makkelijk in de markt te zetten is.  Dat kan voor veel meer afvalstromen gebeuren en daarmee een beter milieu en meer (duurzame) werkgelegenheid opleveren.

Onderhoud groen


Datzelfde Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte kan ook de enorme uitdaging voor het beheer van ons openbaar groen beter vormgeven. Behalve dat we een steviger team zullen vormen voor het noodzakelijk schoffel en renovatiewerk zijn we ook in staat een gezamenlijk dilemma rond het beheer van de bomen in het buitengebied beter aan te pakken. Door krachten en kennis te bundelen kunnen we in zetten op goed kwalitatief onderhoud van onze bomen en zijn we in staat werkelijk een bedrijfsplan te maken waarbij we het rendement van de opbrengsten aan hout en houtsnipppers beter kunnen ‘vermarkten’ en een ruim opgezette nieuwaanplant kunnen realiseren zodat we ook op de lange termijn van voldoende opbrengsten en kwaliteit kunnen genieten. Goed voor onze lokale economie, de werkgelegenheid, de biodiversiteit en het landschap!

Riolering

Ons rioolstelsel lijkt een prachtig efficiënt systeem gericht op het afvoeren van afvalstoffen. Maar is het wel zo efficiënt? Met het riool voeren we waardevolle voedingsstoffen en warmte af met een behoorlijk gebruik van energie. Jaarlijkse onderhoudslasten stijgen snel. Dat kan anders, door direct in de buurt het afvalwater te verwerken en warmte uit het riool te onttrekken. De ombouw van dit systeem zal de komende tien jaar veel werkgelegenheid kunnen leveren terwijl het ons verlies van kostbare grondstoffen beperkt. Ook hier gaan zorg voor het milieu, leefomgeving en werk samen.

Een ‘hub’ voor duurzame zzp-ers


Tientallen, zoniet honderden, bedrijfjes hebben een plek op zolder of in een achterkamer. Zzp-ers die als energieadvies geven, technische innovaties realiseren, communicatie ondersteunen, conferenties organiseren. Veel van die bedrijven en bedrijfjes werken geïsoleerd. Ze maken weinig gebruik van elkaar onderlinge kracht. Het energieadvies zou gebruik kunnen maken  van de communicatiedeskundige, de onderzoeker of financieel deskundige om de hoek. Bij LochemEnergie merken we hoeveel kennis en arbeidskracht aanwezig is en als we die bundelen dan ontstaat een geheel nieuwe kracht. Dat kan, bijvoorbeeld in een gedeelde kantoorruimte met gedeelde faciliteiten. Gezamenlijke receptie, computernetwerk en kantine. Gezamenlijke scholing, gedeelde projecten en gebundelde communicatie. Een antwoord op eventuele leegstand in kantoren en een versterking van de innovatieve en duurzame werkgelegenheid dus.

Zo krijgt Een Ander Nederland in Lochem vorm. Daarvoor is meer nodig dan een enthousiast ‘paars’ Lochems college en ondernemende gemeenteraad. Stimulans en ruimte vanuit het Rijk om duurzaam en sociaal te innoveren is  wezenlijk. Niet voor niets pleit Lochem voor  de aanpassing van de belastingwetgeving voor energie, zodat ook een lokaal energiebedrijf als LochemEnergie kan concurreren met de (nu gesubsidieerde) grootschalige opwekking van grijze energie. Het Rijk zal de belastingwetgeving moeten vergroenen, innovatie moeten stimuleren en samen met de financiële sector moeten bijdragen aan de investeringsruimte voor dergelijke duurzame initiatieven, bijvoorbeeld door het opzetten of gericht steunen van ‘revolverende’ fondsen die investeren in duurzame energie makkelijker maken. Het Rijk zal belemmerende regelgeving moeten wegnemen en normen moeten stellen (bv op het vlak van energiezuinig en duurzaam bouwen) om een gemeenschappelijk speelveld te creëren waarin al deze initiatieven kunnen floreren. Even belangrijk is dat gemeenten en lokale gemeenschappen de verbinding zoeken, gemeenschappelijke ontwikkeltrajecten opzetten en innovatie in een open en lerende omgeving plaatsen. Zodat die duurzame toekomst op vele plekken tegelijk vorm krijgt.

Dan krijgen we het andere Nederland dat we nodig hebben.  

donderdag, 12 januari 2012

Wilbert Willems

Wilbert Willems

Zondag 15 januari geen gemeentelijke producten aan te vragen

In de, digitaal, openbare ruimte, diensten, informatie, afspraak.

Zondag 15 januari  is het in verband met onderhoudswerkzaamheden tussen 9.00 en 21.00 uur niet mogelijk om gemeentelijke producten en diensten aan te vragen. Dit geldt voor het maken van een afspraak, een product aanvragen via de digitale balie, het doen van een melding openbare ruimte of het insturen van een formulier uit de formulierenbibliotheek.  Informatie over de producten en diensten is wel te raadplegen.

15 januari geen digitaal loket

zaterdag, 10 december 2011

Gebert Lucassen

Gebert Lucassen

GR

Cameratoezicht zonde van het geld

Afgelopen week verscheen de notitie veiligheid en cameratoezicht in uitgaansgebied Oss van het Osse college. Voorgesteld wordt om eerst andere maatregelen in te zetten om veiligheid te vergroten. In 2013 zal na evaluatie bekeken worden of er noodzaak tot invoering van cameratoezicht in de openbare ruimte bestaat. Uit het advies van politie en OM blijkt glashelder dat er in Oss geen bijzondere pro...

donderdag, 8 december 2011

Maria in je huiskamer?

Het lijkt erop dat de oppositie in de Bossche gemeenteraad haar zin krijgt. De glasplaat die de middeleeuwse put op de Markt afsluit word vervangen door een puthuis. Niet zo’n lelijk exemplaar als er al eens eerder op de Markt verscheen in de zeventiger jaren van de vorige eeuw . Nee, nu wordt het ranker en veel smaakvoller, naar een ontwerp van Jan van Eerden, de redder van de Binnendieze, voor wie de stad de spiegel van de kosmos vormt en onze markt vast de navel van het heelal.

Toen de VVD eenmaal overstag ging kon het CDA in populisme natuurlijk niet achterblijven en gelukkig: uit een inderhaast georganiseerde internetenquête bleek – heel verrassend – dat een “meerderheid” een puthuis terugwil. Dit onzalig plan lijkt zo in de volgende raadsvergadering voldoende steun te verwerven.

GroenLinks is voor behoud van onze historische binnenstad, maar tegen het terugbouwen van historie, of het nu stadpoorten, waterputten of het indertijd afgebroken deel van de Citadel betreft. De gemeenteraadsfractie zal dus tegen een nieuw puthuis stemmen en verder haar verlies nemen zoals het hoort in een democratie, zelfs al zijn er eigenlijk indertijd heel andere afspraken gemaakt met de coalitiepartners.

Dat het namaakmiddeleeuws puthuis in het voorstel vergezeld gaat worden door een Mariakapel vind ik pas echt kwalijk. In de openbare ruimte dient de overheid geen religieus symbool te plaatsen, zelfs niet als de stad dat zomaar cadeau krijgt. Na de verbouwing van mijn winkel kreeg ik een fraaie bronzen afbeelding van de Zoete Moeder van Den Bosch ten geschenke. Sindsdien hangt die aan de gevel van Boekhandel Twaalfmorgen aan de Kruisstraat. Maar wat ik als particulier ongestoord mag doen om de aloude route van de Maria-omgang te markeren , dat is de overheid niet toegestaan.

Want de Markt is bij uitstek het plein van en voor alle Bosschenaren en dat dient zo te blijven. In de huiskamer van Den Bosch hoort geen symbool van één enkele religie. De tijd in dat onze stad 99 % van de inwoners rooms-katholiek was (en het Christusbeeld op het Emmaplein haar plaats kreeg) ligt al bijna een eeuw achter ons. Er zijn gelukkig nog roomse Bosschenaren, maar heel veel stadsgenoten hebben tegenwoordig een ander geloof: die zijn moslim, protestant, hindoe of boedhist, Bahai, Soefi of helemaal niks. Het verbaast me heel erg dat in de hele discussie over de combinatie puthuis/Mariakapel tot nu toe aan dit aspect grotendeels wordt voorbijgegaan. En ik verwacht van mijn partij dat ze zich in de raad tegen die kapel met hand en tand verzet.


zaterdag, 3 december 2011

Thijs de la Court

Thijs de la Court

Linkedin Twitter

De Ondernemende Gemeente

In huren, kritisch, leuk, afval, ambtenaar, ambtenaren, milieu, mobiliteit, arbeidsmarkt, en meer.


Of het nu om milieu, gezondheidszorg, natuurbeheer of armoede gaat, de lokale overheid kraakt in haar voegen. Niks ten nadele van de inzet van ambtenaren en bestuurders, want het beeld van slapende raamambtenaren is een verbeelding die schril afsteekt bij de algemene werkelijkheid van het keiharde werken en grote betrokkenheid die vele gemeenten kenmerkt. Maar de dominante positie van de overheid, dus ook die van de raad, wethouder en ambtenaar, is verleden tijd. Eindelijk, tenminste… als je tijdig de risico’s onderkent.

Bezuinigingen

In mijn gemeente Lochem moeten er op termijn 20 fte uit. Wat minder dan 10% van ons bestand, we zijn een kleine gemeente. Financieel komen er nog wat stormen aan. Het zou niet verbazingwekkend zijn als we nog verder moeten in het krimpen van ons ambtenarenbestand. Deze bezuinigingen zijn een belangrijke ‘driver’ achter de ombuigingen. Maar is het niet gek dat we een dergelijke stok achter de deur moeten hebben om kritisch naar onze organisatie te kijken. Het is een negatieve impuls die ons dwingt. En er is weinig creativiteit en ondernemingslust geboren uit weerstand en angst.

Ondernemen in en met de samenleving


LochemEnergie, onze cooperatieve energievereniging, is voor mij een voorbeeld van een particulier initiatief dat laat zien hoe in de toekomst lokaal initiatief een eigen rol pakt. Burgers die het leuk vinden met elkaar te ondernemen, voor een gemeenschappelijk belang. In dit geval geen kleine onderneming, hoewel het daar wel mee begint, maar een bedrijf dat gaat uitgroeien naar een omzet van tien tot twintig miljoen per jaar! Over vijftien jaar een winst van 10 miljoen per jaar, die jaarlijks terug gepompt wordt in de Lochemse samenleving. Deze groep kan ook initiatieven nemen op het gebied van energiebesparing, duurzame renovatie in de bestaande bouw of in de slimme netwerken en duurzame mobiliteit. LochemEnergie zal de lokale overheid overvleugelen. De raad en het college zullen misschien op een aantal vlakken, zoals ruimtelijke ordening, vergunningverlening, nog een rol spelen.


Het Bedrijf Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte, een ontwikkelinitiatief van de gemeente Lochem met Berkel Milieu, Delta, Cambio en 2Switch is weer een andere vorm. De overheid zoekt marktpartijen op waarmee ze een gezamenlijke bedrijfsvorm kan ontwikkelen. Ook om te ondernemen, met belangrijke sociale doelen als het gaat om de onderkant van de arbeidsmarkt. Ook hier zie je een beweging ‘weg’ van de ambtelijke en bestuurlijke structureren. Met een beperkt aantal kaders die de gemeenteraad stelt zoeken we de vrijheid van maatschappelijk ondernemen op, breken de muur van de overheidsstructuur open.

Alle beleidsvelden in ondernemerschap

Deze ‘vermaatschappelijking’ gaat ver en rijkt over alle beleidsvelden. Neem het armoedebeleid. Waarom vormen groepen in de samenleving geen cooperatieve initiatieven die zelf lijnen uitzetten met sportclubs, toneelgroepen of muziekonderwijs. Die er aan bijdragen dat mensen met een uitkering elkaar ontmoeten en steunen, de koppeling vinden met de lokale fondsen, het bedrijfsleven en de kerken? Waarom zou de overheid die touwtjes in handen houden? Www.rechtop.nu laat fantastisch zien hoe dit in Deventer uitgewerkt is.


Neem nu een onverdacht beleidsveld als onze riolering en verwerking van het afvalwater. Wat is het voor een onzin dat we met veel schoon drinkwater en regenwater ons waardevol afval wegspoelen via een peperduur systeem naar een vergelegen rioolwaterzuivering. We betalen er jaarlijks stevig geld voor! Ach ja, het is natuurlijk een moment een zegen geweest, want ons rioleringssysteem heeft ons van veel ellende afgeholpen. En het was goed dat overheden zich daarmee bemoeiden. Maar het wordt tijd dat systeem eens helemaal overnieuw te bekijken. Riolen verwerken waardevol schoon water, warmte en grondstoffen. Dat kan toch allemaal lokaal afgevangen worden? Zodat we alle warmte vasthouden, schoon water besparen en grondstoffen hergebruiken? Hele delen van Lochem afkoppelen van het riool? Waarom niet. De vraag is of gemeente en Waterschap nu de beste partners zijn om die verandering te bewerkstelligen. Het Lochems rioolbeleid gaat ervan uit dat we hier een consortium voor bouwen, met burgers, kennisinstellingen en bedrijven.

Naar een ondernemende samenleving

Ik pleit voor een herdefinitie van de rol van de overheid. Geen hoekje van ons overheidsbedrijf wordt daarvan gevrijwaard. De samenleving is een een ondernemend organisme, vol wat netwerken en creativiteit. De taak van de overheid is om dat ondernemerschap van synergie, samenwerking en gezamenlijk gekozen richting te voorzien. Op basis van democratisch gelegitimeerde steun van de gemeenteraad. Dan gaat de bezem er door en zouden op termijn nog wel meer dan 20 fte kunnen verdwijnen. Het zou ook anders kunnen gaan, namelijk dat er gecombineerde bedrijven ontstaan waar ook de overheid haar deel in heeft. Maatchappelijke ondernemers in dienst van de overheid.

Ik zie het voor me. In ons nieuwe gemeentehuis. Een vleugel is helemaal vrijgemaakt voor deze maatschappelijke onderneming. Een thematische ‘hub’ voor zzp-ers, bijvoobeeld over duurzaamheid. Daar komen de zzp-bedrijven bij elkaar, huren een bureau, gebruiken gemeenschappelijke diensten, bouwen gemeenschappelijke ondernemingen op. Daar zitten ook onze ambtenaren, die mee ondernemen. Die de opdrachten van de raad doorvertalen in stimulansen en nieuwe samenwerkingsverbanden. Maar nooit doet de overheid iets meer ‘zelf’, altijd in samenwerking en altijd in ondernemerschap. En dan zou het wel eens interessant zijn om te kijken of die overheid ook zelf in de ‘markt’ kan verdienen. Bijvoorbeeld de markt van gemeenten die nog niet zover zijn.

Opschieten dus, dan zetten we die ondenemende overheid in beweging.

donderdag, 24 november 2011

Peter Smith

Peter Smith

SuperKlean, ‘s werelds eerste speelfilm van 1 minuut.

In afval, highlight, openbare ruimte, plastic soep, voor de wereld van morgen, wereld, zwerfvuil, oud, gewoon, en meer.

De wereld wordt bedreigd!
Is er iets of iemand die de wereld kan redden?

Gaat u er eens goed voor zitten, een bakje Hoekse Chips in de linkerhand een glaasje Oggu-Cola in de rechter.
(U drinkt natuurlijk geen Coca-Cola meer, want zij werken projecten die aandacht vragen voor de plastic-soep tegen).




Met dank aan Marguerite Verstraelen; zij had de moeilijke rol om langs het zwerfvuil te lopen en het toch niet op te rapen. Als u haar kent weet u wat een offer zij gebracht heeft!
En dan Joshua, 4 jaar oud en dan zo geweldig de tekst inspreken. Geweldig gedaan Josh!

=====

Plastic Soup, 80% of it originates from land based litter. Cleaning it up takes more than 500 years, we created it in less than 50 years. So we should focus on stopping the growth.

Plastic Soep, 80% van haar ingrediënten komen gewoon van het land af. Opruimen kost meer dan 500 jaar, we hebben het in minder dan 50 jaar gecreëerd. We moeten ons dus vooral richten op het stoppen van de groei!.

woensdag, 16 november 2011

Peter Smith

Peter Smith

Ik erger mij niet aan zwerfafval maar wel hieraan…

Ik erger mij niet aan zwerfafval sinds ik er wat tegen onderneem; ik ruim het op en ik schrijf erover wat dit met mij doet op dit blog.
Maar waar ik me wel aan erger is de voorlichting die veel instanties geven over zwerfafval (ergeren is misschien een iets te sterk woord in dit geval. Ik bedoel eigenlijk dat het jammer is dat hier vaak de nadruk op ligt):

De boodschap: het blijft een tijdje liggen en daarna… huub huub Barbatruuc…. foetsie.

Maar daarna begint de ellende pas!

Uit het oog is misschien wel uit het hart maar daarna komt het in de maag! Plastic breekt niet af, het vervalt in steeds kleinere stukjes. En wordt uiteindelijk opgenomen in de voedselketen. En plastic heeft ook nog eens de eigenschap om gifstoffen zoals pesticiden aan zich te binden.

Bovendien is dit totaal geen incentive voor zwerfvuilveroorzakers om hun gedrag te herzien! Wat kan het hen schelen dat iets vijftig of honderd jaar blijft liggen: “Mooi laten liggen toch!”

Beste zwerfafval-voorlichters: stop met het benadrukken van de minst belangrijke eigenschap van zwerfvuil maar vertel over wat de gevolgen zijn als je het niet meer ziet!

zondag, 13 november 2011

Peter Smith

Peter Smith

Atsma, wordt nu eens een Echte Held!

Apeldoorn organiseerde een zwerfvuil inzameldag waarbij je voor elk blikje of flesje een kleine vergoeding kreeg.
Kijk eens wat dit oplevert! En teken daarna de petitie van EchteHeld om te voorkomen dat Atsma de statiegeld regeling afschaft. Want dat is hij van plan alleen omdat de verpakkingsfabrikanten dat maar lastig vinden. Als die verpakkingsproducenten nu eens aan kinderen denken in plaats van aan de centen…

Zwerfvuil is nl. voor 80% verantwoordelijk voor de Plastic Soep. De soep die onze kinderen gaan eten!

donderdag, 10 november 2011

Peter Smith

Peter Smith

Klean bij Eén Vandaag op 11-11-11 om 18:15 NL1

11 november om 18:15 op NL1 bij Eén Vandaag komt er een kort item over Klean in het kader van de dag van de duurzaamheid.

Ik organiseer de “Zottendag”. Doe je ook mee? Je kan het in je eigen straat doen en het kost je maar 10 seconden!
Je kan je ook opgeven via facebook.

woensdag, 2 november 2011

Peter Smith

Peter Smith

Daar doe ik het voor…. (en voor m’n kinderen)

In afval, beschaving, openbare ruimte, schamen, verantwoordelijkheid, zwerfvuil, durven, gastblog, opgeruimd, en meer.

Ik kreeg net onderstaand blog binnen van Sonja van Vuren.

Het is geweldig te merken dat er meer mensen zijn die ‘de windmolens’ zien en willen bevechten, ook zij doet het op een stalen ros;)

Lees hier haar blog:
Het nadeel van zwerfafval opruimen.

En inderdaad er zit een nadeel aan; je kan niet meer stoppen ;)

woensdag, 28 september 2011

Peter Smith

Peter Smith

Scrub it.

Gisteren zag ik een filmpje van Jeroen Dagevos van stichting de Noordzee. Jeroen ken ik nog van mijn Luchtballon-doop. In dat filmpje vraagt Jeroen aandacht voor het feit dat veel van de producten die bedoeld zijn om ons lichaam schoon te maken stofjes bevatten die de oceanen vervuilen: Microplastics.

We zien in dat filmpje hoe Jeroen een bodylotion oplost in water, vervolgens dit door een koffiefilter giet. En daarna zien we inderdaad op de zijkant van kleine witte plastic bolletjes zitten.

Nu kan ik me voorstellen dat veel mensen daar niet van onder de indruk zijn, dat kleine beetje plastic in een koffiefilter. Wat ze niet begrijpen is dat zij niet de enigen zijn die dit doen, maar dat we in Nederland met 16,5 miljoen mensen zijn.
Dus laten we dit eens vertalen naar een begrip dat veel mensen wel aanspreekt: Voetbalvelden.

Ieder jaar spoelen we ca. 10 voetbalvelden bedekt met plastic-scrub weg door ons doucheputje richting de plastic soep.

Dit bovenstaande is een schatting. Ik weet niet hoeveel mensen die producten gebruiken en hoe vaak. Daarom ben ik van het volgende uitgegaan: Gemiddeld spoelt iedere Nederlander één kubieke centimeter aan scrub weg. Als we de korreltjes 0,5 mm groot denken dan kunnen we hier 10 voetbalvelden compleet mee bedekken.
Mocht blijken dat iedere Nederlander 10 kubieke centimeter gebruikt dan zijn dit al 100 voetbalvelden en trekken we dit door naar de hele wereldbevolking dan komen we op ca 40.000 voetbalvelden die we ieder jaar de vissen als alternatief voor plankton aanbieden.

Wie eet er vanavond Sushi?

Dus teken de petitie tegen het gebruik van microplastics in zeep en in body-care-producten.


vrijdag, 23 september 2011

Peter Smith

Peter Smith

Gewonnen!!!!

In algemeen, zwerfvuil, energie, openbare ruimte, wedstrijd, actie, durven, oplossingen, wereld, en meer.

Althans, door de eerste ronde gekomen bij de ASN-bank Wereldprijs

Nu door naar de tweede ronde:
Van elk thema worden er twee gekozen door een jury die later gaan pitchen.
En dan is er nog de publieksprijs; daarvoor gaan we weer stemmen (nu zonder dat je een account hoeft aan te maken! pfff ;). Stemmen kun je vanaf 29 september: http://www.voordewereldvanmorgen.nl/wereldprijs

Dus even een kleine adempauze, want om zonder campagneteam toch in de top tien terecht te komen, dat kost energie. Gelukkig energie zonder CO2 uitstoot ;)

Opgeruimde groet,
Peter.



(althans fossiele CO2!)

dinsdag, 20 september 2011

Peter Smith

Peter Smith

Reactie op artikel in het Friesch Dagblad

In algemeen, verantwoordelijkheid, zwerfvuil, gezondheid, intelligentie, openbare ruimte, plastic soep, voor de wereld van morgen, wedstrijd, en meer.

Het Friesch Dagblad plaatste onlangs dit artikel: “Laat scholieren zelf snoepafval opruimen“.

Mijn reactie op dit artikel wil ik graag met jullie delen:

Sinds 8 maanden nu hou ik me redelijk intensief bezig met zwerfafval en de gevolgen daarvan. Vaak lees ik over acties van scholen die met hun leerlingen een middagje zwerfafval gaan ruimen, vaak met de veronderstelling dat de leerlingen hiervan leren en het in het vervolg wel uit hun hoofd zullen laten vuil op straat achter te laten.

Die leerlingen echter vinden zo’n middagje met z’n allen buiten bezig vaak maar wat leuker dan in de schoolbanken zitten. Dus als ze al wat leren is dat het loont om zwerfafval te veroorzaken. Er zijn ook scholen die hun leerlingen wijzen op de gevolgen van zwerfafval, dat bijvoorbeeld een plastic flesje wel honderd jaar kan blijven liggen. Nou, dan zit de schrik er bij de leerlingen natuurlijk goed in, niet dus!

Of men probeert het op de normen en waarden toer. Zie de opmerking van schooldirecteur Henk Stam: “Er zijn leerlingen die afval laten slingeren en dat hoort niet.”
Pubers zijn pubers en die vinden niets leuker om zich niets van normen en waarden aan te trekken, ze willen dit zelf onderzoeken. En gelijk hebben ze! Maar wat hun niet verteld wordt is dat ze hun eigen leefwereld aan het vergiftigen zijn. Er is namelijk een sterke relatie tussen zwerfafval en de plastic soep. Maar liefst 80% van al dat plastic wat in de oceanen drijft is afkomstig van land, van zwerfafval dus. Nu heeft dat plastic in de oceanen ook nog eens de vervelende eigenschap om alle giftige stoffen die in de oceanen terechtkomen aan zich te binden, denk hierbij aan pesticiden, POP’s, PCB’s en endocriene disruptors. In grote gedeelten van de oceanen komt al zes maal zoveel plastic voor dan plankton (plankton is de grootste biomassa op onze wereld!). Dus dat vissen plastic gaan eten is evident en daarbij al die giftige stoffen binnen krijgen. De Inuit, die voornamelijk van vis leven, worden steeds minder vruchtbaar en vrouwen wordt het sterk ontraden om borstvoeding te geven.
Hier eten we minder vis maar vis wordt wel veel gebruikt in andere producten. Ook stormvogels voeden zich tegenwoordig met plastic en die poepen al die giftige stofjes uit boven onze weilanden en akkergronden. Ik hoop dat dit tot de leerlingen doordringt, dat ze hun eigen wereld aan het verpesten zijn, dat ze dan minder geneigd zijn om hun vuil op die ene globe te laten vallen waar we allemaal van moeten leven.

Ik kan het in ieder geval niet meer aanzien dat men onze wereld als prullenbak gebruikt. Mocht je willen weten wat ik er aan doe, dan nodig ik je uit om naar de documentaire te kijken die er van mij gemaakt is: Bekijk hier de film Klean the Movie, over de relatie tussen zwerfafval en plastic soep.

En wil je me helpen om dit project te realiseren? Stem dan op De Wereld van Zwerfvuil bij Voor de Wereld van Morgen (Een wedstrijd om goede doelen te financieren).

Opgeruimde groet,
Peter Smith

maandag, 12 september 2011

Eric Leltz

Eric Leltz

Twitter GR

Raadsonderzoek

In ruimtelijke ontwikkeling, arnhem, bestemmingsplan, boerderij, bomen, college, de, gebouwen, gemeente, en meer.

eric leltz
Onlangs ontvingen de raadsfracties een brief waarin een mevrouw uit Bennekom vroeg om een raadsonderzoek over de gang van zaken bij de bouw op het oud ziekenhuis terrein langs de A12 door Opella.

Een raadsonderzoek wordt niet vaak uitgevoerd en het is dan ook een zwaar middel. De laatste keer dat in Ede een dergelijk onderzoek is uitgevoerd, was vier jaar terug bij de Dikkenberg. In het raadsonderzoek zou het handelen van Opella bij de gebiedsontwikkeling langs de A12 en de verwevenheid van de gemeente Ede hierbij, onder de loep moeten worden genomen. Deze verwevenheid zou voor de gemeente volgens de mevrouw, een belemmering kunnen zijn voor een objectieve beoordeling.

Als je je verdiept in het dossier, kun je de vraag enigszins begrijpen. Het lijkt er op alsof de gemeente het belang van Opella boven andere belangen stelt. Alle zienswijzen en bezwaren zijn aan de kant geschoven. Er moest vooral gebouwd kunnen worden. In de loop der tijd is men mevrouw als querulant gaan beschouwen waar “toch niet mee te praten viel”. De bezwaarschriftencommissie en de Rechtbank in Arnhem hebben mevrouw diverse keren in het gelijk gesteld, maar het college heeft zich daar gewoon niet veel van aangetrokken. Een greep uit het dossier: 

  • Kapvergunning bomen langs A12 is tweemaal vernietigd door de rechtbank en in de derde procedure was het te laat omdat de bomen al gekapt waren,
  • De bewuste bomen zijn in strijd met de Flora en Faunawet in het broedseizoen gekapt,
  • Op het terrein zijn rond oude gebouwen diverse bomen zonder vergunning geveld,
  • In plaats van te boren, zijn de heipalen voor het geluidsscherm de grond in geslagen, ook op 10 meter afstand van een monumentale boerderij,
  • In de civiele procedure om de schade van het heien en andere werkzaamheden te verhalen verschuilen aannemers en gemeente zich achter elkaar,
  • Voor de reeds gerealiseerde nieuwbouw ontbreekt een nadrukkelijke goedkeuring door de welstandscommissie.

Jarenlang werd gesproken van een kwalitatief hoogstaande inrichting van de openbare ruimte. De realiteit is dat de bebouwing erg compact is, er weinig aandacht is voor de inrichting van de omgeving, de aanplant op het talud van de A12 als mislukt mag worden beschouwd, de fietsenstallingen in de voortuintjes wat armoedig aan doen en er niet half verdiept kan worden geparkeerd. Dat Opella zich hiermee onttrekt aan bepalingen van het voor hen opgestelde bestemmingsplan negeert het college.

De werkzaamheden aan het in aanbouw zijnde 3e gebouw liggen overigens al een tijd stil. En in het laatste oude gebouw, dat niet voldoet aan de normen van fatsoenlijke huisvesting, zijn toch weer ouderen ondergebracht voor de duur van 3 jaar.

Je zou voor minder het vertrouwen in de overheid opzeggen. Het zou daarom goed zijn als de gemeente Ede alle procedures stop zet en eerst eens echt oplossingsgericht met mevrouw in gesprek gaat. Eventueel met een mediator. Een raadsonderzoek kan daarna altijd nog.



zaterdag, 10 september 2011

Ufuk Kahya

Ufuk Kahya

Twitter GR

GroenLinks wil in Den Bosch beweegtuinen

In geen categorie, allochtonen, amsterdam, artikel, begroting, belangrijk, beleid, buitenland, burgers, en meer.

Beweegtuinen zijn speeltuinen met outdoor-fitnesstoestellen waar je verschillende spiergroepen kunt trainen. Populair in het buitenland, maar ook steeds vaker in Nederland te vinden. Beweegtuinen stimuleren niet alleen het bewegen, ze vormen ook een vanzelfsprekende ontmoetingsplek voor verschillende generaties. Zo versterken ze de vitaliteit van de gemeente.

Ook Bosschenaren bewegen te weinig, terwijl bewegingsarmoede gevaarlijk is voor de gezondheid, van jongeren en ouderen. En de mensen die wel bewegen doen dat tegenwoordig graag op een tijd en plaats die hen uitkomt en dikwijls niet meer in verenigingsverband. Dat kan natuurlijk uitstekend in een laagdrempelige beweegtuin in je omgeving, samen met anderen uit de buurt. Op gebruiksvriendelijke toestellen, die hufterproof zijn.

GroenLinksgemeenteraadslid Ufuk Kâhya ziet de beweegtuinen daarom graag ook in Den Bosch. Hij kwam deze week met een voorstel voor de aanleg ervan in West en aan het Zuiderpark in Zuid.

INITIATIEFVOORSTEL
Beweegtuinen

Status
Op basis van het in de Gemeentewet opgenomen recht, dient de fractie van GroenLinks een initiatiefvoorstel in om sport en bewegen te stimuleren en daarbij ook de sociale cohesie te bevorderen in de wijken van ‘s-Hertogenbosch door middel van “beweegtuinen”.

1. Samenvatting
GroenLinks dient dit initiatief in om de beweging, sport en sociale cohesie in de wijken van de gemeente ’s-Hertogenbosch te bevorderen. Een beweegtuin stimuleert bewegen en vormt ook een ontmoetingsplek die de burgers van de gemeente ’s-Hertogenbosch dichter bij elkaar brengt.

Het is haalbaar, ook in deze tijden van financiële schaarste, om op creatieve wijze onze ambities te realiseren. Op het gebied van gezondheid en sociale cohesie moet onze ambitie onveranderd hoog blijven. Het college wordt gevraagd twee beweegtuinen te realiseren en te bezien wat dat in beweging brengt.

2. Aanleiding
In de gemeentelijke Sportvisie is aangegeven dat de volksgezondheid een punt van toenemende zorg is. Het percentage jeugdigen met overgewicht en obesitas en volwassenen met cardiovasculaire aandoeningen neemt de laatste jaren toe. Bewegingsarmoede is een belangrijke risicofactor voor onze gezondheid. Bewegen is van grote invloed op de ontwikkeling van kinderen.

Uit de sportstatistieken van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat bij 1 op de 7 kinderen sprake is van overgewicht. Voor Den Bosch betekend dit 15.5%. Ook blijkt uit de sportstatistieken dat sportdeelname van allochtonen, lager opgeleiden en mensen met lagere inkomens fors achter blijft ten opzichte van de rest van de bevolking. Ook speelt dit initiatiefvoorstel in op het tendens van individualisering en informalisering. Steeds meer mensen die willen wel bewegen, maar niet in verenigingsverband. Dit initiatiefvoorstel wil op een laagdrempelige wijze burgers stimuleren en faciliteren om meer te bewegen.

Het is belangrijk dat in deze tijd zowel ontmoeting en dialoog als bewegen wordt gestimuleerd. Natuurlijke ontmoetingsplekken nemen in hoog tempo af wat bijdraagt aan de afname van de sociale cohesie. Parken en speeltuinen vormen ook belangrijke ontmoetingsplekken in deze gemeente. Dit initiatiefvoorstel ‘Beweegtuinen’ gaat over het stimuleren van sport en bewegen, maar benadrukt en bevorderd tevens het aspect van sociale cohesie.

3. Beweegtuinen
Beweegtuinen zijn als het ware speeltuinen met outdoor-fitness toestellen die verschillende spiergroepen trainen. Beweegtuinen zijn in het buitenland veelvuldig te vinden. Ook in Nederland begint het zich succesvol te verspreiden. In steden zoals Haarlem, Amsterdam, Doetichem, Rotterdam, Zoetermeer, Den Haag, Maassluis en Tilburg zijn al openbare sportparken gerealiseerd. Uit onderzoek van de Gelderse Sportfederatie blijkt dat beweegtuinen niet alleen het bewegen stimuleren, maar ook een positieve rol spelen bij sociale ontmoeting van verschillende generaties. Beweegtuinen versterken de vitaliteit van de gemeente.

Gebruiksvriendelijkheid
De toestellen op de beweegtuinen zijn gebruikersvriendelijk,
zowel voor kinderen als voor ouderen. Sommige toestellen zijn
ook rolstoelvriendelijk. De toestellen zijn ook hufter-proof.

Beweegtuinen;
- stimuleren bewegen (met name ook die groepen die nu een bewegingsachterstand hebben zoals allochtonen, laag opgeleiden en mensen met lage inkomens),
- zijn laagdrempelig en toegankelijk voor jong en oud,
- kunnen overal worden ingepast in de openbare ruimte, zowel in groene omgevingen waar zich al veel bewegers bevinden, als in een meer stenige omgeving.
- zijn grotendeels ook toegankelijk voor mensen met bepaalde fysieke beperkingen,
- zijn natuurlijke ontmoetingsplekken,
- bevorderden zowel de volksgezondheid als de sociale cohesie.

4. Financiën
Creatieve mogelijkheden
Het is aan te bevelen om in deze tijden van financiële schaarste de mogelijkheden van samenwerking met en/of sponsoring vanuit de markt te onderzoeken. Vanuit het maatschappelijk verantwoord ondernemen is het denkbaar dat bedrijven en ondernemers interesse kunnen tonen. Sponsoring van dergelijke toestellen zijn voor bedrijven en ondernemers namelijk deels fiscaal aftrekbaar. Daarnaast zou een mogelijkheid gecreëerd kunnen worden om op het toestel de naam van de sponsor te vermelden. Dit zal op een bescheiden wijze moeten gebeuren, het is namelijk niet de bedoeling dat de toestellen worden getransformeerd tot reclamezuilen. Het eerste ‘Bossche Benkske’ in
’s-Hertogenbosch is door sponsoring vanuit de markt gerealiseerd.
Dit is ook goed denkbaar voor beweegtuinen.

Kosten
Een beweegtuin kan in omvang verschillen. Een gemiddelde beweegtuin bevat
ongeveer 6 – 10 toestellen wat de mogelijkheid biedt voor een volledige work-out
waarbij alle spiergroepen getraind kunnen worden. Toestellen bedragen circa
€ 2.000.- per stuk, waarbij de prijzen per toestel variëren.
De plaatsing en transportkosten voor een beweegtuin varieert afhankelijk van de locatie en de aantal toestellen. Indicatieprijs van het realiseren van een beweegtuin met 6 toestellen is € 15.000,-. Deze prijzen zijn gebaseerd op de informatie die is verschaft door één aanbieder en kunnen per leverancier verschillen. Het College zal als uitvoerder zelf bij de realisatie prijsafspraken moeten maken met een van de aanbieders. Ter indicatie is er een prijzenlijst opgevraagd bij een van de aanbieders. Tot slot zijn er onderhoudskosten die vergelijkbaar zijn met de onderhoudskosten van een reguliere speeltuin. Voor het realiseren van twee beweegtuinen zal een investering vragen van circa € 40.000,-.

Financiering
Voor de financiering kan er gezocht worden naar ruimte binnen bestaande budgetten zoals wijkspeelplaatsen, aanpak buurtpleinen en bewegen voor ouderen. Uit een verkenning blijkt dat binnen de huidige begroting in de hier genoemde posten de ruimte en mogelijkheid bestaat om de eerste twee beweegtuinen uit te financieren.

5. Realisatie
Het College draagt zorg voor de realisatie van beweegtuinen. De realisatie van beweegtuinen kan op verschillende wijze vormgegeven worden. Het is de verantwoordelijkheid van het College om dit effectief en efficiënt vorm te geven.

Locatie
Een belangrijk aspect bij het realiseren van beweegpark is de locatie. Goede locaties zijn parken in wijken waar ook speelgelegenheid is en langs (hard)looproutes in wijken. Ook is het van belang om te kijken naar de demografie van de wijk. Voorkeur zou uit moeten gaan naar wijken waar de doelgroepen die momenteel volgens de sportstatistieken een beweegachterstand hebben zich veelvuldig zetelen. Voor de eerste twee beweegtuinen valt daardoor te denken aan de Westerpark of de Wijdonklaan in West en aan het Zuiderpark in Zuid.

Inpassen in bestaand beleid
Na realisatie van twee beweegtuinen zal bezien moeten worden wat het in beweging brengt. Bij succes kunnen er meer beweegtuinen gerealiseerd worden in de openbare ruimte en zou onderdeel kunnen worden van regulier beleid. Bij verdere uitbreiding is het van belang om in overleg te gaan met de sportalliantie, bewonersraden en andere organisaties zoals de seniorenraad om geschikte locaties te bepalen. Daarnaast zal ook de nabijheid van grotere voorzieningen moeten worden overwogen, zoals sociaal-culturele voorzieningen en onderwijsinstellingen.
Bij het ontwikkelen van wijkspeelplaatsen kunnen beweegtuinen als optie worden meegenomen en in overleg met bewoners kan bezien worden of realisatie mogelijk is.

6. Voorstel
Wij stellen u voor het bijgaand ontwerp-besluit vast te stellen.

De fractie van GroenLinks ’s-Hertogenbosch,
namens deze,
Ufuk Kâhya

De gemeenteraad van ‘s-Hertogenbosch in zijn openbare vergadering van 11 oktober 2011 ;
gezien het initiatiefvoorstel van de fractie van GroenLinks van 6 september 2011,

gelet op de Gemeentewet en artikel 37 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de gemeenteraad;

Besluit:

1. Sport en bewegen te stimuleren door het realiseren van beweegtuinen in de wijken van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

2. Als pilot 2 beweegtuinen te realiseren, waarbij het college de opdracht krijgt om de samenwerking met (markt)partijen te bewerkstelligen.

3. De realisatie van de twee beweegtuinen, circa € 40.000,-, te financieren uit het budget wijkspeelplaatsen, aanpak buurtpleinen en/of bewegen voor ouderen.

De gemeenteraad voornoemd,
De griffier, De voorzitter,

drs. A. van der Jagt mr. dr. A.G.J.M. Rombouts

klik hier voor het initiatiefvoorstel in pdf.

woensdag, 27 juli 2011

Patrick Rijke

Patrick Rijke

Linkedin Twitter GR

Het milieu van mijn dochter… en de auto van haar vader

In gemeenteraad zwolle, auto, groenlinks, leefomgeving, milieu, mobiliteit, openbaar vervoer, politicus, politiek, en meer.

‘Papa, mag ik jou interviewen? Ik doe op school een project over het milieu en jij weet daar alles van, want jij zit in de gemeenteraad voor GroenLinks.’ Hoe trots kan een vader zijn, als zijn zevenjarige dochter langs haar neus weg het bewijs levert dat een onnadrukkelijk milieubewuste opvoeding langzaam maar zeker haar vruchten begint af te werpen? Over dat schattige interviewtje straks meer, want ik ben in elk geval zó trots dat ik ook een onnavolgbare tekst van haar muurkrantpresentatie hier in extenso overneem: ‘Het milieu is goed voor het land. als het milieu niet bestond kon ik niet leven. Waaaa het milieu is weg.’ Zo scherp heb ik het in de raadsvergaderingen nog nooit onder woorden gebracht!

Bomen, afval en fietsen
Inger, zo heet mijn dochter, bleek zich goed te hebben voorbereid op het vraaggesprek (dat weliswaar door mijn vriendin op video werd vastgelegd, maar vanwege de onzomerse omstandigheden afgelopen week van zo’n duistere kwaliteit dat u het zult moeten doen met mijn beknopte weergave in woorden). De vragen zouden gaan over verschillende aspecten van onze leefomgeving, zo kreeg ik in een door mij als politicus professioneel afgedwongen voorgesprekje te horen: het aantal bomen in de stad, de hoeveelheid afval die we weggooien en hoe we goed kunnen zorgen voor het milieu.

Voor die eerste twee vragen raadpleegde ik snel de informatiebronnen waar ik als raadslid over beschik en zo kon ik even later melden dat Zwolle een bijzonder groene stad is, waar in de openbare ruimte wel 65.000 bomen staan. Dat heeft onze stad overigens mede te danken aan onze voormalige wethouder Peter Pot, die tijdens zijn ambtsperiode talloze malen de krant haalde als hij weer eens ter gelegenheid van het een of ander een boom had geplant. Zwolle heeft enkele jaren geleden onder meer vanwege al die bomen het predicaat Groenste Stad, eerst van het land en later zelfs van Europa, bemachtigd. Komt u gerust eens langs om het met eigen ogen te aanschouwen. Maar dit allemaal terzijde. In het interview beperkte ik me tot het melden van het zakelijke feit dat Zwolle een lekker groene stad is waar het fijn wonen is voor mensen.

Ook de tweede vraag kon ik mede dankzij mijn bronnenonderzoekje adequaat beantwoorden. Ik lepelde op uitleggerige toon de kilo’s afval op die ik op een spiekbriefje had genoteerd, keurig gescheiden naar de verschillende soorten afval en omgerekend naar een gemiddeld huishouden als het onze van moeder, vader, Inger en grote broer in indrukwekkende getallen. ‘Veel hè?’ voegde ik daar licht moralistisch aan toe, en als opstapje naar de laatste vraag: ‘Maar als je papier, glas, plastic en zo apart wegdoet, kan er nog heel veel opnieuw worden gebruikt.’

De hamvraag was natuurlijk wat we zelf kunnen doen voor onze leefomgeving. Voor de kinderen van groep 3, 4 en 5 die het interview in de klas zouden bekijken beperkte ik mijn antwoord tot drie dingen: naast het al gememoreerde scheiden van je afval, zorgzaam omgaan met planten en dieren en zuinig zijn met energie, bijvoorbeeld door het licht uit te doen als je niet meer op je kamer bent en zo veel mogelijk te fietsen of de trein te nemen in plaats van met de auto gaan.

De auto van de zaak
Dat laatste punt – de auto – daar wil ik het nog even wat uitgebreider over hebben. Want wat wil het geval? Net in dezelfde week waarin ik mijn dochter het aandoenlijke interview gaf, kreeg ik de beschikking over ‘mijn’ auto van de zaak. Dat zit zo.
Begin dit jaar kreeg ik een nieuwe baan, waarvoor ik in het hele land middelbare scholen bezoek. In de arbeidsvoorwaarden die ik eind vorig jaar voorgelegd kreeg, stond vermeld dat ik de beschikking zou krijgen over een auto. Als GroenLinkser leek me dat niet zo’n goed idee. Ik kan toch moeilijk ‘s avonds in de raadszaal staan verkondigen dat het beter is het openbaar vervoer te gebruiken als ik zelf overdag op weg was geweest met een auto? Met name mijn argument dat ook functioneel gezien het reizen per trein flinke voordelen zou kunnen hebben: onderweg werken, niet alleen telefoneren, resulteerde in de afspraak dat ik de eerste maanden zou uitproberen of ik mijn afspraken grotendeels per trein zou kunnen afhandelen.

En zo heb ik de afgelopen maanden talloze uren in de trein doorgebracht, naar Heerlen, Zevenbergen, Schagen… soms nog een stukje met de metro, soms een OV-fiets als navervoer, soms gewoon een kwartiertje te voet. (Niet helemaal toevallig woon ik vlak bij het station in Zwolle, dat scheelt.) En veel van die uren heb ik inderdaad gewerkt, niet het minst ook ter voorbereiding op raadsvergaderingen. Soms kon ik wel een gat in de lucht springen dat ik in werktijd met de trein op en naar kon naar Zuid-Limburg: wat een rust om de stukken goed door te nemen!

Maar, de eerlijkheid gebiedt het te schrijven, toen het aantal afspraken in de loop van de tijd toenam, moest ik steeds vaker mijn toevlucht nemen tot huurauto’s. Juichte ik aanvankelijk nog dat ik op één dag per trein en metro scholen in Rotterdam en Etten-Leur aandeed (beide scholen keurig langs intercitylijnen gesitueerd), al gauw bleek dat ik de randen van Delfzijl, Dordrecht of Nijmegen helemaal niet goed met het openbaar vervoer kon bereiken. En dus kwam toch de auto van de zaak weer in beeld.
Het is een hybride geworden, dat wel natuurlijk. Zo’n Prius waar ook Femke in reed, in dat beruchte campagnefilmpje. Zo’n verantwoorde auto moet toch kunnen voor een GroenLinkser?

Ja, rationeel krijg ik het allemaal wel kloppend hoor. Mijn pleidooi luidde steeds dat mensen hun vervoer niet ‘automatisch’ invullen, maar juist heel bewust moeten kiezen. Lopen, fietsen, openbaar vervoer als standaard, soms de auto als het niet anders kan of gewoon veel handiger is. En alleen bij hoge uitzondering vliegen. Ik ben er nooit voorstander van geweest de auto in de ban te doen, ik ben geen fietsvakantieganger en ik probeer vooral mensen beleidsmatig te verleiden tot fietsen en de nadelen van massaal autogebruik te bestrijden. Hoe minder extreem we ons opstellen, des te meer kans dat mensen onze ideeën overnemen – zo is mijn adagium.

Maar toch… horen wij als politici niet het betere voorbeeld te geven? Ik ben de politiek ingegaan nadat ik door de geboorte van onze zoon, nu bijna elf jaar geleden, ‘levendiger’ dan ooit daarvoor de verantwoordelijkheid voelde om een actieve bijdrage te leveren aan het behoud van onze leefomgeving voor toekomstige generaties. En rijd ik nu eigenlijk niet het milieu van onze nakomelingen te verprutsen, te beginnen met de leefomgeving van mijn dochter, die zich op haar kinderlijk eenvoudige manier al terecht zorgen maakt om het milieu? ‘Als het milieu niet bestond kon ik niet leven.’


zondag, 10 juli 2011

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

B&W van Heerlen vinden dat roken van wiet niet mag op straat

In politiek, heerlen, discussie, gemeente, gemeenteraad, gezondheid, hypocriet, liberalisme, mensen, en meer.
Ook in Heerlen mag blowen van wiet op straat.

De vergadering van de gemeenteraad van Heerlen haalde op 7 juli weer eens de krant. Nu bepaalt de krant wel mee wat belangwekkend nieuws vanuit de raad is, maar hier is toch echt sprake van een belangrijke discussie? Mogen op straat softdrugs worden gerookt? Het College van Burgemeester en Wethouders (meerderheid van SP en PvdA + PvdA burgemeester) vinden van niet. Zij stellen voor om de Algemene Plaatselijke Verordening te wijzigen. Zij willen het blowen aanpakken omdat dit vooral een probleem is nabij het NS-station en scholen.
Nu vinden veel mensen dat wiet stinkt, maar is dat een doorslaggevend criterium? Nu is in het station roken verboden, maar ik heb nog geen gemeentebestuur of -raad gehoord die zich druk maakt over het roken over het algemeen in de openbare ruimte. Dat stinkt ook. En die rook is nog ongezonder. Vooral sigaren stinken. Je ruikt het zelfs aan mensen die sigaren roken. Ik zag laatst zelfs nog iemand met een pijp lopen, maar zijn gesausde tabak rook ik niet want hij liep aan de overkant van de straat. Misschien had hij zijn pijp wel uit. Wanneer is iets een probleem? Waarom het roken van hasj wel verbieden in de openbare ruimte en roken over het algemeen niet?

Opvallend is dat de overheid vaak zoekend is naar het juiste instrument om iets te regelen en daarbij nogal eens doorschiet. Als de gezondheid van de burgers de zorg van de overheid is, dan moet deze zich meer richten op regels en gedragsbeïnvloeding (waaronder accijnzen) die roken ontmoedigen, ook buiten de openbare ruimte. Regelgeving alleen geldend voor de straat is symptoombestrijding.
Op straat moeten regels strikter toegesneden zijn op het probleem van overlast. Daarvoor kan men het zoeken bij bijvoorbeeld landloperij en openbare dronkenschap. Nu dreigt ook niet-aanstootgevend gedrag strafbaar te worden gesteld. Dat treft niet alleen onnodig veel meer mensen, het is ook voor de handhaver moeilijk om zonder extra regels onderscheid te maken tussen burgers die geen overlast veroorzaken en die dat blijkbaar om andere redenen wel doen.

De discussie in de raad werd verbreed tot het op straat drinken van alcohol (blikjes bier). Dat stinkt niet. Bier drinken in de openbare ruimte is nu volgens de APV verboden (wel toegestaan op een terrasje van een horecaondernemer). De SP lijkt dat biertje wel tolerabel te vinden. De Socialistische Partij komt daarmee op voor de vrijheid van de burgers. Mooie zaak. Een beetje meer liberalisme als contragewicht voor die rechtse partijen die de vrijheid willen inperken. Het is toch best overzichtelijk en voorspelbaar in de politiek.

Naschrift:
De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft onlangs het blowverbod in de APV van Amsterdam vernietigd. Zo zijn er, bleek uit het bericht in De Pers van 13 juli, 80 gemeenten gecorrigeerd. Verstoring van de openbare orde als gevolg van drugs moet worden geregeld via de Opiumwet en die heeft een heel gedoogbeleid voor softdrugs. Het vermeend veroorzaken van overlast, zoals bijvoorbeeld het op je gemak blowen op een bank in het park, is geen verstoring van de openbare orde. En geen bevoegdheid van de gemeente via de APV, oordeelde de RvSt.
En Heerlen? Heerlen handhaaft het verbod, maar er zal door de politie en toezichthouders niet worden opgetreden. Een doelbewuste gedoogsituatie in plaats van het handhaven van de oude APV op dit punt. Geen ‘goed geprobeerd, maar jammer dan’, maar stug en hypocriet je eigen ongelijk volhouden.

Oorspronkelijk bericht: Dagblad De Limburger en Limburgs Dagblad van 7-7-11, nieuw bericht op 14-7.

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Tolerantie neemt af

In heerlen, gedachte, gemeenteraad, huis, jeugd, jongeren, kinderen, nieuws, onderzoek, en meer.
De tolerantie ten opzichte van kinderen neemt af

Uit een onderzoek blijkt dat de tolerantie ten opzichte van de omgeving afneemt. Niet zo’n verbazingwekkend nieuws. Dat wisten we toch al. En hoe dramatisch is het? Valt het onder de zomerberichten die ieder jaar terugkomen: spelende kinderen, samenkomende jongeren, scheurende brommers en ander lawaai? Waar ligt de grens: bij iedereen verschillend blijkbaar. Je zult maar bij een trapveldje wonen. Maar het geluid van spelende kinderen is geen overlast. Kinderen moeten de ruimte krijgen om te spelen en elkaar te ontmoeten. Dat hoeft wat mij betreft niet alleen in een speeltuin te zijn.
Waar liggen dan de maatschappelijk te stellen grenzen? Bij het overtreden van de wet natuurlijk. Maar hoe zit dat met de gemeentelijke wetten ofwel de plaatselijke verordening? Die stelt de gemeenteraad vast. En daarmee ook gedragsnormen van kinderen in de openbare ruimte. En hier botsen het normbesef van ouderen en kinderen.

Ik ga eens terug naar mijn jeugd, zoals ik me die herinner: we kwamen bij elkaar bij een muurtje op de hoek van de straat. Een tuinafscheiding van een huis waarin een alleenstaande vrouw woonde. Ik denk dat ze oud was, maar dat ben je al gauw in de ogen van een tiener. De kinderen van onze straat schoolden er samen. Die mevrouw lied ons begaan. Ik denk niet omdat ze bang voor ons was. Althans dat hoefde ze niet te zijn. We trapten er een balletje met op de muur van het rangeerterrein van de mijn Emma de goal getekend. En in de herfst ‘flepten’ we kastanjes met een ‘kuul’. Als er verkeer kwam, dan stopten we natuurlijk. Soms bleef dat stuk hout in de boom hangen , totdat het eruit werd gegooid of vanzelf waaide. Ik denk niet dat er sprake was van overlast. We werden tenminste getolereerd.
Ook wist je toen wie in de straat minder vriendelijk voor kinderen was. Waar je moest zorgen dat de bal niet in de tuin kwam. Maar ik weet niet meer of we daar dan ook wegbleven, of toch lekker spannend een balletje trapten.
Mijn vriendjes en ik behoorden tot de gelukkigen die ook een ruig speelterrein hadden bij garageboxen en in tuinen achter winkels die helemaal niet werden beheerd. Boomhutten maken, vuurtje stoken en piepers bakken. Het kon daar allemaal en het mocht van de omgeving. Maar ons gedrag liep dan ook niet de spuigaten uit.

Het onderzoek toont aan dat de tolerantie afneemt. Blijkbaar meetbaar, ook ten opzichte van wat jaren geleden. Het is een teken aan de wand. Onze samenleving verruwd. Geleidelijk, vanaf de individualisering van de jaren ’70 van de vorige eeuw. Met de toenemende materiële welvaart en de gedachte dat je een ander niet meer nodig hebt om het zelf goed te hebben. Het is ook vaak een zichzelf versterkend effect. En van plaats tot plaats verschillend. Waren het eerst eilandjes van intolerantie in de straat en krijgt het tegenwoordig meer de overhand? Het heeft alles te maken hoe we tegenover elkaar staan. Wat onze omgangsvormen zijn. En die veranderen niet zo snel. Ook niet terug de goeie kant op.

Berichten in de kranten Limburgs Dagblad en Dagblad De Limburger van 9 juli 2011.

dinsdag, 17 mei 2011

Walter van Peijpe

Walter van Peijpe

Hyves Last.fm Twitter Youtube

‘Nieuw Elan’ in de Mirakelsteeg

In politiek, architectuur, binnenstad, leiden, portaal, groen, leefomgeving, media, openbare ruimte, en meer.

Geheel onterecht was er weinig aandacht in de Leidse media over het verheugende feit dat woningcorporatie Portaal in maart 2011 de prijsvraag ‘Nieuw Elan’ won met het ontwerp van Han Dijk, Bart Schrijnen en Emile Revier voor de transformatie van de Mirakelsteeg in Leiden. Het is namelijk een geweldig goed plan dat verdere uitwerking verdient. Het ontwerp kan, als het wordt uitgevoerd, een schoolvoorbeeld worden van succesvol binnenstedelijk bouwen in Leiden.

De ontwerpwedstrijd was uitgeschreven door de woningcorporaties Haag Wonen, Mitros, Com•wonen, Portaal en het Stimuleringsfonds voor Architectuur (SfA). Deelname aan de prijsvraag stond open voor jonge architecten, stedenbouwkundigen, landschapsarchitecten, planologen, sociaal geografen, stadssociologen en deskundigen op het vlak van bewonersparticipatie. De opdracht was om op een vernieuwende, kwalitatieve en gedurfde manier een nieuwe toekomst te schetsen voor buurten uit de jaren ’70 en ’80.

De Mirakelsteeg ligt in het centrum van Leiden, achter de Lange Mare. Het is zo’n typische 70′er – 80’er jaren stadsvernieuwingsbuurt, zoals die er zoveel zijn in Leiden. De architectuur is van matige kwaliteit, er wordt alleen gewoond en geparkeerd en de inrichting van de openbare ruimte is weinig aantrekkelijk. Het ontwerpteam  Dijk, Schrijnen en Revier heeft de locatie bijna chirurgisch bestudeerd en maakt van de Mirakelsteeg weer een levendige, groene en aantrekkelijke buurt: Auto’s verdwijnen onder een groen parkeerdek, bestaande huizen worden energiezuinig gemaakt, de huidige structuur wordt verdicht door het afmaken en toevoegen van huizen en er komt weer een buurtwinkel op de hoek.

Het ontwerp voor de Mirakelsteeg is ook interessant omdat het als voorbeeld kan dienen voor de transformatie van andere stadsvernieuwingsbuurten in het centrum van Leiden. Kortom een fantastisch plan dat laat zien dan met veel creativiteit binnenstedelijk bouwen niet alleen meer aantrekkelijkere woningen oplevert maar ook een  mooie en groene leefomgeving.


Invest(in)teren?

In begroting, bezuinigen, bezuinigingen, de, discussie, eerste, euro, film, gedachte, en meer.
Uit de film Jery Maguire komt de beroemde quote "show me the money". Een citaat dat ook in de dagelijkse politiek vaak terug komt. Bij elk mooi plan komt het (gebrek aan) geld ter sprake. Dat speelt nu in de discussie rondom de bezuinigingen, maar ook in de reguliere uitgaven knelt het soms. Op dit moment speelt bijvoorbeeld de doorkijk naar 2017 voor het groot onderhoud van de stad: ophogingen van wegen, vervanging van speeltoestellen, bruggen, lantaarnpalen etc.

Deze Lange Termijn Investeringen (LTI) geven een onthutsend beeld. Als we dezelfde kwaliteit van de openbare ruimte willen behouden komen we over een paar jaar structureel 2 miljoen euro tekort. Dat is al rekening houdend met wat meer wateroverlast op straat, want in het Waterplan dat ook in deze periode wordt besproken is al aangekondigd dat we niet aan de norm kunnen voldoen dat de straten maar eens per 100 jaar onder water mogen komen te staan.

Deze problemen komen voort uit de slappe bodem vam Gouda. Dit heeft al eens geleid tot de beruchte Artikel 12-status, begrotingstoezicht door het Rijk. Die status is jaren geleden al afgekocht. We kregen een eenmalige zak geld voor achterstallig onderhoud (nou ja, de helft) en een extra uitkering via het Gemeentefonds voor de normale structureel hogere uitgaven van bijna 3 miljoen. Dat geld wordt ook keurig in de grond gestopt, maar is dus niet genoeg.

Er zijn verschillende oplossingsrichtingen mogelijk, waarbij elk nadeel zijn nadeel heeft. Je kan speeltoestellen niet vervangen. Dan kom je in de knoei met je eigen norm voor speeltuinen. Je kan minder groot onderhoud plegen. Dan storten bruggen in, vallen lantaarnpalen om en wordt je groenstrook vanzelf een sloot. Je kan de belasting verhogen (2 miljoen is 30 euro per inwoner per jaar). Je kan bezuinigen op groenonderhoud, maar dat doen we ook al met het dagelijkse onderhoud en dan wordt het groen dus dubbel gepakt. Dat doen we dus allemaal niet.

De nu voorgestelde oplossing is tweeledig. Ten eerste wordt een weg niet meer automatisch opgehoogd na 40 jaar, maar alleen als de weg echt teveel is verzakt. Dat is in Gouda overigens wat meer dan gebruikelijk (tot 20cm boven grondwaterpeil). Dat mag niet ten koste gaan vade veiligheid, en die harde toezegging heeft GroenLinks gekregen. De tweede oplossingsrichting is het kapitaliseren van het groot onderhoud. In plaats van het geld voor een nieuwe brug in 1 keer uitgeven sluit je dan een lening af die je in een bepaalde periode aflost, met rente. Op korte termijn geeft dat veel ruimte in de groot onderhoudspot, want in plaats van een paar ton of paar miljoen geef je er in 1 jaar maar 1/10 of zelfs 1/40 van dat bedrag uit. Op lange termijn komen die kosten wel ieder jaar terug en komen de rentelasten erbij. Daardoor "verdwijnt" straks maximaal een miljoen euro uit de onderhoudspot, want die blijft even groot zodat dit voor de begroting neutraal is.

Geen fijne gedachte, want het blijft een hypotheek op de toekomst. Zelfs met de wetenschap dat dit systeem in andere gemeenten al veel langer wordt gebruikt. De andere oplossingen laten wel het duivelse dilemma zien: dit lijkt de minst erge manier om toch de kwaliteit en veiligheid van de openbare ruimte in stand te houden.

Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 8910 uur (371,3 dagen). Berichtgemiddelde: 0,1 bericht per dag, 0,6 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2