vrijdag, 11 mei 2012

Maria Trepp

Maria Trepp

Twitter

Hufters met dubbele moraal: Leidse rechtenfaculteit – Andreas Kinneging

In politiek, andreas kinneging, dubbele moral, hufter, meindert fennema, blogs, de.

Meindert Fennema houdt vandaag zijn afscheidscollege als hoogleraar Politieke Theorie aan de Universiteit van Amsterdam, en gaat daarbij onder meer in op de hufterigheid bij de Leidse rechtenfaculteit, en de dubbele moraal van de rechtsfilosoof Andreas Kinneging.

Ik heb al lang, nog voordat Andreas Kinneging zich in het openbaar als hufter kenbaar heeft gemaakt,  de dubbele moraal van Kinneging aan de kaak gesteld, zijn racisme, seksime, zijn goedpraten van martelpraktijken en de samenwerking van zijn Edmund Burke Stichting met Wilders.

Zie hier voor mijn blogs over hufter Andreas Kinneging

En hier mijn documentatie over de Leidse Edmund Burke Stiching, de denktank van Wilders (directeur: Andreas Kinneging).

 

kinneging Hufters met dubbele moraal: Leidse rechtenfaculteit   Andreas Kinneging

woensdag, 9 mei 2012

John Swelsen

John Swelsen

Hyves Linkedin Twitter Youtube

Economisch verbinden met ChristenUnie

GroenLinks werkt hard aan een verkiezingsprogramma momenteel. Komende zondag is een inspraakochtend en daar zal ik namens de Werkgroep Arbeidsverhoudingen bij zijn. Belangrijk, want economie en arbeidsmarkt wordt een essentieel thema bij de komende verkiezingen.

 

Over al te intensieve samenwerking met andere partijen heb ik altijd bepleit om daar terughoudend in te zijn maar nu zie ik toch wel redenen om op dit terrein een verbinding met de ChristenUnie aan te gaan.

Na de verkiezingen bestaat de kans dat er twee grote blokken gaan ontstaan, liberaal en socialistisch. De VVD wordt groot en D66 zal groeien, waarmee het liberale blok op zo’n 45 zetels kan uitkomen. De SP zal stevig winnen en de PvdA schat ik in op 20-25 zetels waarmee dit rode blok mogelijk iets hoger uitkomt, tussen 45 en 50 zetels. Daarmee staan er twee ideologische blokken die, zoals we de afgelopen weken hebben kunnen zien lijnrecht tegenover elkaar staan.

Het wandelgangenakkoord heeft laten zien dat er meer nodig is, we kunnen ons niet verschuilen achter ideologieën en alleen maar vanaf de zijlijn het eigen gelijk blijven bepleiten. Daarom ben ik er voor om een tegenblok te vormen.

 

De economische visies van GroenLinks en de ChristenUnie ontlopen elkaar nauwelijks, realistisch omdat de wereld veranderd maar tegelijkertijd de morele plicht voelend om iedereen mee te nemen en dat dan ook als belangrijke taak voor de overheid zien. Met het realiseren van zo’n blok zijn we nodig binnen een toekomstige coalitie. Het zou prachtig zijn als het CDA haar morele en sociale gezicht terug gaat vinden de komende maanden, want dan kunnen we gaan werken aan een lange-termijn-visie op economie en arbeidsmarkt, niet op basis van ideologie maar op basis van economische én maatschappelijke effecten.

Economisch verbinden met ChristenUnie is a post from John Swelsen.

zondag, 6 mei 2012

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

Zo kennen we het CDA weer

In politiek, weblog, beleid, bezig, bleker, buma, cda, columns, facebook, en meer.

Vanaf menig preekstoel zullen vanochtend interessantere politieke uitspraken zijn gedaan dan door predikante en partijvoorzitter Ruth Peetoom tijdens haar optreden in Buitenhof. Zoals wel meer CDA-politici die fris en enthousiast aan hun klus bezig begonnen, is Peetoom inmiddels bevangen geraakt door de vertrouwde christendemocratische nietszeggendheid. Waarin eigen standpunten en compromissen niet meer uit elkaar te houden zijn, omdat het CDA zó graag wil meebesturen dat het nauwelijks meer weet wat dat is, een eigen standpunt. Wie de verkiezingsprogramma’s van het CDA leest, ziet daar een brij aan kleurloze teksten waar noch VVD, noch PvdA zich een buil aan kunnen vallen. Sterker nog, een ruime congresmeerderheid koos anderhalf jaar geleden voor samenwerking met een partij die van het beledigen van gelovigen een sport heeft gemaakt (oh nee, van het geloof, oh nee, van de ideologie) en Maxime Verhagen jubelde dat er zoveel CDA-punten waren binnengehaald.

Inmiddels heeft het CDA zichzelf herontdekt als sociaal voelende en internationaal georiënteerde partij. Nu kan ik mij de opluchting voorstellen wanneer je van het juk van de PVV wordt bevrijd, maar die klinkt weinig geloofwaardig uit de mond van degenen die deze samenwerking zo vurig hebben verdedigd en effectief het verzet van verstandige partijgenoten hebben gesmoord. Qua opportunisme kent Henk Bleker zijn gelijke niet, maar Liesbeth Spies deed afgelopen week een verdienstelijke poging. Iets met het hoofd en het hart, geloof ik. Overigens viel me de tekstuitleg van Peetoom op dit onderwerp erg tegen, zeker van een theologe.

Afgelopen donderdag mocht ik mijn studenten iets uitleggen over partijstrategieën: de politicoloog Kaare Strøm onderscheidt hierbij het streven naar stemmen (vote-seeking), beleid (policy-seeking) en regeringsmacht (office-seeking). Politieke partijen proberen een voor henzelf geschikte combinatie van deze drie strategieën te vinden. Het is logisch dat je om mee te regeren een aantal zetels nodig hebt – en bij een grote verkiezingszege kan men niet zomaar om je heen. Maar als je inhoudelijk heel ver van anderen afstaat, wordt dat regeren ondanks een groot aantal zetels misschien toch lastig. Op mijn vraag welke partij in Nederland vooral door office seeking wordt gekenmerkt, was het antwoord rap en zonder enige twijfel: dat is het CDA. En we hebben zeker niet alleen maar linkse studenten in Utrecht…

Ergens vind ik het toch wel jammer dat het CDA weer terug bij af is. Ik luister altijd graag naar de verhalen van Jack de Vries (zelfs bij DWDD), maar nu hij campagneleider van Eerlijk Helder Henk is, heeft hij voor mij toch wel definitief afgedaan. Ik begon tot mijn eigen verbazing Maxime Verhagen tijdens zijn optreden bij Pauw & Witteman zowaar een beetje sympathiek te vinden en juist nu verlaat hij de politiek. Mijn enige hoop is nog gevestigd op Sybrand van Haersma Buma, die al sinds ik hem als beginnend Kamerlid aan het werk zag, een prettige en betrouwbare indruk maakt. Maar ja, hij zal wel lijsttrekker worden en we weten wat dat met een CDA’er doet.

Krispijn Beek

Krispijn Beek

Hyves Last.fm Twitter

Collectieve zonnestroomparken

In duurzaamheid, economie, de windcentrale, de windvogel, duurzame energie, duurzame energie baten, ebn, nijmegen, solar green point, en meer.

In Nijmegen start de gemeente in samenwerking met Zonnepark Nederland en netwerkbeheerder Liander een project waarbij mensen zonnepanelen kunnen kopen die op het dak van een publiek gebouw komen te liggen. Liander saldeert de opbrengst met je energierekening, alsof ze op je eigen dak liggen. Je betaalt dus geen energiebelasting of btw over de energie die op deze wijze wordt opgewekt. Vincent Dekker van Trouw ziet hierin de voorbode van zonnevolkstuintjes, a la de al langer bestaande volkstuintjes voor groente en fruit. Of dat terecht is is de vraag, tenzij er een juridisch verschil is tussen zelflevering van windenergie en zelflevering van zonne-energie…

De belangrijkste vraag blijft m.i. dan ook of de rechter de zienswijze deelt dat zelflevering van energie te vergelijken is met zelflevering van groenten en fruit uit een volkstuin. En wanneer de rechter dat besluit is de vraag wat de overheid als Plan B heeft om het potentiële gat in de begroting te repareren. Is dat alsnog een wettelijk verbod op zelflevering voor de meter invoeren, of een maatregel verzinnen om inkomsten te genereren en tegelijkertijd het halen van de doelstelling voor 14% duurzame energie in 2020 dichterbij te brengen?

Zelflevering en energiebelasting

Er zijn verschillende manieren om je eigen energie op te wekken. Een belangrijk onderscheidt is de vraag of de energieopwekking voor of achter de meter plaats vind. Bij energieopwekking achter de meter (bv. door zonnepanelen op je eigen dak) is de wet helder: salderen mag. Bij energieopwekking voor de meter is het diffuser. Volgens Zonnepark Nederland is de wet Elektriciteitswetgeving voor meerdere interpretaties vatbaar. Volgens De Windvogel is salderen voor de wet niet expliciet verboden, dus mag het. Reden waarom windcoöperatie De Windvogel, waar ik zelf ook lid van ben, vorig jaar is gestopt met het betalen van energiebelasting over de elektriciteit die ze aan haar leden levert. Inmiddels werkt de belastingdienst aan een dagvaarding van De Windvogel, Anode en mogelijk ook een aantal leden van De Windvogel.

Niet echt een zonnig teken voor de investeerders in Zonnepark Nederland. Al staat de gemeente Nijmegen de eerste twee jaar garant voor de energiebelasting bij Zonnepark Nederland. Wanneer de rechter beslist dat er over zelf opgewekte energie voor de meter toch energiebelasting en btw betaald moet worden valt de schade voor de kopers van zonnepanelen dus mee. Zonnepark Nederland schrijft daarover op haar site het volgende:

De methode van salderen van opgewekte energie op een ander dan je eigen dak is nog niet uitdrukkelijk bij wet geregeld. Deze pilot maakt hiertoe gebruik van een uitzondering in de huidige Elektriciteitswetgeving die voor meerdere interpretaties vatbaar is. De pilot loopt daarmee vooruit op een (mogelijke) aanpassing van de wetgeving op dit punt. Het Ministerie van EL&I is op de hoogte van de pilots die Liander m.b.t. collectief opgewekte energie uitvoert. Toch is er een zeker risico dat het salderen van de Energiebelasting en BTW zoals in deze pilot gebeurt, niet zal worden toegestaan door de fiscus. In dat geval staat de gemeente Nijmegen voor een periode van twee jaar garant, voor de gederfde inkomsten voor de deelnemers (energiebelasting en BTW). Doordat er zo in ieder geval tenminste twee jaar gesaldeerd kan worden, is de totale businesscase gerekend over 25 jaar, voor de deelnemers toch kostendekkend. Het financieel rendement zal dan wel lager zijn, dan wanneer salderen over de volledige periode wordt toegestaan door de wetgever.

Ook in Rotterdam zijn er plannen voor een collectieve zonne-energiecentrale op de geluidswal van de A20 ter hoogte van het Terbregseplein, deze plannen worden ontwikkeld door Solar Green Point.

Kosten collectieve zonnestroomcentrale

De kosten per zonnepaneel bedragen bij Zonnepark Nederland Euro 500, de verwachte opbrengst is gemiddeld 197 kWh. Daarnaast betaal je 25 jaar lang 15 Euro per jaar voor onderhoud en beheer. De totale kosten per paneel van 240 Wattpiek komen daarmee op Euro 875 ( € 500,– plus € 375,–) voor 25 jaar. Afgezien van de jaarlijkse bijdrage is de installatieprijs van Euro 2,08 per Wattpiek vergelijkbaar met de installatiekosten van zonnepanelen op je eigen dak, met als voordeel dat je er geen omkijken hebt. De jaarlijkse bijdrage van Euro 15 maakt het m.i. wat onaantrekkelijker, al kom je met een verwachte kostprijs van Euro 0,178 per kWh nog steeds onder het huidige consumententarief voor elektriciteit uit.

De kosten per paneel met een jaaropbrengst van 230 kWh bedragen bij Solar Green Point Euro 460. Al kan de definitieve prijs nog afwijken. Daarnaast rekent ook Solar Green Point met een bedrag per jaar voor onderhoud en beheer gedurende de 20 jaar waar Solar Green Point van uit gaat. Wanneer ik de jaarlijkse bijdrage per paneel gelijk hou aan de bijdrage bij Zonnepark Nederland kom ik uit op een totale investering van Euro 760 (460 + 20 * 15) en een kostprijs per kWh van Euro 0,165.

Wanneer de energiebelasting vervalt voor zelflevering van eigen energie voor de meter is de verwachte stroomprijs lager, zelfs als rekening wordt gehouden met de 4 Eurocent aan extra kosten die Hans Labohm en Rob Walter aan zonne-energie willen toerekenen.

Kosten collectieve zonne-energie vergeleken met collectieve windenergie

Naast aanbieders van collectieve zonnestroomcentrales in eigen bezit zijn er al langer coöperaties actief op het gebied van windenergie, zoals De Windvogel. Een nieuwer model vormt De Windcentrale. Bij De Windvogel betaal je eenmalig Euro 50 lidmaatschap en kun je daarnaast een bedrag uitlenen waarover rente vergoedt wordt. Bij De Windcentrale koop je winddelen in een windmolen, elk winddeel geeft recht op een deel van de elektriciteitsopbrengst. De Windcentrale gaat er van uit dat een winddeel ongeveer 500 kWh per jaar opwekt en tussen de Euro 300 en Euro 400 kost. De levensduur van een windmolen is 15 tot 20 jaar, wat betekent dat de kostprijs per kWh tussen de 3 en 5,3 Eurocent ligt. Dat is nog goedkoper dan collectieve zonnestroomcentrales.

Plan B: duurzame energie baten

Beide voorbeelden laten zien dat rendabele vormen van duurzame energie veeleer innovatie in de overheidsregulering vergen, dan innovatie in de markt. Het is dan ook tijd dat de overheid een Plan B verzint voor de toekomstige terugval in de opbrengst van de energiebelasting. Bij voorkeur op een manier die de energiemarkt zoveel mogelijk behandelt als andere markten, dus geen subsidies of fiscale ondersteuning voor uitontwikkelde technologieën als wind op land, olie en gas.

Wel nadenken over de wijze waarop de overheid een deel van de private winsten van publieke goederen als zon en wind kan afromen. Bijvoorbeeld in de vorm van duurzame energie baten.

Ik heb al een aantal keer eerder voorgerekend dat het grote prijsverschil tussen de kostprijs van windenergie (en in toenemende mate ook van collectieve zonne-energie) en de consumentenprijs van elektriciteit mogelijkheden geeft om de energiebelasting te vervangen door een systeem waarbij de overheid een deel van het rendement afroomt, zoals de staat dat via Energie Beheer Nederland ook doet bij aardgas en olie.

zaterdag, 5 mei 2012

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Ongelofelijk dat Henk Bleker lijsttrekker wil worden en Ger Koopmans weer Kamerlid voor het nieuwe CDA.

In politiek, bezig, bleker, cda, dwars, geschiedenis, gevonden, ideaal, invloed, en meer.

Ongelofelijk dat Henk Bleker lijsttrekker wil worden en Ger Koopmans weer Kamerlid voor het nieuwe CDA.

Henk Bleker en Ger Koopmans hebben de laatste tijd niet zo goed opgelet? Hebben ze niet meegekregen dat er onlangs wat is veranderd in het politieke landschap van Nederland. Ik kan me dat niet voorstellen. Het CDA is bezig met een sterke verlegging van de koers naar het ‘radicale midden’. Daarbij willen ze de recente geschiedenis met de PVV zo snel mogelijk achter zich laten. Verloochen zelfs. Of is het hoe de wind waait, waait mijn jasje?
Er mag toch vanuit worden gegaan dat Bleker en Koopmans die omwenteling hebben meegekregen. Dan moeten zij, die de rechtse koers en de samenwerking met de PVV sterk hebben ondersteund, toch beseffen dat zij niet het gezicht kunnen zijn van het andere, nieuwe CDA. Dat zou toch niet geloofwaardig zijn? Niets van dit alles.

Henk Bleker stelt zich 'gewoon' kandidaat voor het lijsttrekkerschap van het CDA. Ongelofelijk. Naast Maxime Verhagen dé CDA'er die de keuzes en de koers van het oude CDA heeft belichaamd. Als je mensen mag aanwijzen die de teloorgang van het CDA hebben veroorzaakt, dan staan Bleker en Koopmans mee bovenaan de rij.
Als er niemand zou worden gevonden, dan wilde Henk Bleker de kar wel trekken. Maar er waren al 5 serieuze kandidaten voor het lijsttrekkerschap. En dan meldt Bleker zich! Eigenlijk volkomen overbodig, zou je zeggen. Iemand die zo makkelijk zijn standpunten verandert is niet te vertrouwen. Maar hij wil blijkbaar. Om persoonlijke motieven zoals in de belangstelling staan en macht en invloed willen hebben? Om de rechtse koers van het CDA te verdedigen, dwars tegen de wens tot verandering van het nieuwe CDA in. Vasthouden aan het oude, vertrouwde, regenteske en arrogante CDA.
Als het CDA Bleker en Koopmans handhaaft en hun status laat behouden, dan gooi dat mooie ideaal van het ‘radicale midden’ maar in de prullenbak. Dan is het CDA weer ouderwets mooi praten, maar anders doen.


zaterdag, 28 april 2012

Paul Vermast

Paul Vermast

Hyves Linkedin Twitter Youtube Flickr GR

De angst regeert

In weblog, akkoord, groenlinks, kunduz-akkoord, pvda, arbeid, cda, christenunie, cu, en meer.

PvdA-ers lijken me een beetje bange mensen te zijn. Dat had ik nooit zo bedacht, maar de azijn zure reacties op het akkoord van de afgelopen dagen, dat door de PvdA consequent als het Kunduz- akkoord wordt gespind , stralen alleen maar angst uit. Angst voor de kiezer, angst voor de SP en angst voor GroenLinks.

Dat laatste wisten we al een tijdje natuurlijk. Tijdens de formatie van het laatste kabinet Balkenende (ik ben de tel kwijt) wilde het CDA wel met GroenLinks in zee, maar koos de PvdA liever voor de ChristenUnie uit angst niet de ‘meest linkse partij’ in het kabinet te zijn.
Linkse samenwerking is ook altijd erg eng, want wellicht verlies je dan wel kiezers uit het midden. Ook een progressieve koers in het nu gesloten akkoord is eng, want de conservatieve SP zal dan (met de PVV) gaan joelen dat de Partij van de Arbeid de arbeiders in de kou laat staan.

Dat angst een slechte raadgever is blijkt wel. Het CDA, PvdA, CU kabinet was een zielloze samenwerking die weinig voor he land betekend heeft. Ook nu de kans voor echte hervormingen door GroenLinks, D66 en de ChristenUnie wél is aangegrepen staat de PvdA langs de zijlijn.

Ik hoop en wens dat de PvdA de moed kan vinden weer in eigen kracht te gaan geloven. Nu staat ze te mokken dat ze niet mee mocht doen (ow nee; het mocht wel, maar Samsom moest bij het kruisje tekenen en had dus kennelijk geen overtuigende argumenten) en dat het akkoord niet voldoende is omdat niet alles is binnen gehaald.
Hopelijk kunnen we snel echt samen gaan werken om (gegeven de omstandigheden) ons land economisch, ecologisch en sociaal duurzaam te maken voor een rechtvaardige en groene toekomst!

Paul Vermast

Paul Vermast

Hyves Linkedin Twitter Youtube Flickr GR

De angst regeert

In weblog, akkoord, groenlinks, kunduz-akkoord, pvda, arbeid, cda, christenunie, cu, en meer.

PvdA-ers lijken me een beetje bange mensen te zijn. Dat had ik nooit zo bedacht, maar de azijn zure reacties op het akkoord van de afgelopen dagen, dat door de PvdA consequent als het Kunduz- akkoord wordt gespind , stralen alleen maar angst uit. Angst voor de kiezer, angst voor de SP en angst voor GroenLinks.

Dat laatste wisten we al een tijdje natuurlijk. Tijdens de formatie van het laatste kabinet Balkenende (ik ben de tel kwijt) wilde het CDA wel met GroenLinks in zee, maar koos de PvdA liever voor de ChristenUnie uit angst niet de ‘meest linkse partij’ in het kabinet te zijn.
Linkse samenwerking is ook altijd erg eng, want wellicht verlies je dan wel kiezers uit het midden. Ook een progressieve koers in het nu gesloten akkoord is eng, want de conservatieve SP zal dan (met de PVV) gaan joelen dat de Partij van de Arbeid de arbeiders in de kou laat staan.

Dat angst een slechte raadgever is blijkt wel. Het CDA, PvdA, CU kabinet was een zielloze samenwerking die weinig voor he land betekend heeft. Ook nu de kans voor echte hervormingen door GroenLinks, D66 en de ChristenUnie wél is aangegrepen staat de PvdA langs de zijlijn.

Ik hoop en wens dat de PvdA de moed kan vinden weer in eigen kracht te gaan geloven. Nu staat ze te mokken dat ze niet mee mocht doen (ow nee; het mocht wel, maar Samsom moest bij het kruisje tekenen en had dus kennelijk geen overtuigende argumenten) en dat het akkoord niet voldoende is omdat niet alles is binnen gehaald.
Hopelijk kunnen we snel echt samen gaan werken om (gegeven de omstandigheden) ons land economisch, ecologisch en sociaal duurzaam te maken voor een rechtvaardige en groene toekomst!

Harmen Binnema

Harmen Binnema

Linkedin Last.fm Twitter PS

We zijn los!

Als de zure reacties van een lange stoet PvdA’ers op het akkoord van de moedige vijf iets laat zien, is het wel dat zij nog erg moeten wennen aan een GroenLinks dat eigenwijze eigen keuzes maakt. Sommigen lijken GroenLinks nog steeds te zien als de ten onrechte verzelfstandigde groene of linkse vleugel van de PvdA. Het idee dat die zelf plannen zouden kunnen maken, coalities kunnen sluiten en resultaten boeken, dringt na al die jaren nog steeds moeizaam door. Het is als een vader die ontdekt dat zijn dochter volwassen is geworden en zelf wel bepaalt met wie zij wil zoenen…

Als er één partij is die aan de linkse samenwerking heeft getrokken, dan is het GroenLinks. Maar wij hebben ook steeds moeten constateren dat als het er echt op aan kwam, de PvdA ons in de steek liet. Niet zo verwonderlijk dus een andere koers te wagen. De steeds klemmendere omhelzing van PvdA en SP maakte het bovendien ook niet makkelijk tot échte hervormingen te komen. Om nog maar te zwijgen van de houding van ‘het zal een PvdA-akkoord zijn, of het zal niet zijn’  die voor onderhandelingen van geven en nemen niet echt bevorderlijk is.

In ons omringende landen hebben groene partijen al lang gekozen voor een eigen, zelfstandige koers, met een progressieve en optimistische agenda. Soms met, soms zonder de sociaal-democraten. In eigen land zijn er in heel wat gemeenten en provincies goede ervaringen opgedaan met coalities waar de PvdA eens een keer niet in zat. Zelf denk ik nog altijd met veel plezier terug aan de Noord-Hollandse combinatie VVD-CDA-GL-D66 waar ik tussen 2003 en 2007 deel van uit mocht maken.

Eindelijk lijken we het motto ‘ideeënpartij op zoek naar macht’ serieus te nemen. Natuurlijk moet je dan ook forse tegenvallers slikken en er blijven bezuinigingen staan die voor GroenLinks bepaald niet fijn zijn. Maar de PvdA snapt toch ook dat je nooit alles kunt binnenhalen en alles wat ongewenst is kunt terugdraaien – remember Balkenende-IV. De moed die mijn partij de afgelopen week heeft getoond en de positieve reacties die daarop volgden, maken mij trots GroenLinkser te zijn. Ik hoop van harte dat we dit in de komende campagne kunnen laten zien en na september dit in regeringsdaden kunnen gaan omzetten. Want wij zijn er klaar voor. Nu de PvdA nog.

donderdag, 26 april 2012

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Gemeente Nijmegen houdt ambitie windturbines langs A15 overeind

In klimaat & energie, bedrijventerrein, belangrijk, bestemmingsplan, gemeente, gesprek, maart, de, nieuw.

windmolens-met-regenboogGisteren heeft de Raad van State besloten dat de gemeente Nijmegen voorlopig geen windturbines langs de A15 mag bouwen op bedrijventerrein De Grift. De gemeente Nijmegen houdt echter vast aan haar ambitie om op deze locatie in de Waalsprong windenergie op te wekken. Dit is belangrijk om Nijmegen in 2045 energieneutraal te maken.

De Raad van State heeft woensdag het bestemmingsplan ‘Buitengebied Valburg - 10 Windturbines de Grift’ vernietigd, waarmee de gemeente Nijmegen de bouw van vijf windturbines mogelijk wilde maken. De RvS stelt dat bij aanvang van het project al bekend was dat er in totaal negen turbines zouden komen: op Bedrijventerrein De Grift in Nijmegen en op het Betuws Bedrijvenpark in Overbetuwe. Daarmee had volgens de Raad een andere procedure moeten worden gevolgd over de milieueffecten.

De uitspraak van de Raad van State komt niet geheel onverwacht, na de vergelijkbare uitspraak over de windturbines in Overbetuwe in maart. Het besluit is een teleurstelling voor Nijmegen, maar biedt de gemeente ook de kans om in een nieuw plan uit te gaan van een nieuwere generatie windturbines, die efficiënter en stiller zijn.

De komende maanden onderzoekt de gemeente welke procedure moet worden gevolgd om de bouw alsnog mogelijk te maken. Daarbij houdt de gemeente Nijmegen contact met de gemeente Overbetuwe en kijkt ook naar eventuele samenwerking in de procedures die doorlopen moeten worden. Gezien de tijd die een dergelijk proces vergt, zal bij positieve besluitvorming niet eerder dan in 2014 gestart kunnen worden met de daadwerkelijke bouw.

Wethouder Jan van der Meer gaat de komende periode samen met Eneco ook in gesprek met een vertegenwoordiging van omwonenden in het buurtschap Reeth, om de nieuwe plannen toe te lichten.

Robert Giesberts

Robert Giesberts

Over bruggen

Er is veel voor te zeggen als de Tweede Kamer er vandaag in slaagt wat Rutte in zeven weken niet is gelukt: een begroting voor 2013 maken waar in de EU het licht voor op groen kan.

Zo een klus te klaren is goed voor het vertrouwen in de politiek. Het weerspreekt het gemakzuchtige beeld dat politici veel lullen, maar weinig doen of er niet zijn als actie juist is vereist. Resultaat door de Tweede Kamer toont bovendien dat de situatie exceptioneel is en vraagt om manoeuvres die uitzonderlijk zijn in het Haagse. Politici zeggen niet alleen dat de situatie uitzonderlijk is, we kunnen het zelf ook aan de daden van onze vertegenwoordigers aflezen. Dit moment op deze wijze markeren geeft partijen ook na de verkiezingen het draagvlak om niet te snel in de kramp te schieten bij het bespreken van hervormingsmaatregelen.

GroenLinks lijkt een spilfunctie in te nemen. Lid van de zogenaamde Kunduz-coalitie (als alternatief voor de PVV-zetels) maar ook de meest links-georiënterde van deze coalitie. In de beeldvorming liep een eerdere steun aan kabinetsbeleid op een drama uit: in plaats van het beeld dat men de eigen internationale visie vorm gaf, werd de steun uitgelegd als hulp aan het verfoeide rechtse kabinet. De angst zal meespelen dat dit opnieuw gebeurt. Het zou echter fout zijn als is angst de raadgever is. Er zit namelijk veel voor GroenLinks in het vat.

GroenLinks heeft zich in de afgelopen tien jaar ontwikkeld tot een betrouwbare bestuurspartij op lokaal en provinciaal niveau. Anders dan de ontwikkeling bij de PvdA is macht als drijfveer minder prominent gebleven dan inhoudelijke doelen. Dat verklaart tegelijk waarom GroenLinks soms ook rap weer uit bestuursfuncties lijkt te gaan of bij coalitievorming juist moeilijk aan de bak komt ondanks bewezen kwaliteiten.

In de huidige situatie draait het juist sterk om de inhoud. De noodzak tot profilering vanwege de verkiezingen kan via dit moment-van-inhoud ten volle benut worden. GroenLinks kan tonen wie ze is en waar ze voor staat. Dan moet er een duidelijke groene winst in de begroting voor 2013 en latere jaren zitten. Juist een duurzame insteek kleurt de positie van GroenLinks en die kleur wordt extra aangezet omdat het contrast met het volkomen niet op milieu of duurzaamheid georiënteerde beleid van kabinet Rutte zo scherp is.

GroenLinks heeft ook andere redenen nu over de brug te gaan. De partij staat slecht in de peilingen. De invloed die er met het zetelaantal nu is, is niet gegarandeerd. Nu verzilveren van die invloed geeft profiel en meer kansen stemmers terug te halen.

Partijleider Jolanda Sap heeft ook eigen motieven de brug te nemen. Haar profiel is sterk getekend door Kunduz. In de huidige situatie kan ze dit vervangen door die van een doortastend, voor de groene zaak strijdende aanvoerder. Dat vergroot haar draagvlak en positie binnen de partij. En wie weet verlost het de fractie van een zekere narrigheid waarmee, naar ik heb begrepen, de onderlinge samenwerking is omgeven.

Calculerend gedrag in de politiek is een goede eigenschap, maar risico’s nemen evenzeer. De kunst is de balans te vinden tussen die twee elementen. Ik ben benieuwd hoe ver de Tweede kamer en GroenLinks in het bijzonder vandaag komt.

zondag, 22 april 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Pragmatisme versus idealisme

In d66, groenlinks, politiek, ppr, psp, pvda, sp, abortus, amsterdam, en meer.

Ideeënpartijen op zoek naar macht. Is dat een paradox? Zijn idealisme en pragmatisme onverenigbaar? Is dat altijd schipperen tussen twee uitersten? Dit is een permanent debat in GroenLinks. In de provincie Utrecht bijvoorbeeld, GroenLinks zit in het college met ChristenUnie, D66, VVD en CDA. Kan zij vanuit dit college haar linkse programma realiseren? Of moet ze teveel compromissen maken juist op groene onderwerpen als mega-stallen, natuur en verkeer?

Idealen, ambten en stemmen

We kunnen de doelen van politieke partijen bekijken vanuit het perspectief van de Noorse politicoloog Strøm. Hij maakt een onderscheid tussen idealen (policy), ambten (office) en stemmen (votes). Grofweg kan een partij ernaar streven haar programma in de praktijk te brengen. Zulk idealisme maakt het lastig om compromissen te sluiten. Ze kan een baantjesmachine worden. Om minister te worden zul je wat in moeten leveren aan de andere partijen. Partijen kunnen zich ook richten op het vergaren van zoveel mogelijk stemmen. Dit kan vervallen tot het napraten van de kiezer en electoraal opportunisme.

Deze drie doelen hangen samen: een partij heeft bepaalde idealen. Die vertaalt ze naar beloften aan de kiezer. Vanwege die beloften zal een kiezer op de partij stemmen. Alleen als je genoeg stemmen hebt verzameld kan je mee doen met de formatie van een kabinet. En in de regering kan je je idealen in de praktijk brengen.

Getuigenispolitiek

Idealistische politiek zit GroenLinks in de genen. De PSP, een van de vier oprichters van GroenLinks bedreef links-socialistische getuigenispolitiek. Zij wilde geen compromissen sluiten. Zelfs het kabinet Den Uyl, het linkste kabinet uit de Nederlandse geschiedenis was voor de PSP een soort burgemeester in oorlogstijd, die compromissen moest sluiten met de kapitalisten in het parlement, op het beursplein en in Washington. Met deze houding plaatste de PSP zich in de woorden van PPR-politicus De Gaay-Fortman, radicaal buiten spel.

We kennen deze politieke stijl nog steeds: bijvoorbeeld in de PvdD. Die partij hoopt door haar verhaal van duurzaamheid en compassie uit te dragen in de Tweede Kamer de bestaande partijen herinneren aan de goede voornemens in haar verkiezingsprogramma’s. Zelf wil de PvdD geen verantwoordelijkheid dragen. Maar misschien is het meest klassieke voorbeeld van een getuigenispartij nog wel de SGP, dat is voor 2010. In de ruim negentig jaar dat de SGP in de Tweede Kamer zit heeft ze weinig anders gedaan het getuigen van haar orthodox-Gereformeerde verhaal in een langszaam seculariserend land. Maar zelfs deze partij wil nu wel compromissen sluiten met Rutte: steunen wij jullie bezuinigingen, doen jullie niets aan homo-rechten, vrouwenrechten en het zelfgekozen levenseinde.

Populisme

Populisme wordt vaak gelijkgesteld aan het nastreven van zoveel mogelijk steun van de kiezers. En hier zit ook wel een kern van waarheid in. Voor de populisten heeft het volk altijd gelijk. En dat betekent dat Wilders zijn radicaal-rechtse economische programma liet varen toen bleek dat het volk wilde dat de verzorgingsstaat behouden werd. Wilders werd in een nacht van een marktliberale hervormer de kampioen van de verzorgingsstaat. Ook de SP heeft een zekere flexibiliteit getoond, als knieval voor de kiezer: ze schrapte het voorstel om de monarchie af te schaffen uit haar programma, omdat de kiezer van het koningshuis houdt.

Verantwoordelijkheid nemen

De belangrijkste politieke ambten zijn in Nederland te vinden in het kabinet. Partijen nemen daar deel aan de macht. Ze nemen verantwoordelijkheid. Hiervoor moet je in Nederland, consensusland, coalities sluiten met andere partijen: uitruilen, compromissen vinden. Om aan de macht te komen moet een partij dus soms haar stokpaardjes laten varen. De ChristenUnie komt voort uit de orthodox-Christelijke traditie in Nederland. Dit was een partij die zich altijd verzette tegen abortus, euthanasie en het homohuwelijk. Het Paarse kabinet had dit allemaal in wetten had vastgelegd. In 2003 merkte de ChristenUnie dat het met zo’n programma lastig was om aan de macht te komen. Onder haar eigen kiezers waren deze thema’s uitermate belangrijk. In 2006 verlegde de partij de nadruk van abortus en euthanasie naar jeugd en gezin. Dit sloot veel beter aan bij de programma’s van de centrumpartijen.  In 2007 werd Rouvoet vice-premier.

Conflicten tussen doelen

Deze drie doelen staan soms met elkaar op gespannen voet: in de regering is het niet altijd mogelijk om je programma te realiseren. Neem GroenLinks Leiden. Sinds 1986 had GroenLinks zonder onderbreking in het Leidse college gezeten. Ze had heel wat bereikt, maar ook heel wat moeten slikken met name van de VVD, zoals de bebouwing van de laatste groene polder van Leiden. De aanleg van de zoveelste parkeergarage was de druppel die de emmer deed overlopen. Uiteindelijk besloot GroenLinks dat zij beter in de oppositie kon zitten.

Progressief-linkse politici geloven volgens mij in hun hart allemaal in de multiculturele samenleving, Europese samenwerking en ontwikkelingshulp. Alleen sinds Fortuyn is het lastig omdat uit te dragen. In 2000 stond GroenLinks nog op 15 zetels in de peilingen. Toen kwam Fortuyn op. Vanuit het hart ging GroenLinks vol tegen dit anti-immigratiegeluid in. GroenLinks hield tien zetels over in 2002 en ging -electoraal gezien- een lastig decennium in. De PvdA maakte ook een harde smak in 2002. Onder Bos koos de PvdA voor een populistischere lijn. Harder op integratie, Euroskeptischer. Het signaal van de kiezer was begrepen.

Regeren kan ook gevaarlijk zijn voor steun onder de kiezers. Iedere keer dat D66 regeerde heeft ze een electorale crisis doorgemaakt van existentiële grootte. In 1974 hield D66 twee eigen zetels over in alle provinciale staten van Nederland. Ze had drie bewindspersonen in het kabinet Den Uyl. In 1982 hield D66 6 zetels over nadat ze minder dan twee jaar had geregeerd in het twee kabinet Van Agt. In 1994 had 24 zetels. Na vier jaar Paars was dat 14. Na nog vier jaar Paars was dat 7. D66 zette door: ze regeerde ook in het tweede kabinet-Balkenende: drie zetels bleven over in 2006. Sindsdien zeggen ze bij D66: ‘Regeren is halveren.’

Hand in hand

Maar idealen en ambten kunnen ook samengaan. De SDAP was de principiële vooroorlogse voorganger van de PvdA. Op lokaal niveau leerde ze dat ze heel wat kon bereiken. Drees in Den Haag en Wibaut in Amsterdam. Ze maakte de leefomstandigheden van veel mensen beter door sloppewijken opruimen en grote werkgelegenheidsprojecten te beginnen. In die lijn van wethouderssocialisme staat ook Andrée van Es. Als jonge vrouw zat zij in de Tweede Kamer voor de PSP. Ze kreeg welgeteld één motie aangenomen.  Als wethouder van Amsterdam kan ze dagelijks het verschil maken voor Islamitische meisjes en voor illegalen. Het blijft niet alleen bij mooie woorden. In Amsterdam maakt GroenLinks het waar.

En verantwoordelijkheid dragen hoeft niet electoraal desastreus te zijn. De Duitse Groenen wonnen onder Joschka Fischer verkiezingen. Deze minister van Buitenlandse Zaken maakte van de kleine nichepartij een brede partij door te laten zien dat ze verantwoordelijkheid aan konden. In Nederland kennen we het fenomeen premiersbonus: het beste voorbeeld komt uit 1977. Na de val van het vechtkabinet Den Uyl won de PvdA tien zetels met de leus: ‘kies de minister-president.’ De VVD doet het nu zo goed in de peilingen omdat ze met Mark Rutte een herkenbaar boegbeeld hebben. Een politicus die ook in lastige tijden verantwoordelijkheid wil nemen voor de boekhouding.

Idealistische politiek hoeft ook niet in de marges van politiek te blijven. De Renaissance van de Duitse Groenen die we nu zien, komt omdat kiezers de Duitse groenen herkennen als de milieupartij van Duitsland. Haar anti-kernenergieactivisme was na Fukushima een aantrekkelijke eigenschap. De Duitse groenen zijn consistent in hun groene oriëntatie, of het nu electoraal goed ligt of niet: in 1990 vielen de Groenen uit het parlement met de leus iedereen praat over hereniging, wij praten over dat weer.

Maar ook dichterbij zijn er voorbeelden van electoraal succesvolle idealistische politici. Ik denk dan bijvoorbeeld van Paul Smeulders in Brabant. Het verhaal over een diervriendelijke landbouw zit hem diep. Hij voerde in Brabant fel campagne tegen de mega-stallen voor de gezonde landbouw. Hij won -tegen de electorale wind van GroenLinks in- een extra zetel in de staten.

Compromissen sluiten een coalitieland

Natuurlijk moet een regeringspartij compromissen sluiten in een coalitieland. Alleen dan kan je je eigen idealen ook echt realiseren. Je moet goed kiezen op welke onderwerpen je je rug recht houdt en op welke onderwerpen je buigt. Je moet de onderwerpen die voor je eigen kiezers en leden belangrijk zijn niet zo maar opgeven. Als je als groene partij ervoor kiest om de laatste groene polder te bouwen, een de bouw van kolencentrale tolereert, megastallen laat aanleggen, bij milieuschandalen blijft zitten, dan moet je niet verbaasd op kijken als er bij de verkiezingen minder kiezers komen opdagen en ook je vrijwilligers thuis blijven.

maandag, 16 april 2012

Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Kandidatuur Voorzitter DWARS Leiden

In politiek, dwars, dwars leiden, groenlinks, leiden, pjo, reinier, voorzitter, communicatie, en meer.

Lieve DWARSers,

Zoals jullie misschien weten, vindt op 2 mei de ALV van DWARS Leiden plaats. Onze voorzitter, Prescillia, treedt dan af. Deze mail stuur ik jullie om mijzelf te kandideren voor de post van voorzitter van onze mooie afdeling.

Laat mij mezelf even kort introduceren. Op dit moment ben ik bezig met mijn scriptie voor de studie Nederlandse Politiek aan de Universiteit Leiden: sinds maart 2011 ben ik lid van DWARS en op 2 november 2011 ben ik verkozen tot penningmeester van dit bestuur. Samen hebben we onder andere het succesvolle DWARS Congres naar Leiden gehaald. Ik heb heel erg genoten van deze periode in het Leidse bestuur, maar in dit halve jaar heb ik ook heel veel geleerd, en nog steeds raak ik meer en meer geïnspireerd en gemotiveerd.

Gemotiveerd om jongeren te betrekken bij de politiek. Politiek is zo ontzettend leuk en zo ontzettend belangrijk; vooral voor jongeren. Alleen wordt de interesse van jongeren voor de politiek nog niet (genoeg) benut en lukt het jongeren nog niet genoeg om invloed uit te oefenen op de (plaatselijke) politiek. Als voorzitter wil ik mij daarom vooral inzetten om meer jongeren bij DWARS Leiden te betrekken, en om samen met GroenLinks Leiden te proberen om een jongerenraad uit de grond te stampen. Natuurlijk hoop ik ook veel meer mooie en interessante activiteiten en debatten te organiseren. Het contact met het landelijke bestuur van DWARS zal, hoop ik, nog beter worden dan het nu al is. Natuurlijk zal DWARS Leiden zich – als ik voorzitter word – nog steeds inzetten voor een groener, socialer en progressiever Leiden en Nederland.

Ik houd van discussies en nadenken, voornamelijk over politiek. Hier schrijf ik ook graag over, mijn weblogs zijn ook te lezen op site van onze afdeling. Alleen, net zoals ieder mens, ben ik niet perfect. De persoon die het meest kritisch over me is, ben ik zelf. Alleen als ik kijk naar de groei die ik in het afgelopen half jaar heb doorgemaakt, in bijna alle opzichten, ben ik er heilig van overtuigd dat het voorzitterschap van deze afdeling een logische stap is, om deze groei door te zetten. De fouten die ik maak zijn te overwinnen en mijn motivatie om mijn slechte eigenschappen te overwinnen is enorm.

In het beste bestuur vullen de bestuursleden elkaar moeiteloos aan. Om dit te kunnen doen, staat een goede communicatie bij mij dan ook voorop. Samen met de andere bestuursleden hoop ik een ijzersterk team te vormen en nog leukere en interessantere activiteiten dan we nu al hebben gedaan neer te zetten.

Met jullie steun hoop ik deze prachtige afdeling nog actiever te maken en de samenwerking met GroenLinks Leiden, DWARS Landelijk en andere PJO’s te verbeteren. Samen kunnen we jongeren een stem geven. Samen met jullie, leden van DWARS Leiden, hoop ik deze afdeling tot een bron van inspiratie en debatten (in positieve zin) te maken. Samen, als bestuur, kunnen we dit waarmaken en kunnen de bestuursleden elkaar compenseren. Hiervoor heb ik wel jullie stem nodig.

Daarom hoop ik van harte dat jullie op 2 mei aanwezig zijn bij de ALV en mij zullen kiezen als jullie nieuwe voorzitter.

Ik kan het, wij kunnen het.

Tot 2 mei!
Liefs,

Reinier van der Hulst


Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Kandidatuur Voorzitter DWARS Leiden

In politiek, dwars, dwars leiden, groenlinks, leiden, pjo, reinier, voorzitter, bestuur, en meer.

Lieve DWARSers,

Zoals jullie misschien weten, vindt op 2 mei de ALV van DWARS Leiden plaats. Onze voorzitter, Prescillia, treedt dan af. Deze mail stuur ik jullie om mijzelf te kandideren voor de post van voorzitter van onze mooie afdeling.

Laat mij mezelf even kort introduceren. Op dit moment ben ik bezig met mijn scriptie voor de studie Nederlandse Politiek aan de Universiteit Leiden: sinds maart 2011 ben ik lid van DWARS en op 2 november 2011 ben ik verkozen tot penningmeester van dit bestuur. Samen hebben we onder andere het succesvolle DWARS Congres naar Leiden gehaald. Ik heb heel erg genoten van deze periode in het Leidse bestuur, maar in dit halve jaar heb ik ook heel veel geleerd, en nog steeds raak ik meer en meer geïnspireerd en gemotiveerd.

Gemotiveerd om jongeren te betrekken bij de politiek. Politiek is zo ontzettend leuk en zo ontzettend belangrijk; vooral voor jongeren. Alleen wordt de interesse van jongeren voor de politiek nog niet (genoeg) benut en lukt het jongeren nog niet genoeg om invloed uit te oefenen op de (plaatselijke) politiek. Als voorzitter wil ik mij daarom vooral inzetten om meer jongeren bij DWARS Leiden te betrekken, en om samen met GroenLinks Leiden te proberen om een jongerenraad uit de grond te stampen. Natuurlijk hoop ik ook veel meer mooie en interessante activiteiten en debatten te organiseren. Het contact met het landelijke bestuur van DWARS zal, hoop ik, nog beter worden dan het nu al is. Natuurlijk zal DWARS Leiden zich – als ik voorzitter word – nog steeds inzetten voor een groener, socialer en progressiever Leiden en Nederland.

Ik houd van discussies en nadenken, voornamelijk over politiek. Hier schrijf ik ook graag over, mijn weblogs zijn ook te lezen op site van onze afdeling. Alleen, net zoals ieder mens, ben ik niet perfect. De persoon die het meest kritisch over me is, ben ik zelf. Alleen als ik kijk naar de groei die ik in het afgelopen half jaar heb doorgemaakt, in bijna alle opzichten, ben ik er heilig van overtuigd dat het voorzitterschap van deze afdeling een logische stap is, om deze groei door te zetten. De fouten die ik maak zijn te overwinnen en mijn motivatie om mijn slechte eigenschappen te overwinnen is enorm.

In het beste bestuur vullen de bestuursleden elkaar moeiteloos aan. Om dit te kunnen doen, staat een goede communicatie bij mij dan ook voorop. Samen met de andere bestuursleden hoop ik een ijzersterk team te vormen en nog leukere en interessantere activiteiten dan we nu al hebben gedaan neer te zetten.

Met jullie steun hoop ik deze prachtige afdeling nog actiever te maken en de samenwerking met GroenLinks Leiden, DWARS Landelijk en andere PJO’s te verbeteren. Samen kunnen we jongeren een stem geven. Samen met jullie, leden van DWARS Leiden, hoop ik deze afdeling tot een bron van inspiratie en debatten (in positieve zin) te maken. Samen, als bestuur, kunnen we dit waarmaken en kunnen de bestuursleden elkaar compenseren. Hiervoor heb ik wel jullie stem nodig.

Daarom hoop ik van harte dat jullie op 2 mei aanwezig zijn bij de ALV en mij zullen kiezen als jullie nieuwe voorzitter.

Ik kan het, wij kunnen het.

Tot 2 mei!
Liefs,

Reinier van der Hulst


donderdag, 12 april 2012

Femke Halsema

Femke Halsema

Hyves Twitter TK

Vrede van Utrecht-lezing: over technologie, social media en democratie

In speeches, democratie, vrede van utrecht, acties, afrika, akkoord, alternatieven, april, arabische lente, en meer.

Post image for Vrede van Utrecht-lezing: over technologie, social media en democratie

11 april 2012

Op 1 februari 1960 gingen vier studenten aan een tafeltje zitten in een lunchroom in Greensboro in North Carolina. Ze bestelden een kopje koffie.

Wat ze deden was verboden want de studenten waren zwart: de zitplaatsen waren voor blanken, de staplaatsen alleen voor de zwarte studenten. ‘We bedienen geen negers’ zei de serveerster.
De studenten bleven zitten, tot sluitingstijd. De volgende ochtend verschenen 27 zwarte studenten, gekleed in pak en das en ze gingen zitten. Een dag later waren het er tachtig. Ze zaten aan de tafels zonder te consumeren en deden er hun huiswerk. Het protest groeide de dag erna tot 300 en de eerste protesterende blanken voegden zich bij hen. Binnen een week waren het er 600 en verspreidde het protest zich ook in de straten. De eerste confrontaties dienden zich aan. Blanke studenten zwaaiden met zuidelijke vlaggen, intimidatie en inmenging van de KluKlux-Clan volgde. In de weken die volgden, verspreidde het protest zich eerst door North Carolina, besmette daarna de omliggende staten en binnen een maand werd het hele zuiden van de Verenigde Staten beheerst door protest; uiteindelijk deden meer dan 70.000 studenten mee, duizenden werden gearresteerd, even zo vele radicaliseerden. Maar het gevolg was de bloei van een zwarte burgerrechtenbeweging en de geleidelijke, maar onomkeerbare afschaffing van het systeem van segregatie dat de VS kende.

Dit voorbeeld heb ik ontleend aan een artikel in The New Yorker. De auteur, Malcolm Gladwell, gebruikt de opkomst van de zwarte burgerrechtenbeweging om het effect van internet op sociaal protest te relativeren. De veelzeggende titel is ‘Small change: why the revolution will not be tweeted’.
Gladwell hekelt internet-utopisten die denken dat de zwakke relaties op facebook, de oppervlakkige vriendennetwerken waarin talloze petities voor goede doelen rouleren, werkelijk toegevoegde waarde hebben ten opzichte van het risicovolle burgerrechtenactivisme dat de zwarte studenten ten toon spreidden.
Hij verklaart de sociale netwerken op internet ook ongeschikt om werkelijk sociale en democratische veranderingen af te dwingen. In zijn woorden: ‘facebook-activisme is alleen succesvol in het bijeenbrengen van mensen die niet gemotiveerd genoeg zijn om werkelijke verandering af te dwingen’. Facebook – en ook twitter – verzamelen dus, met andere woorden, leunstoelactivisten.
Gladwell schreef zijn artikel in oktober 2010. En dat zeg ik met nadruk. Want dit was voordat de Arabische Lente in zijn volle hevigheid losbarstte.

De datum is van belang omdat Gladwell op dat moment, eind 2010, uitdrukking geeft aan breder gedragen overeenstemming dat de betekenis van social media voor mensenrechten- en democratisch activisme interessant maar ook beperkt is.
Weliswaar heeft dan al de Groene Revolutie in Iran plaatsgevonden, maar zoals Gladwell en ook anderen overtuigend betogen, wordt de bijdrage van vooral twitter aan de protesten daar rijkelijk overschat. Twitter bereikte grote populariteit maar deze concentreerde zich in het westen waar een zeer betrokken internetelite elke snipper nieuws uit het getormenteerde land aan elkaar doorspeelde, dikwijls in het Engels waardoor veel jonge betogers in Iran het nauwelijks lazen.
Hoewel ik het wetenschappelijke en journalistieke debat tussen internet-utopisten en sceptici tekort doe, zie je teruglezend, voor het uitbreken van de Arabische Lente, wel een mainstream-overeenstemming over de betekenis van internet voor de burgerrechten.

1 – Internet en social media hebben betekenis in de spreiding van kennis over mensenrechtenschendingen en sociaal protest en kweken daarmee ook een zekere mate van internationale verbondenheid. Dat zag je ook goed terug bij de Groene Revolutie in Iran. Als een vroeg voorbeeld wordt daarbij in de literatuur de opstand van de bevolking in Chiapas in het Zuiden van Mexico in 1994 genoemd. Dit lokale conflict met de centrale Mexicaanse staat over de achterstelling en discriminatie van de van oorsprong Indiaanse bevolking, kreeg via internet wereldwijde belangstelling, en de opstand kreeg daardoor momentum.

2 – Internet heeft ook een zekere mobilisatiekracht van mensen in heel verschillende landen, afkomstig uit verschillende groepen. Een voorbeeld daarvan is het protest tegen WTO in Seattle in 1999 waarbij internationale activisten een netwerk vormden op straat en in cyberspace. Tegelijkertijd mag daarbij de kanttekening gemaakt worden dat het om een relatief kleine voorhoede ging van professionele activisten.

Een overtuigender voorbeeld van de mobilisatiekracht van internet zijn de grote, wereldwijde demonstraties die plaatsvonden op 15 februari 2003 tegen de oorlog in Irak. In 60 landen gingen tegelijkertijd miljoenen mensen de straat op. De Belgische onderzoekers Van Laer en Van Elst beschrijven deze anti-oorlogsdemonstraties als een historische doorbraak in mobiliserend vermogen via internet. Tegelijkertijd relativeren zij de betekenis daarvan ook omdat uit onderzoek naar de motieven blijkt dat het overgrote deel van de demonstranten niet verder dan 200 kilometer wilde reizen. Weliswaar was het onderwerp (de oorlog in Irak) internationaal, de betrokkenheid en bewogenheid was lokaal, of op zijn best nationaal. Internet bleek een heel effectief instrument in de afstemming van het tijdstip waardoor het protest aan kracht won; het massale karakter van de demonstraties werd in sterke mate bepaald door verzet tegen besluiten van de nationale overheden over de oorlog in Irak.

3 – Tegenover deze voorzichtige positieve analyses van de bijdrage van internet en social media aan vreedzaam, sociaal en mensenrechtelijk protest, staat echter ook zorg. In een gezaghebbende studie, getiteld ‘The Net Delusion’ (verschenen in januari 2011), schetst de wetenschapper Evgeny Morozov een zorgwekkend beeld van de toenemende censuur en surveillance die internet mogelijk maakt. In zijn waarneming liggen staten – en dan met name autoritaire staten – en terroristische en criminele organisaties ruimschoots voor op burgers die zich via internet vreedzaam willen verenigen. Hij beschrijft ook de verregaande samenwerking van staten (en vooral de Verenigde Staten) met grote bedrijven zoals microsoft, google, facebook en twitter als bedreigend voor mensenrechten en democratisering.
Morozov verwijst bijvoorbeeld naar een geruchtmakende toespraak van Hillary Clinton uit januari 2010 (dus een jaar voor het verschijnen van zijn boek) waarin zij zich opwerpt als de hoeder van het wereldwijde vrije internet. Haar ideële betoog staat in contrast met de binnenlandse – en soms ook internationale – veiligheidsmaatregelen die de VS treft, dikwijls gesteund door Silicon Valley, om internetvrijheid (onder het mom van terrorismedreiging) te beperken. (Om nog maar te zwijgen over de reactie van het State-department op de publicatie door Wikileaks van gevoelige overheidsinformatie; inmiddels zit soldaat Bradley Manning die de informatie lekte ook al 2 jaar vast zonder dat er werkelijk zicht is op zijn proces).

Maar los van de hypocrisie in de binnenlandse omgang met internetvrijheid, maakt Morozov zich in zijn boek uit 2010 ook grote zorgen over de wijze waarop – vooral de Verenigde Staten – zich in toenemende mate opwerpen als de hoeder van de internationale internetvrijheid. Hij verwijst naar een geruchtmakend incident tijdens de Groene revolutie in Iran.
Het komt een jonge medewerker van het State Department – Jared Cohen, waarover later meer – namelijk ter ore dat Twitter een aantal dagen plat gaat vanwege onderhoudswerkzaamheden. Hij schrijft een brief aan twitter en bepleit dat dit wordt uitgesteld. Na overleg met het State-department gaat twitter akkoord. In eerste instantie is deze opzienbarende stap van een commercieel bedrijf in samenwerking met de Amerikaanse overheid, gezien als een belangrijke overwinning voor de internetvrijheid. Later bleek echter dat de Iraanse autoriteiten de brief van de jonge medewerker en de maatregelen van twitter beschouwden als een geslaagde poging tot ‘regime change’ door de Amerikaanse overheid. In reactie op deze Amerikaanse inmenging is de internetvrijheid drastisch beperkt en de repressie van bijvoorbeeld bloggers en twitteraars nog verder toegenomen. Het werkte, aldus Morozov, dus averechts.

Kortom, voordat de Arabische lente in zijn volle hevigheid losbreekt lijkt er in het internationale debat een gematigd positieve waardering van de bijdrage van internet en social media aan mensen- en burgerrechten en democratie. Er vindt internationale verspreiding plaats van kennis van mensenrechtenschendingen, het leed van onderdrukte mensen en groepen wordt daardoor eerder en vaker zichtbaar. Met behulp van internet kunnen mensen ook gemobiliseerd worden voor vreedzaam sociaal protest, tegelijkertijd wordt de reikwijdte en de schaal daarvan betwijfeld. Maar tegenover de opbrengst van internet en social media staat zorg over de dwingende dominantie van staten en overheden op het net: de autoritaire staten die het internet gebruiken om hun burgers verregaand te controleren en te censureren; vrije westerse staten die internet lijken te willen gebruiken als een instrument van ‘regime change’.

Het zal u opgevallen zijn dat ik tot nu toe nadrukkelijk onderscheid in de periode tot aan de Arabische lente, en wat er op volgde. Ik ben er dan ook overtuigd dat de opstanden van de Arabische wereld een geheel nieuwe dimensie hebben gegeven aan internet en social media en de bijdrage die deze kan leveren aan verzet tegen dictatuur en onderdrukking.

Maar laat ik eerst een stap terugzetten.
Toen ik een aantal maanden geleden geheel fris en onbevangen mijn voorstel voor onderzoek naar de relatie tussen internet, social media en mensenrechten indiende bij de Universiteit Utrecht, had ik niet echt benul waaraan ik me waagde. En ik moet ook bekennen dat ik dit drieste maar ook wat onbezonnen plan wel eens heb betreurd.
Niet alleen is dit het werkterrein van duizenden gestudeerde technologen, mediawetenschappers, politicologen en filosofen die elkaar met graagte – en soms in een voor de buitenstaander moeilijk te volgen jargon – bestrijden. Bovendien gaat de ontwikkeling van technologie, de maatschappelijke en politieke reacties erop, zo razendsnel dat elke beschrijving ervan gedateerd is voordat je een punt achter een zin kan zetten. Die ontwikkelingen zijn ook allesbehalve eenduidig. Er zijn talloze voorbeelden van technologische innovatie die mensen in staat stellen zich te bevrijden van onderdrukking, zich te emanciperen. Er zijn talloze vormen van innovatie die het tegengestelde effect hebben. Er vindt ook een wedren om de macht en de vrijheid van het net op vele niveau’s plaats. Tussen staten (autoritaire en democratische), tussen staten en terroristische en criminele organisaties, tussen burgers en staten, tussen burgers en bedrijven, tussen bedrijven en bedrijven enzovoort enzovoort.
Voorspellingen over de ontwikkeling van internet zijn niet te maken, net zo min als over de politieke en maatschappelijke omgang ermee.

Dit dwingt mij, zeker als nieuwkomer op het terrein, tot grote voorzichtigheid. En tot beperking. Voor de verspreiding en vestiging van mensenrechten en democratie zijn andere vormen van communicatietechnologie minstens zo belangrijk. De bijdrage van de mobiele telefonie aan het mobiliseren van betogers, zoveel bleek bijv. tijdens de Arabische opstanden, is ongelooflijk groot.
Ik beperk me tot het internet en de rol van social media – met name weblogs, facebook en twitter – vanwege de publieke platforms die zij vormen en de potentie om mensen te verenigen en te mobiliseren.
Wat betreft de mensenrechten beperk ik me tot de politieke vrijheden. De vrijheid van meningsuiting, de vrijheid om je te verenigen, partijen, organisaties en bewegingen op te richten, de vrijheid van protest en vreedzaam verzet.

Met dit intermezzo kom ik aan de Arabische opstanden die de afgelopen anderhalf jaar hebben gewoed en de rol die internet erin heeft gespeeld.
Ik voer u nog even terug. Wellicht heeft u het allemaal nog op het netvlies maar indrukwekkende verhalen kunnen nooit genoeg verteld worden.

Op 10 december 2010 stak de Tunesische straatverkoper Mohamed Bouazi, uit woede en wanhoop over de eindeloze treiterijen door de overheid, zichzelf in brand voor het kantoor van de gouverneur. Toen hij een maand later overleed, had zich via blogs en sms woedende koorts door het hele land verspreid. Vrienden en familie vonden elkaar op internet, vermengden zich met vreemden in hun gezamenlijk rouw en woede over de politieke corruptie, het despotische regime. Op Youtube verspreidden zich persiflerende filmpjes, online werden grappen gemaakt, op zo’n schaal dat het regime het nakijken had. Bij zijn dood verspreidde het virtuele protest zich naar de straten en de pleinen. Beelden van protesten verschenen op facebook en Youtube, Al Jazeera nam het over, en deze verhevigden het protest. Het regime trachtte Facebook, twitter en Youtube aan banden te leggen maar internationale hackers zoals Anonymous hielpen de demonstranten om de internetbans te breken. Bloggers werden gevangen gezet maar in aantallen namen de betogers enkel toe. Op 14 januari vluchtte dictator Ben Ali naar Saoedi Arabië. En ondanks dat de officiële, door de staat gerunde media de protesten negeerde, spreidde het protest zich naar Algerije en daaropvolgend naar Oman, Jemen, Egypte enzovoort.
In Egypte was een lokale Google-baas een facebook-groep begonnen ter nagedachtenis van Khaled Said, een 28-jarige blogger die medio 2010 door de politie doodgeslagen was. Zoals Bouazi in Tunesie, werd Said een icoon van verzet in Egypte. Op 25 januari vulde het Tahrir plein zich voor het eerst. Mubarak in Egypte reageerde ongeveer gelijk als het Tunesische regime en hij probeerde het land te ‘unpluggen’. Hij slaagde daar niet langer in dan vier dagen, tegen een geschatte financiële schade van 90 miljoen dollar. De nieuwsservice van de Moslim Broederschap werd bijvoorbeeld verboden maar deze bleef vanuit Londen gewoon nieuws brengen. Het onverwachte bijeffect was bovendien dat middenklasse-Egyptenaren die het nieuws over de protesten vooral thuis op het internet volgden, ook de straten introkken of naar het Tahrirplein kwamen.
De rest is geschiedenis. Als dominostenen vielen de Noordafrikaanse en Arabische regimes, soms relatief vreedzaam, soms na een woedende burgeroorlog zoals in Libië. En niet overal. De strijd in Syrie is van een grote gruwelijkheid waarbij het regime tot op heden burgers op het net en in de straten met grof geweld weet te onderdrukken. In Saoedi-Arabie zijn er slechts kleine, maar wel heel symbolische protesten zoals het prachtige ‘women2drive’, van vrouwen die het verbod op autorijden tarten en hun ritjes op facebook plaatsten.

Is dit nou de verdienste van internet (en van mobiele telefonie)?
Relativering is dan natuurlijk op zijn plaats. In een mooi overzicht van de rol van de digitale media bij de Arabische opstanden beschrijven de Amerikaanse wetenschappers Howard en Hussain de vele factoren die bijdroegen tot de Arabische opstanden. De langdurige sociale en politieke onvrede, in de eerste plaats. De geleidelijke opkomst van liberale middenklassen en internationaal georiënteerde studenten die de middelen en de eloquentie bezaten om uitdrukking te geven aan die sociale onvrede en deze te helpen verspreiden. De aanwezigheid van iconen van onderdrukking, zoals Bouazi en Said, waardoor de bevolking zich verenigde in collectieve rouw en verontwaardiging.
Bovendien varieerden de bepalende factoren voor de opstanden van land tot land, maar schrijven Howard en Hussain, de constante factor in alle opstanden was het internet en in een tweede instantie de klassieke media (met name Al Jazeera dat youtube-filmpjes, facebook-oproepen en berichten van bloggers razendsnel verder verspreidde. En dat de opstanden zich als een inktvlek van land tot land konden spreiden, vond dankzij internet plaats.

Waarom was de rol van internet en social media in de verspreiding van protest en verzet deze keer een andere, krachtiger dan tot nu toe het geval was? Ik zou een drietal redenen willen aanwijzen.
Het belangrijkste is wellicht de rechtstreekse relatie tussen het net en de straat. Het protest was hybride, het vond gelijktijdig plaats op internet en op de pleinen en versterkte elkaar: via facebook verzamelden mensen zich, filmpjes van protesten en politiegeweld in de straten vonden hun weg op het net en leidden tot nieuwe acties. Hier kwamen de blogger en de facebooker uit hun leunstoel en voegden zich – bij wijze van spreken – bij de zwarte student uit de VS van de jaren 60 die heel risicovol protesteert.
Anders dan bijvoorbeeld bij eerdere protesten, zoals in Seattle of tijdens de anti-Irak demonstratie, werden in de internetgemeenschappen in de Arabische landen ‘sterke’, meer duurzame banden gekweekt. De facebookcontacten, de steun aan webloggers hield niet enkel stand voor de duur van een demonstratie, het verspreiden van een digitaal pamflet, maar vertaalde zich in onderlinge solidariteit en hulp aan elkaar. De veelgehoorde kritiek dat internet en met name facebook alleen ‘zachte’ weinig betekenisvolle gemeenschappen kweken werd tijdens de Arabische opstanden gelogenstraft.
Paradoxaal genoeg hebben de pogingen tot censuur – tot het maken van firewalls – geleid tot een verheviging van de protesten. Internet was daardoor niet alleen een instrument voor het mobiliseren van burgerlijk en politiek verzet maar ‘online zijn’ werd ook een daad van politiek verzet. De populariteit van weblogs, facebook en twitter nam daardoor alleen maar toe en het afgesneden zijn van internet leidde ertoe dat meer gezagsgetrouwe burgers zich aansloten bij de protesten in de straten.

Nu ja, inmiddels is het medio 2012 en is de sociale en politieke opbrengst van de Arabische opstanden op zijn zachtst gezegd ambivalent. Militairen behouden macht, transitieregeringen blijken soms de totalitaire trekken van de voorgangers te vertonen, Islamisten proberen de macht te grijpen en blijken in een aantal gevallen de mensenrechten niet voor vrouwen te laten gelden.
De kanttekening die daarbij wel gemaakt moet worden is dat de vestiging van een democratie en mensenrechten niet in maanden, maar in jaren beoordeeld moet worden. Hoe dan ook zijn de voortekenen niet overal even gunstig.

Het is dan verleidelijk om met terugwerkende kracht de betekenis van de opstanden zelf, en de rol die internet daarin heeft gespeeld, te relativeren. Een enkeling, vooral aan rechtsconservatieve zijde, hoor je al roepen dat de seculiere dictaturen in een aantal landen beter waren dan de Islamitische politiek die je er voor terugkrijgt.
Veel internetsceptici hoor je inmiddels zeggen dat het onvoltooide of afgebroken democratiseringsproces in Noord Afrika maar weer eens de zwakte aantoont van internet om bij te dragen aan wezenlijke maatschappelijke verandering. Daarmee wordt – wat mij betreft – ontkend dat de opstand die heeft plaats gevonden, de collectieve roep om bevrijding die leidde tot het afzetten van totalitaire heersers en hun regimes, wel degelijk een heel wezenlijke maatschappelijke en politieke verandering is.

Dit neemt niet weg dat sceptici terecht wijzen op het onvermogen om via internet een democratie en een rechtstaat te vestigen. De Arabische opstanden bewijzen wat mij betreft dat internet en social media een ongekende kracht kunnen ontwikkelen in het verenigen en mobiliseren van verontwaardigde en dikwijls getraumatiseerde burgers. Rouw en leed, het diepgevoelde verlangen om mishandeling en moord te stoppen maakt mensen een.
Iets anders is het, als de tiran is verjaagd, er wraak is genomen en de ergste wonden zijn gelikt, om elkaar te vinden op het alternatief. Na de opstanden blijkt het internet de spreekwoordelijke ‘kruiwagen met kikkers’. Verzet en protest behoeven misschien weinig leiders, bij de opbouw van een nieuwe democratische staat zijn leiderschap, en bezielde maatschappelijke en politieke organisaties die de duizenden uiteenlopende meningen aaneensmeden tot enigszins overzichtelijke stromingen onontbeerlijk. Verzet, protest en demonstratie zijn een gedeelde uitroep van emotie en ongeluk; internet helpt deze te versterken en te mobiliseren. Democratie vergt vergadering, het gezamenlijke sluiten van een gecalculeerd compromis, en internet en social media met hun grote en ook prachtige nadruk op individuele expressie, bieden daar tot nu toe – zo lijkt het – niet de handvaten voor.

Dat is – denk ik – waar we nu staan. De titel van het artikel in The New Yorker waarmee ik begon was ‘Small Change. Will the revolution be tweeted?’.
Mijn voorlopige antwoord daarop zou zijn: ‘the revolution can, but democracy and peace can not be tweeted.

Hoe verder? Is het mogelijk dat internet niet alleen een rol gaat spelen in de bevrijding van mensen uit onrecht, maar ook in de opbouw van democratische alternatieven?

Eerlijk gezegd moet ik u daarop het antwoord schuldig blijven en hoop ik dat het debat van zo meteen ons daar wat verder in helpt.
Ik zou wel een vingerwijzing willen geven.
Internet lijkt tot nu toe vooral het domein van individuele, vrijheidslievende burgers, van autoritaire staten die het willen beknotten of van staten (zoals de Verenigde Staten) die juist hun kans schoon zien om via het internet ‘regime change’ in die autoritaire staten af te dwingen, en van bedrijven die winstmaximalisatie zoeken.
Maatschappelijke, publieke organisaties zonder winstoogmerk, duurzame culturele en politieke verbanden van burgers, lijken zich veel minder op het net genesteld te hebben.
Natuurlijk zijn er inmiddels grote onafhankelijke organisaties zoals Avaaz, globalvoices, transparancy international en anderen die miljoenen burgers aan zich binden. Het zijn ook prachtige en hoopgevende initiatieven die het vergrootglas zetten op wereldwijd onrecht en onvrijheid.
Maar dit is ook precies waar de beperking schuilt.
Deze organisaties richten zich ook op het mobiliseren van protest en verzet, en doen dat soms met groot succes. Maar het zijn geen organisaties die een democratisch en mensenrechtelijk alternatief formuleren, en daarop mensen verenigen. Het zijn – in de tweede plaats – ook dikwijls westerse organisaties die top down het onrecht in met name de derde wereld aan de kaak stellen. Het nadeel daarvan bleek heel recent bij het initiatief Kony 2012 van Amerikaanse jongens die middels een viral erin slaagden om de Oegandese oorlogsmisdadiger Joseph Kony wereldwijd bekend te maken. Maar de ontvangst daarvan bij de Oegandese slachtoffers was niet onverdeeld positief.

Kan internet burgers binden, organisatorisch en in hun maatschappelijke idealen, bij de vestiging van democratie en mensenrechten? En hoe dan? Deze vraag leg ik ook aan u voor.
Laat ik een hoopgevend voorbeeld geven. Ik vertelde u eerder van Jared Cohen, de heel jonge medewerker van het state department die eigenhandig probeerde de groene revolutie in goede twitterbanen te leiden. Het hoeft niet te verbazen dat deze wizzkid vrij snel werd weggekocht door Google waar hij de opdracht kreeg om een denktank – het tot op heden onbekende Google Ideas – op te richten. Nu mag natuurlijk getwijfeld worden aan de intenties en motieven die Google hiermee heeft.
Maar toch. Vorig jaar liet Jared Cohen als kersverse directeur van Google Ideas voor het eerst van zich horen in de Amerikaanse media. In Dublin, in Ierland, bleek hij een summit te hebben belegd over terrorisme in aanwezigheid van zo’n 80 ex-extremisten en –terroristen, varierend van farc, IRA, neo-nazi’s tot jihadisten en El Qaida aanhangers. Zij spraken er met elkaar over hoe de radicalisering van jongeren voorkomen en verminderd kan worden. Zoals Cohen het verwoordde: ‘we believe internettechnology can become part of the solution, of turning away from violence’. De ambitie was niet minder dan ‘a shift in narratives’ te bereiken.
Voor wie het netwerk van voormalige extremisten sindsdien enigszins volgt (overigens te vinden onder de naam againstviolentextremism.org.) ziet dat de leden op allerlei plekken op het internet een ‘counterjihad’ proberen te formuleren, zoals velen van hen ook de wereld over reizen om met jongeren te praten en alternatieven aan te reiken.

Het voorbeeld is klein en aan de onafhankelijkheid van het initiatief mag getwijfeld worden, toch wil ik het niet ongenoemd laten. Het probeert namelijk twee zaken te verenigen.
1. het verzamelt mensen die niet alleen samen tegen onrecht protesteren maar ook proberen een alternatief te formuleren
2. Ondanks dat de commerciële arm van Google erachter zit (en het initiatief daarop enigszins gewantrouwd mag worden), geeft het regie aan de direct betrokkenen; de mensen die terreur hebben ondervonden en hebben uitgevoerd en maakt hen ook verantwoordelijk.

Tot slot. In de strijd tussen utopisten en sceptici heb ik me de afgelopen maanden vaak afgevraagd tot welke groep ik dan behoor. Ik ben me ervan bewust dat terwijl ik spreek staten, terreurgroepen en bedrijven telkens ingenieuzer middelen vinden om ons, burgers, te controleren en te censureren. Ik vind dat dit dwingt tot oppassendheid en een zekere mate van scepsis. Tegelijkertijd hebben wij, mensen, ook het internet uitgevonden, dat in de stem die het geeft aan de kwetsbaren en de onderdrukten historisch en fantastisch is.
Als wij in staat zijn om internet uit te vinden en te ontwikkelen dan moeten wij ook in staat zijn om het aan te wenden voor democratie en mensenrechten.

Femke Halsema bekleedt dit voorjaar de Vrede van Utrecht Leerstoel

zaterdag, 31 maart 2012

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Onzinnige strijd tegen koffieshops gaat door.

In politiek, limburg, bezig, bezuinigingen, criminaliteit, de wereld, economie, gevonden, de, en meer.
Onzinnige strijd tegen koffieshops gaat door.

Een aantal Limburgse burgemeesters heeft een nieuw argument gevonden in hun strijd tegen koffieshops. Er zouden meerdere koffieshops door dezelfde personen worden geëxploiteerd. Daar waar samenwerking en het ontstaan van winkelketens in onze economie de meest vanzelfsprekende zaak van de wereld is, mogen er geen drie koffieshops door dezelfde persoon worden aangestuurd. Dan is het ineens “kartelvorming met prijsafspraken, een soort maffia en een monopoliepositie met miljoenenwinsten”. Het wordt hoog tijd dat deze burgemeesters en de huidige politieke machthebbers zich bezinnen op hun bejegening van cannabis. Ga je bezig houden met zaken die veel belangrijker zijn voor de samenleving dan het pesten van wietrokers! Stop met het paternalistisch opleggen van je eigen bekrompen normen en waarden op anderen.

En voor de dominees die tevens koopman zijn: zie het eens in breder perspectief. Het uit de criminaliteit halen van de cannabis en het binden aan een goede regulering levert de samenleving netto jaarlijks ongeveer € 850 miljoen op, enerzijds door meer accijnzen en anderzijds door minder optreden van politie en justitie. In deze tijd van bezuinigingen een niet te veronachtzamen bedrag.

Harrie Winteraeken

Harrie Winteraeken

GR

Extreme bezuiniging op ontwikkelingssamenwerking vraagt om extreme reactie

Uit de onderhandelingskamer van het Catshuis is gelekt dat er een voorstel is om één miljard te bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking. Zo’n kwart van het budget. De weerstand hiertegen is groot en dat is vanzelfsprekend. Een dergelijk voorstel is gewoon onbeschaafd.
Er moet bezuinigd worden, maar meer dan 1 à 2 % is onevenredig. Voor de bezuinigingen en ombuigingen kan naar mijn mening het beste worden gewerkt volgens de verdeling 50 % minder overheidsuitgaven en 50 % meer overheidsinkomsten / belastingen. De laatste natuurlijk volgens het solidariteitsbeginsel van de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. De vermindering van de overheidsuitgaven dient zoveel mogelijk gelijkelijk worden verdeeld over de verschillende ministeries. Zo kan ook ontwikkelingssamenwerking naar verhouding en daarmee rechtvaardig mee delen in de pijn.

Alles meer vraagt om actie. En het voorstel om extreem te bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking vraagt ook om een extreme reactie. Ik roep de voltallige oppositie in ons parlement op om de samenwerking met de coalitiepartijen en hun gedogers volledig te staken. Geen enkele medewerking aan welk voorstel dan ook. Maak voor elke minister en staatssecretaris en elke woordvoerder de gang naar het spreekgestoelte tot een helletocht. Breng ieder voorstel in verband met de teloorgang van de ontwikkelingssamenwerking. Verwijt ze allemaal immoraliteit en onbeschaafdheid.

Maar ook u kan iets doen. Roep iedere CDA-er en VVD-er die u kent of tegenkomt op ook stelling te nemen tegen deze voorstellen tot extreme bezuinigingen. En als ze toch worden geaccepteerd, dring erop aan dat ze hun lidmaatschap opzeggen. Wellicht dat de onderhandelaars / partijtoppen daar wel naar luisteren.

vrijdag, 30 maart 2012

Paul Smeulders

Paul Smeulders

Hyves Twitter Youtube PS

Openbare watertappunten in heel Brabant

In politiek, bezoek, cda, gemeente, groenlinks, informatie, milieu, motie, de, en meer.

De provincie Noord-Brabant gaat BrabantWater (waarvan de provincie grootaandeelhouder is) vragen in iedere Brabantse gemeente een openbaar watertappunt te plaatsen. Ook wordt in het provinciehuis en bij ontvangsten van de provincie elders alleen nog maar kraanwater geserveerd. Een motie van deze strekking ingediend door GroenLinks en het CDA is aangenomen door Provinciale Staten.

Januari 2012 brachten Provinciale Staten een werkbezoek aan BrabantWater. Tijdens dat bezoek was veel aandacht aan wat BrabantWater doet aan maatschappelijke verantwoord ondernemen (MVO). Zo richt de organisatie zich op obesitasbestrijding, drinkwatervoorziening in ontwikkelingslanden, biodiversiteitsbevordering en klimaatneutraliteit. Tijdens het werkbezoek vertelde Guiljo van Nuland (directeur van BrabantWater) dat kraanwater 5 maal vaker gecontroleerd, 500 maal goedkoper en 1000 maal beter voor het milieu is dan flessenwater.

Op basis van deze informatie vinden de Statenfracties van GroenLinks en het CDA het wenselijk dat in het centrum van iedere Brabantse gemeente waar BrabantWater de drinkwatervoorziening verzorgt, minstens 1 openbaar watertappunt aanwezig is waar meegebrachte flessen kunnen worden gevuld. 

GroenLinks-Statenlid Paul Smeulders: “We hopen dat BrabantWater hiervoor de samenwerking zoekt met non-profitorganisatie Jointhepipe.org of soortgelijke organisatie, zodat een gedeelte van het budget ten goede komt aan drinkwaterprojecten in ontwikkelingslanden. Dit past in het MVO-beleid van BrabantWater.”

CDA-Statenlid Jeffrey van Agtmaal: “Wij moeten als provincie het goede voorbeeld geven. Na een motie van Gerda Verburg is de Tweede Kamer ertoe overgegaan om kraanwatertappunten te installeren en geen flesjes water meer te verstrekken. Wij volgen nu dat voorbeeld.”

Jos van Dijk

Jos van Dijk

Linkedin

Godsdienstvrijheid een exclusief recht?

In beleid, christenunie, eu, godsdienstvrijheid, de.
Trouw ontdekte deze week een bijzondere samenwerking tussen de ChristenUnie en de SP. Europarlementariërs Van Dalen (CU) en De Jong (SP) bepleiten gezamenlijk meer aandacht voor godsdienstvrijheid in het buitenlands beleid van de EU. In het geval van de SP is dat misschien wat minder vanzelfsprekend dan bij de ChristenUnie. Bij De Jong heeft deze ambitie een persoonlijke achtergrond: hij is op

Jeroen van Rossum

Jeroen van Rossum

Twitter

Kritisch

In politiek, ad koppejan, bezuinigingen, bill gates, bnp, catshuis, cda, christenunie, congres, en meer.

Na het roerige congres van het CDA op 2 oktober 2010, beloofde ontwikkelingshulpkopstuk Kathleen Ferrier haar achterban nog dat ze het kabinet, en vooral de gedoogconstructie die daaraan ten grondslag ligt, kritisch zou gaan volgen. Samen met Ad Koppejan vertolkte zij de 32% die tegen politieke samenwerking met de ‘verdorven’ PVV had gestemd. Zeker op haar terrein, de ontwikkelingssamenwerking, zou Kathleen de kritische noten wel gaan kraken. Nu – anderhalf jaar later – blijkt dat in elk geval een onwaarheid.

Ondanks de aangenomen motie van Jolande Sap (GroenLinks) en Arie Slob (ChristenUnie) om vast te houden aan de norm van 0,7% van het BNP voor ontwikkelingssamenwerking, berichtten de kranten vandaag dat de heren in het Catshuis  het plan hebben opgevat hier een miljard euro op te korten. Dat kan bijna geen verrassing zijn; Geert Wilders toeterde voor aanvang van de tussenformatie al dat hij zonder snijden op ontwikkelingshulp geen succesvolle onderhandelingen voorzag. Na de prachtige, politieke toneelvoorstelling van afgelopen week, heeft hij het blijkbaar voor elkaar. Na de kunst moet ook de ontwikkelingshulp rancuneus om zeep worden geholpen.

Zogenaamde praatjes over weerstand tegen deze maatregel binnen het CDA in het algemeen, kunnen we natuurlijk direct terzijde schuiven. Onder het mom van verantwoordelijkheid nemen heeft het CDA al ruim anderhalf jaar haar principes overboord gezet omwille van het pluche – net als de eens zo liberale VVD. Maar mevrouw Ferrier heeft het ons beloofd, of in elk geval haar eigen achterban. Maar nog geen onvertogen woord. Je had toch op zijn minst verwacht, dat ze een kwade tweet de wereld in zou helpen vanochtend, maar zelfs dat was ‘kritische’ Kathleen te veel.

Kathleen Ferrier moet zich kapot schamen. Haar zogenaamde dissidentschap heeft tot dusver weinig meer behelst dan zuur kijken, en druk met haar mappen de gang op stampen. Van daadwerkelijk verzet kunnen we haar allerminst betichten. En hoewel het heerlijk moet zijn voor Maxime Verhagen dat ze zich braafjes aan de mediastilte houdt, voor haar achterban is het een grove desillusie.


vrijdag, 23 maart 2012

John Jorna

John Jorna

Grensoverschrijdende samenwerking

In column van de week, amsterdam, boeken, cultuur, duitsland, eu, europese, geld, gemeente, en meer.

GRENZEN BLIJVEN GRENZEN

Zo’n veertig jaar geleden zagen we de Europese integratie vooral als het wegvallen van grenzen tussen de nationale staten. Die grenzen zouden even onopvallend worden als de grenzen tussen onze provincies of onze gemeenten. Daar zie je soms een bord met welkom in de provincie Utrecht of de gemeente Houten. Soms verandert het wegdek als je een gemeentegrens passeert of krijgt de weg een andere naam. Zo wordt het Bunnikse Oostromsdijkje in Houten het Oostrumsdijkje. De grens tussen de provincies Utrecht en Noord-Holland is bij Hollandse Rading (Rading betekent grens) kaarsrecht, maar je moet echt op de grenspalen letten om de grens ook echt te zien.

Maar de grens tussen Nederland en Duitsland is ondanks het wegvallen van de grenscontrole toch duidelijk waarneembaar. Iets andere verkeersborden, andere plaatsnaamborden, andere wegwijzers, maar ook andere huizen met een andere baksteen, kleinere ramen, dikkere muren en vaak wat andere daken. Bij de autosnelwegen zijn de verschillen minder, maar toch aanwezig.

Anderhalve eeuw geleden waren de grenzen van weinig betekenis. Het waren staatkundige grenzen met aan weerszijden een ander politiek-juridisch systeem en een ander staatkundig gezag. Er was nog weinig internationale handel en nauwelijks toerisme, dus weinig grensoverschrijdend verkeer en ook weinig grensoverschrijdende spoorlijnen, verharde straatwegen of kanalen. Aan beide zijden werd hetzelfde dialect gesproken. Men bezocht elkaars kermissen en schuttersfeesten en bijgevolg werd er ook over de grens getrouwd en zocht men aan beide zijden naar werk.

Dat veranderde met de Industriële Revolutie. Massafabricage betekende behoefte aan veel grondstoffen en steenkool voor de stoomaandrijving van de machines en behoefte aan een grotere afzetmarkt. De internationale handel nam sterk toe. Alles vroeg een politiek antwoord met wetgeving op economisch gebied. Scholing van de beroepsbevolking werd steeds meer nodig. Er kwam volksonderwijs en in Nederland werd ABN en in Duitsland Hoogduits onderwezen. Grenzen werden economisch van betekenis en werden taalgrenzen. De omvang van de overheid nam en neemt toe, want er moet steeds meer geregeld en gecontroleerd worden. Aan beide zijden van de grens ontstond een geheel verschillende ambtelijke cultuur met eigen regelgeving. Dat gaat nog steeds door. Zeer veel terreinen van wetgeving blijven voorbehouden aan de nationale staten en daar waar Europese richtlijnen worden omgezet in nationale wet- en regelgeving heeft ieder land toch weer een andere bestuursstijl en een ander wetgevingssysteem. Europese integratie heeft er niet toe geleid, dat de verschillen verdwijnen.

In de grensgebieden van de EU bestaan zogenaamde Euregio ’s. Ze krijgen een beperkt budget van de EU om de samenwerking te faciliteren, maar grensoverschrijdende projecten kunnen er niet uit betaald worden. Bij een bijeenkomst van de Europawerkgroep in Nijmegen hoorden we van Florian Gödderz hoe moeilijk samenwerking kan zijn. Een gezamenlijke bijeenkomst van ouderen is moeilijk doordat er in Duitsland geen ouderenbonden met plaatselijke afdelingen zijn. Discriminatiebeleid is in Duitsland over allerlei instanties verdeeld, bij de Kreis of zelfs bij de Bond. Een praktisch voorbeeld is de poging om de vroeger zeer belangrijke spoorlijn Amsterdam-Amersfoort-Rhenen-Kesteren-Nijmegen-Kleef tussen Nijmegen en Kleef te reactiveren. Dat zou als tram of als tramtrein of als kleine trein kunnen. Studenten reizend naar station Nijmegen Heyendaal zouden ervan kunnen profiteren. Of er vanuit Groesbeek, Kranenburg en Kleef veel vraag naar is, werd niet zo duidelijk, maar er zijn rapporten over. De kosten zijn niet erg hoog in vergelijking met andere infrastructurele projecten, dertig miljoen. Het zou een manier zijn om meer grensoverschrijdende interactie te krijgen. Eigenlijk had ik daarover veel meer willen horen.

Er is wel een opvallend verschijnsel. Veel Nederlanders gaan in Duitsland wonen, waar de huizenprijzen veel lager zijn. In Kranenburg zijn het er zoveel, dat het onderwijs op de Volksschule tweetalig is geworden. Maar als de kinderen naar het Nederlandse secundair onderwijs willen, krijgen zij de boeken niet gratis. Dat wordt dus een dure liefhebberij. De Nederlanders in Kranenburg doen al veel mee met het dorpsleven. Ze zijn lid van sportclubs en een Nederlandse vrouw is lid van de gemeenteraad.

Samenwerken met de Grünen blijkt hier moeilijk, maar in Twente vinden actiegroepen aan weerszijden van de grens elkaar wel. In Kurort Bentheim zullen ze net zo goed last hebben van een opwaardering van vliegveld Twente. Daar hebben ze ook last van een militair oefenterrein, waar men piloten traint in het afwerpen van bommen. Over en weer bezoekt men elkaars demonstraties.

Een Luchthaven Twente zou veel werkgelegenheid opleveren. Het bedrijfsleven stimuleert het sterk. Oad zou er vakantievluchten kunnen laten vertrekken. Maar op geringe afstand zijn er concurrerende luchthavens. Er zouden zich bedrijven kunnen vestigen, die de laatste montage doen aan elektronica, maar probeer maar eens te concurreren met Schiphol, dat veel meer intercontinentale verbindingen heeft. Ik herinner mij ons zomerkamp in 1949 in Lonneker. De eerste dag zeiden sommige jongens, dat ze het wel leuk vonden, dat er steeds Meteor straaljagers over kwamen. De rest van de week vervloekten ze het lawaai. Zo zouden de vele toeristen ook uit Twente weg kunnen blijven en dat zou een groot verlies aan werkgelegenheid opleveren. Doordrammen van de luchthavenplannen zou Twente wel eens veel geld kunnen kosten en weinig opbrengst opleveren.

Mijn conclusie voor deze avond was, dat grensoverschrijdende samenwerking soms leuke dingen oplevert, maar dat er nog zoveel hinderpalen zijn. Op allerlei niveaus moet daaraan gewerkt worden.

Jaargang 5, Nr. 207.

dinsdag, 20 maart 2012

Erik van Luxzenburg

Erik van Luxzenburg

Hyves Linkedin Last.fm Twitter Youtube Flickr

Brinkman stapt uit de PVV - kamer debateert vandaag nog over coalitie?

In rutte, hero brinkman, samsom, pvda, twitter, nrc, vvd, pvv, geert wilders, en meer.
Schreef ik 16 maart op deze blog nog de vraag of de PVV nou van binnenuit ineen stort, en stelde ik dat Wilders via zijn stemmenmachine PVV genaamd en/of Brinkman danwel briljant zokm, danwel oliedom:
Een spijtoptant in één van de partijen kan de gedoog-coalitie er niet bij gebruiken. Brinkman staat dus sterk in zijn wens om de PVV te democratiseren, Wilders zal dit weten en ofwel een tactiek van vertragen en uitstellen gebruiken ofwel toegeven. Echter bij de volgende verkiezingen zal Brinkman het veld moeten ruimen, dat kijkt me evident. Voor de tegenstanders van de PVV is het te hopen dat Hero dit weet en voortijdig opstapt on alleen verder te gaan. Het zal de PVV niet doen splijten maar wellicht wel de gedoog-coalitie kapot maken. Om de PVV te doen instorten zal Brinkman's claim dat er meer parlementsleden van de PVV zijn mening(en) delen bewaarheid moeten zijn. 
Vanmiddag twitterde Hero Brinkman zijn aankondiging die mijn advies lijkt op te volgen (lees je deze blog Hero? Voelde je de bui al hangen als Geert het Catshuis uit zou komen?)

Nu is deze blog dus ingehaald door de ontwikkelingen van vandaag. Een van mijn favoriete nieuwssites bericht dat de Kamer debatteert vandaag nog over Brinkman :: nrc.nl

Rutte: we zijn een minderheidskabinet, daar verandert niets aan. Foto AFP / Georges Gobet 
In een gerelateerd artikel stelt het NRC dat premier Rutte in het vertrek van PVV-Kamerlid Hero Brinkman geen aanleiding ziet om naar de koningin te gaan, zoals de oppositie wil. Volgen hem heeft Brinkmans vertrek geen invloed op de gedoogconstructie. De oppositie roept op tot nieuwe verkiezingen nu het kabinet zijn Kamermeerderheid kwijt is.



Premier Rutte in een eerste reactie:
“Dit is voor de PVV een grote gebeurtenis, maar het heeft voor de samenwerking in de coalitie geen gevolgen. Dit is een minderheidskabinet met 52 zetels in de Tweede Kamer. [...] Het land bevindt zich in een zeer ernstige crisis. Daar is het kabinet nu volop mee bezig. Het zou buitengewoon onverantwoordelijk zijn om nu na te denken over verkiezingen.”

 De oppositie ziet dit dus blojkbaar anders, bij monde van kersverse PvdA-leider Samsom stelt het NRC:

Samson:
“Nederland glijdt weg in een recessie, er gaan banen verloren. Het minste wat we nodig hebben is een regering die op een meerderheid kan rekenen.”

Echter, de opperste PVV leider stelt net als onze premier dat er geen reden is om niet door te gaan met de gedoog-coalitie. Wilders die fel aggeert tegen de regentencultuur in Den Haag lijkt hiermee toch ineens vast te plakken aan het pluche. Een verbazingwekkende reactie geeft hij namelijk:


PVV-leider Geert Wilders:
“Ik heb de heer Brinkman horen zeggen dat hij het kabinet blijft steunen. Ik zie dan ook geen enkele reden om niet toch door te gaan met deze coalitie. We zullen nu moeten gaan zien of we daar met alle partijen uit komen. Wat mij betreft gebeurt dat zeker.
Dit is wel degelijk een zeer vervelende en pijnlijke dag voor de PVV. Dit is iets wat je nooit wil zien. We hebben ons als partij altijd democratisch opgesteld. Dan is het enorm jammer om een lid kwijt te raken. Wij zijn er met 23 man van overtuigd dat we met heel veel kracht doorgaan om te zorgen voor een goed beleid voor dit land. Ik zie het vertrek van Brinkman niet als een persoonlijke nederlaag. Het is als partij niet gelukt om de boel bij elkaar te houden, dus een tegenslag is het zeker maar we gaan met veel energie door.”

Wel knap dat hij vind dat de PVV zich democratisch opstelt. Vreemd voor een stichting met slechts 1 bestuurder: Geert Wilders, zonder leden en formele inspraak. Zolang Geert Wilders inspraak tolereert, mag men mee spreken, maar uiteindelijk besluit het bestuur van een stichting welke koers er gevaren wordt. Bij de PVV is dat bestuur, Geert Wilders en dat lijkt me niet democratisch, dus hoe hij dat voor zich ziet?

Enfin, benieuwd hoe Hero Brinkman zich opstelt, hoe de SGP in de eerste kamer zich opstelt en hoe dit kabinet haar meerderheid gaat behouden. Verkiezingen op dit moment zouden zeer slecht uitkomen voor de coalitie. Hoewel, de PVV doet de coalitie klappen, en partijen die een coalitie opblazen hebben in Nederland altijd slecht gescoord bij verkiezingen!

Wordt vast vervolgd!

zondag, 18 maart 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

725 and counting

In arbeid, cpn, democratie, dierenrechten, evp, fictie, groenen, groenlinks, homo, en meer.

725 blogs heb ik geschreven in de laatste vijf jaar. Dat is wel heel veel. Wat is de centrale boodschap? Wat zijn de beste stukjes? Ik schrijf over vier (aan elkaar gerelateerde) onderwerpen: GroenLinks, Nederlandse politiek, politieke filosofie en politieke fictie. In mijn ogen heb ik daar wel een consistente lijn in: vanwege mijn eigenzinnige links-liberale politieke filosofie voel ik me verbonden met de progressief-linkse partij GroenLinks die een bijzondere plek in het politieke landschap heeft. De vijf artikelen met een (*) worden bijzonder aangeraden.

1. GroenLinks
GroenLinks is gevormd als een fusie van de links-socialistische dissidentenpartij PSP, de proto-groene PPR, de communistische emancipatiepartij CPN en de progressief-Christelijke EVP. GroenLinks lijkt ideologisch sterk op de PPR, maar heeft veel oud-PSP’ers in zijn gelederen, heeft een vergelijkbare ontwikkeling doorgemaakt als de Deense PSP en heeft een vergelijkbare partijcultuur als de PSP. Van de CPN is weinig zichtbaar. De naam GroenLinks was een compromis tussen de PPR-leden die een vernieuwende groene beweging wilden vormen en de PSP-leden die machtsblok links van de PvdA wilde vormen. Het groene profiel van GroenLinks was deels een strategische zet (* – luister ook naar dit debat op radio 1). Het progressieve profiel dat GroenLinks zich in de laatste jaren heeft aangemeten staat in spanning en in lijn met de vrijzinnig-Christelijke en links-socialistische traditie waar GroenLinks uit voorkomt. Het progressieve profiel van GroenLinks is deels gekomen door een veranderende politieke realiteit, maar is ook aangemeten om GroenLinks een geloofwaardige coalitiepartner te maken. De opvallendste draai: GroenLinks was de grootste tegenstander van Paars maar nu de partij van Paars+.

De discussies binnen GroenLinks gaan vaak over samenwerking met andere linkse partijen, terwijl andere partijen niet noodzakelijkerwijs met GroenLinks willen. GroenLinks is een van de weinige groene partijen in Europa die nog niet heeft geregeerd. En hoewel, GroenLinks nog nooit aan de macht geweest is, zijn de schandalen van de laatste jaren, schandalen van de macht. GroenLinks moet niet gaan regeren met CDA, VVD en D66 of toch wel?

GroenLinks wordt soms verweten een moraliserende elitepartij te zijn, dat lijkt me niet het geval: GroenLinks is een radicale systeempartij (*). Ik heb het GroenLinks-prisma ontwikkeld om na te denken over de positionering van GroenLinks op verschillende onderwerpen: democratie, kunst, sport en veiligheid. GroenLinks moet haar Kamerleden balanceren tussen groene Europarlementariers, tolerante Senatoren en linkse Tweede Kamerleden.

GroenLinks moet zich niet richten op het electorale midden. GroenLinks is uitgesproken sociaal, tolerant en groen, maar op ieder van die onderwerpen niet de meest uitgesproken partij. GroenLinks moet zich als groene partij profileren en niet als tolerante partij. GroenLinks moet meer oog hebben voor de dagelijkse problemen van gewone mensen.

In de politiek worden, de cruciale beslissingen genomen door de mensen achter de schermen en daar lijkt politiek verdacht veel op het echte leven.

2. Politiek
Het Nederlandse politieke landschap is aan verandering onderhevig: wat ooit links was, is nu rechts en vice versa. Maar die analyse is misschien iets te simplistisch: er ontstaat een nieuwe tegenstelling over economische en Europese onderwerpen tussen progressief en populistisch, terwijl de links/rechts tegenstelling steeds meer gaat over culturele onderwerpen (naast economische en ecologische) (*). En juist progressieven moeten kiezen tussen links en rechts. Dat populisme is niet nieuw: zowel de sociaal-democraten als Christen-democraten hebben hun wortels als populistische bewegingen.

John Locke

3. Politieke filosofie
Centraal in mijn politieke filosofie staat het socratische idee van aporeia. De erkenning dat we fundamentele kennis missen. Ik noem mijn filosofie daarom ook wel epistemisch liberalisme: omdat we het niet eens zijn wat het goede leven is, moeten we kiezen voor een neutrale overheid (*); omdat er inkomen is dat niemand verdiend heeft, moeten we kiezen voor verdelende rechtvaardigheid (*); en omdat we het niet eens zijn over wat rechtvaardig is, moeten we kiezen voor een democratische overheid. Dat idee van aporeia moet ik wel iets nuanceren als ik geloof in mijn eigen ethische normen.

John S. Mill

Op culturele thema’s ben ik uitermate liberaal: juist omdat godsdienst meer is dan een mening, hecht ik aan godsdienstvrijheid en daarom ben ik bijvoorbeeld voor het verbod op ritueel slachten, maar juist tegen een verbod op het rijden door rouwstoeten. Als liberaal ben ik skeptisch over een idee als de ‘ontspannen samenleving‘, omdat dit utilisitsch en niet liberaal isPaternalistisch optreden van de overheid is alleen maar gerechtvaardigd om individuele vrijheid te vergroten. Zo zijn herkenbare homoseksuele rolmodellen goed voor homo-emancipatie. We moeten oppassen voor diegenen die ons met kleine stootjes de juist kant op willen sturen, want wie bepaalt waar heen we gestuurd worden? Ook op sociaal-economische onderwerpen, moet neutraliteit uit het uitgangspunt zijn.

Karl Popper

Ik beschouw mijzelf als heel links, maar ik ben daarom tegen het minimumloon, tegen het aanpakken van topinkomens en tegen kunstsubsidie (daarover heb ik niet altijd even subtiel geschreven). Ik ben voor privatisering van de publieke omroep, van het onderwijs (dat moet overigens gericht worden op individuele ontplooing) en van de zorg. Al die (links-)liberale verhalen ten spijt, betekent dat niet dat ik me niet ook verbonden voel met het socialisme. Want uiteindelijk zijn socialisten consequente liberalen.

 

John Rawls

Ook milieubeleid is uiteindelijk liberaal gerechtvaardigd, dat geldt zeker voor dierenrechten. Overheidsingrijpen is voor milieubescherming wel noodzakelijk, daarbij zou ik kernenergie niet uitsluiten.

Ik heb de laatste tijd ook geschreven over veiligheid: ik vind straffen vanwege vergelding barbaars en zie meer in herstelrecht en in grotere openbaarheid van het strafproces. Als liberaal ben ik een groot voorstander van liberale democratie en dus tegen radicale democratie (en dat zou GroenLinks ook moeten zijn).

Phillippe van Parijs

Het is filosofisch toch het leukste om een verhaal van iemand anders uit te pellen en de interne contradicties weer te geven: neem Dick Pels over het basisinkomen of Rutger Claassen over de consumptiemaatschappij. FIlosofisch gezien heb ik niets met Nietzsche, die wel hecht aan vrijheid, maar niet aan gelijkheid en met mensen die vinden dat je alles correct moet spellen.

4. Politieke fictie
Ik vind politieke fictie fascinerend. Ik onderscheid hierbij drie genres: science fiction, wat een mogelijkheid geeft tot social science fiction het uitwerken van politieke utopieen. Mooi gedaan in Star Trek: Deep Space Nine. Politiek drama, wat de mogelijkheid geeft om politiek achter de schermen te laten zien. The West Wing kwam wel heel dicht bij de werkelijkheid. En alternative history: een kleine stap had de geschiedenis van GroenLinks een heel andere kant op kunnen sturen.

En als we het dan toch over fictie hebben, minder politiek, maar niet minder geniaal, Wes Anderson: “When one man, for whatever reason, has an opportunity to lead an extraordinary life, he has no right to keep it to himself

Ineke Verdoner

Ineke Verdoner

Reizigers-zelfbestuur

In uncategorized, bedrijf, belangrijk, boek, conducteur, eten, gratis, maart, concept, en meer.
De man in de advertentie in Spoor, het kwartaalblad van Nederlands grootste openbaar vervoers-maatschappij, zit er heel relaxed bij op bladzijde 25 van het eerste nummer van 2012. In een luxe eerste klas stoel leest hij in het gratis boekenweekgeschenk van Tom Lanoye. Er zit niemand tegenover of naast hem en er staat een tafeltje dat ik nog nooit in een trein heb gezien! Al met al een aanlokkelijk beeld als aankondiging van de gratis-reizen-zondag op 18 maart, in samenwerking met de jaarlijkse boekenweek:
Koop een boek, daarbij krijgt u een boekje als geschenk en de spoorwegen bieden u een dag gratis treinen omdat het zo lekker leest in de trein. Toch?
Dit concept werkt al jaren zo en al even zoveel jaren is het zo belachelijk druk op die dag, dat je met een beetje pech je hele treinreis opgepakt in nauwe gangen moet staan. Nogal het tegenovergestelde van het aanlokkelijk beeld van de man in die eerste klas coupé  De Nederlandse Spoorwegen zit duidelijk op een vreemd spoor; ze bieden via de boekenweek een gratis reisdag aan en faciliteren dat vervolgens niet; je kan instappen, dat lukt meestal nog wel, maar zitten, laat staan zittend lezen? Kleine kans!

Hoewel gewapend met een vrij reizen-kaartje-eerste-klas gebeurde er wat ik al vreesde: de hele eerste klas coupé puilde net zo uit van de vele reizigers als de rest van de trein.

Het was een ongemakkelijk situatie: ík had een voordeelkaartje eerste klas, maar moest ik dan iemand met een voordeelboekje tweede klas er uit jagen?
Zover kwam het gelukkig niet, omdat iemand opstond, die er op het volgende station uit wilde en vond dat hij de laatste 15 minuten wel kon staan.
In de coupé heerste een soort stemming van daar-komen-we-met-elkaar-wel-uit; als tevreden reizigers, deelden we verhalen, pepermuntjes en chocola.
0p de achtgrond dreigde nog wel de komst van de conducteur, die roet in het eten zou kunnen strooien. Tenslotte zaten veel reizigers op een onbetaalde eerste klas stoel.

De kaartjesknipmevrouw kwam, zag en overwon! Ze controleerde alle kaartjes en vertelde alle gratis-boekenweekgeschenk-reizigers dat ze onterecht een zitplaats bezetten in de eerste klas, dat dat niet mocht en dat ze op de eventuele terugweg echt 2de klas moesten reizen. Maar ze bood ook min of meer haar excuus aan; ze was erg ongelukkig met het tekort aan wagons, waardoor ze eigenlijk mensen de al overvolle tweedeklas gangen in moest sturen. Toen ik haar vroeg of ze bij haar werkgever gehoor vond voor haar klacht, haalde ze haar schouders op; ze was al lang niet meer trots op het bedrijf waar ze al 12,5 jaar bij werkte. Van haar mocht iedereen blijven zitten.
In de geven omstandigheden was dat een heel adequate oplossing, waaruit weer blijkt hoe belangrijk het is als werknemers kunnen omgaan met lastige situaties en dat ook (mogen) doen.
Aan het eindpunt van de reis wenste de treincoach ons via de intercom nog een prettige dag, ondanks het ongemak tijdens de treinreis.
Een dame met hart voor de zaak, maar ook handelend als hart ván de zaak.

Dus hierbij een gratis advies voor onze spoorwegen:
Reizigers-zelfbestuur onder begeleiding van adequate medewerkers.
Misschien is er dan hoop voor de Nederlandse Spoorwegen!


Ineke M. Verdoner

De leespagina van de ns
Muziek van Ernst Reijseger, als verwant van de Reiziger

Heaven On Earth

woensdag, 14 maart 2012

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

Groen en sociaal project in parkeergarage

In klimaat & energie, de, duurzaam, euro, gemeente, groenlinks, investering, nederland, nijmegen, en meer.

greenfoxVandaag heeft GroenLinks-wethouder Van der Meer in de parkeergarage Kelfkensbos een duurzame en sociale pilot afgesloten. Hier zijn 630 TL-buizen vernieuwd en vervangen door duurzame exemplaren. Deze operatie is in opdracht van de gemeente uitgevoerd door medewerkers van Breed in samenwerking met het bedrijf Greenfox.

Greenfox is een bedrijf dat op veel plaatsen in Nederland samenwerkt met Sociale Werkvoorzieningsbedrijven om overal oude, stroomslurpende TL-armaturen om te bouwen tot energiezuinige exemplaren. In Nijmegen hebben ze in opdracht van de gemeente daarom samen met Breed de verlichting in de parkeergarage Kelfkensbos vervangen.

Voor de gemeente was deze pilot een voorbeeld van het integraal aanpakken van een project: de verlichting in een gemeentelijk pand is met een investering van 35.000 Euro duurzaam gemaakt. Voortaan wordt jaarlijks 38.000 euro op de energierekening bespaard. Tegelijk is er gewerkt met medewerkers van Breed, wat precies past in het plaatje dat SW-ers de komende jaren zoveel mogelijk buiten de deur gaan werken. Tenslotte is het een goed voorbeeld van samenwerking tussen het bedrijfsleven en de overheid.

Enkele SW-medewerkers hebben ter plekke een demonstratie gegeven van het verwisselen van de TL-armaturen.

maandag, 12 maart 2012

Simon Otjes

Simon Otjes

Last.fm Twitter

Wat is er overgebleven van de CPN in GroenLinks?

In arbeid, cpn, democratie, economie, groenlinks, ppr, psp, socialisme, vrouwen, en meer.

GroenLinks is gevormd als een fusie van vier partijen: de links-socialistische dissidentenpartij Pacifistisch-Socialistische Partij, de progressief-Christelijke groene partij Politieke Partij Radikalen, de Communistische Partij Nederland en de Evangelische Volkspartij. Die eerste twee partijen zijn duidelijk te herkennen in het huidige GroenLinks: GroenLinks heeft de partijcultuur van de PSP geërfd (‘discussiepartij‘) en de standpunten van de PPR (‘groen, solidair, libertair‘). De Evangelische Volkspartij sloot zich pas relatief laat bij de fusie aan, maar is nog steeds helder herkenbaar door de Linker Wang. Rest de vraag: wat kunnen we herkennen van de CPN in GroenLinks?

Leninisme, Moskou en anti-fascisme
De Communistische Partij Nederland is gevormd in 1909, acht jaar vóór de Russische revolutie, als Sociaal-Democratische Partij. Binnen de grote sociaal-democratische beweging Sociaal-Democratische Arbeiderspartij was er felle discussie tussen reformisten, die zich wilden richten op een parlementaire strategie en revolutionairen, die geloofden dat het parlementaire werk de onvermijdelijke arbeidersrevolutie slechts zou vertragen. De revolutionairen splitsten zich af. In 1918 veranderde de partij haar naam in Communistische Partij Holland, sloot zich aan bij de door Moskou geleide Communistische Internationale en onderschreef ze een leninistische maatschappijvisie.

Gedurende de jaren ’30 ontwikkelde de CPH (sinds 1937 Communistische Partij Nederland, CPN) een anti-fascistisch profiel. Tijdens de bezetting namen veel communisten deel aan het verzet: ze organiseerden de Februaristaking. De illegale communistische krant De Waarheid, was een van de voornaamste gezichten van het verzet.
Na de oorlog werd de CPN beloond met 10% van de stemmen. De CPN was een partij van de arbeidersklasse die sterk stond in de arme landbouwgebieden in het Noorden en de volkswijken in Westelijke steden. Uiteraard onderschreef de CPN een marxistische maatschappijanalyse waarbij de bourgeosie, de bezittende klasse, de arbeidersklasse, het proletariaat, onderdrukte. De maatschappij was misschien de jure democratisch, maar de economische ongelijkheid hield de facto de arbeidersklasse geknecht. In de dagelijkse politiek richtte de partij zich op de verbetering van de materiële positie van de arbeidersklasse onder de paradoxale leus “hogere lonen, lagere prijzen” en op de versterking van de vakbond. De partij streed voor de onafhankelijkheid van Indonesië, verketterde de rol van Amerika in de internationale politiek (denk aan kernbewapening en blokvorming) en vergoeilijkte de rol van Moskou (haar bewapening en blokvorming waren een reactie tegen de imperialistische politiek van het Westen). Vanwege haar verzetsverleden was de partij fel anti-fascistisch en verzette ze zich tegen anti-semitisme. Ook was de partij hierom fel anti-Duits. De partij maakte zich grote zorgen over ‘West-Duits revanchisme’, dat Duitsland haar gelijk na de oorlog nog wel zou komen halen. De CPN was democratisch centralistisch georganiseerd: de beslissingen werden genomen aan de top, met name door partijleider Paul de Groot. Vervolgens werd de rest van de partij aan deze beslissingen gebonden. Toen de Koude Oorlog langzaam opwarmde eind jaren ’40 kwam de CPN in een steeds geïsoleerdere positie te staan: in politiek opzicht maar ook electoraal nam de steun voor de communisten gestaag af.

Marxisme, feminisme en anti-Amerikanisme
Eind jaren ’60, de periode van de universiteitsbezettingen, nam de populariteit van de CPN toe. Een deel van de studenten sloot zich aan bij de CPN, omdat dit de partij was van de arbeidersklasse. De partij koos de kant van de studenten in de discussies over democratisering. De CPN verzette zich daarnaast consequent tegen het Amerikaans buitenlands beleid: kernbewapening, Vietnam, en de steun voor Apartheid.

Met deze studenten kreeg de CPN een energieke nieuwe generatie in haar midden. Marius Ernsting is zo’n figuur: hij was een voorman van de anarchistische Kabouterbeweging geweest maar werd daarna Kamerlid voor de CPN. De studenten die zelf streden voor radicale democratisering, sloten zich aan bij een partij die intern niet democratisch was. In jaren ’80 werd de partij intern gedemocratiseerd: Paul de Groot, de grote man van de CPN tot de jaren ’70, verloor al in 1978 zijn erevoorzitterschap.

Het profiel van de CPN draaide: maatschappelijke democratisering maar ook emancipatie kwamen hoger op de agenda te staan. De partij voegde feminisme toe aan haar uitgangspunten, naast marxisme. De rigide marxistische maatschappijanalyse werd gemakkelijk naar man-vrouw-, allochtoon-autochtoon- en homo-hetero-verhoudingen vertaald: mannen, hetero’s en autochtonen onderdrukte vrouwen, homo’s en allochtonen, zoals de bourgeoisie het proletariaat onderdrukte. In de egalitaire samenleving die de CPN nastreefde moesten ook deze machtsongelijkheden vereffend worden. Zoals de strijd voor de positie van arbeiders een strijd van een groep was, zag de CPN de strijd van homo’s, vrouwen en migranten in termen van groepen, niet individuen. De partij koos in 1981 voor drie heldere speerpunten: een sterke overheid die het opnam voor de arbeidersklasse, verzet tegen kernbewapening en maatschappelijke democratisering, inclusief gelijkberechtiging van vrouwen, homo’s en migranten. De CPN was deels veranderd, maar bleef ook haar communistische wortels trouw: nog in 1989 waren er CPN-vertegenwoordigers bij de viering van 40 jaar DDR in Berlijn.

De generatie jonge studenten bleek een Trojaans Paard: deze stonden ver af van de leefwereld van de arbeidersklasse. Terwijl volkswijken in rap tempo verkleurden, pleitte de CPN voor de rechten van migranten, homo’s en vrouwen. De Socialistische Partij voelde dit beter aan en verzette zich juist tegen feminisme en arbeidsmigratie. Electoraal ging de CPN erop achteruit. In reactie koos ze voor versterkte samenwerking met linkse intellectuele partijen als PSP en PPR in raden en staten, en in het Europees Parlement. Hierachter zat een electorale logica maar ook een inhoudelijke: nu de CPN van een Stalinistische partij een linkse emancipatiepartij was geworden, waren de verschillen met de PSP en de PPR verdwenen. In 1986 verloor de CPN al haar zetels in de Tweede Kamer en drie jaar later ging ze op in GroenLinks.

Linkse emancipatiepartij
Wat is er over van de CPN in het huidige GroenLinks, een links-liberale intellectuelenpartij? Zeker in de eerste jaren waren er veel CPN’ers op prominente plekken: in 1994 waren de partijvoorzitter (Harrewijn) en de lijsttrekkers bij de Tweede Kamer- (Brouwer) en de Europees Parlementsverkiezingen (Van Dijk) oud-communisten. Veel prominente migrantenpolitici (Singh Varma en Pormes) kwamen voort uit de CPN. Tot 2010 hadden er twee Eerste Kamerleden een CPN-achtergrond (Laurier en Van der Lans). Maar de plek waar de CPN het best vertegenwoordigd is geweest is onder partijbestuurders: van de negen partijvoorzitters van GroenLinks komen er vier voortuit de CPN. Het CPN-electoraat had de CPN al verloren, maar dat heeft GroenLinks ook niet terugveroverd. De SP en de PVV doen het nu sterk in traditionele CPN-wijken.

Programmatisch gezien lijkt er weinig over van de CPN in het huidige GroenLinks: het hervormingsgezind-sociale economische verhaal van GroenLinks staat veraf van het programma van de CPN. Je zou nog kunnen zeggen dat GroenLinks met haar nadruk op de positie van vrouwen op de arbeidsmarkt en haar pleidooi voor een gelijkere positie van outsiders de doelen van de CPN nastreeft, maar de middelen die ze in discussie heeft gekozen (een harde aanval op de vakbeweging en de gevestigde rechten) past niet bij de CPN. Maar ook op internationaal terrein lijken de twee partijen nauwelijks op elkaar: GroenLinks wil dat de internationale gemeenschap optreedt om mensenrechten te beschermen, terwijl de CPN het optreden van het NAVO-blok veroordeelde, omdat dit altijd het eigenbelang van het Westen zou dienen. Alleen op cultureel vlak vertonen de CPN en GroenLinks een sterke gelijkenis: beide partijen zetten zich in voor emancipatie van vrouwen, homo’s en migranten. Maar zelfs hier is het onderscheid tussen de CPN en GroenLinks groot: de CPN legde de nadruk op groepssolidariteit, anti-discriminatie en sociaal-economische achterstelling en GroenLinks heeft veel meer oog is voor individuele vrijheid, vrijheid van godsdienst en de onderdrukking binnen groepen.

zondag, 11 maart 2012

Willie Oldengarm

Willie Oldengarm

Hyves Linkedin Twitter GR

Keuzevrijheid vrouw mag niet in geding komen!

Op 5 maart hield ik tijdens het debat verloskunde een korte inleiding.

ooievaar 1 214x300 Keuzevrijheid vrouw mag niet in geding komen!

 

 

 

Bijdrage debat Behoud
Verloskunde 5 maart 2012

Voor de gemeenteraad (en ook GroenLinks)  zijn er drie belangrijke redenen voor behoud
verloskunde voor Meppel en de regio.

1e. Vanuit
het gezondheidsperspectief.

We staan voor kwalitatief goede basiszorg in de regio;
behoud volwaardig ziekenhuis inclusief acute verloskundige zorg.

Goede ketenzorg: samenwerking tussen verloskundigen,
gynacologen, huisartsen.

2e belang
van goede voorzieningen / werkgelegenheid

Meppel groeit . behoefte aan goede voorzieningen voor niet
alleen oud maar ook jong!

Niet duidelijk wat effecten zijn voor kindergeneeskunde/
andere afdelingen. Werkgelegenheid staat op de tocht.

3e Geen
draagvlak voor de plannen: waar blijft de klant, tellen die nog wel mee bij
ziekenhuis en Achmea?

Minister heeft gevraagd geen onoverkoombare besluiten te
nemen. Eerst een zorgvisie. Ziekenhuis neemt toch al een besluit.

Minister vraag maatwerk, creatieve oplossingen, goede samenwerkingsmogelijkheden.

Is sluiting van verloskunde nu maatwerk? Is dit creatief?

Belangrijkste. Keuzevrijheid
van de vrouw
komt in het geding . Mogelijkheid moet blijven als men dat wil
op een veilige wijze thuis te kunnen bevallen en bij problemen binnen
bereikbaarheidstijd in een ziekenhuis te komen. Dat staat nu op het spel. Daar
moeten we met elkaar toch passende oplossingen voor kunnen bedenken?

Ik hoop dat dit debat hiertoe een aanzet is.

Willie Oldengarm, fractievoorzitter GroenLinks Meppel

 

vrijdag, 24 februari 2012

Jan van der Meer

Jan van der Meer

Hyves Linkedin Twitter

‘Buurt, bezoeker meer bij Goffertpark betrekken’

In groen & water, mobiliteit, waalsprong, activiteiten, bericht, de, groenlinks, milieu, natuur, en meer.

bb_0908_2009_02Omwonenden en ge­bruikers van het Goffertpark in Nijmegen moeten meer bij het be­heer van dit volkspark worden be­trokken. Dat wil GroenLinks-wethouder Jan van der Meer van Milieu. Een bericht uit De Gelderlander.

Voor de verbetering van het park is de komende jaren wat extra geld beschikbaar. In 2014 bestaat het park 75 jaar en dat jubileum wordt aangegrepen voor extra activitei­ten De wijkraad Hazenkamp heeft eer­der al laten weten graag mee te denken over de toekomstplannen voor het park. Van der Meer denkt echter ook aan een grotere betrok­kenheid van medewerkers en vrij­willigers van de natuurtuin in de Goffert, de kinderboerderij, het openluchtmuseum en voetbalclub NEC. Hij wil binnenkort een con­ferentie met al die groepen organi­seren over de Goffert.

De wethouder zoekt naar nieuwe allianties voor allerlei natuurpro­jecten. Dat is onder meer nodig om de natuur- en milieueducatie in de stad overeind te houden. Door de vermindering van het aan­tal gesubsidieerde banen dreigen veel natuurlessen en -projecten voor basis- en middelbare scholen kopje onder te gaan.

Van der Meer zet daarom samen met het Milieu Educatie Centrum (MEC) in op het versterken van vrijwilligersinitiatieven. Hij kiest daarbij voor meer gerichte steun aan enkele ‘ natuurhotspots’ in de stad. De Goffert is een van die loca­ties.

Hij wil zich verder ook sterk ma­len voor de Historische Tuin in Lent. Hij wil dit warmoezeniersbe­drijf een nieuwe kans bieden. Afge­lopen jaar dreigde deze tuin in fi­nanciële problemen te komen. Van der Meer heeft de organisatie daarop extra ondersteund.

Hij vindt dat de Historische Tuin de activiteiten wel moet verbre­den. Hij ziet mogelijkheden voor stadslandbouw op deze plek (volkstuintjes, een schooltuin). Hij zet ook in op samenwerking met de Stichting Landwaard om hier een verkooppunt van regionale landbouwproducten te realiseren.

donderdag, 23 februari 2012

Hans Groen

Hans Groen

Twitter

Privacy als fundamenteel recht.

In maatschappij, gezondheidszorg, privacy, vrijheid, de, eerste hulp, ethiek, eerste, hulp, en meer.
Het VU heeft in samenwerking met Eyeworks van Reinout Oerlemans, het programma ‘Leven en Dood’ laten opnemen. Via vele verborgen camera’s werd er op afstand gefilmd op de Eerste Hulp. Verschillende malen werden patiënten pas achteraf geinformeerd waarmee de grenzen van ethiek en privacy werden overschreden. Maar ook bij voorafgaande toestemming overschrijden de partijen fundamentele [...]

vrijdag, 17 februari 2012

Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Niet de Vleugels, maar het Verstand

In uncategorized, bezuinigingen, burgers, cda, congres, d66, de, discussie, europa, en meer.

           

Een aantal grote partijen in het huidige Nederlandse politieke landschap zitten in een identiteitscrisis. Deze partijen – CDA, PvdA, GroenLinks en in mindere mate ook de VVD – komen niet met een duidelijk verhaal, en het verhaal wat ze hebben wordt niet op de juiste manier verkocht. Bovendien laait binnen deze partijen de discussie tussen de beide vleugels over de koers van de partij regelmatig op. Dit stuk zal zich vooral richten op GroenLinks, omdat de discussie binnen deze partij het meest schrijnend is, maar ook de PvdA zal even kort ter sprake komen.

            Vrijwel alle politicologen zijn het wel op één punt met elkaar eens: een politieke partij is eigenlijk een levend wezen. Ga maar na, een partij wordt geboren (het ontstaan), beleeft een jeugd (de opstartperiode), beleeft het ‘hoogtepunt,’ begint te verouderen (versplintering?) en sterft (de ondergang). Ik zou het nog iets scherper willen stellen: een politieke partij is als een vogel. Een vogel is niet alleen een organisme, maar heeft twee vleugels – net zoals vrijwel iedere politieke partij.

            Laten we eens doorgaan met de vergelijking tussen de vogel en een partij. Een vogel heeft twee vleugels, net zoals een partij. Alleen er is nog één andere treffende overeenkomst; allebei hebben ze ook een middenstuk; de vogel heeft het lijf, waar alle organen in zitten, bij de politieke partij heeft ‘het midden’ deze functie. Het bestuur zou dan eventueel als het ‘brein’ van de partij gezien kunnen worden. Het middenstuk is nodig om de vogel überhaupt te laten vliegen, want alleen twee vleugels is niet voldoende.

            In het geval van GroenLinks duidt dit op een ondertussen klassieke discussie die gaat tussen de op de SP georiënteerde kant en de op D66 georiënteerde kant. Voor de D66-kant is groen het sleutelwoord, terwijl links het toverwoord is voor de aanhangers van de SP-kant. Een discussie is nooit verkeerd – sterker nog, het is de motor van een politieke partij – alleen gaat deze discussie de verkeerde kant op. Laten we de vergelijking van de vogel er weer bij halen: de linkervleugel (SP) en de rechtervleugel (D66): Een vogel vliegt nooit helemaal recht, altijd wel een beetje geconcentreerd op de linker- of de rechtervleugel. Het probleem met de hiervoor genoemde discussie is echter dat beide vleugels denken dat ze gelijk hebben en dus wordt de andere kant automatisch uitgesloten. De discussie wordt ondertussen dus met oogkleppen op gevoerd; het gaat bij die discussies niet meer om het gelijk te maken, maar om het gelijk te halen. Dit terwijl GroenLinks als partij altijd open heeft gestaan voor verschillende invloeden van buitenaf.

            Ook binnen de PvdA is er sinds kort een flinke discussie. Frans Timmermans heeft 16 februari jl. een boze mail naar de rest van de partijfractie gestuurd met daarin argumenten waarom de PvdA geen ‘SP-light’ zou moeten worden. Ook werd het socialisme van de SP het “‘gisteren-was-alles-beter’ socialisme” genoemd. Niet zo gek dat deze ‘gisteren-was-alles-beter’ stroming veel steun krijgt; met alle bezuinigingen is niemand meer echt zeker van zijn/haar (financiële) toekomst. Persoonlijk vind ik het goede van de PvdA dat blijkt dat de fractie intern stevige debatten voert over dit soort onderwerpen. Dat siert hen.

            Een prachtig voorbeeld van de oogkleppendiscussie binnen GroenLinks is een motie die werd ingediend op het congres van 11 februari jongstleden. Deze motie moedigde de fractie aan om vooral meer samenwerking te zoeken met de PvdA en SP. In andere woorden: de fractie van GroenLinks zou zich alleen maar moeten richten op een linkse samenwerking. De motie werd met een ruime meerderheid afgewezen. De laatste tijd wordt er zelfs hardop gefantaseerd over een fusie tussen de PvdA en GroenLinks met de SP (en D66). Deze fusie is vanwege een paar redenen ongewenst: allereerst zijn de ideologische verschillen te groot om overbrugd te worden. De drie/vier partijen in kwestie hebben een totaal andere blik op Europa, maar ook de immigratie en integratie. Deze verschillen zijn te groot en zullen dus niet een stabiele partij opleveren. Ten tweede leverden de fusies in de Nederlandse politiek (CDA, GroenLinks en de ChristenUnie) maar één relatief succesvolle partij op: het CDA. Ten derde hebben de vier genoemde partijen nog nooit samen een meerderheid gehaald in het Nederlandse parlement; een significant aantal extra kiezers zal ook niet met de fusie getrokken worden, omdat vrijwel alle linkse kiezers al op een van deze vier partijen stemmen.            Met een rechts kabinet in Nederland wat fors bezuinigd en niet alleen maar burgers, maar ook linkse politieke partijen in een wurggreep houdt, wordt vluchten in extremen heel verleidelijk. De SP doet het goed in de peilingen, dus komt een deel van de andere linkse partijen in de verleiding om ook de kant van de SP op te willen. In periodes zoals deze is het juist verstandig om dit níét te doen, omdat vluchten naar een andere partij ook vluchten van de eigen idealen is. Het duurde jaren voordat deze idealen zijn opgebouwd en het zou dan ook buitengewoon naïef zijn om ze binnen een zeer korte tijd zomaar overboord te gooien. Bovendien helpt de verschuiving toch niets, want partijen zijn dan al helemaal niet meer uniek. In het lichaam van de vogel is het brein nog altijd het bepalende orgaan, niet de vleugels. Het meest invloedrijke lichaamsdeel zit nog altijd in het midden en gaat voor de meest rationele keuze, daarbij komt dat de vleugels niet zonder het brein kunnen. Het verstand boven de vleugels; dat zou bij politieke partijen ook zo moeten zijn.


Reinier van der Hulst

Reinier van der Hulst

Twitter DWARS

Niet de Vleugels, maar het Verstand

           

Een aantal grote partijen in het huidige Nederlandse politieke landschap zitten in een identiteitscrisis. Deze partijen – CDA, PvdA, GroenLinks en in mindere mate ook de VVD – komen niet met een duidelijk verhaal, en het verhaal wat ze hebben wordt niet op de juiste manier verkocht. Bovendien laait binnen deze partijen de discussie tussen de beide vleugels over de koers van de partij regelmatig op. Dit stuk zal zich vooral richten op GroenLinks, omdat de discussie binnen deze partij het meest schrijnend is, maar ook de PvdA zal even kort ter sprake komen.

            Vrijwel alle politicologen zijn het wel op één punt met elkaar eens: een politieke partij is eigenlijk een levend wezen. Ga maar na, een partij wordt geboren (het ontstaan), beleeft een jeugd (de opstartperiode), beleeft het ‘hoogtepunt,’ begint te verouderen (versplintering?) en sterft (de ondergang). Ik zou het nog iets scherper willen stellen: een politieke partij is als een vogel. Een vogel is niet alleen een organisme, maar heeft twee vleugels – net zoals vrijwel iedere politieke partij.

            Laten we eens doorgaan met de vergelijking tussen de vogel en een partij. Een vogel heeft twee vleugels, net zoals een partij. Alleen er is nog één andere treffende overeenkomst; allebei hebben ze ook een middenstuk; de vogel heeft het lijf, waar alle organen in zitten, bij de politieke partij heeft ‘het midden’ deze functie. Het bestuur zou dan eventueel als het ‘brein’ van de partij gezien kunnen worden. Het middenstuk is nodig om de vogel überhaupt te laten vliegen, want alleen twee vleugels is niet voldoende.

            In het geval van GroenLinks duidt dit op een ondertussen klassieke discussie die gaat tussen de op de SP georiënteerde kant en de op D66 georiënteerde kant. Voor de D66-kant is groen het sleutelwoord, terwijl links het toverwoord is voor de aanhangers van de SP-kant. Een discussie is nooit verkeerd – sterker nog, het is de motor van een politieke partij – alleen gaat deze discussie de verkeerde kant op. Laten we de vergelijking van de vogel er weer bij halen: de linkervleugel (SP) en de rechtervleugel (D66): Een vogel vliegt nooit helemaal recht, altijd wel een beetje geconcentreerd op de linker- of de rechtervleugel. Het probleem met de hiervoor genoemde discussie is echter dat beide vleugels denken dat ze gelijk hebben en dus wordt de andere kant automatisch uitgesloten. De discussie wordt ondertussen dus met oogkleppen op gevoerd; het gaat bij die discussies niet meer om het gelijk te maken, maar om het gelijk te halen. Dit terwijl GroenLinks als partij altijd open heeft gestaan voor verschillende invloeden van buitenaf.

            Ook binnen de PvdA is er sinds kort een flinke discussie. Frans Timmermans heeft 16 februari jl. een boze mail naar de rest van de partijfractie gestuurd met daarin argumenten waarom de PvdA geen ‘SP-light’ zou moeten worden. Ook werd het socialisme van de SP het “‘gisteren-was-alles-beter’ socialisme” genoemd. Niet zo gek dat deze ‘gisteren-was-alles-beter’ stroming veel steun krijgt; met alle bezuinigingen is niemand meer echt zeker van zijn/haar (financiële) toekomst. Persoonlijk vind ik het goede van de PvdA dat blijkt dat de fractie intern stevige debatten voert over dit soort onderwerpen. Dat siert hen.

            Een prachtig voorbeeld van de oogkleppendiscussie binnen GroenLinks is een motie die werd ingediend op het congres van 11 februari jongstleden. Deze motie moedigde de fractie aan om vooral meer samenwerking te zoeken met de PvdA en SP. In andere woorden: de fractie van GroenLinks zou zich alleen maar moeten richten op een linkse samenwerking. De motie werd met een ruime meerderheid afgewezen. De laatste tijd wordt er zelfs hardop gefantaseerd over een fusie tussen de PvdA en GroenLinks met de SP (en D66). Deze fusie is vanwege een paar redenen ongewenst: allereerst zijn de ideologische verschillen te groot om overbrugd te worden. De drie/vier partijen in kwestie hebben een totaal andere blik op Europa, maar ook de immigratie en integratie. Deze verschillen zijn te groot en zullen dus niet een stabiele partij opleveren. Ten tweede leverden de fusies in de Nederlandse politiek (CDA, GroenLinks en de ChristenUnie) maar één relatief succesvolle partij op: het CDA. Ten derde hebben de vier genoemde partijen nog nooit samen een meerderheid gehaald in het Nederlandse parlement; een significant aantal extra kiezers zal ook niet met de fusie getrokken worden, omdat vrijwel alle linkse kiezers al op een van deze vier partijen stemmen. Met een rechts kabinet in Nederland wat fors bezuinigd en niet alleen maar burgers, maar ook linkse politieke partijen in een wurggreep houdt, wordt vluchten in extremen heel verleidelijk. De SP doet het goed in de peilingen, dus komt een deel van de andere linkse partijen in de verleiding om ook de kant van de SP op te willen. In periodes zoals deze is het juist verstandig om dit níét te doen, omdat vluchten naar een andere partij ook vluchten van de eigen idealen is. Het duurde jaren voordat deze idealen zijn opgebouwd en het zou dan ook buitengewoon naïef zijn om ze binnen een zeer korte tijd zomaar overboord te gooien. Bovendien helpt de verschuiving toch niets, want partijen zijn dan al helemaal niet meer uniek. In het lichaam van de vogel is het brein nog altijd het bepalende orgaan, niet de vleugels. Het meest invloedrijke lichaamsdeel zit nog altijd in het midden en gaat voor de meest rationele keuze, daarbij komt dat de vleugels niet zonder het brein kunnen. Het verstand boven de vleugels; dat zou bij politieke partijen ook zo moeten zijn.


Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 2104 uur (87,7 dagen). Berichtgemiddelde: 0,3 bericht per dag, 2,4 per week.

Volgende pagina

Pagina: 1 2 3 4 5